Bijlage 2 - Bijlagenrapport Nota Riolering Zoetermeer
Tekst van het document
Nota Riolering Bijlagenrapport Zoetermeer 2023 t/m 2026 18 november 2022
1
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
Inhoudsopgave Bijlagenrapport Bijlage 1
Planning activiteiten ..............................................................3
Bijlage 2
Relevante wet- en regelgeving ..............................................9
Bijlage 3
Regels voor de fysieke leefomgeving ...................................14
Bijlage 4
Beheer, onderhoud, renovatie en vervanging ......................27
Bijlage 5
Evaluatie GRP 2016 – 2020..................................................36
Bijlage 6
Prognose woningbouw en prognose afvalwaterhoeveelheid 38
Bijlage 7
Overzicht overstorten HWA-uitlaten ....................................41
Bijlage 8
Reactie bevoegde instanties concept ...................................42
Bijlage 9
Maatschappelijke thema’s en water .....................................47
Bijlage 10
Financiële grafieken.............................................................53
Bijlage 11
Begrippenlijst .......................................................................54
2
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
Bijlage 1
Planning activiteiten
Actiepunt
uitleg
planning
Kosten
Introduceren Assetmanagement
Nieuw aanleg, beheer & onderhoud,
2023 - 2026
€ 10.000 per jaar
2023-2024
Intern
2023-2024
intern
2022
intern
2023
intern
2022
Intern
verbetering: telkens in samenhang beschouwen. Onderbouwd verstandige keuzes maken. Dat is assetmanagement. We doen al veel goed, we leggen het nog niet altijd vast. We huren extern expertise in om ons te ondersteunen. Vanuit de Nota Riolering is hiervoor een jaarlijks budget gereserveerd. Communicatie naar inwoners gebruik
Communicatie naar inwoners over
regenwater en vuilwaterriool
autowassen op straat en gevolgen voor watersysteem. Inwoners informeren over gebruik toilet en schoonmaakdoekjes
Integrale planning;
Onderdeel van Assetmanagement. Afgelopen
Afwegen relinen of vervangen
periode is ingezet op relinen uit oogpunt van kostenbesparing. Vervangen ligt echter meer voor de hand als de bestrating er toch al uitgaat, huisaansluitingen worden vervangen, er een DPRA-opgave is. Wat doen we met bestaande/brekende gresleidingen? De zorg over de kwaliteit van de asbest cementleidingen speelt ook een rol. Halen deze de levensduur van 80 jaar?
Wijkgerichte aanpak;
We werken volgens een wijkgerechte en
Integrale beheeropgave in beeld
buurtgerichte aanpak. Dat betekent dat we de opgaven voor het openbare gebied zo veel mogelijk per wijk of buurt beschouwen. We kijken integraal naar de vervangingsopgave. Rioolvervangingen maken hier deel van uit, maar ook wegvervanging, openbare verlichting en zo voort. We werken de verschillende onderwerpen uit op themakaarten. Deze kaarten leggen we als lagen over elkaar heen zodat een integraal beeld van de opgave ontstaat.
Themakaarten voor integrale aanpak
•
Rioolvervanging
•
Wegrenovatie
•
Duikers/oppervlaktewater
•
Klimaatopgave
•
Stadsvernieuwing/schaalsprong
•
KRW-maatregelen Zoetermeer
•
Vergroenen en versterken biodiversiteit
Controle afvoercapaciteit HWA-systeem
In het kader van de OAS Harnaschpolder
Meerzicht
wordt de capaciteit voor alle riolering op strengniveau berekend en gecontroleerd. We
3
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
zijn vooral benieuwd naar de hydraulische capaciteit van de HWA-riolen in Meerzicht. Mogelijk is het wenselijk om de capaciteit van deze riolen te vergroten. We kijken ook naar de aanwezige duikers. Energietransitie en riothermie
Quick scan om kansen in beeld te brengen
Verkenning kansen verbeteren
Op een aantal plaatsen kan de afstroming
bovengrondse afvoer
van water over het straatoppervlak richting
2023
Intern
2023
Intern
2022 - 2023, 6-jaarlijks
Deels intern, extern € 25.000
Jaarlijks
Intern
2025
€ 30.000
2023
Intern/extern € 10.000
het oppervlaktewater worden verbeterd. We inventariseren op welke plekken dit mogelijk is en leggen dit vast op een overzichtskaart. Deze gebruiken we als input voor de integrale wijkaanpak. Verkennen mogelijkheden verontreiniging
Zoetermeer heeft hoge kosten voor het
vuilwaterriool
reinigen van het vuilwaterriool. Door het type stelsel zonder regenwater op het vuilwatersysteem. We gaan de mogelijkheden na om de kosten voor het reinigen omlaag te brengen
Voeren van klimaatgesprekken en het
Klimaat adaptieve maatregelen in beeld.
opstellen van een uitvoeringsagenda
Opgaven en kansen voor klimaatadaptatie in beeld brengen. Deze bespreken in klimaatgesprekken (risicodialoog), en de uitkomsten opnemen in de uitvoeringsagenda. In de OAS Harnaschpolder worden ook zwaardere buien doorgerekend. We gaan na waar we maatregelen moeten nemen om het stedelijke gebied klimaatbestendig te maken. We kijken eveneens naar kansen die ontstaan door reeds geplande werken in de openbare ruimte. We nemen een extern bureau in de arm om ons te ondersteunen bij de procesbegeleiding en de vertaling van de bevindingen in aanbevelingen en actieplan/uitvoeringsagenda.
Analyse grondwatermetingen
Zoetermeer heeft een grondwatermeetnet. Jaarlijks metingen bekijken en nagaan of grondwaterstand voldoet aan richtlijnen (Zorgplicht-toets)
Actualiseren stresstest
Thema’s: Waterveiligheid Wateroverlast Droogte Hitte Extern inhuur
Opstellen aansluitverordening
Afwegen of dit een aparte verordening wordt,
Hemelwaterverordening of door middel van
of onderdeel wordt van het Omgevingsplan.
regels in het Omgevingsplan Zoetermeer
Onderzoeken welke eisen we willen stellen ook vanuit het convenant Klimaatadaptief bouwen.
4
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
Extern inhuren bij bureau dat juridisch onderlegd is Watergebiedsplan Zoetermeerse Plas
In de Samenwerkingsovereenkomst
intern
“Uitvoering maatregelpakket KRW Zoetermeer” (die op dit moment in voorbereiding is) staan de verbeteringsmaatregelen voor de waterkwaliteit en ecologie van de Zoetermeerse Plas, de waterberging en doorstroming in de Nieuwe Driemanspolder en de biodiversiteit en ecologie in Zoetermeer.
5
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
Meerjarenplanning 2023 t/m 2026 Meerjarenplanning vrij-vervalriolen
6
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
Meerjarenplanning persleidingen Voor de periode 2023 t/m 2026 staan er geen vervangingen van persleidingen gepland
Meerjarenplanning gemalen en drukrioleringsunits JAAR
GEBIED
NAAM GEMAAL
SOORT GEMAAL
MECHANISCH
2023
HOOFDWEGEN
CANADALAAN
RIOOLGEMAAL
X
WESTERPARK NOORD AA DORP DORP PALENSTEIN NOORDHOVE ROKKEVEEN-O HOOFDWEGEN
HEUVELWEG/ HEEMTUIN VW LANGE LAND VERENIGINGEN DORPSTRAAT 184 DORPSTRAAT 194 VAN DER HAGENSTRAAT RUIMTEBAAN/ VEULENW.GEM # SCHEGLAAN/ DEKKER AUSTRALIEW/VAARTDR. FT.
DRUKRIOOLGEM. DRUKRIOOLGEM. DRUKRIOOLGEM. DRUKRIOOLGEM. TUSSENGEMAAL TUSSENGEMAAL DRUKRIOOLGEM. TUNNELGEMAAL
LANSINGHAGE DORP PALENSTEIN NOORDHOVE NOORDHOVE NOORDHOVE NOORDHOVE ROKKEVEEN-O ROKKEVEEN-W ROKKEVEEN-W OOSTERHEEM OOSTERHEEM OOSTERHEEM HOOFDWEGEN
170 gsm GOUDSTRAAT PILATUSDAM VAN DER HAGENSTRAAT DIJKMANSSCHANS MERKENSCHANS RUSESCHANS KEYZERPLAN SPECTRUMSINGEL ONDERK.GR HOUTSINGEL FT. PLEIN VER.NATIES FONT.BOV. Maasdamstraat TO 2a Hofwegenstraat TO 19 Aleta Jacobslaan AMERIKAWEG LOCOMOTION
DRUKRIOOLGEM. TUSSENGEMAAL DRUKRIOOLGEM. TUSSENGEMAAL TUSSENGEMAAL TUSSENGEMAAL TUSSENGEMAAL DRUKRIOOLGEM. DRUKRIOOLGEM. TUNNELGEMAAL FONTEINPOMP TUSSENGEMAAL TUSSENGEMAAL TUNNELGEMAAL DRUKRIOOLGEM.
HOOFDWEGEN ROKKEHAGE WESTERPARK PALENSTEIN SEGHWAERT SEGHWAERT ROKKEVEEN-O ROKKEVEEN-W OOSTERHEEM OOSTERHEEM OOSTERHEEM HOOFDWEGEN
2E STATIONSSTRAAT/RW12 FT. INDUSTRIEWEG/ VERB.GESCH. HEUVELWEG/ SPEELTUIN RAKKERSVELD SALAMANDERSLOOT # WEIGEILIAPRK/ VISSENDR GEELGROENLAAN/ LAKPAD # 3E STATIONSS 373 /DROPPERT PUTTERSHOEKSTRAAT P1 # Olaf Plamelaan (BRANDWEER) SPORTACOM. DSO CANADALAAN
TUNNELGEMAAL DRUKRIOOLGEM. WATERBEH.P. TUSSENGEMAAL RIOOLGEMAAL FONTEINPOMP TUSSENGEMAAL DRUKRIOOLGEM. TUSSENGEMAAL DRUKRIOOLGEM. DRUKRIOOLGEM. RIOOLGEMAAL
ROKKEHAGE WESTERPARK WESTERPARK WESTERPARK NOORDWEST NOORDWEST NOORD AA NOORD AA PALENSTEIN STADSCENTRUM DE LEYENS MEERZICHT
230a INDUSTRIEWEG/ VERB.GESCH. HEUVELWEG PARKEERLUS HEUVELWEG/ BOWLING HEUVELWEG/ HEEMTUIN SW BUYTENPARKLN/ PUINST. # HOFLAAN, BEGRAAFPL. VW AZIEWG/ RESTAURANT AA-ZICHT LANGE LAND nr 20 PALTELAAN 3 IERLANDLAAN BROEKWEGKADE/HEKBK. # SCHANSBOS
DRUKRIOOLGEM. DRUKRIOOLGEM. DRUKRIOOLGEM. DRUKRIOOLGEM. WATERBEH.P. DRUKRIOOLGEM. DRUKRIOOLGEM. DRUKRIOOLGEM. DRUKRIOOLGEM. DRUKRIOOLGEM. DRUKRIOOLGEM. TUSSENGEMAAL WATERBEH.POMP
2024
2025
2026
7
ELECTRISCH
EXTRA
X X X
X X X
X
X
BOUWKUNDIG
X X X X X X
X
X X X X X X X X X X X X X X X
X X X X X
X
X
X X
X X
X X
X X
X X X
X X X
X X X X
X X X X
X
X
X X
X X
X X
X X
X
X
X X X X X X X X X X X
X
X
X X
X X
X
X
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
NOORDHOVE NOORDHOVE ROKKEVEEN-W ROKKEVEEN-W OOSTERHEEM OOSTERHEEM
8
TON ALBERTSPLAN/AZIEWEG BOLSTRASCHANS REGINAGANG # KURKHOUT 100 Moezelstroom P2 # Capri P4 #
DRUKRIOOLGEM. DRUKRIOOLGEM. TUSSENGEMAAL DRUKRIOOLGEM. TUSSENGEMAAL TUSSENGEMAAL
X X X X X X
X
X
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
Bijlage 2
Relevante wet- en regelgeving
De gemeente Zoetermeer onderschrijft de zeventien duurzame ontwikkelingsdoelstellingen ‘Global Goals’. In 2017 is daarvoor de motie 1706-42 aangenomen. Document Zoetermeer - Bijlage 2 - Aangenomen motie 1706-42 op 26 juni 2017 - iBabs RIS (bestuurlijkeinformatie.nl) Deze nota draagt bij aan drie van de zeventien doelen. De drie doelen zijn: ‘schoon water en sanitair’, ‘klimaatactie’ en ‘leven in het water’. In deze bijlage wordt de belangrijke wetgeving genoemd die bijdraagt aan deze doelen. Wetten vanuit het Rijk en de regionale en lokale beleidsstukken komen aan bod.
Relevante wetgeving
Wet Milieubeheer Op grond van de Wet Milieubeheer artikel 10.33 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater dat vrijkomt van de in de gemeente gelegen percelen. De zorgplicht voor stedelijk afvalwater kent in vergelijking met de andere zorgplichten weinig vrijheid: inzamelen, transporteren met een openbaar vuilwaterriool en zuiveren (door het Hoogheemraadschap) is verplicht. Europese Kaderrichtlijn Water De Kaderrichtlijn Water (KRW) is erop gericht de kwaliteit van watersystemen te verbeteren, onder meer door lozingen aan te pakken. Verder is het de bedoeling het duurzaam gebruik van water te bevorderen en de verontreiniging van grondwater aanzienlijk te verminderen. Naast een verbetering van de waterkwaliteit is het streven ook de Europese waterwetgeving te harmoniseren, uiterlijk in 2015. De KRW stelt voor alle wateren een hoge ecologische en kwaliteitsdoelstelling. Met name voor wateren met verhoogde natuurdoelstellingen kan verwacht worden dat nog grote inspanningen geleverd moeten worden.
Waterwet Volgens artikel 3.5 van de Waterwet zijn gemeenten verantwoordelijk voor een doelmatige inzameling en verwerking van afvloeiend hemelwater. Deze verantwoordelijkheid geldt alleen als degene (particulieren en bedrijven) die zich wil ontdoen van hemelwater niet de mogelijkheid heeft om het hemelwater zelf in de bodem of op het oppervlaktewater te lozen. Volgens artikel 3.6 zijn gemeenten verantwoordelijk voor een doelmatige aanpak van structurele grondwateroverlast die het onmogelijk maakt om een perceel te gebruiken op de manier zoals het is bedoeld. Deze verantwoordelijkheid geldt alleen zolang: • Degenen die de grondwateroverlast ervaart niet (redelijkerwijs) zelf de mogelijkheid heeft om de grondwateroverlast te verminderen of te voorkomen; • Geen enkele partij ‘veroorzaker’ is van de overlast (zo kunnen bouwwerkzaamheden leiden tot grondwateroverlast); • Het geen taak is van een andere overheid om op te treden (zo kunnen hoge standen van het oppervlaktewater leiden tot grondwateroverlast, terwijl de hoogheemraadschappen zijn verantwoordelijk voor het waterbeheer). Acht bestaande wetten (o.a. Wet op de Waterhuishouding en Grondwaterwet) voor het waterbeheer in Nederland zijn vervangen door één Waterwet. De Waterwet regelt het beheer van oppervlaktewater en grondwater.
De wet zal gericht zijn op het bereiken van doelstellingen van watersystemen (stroomgebieden), met een heldere verdeling van verantwoordelijkheden en taken tussen de verschillende betrokken overheden. Tevens is de wet gericht op een adequaat instrumentarium voor de uitvoering van het waterbeleid. Dit betreft dan met name een vermindering van regels, vergunningstelsels en administratieve lasten. In het kader van de Waterwet zijn zowel de overstortvergunningen als de aansluitvergunningen verdwenen. Door de Waterwet zullen Hoogheemraadschappen, gemeenten en provincies beter in staat zijn wateroverlast, waterschaarste en watervervuiling tegen te gaan. Ook voorziet de wet in het toekennen van functies voor het gebruik van water zoals scheepvaart, drinkwatervoorziening, landbouw, industrie en recreatie. Op basis van de functie worden eisen gesteld aan de kwaliteit en de inrichting van het water.
Bouwbesluit Vanuit het bouwbesluit zijn eigenaren van woningen en bedrijfspanden zelf verantwoordelijk dat hun eigendom zowel aan de bovenkant als aan de onderkant waterdicht is.
9
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) In 2017 is het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie door het Rijk gelanceerd. In het DPRA staat het gezamenlijk doel centraal: “In 2050 is het bebouwde gebied in Nederland, inclusief vitale en kwetsbare objecten, zo goed mogelijk waterrobuust en klimaatbestendig ingericht”. Hierbij wordt gewerkt aan maatregelen om de kwetsbaarheid van de stad te verlagen voor drie opgaven: te nat (overstroming en wateroverlast), te droog (watertekort) en te warm (hittestress). Om dit te bereiken is in het DPRA afgesproken dat we vanaf 2020 water robuust en klimaatbestendig handelen. De praktische vertaling is dat klimaatbestendig bouwen een plaats krijgt in beleids- en werkprocessen. Zoetermeer heeft een stresstest gedaan, heeft klimaatgesprekken gevoerd en is bezig met het maken van een pakket aan maatregelen (uitvoeringsagenda). Dit proces loopt in de tweede helft van 2022 met een uitloop naar 2023. Het college en de raad worden hierin betrokken. Lokaal en regionaal beleid Visie Zoetermeer 2040/ strategische agenda De Visie Zoetermeer 2040is in 2022 vastgesteld en beschrijft de visie voor de lange termijn voor de stad. Centraal staat de opgave om tot een betere maatschappelijke balans en een opwaartse beweging in de samenleving te komen. Bij de omgevingsvisie hoort de strategische agenda. Inmiddels is de eerste strategische agenda een feit.
De strategische agenda verbindt de lange termijnvisie met de uitvoering. In de agenda staan de programma’s opgenomen waaraan de komende jaren wordt gewerkt. Met deze programma’s wordt de visie tot uitvoering gebracht. Zoals in de inleiding beschreven gaat de Nota Riolering deel uitmaken van een nog te ontwikkelen programma voor de leefomgeving. Coalitieakkoord 2022-2026 ‘Samen doen wat nodig is’ In het coalitieakkoord is ruime aandacht voor een aantrekkelijke en leefbare woonomgeving. Hier wordt de komende tijd extra in geïnvesteerd. Er is aandacht voor duurzaamheid en biodiversiteit, waarbij rekening wordt gehouden met het veranderende klimaat. De Nota Riolering draagt met de beschreven maatregelen in bijlage 1 (activiteiten) bij aan deze uitgangspunten. Convenant klimaat adaptief bouwen Deze afspraak is in 2018 tot stand gekomen en ondertekend door gemeenten, provincie, waterschappen en bedrijven in de provincie ZuidHolland. De provincie is penvoerder van dit convenant. Het richt zich op nieuwbouw en beschrijft wat nodig is om klimaatbestendig te bouwen. Het streven is naar: minder wateroverlast; meer biodiversiteit; minder hittestress; minder nadelige gevolgen door langdurige droogte; minder bodemdaling en minder nadelige gevolgen ervan. Het convenant geeft richting aan nieuwbouwprojecten om op de (klimaat veranderende) toekomst voorbereid te zijn.
Samenwerkingsovereenkomst uitvoering maatregelenpakket Kaderrichtlijn Water (KRW) ‘Ons Blauwe Goud’ Deze samenwerkingsovereenkomst is door de gemeente afgesloten met het Hoogheemraadschap van Rijnland en komt uit de Strategische Samenwerkingsovereenkomst. Het doel van de samenwerking is om te komen tot: • Verbetering van de waterkwaliteit en ecologie van de Zoetermeerse plas; • Meer waterberging maken en doorstroom verbeteren door de aanleg van de Nieuwe Driemanspolder (zie paragraaf 5.3 voor verdere toelichting); • Verbeteren van de biodiversiteit en ecologie van Zoetermeer. In de overeenkomst staan tastbare activiteiten (o.a. natuurvriendelijke oevers) benoemd waar samen aan gewerkt wordt. Netwerk Afvalwaterketen Delfland (NAD) In het Netwerk Waterketen Delfland (NAD) werken 12 gemeenten, 2 drinkwaterbedrijven en het hoogheemraadschap van Delfland samen aan een betrouwbare, betaalbare, toekomstbestendige en duurzame waterketen. In 2020 is een bestuurlijke overeenkomst ondertekend Bestuurlijke Overeenkomst NAD 2021 - 2027 - Netwerk Afvalwaterketen Delfland De samenwerking is gericht op het behalen van de doelen die zijn gesteld in het Bestuursakkoord Water: besparen op kosten, verhogen van de kwaliteit en verminderen van de kwetsbaarheid. Netwerk Afvalwaterketen Delfland. Via de bijgevoegde links is uitvoerig informatie te vinden over de samenwerking.
Link: Netwerk Afvalwaterketen Delfland
10
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
Wie is waar verantwoordelijk voor? Hieronder staan de partijen genoemd die een rol hebben bij de riolering- en watertaken. •
•
•
•
11
Gemeente – zorg voor een goed functionerend rioolstelsel. De gemeente biedt binnen de bebouwde kom altijd een aansluitmogelijkheid op het riool, buiten de bebouwde kom gebeurt dit op zoveel mogelijk plekken. De gemeente zorgt ervoor dat hemelwater en grondwater op en onder openbaar terrein goed wordt verwerkt. Als inwoners niet de mogelijkheid hebben om zelf hemelwater- en grondwateroverlast te voorkomen, probeert de gemeente een redelijke en passende oplossing te vinden. Bewoners blijven voor water op het eigen perceel wel altijd zelf verantwoordelijk, ook voor de kosten; Eigenaren - zorgen voor het opvangen, verwerken en indien nodig afvoeren van stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater op eigen perceel. Eigenaren zorgen ervoor dat hun gebouw waterdicht is (zowel dak als vloer), verwerken hemelwater als het kan op eigen terrein en nemen maatregelen om grondwateroverlast te voorkomen; Waterschappen - zorgen voor een goed functionerende oppervlaktewaterstelsel en het zuiveren van afvalwater. De hoogheemraadschappen van Rijnland, en Schieland en de Krimpenerwaard beheren allebei een deel van de oppervlaktewateren binnen de gemeente Zoetermeer. Al het afvalwater van de gemeente Zoetermeer wordt gezuiverd in de RWZI Harnaschpolder en de RWZI Houtrust van het Hoogheemraadschap van Delfland.
Voor grondwater zijn de waterschappen verantwoordelijk voor kleine onttrekkingen, tijdelijke bronbemalingen en grondwatersanering; Provincie Zuid-Holland - betrokken bij de ruimtelijke ordening en verleent vergunningen voor grote grondwateronttrekkingen.
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
Overzicht lokale en regionale beleidstukken
Beleidsstuk
Toelichting
Documenten
Collegebeleid 2022-2026
Coalitieakkoord ‘Samen doen wat nodig is’
Coalitieakkoord gemeente Zoetermeer 2022-2026
Beheervisie 20162020 Samen werken aan de stad
In de 'Beheervisie openbare ruimte 2016-2020, Samen werken aan de Stad' is beschreven welke thema's belangrijk zijn bij het beheer van de openbare ruimte van Zoetermeer.
Riolering en water: Zoetermeer klimaatrobuust
Convenant Klimaatadaptief bouwen in ZuidHolland Duurzaam inkopen
Gemeente Zoetermeer heeft 50 jaar geleden een zeer robuust rioolstelsel laten aanleggen, waardoor in de huidige tijd nog steeds geen wateroverlast optreedt bij hevige buien. We kunnen en mogen ons niet rijk rekenen. In het laatste gemeentelijk rioleringsplan is de onderzoeksopdracht opgenomen om knelpunten in het riool- en oppervlaktewatersysteem inzichtelijk te maken. Samenwerkingsovereenkomst uitvoering maatregelpakket KRW Zoetermeer samen met HHS van Rijnland Afspraken met gemeenten en bedrijven / aannemers om klimaatmaatregelen op te nemen in bouwplannen. Nota duurzaam inkopen
Beheervisie Openbare Ruimte Zoetermeer 2016-2020, Samen werken aan de stad Gemeentelijk Rioleringsplan Zoetermeer 2016-2020
Duurzaam en groen
Programma Duurzaam en Groen Zoetermeer
Waterplan
Waterplan Zoetermeer
SOK Ons Blauwe Goud
12
Vastgestel d 2022
Geldighei d 2026
2016
2020
2016
2020
=> Nota Riolering 2023
Ons Blauwe Goud - Ons Blauwe Goud
2021
Klimaatadaptief bouwen Provincie ZuidHolland Nota duurzaam inkopen Raadsvoorste programma duurzaam en groen Zoetermeer Waterplan
2020
2026
2002
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
zoetermeer
13
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
Bijlage 3
Regels voor de fysieke leefomgeving
In onderstaande figuur is schematisch weergegeven waar u de uitgangspunten, de voorschriften en de acties kunt vinden
Afvalwater
Hemelwater en
Grondwater
oppervlaktewater
Bestaand gebied (par 3.4): Uitgangspunten voor de
Paragraaf 3.4.1
Paragraaf 3.4.2
Paragraaf 3.4.3
toetsing
Toetsing huidige
Acties
situatie
Nieuw gebied (par 3.5):
Voorschriften
Voorschriften voor het
Paragraaf 3.5.1
Paragraaf 3.5.2
Paragraaf 3.5.3
zie paragraaf 3.5.1 t/m 3.5.3
ontwerp
3.4 Bestaand gebied
Definitie
Onder bestaand gebied (peildatum: 01 juli 2020) verstaan wij alle stedelijk gebied en woningen in het buitengebied inclusief de voorzieningen voor afvalwater, hemelwater, oppervlaktewater en grondwater die in het gebied aanwezig zijn die in eigendom, onderhoud en/of beheer zijn bij de gemeente. Ontwikkelingen na 1 juli 2020 zijn nog niet getoetst.
Onderwerp
Regels voor de fysieke leefomgeving
Toetsing huidige situatie
Acties
Reguliere
De reguliere beheertaken richten zich op het in orde houden van de gemeentelijke watervoorzieningen. De beheertaken zijn nodig om blijvend aan de waterzorgplichten te voldoen. Onder het reguliere beheer valt een scala aan werkzaamheden. Onder andere het bijhouden van de beheergegevens. Reiniging, inspectie, reparatie en vervangingen zijn nodig om de aanwezige voorzieningen in een goede staat te houden. Ook letten we er op of onze voorzieningen nog aan de richtlijnen voldoen en maken we beleidsplannen en plannen we de onderhoudswerken om onze taken effectief en efficiënt uit te voeren. Ook lopen de werkzaamheden omtrent vergunningen, rioolaansluitingen en klachtenafhandeling continu door.
In orde De reguliere beheertaken worden gestructureerd en planmatig uitgevoerd. We plegen voldoende onderhoud om het functioneren van de voorzieningen te waarborgen.
Actie
beheertaken
Stelsel-typen
Bij gerelinede leidingen: jaartallen van relining opnemen in plaats van oorspronkelijk aanlegjaar;
Voor de inzameling en het transport van afvalwater en hemelwater liggen in de gemeente verschillende typen stelsels. Gemengd stelsel In enkele straten in Zoetermeer ligt een gemengd rioolstelsel. In het gemengde stelsel wordt het (huishoudelijke) afvalwater samen met het hemelwater in één stelsel onder
14
Beheerbestand doorlopen en jaartallen aanpassen;
Het bijhouden van onze beheergegevens willen we graag op details verbeteren: ▪
In bijlage 3 zijn de reguliere beheertaken die bij de waterzorgplichten horen uitgebreid beschreven.
▪
In orde Gemengde rioolstelsels worden in Zoetermeer al heel lang niet meer aangelegd. Inmiddels
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
Actie Afkoppelen wanneer de kans zich voordoet
Onderwerp
Regels voor de fysieke leefomgeving
Toetsing huidige situatie
vrijverval (gravitair) afgevoerd naar het overdrachtspunt van de zuiveringsbeheerder. Als het niet regent, bevat het rioolstelsel alleen afvalwater. Als het regent, dan stroomt het regenwater ook in het gemengde riool via regenpijpen en straatkolken.
ligt in het overgrote deel van de stad een gescheiden rioolstelsel, zodat het hemelwater gescheiden van het afvalwater wordt ingezameld. Naar totale lengte riool berekend, is de verdeling als volgt: 0,1% gemengd riool 53% hemelwaterriool 47% vuilwaterriool Het gemengde rioolstelsel dat nog over is, wordt langzamerhand omgebouwd tot- of vervangen door- een gescheiden stelsel. We koppelen af wanneer de kans zich voordoet.
Het hemelwater, dat in principe schoon is als het op de daken en de wegen (het verharde oppervlak) valt, raakt verontreinigd doordat het zich in het riool mengt met afvalwater. Het gemende stelsel is een erfenis uit het verleden, toen het rioolwater nog ongezuiverd in het oppervlaktewater werd geloosd. Uit oogpunt van de bescherming van het milieu moet het afvalwater, samen met het hemelwater uit het gemengde riool, tegenwoordig naar de afvalwaterzuivering worden getransporteerd en worden gezuiverd. Het feit dat het regenwater vermengd raakt met afvalwater maakt dat er meer water moet worden gezuiverd dan noodzakelijk is. Het principe van het gemengde rioolstelsel is daarom vanuit het oogpunt van duurzaamheid en efficiëntie niet wenselijk.
Acties
De overstortfrequentie van het gemengde stelsel bedraagt 0 à 1 keer per jaar
Als het hard regent, raakt het gemengde rioolstelsel overvol en ontsnapt het rioolwater via de riooloverstorten naar het oppervlaktewater. Dit is vanuit milieuoogpunt niet wenselijk. Gemengde stelsels worden dan ook niet meer aangelegd in onze gemeente. Als het gemengde riool wordt vervangen, dan wordt na het verwijderen van het versleten gemengde riool bij voorkeur een gescheiden rioolstelsel teruggelegd. Soms is het verkleinen van het vuilwaterriool nog niet mogelijk omdat er nog gemengde riolering achter zit. Verschillende kleuren Als we de riolering scheiden passen we verschillende kleuren toe om in de toekomst geen foutaansluitingen te krijgen.
GROEN = REGENWATER BRUIN = AFVALWATER
Gescheiden rioolstelsel Het overgrote deel van de riolen in Zoetermeer is van het gescheiden stelseltype. In een gescheiden rioolstelsel wordt het afvalwater apart van het hemelwater ingezameld. Het gescheiden rioolstelsel kenmerkt zich door een ondergronds buizenstelsel dat feitelijk uit twee systemen bestaat: één voor de afvoer van afvalwater en één voor de afvoer van hemelwater. Het afvalwaterstelsel, of DWA-stelsel (droog-weer-afvoer stelsel) ligt onder de grond en heeft buizen met kleine diameters. De afvalwaterhoeveelheid is in de regel beperkt en
15
In orde Het gescheiden rioolsysteem voert het huishoudelijke afvalwater adequaat af. De gescheiden rioolstelsels zijn aangelegd volgens de geldende richtlijnen (zie paragraaf 2.4.2 over het hydraulisch en milieutechnisch functioneren) en de bovengrondse inrichting is zodanig dat er water op straat kan worden geborgen zonder dat dit tot overlast leidt (zie
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
Actie ▪
Meerzicht: Interpretatie uitkomsten van OAS Harnaschpolder om te zien of de vergroting van het HWA in en om Meerzicht het gewenste effect heeft gehad. Indien nodig daarna bij rioolvervanging of herbestrating de capaciteit van het HWA-riool vergroten;
Onderwerp
Regels voor de fysieke leefomgeving
Toetsing huidige situatie
redelijk constant.
paragraaf 3.4.2. Extreme Situaties).
Het hemelwater kan zowel bovengronds via een systeem van goten en greppels als ondergronds via een buizenstelsel naar een bergingsvoorziening of het oppervlaktewater worden geleid.
De capaciteit van de HWA-riolen liet op een aantal plaatsen te wensen over. Dit gold met name voor het HWA-riool in de wijk Meerzicht. In de afgelopen jaren zijn PVC-riolen in Meerzicht en betonriolen in de Valenberg vergroot om de afvoercapaciteit te vergroten.
Het bovengrondse systeem kent nauwelijks capaciteitsbeperkingen. Als de goten en greppels vol raken, stromen zij over en daardoor wordt het afvoerende oppervlak automatisch vergroot, zonder dat dit direct tot overlast hoeft te leiden. Het ondergrondse systeem is beperkt in capaciteit. Bij extreme regenval raakt het riool overvol en loopt het regenwater op de laagst gelegen delen uit de leidingen op de straat. Als de openbare ruimte goed is ingericht dan leidt water-op-straat zelden of nooit tot wateroverlast.
Verbeterd gescheiden stelsel In sommige gebieden is de kans groot dat de verharding vervuild kan raken. Dit is bijvoorbeeld het geval op sommige bedrijventerreinen. Voor de zekerheid wordt het eerste deel van het regenwater naar de zuivering gepompt. Het overige regenwater gaat niet meer naar de zuivering maar wordt opgevangen in een berging of afgevoerd naar het open water. Hierdoor wordt enerzijds voorkomen dat het oppervlaktewater vervuild raakt en anderzijds dat er veel regenwater onnodig naar de zuivering verpompt wordt. In Zoetermeer ligt ongeveer 5 km verbeterd gescheiden riolering
Drukriolering In extensief bebouwde gebieden (rurale gebieden) is het aanleggen van een vrijvervalriool voor de inzameling en het transport van afvalwater vaak onevenredig duur of door de grote afstanden niet mogelijk. Daar is gekozen voor de aanleg van een rioolsysteem waarmee het afvalwater geforceerd wordt getransporteerd doormiddel van persdruk (drukriolering). In Zoetermeer zijn ongeveer 180 woningen aangesloten op drukriolering.
Als de capaciteit van het HWA te klein is, ontstaat er eerder water-op-straat dan we zouden willen. Gelukkig leidt dit niet direct tot overlast. Het vergroten van de capaciteit is dan ook niet urgent.
in orde In de Industrieweg ligt een verbeterd gescheiden stelsel. De first flush wordt door een rioolgemaal weggepompt. In Oosterheem en op het Maximaplein ligt een HWA-stelsel met filtervoorziening/afscheider. Het regenwater loopt onder vrijverval door de filtervoorzieningen. De filters worden elk half jaar gereinigd.
geen actie
Niet in orde De drukrioolstelsels kunnen op verschillende plekken worden verbeterd. Bij een aantal percelen is er regenwater op het drukriool aangesloten. Op een aantal locaties is er aantasting door H2S op de plek waar de persleiding van het drukrioolstelsel uitkomt in het vrijvervalriool of in een put. Hier zijn voorzieningen getroffen, dit is een aandachtspunt voor inspectie
actie ▪ Hemelwater wordt zoveel als mogelijk van de drukriolering gehaald, waarbij we bij bedrijfsmatige lozingen de beleidsregels lozingen buitengebied hanteren ▪ De komende jaren wordt per lozingslocatie onderzoek gedaan naar de beste oplossing voor de aantastingsproblemen ▪ Inspectie van aangebrachte voorzieningen in lozingspunten van het drukrioolstelstel
In orde 99,9 % van alle percelen aangesloten op de riolering 0,1 % is niet aangesloten, de percelen: • hebben een IBA of helofytenfilter • zijn onbewoond • hebben uitstel i.v.m. andere redenen
geen actie
Aansluiten van hemelwater op de drukriolering leidt tot problemen in het functioneren. In extensief bebouwde gebieden wordt de berging en de afvoer van hemelwater op de percelen of naastgelegen oppervlakte water zelf opgelost. IBA Een andere methode om rioolwater te zuiveren zijn IBA’s (voorzieningen voor de Individuele Behandeling van Afvalwater). De gemeenteraad heeft in het verleden gekozen om al de percelen in het buitengebied in de gemeente aan te sluiten op de drukriolering. Destijds is toegestaan dat diegene die al en IBA of helofytenfilter hadden deze mogen behouden tot het einde van de afschrijvingstermijn.
16
Acties
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
3.4.1 Afvalwater Onderwerp
Regels voor de fysieke leefomgeving
Toetsing huidige situatie
Benodigde actie / aanpassingen / maatregelen
Functioneren
De uitgangspunten voor het functioneren van het afvalwatersysteem zijn:
a) in orde 99,9 % van percelen aangesloten op de riolering 0,1 % is niet aangesloten: 1 pand aan de Bleiswijkseweg (IBA klasse 1, Septictank) 1 pand aan de Nieuwe Hoefweg (IBA klasse 1, Septictank) 1 pand aan de Eerste Stationsstraat (IBA klasse 3A) 2 panden aan de Middelweg (IBA klasse 3A)
a) geen actie
b) in orde Meer dan 99 % van de percelen is op vrijverval riool aangesloten. Ongeveer een half procent van de percelen is op drukriolering aangesloten. c) in orde We houden de pompstoringen in de gaten. Als er veel storingen zijn, dan gaan we na hoe we deze structureel kunnen verminderen. d) in orde
b) geen actie
e) in orde
e) geen actie
f) in orde
f) geen actie
De vultijd van DWA-riolen moet minimaal 24 uur bedragen.
g) in orde We hebben hoogwatersignalering vlak voor hoofdrioolgemaal Meerzicht. Als deze hoogwater signaleert, dan schakelen alle achterliggende/aanvoerende gemalen automatisch uit. We maken daardoor optimaal gebruik van de beschikbare berging in de DWA-riolen.
g) actie: koppelen van gemaal Benthuizen op het uitschakelsysteem.
Toestand
De uitgangspunten voor de kwaliteitstoestand van het afvalwatersysteem zijn:
systeem
ingrijpmaatstaven voor waterdichtheid (bij gemengd en DWA), stabiliteit of afstroming mogen niet voorkomen. De riolen waar deze tóch voorkomen, dienen nader bestudeerd te
In orde Inspectie van riolen en beoordeling van de fysieke toestand gebeurt planmatig. Leidingen waarin
Geen actie Vanaf 2020 geldt de Europese EN 13508-2+A1:2011.
systeem
Inzameling van afvalwater: Alle percelen met woonbestemming/verblijfsbestemming moeten op het riool zijn aangesloten, tenzij een IBA is toegestaan. Er dienen geen overtredingen te zijn van de lozingsvoorschriften conform de Wet milieubeheer (Wm).
Transport van afvalwater: De DWA-stroom wordt bij voorkeur onder vrijverval afgevoerd naar het overdrachtspunt van de zuiveringsbeheerder (het hoofdrioolgemaal of het inlaatwerk van de rioolwaterzuivering). Eventueel worden tussengemalen toegepast om het afvalwater op te voeren. In extensief bebouwde gebieden wordt het afvalwater getransporteerd door een netwerk van persleidingen en pompunits (drukriolering). Bij uitval van een gemaal is de vultijd van de riolering in DWA omstandigheden minimaal 1 etmaal. Dit geeft tijd om reparatie van het gemaal uit te voeren.
De DWA-gemalen worden uitgevoerd met een dubbele pompopstelling. De pompen zijn elkaars reserve. Dit geldt niet voor drukrioleringsunits. Deze hebben één pomp. De inslagpeilen van de gemalen moeten onder het bodemniveau van het laagst inkomende riool liggen. Dit geldt alleen voor rioolgemalen in het gemengde rioolstelsel en in DWAstelsels. De ledigingstijd van het compleet gevulde stelsel mag maximaal 12 uur bedragen.
17
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
c) geen actie
d) geen actie
Onderwerp
Regels voor de fysieke leefomgeving
Toetsing huidige situatie
worden om zo de aard, noodzaak en urgentie van herstelmaatregelen te bepalen. Aan de hand hiervan wordt reparatie, renovatie of vervanging uitgevoerd.
ingrijpmaatstaven voorkomen worden altijd nader beoordeeld. De algemene kwaliteitstoestand van de rioolleidingen wordt volgens de tabel in bijlage 3 beoordeeld op basis van de inspectiegegevens. De verklaring van de lettercoderingen is te vinden in de NEN 3399 en de NEN 3398.
Benodigde actie / aanpassingen / maatregelen
Opleverinspecties worden beoordeeld volgens de standaard RAW-bepalingen van het kennisplatform CROW.
3.4.2 Hemelwater en oppervlaktewater Onderwerp
Regels voor de fysieke leefomgeving
Functioneren
De uitgangspunten voor het functioneren van de hemelwaterriolering en het oppervlaktewatersysteem voor de verwerking van het hemelwater zijn verdeeld in:
systeem
Toetsing huidige situatie
Benodigde actie / aanpassingen / maatregelen
Al het hemelwater wordt bij voorkeur gescheiden ingezameld, bij nieuwbouw en grootschalige verbouw is dit een verplichting;
a) in orde In alle nieuwbouwplannen wordt gescheiden riolering gerealiseerd. Bestaande gemengde riolen worden systematisch omgebouwd naar gescheiden stelsel.
a) geen actie
De gemengde riolering en de regenwaterriolering moet de neerslag van een regenbui die ééns in de 2 jaar voorkomt kunnen afvoeren zonder dat er water-op-straat wordt berekend. De rioolstelsels in Zoetermeer zijn ontworpen door te rekenen met 60 l/s/ha over het bruto oppervlak van het rioolgebied. Om de afvoercapaciteit van bestaande stelsels te toetsen, hanteren we bui08 en het werkelijk aangesloten verharde oppervlak.
b) in orde De capaciteit van de HWA-riolen en van het gemengde riool voldoet aan bui08. Bij een zwaardere bui is de verwachting dat in het HWA-riool in de wijk Meerzicht als eerste overlast gaat optreden. Hierdoor ontstaat er water-op-straat. Gelukkig leidt dit niet direct tot overlast. Het vergroten van de capaciteit is dan ook niet urgent.
b) geen actie
c) onvoldoende bekend
c) actie Met de Hoogheemraadschappen deze toetsing uitvoeren en waar nodig maatregelen treffen
Hydraulisch functioneren voldoet de afvoercapaciteit? Milieutechnisch functioneren belast het rioolsysteem het milieu niet overmatig? Hydraulisch functioneren De perceeleigenaar is in principe zelf verantwoordelijk voor de berging en de afvoer van het hemelwater dat op het perceel valt. Alleen wanneer van de perceeleigenaar redelijkerwijs niet kan worden verwacht dat de berging en de afvoer op het perceel zelf worden opgelost, of wanneer er bij de realisatie van de woonwijk anders is gekozen dan mag het hemelwater direct via het oppervlaktewatersysteem worden afgevoerd of via het gemeentelijke systeem (gemengd riool of hemelwaterriool).
Het oppervlaktewaterpeil moet bij bui 08 bij voorkeur onder het niveau van de drempel in de overstortputten van de gemengde rioolstelsels blijven.
18
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
Onderwerp
Regels voor de fysieke leefomgeving
Toetsing huidige situatie
Benodigde actie / aanpassingen / maatregelen
d) in orde De vuiluitworp van de gemengde riolering is getoetst doormiddel van reeksberekeningen. Zie basisrioleringsplannen.
d) geen actie
In orde Zie de tekst aan de linkerzijde. De gemeente handelt de verschillende situaties af volgens de beschrijving. De stresstesten zijn uitgevoerd en in 2021 volgen de risicodialogen.
Actie Risicodialogen uitvoeren Aanvullende maatregelen prioriteren en inplannen
Milieutechnisch functioneren De vuiluitworp mag de doelstelling voor de oppervlaktewaterkwaliteit zo min mogelijk in gevaar brengen. De vuiluitworp uit gemengde rioolstelsels moet kleiner of gelijk zijn aan de vuiluitworp volgens de eenduidig geformuleerde CIW-basisinspanning. De richtlijn voor de gemiddelde jaarlijkse vuiluitworp uit gemengde rioolstelsels is 50 kg CZV per hectare verhard oppervlak per jaar. Extreme situaties
Als het harder regent dan de regenbui waarop de hydraulische capaciteit van het (regenwater)riool berekend is, dan raakt het riool overvol en loopt het over. Dit leidt tot water-op-straat. In de regel is dit geen probleem: zodra de hevige regen stopt, ontstaat er weer ruimte in het riool en kan het water dat op straat bleef staan, alsnog worden afgevoerd. Als het extreem hard regent, dan kan er hinder of zelfs overlast ontstaan.
We maken onderscheid naar verschillende gradaties: Waterplassen op straat Waterplassen op straat kunnen er op duiden dat het rioolstelsel tijdelijk overbelast is. De waterplassen kunnen ook het gevolg zijn van ongelijk liggende bestrating. Kleine waterplassen op straat zijn niet erg. De gemeente onderneemt geen actie. Als de plassen het gevolg zijn van verstopte straatkolken, dan volgt wel actie. De straatkolken worden schoongemaakt, zodat de waterafvoer hersteld wordt. Grote plassen op straat die langer dan een uur blijven staan kunnen ook aanleiding zijn tot actie. Dit wordt door de gemeente per situatie beoordeeld.
Waterhinder Als het waterafvoersysteem echt veel regen moet verwerken, dan kan er ook waterhinder ontstaan. We spreken van waterhinder als: Regenwater, rioolwater of slootwater de belangrijke verkeersaders en doorgaande (ontsluitings)wegen en (fiets)tunnels gedurende meer dan twee uur blokkeert; Regenwater, rioolwater of slootwater langer dan 4 uur hinder oplevert voor het verkeer (gemotoriseerd, fietsers en voetgangers); Gemengd rioolwater dat langer dan 4 uur in een achterpad, plantsoen of tuin staat. We streven ernaar om alle situaties waar waterhinder ontstaat, structureel te verhelpen. De maatregelen worden uitgevoerd als er ter plaatse ook andere ingrepen in het openbare gebied nodig zijn (bijvoorbeeld rioolvervanging of herbestrating.
19
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
Actie Nagaan of we in het kader van de klimaatverandering wellicht een andere toetsbui willen hanteren bij het beoordelen van water-op-straat. Bij bui08 en bui10 ontstaat er geen overlast.
Onderwerp
Regels voor de fysieke leefomgeving
Toetsing huidige situatie
Benodigde actie / aanpassingen / maatregelen
In orde
Geen actie
Wateroverlast Er is sprake van wateroverlast als: Regenwater, rioolwater of slootwater via de straat huizen of gebouwen instroomt; Regenwater, rioolwater of slootwater de belangrijkste verkeersaders, doorgaande wegen of tunnels gedurende meer dan een halve dag blokkeert;
Als er sprake is van wateroverlast die veroorzaakt wordt door water afkomstig van gemeentegrond dan onderneemt de gemeente sowieso actie. Als eerste wordt gezorgd dat het water wordt weggepompt. Vervolgens wordt beoordeeld of de wateroverlast veroorzaakt is door een calamiteit of dat de overlast het gevolg is van een structureel knelpunt in het watersysteem. Aan de hand hiervan wordt de urgentie voor het uitvoeren van maatregelen afgewogen. Urgente overlastsituaties worden aangepakt. De maatregelen om de wateroverlast terug te dringen worden zo snel mogelijk uitgevoerd. Bij niet-urgente wateroverlast worden de meldingen en incidenten vastgelegd in een digitaal logboek wateroverlast. Dit logboek wordt elke twee jaar geëvalueerd. Op basis hiervan wordt een planning voor de uitvoering van de maatregelen gemaakt. Toestand systeem
Hemelwaterriolering De beoordeling van de fysieke toestand van hemelwaterriolen is dezelfde als de toestandsbeoordeling voor de afvalwaterriolen (zie bijlage 3) behalve voor de waterdichtheid voor infiltratieriolen/-voorzieningen. Deze zijn vanzelfsprekend niet waterdicht. In hemelwaterriolering wordt eerder wortelfrezen toegepast dan het vuilwaterriool. Een waterpeil van meer dan 75% in het hemelwaterriool is geen bijzonderheid bij hogere grondwaterstanden en leidt dan ook niet direct tot acties. Oppervlaktewatersysteem De uitgangspunten voor de onderhoudstoestand van het gemeentelijk oppervlaktewatersysteem zijn: a) De watergangen zijn schoon genoeg (baggeren en maaien) om afvoer te kunnen garanderen zonder dat een overmatige opstuwing van het water optreedt.
20
a) In orde
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
geen actie
Regels voor de fysieke leefomgeving
Toetsing huidige situatie
b) De watergangen hebben een profiel groter of gelijk aan het profiel volgens de legger/ het onderhoudsprofiel. Beschoeiingen voor het in stand houden van het profiel/ de oever / het talud zijn stabiel en in orde. c) De duikers in de watergangen zijn schoon om voldoende afvoer van water te kunnen garanderen. De uitgangspunten voor de onderhoudstoestand van het oppervlaktewatersysteem van de Hoogheemraadschappen in relatie tot de gemeentelijke riolering zijn: d) Het oppervlaktewaterpeil moet bij hevige en langdurige regenval voorkeur onder het niveau van de drempel in de overstortputten van de gemengde rioolstelsels blijven.
b) In orde
Geen actie
c)
Geen actie
d) Geen klachten
d) actie: nadere toetsing van de kritische overstorten is wenselijk in relatie tot het meer vasthouden van oppervlakte water om verdroging tegen te gaan
Onderwerp
Regels voor de fysieke leefomgeving
Toetsing huidige situatie
Benodigde actie / aanpassingen / maatregelen
Grondwater
Ontwateringsdiepte De gewenste situatie kan worden omschreven als de situatie waarin, in het stedelijk gebied van de gemeente Zoetermeer, geen grondwateroverlast optreedt. Als richtlijn is een hoogte van de kruipruimtebodem van 0,50 m minus straatpeil gehanteerd. De kruipruimte hoort in principe droog te zijn. De grondwaterstand moet dus onder de kruipruimtebodem liggen. De werknorm is dat de (gemiddelde) grondwaterstand in het openbare gebied binnen de bebouwde kom niet langer dan 2 aaneengesloten weken 0,7 m minus straatpeil of hoger is. Voor parken geldt een afwijkende richtlijn: de grondwaterstand mag hier niet langer dan 2 aaneengesloten weken 0,50 m minus maaiveld of hoger bedragen, tenzij voor een gebied een ander ontwerp gemaakt is.
Onbekend De gemeente heeft recent een nieuw grondwatermeetnet operationeel. De analyse van de meetgegevens moet nog worden uitgevoerd om na te gaan of voldaan wordt aan de richtlijnen.
actie Jaarlijks analyse grondwatermetingen.
Onderwerp
In orde
Benodigde actie / aanpassingen / maatregelen
2.4.3 Grondwater
Omdat de grondwaterstanden in bestaand stedelijk gebied moeilijk zijn te beïnvloeden, kunnen de genoemde grondwaterstanden in bestaande wijken niet overal gegarandeerd worden. Kwel Het Hoogheemraadschap van Rijnland heeft de kwelgevoelige gebieden in kaart gebracht. Bij werkzaamheden dieper dan 1,5 m in de grond in deze gebieden moet er bij Rijnland een vergunning worden aangevraagd en dient een opbarstberekening te worden aangeleverd.
we krijgen sporadisch klachten over grondwater (20 á 40 klachten per jaar). Deze gaan meestal over water in kruipruimten van gebouwen. Deze vallen onder de verantwoordelijkheid van de eigenaar van het gebouw. Gemeente heeft hierin géén taak. We ondersteunen/adviseren eventueel over onderzoeken en aanpak van deze waterklachten door de eigenaren zelf. In Zoetermeer wordt altijd geadviseerd om de kruipruimte door middel van zand met drainage te ontwateren omdat de oorspronkelijke bodem slecht waterdoorlatend is; indien de drainage verstopt is of ontbreekt wordt geadviseerd om dit op eigen kosten te herstellen omdat de gemeente hiervoor niet verantwoordelijk is.
De polders liggen lager dan de bodem van de tussenboezemwatergangen (de weteringen). Hierdoor komt ook horizontale kwel voor. Er zijn kwelsloten die deze kwelstroom ondervangen. De kwelsloten hebben een belangrijke functie in de waterhuishouding. De functie van de kwelsloten dient bij ruimtelijke ontwikkelingen behouden te blijven.
21
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
3.5 Nieuw gebied
Definitie
Onder nieuw gebied wordt verstaan; stadsuitbreidingen of inbreidingslocaties waarbij ook de woningen of andere gebouwen worden vervangen. Hieronder vallen niet de plannen met alleen wegvervangingen of alleen rioolvervangingen.
Stelseltypen
In nieuw gebied worden alle percelen voorzien van afvalwaterriolering. Er wordt altijd een gescheiden systeem aangelegd, waarbij het hemelwater bij voorkeur ondergronds wordt afgevoerd naar de singel, omdat in de winter een bovengronds systeem kan stagneren en zorgen voor gladheid. Het afvalwater wordt in alle gevallen naar de afvalwaterzuivering getransporteerd. Al of niet via de bestaande afvalwaterinfrastructuur. Het hemelwater wordt eerst conform de geldende richtlijnen (zie paragraaf 2.4.2) geborgen en daarna bij voorkeur naar het oppervlaktewater geleid. Daar wordt het geborgen of afgevoerd. Indien er geen oppervlaktewater in de buurt is wordt er een overloop naar het gemengde stelsel gemaakt.
3.5.1 Afvalwater
systeem
Bij de aanleg van nieuwe riolering in de situatie van stadsuitbreiding en inbreiding zijn richtlijnen gesteld voor het functioneren van de riolering. Deze richtlijnen zijn gelijk aan de bestaande situatie.
Aanleg
Bij de aanleg van nieuwe riolering worden de volgende uitgangspunten aangehouden:
Functioneren
riolering
Algemeen • • • • • • • • •
De richtlijn voor de minimale gronddekking op de buis is 1,3 meter; De afstand tussen twee inspectieputten (strenglengte) is maximaal 100 meter; De minimale diameter van de buizen die worden gebruikt is ø 250 mm voor een DWA en ø 400 mm voor een HWA; Voor het bodemverhang van vuilwaterriolen wordt uitgegaan van 1:300 tot maximaal 1:500 bij grotere diameters en debieten; De vuilwaterriolering wordt aangelegd in een vermaasde boomstructuur. Als er een leiding verstopt raakt, dan kan het afvalwater dan via een andere route toch worden afgevoerd; Alle nieuw aan te leggen DW- putten zijn voorzien van een stroomprofiel, zodat de putten zo min mogelijk vervuilen; Het lekverlies bij afpersen van nieuwe riolen mag niet groter zijn dan volgens de standaardbepalingen van de RAWsystematiek; Het aansluiten van vuilwater (DWA en/of gemengd) op het gemeentelijke riool via een beerput /rottingsput is niet toegestaan; Opleverinspecties worden beoordeeld volgens de standaardbepalingen van de RAW.
Afvalwaterhoeveelheid De hoeveelheid te verwachten afvalwater is 120 liter/persoon/etmaal. De hoeveelheid huishoudelijk afvalwater wordt berekend met een gemiddelde woningbezetting van 2,5 inwoners per woning; Als het gemaal uitvalt, dient de vultijd van het vuilwaterriool ongeveer 1 etmaal te zijn. Dit geeft tijd om het gemaal te repareren; De ledigingsduur van het compleet gevulde riool dient maximaal ongeveer 12 uur te zijn; De vullingsgraad van een DWA is in het ontwerp maximaal 50%. Persleidingen en gemalen De opjaag- en vrijverval-gemalen worden uitgevoerd met 2 pompen die elkaars reserve zijn;
22
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
Belangrijke pompen worden via twee routes aangesloten op het systeem, zodat bij onderhoud of calamiteiten toch afvoer mogelijk is; De maximale schakelfrequentie van de pompen is 16 keer per uur; De maximale opvoerhoogte is 30 meter waterkolom (mwk); De persleidingen van gemeentelijke gemalen worden bij voorkeur gemaakt van HDPE.
3.5.2 Hemelwater en oppervlaktewater
De uitgangspunten voor het functioneren van de riolering en het oppervlaktewatersysteem voor de afvoer van het hemelwater zijn hieronder aangegeven. Hemelwater Bij extreme neerslag kan er op geschikte locaties mogelijk gekozen worden voor bovengrondse afvoer van hemelwater, als overstort voor het ondergrondse (HWA) stelsel; Hemelwater wordt verzameld in een waterberging met een overloop naar bij voorkeur het oppervlaktewater; Waar nodig wordt het hemelwater eerst via een filterende voorziening geleid; De minimale diameter van de leidingen is ø 400 mm; HWA-riolen worden zonder bodemverhang aangelegd (de leidingen liggen waterpas), of eventueel met een gering bodemverhang van maximaal 1:500; Waterberging in de vormgeving van een wadi heeft een maximale waterdiepte van 30 cm en de oevers bij voorkeur een hellingshoek van bij voorkeur 1:5 en minimaal 1:3. Elke wadi dient vanwege de bodemopbouw in Zoetermeer te zijn voorzien van een drainagesysteem dat afwatert op het hemelwaterriool of op open water.
Elke wadi en/of het voorliggende hemelwaterriool is voorzien van een overloop naar bij voorkeur open water of het HWA; Afvoercapaciteit Voor het ontwerpen van nieuwe HWA-stelsels geldt dat de geometrie van het rioolstelsel zodanig moet zijn dat een regenwaterhoeveelheid van 90 l/s/ha over het bruto oppervlak van het rioolgebied kan worden afgevoerd zonder dat water-op-straat wordt berekend Oppervlaktewater De watergangen en de duikers moeten een zodanige afmeting krijgen dat zij voldoende afvoer van water kunnen garanderen zonder dat een overmatige opstuwing van het water optreedt. Uiteraard mag de peilstijging in het nieuwe gebied niet leiden tot problemen in bestaande gebieden; Het oppervlaktewaterpeil mag niet boven het straatpeil komen bij een neerslagsituatie van T=100+10%. Uiteraard mag de peilstijging in het nieuwe gebied niet leiden tot problemen in bestaande gebieden. Ruimtelijke inrichting
In het algemeen geldt dat water een mede-ordenend principe is bij het inrichten van de (openbare) ruimte. Het doel is om te komen tot een klimaatbestendig watersysteem. Waterberging in nieuwbouwplannen Binnen de gemeente gelden de regels van 3 verschillende hoogheemraadschappen. Welk van de regels moet worden toegepast is afhankelijk van in welk beheergebied het nieuwbouwplan ligt. Hoogheemraadschap van Rijnland Voor nieuwbouwplannen geldt dat 15% van het bruto oppervlak van het plangebied moet worden gereserveerd voor (oppervlakte)waterberging. Met Rijnland houden we gezamenlijk een Berging Rekening-Courant (BRC) bij. In totaal hebben we ongeveer 9000 m2 credit. Deze BRC wordt toegewezen per peilvak, de gemeente kan dit
23
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
inzetten bij gebiedsontwikkelingen. De BRC is niet uitwisselbaar tussen peilvakken onderling. Voor het ontwerpen van oppervlaktewater binnen het beheergebied van het Hoogheemraadschap van Rijnland verwijzen we naar de volgende link: https://www.rijnland.net/regels/downloads-keur-en-uitvoeringsregels-2020/uitvoeringsregels-keur-2020-1 Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard Ook met HHSK houden we gezamenlijk een BRC bij. In totaal hebben we hier ongeveer 45.500 m2 credit. Net als bij Rijnland wordt de BRC toegewezen per peilvak, en kan de gemeente deze inzetten bij gebiedsontwikkelingen. De BRC is niet uitwisselbaar tussen peilvakken onderling. Hoogheemraadschap van Delfland Voor het gedeelte van de gemeente dat onder het Hoogheemraadschap van Delfland valt, is er geen BRC van toepassing.
Goede inrichting voorkomt wateroverlast Met het slim inrichten van de openbare ruimte kan worden voorkomen dat de woningen onderlopen. In de gemeente Zoetermeer worden de volgende voorwaarden aangehouden: • •
De drooglegging van het te ontwikkelen terrein bedraagt voor de wegen tussen de 1,80 m en 2,00 m en voor de bebouwingen 2,00 – 2,20 m boven het oppervlaktewaterpeil in openbaar gebied; Het bouwpeil ligt minimaal op 0,2 m boven het straatpeil. Hierdoor ontstaat er ruimte voor waterberging op straat tijdens extreme neerslag.
Water kan ook worden geborgen op plaatsen waar hinder tot een minimum wordt beperkt. Als voorbeelden worden genoemd: • • • •
24
Het aanbrengen van stoepranden, zodat een bergingsmogelijkheid ontstaat voor regenwater op de straat tussen de stoepen; Het inrichten van speelvelden en pleinen als tijdelijke bergingslocatie. Het inrichten van groenstroken en parken als tijdelijke waterberging. Waterpartijen of wadi’s aanleggen met voldoende ruimte voor waterberging.
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
Principe-schets ideale straatprofiel, afkomstig uit Handboek Openbare Ruimte Zoetermeer 3.5.3 Grondwater
Grondwater
Bij de bestemmings- en inrichtingsfase geldt als richtlijn dat de ontwateringsdiepte minimaal 70 cm beneden maaiveld is, die maximaal twee aaneengesloten weken per jaar mag worden overschreden. Drainage wordt niet gekoppeld aan de gemengde- of vuilwaterriolering, maar stroomt onder vrij-verval leeg in het oppervlaktewater of is aangesloten op het HWA-riool.
3.6 Samenwerking
Samenwerking
Riooloverstorten bevinden zich op het snijvlak van riolering en het oppervlaktewater, ofwel op het grensvlak van taken en bevoegdheden van de rioolbeheerder en de waterbeheerder. Vanwege het werken op dit snijvlak is de samenwerking tussen de betrokken beheerders van belang. Deze samenwerking is in de volgende procedures en plannen geborgd:
25
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
De Watertoetsprocedure: Om het waterbeheer en ruimtelijke ontwikkeling beter op elkaar af te stemmen, is (op landelijk niveau) de zogenaamde ‘watertoetsprocedure’ ontwikkeld. In het kort houdt de procedure in dat een initiatiefnemer (bijvoorbeeld de gemeente Zoetermeer of een particuliere instantie) in een zo vroeg mogelijk stadium contact zoekt met de waterbeheerder (de betreffende van de drie Hoogheemraadschappen) voor overleg over het plan. Het overleg dient om af te stemmen welke plaats het water in de ruimtelijke plannen gaat innemen. De Waterparagraaf: De waterparagraaf maakt deel uit van het bestemmingsplan en geeft een beschrijving van het watersysteem in de toekomstige situatie (waterkwantiteit, waterkwaliteit, waterkeringen, beheer en onderhoud van watergangen). Ook wordt een beschrijving gegeven van de gevolgen van de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling voor het watersysteem. De inhoud van de waterparagraaf wordt afgestemd met het Hoogheemraadschap. Het Waterhuishoudingsplan: Het Waterhuishoudingsplan geeft het beleidskader dat vanuit de provincie wordt gesteld voor een aantal thema’s met betrekking tot water. De Hoogheemraadschappen gebruiken onder andere het provinciale kader als vertrekpunt voor het maken van strategische keuzes en werken die vervolgens uit in het Waterbeheerplan.
Het Waterplan Ter verbetering van de waterhuishouding in Zoetermeer zijn in 2001 door gemeente in samenwerking met de Hoogheemraadschappen maatregelen vastgelegd in het “Waterplan”. Hoewel de acties uit dit plan niet meer actueel zijn, geeft het waterplan nog steeds aan de toekomstige invulling van de ruimtelijke vraagstukken.
26
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
Bijlage 4
Beheer, onderhoud, renovatie en vervanging
Om te waarborgen dat we aan onze water-zorgplichten volden, moeten we ervoor zorgen dat de bestaande watervoorzieningen van gemeente Zoetermeer in orde blijven. De werkzaamheden die nodig zijn om dit te realiseren, noemen we de reguliere beheertaken. De beheertaken omvatten een breed scala aan werkzaamheden. Reiniging, inspectie, reparatie en vervangingen- zijn nodig om de aanwezige voorzieningen in een goede staat te houden. Ook moet nagegaan worden of alle voorzieningen nog goed functioneren of dat er verbetermaatregelen nodig zijn. Toetsing, beleidvorming en planvoorbereiding is nodig om de taken gestructureerd uit te kunnen voeren. Ondertussen moeten werkzaamheden omtrent vergunningen en klachtenafhandeling doorgaan. In deze bijlage zijn de reguliere beheertaken op hoofdlijnen beschreven. We geven aan wat we doen om onze voorzieningen in orde te houden. We onderscheiden de volgende deeltaken: Voorbereiden van beleid, planvorming Onderhoud en reparatie Renoveren of vervangen Afhandelen van meldingen en klachten Vergunningverlening, toezicht en handhaving 1) Voorbereiden van beleid, planvorming Om het beleid goed te kunnen voorbereiden en vormgeven, is het van belang om te weten wat we aan voorzieningen hebben, waar deze liggen, hoe groot ze zijn, wat de toestand ervan is en wanneer deze voorzieningen naar verwachting zullen worden gerenoveerd of vervangen.
Ook is inzicht in knelpunten wenselijk om vast te kunnen stellen waar verbeteringen nodig zijn. De activiteiten die nodig zijn om bovenstaande te waarborgen staan hieronder beschreven. Databeheer Digitaal opgeslagen gegevens over de leidingen, putten en gemalen in het rioolstelsel geven een belangrijke basis voor onderzoeken, uitvoering van werkzaamheden en afhandeling van meldingen en klachten. Het is dus belangrijk dat de gegevens in het digitale beheerpakket altijd volledig en actueel zijn. We werken met het beheerpakket GeoVisia. Voor de vrij-vervalriolen houden we de gegevens bij via Kikker (Riodesk). In het programma worden de gegevens van de rioolobjecten, duikers en wadi’s bijgehouden. De gegevens van de gemalen en drukrioleringsunits (Onderhoud en storingen en keuringsrapporten - NEN-rapportages) worden bijgehouden in SAM. Telemetriegegevens van de debietmeter, regenmeter, grondwatergegevens staan in Telecontrolnet. Registratie van de metingen vindt continue plaats. Meetgegevens worden gebruikt voor inzicht en analyse wanneer wenselijk. Grondwatergegevens worden ook aangeleverd aan DINOloket. De gegevens in de beheerpakketten zijn actueel en compleet.
Om het digitale beheerpakket volledig en actueel te houden verrichten wij de volgende werkzaamheden: Bijwerken van revisiegegevens (aanpassingen aan de riolering) direct na ontvangst van de revisie; Toevoegen van nieuw aangelegde riolering (nieuwbouw/afkoppelen), direct na ontvangst van revisiegegevens; Invoeren van inspectie- en reinigingsgegevens, direct na ontvangst van de gegevens; Controleren van meetgegevens (overstortmeters, debietmeter, telemetrie van gemalen, regenmeters, grondwatermeters). Periodiek naar behoefte. Kabels en leidingen Vanuit de WIBON (Wet Informatie –uitwisseling Bovengrondse en Ondergrondse Netten) bestaat een verplichting om actuele gegevens over ondergrondse netten beschikbaar te hebben, dit is een andere reden om het databeheer goed uit te voeren. Inspectie en classificatie vrijvervalriolering We laten rioolinspecties uitvoeren om de kwaliteit van de vrijverval riolen in beeld te brengen. Met behulp van een rijdende videocamera worden beelden gemaakt van de binnenkant van de rioolbuizen, deze beelden worden geclassificeerd en beoordeeld door een gemeentelijk inspecteur. Op basis van deze rioolinspecties worden toestandsaspecten vastgelegd, volgens de NEN-EN-13508-2. De vrijverval riolen worden 1 keer in de 6 jaar gereinigd en 1 keer in de 12 jaar geïnspecteerd. Voorafgaand aan de inspectie worden de riolen
27
Bijlagen bij Nota Riolering 2023 t/m 2026
gereinigd, om ervoor te zorgen dat de videocamera een goed zicht heeft. Zinkers worden bij voorkeur jaarlijks gereinigd omdat deze snel vervuild raken.