CConstaterende datZevenaar
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Raadsvergaderingen 2018-2022 2 juni 2021, gemeente Zevenaar22.889 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Bouwstenen begrotingscirculaire 2022 Gelderland

In deze begrotingscirculaire geven wij u actuele onderwerpen mee die voor uw begroting 2022 (en jaarrekeningen) van belang zijn. Deels zijn deze onderwerpen financieel technisch van aard en daarmee wellicht meer voor het college bestemd. Een afschrift van deze circulaire hebben wij daarom aan uw college gestuurd.

2 Actuele onderwerpen

Covid-19 Het is zeer ongewis wat de financiële effecten van de corona-crisis (onderzoek in opdracht van de VNG en Kamerbrief 26 maart 2021/Compensatiepakket coronacrisis medeoverheden maart 2021) zijn op de begroting 2022 en de meerjarenraming 2023-2025. Toch vragen wij u de financiële effecten van de corona-crisis zo goed mogelijk in beeld te brengen. De meest voorkomende situaties zijn: 1 U houdt in de begroting en meerjarenraming geen rekening met de corona-crisis c.q. u raamt de financiële gevolgen van de corona-crisis budgettair neutraal. 2 De financiële effecten van de corona-crisis (onderzoek Andersson Elffers Felix (AEF) in opdracht van de VNG) zijn door u niet (goed) in te schatten of u gaat ervan uit dat het Rijk de financiële gevolgen van de corona-crisis (grotendeels) compenseert. U verwerkt dan eventuele werkelijke financiële gevolgen bij tussentijdse rapportages en op jaarrekeningbasis. Wij verwachten dat u in de paragraaf Weerstands– vermogen en risicobeheersing een inschatting maakt welke financiële risico’s uw gemeente loopt. 3 U houdt in de begroting en meerjarenraming rekening met incidentele en/of structurele baten en lasten. 4 U schat zo reëel als mogelijk de financiële gevolgen van de corona-crisis in, waarbij u aangeeft wat incidentele en wat structurele baten en lasten zijn.

Wij vragen u de gemaakte keuze duidelijk in de begroting aan te geven, bijvoorbeeld in de inleiding, en deze toe te lichten, zodat we kunnen beoordelen of de gekozen methodiek voldoende aannemelijk, geloofwaardig en daarmee aanvaardbaar is. We betrekken dit bij ons oordeel over de plausibiliteit van de ramingen.

4

Bouwstenen begrotingscirculaire 2022 Gelderland

Herijking gemeentefonds/verdelingssystematiek Op 2 februari 2021 is het voorstel voor de nieuwe integrale verdeling van het gemeentefonds (inclusief onderdeel Beschermd Wonen) openbaar gemaakt. De fondsbeheerders van het gemeentefonds (de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de staatssecretaris van Financiën) hebben dit voorstel ter advisering voorgelegd aan de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB). Na ontvangst van het advies van de ROB start de consultatie van gemeenten en zal ook actualisatie naar een definitieve stand plaatsvinden. Deze herijking is door het huidige kabinet geplaatst in een breder perspectief van financiële en bestuurlijke verhoudingen en de financiële positie van gemeenten. Naast de verdeling en de omvang van het gemeente– fonds zijn ook de nog lopende gesprekken met gemeenten over onder andere de toereikendheid van de financiering van de jeugdzorg daarbij van belang. Dat geldt ook voor de verruiming en modernisering van het gemeentelijk belastinggebied en de evaluatie van de normeringssystematiek. Ook daarover moet het volgende kabinet besluiten. De besluitvorming over de invoering van de nieuwe verdeling wordt overgelaten aan het volgende kabinet en daardoor is de voorgestelde invoeringsdatum verschoven naar 1 januari 2023.

De voorgestelde herijking leidt zonder meer tot herverdeeleffecten en daarmee tot gemeenten die voordeel en gemeenten die nadeel ondervinden. Voor sommige gemeenten zijn die voorlopige effecten zeer fors. Het voorstel is om de herverdeel– effecten te spreiden over een aantal jaren en daarbij het gebruikelijke ingroeipad van € 15 per inwoner per jaar te hanteren. Het maximale herverdeeleffect geldt voor zowel voor- als nadeelgemeenten. Omdat het sociaal domein nog in beweging is, wordt tevens een evaluatie na vier jaar ingebouwd. Hoewel er nog veel onzekerheid is over de uiteindelijke definitieve effecten van de herijking, roept dat al wel vragen bij gemeenten op hoe hier mee om moet worden gegaan. In afwachting van de actualisatie, de verschillende adviezen daarover en het uiteindelijke besluit van het nieuwe kabinet is het op dit moment zeer voorbarig om te gaan anticiperen op deze herverdelingseffecten, zeker op de voordelen. Het hanteren van het voorzichtigheids– beginsel bij het opstellen van de begroting 2022 en de

meerjarenraming 2023-2025 wordt daarbij sterk aanbevolen. Om de voorgestelde invoeringsdatum van 1 januari 2023 te halen, zullen gemeenten uiterlijk via de meicirculaire 2022 van het gemeentefonds geïnformeerd moeten worden. Momenteel is het onduidelijk of deze datum gehaald zal worden. Zolang er vanuit de fondsbeheerders geen definitieve uitkomst of richtlijn komt, zal de circulaire het uitgangspunt zijn voor het toetsen van de realiteit van de inkomsten uit het gemeentefonds. Sociaal Domein Bij ons onderzoek van de begroting 2021 is gebleken dat het merendeel van de gemeenten verregaande maatregelen hebben getroffen om tot een structureel en reëel sluitende begroting te komen. Het merendeel van deze maatregelen liggen in het sociaal domein. Veel gemeenten ramen de taken (inclusief de te nemen maatregelen) reëel. Hierdoor is het zichtbaar geworden dat de inkomsten vanuit het Rijk de kosten in het sociaal domein niet meer compenseren en er tekorten ontstaan bij gemeenten. De afgelopen twee jaar hebben de fondsbeheerders samen met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) gewerkt aan een nieuwe verdeling van het gemeentefonds. De invoering van de nieuwe verdeling verschuift naar 1 januari 2023 mede omdat er nog gesprekken plaatsvinden met de VNG en ROB over de uitkomsten van de herijking.

Daarnaast verwachten wij dat de financiële posities van de gemeenten en de toereikendheid van de financiering van de jeugdzorg een rol gaan spelen. Het onderzoeksbureau AEF heeft in 2020 een onderzoek uitgevoerd naar de financiële tekorten in de jeugdzorg (Stelsel in groei (vng.nl)). De uitkomsten van het onderzoek laten zien dat gemeenten in een paar jaar tijd na de decentralisatie fors meer zijn gaan uitgeven aan jeugdhulp, jeugdbescherming en jeugdreclassering. Besluitvorming over een structurele oplossing in termen van benodigd budget en aanpassing in het stelsel voor de uitvoering van de Jeugdwet vanaf 2022 zal aan een volgend kabinet zijn. De resultaten van het onderzoek dienen als inbreng voor de kabinets– formatie. De uitkomsten van het onderzoek zijn zwaarwegend. Dit in het licht van de jeugdhulpplicht van gemeenten en de noodzaak van sluitende begrotingen.

5

Bouwstenen begrotingscirculaire 2022 Gelderland

Bij het onderzoek van de begroting 2021 zien wij dat de uitgaven voor de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) sterk toenemen. Oorzaak voor de toename is de invoering van het abonnementstarief en de vergrijzing. De groei van de vraag naar Wmo-ondersteuning zet de financiële mogelijkheden van gemeenten onder druk. Wij verwachten hier opnieuw tekorten. Voor de beoordeling van de begroting 2022 omtrent het sociaal domein blijven vooralsnog de richtlijnen van vorig jaar (begroting 2021) voor de begroting 2022 van kracht en deze zijn: − Voor de jaren 2023 tot en met 2025 kan door de gemeente een stelpost ‘Uitkomst onderzoek jeugdzorg’ geraamd worden: per gemeente naar rato van de € 300 miljoen per jaar. − Deze stelpost ‘Uitkomst onderzoek jeugdzorg’ kan als structureel opgenomen worden. − Voorwaarde is dat daarnaast gemeente tevens zelf maatregelen neemt in het kader van de transformatie rondom jeugdzorg en Wmo mede gericht op beheersing van de kosten.

Als toezichthouder beoordelen wij of de ramingen als ook de taakstellingen in de begroting en meerjaren– raming voor het sociaal domein reëel zijn en welke risico’s gemeenten lopen. Daarbij betrekken wij tenminste de realisatie van de laatste jaarrekeningen, de verwachte realisatie voor het jaar 2021 en de verslagen van de accountant.

3 Ontwikkelingen Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) De commissie BBV geeft in notities aan op welke wijze een bepaald onderwerp in de begroting verwerkt kan of moet worden. Kan, omdat de regelgeving meerdere verwerkingsopties toestaat en moet als de regelgeving verplicht tot een bepaalde verwerkingswijze. De BBV-notities bevatten dan ook aanbevelingen (‘kan’) en stellige uitspraken (‘moet’) voor de juiste toepassing en uitvoering van het BBV. Notitie Rechtmatigheidsverantwoording De verwachting is dat met ingang van het boekjaar 2021 het college van burgemeester en wethouders via de jaarrekening verantwoording af gaat leggen over rechtmatigheid. De accountant controleert vervolgens de getrouwheid van deze rechtmatigheids– verantwoording en geeft geen separaat accountants– oordeel over de rechtmatigheid meer af. Omdat de Kadernota rechtmatigheid met name was gericht op de accountantscontrole, heeft de commissie BBV besloten een notitie Rechtmatigheidsverantwoording te publiceren (naar verwachting in het 1e kwartaal 2021) die vooral is gericht op het college en de raad. De volgende onderwerpen komen daarbij onder andere aan bod: • De rol van de raad • De criteria waarover het college zich dient te verantwoorden • De keuzemogelijkheden met betrekking tot de verantwoordingsgrens en de gevolgen.

Notitie Meerjarig financieel inzicht In september 2020 heeft de commissie BBV de notitie Meerjarig financieel inzicht voor de raad vastgesteld. Het doel van deze notitie is om de samenhang helder te maken tussen diverse onderdelen uit de begroting en de jaarrekening. Dit maakt het eenvoudiger om een oordeel te vormen over de financiële positie van uw gemeente en/of de gevolgen te overzien van bepaalde beleidskeuzes voor de ontwikkeling van die financiële positie. Daarom gaat deze notitie specifiek in op enkele onderdelen die in het BBV zijn voorgeschreven en die erop gericht zijn om de raad (meer) inzicht te geven in de financiële positie van de gemeente op de korte en langere termijn.

6

Bouwstenen begrotingscirculaire 2022 Gelderland

Notitie Hoofdlijnen van het BBV In februari 2020 heeft de commissie BBV de geactualiseerde notitie “Besluit Begroting en Verantwoording op hoofdlijnen verklaard, externe verslaggeving voor decentrale overheden” vastgesteld. Het doel van deze notitie is het bevorderen van een eenduidige interpretatie en toepassing van de begroting en jaarstukken van gemeenten. In de notitie zijn uitgangspunten en principes uitgewerkt welke belangrijk zijn bij het opstellen en inrichten van deze stukken en is toegelicht waarom deze belangrijk zijn. Daarbij beperkt het document zich tot de financiële informatie. Centraal daarbij staan de principes die ten grondslag liggen aan het begrotingsstelsel dat voor gemeenten is voorgeschreven in het BBV. Actualisering Notities De commissie voorziet verder in de loop van 2021 actualisering van onder andere de volgende notities: • Rente • Lasten en baten (incidenteel, subsidies e.d.) • Lokale heffingen Of de notitie al voor de begroting 2022 gelding is, is afhankelijk van het moment van verschijnen. De ingangsdatum kunt u terugvinden in de betreffende notitie.

4 Specifieke onderwerpen

Inzicht in de structurele begrotingspositie Het inzicht in de structurele begrotingspositie van uw gemeente blijft een belangrijk aandachtspunt. Nogmaals dringen wij erop aan het begrotingssaldo, zowel voor het betreffende begrotingsjaar als voor de meerjarenraming, inzichtelijk te presenteren. Hiervoor kunt u gebruik maken van de voorbeelden uit het GTK en uit de notitie Structurele en incidentele baten en lasten van de commissie BBV. Wij adviseren u het structureel begrotingssaldo op deze wijze in het raadsvoorstel en de aanbiedings– brief of in de inleiding van de begroting op te nemen. Een van de verplicht op te nemen overzichten in zowel de begroting als de jaarrekening is het overzicht van incidentele baten en lasten. De leesbaarheid van dit overzicht wordt vergroot als baten en lasten en incidentele reservemutaties duidelijk gescheiden zijn weergegeven. Daarnaast is het verplicht de opgenomen posten te voorzien van een toelichting. Dit kan in het overzicht zelf, maar ook los onder het overzicht. Belangrijk daarbij is dat duidelijk wordt waarom de baten of lasten door u als incidenteel zijn bestempeld. Anders gezegd, waarom er géén sprake is van structurele baten of lasten. Structurele baten en lasten zijn immers regel en de incidentele baten en lasten vormen de uitzondering.

Daarnaast is het van belang dat aangegeven wordt welke conclusies er uit de cijfers te trekken zijn, zoals wat is het karakter van het begrotingssaldo of resultaat. Liggen er incidentele factoren aan ten grondslag of zijn de oorzaken structureel. Voor de volledigheid attenderen wij u erop dat u structurele reservemutaties inzichtelijk maakt op het ook verplichte overzicht van beoogde structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves. Alle reservemutaties zijn of opgenomen op dit overzicht of op het overzicht van incidentele baten en lasten. Om het beeld ten aanzien van de reserves compleet te maken adviseren wij u ook het verloop van de reserves inzichtelijk te maken. Dit kan door in een bijlage het overzicht reserves en voorzieningen aan te vullen met de afzonderlijke toevoegingen en onttrekkingen per reserve.

7

Bouwstenen begrotingscirculaire 2022 Gelderland

Taakstellingen Veel gemeenten hebben te maken met bezuinigingsoperaties en takendiscussies. Daarom is het nuttig om specifiek in te gaan op deze onderdelen bij de toelichting op de financiële positie en bij de meerjarenraming. Behalve het benoemen van de stelposten en taakstellingen biedt het concreet toelichten, van de wijze waarop de voorgenomen bezuinigingen en het nieuwe beleid voor de komende jaren zijn vertaald in de begroting, inzicht in de financiële positie. De toelichting is noodzakelijke informatie voor uw en ons inzicht in en de beoordeling van de financiële positie. We zien de omvang van de taakstellingen toenemen en hoewel onze beoordeling op hardheid en haal– baarheid veelal positief is, vinden we het een zorgelijke ontwikkeling. Om de financiële stabiliteit van de gemeente te waarborgen is het noodzakelijk dat uiteindelijk de voorgenomen taakstellingen en bezuinigingen volledig gerealiseerd worden. Wij adviseren u een integraal beeld van de opgenomen bezuinigingsmaatregelen, taakstellingen, stelposten en reserveringen te presenteren in een paragraaf Taakstellingen en stelposten. In deze paragraaf kunt u in één oogopslag de opgenomen bezuinigingen c.q. taakstellingen zien die verspreid in de begroting op programmaniveau zijn opgenomen en/of de nog openstaande taakstellingen in de meerjarenraming.

Daarnaast kunt u hier de voortgang van eerder door u vastgestelde bezuinigingsmaatregelen toelichten. Hetzelfde geldt voor eventuele stelposten (inschattingen of al vrijgemaakte begrotingsruimte) voor toekomstige financiële onzekerheden. Dit versterkt het inzicht in de financiële positie.

Onderhoud kapitaalgoederen Bij het onderzoek van de begroting 2021 (en van 2020) is gebleken dat veel gemeenten door onder andere het sociaal domein moeite hadden de financiën op orde te krijgen. In tijden van financiële krapte neemt de kans toe dat aan het beheer en onderhoud van kapitaalgoederen minder prioriteit wordt gegeven. De gevolgen doen zich dan op de langere termijn voor in de vorm van achterstallig onderhoud en/of kapitaalvernietiging. Dit jaar schenken wij extra aandacht aan de kwaliteit van de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen. Daarbij bezien wij onder meer of deze paragraaf voldoende ingaat op de volgende aspecten met meerjarige financiële consequenties: • de actualiteit van de diverse onderhoudsplannen; • de looptijd van de onderhoudsplannen; • het al dan niet hebben van achterstanden in het beheer en onderhoud van de kapitaalgoederen; • het reserveren van middelen voor de uitvoering van regulier klein en groot onderhoud; • vervangingsinvesteringen in kapitaalgoederen. Het is van belang om binnen uw gemeente te blijven monitoren op de kwaliteit van het onderhoud van de kapitaalgoederen en op tijd een inschatting te maken van eventueel toekomstig (groot) onderhoud. De paragraaf onderhoud kapitaalgoederen verdient daarom extra aandacht.

Weerstandsvermogen en risicobeheersing Uit onze begrotingsonderzoeken blijkt dat de informatiewaarde van de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing nog verbeterd kan worden. Met als doel de informatiewaarde te verbeteren adviseren wij het volgende: • Geef in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing duidelijk het vastgestelde beleid aan, zowel voor de inventarisatie en kwantificering van de risico’s als voor de aan te houden weerstandscapaciteit in relatie tot deze kwantificering. • Geef tevens de minimale hoogte of marge aan van de weerstandsratio. Naast deze verplichte onderdelen van de paragraaf adviseren wij u het verloop, van zowel de beschikbare weerstandscapaciteit als de benodigde weerstands– capaciteit (en hiermee ook de weerstandsratio)

8

Bouwstenen begrotingscirculaire 2022 Gelderland

inzichtelijk te maken. Dit geeft aanzienlijk meer inzicht in het gemeentelijke weerstandsvermogen dan alleen de informatie opnemen van het betreffende jaar. Hierbij kan ook aangegeven en toegelicht worden welke risico’s groter/kleiner worden of verdwijnen. Het is van belang om bij de risico’s de mogelijke scenario’s te schetsen alsmede de (beleidsmatige) opties om de niet geraamde financiële consequenties zo goed mogelijk te beheersen. Hieruit volgt de gewenste omvang van het weerstandsvermogen. Ook de niet-financiële gevolgen spelen een rol bij risicomanagement, maar ook voor de bepaling van de weerstandscapaciteit en het weerstandsvermogen. Een duidelijk voorbeeld hiervan zijn de gevolgen van de coronapandemie. De impact op de gezondheid leidt op termijn ook tot financiële gevolgen. We zien de risico’s voor gemeenten en verbonden partijen op dit punt toenemen. Omgevingswet en -visie In onze begrotingscirculaire van vorig jaar (begrotingscirculaire 2021) informeerden wij u al uitgebreid over beide onderwerpen. Zoals bekend is de invoeringsdatum van de Omgevingswet verschoven naar 1 januari 2022. Wat we vorig jaar schreven is nog steeds actueel. Omgevingswet Zoals u weet, wordt de wet- en regelgeving voor ruimte, wonen, infrastructuur, milieu, natuur en water gebundeld en is het de bedoeling om het aanvragen van vergunningen te vereenvoudigen.

Dit betekent één wet die ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving stimuleert en kwaliteit borgt. De gebruikers staan hierbij centraal. Omgevingsvisie • Met de nieuwe wet zijn het Rijk, de provincies en gemeenten voortaan verplicht een omgevingsvisie te maken. Dit is een strategische visie voor de lange termijn voor de hele fysieke leefomgeving. De belangrijkste uitgangspunten daarbij zijn: • gemeenten dienen een omgevingsvisie op te stellen; • per gemeente geldt één omgevingsplan; • gemeenten werken de omgevingsvisie uit in een omgevingsplan en programma’s; • het omgevingsplan bevat gemeentelijke regels over de fysieke leefomgeving; • in een programma staan maatregelen waarmee

een bevoegd gezag een omgevingswaarde of een andere doelstelling voor de fysieke leefomgeving wil bereiken. Gemeenten krijgen een overgangstermijn van drie jaar voor het vaststellen van de omgevingsvisie. De verplichting voor gemeenten om een omgevingsvisie te hebben en het tijdstip daarvoor wordt bij Koninklijk Besluit vastgelegd. Financiële gevolgen voor uw gemeente Wij zien dat de betrokken partijen volop bezig zijn met de voorbereidingen. Het is van groot belang om een goede inschatting te maken van wat er op uw gemeente afkomt en u adequaat op deze wet voor te bereiden. Daarbij past ook de vraag wat de financiële gevolgen voor uw gemeente zullen zijn. Denk aan: • Welk personeel is wel en niet nodig? • Hoe begeleidt u het implementatieproces? • Moet u uw medewerkers opleiden? • Wat betekent dit voor ICT? • Wat kost het om de omgevingsdocumenten te ontwikkelen? • Wat zijn de effecten voor de raming van de legesopbrengsten? Duurzaamheid/energietransitie/klimaat De komende jaren ligt er een enorme opgave om Nederland duurzaam te maken. Tegengaan van klimaatverandering, aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering en een overgang naar een circulaire economie zijn hierbij essentieel.

Om dat te realiseren is het Interbestuurlijk Programma (IBP) van start gegaan, waarin het Rijk en de decentrale overheden hebben vastgelegd dat hun samenwerking op een aantal grote maatschappelijke thema’s, waaronder duurzaamheid en klimaat, wordt verbeterd. Inhoudelijke afspraken over het klimaat, waar ook bedrijfsleven en maatschappelijke partijen verantwoordelijkheid voor dragen, zijn vastgelegd in het Klimaatakkoord. Elke gemeente, provincie en ook waterschap werkt op dit moment binnen regio’s samen met stakeholders aan een Regionale Energiestrategie (RES). De RES is een instrument om gezamenlijk te komen tot keuzes voor de opwekking van duurzame elektriciteit, de warmtetransitie in de bebouwde omgeving en de daarvoor benodigde opslag en energie infrastructuur.

9

Bouwstenen begrotingscirculaire 2022 Gelderland

Van decentrale overheden wordt verwacht dat zij een groot deel van de groei van de algemene uitkering ten goede laten komen aan klimaatbeleid en de energietransitie. Wij zien dat gemeenten in de huidige, economisch onzekere tijden minder budget aan het klimaat besteden, met als gevolg dat zij de afspraken over het klimaat niet (geheel) kunnen nakomen. Gemeenschappelijke regelingen Gemeentelijke bijdragen Bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen maken een belangrijk deel uit van gemeente– begrotingen. De raming die u in uw begroting opneemt als bijdrage in de gemeenschappelijke regeling behoort overeenkomstig de gemeentelijke bijdrage te zijn, zoals deze is opgenomen in de begroting van de gemeenschappelijke regeling. Wij vragen u in de paragraaf verbonden partijen deze bijdrage inzichtelijk te maken, niet alleen voor het begrotingsjaar, maar ook voor de jaren van de meerjarenraming. Toezichtkader Gemeenschappelijke regelingen Bij het verschijnen van het GTK voor gemeenten is een afzonderlijk gemeenschappelijk toezichtkader voor gemeenschappelijke regelingen aangekondigd. De reden hiervoor is dat niet alle kaders die voor gemeenten gelden één op één op gemeenschappe– lijke regelingen van toepassing zijn. Bovendien kennen we binnen gemeenschappelijke regelingen veel diversiteit in grootte, aantal deelnemers en beleidsvelden, elk met een eigen dynamiek.

De focus bij gemeenschappelijke regelingen ligt op de risico’s voor de deelnemende gemeenten. Dit vroeg om een nadere uitwerking, die landelijk door de provincies is opgepakt. Inmiddels is het concept toezichtkader voor gemeenschappelijke regelingen gereed en is ter consultatie voorgelegd aan enkele gemeenschappe– lijke regelingen. In afwachting van die reacties en eventuele daaruit voortvloeiende aanpassingen van het concept, zal dit toezichtkader naar verwachting met ingang van het begrotingsjaar 2023 voor alle gemeenschappelijke regelingen in Nederland gaan gelden. Met de introductie van het nieuwe kader zal worden gewacht tot de inwerkingtreding van de wijzigingen van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Tot die tijd blijft het gemeen–

schappelijk toezichtkader “Kwestie van evenwicht!” uit 2014 van toepassing op gemeenschappelijke regelingen. Wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen Om de maatschappelijke opgaven waar lokale overheden zich voor gesteld zien te kunnen realiseren en de bestuurlijke slagkracht te vergroten, werken overheden steeds meer en intensiever met elkaar samen. Dat gebeurt op verschillende niveaus en op verschillende manieren, onder andere via gemeenschappelijke regelingen. In de praktijk ervaren gemeenteraden en individuele raadsleden een te grote afstand tot gemeenschappelijke regelingen. Om de positie van de gemeenteraden te versterken is een wijziging van de Wgr in procedure. De instrumenten die de volksvertegenwoordiging kan gebruiken om de eigen controlerende en kader stellende rol bij gemeenschappelijke regelingen beter in te kunnen vullen wordt aangepast. Ook beoogt de wijziging de democratische legitimatie van de besluitvorming binnen een gemeenschappelijke regeling te vergroten. In het kader van deze begrotingscirculaire zijn de volgende wijzigingen van belang, die met ingang van het begrotingsjaar 2023 gelden: 1.

Aanpassing begrotingscyclus door drie wijzigingen: − de kadernota en voorlopige jaarrekening moeten voor 30 april naar gemeenteraden worden gestuurd in plaats van 15 april; − de ontwerpbegroting moet uiterlijk 12 weken voor 15 september voor een zienswijze aan gemeenteraden aangeboden worden, in plaats van 8 weken voor 1 augustus, en − de begroting van een regeling moet uiterlijk 15 september naar gedeputeerde staten worden gestuurd in plaats van 1 augustus. 2. Aanscherping artikel 9 van de Wgr met een bepaling over de reikwijdte van de afspraken die moeten worden gemaakt over het regelen van de gevolgen van de uittreding, zodat niet langer volstaan kan worden met een vaststelling door het (algemeen) bestuur. Bestaande gemeenschappelijke regelingen zullen binnen twee jaar moeten worden aangepast nadat deze wijziging in werking is getreden. Deze wijzigingen gaan voor het eerst gelden voor de begrotingscyclus 2023. Nadere informatie: https://zoek. officielebekendmakingen.nl/dossier/35513

10

Bouwstenen begrotingscirculaire 2022 Gelderland

5 Agenda toekomst van het (interbestuurlijk) toezicht Met de Agenda Toekomst (interbestuurlijk) Toezicht (ATT) geven gemeenten, provincies en Rijk gezamenlijk invulling aan de vernieuwing van het interbestuurlijk en financieel toezicht, zodat het toezicht zo effectief mogelijk is en past bij een gezamenlijke aanpak van maatschappelijke opgaven. In onze vorige begrotingscirculaire informeerden wij u al over de ATT, waarin is beschreven hoe we de komende jaren het (interbestuurlijk) toezicht verder gaan doorontwikkelen. In 2020 is hiervoor een Actieplan opgesteld en is samen met toezicht– ontvangers en toezichthouders gekeken naar de uitwerking van de verschillende actielijnen. De vijf actielijnen zijn: 1 Versterken verbinding horizontale controle en verticaal toezicht 2 Beter voeren dialoog 3 Beter leren via toezicht 4 Uniformeren uitvoering toezicht 5 Toezichthouder richt zich op gedeelde risico’s Per actielijn zijn de te nemen acties benoemd en is het doel aangegeven zoals dat in de ATT is opgenomen. Inmiddels is er vorig jaar (2020) gestart met risicosessies voor de verschillende (interbestuurlijk) toezicht terreinen (in kader van actielijn 5). Dit jaar worden in het kader van actielijnen 2 en 3 workshops georganiseerd met toezichtontvangers en toezichthouders ten behoeve van het delen van ervaringen van (interbestuurlijk) toezicht.

De data voor sessies met het werkveld van financieel toezicht zijn op dit moment nog niet bekend.

11

Bouwstenen begrotingscirculaire 2022 Gelderland

6 Meer informatie

Provincie Gelderland Markt 11 6811 CG Arnhem Postbus 9090 6800 GX Arnhem 026 359 99 99 provincieloket@gelderland.nl www.gelderland.nl

21 300 105

In deze circulaire zijn actuele en relevante aandachtspunten opgenomen. Hebt u vragen over deze circulaire dan kunt u contact opnemen met de contactambtenaar voor uw gemeente.

1 7. 210421 Brief Leven met de Aarde inzake Wereld Aarde Dag 22 april 2021

Van: Leven met de Aarde <levenmetdeaarde@live.nl> Verzonden: woensdag 21 april 2021 23:41 Aan: xxx; levenmetdeaarde@live.l; blauw vuur <blauwvuur@live.nl> CC: xxxxxxx Onderwerp: 22 april 2021 Wereld Aarde dag in uw gemeente!

Geachte medewerker van de gemeente, griffie, postkamer, Wilt u zo vriendelijk zijn in verband met het vieren van Aarde Dag deze brief door te geleiden naar uw College en naar de Raadsleden en Fractievolgers? Hartelijk dank voor uw medewerking! Namens het bestuur van St Leven met de Aarde

Etten 21 april 2021, Aan het College van B&W en de Raadsleden en de fractievolgers Betreft 22 april 2021 Wereld Aarde Dag!

Geachte bestuurders, Morgen, als u dit leest, is het WereldAardeDag. Vermoedelijk kent u de geschiedenis van die dag. In 2006 heeft Leven met de Aarde voor het eerst aardedag meegevierd. In Utrecht werd een bijeenkomst gehouden over Peak Oil. Vandaag nemen wij weer met u contact op omdat "Leven met de Aarde" dit jaar haar 20 jarig bestaan viert. Al die jaren hebben we geprobeerd goed contact met u op te bouwen. We beseffen dat dat best lastig is. Op 22 april wordt een speciale krant uitgegeven: https://www.dagvandeaarde.nl/

Dag van de Aarde | Make every day Earth Day Nieuwsbegrip ontwikkelde in samenwerking met Disney Channel een lespakket over de Dag van de Aarde (Earth Day). Dit is een jaarlijks terugkerend evenement op 22 april, waar wereldwijd aandacht voor is en dat wereldwijd gevierd wordt. www.dagvandeaarde.nl

Wellicht kunt u die krant actief bekend maken via de kanalen die u tot uw beschikking heeft, het twitter- of facebook account van de gemeente. U kunt uw onderwijsinstellingen inlichten dat er een lesbrief is.

Het kan natuurlijk zijn dat u dat al lang doet. Ook is het mogelijk om aandacht te geven aan de Geoweek. Die wordt niet in mei gehouden, maar van 4 t/m 8 oktober 2021 door het Aardrijkskundig Genootschap. Wat ondersteunend werkt is het recente rapport van het Planburau voor de Leefomgeving. Zie hun recente publicaties op www.pbl.nl

PBL Planbureau voor de Leefomgeving De Tweede Kamer wil brede welvaart beter integreren in de begrotings- en verantwoordingssystematiek. De drie planbureaus (CPB, PBL en SCP) hebben daarom op zijn verzoek een plan van aanpak gemaakt voor een zogeheten Kernset Indicatoren Brede Welvaart. www.pbl.nl

Dit rapport van 15 april jongstleden gaat over Natuur, Landschap en Biodiversiteit. U weet dat die ons - en ook u - aan het hart gaan. Het PBL concludeert: de economie moet vanaf NU op de tweede plaats komen. Wij zouden zeggen: "Bij al ons economisch handelen moeten criteria voor het bewaren van natuur en landschap voorrang krijgen". De natuurinclusieve economie van het genoeg, ecolonie, moet het resultaat zijn. Omdat Stichting Leven met de Aarde op 11 juli 20 jaar bestaat, vragen wij u mee te werken aan een klein onderzoek. Het gaat om het beantwoorden van een paar vragen door u, College en door u, Raadsleden en fractievolgers. Stuur uw antwoorden a.u.b. naar levenmetdeaarde@live.nl Wij hopen dat uw beantwoording ondersteunend werkt bij uw veranderende werkwijze in samenwerking met de inwoners. Vragen: 1. Heeft u over Dag van de Aarde gehoord? 2. Heeft u in uw gemeente beleid om aandacht te geven aan die Dag van de Aarde in uw gemeente? Zo ja, wat is uw doel? 3. Merkt u iets van deze speciale dag? 4. Zou u iets willen merken, ervaren? Wat dan? 5. Kan volgens u het vieren van die dag betrokkenheid van inwoners vergroten? Uw antwoorden worden, bij voldoende deelname, gebundeld en we hopen daarmee elkaar enthousiast te maken. Met een hartelijke groet in natuurverbondenheid! De deelnemers aan Leven met de Aarde www.levenmetdeaarde.nl tel 0653464642

1 8. 210421 Gelders Energie Akkoord (GEA) - Handreiking maatschappelijke tender

Samen voor ons klimaat geldersenergieakkoord.nl

Aan

Betreft Ons kenmerk

De Gelderse gemeenteraden

Datum

22 april 2021

Maatschappelijke tender als voorkeursroute in vergunningverlening voor gedragen grootschalige zon- en windprojecten

Geachte raadsleden, Het Gelders Energieakkoord en haar partners Energie Samen Gelderland en Klimaatverbond Nederland hebben onderzoek gedaan naar de meest effectieve route om – in het proces van planning tot vergunningverlening voor grootschalige zon- en windprojecten – het lokaal eigenaarschap en zeggenschap te borgen. Dat is belangrijk omdat eigendom en rendement medebepalend zijn voor draagvlak en acceptatie voor de grote ingrepen die deze projecten in ons landschap en leefomgeving betekenen. Maar ook omdat de rendementen uit deze projecten een belangrijke stimulans kunnen vormen voor meer duurzame investeringen in de omgeving van deze projecten. Het onderzoek is tevens belangrijk omdat de juridische basis voor de selectie van de maatschappelijk meest gunstige aanpak, complex is. Door een zorgvuldige inzet van de maatschappelijke tender, met een goed uitnodigingskader, een marktconsultatie en heldere selectiestappen (ruimtelijk én maatschappelijk) kan een gemeente rekenen op een stevige maatschappelijk en juridisch fundament in haar proces naar duurzame opwekking van energie. De partners van het Gelders Energieakkoord bevelen u van harte aan, werk te maken van deze maatschappelijke mender.

Bijvoorbeeld door ervoor te zorgen dat, naast een degelijk beleidskader, deze methodiek van selectie van het beste wind en/of zonneproject ook in gemeentelijk beleid en regelgeving is opgenomen. De bijgevoegde handreiking is in een brede consultatie tot stand gekomen. Vertegenwoordigers, bestuurlijk en ambtelijk, van energiecoöperaties, gemeenten en provincie zijn erbij betrokken geweest. Het is nu aan gemeenten om, bijvoorbeeld bij de behandeling van de Regionale Energie Strategie 1.0 in hun gemeenteraad, zeker te stellen dat de raad deze aanpak ook formeel steunt. Of aan de provincie om in haar beleidskader de maatschappelijke tender vast te leggen. Wij, als onderzoeksteam, wensen u hiermee veel succes! Namens Gelders Energieakkoord: Pieter van der Ploeg Namens Energie Samen Gelderland: Arien Scholtens Namens Klimaatverbond Nederland: Thijs de la Court

De maatschappelijke tender als instrument voor de borging van lokaal eigendom bij de (grootschalige) elektriciteitsproductie op basis van winden zonne-energie. Een handreiking.

De maatschappelijke tender

Inleiding & opgave De productie van de benodigde grootschalige

slagingskans en een kortere doorlooptijd. Immers:

elektriciteitsproductie met wind en zon heeft grote

de baten blijven in de regio en de regio profi-

ruimtelijke en landschappelijke impact. Dat bete-

teert. Niet voor niets is het lokale eigendom als

kent dat ruimtelijke wet- en regelgeving een promi-

streven vastgelegd in het Klimaatakkoord. Boven-

nente rol spelen in realisatie en gunningstrajecten.

dien kennen lokale partijen als (mede)ontwikkelaar

In de praktijk krijgen grootschalige projecten

de omgeving en de mensen rondom het project.

met langdurige besluit- en juridische trajecten te

Met de lokale omgeving als mede-eigenaar en dus

maken. Eén van de belangrijkste oorzaken hiervan

mede-ontwikkelaar, worden de beste voorwaarden

zijn de bezwaren van direct omwonenden of indi-

geschapen voor een gelijkwaardige en open

rect betrokkenen. Veelal gaan die over aange-

samenwerking met andere partijen. Tot nu toe

zicht en geluid. Projecten daarentegen waarbij

ontbreekt het echter nog aan een goed instrument

direct omwonenden nauw betrokken zijn of waarbij

om dit streven wettelijk te verankeren in gemeente-

sprake is van lokaal eigendom, kennen een hogere

lijke vergunningverlening…

2

De maatschappelijke tender

De passage over 50% lokaal eigendom in het Klimaatakkoord Om de projecten voor de bouw en exploitatie van hernieuwbaar op land in de energietransitie te laten slagen, gaan in gebieden met mogelijkheden en ambities voor hernieuwbare opwekking, partijen gelijkwaardig samenwerken in de ontwikkeling, bouw en exploitatie. Dit vertaalt zich in evenwichtige eigendomsverdeling in een gebied waarbij gestreefd wordt naar 50% eigendom van de productie van de lokale omgeving (bewoners en bedrijven). Investeren in een zon – en/of windproject is ondernemerschap. Dat vergt ook mee-investeren en risico lopen. Het streven voor de eigendomsverhouding is een algemeen streven voor 2030. Er is lokaal ruimte om hier vanwege lokale project-gerelateerde redenen van af te wijken. Hierbij wordt ook in acht genomen de bijzondere positie van de waterschappen, die zowel lokale ontwikkelaar zijn als decentrale overheid met een verduurzamingsopgave van hun eigen bedrijfsprocessen.

3

De maatschappelijke tender

Maatschappelijke tender als meest kansrijke route Het Gelders Energieakkoord (GEA), Energie Samen Gelderland (ESG) en Klimaatverbond Nederland hebben zich met steun van het programma DuurzaamDoor van RvO en in nauwe afstemming met de provincie Gelderland, het Nationaal Programma Regionale ­Energiestrategie (NPRES) en de hulp van ambtenaren, coöperanten en andere deskundigen, gebogen over de vraag hoe het beoogde lokale eigenaarschap van minimaal 50% op een juridisch bestendige wijze kan worden geborgd.

4

De maatschappelijke tender We volgen hier de definitie ‘eigendom van de lokale omge-

worden. Het gaat dus nadrukkelijk niet om eigendom van één

ving’ die in de Monitor Participatie Hernieuwbare Energie

of enkele lokale partijen waarbij de bredere omgeving niet of

die in opdracht van het ministerie EZK is ontwikkeld: mede-­

minder is betrokken. Denk aan een lokaal bedrijf, een water-

eigendom van een collectief samenwerkingsverband van

schap of één of meerdere agrariërs die zich hebben verenigd

bewoners, lokale ondernemers, agrariërs of andere lokale

om een zon- of windpark te ontwikkelen zonder dat iedereen

partners in de omgeving van het project.

uit de omgeving hierin kan deelnemen.

Het gaat daarbij om eigendom van meerdere omwonenden

In de planologische uitdaging zijn er drie hoofdlijnen te

en bedrijven uit de omgeving van de projectlocatie.

onderscheiden. Er is de ‘klassieke lijn’ van toelatingsplanologie waarbij de gemeente vergunningen toetst aan een

Dit is ook de basis van de afspraken van de partners in het

beleidskader en de wet Ruimtelijke Ordening. Daarnaast

Interbestuurlijk Programma (VNG, IPO, UvW, BZK en EZK) met

bestaat een toekomstgerichte lijn die gebruik maakt van een

Energie Samen, Natuur- en Milieufederaties, de koepel van

‘maatschappelijke tender’. De gemeente neemt hier actief

windontwikkelaars NWEA, de koepel van zonontwikkelaars

regie door partijen uit te nodigen en langs een methodische

Holland Solar en de organisatie van ondernemers in duur-

wijze te selecteren in het proces van vergunningverlening. Die

zame energie, de NVDE. Uitgangspunt is dat iedereen uit de

werkwijze volgt de lijn van ‘uitnodigingsplanologie’. Tenslotte

lokale omgeving mee moet kunnen doen in het project. Met

ís er nog een derde lijn. De gemeente gaat zelf duurzame

andere woorden: het gaat erom dat de lokale omgeving de

energie projecten ontwikkelen.

kans krijgt mee te kunnen investeren en mede-eigenaar te

5

­

De maatschappelijke tender •

In de toelatingsplanologie geeft een sterk beleidskader

pelijke eisen goed te borgen in het proces. Dat maakt de

houvast. In dat kader staan de uitgangspunten t.a.v.

maatschappelijke tender een zeer interessant instrument

minimaal 50% financiële participatie en zeggenschap,

om ‘lokaal eigendom’ te bereiken.

een omgevingsfonds en gesocialiseerd grondbeleid.

•

De laatste optie, dat de gemeente zélf ontwikkelt, biedt

Afspraken hieromtrent moeten worden vastgelegd in een

ruim mogelijkheden om ook de lokale omgeving mede-­

privaatrechtelijke overeenkomst tussen ontwikkelaar en

eigenaar te laten worden.

grondeigenaar. Het gemeentebestuur zal bij de ontwik-

•

kelende partijen en in de behandeling van een eventuele

In deze handreiking staat een toelichting op de maatschap-

wijziging van een bestemmingsplan in de gemeente-

pelijke tender. Een werkwijze die uit de analyse van Energie

raad, zich sterk moeten maken voor de bepalingen uit de

Samen Gelderland, Klimaatverbond Nederland en het GEA

beleidsvisie.

en in de consultatie met partners uit het veld als kansrijk

De maatschappelijke tender biedt als instrument binnen

is geïdentificeerd. Daarbij is het goed te beseffen dat een

de uitnodigingsplanologie een goede mogelijkheid om

ontwikkelaar die in dit open proces verliest, op grond van

de marktpartijen (inclusief lokale partijen) tot een optimaal de elektriciteitswet alsnog een mogelijkheid heeft om via de bod te laten komen. Ook dán is een stevig beleidskader

provincie een inpassingsplan te krijgen. Een ontwikkelaar zet

essentieel. Anders dan in toelatingsplanologie neemt de

zichzelf dan echter buiten de lokaal vormgegeven procedure

gemeente hier het voortouw in het uitnodigen van partijen en negeert het lokaal draagvlak. Het is daarom goed als ook voor de opwekking van duurzame energie. Belangrijk is

de provincie het lokaal eigendom in haar beleidskader veran-

dat hierbij de juiste processtappen, van marktconsultatie

kert en de maatschappelijke tender als valide proces steunt.

tot gunning, ook doorlopen worden. Dan zijn maatschap-

6

De maatschappelijke tender

De maatschappelijke tender: een uitwerking In de ‘Oplegger & factsheet Bevoegdheden overheden bij procesparticipatie en financiële participatie’ van het NPRES staat een korte beschrijving van de maatschappelijke tender. In de praktijk kan de constructie van een maatschappelijke tender gebruikt worden om proces- en financiële participatie van omwonenden in een project voor hernieuwbare energie te stimuleren. In de kern komt deze systematiek erop neer dat potentiële projecten punten kunnen scoren voor de wijze waarop de initiatief­ nemers eigenaarschap vormgeven.

7

De maatschappelijke tender Initiatieven met het hoogste aantal punten komen in

ontwikkelaars zullen beseffen dat de maatschappelijke

aanmerking voor planologische medewerking. In een

eisen zwaar wegen en juridisch goed zijn onderbouwd.

maatschappelijke tender kunnen ook punten worden

Ze kunnen zich daaraan conformeren of terugtrekken. Zo

gescoord voor de mate waarin de initiatiefnemer zich zal

blijven alleen aanbiedingen over die voldoen aan zowel de

inspannen om omwonenden te informeren en draagvlak te

maatschappelijke als ruimtelijke wensen.

creëren of te vergroten. Het is zaak om specifiek aan te geven welke inspanningen op het gebied van participatie, financiële participatie en zeggenschap worden verlangd. Potentiële gegadigden moeten gelijke kansen krijgen (denk aan het gelijkheids- en rechtszekerheidsbeginsel). In een transparant proces van vergunningverlening - met een helder ruimtelijk en maatschappelijk kader - ontstaat de mogelijkheid dat meerdere potentiële ontwikkelaars door een eerste selectie komen. Stel dat vijf ontwikkelaars concurreren om één vergunning. Dan is er sprake van ‘schaarste’ en kan de gemeente in een tweede ronde de selectie (de tender) uitvoeren op basis van maatschappelijke criteria, zoals financieel eigendom en zeggenschap. Potentiële

8

De maatschappelijke tender In opdracht van het Programma Sociale Innovatie van

1 CONCEPT UITGANGSPUNTENNOTITIE

de Provincie Brabant en Enpuls schreef Mr. Jan Albert Timmerman van Renewab LAW B.V. een notitie waarin een

2 MARKTCONSULTATIE

voorkeursroute is uitgewerkt. Deze route lijkt een zeer interessante optie voor gemeenten om concrete randvoorwaarden

3 VOORBEREIDEN OVEREENKOMST

voor bijvoorbeeld eigenaarschap, zeggenschap, omgevingsfonds en gesocialiseerd grondbeleid juridisch stevig

4 DEFINITIEF BESLUIT UITGANGSPUNTENNOTITIE

te borgen voordat de gemeente overgaat tot vergunning­ verlening. Timmermans variant kent de volgende logische stappen, die hieronder verder uitgewerkt zijn:

5 SELECTIE VANUIT RUIMTELIJK KADER 6 SELECTIE VANUIT MAATSCHAPPELIJK KADER 7 GUNNING

9

De maatschappelijke tender Stap 1. De concept-uitgangspuntennotitie De gemeente stelt in overleg met de meest betrokken en

1. De gemeente maakt transparant en (ruimtelijk) inzichte-

relevante partijen uit de samenleving een concept uitgangs-

lijk hoe zij in de komende jaren wind- en zonneparken in

puntennotitie op voor ‘hernieuwbare energie op land’. Voor-

stappen (getrancheerd) in de gemeente wil ontwikkelen.

beelden van dergelijke notities zijn er legio. In de uitgangs-

Ze maakt ook inzichtelijk hoe ze omgaat met de situatie als

punten komen zoveel mogelijk relevante zaken aan de orde

meerdere partijen door het proces van vergunningverle-

op het vlak van ruimtelijk én maatschappelijk beleid. De

ning gaan. Dan zou het kunnen dat er meerdere partijen

gemeente geeft zo exact mogelijk aan wat de eisen inhouden

de ontwikkeling van een zon- of windpark vergund willen

en langs welke processtappen selectie plaatsvindt:

krijgen. Er ontstaat dan 'schaarste' in de uit te geven vergunningen. De gemeente geeft aan dat zij in dat geval gerechtigd is om te selecteren op criteria die zich niet beperken tot de Wet ruimtelijke ordening. Anders geformuleerd: dan mag de overheid als bevoegd gezag ook selecteren op zaken als financiële participatie, een omgevingsfonds en/of gesocialiseerd grondbeleid.

10

De maatschappelijke tender 2. De gemeente geeft aan dat voor elke tranche (bijvoorbeeld een gebied en/of een eerste kwantitatieve opgave

•

Ecologie/biodiversiteit

van de realisatie van zonne- en/of windparken in de tijd)

•

Meervoudig ruimtegebruik (‘koppelkansen’)

een selectie wordt gemaakt van ontwikkelaars met een

•

Landschappelijke inpassing (bijv. in nabijheid kernen/binnen zoekgebied)

locatie binnen die tranche op basis van a.) de kwaliteiten van de ontwikkelaar zelf (of het consortium waarbinnen ze

•

einde exploitatie)

opereren) en b.) een plan van aanpak waarin minimaal de volgende elementen een plek hebben:

Verwijdering van het wind- of zonnepark (na

•

Financiële afdrachten in het kader van goede ruimtelijke ordening

•

Maatschappelijke meerwaarde

•

Procesparticipatie

•

Gebruik van net-infrastructuur tegen laagste maatschappelijk kosten

11

•

Maatschappelijk draagvlak

•

Financiële participatie

De maatschappelijke tender Procesparticipatie kan verplicht worden opgelegd vanuit de Omgevingswet, maar het resultaat van zo’n proces is ongewis. De laatste drie elementen zijn lastig ‘ruimtelijk relevant’ te noemen en kunnen niet als resultaatverplichting terugkomen, omdat de wetgeving zich zuiver richt op zaken die direct ruimtelijk van belang zijn. Voor de andere elementen lijkt het wel mogelijk die als resultaatverplichting op te nemen, omdat ze een duidelijke ruimtelijke component hebben.

12

De maatschappelijke tender Stap 2. De marktconsultatie Een voorafgaande marktconsultatie op basis van de vertrek­ punten kan zinvol zijn. Zo kom je tot vergunningverlening en oplossingen die ook door de markt zelf worden gedragen. Zowel ontwikkelaars, grondeigenaren als burger-/ ondernemersinitiatieven kunnen zinvolle gesprekspartners zijn op wat wenselijk en haalbaar is. De conceptuitgangspuntennotitie kan hen worden voorgelegd om op te reageren. Dat kan prima samengaan of worden opgevolgd door informatieavonden waarbij partijen elkaar kunnen vinden. Zowel met de direct omwonenden, de meer formele vertegenwoordiging van een beoogd lokale eigenaar en ontwikkelaars met grondposities binnen de gemeente. Maar grondeigenaren die nog niet met een ontwikkelaar samenwerken horen tot de doelgroep. Allianties kunnen ontstaan. Op het moment dat de gemeente een beter zicht

13

heeft op partijen en belangen, kan zij vervolgens eisen stellen aan initiatieven en kan zij beleid formuleren op basis van de ontwikkelstrategie. Dit is wat je kunt noemen een vorm van ‘uitnodigingsplanologie’.

De maatschappelijke tender Stap 3. Voorbereiding Overeenkomst De consultatie vooraf geeft informatie of – en welke – overeenkomst mogelijk is. Met een dergelijke intentieovereenkomst kan een gemeente alle partijen - ruim voordat publiekrechtelijke ruimte wordt vergeven - bewegen om de uitgangspunten te onderschrijven. Deze greendeal helpt om later privaatrechtelijk af te dwingen wat niet kan langs het publiek­rechtelijke spoor. In een voorbeeld: een gemeente mag wellicht niet 50% lokaal eigendom of een omgevingsfonds als voorwaarde verbinden in haar vergunningverlening (de Wet ruimtelijke ordening staat dat publiekrechtelijk niet toe), maar de gemeente kan dit percentage wel privaatrechtelijk afdwingen bij de ondertekenaars van een ‘overeenkomst’ waar dezelfde voorwaarde in staat.

14

De maatschappelijke tender Stap 4. Definitief besluiten over de uitgangspuntennotitie De gemeenteraad neemt kennis van de marktconsultatie en besluit definitief over de uitgangspuntennotitie. Daarna kan de feitelijke procedure starten. Het finale gemeentelijk beleid ‘Hernieuwbare Energie op Land’ is dan vastgesteld.

Stap 5. Selectie op basis van ruimtelijke criteria Zoals aangegeven in de uitgangspuntennotitie maakt de gemeente gebruik van de mogelijkheid om potentiële ontwikkelaars uit te nodigen een plan van aanpak uit te werken waarin de genoemde elementen van de uitgangspunten­ notitie in detail terugkomen. Het gaat hierbij om een formeel principeverzoek dat kan leiden tot een vergunning. Op basis hiervan selecteert de gemeente de partijen die, op basis van ruimtelijk relevante voorwaarden, in aanmerking komen voor een eventuele vergunning.

15

De maatschappelijke tender Stap 6. Selectie op maatschappelijke criteria Het resultaat van dit proces kan zijn dat meerdere ontwikkelaars (of consortia) op basis van ruimtelijke criteria in aanmerking komen voor de ontwikkeling van zonnevelden en/of windenergie in de tranche die de gemeente heeft opengesteld. Op dat moment is in juridisch termen sprake van ‘schaarste’ en kan de gemeente aanvullende, maatschappelijke, criteria gebruiken (volgens een transparante weging – via een puntensysteem) om de partij (of het consortium) uit te nodigen het definitieve gunningsproces in te gaan en af te ronden. We moeten daarbij in ogenschouw nemen dat een tegenvallend resultaat op maatschappelijk rendement geen juridische reden kan zijn om de vergunning niet te verstrekken. Het selectieproces is echter zo stevig geweest dat de beste mogelijke garanties zijn verkregen op een resultaat dat recht doet aan de uitgangspuntennotitie en een onder­tekende greendeal.

16

Bijlage 1 de gemeente Staphorst als voorbeeld

De maatschappelijke tender Bijlage

De maatschappelijke tender biedt als werkwijze waarschijnlijk de beste zekerheid voor het borgen van het maatschappelijk belang dat via de Wet ruimtelijke ordening zo lastig te borgen is. Ze sluit ook goed aan bij de nieuwe kaders van de Omgevingswet waarin maatschappelijke participatie en uitnodigingsplanologie als het ware ingebakken is. Maar als instrument alleen is ze niet voldoende om financiële participatie, een omgevingsfonds en gesocialiseerd grondbeleid zeker te stellen. Daarvoor zijn de uitgangpuntennotitie en het proces van marktconsultatie bepalend. Ook lokale partijen zoals energie-coöperaties, hebben ‘huiswerk’ te doen.

Casus gemeente Staphorst: ‘de uitgangspunten sturen het resultaat’ De gemeente Staphorst nodigde partijen uit met de volgende brief:

18

De maatschappelijke tender Bijlage

“De gemeente is op zoek naar partijen die interesse hebben in het realiseren van windturbines. Partijen hebben tot en met 22 april 2018 de kans om initiatieven in te dienen. Vooraf worden initiatiefnemers verzocht deel te nemen aan een pré-toetsing. Om geïnteresseerde partijen te informeren over de procedure, organiseert de gemeente een informatieavond op donderdag 8 februari 2018. Om 19.30 uur start de informatieavond in de patio van het gemeentehuis. Geïnteresseerde partijen ontvangen informatie over het concept-verzoek, de pré-toetsing en het inleveren van het uiteindelijke initiatief. De gemeente geeft ook een toelichting op de beoordelingscriteria van de initiatieven. Daarbij gaat het om de locatie, de financiële participatie en het participatieproces. Tot slot hebben geïnteresseerden deze avond de kans om contact met elkaar te zoeken. Een van de voorwaarden voor een initiatief is dat initiatiefnemers in kaart brengen of in hetzelfde zoekgebied of de omgeving daarvan meerder initiatieven zijn. Dit om grondspeculatie te voorkomen. Voor de avond is geen aanmelding nodig. Iedereen is welkom. Deze avond legt de gemeente enkel het proces uit voor geïnteresseerden om te komen tot een kansrijk initiatief. Andere onderwerpen met betrekking tot windenergie komen niet aan de orde.”

In de toelichting stelt de gemeente: “De gemeente Staphorst wil planologische medewerking verlenen aan projectinitiatieven voor 12 MW aan windenergie, die voldoen aan opgestelde criteria. Dat besluit heeft de gemeenteraad van Staphorst dinsdag 9 januari genomen. Op basis van de criteria wordt het project geselecteerd, waarvoor dan het bestemmingsplan wordt gewijzigd. De belangrijkste criteria gaan over de coöperatieve aanpak van het plan en het betrekken van de omgeving. Daarnaast speelt ook het terugvloeien van de opbrengsten naar de gemeenschap een belangrijke rol.”

19

De maatschappelijke tender Bijlage

Zo simpel en helder kan het zijn. Het is misschien een eenvoudige vorm van een marktconsultatie en zal onderdeel zijn van een breder proces. Maar geïnteresseerde partijen zijn van tevoren goed geïnformeerd over de gestelde kaders en kunnen het avontuur aan gaan. In de beschreven aanpak kunnen potentiële ontwikkelaars uiteraard proberen in concurrentie in te gaan op de uitnodiging. De gemeente zal dan op basis van de Wet ruimtelijke ordening een voorselectie maken. En uit die gegadigden is de gemeente gerechtigd een selectie te maken op basis van de hier helder beschreven (en in een beleidskader uitgewerkte) criteria. De coöperatieve aanpak, financieel aandeel en omgevingsfonds geven een duidelijk voordeel in die laatste selectie. In die wetenschap zullen partijen in het proces vóór formele indiening van plannen elkaar opzoeken en onderhandelingen starten. Dat leidde in Staphorst inderdaad tot het gewenste resultaat. Een aantal maanden later deelde de gemeente Staphorst mee:

20

De maatschappelijke tender Bijlage

“Het college van B&W gaat medewerking verlenen aan het initiatief van ' Wij Duurzaam Staphorst' voor de realisatie van 12 MW aan windenergie. Wethouder Jaspers Faijer: ‘Dit initiatief scoorde op de criteria de meeste punten en krijgt daarmee het vertrouwen van het college van B&W.’ De provincie Overijssel heeft in het kader van het energieakkoord een landelijke taakstelling om vóór 2021 85,5 Megawatt windenergie op land te realiseren. 12 MW daarvan (ongeveer 3 tot 4 windmolens) dient in de gemeente Staphorst te worden gerealiseerd voor 2021. De gemeente ging daarom op zoek naar partijen die interesse hadden in het realiseren van de windturbines. Initiatiefnemers konden tot 23 april een plan indienen. Vijf plannen werden ingediend. De plannen werden beoordeeld door een onafhankelijke beoordelingscommissie. Zij keken naar drie onderdelen: ruimtelijke & landschappelijke aspecten, participatie onderdeel financiën en participatie onderdeel proces. De beoordelingscommissie kwam vervolgens met een advies voor het college van B&W. Het college stemde in met het advies van de beoordelingscommissie waarin ' Wij Duurzaam Staphorst' als beste initiatief naar voren kwam. Het plan van ‘Wij Duurzaam Staphorst’ is volgens de beoordelingscommissie ‘nagenoeg 100% coöperatief. Dat geldt voor de bouw, de omgang met grondeigenaren en de exploitatie.

De inkomsten vloeien vervolgens terug naar de gemeenschap.’ De coöperatie heeft, bij het bepalen van de locatie van de turbines, nog de nodige ruimte. Wethouder Jaspers Faijer: "Mooi om te zien dat de opgave om 12 MW te realiseren lokaal opgepakt wordt vanuit de gedachte ‘als het dan toch moet, dan doen we het zelf ’. Wij kijken positief naar het verdere vervolg van de planvorming.”

21

De maatschappelijke tender Bijlage

Op 24 september 2019 ging de gemeenteraad van Stap-

Windpark Bovenwind bestaat uit drie molens en komt op de

horst akkoord en kon de verdere ontwikkeling in gang gezet

locatie tussen de J.J. Gorterlaan en de Bovenweg. Het was de

worden. 23 december 2020 deed de Raad van State een

bedoeling dat de windmolens in 2021 zouden draaien. Dit

uitspraak over bezwaren die vanuit de omgeving werden

wordt in de huidige planning 2022. De rechtsgang zorgde

ingediend. In het buitengebied van Staphorst mogen drie

voor vertraging.

windmolens met een maximale hoogte van 212 meter gerealiseerd worden. Omwonenden en bedrijven hadden bezwaar

Positie coöperatie cruciaal

gemaakt bij de Raad van State, maar die oordeelt dat de

�Wij Duurzaam Staphorst‘ heeft zich terdege voorbereid op

omgevingsvergunning die gemeente verleende terecht is

deze tender. Zoals de coöperatie in haar Windplan �Samen

afgegeven.

voor de Wind‘ uitlegt:

Wel moet het college van Staphorst een voorschrift aan de vergunning toevoegen dat de geluidbelasting op de gevel van gevoelige gebouwen wordt beperkt en dat er kan worden opgetreden als dit niet gebeurt. Binnen tien weken moet dit gebeuren. Het is slechts een formaliteit: nadat dit is gebeurd, is alles akkoord.

22

De maatschappelijke tender Bijlage

“De coöperatie is jong maar de deelnemers van de coöperatie zijn ervaren. Ervaren in de realisatie van complexe projecten, multidisciplinair samengesteld (proces, financieel, ondernemend) en gedreven. Vanuit de wens om het project niet alleen voor maar ook door Staphorst te realiseren is ook samenwerking opgezocht met andere organisaties in de gemeente die een belangrijke plek in de maatschappij hebben, de visie van de coöperatie onderschrijven en in de eigen ambities duurzaam willen zijn. ‘Wij Duurzaam Staphorst’ wil een sleutelspeler zijn binnen de eigen gemeente om daarmee een positie in te nemen bij het stimuleren van lokale en duurzame initiatieven. De coöperatie is in gesprek geraakt met het Waterschap Drents Overijsselse Delta. De coöperatie en het waterschap hebben na de informatieavond van de gemeente op 8 februari 2018 met elkaar vastgesteld samen te willen werken voor een gezamenlijk windplan. Dit is vastgelegd in een intentieovereenkomst. Beide organisaties hebben ambities ten aanzien van duurzame energie, voelen zich betrokken bij de lokale bevolking, hebben elkaar gevonden in een effectieve en efficiënte samenwerking en zijn bereid elkaars expertise te delen. De samenwerking heeft onder meer deskundigen van energieadviesbureau Pondera Consult en landschapsbureau Veenenbosch & Bosch ingeschakeld voor ondersteuning bij het opstellen van het plan.

Op deze wijze is een plan vanuit een lokaal initiatief opgesteld waardoor met windenergie in Staphorst een proces in gang gezet wordt gericht op coöperatieve ontwikkeling van de energietransitie, op een professionele wijze die tevens een waarborg is voor tijdige realisatie. Het algemeen bestuur van het waterschap heeft in januari 2017 als doel gesteld om te streven naar energieneutraal in 2025.

23

De maatschappelijke tender Bijlage

Dat houdt grofweg in dat het waterschap evenveel elektriciteit opwekt als dat het verbruikt. Een belangrijke randvoorwaarde daarbij is om dit te realiseren in nauwe verbinding met de omgeving en met geschikte partners. De duurzaamheidsdoelstelling van het waterschap is in lijn met de 100% coöperatieve gedachte voor Staphorst. Wanneer de gemeente Staphorst dit initiatief honoreert en laat uitwerken, zullen de coöperatie en het waterschap de samenwerking voor het vervolg van het project in een samenwerkingsovereenkomst vastleggen: Samen voor de wind.”

Dit aanbod, op uitnodiging van de gemeente en passend in

Naar een gelijk speelveld

het provinciale kader, heeft dus tot succes geleid. Ze is tot

Naast de juiste juridische stappen en degelijk uitgewerkte

stand gekomen op basis van een gedurfde en professionele

en democratisch gesteunde uitgangspunten is het proces

inzet waarbij sterke partners (o.a. het Waterschap) betrokken

van samenwerking van groot belang. Daarin is het in veel

zijn. Achter de coulissen van een dergelijk project bereiden

gevallen het speelveld bij aanvang niet gelijk. Grote ontwikke-

overheid en maatschappelijk initiatief zich dus degelijk voor.

laars en investeerders hebben in veel gevallen een heel aantal

Ook met steun van ervaren adviesbureaus.

projecten onderhanden, kunnen risico’s spreiden en ervaren experts invliegen. Vaak hebben ze, bijvoorbeeld in zoekgebieden voor zon- en windenergie al afspraken met grondeigenaren. Ze hebben, zoals we dat noemen, al stevige 'posities’ ingenomen. In een rapportage voor de regio Hart van Brabant beschrijft de Rebel-groep daarom de drie belangrijkste uitdagingen:

24

De maatschappelijke tender Bijlage

“Om als energiecoöperatie vanaf de start van de ontwikkelfase gelijkwaardig samen te werken met andere partijen, dienen de volgende uitdagingen te worden geadresseerd: 1. Inbreng van kennis & competenties vanuit de coöperatie gegeven de rol die zij in het project willen/kunnen spelen en continuïteit hierin; 2. Voldoende kapitaal om de ontwikkelfase te doorlopen. Hier wordt het bouwrecht verkregen, waarmee binnen het project de meeste waarde wordt toegevoegd. Deze waardesprong wordt geborgd door voldoende kapitaal beschikbaar te hebben; 3. Voldoende kapitaal bij financial close om aansprakelijk vermogen in project in te brengen. In de praktijk zal het ook zo zijn dat er initiatiefnemers zijn die al een bestaande grondpositie hebben en een project al aan het ontwikkelen zijn. Ook in deze projecten dient de gemeente zich in te spannen de 50% lokaal eigendom te borgen. Wanneer vanuit de initiatiefnemers wordt aangeboden dat energiecoöperaties kunnen bijdragen is het onverminderd van belang om bovenstaande op orde te hebben. Dit zorgt ervoor dat een energiecoöperatie vanuit de toegevoegde waarde die ze voor het project heeft gesprekspartner wordt, vanuit een positie waarin dit geloofwaardig kan worden neergezet.”

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zevenaar&id=b7aec4ec-a96d-4270-a12f-d1338468845c