CConstaterende datZevenaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5. 1243461 - BP Gelders Eiland Nota Zienswijzen en Wijzigingen

Raadsvergaderingen 2022-2026 26 maart 2025, gemeente ZevenaarBij agendapunt: Z/21/382821 Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Gelders Eiland18.181 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Aangezien het perceel binnen het voorliggende bestemmingsplan al de aanduiding ‘specifieke vorm van recreatie – recreatiebungalows’ kent, heeft deze wijziging geen effect op andere percelen. 5) Het drijvend zonnepark is reeds vergund middels een omgevingsvergunning, en kent daarmee een eigen planologische grondslag. Mede gelet op de tijdelijkheid, heeft het geen toegevoegde waarde om deze functie in het bestemmingsplan op te nemen.

zaaknummer Z/21/382821

pagina 33 van 65

Zienswijze 19, ingediend op 6 september 2023 1. Samenvatting zienswijze Tussen de Ringdam 13 en 15 loopt al langere tijd een traject voor de bouw van een woning met een bijgebouw. In het huidige ontwerp van het bestemmingsplan stelt de reclamant dat de woning niet met de bestemming 'Wonen' is aangemerkt. Het verzoek is dan ook om de woonbestemming als zodoende op te nemen in het bestemmingsplan. 2. Besluit Wij verklaren de zienswijze ongegrond. 2.1 Wijzigingen in bestemmingsplan De zienswijze leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. 2.2 Toelichting van de gemeenteraad Het klopt dat er al langere tijd een separaat proces wordt doorlopen voor de genoemde bouw. Het voornemen is om hier medewerking aan te verlenen middels een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Eind 2023 is hierover een brief verzonden aan initiatiefnemer. Het is aan de initiatiefnemer om het plan nu verder uit te werken en in te dienen als definitief verzoek om omgevingsvergunning. Deze wordt vervolgens in behandeling genomen met de insteek om hierover middels een Buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) te beslissen. Nu er ten tijde van de publicatie van het ontwerpbestemmingsplan en ten tijde van de vaststelling van voorliggend bestemmingsplan nog geen onherroepelijke omgevingsvergunning is voor de realisatie van een woning aan de Ringdam 13-15, wordt er geen bijpassende bestemming opgenomen.

Indien voor het project een omgevingsvergunning (BOPA) wordt verleend, zal het plan op termijn worden toegevoegd aan het omgevingsplan.

Zaaknummer Z/21/382821

pagina 34 van 65

Zienswijze 20, ingediend op 17 augustus 1. Samenvatting zienswijze Reclamant stelt in haar zienswijze dat op het open weiland, kadastraal bekend Gemeente Pannerden, sectie B, nummer 3417, een woonbestemming wordt gelegd. Dit zou het realiseren van nieuwe woning eenvoudiger maken. Bovendien stelt de reclamant dat er met het toevoegen van de woonbestemming op dit perceel sprake is van een afwijking van het bestemmingsplanbeleid. Er bestaan verder zorgen dat met deze wijziging de borging van het landschappelijke karakter in het geding komt. De reclamant verzoekt daarom de enkelbestemming op het perceel aan te passen naar de bestemming 'Tuin'. Als eventuele oplossingsrichting geeft de reclamant mee dat een aanpassing naar de bestemming 'Agrarisch' ook adequaat is. 2. Besluit Wij verklaren de zienswijze niet-ontvankelijk, nu deze te laat is ingediend. Evenwel is de zienswijze inhoudelijk gelijk aan zienswijze 1, op basis waarvan het bestemmingsplan wordt aangepast. Deze aanpassing verhoudt zich met de inhoudelijke reactie van reclamant 20. 2.1 Wijzigingen in bestemmingsplan De zienswijze leidt op zichzelf niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Wel verwijzen wij naar de reactie onder 1. 2.2 Toelichting van de gemeenteraad Zoals ook nader is aangegeven bij de toelichting op zienswijze 1, kan de gemeente zich voorstellen dat deze wijziging verwarrend kan overkomen.

Voor de beantwoording wordt verder verwezen naar zienswijze 1.

zaaknummer Z/21/382821

pagina 35 van 65

Zienswijze 21, ingediend op 28 augustus 2023 1. Samenvatting zienswijze Reclamant wijst erop dat door hij al geruime tijd bezig is met zijn client om Landgoed Huis Aerdt te Herwen door te ontwikkelen. Een van de zaken die er speelt is het gebruik als trouwlocatie en de mogelijkheid voor de realisatie van een drietal woningen. 2. Besluit Wij verklaren de zienswijze gegrond. 2.1 Wijzigingen in bestemmingsplan Ter verduidelijking zullen we in de regels het toegestane gebruik omschrijven en een maximaal aantal toegestane aantal woningen opnemen. Het maximaal aantal toegestane zelfstandige wooneenheden in het bestaande gebouw is gesteld op 3. 2.2 Toelichting van de gemeenteraad Wat betreft de woningen en het gebruik is het geldende bestemmingsplan niet geheel duidelijk. Op de bijbehorende plankaart is echter wel onmiskenbaar aangegeven dat er 3 zelfstandige wooneenheden zijn toegestaan. Reclamant heeft een verzoek ingediend voor de realisatie van een drietal woningen. We zijn van mening dat deze reeds passend zijn op basis van het geldende plan. We zullen – op verzoek van reclamant - dit aantal (toegestane) woningen concreet in het voorliggende bestemmingsplan als maximaal toegestaan aantal opnemen. Wat betreft het gebruik geldt dat in het voorgaande bestemmingsplan de gebruiksmogelijkheden per afzonderlijk landgoed uitputtend zijn omschreven.

Deze functionele mogelijkheden zijn overgenomen in het ontwerpbestemmingsplan. Naast het wonen en de ontwikkeling van groen, geldt voor onderhavig adres dat het beheer en/of herstel van de aanwezige cultuurhistorische bebouwing, kantoor en ondergeschikte horeca met kleinschalige recreatieve sport- en spelvoorzieningen is toegestaan. We zijn dan ook van mening dat we in het bestemming het toegestane gebruik goed moeten omschrijven en zullen het plan hierop aanpassen. In ieder geval is het gebruik als trouwlocatie op basis van de regeling uit het voorgaande bestemmingsplan niet toegestaan. Uit nader onderzoek is gebleken dat de locatie al geruime tijd als trouwlocatie wordt gebruikt, en dat dit gebruik geen onevenredige ruimtelijke impact heeft op de omgeving. Om die reden wordt ervoor gekozen om het gebruik als trouwlocatie – op basis van bestaande gebruik - tevens toe te staan.

Zaaknummer Z/21/382821

pagina 36 van 65

Zienswijze 22, ingediend op 5 september 2023 1. Samenvatting zienswijze Reclamant wijst erop dat door gewijzigde regels vanuit Europa dekhengsten niet langer in dezelfde stal mogen staan als de merries. Door deze wijziging is er behoefte ontstaan aan uitbreiding van stalruimte. De vorm van het bouwblok in het huidige ontwerp maakt het niet mogelijk om de stal op te richten op de gewenste plek. Er bestaat bovendien een wens vanuit de reclamant om de huidige voeropslag te verplaatsen en te vergroten. De reclamant verzoekt daarom in haar reactie om een vormverandering van het agrarisch bouwblok. Deze is mondeling toegelicht, waarbij de reclamant met een voorstel is gekomen. 2. Besluit Wij verklaren de zienswijze gegrond. 2.1 Wijzigingen in bestemmingsplan De zienswijze leidt tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Het voorstel van de reclamant wordt overgenomen. 2.2 Toelichting van de gemeenteraad Het perceel waarop de zienswijze betrekking heeft is gelegen binnen de gebiedsreservering voor de lange termijn. Het is hiervoor van belang dat er geen wijzigingen worden doorgevoerd die ervoor zorgen dat er grootschalige of kapitaalintensieve ontwikkelingen kunnen worden gedaan die mogelijke rivierverruimende maatregelen kunnen belemmeren.

De gemeente begrijpt echter dat er voor de reclamant een wens bestaat om de stallen uit te breiden naar aanleiding van de gewijzigde Europese regelgeving. Het aanpassen van het agrarische bouwvlak op de door de reclamant voorgestelde wijze maakt de gewenste ontwikkeling mogelijk. Een voorwaarde hierbij is wel dat het bouwvlak dezelfde oppervlakte behoudt. Dit is noodzakelijk om mogelijke rivierverruimende maatregelen niet te belemmeren. Verder komt met het voorstel een groter deel van de camping, gelegen naast het perceel, buiten het bouwvlak te liggen. Aangezien kleinschalig kamperen al wordt toegestaan binnen de agrarische bestemming, is de vormverandering ook gezien dit onderdeel een adequate oplossing, waarbij recht wordt gedaan aan de belangen van de reclamant enerzijds en Rijkswaterstaat anderzijds en er tevens sprake is van een goede ruimtelijke ordening.

zaaknummer Z/21/382821

pagina 37 van 65

Zienswijze 23, ingediend op 3 augustus 2023 1. Samenvatting zienswijze Reclamant stelt in haar reactie dat de aanpassing van het bouwvlak, zoals verzocht in de inspraaknota, niet volledig is aangepast. Er is een stuk bestempeld met de bestemming 'Natuur', terwijl dit volgens de reclamant moet worden bestempeld met de bestemming 'Wonen'. Het verzoek is daarom om deze wijziging alsnog door te voeren. 2. Besluit Wij verklaren de zienswijze gegrond. 2.1 Wijzigingen in bestemmingsplan De zienswijze leidt wel tot een aanpassing van het bestemmingsplan. 2.2 Toelichting van de gemeenteraad De gemeente heeft het uitgangspunt gehanteerd dat een bestemmingsvlak van ca. 1200 m2 wordt aangehouden bij woningen, zoals eveneens vermeld in de inspraaknota. In het voorontwerp van het bestemmingsplan 'Gelders Eiland' bedroeg het desbetreffende bouwvlak van de reclamant 900 m2. Naar aanleiding van de inspraakreactie is gekozen om recht te doen aan het verzoek van de indiener om het bouwvlak te vergroten. In het voorliggend plan is het daarom aangepast naar ongeveer 1274 m2 zonder dat daarbij de bescherming, instandhouding en verbetering van de aanwezige en aangrenzende natuurwaarden van de natuurbestemming in het gedrang komen. Echter, daar is er aan voorbijgegaan dat een klein puntje van het aanwezige bijgebouw buiten de woonbestemming ligt.

Het bouwvlak wordt bij vaststelling van het bestemmingsplan aangepast, in die zin dat dit puntje ook binnen de woonbestemming valt. Voor het overige wordt het bouwvlak niet verder aangepast, gelet op het uitgangspunt ten aanzien van de grootte van bouwvlakken voor het wonen.

Zaaknummer Z/21/382821

pagina 38 van 65

Zienswijze 24, ingediend op 5 september 2023 1. Samenvatting zienswijze Provincie Gelderland, reclamant van zienswijze 24, draagt in haar zienswijze 10 punten aan die in het ontwerp bestemmingsplan gewijzigd of nogmaals beschouwd dienen te worden. -

Natuur en Landschap (hierbij gaat het om Groene ontwikkelingszone), nationaal landschap en ganzenrustgebied Groene ontwikkelingszone In de algemene voorwaarden voor afwijkingen (artikel 42.5) en voor wijzigingen (artikel 43.1) heeft u voorwaarden opgenomen voor ontwikkelingen in de GO. Deze voorwaarden komen niet overeen met het provinciaal beleid voor de GO, waardoor dit provinciaal belang onvoldoende is geborgd. In artikel 42.5 lid c wordt gesteld dat er binnen de GO rekening gehouden dient te worden met de kernkwaliteiten van de gebieden ter plaatse. Het provinciaal beleid is niet slechts gericht op de bescherming van de kernkwaliteiten, maar er dient ook sprake te zijn van een versterking van deze kernkwaliteiten. In artikel 43.1 lid b is het beleid voor het Gelders natuurnetwerk opgenomen, in plaats van het beleid voor de GO. Wij verzoeken u een passend beschermingsregime op te nemen voor de GO, dat in lijn is met het provinciaal beleid. Nationaal landschap en ganzenrustgebied Het plangebied is deels gelegen in het nationaal landschap ‘Gelderse poort’ en in ganzenrustgebied. Deze provinciale belangen zijn niet geborgd in het ontwerpplan. Wij verzoeken hiervoor een passend beschermingsregime op te nemen in het bestemmingsplan. Wij vragen u hierover met ons in overleg te treden voor vaststelling van het bestemmingsplan.

-

Niet-grondgebonden veehouderijen In het ruimtelijk beleid maken we onderscheid tussen grondgebonden en nietgrondgebonden veehouderijen. Nieuwvestiging van een niet-grondgebonden veehouderij is niet mogelijk. Op de uitbreiding van niet-grondgebonden veehouderijen is altijd het plussenbeleid van toepassing. Via het plussenbeleid wordt niet-grondgebonden veehouderijen ruimte geboden voor uitbreiding, mits daarbij plusmaatregelen worden getroffen. Er is plussenbeleid opgesteld. Dit plussenbeleid is toegevoegd als bijlage bij de planregels van het voorliggend plan. De gemeenteraad van Zevenaar heeft echter nog geen beleidsregels conform het plussenbeleid vastgesteld. Wij adviseren u plussenbeleid (beleidsregels) vast te stellen. Zonder vastgestelde beleidsregels op gemeentelijk niveau conform het plussenbeleid is er geen uitbreiding voor niet-grondgebonden veehouderijen mogelijk. In het bestemmingsplan ‘Gelders Eiland’ heeft u definities opgenomen voor ‘grondgebonden agrarisch bedrijf’, niet-grondgebonden veehouderij’ en niet-

zaaknummer Z/21/382821

pagina 39 van 65

grondgebonden veehouderijtak’. Deze definities wijken af van de definities uit de omgevingsverordening. Wij verzoeken u deze definities in overeenstemming te brengen met de definities uit de omgevingsverordening. -

Romeinse Limes Recentelijk heeft de gemeenteraad van Zevenaar een nieuwe archeologische verwachtingsen waardenkaart vastgesteld. Op deze kaart is ook de Neder-Germaanse Limes (Romeinse Limes) opgenomen. Deze kaart is nog niet verwerkt in het bestemmingsplan ‘Gelders Eiland’. De dubbelstemmingen archeologie in dit plan komen niet overeen met deze recent vastgestelde archeologische verwachtings- en waardenkaart. Wij verzoeken om de waarden van de actuele archeologische verwachtings- en waardenkaart over te nemen in het bestemmingsplan. Wij verzoeken hierbij specifiek de Romeinse Limes (werelderfgoed) ook als een aparte waarde en dubbelbestemming op te nemen in het bestemmingsplan. Voorgaande is in 2021 ook afgestemd in het vooroverleg.

-

Molenbiotoop In het ontwerp plan heeft u een ‘vrijwaringszone molen’ opgenomen voor de Tolhuys Coornmolen in Lobith. De regels in deze vrijwaringszone wijken af van de molenbiotoopinstructieregels in de omgevingsverordening. Wij verzoeken u deze regels aan te passen

-

Natuurbescherming In het vooroverleg is afgestemd dat enkele percelen de bestemming ‘natuur’ zouden krijgen. Het betreft percelen waarop reeds natuur is ontwikkeld of die zijn afgewaardeerd ten behoeve van natuurontwikkeling. Wij constateren dat niet alle deze percelen als ‘natuur’ zijn bestemd in het voorliggend plan. Wij adviseren hierover met ons in overleg te treden om welke percelen het gaat en dit aan te passen alvorens het plan vast te stellen.

-

Grondgebonden zonnepanelen In het ontwerp plan is een binnenplanse afwijkingsbevoegdheid opgenomen voor grondgebonden zonnepanelen. Binnen de agrarische bestemming zijn grondgebonden zonnepanelen daarbij uitsluitend mogelijk binnen het (agrarisch) bouwvlak. Deze voorwaarde is niet opgenomen binnen de bedrijfs-, verblijfsrecreatie-, woon- en landhuisbestemming. Daar kunnen grondgebonden zonnepanelen ook buiten het bouwvlak vergund worden via deze binnenplanse afwijkbevoegdheid. Gezien de energietransitie juichen wij de mogelijkheden voor grondgebonden zonnepanelen voor eigen gebruik toe. Zonne-energie is een belangrijk onderdeel van een betrouwbare, betaalbare en hernieuwbare energievoorziening. Vanuit het belang van zorgvuldig ruimtegebruik vragen wij om een weloverwogen locatiekeuze, waarin de bijdrage van de opgewekte energie aan de lokale energiebehoefte, de mogelijkheden tot meervoudig ruimtegebruik en de impact op natuur, landschap, ruimtelijke kwaliteit en het elektriciteitsnet worden meegewogen. Wanneer de grondgebonden zonnepanelen buiten het bouwvlak gebouwd worden, kan dit de beschermde (kern)kwaliteiten van provinciaal

Zaaknummer Z/21/382821

pagina 40 van 65

beschermde gebieden zoals de GO, het ganzenrustgebied of het nationaal landschap aantasten. Via deze binnenplanse afwijkingsbevoegdheid kan uw college grondgebonden zonnepanelen vergunnen, zonder ons in de vergunningsprocedure om advies te vragen. Wij willen de mogelijkheid behouden om, zeker binnen provinciaal beschermde gebieden, de afweging ten aanzien van locatiekeuze in relatie tot natuur en landschap (samen met u) te maken middels ons adviesrecht. Wij verzoeken u daarom om de binnenplanse afwijkbevoegdheid voor de ontwikkeling van grondgebonden zonnepanelen te beperken tot binnen het (agrarisch) bouwvlak. -

Kleinschalig kamperen (mini camping) In het bestemmingsplan is een binnenplanse afwijkbevoegdheid opgenomen, die mogelijkheden biedt voor het realiseren van een mini-camping. Deze activiteit kan effect hebben op beschermde (kern)kwaliteiten, zoals de kernkwaliteiten van de GO, het ganzenrustgebied of het nationaal landschap. Via deze binnenplanse afwijkingsbevoegdheid kan uw college een mini-camping vergunnen, zonder ons in de vergunningsprocedure om advies te vragen. Wij willen de mogelijkheid behouden om in provinciaal beschermde gebieden te kunnen adviseren ten aanzien van de beschermde (kern)kwaliteiten. Wij verzoeken u daarom om de binnenplanse afwijkbevoegdheid te beperken tot buiten de provinciaal beschermde gebieden.

-

Mogelijkheden tot detailhandel in horecabestemming In de bestemmingsregels ten aanzien van horeca wordt ook detailhandel in de vorm van ter plaatse geproduceerde producten toegestaan. Echter blijkt uit de bijbehorende regels niet duidelijk dat deze detailhandel ondergeschikt dient de zijn aan de hoofdfunctie. Wij adviseren dit in het plan te verduidelijken. Bijvoorbeeld door - gelijk aan de regels in de bedrijfsbestemming (artikel 5.4.3) - het gebruik van de gebouwen voor detailhandel te maximaliseren op 50m2.

-

Provinciale belangen in bestemmingsplan In de toelichting wordt in hoofdstuk 2.2.2 een overzicht gegeven van de instructieregels uit de omgevingsverordening die voor het plan ‘Gelders Eiland’ relevant zijn. Dit overzicht is niet compleet en actueel. Wij adviseren dit uit te breiden met een korte toelichting op het provinciaal beleid ten aanzien van zonnevelden in het buitengebied (artikel 2.65a) en klimaatadaptatie (artikel 2.65b). Daarnaast is de tekst ten aanzien van energieopwekking via windturbines verouderd. Wij adviseren dit te actualiseren.

-

Geitenhouderijen Ambtelijk hebben we tot slot advies gegeven over de vertaling van de regels in het voorliggend plan ten aanzien van geitenhouderijen in de omgevingsverordening.

zaaknummer Z/21/382821

pagina 41 van 65

2. Besluit Wij verklaren de zienswijze deels gegrond. 2.1 Wijzigingen in bestemmingsplan De zienswijze leidt tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Artikel 42.5, sub c als volgt aanpassen: c. kernkwaliteiten van de gebieden ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - groene ontwikkelingszone' worden per saldo en naar rato van de ingreep versterkt en de samenhang blijft behouden. Artikel 43.1, sub b als volgt aanpassen: Er worden geen nieuwe functies mogelijk gemaakt ter plaatse van gronden als bedoeld in 'overige zone - groene ontwikkelingszone', tenzij: 1. de kernkwaliteiten of ontwikkelingsdoelen, genoemd in bijlage Kernkwaliteiten Gelders natuurnetwerk en Groene ontwikkelingszone uit de provinciale omgevingsverordening, per saldo en naar rato van de ingreep worden versterkt; en 2. de samenhang niet verloren gaat. -

Toevoegen Artikel ‘Waarde - Nationaal Landschap’ (gebied cf Omgevingsverordening) Er worden geen nieuwe functies mogelijk gemaakt ter plaatse van gronden als bedoeld in 'Waarde - Nationaal Landschap', tenzij de toelichting bij het omgevingsplan of de buitenplanse omgevingsplanactiviteit een beschrijving bevat waaruit blijkt dat: a. er geen sprake is van strijd met het provinciale belang; of b. per saldo sprake is van versterking van het landschap in lijn met de ontwikkeldoelen, bedoeld in bijlage Kernkwaliteiten en ontwikkeldoelen landschap die in de betreffende Gelderse streek van toepassing zijn en de versterking en de uitvoering hiervan worden vastgelegd.

-

Toevoegen Artikel ‘Waarde – Ganzenrustgebied’ (gebied cf Omgevingsverordening). Er worden geen nieuwe activiteiten of functies mogelijk gemaakt ter plaatse van gronden als bedoeld in 'Waarde - Ganzenrustgebied', tenzij de toelichting bij het omgevingsplan of de buitenplanse omgevingsplanactiviteit een beschrijving bevat waaruit blijkt dat: a. er geen sprake is van strijd met het provinciale belang; of b. op basis van onderzoeksresultaten blijkt dat de activiteit of ontwikkeling wordt verricht op een locatie waar de nadelige gevolgen voor de functie als rustgebied voor overwinterende ganzen zoveel mogelijk worden beperkt en na het verrichten minimaal 500 hectare in het betreffende ganzenrustgebied overblijft.

-

Artikel 1.42 als volgt aanpassen: een agrarisch bedrijf, waarvan de productie geheel of overwegend afhankelijk is van het

Zaaknummer Z/21/382821

pagina 42 van 65

voortbrengingsvermogen van de grond waarover het bedrijf beschikt bij de bedrijfsvoering, waaronder in ieder geval een grondgebonden veehouderij wordt verstaan (indien in het veehouderijbedrijf of de veehouderijtak gehouden landbouwhuisdieren voor meer dan de helft worden voorzien van voer dat is geteeld op gronden die in de nabijheid van het dierenverblijf zijn gelegen en waarop de veehouder rechten heeft) en waaronder boomkwekerijen en houtteeltbedrijven niet worden verstaan; -

Artikel 1.60 als volgt aanpassen: een veehouderijbedrijf waarvan de productie niet of niet geheel (indien in het veehouderijbedrijf of de veehouderijtak gehouden landbouwhuisdieren voor minder dan de helft worden voorzien van voer dat is geteeld op gronden die in de nabijheid van het dierenverblijf zijn gelegen en waarop de veehouder rechten heeft) afhankelijk is van het voortbrengingsvermogen van de grond waarover het bedrijf beschikt bij de bedrijfsvoering

-

Artikel 40.2 als volgt aanpassen: 40.2.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Vrijwaringszone - Molenbiotoop' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor de bescherming van het functioneren van de molen en zijn waarde als landschappelijk element.

-

Aanpassen 40.2.2 (Bouw- en aanlegregels) Op de in artikel 40.2.1 bedoelde gronden gelden in afwijking van hetgeen elders in deze regels is bepaald de volgende regels voor nieuwbouw en opgaande beplanting: a. hoogte maximaal 'x/75+0,2*16,3, waarbij x = afstand van een obstakel tot de molen (in meters); n = een constante, afhankelijk van de ruwheid van de omgeving; c = een constante, afhankelijk van de maximaal toelaatbare windreductie; z = askophoogte.

-

Artikel 19.4.2 sub f als volgt aanpassen: een mini-camping aansluitend op het bestemmingsvlak wordt toegestaan onder de volgende voorwaarden: - aangetoond is dat het ondoelmatig is om de mini-camping geheel of gedeeltelijk binnen het aanwezige bestemmingsvlak 'Wonen' te realiseren; - er ter plaatse van de mini-camping geen kernkwaliteiten (zoals GO, ganzenrustgebied, Nationaal Landschap) uit de provinciale omgevingsverordening gelden; - oppervlakte maximaal 0,5 ha., met dien verstande dat de totale oppervlakte van een minicamping bij het perceel niet meer bedraagt dan 0,5 ha; - direct aansluitend op het bestemmingsvlak 'Wonen'; - gelegen buiten de contour van het plaatsgebonden risico externe veiligheid; - uitsluitend binnen de bestemming 'Agrarisch'; - voor het overige wordt voldaan aan de voorwaarden van dit artikel; - voorzieningen (waar onder sanitaire voorzieningen en bergingen) mogen uitsluitend binnen

zaaknummer Z/21/382821

pagina 43 van 65

het bestemmingsvlak 'Wonen' worden gesitueerd; -

Artikel 10.3.1 aanvullen: b. het gebruik van meer dan 50 m2 van gebouwen voor detailhandel in de vorm van verkoop van ter plaatse geproduceerde producten.

2.2 Toelichting van de gemeenteraad -

Natuur en Landschap hierbij gaat het om Groene ontwikkelingszone, nationaal landschap en ganzenrustgebied Groene ontwikkelingszone Aangegeven wordt dat wij in de algemene voorwaarden voor afwijkingen (artikel 42.5) en voor wijzigingen (artikel 43.1) voorwaarden opgenomen voor ontwikkelingen in de GO. Deze voorwaarden komen niet overeen met het provinciaal beleid voor de GO, waardoor dit provinciaal belang onvoldoende is geborgd. We passen de algemene voorwaarden voor afwijkingen en wijzigingen aan zodat deze in lijn is met het provinciaal beleid. Nationaal landschap en ganzenrustgebied Aangegeven wordt dat het plangebied deels is gelegen in het nationaal landschap ‘Gelderse poort’ en in ganzenrustgebied. De Provincie is van mening dat de provinciale belangen rondom het nationaal landschap niet zijn geborgd in het ontwerpplan. Wij hebben hiervoor een passend beschermingsregime opgenomen in het bestemmingsplan. Deze is ter controle voorgelegd aan de provincie.

-

Niet-grondgebonden veehouderijen In het ruimtelijk beleid maken we onderscheid tussen grondgebonden en nietgrondgebonden veehouderijen. Nieuwvestiging van een niet-grondgebonden veehouderij is niet mogelijk. Op de uitbreiding van niet-grondgebonden veehouderijen is altijd het plussenbeleid van toepassing. Via het plussenbeleid wordt aan niet-grondgebonden veehouderijen ruimte geboden voor uitbreiding, mits daarbij plusmaatregelen worden getroffen. Er is plussenbeleid opgesteld. Dit plussenbeleid is toegevoegd als bijlage bij de planregels van het voorliggend plan. De gemeenteraad van Zevenaar heeft echter geen afzonderlijke beleidsregels conform het plussenbeleid vastgesteld. Wij zullen daarom het plussenbeleid zoals opgenomen in het bestemmingsplan op termijn ook afzonderlijk vaststellen en publiceren. Verder zullen wij ervoor zorgen dat de definities opgenomen voor ‘grondgebonden agrarisch bedrijf’, ‘niet-grondgebonden veehouderij’ en niet-grondgebonden veehouderijtak’ in overeenstemming brengen met de definities uit de omgevingsverordening.

-

Romeinse Limes De gemeenteraad van Zevenaar heeft nieuwe archeologische verwachtings- en waardenkaart vastgesteld. Wij hebben de waarden van de actuele archeologische

Zaaknummer Z/21/382821

pagina 44 van 65

verwachtings- en waardenkaart overgenomen in het bestemmingsplan. De Provincie verzoekt specifiek de Romeinse Limes – Herwen de Bijland (werelderfgoed) ook als een aparte waarde en dubbelbestemming op te nemen in het bestemmingsplan. Daarbij wordt verwezen naar de instructieregel hierover in de omgevingsverordening. De instructie regel bepaalt dat het werelderfgoed niet mag worden beschadigd of vernield, en dat de kernkwaliteiten hiervan niet worden aangetast. Daarnaast wordt de regel verbonden dat er een aanlegstelsel in het bestemmingsplan opgenomen wordt waarbij een vergunningplicht geldt voor (bodem)ingrepen groter dan 100 m², waarbij de bodem dieper dan 30 centimeter geroerd wordt. Vervolgens geeft de omgevingsverordening een mogelijkheid om van deze maatgeving af te wijken, als archeologische gegevens daartoe aanleiding geven. Daar is in het geval van de Romeinse Limes Herwen De Bijland sprake van. Al in 2019 is door de Nederlandse Limes Samenwerking (NLS) een advies opgesteld waarmee is aangetoond dat in de bufferzone rond het werelderfgoed een gedifferentieerd archeologisch regime acceptabel is. Dit aspect is meegenomen bij het opstellen van het gemeentelijke beleidskader archeologie2. In paragraaf 5.4.5. van dat rapport is uiteengezet dat de gekozen berschermingsregimes voldoende zijn om aantasting van cultuurhistorische waarde te voorkomen.

Het opnemen van een aparte dubbelbestemming ‘Romeinse Limes’, met een eigen regelset, is daar mee niet nodig. Het plan is in lijn met de omgevingsverordening en wordt op dit punt niet aangepast. -

Molenbiotoop De regels in deze vrijwaringszone weken in het ontwerpbestemmingsplan af van de molenbiotoop-instructieregels in de omgevingsverordening. Wij hebben de regels in lijn gebracht met de instructieregels.

-

Natuurbescherming In het vooroverleg heeft de provincie aangegeven dat enkele percelen de bestemming ‘natuur’ moeten krijgen. Het betreft percelen waarop reeds natuur is ontwikkeld of die zijn afgewaardeerd ten behoeve van natuurontwikkeling. Wij hebben de provincie verzocht om concreet aan te geven om welke percelen het gaat. Helaas hebben wij van de provincie geen reactie gekregen. We gaan er om die reden vanuit dat er bij nader inzien geen sprake is van omissie op dit vlak in het ontwerpbestemmingsplan, en voeren geen wijzigingen door op dit punt.

-

Grondgebonden zonnepanelen In het ontwerp plan is een binnenplanse afwijkingsbevoegdheid opgenomen voor grondgebonden zonnepanelen. Binnen de agrarische bestemming zijn grondgebonden zonnepanelen daarbij uitsluitend mogelijk binnen het (agrarisch) bouwvlak. Deze voorwaarde is niet opgenomen binnen de bedrijfs-, verblijfsrecreatie-, woon- en

2

Archeologie in de gemeente Zevenaar. Actualisatie van de archeologische waarden en -verwachtingenkaart, RAAP, kenmerk 4892, 2021.

zaaknummer Z/21/382821

pagina 45 van 65

landhuisbestemming. Daar kunnen grondgebonden zonnepanelen ook buiten het bouwvlak vergund worden via deze binnenplanse afwijkbevoegdheid. Gezien de energietransitie worden de mogelijkheden voor kleinschalige grondgebonden zonnepanelen voor eigen gebruik toegejuicht. Zonne-energie is een belangrijk onderdeel van een betrouwbare, betaalbare en hernieuwbare energievoorziening. Vanuit het belang van zorgvuldig ruimtegebruik vraagt de provincie om een weloverwogen locatiekeuze, waarin de bijdrage van de opgewekte energie aan de lokale energiebehoefte, de mogelijkheden tot meervoudig ruimtegebruik en de impact op natuur, landschap, ruimtelijke kwaliteit en het elektriciteitsnet worden meegewogen. Wanneer de grondgebonden zonnepanelen buiten het bouwvlak gebouwd worden, kan dit de beschermde (kern)kwaliteiten van provinciaal beschermde gebieden zoals de GO, het ganzenrustgebied of het nationaal landschap aantasten. Via deze binnenplanse afwijkingsbevoegdheid kan het college enkel grondgebonden zonnepanelen vergunnen binnen het agrarisch bouwvlak. Voor realisatie van zonnevelden buiten het agrarische bouwvlak is een BOPA nodig, waarbij onder meer de provincie om advies gevraagd moet worden. Voor overige bestemmingen bestaat ook de mogelijkheid om buiten een bouwvlak (maar binnen de hoofdbestemming) grondgebonden zonnepanelen toe te staan.

Dit heeft ermee te maken dat binnen de bouwvlakken van deze bestemmingen veel minder ruimte is om grondgebonden zonnepanelen te realiseren. Dat gezegd hebbende, vormt de provinciale verordening uiteraard onderdeel van de toetsing van dergelijke plannen, onder andere omdat de cultuurhistorische waarde van de gronden niet aangetast mag worden. De regelingen in het bestemmingsplan zijn daarmee in lijn met de wens van reclamant, en aanpassing is niet nodig. -

Kleinschalig kamperen (mini camping) In het bestemmingsplan is een binnenplanse afwijkbevoegdheid opgenomen, die mogelijkheden biedt voor het realiseren van een mini-camping. Deze activiteit kan effect hebben op beschermde (kern)kwaliteiten, zoals de kernkwaliteiten van de GO, het ganzenrustgebied of het nationaal landschap. Via deze binnenplanse afwijkingsbevoegdheid kan het college een mini-camping vergunnen, zonder de provincie in de vergunningsprocedure om advies te vragen. De provincie wil de mogelijkheid behouden om in provinciaal beschermde gebieden te kunnen adviseren ten aanzien van de beschermde (kern)kwaliteiten. Dit is begrijpelijk. De regeling uit het bestemmingsplan wordt om die reden aangepast, zodanig dat deze enkel betrekking heeft op gronden gelegen buiten provinciaal beschermde gebieden.

-

Mogelijkheden tot detailhandel in horecabestemming In de bestemmingsregels ten aanzien van horeca wordt ook detailhandel in de vorm van ter plaatse geproduceerde producten toegestaan. Echter blijkt uit de bijbehorende regels niet duidelijk dat deze detailhandel ondergeschikt dient de zijn aan de hoofdfunctie. Dit wordt in

Zaaknummer Z/21/382821

pagina 46 van 65

de planregel verduidelijkt. Dit gebeurt door - gelijk aan de regels in de bedrijfsbestemming (artikel 5.4.3) - het gebruik van de gebouwen voor detailhandel te maximaliseren op 50m2. -

Provinciale belangen in bestemmingsplan In de toelichting wordt in hoofdstuk 2.2.2 een overzicht gegeven van de instructieregels uit de omgevingsverordening die voor het plan ‘Gelders Eiland’ relevant zijn. Dit overzicht is niet compleet en actueel. Om de toelichting compleet te maken, wordt een korte toelichting op het provinciaal beleid ten aanzien van zonnevelden in het buitengebied (artikel 2.65a) en klimaatadaptatie (artikel 2.65b) toegevoegd. Daarnaast wordt de tekst ten aanzien van energieopwekking via windturbines geactualiseerd. Hiermee is de toelichting in overeenstemming met de wens van de provincie.

-

Geitenhouderijen De regeling ten aanzien van de nieuwvestiging of uitbreiding van geitenhouderijen uit de provinciale omgevingsverordening is één op één overgenomen in de artikelen 3 en 4 (‘agrarisch’ en ‘agrarisch met waarden’) van voorliggende bestemmingsplan.

zaaknummer Z/21/382821

pagina 47 van 65

Zienswijze 25, ingediend op 28 november 2023 1. Samenvatting zienswijze Reclamant verzoekt, namens cliënten, om het bestemmingsplan Gelders Eiland gewijzigd vast te stellen. Het verzoek is om aan het perceel Herwensedijk 3a in Herwen een woonbestemming toe te kennen, daar waar nu een agrarische bestemming (zonder bouwblok) is voorzien. De aanleiding voor het verzoek van reclamant is het feit dat voor het gebruik van de daar aanwezige schuur in het verleden het persoonsgebonden overgangsrecht van toepassing is verklaard. Met andere woorden, bij het vaststellen van het (voorgaande) bestemmingsplan ‘Buitengebied 2008’ is bepaald dat reclamant en diens (toenmalige) partner ter plaatse mag wonen, en dat deze gedoogconstructie vervalt op het moment dat dit gebruik door reclamant beëindigd wordt. Reden voor deze aanwijzing was dat het gebruik al sinds langere tijd (illegaal) plaatsvond en hier niet tegen opgetreden was. Met het oog op een pragmatische insteek voor alle partijen - en onder een aantal voorwaarden – is besloten om de bewoning nog voor bepaalde tijd de gedogen. Vervolgens heeft reclamant in de periode 2010-2011 verzocht om een bouwvergunning voor het vergroten en vernieuwen van de schuur, zodat deze meer wooncomfort zou geven. Op basis van de overgangsrechtelijke regels is daar positief op beslist, waarna de verbouwing is uitgevoerd.

Voor reclamant ligt in dit samenstel van omstandigheden aanleiding om te verzoeken om permanente legalisatie van het gebruik van de schuur als woning. De gedoogconstructie, en daarmee de eindigheid van het huidige gebruik, zou leiden tot kapitaalvernietiging en niet in lijn zijn met het huidige gemeentelijk beleid. Daarnaast wijst reclamant op een vergelijkbaar geval aan de Ossenwaard 13 in Herwen. 2. Besluit Wij verklaren de zienswijze niet-ontvankelijk, aangezien de zienswijze ruim buiten de termijn is ingediend. Evenwel gaan we wel inhoudelijk in op hetgeen in de zienswijze wordt gesteld. 2.1 Wijzigingen in bestemmingsplan De zienswijze leidt tot een aanpassing van het bestemmingsplan, zij het niet de aanpassing die reclamant wenst. De zienswijze leidt wel tot een aanpassing van het agrarisch perceel met bouwblok aan de Ossenwaard 13, waar de aanduiding ‘geen bedrijfswoning toegestaan’ wordt toegevoegd aan de verbeelding. 2.2 Toelichting van de gemeenteraad De ingediende zienswijze is ruim buiten de termijn ingediend (in november 2023). Zoals onder ‘Beoordeling Zienswijzen’ is aangegeven is de zienswijze wel beoordeeld. De aanpassing van het bestemmingsplan die hieruit voortvloeit, betreft een ambtshalve aanpassing. De feiten die door reclamant worden aangevoerd zoals verwoord onder 25.1, worden onderschreven.

Het illegaal gebruik van de schuur als woning was reeds sinds langere tijd gaande, tot dit gebruik middels een bepaling in het bestemmingsplan uit 2008 onder een gedoogconstructie

Zaaknummer Z/21/382821

pagina 48 van 65

is gekomen. Ook is in 2011 een bouwvergunning verleend om de schuur deels te vernieuwen en vergroten. Reclamant geeft (terecht) aan dat de gevolgen van de gedoogconstructie ten alle tijde bij hem bekend waren. Zowel in de toelichting bij het bestemmingsplan uit 2008, als in de bouwvergunning uit 2011 is uitdrukkelijk op dit thema ingegaan. Sterker nog, in aanloop naar de vergunningverlening in 2011 is door reclamant een verklaring ondertekend waarin hij aangeeft dat hij de regeling en gevolgen daarvan begrijpt en accepteert. Er werd immers een forse investering gedaan, en de gemeente wilde niet dat dit in de toekomst tegengeworpen zou worden. In tegenstelling tot de stelling van reclamant, is er voor voorliggend geval geen ander of ruimhartiger beleid geldig in de gemeente ten opzichte van de periode 2008-2011. Uit de zienswijze blijkt ook niet welk beleid dit zou zijn. Het beleid ten aanzien van vrijkomende agrarische bebouwing (VAB-beleid), dat onder meer de grondslag biedt voor functieveranderingen naar Wonen, stamt uit 2009 en is gebaseerd op het Streekplan Gelderland 2005. In dit beleid is geen ruimte opgenomen voor de realisatie van woonbestemmingen elders dat ter plaatse van het te beëindigen agrarische bedrijf (bijvoorbeeld door middel van de aankoop van sloopmeters).

Ook in de Omgevingsvisie Gelders Eiland 2030 is, voor zover relevant, geen beleidswijziging opgenomen die grondslag biedt voor een andere visie op de casus. Ook uit het onlangs vastgestelde woonzorgbeleid volgt niet dat nieuwe woningen in het buitengebied kunnen worden toegevoegd. Als laatste stelt reclamant dat aan de Ossenwaard 13 in Herwen sprake is van een vergelijkbare situatie waar wel een permanente woonbestemming wordt toegekend. De Ossenwaard 13-15 betreft een voormalige agrarische bestemming met bouwvlak, waar in het verleden één inrichting met bedrijfswoning toegestaan was. Op enig moment is dit perceel gesplitst in een deel met een woning, en een deel met een tweetal bedrijfsgebouwen. Dit leidde tot een illegale situatie, nu de bedrijfswoning werd bewoond door een persoon zonder binding met het agrarische bedrijf. Die situatie is middels een vergunning gelegaliseerd, en wel door van de bedrijfswoning een reguliere woning te maken (vergelijkbaar met de huidige plattelandsewoning). Deze situatie is opgenomen in het voorliggende bestemmingsplan, evenwel is (onterecht) vergeten daarbij op het perceel met de agrarische bestemming aan te geven dat hier geen bedrijfswoning toegestaan is. Dit zou immers betekenen dat een extra woning kan worden toegevoegd. Bij de vaststelling van het bestemmingsplan wordt dit alsnog aangepast.

Met deze aanpassing is er geen sprake van de toevoeging van een woning (bedrijfswoning of regulier). Daarmee is de situatie ook niet vergelijkbaar met die aan de Herwensedijk 3a, waar het verzoek immers is om een woonbestemming toe te voegen. Aan de Ossenwaard 13 was immers altijd een bedrijfswoning toegestaan, en is in de loop der tijd enkel besloten om deze (ook) als reguliere woning te mogen gebruiken. Voor zover reclamant de zienswijze beschouwd als een formeel verzoek om wijziging van het bestemmingsplan, wijzen wij dat af. Met het toepasselijk verklaren van de gedoogconstructie, hebben wij een tijdelijke situatie beoogd te creëren, die zowel voor reclamant als gemeente acceptabel was. Altijd is duidelijk geweest dat de grondslag om in de schuur te mogen wonen zou zaaknummer Z/21/382821

pagina 49 van 65

vervallen als reclamant dit gebruik staakt. Het is niet realistisch om te verwachten dat de voorliggende actualisatie van het bestemmingsplan dit standpunt zonder specifieke aanleiding of gewijzigde omstandigheden anders maakt. Daarbij verwijzen wij ook nogmaals naar alle randvoorwaarden en beperkingen waarmee de verleende vergunning uit 2011 omkleed is. Als laatste geldt dat van vergelijkbare gevallen geen sprake is. Van de (3) percelen waar in het bestemmingsplan Buitengebied uit 2008 het persoonsgebonden overgangsrecht is toegekend, is nergens een permanente woonbestemming opgenomen.

Zaaknummer Z/21/382821

pagina 50 van 65

Zienswijze 26, ingediend op 13 maart 2024 1. Samenvatting zienswijze Reclamant verzoekt, namens cliënten, om het bestemmingsplan Gelders Eiland gewijzigd vast te stellen, waarbij het plan om drie Slow Cabins te plaatsen in de Gelderse Waard bij Oud-Zevenaar alsnog mogelijk wordt gemaakt. Client stelt al geruime tijd in gesprek te zijn met de gemeente over het realiseren van een drietal Slow Cabins. Vanaf november 2021 zijn gesprekken gestart met de gemeente over het plan. Ook is op 29 maart 2024 een conceptverzoek ingediend. In het kader van het vooroverleg is met de gemeente besproken dat een logische procedure een tijdelijke omgevingsvergunning zou kunnen zijn. Hiermee kan voor de duur van maximaal 10 jaar van het bestemmingsplan worden afgeweken. Ten behoeve van deze procedure is door initiatiefnemer een ruimtelijke onderbouwing opgesteld, heeft hij overleg met provincie Gelderland gevoerd en zijn diverse onderzoeken uitgevoerd. Reclamant geeft aan dat cliënt onaangenaam verrast was door het principebesluit van de gemeente waarbij zij aangaven niet mee te willen werken. Waarbij als reden werd aangevoerd dat het plan niet past in het ontwerpbestemmingsplan Gelders Eiland. Voor reclamant en cliënt reden om alsnog (buiten de termijn) een zienswijze in te dienen.

Reclamant is van mening dat het plan voldoet aan een goede ruimtelijke ordening en dat dit is aangetoond met de ruimtelijke onderbouwing en bijbehorende onderzoeken. Het plan drie Slow Cabins te plaatsen draagt bij aan de recreatieve doelen en ambities van de gemeente Zevenaar. Daarnaast is er sprake van gewekt vertrouwen doordat er met enige regelmaat stukken ter beoordeling en toetsing zijn toegestuurd aan de gemeente en de stukken naar aanleiding hiervan zijn aangescherpt en aangepast. 2. Besluit Wij verklaren de zienswijze niet-ontvankelijk, aangezien de zienswijze ruim buiten de termijn is ingediend. Evenwel gaan we wel inhoudelijk in op hetgeen in de zienswijze wordt gesteld. 2.1 Wijzigingen in bestemmingsplan De zienswijze leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. 2.2 Toelichting van de gemeenteraad De ingediende zienswijze is ruim buiten de termijn ingediend (in november 2023). Daarmee is de zienswijze formeel niet-ontvankelijk. Zoals onder ‘Beoordeling Zienswijzen’ is aangegeven is de zienswijze wel inhoudelijk beoordeeld. Dit leidt echter niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. Voorgeschiedenis

zaaknummer Z/21/382821

pagina 51 van 65

Zoals ook in de zienswijze naar voren komt, is er al enige tijd contact tussen reclamant en gemeente over de mogelijkheden voor het plaatsen van de slow cabins. Dit heeft geleid tot twee aanvragen om omgevingsvergunning (aanvraagdata 3 november en 20 december 2023) die beide zijn ingetrokken. Op 29 maart 2024 is vervolgens een conceptverzoek ingediend. Hierop is nog geen afsluitende brief uitgegaan. Momenteel wordt onderzocht in hoeverre de gewenste tijdelijke recreatieve slow cabins zich verhouden met wetgeving en (gemeentelijk) beleid. Daarbij is al wel duidelijk geworden dat de ontwikkeling ook moet worden beschouwd in het licht van het nieuwe recreatiebeleid, dat destijds waarschijnlijk in het derde kwartaal van 2024 zou worden vastgesteld. Vaststaat dat het plan voor de realisatie van 3 slow cabins zich niet verhoudt met het voorheen geldende bestemmingsplan, noch met het voorliggende bestemmingsplan. In het bestemmingsplan ‘Buitengebied 2008’ had het perceel waar de slow cabins gepland zijn de bestemming ‘agrarisch gebied met hoge natuur- en landschapswaarden’. De realisatie van recreatiewoningen was binnen die bestemming niet toegestaan, en ook concrete bouwmogelijkheden ontbraken. In het voorliggende bestemmingsplan is de bestemming ‘natuur’ toegekend aan de gronden. Ook die bestemming voorziet niet in een passende bouw- en gebruiksmogelijkheid voor recreatiewoningen.

In dat opzicht wordt het planologische uitgangspunt voor de ontwikkeling niet gewijzigd door de vaststelling van het voorliggende bestemmingsplan. Zoals ook is vast komen te staan in het proces dat tot nog toe is doorlopen, kan medewerking worden verleend aan het plan voor de realisatie van de recreatiewoningen door middel van een zelfstandig planologisch besluit. En zoals ook is aangegeven in het vooroverleg, hecht de gemeente bij het maken van de afweging of het medewerking wil verlenen, veel waarde aan het toekomstige recreatieve beleid. Dit beleidskader gaat namelijk uitsluitsel geven over de vraag of de door reclamant gewenste recreatievoorziening voorziet in een behoefte, en zo ja, of de geplande locatie geschikt is. Dit zijn fundamentele afwegingen, die in een breder gemeentelijk en regionaal perspectief beschouwd moeten worden. Een actualisatie van het bestemmingsplan voor een groot deel van het Zevenaarse buitengebied leent zich dan ook niet voor het regelen van een dergelijke ontwikkeling. Overigens is daarbij ook nog de vraag of – zoals reclamant ook aangeeft – een tijdelijke toestemming niet meer voor de hand ligt. Een vergunningsprocedure is in dat geval sowieso logisch. Dat er sprake zou zijn van gewekt vertrouwen, wordt weersproken.

In het kader van het vooroverleg en eerdere aanvragen om omgevingsvergunning, is door de gemeente aangegeven welke onderzoeken en onderbouwingen nodig zijn om een standpunt in te kunnen nemen over de ontwikkeling. Nooit is van gemeentewege – laat staan door het college of een lid daarvan – aangegeven dat de ontwikkeling doorgang zou kunnen vinden. Uiteraard geldt wel dat de totstandkoming van het nieuwe recreatiebeleid ervoor heeft gezorgd dat de beslissing over de ontwikkeling langer duurt. Dat, noch de door initiatiefnemer gemaakte kosten, maakt echter dat er een verplichting ontstaat voor de gemeente om medewerking te verlenen aan het initiatief (en daarmee dus ook niet via voorliggend bestemmingsplan). Beoordeling

Zaaknummer Z/21/382821

pagina 52 van 65

Ten tijde van de vaststelling van dit bestemmingsplan is het recreatiebeleid nog niet vastgesteld. Op basis van het recreatiebeleid (in wording) is de realisatie van slow cabins op deze locatie niet passend. Over losse recreatiewoningen, zoals slow cabins, is het volgende opgenomen in het conceptbeleid. Losse recreatiewoningen zijn solitaire bungalows en/of huisjes die niet op een verblijfsrecreatieterrein zijn gelegen. De gemeente wil bestaande, losse, recreatiewoningen de kans geven zich te onderscheiden op de markt. Daarom mogen deze recreatiewoningen uitbreiden tot een oppervlakte van maximaal 100m² (één bouwlaag met kap). Voorwaarde is dat altijd sprake moet zijn van kortdurende wisselende verhuur en kwaliteitsverbetering. Die kwaliteitsverbetering kan in de verbetering van het huisje, ruimere kamers of bijvoorbeeld het toevoegen van een sauna zitten, maar ook in betere landschappelijke inpassing. Een bijgebouw van maximaal 15 m² en een carport zijn toegestaan bij de recreatiewoning. Nieuwe, losse recreatiewoningen zijn in beginsel niet overal toegestaan. We volgen hierin het provinciale beleid wat inhoud dat een nieuwe solitaire recreatiewoning alleen is toegestaan als op die plek ook normale woningbouw is toegestaan. Voorwaarde is ook dat sprake moet zijn van bedrijfsmatige exploitatie.

In de toelichting dient onderbouwd te worden op welke wijze de bedrijfsmatige exploitatie duurzaam is verzekerd. Permanente bewoning of andere vormen van strijdig gebruik, zoals langdurige verhuur, dienen te worden uitgesloten. De functie van een losse recreatiewoning mag in principe niet veranderd worden. Als een functieverandering toch aan de orde is dan is er altijd sprake van maatwerk. Dit hangt bijvoorbeeld samen met de plek waar de recreatiewoning staat. Een woonwijk of locatie met meer bedrijvigheid is minder geschikt. Als gemeente vinden we het belangrijk dat er sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Om deze afweging goed te kunnen maken is er bij een dergelijk initiatief altijd sprake van maatwerk.

Daarnaast is een gebiedszonering opgenomen in het beleid, waarop kansrijke en weinig kansrijke gebieden zijn benoemd.

zaaknummer Z/21/382821

pagina 53 van 65

Het projectgebied uit de zienswijze ligt in het gebied Rijnstrangen, waar een zeer terughoudend beleid wordt gevoerd ten aanzien van het toevoegen van verblijfsrecreatie. Dit gebied wordt gekenmerkt door een groot areaal natuurgebied en er is sprake van weinig landbouwgronden. Dit gebied is grotendeels aangewezen als Natura2000-gebied, ofwel als onderdeel van de Groene Ontwikkelingszone. Deze laatste zone is bestemd voor het behoud en de ontwikkeling van nieuwe natuur. Daarnaast is het zuidelijk deel van dit gebied gereserveerd voor stroomvoerend regime van de Beleidsregels Grote Rivieren. Dit gebied is daarmee weinig kansrijk voor nieuwe initiatieven. Er moet in dit gebied veelal rekening gehouden worden met de natuurlijke waarden en we hebben een aarzelende houding voor Zaaknummer Z/21/382821

pagina 54 van 65

bijvoorbeeld nieuwe gebouwen en grote verstorende activiteiten. Dit beleid is ook ingegeven door de restrictieve houding van de provincie ten aanzien van ontwikkelingen in dergelijke gebieden. Het positief bestemmen van de gewenste slow cabins op de voorgestelde locatie is aan de hand van het voorgaande geen optie. Overigens vergt dat ook instemming van andere bestuursorganen (o.a. de provincie). Navraag leert dat de kans aanzienlijk is dat geen instemming van de provincie wordt verkregen, met name vanwege de impact op het leefgebied van blauwborst, porseleinhoen en kwartelkoning. Bovenstaande laat onverlet dat we graag in gesprek blijven over de realisatie van slow cabins op een locatie die meer kansrijk is.

zaaknummer Z/21/382821

pagina 55 van 65

Zienswijze 27, ingediend op 25 juli 2024 1. Samenvatting zienswijze Reclamant verzoekt om het bestemmingsplan Gelders Eiland gewijzigd vast te stellen. Op 8 juni 2022 is het bestemmingsplan ‘Bijland’ vastgesteld, welke inmiddels onherroepelijk is. Dit bestemmingsplan betreft het recreatiepark De Bijland. In dit bestemmingsplan zijn een aantal relevante bepalingen opgenomen met betrekking tot de bedrijfsvoering van reclamant: • • • •

het verruimen van de maximaal toegestane maat van stacaravans, het deels vervangen en verplaatsen van een sanitairgebouw, de sloop van een bestaande bedrijfswoning en een bijgebouw en de realisatie van een nieuwe bedrijfswoning en een deel van het terrein toegankelijk maken voor maximaal 40 kampeermiddelen.

In de aankondiging van de ter visie legging van het bestemmingsplan ‘Gelders Eiland’ is aangegeven, dat een aantal specifieke locaties waarvoor onlangs een actueel bestemmingsplan is vastgesteld, buiten het plangebied gehouden. Ten aanzien van het bestemmingsplan Bijland is dat niet gebeurd, hoewel dit bestemmingsplan pas twee jaar geleden is vastgesteld. De bepalingen in het ontwerpbestemmingsplan ‘Gelders Eiland’ ten aanzien van recreatiepark De Bijland zijn daarnaast niet overeenkomstig het bestemmingsplan ‘Bijland’. 2. Besluit Wij verklaren de zienswijze niet-ontvankelijk, aangezien de zienswijze ruim buiten de termijn is ingediend. Evenwel gaan we wel inhoudelijk in op hetgeen in de zienswijze wordt gesteld. 2.1 Wijzigingen in bestemmingsplan De zienswijze leidt tot een ambtshalve aanpassing van het bestemmingsplan. De begrenzing ter plaatse van het wijzigingsplan wordt uit het bestemmingsplan 'Gelders Eiland' verwijderd. 2.2 Toelichting van de gemeenteraad Reclamant geeft terecht aan dat de voorgestelde wijze van bestemmen niet in lijn is met de uitgangspunten van het bestemmingsplan Gelders Eiland. Er is geen aanleiding om het plangebied van recreatieterrein De Bijland op te nemen in het voorliggende bestemmingsplan, nu hier nog zeer recent een nieuw planologisch regime voor is opgesteld.

Daarnaast stelt reclamant terecht dat de voorgestelde regeling in het ontwerpbestemmingsplan zich niet verhoudt met dat recent vastgestelde planologisch regime. Het bovenstaande geeft aanleiding om het plangebied behorend bij het bestemmingsplan ‘Bijland’ uit het bestemmingsplan ‘Gelders Eiland’ te halen. Op die manier ontstaat geen discrepantie tussen beide planologische regimes.

Zaaknummer Z/21/382821

pagina 56 van 65

Zienswijze 28, ingediend op 25 juli 2024 1. Samenvatting zienswijze Reclamant verzoekt om het bestemmingsplan Gelders Eiland gewijzigd vast te stellen. Reclamant is eigenaar en gebruiker van Jachthaven De Bijland aan de Zwarteweg 2 in Tolkamer. In het ontwerpbestemmingsplan is de bestaande planologische status vanuit het vorige bestemmingsplan (Buitengebied 2008) overgenomen. Dit terwijl reclamant stelt al enige tijd met de gemeente in overleg te zijn over het vervangen van de huidige (drijvende) dienstwoning door een dienstwoning op de wal, en het realiseren van een tweede hal voor onderhoud aan boten. Deze ontwikkeling is niet meegenomen in het voorliggende bestemmingsplan, ondanks dat dit ambtelijk wel zou zijn besproken. In het geval de ontwikkeling niet in voorliggende bestemmingsplan wordt meegenomen, verzoekt reclamant om vergoeding van eventuele extra onderzoekslasten. 2. Besluit Wij verklaren de zienswijze niet-ontvankelijk, aangezien de zienswijze ruim buiten de termijn is ingediend. Evenwel gaan we wel inhoudelijk in op hetgeen in de zienswijze wordt gesteld. 2.1 Wijzigingen in bestemmingsplan De zienswijze leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. De gewenste ontwikkelingen worden niet mogelijk gemaakt in het bestemmingsplan, nu hier een zelfstandige planologische procedure voor nodig is.

2.2 Toelichting van de gemeenteraad Er is in het voortraject van voorliggend bestemmingsplan met reclamant gesproken over de ontwikkelingen bij jachthaven De Bijland. Dit heeft geleid tot een conceptverzoek dat is ingediend op 12 oktober 2023. Op dat moment was de inzageperiode van het ontwerpbestemmingsplan Gelders Eiland al ruimschoots voorbij, aangezien het ontwerpplan vanaf 20 juni 2023 ter inzage lag. In dat opzicht is het niet haalbaar om de ontwikkeling – als ondergeschikte wijziging – mee te nemen in het voorliggende bestemmingsplan. Ook inhoudelijk is het niet haalbaar en gewenst om omvangrijke ontwikkelingen in een actualiserend bestemmingsplan door te voeren. Het plan van reclamant gaat uit van de realisatie van twee bouwwerken (een bedrijfswoning en een bedrijfshal) die een aanzienlijke impact op het straatbeeld hebben. Er is, op het moment van schrijven van de Nota van Zienswijzen, nog geen overeenstemming over de stedenbouwkundige opzet van de bebouwing. Ook vanuit andere ruimtelijke aspecten, zoals de impact op water- en bodemaspecten, natuur, archeologie, geluid etc. vergt de ontwikkeling de nodige onderbouwing. Als laatste geldt dat over de toevoeging van bedrijfsmatige bebouwingsoppervlakte überhaupt nog een beleidsmatige afweging moet worden gemaakt. Een zelfstandig planologisch traject is in dat soort gevallen de te kiezen route.

De gemeente herkend zich niet in de stelling dat de gewenste ontwikkelingen zouden worden meegenomen in voorliggend bestemmingsplan. Het is mogelijk dat op ambtelijk niveau is aangegeven dat zou worden beoordeeld of het bestemmingsplan Gelders Eiland hier een geschikt zaaknummer Z/21/382821

pagina 57 van 65

instrument voor is, maar geconstateerd moet worden dat een apart traject doorlopen moet worden, mede gelet op de aanzienlijke uitbreidingswens. Het is de vraag of hierdoor extra kosten ontstaan, maar helder is dat eventuele kosten niet ten laste kunnen komen van de gemeente. Er is geen sprake van een gemeentelijke toezegging of andersoortige gedraging vanuit de gemeente die een dergelijke claim rechtvaardigt.

Zaaknummer Z/21/382821

pagina 58 van 65

Zienswijze 29, ingediend op 16 januari 2025 1. Samenvatting zienswijze Een verzwaring van de archeologische waarden rond het perceel Aerdtsedijk 53/53a is niet gewenst. De woning met huisnummer 53 is omstreeks 1990 gebouwd. Ten behoeve van deze bouw zijn er grondwerkzaamheden verzet waarbij geen historische/archeologische vondsten zijn gedaan. De woning met huisnummer 53A is omstreeks 2022 gebouwd. Ook hierbij zijn grondwerkzaamheden uitgevoerd zonder dat er geen bijzondere historische/archeologische vondsten gedaan. Dit geldt ook voor de overige bebouwing en leidingen op en rond het perceel. Daarnaast zijn er nieuwbouwwoningen gebouwd in een straal van 500 meter rond het bouwblok zonder noemenswaardige vondsten. 2. Besluit Wij verklaren de zienswijze ontvankelijk, nu deze is ingediend naar aanleiding van een specifieke uitvraag vanuit de gemeente. 2.1 Wijzigingen in bestemmingsplan De zienswijze leidt niet tot een aanpassing van het bestemmingsplan. De archeologische waarden – en bijbehorende onderzoekslast – worden met voorliggend bestemmingsplan versoepeld ten opzichte van het voorgaande bestemmingsplan Buitengebied 2008. 2.2 Toelichting van de gemeenteraad De archeologische regimes van het voorgaande bestemmingsplan Buitengebied 2008 en het voorliggende bestemmingsplan Gelders Eiland zijn met elkaar vergeleken.

Daaruit blijkt dat het nieuwe beleid een behoorlijke versoepeling geeft ten opzichte van het oude beleid. Oud beleid:  Op het erf (groen) geldt een hoge verwachting op bekende archeologische resten en/ of historische elementen van af maaiveld. Hierbij is het streven naar behoud in situ. Bij geplande bodemingrepen dieper van 30 cm beneden maaiveld is archeologisch onderzoek noodzakelijk. De onderzoeksplicht is niet verbonden aan een bepaald minimaal oppervlak. Het gaat dus om allerlei ingrepen dieper dan 30 cm onder maaiveld. 

Op het landbouwperceel (oranje) geldt een hoge verwachting op archeologische resten vanaf maaiveld. Bij geplande bodemingrepen dieper van 30 cm beneden maaiveld en groter of gelijk aan 100 m2 is archeologisch onderzoek noodzakelijk.

Nieuw beleid:  Op het erf (waarde – 2) geldt dat bij bodemingrepen dieper dan 40 cm vanaf maaiveld of dieper dan een bekende bodemverstoring en groter dan 30 m2 vroegtijdig waardestellend onderzoek plaats moet vinden.  Voor het landbouwperceel (waarde-3) geldt dat bij bodemingrepen dieper dan 40 cm vanaf maaiveld en groter dan 200 m2 vroegtijdig waardestellend onderzoek moet plaatsvinden. zaaknummer Z/21/382821

pagina 59 van 65

In beide gevallen is het nieuwe regime dus een stuk soepeler dan het regime zoals opgenomen in het bestemmingsplan Buitengebied 2008. De onderzoeksplicht geldt na inwerkingtreding van voorliggend bestemmingsplan pas bij grotere en diepere ingrepen. Uit de zienswijze volgt verder niet dat er al archeologisch onderzoek is verricht op de nog niet bebouwde delen van het erf of het landbouwperceel, waaruit blijkt dat er geen archeologische waarden aanwezig zijn. In dat opzicht is dit dan ook niet uit te sluiten, ondanks de stelling dat er in de omgeving al een aantal gebouwen gerealiseerd is. De zienswijze geeft daarmee geen aanleiding om de archeologische waardes die zijn opgenomen op het perceel aan te passen.

Zaaknummer Z/21/382821

pagina 60 van 65

Overzicht wijziging n.a.v. zienswijzen Verbeelding Locatie/naam Renbaan 5 Pannerden Gasontvangststation Herwen N445 Bijlandse Waard

Nabij Herwensedijk 19

Spijksedijk 24 Polderdijk 2a Geitenwaard 4 Ossenwaard 13 Bijland

Wijziging Toevoeging aanduiding ‘tuin’ Aanduiding ‘veiligheidszone – bedrijf’ toevoegen De begrenzing ter plaatse van het wijzigingsplan ‘Bijlandse waard 2014, 1e wijziging’ is uit het plangebied verwijderd. De percelen, kadastraal bekend Gemeente Herwen, sectie: B, nummers: B 652, 1509 en 2053, krijgen in zijn geheel de bestemming 'Wonen'. Toevoeging aanduiding ‘specifieke vorm van natuur – Loswal’ Aanpassing bouwvlak Aanpassing bouwvlak Uitsluiten bedrijfswoning binnen agrarische bestemming De begrenzing ter plaatse van het bestemmingsplan ‘Bijland’ is uit het plangebied verwijderd.

Bijzonderheden

Wijziging Toevoegen: ‘tuinen en erven, ter plaatse van de aanduiding 'tuin'; Toegestane openingstijd verruimen naar 24.00 uur Pannerdense Waard 16 verwijderen uit artikel Kop verwijderen Aanscherping bouwregels

Toelichting/bijzonderheden

Regels Artikel 19, lid 1 sub, d 1.44 4.4.2 onder 2 4.4.3 21.2 zaaknummer Z/21/382821

pagina 61 van 65

21.4.3 21.4.1 28.2.1 21.4.4 4.1 12.1 3.1 13.2.4, sub b

13.2.2

20.2.2 20.1 onder c 43.1, sub b 35 36 1.42 1.60 40.2 19.4.2 sub f Zaaknummer Z/21/382821

Toevoeging adviesverplichting leidingbeheerder Aanvulling werkzaamheden Uitzondering verbod toevoegen Aanpassing regels belemmeringenstrook Toevoeging ‘specifieke vorm van natuur – loswal transportroute’ Toevoeging ‘specifieke vorm van natuur – loswal transportroute’ Toevoeging regel inzake sleufsilo’s Aanpassing dat de totale oppervlakte aan recreatiewoningen maximaal 3.500 m2 mag bedragen. Verwijdering van de zinssnede ‘met uitzondering van de gemeenschappelijke voorzieningen… Eltenseweg 10’. Toevoeging dat er 3 woningen in het gebouw toegestaan zijn Toevoeging dat de locatie gebruikt mag worden als trouwlocatie Toevoeging inzake bijlage kernkwaliteiten Gelders Natuurnetwerk Toevoeging medebestemming ‘Waarde – ganzenrustgebied’ Toevoeging medebestemming ‘Waarde – Nationaal Landschap’ Aanpassing omschrijving agrarisch bedrijf Aanpassing omschrijving veehouderijbedrijf Aanpassing regels rond molenbiotoop Aanpassing afwijkingsbepaling pagina 62 van 65

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zevenaar&id=47f77de8-777f-4dbd-98d2-b991b55ed6b9