Bijlage 1 - Aanpak Energiearmoede (achtergrondrapport bestedingsvoorstel SPUK-gelden energiearmoede)
Tekst van het document
Aanpak energiearmoede Zoetermeer Achtergrondrapport bij raadsvoorstel SPUK-regeling
Aanpak energiearmoede Zoetermeer Achtergrondrapport bij raadsvoorstel SPUK-regeling
Dit rapport is geschreven door: Pien van Berkel en Katja Kruit Delft, CE Delft, Juni 2022 Publicatienummer: 22.220174.086 Gemeenten / Beleid / Huishoudens / Energiegebruik / Kosten / Welzijn / Armoede / Maatregelen / Opdrachtgever: Gemeente Zoetermeer Uw kenmerk: 2022-027877 Alle openbare publicaties van CE Delft zijn verkrijgbaar via www.ce.nl Meer informatie over de studie is te verkrijgen bij Pien van Berkel (CE Delft) © copyright, CE Delft, Delft
CE Delft Committed to the Environment CE Delft draagt met onafhankelijk onderzoek en advies bij aan een duurzame samenleving. Wij zijn toonaangevend op het gebied van energie, transport en grondstoffen. Met onze kennis van techniek, beleid en economie helpen we overheden, NGO’s en bedrijven structurele veranderingen te realiseren. Al 40 jaar werken betrokken en kundige medewerkers bij CE Delft om dit waar te maken.
1
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
Inhoud Samenvatting
3
1
Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Context 1.3 Doel: effectieve en haalbare maatregelen 1.4 Aanpak 1.5 Leeswijzer
5 5 5 6 6 7
2
Energiearmoede in kaart 8 2.1 Wat is energiearmoede en wat zijn de oorzaken? 8 2.2 Indicatoren voor energiearmoede 9 2.3 In welke Zoetermeerse buurten en wijken komt energiearmoede het meest voor? 12 2.4 Wat zijn kenmerken van huishoudens met energiearmoede? 14 2.5 Additionele kennis van de gemeente over doelgroepen 17 2.6 Conclusie: doelgroepen in Zoetermeer 17
3
Maatregelen 3.1 Selectieproces van maatregelen 3.2 Energiecoaches 3.3 Ondersteuning VvE’s 3.4 Witgoedregeling 3.5 Collectief zonnedak 3.6 Effectiviteit van de maatregelen 3.7 Overzicht van de kosten en opbrengsten
19 19 20 24 26 28 30 32
Literatuur
34
A
Energiearmoede-indicatoren op buurt-/wijkniveau
36
B
Gegevens over isolatieniveau en eigendomsstatus
38
C
Mogelijke maatregelen voor energiebesparing 40 C.1 Maatregelen voor energiebesparing 40 C.2 Type ondersteuning 42 C.3 Doelgroep en hoe deze te identificeren en bereiken 44 C.4 Andere mogelijke maatregel: herprioriteren renovatieplannen woningcorporaties 45
D
Verantwoording: SiSa-systematiek
2
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
46
Samenvatting Aanleiding Zoetermeer ontvangt, net als alle andere Nederlandse gemeenten, een specifieke uitkering (SPUK) van het Rijk om huishoudens met energiearmoede te ondersteunen bij het nemen van energiebesparende maatregelen. In totaal gaat het over ca. € 1,4 miljoen die uiterlijk 31 december 2023 besteed moet zijn. Dit rapport geeft een verkenning en onderbouwing van welke maatregelen de gemeente Zoetermeer kan nemen om energiearmoede tegen te gaan.
Bij welke doelgroepen komt energiearmoede voor in Zoetermeer? Volgens de meest recente data komt energiearmoede voor bij 2.250 (4%) Zoetermeerse huishoudens. Het gaat dan om huishoudens met een laag inkomen en een hoge energierekening en/of een slecht energielabel. Het gaat hier om gegevens uit 2019, dus vóór de sterk toegenomen energieprijzen. Inmiddels zullen er (veel) meer huishoudens zijn met een hoge energierekening. Energiearmoede komt met name voor bij huishoudens in corporatiewoningen. Dit is niet opvallend, aangezien woningcorporaties de maatschappelijke taak hebben om huisvesting te bieden aan huishoudens met lagere inkomens. Ook huishoudens met een laag inkomen in VvE’s (flats) die toe zijn aan grootschalig onderhoud lopen risico op energiearmoede. Deze flats bevinden zich met name in Palenstein, Meerzicht, Driemanspolder, Dorp en Buytenwegh.
Hoe hebben we de maatregelen geselecteerd? Voor het reduceren van de energierekening of het verbeteren van het energielabel zijn meerdere maatregelen mogelijk. Maar niet alle maatregelen hebben hetzelfde resultaat. Ook mogen de SPUK-middelen niet voor alle maatregelen worden ingezet. Daarom is eerst een selectie gemaakt van de maatregelen. Bij het selecteren van maatregelen stonden twee uitgangspunten centraal: 1. Effectiviteit: de middelen moeten effectief zijn en gericht worden ingezet, zodat deze bij de huishoudens terecht komen die hier de meeste baat bij hebben. 2. Haalbaarheid: de gemeente of uitvoeringspartners moeten over de capaciteit beschikken om de maatregelen op korte termijn uit te voeren. Om tegemoet te komen aan de verschillende doelgroepen die te maken hebben met energiearmoede, hebben we samen met de projectgroep van de gemeente gekozen voor verschillende maatregelen: — energiecoaches die advies geven over energiebesparing in de woning en kleine energiebesparende maatregelen (zogenoemde fixers passen deze maatregelen ook meteen toe); — advies aan VvE’s over hoe zij groot onderhoud kunnen combineren met verduurzaming; — witgoedregeling: huishoudens met een laag inkomen krijgen korting op een energiezuinige koelkast of wasmachine.
3
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
Effectiviteit van de maatregelen De effectiviteit kan worden uitgedrukt in de totale energiebesparing per geïnvesteerde euro door de gemeente: — De effectiviteit van fixers en energiecoaches is vergelijkbaar (respectievelijk 0,07 en 0,05 GJ/€). Hoewel de kosten van fixers hoger zijn (deze worden betaald, terwijl energiecoaches vrijwilligers zijn), is de energiebesparing waarschijnlijk langer van duur omdat er fysieke maatregelen worden genomen. — Het VvE-advies is in potentie een zeer effectieve maatregel, maar het effect is indirect. Alleen als de VvE naar aanleiding van het advies tot actie overgaat, kan dit een flinke energiebesparing opleveren (0,20 GJ/€ geïnvesteerd door de gemeente). — De effectiviteit van de witgoedregeling is ongeveer 0,01 GJ/€. Dit is vergelijkbaar met de effectiviteit van het renoveren van een woning met label F naar label B op kosten van de gemeente.
Kosten en opbrengsten van de maatregelen Tabel 1 geeft de ingeschatte kosten en opbrengsten van de verschillende maatregelen weer. Tabel 1 – Overzicht van de kosten en opbrengsten van de maatregelen Maatregel
Doelgroep
Kosten
Verwachte jaarlijkse besparing per huishouden
Energiecoaches
Sociale huurders en doelgroep armoede/ welzijnswerk
Training energiecoaches: − € 40.000 projectleider • € 1.000 per energiecoach
Kan per huishouden sterk verschillen, door zowel de woning als gedrag. Met name bij de gedragstips is de energiebesparing moeilijk in te schatten en of deze ook blijvend van aard zal zijn.
Fixers: − € 180 per fix-bezoek van 1,5 uur
Inschatting: 55 m3 gas 225 kWh elektriciteit € 75-€ 180 per jaar
Advies VvE’s
Witgoed
VvE’s in Meerzicht, Driemanspolder, Palenstein, Dorp en Buytenwegh
− −
Huishoudens met een ZoetermeerPas
−
−
−
−
4
€ 18.500 campagne € 75.000 procesbegeleiding € 10.000 per energieadvies
Afhankelijk van welke maatregelen als gevolg van het advies genomen worden.
€ 40.000 procesondersteuning € 250 per waardebon koelkast € 250 per waardebon wasmachine
Koelkast: 170 kWh € 25-€ 70 per jaar
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
Ter illustratie: het isoleren van een appartement in Zoetermeer met label F naar label B levert jaarlijks 255 m3 gasbesparing op (€ 205-€ 445).
Wasmachine: 50 kWh € 8–€ 20 per jaar
1 Inleiding 1.1
Aanleiding De gemeente Zoetermeer ontvangt, net als alle andere Nederlandse gemeenten, een specifieke uitkering (SPUK) van het Rijk om huishoudens met energiearmoede te ondersteunen bij het nemen van energiebesparende maatregelen. In totaal heeft het kabinet begin 2022 € 150 miljoen verdeeld over gemeenten, naar rato van het aantal huishoudens in energiearmoede. De gemeente Zoetermeer heeft in eerste instantie ruim € 700.000 toebedeeld gekregen (MinBZK, 2021b). Op 25 mei 2022 meldde minister de Jonge in zijn brief aan de Tweede Kamer dat gemeenten aanvullende middelen krijgen ten behoeve van de bestrijding van energiearmoede en dat hiertoe in 2022 € 150 miljoen additioneel beschikbaar wordt gesteld (MinBZK, 2022). In totaal gaat het voor de gemeente Zoetermeer om ca. € 1,4 miljoen. Gemeenten krijgen een grote mate van vrijheid bij de besteding van deze middelen (MinBZK, 2021a). De gemeente Zoetermeer heeft CE Delft gevraagd te ondersteunen bij het opstellen van een bestedingsvoorstel en een plan voor de aanpak van energiearmoede in Zoetermeer. Dit rapport geeft een verkenning en onderbouwing van welke maatregelen de gemeente Zoetermeer kan nemen om energiearmoede tegen te gaan.
1.2
Context Aandacht voor energiearmoede in Zoetermeer In haar warmtevisie noemt de gemeente Zoetermeer dat energiearmoede in Nederland – en daarmee ook in Zoetermeer – een steeds groter wordend probleem is. Het is voor het slagen van de warmtetransitie belangrijk dat iedereen mee kan komen. Ook stelt de gemeente dat de energietransitie zowel bedreigingen als kansen kan bieden op het gebied van energiearmoede. Het uitgangspunt van de gemeente bij de energietransitie is om de woonlasten te verminderen van huishoudens die te maken hebben met energiearmoede. Ook vanuit de gemeenteraad van Zoetermeer is er aandacht voor energiearmoede, blijkt uit de moties die zijn ingediend over het in kaart brengen (motie 2111-17) en het aanpakken (motie 2111-13) van energiearmoede.
Inspanningen nodig op korte én lange termijn De gemeente Zoetermeer is al enkele jaren actief betrokken bij het renoveren van woningen. Sinds 2015 is zij bezig met grootschalige renovaties in het kader van de herinrichting van de buurt Palenstein en ondertekende zij in 2017 samen met de Zoetermeerse woningcorporaties de ‘Green Deal Aardgasvrij Palenstein’. In 2019 is de aanpak van Palenstein uitgebreid naar Meerzicht en Driemanspolder. Daarnaast werkt de gemeente met een programmalijn eigenaar-bewoners om particuliere woningeigenaren te ondersteunen bij verduurzamen van hun woning. Uitgangspunten van de gemeente Zoetermeer bij het verduurzamen van woningen zijn: betaalbaarheid, comfort en gezondheid (Gemeente Zoetermeer, 2021). Uit een eerdere studie van CE Delft (2021) naar energiearmoede blijkt dat beleidsmaatregelen die zorgen dat woningen worden
5
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
verduurzaamd, energiearmoede reduceren. Dit komt doordat de energie-efficiëntie van woningen wordt verbeterd, waardoor de energierekening structureel daalt. Het renoveren van woningen kent echter een lange doorlooptijd. Daarom zijn parallel aan de verduurzaming van woningen maatregelen nodig die op korte termijn verlichting bieden aan huishoudens die (vanwege de sterk gestegen energieprijzen) met energiearmoede te maken hebben. De SPUK-middelen zijn hierop gericht: de besparingseffecten moeten komende winter merkbaar zijn voor de huishoudens. De besteding van de middelen moet uiterlijk 31 december 2023 zijn afgerond (MinBZK, 2021a).
1.3
Doel: effectieve en haalbare maatregelen De gemeente Zoetermeer vindt het belangrijk dat de middelen voor de aanpak van energiearmoede effectief en gericht worden ingezet, zodat deze bij de huishoudens terecht komen die hier de meeste baat bij hebben. Een ander belangrijk aandachtspunt is de haalbaarheid: gemeente of andere stakeholders moeten over de capaciteit beschikken om de maatregelen op korte termijn uit te voeren.
1.4
Aanpak We hebben verschillende stappen genomen om te komen tot de maatregelen uit dit rapport, waaronder: — een literatuuronderzoek naar de indicatoren om energiearmoede in beeld te brengen en de mogelijke maatregelen om energiebesparing te realiseren bij huishoudens met energiearmoede; — twee interviews met gemeenten die al langer bezig zijn met de aanpak van energiearmoede over hun ervaringen (successen en leerpunten); — inschattingen gemaakt van het effect van maatregelen op onder andere energiebesparing om een weloverwogen keuze te maken. Bij het opstellen van dit rapport hebben verschillende stakeholders meegedacht: — We hebben een projectgroep van medewerkers van de gemeente Zoetermeer die werkzaam zijn op verschillende afdelingen: energie en duurzaamheid, sociaal domein, en wonen. Met deze projectgroep zijn we drie keer samengekomen. — We hebben voorlopige bevindingen gepresenteerd en ideeën opgehaald tijdens een bijeenkomst van de projectgroep aardgasvrij Zoetermeer, waarin de woningcorporaties De Goede Woning, Vestia en Vidomes zijn vertegenwoordigd. — We hebben gesprekken gevoerd met verschillende stakeholders die zich al bezighouden met energiearmoede of mogelijk een rol kunnen spelen in de uitvoering (medewerkers van de gemeente, woningcorporaties, energiecoöperatie DEZo, de sociaal-maatschappelijke organisatie Piëzo en het Energieloket Zoetermeer).
6
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
1.5
Leeswijzer Dit rapport is als volgt opgebouwd: — Hoofdstuk 2 gaat in op de oorzaken van energiearmoede en de indicatoren die gebruik kunnen worden om energiearmoede te meten. Daarnaast presenteren we in welke buurten en wijken en bij welke doelgroepen energiearmoede vooral voorkomt in Zoetermeer. — In Hoofdstuk 3 presenteren we de maatregelen die de gemeente Zoetermeer kan inzetten om energiebesparing realiseren bij huishoudens met energiearmoede. Per maatregel geven we een beschrijving van de doelgroep, de uitvoering en aandachtspunten. Ook gaan we in op de effectiviteit: wat is de grootte van de doelgroep en hoe leidt de maatregel tot besparing? En wat zijn de kosten?
7
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
2 Energiearmoede in kaart In dit hoofdstuk beschrijven we allereerst wat energiearmoede is en wat de oorzaken zijn. Ook gaan we in op de indicatoren die gebruikt kunnen worden om energiearmoede te meten. Tot slot presenteren we in welke buurten en wijken en bij welke doelgroepen energiearmoede vooral voorkomt in Zoetermeer.
2.1
Wat is energiearmoede en wat zijn de oorzaken? In Nederland ontbreekt een nationale definitie van de term energiearmoede (RVO, 2020). Energiearmoede is een multidimensionaal probleem en kan bij verschillende huishoudens andere oorzaken hebben. Huishoudens kunnen risico lopen op energiearmoede vanwege één of een combinatie van meerdere factoren: — een laag besteedbaar inkomen; — hoge energieprijzen; — een hoge energievraag, veroorzaakt door: • hoge energiebehoeften1; • slechte energieprestatie van de woning (slechte isolatie en/of niet-energiezuinige apparaten). We onderscheiden de volgende vormen van energiearmoede: — Betaalbaarheid: huishoudens die een hoog energiegebruik hebben – bijvoorbeeld door een slechte energiekwaliteit van de woning – in relatie tot hun inkomen, waardoor ze betaalbaarheidsproblemen hebben. — Verborgen energiearmoede: huishoudens die (om financiële redenen) hun energiegebruik terugschroeven tot ver onder hun basisbehoefte. We spreken van verborgen energiearmoede omdat dit moeilijk met gangbare energiearmoede-indicatoren kan worden gemeten. Hoewel energiebesparing op zich wenselijk is, kan het té ver verminderen van energiegebruik negatieve gezondheidseffecten tot gevolg hebben (zie kader).
— Meekomen met de energietransitie: kunnen huishoudens meekomen met de energietransitie? Bij eigenaar-bewoners gaat dit over de mogelijkheid om te investeren in energiebesparende maatregelen en aardgasvrije warmtetechnieken. Huurders kunnen niet zelf beslissen over de verduurzaming van hun woning, want zijn hiervoor afhankelijk van de verhuurder.
Gezondheidseffecten van energiearmoede Energiearmoede kan verschillende gezondheidseffecten als gevolg hebben. Slechte isolatie, of onderconsumptie van energie wanneer huishoudens willen besparen op de energierekening, kunnen leiden tot lage binnentemperaturen en problemen als vocht en schimmel. Dit kan luchtweg-, hart- en vaataandoeningen tot gevolg hebben (WHO, 2018). Energiearmoede heeft niet alleen gevolgen voor de fysieke gezondheid, maar beïnvloedt ook het mentale welzijn, bijvoorbeeld door stress over een hoge energierekening.
________________________________ 1
Hoge energiebehoeften kunnen bijvoorbeeld het gevolg zijn van huishoudensgrootte, maar kunnen ook ontstaan wanneer huishoudens meer tijd thuis doorbrengen of behoefte hebben aan hogere binnentemperaturen (bijvoorbeeld vanwege chronische ziekte of leeftijd).
8
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
2.2
Indicatoren voor energiearmoede Om de verschillende vormen van energiearmoede in kaart te brengen, zijn meerdere indicatoren nodig. In de volgende tabellen gaan we per vorm van energiearmoede in op de indicatoren die momenteel gebruikt worden, de voor- en nadelen hiervan en op welk schaalniveau data beschikbaar zijn. Een aandachtspunt bij het in beeld brengen van huishoudens met energiearmoede is dat gegevens over inkomen en energiekosten niet altijd op buurtniveau, laat staan op huishoudensniveau beschikbaar zijn. Daarom kunnen we energiearmoede niet op adresniveau in kaart brengen. Tabel 2 – Indicatoren voor energiearmoede als betaalbaarheidsprobleem Indicator
Beschrijving
Voor- en nadelen/ aandachtspunten
Beschikbaar voor Zoetermeer?
Bron
Laag Inkomen & Hoge Energiekosten (LIHK)
Huishoudens met een inkomen lager dan 130% van het wettelijk sociaal minimum2 (en een financieel
Telt alleen de huishoudens met een laag inkomen mee, maar huishoudens met een middeninkomen kunnen ook met energiearmoede te maken krijgen.
Ja, op buurtniveau (2018) en wijkniveau (2019). Kenmerken van huishoudens met LIHK beschikbaar op gemeenteniveau.
(CBS, 2021); (TNO, 2021a)
Ongevoelig voor de invloed van veranderingen in energieconsumptie en energieprijzen. Voordeel: huishoudens zijn relatief gemakkelijk te identificeren door gemeente, want energielabels zijn voor de meeste huizen beschikbaar.
Ja, op buurtniveau (2018) en wijkniveau (2019). Kenmerken van huishoudens met LILEK beschikbaar op gemeenteniveau.
(CBS, 2021); (TNO, 2021a)
vermogen bij de laagste 10% van Nederland) en energierekening bij de hoogste 50% van Nederland. Laag Inkomen & huis met relatief Lage Energie Kwaliteit (LILEK)
Huishoudens met een inkomen lager dan 130% van het wettelijk sociaal minimum (en een financieel vermogen bij de laagste 10% van Nederland) en een huis met een energielabel slechter dan C/D. Een huis met een lage energiekwaliteit kan leiden tot een hoge warmtevraag met een hoge energierekening als gevolg.
________________________________ 2
Het sociaal minimum is het wettelijk bestaansminimum zoals dat in de politieke besluitvorming is vastgesteld. Het sociaal minimum bestaat uit de bijstandsuitkering en het AOW-pensioen. Het bedrag is afhankelijk van de leefsituatie (alleenstaand, alleenstaande ouder, samenwonend met partner) en leeftijd. Voor huishoudens met minderjarige kinderen wordt het bedrag aangevuld met kinderbijslag en kindgebonden budget. Ook bestaat er vaak recht op huurtoeslag en zorgtoeslag (CBS, 2021). Een overzicht van de bijstandsnormen voor verschillende soorten huishoudtypes is te vinden op Zoetermeer: Bijstandsnormen per 1 januari 2022.
9
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
Indicator
Beschrijving
Voor- en nadelen/ aandachtspunten
Beschikbaar voor Zoetermeer?
Bron
Hoge energiequote (EQ)
Huishoudens waarbij de energierekening meer dan 8% van het inkomen inclusief vermogen bedraagt.
Ook huishoudens met een hoog inkomen kunnen een zeer hoge energierekening hebben, en kunnen daarmee ten onrechte worden meegeteld bij de huishoudens met energiearmoede.
Ja, op buurtniveau (2018).
(CBS, 2021)
Betaalrisico
Huishoudens met een betaalrisico hebben, na het betalen van de energielasten en woonlasten, onvoldoende geld over voor de kosten voor levensonderhoud.
Niet duidelijk of het betaalrisico wordt veroorzaakt door hoge woonlasten of een hoge energierekening.
Niet beschikbaar op gemeenteniveau.
N.v.t.
Hoge energiequote & betaalrisico
Huishoudens die een groot deel (>8%) van hun inkomen kwijt zijn aan de energierekening en (mede) hierdoor niet voldoende geld overhouden voor de kosten voor levensonderhoud.
Gegevens niet beschikbaar.
Niet beschikbaar op gemeenteniveau. Kenmerken van huishoudens met energiequote & betaalrisico op nationaal schaalniveau beschikbaar.
(CE Delft, 2021)
Tabel 3 – Indicator voor verborgen energiearmoede
10
Indicator
Beschrijving
Voor- en nadelen/ aandachtspunten
Beschikbaar voor Zoetermeer?
Bron
Laag Inkomen & huis met relatief Lage Energie Kwaliteit & onderconsumptie (LILEK-)
Huishoudens met een inkomen lager dan 130% van het wettelijk sociaal minimum (en een financieel vermogen bij de laagste 10% van Nederland), een huis met een energielabel slechter dan C/D en energiekosten bij de laagste 25% in de betreffende woningklasse.
Veel gegevens nodig.
Ja, op wijkniveau (2019).
(TNO, 2021a)
Hoge energiequote en betaalrisico bij normverbruik, maar niet bij gemeten verbruik
Huishoudens die op basis van de verwachte energievraag (op basis van woningkenmerken) wel een hoge energiequote en betaalrisico zouden hebben, maar op basis van werkelijk verbruik niet.
Gegevens niet beschikbaar.
Niet beschikbaar op gemeenteniveau.
(CE Delft, 2021)
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
Indicator
Beschrijving
Voor- en nadelen/ aandachtspunten
Aanwezigheid van tocht en schimmel
Beschikbaar voor Zoetermeer?
Bron
Beschikbaar op nationaal schaalniveau. Gemeente kan dit monitoren.
N.v.t.
Tabel 4 – Indicatoren voor meekomen met de energietransitie Indicator
Beschrijving
Voor- en nadelen/ aandachtspunten
Beschikbaar voor Zoetermeer?
Bron
Eigenaren van huis met relatief Lage Energie Kwaliteit dat ze niet zelf kunnen verduurzamen (eLEK)
Eigenaren van een huis met een energielabel slechter dan energielabel C/D met een eigen vermogen van <€ 40.000 (of een woningoverwaarde van < € 80.000.
Veel gegevens nodig.
Ja, op buurtniveau (2018) en wijkniveau (2019).
(CBS, 2021); (TNO, 2021a)
Huurders van huis met relatief Lage Energie Kwaliteit dat ze niet zelf kunnen verduurzamen (hLEK)
Huurders van een huis met een energielabel slechter dan C/D.
Relatief eenvoudig in beeld te brengen.
Ja, op wijkniveau (2019).
(TNO, 2021a)
We kiezen ervoor om energiearmoede in Zoetermeer in beeld te brengen met de volgende indicatoren: — laag inkomen en hoge energiekosten (LIHK); — laag inkomen en huis met relatief lage energiekwaliteit (LILEK). Voor deze indicatoren zijn de beste data beschikbaar. Daarnaast ligt de nadruk hiermee op oplossingsrichtingen: oplossen van de hoge kosten (LIHK) en lage energiekwaliteit (LILEK). Een aandachtspunt is dat beide indicatoren uitgaan van een laag inkomen (tot 130% van het sociaal minimum). Eerder onderzoek van CE Delft (2021) laat weliswaar zien dat het voornamelijk huishoudens met een laag inkomen betreft, maar energiearmoede kan ook voorkomen bij huishoudens boven de grens van 130% van het sociaal minimum. Energiearmoede komt met name voor in het laagste inkomenskwintiel: 94% van de huishoudens met energiearmoede heeft een inkomen dat behoort bij de laagste 20% van Nederland (CE Delft, 2021). In de volgende paragraaf brengen we energiearmoede in beeld met de indicatoren LIHK en LILEK. De overige energiearmoede-indicatoren waarvoor gegevens beschikbaar zijn, staan in Tabel 13 in Bijlage A.
11
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
2.3
In welke Zoetermeerse buurten en wijken komt energiearmoede het meest voor? Volgens de recentste cijfers komt energiearmoede voor bij 2.250 Zoetermeerse huishoudens. Dit betreft 4,0% van het totaal aantal huishoudens (TNO, 2021a). Het gaat dan om huishoudens die ofwel een laag inkomen en hoge energiekosten (LIHK) hebben, ofwel een laag inkomen en een huis met een relatief lage energiekwaliteit (LILEK).3 Inmiddels zal de hoeveelheid huishoudens met energiearmoede zijn toegenomen, als gevolg van de sterke stijging van de energieprijzen sinds eind 2021 (zie kader).
Het effect van de sterk gestegen energieprijzen op energiearmoede De bovenstaande cijfers en de cijfers uit Tabel 13 zijn gebaseerd op gegevens van 2018 en 2019, dus vóór de sterk toegenomen energieprijzen. Bij de indicator ‘laag inkomen, hoge energiekosten’ verstaat TNO (2021a) onder hoge energiekosten enen energierekening die hoort bij de hoogste 50% van Nederland. In 2018 was dit een rekening van € 134 per maand of meer (CBS, 2021). Inmiddels zullen er (veel) meer huishoudens zijn met een energierekening van minstens € 134. In een gevoeligheidsanalyse schat TNO (2021b) de gemiddelde variabele leveringstarieven van eind 2021 op € 0,45/m3 voor gas en € 0,11/kWh voor elektriciteit. Dit is een stijging van ongeveer 30% ten opzichte van de leveringstarieven in 2019. De energierekening bestaat behalve uit dit variabele leveringstarief, ook uit vaste leverings- en transporttarieven en verschillende belastingen. Volgens TNO krijgt een huishouden met een gemiddeld energiegebruik te maken met een stijging van de energierekening met 20%. Voor Zoetermeer betekent dit dat tussen de 2 en 3% extra huishoudens met energiearmoede te maken krijgen, dus 4% huishoudens met energiearmoede in 2019 en 6-7% na de stijgingen in de energieprijs. Het is lastig om te identificeren welke huishoudens door de stijging van de energieprijzen te maken krijgen met energiearmoede.
Huishoudens met een vast energiecontract dat voorlopig nog geldig is, zijn nog niet geconfronteerd met een prijsverhoging. Echter huishoudens die dit jaar een nieuw contract afsluiten, krijgen te maken met forse prijsstijgingen. Huishoudens die voor 1 juli 2021 een vast contract hebben afgesloten betalen ongeveer € 0,80/m3 voor gas en € 0,15/kWh voor elektriciteit. Dit bedrag bestaat uit variabele leveringstarieven, maar ook andere kostencomponenten zoals belastingen. Huishoudens die in januari 2022 een nieuw contract afsloten, betalen gemiddeld € 1,74/m3 voor gas en € 0,40/kWh voor elektriciteit (Milieu Centraal, lopend-a). De totale prijzen voor gas en elektriciteit zijn dus meer dan verdubbeld. Ook de warmteprijzen zijn gestegen.
Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. en Figuur 2 laten zien in welke Zoetermeerse buurten energiearmoede relatief het meest voorkomt. In Buytenwegh en Meerzicht-Oost wonen relatief veel huishoudens met een laag inkomen die een hoge energierekening hebben. In de buurten Palenstein4 en Meerzicht-Oost is het percentage huishoudens met een laag inkomen en een huis met een relatief lage energiekwaliteit het hoogst. Ook in Meerzicht-West, Driemanspolder en Dorp komt LILEK relatief vaker voor dan in de andere buurten in Zoetermeer. ________________________________ 3
LILEK komt voor bij 1.069 (1,9%) Zoetermeerse huishoudens. LIHK komt voor bij 1.783 (3,2%) Zoetermeerse
4
huishoudens. Er zijn dus ook huishoudens met zowel LILEK als LIHK. In Palenstein is het percentage huishoudens met LILEK het hoogst: in 2018 had 24% van de huishoudens in deze buurt een laag inkomen en een huis met een relatief lage energiekwaliteit. We verwachten dat dit percentage inmiddels is afgenomen. De afgelopen jaren zijn in deze buurt namelijk vijf flats gesloopt. Deze ontwikkeling is nog niet volledig zichtbaar in de cijfers. Ongeveer de helft van de in totaal ruim 700 woningen is namelijk na 2018 gesloopt.
12
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
Figuur 1 - % huishoudens met een laag inkomen en hoge energiekosten – LIHK (buurtniveau)
Bron: CBS, (2021).
Figuur 2 - % huishoudens met een laag inkomen en huis met relatief lage energiekwaliteit – LILEK (buurtniveau)
Bron: CBS (2021).
13
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
2.4
Wat zijn kenmerken van huishoudens met energiearmoede? Van de indicatoren laag inkomen en hoge energiekosten (LIHK) en laag inkomen en huis met relatief lage energiekwaliteit (LILEK) weten we bij welke Zoetermeerse huishoudens deze vooral voorkomen (TNO, 2021a). LIHK komt voor bij 1.775 Zoetermeerse huishoudens. Figuur 3 laat zien hoe de huishoudens met LIHK zijn verdeeld over de doelgroepen en Figuur 4 laat zien welk percentage van de huishoudens binnen een doelgroep te maken heeft met LIHK. Figuur 3 – Verdeling van huishoudens met LIHK in Zoetermeer
Huishoudens met laag inkomen & hoge energiekosten (LIHK) 100%
Inkomen overig
90% Inkomen uit pensioen
% van de huishoudens met LIHK
80%
Huishoudens overig Vrijstaande woning Meerpersoons Koopwoning Hoek/2-onder-1- Overige verhuur of kapwoning onbekend
2010-2050 2000-2010 1990-2000
Eenouder gezinnen
70% 1975-1990
Tussenwoning
60%
Paar met kinderen 50% Inkomen uit bijstand of overige sociale voorzieningen 40% Paar zonder kinderen
Corporatiewoning
30% Appartement
20% 10%
Inkomen uit werk of onderneming
Eenpersoons
Inkomen
Gezinssamenstelling
1950-1975
0% Type woning Doelgroep
Bron: LIHK: TNO.
14
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
Eigendom
Bouwjaar
Figuur 4 – Voorkomen van huishoudens met LIHK per doelgroep in Zoetermeer (gezinssamenstelling, type woning en eigendom)5
Voorkomen huishoudens met LIHK per doelgroep
Aantal huishoudens
35.000
0%
30.000 3%
25.000 20.000 15.000 10.000 5.000
3% 2%
3%
8%
2% 4% 2%
10% 10%
1%
0%
-
Aantal hh zonder LIHK
Aantal hh met LIHK
Bron LIHK: TNO; bron gezinssamenstelling: Gemeente Zoetermeer, (lopend-b); bron woningtype: Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG); bron eigendom: Regionale klimaatmonitor, (lopend-b).
LILEK komt voor bij 1.064 Zoetermeerse huishoudens. Figuur 5 laat zien hoe de huishoudens met LILEK zijn verdeeld over de doelgroepen en Figuur 6 laat zien welk percentage van de huishoudens binnen een doelgroep te maken heeft met LILEK.
________________________________ 5
15
Over het aantal huishoudens per inkomenstype of bouwjaar zijn onvoldoende gegevens beschikbaar.
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
Figuur 5 – Verdeling van huishoudens met LILEK in Zoetermeer
Huishoudens met laag inkomen & hoge energiekosten (LILEK) Inkomen overig
100%
Meerpersoons
2000-2010 1990-2000
Koopwoning
90%
80% Inkomen uit pensioen % van de huishoudens met LIHK
Vrijstaande woning
Eenouder gezinnen
Hoek/2-onder-1kapwoning
Overige verhuur of onbekend
70%
1975-1990 Paar met kinderen
60% 50%
Inkomen uit bijstand of overige sociale Paar zonder kinderen 40% voorzieningen
Corporatiewoning Tussenwoning
30% 1950-1975
20%
Eenpersoons
Inkomen uit werk of onderneming
10% 0%
Inkomen
Gezinssamenstelling
Appartement Type woning
0-1950 Bouwjaar
Eigendom
Doelgroep
Bron LILEK: TNO.
Figuur 6 – Voorkomen van huishoudens met LILEK per doelgroep in Zoetermeer (gezinssamenstelling, type woning en eigendom)
Voorkomen huishoudens met LILEK per doelgroep
Aantal huishoudens
35.000
0%
30.000 0%
25.000 20.000 15.000 10.000 5.000
2% 1%
3%
4%
1% 4%
4%
2%
7%
1%
0%
-
Aantal hh zonder LILEK
Aantal hh met LILEK
Bron LILEK: TNO; bron gezinssamenstelling: Gemeente Zoetermeer, (lopend-b); bron woningtype: Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG); bron eigendom: Regionale klimaatmonitor, (lopend-b).
16
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
Figuur 3 en Figuur 5 laten zien dat energiearmoede vooral voorkomt bij huishoudens met een inkomen uit bijstand of overige sociale voorzieningen. Ook is energiearmoede oververtegenwoordigd bij eenoudergezinnen en komt het juist minder voor bij gezinnen zonder kinderen. Van de eenoudergezinnen in Zoetermeer heeft 10% te maken met LIHK. Het grootste deel van de huishoudens met energiearmoede woont in een corporatiewoning. Dit is niet opvallend, aangezien woningcorporaties de maatschappelijke taak hebben om huisvesting te bieden aan huishoudens met lagere inkomens. Van de huishoudens in een corporatiewoning, heeft 8% te maken met LIHK en 4% met LILEK. De woningen van huishoudens met energiearmoede zijn voornamelijk gebouwd in de periode 1950-1990. In deze periode is het merendeel van de woningen in Zoetermeer gebouwd. Uit de data is niet één doelgroep of criterium aan te wijzen waar alle energiearmoede voorkomt. De huishoudens met energiearmoede zijn verspreid over verschillende typen huishoudens en woningen.
2.5
Additionele kennis van de gemeente over doelgroepen Uit de projectgroepoverleggen blijkt dat VvE’s in Zoetermeer’ een aandachtspunt zijn. Veel huishoudens die kwetsbaar zijn voor energiearmoede zouden zich hier bevinden. Er zijn veel VvE’s met achterstallig onderhoud, met name in de buurten met relatief oude bouwjaren: Palenstein, Driemanspolder, Meerzicht-West, Meerzicht-Oost, Dorp en Buytenwegh. Bovendien hebben veel VvE’s niet voldoende reserves om te kunnen investeren in grootschalige onderhoud en verduurzaming. Om een investeringsbesluit te kunnen nemen voor grootschalig onderhoud en verduurzaming, is een gekwalificeerde meerderheid nodig (dit verschilt per VvE, maar is vaak 70%). Omdat zo’n investeringsbesluit waarschijnlijk leidt tot een verhoging van de maandelijkse VvE-bijdrage, is de kans groot dat huishoudens die moeilijk rond kunnen komen tegen dit besluit zullen stemmen. De gemeente verwacht dat wanneer deze VvE’s niet op korte termijn met grootschalig onderhoud aan de slag gaan, de groep van huishoudens met energiearmoede zal toenemen. Naast VvE’s zijn er ook andere doelgroepen die niet voldoen aan de criteria LIHK en LILEK, maar voor wie de energiekosten toch moeilijk te betalen zijn, bijvoorbeeld omdat hun inkomen net boven de grens van 130% van het sociaal minimum zit.
Deze huishoudens vallen veelal ook ‘buiten de boot’ van andere regelingen: − huishoudens met inkomen van boven 130% van sociaal minimum die niet in een sociale huurwoning wonen, maar in een particuliere huurwoning of koopwoning met slechte isolatie; − huishoudens in een nieuwbouwwoning (dus met goede isolatie) die aangesloten zijn op het warmtenet met hoge tarieven.
2.6
Conclusie: doelgroepen in Zoetermeer In Zoetermeer hadden in 2019 ongeveer 2.250 huishoudens te maken met ofwel een laag inkomen en hoge energiekosten (LIHK) of wel een laag inkomen en een huis met een relatief lage energiekwaliteit hebben (LILEK). Dit betreft 4,0% van het totaal aantal huishoudens in Zoetermeer (TNO, 2021a). TNO schat dat het extra aandeel huishoudens met energiearmoede in Zoetermeer als gevolg van de hoge energieprijzen 2-3% bedraagt. Dit zou betekenen dat het percentage huishoudens met energiearmoede in Zoetermeer uitkomt op 6-7% (dit is dus een toename van 50-75%).
17
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
Op basis van de gegevens uit de voorgaande paragrafen en kennis van de gemeente kunnen we specifieker de volgende doelgroepen identificeren: − Huishoudens in corporatiewoningen met slechte isolatie (LILEK): circa. 900 huishoudens (2019). − Huishoudens in corporatiewoningen met hoge energiekosten (LIHK): 1.500 huishoudens (2019). Schatting van het aantal huishoudens in corporatiewoningen met LIHK na stijging energieprijzen: 2.300–2.700.6 − Huishoudens met lage inkomens in VvE’s (flats) die toe zijn aan grootschalig onderhoud: het gaat om ca. 53 VvE’s (ongeveer 5.000 woningen) in Palenstein, Meerzicht, Driemanspolder, Dorp en Buytenwegh.7 Ook met deze insteek is het onvermijdelijk dat er huishoudens gemist zullen worden. Een belangrijke factor voor energiearmoede is de energieprijs. Deze is sinds eind 2021 sterk gestegen en is nog niet verwerkt in de gegevens. Daarnaast is het niet bekend welke huishoudens een vast energiecontract hebben en welke een flexibel of nieuw contract hebben met verhoogde prijzen. Om deze reden kan de gemeente ervoor kiezen om de doelgroepen van een energiearmoede-aanpak iets breder te kiezen dan alleen op basis van criteria zoals LIHK en LILEK.
________________________________ 6
Dit aantal zal sinds de recente stijging van de energieprijzen zijn toegenomen. We hebben geen inzicht in welke
huishoudens een flexibel of nieuw energiecontract met hoge tarieven hebben, dus we kunnen niet uitrekenen hoeveel energiearmoede precies is toegenomen onder de huishoudens die in corporatiewoningen wonen. Als we de gemiddelde toename van 50-75% voor Zoetermeer toepassen op deze doelgroep, komen we uit op 2.300–2.700 huishoudens. 7 Meerzicht: 13 VvE’s met samen ongeveer 2.700 woningen; Driemanspolder: 15 VvE’s met samen ongeveer 1.630 woningen; Buytenwegh: VvE’s Hovenbuurt 17 kleine VvE’s met ieder 12 woningen. De overige VvE’s in Buytenwegh zijn bij de gemeente nog niet in beeld; Dorp: 8 VvE’s met samen ongeveer 400 woningen; In Palenstein hebben verschillende VvE’s al advies gekregen of zijn al aan de slag.
18
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
3 Maatregelen Samen met de gemeente hebben we vier maatregelen geselecteerd die kansrijk zijn voor de gemeente Zoetermeer: 1. Energiecoaches/klussers. 2. Ondersteuning VvE’s. 3. Witgoedregeling. 4. Collectief zonnedak. In dit hoofdstuk werken we per maatregel uit: − beschrijving van de maatregel: doelgroep, uitvoering, aandachtspunten; − effectiviteit: (grootte van de) doelgroep, bereik, energiebesparing; − kosten (potentieel).
3.1
Selectieproces van maatregelen Hoe het geld van de SPUK wordt ingezet, is een combinatie van een maatregel voor energiebesparing, het type ondersteuning, de doelgroep en hoe de doelgroep wordt bereikt, zie Figuur 7. Figuur 7 – Mogelijkheden om huishoudens te ondersteunen met het realiseren van energiebesparing
Uit eerdere onderzoeken en voorbeelden (best practices) van andere gemeenten hebben we een longlist gemaakt van mogelijkheden om huishoudens te ondersteunen met energiebesparende maatregelen, zie Bijlage C.
19
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
Om te bepalen welke maatregelen kansrijk zijn om in te zetten in Zoetermeer, hebben we een aantal selectiecriteria gehanteerd. Hieruit zijn vier maatregelen gekomen. De selectiecriteria zijn als volgt: — Regels SPUK: • besteding van het geld op korte termijn; • moet leiden tot energiebesparing; • rekening houden met Europese staatssteunregels. — Haalbaarheid/uitvoerbaarheid: • kost weinig capaciteit bij de gemeente (bijvoorbeeld voor opzetten regeling of voor inkomenstoets); • externe organisaties die het kunnen realiseren. — Effectiviteit: • grootte doelgroep; • energiebesparing en kostenbesparing.
Verschillende maatregelen tegen energiearmoede en hun effectiviteit CE Delft heeft in 2021 een onderzoek uitgevoerd naar beleidsmaatregelen die energiearmoede in de warmtetransitie kunnen tegengaan (CE Delft, 2021). Tijdens dit onderzoek heeft een brede klankbordgroep van professionele stakeholders meegedacht, waaronder het ministerie van BZK, de gemeenten Arnhem en Leeuwarden, kennisinstellingen (TNO, Nibud) en brancheverenigingen/belangenbehartigers (Aedes, Woonbond, Vereniging Eigen Huis). Uit het onderzoek blijkt dat er drie verschillende maatregelen zijn om energiearmoede tegen te gaan, namelijk: − Verduurzamingsmaatregelen zoals isolatie om de energie-efficiëntie van de woning te verbeteren. De kosten van deze maatregelen zijn weliswaar hoog, maar ze zorgen voor een structureel, blijvende energiebesparing. − Maatregelen die bewustwording vergroten, zoals energiecoaches. Deze realiseren gemiddeld beperkte energiebesparing, maar de kosten zijn dan ook beperkt. − Verlichtende maatregelen zoals een energietoeslag. Deze maatregelen helpen relatief veel huishoudens uit de energiearmoede, maar zorgen niet voor energiebesparing. Ook werken deze maatregelen enkel zo lang de financiële ondersteuning duurt. De drie typen maatregelen zijn complementair: combinaties zijn wenselijk.
Voor een deel van de huishoudens met energiearmoede is enkel verduurzaming namelijk niet de oplossing, maar zijn (ook) verlichtende nodig.
3.2
Energiecoaches Beschrijving van de maatregel Energiecoaches zijn vrijwilligers of betaalde krachten die via huisbezoeken energieadvies op maat geven. Dit advies kan gericht zijn op bewustwording en energiebesparend gedrag, kleine maatregelen zoals tochtstrips en radiatorfolie, en/of grotere isolatiemaatregelen. Binnen de gemeente Zoetermeer zetten verschillende organisaties al energiecoaches in: − De woningcorporatie Vidomes heeft vier vrijwillige energiecoaches (twee huurders en twee medewerkers van Vidomes) opgeleid die huurders van Vidomes tips geven over hoe zij energie kunnen besparen in hun woning. Ook krijgen huurders energiebesparende producten.
20
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
−
−
−
De woningcorporatie Vestia biedt haar huurders gratis advies aan van een energiecoach. De energiecoach geeft bij huurders thuis uitleg over hoe zij energie kunnen besparen. De energiecoaches zijn zelf ook huurder bij Vestia. De Huurdersraad Vestia leidt deze coaches op (Vestia, lopend). Duurzame energiecoöperatie Zoetermeer (DEZo) biedt voor woningeigenaren een energiescan aan. DEZo leidt vrijwilligers in een wijk op tot energieambassadeur. Een huisbezoek leidt tot een advies voor vijf kleine maatregelen en vijf meer ingrijpende maatregelen. DEZo heeft ongeveer 10 ambassadeurs en heeft de afgelopen jaren circa 100 huisbezoeken gedaan. Stichting Piëzo leidt vrijwilligers op tot consulent duurzaamheid. Deze consulenten geven energievoorlichting en doen energiescans. Een energievoorlichting wordt gegeven op bijeenkomsten of bij mensen thuis. De consulent duurzaamheid gaat in op het energiegebruik van alle ruimten van een woning en geeft tips om energie (gas, elektriciteit, warmte) te besparen. Bij een energiescan wordt het huis gecontroleerd op onnodig energieverbruik en worden tips gegeven over energiezuinig(er) wonen. De gemeente Zoetermeer heeft met inbreng van stichting Piëzo voor de winter van 2021-2022 een project uitgevoerd om huishoudens met energiearmoede op korte termijn te helpen hun energiegebruik te verlagen.
Inwoners konden zich aanmelden voor een energiebespaarworkshop, verzorgd door de energieconsulenten van Piëzo, waar ze tips krijgen om energie te besparen. Na het volgen van de workshop konden de deelnemers een voucher meenemen voor de aanschaf van kleine maatregelen (ter waarde van € 80 uit budget van de gemeente). Een belangrijke partij bij het benaderen van de huishoudens met energiearmoede was het BOAZ (Breed Overleg Armoedepartners Zoetermeer). Het benaderen en mobiliseren van de doelgroep is achtergebleven bij de verwachting. De gemeente en Piëzo geven aan dat betere coördinatie en eigenaarschap van alle betrokken partijen nodig is om dit te verbeteren. Daarnaast is het animo onder de potentiële deelnemers beperkt, aangezien circa 40% van de mensen die zich had aangemeld niet op kwam dagen. Ook is circa 30% van de uitgegeven vouchers niet besteed.
De verschillende aanpakken vatten we samen in Tabel 5. Tabel 5 – Inzet van energiecoaches in Zoetermeer Uitvoerende partij
Doelgroep
Hoe benaderen?
Wat doen ze?
DEZo
Eigenaar-bewoners.
Via hun eigen netwerk.
Energiescan isolatie.
Stichting Piëzo
Inwoners met een focus op mensen die gedeeltelijk of geheel ‘buiten’ de samenleving staan of dreigen te komen (bijv. door energiearmoede).
Via armoedepartners (o.a. BOAZ).
Workshops voor energiebesparend gedrag en uitleg over kleine energiebesparende maatregelen; Energieconsulenten.
Vidomes en Vestia
Huurders van Vidomes en Vestia.
Via kanalen van Vidomes (Mijn Vidomes, krantje, etc.).
Energiecoaches voor energiebesparend gedrag en kleine energiebesparende maatregelen.
De bestaande aanpak in Zoetermeer kan op een aantal punten worden versterkt. − Verbreden van de doelgroep naar alle huishoudens met (risico op) energiearmoede. Naast de benadering via de armoede partners en de aanpak van Vidomes en Vestia zou ook de andere corporatie (De Goede Woning) energiecoaches kunnen aanbieden voor hun huurders.
21
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
−
−
Verbeteren van de benadering van de doelgroep. Er zijn nu verschillende kanalen waarmee de verschillende doelgroepen (corporatie huurders, eigenaar-bewoners, overige huurders) worden benaderd. Voor corporaties is het logisch dat zij hun eigen kanalen gebruiken. Bij overige huishoudens kan de benadering, die in 2021-2022 onder andere via de armoedepartners van de gemeente en de woningcorporaties is gelopen, worden versterkt door het inhuren van een coördinator/projectleider. Die kan zorgen voor betrokkenheid van de partners, registratie van aanmeldingen, en het coördineren van de energiecoaches. Versterken en harmoniseren van de kennis van de energiecoaches door het aanbieden van een gecoördineerd trainingsprogramma, bijvoorbeeld van het Energieloket of Energiebank (actief in Rotterdam en Den Haag).
Aandachtspunten bij deze maatregel − Grens voor Europees aanbesteden (leveringen en diensten voor decentrale overheid): € 215.000 (PIANOo, lopend). Als de gemeente boven dit bedrag uitkomt, moet zij Europees aanbesteden. Dit kost tijd en kan de uitvoerbaarheid/haalbaarheid van de maatregel in gevaar brengen. − Grens voor opdracht geven zonder aanbesteding € 50.000. − Uit eerdere ervaringen van de gemeente met energiecoaches/consulenten blijkt dat het bereik van de doelgroep niet hoog was. Om dit te verbeteren moet er meer bewustwording en betrokkenheid zijn van armoedepartners van de gemeente (onder andere uit het BOAZ). − De effectiviteit van energiecoaches hangt af van veel factoren: worden de juiste huishoudens benaderd, vaardigheden/kennisniveau van de energiecoach, komt de energiecoach terug, enzovoort. − Taalachterstand bij deelnemers kan een beperkende factor zijn en is een aandachtspunt. − Uit eerdere ervaringen van de gemeente blijkt dat, ook al weet je de doelgroep wel te bereiken, er altijd mensen zullen zijn die zich niet aanmelden, bijvoorbeeld doordat zij hier geen tijd of energie voor hebben. − Verschil inzet vrijwilliger vs. betaalde krachten: er zit een verschil in welke afspraken je kan maken met vrijwilligers en met mensen die specifiek worden ingehuurd voor een opdracht. Vrijwillige energieambassadeurs kunnen enkele huisbezoeken per week doen.
Om de doelgroep echt proactief te benaderen, is het wellicht nodig om betaalde krachten van deur tot deur te laten gaan. Voor een dergelijke dagelijkse inspanning is een redelijke vergoeding noodzakelijk, net zoals een professionele aanpak.
Effectiviteit Doelgroep Als de doelgroep bestaat uit alle huishoudens met energiearmoede, gaat het in Zoetermeer om circa 2.250 huishoudens. De armoedepartners (onder andere uit het BOAZ) van de gemeente hebben huishoudens met een laag inkomen als doelgroep. Het aantal Zoetermeerse huishoudens dat een laag inkomen heeft is niet bekend. Bij de aanpak via de woningcorporaties is de doelgroep de huurders van corporatiewoningen. In Zoetermeer bestaat 36% van de woningvoorraad uit corporatiewoningen. In totaal gaat het om 20.325 huishoudens die huren bij een woningcorporatie.
Bereik Uit eerdere ervaringen van de gemeente met energiecoaches blijkt dat het bereik van de doelgroep niet hoog was. Mogelijk zijn de uitnodigingsbrieven niet goed bij de doelgroep terecht gekomen. Er zijn uiteindelijk 300 aanmeldingen ontvangen en 177 personen hebben een workshop bezocht (circa 60%). Het aantal aanmeldingen was de beperkende factor in
22
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
hoeveel huishoudens zijn bereikt, niet het aantal energiecoaches of workshops. De werving is daarom een belangrijk aandachtspunt. Het kan zijn dat een huisbezoek laagdrempeliger is dan het bezoeken van een workshop. Uit ervaringen van Energiebox8 blijkt dat met een intensieve benadering van huishoudens in een wijk een bereik van ongeveer 10% kan worden behaald. Woningcorporatie Vidomes brengt de energiecoaches onder andere via een huurdersnieuwsbrief onder de aandacht.
Energiebesparing Het effect van een energiecoach en kleine energiebesparende maatregelen op het terugdringen van het energiegebruik is per huishoudens verschillend en is mede afhankelijk van het type maatregelen dat wordt toegepast. Uit ervaringen van Energiebox blijkt dat gemiddeld 5% besparing op het gasverbruik en 8% op het elektriciteitsverbruik wordt gerealiseerd (Energiebox, lopend). Op een gemiddeld energiegebruik is dit zo’n 225 kWh elektriciteit en 55 m3 gas.9 De energierekening kan hiermee afhankelijk van het energiecontract met € 75-€ 180 per jaar dalen.10 In hoeverre dit echt gehaald wordt is zeer onzeker en afhankelijk van vele factoren, zoals de kwaliteit van de energiecoach en de diepgang van het bezoek. Het energiebesparingseffect op de lange termijn is ook onzeker en mede afhankelijk van of er een vervolgbezoek wordt gedaan.
Kosten (potentieel) Om het bereik en het benaderen van huishoudens te verbeteren, is een coördinator nodig. Een coördinator kan bovendien zorgen voor stroomlijning tussen de verschillende partijen die energiecoaches aanbieden in de gemeente Zoetermeer. De gemeente schat de kosten van een coördinator op circa € 40.000. Als alle circa 2.250 huishoudens met energiearmoede in Zoetermeer een adviesgesprek zouden krijgen van een energiecoach, zijn er 75 energiecoaches nodig. Daarbij gaan we uit van 30 gesprekken per energiecoach. Het trainen van energiecoaches kost gemiddeld € 500 per coach per dag. We gaan uit van twee trainingsdagen. In totaal zijn de kosten daarvan € 37.500. Uit ervaringen van de gemeente blijkt dat het werven van vrijwillige energiecoaches een uitdaging is en dat naar verwachting maximaal 20 energiecoaches geworden kunnen worden. In de praktijk is het niet realistisch om alleen huishoudens met energiearmoede te benaderen en selecteren, en is het logischer om huishoudens te benaderen via de woningcorporaties en armoedepartners. Uit ervaringen van Energiebox blijkt dat een respons van ongeveer 10% haalbaar is. Om 2.250 huishoudens te bereiken zou het dus nodig zijn om 22.500 huishoudens te benaderen. Dit is zeer ambitieus. ________________________________ 8
De energiecoaches van project Energiebox helpen bewoners in verschillende gemeenten in Nederland hun
energiegebruik te verminderen door middel van onder andere een advies en een doos met energiebesparende producten. 9 Een Zoetermeers huishouden verbruikt jaarlijks gemiddeld 1.050 kubieke meter (m3) gas en 2.830 kilowattuur 10
(kWh) elektriciteit (Rijksoverheid, lopend). We hanteren de volgende energieprijzen: 1) energieprijs huishoudens met een contract van voor 1 juli 2021: € 0,80/m3 gas en € 0,15/kWh elektriciteit; 2) Energieprijs huishoudens die in januari 2022 een contract afsloten: € 1,74/m3 gas en € 0,40/kWh elektriciteit (Milieu Centraal, lopend-a).
23
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
Tabel 6 – Inschatting kosten van energiecoaches Onderdeel
Bedrag
Inhuren coördinator
€
40.000
Trainingen energiecoaches (75 personen, twee trainingsdagen)
€
75.000
Totaal
€ 115.000
Alternatief: fixers Bij de aanpak van energiearmoede is ontzorging een belangrijk aandachtspunt. In verschillende gemeenten zijn zogenoemde fixers of energieconciërges werkzaam die bewoners niet alleen energieadvies geven, maar die de kleine energiebesparende maatregelen ook direct uitvoeren. Dit zijn meestal betaalde krachten en het gaat dan bijvoorbeeld om het plakken van radiatorfolie of het plaatsen van een brievenbusborstel of waterbesparende douchekop. Soms worden ook grotere maatregelen genomen, zoals het waterzijdig inregelen van de cv-installatie of kitten. Uit ervaringen in de gemeente Apeldoorn blijkt dat bij bewoners aanbellen de meest effectieve communicatiemethode is: tussen de 30-40% van de bewoners maakte een afspraak voor een energieconciërge (Movisie, 2022). Ook door andere partijen die dit aanbieden wordt een bereik van 20-50% aangehouden. We kunnen dus uitgaan van een gemiddeld bereik van 35%. Het effect van een bezoek van een fixer op het terugdringen van het energiegebruik is per huishouden verschillend en is mede afhankelijk van het type maatregelen dat wordt toegepast. De gemeente Zoetermeer kan de werving, opleiding en de coördinatie van de fixers uitbesteden aan een externe partij. De kosten van een bezoek van 1,5 uur van een fixer bedragen circa € 180. De projectkosten bedragen ca. € 7.500. Als alle circa.
2.250 huishoudens met energiearmoede in Zoetermeer een bezoek van een fixer krijgen, zou dit de gemeente € 405.000 kosten. Tabel 7 – Inschatting van kosten van fixers Onderdeel
3.3
Bedrag
Projectkosten
€
7.500
Bezoek van fixers (2.250 huisbezoeken van 1,5 uur)
€
405.000
Ondersteuning VvE’s Beschrijving van de maatregel In Zoetermeer zijn veel VvE’s met achterstallig onderhoud. Deze VvE’s komen met name voor in de buurten Meerzicht-West, Meerzicht-Oost, Driemanspolder, Palenstein en Dorp. In deze buurten zijn ook veel huishoudens met energiearmoede. Als een VvE veel leden heeft met lage inkomens, is het zeer moeilijk om goedkeuring te krijgen voor grootschalig onderhoud omdat een gekwalificeerde meerderheid (vaak 2/3 van de stemmen) vóór moet stemmen. Verduurzaming kan voor deze VvE’s een uitkomst bieden. Groot onderhoud kan vaak worden gecombineerd met verduurzaming, bijvoorbeeld door het vervangen van kozijnen te
24
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
combineren met het plaatsen van hr++-glas. Omdat er voor verduurzaming subsidies en goedkope leningen beschikbaar zijn via het Warmtefonds, en er bespaard wordt op de energierekening, wordt ook het grootschalig onderhoud voor VvE’s hiermee betaalbaar. Een barrière is echter dat het onderzoeken van de mogelijkheden van verduurzaming geld kost. De gemeente Zoetermeer ondersteunt (incidenteel) VvE’s in Zoetermeer door energieadvies te subsidiëren. De gemeente kan financieren dat VvE’s een MJOP laten opstellen dat ook ingaat op verduurzamingsmaatregelen. Zo’n MJOP kan worden opgesteld door een extern bureau.
Aandachtspunten bij deze maatregel − Grens voor Europees aanbesteden (leveringen en diensten voor decentrale overheid): € 215.000 (PIANOo, lopend). Als de gemeente boven dit bedrag uitkomt, moet zij Europees aanbesteden. Dit kost tijd en kan de uitvoerbaarheid/haalbaarheid van de maatregel in gevaar brengen. − Het advies levert niet direct energiebesparing op. Levert pas energiebesparing op als de maatregelen worden uitgevoerd. De verwachte energiebesparing op de langere termijn is lastig in te schatten. − Niet alle huishoudens in een VvE hebben (risico op) energiearmoede. Als echter het onderzoek naar verduurzaming en onderhoud niet wordt uitgevoerd, zal (risico op) energiearmoede worden vergroot.
Effectiviteit Doelgroep De doelgroep is VvE’s in de buurten waar de meeste energiearmoede voorkomt. De gemeente heeft de volgende VvE’s in beeld (zie Tabel 8). Tabel 8 – VvE’s in de buurten met de meeste energiearmoede Buurt
VVE’s
Dorp
8 VvE’s met samen ongeveer 400 woningen
Meerzicht
13 VvE’s met samen ongeveer 2.700 woningen
Driemanspolder
15 VvE’s met samen ongeveer 1.630 woningen
Buytenwegh
VvE Hovenbuurt 17 kleine VvE’s met ieder 12 tot 20 woningen overige VvE’s in Buytenwegh nog niet bekend.
Totaal
53 VvE’s met circa 5.000 woningen
Bereik De gemeente schat in dat zij in de periode tot en met december 2023 (wanneer de SPUK-middelen moeten zijn besteed) maximaal 40 VvE-adviezen kan ondersteunen.
Energiebesparing Het helpen van VvE’s met advies levert geen directe energiebesparing op, maar vergroot waarschijnlijk wel de bereidwilligheid om stappen te zetten als inzichtelijk wordt dat dit financieel haalbaar te maken is. Het is niet mogelijk om nu in te schatten welke maatregelen de VvE’s daadwerkelijk zullen gaan treffen en welke energiebesparing dit oplevert.
25
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
Ter illustratie: het renoveren van een appartement in Zoetermeer met label F naar label B levert gemiddeld 255 m3 gasbesparing per jaar op.11
Kosten (potentieel) De kosten van een energieadvies, inclusief procesbegeleiding zoals presentatie op een ALV, zijn circa € 10.000. Een quickscan op hoofdlijnen kost circa € 1.500, een simpel advies ongeveer € 3.500. Als alle 53 VvE’s een advies zouden krijgen (volledig potentieel), kost dit de gemeente 530.000 aan subsidies. Niet voor alle VvE’s is echter groot onderhoud nodig. Het subsidiëren van 40 energieadviezen kost de gemeente € 400.000. Daarnaast moet een campagne worden ingericht (circa € 18.500) en een coördinator worden ingezet (circa € 75.000). Tabel 9 – Inschatting kosten van VvE-advies Onderdeel
Bedrag
Procesbegeleiding
€
75.000
Campagne
€
18.500
20 energieadviezen voor VvE’s
€
400.000
Totaal
€ 493.500
Met dit budget kunnen 40 VvE’s worden bereikt met in totaal circa 4.000 huishoudens.
3.4
Witgoedregeling Beschrijving van de maatregel Huishoudens met Zoetermeerpas (inkomen tot 120% van de bijstandsnorm) kunnen een waardebon van een witgoedzaak ontvangen als zij een nieuwe koelkast gaan kopen, onder de voorwaarde dat ze dan voor een energiezuinig model kiezen. Zo stimuleert de gemeente de stap naar een energiezuinig model. In de gemeente Den Haag is deze witgoedregeling al operationeel. De waardebon bedraagt € 250. Met het collectief inkopen van deze koelkasten kon de gemeente Den Haag € 50 extra aan economisch voordeel realiseren. Het resultaat is dat huishoudens een nieuwe koelkast ter waarde van circa € 600 kunnen krijgen, terwijl zij zelf € 300 inleggen. Onlangs heeft de gemeente Den Haag de witgoedregeling uitgebreid: huishoudens kunnen nu ook met korting andere energiezuinige apparaten aanschaffen, bijvoorbeeld een wasmachine (bijdrage gemeente € 250). De gemeente heeft een eigen vouchersysteem dat al voor verschillende acties is ingezet. De gemeente kan het beschikbaar stellen van de waardebonnen aan huishoudens ook uitbesteden aan een externe partij, zoals bijvoorbeeld in de gemeente Den Haag gebeurt.
________________________________ 11
26
Bronnen voor de berekening: (Liander, 2018) en (Regionale klimaatmonitor, lopend-a).
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
Aandachtspunten bij deze maatregel − De gemeente stelt één koelkast- en/of wasmachinewaardebon per huishouden beschikbaar, maar in één huishouden kunnen meerdere ZoetermeerPassen zijn. − Zoetermeerse huishoudens in de bijstand mogen maximaal € 1.200 aan giften per jaar ontvangen zonder dat zij gekort worden op hun uitkering.
Effectiviteit Grootte doelgroep Aantal huishoudens met een ZoetermeerPas (inkomen tot 120% van de bijstandsnorm, zie kader) is: 3.706.
Bereik Voor het milieu is het vrijwel altijd beter om een koelkast of vriezer van 10 jaar of ouder te vervangen door een nieuw, energiezuinig exemplaar. Dit komt doordat het stroomverbruik van koelkasten en vriezers in de afgelopen 15 jaar enorm is gedaald, door betere isolatie, regeltechnieken en compressoren en doordat de materialen waaruit een koelkast of vriezer bestaat goed kunnen worden gerecycled (Milieu Centraal, lopend-c). We gaan ervan uit dat de gemiddelde levensduur van een koelkast 15 jaar is, wat zou betekenen dat een derde van de doelgroep (1.235 huishoudens) een koelkast heeft van meer dan 10 jaar oud. De levensduur van wasmachines is gemiddeld 12 jaar (Consumentenbond, lopend). Dit zou betekenen dat 1/12e deel van de doelgroep (309 huishoudens) het komende jaar de wasmachine vervangt.
Energiebesparing Koelkast: Het vervangen van een koelvriescombinatie van 10 jaar door een nieuw exemplaar scheelt jaarlijks 170 kWh (Milieu Centraal, lopend-b). Dit levert jaarlijks € 25-€ 70 besparing op aan elektriciteitskosten. De besparing loopt op naarmate de te vervangen koelkast ouder is (en naarmate het nieuwe model energiezuiniger is). Wasmachine: Een wasmachine met label E waar 7 kilo was in kan, gebruikt jaarlijks 150 kWh aan stroom. Eenzelfde machine met label B gebruikt 100 kWh (Milieu Centraal, lopend-d).
Kosten (potentieel) De gemeente schat de kosten voor procesondersteuning in op € 40.000 (dit betreft zowel kosten voor het eventueel uitbesteden van de klantenservice aan een externe partij als kosten voor procesondersteuning binnen de gemeente. Als alle huishoudens in de doelgroep gebruik maken van de regeling om een nieuwe koelkast en/of wasmachine aan te schaffen, kost dit de gemeente € 355.158 aan waardebonnen.
27
220174 - Aanpak energiearmoede Zoetermeer – Juni 2022
Tabel 10 - Inschatting kosten van witgoedregeling Onderdeel
3.5
Bedrag
Procesondersteuning
€
40.000
Waardebonnen (€ 250 * aantal huishoudens met een ZoetermeerPas en aanname dat een derde van de huishoudens een koelkast van ouder dan 10 jaar heeft)
€
308.833
Waardebonnen (€ 250* aantal huishoudens met een ZoetermeerPas en aanname van een gemiddelde levensduur van een wasmachine van 12 jaar)
€
46.325
Totaal
€ 395.158
Collectief zonnedak Beschrijving van de maatregel Duurzame Energiecoöperatie Zoetermeer (DEZo) ontwikkelt collectieve zonneparken op daken. Inwoners van de gemeente Zoetermeer kunnen hieraan meedoen door te investeren in een of meerdere zonnepaneeldelen (€ 100 per zonnepaneeldeel). Bij aanvang van het project moeten zij wonen in een van de postcodegebieden rondom de installatie (ook wel de postcoderoos genoemd). Deelnemers ontvangen 15 jaar lang rente en aflossing over het inleggeld (DEZo, lopend). De gemeente wil ook dat huishoudens die niet zelf kunnen investeren, de mogelijkheid krijgen om deel te nemen aan een collectief zonneproject. Daarom wil de gemeente huishoudens met een ZoetermeerPas (dit zijn huishoudens met een inkomen tot 120% van de bijstandsnorm) een waardebon van € 500 geven waarmee zij vijf zonnepaneeldelen kunnen kopen. DEZo ontwikkelt momenteel zonneparken op drie daken van sporthallen van de gemeente. Daarnaast is De Goede Woning bereid om het dak van het hoofdkantoor beschikbaar te stellen voor een collectief zonneproject. Het doel is om daken te vinden in de verschillende postcodegebieden in de gemeente. De gemeente kan het beschikbaar stellen van de waardebonnen aan huishoudens uitbesteden aan een externe partij, of haar eigen vouchersysteem hiervoor inzetten.