CConstaterende datZoetermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Afvalbeleidsplan 2026-2030

Raadsvergadering 26 januari 2026, gemeente ZoetermeerBij agendapunt: Raadsvoorstel Afvalbeleidsplan 2026-203015.060 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Afval Beleidsplan 2026 – 2030 ‘Minder afval, beter scheiden: Samen maken we het verschil’

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

1

Voorwoord Het laatste afvalbeleidsplan Met trots presenteer ik u het laatste afvalbeleidsplan van de gemeente Zoetermeer. De opvolger van dit stuk wordt namelijk niet het afvalbeleid, maar het afval- en grondstoffenbeleid genoemd. Dit komt doordat het hergebruiken van afval als grondstof steeds belangrijker wordt. Zelf heb ik, in mijn tijd als ondernemer, ervaren hoe belangrijk het is om afval goed te scheiden. Niet alleen voor het milieu, maar ook om kosten te besparen. Restafval verwerken is duur en waardevolle materialen gaan verloren. Materialen die we opnieuw hadden kunnen gebruiken. Als we ons afval beter scheiden en meer recyclen, kunnen we niet alleen de druk op het milieu verlichten, maar ook de kosten beheersen. Afval raakt ons allemaal Dit afvalbeleid is het resultaat van intensieve samenwerking met onze inwoners. Deze samenwerking hebben we op een innovatieve wijze vormgegeven door middel van een burgerberaad. Honderdvijftig Zoetermeerders zijn de uitdaging aangegaan en hebben zich in verschillende bijeenkomsten ontwikkeld tot ware afvaldeskundigen. Met oog voor de wensen en ideeën van de inwoners van Zoetermeer hebben zij waardevolle adviezen uitgebracht.

De boodschap die we meekregen is helder; ‘De inwoners van Zoetermeer moeten zelf aan de slag met afval, maar de gemeente moet hen wel ondersteunen.’ Dit is dan ook de kern van dit nieuwe afvalbeleidsplan geworden. Een breed afvalbeleid dat ingaat op allerlei onderdelen van afval. De gemeente biedt de juiste middelen en randvoorwaarden, maar de verantwoordelijkheid voor afval ligt bij ons allemaal. Dankwoord Ik spreek hier mijn grote waardering uit voor alle betrokkenen die hun tijd en kennis hebben geïnvesteerd in dit nieuwe beleid. In het bijzonder bedank ik het burgerberaad en de monitorgroep voor hun waardevolle inzet en betrokkenheid. Dankzij hun adviezen en motivatie presenteren we een beleid dat echt voor en door de inwoners van Zoetermeer is ontwikkeld. Ik ben ervan overtuigd dat we samen een schoner, duurzamer Zoetermeer kunnen realiseren. Dit beleid is een belangrijke stap in die richting en ik kijk ernaar uit om dit samen met u in de praktijk te brengen. Wim Blansjaar Wethouder afval

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

2

Inhoudsopgave Voorwoord ..............................................................................................................................................2 Samenvatting ..........................................................................................................................................5 1. Leeswijzer ............................................................................................................................................7 1.1 Begrippenlijst.................................................................................................................................8 2. Aanleiding ..........................................................................................................................................10 2.1 Afvalbeleid 2021 en referendum .................................................................................................10 2.2 Burgerberaad...............................................................................................................................10 2.3 Landelijke ontwikkelingen ...........................................................................................................12 3.

Kaders van het beleid ........................................................................................................................13 3.1 Europees wet- en regelgeving .....................................................................................................13 3.2 Landelijke wet- en regelgeving ....................................................................................................14 4. Onderzoeken .....................................................................................................................................15 4.1 Scenario-onderzoek bron- en nascheiding 2022 .........................................................................15 4.2 Analyse afval Zoetermeer 2024 en 2025 .....................................................................................16 4.2.1 Ontwikkeling afvalscheiding in Zoetermeer voor apart aangeboden afvalsoort .................16 4.2.2 Vergelijking met landelijk gemiddelde .................................................................................17 4.2.3 Samenstelling restafval ........................................................................................................18 4.3 Afvalinzameling Oosterheem 2025 .............................................................................................19 4.4 Eindevaluatie PBD dicht bij huis met frequentieverlaging inzameling

restafval .........................19 5. Doel van het beleid............................................................................................................................21 5.1 Afval verminderen .......................................................................................................................23 5.1.1 Zoetermeerse situatie ..........................................................................................................23 5.1.2 Invoeren Ja-Ja sticker voor ongeadresseerd drukwerk ........................................................24 5.1.3 Verder in gesprek met scholen over lesmateriaal voorkomen afval ....................................24 5.1.4 Communicatiecampagne over verminderen afval ...............................................................25 5.1.5 Inzetten op vermindering van verpakking bij producenten .................................................25 5.2 Afval scheiden .............................................................................................................................27 5.2.1 Zoetermeerse situatie ..........................................................................................................27 5.2.2 Andere manier van PBD scheiden ........................................................................................28 5.2.3 Uitfaseren ondergrondse verzamelcontainers bij

laagbouwwoningen ................................30 5.2.4 Onderzoeken spreiding, toegankelijkheid en bereikbaarheid milieueilanden .....................30 5.2.5 Aanpak papier en karton scheiden .......................................................................................31 5.2.6 Aanpak GFT+E scheiden .......................................................................................................31 5.2.7 Aanpak specifieke afvalstromen ...........................................................................................32 5.2.8 Communicatiecampagne met tips over afval scheiden ........................................................32 AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

3

5.3 Afval wegbrengen ........................................................................................................................34 5.3.1 Zoetermeerse situatie ..........................................................................................................34 5.3.2 Zelfbrengdepot op afspraak .................................................................................................34 5.3.3. Onderzoek uitbreiding afvaldepot.......................................................................................35 5.3.4 Proef met bakfiets en aanhangwagen voor wegbrengen afval ............................................35 5.3.5 Proef gratis tuintegels inleveren ..........................................................................................35 5.3.6 Communicatiecampagne over circulaire alternatieven........................................................35 5.4 Afval ophalen ...............................................................................................................................37 5.4.1 Zoetermeerse situatie ..........................................................................................................37 5.4.2 Nieuw schema afvalophaal minicontainers ..........................................................................37 5.4.3 Behoud van grofvuil ophaalservice

......................................................................................38 5.4.4 Communicatiecampagne over correct aanbieden afval .......................................................39 5.4.5 Inzet handhaving op correct aanbieden afval ......................................................................39 6. Planning .............................................................................................................................................40 6.1 2026 .............................................................................................................................................40 6.2 2027 .............................................................................................................................................40 6.3 2028 .............................................................................................................................................40 6.4 2029 .............................................................................................................................................41 7.

Effecten van het beleid op het afval ..................................................................................................43 7.1 Afval verminderen .......................................................................................................................43 7.2 Afval scheiden .............................................................................................................................43 7.3 Afval wegbrengen ........................................................................................................................44 7.4 Afval ophalen ...............................................................................................................................44 7.5 Gevolgen voor de landelijke doelstellingen ................................................................................44 7.6 Monitoren ...................................................................................................................................46 8.

Financiën ...........................................................................................................................................47 8.1 Zoetermeerse situatie .................................................................................................................47 8.2 Financiële gevolgen nieuw beleid ...............................................................................................48 8.3 Effect op afvalstoffenheffing .......................................................................................................50

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

4

Samenvatting De afgelopen jaren is het in Zoetermeer vaak gegaan over afval. In 2020 is er een nieuw beleid geschreven; veel nieuwe plannen om het afval in Zoetermeer aan te pakken. Maar met het referendum bleek in 2022 dat dit beleid onvoldoende draagvlak had. Een andere aanpak was nodig. Er werd een nieuwe weg ingeslagen met het burgerberaad. In 2024 gaven ongeveer 150 inwoners van diverse achtergronden, vijftien adviezen mee. Adviezen om beleid mee te maken. Ondertussen stond ook de rest van de wereld niet stil. Op Europees en landelijk niveau kwamen er nieuwe afspraken, regels en wetten. Deze vormde de kaders voor een nieuwe aanpak. Doelstelling Het nieuwe afvalbeleidsplan van Zoetermeer betekent een koerswijziging. De gemeente wil de hoeveelheid restafval verder verminderen en het aandeel herbruikbare grondstoffen vergroten. Na jaren met verouderd beleid, wordt opnieuw gewerkt aan een structurele en toekomstgerichte aanpak van afval. De adviezen van het burgerberaad vormen daarbij een belangrijk fundament. Dit beleid richt zich op het realiseren van duurzaamheidsdoelen, het oplossen van knelpunten in het afvalsysteem en het beheersen van de kosten, zodat de afvalstoffenheffing voor inwoners beperkt blijft. Nieuwe aanpak met twintig acties Dit afvalbeleidsplan beschrijft de nieuwe aanpak. De diverse acties zijn verdeeld in vier categorieën.

Afval verminderen, afval scheiden, afval wegbrengen en afval (laten) ophalen. Dit zijn de vier wijzen waarop de inwoners van Zoetermeer te maken hebben met afval. Alleen samen kunnen we de nieuwe aanpak tot een succes brengen. De gemeente biedt de juiste middelen en randvoorwaarden, maar de verantwoordelijkheid voor afval ligt bij ons allemaal. Dit beleidsplan bevat de nieuwe aanpak van afval, met daarin twintig specifieke acties. Deze acties en de gevolgen van de totale aanpak worden hieronder uiteengezet. Afval verminderen Minder afval is altijd goed. Dan zijn er immers ook geen kosten voor verwerking of nadelen voor het milieu. Dit beleidsplan zet in op het verminderen van afval door bij producenten te pleiten voor minder verpakkingen en door verder in gesprek te gaan met scholen over lespakketten over verminderen van afval. Ook wordt de Ja-Ja sticker voor ongeadresseerd drukwerk ingevoerd en wordt de communicatie over verminderen van afval versterkt. Afval scheiden Het goed scheiden van afval is beter voor het milieu en de portemonnee. Dit beleidsplan stimuleert inwoners op diverse manieren om afval zorgvuldig te scheiden. Zo verandert de inzameling van Plastic, Blik en Drankkartons (PBD). Ondergrondse PBD containers worden geleidelijk uitgefaseerd, in plaats daarvan wordt ingezet op minicontainers en nascheiding. Ook de aanpak van andere afvalstromen wordt versterkt.

Het scheiden van Groente, Fruit, Tuinafval en Etensresten (GFT+E) wordt makkelijker gemaakt met het uitdelen van compostbakjes. Verder worden er verschillende acties uitgevoerd om te voorkomen dat containers voor papier en karton te snel vol raken. Daarnaast wordt een brede communicatiecampagne opgezet met praktische tips en heldere uitleg over afvalscheiding en recycling. Tot slot wordt onderzocht hoe de spreiding, toegankelijkheid en bereikbaarheid van milieueilanden en de inzameling van specifieke afvalstromen verder verbeterd kan worden. Afval wegbrengen Voor inwoners die hun afval zelf wegbrengen, wordt het serviceniveau versterkt. Zo wordt een nieuw afsprakensysteem ingevoerd voor het zelfbrengdepot, waarmee inwoners sneller en efficiënter hun afval kunnen aanbieden. Daarnaast worden verschillende proeven en onderzoeken uitgevoerd om het gemak en de toegankelijkheid van het zelfbrengdepot en de milieueilanden verder te verbeteren. Ook

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

5

wordt extra ingezet op duidelijke en toegankelijke communicatie, zodat inwoners beter weten waar en hoe zij hun afval op een juiste manier kunnen wegbrengen. Afval ophalen Voor inwoners die hun afval laten ophalen, wordt ingezet op helderheid en service. Zo is het nieuwe schema afvalophaal minicontainers duidelijk en praktisch. Verder worden inwoners gestimuleerd om hun afval op de juiste manier aan te bieden via een communicatiecampagne, de inzet van handhaving en door het behoud van de grofvuil ophaalservice. Planning De twintig benoemde acties en aanpakken worden de komende jaren gerealiseerd. Daarbij is een verdeling gemaakt over de jaren 2026 tot en met 2029. In 2026 worden de acties uitgevoerd waar nog slechts beperkte voorbereiding resteert. Zoals het invoeren van het afsprakensysteem voor het zelfbrengdepot en de Ja-Ja sticker. In 2027 ligt de focus voorbereiden van het nieuwe PBD systeem en de inzet van handhaving. In 2028 wordt het nieuwe PBD systeem ingevoerd. In elk jaar wordt er ook een onderzoek uitgevoerd en is er een specifiek aandachtspunt in de overkoepelende communicatiestrategie. Verbeterd serviceniveau Het afvalbeleidsplan zet in op verschillende verbeteringen. Het eerste beoogde resultaat is het vasthouden en zelfs versterken van het hoge serviceniveau voor inwoners.

Inwoners kunnen het afval op een gemakkelijke manier (blijven) scheiden, wegbrengen of aanbieden voor ophalen. Met het nieuwe PBD systeem wordt het bijvoorbeeld makkelijker om dichtbij huis te scheiden. Ook wordt het serviceniveau van het zelfbrengdepot verbeterd door invoering van het afsprakensysteem, een proef met een bakfiets en een aanhanger en een proef waarbij tuintegels gratis ingeleverd kunnen worden. Hiermee wordt het makkelijker, goedkoper en minder tijdrovend voor inwoners om spullen weg te brengen. Financiële gevolgen Dit beleidsactieplan leidt tot een enigszins verbeterde financiële situatie. In Zoetermeer is sprake van een gesloten financieel systeem voor afval. Dat betekent dat de kosten die de gemeente maakt voor het verwerken van afval in balans zijn met de inkomsten uit de afvalstoffenheffing. Hoe meer kosten er worden gemaakt, hoe hoger de afvalstoffenheffing voor huishoudens wordt. Dit beleidsactieplan beheerst de stijging van de jaarlijkse kosten voor de gemeente Zoetermeer. Dit staat echter in contrast met de gevolgen van nieuw landelijk beleid. De belasting op verbranding van afval, de CO2 heffing en de plastictaks worden allemaal doorbelast aan de gemeente. Daarmee gaan de ‘kosten’ van de gemeente omhoog waardoor ook de afvalstoffenheffing omhooggaat.

Gecombineerd is de verwachting dat vanaf 2026 tot en met 2030 de afvalstoffenheffing per huishouden per jaar met ongeveer € 20 tot € 73 toeneemt. Milieuresultaten Hoewel de benoemde aanpak zal leiden tot verbeterde milieuresultaten, zal dit mogelijk nog niet voldoende zijn om in 2030 de landelijke doelstellingen te behalen. Het doel is dat in 2030 minimaal 60% van het huishoudelijk afval gescheiden wordt aangeboden en 75% van het afval wordt gerecycled. Met dit beleidsactieplan gaat Zoetermeer een verbetering realiseren op deze twee percentages. Het is echter niet volledig te voorspellen wat deze verbetering gaat zijn. Met name van de intensivering van de communicatie wordt veel verwacht, maar deze is moeilijk te voorspellen. De nieuwe aanpak van PBD scheiden is wel specifieker te voorspellen. De verwachting is dat dit het totale scheidingspercentage in Zoetermeer laat stijgen van 39% naar circa 43% en het recyclingpercentage laat stijgen van 32% naar ongeveer 34%. Met dit nieuwe beleidsplan gaat Zoetermeer dus stappen zetten op weg naar de landelijke doelstelling. AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

6

1. Leeswijzer Dit document bevat het afvalbeleidsplan van de gemeente Zoetermeer voor de periode 2026–2030. Het plan treedt pas in werking nadat de gemeenteraad het officieel heeft vastgesteld. Het document is opgebouwd uit vier onderdelen: Achtergrond In hoofdstuk twee wordt de achtergrond met de totstandkoming van dit beleid nader toegelicht. Hoofdstuk drie beschrijft de beleidskaders, waaronder relevante Europese en landelijke wet- en regelgeving. In het vierde hoofdstuk worden enkele onderzoeken naar het afval in de gemeente Zoetermeer besproken. Samen geven deze drie hoofdstukken een volledig beeld van de achtergrond en de feitelijke situatie waarop dit afvalbeleid is gebaseerd. Kern van het beleid Hoofdstuk vijf is het belangrijkste hoofdstuk. In het vijfde hoofdstuk staat de kern van het beleid. Inwoners van Zoetermeer hebben op vier manieren te maken met afval: afval verminderen, afval scheiden, afval wegbrengen en afval (laten) ophalen. Op deze vier onderdelen gaat het beleid dan ook nader in. Vanuit de inwoner geredeneerd, met de juiste randvoorwaarden en faciliteiten vanuit de gemeente. Ook worden de doelstellingen en de planning van het beleid uiteengezet. Gevolgen van het beleid In hoofdstukken zeven en acht wordt nader ingegaan op de gevolgen van het nieuwe beleid.

Hierin worden eerste de verwachte resultaten van het beleid beschreven en daarna worden de financiële aspecten toegelicht. Bijlagen In de bijlagen zijn het eindverslag van het burgerberaad opgenomen en een schematisch overzicht op welke wijze de adviezen van het burgerberaad invulling hebben gekregen in dit afvalbeleid. Ook zijn het onderzoek naar afvalinzameling in Oosterheem en de sorteeranalyse 2025 opgenomen.

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

7

1.1 Begrippenlijst Term

Betekenis

Afvalstoffenheffing

Gemeentelijke belasting die huishoudens betalen voor het ophalen en verwerken van hun afval. Lokale regels over het beheren van (huishoudelijk)afval.

Afvalstoffenverordening AVI Bronscheiden Burgerberaad

Afvalverbrandingsinstallatie. Wordt gebruikt om restafval dat niet gerecycled kan worden te verbranden. Scheiden van afvalstromen in de buurt van de woning.

Communicatiecampagne

Gelote groep inwoners die politiek adviseert over een bepaald onderwerp. In 2024 in Zoetermeer over afval. Aanpak of strategie om informatie aan Zoetermeerders te vertellen

GFT+E

Groente, fruit, tuinafval en etensresten.

Grofvuil

Afval dat qua afmetingen niet in een minicontainer of ondergrondse verzamelcontainer past. Klein chemisch afval (bijvoorbeeld batterijen of verf).

KCA Milieueiland

Nascheiden

Locaties met ondergrondse verzamelcontainers voor gescheiden afval. Vaak in de buurt van winkelcentra of wijkuitgangen. Kleine container voor afval bij een woning, ook wel een kliko genoemd. Scheiden van herbruikbare PBD uit het restafval na inzameling.

Ondergrondse verzamelcontainers op milieueilanden Ophaalschema

Ondergrondse verzamelcontainers op de milieueilanden (PBD, papier en karton, glas en textiel). Frequentie van het ophalen van afval (met name bij minicontainers).

PBD

Plastic, blik en drankkarton.

Recyclingpercentage Restafval

Het percentage van het huishoudelijk afval dat na verwerking daadwerkelijk wordt gerecycled. Overig afval dat niet geschikt is voor hergebruik of recycling.

Scheidingspercentage

Percentage van het totale afval dat gescheiden wordt aangeboden.

UPV (Uitgebreide Producentenverantwoordelijkheid)

Beleidsprincipe waarbij producenten verantwoordelijk zijn voor de inzameling en verwerking van de producten/verpakkingen die zij op de markt brengen. Materialen zoals plastic en karton die gebruikt worden om producten te verpakken. Woningen in Zoetermeer die voor hun afval gebruik maken van een minicontainers (grijs voor rest, groen voor GFT+E) Woningen in Zoetermeer die voor hun afval gebruik maken van ondergrondse verzamelcontainers (rest en GFT+E) Locatie waar Zoetermeerders hun (grofvuil)afval heen kunnen brengen (locatie Argonstraat)

Minicontainer

Verpakkingsmateriaal (Laagbouw-) Woningen met minicontainers (Hoogbouw-) Woningen met ondergrondse verzamelcontainers Zelfbrengdepot

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

8

Achtergrond

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

9

2. Aanleiding De afgelopen jaren is er veel gebeurd rondom afval in Zoetermeer. In 2020 is er een nieuw beleid geschreven. Met een referendum bleek dat dit beleid onvoldoende draagvlak had. Daarna volgde een burgerberaad. 150 inwoners gaven 15 adviezen mee. Tot slot kwamen er landelijke ontwikkelingen, wijzigingen met impact voor Zoetermeer. Al deze ontwikkelingen hebben meegespeeld bij de totstandkoming van dit nieuwe beleid. In dit hoofdstuk worden de belangrijkste ontwikkelingen uiteengezet. 2.1 Afvalbeleid 2021 en referendum In 2021 heeft de gemeente Zoetermeer een nieuw afvalbeleid opgesteld (Afval en grondstoffenbeleidsplan Zoetermeer 2021). Met een nieuw afvalbeleid beoogde de gemeente de hoeveelheid restafval terug te dringen. Uit onderzoek was namelijk gebleken dat Zoetermeer in vergelijking met andere gemeenten slecht scoorde op afval, met name op afvalscheiding. Het beleid benoemde daarom een aantal maatregelen. Bijvoorbeeld het stoppen met gratis inzamelen van grofvuil, het invoeren van bronscheiding voor plastic, blik en drinkpakken (PBD), het verminderen van de ophaalfrequentie van minicontainers en het invoeren van gedifferentieerde tarieven op restafval. Het nieuwe beleid kon echter niet rekenen op steun van de inwoners van Zoetermeer.

Een initiatief om een referendum te organiseren over het afvalbeleid behaalde genoeg steun, en na beraadslaging, stemde de gemeenteraad uiteindelijk in met het organiseren van een referendum. Tegelijk met de gemeenteraadsverkiezingen in maart 2022 werd het referendum gehouden. 81% van de stemmers stemde tegen het nieuwe afvalbeleid. In mei 2022 besloot de gemeenteraad om het afvalbeleid in te trekken (Raadsvoorstel Intrekken afvalbeleidsplan 2021). 2.2 Burgerberaad Na het referendum en het intrekken van het afvalbeleid, besloot de gemeenteraad dat het belangrijk was om de inwoners van Zoetermeer actief te betrekken bij het maken van nieuwe plannen over afval. In november 2023 besloot de gemeenteraad daarom om een burgerberaad te organiseren (Raadsbesluit Burgerberaad over afvalbeleid). Een burgerberaad is een uitgebreide vorm van participatie en een aanvulling op het bestuurlijke besluitvormingsproces. Bij dit eerste burgerberaad in Zoetermeer gingen 150 inwoners, die door loting waren geselecteerd, met elkaar in gesprek over afval. Tijdens vijf bijeenkomsten kregen de deelnemers informatie over het onderwerp, vormden ze hun mening en namen ze besluiten. Het burgerberaad kon hierbij gebruik maken van (externe) experts en kon de gekozen maatregelen laten toetsen op haalbaarheid en uitvoerbaarheid.

Uiteindelijk leidde het burgerberaad tot een advies aan het college en de gemeenteraad. Het advies bevat de voorwaarden waaraan het toekomstige afvalbeleid moet voldoen. Het advies is belangrijk en er kan alleen met goede redenen van afgeweken worden. Het eindverslag van het burgerberaad is opgenomen in de bijlagen. In oktober 2024 heeft de gemeenteraad besloten de adviezen van het burgerberaad te omarmen (Raadsbesluit Adviezen burgerberaad). De raad heeft daarbij besloten dat de adviezen zwaarwegend zijn, maar dat na een kosten-baten analyse ook mogelijk afgeweken kan worden. In dit beleidsplan worden diverse acties en aanpakken benoemd. Als er over een actie ook geadviseerd is door het burgerberaad wordt hier door middel van een tekstkader op in gegaan. In de bijlagen is een totaaloverzicht opgenomen met op welke wjijze de adviezen van het burgerberaad zijn meegenomen bij de acties en aanpakken. Verantwoording naar aanleiding van het referendum Hoewel het afvalbeleid uit 2021 na het referendum is ingetrokken, bevat het nieuwe afvalbeleidsplan op onderdelen vergelijkbare maatregelen. Het college vindt het belangrijk om duidelijk te maken dat

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

10

deze onderdelen zijn heroverwogen in het licht van de adviezen van het burgerberaad, de huidige landelijke doelstellingen en de financiële haalbaarheid.

Adviezen burgerberaad 1. Plastic: Gemak voor iedere dag! 2. Scheiden in en aan huis voor de hoogbouw en laagbouw 3. Scheid (aan) je plastic (laagbouw) 4. PBD, aan de slag ermee! 5. Hoogbouw Oosterheem: Scheid (aan je) plastic 8. Gemak dient de mens! 9. GFT+E van grijs naar groen; gewoon doen! 10. Ophalen grofvuil blijft gratis 13. Effectieve communicatie over afval 14. Welk afval moet waar? Simpel scheiden! 15. Leer en doe mee 16. Doe met kennis en gemak afval in de juiste bak 17. Grofvuilophaal 18. Meer druk op producenten 19. Jong geleerd, oud gedaan *Adviezen 6,7,11, 12 en 20 kregen geen meerderheid van de deelnemers van het burgerberaad en zijn daarmee afgevallen. Desondanks is er wel aandacht geweest voor deze adviezen bij het opstellen van het afvalbeleidsplan.

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

11

2.3 Landelijke ontwikkelingen Naast de ontwikkelingen binnen Zoetermeer, hebben zich ook op landelijk niveau veranderingen voorgedaan op het gebied van afval. Ook deze hebben impact op de situatie in Zoetermeer. De belangrijkste landelijke ontwikkelingen zijn: Stijging afvalbeheerkosten Door de hogere prijzen van gas, elektriciteit en grondstoffen stijgen de kosten van afvalbeheer. Daarnaast stijgen de kosten van afvalbeheer door wijziging van landelijk beleid, zoals het verbod op lachgas en daarmee het vervallen van statiegeld op lachgascilinders. Daardoor komen lachgascilinders nu veelal terecht in het afval. De hoge kosten van verwijderen en verwerken van deze cilinders komen voor rekening van de gemeente. Belasting op afval De landelijke overheid heeft een belasting op het verbranden van restafval ingevoerd. Deze belasting is de afgelopen jaren ook flink verhoogd. In 2016 was er een tarief van € 13,07 per ton afval. Voor 2025 was het tarief € 39,70 per ton afval (bron: Informatiepunt Leefomgeving, 2025). Daarnaast speelt ook de CO2-heffing op restafval mee. Afvalcentrales stoten CO2 uit en moeten daarvoor dus de heffing betalen. De verwachting is dat de heffing de komende jaren oploopt (van € 0) tot € 28,97 per ton huishoudelijk restafval. Tot slot is er op Prinsjesdag 2025 meer duidelijk geworden over de plastictaks.

Voorheen werd jaarlijks 567 miljoen euro opgehaald bij bedrijven die plastic produceren. Vanaf 2028 wordt deze echter herverdeeld, of via de afvalsector doorbelast, naar gemeentes en daarmee dus ook naar huishoudens door middel van de afvalstoffenheffing. De exacte impact van deze veranderingen moet nog worden bepaald, maar op dit moment is de inschatting dat de afvalstoffenheffing in 2028 met ongeveer € 45 per huishouden toeneemt. Vanaf 2030 is dit bedrag opgelopen tot ongeveer € 70 per huishouden extra. Producentenverantwoordelijkheid Producenten van verpakking van glas, papier en plastic betalen een vergoeding aan gemeenten voor het inzamelen van verpakkingsafval. Deze afspraken zijn vastgelegd in de ‘Landelijke Ketenovereenkomst Verpakkingen’. Begin 2025 is er opnieuw onderhandeld over deze afspraken. Vanaf 1 januari 2026 geldt de vernieuwde ketenovereenkomst (bron: VNG, 2025). Voor Zoetermeer hebben deze nieuwe afspraken grote gevolgen. Er is namelijk afgesproken om gezamenlijke inzet op kwaliteit van het afval drastisch te versterken. Uitgangspunt is om bronscheiding toe te passen waar dit kan en nascheiding toe te passen waar dit nodig is.

Ook is de afspraak gemaakt in te zetten op het uitfaseren van slecht functionerende brengsystemen, te beginnen met de gemeenten waar de vermenging met andere afvalstromen het grootst is (bron: brief van procesbegeleider Dick Benschop aan staatsecretaris Jansen over onderhandelingsresultaat stichting Verpact, VNG en NRVD, 2025). Concreet betekenen deze afspraken dat Zoetermeer moet inzetten op bronscheiding waar mogelijk en dat gemeenschappelijke brengvoorzieningen, zoals de ondergrondse containers voor PBD op de milieueilanden moeten verdwijnen. In hoofdstuk 5.2 ‘Afval scheiden’ worden de gevolgen hiervan voor Zoetermeer nader uitgelegd.

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

12

3. Kaders van het beleid Met het vorige hoofdstuk is vastgesteld dat er veel ontwikkelingen zijn met betrekking tot afval. Naast deze ontwikkelingen zijn er ook bestaande wet- en regelgeving over afval. Een afvalbeleidsplan moet ook hier rekening mee houden. In dit hoofdstuk worden de belangrijkste wet- en regelgeving uiteengezet. 3.1 Europees wet- en regelgeving Europa heeft weinig eigen grondstoffen en wil minder afhankelijk zijn van andere landen. Daarom ziet de Europese Unie afval steeds meer als waardevolle grondstof. Het Europese beleid is gericht op het sluiten van kringlopen, het verminderen van afval en het stimuleren van hergebruik en recycling. Daarmee wordt bedoeld dat we afval steeds meer zien als grondstof en opnieuw gebruiken zodat er (bijna) geen afval meer is. De belangrijkste uitgangspunten komen uit de Europese Kaderrichtlijn Afvalstoffen (2024), die bepaalt dat afval zoveel mogelijk moet worden voorkomen en dat afval dat toch ontstaat hoogwaardig wordt verwerkt volgens de afvalhiërarchie (voorkomen – hergebruiken – recyclen – verbranden – storten). Daarnaast volgen er Europese richtlijnen en verordeningen die gemeenten raken, zoals regels voor verpakkingen, plastic producten en circulaire economie.

De volgende Europese kaders gelden: • Europese afvalhiërarchie (2008/98/EG, herziene Kaderrichtlijn afvalstoffen 2018) • Europese Green Deal (2019) • EU Circulaire Economie Actieplan (2020) • Single Use Plastics Richtlijn (SUP, 2019/904/EU) – verbod en beperkingen op wegwerpplastic. • Richtlijn verpakkingen en verpakkingsafval (1994/62/EG) – reductie en recyclingdoelen. • Batterijenrichtlijn (2006/66/EG, herzien 2023)– inzameling en recycling van batterijen (er wordt op dit moment gewerkt aan een nieuwe UPV) • Afvalstroomrichtlijnen voor o.a. WEEE (elektrisch en elektronisch afval) (2012), end-of-life vehicles (2000) en textiel (2022).

Bron: Europees Parlement, 2023

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

13

3.2 Landelijke wet- en regelgeving In de Wet milieubeheer staan de basisregels voor afval. Deze zijn uitgewerkt in het Landelijk Afvalbeheerplan (LAP3) (2017 en 2021), dat eind 2025 wordt vervangen door het Circulaire Materialenplan (CMP). Dit plan bepaalt hoe Nederland met afval en grondstoffen omgaat en vormt daarmee hét kader voor het landelijke afval- en circulaire grondstoffenbeleid. Belangrijke uitgangspunten zijn de Europese afvalhiërarchie (voorkomen, hergebruiken, recyclen, verbranden en storten) en het streven naar een volledig circulaire economie in 2050, met 50% minder gebruik van primaire grondstoffen in 2030. Daarnaast zijn er landelijke regelingen die direct van invloed zijn op gemeenten, zoals de Uitgebreide Producentenverantwoordelijkheid (UPV) door o.a. verpakkingen, sigarettenfilters, autobanden, textiel en elektrische apparaten. Producenten worden hierbij verantwoordelijk gemaakt voor de inzameling en recycling van hun producten. Voor gemeenten wordt de inzameling van plastic verpakkingen, verpakkingen van metaal en drankkarton (PBD) deels bekostigd door Verpact (het voormalige Afvalfonds Verpakkingen). Ook landelijke afspraken, zoals het Grondstoffenakkoord (2017) en het Klimaatakkoord (2019), sturen op minder afval, meer recycling en CO₂-reductie. Tot slot speelt ook het ‘VANG’ programma nog mee.

De rijksoverheid heeft het uitvoeringsprogramma Van Afval Naar Grondstof (VANG) opgezet. Dit programma (2015-2025) bevat activiteiten voor voorkomen, scheiden en recyclen van afval. We willen in Nederland in 2050 volledig circulair zijn. Het doel van VANG was tot 2020 dat het afval voor 75% gescheiden werd en dat het restafval per inwoner onder de 100 kilo per jaar kwam. Dit doel werd echter door veel gemeenten niet gehaald. Ook bleek dat een deel van het gescheiden afval niet gerecycled kon worden en alsnog werd verbrand. Daarom zijn de doelen aangepast: in 2030 recyclen we in Nederland minimaal 60% van het huishoudelijk afval. De doelen van VANG worden stapsgewijs ingebed in het Circulaire Materialenplan.

De volgende landelijke kaders gelden: • Wet milieubeheer • Landelijk Afvalbeheerplan (LAP3, 2017–2025) • Circulair Materialenplan (CMP, vanaf eind 2025) • Grondstoffenakkoord (2017) • Klimaatakkoord (2019) • Nationaal Programma Circulaire Economie (NPCE, 2023–2030) • UPV Verpakkingen (2007, herzien in 2023) • UPV Elektrische en elektronische apparaten (WEEE, sinds 2005) • UPV Batterijen (2008) • UPV Autobanden (2005) • UPV Textiel (vanaf 2023) • UPV Sigarettenfilters (per 2023) • Statiegeldregeling Plastic flessen (sinds 2005, uitgebreid 2021) • Statiegeldregeling Kleine plastic flesjes (2021) • Statiegeldregeling Blikjes (2023) • VANG-programma (Van Afval Naar Grondstof, sinds 2014)

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

14

4. Onderzoeken De afgelopen jaren zijn er in Zoetermeer diverse onderzoeken uitgevoerd naar afval. Sinds 2008 wordt met regelmaat het afval van Zoetermeer in kaart gebracht. In 2022 is er een onderzoek gedaan naar de verschillende scenario’s van bron- of nascheiding van PBD uit restafval. In 2024 en 2025 is er uitgebreide analyse van het Zoetermeerse afval gemaakt en in 2025 is er een onderzoek gedaan naar afvalinzameling in de wijk Oosterheem. Dit hoofdstuk benoemt de belangrijkste resultaten uit deze onderzoeken. 4.1 Scenario-onderzoek bron- en nascheiding 2022 De gemeente Zoetermeer heeft in 2022 een extern onderzoek laten doen naar scenario’s voor bronen nascheiding van PBD. Daarbij zijn aspecten als serviceniveau, milieuprestaties en kosten uiteengezet. Uit het onderzoek blijkt dat bronscheiding bij laagbouw en nascheiding bij hoogbouw leidt tot de beste milieu- en kostenprestaties. Dit scenario leidt tot een hogere mate van scheiding van PBD en tegelijkertijd tot lagere kosten in vergelijking met de huidige situatie. De gemeenteraad heeft het volledige onderzoek ontvangen (raadsmemo 'Onderzoeken afvalinzameling en afdoening motie 220402 besluiten na afvalreferendum').

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

15

4.2 Analyse afval Zoetermeer 2024 en 2025 De gemeente Zoetermeer laat jaarlijks in juni of juli een sorteeranalyse uitvoeren op het huishoudelijk afval. Daarbij wordt gekeken naar de samenstelling van het restafval. De analyse laat zien welke grondstoffen goed worden gescheiden en welke nog vaak in het restafval belanden. De resultaten zijn gebaseerd op inzamelgegevens van de gemeente Zoetermeer, de landelijke benchmark huishoudelijk afval en de sorteeranalyses. Uit de analyse blijkt dat de hoeveelheid gescheiden afval in Zoetermeer de laatste jaren afneemt. Vooral bij papier/karton en glas is een duidelijk daling in de gescheiden hoeveelheid zichtbaar. Groente, fruit, tuinafval en etensresten (GFT+E) vormen nog het grootste aandeel in het restafval met ongeveer 38% van het gewicht. Het grootste deel hiervan is keukenafval. Daar is dus nog veel winst te behalen. Ook komt uit de analyse naar voren dat er in het restafval nog veel waardevolle grondstoffen zitten. Bijna de helft van het restafval bestaat uit materialen die goed recyclebaar of herbruikbaar zijn. Ten opzichte van het landelijke gemiddelde blijft Zoetermeer achter in het scheiden van waardevolle grondstoffen. Daarentegen scoort Zoetermeer wel erg goed in de kwaliteit van het gescheiden afval.

Zo blijkt uit de verwerkingsgegevens dat bijvoorbeeld minder dan 1% van het aangeboden PBD afval van Zoetermeer wordt afgekeurd. In de tabellen en grafieken hieronder zijn enkele van de resultaten van de analyses opgenomen.

4.2.1 Ontwikkeling afvalscheiding in Zoetermeer voor apart aangeboden afvalsoort

Apart ingezameld 2021 en 2024 (kg per inwoner) 60

53

50

44 38

40

30 30 17

20 10 0

15

9.2

8

4.1

3.1 2021

2024 GFT+E

PBD

Papier

Glas

Textiel

De bovenstaande tabel toont de hoeveelheid apart ingezameld afval per inwoner. Daarmee wordt bedoeld; hoeveel heeft de inwoner zelf al apart gescheiden. Het gaat daarbij dus niet om restafval, maar om afval dat al door de inwoner is gescheiden. Er kan gesteld worden dat er in 2024 minder afval werd gescheiden dan in 2021.

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

16

4.2.2 Vergelijking met landelijk gemiddelde De onderstaande twee tabellen vergelijken Zoetermeer met de landelijke doelstelling en het landelijk gemiddelde van andere vergelijkbare gemeentes (stedelijkheidsklasse B). Beide tabellen laten zien dat Zoetermeer achterloopt. Daarmee wordt de noodzaak voor een nieuwe aanpak bevestigd.

Restafval in kilogram per inwoner per jaar Zoetermeer

Landelijke doelstelling

250 222

200

204

199

202

100

100

100

100

2021

2022

2023

2024

150 100 50 0

250

Zoetermeer t.o.v. gemiddelde vergelijkbare gemeentes Afval per stroom in kilogram per inwoner dat nog gescheiden kan worden 197

200

151 150

100

50

79 52.5

48 30 8.5

0

17.5

15

21 6.5

4 Zoetermeer GFT+E

PBD

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

Landelijk gemiddelde Papier en karton

Glas

Textiel

Restafval

17

4.2.3 Samenstelling restafval Het onderstaande figuur laat de samenstelling zien van het fijn restafval van huishoudens in Zoetermeer. De weergegeven gewichtspercentages zijn gebaseerd op sorteeranalyses die jaarlijks in juni of juli worden uitgevoerd. In 2022 is er wegens omstandigheden geen sorteeranalyse gedaan. Met deze cijfers kan een belangrijke conclusie getrokken worden. In 2025 bestond slechts 16% van het restafval uit puur restafval. 84% van het restafval bestond dus nog uit herbruikbare grondstoffen.

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

18

4.3 Afvalinzameling Oosterheem 2025 Vanaf 2000 is de wijk Oosterheem gebouwd. Deze moderne wijk heeft ook een ‘moderne’ oplossing gekregen voor afval. Niet alleen de hoogbouwwoningen, maar alle woningen in Oosterheem hebben ondergrondse verzamelcontainer voor restafval en GFT+E afval gekregen. Daarmee heeft de wijk Oosterheem een aparte positie in Zoetermeer. Deze uitzonderingspositie vraagt om een zorgvuldige aanpak. Een nieuwe aanpak voor Zoetermeer kan immers andere effecten hebben op de wijk Oosterheem. Om daar zorgvuldig mee om te gaan is in 2025 een onderzoek gedaan naar de afvalinzameling van de wijk Oosterheem. Overigens hebben ook enkele laagbouwbuurten van de wijk Noordhove ondergrondse verzamelcontainers gekregen. Deze buurten zijn meegenomen bij het onderzoek. Voor het gemak wordt verder gesproken over ‘Oosterheem’. Het volledige onderzoeksrapport is opgenomen in de bijlagen. Deze paragraaf omschrijft de belangrijkste uitkomsten. Het onderzoek heeft negen scenario’s onderzocht. Drie mogelijke scenario’s voor afvalinzameling van de hoogbouwwoningen en zes mogelijke scenario’s voor afvalinzameling van laagbouwwoningen. De scenario’s zijn berekend op milieuprestaties, kosten en serviceniveau. Hoogbouw Uit het onderzoek blijkt dat er voor hoogbouwwoningen geen goed passend bronscheidingssysteem bestaat.

Scenario’s met deelcontainers of zakkeninzameling leiden tot hoge kosten of beperkte milieuwinst, en brengen praktische uitvoeringsproblemen met zich mee. Nascheiding van PBD scoort milieutechnisch minder goed dan bronscheiding, maar is in de praktijk wel uitvoerbaar. Daarnaast is nascheiden kostentechnisch vrijwel neutraal en biedt het een hoog serviceniveau aan inwoners. Daarom wordt dit scenario gezien als het meest haalbare voor hoogbouw. Laagbouw Voor de laagbouwwoningen in Oosterheem is geconstateerd dat het scenario van bronscheiden door middel van drie minicontainers de beste gecombineerde resultaten oplevert. Op milieuresultaten scoort dit systeem hoog. Bronscheiden levert altijd de beste scheidingspercentages op. In tegenstelling tot de hoogbouwwoningen is bij laagbouwwoningen bronscheiden wel mogelijk. Het vraagt wel een andere inrichting van de openbare ruimte en ruimte bij de woningen voor de containers. Net zoals in de rest van Zoetermeer, waar laagbouwwoningen al gebruikmaken van minicontainers, is dit ook in Oosterheem mogelijk. Het serviceniveau met minicontainers is hoog, omdat inwoners hun afval dichtbij huis en op een gemakkelijke manier kunnen aanbieden. Tot slot scoort dit systeem ook goed qua kosten. Ondergrondse verzamelcontainers zijn namelijk duur, waardoor een overgang naar minicontainers een besparing oplevert.

Hoewel bronscheiden met minicontainers dus de voorkeur heeft, is het niet de meest gunstige optie voor de korte termijn. Dit komt met name door de complexe ruimtelijke overgang en de benodigde investeringskosten. In ‘hoofdstuk 5.2.3 Uitfaseren ondergrondse verzamelcontainers bij laagbouwwoningen’ staat daarom beschreven dat het doel is om op termijn over te gaan, maar dat het proces daarnaartoe eerst nader gespecifieerd dient te worden. 4.4 Eindevaluatie PBD dicht bij huis met frequentieverlaging inzameling restafval In de periode van september 2015 tot en met februari 2016 vond in Zoetermeer de pilot ‘PBD dichtbij huis’ plaats, waarbij huishoudens in een deel van Rokkeveen een derde minicontainer voor de inzameling van PBD ontvingen. De resultaten van de pilot waren positief, maar de inzameling was in de geteste vorm logistiek en financieel niet haalbaar. Daarom startte in september 2016 een vervolgproef in een proefgebied in De Leyens waarbij het inzamelschema werd aangepast. PBD en restafval werden eens per vier weken opgehaald en GFT+E werd om de week geleegd. De meerderheid van de deelnemers was positief over zowel de derde minicontainer als lagere inzamelfrequentie van restafval. Daarnaast werd tijdens de pilot fors meer PBD gescheiden ingezameld. AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

19

Kern van het beleidsplan

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

20

5. Doel van het beleid Dit hoofdstuk bevat de kern van het beleid. Diverse acties en aanpakken worden uiteengezet. Het afvalbeleid is ingedeeld in vier categorieën. Afval verminderen, afval scheiden, afval wegbrengen en afval (laten) ophalen. Dit zijn de vier manieren waarop inwoners van Zoetermeer te maken hebben met afval. Per categorie wordt een omschrijving gegeven, de Zoetermeerse situatie toegelicht en de nieuwe aanpak uiteengezet. Deze acties worden natuurlijk niet voor niks uitgevoerd, ze dragen bij om de doelstellingen te behalen. Dit afvalbeleidsplan streeft naar het bereiken van vijf doelstellingen. 1. Nieuwe structurele aanpak Op dit moment is er geen afvalbeleid. In 2021 heeft de gemeenteraad het geldende afvalbeleid ingetrokken. Dit nieuwe afvalbeleidsplan heeft daarom als doelstellingen om weer te komen tot een structurele aanpak van afval. 2. Adviezen Burgerberaad zwaarwegend Het Burgerberaad heeft vijftien adviezen uitgebracht. De gemeenteraad heeft besloten dat deze adviezen zwaarwegend zijn en als basis dienen voor het nieuwe afvalbeleid. Dit plan heeft daarom als doelstelling om de adviezen van het burgerberaad zwaarwegend mee te nemen. 3. Beheersen van de kosten De kosten van afvalverwerking worden gedekt vanuit de afvalstoffenheffing. Dat betekent dat een stijging van de kosten ook direct een stijging van de heffing betekent.

Huishoudens betalen dan ook jaarlijks meer. Dit afvalbeleid heeft daarom ook als doelstellingen om de kosten van afvalverwerking te beheersen en de stijging van de heffing voor huishoudens zoveel als mogelijk te beperken. 4. (Landelijke) doelstellingen duurzaamheid Dit afvalbeleid heeft ook duurzaamheidsdoelstellingen. De belangrijkste daarbij is het terugdringen van het aantal kilo’s restafval. Dit wordt ook jaarlijks gemonitord. Daarnaast streeft dit beleid naar het dichterbij brengen van landelijke duurzaamheidsdoelstellingen. Zoals het verhogen van het scheidingspercentage en het recyclingpercentage. 5. Oplossen knelpunten huidige aanpak De afgelopen jaren zijn er, mede door gebrek aan een afvalbeleid, diverse knelpunten ontstaan in het afvalsysteem. Dit beleid streeft er naar deze knelpunten aan te pakken en op te lossen.

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

21

Afval verminderen

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

22

5.1 Afval verminderen Afval voorkomen is de meest effectieve manier om de hoeveelheid afval terug te dringen. Wat niet geproduceerd wordt, hoeft ook niet ingezameld, vervoerd en verwerkt te worden. Verwerken van afval wordt ook steeds duurder, recyclen is dus ook belangrijk. Grondstoffen die gerecycled worden, worden geen afval. Daarmee levert afvalpreventie en recycling een directe bijdrage aan zowel de duurzaamheid van de stad als de betaalbaarheid van de afvalinzameling.

5.1.1 Zoetermeerse situatie In Zoetermeer is nog veel winst te behalen met afvalvermindering. Uit sorteeranalyses blijkt dat een aanzienlijk deel van het restafval bestaat uit stromen die voorkomen of hergebruikt hadden kunnen worden. Vooral textiel en verpakkingsmateriaal, zoals karton, plastic en drankverpakkingen springen eruit als grote en onnodige afvalstromen. De aparte inzameling van papier en karton daalt al jaren: van 39 kilo per inwoner in 2020 naar 30 kilo in 2024. Dit komt deels door digitalisering, maar ook door het gebruik van lichtgewicht pakketkarton. Hoewel er dus een dalende trend is, belandt nog steeds gemiddeld 15 kilo papier en karton per inwoner per jaar in het restafval. Steeds meer van die 15 kilo is karton. Dit omdat papiergebruik afneemt, maar verpakkingen zoals dozen van karton toenemen. Dit is lastig, want karton neemt meer volume in dan papier, waardoor containers sneller vol raken. Niet alleen de gemeente heeft te maken met deze veranderingen, ook (sport)verenigingen scholen en andere instanties. Diverse (sport)verenigingen, scholen en instanties in Zoetermeer verzamelen namelijk papier en karton om dit te verkopen. Ook de andere afvalstromen vragen aandacht. Voor plastic geldt dat het een groot volume heeft en daarmee veel ruimte vraagt. Het gewicht van het plastic afval is daarentegen weer erg laag.

GFT+E is ook belangrijk, want deze vormt de zwaarste afvalstroom. Tot slot beland nog veel textiel in het restafval en ook dat is onwenselijk. Over het algemeen geldt; restafval kost veel om te verwerken. Daarom is het doel; zo min mogelijk restafval. In 2019 heeft Zoetermeer als één van de eerste gemeentes van Nederland een verbod op het oplaten van ballonen ingevoerd. Dit is een concreet voorbeeld over hoe de gemeente kan bijdragen aan het verminderen van afval. Sinds 2021 is er echter geen afvalbeleidsplan. De inzet op het voorkomen van afval is de afgelopen jaren daarom laag geweest. Er is met een beperkt budget ingezet op online communicatiecampagnes over het voorkomen en goed scheiden van afval. Het is dus nodig om in te zetten op een brede en samenhangende aanpak over het voorkomen van afval. De komende jaren blijft Zoetermeer kijken naar mogelijkheden, kansen en innovaties. Door zowel landelijk als lokaal aan te sluiten bij ontwikkelingen, wordt de beweging naar minder verpakkingen en meer hergebruik versterkt. Voor de komende jaren zijn vier specifieke acties geformuleerd, deze worden hieronder toegelicht. AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

Bron: Europees Parlement, 2023

23

5.1.2 Invoeren Ja-Ja sticker voor ongeadresseerd drukwerk Ongeadresseerd reclamedrukwerk dat niet wordt gelezen is een onnodige afvalstroom. Niet elke inwoner die thuis drukwerk ontvangt, leest deze. Met het invoeren van de Ja-Ja sticker voor ongeadresseerd drukwerk kan ongelezen drukwerk worden voorkomen. De Ja-Ja sticker zorgt voor minder papierafval maar ook dat ondernemers gestimuleerd worden om hun communicatie verder te digitaliseren. Per 2026 voert Zoetermeer daarom de Ja-Ja sticker in; alleen huishoudens die bewust kiezen voor het ontvangen van folders, krijgen deze dan nog in de bus. Deze inzet wordt juridisch verankerd in de afvalstoffenverordening en ondersteund met communicatie en handhaving. Naast de Ja-Ja sticker blijven de Ja-Nee, de Nee-Ja en de Nee-Nee stickers ook gelden. Een belangrijk aandachtspunt bij de invoering is het mogelijke effect op (sport)verenigingen, scholen en maatschappelijke instellingen die papier en karton inzamelen. Voor hen kan de opbrengst hiervan iets lager uitvallen. Motie Met deze inzet wordt uitvoering gegeven aan motie 1907-14A GroenLinks “Zeg Ja tegen de Ja-Ja sticker”.

5.1.3 Verder in gesprek met scholen over lesmateriaal voorkomen afval Educatie speelt een cruciale rol in het verminderen van afval. Tot nu toe lag de nadruk voor educatie in Zoetermeer vooral op zwerfafval. Voor thema’s als afvalpreventie en circulariteit ontbreekt echter nog een structureel aanbod. Daarom gaat de gemeente in de periode 2025–2030 met basisscholen en middelbare scholen in gesprek om samen te verkennen welke mogelijkheden er zijn voor lespakketten, gastlessen of uitbreiding van bestaande programma’s. Het doel is om zo een structureel educatieaanbod te hebben dat aansluit bij de leefwereld van kinderen en jongeren. Door jongeren al vroeg bewust te maken van hun rol in afvalpreventie, wordt duurzaam gedrag gestimuleerd. Daarnaast nemen zij deze kennis mee naar huis en in hun toekomstige keuzes. Advies burgerberaad Deze actie pas bij advies 19 van het burgerberaad. Er werd geadviseerd om in gesprek te gaan met basisscholen over het aanbieden/ontwikkelen van lespakketten.

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

24

5.1.4 Communicatiecampagne over verminderen afval Veel inwoners weten nog niet goed hoe zij zelf afval kunnen voorkomen of ervaren hun bijdrage als te gering. Om dit te doorbreken start Zoetermeer in 2026 een communicatiecampagne die volledig in het teken staat van afval verminderen. In de campagne staan praktische tips en handelingsperspectief centraal: van verpakkingsarm boodschappen doen en bewust consumeren tot het hergebruiken of repareren van spullen via kringloopwinkels en repair cafés. Door zichtbaar te maken wat inwoners zelf kunnen doen én welke voordelen dit oplevert, wordt afvalpreventie concreet en haalbaar. Advies burgerberaad Deze communicatiecampagne sluit aan bij advies 15 van het burgerberaad. Het burgerberaad adviseerde om huishoudens informatie te geven over hoe ze afvalproductie van meer naar minder kunnen brengen.

5.1.5 Inzetten op vermindering van verpakking bij producenten Verpakkingen maken een groot deel uit van het huishoudelijk afval. Producenten gebruiken ze voor gemak, bescherming en marketing, maar dit leidt tot een grote afvalstroom van plastic, blik en drinkpakken (PBD), glas en papier en karton. Minder verpakkingen betekent minder afval voor inwoners, lagere inzamel- en verwerkingskosten en meer mogelijkheden voor hergebruik. Een kanttekening daarbij is wel dat de gemeente Zoetermeer een vergoeding ontvangt van Verpact per ton PBD die wordt aangeleverd. Minder PBD afval aanleveren, betekent dus ook minder vergoeding. Toch is inzet op voorkomen van afval altijd beter dan (gescheiden) inzamelen en verwerken. De gemeente Zoetermeer volgt de landelijke Uitgebreide Producentenverantwoordelijkheid (UPV) voor verpakkingen nauwlettend. Binnen deze regeling zijn producenten verantwoordelijk voor het beperken en recyclen van verpakkingsafval. De gemeente blijft hierover actief in gesprek met Verpact, de VNG en andere landelijke en regionale partners. Advies burgerberaad Deze inzet sluit direct aan bij advies 18 van het burgerberaad. Het burgerberaad adviseerde de gemeente om landelijk in samenwerking met de VNG en lokaal met MKB te pleiten voor vermindering van verpakkingen bij producenten.

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

25

Afval scheiden

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

26

5.2 Afval scheiden Het goed scheiden van afval is niet alleen belangrijk voor het milieu, het kan ook veel opleveren. Waardevolle materialen kunnen namelijk hergebruikt worden en het verwerken van restafval kost veel geld. Dus beter voor het milieu én goedkoper. Het loont daarom om de inwoners van Zoetermeer te stimuleren om hun afval goed te scheiden.

5.2.1 Zoetermeerse situatie In Zoetermeer hebben we verschillende manieren van het scheiden van afval. Er zijn minicontainers bij woningen, ondergrondse verzamelcontainers bij woningen en milieueilanden met diverse ondergrondse containers. Grofvuil kan worden weggebracht naar het zelfbrengdepot of worden opgehaald. In 2024 en 2025 is er een analyse uitgevoerd naar het afval in Zoetermeer (zie paragraaf 4.2). Uit deze analyse blijkt dat Zoetermeer ten opzichte van het landelijke gemiddelde minder goed het afval scheidt. Het afval dat we gescheiden aanbieden voor verwerken is wel van hoge kwaliteit. Minder dan 1% van het aangeboden PBD afval wordt door de verwerker afgekeurd. Uit de analyse kwam een belangrijke conclusie; in 2025 bestond 84% van het restafval uit materialen die gescheiden ingezameld hadden kunnen worden. Er zat nog veel GFT+E en PBD in het restafval. Zelfs anderhalf tot twee keer zoveel als dat er apart werd ingezameld. Deze afvalstromen zijn zwaar of nemen veel ruimte in, wat leidt tot hogere verbrandingskosten en sneller volle containers.

De manier van inzamelen heeft ook directe invloed op hoe goed afvalstromen worden gescheiden: - (Laagbouw)woningen met minicontainers in Zoetermeer: o PBD, papier en karton, glas en etensresten worden relatief goed gescheiden o Textiel veel bij restafval - (Hoogbouw)woningen met ondergrondse verzamelcontainers in Zoetermeer: o Lagere scheidingspercentages o Met name etensresten, glas en PBD veel bij restafval. Deze conclusies benadrukken het belang van meer en beter afval scheiden. Om dit te gaan bereiken wordt ingezet op een andere manier van PBD scheiden, een onderzoek naar de milieueilanden en een nieuwe intensievere communicatiecampagne over het scheiden van afval. Deze inzet wordt hieronder uiteengezet.

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

27

5.2.2 Andere manier van PBD scheiden Het scheiden van PBD afval gaat in Zoetermeer op dit moment niet goed. Uit analyses blijkt bijvoorbeeld dat er aanzienlijk meer PBD in het restafval belandt dan dat er gescheiden wordt ingezameld (zie paragraaf 4.2). PBD afval is volumineus en neemt dus veel ruimte in. In 2024 bestond het totale restafval van Zoetermeer voor 11% uit PBD. Restafvalcontainers moeten daardoor vaker worden geleegd. Bovendien brengt het PBD dat tussen het restafval belandt hogere verbrandingskosten met zich mee, terwijl de verwerking van gescheiden ingezameld PBD wordt vergoed via de landelijke producentenverantwoordelijkheid (UPV). Voor het PBD afval zet Zoetermeer daarom in op een andere aanpak. Het uitgangspunt wordt; bronscheiden waar kan, nascheiden waar nodig. Met bronscheiden wordt bedoeld het scheiden van het PBD afval dicht bij de bron. Bijvoorbeeld door minicontainers bij de woning. Met nascheiden wordt bedoeld dat het PBD afval bij het restafval wordt gedaan en dat de afvalverwerker het PBD eruit haalt. Uit onderzoek (zie paragraaf 4.1) blijkt dat met bronscheiden de beste resultaten bereikt kunnen worden. Bronscheiden levert de beste milieuresultaten op. Nascheiden is altijd duurder dan bronscheiden. Dat komt omdat er bij nascheiden kosten worden gemaakt om het PBD uit het restafval te halen.

Bij bronscheiden is dat niet nodig, omdat het afval al gesorteerd is. Bronscheiden is echter niet overal mogelijk, omdat het ruimtelijk niet past, een te grote systeemwijziging is of te duur wordt. Waar het nodig is, zetten we daarom in op nascheiden. Voor Zoetermeer betekent dit specifiek het volgende: - Bronscheiden waar kan; toevoegen van minicontainers voor PBD bij laagbouwwoningen - Nascheiden waar nodig; nascheiden PBD bij woningen met ondergrondse verzamelcontainers. Voor (laagbouw)woningen met minicontainers betekent dit dus dat er een derde minicontainer bijkomt. De minicontainer is bedoeld voor het PBD-afval en krijgt een herkenbare kleur die aansluit bij de landelijke kleurcodering voor afvalscheiding en past bij het straatbeeld. De exacte uitvoering wordt nog nader bepaald. Een nieuwe minicontainer betekent ook een wijziging in het ophaalschema. Daarover meer in paragraaf 5.4 ‘Afval ophalen’. Voor woningen met ondergrondse verzamelcontainers (voornamelijk hoogbouw) lijkt inzetten op nascheiden in eerste instantie geen wijziging. Zij kunnen in de nieuwe situatie nog het PBD afval bij het restafval doen. Er is echter een belangrijk gevolg van inzetten op nascheiden. Om nascheiden mogelijk te maken, moet nascheiden rendabel zijn. Dit kan alleen als er voldoende PBD in het restafval zit.

Anders zijn de kosten van nascheiden hoger dan de opbrengsten van het recyclede PBD. Als Zoetermeerders ook de mogelijkheid hebben om het PBD afval in de containers op de milieueilanden te doen, zal het restafval onvoldoende PBD hebben. Het is dus noodzakelijk om ondergrondse verzamelcontainers voor PBD op de milieueilanden te verwijderen. Het PBD gaat dan óf mee met het restafval, óf gaat via de nieuwe minicontainers. Met deze nieuwe aanpak sluit Zoetermeer ook volledig aan bij de nieuwe landelijke afspraken. In de ‘Landelijke Ketenovereenkomst Verpakkingen’ is afgesproken om in te zetten op bronscheiden waar het kan en nascheiden waar het nodig is. Deze nieuwe aanpak is een flinke systeemwijziging voor Zoetermeer. Daarom wordt eerst ingezet op het nader uitwerken van alle specifieke veranderingen. Vanaf 1 januari 2028 zal dit nieuwe systeem in werking worden gebracht. In 2027 zijn ook diverse ondergrondse verzamelcontainers voor PBD op de milieueilanden aan vervanging toe, waardoor er geen kosten gemaakt worden voor vervanging. Daarnaast biedt deze planning de ruimte om de inwoners van Zoetermeer goed voor te bereiden op de wijzigingen en alle benodigde aanbestedingstappen te doorlopen.

AFVALBELEIDSPLAN ZOETERMEER 2026-2030

28

Effect op extra restafvalcontainers Door de invoering van een aparte PBD minicontainer neemt de druk op de restafvalcontainer af. Daarom scherpt de gemeente het beleid voor een extra restafvalcontainer aan: een tweede container wordt alleen nog verstrekt bij huishoudens met zes of meer ingeschreven bewoners. In deze gevallen geldt, naast de eenmalige bezorgkosten, ook een hogere afvalstoffenheffing. Bestaande extra restafvalcontainers worden in de overgangsfase herzien. Daarbij krijgen inwoners de keuze om de container kosteloos te laten ophalen of te behouden onder de nieuwe voorwaarden. Voor specifieke doelgroepen wordt maatwerk toegepast, bijvoorbeeld bij medische noodzaak, incontinentie of huishoudens met jonge kinderen. Deze maatregel wordt nader uitgewerkt en gecommuniceerd aan de gemeenteraad. Dit zal samengaan met het voorstel voor aanpassing van de afvalstoffenverordening die gepland staat in 2027. Advies burgerberaad Deze nieuwe aanpak voor PBD afval sluit slechts beperkt aan bij de adviezen van het burgerberaad. Dit komt voornamelijk door de nieuwe landelijke afspraken, die tegen veel van de adviezen ingaan. Zo adviseerde het burgerberaad met onderdelen van adviezen 1, 2, 4 en 5 om ondergrondse containers voor PBD toe te voegen. Dit is niet mogelijk gezien de landelijke afspraken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zoetermeer&id=08650908-6b56-4d13-b5a0-99feaf0a8cc2