CConstaterende datZoetermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Perspectiefnota 2023

Raadsvergadering 27 juni 2022, gemeente ZoetermeerBij agendapunt: Perspectiefnota 202330.148 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Waar in 2020 gedacht werd dat dit gemakkelijk zou kunnen worden gerealiseerd bleek de realiteit anders. Er is wel een intentieovereenkomst gesloten, maar het traject om te komen tot 89

een anterieure overeenkomst heeft lang geduurd, veel overleg gevraagd en is in 2021 nog niet gelukt. Dat houdt in dat de planning minimaal een jaar opschuift. Het rekeningresultaat is € 15,312 mln. positief. Na aftrek van budgetoverhevelingen en resultaatbestemmingsvoorstellen, bij elkaar € 5,738 mln., resteert een nog te bestemmen bedrag van € 9,574 mln. Voorgesteld wordt hiervan 50% te storten in de Rif volgens het geldende beleid. Overzicht Algemene Dekkingsmiddelen Verbetering dienstverlening In de decembercirculaire 2021 van het ministerie van BZK zijn middelen ter beschikking gesteld in de algemene uitkering ten behoeve van de versterking van de gemeentelijke dienstverlening naar aanleiding van de kinderopvang toeslagenaffaire voor het jaar 2021. Deze middelen worden ter beschikking gesteld om onder andere de uitvoeringscapaciteit bij de overheid te versterken en extra ondersteuning te bieden aan mensen in kwetsbare posities. Het gaat voor Zoetermeer om een bedrag van € 763.000 in 2021 dat niet meer in 2021 uitgegeven kon worden. Voorgesteld wordt deze middelen te reserveren op het overzicht algemene dekkingsmiddelen in afwachting van een bestedingsplan.

Herfaseringen De gemeente kent meerjarige projecten in de exploitatie waarvan de kosten worden gedekt uit reserves. Deze projecten zijn voor de exploitatie dus budgettair neutraal. Als de kosten in enig jaar lager zijn dan geraamd door vertraging in de uitvoering is de onttrekking uit de reserve in dat jaar ook lager en blijft het geld in de reserve beschikbaar voor dat project. De activiteiten (en daarmee gemoeide kosten en dekking uit reserves) schuiven door in de tijd. Er is sprake van een faseringsverschil van kosten en dekking ten opzichte van de begroting. Dit noemen we herfaseren. In de periodieke voortgangsrapportages worden de oorzaken nader toegelicht. In onderstaande tabel worden de budgettair neutrale herfaseringen per onderwerp genoemd en kort toegelicht. Gevraagd wordt om in te stemmen met het herfaseren van de volgende projecten naar 2022 en volgende jaren.

90

91

Instandhouding kredieten Kredieten zijn begrote uitgaven voor investeringen. De lasten van deze investeringen bestaan gedurende de levensduur uit afschrijvings- en rentelasten ten laste van de exploitatie. Als een investeringswerk is afgerond wordt dat krediet ‘afgesloten en in exploitatie genomen’. Dat wil zeggen dat de kosten van rente en aflossing ten laste van de exploitatie komen. Zolang een krediet nog niet in exploitatie is genomen (het werk is nog niet afgerond) wordt er op het krediet nog niet afgeschreven en komen er nog geen lasten voor rente en afschrijving ten laste van de exploitatie. Vanuit oogpunt van beheersing worden kredieten die ouder zijn dan twee jaar en die nog niet in exploitatie zijn genomen beoordeeld op de noodzaak om deze nog open te houden (niet af te sluiten) en als (restant) krediet over te hevelen naar het nieuwe jaar. Over 2021 gaat het om kredieten in onderstaande tabel. De werkzaamheden zijn vertraagd, onder meer vanwege aanbestedingstrajecten, afstemming met derden, vertraging bij landelijke ontwikkelingen, e.d.

92

Voorgesteld wordt om afgerond € 72,9 mln. aan uitgaven over te brengen naar 2022 en € 0,8 mln. naar 2023 en € 7,2 mln. aan inkomsten.

93

Bijlage 4. Monitor Ombuigen en vernieuwen Inleiding Dit is de eerste monitor Ombuigen en vernieuwen van 2022. De monitor is ingericht om de voortgang (of afwijking) van de maatregelen te volgen naar uitvoering en financiën en deze zijn per maatregel in de monitor opgenomen en voorzien van een kleur volgens stoplichtmodel. De maatregelen zijn verdeeld in twee zwaartecategorieën, waarbij de maatregelen in categorie 2 complexer zijn dan die in categorie 1. Een meer uitgebreide toelichting op alle ontwikkelingen in het sociaal domein is opgenomen in de al bestaande rapportage Sociaal Domein. Het stoplicht heeft betrekking op het begrotingsjaar waarin de rapportage verschijnt; als er aanleiding is om in te gaan op meerjarige effecten wordt dat in de annotatie bij de monitor aangegeven. De kleur van het stoplicht bepaalt de noodzaak tot actie, de tekst geeft nadere toelichting/nuancering.

De monitor De bezuinigingsopgave staat in onderstaande tabel:

Het aantal maatregelen is 73. De taakstelling voor 2022 is € 12,377 mln. Daarvan wordt in deze monitor aangegeven dat ruim € 1,559 niet kan worden gerealiseerd. Van de totale taakstelling in 2025 van ruim € 14 mln. blijft € 13,329 realiseerbaar. De bijstelling van € 0,5 mln. in dat jaar is een gevolg van de uitkomst van het referendum over afvalbeleid waardoor de daaraan verbonden bezuinigingstaakstelling niet gehaald wordt.

94

Van de maatregelen zijn 55 van de 73 maatregelen gerealiseerd. Dat is 55% van de oorspronkelijke bezuinigingsdoelstelling van € 12.377 van dit jaar en gaat om een bedrag van € 6,783 mln. De overige 18 Maatregelen zijn in uitvoering. In voorgaande periodes is een deel van de opbrengsten ter grootte van € 1,873 mln. afgeraamd. Dat aandeel is in de taartdiagrammen in rood apart zichtbaar gemaakt. Dat is inclusief de bijstelling uit deze monitor van € 1,559 mln. Het deel van de 9 rode maatregelen dat dit jaar nog gerealiseerd kan worden is € 435.000. Uitgesplitst naar categorie maatregelen ziet het beeld er als volgt uit voor categorie 1:

Van de oorspronkelijke taakstelling van de maatregelen in categorie 1 is 88% gerealiseerd. De categorie 2 maatregelen laten een minder gunstig beeld zien.

95

Van de oorspronkelijke doelstelling aan taakstellingen is in categorie 2 tot en met deze monitor € 1,741 mln. afgeraamd.. Toelichting per maatregel De maatregelen worden toegelicht in volgorde van categorie en daarbinnen per programma. Categorie 2 – maatregelen Programma 1 23 - Integrale aanpak schulden en ondersteuningstraject Een schuldhulpverlener is toegevoegd aan het Multi Disciplinair team. Zij heeft via dat team maar ook daarnaast een steeds betere verbinding met het team JGH. Eerste resultaten zijn waarschijnlijk pas verder in het jaar 2022 te zien. 30 – Slimmere uitvoering participatiewet Sinds 1 januari 2021 werkt het nieuwe team Inkomen en Zekerheid, met ondersteuning van de Wasstraat, voor diverse onderwerpen aan procesoptimalisatie. De Inkomstenverklaring, de Bijzondere Bijstand, de aanschaf en inrichting van een Burgerportaal, de inrichting van overlappende werkprocessen met de Binnenbaan, de aanvragen Levensonderhoud (bijstand) en de JGO's (Jaarlijks Groot Onderzoek). In TB1 1 2022 wordt melding gemaakt dat een besparing van 83K in 2022 niet gehaald wordt door prioritering van het nieuwe zaaksysteem en omdat de optimalisatie nog in voorbereiding is. Inmiddels is duidelijk geworden dat het Burgerportaal op zijn vroegst pas in het 2e kwartaal 2022 operationeel kan zijn.

Daardoor zal ook in 2022 de voor deze bezuiniging noodzakelijke procesoptimalisatie nog niet (volledig) zijn gerealiseerd. In TB1 van 2022 is duidelijk wat de status is van de inrichting van het Burgerportaal en melden we welk deel van de besparing in 2022 haalbaar is. Vanuit het voorzichtigheidsprincipe gaan we ervan uit dat deze besparing in 2022 nog niet gerealiseerd zal worden. Het feit dat het team Inkomen en Zekerheid is gestart met een formatietekort maakt het realiseren van deze maatregel onzeker. 31 – Anders organiseren bewindvoering Er is ambtelijk onderzoek gedaan naar de haalbaarheid om de dienstverlening van beschermingsbewind (gedeeltelijk) in eigen hand te nemen. Het rapport is 96

afgerond. Op basis van jurisprudentie en aan de hand van voorbeelden van drie gemeenten, is het niet houdbaar gebleken bewindvoering in eigen beheer te onderbouwen in verband met concurrentieoverwegingen. Commerciële bewindvoerders houden een rol in de uitvoering. Gevolg is dat het uitsluitend in eigen beheer uitvoeren niet mogelijk is. Bij de gemeenten die een vorm van eigen beheer hebben heeft de constructie niet geleid tot een financiële besparing op de uitgaven voor bijzondere bijstand. Daarnaast moet rekening worden gehouden met de kosten die financiële compensatie van marktpartijen met zich meebrengen. Daarbij komt dat de relatie met bewindvoerders sterk on der druk komt te staan en rekening moet worden gehouden met juridische procedures. Het onderzoek geeft aanleiding om verder te investeren in samenwerking met de rechtbank, bewindvoerders en met maatschappelijke partners om te komen tot procesverbeteringen en partners goed te blijven informeren over het gemeentelijke aanbod aan hulp. Ook is besloten om gebruik te maken van het Adviesrecht bij schuldenbewind. De voorgestelde besparing van € 200.000 is structureel niet realiseerbaar. Dit is verwerkt in de Perspectiefnota.

Programma 2 5 – Toevoegen GGZ expertise aan zorgteams op locatie Het doel van deze maatregel was om leerlingen met GGZ-problematiek vroegtijdig op school begeleiding te bieden, zodat inzet van specialistische jeugdhulp (en het product Onderwijs-Jeugdhulptraject) niet meer nodig zou zijn. De werkwijze werd in het schooljaar 2020-2021 geïmplementeerd. Door het schoolmaatschappelijk werk zijn diverse leerlingen begeleid. De COVID-19 pandemie maakte uitvoering van de maatregel complex, mede door de schoolsluitingen. De problematiek bij leerlingen verergerde en het is gebleken dat de niet alle hulpvragen konden worden ondervangen via de nieuwe werkwijze, waardoor leerlingen alsnog verwezen werden naar specialistische jeugdhulp. De beoogde besparing is deels gerealiseerd, doordat een tariefsverlaging kon worden bereikt voor het product Onderwijs-Jeugdhulptraject. Het is niet mogelijk om te concluderen of de besparing volledig is gerealiseerd, doordat niet inzichtelijk is welke kosten gekoppeld zijn aan de jeugdigen die toch zijn verwezen naar jeugdhulp.

8 – Doorontwikkeling POH-jeugd en schoolmaatschappelijk werk Door de doorontwikkeling van de inzet van Praktijkondersteuners Huisarts voor jeugdigen (POH-jeugd) en het schoolmaatschappelijk werk zouden jeugdigen laagdrempelig kunnen worden begeleid, waar nodig kunnen worden doorverwezen naar preventief ondersteuningsaanbod en zou er minder verwijzingen nodig zijn naar specialistische jeugdhulp. De positie van de POH-jeugd en het schoolmaatschappelijk werk in de toegang tot jeugdhulp is versterkt. Er worden veel jeugdigen gezien door de POH-jeugd en het schoolmaatschappelijk werk en daarvan wordt ongeveer een derde deel verwezen naar specialistische jeugdhulp. Als gevolg van de COVID-19-pandemie konden echter minder jeugdigen worden gezien dan daarvoor het geval was en ook wordt een verzwaring van de hulpvragen waargenomen. Hiervoor is ook vaker (alsnog) een verwijzing nodig naar specialistische jeugdhulp. De beoogde besparing wordt gedeeltelijk behaald. Echter, door een toename van de intensiteit van de jeugdhulp is het effect op de totale kosten voor jeugdhulp niet zichtbaar. Op basis van een evaluatie van de toegang zal een voorstel voor doorontwikkeling worden opgesteld. 9 – Pilot kostenbewust handelen in de toegang De medewerkers van de lokale toegang (JGH) zijn tijdens een sessie in 2019/2020 meegenomen in een aantal casus voorbeelden.

Hierbij werden dossiers gebruikt die al afgerond waren. Aan de hand van de casus keek men samen naar een inschatting van de te leveren zorg. Daarnaast werd met elkaar gereflecteerd aan de hand van de daadwerkelijk geleverde zorg. Terugkijkend op deze sessie wordt door de medewerkers ervaren dat het hen een ander inzicht heeft leren krijgen. De inspanningen die zijn geleverd ten aanzien van deze businesscase lijken op basis van de cijfers van 2020 de vruchten af te werpen. De bewegingen die we vervolgens in 2021 zien, zou kunnen duiden op het vervagen van inzichten die zijn opgedaan in het jaar 2019/2020. Dit kan te maken hebben met 97

personeelswisselingen die plaats hebben gevonden binnen de lokale toegang (JGH). Daarnaast is de invloed van COVID hier mogelijk ook aan toe te schrijven. Er zal onderzoek gedaan moeten worden naar de reden van de verschuiving om op basis daarvan vervolgens te kunnen sturen. Ten aanzien van de sturing op de WLZ zal er opnieuw onderzocht moeten worden op welke wijze we het succes van deze maatregel kunnen duiden, daar de overgang naar de WLZ niet direct inzichtelijk is voor de gemeente, omdat ouders/gezin deze aanvragen altijd zelf in moeten dienen. Binnen de lokale toegang zijn de medewerkers getraind op kennis rond om de WLZ-indicering en is kennis over de zorgverzekeringswet daaraan toegevoegd. Daarnaast is er standaard aanwezigheid van een medewerker JGH bij het netwerk palliatieve zorg voor kinderen. En zijn er lijnen gelegd met het Langeland ziekenhuis. Tijdens deze ontwikkeling is duidelijk geworden dat de medewerkers JGH in het geval van een WLZ wet casus de ouders daarvan in kennis stellen. Met enkele jeugdige/gezin zijn zij in gesprek gegaan om te onderzoeken welke wet passender is voor de situatie van de jeugdigen. Voorheen is ten aanzien van deze maatregel voornamelijk gekeken naar een aantal producten om potentiële WLZ-indicaties te duiden.

Er zou op basis van data onderzoek gedaan kunnen worden naar jeugdigen die al zeer langdurig onder de Jeugdwet gefinancierd worden. Deze data zou besproken kunnen worden met proces coördinatoren om na te gaan welke jeugdige mogelijk nog in aanmerking zouden komen voor een WLZ-indicatie. Door dit proces te volgen is er een mogelijkheid om de financiële gevolgen in kaart te brengen. Rondom dit onderwerp zijn momenteel regionale ontwikkelingen gaande waar gemeente Zoetermeer bij aan zal sluiten. 11 – Inzetten op integrale zorg en ondersteuning: Beter samenspel Samenvatting belangrijkste bevindingen: De teams binnen de lokale toegang (JGH) worden vanaf januari 2022 getraind in de werkwijze Beter Samenspel. De bedoeling is dat alle jeugdigen die gezien worden in het plus team JGH (200) en alle jeugdbeschermingszaken op deze wijze worden benaderd vanaf 2e helft 2022, waardoor de doelgerichtheid en effectiviteit van de hulpverlening toeneemt, er sprake is van kennisdeling tussen de GI en JGH, en er continuïteit geboden kan worden aan de gezinnen. De formatieve onderbouwing die destijds is aangeleverd vanuit de regio om deze werkwijze uit te voeren, is te krap. Er is een besparing oplopend tot € 1,2 mln. in 2025; deze is onvoldoende onderbouwd.

Een pilot-fase heeft inzicht gegeven in de meerwaarde van Beter Samenspel in Zoetermeer en enige richting in de formatieve impact op het team JGH. Advies Het opnieuw uitwerken van de besparingsopgave is noodzakelijk, waarbij er eveneens aandacht is voor de capaciteit van JGH en vooruit wordt gekeken naar de ontwikkelingen, zoals het toekomstscenario. 14 – Verlagen PGB tarieven We zien bij deze maatregel dat het financiële resultaat is behaald. In 2021 hadden we een onderschrijding van het budget. We gaan ervan uit dat dit voortzet in 2022. De afname in aantallen en in toegekend budget is ontstaan door diverse factoren maar voornamelijk door de afname van de duurste budgetten (van rond 1 ton). De reden hiervoor is divers: een overstap naar de WL/Zvw door onze aangescherpte bemoeienis, het bereiken van de 18j leeftijd en verhuizing buiten de gemeente. Een veel minder groot effect heeft de overstap van jeugdigen met hun pgb-aanbieder naar zorg in natura waar er hogere tarieven gelden (rond de 2 ton). Het effect van de verplaatsing van de zorg vanuit Pgb naar de ZIN en de afname van het aantal duurste budgetten is berekend in de maatregel.

98

16 – Sturen op afname intensiteit jeugdhulpproducten We zien over de jaren 2019 tot en met 2021 een zeer positieve beweging van een toename in het toewijzen binnen het Normenkader en het afnemen van toewijzingen boven het Normenkader. Tussen 2019 en 2021 is het toewijzen binnen het kader met 22% toegenomen en toewijzingen boven het kader met 22% afgenomen. De eerste inzichten van de resultaten van het werken met het Normenkader door de lokale toegang en SMW werd december 2020 inzichtelijk. De percentages van binnen en boven het Normenkader verwijzen lagen ver uit de gestelde percentages van 80% binnen het Normenkader en 20% boven het kader. Hierop zijn in januari 2021 en september opfris scholingen gegeven voor zowel het Normenkader als de wijzigingen van de inkoop. Deze scholingen zijn met een verplichtend karakter gegeven aan alle medewerkers van de lokale toegang (JGH), schoolmaatschappelijk werk (SMW) en de praktijkondersteuners (POH) van de huisartsen. Ondanks dat de POH niet verwijst op het Normenkader was deze ambitie er nog wel en werd er positief gereageerd op het (online) samenkomen van de medewerkers van deze toegangspartners. 98 – Herinrichting Wmo en preventieve jeugdvoorzieningen "Deze maatregel kent 3 onderdelen: 1) Gebiedsgerichte ondersteuning 2) Cliëntondersteuning en 3) Subsidies. Onderdeel 2 is volledig gerealiseerd.

Onderdeel 3 is nagenoeg gerealiseerd en onderdeel 1 zal vanaf 2022 gerealiseerd worden. Van onderdeel 3 Subsidies moet nog een bedrag van € 30.000 worden gerealiseerd. De oorspronkelijke aanpak - een structurele taakstelling op zogenaamde maatjesprojecten - blijkt bij nader inzien niet uitvoerbaar. In de afgelopen periode hebben deze projecten hun waarde bewezen. Maatjesprojecten zijn ook bij uitstek ondersteuningsvormen die de sociale basis versterken, een van de speerpunten bij de herinrichting van de maatschappelijke ondersteuning. De verwachting is dat in de loop van 2022 een alternatieve invulling van de taakstelling gevonden zal worden. Voor onderdeel 1 Gebiedsgerichte ondersteuning gaat de taakstelling met ingang van 2022 in. De maatregel zal gefaseerd (oplopend) worden doorgevoerd totdat vanaf 2025 een bedrag van structureel € 600.000 zal worden omgebogen. De gebiedsgerichte ondersteuning wordt vanaf 1 mei 2021 uitgevoerd door een combinatie van zorg- en welzijnsaanbieders die hiervoor samenwerken onder de naam inZet. De instroom van klanten in het nieuwe samenwerkingsverband vindt gefaseerd plaats: inwoners met een nieuwe ondersteuningsvraag en inwoners die gebruik maken van de welzijnsactiviteiten en preventieve jeugdactiviteiten die onder inZet vallen stromen direct in bij inZet.

Cliënten die een indicatie hebben van de gemeente voor begeleiding of dagbesteding stromen in zodra hun indicatie bij hun huidige aanbieder afloopt. Op dit moment ligt de focus van inZet bij een zorgvuldige overdracht van cliënten van aanbieders buiten inZet. Om de opdracht te kunnen uitvoeren met het budget dat daarvoor beschikbaar is (inclusief taakstelling), is het essentieel dat inZet aan de slag gaat om het aanbod, te vernieuwen. Dit proces zal nauwlettend worden gevolgd. Mocht de doelstelling niet volledig slagen, en zo ook eventuele bijsturingsacties, dan zal daar bij TB2 over worden bericht.

99

Programma 4 44a – Stoppen met wijkvestigingen bibliotheek De taakstelling is in de voorlopige subsidiebeschikkking 2022-2025 van de bibliotheek Zoetermeer doorgevoerd en daarmee gerealiseerd. Overzicht Overhead 106 - Organisatieontwikkeling en efficiency/Inrichten ‘wasstraat’ procesverbetering In het programma Ombuigen & Vernieuwen zijn de voorstellen 105 (Organisatieontwikkeling en efficiency) en 107 (Inrichten ‘wasstraat’ procesverbetering en verbeteren van de dienstverlening en efficiency) gebundeld in een efficiencytaakstelling van in totaal € 1,5 mln. De taakstelling is met de inzet op scherper inkopen bij met name inhuur en het vaker gebruik maken van regionale inkoopmogelijkheden, vanaf 2025 volledig ingevuld. In de jaren 2022-2024 resteert nog een tijdelijk bedrag aan taakstelling tussen de € 0,3 en € 0,08 mln. Daarvoor wordt nog naar tijdelijke dekkingsmogelijkheden gezocht. Overzicht OAD 111 - Invoeren diftar Het referendum over het afval- en grondstoffenbeleidsplan heeft plaatsgevonden op 16 maart 2022. Naar aanleiding van de uitslag, een duidelijk 'nee' tegen het beleidsplan, zal de raad zich bezinnen welke stappen de komende jaren genomen worden met betrekking tot het afvalbeleid. De invoering van diftar staat bij voorbaat niet vast. Wanneer geen diftar wordt ingevoerd zullen geen besparingen, die dit met zich meebrengen, ingeboekt kunnen worden.

De hieraan gekoppelde OZB verhoging wordt niet gerealiseerd. Het budgettair effect is verwerkt in de Perspectiefnota.

Categorie 1 – maatregelen Programma 1 4 – Onderwijs-jeugdhulp arrangementen speciaal (basis-)onderwijs Doel van de maatregel was om een kwalitatieve verbeterslag te realiseren in de zorgstructuur op de scholen en daardoor ook een besparing op de kosten voor jeugdhulp te realiseren. Samen met het samenwerkingsverband voor het onderwijs zijn plannen gemaakt voor de inzet van onderwijsjeugdhulparrangementen. Het was de wens om reeds in 2021 te starten met de arrangementen, maar dit is niet gerealiseerd. Redenen hiervoor zijn onder meer juridische belemmeringen en ontwikkelingen in de regio. De samenwerking met het onderwijs is inhoudelijk van belang en wordt inhoudelijk voortgezet, maar de directe koppeling aan een besparing op de kosten voor jeugdhulp is niet reëel gebleken. De besparing voor 2022 wordt niet gehaald. 7 – Uitbreiding trajectbegeleiding jongerenwerk De door Buurtwerk ingekochte trajecten hebben een duidelijk afschalende werking op het gebruik van jeugdhulp en aanpalende vlakken. Dit maakt de trajectbegeleiding een effectieve preventieve interventie. Door lockdowns als gevolg van de COVID-19-pandemie is het bereik nog niet volledig geweest. De ingezette acties om een betere positionering te bereiken hebben wel het effect gehad dat jongeren deze preventieve maatregel steeds beter weten te vinden.

De verwachting is dat 1/3 van de jeugdigen die trajectbegeleiding ontvangt geen specialistische jeugdhulp nodig heeft. Bij de oorspronkelijke berekening van de besparing was aangenomen dat geen enkele jongere na trajectbegeleiding doorverwezen zou worden, maar dit blijkt in de praktijk niet realistisch te zijn. Van de beoogde besparing van € 147.000 wordt dit jaar € 75.000 gerealiseerd.

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zoetermeer&id=14480505-6f57-4289-9a31-b0c82b550adc