CConstaterende datZevenaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 6. 1210301 Toelichting

Raadsvergaderingen 2022-2026 26 juni 2024, gemeente ZevenaarBij agendapunt: Z/22/412458 Wijzigingsbesluit bestemmingsplan Waaijakkers II14.703 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bestemmingsplan

Bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt Antoniusstraat Herwen

NL.IMRO.0299.BP11ANTONIUSSTR-ON01 NL.IMRO.0299.BP09WAAIJAKKERII-VA01 Ontwerp Vastgesteld ,12 december 2022

Bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt

21-12-2022

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt

Inhoudsopgave

Toelichting niet gedefinieerd.

Fout! Bladwijzer

Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Ligging van het plangebied 1.3 Geldende bestemmingsplannen

3 3 3 3

Hoofdstuk 2 Planbeschrijving 2.1 Ruimtelijke situatie 2.2 Stedenbouwkundige opzet 2.3 Het plan

6 6 8 10

Hoofdstuk 3 Haalbaarheid van het plan 3.1 Rijksbeleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Regionaal beleid 3.4 Gemeentelijk beleid 3.5 Milieu 3.6 Uitvoerbaarheid

13 13 14 18 19 21 38

Hoofdstuk 4 Bestemmingsplanregeling 4.1 Algemeen 4.2 Verbeelding 4.3 Regels 4.4 Bestemmingen

39 39 39 39 40

Hoofdstuk 5 De procedure 5.1 Algemeen 5.2 Overleg 5.3 Inspraak

42 42 42 42

Bijlagen bij toelichting Bijlage 1

Stedenbouwkundig ontwerp

Bijlage 2

Landschappelijke inpassing 27-01-2022

Bijlage 3

Kavelpaspoorten Waaijakkers Aerdt 27-01-2022

Bijlage 4

Laddertoets 22-11-2021

Bijlage 5

Bodem- en asbestonderzoek Waaijakkers Aerdt 10-05-2021

Bijlage 6

Bodem- en asbestonderzoek Waaijakkers locatie Vryleve Aerdt 14-02-2022

Bijlage 7

Briefrapport Aeriusberekening met bijlagen 29-03-2021

Bijlage 8

QS Natuurwaardenonderzoek Waaijakkers Heuvelakkersestraat 2 Aerdt 13-092021

Bijlage 9

Archeologisch onderzoek 01-10-1999

Bijlage 10

Toelichting bij de watertoets, 20-07-2007

Bijlage 11

Briefrapport aangepaste Aeriusberekening 12-10-2022

Bijlage 12

Zienswijzennota

2

(gewijzigd vastgesteld)

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding

Dit plan beoogt de planologische basis te leggen voor de afronding van de wijk Waaijakkers en de inpassing van een voormalig agrarisch bedrijf en een caravanstalling op het perceel Heuvelakkersestraat 2 te Aerdt. Deze bedrijven op dit perceel grenzen aan de wijk Waaijakkers van het dorp Aerdt. De agrarische activiteiten van het bedrijf zijn beëindigd. De verouderde bedrijfsbebouwing wordt gesloopt en nieuwbouw wordt gerealiseerd uitsluitend ten behoeve van het stallen van caravans. Een activiteit die op dit perceel al was toegestaan. De 2 bestaande bedrijfswoningen op het perceel worden omgezet naar burgerwoningen waarbij in de bestaande boerderij 2 extra wooneenheden mogen worden toegevoegd. Het totaal extra te bouwen woningen in het kader van het voorliggende bestemmingsplan bedraagt maximaal 51.

1.2

Ligging van het plangebied

Op navolgende luchtfoto is de ligging van het plangebied aan de zuidzijde van het dorp Aerdt globaal aangegeven.

afb. globale ligging plangebied ten zuidoosten van het dorp Aerdt

1.3

Geldende bestemmingsplannen

Voor de gronden van het plangebied gelden de navolgende bestemmingsplannen: 1. Bestemmingsplan Buitengebied 2008 van de toenmalige gemeente Rijnwaarden, vastgesteld 1905-2009; De gronden van het plangebied liggen deels in het agrarisch gebied van het bestemmingsplan Buitengebied 2008. Op de navolgende afbeelding is de locatie Heuvelakkersestraat 2 aangegeven met de cijfers 21 en 10 en een omschrijving van de toegelaten activiteiten op dat perceel:

(gewijzigd vastgesteld)

3

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt 21. Heuvelakkersestraat 2 6913 AB Aerdt Caravanstalling (±200 caravans) 10. Heuvelakkersestraat 2 6913 AB Aerdt Veehouderij De aangrenzende gronden hebben een agrarische bestemming 'Agrarisch gebied'.

2. Bestemmingsplan Aerdt van de toenmalige gemeente Rijnwaarden, vastgesteld 02-10- 2012. De gronden van de eerste fase van het plan Waaijakkers zijn hierin opgenomen met de bestemmingen Wonen, Groen, Tuin en Verkeer.

3. Paraplubestemmingsplan parkeren gemeente Zevenaar, vastgesteld 30-01-2019. Een deel van de gronden binnen het plangebied ligt binnen de gebiedsaanduiding 'overige zone parkeernormen rest bebouwde kom'. De parkeernormen van deze gebiedsaanduiding gelden

4

(gewijzigd vastgesteld)

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt voor het gehele nieuwe plangebied; 4. Bestemmingsplan Kernen Pannerden, Aerdt, Herwen, Tolkamer en Spijk van de gemeente Zevenaar vastgesteld (21-04-2021). Dit bestemmingsplan geldt voor het meest noordelijk gelegen deelgebied. Op deze plek was een appartementengebouw toegestaan met een goot- en bouwhoogte van respectievelijk 6 meter en 10 meter. Zie vorige afbeelding waarbij het appartementengebouw met een rode marker is aangeduid. 5. Parapluplanbestemmingsplan Wonen, vastgesteld 18-12-2019. De herziening bestaat uitsluitend in het toevoegen van een uniforme regeling ten aanzien van de begrippen huishouden, wonen en woning. Recentelijk is het voorontwerp van het bestemmingsplan Gelders Eiland gepubliceerd en ter inzage gelegd (17-03-2021). Dit voorontwerp heeft geen gevolgen voor het voorliggende bestemmingsplan. Het initiatief is in strijd met de regels van de bestemmingsplannen vermeld onder de nummers 1, 2 en 4 omdat de bouw van meerdere woningen - vrijstaande, twee-aaneen en aaneengesloten - met bijbehorende tuinen, groenvoorzieningen en wegen niet is toegestaan. De beëindiging van de agrarische activiteiten en het laten vervallen van het agrarisch bouwperceel wordt in dit bestemmingsplan geformaliseerd evenals de omzetting van de twee bedrijfswoningen aan de Heuvelakkersestraat 2 naar burgerwoningen.

De bedrijfsactiviteit 'het stallen van caravans' met de bijbehorende bestemming blijft gehandhaafd. De oude bedrijfsgebouwen worden hierbij overigens vervangen door nieuwbouw. De veeschuur binnen de agrarische bestemming wordt gesloopt. De caravanstalling wordt vervangen. De netto-oppervlakte van de stalling neemt niet toe. Het voorliggende bestemmingsplan heeft betrekking op het adequaat regelen van de toekomstige situatie. Het bestemmingsplan bestaat uit een toelichting, regels en een verbeelding. Bij het opstellen van het bestemmingsplan zijn diverse onderzoeken verricht die volledigheidshalve als bijlagen in dit plan zijn opgenomen. De resultaten van de onderzoeken worden in paragraaf 3.5 beschreven.

(gewijzigd vastgesteld)

5

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt

Hoofdstuk 2 2.1

Planbeschrijving

Ruimtelijke situatie

Ontstaansgeschiedenis Het plangebied is gelegen ten zuidoosten van het historische dorpsgebied van Aerdt. De oorspronkelijke bebouwing van Aerdt is ontstaan aan weerszijden van de Aerdtsedijk. Deze bebouwing is herkenbaar door de los gegroepeerde vrijstaande gebouwen aan weerszijden van de dijk. Er is een grote mate van variatie in de bebouwing. De karakteristieke verschijningsvorm, samenhang en sfeer zijn waardevol. Oorspronkelijk waren er in dit gebied veel onbebouwde percelen die in gebruik waren als weiland of moestuin. Een deel van deze open gebieden is in de loop van de twintigste eeuw bebouwd, waardoor er verdichting is ontstaan. Op enkele plekken zijn deze open gebieden behouden gebleven, deze worden nu veelal als tuin, weiland of openbaar groen in gebruik. De Hervormde kerk aan de westzijde van het dorp vormt een bijzonder gebouw en tevens een oriëntatiepunt binnen het dorp. De kerk wordt omgeven door een karakteristieke groene open ruimte. Op de navolgende luchtfoto is de globale ligging van het plangebied weergegeven ten opzichte van het dorp Aerdt.

afb. ligging van het plangebied binnen de rode omlijning tegen het dorp Aerdt

6

(gewijzigd vastgesteld)

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt Oorspronkelijk bestond Aerdt met name uit woningbouw langs de Aerdtsedijk. Door de jaren heen is de Kerkweg/Schoolstraat ontstaan met aan weerszijden nieuwe bebouwing. Pas halverwege de jaren 80 en halverwege de jaren 90 is de woningbouw in Aerdt uitgebreid met enkele kleine woonwijken. De ontwikkeling van de woonwijk Waaijakkers was één van de laatste uitbreidingen. Na de realisatie van de wijk De Groene Weide (I en II) is men begonnen aan de bouw van de uitbreidingswijk Waaijakkers (begin 2000). In de eerste fase van de Waaijakkers zijn 16 vrijstaande sectorwoningen gebouwd door middel van kaveluitgifte. In 2008 is de tweede fase van Waaijakkers gebouwd. In Waaijakkers II, net als bij de Groene Weide, is een mix in woningtypen en prijsklassen gerealiseerd, waardoor er een gevarieerde wijk is ontstaan. Door de stedenbouwkundige opzet van de Waaijakkers (I en II) lijkt het geheel op een natuurlijk wijze aan Aerdt vastgegroeid te zijn. Bestaande situatie Binnen het agrarische bedrijf Heuvelakkersestraat 2 te Aerdt werden op enig moment 80 zoogkoeien, 40 stuks jongvee, 6 vleesstierkalveren en 19 vleesstieren gehouden. Ook werd er 25 ton regenwormen per jaar gekweekt. Het houden van rundvee vormde de hoofdactiviteit binnen dit bedrijf.

De volgende tekening geeft een overzicht van de bestaande bedrijfsgebouwen (gearceerd) met uitzondering van de boerderij van dit perceel.

Op het perceel zijn ook nog sleufsilo's aanwezig en kuilvoerplaten. Deze silo's en platen zullen worden verwijderd, evenals overbodige verhardingen en gebouwen. Nadat de agrarische bedrijfsactiviteiten werden afgebouwd is in een aantal gebouwen caravanstalling (max. 200 stuks) toegestaan. De volgende gebouwen worden gesloopt: 1. schuur / berging / machines1.275 m2 2. ligboxstallen 2.330 m2 (deze gebouwen waar in gebruik voor caravanstalling) 3. ligboxstallen 780 m2 De totale oppervlakte aan te slopen gebouwen bedraagt 4.385 m2. Uitsluitend de oppervlakten aan

(gewijzigd vastgesteld)

7

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt bebouwing zoals vermeld onder 1 en 2 mag worden teruggebouwd voor de caravanstalling. Voor de te handhaven caravanstalling worden nieuwe bedrijfsgebouwen gebouwd. Zie verder onder paragraaf 2.3. Waaijakkers II De ontwikkeling van fase 2 van de Waaijakkers stagneerde door de aanwezigheid van het agrarische bedrijf aan de Heuvelakkersestraat 2 en later door de krimp in de regio Achterhoek/Liemers. Van de gewenste stedenbouwkundige ontwikkeling is uitsluitend het westelijk deel van het ontwerp uitgevoerd. Zie navolgende afbeelding met rechtsboven het stedenbouwkundig ontwerp en de luchtfoto met de bestaande bebouwing van het deels uitgevoerde fase 2. Het appartementencomplex - dat gepland was in het noordoostelijk deel van het plangebied - is volgens het bestemmingsplan mogelijk en ook vergund, maar is niet gerealiseerd.

2.2

Stedenbouwkundige opzet

De uitbreidingslocatie Waaijakkers is grotendeels gelegen in de zuidoosthoek van de kern Aerdt. Na de ontwikkeling van fase 1 is de planontwikkeling stilgevallen. Op de volgende afbeelding is het oude stedenbouwkundig plan opgenomen.

8

(gewijzigd vastgesteld)

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt In de afgelopen periode zijn in onderling overleg tussen gemeente en naastgelegen agrarische bedrijf de milieukundige beperkingen weggenomen en is er een nieuwe stedenbouwkundige hoofdopzet gemaakt op basis waarvan er verder gebouwd kan worden aan de voltooiing van de inbreiding. Vertrekpunt hierbij is dat deze logisch aansluit op de reeds ingezette ruimtelijke structuur en de reeds aanwezige infrastructuur. Daarnaast is dit moment door de corporatie Vryleve aangegrepen om de eerder vergunde maar nooit gerealiseerde appartementencomplex in het middengebied te heroverwegen en de zuidpunt van fase 1 te bebouwen. Voor fase 2 wordt ingezet op het op logische wijze afronden van het bebouwingscluster binnen de lusstructuur van de weg. Dit biedt mogelijkheden om in de zuidelijke punt een klein aantal woningen toe te voegen. De reeds aanwezig weg Maisakkers wordt als doorlopende ringstructuur in het plangebied doorgezet en gekoppeld aan de weg Waaijakkers. Ten noorden ervan ontstaat dan de ruimte voor een tweede logische bebouwingscluster voor maximaal 24 woningen. Dit is vergelijkbaar met maar iets groter dan fase 1 en eveneens omgeven door een lusstructuur van de weg.

Hierdoor ontstaat de mogelijkheid om de invulling van het gebied met woningbouw zoveel mogelijk alzijdig vorm te geven door voorgevels de straten te laten begeleiden en achtertuinen zoveel mogelijk naar binnen toe te keren. In het meest zuidelijke deel van het plangebied is ruimte voor een blok met 4 boven- en 4 benedenwoningen. De volgende afbeelding is een uitsnede van de nieuwe stedenbouwkundige opzet, die ook als Bijlage 1 Stedenbouwkundig ontwerp bij deze toelichting is gevoegd.

afb. nieuwe stedenbouwkundige opzet Waaijakkers Aan de zuidzijde van het plangebied wordt met een rij van vijf vrije kavels ruimte geboden voor woningen in het hoger segment. De ruimte tussen de 5de vrije kavel en de groene zone rondom de caravanstalling is in de uitwerking van het plan iets meer verruimd ten opzichte van vorenstaande stedenbouwkundige opzet om mogelijke hinder voor de nieuwe bewoners te voorkomen. Een zesde vrije kavel is voorzien in een onbebouwd maar helder afgebakend stukje grond naast de woning Waaijakkers 16 dat logisch aan de nieuwe structuur komt te liggen. Op deze kavel kan één vrijstaande woning of één twee-onder-kapwoningen.l Tegen het centrale groene verblijfsgebied worden de gronden van de corporatie ingezet om in de vorm van twee rug-aan-rug geplaatste rijtjes van elk vijf bescheiden woningen mogelijkheden te bieden voor kleine huishoudens binnen de sociale huur.

(gewijzigd vastgesteld)

9

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt

2.3

Het plan

De afronding van de woonwijk De Waaijakkers kan plaatsvinden door het beëindigen van de agrarische functie van bouwperceel Heuvelakkersestraat 2 Aerdt. Het agrarische bedrijf wordt beëindigd en caravanstalling wordt voortgezet. De bestaande schuren voor de caravanstalling worden gesloopt en herbouwd. De oppervlakte van de caravanstalling neemt niet toe. De veranderingen op het perceel leveren een substantiële bijdrage aan de verbetering van het woon- en leefklimaat op perceels- en buurtniveau. De nieuwe situatie 1. De vernieuwde opzet met caravanstalling en deze ingepast in het groen en voorzien van zonnepanelen om in de eigen energiebehoefte te kunnen voorzien. 2. Restauratie van de boerderij Heuvelakkersestraat 2 te Aerdt en het achterhuis in te vullen met twee extra woningen. 3. De activiteiten van de veehouderij zijn definitief gestaakt met bijbehorende opheffing van de stankcirkel. Hierdoor wordt de afronding plan Waaijakkers mogelijk. 4. Afronding van het kerkepad en de aanleg van een ommetje creëren dat uitkomt bij de woonzorgvoorziening. De aanleg hiervan wordt geborgd met een voorwaardelijke verplichting.

Beeldkwaliteit Hoofdvolumes Ten aanzien van de bouwvolumes wordt bij het nagestreefde bebouwingsbeeld van Waaijakkers aangesloten bij een kleinschalige dorpse setting met ruimte voor variantie binnen de bouwblokken, aandacht voor individuele uitstraling van woningen en een net uitgewerkte architectuur. De grondgebonden (en voornamelijk) eengezinswoningen in het middengebied hebben in de basis heldere hoofdvolumes met duidelijke kapvormen. Bouwvolumes tot twee bouwlagen afgedekt met al dan niet symmetrische zadeldaken vormen hierbij het uitgangspunt en bepalen het bebouwingsbeeld. In het geval van rijen van meer dan drie woningen dient met een duidelijke verbijzondering binnen het hoofdvolume een monotoon bebouwingsbeeld voorkomen te worden. Dit kan bijvoorbeeld door wisselingen in de kaprichting, toevoegen van topgevels, verspringingen in de voorgevel. De diverse mogelijkheden voor aan- en uitbouwen zijn ondergeschikt aan de hoofdvolumes wat tot uiting komt in zaken zoals afmetingen, materiaalgebruik en situering achter de voorgevel. Voor de meest zuidelijk gelegen vrije kavels worden separaat kavelpaspoorten opgesteld om de bouwmogelijkheden, de ruimtelijke kwaliteit en de eenheid te borgen. Hierin worden ook de erfafscheidingen meegenomen.

Deze kavelpaspoorten zijn opgenomen in Bijlage 3 Kavelpaspoorten Waaijakkers Aerdt 27-01-2022 van deze toelichting Architectuur Qua architectuurbeeld wordt ingestoken op een hoogwaardige vormgeving met een individueel karakter. Zowel de meer traditionele als eigentijdse architectuur is hierbij in de basis mogelijk waarbij de woningen zich ondanks de verschillen wel goed moeten verhouden ten opzichte van omliggende bebouwing waarbij een balans tussen variatie en samenhang wordt nagestreefd. Materiaalkeuze Voor de woningen vormt een sprekende handvorm gevelsteen de basis. Hierbij is het brede spectrum van aardtinten uitgangspunt, desgewenst aangevuld met wit gekleurde geveldelen als contrastvlakken binnen de gevels. In de detaillering van de gevels is ondergeschikte toepassing van andere materialen bespreekbaar waarbij hout in principe het uitgangspunt is voor kozijnen, ramen en deuren. Voor de daken wordt uitgegaan van antracietzwarte matte dakpannen. Bij voorkeur gebakken, maar in uitstraling en duurzaamheid gelijkwaardige betonproducten zijn bespreekbaar.

10

(gewijzigd vastgesteld)

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt Groen en buitenruimte De buitenruimte van de wijk zal nader worden uitgewerkt in een inrichtingsplan waarbij wordt ingezet op hoogwaardig materiaalgebruik en degelijk straatmeubilair. De gehele inrichting van de openbare ruimte wordt daarin nader uitgewerkt, inclusief het beplantingsplan. Op kavelniveau wordt regie gevoerd op de erfafscheidingen die grenzen aan de openbare ruimte. Aan de voor- en zijkant van de kavel worden lage hagen voorgeschreven van een uniforme soort. Ter hoogte van de achtertuinen kan dezelfde soort worden toegepast in hogere vorm. Ook toepassing van degelijke schermen begroeid met klimop behoren tot de mogelijkheden. In het geval van specifieke zichtlocaties kan verlangd worden dat erfafscheidingen worden mee- ontworpen in het bouwplan. Voor de inpassing van het nieuwe erf Heuvelakkersestraat 2 met de caravanstalling en de 5 vrije kavels met de aangrenzende agrarische gronden is een landschappelijke inpassing opgesteld. Belangrijke onderdelen van deze inpassing zijn de sloop van de verouderde bedrijfsbebouwing, verharding en silo's, de aanleg van een robuuste groene zone langs de bebouwing voor de caravanstalling en het herstel van het kerkepad/lokaal ommetje, de aanleg van een poel/wadi en hoogstamfruitboomgaard en de bouw van de nieuwe bedrijfsgebouwen voor caravanstalling.

Navolgende afbeelding geeft een impressie van deze landschappelijke inpassing. Voor een duidelijk overzicht van deze inpassing wordt verwezen naar de Bijlage 2 Landschappelijke inpassing 27-012022 van de toelichting. De belangrijkste uit te voeren maatregen worden als voorwaardelijke verplichting in de regels opgenomen.

(gewijzigd vastgesteld)

11

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt afb. uitsnede Landschappelijke inpassing 27-01-2022 Samengevat maakt het voorliggende bestemmingsplan maximaal 51 woningen mogelijk, bestaande uit: 

10 rijwoningen ten behoeve van Woonstichting Vryleve

8 gestapeld ten behoeve van Woonstichting Vryleve

5 vrijstaande woningen ten behoeve van ontwikkelende agrariër

2 extra woningen binnen bestaande woning/boerderij aan de Heuvelakkersestraat

2 woningen naast Waaijakkers nr. 16

max 24 woningen op het middenterrein

Parkeren en ontsluiting Binnen de hiertoe geldende normen wordt het parkeren binnen de wijk opgelost. In het geval van tussenwoningen is dat in de openbare ruimte. Bij hoekwoningen, tweekappers en vrijstaande woningen wordt waar mogelijk ingezet op parkeren op eigen terrein. In de basis wordt ingezet op lange opritten voor twee auto's bij hoeksituaties en tweekappers. De vrijstaande woningen realiseren het parkeren volledig op eigen terrein door middel van een brede oprit of wee onafhankelijk van elkaar bereikbare parkeerplaatsen. Bij bijzondere situaties kan hiervan afgeweken worden, zolang dit in overeenstemming is met de totale parkeerbalans. De hoofdontsluiting van de Waaijakkers zal net zoals in de huidige situatie lopen via de Schoolstraat en Waaijakkers. In geval van calamiteiten zijn de woningen ook bereikbaar via het graspad aan de Groenestraat. (dit moet als zodanig ook worden aangegeven op het parkeerterrein van het dorpshuis). Duurzaamheid Ter vermindering van hittestress blijven de erven zo groen mogelijk en zal de hoeveelheid verharding zo beperkt mogelijk worden. Het hemelwater van het dakoppervlak en van de verharding wordt afgekoppeld van het rioolstelsel en opgevangen in wadi's en zakgreppels in de aanwezig groenvoorzieningen.

Deze vorm van infiltratie komt ten goede aan het grondwaterpeil, het beperkt verdere verdroging en het voorkomt overbelasting van rioolwaterzuiveringsinstallaties. Gasloos bouwen is verplicht voor de nieuw te bouwen woningen. Bij de bouw zal gebruik worden gemaakt van duurzame (bouw)materialen. Op de daken van de nieuwbouw voor de stalling van onder andere stacaravans en van de nieuw te bouwen woningen worden zonnepanelen gelegd. Beoordeling bouwplannen Bouwplannen worden tijdens de (concept)aanvraag voor een omgevingsvergunning ter beoordeling voorgelegd bij de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (Welstand). Deze ziet samen met de stedenbouwkundige van de gemeente op het naleven van bovenstaande uitgangspunten en beoordeeld de uiterlijke verschijningsvorm van een plan, mede rekening houdend met de omgeving. Voor de 5 vrije kavels zijn kavelpaspoorten opgesteld omdat deze kavels met de nieuwbouw het sluitstuk vormt van het meest zuidelijk gelegen deel van de woningbouwontwikkeling Waaijakkers. Deze nieuwbouw accentueert de overgang tussen het verstedelijkte deel van het dorp Aerdt en het buitengebied. De kavelpaspoorten zijn opgenomen in Bijlage 3 Kavelpaspoorten Waaijakkers Aerdt 27-01-2022.

12

(gewijzigd vastgesteld)

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt

Hoofdstuk 3

Haalbaarheid van het plan

In dit hoofdstuk worden het relevante rijks-, provinciaal-, regionaal en gemeentelijk beleid ten aanzien van de ruimtelijke structuur en de functionele structuur, de milieuaspecten en de economische uitvoerbaarheid opgenomen indien en voor zover dat van toepassing is.

3.1

Rijksbeleid

3.1.1

Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

De NOVI (vastgesteld (11-09-2020) biedt een duurzaam perspectief voor de Nederlandse leefomgeving. Hiermee wordt ingespeeld op de grote uitdagingen die zich aandienen. De NOVI biedt een kader, geeft richting en maakt keuzes waar dat kan. Tegelijkertijd is er ruimte voor regionaal maatwerk en gebiedsgerichte uitwerking. Omdat de verantwoordelijkheid voor het omgevingsbeleid voor een groot deel bij provincies, gemeenten en waterschappen ligt, kunnen inhoudelijke keuzes in veel gevallen het beste regionaal worden gemaakt. Met de NOVI zet de Rijksoverheid een proces in gang waarmee keuzes voor onze leefomgeving sneller en beter gemaakt kunnen worden. Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Die komen samen in vier prioriteiten:  Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie;  Duurzaam economisch groeipotentieel;  Sterke en gezonde steden en regio's;  Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven vanuit de NOVI is combinaties te maken en win-win situaties te creëren. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen.

Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes:  Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies: In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van de ruimte;  Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal: wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling, tussen concurrentiekracht en leefbaarheid, verschilt van gebied tot gebied. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere;  Afwentelen wordt voorkomen: het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie van inwoners zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties. De voorgenomen ontwikkeling voorziet in het toekomstbestendig en duurzaam wooninitiatief in en bij het stedelijk gebied van het dorp Aerdt in combinatie met functieverandering en versterking van de landschappelijke waarden past daarmee binnen de prioriteiten van de NOVI. 3.1.2

Nationale woonagenda 2018-2021

In de afgelopen jaren is er een fors woningtekort ontstaan in Nederland. Op veel plekken is het moeilijk om een huis te vinden dat past bij de wensen en mogelijkheden van woningzoekenden. Om dit op te lossen zouden er, rekening houdend met de sloop van 12 tot 13 duizend woningen per jaar, tot 2025 zo’n 700 duizend woningen moeten worden bijgebouwd. Dat betekent vanaf nu een jaarlijkse opgave van gemiddeld 75 duizend woningen. Alleen woningen bijbouwen is niet genoeg. Zowel de nieuwbouw als de bestaande woningvoorraad moet passen bij de vraag van huishoudens die een woning zoeken, nu en in de toekomst. Wat deze

(gewijzigd vastgesteld)

13

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt vraag is moet op regionaal en lokaal niveau worden bepaald, net als wat er naast de bouw van woningen nog meer moet gebeuren, bijvoorbeeld meer doorstroming, voldoende aansluiting op het vervoer en aandacht voor vraagstukken gerelateerd aan krimp. Juist gemeenten en provincies gezamenlijk zijn in staat maatwerkoplossingen te bieden voor de inwoners. Het initiatief waarbij een forse woningbouwopgave mogelijk wordt gemaakt, past binnen Nationale woonagenda 2018-2021. 3.1.3

Ladder voor duurzame verstedelijking

Sinds 1 oktober 2012 is het op grond van artikel 3.1.6, tweede lid, Bro, verplicht om in de plantoelichting de zogenoemde ladder voor duurzame verstedelijking op te nemen. Met betrekking tot de functiewijziging van gronden en gebouwen voor stedelijke functies is de 'ladder voor duurzame verstedelijking' van belang die het Rijk in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) heeft opgenomen. Bij de afweging van een besluit tot een woningbouwontwikkeling moeten alle relevante belangen worden betrokken. De volgende vragen de revue passeren:  bezien of bestaand stedelijk gebied of bestaande bebouwing kan worden hergebruikt;  aantoonbare behoefte. De toetsing aan de ladder van duurzaamheid is opgenomen in een afzonderlijke bijlage. Zie bijlage 3 Laddertoets van deze toelichting. 3.1.4

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening

Het kabinet heeft in de Structuurvisie infrastructuur en ruimte (SVIR), welke onder meer de Nota Ruimte vervangt, voor een beperkt aantal onderwerpen van nationaal belang vastgesteld dat de rijksbevoegdheid om algemene regels te stellen moet worden ingezet. In het Besluit algemene regels ruimtelijk ordening (Barro) van 20 augustus 2011 zijn de kaders aangegeven waaraan plannen c.q. initiatieven met betrekking tot de nationale belangen moeten voldoen. Het Rijk heeft in totaal 13 nationale belangen benoemd. Nationale belangen zijn hierbij niet in het geding. Op grond van het Barro bestaan er geen belemmering voor uitvoering van het plan en daartoe vaststelling van een bestemmingsplan.

3.2

Provinciaal beleid

3.2.1

Omgevingsvisie Gaaf Gelderland

Deze omgevingsvisie en de geactualiseerde omgevingsverordening zijn vastgesteld op 19-12-2018. Aanleiding voor deze visie is de gedetailleerdheid van de bestaande visie (er moet duidelijker worden aangegeven wat echt van belang is voor de provincie) en tegelijkertijd is sprake van nieuwe ontwikkelingen met impact. De provincie heeft geconcludeerd dat een Omgevingsvisie en verordening nodig is die hier de aandacht op vestigt, maar die ook ruimte biedt om snel en passend te reageren. Een Omgevingsvisie die focus aanbrengt op hetgeen waar het uiteindelijk om gaat, op wat voor de provincie van belang is en waar zij een doorslaggevende rol in heeft gezien haar taken en verantwoordelijkheden. De nieuwe Omgevingsvisie van Gelderland geeft de richtlijnen voor de ruimtelijke, fysieke en economische inrichting van de provincie. Gemeentelijke plannen en initiatieven van ondernemers, burgers en instellingen kunnen aan dit beleid getoetst worden. De nieuwe Omgevingsvisie Gaaf Gelderland kent een aantal nieuwe beleidsthema's (ambities) en een aantal aanpassingen van het beleid op bestaande thema's. Het beleid is meer strategisch van karakter. In de Omgevingsvisie 'Gaaf Gelderland' beschrijft de provincie het beeld op de toekomst. Een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland staat daarbij centraal. Gelderland bevindt zich op een cruciaal punt in de tijd.

De wereld verandert ingrijpend met nieuwe vraagstukken zoals het energievraagstuk, klimaatverandering, uitputting van grondstoffen, kwetsbare biodiversiteit, digitalisering, internationalisering. Bij de taakinvulling legt de provincie de focus op duurzaamheid, verbondenheid en een krachtige economie als werkende bestanddelen voor een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland. Dit wordt gedaan door het nastreven van zeven met elkaar samenhangende ambities: 1. energietransitie;

14

(gewijzigd vastgesteld)

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt 2. klimaatadaptie; 3. circulaire economie; 4. biodiversiteit; 5. bereikbaarheid; 6. vestigingsklimaat; 7. woon- en leefomgeving. Ad 1) Het streven is dat Gelderland in 2050 volledig energieneutraal is. Om te beginnen, zet de provincie in op energiebesparing en het terugdringen van het energieverbruik door isolatie en efficiëntere toepassingen: in huizen en gebouwen, bij verkeer en vervoer, in de industrie, in de landbouw. Daarnaast zet de provincie in op duurzame opwekking. Wind, zon, biomassa, waterstof, geo- en aquathermie en waterkracht. Ontwikkeling en toepassing van nieuwe technologieën wordt gestimuleerd. Windturbines, zonneparken, warmtecentrales, (mest)vergisters, waterkrachtcentrales moeten een plek krijgen in het Gelderse landschap, wil de ambitie worden gehaald. In de bodem wordt gezocht naar mogelijkheden voor het benutten van aardwarmte (geothermie). Dit raakt de leefomgeving van alle Gelderlanders en kan botsen met sterke Gelderse kwaliteiten. Ad 2) Het veranderend klimaat raakt alle facetten van de omgeving, zoals de Gelderse Natuur, maar ook de gezondheid en veiligheid. In 2050 moet Gelderland optimaal beschermd zijn tegen en kunnen meebewegen met het veranderende klimaat. Ad 3) Minder afval en meer kringloop, recycling en hergebruik is nodig om Gelderland schoon en groen te houden.

Zoveel mogelijk gebruik van duurzame materialen en hergebruik daarvan. Ad 4) Gestreefd wordt naar een stimulerend en beschermend beleid voor biodiversiteit. De provincie ziet de meeste kansen door veehouderij, land- en tuinbouw en natuur slimmer te verbinden. De provincie werkt met betrokken partijen aan een betere balans tussen de intensieve veehouderij, natuurwaarden, lucht- en bodemkwaliteit en het terugdringen van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in de landbouw en fruitteelt. Ad 5) Bereikbaarheid is een kritische succesfactor voor een verbonden samenleving en een krachtige, duurzame Gelderse economie. Gestreefd wordt naar een efficiënte, duurzame en innovatieve bereikbaarheid, toegesneden op de veranderende vraag. Ad 6) De provincie streeft naar een duurzaam, dynamisch en toegankelijk economisch vestigingsklimaat, waar voor ondernemers en inwoners een sterke aantrekkingskracht vanuit gaat. In 2050 zijn alle werklocaties in Gelderland duurzaam ingericht qua energie, klimaatbestendigheid en logistieke en productiestromen. De provincie zorgt voor een gevarieerd aanbod aan goed ontsloten, kwalitatief hoogwaardige, duurzame werklocaties. Het concentreren van economische activiteiten heeft daarbij de voorkeur boven versnippering. Het ombouwen van bestaande en leegstaande bedrijvenlocaties heeft de voorkeur boven de aanleg van nieuwe terreinen.

Ad 7) Om Gelderland voor mensen en bedrijven aantrekkelijk te houden, is de kwaliteit van de leefomgeving van groot belang. Om het landschap open, groen en het voorzieningenniveau op peil te houden en leegstand te voorkomen, is bouwen binnen bestaand stedelijk gebied het vertrekpunt. Het benutten van bestaande gebouwen heeft de voorkeur. Gestreefd wordt naar concentraties van bebouwing. Pas als er geen andere goede mogelijkheden zijn, is uitbreiding aan de randen van de steden of dorpen in beeld. Bij de provincie staat een goede balans tussen de vraag en aanbod van woningen in verschillende prijscategorieën voorop. Gestreefd wordt naar een duurzaam en divers woon- en leefklimaat, dat weet te anticiperen op ontwikkelingen. De bestaande bebouwde omgeving wordt optimaal benut. In 2050 zijn alle woningen klimaatneutraal. Bij het bouwen van de nieuwe woningen zal ingezet worden op het thema duurzaamheid (energie, gebruik grondstoffen, klimaatbestendig) en een goede landschappelijke inpassing. Een goede landschappelijk inpassing bevordert de biodiversiteit ter plaatse en levert een bijdrage aan de verbetering van de omgevingskwaliteit. Deze aspecten zijn in overeenstemming met de ambities en beleidsuitgangspunten op het gebied van energietransitie, biodiversiteit en woon- en leefomgeving.

Toetsing aan beleid Onderhavig plan is niet in strijd met de uitgangspunten van het provinciaal beleid van Gelderland. 3.2.2

Omgevingsverordening Gelderland

(gewijzigd vastgesteld)

15

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt De omgevingsverordening vormt de juridische doorwerking van het beleid uit de Omgevingsvisie in regels. De verordening voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is daarmee dus beleidsneutraal. De inzet van de verordening als juridisch instrument om de doorwerking van het provinciaal beleid af te dwingen is beperkt tot die onderdelen van het beleid waarvoor de inzet van algemene regels noodzakelijk is om provinciale belangen veilig te stellen of om uitvoering te geven aan wettelijke verplichtingen. De Omgevingsverordening richt zich net zo breed als de Omgevingsvisie op de fysieke leefomgeving in de Provincie Gelderland. Dit betekent dat vrijwel alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. Het gaat hierbij om regels op het gebied van ruimtelijke ordening, milieu, water, verkeer en bodem. Eén en ander volgens door de gemeenten/regio's nader uit te werken beleidskaders. Eén van de provinciale belangen is de bescherming en ontwikkeling van het Gelders Natuurnetwerk (GNN), het Groene Ontwikkelingszone (GO) en het Natura 2000-gebied Rijntakken, deelgebied Gelderse Poort.

Op onderstaande afbeeldingen is te zien dat het plangebied (aangegeven met rode marker) daar buiten valt en dat er geen provinciale belangen in het geding zijn bij de uitvoering van het voorliggende bestemmingsplan.

afb. globale ligging plangebied t.o.v. GNN en GO

16

(gewijzigd vastgesteld)

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt afb. globale ligging plangebied t.o.v. GNN en GO Nieuwe woonlocaties In art. 2.2.1.1 (Wonen) van de Verordening wordt bepaald dat in een bestemmingsplan nieuwe woonlocaties en de daar te bouwen woningen worden slechts worden toegestaan wanneer dit past in het vigerende door Gedeputeerde Staten vastgestelde Kwalitatief Woonprogramma successievelijk de door Gedeputeerde Staten vastgestelde kwantitatieve opgave wonen voor de betreffende regio. Het voorliggende plan heeft betrekking op de afronding van de wijk Waaijakkers. Deze ontwikkeling was voorzienbaar en planologisch al mogelijk gemaakt. Plancapaciteit was beschikbaar. De realisering van dit plan was lange tijd niet mogelijk door de aanwezigheid van een agrarisch bedrijf. Toetsing aan beleid Onderhavig plan is niet strijdig met de regels van de Omgevingsverordening Gelderland. Nationaal Landschap Gelderse Poort Het groot deel van het plangebied is gelegen binnen het Nationaal Landschap Gelderse Poort. Dit betreft een gebied met internationaal zeldzame of unieke en nationaal kenmerkende landschapskwaliteiten, en in samenhang daarmee bijzondere natuurlijke en recreatieve kwaliteiten; Zie onderstaande uitsnede.

Afb. Uitsnede globale aanduiding ligging plangebied binnen Nationaal landschap. Een groot deel van de gronden was al bestemd voor (nieuwe) woonfuncties. Voorts bevat de landschappelijke inpassing maatregelen om de kernkwaliteiten van het gebied te versterken. De bescherming van het provinciaal belang is hiermee in dit plan voldoende geborgd. 3.2.3

Actieplan woningbouw

Gelderland heeft te maken met een urgente vraag naar meer woonruimte. Tot 2030 moeten er in de provincie ruim 80.000 nieuwe woningen gebouwd worden. De urgentie is zo hoog, dat provincie Gelderland met dit Actieplan Wonen een bijdrage wil leveren aan de uitvoering van de bouwopgave. Drie volgende doelen staan in dit actieplan centraal:  Doelstelling 1: versnelling van de woningbouw (sneller);  Doelstelling 2: meer betaalbare woningen (betaalbaar);  Doelstelling 3: meer flexibele woonvormen (flexibel).

(gewijzigd vastgesteld)

17

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt Met het Actieplan Wonen wordt de komende vijf jaar de bouw van circa 45.000 woningen versneld. Dit aantal woningen is onderdeel van de 80.000 nieuwe woningen die in Gelderland tot 2030 gerealiseerd moeten worden. De uitvoering van het bestemmingsplan past ook binnen het provinciale beleid zoals verwoord in het Actieplan Wonen 2020 – 2025 (uitgave maart 2020). Conclusie provinciaal beleid Dit bestemmingsplan voorziet in de bouw van 51 woningen voor verschillende doelgroepen van het woonbeleid waaronder starters/jongeren. Hiermee wordt voldaan aan de vraag/behoefte van de markt en aan de urgentie voor de uitvoering van de bouwopgave.

3.3

Regionaal beleid

3.3.1

Woondeal

Op 4 maart 2020 is de Woondeal regio Arnhem-Nijmegen ondertekend. Aanleiding hiervoor zijn de toenemende woningtekorten en de complexiteit van de stedelijke vraagstukken. De woondeal is een pakket met afspraken met het ministerie van BZK, de regio Arnhem-Nijmegen en de provincie Gelderland. Doel van deze woondeal is om tot een gezamenlijke inzet van instrumentarium en middelen te komen om opgaven op de woningmarkt op te pakken. De woondeal bevat een zestal kernafspraken, waar onder woningbouwopgave en versnelling en betaalbaarheid. 3.3.2

Subregionale woonagenda

In 2020 is de subregionale woonagenda geactualiseerd. De uitgangspunten uit de Liemerse Woonagenda zijn nog steeds relevant, al is er op een aantal punten een accentverschuiving. Zo wordt vooral ingezet op de kwaliteiten van het plan en naar de toegevoegde waarden van het plan op lokale en/of (sub)regionale behoefte. Het uitgangspunt 'harde afspraken over het aantal te bouwen woningen' is hierdoor inmiddels verlaten. Bovendien bestaat is er een beter inzicht in vraag en aanbod in de Liemers. Op basis van het regionale woningmarktonderzoek 2019 Arnhem- Nijmegen zijn de belangrijkste opgaven:  Voorkomen dat het woningtekort verder oploopt inde Liemers  Ruimte voor nieuwe woningbouwlocaties  Behoefte aan betaalbaar wonen. Door de accentverschuiving zijn de uitgangspunten herijkt en zijn er zes punten geformuleerd in plaats van zeven. Parallel aan de Liemerse Woonagenda wordt in de Regio Arnhem Nijmegen ook samengewerkt aan de Woondeal. De Woondeal ondersteunt de gemeente op een aantal punten bij het uitvoeren van de opgaven en uitgangspunten die in de Liemerse Woonagenda zijn geformuleerd. De toevoeging van woningen (en uitbreiding van de woningvoorraad) is noodzakelijk om de woningvraag als gevolg van de toename van het aantal huishoudens te kunnen faciliteren. Betreft het laatste punt.

Ten opzichte van 2017 ligt het accent nu sterk op de oplopende woningtekorten en de betaalbaarheid van woningen voor middeninkomensgroepen. Volgens het woningbehoefteonderzoek zou tot 2025 bijna de helft van het woningbouwprogramma moeten bestaan uit betaalbare koopwoningen. Daarnaast geeft het onderzoek aan dat er vanuit de middeninkomens ook behoefte is aan vrije sector huurwoningen in de middenhuur. (Bij de bouw van betaalbare koopwoningen € 250.000 een bovengrens (lager dan de grens in de Woondeal, waar de NHG-grens wordt hanteert). Voor de middeldure huur is € 850 een bovengrens. Toetsing Het voorliggend initiatief maakt in totaal maximaal 51 nieuwbouwwoningen - waarvan 18 sociale huurwoningen bestaande uit 2 blokjes van 5 en 1 blok met 4 boven- en 4 benedenwoningen mogelijk. Het betreft een woningbouwontwikkeling die was voorzien. De nieuwe woningen en wooneenheden zijn duurzaam en bedoeld voor specifieke doelgroepen van het volkshuisvestingsbeleid. Het aantal te bouwen duurzame woningen blijft sterk achter bij de ambities van het Rijk. Met het voorliggende plan neemt het aantal duurzame woningen in Aerdt

18

(gewijzigd vastgesteld)

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt substantieel toe. Daarnaast wordt met de voorliggende bouw van de woningen ingezet om in de behoefte van specifieke doelgroepen te voorzien zoals de bouw van betaalbare duurzame koop- en huurwoningen voor starters en huurders. De toevoeging van woningen (en uitbreiding van de woningvoorraad) is past binnen het regionaal beleid om de toename van het aantal huishoudens te kunnen faciliteren.

3.4

Gemeentelijk beleid

3.4.1

Woonvisie Gemeente Zevenaar 2015-2025

In de nota wonen is aangegeven dat wij hebben gekozen voor “Groeien in een veranderd perspectief”. Daarbij ligt de focus op drie belangrijke opgaven:  Het aantrekkelijk houden van de bestaande woningvoorraad.  Het verbeteren van de positie van doelgroepen met een kwetsbare positie;  Bewaken dat de woningbouw aansluit bij de behoefte: om de potentiële groei maximaal op te vangen én tegelijkertijd het voorkomen van overaanbod; 3.4.2

Aanvullend onderzoek en cijfers

Onderzoek Ontwikkeling (sociale) woningvoorraad In 2020 is een verdiepend woningmarktonderzoek 'Ontwikkeling (sociale) woningvoorraad' uitgevoerd samen met de drie woningcorporaties. Met de vraag: “wat is de toekomstige kwantitatieve en kwalitatieve woonbehoefte tot 2030” met focus op de sociale woningvoorraad. Dit onderzoek is specifiek voor de gemeente Zevenaar en geeft ook een inzicht per kern. De volgende accenten voor de woonbehoefte kwamen naar voren:  Jaarlijks circa 170 nieuwbouwwoningen nodig (trendmatige behoefte), voornamelijk in Zevenaar (centrum en overige)  Tekort aan sociale huurwoningen -> naast nieuwbouw, ook transformatie en verkoop meenemen. (Grootste vraag in Zevenaar).  Verschuiving behoefte van eengezinswoning naar toegankelijke woning: groei van 1 a 2 persoonshuishoudens.  Tekorten in aanpalende segment goedkope koop: in de huidige woningvoorraad komen onvoldoende koopwoningen tot € 200.000,- en tussen € 200.000,- – € 300.000,- vrij.  Tekorten in aanpalende segment middenhuur (€ 650 – 950,-): vraag afkomstig drie doelgroepen: huishoudens die tussen wal en schip vallen door inkomenseisen, huishoudens die zoeken naar een snel beschikbare woning, huishoudens die zoeken naar het comfort van huren om zo geld vrij te maken om comfortabel van te leven.

 Huisvesting arbeidsmigranten; vraag vooral betaalbare huur – en koopwoningen voor mensen die zich permanent vestigen. Voor Aerdt, Pannerden en Herwen: In Pannerden, Aerdt en Herwen voorzien we een beperkte groei van de woningbehoefte. De woningbehoefte in deze kernen komt vooral van starters/jonge huishoudens die in de eigen kern een woning zoeken. Zij zijn meer dan in de andere kernen gericht op een grondgebonden koopwoningen in plaats van huurwoningen. Zij vragen om koopwoningen tot € 300.000, die in de huidige markt maar zeer beperkt vrijkomen. Aanvulling Tekort aan sociale huurwoningen: Tot 2030 is toevoeging van minimaal 240 sociale huurwoningen nodig om in de vraag te voorzien. Dit is een netto-toename. Bij transformatie of verkoop van bestaande sociale huurwoningen loopt het tekort op. Gelet op de transformatieopgave uit deze analyse gaan we uit van een nieuwbouwopgave van 350 sociale huurwoningen tot 2030. De grootste aanvullende behoefte is in de kern Zevenaar. Daarnaast is er een beperktere additionele vraag naar sociale woningbouw in Babberich, Angerlo, Giesbeek, Aerdt en Herwen. Dit zal worden vertaald naar projecten in samenwerking met de corporaties. Voor de kern Zevenaar is dat nog een opgave. Een deel wordt gerealiseerd in Groot Holthuizen en bij het BAT terrein.

Ook in de kleine kernen (Babberich, Angerlo, Giesbeek, Aerdt) worden nog sociale huurwoningen (gewijzigd vastgesteld)

19

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt toegevoegd. Maar naast deze locaties zijn er meer locaties nodig om te voldoen aan de behoefte. En dan is vooral de vraag het grootst in de kern Zevenaar. Woningvoorraad in de wijk De locatie ligt in en bij de kern Aerdt. De kern bestaat uit 330 woningen waarvan 98% eengezinswoningen. Van de 330 woningen bestaat 78% uit koopwoningen en 22% uit huurwoningen waarvan 15% in bezit van de corporatie. De gemiddelde woningwaarde is € 281.000,- (peil 2020). In deze kern is vooral van de plaatselijke bevolking behoefte aan extra woningen. Advies Voor het woningbouwprogramma wordt vanuit volkshuisvesting de volgende voorwaarden meegegeven :  Gedifferentieerd woningbouwprogramma (rijwoningen, studio's, twee-onder-eenkapwoningen, hoekwoningen, vrijstaande, appartement enz.)  Eis: waarvan in ieder geval 50% in het betaalbare segment, waarvan 25 % sociale huurwoningen.  De sociale huurwoningen worden in ieder geval verhuurd - dan wel eigendom - van een woningcorporatie. Voorkeur voor de lokale corporatie.  Naast het sociale segment bestaat het betaalbare segment ook uit middeldure huur woningen, die een huur tot € 850,- hebben. Deze woningen worden de eerste 15 jaar niet verkocht en de huurprijsverhoging mag niet meer zijn dan de inflatie.

 Bij de betaalbare koop wordt een mix aangeboden van woningen onder de € 200.000,-, woningen tot € 250.000, met eventueel een uitloop tot de NHGrens.  Onderzoek mogelijkheden voor innovatie woonconcepten voor meerdere doelgroepen.  Inzetten op circulair- en conceptueel bouwen. 3.4.3

Prestatieafspraken 2022

Drie corporaties (Baston Wonen, Plavei en Vryleve), de gemeente Zevenaar en de huurdersverenigingen (Huurdersvereniging Baston Wonen, Huurdersbelangenvereniging Rijnwaarden en Huurdersvereniging leggen in de Raamovereenkomst Prestatieafspraken 2020-2024 de grote lijnen, ambities en procesafspraken vast voor de komende vijf jaar op volkshuisvestelijk gebied binnen de gemeente Zevenaar. In deze jaarlijkse prestatieafspraken wordt de inzet concreet en meetbaar (in de vorm van een beknopt actieplan) voor het jaar 2021. Belangrijke actiepunten in 2021 zijn:  Evenwichtige slaagkans voor woningzoekende  Doorstroming  Betaalbaarheid Corporatie Vryleve treft voorbereidingen voor de bouw van sociale huurwoningen - 2 rijtjes van 5 aaneengesloten woningen - en 8 wooneenheden ( 4 beneden- en 4 bovenwoningen) voor de woningbouwontwikkeling Waaijakkers in Aerdt. Het grote middengebied wordt ontwikkeld voor twee-aaneen-woningen en rijtjeswoningen. Met de bouw van sociale huurwoningen en de ontwikkeling van het middengebied wordt een substantiële bijdrage geleverd aan de uitvoering van het gemeentelijk woonbeleid. 3.4.4

Omgevingsvisie Gelders Eiland 2030

De Omgevingsvisie Gelders Eiland 2030 is op 25 april 2017 vastgesteld door de gemeenteraad van de voormalige gemeente Rijnwaarden. De visie geeft geen eindbeeld maar een omschrijving van de kernwaarden en kansen voor het gebied. Initiatieven worden getoetst of ze passen binnen de kernwaarden, of deze versterken.

20

(gewijzigd vastgesteld)

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt De visie voor het Gelders Eiland moet structuur en samenhang brengen en is gericht op samenwerking. De visie heeft de status van een gemeentelijke structuurvisie. Het is een visie die is opgesteld in geest van de aanstaande Omgevingswet en daarom het label 'Omgevingsvisie' heeft. Bij de uitvoering is de gemeente een belangrijke participant. De gemeente zal haar instrumenten en middelen inzetten teneinde de doelen uit de visie te bereiken. De Omgevingsvisie is een integrale visie met als hoofdthema's duurzaam, leefbaar, mooi en toeristisch. Voor deze thema's zijn in de visie een aantal doelen beschreven waarvan enkele relevante doelen hierna per thema zijn beschreven. Een duurzaam Gelders eiland Gesteld wordt dat de gemeente achter loopt op het gebied van duurzaamheid en deze achterstand snel wil inhalen. Er wordt bijvoorbeeld gestuurd op particuliere initiatieven op het gebied van klimaatadaptatie zoals minder verhardingen, maar meer groen op particulier terrein. Een leefbaar Gelders Eiland In de visie wordt aangegeven dat de inwoners van het Gelders Eiland zich zorgen maken over de leefbaarheid van hun dorpen. Leefbaarheid en vitaliteit van dorpen krijgen in de visie een prominente plaats. Het aantrekkelijke wonen op het Gelders Eiland moet onder de aandacht gebracht worden door een marketingstrategie.

De gemeente neemt hierin het voortouw. Bij het aantrekken van nieuwe bewoners moet balans in de samenleving blijven. Een mooi Gelders Eiland Het Gelders Eiland is een mooi gevarieerd gebied met een lange geschiedenis. Onderhoud en ontwikkeling van de ruimtelijke omgeving staan in het teken van het versterken en tonen van deze kwaliteiten. De realiteit is echter dat door economische en demografische ontwikkelingen steeds meer plekken leeg (komen) te staan. Dit zet de ruimtelijke kwaliteit van de dorpen en het landschap onder druk. Het resterende programma op het vlak van wonen, bedrijvigheid, recreatie en toerisme, moet worden ingezet op locaties waar dit bijdraagt aan een duurzaam, leefbaar of mooi Gelders Eiland. Tot 2025 wordt gerekend op een groei van het aantal huishoudens en daarmee een behoefte aan nieuwe woningen. De gemeente voert regie op de locatiekeuze en -invulling, zowel ruimtelijk als volkshuisvestelijk. Er zijn echter teveel nieuwbouwwoningen gepland. Op basis van regionale afspraken worden daarom grote bouwplannen, zoals Uuleveld en Ficoterrein, heroverwogen. De doelstelling is om hoofdzakelijk te bouwen in de dorpen waarbij de lokale woonbehoefte centraal staat. Een toeristisch Gelders eiland Recreatie en toerisme is voor het Gelders Eiland van groeiend economisch belang. Het gebied heeft veel te bieden.

Om de moderne consument te bereiken moeten echter stappen worden gezet. Veel voorzieningen zijn gedateerd. Er wordt met name gestuurd op het bieden van ruimte aan en het verbeteren van de bereikbaarheid van de toeristische voorzieningen. Fietsers, lange afstandswandelaars en ruiters krijgen bijvoorbeeld meer ruimte. Verder verdienen de verbinding met het stedelijk gebied en interessante recreatiegebieden in de omgeving verbetering. Gesteld wordt dat een toeristisch Gelders Eiland vooral een kwestie van (digitaal) communiceren is over wat het gebied nu en in de toekomst te bieden heeft. Toetsing De toevoeging van maximaal 51 nieuwe woningen (inclusief 18 sociale huurwoningen) draagt bij aan een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit door afronding van de wijk Waaijakkers, de beëindiging van het agrarisch bedrijf Heuvelakkersestraat 2, de sloop van de verouderde gebouwen. Het bestemmingsplan voldoet hiermee aan de uitgangspunten uit de omgevingsvisie om de kernwaarden van Aerdt te behouden en te versterken.

3.5

Milieu

3.5.1

Inleiding

In dit hoofdstuk worden de relevante milieuaspecten aan de orde gesteld, te weten water, ecologie, archeologische en cultuurhistorische waarden, bodem, geluid, luchtkwaliteit, milieuzonering, externe veiligheid alsmede de economische uitvoerbaarheid.

(gewijzigd vastgesteld)

21

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt

3.5.2

Bodem

Uitgangspunt bij ruimtelijke ontwikkelingen is dat de bodemkwaliteit geschikt moet zijn voor de beoogde functie. In verband hiermee is voor de ontwikkeling van de woningbouwlocatie een verkennend bodem - en asbestonderzoek uitgevoerd. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 7 april 2021. Doel van het bodemonderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse van de locatie en nagaan of er mogelijke gebruiksbeperkingen bestaan in relatie tot het beoogde gebruik. De resultaten van het onderzoek zijn hieronder samengevat. Bodem In de bovengrond zijn plaatselijke licht verhoogde gehalten DDE, kwik en PCB aangetroffen. In de ondergrond zijn geen verontreinigingen aangetroffen. In het grondwater, ter plaatse van peilbuis 2 en peilbuis 3, is een licht verhoogd gehalte barium aangetroffen. In de overige peilbuizen zijn geen verhoogde gehalten aangetroffen. Door de aangetroffen lichte verontreinigingen in de grond en het grondwater dient de hypothese ‘onverdachte locatie’ verworpen te worden. De aangetroffen gehalten zijn van dien aard dat de onderzoeksinspanning niet hoeft te worden herzien. Asbest Waarnemingen Ten tijde van het veldonderzoek heeft een visuele beoordeling van asbest op de bodem plaatsgevonden (maaiveld inspectie). Op het maaiveld is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen.

De grond uit de gegraven gaten is geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbest. In de grond uit de gaten is geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Analyseresultaten Ter plaatse van druppelzone AMM01 (asbestgat G1 t/m G4) is analytisch geen asbest aangetroffen. Ter plaatse van druppelzone AMM02 (asbestgat G5 t/m G8) is analytisch asbest aangetroffen (4,7 mg/kg d.s.).De waarde overschrijdt de waarde voor nader onderzoek (50 mg/kg) niet. Hier zijn aanvullend onderzoek dan wel sanerende maatregelen niet nodig. Bij concentraties asbest beneden de 100 mg/kg gewogen zijn geen risico’s aanwezig en wordt vastgehouden aan de benadering dat beneden deze norm het materiaal als asbestvrij beschouwd mag worden. Conclusie Op basis van het onderzoek wordt geconcludeerd dat de locatie geschikt voor het toekomstige gebruik. Ten behoeve van de verwerking van vrijkomende grond buiten de onderzoekslocatie wordt verwezen naar de uitgangspunten van het Besluit Bodemkwaliteit (Bbk). Gezien het verkennende karakter van dit onderzoek is het, ondanks de zorgvuldigheid waarmee het is uitgevoerd altijd mogelijk dat eventueel lokaal voorkomende verontreinigingen niet zijn ontdekt. Voor een uitgebreide beschrijving van het onderzoek wordt kortheidshalve verwezen naar de bijlagen van de toelichting.

Een kopie van dit onderzoek is als Bijlage 5 Bodem- en asbestonderzoek Waaijakkers Aerdt 10-052021 bij de toelichting gevoegd. Voor de deellocatie waar de bouw van 2 rijtjes van 5 aaneengesloten woningen wordt voorzien, is een actualiseringsonderzoek uitgevoerd. Deze gronden zijn overigens al bestemd voor de functie 'wonen'. Uit de resultaten van dit onderzoek blijkt dat er geen belemmeringen zijn voor de uitvoering van het bestemmingsplan. Een kopie van dit onderzoek is als Bijlage 6 Bodem- en asbestonderzoek Waaijakkers locatie Vryleve Aerdt 14-02-2022 bij de toelichting gevoegd. 3.5.3

22

Geluid

(gewijzigd vastgesteld)

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt Ingevolge de Wet geluidhinder (Wgh) dient bij ruimtelijke ontwikkelingen, ter waarborging van een akoestisch goed woon- en leefklimaat, rekening te worden gehouden met het aspect wegverkeerslawaai. De hoogst toelaatbare geluidsbelasting van een gevel van een gebouw met een geluidgevoelige functie mag, behoudens uitzonderingen, niet meer bedragen dan 48 dB. Voor alle wegen binnen het dorp Aerdt geldt een maximum snelheid van 30 km gebied en heeft geen wettelijke geluidszone. Toetsing aan de Wet geluidhinder is niet nodig. Het aantal inwoners van Aerdt bedraagt circa 850 inwoners. Het is bekend dat de verkeersintensiteit in het dorp hierdoor laag is. De geluidsbelasting tengevolge van het wegverkeer zal naar expert judgement de grenswaarde van 48 dB niet overschrijden. Voorts blijkt uit de regionale verkeersmilieukaart dat de woningen in het plangebied een geluidsbelasting zullen die lager is dan 48 dB. Hieruit kan worden afgeleid dat de geluidsbelasting ten gevolge van het wegverkeer een goed woon- en leefmilieu niet in de weg staat. Een akoestisch onderzoek is gelet op het vorenstaande niet nodig. 3.5.4

Luchtkwaliteit

De luchtkwaliteit is afhankelijk van de mate van verontreiniging door diverse luchtverontreinigende stoffen waarbij de voornaamste bronnen van luchtverontreiniging het wegverkeer, industriële bedrijven en de landbouw zijn. Vanuit Europese richtlijnen wordt aangegeven welke luchtkwaliteitsnormen voor deze stoffen gelden. In Nederland zijn deze richtlijnen sinds 15 november 2007 geïmplementeerd in de Wet milieubeheer middels een wetswijziging van hoofdstuk 5 (milieukwaliteitseisen) titel 5.2 Luchtkwaliteitseisen, beter bekend als de Wet Luchtkwaliteit. Artikel 5.16 lid 1 en 2 van de Wet milieubeheer bepaalt dat bestuursorganen in hun besluitvorming rekening moeten houden met deze luchtkwaliteitseisen. Dit zijn normen voor de concentraties van bepaalde stoffen in de lucht. Deze stoffen zijn: zwaveldioxide (SO 2), stikstofdioxide (NO2), lood, koolmonoxide (CO), fijn stof (PM10), en benzeen (C6H6) De bijbehorende concentratienormen, of grenswaarden, zijn opgenomen in bijlage 2 van de bovenvermelde wet. In de onderstaande tabel zijn deze weergegeven: Stof

Grenswaarde

SO2

350 ìg/ m³ als uurgemiddelde concentratie, waarbij geldt dat deze maximaal 24 maal per kalenderjaar mag worden overschreden 125 ìg/ m³ als 24 uurgemiddelde concentratie, waarbij geldt dat deze maximaal 3 maal per kalenderjaar mag worden overschreden

NO2

200 ìg/ m³ als uurgemiddelde concentratie, waarbij geldt dat deze maximaal 18 maal per kalenderjaar mag worden overschreden 40 ìg/ m³ als jaargemiddelde concentratie

PM10

40 ìg/ m³ als jaargemiddelde concentratie 50 ìg/ m³ als 24 uurgemiddelde concentratie, waarbij geldt dat deze maximaal 35 maal per kalenderjaar mag worden overschreden

Lood

0,5 ìg/ m³ als jaargemiddelde concentratie

CO

10.000 ìg/ m³ als 8 uursgemiddelde concentratie

C6H6

5 ìg/ m³ als jaargemiddelde concentratie

Het Besluit NIBM is van belang om te bepalen of een apart luchtkwaliteitsonderzoek noodzakelijk is. Dit besluit legt namelijk vast wanneer een project niet in betekenende mate bijdraagt aan de concentratie van een bepaalde stof. Dat is het geval wanneer aannemelijk is dat het project een toename van de concentratie van fijn stof (PM10) of stikstofdioxide (NO2) veroorzaakt die niet meer bedraagt dan 3% van de jaargemiddelde concentratie van die stof. Dit komt overeen met een toename van maximaal 1,2 microgram/m3 voor zowel PM10 als NO2. De systematiek voor het bepalen of een project NIBM is voor het grootste gedeelte geregeld in de ´Regeling niet in betekende mate (gewijzigd vastgesteld)

23

bestemmingsplan Waaijakkers II Aerdt (luchtkwaliteitseisen)´. Deze ministeriële regeling, verder aan de te duiden als ´Regeling NIBM´, geeft voor een aantal categorieën van projecten een -getalsmatige- invulling aan de NIBM-grens. Het gaat onder meer om woningbouw- en kantoorprojecten en enkele soorten van inrichtingen (bijv. emplacementen, kassen en andere landbouwinrichtingen). Als een project binnen de - getalsmatige - begrenzing van de Regeling NIBM valt, dan is geen verdere toetsing aan de 3% grens en de grenswaarde nodig en kan het project doorgaan zonder dat extra maatregelen behoeven te worden genomen. Woningbouwprojecten tot een maximumaantal van 1500 woningen (netto) voorzien van minimaal 1 ontsluitingsweg en 3000 woningen voorzien van minimaal 2 ontsluitingswegen met een gelijkmatige verkeersverdeling vallen binnen deze getalsmatige grens. Het toevoegen van 51 woningen liggen ruim onder het hiervoor genoemde criterium. Dit maakt het aannemelijk dat deze woningbouwontwikkeling niet in betekenende mate bijdragen aan de concentratie in de buitenlucht van een stof waarvoor een grenswaarde is opgenomen in de Wet luchtkwaliteit. Conclusie De conclusie is dat in dit geval de uitvoering van het bestemmingsplan niet leidt tot een ontoelaatbare luchtverontreiniging. 3.5.5

Ecologie

Verschillende soorten planten, dieren en natuurgebieden worden beschermd door Wet Natuurbescherming. Een ruimtelijke ontwikkeling is alleen mogelijk als duidelijk is dat de wettelijk beschermde dieren niet worden verontrust, dat de nesten, holen of andere verblijfplaatsen niet worden vernield, beschadigd of verstoord en dat de wettelijk beschermde planten niet worden verwijderd van hun groeiplaats en hun groeiplaats behouden blijft. In verband hiermee is een quickscan natuurwaardenonderzoek uitgevoerd. Het veldonderzoek vond plaats op 10-03-2021. Gebiedsbescherming De locatie is niet gelegen in een beschermd natuurgebied. Het Natura 2000-gebied Rijntakken is gelegen op een afstand van circa 210 meter afstand ten noorden van het plangebied. Zie navolgende afbeelding.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zevenaar&id=ada816b3-3ded-401b-bf66-6f63301069f5