CConstaterende datZoetermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Tweede Tussenbericht 2022

Raadsvergadering 7 november 2022, gemeente ZoetermeerBij agendapunt: Programmabegroting 2023-2026 en Tweede Tussenbericht 202219.420 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Eenmalig

4

4.1

5

4.1

6

7

4.1

4.2

28

Grand Depart (start Tour de France)

60.000

Voordeel

Eenmalig

- verrekening met reserve Zoetermeer 2040

-60.000

Nadeel

Eenmalig

-99.000

Nadeel

-659.000

Nadeel

Saldo

-659.000

Nadeel

Saldo programma 4

-708.000

Nadeel

8

4.2.

Saldo Afwijkingen als gevolg van COVID-19 9

4.1

Noodsteun programma 4

Eenmalig

Toelichting per onderwerp 1. Budget CASA Om een eventueel vertrek van CASA en de daaruit volgende derving van huurinkomsten door Cultuurpodium Boerderij te kunnen compenseren is structureel een budget van € 150.000 gereserveerd. Er wordt in 2022 geen besluit genomen over de eventuele verhuizing van CASA, waardoor dit budget in 2022 niet nodig is. 2. Stadsboerderijen In de begroting is voor Groen, spelen en leren een budget van in totaal € 1.684.000 opgenomen, waarbij enkele mee- en tegenvallers te melden zijn: • De Balijhoeve: o De verbouwde stadsboerderij is in juni feestelijk in gebruik genomen. In de begroting was uitgegaan van oplevering in 2021, wat betekent dat de kapitaallasten van € 74.000 in 2022 kunnen vrijvallen (eenmalig voordeel). o Door de latere heropening en door het ontbreken van een exploitant vallen de lasten en baten van de horeca fors lager uit. Dit geeft een nadeel van € 65.000. o Er is een kwartiermaker aangenomen om een geschikte exploitant uit de sociaal maatschappelijke omgeving voor de horecafunctie te vinden. Gevolg van het niet hebben van een exploitant uit de sociaal maatschappelijke omgeving is dat de gemeente een subsidie hiervoor misloopt. De kosten van de kwartiermaker i.c.m. het mislopen van de subsidie leidt tot een nadeel van € 70.000.

• Het Buitenbeest: o Het Hoogheemraadschap van Rijnland (HHR) heeft het riet verwijderd dat als natuurlijke afscheiding in het water staat om het speeldeel van de stads- en speelboerderij Het Buitenbeest. Dit vanwege werkzaamheden voor verbetering van de waterkwaliteit. Uit veiligheidsoverwegingen heeft de gemeente een hek langs het water geplaatst, wat leidt tot een nadeel van € 31.000. • Hogere energielasten: o De energiekosten stijgen fors. Voor de stadsboerderijen leidt dit tot een nadeel van € 32.000. 29

3. Tegemoetkoming exploitatietekorten ijsbanen en zwembaden Specifiek voor ijsbanen en zwembaden heeft het Ministerie van VWS een Specifieke Uitkering IJsbanen en Zwembaden in het leven geroepen. Het doel hiervan is om ijsbanen en zwembaden financieel te compenseren voor de exploitatietekorten over november 2021 tot en met januari 2022 zodat ze ‘breakeven’ spelen. De gemeente vraagt de vergoeding aan bij het rijk en verstrekt zelf de bijdrage aan de instelling. Er is voor een bedrag van € 219.000 (afgerond) aan steun aangevraagd. De gemeente heeft voor ditzelfde bedrag een aanvraag bij het rijk ingediend. Zowel de lasten als de baten laten een afwijking van € 219.000 zien. Per saldo is de afwijking budgettair neutraal. 4. Motie Instandhouding Biebs op school Bij het voorjaarsdebat is motie 27 'Instandhouding Biebs op school' aangenomen. De raad heeft hiervoor € 50.000 beschikbaar gesteld en deze wordt via TB2 verwerkt als technische wijziging (deze is niet meegenomen in de telling van de afwijkingen). Dit bedrag is bedoeld voor het concept de bibliotheek op school, zodat in ieder geval de bestaande biebs op school onderhouden kunnen worden. 5. Extra personele inzet Nationaal Programma Onderwijs Binnen het programma Vrije tijd zijn tijdelijke extra middelen opgenomen vanuit het Nationaal Programma Onderwijs.

Deze middelen worden ingezet voor het terugdringen van corona achterstanden. Op het gebied van sport vinden tijdelijk extra activiteiten en inzet plaats van combinatiefunctionarissen gericht op sportactiviteiten op en rondom (speciaal) onderwijs. Aanvullend zijn middelen beschikbaar gesteld voor natuur- en milieueducatie op scholen en de Stadsboerderij. Tot slot zijn middelen beschikbaar gesteld voor het aanstellen van een tweetal coördinatoren die binnen- en buitenschoolse activiteiten in de vrije tijdssector inzichtelijk en zichtbaar maken voor gebruikers (docenten, ouders en jeugd). De hogere lasten en baten voor 2022 bedragen € 127.000. 6. Sportakkoord 2022 Het rijk heeft de maximale bijdrage voor het Sportakkoord voor het jaar 2022 met € 53.000 opgehoogd. Het betreft geoormerkte middelen die aan sport uitgegeven moeten worden. De middelen komen ten goede aan de stad. De baten en lasten in de begroting zullen met € 53.000 stijgen. 7. Evenementenbudget Als gevolg van het niet doorgaan van een groot aantal evenementen in de afgelopen 2 jaren door COVID19 zijn meer aanvragen van de organisatoren gehonoreerd. Vervolgens zijn de organisatiekosten aanzienlijk gestegen en hiervoor is ook compensatie verstrekt. Vervolgens zijn ook garantie uitkeringen verstrekt om het doorgaan van een aantal grote evenementen te kunnen garanderen. 8.

Budget Grand Depart (start Tour de France) Bij raadsbesluit van 21 februari 2022 (2022-006037) is in het kader van City Marketing een budget van € 200.000 beschikbaar gesteld om aansluiting te vinden bij de start van de Tour de France in Rotterdam in 2024 of 2025. Voor 2022 is als voorbereidingskosten met een bedrag van € 60.000 rekening gehouden. Het bid voor 2024 van Rotterdam is niet gehonoreerd maar voor 2025 is de stad nog in de race. Dit jaar zullen daarom geen kosten worden gemaakt en ook de bijdrage uit de reserve Zoetermeer zal niet plaatsvinden. 9. Noodsteun programma 4 Instellingen binnen de sector kunst en cultuur kunnen ook in 2022 coronasteun aanvragen. Conform afspraak wordt de raad via het tussenbericht geïnformeerd over de verwachte kosten van de ondersteuningsmaatregelen corona. Per ultimo augustus is voor een bedrag van € 384.000 aan 30

noodsteun/huurkorting verstrekt. Voor de rest van het jaar wordt een verder beroep verwacht van € 275.000. Daarmee komen de verwachte lasten uit op € 659.000.

31

Programma 5. Veiligheid Beleidsmatige afwijkingen Geen.

Financiële afwijkingen Nr.

Doelstelling

Onderwerp

Afwijking 2e TB2'22

Voordeel/ Nadeel

Meerjarig/ Eenmalig

Financiële afwijkingen bestaand beleid 1

5.3

2

5.2

Handhavingsjuristen

-300.000

Nadeel

Eenmalig

Coronatoegangsbewijzen

150.000

Voordeel

Eenmalig

-150.000

Nadeel

Eenmalig

-300.000

Nadeel

Saldo Afwijkingen als gevolg van COVID-19

Saldo Saldo programma 5

Toelichting per onderwerp 1. Handhavingsjuristen Mede als gevolg van Corona blijft het aantal taken van de handhavingsjuristen hoog, zoals de tijdelijke wet maatregelen COVID-19 (Coronawet) en het vertalen van de die landelijke regels naar de Zoetermeerse (en regionale) context. Dus hoe gaan we in onze regio om met (grote)evenementen en zorgen we ervoor dat deze veilig kunnen verlopen. Daarnaast is al enkele jaren sprake van een autonome toename van de werkzaamheden binnen dit werkdomein, onder meer door toegenomen bestuurlijke rapportages ten aanzien van hennepteelt. Het verwachte nadeel is € 300.000. 32

2. Coronatoegangsbewijzen Het kabinet heeft ook voor het jaar 2022 geld aan de gemeenten ter beschikking gesteld ter dekking van de kosten voor de controle op de coronatoegangsbewijzen (c.t.b.) met name in horecabedrijven, bij sportverenigingen en in culturele instellingen. Het kabinet stelt, net als in 2021, een vergoeding in de vorm van een specifieke uitkering beschikbaar. De subsidie kan in de praktijk alleen worden verstrekt voor activiteiten die plaatsvonden vanaf 26 januari 2022 (einde avondlockdown) tot en met 24 februari 2022 (afschaffing van de c.t.b.-controleplicht). Het maximale bedrag dat aan de gemeente Zoetermeer kan worden verstrekt is € 478.664. Inmiddels is door het opheffen van de COVID-19 maatregelen duidelijk dat de kosten van de controle van het c.t.b. lager uitvallen dan eerder verwacht. Bij het 1e Tussenbericht werd rekening gehouden met € 200.000 aan kosten. Nu wordt rekening gehouden met € 50.000 aan kosten en een net zo hoog bedrag aan rijksvergoeding. Indien deze declarabele kosten hoger of lager uitvallen geldt dat net zo zeer voor de rijksvergoeding. Voor deze COVID-19 gerelateerde kosten en inkomsten is geen rekening gehouden in de huidige budgetten aan de lasten en batenkant van de begroting.

33

Programma 6. Dienstverlening en participatie Beleidsmatige afwijkingen Geen.

Financiële afwijkingen Nr.

Doelstelling

Onderwerp

Afwijking 2e TB2'22

Voordeel/ Nadeel

Meerjarig/ Eenmalig

Financiële afwijkingen bestaand beleid 1

6.1

Voorbereidingskosten Omgevingswet

175.000

Voordeel

Eenmalig

2

6.1

Verkiezingen (COVID-19)

168.000

Voordeel

Eenmalig

3

6.1

Dienstverlening

185.000

Voordeel

Eenmalig

4

6.1

Inkomsten bouwleges

-1.000.000

Nadeel

Eenmalig

5

6.1

Tijdelijke vervanging wethouder

-47.000

Nadeel

Eenmalig

-519.000

Nadeel

-519.000

Nadeel

Saldo Afwijkingen als gevolg van COVID-19

Saldo Saldo programma 6

34

Toelichting per onderwerp 1. Voorbereidingskosten Omgevingswet Voor de implementatie van de omgevingswet is voor 2022 een budget beschikbaar gesteld van € 402.000. De inwerkingtreding van de omgevingswet is opnieuw uitgesteld in 2022 en is inmiddels vastgesteld op 1 januari 2023 mits de ICT-problemen van het DSO-LV zijn opgelost. In oktober wordt een definitief besluit hierover verwacht. Doordat de datum van inwerkingtreding van de omgevingswet is uitgesteld worden verschillende activiteiten later uitgevoerd. De activiteiten hebben betrekking op het DSO, de MER en monitoring/evaluatie van de visie. Het verwachte eenmalige voordeel bedraagt € 175.000. Bij het bestemmen van het rekeningresultaat wordt, als dat mogelijk is, een voorstel tot budgetoverheveling gedaan. 2. Verkiezingen (COVID-19) Bij de gemeenteraadsverkiezingen en het referendum afval- en grondstoffenbeleidsplan is vanwege corona de mogelijkheid geweest tot vroegstemmen op 14 en 15 maart 2022. De inrichting en bemensing van de stembureaus op meerdere dagen en de extra maatregelen die zijn getroffen (hygiënemiddelen, 1,5 meter etc.) leiden tot een kostenpost van circa € 152.000. In TB1 werd nog uitgegaan van een overschrijding van € 320.000. De verwachte overschrijding is dus verlaagd met € 168.000. 3.

Dienstverlening Voor de verbetering van de dienstverlening - in de vorm van digitaal contact met inwoners en organisaties - is een eenmalig budget van € 250.000 beschikbaar gesteld (raadsbesluit 0637763526 Impulsbudget dienstverlening in kader corona). De aanbestedingsprocedure voor een projectleider is na de verkiezingen gestart. Inmiddels zijn de werkzaamheden vanaf juli gestart maar omdat de afronding hiervan in 2023 wordt verwacht zal een bedrag van circa € 185.000 niet worden ingezet in dit boekjaar. Bij het bestemmen van het rekeningresultaat wordt, als dat mogelijk is, een voorstel tot budgetoverheveling gedaan. 4. Inkomsten bouwleges Voor het afhandelen van WABO-vergunningen worden leges geïnd. Op basis van de huidige en verwachte aanvragen wordt een extra nadeel verwacht van € 1,0 mln. in 2022. Dit wordt veroorzaakt door verschuivingen in de tijd van het verlenen van vergunningen. In 2024 is een voordeel van 1,0 mln. opgenomen. De begrote legesinkomsten zijn € 6,9 mln. Bij het eerste tussenbericht is al een nadeel gemeld van € 2,5 mln. Het totale nadeel komt hiermee uit op € 3,5 mln. 5. Tijdelijke vervanging wethouder Vanwege de afwezigheid van een wethouder door ziekte is ervoor gekozen om deze tijdelijk te vervangen. Dit levert naar verwachting een nadeel op van € 47.000 in 2022.

35

Programma 7. Inrichting van de stad Beleidsmatige afwijkingen Geen.

Financiële afwijkingen Nr.

Doelstelling

Onderwerp

Afwijking 2e TB2'22

Voordeel/ Nadeel

Meerjarig/ Eenmalig

Nadeel

Meerjarig

Nadeel

Eenmalig

Financiële afwijkingen bestaand beleid 1

7.2

Grondzaken

2

7.2

Grondexploitatie Palenstein

-250.000 -600.000 600.000

3

7.2

Huurcontract benzineverkooppunt

600.000

Voordeel

Eenmalig

4

7.2

Verkoop gronden Kelvinstraat (Kwadrant deelgebied D)

550.000

Voordeel

Eenmalig

Strategische Agenda Zoetermeer 2040/schaalsprong

1.040.000

Voordeel

5

7.2 -1.040.000

Nadeel

-485.000

Nadeel

458.000

Voordeel

-458.000

Nadeel

330.000

Voordeel

Eenmalig

6

7.2

Markt 10

7

7.2

Binnenstad

8

7.2

Dutch Innovation Park

Eenmalig

Eenmalig

Eenmalig

36

9

-330.000

Nadeel

Centraal Park-Buurtvaart

-132.000

Nadeel

Bijdrage derden

132.000

Voordeel

7.2

Eenmalig

10

7.3

Verkeer

-130.000

Nadeel

Eenmalig

11

7.3

Woonwagenhuisvesting

150.000

Voordeel

Eenmalig

12

7.5

Personeel-langdurige ziekte en boventalligen

-415.000

Nadeel

Eenmalig

20.000

Voordeel

20.000

Voordeel

Saldo Afwijkingen als gevolg van COVID-19

Saldo Saldo programma 7

Toelichting per onderwerp 1. Grondzaken De gemeente heeft grond in haar bezit en voor de exploitatie (regulier beheer, advisering en begeleiding verkopen) is in de Programmabegroting een budget opgenomen van ca. € 0,9 mln. aan uitgaven en ca. €1,9 mln. aan inkomsten. De afgelopen twee jaar zijn lagere inkomsten uit huren en pachten gerealiseerd, dit jaar is wederom sprake van een lagere inkomst van totaal € 150.000. Structurele daling is o.a. veroorzaakt door het wegvallen van grondhuur van de niet meer benodigde tijdelijke behuizing van Monteverdi aan de Europaweg. In de begroting is een budget van ca. € 1,9 mln. opgenomen voor de kosten voor medewerkers die zich o.a. bezighouden met grondexploitaties en faciliterende projecten. Vanwege vacatures moet er dit jaar meer ingehuurd worden en is er een trainee aangesteld waardoor het personeelsbudget dit jaar met € 100.000 eenmalig wordt overschreden.

37

2. Palenstein Voor de grondexploitatie Herstructurering Palenstein is ten opzichte van de Meerjarenperspectief grondexploitaties 2022 (MPG) door hogere voorbereidingsen uitvoeringskosten een aanvullend nadeel ontstaan van ca. € 600.000. In het raadsmemo Verslechtering grondexploitatie Herstructurering Palenstein van 28 juli 2022 is de raad geïnformeerd over een verslechtering van € 500.000. Inmiddels is duidelijk dat er sprake is van hogere plankosten voor 2022 dan aanvankelijk geprognotiseerd (€ 400.000 nadeel). De uitvoeringskosten stijgen met ca. € 300.000. Anderzijds is er een voordeel op het woonrijp maken van vlek E/I van € 100.000. Per saldo is dan sprake van een verslechtering van het resultaat op de grondexploitatie van € 600.000. De oorzaken zijn divers en onvermijdelijk maar onvoorziene zaken zoals de aanleg van een extra benodigde waterberging en prijsstijgingen (ook door de inzet van extern personeel) spelen hierbij een belangrijke rol. De komende periode wordt gebruikt om de financiële effecten nauwkeuriger te bepalen. Omdat de grondexploitatie nadelig is, moet de voorziening voor grondexploitatie worden verhoogd. Dit gebeurt ten laste van het resultaat grondbedrijf en is daarom budgetneutraal voor de exploitatie. 3.

Huurcontract benzineverkooppunt Met de huidige exploitant van het benzineverkooppunt aan de Zuidweg 90 zijn afspraken gemaakt over huurverlenging voor een vaste periode van 15 jaar. Onderdeel van deze afspraken is een eenmalige verlengingsbijdrage voor de gemeente van € 600.000. Verwacht wordt dat deze opbrengst eind 2022 gerealiseerd wordt. 4. Verkoop gronden Kelvinstraat (Kwadrant deelgebied D) In de raadsvergadering van 8 februari 2016 is het raadsvoorstel Heroverweging ontwikkelstrategie Kwadrant aangenomen. Onderdeel van het besluit is de opdracht van de raad aan het college om de gronden, die zijn gelegen in het Kwadrant deelgebied D, uit te geven ten behoeve van horeca en bedrijvigheid in overeenstemming met het ter zake geldende bestemmingsplan. In de raadsmemo Verkoop gronden Kelvinstraat (Kwadrant deelgebied D) van 20 oktober 2021 is de raad geïnformeerd over de voortgang van de aankoop van een kavel van het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard en de verkoop van drie kavels aan twee partijen met een verwacht positief resultaat van totaal € 1,7 miljoen. De aankoop alsmede een gedeeltelijke verkoop van de kavels vindt in het 4e kwartaal van dit jaar plaats. Het in 2022 verwachte positieve resultaat van de met de aan- en verkoop gemoeide kosten en opbrengsten bedraagt circa € 550.000.

De rest van de kavels wordt in 2023 verkocht, het budgettaire effect van die verkopen wordt betrokken in de P&C-cyclus van 2023. 5. Strategische Agenda Zoetermeer 2040/schaalsprong De raad heeft met raadsbesluit 2022-000307 Beschikbaar stellen Schaalspronggelden (Strategische Agenda Zoetermeer 2040) 2022 en 2023 van 11 januari 2022 en herfasering vanuit voorgaande jaren verschillende budgetten beschikbaar gesteld. In 2022 is een voordelige afwijking van ongeveer € 1.040.000 ontstaan. Tegenover de lagere kosten staat een even hoge lagere onttrekking uit het RIF. De onderbesteding is als het volgt ontstaan: Regie, voorbereiding en samenhang/investeringsagenda € 275.000 (Voordeel) Voor de regie, voorbereiding en samenhang is € 0,8 mln. beschikbaar. Doel is het voorbereiden van de 2e Strategische Agenda in het kader van de visie Zoetermeer 2040, inclusief het maken van de ‘staat van Zoetermeer’. In 2022 verwacht het college een voordeel van € 175.000. Dit voordeel ontstaat doordat minder externe inzet en ondersteuning nodig is dan voorzien. Daarnaast wordt een deel out of pocket naar verwachting niet besteed. In de tweede helft van 2022 komt er een 3de staat van Zoetermeer en wordt gewerkt aan een plan voor datagedreven beleidsvorming en monitoring. De Staat van Zoetermeer zal minder omvangrijk zijn dan was ingeschat, omdat de focus zal vooral gelegd worden op de kernindicatoren.

Daarvoor hoeven minder onderzoeken uitgevoerd te worden dan voor vorige versies. De voorbereiding op het maken van een investeringsagenda is in afwachting van de uitwerking van Zoetermeer 2040 opgeschort. Dit levert een voordeel op van € 100.000. 38

Relatienetwerk/investeren in stad € 400.000 (Voordeel) Voor Relatienetwerk/investeren in stad is inclusief herfasering een budget verstrekt van € 0,5 mln. Het doel van dit budget is het opbouwen en onderhouden van het relatienetwerk voor de uitvoering van Zoetermeer 2040. In 2022 zullen nog niet alle doelstellingen worden gerealiseerd. De beoogde samenwerking met de Haagse Hogeschool is nog niet gerealiseerd en beperkt gebleven tot adviezen met betrekking tot voorstellen voor het Fonds Zoetermeer 2040. In het najaar wordt bekeken of deze samenwerking in de vooraf bedachte omvang moet plaatsvinden. Het stadscongres zal in 2023 worden gehouden als één van de pijlers van 60 jaar New Town, zoals aangegeven in het memo ’60 jaar New Town Zoetermeer’. Het aantal externe bijeenkomsten om marktpartijen te interesseren (o.a. een grootschalige op de Provada) zal mede vanwege COVID beperkt blijven of kleinschaliger plaatsvinden. Dit levert in totaal een voordeel op van circa € 400.000. Woningbouwprogrammering € 115.000 (Voordeel) Voor woningbouwprogrammering, onderzoek en voor het te maken Programmavoorstel "Woningbouw als Katalysator voor een Sociaaleconomisch krachtige stad " is € 306.000 beschikbaar. De functie van de woningbouwaanjager is later ingevuld dan voorzien, namelijk in mei 2022.

Daarnaast zal de functie van de programmamanager Woningbouw als Aanjager voor een Sociaaleconomisch Krachtige Stad naar verwachting in de loop van vierde kwartaal van 2022 kunnen worden ingevuld. Het programmaplan zal onderdeel uitmaken van de 2de Strategische Agenda die naar verwachting aan eind 2022 aan de raad zal worden voorgelegd. Het (tijdelijk) niet invullen van deze functies leveren een voordeel op van € 115.000. Gemeentelijke inzet versnelling 700 woningen/ Nieuwe Initiatieven € 250.000 (Voordeel) Voor nieuwe initiatieven en woningbouwversnelling is inclusief herfasering een budget van ca. € 8 ton beschikbaar. Met raadsmemo’s van 23 december 2021 en 6 mei 2022 over de prioritering van projecten is aangegeven dat er net voldoende capaciteit is om de huidige projecten in de haalbaarheidsfase, uitwerkingsfase en uitvoeringsfase uit te voeren en er slechts beperkt capaciteit beschikbaar is om nieuwe initiatieven op te pakken. De krapte op de arbeidsmarkt (inclusief verloop van het eigen personeel) en onvoorziene omstandigheden zoals het beroep op personeel vanwege de Oekraïnecrisis heeft dit knelpunt in toenemende mate vergroot. Op korte termijn is hierop ingespeeld door de prioritering. Een strategie op langere termijn wordt gekeken naar verschillende manieren om het werken bij de gemeente aantrekkelijk(er) te maken en te behouden.

Voor 2022 geeft dit een voordeel van ca. € 250.000. 6. Markt 10 Met raadsbesluit 0637589359 -geamendeerd raadsvoorstel Businesscase Markt 10 is € 16,4 mln. beschikbaar gesteld voor de aanleg van een ondergrondse parkeergarage. In 2021 is de gunningsfase doorlopen en met verschillende memo's is de raad geïnformeerd over de uiteindelijke beëindiging van de aanbesteding. Op 27 mei 2022 is een memo over het verlopen proces met een evaluatierapport naar de raad gestuurd. Na het doorlopen van de haalbaarheidsfase zal het college een nieuw samenhangend geheel van uitgangspunten aan de raad voorleggen met inachtneming van de in de evaluatie genoemde aspecten voor een vervolg. Onderdeel van een nieuwe start is dat de kosten die gemaakt zijn voor de evaluatie, de in 2022 door het projectteam gemaakte kosten en het nog niet afgeboekte deel van huidige boekwaarde van de parkeergarage als kosten worden genomen. Het onderzoekresultaat laat zien dat een nieuw te formeren projectteam onbevangen naar het project moet kunnen kijken en dat eerder uitgevoerde onderzoeken en verrichtingen van het eerdere projectteam niet meer van nut zijn en daarom niet als last moeten meegenomen worden naar de toekomst. Om deze reden worden deze lasten van in totaal € 485.000 niet meer geactiveerd maar eenmalig als niet begrote last genomen.

39

7. Binnenstad Voor het programma Binnenstad is een voordeel behaald van € 711.000. Het voordeel is samengesteld uit drie onderdelen: een gemeentelijk aandeel van € 242.000 ten laste van de reserve investeringsfonds, € 216.000 kostenverhaal en € 253.000 inbreng immateriële vast activa. Voor de exploitatiekosten geeft dit een voordeel van € 458.000 waar tegenover € 242.000 lagere bijdrage Rif staat en € 216.000 lagere bijdrage kostenverhaal. Programmateam en businesscase Met raadsbesluit 0637766181 Beschikbaar stellen budget uitvoeringsstrategie Binnenstad 2022 en 2023 en herfasering in totaal € 927.000 beschikbaar gesteld. Na het raadsbesluit is gestart met de opbouw van de teams en de opstart van het project. Het team is inmiddels compleet en gestart. Het is de verwachting dat van het totaal te besteden bedrag in 2022 een bedrag resteert van € 111.000. Dit zal in 2023 gebruikt worden voor het opstellen van de businesscase, de gebiedsvisie en het uitvoeren van participatie. Tegenover dit voordeel staat een lagere bijdrage Rif. Binnenstad deelgebieden 1, 3 en 5A Met hetzelfde Raadsbesluit 0637766181 is voor de deelgebieden 1, 3 en 5A voor 2022 en 2023 respectievelijk € 949.000 en € 393.000 (totaal € 1.342.000) beschikbaar gesteld, waarvan € 1.114.000 via kostenverhaal/IMVA te dekken en € 228.000 uit gemeentelijke bijdrage.

Deelgebied 1 (Denemarkenlaan) is niet geprioriteerd vanwege capaciteitsgebrek en zal pas in 2023 van start gaan. Dit betekent dat het gehele geraamde budget voor deelgebied 1 van € 340.000 zal doorschuiven naar 2023. Voor de exploitatiekosten geeft dit een voordeel van € 172.000 waar tegenover € 86.000 lagere bijdrage Rif staat en € 86.000 lagere bijdrage kostenverhaal. Het tweede deel bestaat uit lagere kosten € 168.000 inbreng immateriële vast activa. De werkzaamheden voor deelgebieden 3 en 5A zijn een kwartaal later gestart door de vorming van de projectteams, het uitwerken van de projectopdrachten en vertraagde besluitvorming over de haalbaarheid. Voor deelgebieden 3 en 5A samen bedraagt de afwijking voor 2022, € 260.000. Dit bedrag is benodigd voor het opstellen van gebiedsvisies, participatie en de deelgebiedsbusinesscases. Voor de exploitatiekosten geeft dit een voordeel van € 175.000 waar tegenover € 45.000 lagere bijdrage Rif staat en € 130.000 lagere bijdrage kostenverhaal. Het tweede deel bestaat uit lagere kosten € 85.000 inbreng immateriële vast activa. 8. Dutch Innovation Park Met raadsbesluit 0637770755 “Beschikbaar stellen budgetten voor het programma Dutch lnnovation Park en impuls toegepast innoveren in Zoetermeer voor de jaren 2022 en 2023” is € 930.000 beschikbaar gesteld voor 2022. Het budget is o.a.

bedoeld voor het ingang zetten van de Campusontwikkeling en onderzoek te verrichten naar de kwaliteit van de buitenruimte en de bereikbaarheid van het gebied te verhogen met als doel om de positie van Zoetermeer in overeenstemming met de Visie Zoetermeer 2040, zowel stad als samenleving, te versterken. Voor de impulsen innovatiemanager en hybride leeromgeving geldt dat door de krapte op de arbeidsmarkt de wervingsprocedure voor deze impulsen langer heeft geduurd. In de tweede helft van dit jaar wordt gestart met invulling geven aan deze impulsen. Dit samen geeft een voordeel van ca. € 330.000 in 2022 waartegenover een even hoog nadeel onttrekking Rif staat. 9. Centraal Park-Buurtvaart De gemeente en het hoogheemraadschap van Rijnland hebben bij de aanleg van het wandelpad Dorpsstraat-Wilhelminapark en de dijkverhoging van de buurtvaart samengewerkt. Het wandelpad maakt onderdeel uit van het project Centraal Park en is in overeenstemming met raadsbesluit 0637 328080 – geamendeerd Bestedingsvoorstel resterend lSV3-budget wordt eerder aangelegd dan de rest van het project. De gemeente heeft de regie over het werk gevoerd en de kosten van het aandeel van het hoogheemraadschap voorgeschoten en na afronding in rekening gebracht. Daardoor zijn er € 132.000 extra uitgaven gemaakt. Hier staan ook € 132.000 aan extra inkomsten tegenover.

40

10. Verkeer In de programmabegroting is een budget van ca. € 0,7 mln. opgenomen voor de kosten voor de (beleids)medewerkers die zich bezig zijn met verkeerskundige zaken. In 2022 is door vertrek van medewerkers vacatures ontstaan die tijdelijk zijn ingevuld via inhuur. Het gaat hier om moeilijk vervulbare vacatures en de krapte op de arbeidsmarkt komt hier bovenop. Afhankelijk van de snelheid waarop de vacatures worden ingevuld zal dit nadeel de komende tijd blijven bestaan. De extra kosten bedragen voor 2022 ca. € 130.000. 11. Woonwagenhuisvesting Voor de herinrichting van de buitenruimte van de woonwagenlocaties is een budget van € 412.000 beschikbaar gesteld. Door verschillende omstandigheden zoals beperkte personele capaciteit bij civieltechnische ondersteuning en een onvoorzien bodemonderzoek is het project vertraagd. Het bestek voor de herinrichting van de Bleiswijkseweg is inmiddels gereed. In de tweede helft van het jaar wordt de uitvoering van de herinrichting van de Bleiswijkseweg opgestart. De afronding van het totale project wordt verwacht in 2023. Om deze reden zal naar schatting een bedrag van circa € 150.000 niet worden uitgegeven in 2022. Bij het bestemmen van het rekeningresultaat wordt, als dat mogelijk is, een voorstel tot budgetoverheveling gedaan. 12.

Personeel-langdurige ziekte en boventalligen In de programmabegroting is een budget van in totaal € 14 mln. opgenomen voor de salarissen van het (vaste) personeel dat invulling geeft aan de inrichting van de stad. Door de aanwezigheid van boventalligen en vanwege ziekteverzuim treedt een nadeel op van € 415.000. De boventalligheid is in de loop van 2022 door pensionering beëindigd.

Afwijking geïnvesteerde activa/voorzieningen Bedragen x € 1.000 Onderwerp

Bedrag

Toelichting onderwerp

Binnenstad

253

Met raadsbesluit 2022-008816 GEWIJZIGD Raadsvoorstel Beschikbaar stellen budget uitvoeringsstrategie programma Binnenstad voor de jaren 2022 en 2023 is voor het doorlopen van de haalbaarheidsfase van drie deelgebieden Denemarkenlaan e.o., Luxemburglaan e.o. en Zuidflank/Nederlandlaan budget ter beschikking gesteld van in totaal € 949.000 in 2022 en € 393.000 voor 2023. In het raadsmemo Prioritering initiatieven SOprojecten 2e half jaar 2022 van 6 mei 2022 is aangegeven dat het deelgebied de Denemarkenlaan e.o. nog niet in 2022 wordt opgestart. Daarnaast zijn de andere twee deelgebieden door openstaande vacatures medio 2022 opgestart. Dit geeft in 2022 in totaal een voordeel van € 600.000 op de kosten. Het faseringsvoordeel is samengesteld uit drie onderdelen: een gemeentelijk aandeel van € 131.000 tlv Rif, € 216.000 kostenverhaal en € 253.000 inbreng immateriële vast activa. Voor de jaarschijf van 2022 geeft dit een voordeel van € 253.000.

Upgrade Stadshart

-215

In 2015 is met raadsbesluit nr. DOC-2015-006421 — geamendeerd Uitvoeringsprogramma Upgrade Stadshart een investeringsbudget van € 5,6 mln. beschikbaar gesteld voor het opknappen van het stadshart. Hierop is € 3,3 mln. in mindering gebracht vanwege bijdragen en verkopen. In 2019

41

is aangegeven dat de uitvoering na het voorbereidende werk in 2020 zou beginnen en dat het budget geïndexeerd moest worden met € 7 ton, deels te dekken vanuit een aanvullende bijdrage van derden van € 1,2 ton. Met raadsbesluit 0637408612 - geamendeerd raadsvoorstel lndexering Upgrade Stadshart is in 2019 besloten om de aanleg van een parkeerverwijssysteem aan te houden tot de uitvoering gereed zou zijn, zodat dan kan worden overwogen of die aanleg gezien de verwachte prijsstijgingen nog wenselijk zou zijn. In 2021 is besloten om dit niet aan te leggen. Door marktwerking, coronamaatregelen en extra kosten die met name zijn veroorzaakt door de aanleg van de fontein is het resultaat van de upgrade nu geschat op een (aanvullend) nadeel van € 215.000. De totale afschrijvingslasten van het werk inclusief prijsstijgingen passen nog in het begrote budget voor kapitaallasten gegeven het besluit dat het parkeerverwijssysteem niet wordt aangelegd. Met raadsbesluit 0637682126 Ruimtelijk Kader en Investeringsbudget middengebied is een totaalbudget beschikbaar gesteld van ca. € 79,2 mln. Het budget wordt voor € 53,4 mln. gedekt vanuit bijdrage kostenverhaal, grondverkopen en subsidie. Het budget is opgedeeld in verschillende onderdelen en jaren.

Entree Middengebied

pm

Voor 2022 worden op de voorbereidingskosten extra kosten verwacht tot ca € 0,3 mln. De overschrijding wordt met name veroorzaakt doordat er naar aanleiding van de zienswijzen en advies van de commissie voor de mlieueffectenrapportage (MER) aanvullende onderzoeken plaats moeten vinden. Daarnaast is er een groot aantal zienswijzen ingediend op het ontwerpbestemmingsplan. De afhandeling hiervan vereist tijd. Tot slot is nog niet met alle eigenaren een anterieure overeenkomst gesloten. Ook in 2021 was er sprake van een overschrijding van € 0,3 mln. op de voorbereidingskosten zodat de totale overschrijding op de voorbereidingskosten € 0,6 mln. bedraagt. Vanwege de langere voorbereidingstijd wordt een vertraging van de uitvoering voorzien. De in 2022 voorziene uitgaven op het uitvoeringsprogramma van € 11,2 mln. zullen grotendeels na 2022 plaatsvinden. In TB1 is een risico wegens prijsstijgingen voor de gehele looptijd van per saldo € 2 mln. gemeld. Naar verwachting zullen deze zich ook voortdoen. In de tweede helft van dit jaar zal een herziening van deze businesscase worden opgesteld en ter besluitvorming aan de raad worden voorgelegd. Hierin zullen de extra kosten en de mogelijkheden tot dekking, inclusief de post onvoorzien, worden opgenomen. Hierin zal ook een nieuwe fasering van de uitvoering worden opgenomen.

Stationsgebied (Plintgebouw)

6.300 -2.800

Voor de realisatie van het Plintgebouw is met raasbesluit ca. € 11, 2 mln. beschikbaar met ca. € 5,9 mln. dekking vanuit subsidie. Voor de jaarschijf 2022 is € 7,3 mln. begroot voor uitgaven en € 3,3 mln. voor inkomsten wegens subsidie. De raming is dat er dit jaar ca. € 1 mln. wordt uitgegeven en ca € 0,5 mln. inkomsten waardoor er een faseringsverschil over de verschillende jaren ontstaat. Dit wordt veroorzaakt doordat er meer tijd nodig is voor

42

afstemming met de omgeving (ontwerp openbare ruimte, ontwerp ontwikkelaars). Daarnaast loopt ook het proces van het bestemmingsplan achter. Door de vertraging start de realisatie niet dit jaar, maar volgens de huidige planning volgend jaar. Tegenover het voordeel op de jaarschijf staat ook een nadeel op de te ontvangen subsidie.

43

Overzicht Overhead Beleidsmatige afwijkingen Geen.

Financiële afwijkingen 200.Nr.

Doelstelling

Onderwerp

Afwijking 2e TB2'22

Voordeel/ Nadeel

Meerjarig/ Eenmalig

Financiële afwijkingen bestaand beleid 1

Personeelsfeest

167.000

Voordeel

Eenmalig

2

Reiskosten woon-werkverkeer

200.000

Voordeel

Eenmalig

3

Werkkostenregeling

300.000

Nadeel

Eenmalig

4

Flankerend beleid

370.000

Voordeel

Eenmalig

5

Praktische maatregelen kantoor en thuiswerken

100.000

Nadeel

Eenmalig

6

Hybride werken thuiswerkmiddelen

200.000

Voordeel

Eenmalig

7

Afdelingsoverhead fysiek domein

280.000

Voordeel

Eenmalig

8

Afdelingsoverhead sociaal domein

140.000

Voordeel

Eenmalig

9

Afdelingsoverhead Bedrijfsvoering personeel

180.000

Nadeel

Eenmalig

497.000

Voordeel

Saldo Afwijkingen als gevolg van COVID-19

44

10

Informatisering & Automatisering

140.000

Nadeel

Saldo

140.000

Nadeel

Saldo Overhead

637.000

Voordeel

Eenmalig

Toelichting per onderwerp 1.Personeelsfeest Bij het opstellen van de begroting is rekening gehouden met de organisatie van een personeelsfeest voor dit jaar. Door de nog geldende COVID19 maatregelen begin dit jaar zijn de voorbereidingen hiervoor uitgesteld en het dit jaar niet meer lukt om de organisatie rond te krijgen. Bij het bestemmen van het rekeningresultaat wordt, als dat mogelijk is, een voorstel tot budgetoverheveling gedaan. 2. Reiskosten woon-werkverkeer Na het intrekken van het kabinetsadvies ‘werk zoveel mogelijk thuis’ is thuiswerken een regulier onderdeel van het werken geworden. Het is nog afwachten hoe de verhouding thuis-kantoorwerken zich structureel gaat ontwikkelen. De verwachte kosten hebben niet alleen betrekking op de reiskosten, maar ook op de kosten van de thuiswerkvergoeding. Daar de vergoeding per dag voor thuiswerken doorgaans lager ligt dan die van de reiskosten ontstaat er een voordeel door thuiswerken. Het extra verwachte voordeel in 2022 is € 200.000. Bij het eerste tussenbericht is een voordeel gemeld van € 100.000. Het totale voordeel in 2022 komt hiermee uit op € 300.000. 3. Werkkostenregeling De gemeente Zoetermeer mag onbelast een bepaald bedrag aan medewerkers vergoeden, geven of beschikbaar stellen. Denk aan cadeaubonnen, sportabonnementen of kerstpakketten.

Het bedrag dat onbelast mag worden besteed is de vrije ruimte en dat wordt ieder jaar opnieuw vastgesteld. Naar verwachting zal de beschikbare vrije ruimte van de werkkostenregeling (WKR) worden overschreden en is eindheffingsloon verschuldigd. De verwachte overschrijding is € 300.000 en wordt mede veroorzaakt door de eenmalige cao onkostenvergoeding van 2021 onder te brengen in de vrije ruimte van de WKR. 4. Flankerend beleid Voor het invullen en uitvoeren van de maatregelen van flankerend (personeels) beleid, als gevolg van het traject ‘ombuigen en vernieuwen’, is een budget beschikbaar van € 893.000, waarvan € 393.000 is overgeheveld vanuit 2021. Het overgehevelde budget van 2021 wordt al in 2022 uitgeput, maar op het overige budget wordt een voordeel verwacht van €400.000. De (personele) gevolgen van de maatregelen worden grotendeels later, in 2023, en eventueel 2024 verwacht. Bij het bestemmen van het rekeningsresultaat wordt, als dat mogelijk is, een voorstel tot budgetoverheveling gedaan.

45

5. Praktische maatregelen kantoor en thuiswerken Voor het faciliteren van aanpassingen aan de werkomgeving en het realiseren van hybride werken zijn personele kosten gemaakt, met name voor de projectleider. De verwachte kosten bedragen in 2022 € 100.000. 6. Hybride werken thuiswerkmiddelen De werkgever is er verantwoordelijk voor dat een (thuis)werkplek voldoet aan de minimale Arbonormen. De regeling voor thuiswerkmiddelen is niet per 1 juli ingevoerd en zal mogelijk 1 oktober ingaan. Daarmee is het eerder gemelde nadeel van € 400.000 bijgesteld naar € 200.000. 7. Afdelingsoverhead Fysiek Domein Binnen het fysieke domein is een deel van de overheadfuncties vacant. Een deel van deze vacatureruimte is ontstaan door o.a. pensionering van een deel van het management en het nog steeds niet kunnen invullen van (deze) vacatureruimte. Daarnaast wordt minder opleidingskosten verwacht dan begroot. Hierdoor wordt voor 2022 uitgegaan van een verwacht incidenteel voordeel van € 280.000. 8. Afdelingsoverhead Sociaal Domein Voor 2022 worden lagere uitgaven voor opleidingen verwacht. In verband met de totstandkoming van de nieuwe structuur van de afdelingen Sociaal Domein en de inrichting daarvan onder regie van de kwartiermakers is met de uitgaven voor opleidingsdoeleinden in 2022 tijdelijk pas op de plaats gemaakt.

Hierdoor wordt voor 2022 uitgegaan van een verwacht incidenteel voordeel van € 140.000. 9. Afdelingsoverhead Bedrijfsvoering Personeel Als gevolg van een vaststellingsovereenkomst en outplacementtraject zijn eenmalige hogere loonkosten verantwoord. Rekening houdend met nog lopende wettelijke verplichtingen van een 2tal voormalige medewerkers is de verwachting dat de loonkosten met ca € 80.000 hoger zullen uitvallen. Daarnaast wordt er voor € 80.000 extra ingehuurd voor het evalueren van het huidige evenementenbeleid en schrijven van het nieuwe beleid. Het participatietraject start later in het jaar start dan voorzien onder meer als gevolg van de bestuurswisseling. Het nieuwe beleid wordt nu naar verwachting in januari volgend jaar door de raad vastgesteld. Het totale nadeel komt hiermee uit op € 180.000. 10. Informatisering & Automatisering Alle (nieuwe) medewerkers worden voorzien van de nodige ICT middelen zoals beeldschermen, headsets en dockingstations om het thuiswerken zo optimaal mogelijk te faciliteren. De verwachte kosten hiervoor bedragen circa € 35.000. Daarnaast wordt extra personeel ingehuurd om de werkdruk bij de servicedesk op te vangen en voor werkzaamheden in kader van corona archief-hotspot. De kosten voor de extra inhuur bedragen circa € 105.000. De totaal geschatte corona-gerelateerde kosten komen hiermee op € 140.000.

46

Overzicht algemeen dekkingsmiddelen en onvoorzien Beleidsmatige afwijkingen Geen.

Financiële afwijkingen Nr.

Doelstelling

Onderwerp

Afwijking 2e TB2'22

Voordeel/ Nadeel

Meerjarig/ Eenmalig

Financiële afwijkingen bestaand beleid 1

Startersleningen

-110.000

Nadeel

Meerjarig

2

Heffen en invordering en bezwaarschriften

-100.000

Nadeel

Eenmalig

3

Belastingopbrengsten

305.000

Voordeel

Eenmalig

4

Meicirculaire

2.015.000

Voordeel

Meerjarig

5

Vrijval middelen taakmutaties

1.400.000

Voordeel

Eenmalig

6

Prijsstijgingen

207.000

Voordeel

Eenmalig

7

Rijksbijdrage maatschappelijk begeleiding statushouders (zie programma 2)

223.000

Voordeel

Eenmalig

8

Energietoeslag (zie programma 1)

3.800.000

Voordeel

Eenmalig

7.740.000

Voordeel

300.000

Voordeel

Saldo Afwijkingen als gevolg van COVID-19 9

rijksbijdrage vanwege inkomstenderving 2021

Eenmalig

47

Saldo Saldo Algemeen dekkingsmiddel

8.040.000

Voordeel

Toelichting per onderwerp 1. Startersleningen De gemeente heeft voor specifieke doelgroepen ter stimulering van de woningmarkt van 2007 t/m 2016 startersleningen verstrekt. De ontvangers van deze leningen betalen drie jaar na verstrekking rente en aflossing. Deze verplichtingen zijn vastgelegd in hun individuele overeenkomst en zijn in totaal opgenomen in de begroting. Voor 2022 bedraagt dit voor rente ca. € 230.000. Een deel van de starters lost anders (extra aflossing of juist niet) af (en betaalt rente) dan in hun aflossingsschema staat of heeft een verlenging gekregen van de aflossingsvrije en renteloze periode. Hierdoor ontstaan er faseringsverschillen ten opzichte van het oorspronkelijke contract en de begroting. Dit levert voor 2022 een nadeel op van € 110.000. 2. Heffen en invordering en bezwaarschriften Door ziekte en hoge werkdruk binnen het team Belastingen is extra personeel ingehuurd om de piek op te vangen en tevens de ontstane achterstand in de afhandeling van de kwijtscheldingsverzoeken weg te werken. Daarnaast wordt ook extra personeel ingezet om het basisniveau van de belastingadministratie op orde te krijgen om enerzijds te voldoen aan de normen van de Waarderingskamer en anderzijds de dienstverlening naar de burgers te verbeteren.

Verder zal in de tweede helft van dit jaar met behulp van een extern bureau een optimalisatie plaatsvinden van de invorderingsprocessen. De extra personeelskosten worden geschat op € 237.000. Tot slot is de inschatting dat de opbrengst van de invorderingskosten per saldo € 60.000 lager zal uitvallen dan geraamd. Naar verwachting zal hierdoor een overschrijding ontstaan van in totaal circa € 297.000. Ook is er extra personeel ingehuurd om de bezwaarschriften binnen de gestelde termijn af te handelen. Naar verwachting zal dit leiden tot een overschrijding van circa € 105.000. In TB1 is een tekort gemeld van € 65.000. Het verwachte nadeel is totaal € 100.000 hoger dan TB1. 3. Belastingopbrengsten De verwachte OZB-opbrengst 2022 laat een voordeel zien van circa € 1,7 mln. Dit is een stijging van € 350.000 ten opzichte van TB1, doordat er voor meer objecten een aanslag is opgelegd. Toeristenbelasting Het aantal overnachtingen blijft achter ten opzichte van de geraamde opbrengst als gevolg van de gevolgen van de coronapandemie. Hierdoor zal de opbrengst Toeristenbelasting dit jaar naar verwachting circa € 55.000 lager uitvallen dan begroot. 4. Meicirculaire In de meicirculaire 2022 heeft een bijstelling plaatsgevonden van de algemene uitkering uit het gemeentefonds. Het gaat om een bijstelling € 2 mln. Dit heeft vooral te maken met een aanpassing van het accres.

Door loon- en prijsstijging en hogere uitgaven van het rijk vanwege beleidsintensiveringen is de accres stijging fors namelijk € 2,8 mln. Daar tegenover staat onze reservering voor hogere lonen en prijzen van € 2 mln. Daarnaast is er sprake van een hogere 48

uitkering uit het BTW-compensatiefonds van ruim € 0,8 mln. Tenslotte is er sprake van herverdeeleffecten van € 0,4 mln. Een uitgebreidere toelichting is te vinden in het memo meicirculaire. In TB1 was reeds een voordeel op de algemene uitkering uit het gemeentefonds gemeld van € 10,2 mln. Hier komt in dit TB2 nog eens € 2 mln. bovenop. 5. Vrijval middelen taakmutaties Wanneer de gemeente nieuwe taken krijgt van het rijk (taakmutaties), worden vaak extra middelen ontvangen in de algemene uitkering als dekking voor deze taken. Deze middelen worden in de begroting gereserveerd op Overzicht Algemene dekkingsmiddelen en Onvoorzien (programma OAD) totdat er een beleidsvoorstel van de besteding van de middelen is gemaakt. Op dat moment wordt het budget op het betreffende programma geplaatst. Voor een aantal taakmutaties zijn de plannen nog niet gereed en zullen de middelen niet meer in 2022 worden uitgegeven. Het betreft de taak met betrekking tot verbetering van de dienstverlening naar aanleiding van de toeslagenaffaire € 1,3 mln. Een andere taakmutatie is die met betrekking tot de nieuwe Wet Open Overheid (WOO). Hiervoor staat nog een bedrag van € 100.000 gereserveerd. 6.

Excessieve prijsstijging In TB1 is gemeld dat er naast de algemene prijsontwikkeling verwacht werd, dat op aantal specifieke onderdelen sprake is van een veel forsere prijsstijging dan het algemene prijsstijgingspercentage. Met name de kosten van energie en (bouw)materialen lopen hard op. Op basis van een eerste globale inschatting is in TB1 voor het jaar 2022 rekening gehouden met een kostenpost van € 2 mln. In TB2 is op een tweetal terreinen meer duidelijkheid over de hogere kosten vanwege de bovenmatige prijsstijgingen. Deze zijn te vinden op het gebied van het ophalen van afval vanwege de hogere brandstofprijzen (€ 175.000) en voor hogere energiekosten bij de stadsboerderijen (€ 32.000). Dit staat gemeld op programma 3 en 4. De reservering van € 2 mln. op OAD kan daarmee met € 207.000 worden verlaagd. Vooral op het gebied van groot onderhoud openbare ruimte en projecten van vastgoed is de verwachting dat er nog nadelen gaan ontstaan. De gesprekken hierover met betreffende contractpartijen zijn nog in volle gang, waardoor op dit moment nog geen beter beeld te geven is op de te verwachten overschrijding. 7. Rijksbijdrage maatschappelijke begeleiding statushouder Verwachte rijksbijdrage in de kosten voor de maatschappelijke begeleiding van statushouders. Zie verdere toelichting op programma 2. 8.

Rijksbijdrage energiearmoede Verwachte rijksbijdrage in extra compensatie van € 500 voor minima vanwege de hoge energieprijzen. Zie verder de toelichting op programma 1. 9. Rijksbijdrage vanwege inkomstenderving 2021 Het rijk vergoedt aan de gemeenten de lagere opbrengsten uit 2021 die het gevolg zijn van de Covid-19 maatregelen. Dit betreft vooral de gederfde parkeeropbrengsten. Daarnaast wordt een bedrag ontvangen voor gederfde toeristenbelasting en evenementenleges. In TB1 was een verwachte inkomst van € 1,5 mln. geraamd. Inmiddels is een voorlopige berekening ontvangen van het ministerie van BZK. Zoetermeer ontvangt € 1,8 mln. Dit is een voordeel van € 300.000 ten opzichte van TB1.

49

Programmaoverstijgende onderwerpen Personeel De totale verwacht lasten voor inhuur derden voor 2022 worden ingeschat op € 19,7 mln. In 2021 bedroegen de uitgaven aan inhuur derden € 17,1 mln.. Bij de jaarrekening 2022 zal een toelichting en analyse op de inhuur derden worden gegeven.

Overzicht coronakosten Op de inhoudelijke programma’s zijn voor verschillende onderwerpen afwijkingen op laten en baten gemeld als gevolg van corona. Het betreft de inschattingen ten opzichte van het Eerste Tussenbericht. Omdat de rijksvergoeding over 2021 voor extra lasten/minder inkomsten als gevolg van corona in 2022 moet worden verantwoord was het saldo van baten en lasten in TB1 € 493.000 positief. In TB2 is voor een bedrag van €435.000 aan meerkosten/minder opbrengsten verantwoord. De belangrijkste afwijkingen in dit tussenbericht betreffen de lagere inkomsten voor parkeren (programma 3) en het voor noodsteun en huurkorting ingeschatte bedrag (programma 4). Tegenover deze nadelen staan ook voordelen omdat budgetten door corona niet konden worden besteed. In bijgevoegde tabel staat de volledige lijst opgenomen. Voor de meerkosten van corona is in de begroting een reservering opgenomen op OAD van ruim € 4 mln. In de Vrij inzetbare reserve is nog ca. 2,5 mln. geoormerkt voor meerkosten als gevolg van corona. Bij de jaarstukken wordt een overzicht gepresenteerd.

50

51

Prijsstijgingen In TB1 is gemeld dat er naast de algemene prijsontwikkeling verwacht werd, dat op aantal specifieke onderdelen sprake is van een veel forsere prijsstijging dan het algemene prijsstijgingspercentage. Met name de kosten van energie en (bouw)materialen lopen hard op. Op basis van een eerste globale inschatting is in TB1 voor het jaar 2022 rekening gehouden met een kostenpost van € 2 mln. op OAD. Als de hoge prijsniveaus langer aanhouden, dan lopen vooral door de toename van het investeringsvolume in de scholenbouw en het groot onderhoud openbaar gebied de kosten als gevolg van prijsontwikkeling verder op. De hogere kosten zijn op moment van schrijven te onzeker om als bedrag per programma in TB2 op te nemen. Er loopt onderzoek naar met name langlopende contracten met aannemers in hoeverre de gemeente coulant mag zijn naar deze aannemers, vanwege de onvoorziene omstandigheden. Per contract moet dit juridisch worden beoordeeld. Zodra er een duidelijker beeld is van de totale kosten wordt de raad verder geïnformeerd. Mochten de kosten de € 2 mln. niet overschrijden, dan valt het restant vrij in het rekeningsresultaat.

52

Bijlage 1 - Monitor ombuigen en vernieuwen

53

Bijlage 1 - Monitor ombuigen en vernieuwen Inleiding Dit is de tweede monitor Ombuigen en vernieuwen van 2022. De monitor is ingericht om de voortgang (of afwijking) van de maatregelen te volgen naar uitvoering en financiën en deze zijn per maatregel in de monitor opgenomen en voorzien van een kleur volgens stoplichtmodel. De maatregelen zijn verdeeld in twee zwaartecategorieën, waarbij de maatregelen in categorie 2 complexer zijn dan die in categorie 1. Een meer uitgebreide toelichting op alle ontwikkelingen in het sociaal domein is opgenomen in de al bestaande rapportage Sociaal Domein. Het stoplicht heeft betrekking op het begrotingsjaar waarin de rapportage verschijnt; als er aanleiding is om in te gaan op meerjarige effecten wordt dat in de annotatie bij de monitor aangegeven. De kleur van het stoplicht bepaalt de noodzaak tot actie, de tekst geeft nadere toelichting/nuancering.

De monitor De bezuinigingsopgave staat in onderstaande tabel:

54

Door de samenvoeging van deelmaatregelen 108a/108d voor parkeren in één maatregel 108 is het aantal maatregelen gedaald van 73 naar 70. De taakstelling voor 2022 is € 12,377 mln. Daarvan is in de eerste monitor aangegeven dat ruim € 1,559 niet kan worden gerealiseerd. De bijstelling van € 0,5 mln. in 2025 is een gevolg van de uitkomst van het referendum over afvalbeleid waardoor de daaraan verbonden bezuinigingstaakstelling niet gehaald wordt. Van de totale taakstelling in 2025 van ruim € 14 mln. is nog € 13,329 in de begroting opgenomen.

Van de maatregelen zijn 55 van de 70 maatregelen gerealiseerd. Dat is 55% van de oorspronkelijke bezuinigingsdoelstelling van € 12.377 van dit jaar en gaat om een bedrag van € 6,783 mln. De overige 15 Maatregelen zijn in uitvoering. In voorgaande periodes is een deel van de opbrengsten ter grootte van € 1,873 mln. afgeraamd. Dat aandeel is in de taartdiagrammen in grijs zichtbaar gemaakt. Het deel van de 9 rode maatregelen dat dit jaar nog gerealiseerd kan worden is € 435.000. Bij een aantal maatregelen, met name in het sociaal domein, blijkt dat het moeilijk dan wel onmogelijk is om te meten hoe groot het financieel effect is van de maatregel. Bij andere maatregelen wordt de maatregel anders ingevuld dan oorspronkelijk voorzien of zijn er bijvoorbeeld ontwikkelingen in de regio of door gerechtelijke uitspraken waardoor de maatregel niet in zijn oorspronkelijke vorm kan worden uitgevoerd. De monitor heeft betrekking op 2022. Voor zover financiële gevolgen betrekking hebben op 2023 en verder zullen die bij de komende perspectiefnota worden betrokken. De maatregelen die financieel nog niet op groen staan worden hieronder toegelicht. Toelichting per maatregel De maatregelen worden toegelicht in volgorde van categorie en daarbinnen per programma.

55

Categorie 2 – maatregelen Programma 1 23 – Integrale aanpak schulden en ondersteuningstraject Een schuldhulpverlener heeft een vaste positie in het Multi Disciplinair Team. Hiermee is een verbinding gelegd met team JGH. In een beperkt aantal casussen wordt gewerkt aan het beheersen van schulden. Trajecten zijn arbeidsintensief, vandaar dat er slechts sprake is van een aantal incidentele interventies. Of deze aanpak leidt tot minder kosten bij JGH is niet goed te meten. Allereerst omdat besparingen op microniveau (per casus) mogelijk worden bereikt. Dit is echter in financieel opzicht niet te meten, omdat een nulmeting per casus onmogelijk is. Het staat echter vast dat er wel een beperkt effect per casus zal moeten optreden op langere termijn, aangezien duidelijk is dat stressreductie bij gezinnen door het oplossen of beheersbaar maken van schulden leidt tot meer ontvankelijkheid voor interventies van JGH. 30 – Slimmere aanpak schulden en ondersteuningstraject Sinds 1 januari 2021 werkt het nieuwe team Inkomen en Zekerheid, met ondersteuning van de Wasstraat, voor diverse onderwerpen aan procesoptimalisatie. De Inkomstenverklaring, de Bijzondere Bijstand, de aanschaf en inrichting van een Burgerportaal, de inrichting van overlappende werkprocessen met de Binnenbaan, de aanvragen Levensonderhoud (bijstand) en de JGO's (Jaarlijks Groot Onderzoek).

In TB1 1 2022 is melding gemaakt dat een besparing van 83K in 2022 niet gehaald wordt door prioritering van het nieuwe zaaksysteem en omdat de optimalisatie nog in voorbereiding is. Inmiddels is het Burgerportaal live gegaan en operationeel. Daardoor zal vanaf 2023 deze bezuiniging doorgevoerd kunnen worden. 31 – Slimmere uitvoering participatiewet Het onderzoek naar de juridische haalbaarheid van bewindvoering in eigen beheer toonde aan dat bewindvoering als algemene voorziening in eigen beheer niet te onderbouwen is in verband met concurrentieoverwegingen. Uit de jurisprudentie blijkt dat de rol van commerciële bewindvoerders in de uitvoering niet beperkt kan worden. En voorbeelden van andere gemeenten laten geen tot zeer beperkte financiële besparingen zien op de kosten voor bijzondere bijstand. De voorgestelde besparing van € 200.000 is structureel niet realiseerbaar. Dit is verwerkt in de Perspectiefnota. We blijven vanuit de Bewindvoerdersdesk inzetten op samenwerking met bewindvoerders en met de rechtbank om zo tot procesverbeteringen te komen. Ook is besloten om gebruik te maken van het Adviesrecht bij schuldenbewind omdat dit meerwaarde heeft als monitoringsinstrument. Gebruik maken van het adviesrecht leidt tot meer samenwerking en uitwisseling binnen de keten van rechtbank-gemeente-bewindvoerders.

Verwacht wordt dat de samenwerking een positieve uitwerking heeft op het proces en de kwaliteit van de dienstverlening. Verbetering van het proces kan mogelijk op de lange termijn tot kostenreductie van bewindvoeringstaken leiden als de rechter in plaats van schuldenbewind, vaker een lichtere aanpak toepast. Programma 2 5 -Toevoegen GGZ expertise aan zorgteams op locatie Het doel van deze maatregel was om leerlingen met GGZ-problematiek vroegtijdig op school begeleiding te bieden, zodat inzet van specialistische jeugdhulp (en het product Onderwijs-Jeugdhulptraject) niet meer nodig zou zijn. De werkwijze werd in het schooljaar 2020-2021 geïmplementeerd. De COVID-19 pandemie maakte uitvoering van de maatregel complex, mede door de schoolsluitingen. De beoogde besparing werd deels gerealiseerd, doordat een tariefsverlaging kon worden bereikt voor het product Onderwijs-Jeugdhulptraject. De maatregel is na het schooljaar 2020-2021 afgesloten. De inhoudelijke bevindingen worden binnen de reguliere werkwijze geborgd en ook zonder verdere investering vanuit deze maatregel zijn, t.g.v. de tariefsverlaging van Onderwijs-Jeugdhulptrajecten, de financiële opbrengsten structureel (t.o.v. 2015-2019). 8 – Doorontwikkeling POH-jeugd en schoolmaatschappelijk werk 56

De positie van de POH-jeugd en het schoolmaatschappelijk werk in de toegang tot jeugdhulp is versterkt. Er worden veel jeugdigen gezien door de POHjeugd en het schoolmaatschappelijk werk en daarvan werd ongeveer een derde deel verwezen naar specialistische jeugdhulp. Als gevolg van de COVID-19pandemie konden echter minder jeugdigen worden gezien dan voorheen en ook werd een verzwaring van de hulpvragen waargenomen. Hiervoor was vaker een verwijzing nodig naar specialistische jeugdhulp. De beoogde besparing wordt gedeeltelijk behaald: ondanks de COVID-19 pandemie werden veel jeugdigen door POH-jeugd en SMW geholpen die voorheen zouden zijn verwezen naar specialistische jeugdhulp. Echter, door een toename van de intensiteit van de jeugdhulp is het effect op de totale kosten voor jeugdhulp niet zichtbaar. Op basis van een evaluatie van de toegang tot jeugdhulp die eind 2021/begin 2022 heeft plaatsgevonden zal de toegang worden herijkt. 9 – Pilot kostenbewust handelen in de toegang In de afgelopen periode heeft een evaluatie van de toegang plaats gevonden. De aan te stellen kwartiermaker toegang zal in haar opdracht het kostenbewust handelen bij toegangsmedewerkers meenemen. Gezien de toegenomen jeugdhulpkosten overall in de tijd is het financieel effect van het kostenbewust handelen niet te bepalen.

11 – Inzetten op integrale zorg en ondersteuning: Beter samenspel De teams binnen de lokale toegang (JGH) zijn in het eerste kwartaal van 2022 getraind in de werkwijze Beter Samenspel. De bedoeling is dat alle jeugdigen die gezien worden in het plus team JGH (200) en alle jeugdbeschermingszaken op deze wijze worden benaderd vanaf tweede helft 2022, waardoor de doelgerichtheid en effectiviteit van de hulpverlening toeneemt, er sprake is van kennisdeling tussen de GI en JGH, en er continuïteit geboden kan worden aan de gezinnen. De formatieve onderbouwing die destijds is aangeleverd vanuit de regio om deze werkwijze uit te voeren, is te krap. Er is een besparing oplopend tot 1,2 mln. in 2025; deze is onvoldoende onderbouwd. Een pilot-fase heeft inzicht gegeven in de meerwaarde van Beter Samenspel in Zoetermeer en enige richting in de formatieve impact op het team JGH. Een nieuwe uitwerking van de besparingsopgave is noodzakelijk, waarbij er eveneens aandacht is voor de capaciteit van JGH en vooruit wordt gekeken naar de ontwikkelingen, zoals het toekomstscenario. De formatie van het projectteam voor de 40 complexe casussen is inmiddels op orde. Er wordt nog nader gekeken naar een privacy element. Daarna wordt bepaald wanneer deze maatregel herstart kan worden.

16 – Sturen op afname intensiteit jeugdhulpproducten We zien in het eerste half jaar 2022 wederom een afname in het percentage toewijzingen van specialistische jeugdhulp boven het Normenkader. Dit betekent dat de verschillende toegangspartners, zoals bijvoorbeeld de huisartsen en het gemeentelijk toegangsteam Jeugd- en gezinshulp (JGH), verwijzingen afgeven binnen de grenzen die als normenkader gesteld zijn voor verschillende typen specialistische jeugdhulp. In 2021 was het percentage toewijzingen boven het normenkader 50,1%. Voor de eerste helft van 2022 is dit gedaald naar 41,9%. Deze trend zet zich bij alle verwijzers voort, waarbij er een opvallende positieve afname is bij de huisartsen: van 50,7% in 2021 naar 39,1% in de eerste helft van 2022. 98 – Herinrichting Wmo en preventieve jeugdvoorzieningen Deze maatregel kent 3 onderdelen: 1) Gebiedsgerichte ondersteuning 2) Cliëntondersteuning en 3) Subsidies. Onderdelen 2 en 3 zijn inmiddels volledig gerealiseerd. Onderdeel 1 zal vanaf 2022 gerealiseerd worden. Van onderdeel 3 Subsidies is de taakstelling voor een bedrag van € 30.000 alternatief ingevuld. De oorspronkelijke aanpak - een structurele taakstelling op zogenaamde maatjesprojecten - blijkt bij nader inzien niet uitvoerbaar. In de afgelopen periode hebben deze projecten hun waarde bewezen.

Maatjesprojecten zijn ook bij uitstek ondersteuningsvormen die de sociale basis versterken, een van de speerpunten bij de herinrichting van de maatschappelijke ondersteuning. In plaats daarvan wordt € 30.000 structureel omgebogen op het Budget Transformatie Wmo / Knelpuntenbudget, waar eerder al € 100.000 op is bezuinigd. Er is ruimte voor een aanvullend bedrag van € 30.000. 57

Voor onderdeel 1 Gebiedsgerichte ondersteuning gaat de taakstelling met ingang van 2022 in. De maatregel wordt gefaseerd (oplopend) doorgevoerd totdat vanaf 2025 een bedrag van structureel € 600.000 zal worden omgebogen. De gebiedsgerichte ondersteuning wordt vanaf 1 mei 2021 uitgevoerd door een combinatie van zorg- en welzijnsaanbieders die hiervoor samenwerken onder de naam inZet. De instroom van klanten in het nieuwe samenwerkingsverband vindt gefaseerd plaats: inwoners met een nieuwe ondersteuningsvraag en inwoners die gebruik maken van de welzijnsactiviteiten en preventieve jeugdactiviteiten die onder inZet vallen stromen direct in bij inZet. Cliënten die een indicatie hebben van de gemeente voor begeleiding of dagbesteding stromen in zodra hun indicatie bij hun huidige aanbieder afloopt. Op dit moment ligt de focus van inZet bij een zorgvuldige overdracht van cliënten van aanbieders buiten inZet. Om de opdracht te kunnen uitvoeren met het budget dat daarvoor beschikbaar is (inclusief taakstelling), is het essentieel dat inZet aan de slag gaat om het aanbod, te vernieuwen. Dit proces zal nauwlettend worden gevolgd. Mocht de doelstelling niet volledig slagen, en zo ook eventuele bijsturingsacties, dan zal daar bij de Jaarstukken en de Tussenberichten over worden bericht.

Programma 4 44a – Stoppen met wijkvestigingen bibliotheek De taakstelling is in de voorlopige subsidiebeschikkking 2022-2025 van de bibliotheek Zoetermeer doorgevoerd en daarmee gerealiseerd. Overzicht Overhead 106 – Organisatieontwikkeling en efficiency/inrichten ‘wasstraat’ procesverbetering In het programma Ombuigen & Vernieuwen zijn de voorstellen 105 (Organisatieontwikkeling en efficiency) en 107 (Inrichten ‘wasstraat’ procesverbetering en verbeteren van de dienstverlening en efficiency) gebundeld in een efficiencytaakstelling van in totaal € 1,5 mln. De taakstelling is met de inzet op scherper inkopen bij met name inhuur en het vaker gebruik maken van regionale inkoopmogelijkheden, vanaf 2025 volledig ingevuld. In de jaren 2022-2024 resteert nog een tijdelijk bedrag aan taakstelling tussen de € 0,3 en € 0,08 mln. Daarvoor wordt nog naar tijdelijke dekkingsmogelijkheden gezocht. Overzicht OAD 111 – Invoeren diftar Het referendum over het afval- en grondstoffenbeleidsplan heeft plaatsgevonden op 16 maart 2022. Naar aanleiding van de uitslag, een duidelijk 'nee' tegen het beleidsplan, zal de raad zich bezinnen welke stappen de komende jaren genomen worden met betrekking tot het afvalbeleid. De invoering van diftar staat niet bij voorbaat vast. Wanneer geen diftar wordt ingevoerd zullen geen besparingen, die dit met zich meebrengen, ingeboekt kunnen worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zoetermeer&id=f54d68b1-8d04-4d83-8f74-3972931d3133