1173127 Bijlage 2. Toelichting Bestemmingsplan Rhederlaag
Tekst van het document
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld
Bestemmingsplan Rhederlaag
Plannaam:
Bestemmingsplan Rhederlaag
IMRO-code:
NL.IMRO.0299.BP00RHEDERLAAG-VA01
Plantype:
Bestemmingsplan
Datum:
November 2022
Status:
Vastgesteld
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
1
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld
Inhoudsopgave HOOFDSTUK 1 INLEIDING ................................................................................... 4 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6
AANLEIDING ............................................................................................................................................... 4 DOEL ......................................................................................................................................................... 6 LIGGING VAN HET PLANGEBIED ....................................................................................................................... 6 DE BIJ HET PLAN BEHORENDE STUKKEN ............................................................................................................. 7 GELDEND PLANOLOGISCH REGIME ................................................................................................................... 7 LEESWIJZER ................................................................................................................................................ 8
HOOFDSTUK 2 HUIDIGE SITUATIE PLANGEBIED EN OMGEVING ...................................... 9 HOOFDSTUK 3 GEWENSTE SITUATIE .................................................................... 11 3.1 3.2 3.3
INLEIDING................................................................................................................................................. 11 ONTWIKKELINGEN...................................................................................................................................... 11 VERKEER EN PARKEREN ............................................................................................................................... 16
HOOFDSTUK 4 BELEIDSKADER ........................................................................... 18 4.1 4.2 4.3
RIJKSBELEID .............................................................................................................................................. 18 PROVINCIAAL BELEID .................................................................................................................................. 21 GEMEENTELIJK BELEID................................................................................................................................. 24
HOOFDSTUK 5 MILIEU- EN OMGEVINGSASPECTEN .................................................. 28 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8
GELUID .................................................................................................................................................... 28 BODEMKWALITEIT ...................................................................................................................................... 28 LUCHTKWALITEIT ....................................................................................................................................... 30 EXTERNE VEILIGHEID ................................................................................................................................... 31 MILIEUZONERING ...................................................................................................................................... 33 ECOLOGIE................................................................................................................................................. 35 ARCHEOLOGIE & CULTUURHISTORIE .............................................................................................................. 41 BESLUIT MILIEUEFFECTRAPPORTAGE .............................................................................................................. 44
HOOFDSTUK 6 WATERASPECTEN........................................................................ 46 6.1 6.2
VIGEREND BELEID....................................................................................................................................... 46 WATERPARAGRAAF .................................................................................................................................... 47
HOOFDSTUK 7 JURIDISCHE ASPECTEN EN PLANVERANTWOORDING .............................. 48 7.1 7.2 7.3
INLEIDING................................................................................................................................................. 48 OPZET VAN DE REGELS ................................................................................................................................ 48 VERANTWOORDING VAN DE REGELS............................................................................................................... 50
HOOFDSTUK 8 ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID .................................................. 56 HOOFDSTUK 9 VOOROVERLEG, INSPRAAK EN ZIENSWIJZEN ....................................... 57 9.1 9.2 9.3
VOOROVERLEG .......................................................................................................................................... 57 INSPRAAK ................................................................................................................................................ 57 ZIENSWIJZEN EN INLOOPBIJEENKOMST ........................................................................................................... 57
BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING ............................................................................... 59 BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
2
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld BIJLAGE 1 BIJLAGE 2 BIJLAGE 3 BIJLAGE 4 BIJLAGE 5 BIJLAGE 6 BIJLAGE 7 BIJLAGE 8 BIJLAGE 9 BIJLAGE 10 BIJLAGE 11 BIJLAGE 12
ORIËNTEREND EN NADER BODEMONDERZOEK EN ASBEST IN DE GROND ONDERZOEK ........................................ 59 INDICATIEF WATERBODEM- EN ASBEST ONDERZOEK .................................................................................. 59 LUCHTKWALITEITSONDERZOEK .............................................................................................................. 59 AKOESTISCH ONDERZOEK ..................................................................................................................... 59 TRILLINGEN ONDERZOEK ...................................................................................................................... 59 ACTUALISATIE VERKENNEND NATUURONDERZOEK..................................................................................... 59 STIKSTOFDEPOSITIE ONDERZOEK 2021 ................................................................................................... 59 GEACTUALISEERDE STIKSTOFBEREKENING JANUARI 2022 ........................................................................... 59 NATUURONDERZOEK BESCHOUWING GELDERS NATUURNETWERK ............................................................... 59 AANMELDNOTITIE VORMVRIJE M.E.R.-BEOORDELING ................................................................................
59 M.E.R-BEOORDELINGSBESLUIT ............................................................................................................. 59 ZIENSWIJZENNOTA ............................................................................................................................. 59
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
3
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld
HOOFDSTUK 1 1.1
INLEIDING
Aanleiding
Het Rhederlaag is een 600 hectare groot watersport- en recreatiegebied aan de voet van de Veluwe. Het gebied bestaat voor circa 360 hectare uit water en voor 50 ha natuurgebied. Dit grootste watersportgebied van Oost-Nederland, gelegen in de uiterwaarden van de IJssel, bestaat uit een aantal met elkaar verbonden plassen van verschillende grootte, de Valeplas, Giese plas en Lathumse plas. Ingebed in een aantrekkelijk groen landschap met een veelheid aan functies vormt dit een bijzonder gebied. Dit recreatiegebied is mede met overheidssteun ontwikkeld en had als doelstelling het realiseren van een openbaar toegankelijk recreatiegebied. Intentie bij de ontwikkeling was de bestaande recreatieve druk op de Veluwe op deze wijze te verminderen. In de loop der tijd is het over gegaan van deels publiek naar volledig privaat eigendom, waarbij de belangrijkste intentie is blijven staan; een aantrekkelijk toekomstbestendig recreatiegebied. De grond en het water op en rond het Rhederlaag zijn in handen en/of in gebruik van een groot aantal partijen: agrariërs, ondernemers (waaronder Leisurelands), private personen (waaronder inwoners op Riverparc), Natuurmonumenten en Rijkswaterstaat. Daarmee is een groot aantal partijen betrokken bij een verdere ontwikkeling van het Rhederlaag. 1.1.1
Beheersverordening Ruimte voor de Rivier 2016
Op 25 januari 2017 heeft de gemeenteraad van Zevenaar de beheersverordening Ruimte voor de Rivier 2016 vastgesteld. Bij de vaststelling van de beheersverordening Ruimte voor de Rivier heeft de gemeenteraad via een motie het college opgedragen om een nieuwe bestemmingsplanprocedure te starten voor het gebied Rhederlaag in het kader van Ruimte voor de Rivier met de inzet voor uiteindelijke beëindiging van de commerciële zandwinning in de Rhederlaag. 1.1.2
Notitie van uitgangspunten Integraal Gebiedsoverleg Rhederlaag
Aan de gemeenteraad is vervolgens in oktober 2017 een notitie van uitgangspunten voorgelegd die is opgesteld door het Integraal Gebiedsoverleg Rhederlaag (IGOR). Het IGOR is een gebiedsorganisatie die tot stand gekomen is om de belangen van de partijen op en rond het Rhederlaag te vertegenwoordigen: inwoners (belangenvertegenwoordigers van Lathum, IOWV, Werkgroep Rhederlaag), lokale ondernemers, verenigingen (Waterscouting Abel Tasman, WSV Giesbeek, Watersportverbond) en belangenorganisaties (Natuurmonumenten) verenigd zijn. Ook K3Delta en Leisurelands hebben zich bij het IGOR aangesloten. Het IGOR zet zich in voor een evenwichtige en duurzame ontwikkeling en beheer van het Rhederlaag op de lange termijn, waar intensieve en extensieve recreatie met behoud van landschappelijke en cultuurhistorische identiteit invulling zullen krijgen; speerpunten hierin zijn veilig en beheersbaar. De notitie van uitgangspunten is een startdocument van het IGOR: hierin legt zij haar uitgangspunten vast: het geografisch en landschappelijk fundament (gezamenlijk het DNA van het gebied), de inhoudelijke en procesmatige afspraken. Ook het vigerend beleid is hierin opgenomen. Zo vormt deze notitie een belangrijke bouwsteen voor het nieuwe bestemmingsplan én ook voor een nog op te stellen toekomstvisie voor nieuwe ontwikkelingen in het gebied.
De uitgangspunten van het IGOR zijn, samen met korte termijn ontwikkelingen en lange termijn wensen in vijf punten te verdelen: Duurzaam, veilig en beheersbaar Een duurzaam, veilig en beheersbaar Rhederlaag waarin bij alle toekomstige ontwikkelingen een goede balans gevonden wordt tussen natuur-, landschappelijke, cultuurhistorische waarden en recreatieve ontwikkelingen. Bij alle ontwikkelingen blijft het DNA van het gebied behouden of wordt dit versterkt. De recreatieve ontwikkelingen dienen landschappelijk ingepast te worden, dragen bij aan een sterkere beleving en leiden tot een verdieping, verbreding en/of kwaliteitsverbetering van de vrijetijdseconomie. Ontzanding Er zal alleen nog commercieel ontzand worden bij de Veerstal en bij de Kop van Wentink tot een maximum van 1,1 miljoen m3 af te voeren zand rekening houdend met het toeristisch seizoen; de vergunningprocedures zullen in overleg met IGOR worden aangevraagd. BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
4
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld Behoud en vergroting bestaande hoeveelheid oeverlengtes Voor elke ontwikkeling geldt dat deze tenminste de bestaande hoeveelheid oeverlengtes dient te behouden en bij voorkeur dient te vergroten – al dan niet middels compensatie elders op het Rhederlaag. Verkeersveiligheid De veiligheid op de weg en op het water dient minimaal op het huidige niveau behouden en bij voorkeur vergroot te worden Beheer en onderhoud De beheersbaarheid van het Rhederlaag bestaat uit een goed onderhoud en beheer van het gebied. Er liggen kansen voor innovatieve beheervormen van het landschap; binnen het IGOR en met de overheden zullen deze verkend worden. Deels zijn deze afspraken vastgelegd in dit bestemmingsplan, samen met de concrete plannen die nu voorliggen voor uitbreidingen van recreatieterrein De Veerstal. Afspraken die niet in het bestemmingsplan kunnen worden opgenomen, worden in andere overeenkomsten of een toekomstvisie vastgelegd afhankelijk van het onderwerp. 1.1.3
Uitgangspunten voor het bestemmingsplan
Hieronder worden de uitgangspunten voor dit bestemmingsplan puntsgewijs benoemd. •
•
• • • • 1.1.4
Uitgangspunt is dat er alleen nog commercieel ontzand wordt bij de Veerstal en ten zuiden daarvan bij de Kop van Wentink tot een maximum van 1,1 miljoen m3 af te voeren zand (van de 60% van de 2,2 miljoen m3 zand is reeds een deel ontzand in bij de Giese Kop). Daarna vindt in het gehele Rhederlaag geen commerciële ontzanding meer plaats. Uitgangspunt is dat de plannen voor De Veerstal worden meegenomen. Hiervoor zijn ruimtelijke onderbouwingen aangeleverd om aan te tonen dat de plannen uitvoerbaar zijn en voldaan kan worden aan een goede ruimtelijke ordening. Uitgangspunt is dat uitvoering wordt gegeven aan de wettelijke kaders, zoals de Vogelrichtlijn, de verwerking van GNN/GO in het bestemmingsplan en het Beleid grote rivieren. Uitgangspunt is dat de bestaande (legale) situaties en verleende afwijkingsprocedures in het bestemmingsplan worden gerespecteerd respectievelijk worden opgenomen. Uitgangspunt is duidelijke invullingen geven aan bepaalde bestemmingen welke onderwerp zijn geweest van discussie; De bebouwing aan Koppenwaard 1 (woning met bijgebouw) wordt bestemd voor twee woningen; Richtingen en wensen die buiten het bestemmingsplan wordt vastgelegd
Richtingen/wensen die kunnen worden vastgelegd in andere afspraken/ overeenkomsten/ visies • •
•
• •
Behoud van toegankelijkheid van (aanleg)oevers en strand. Voor elke ontwikkeling geldt dat deze tenminste de bestaande hoeveelheid oeverlengtes dient te behouden en bij voorkeur dient te vergroten (al dan niet middels compensatie elders op het Rhederlaag). De veiligheid op de weg en op het water in het Rhederlaag is van groot belang. Speciale aandacht voor de invaart op de Valeplas i.v.m. gezamenlijk gebruik door de beroepsvaart en de recreatieve vaart. Ook de verkeerssituatie op de Marsweg vraagt aandacht. De beheersbaarheid van het Rhederlaag bestaat voor het IGOR uit een goed onderhoud en beheer van het gebied. Ook wensen als behoud van struin- en wandelroutes, behoud en verbeteren van visplekken, het versterken van de leefbaarheid van dorpen Lathum en Giesbeek en behoud & ontwikkeling van natuur, binnen de grotere ontwikkelingen en binnen Rivierklimaatpark worden benoemd.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
5
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld
1.2
Doel
Doel van het voorliggend bestemmingsplan is het planologisch vastleggen van de beëindiging van de ongelimiteerde zandwinmogelijkheid, het mogelijk maken van de uitbreiding van camping De Veerstal en de wijzigingen in het dagrecreatiegebied ten zuiden van de Veerstal en de waterlijn in de Valeplas op de Kop van Wentink. Dit bestemmingplan is waar nodig flexibel om zodoende ruimte en vrijheid te bieden aan toekomstige gebruikers. Tegelijkertijd bieden de kaders van het plan voldoende rechtszekerheid voor eigenaren, bewoners en andere belanghebbenden in het gebied. Naast een toetsingskader voor nieuwe ontwikkelingen vormt het bestemmingsplan ook een kader voor een aantal bestaande gebieden, waarbij het behoud en versterking van de bestaande ruimtelijke kwaliteit een belangrijk uitgangspunt vormt.
1.3
Ligging van het plangebied
Het Rhederlaag is gelegen ten zuidoosten van het Veluwemassief, in de provincie Gelderland. Het waterrijke gebied is gegraven in een bocht van de Gelderse IJssel. Het gebied is goed bereikbaar via de E35 / A12 van de Duitse grens naar West-Nederland en de N348. De afstand van Giesbeek tot knooppunt Waterberg (E35 – A50) bedraagt ca. 15 kilometer. Daarmee is het Rhederlaag over de weg zowel voor Nederlandse als Duitse bezoekers goed ontsloten. Ook vanuit Arnhem (155.000 inwoners) is het Rhederlaag goed bereikbaar. Het Rhederlaag is het eerste grote watersportgebied na de Duitse grens. Door de open verbinding met de IJssel is het Rhederlaag ook voor de watersport goed bereikbaar. In afbeelding 1 wordt de ligging van het plangebied in de omgeving weergegeven.
Afbeelding 1.1: Ligging plangebied in de omgeving (bron:PDOK)
Het plangebied heeft betrekking op het buitendijks gelegen gebied tussen de IJssel en de Bandijk aan de zijde van Lathum en Giesbeek. In dit bestemmingsplan worden de locaties “Riverparc” en “Giese Pan” niet opgenomen, omdat voor deze gebieden nog actuele bestemmingsplannen gelden. Met betrekking tot een
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
6
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld overnachtingshaven in de Valeplas voor de beroepsvaart wordt binnenkort een specifiek bestemmingsplan in procedure gebracht. In afbeelding 1.2 is het plangebied weergegeven op een luchtfoto met een rode contour.
Afbeelding 1.2: Luchtfoto met begrenzing plangebied (Bron: ArcGIS)
1.4
De bij het plan behorende stukken
Het bestemmingsplan “Rhederlaag” bestaat uit de volgende stukken: • •
verbeelding (tek.nr. “NL.IMRO.0299. BP00RHEDERLAAG-ON01”) en een renvooi; regels (met bijbehorende bijlagen).
Op de verbeelding zijn de bestemmingen van de in het plan begrepen gronden weergegeven. In de regels zijn bepalingen opgenomen om de uitgangspunten van het plan zeker te stellen. Het plan gaat vergezeld van een toelichting. De toelichting geeft een duidelijk beeld van het bestemmingsplan en van de daaraan ten grondslag liggende gedachten maar maakt geen deel uit van het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan.
1.5
Geldend planologisch regime
Voor het plangebied gelden op dit moment diverse bestemmingsplannen en een beheersverordening. Voor het overgrote deel is het plangebied gelijk aan het besluitgebied van de “Beheersverordening Ruimte voor de Rivier 2016”. Deze beheersverordening is op 25 januari 2017 vastgesteld. Voor de locatie van de voormalige steenfabriek geldt nog het bestemmingsplan ‘Ruimte voor de rivier’ dat door de gemeenteraad is vastgesteld op 6 juli 2005. Voor de locatie van het woonhuis aan de Watervogel 1 en het horecabedrijf aan Muggenwaard 7 geldt het uitwerkingsplan Riverparc (vastgesteld 20 december 1994). Verder gelden voor het plangebied het Paraplubestemmingsplan Parkeren gemeente Zevenaar (vastgesteld op 30 januari 2019), het paraplubestemmingsplan Archeologie (vastgesteld op 7 april 2010) en paraplubestemmingsplan Wonen (vastgesteld 19 december 2019). BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
7
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld Afbeelding 1.3 bevat een weergave van de huidige planologische situatie/de verbeelding van de beheersverordening Rhederlaag, Ruimte voor de rivier. Voor de exacte begrenzing wordt verwezen naar de verbeelding.
Afbeelding 1.3: Huidige planologische situatie (Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)
Naast bovenstaande geldende bestemmingsplannen en beheersverordening zijn in de periode na inwerkingtreding van de beheersverordening op 30 oktober 2018 de volgende omgevingsvergunningen voor afwijken van de beheersverordening verleend: -
Omgevingsvergunning ten behoeve van outdoor- en watersportactiviteiten voor de locatie Bandijk 2, Lathum. Omgevingsvergunning realisatie aanlegsteiger en betontrappen Rhedense Veerweg 78 te Giesbeek Omgevingsvergunning realisatie paardenbak Rhedense Veerweg 1 te Giesbeek Omgevingsvergunning Uitbreiding camperplaatsen Muggenwaard te Lathum Omgevingsvergunning Jachthaven t’ Eiland De Muggenwaard 16 te Lathum
Deze wijzigingen zijn tevens verwerkt in voorliggend bestemmingsplan.
1.6
Leeswijzer
Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 een beschrijving van de huidige situatie gegeven. In hoofdstuk 3 wordt een beschrijving van de gewenste situatie gegeven. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op het beleidskader. Hierin wordt het beleid van het rijk, de provincie Gelderland en de gemeente Zevenaar beschreven. In hoofdstuk 5 passeren de relevante milieu- en omgevingsaspecten de revue. In hoofdstuk 6 wordt er in gegaan op het aspect water. In hoofdstuk 7 en 8 wordt ingegaan op de juridische aspecten/ planverwoording en de economische uitvoerbaarheid van het project. Hoofdstuk 9 gaat in op de inspraak en het vooroverleg
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
8
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld
HOOFDSTUK 2
HUIDIGE SITUATIE PLANGEBIED EN OMGEVING
Het plangebied ligt in de gemeente Zevenaar ten noordoosten van de kern Lathum en ten noorden en westen van de kern Giesbeek. Ten noorden het gebied liggende de IJssel en het dorp Rheden. Het Rhederlaag is een 600 hectare groot watersport- en recreatiegebied aan de voet van de Veluwe. Het gebied bestaat voor circa 360 hectare uit water. Het gebied bestaat het buitendijks gelegen gebied tussen de IJssel en de Bandijk aan de zijde van de kernen Lathum en Giesbeek. Het gebied bestaat uit een aantal met elkaar verbonden plassen van verschillende grootte, de Valeplas, Giese plas en Lathumse plas. Deze plassen vormen samen met de IJssel de belangrijkste ruimtelijke structuurdragers in het gebied. In afbeelding 2.1 is een luchtfoto van het gebied opgenomen.
Afbeelding 2.1: Huidige situatie plangebied (Bron: gemeente Zevenaar)
Het gebied is ontstaan na de rivierverlegging van de IJssel welke is afgerond on 1969. Het betrof een maatregel in het kader van de Rijnkanalisatie. De bochtafsnijding had tot doel de bevaarbaarheid van de IJssel te vergroten. In de jaren zeventig heeft de Koninklijke Nederlandsche Heidemaatschappij het plan opgevat het gebied om te vormen tot een recreatiegebied. Daarnaast werd diverse plaatsen in het gebied al klei gewonnen voor steenfabrieken, zoals in de Lathumse waard en de Vaalwaard. In 1971 startte de grootschalige zandwinning, waardoor in enkele decennia het grootste deel van het gebied onder water kwam te staan. Het zo ontstane Rhederlaag bestaat uit Lathumse Plas, Westerplas, Gieseplas en Valeplas. Tussen de Valeplas en de Gieseplas is nog een deel van de oude loop van de IJssel te herkennen. Ingebed in een aantrekkelijk groen landschap met een veelheid aan functies vormt dit een bijzonder gebied. De hoofdfunctie van het gebied is recreatie. Het betreft zowel dagrecreatie in de vorm van strandbezoek, waterrecreatie en evenementen zoals het jaarlijkse evenement Dreamfields. Daarnaast bevinden zich in het gebied campings en jachthavens (verblijfsrecreatie). Naast recreatie vindt er zandwinning plaats. De Marsweg is de belangrijkste ontsluitingsweg vanuit het dorp Lathum.
Vanuit het noorden (Rheden en de Posbank) kunnen wandelaars en fietsers via het Rhedense veer over de IJssel op de Marsweg komen. Op het Rhederlaag zelf is ook een veerverbinding aanwezig tussen de beide oevers van de grote plas.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
9
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld De dorpen Giesbeek en Lathum zijn aan gelegen aan de Giese en Lathumse plas. Reeds in de middeleeuwen was Lathum al bewoond, in begin 17e eeuw had Lathum al een Nederlands Hervormde kerk. Giesbeek ontwikkelde zich later, mede dankzij de beroepsscheepvaart en de steenfabrieken. Eind 18ee eeuw hadden Giesbeek en Lathum gezamenlijk 565 inwoners. Giesbeek heeft nu ca. 3000 inwoners. Lathum ca. 600. Het Riverparc, een schiereiland ontstaan door het opspuiten van zand op de plek van de vroegere steenfabriek De Muggenwaard, is vanaf de jaren 90 gebouwd als verblijfsrecreatiepark en sinds enkele jaren is permanente bewoning gelegaliseerd waardoor het een woonwijk van Lathum is geworden met ca. 700 inwoners. Voor beide dorpen geldt dat het karakteristieke IJsseldorpen zijn die van oudsher in economisch opzicht op het water gericht waren met onder meer beroepsvaart en steenfabrieken. In de vorige eeuw is daar het toerisme als economische drager bij gekomen.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
10
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld
HOOFDSTUK 3 3.1
GEWENSTE SITUATIE
Inleiding
Zoals in hoofdstuk 1 reeds aangegeven voorziet dit bestemmingsplan in het overgrote deel in een conservering van de bestaande toestand in het plangebied. Hiernaast regelt het plan de beëindiging van de ontzandingsmogelijkheden, de uitbreiding van camping De Veerstal (aanpassing van de oeverlijn) en de inrichting voor het dagrecreatiegebied ten zuiden van de Veerstal en aanpassing van de oeverlijn aan de Kop van Wentink. In de volgende paragraaf wordt op deze ontwikkelingen nader ingegaan.
3.2
Ontwikkelingen
Op onderstaande afbeelding zijn de ontwikkelingen op kaart inzichtelijk gemaakt. In onderstaande subparagrafen worden de ontwikkelingen in het gebied nader beschreven.
Afbeelding 3.1: Inrichtingstekening Rhederlaag met nieuwe ontwikkelingen (bron: gemeente Zevenaar)
3.2.1
Beëindiging ontzandingsmogelijkheden
Het bestemmingsplan Ruimte voor de Rivier 2005 en de vigerende beheersverordening Ruimte voor de Rivier 2016 maken zandwinning planologisch mogelijk zonder beperkingen. Op 25 oktober 2017 heeft de gemeenteraad inhoudelijk de notitie van uitgangspunten vastgesteld voor het opstellen van het bestemmingsplan Rhederlaag: Ruimte voor de Rivier. De notitie van uitgangspunten geeft inzicht in het participatieproces van het IGOR en geeft kaders en de richting voor het opstellen van het bestemmingsplan. In dat voorgaande raadsvoorstel is bij de paragraaf “Kosten, baten en dekking” expliciet
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
11
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld aangegeven dat er nog een nader raadsvoorstel en raadsbesluit zouden worden opgesteld over de financiële gevolgen van een eindige ontzanding in het bestemmingsplan. Op 19 december 2017 heeft de raad van de gemeente Zevenaar vervolgens besloten dat: 1.
2. 3.
een krediet wordt aangevraagd om uitvoering te geven aan de motie van de gemeenteraad van 25 januari 2017 om een bestemmingsplan op te stellen waarin er sprake is van een eindige commerciële zandwinning in de Rhederlaag; er een gezamenlijk opgave ligt om de 40% aan gederfde inkomsten uit de zandwinning, die niet wordt opgenomen in het bestemmingsplan, op een andere wijze te compenseren; de gemeente Zevenaar met het betalen van voorliggende bedrag zijn verantwoordelijkheid neemt richting zijn bewoners en de wens vanuit het gebied om de zandwinning in Rhederlaag binnen een afzienbare periode te beëindigen;
Inzet vanuit betrokken partijen is een eindige commerciële ontzanding met concrete afspraken over hoeveelheden, wijze van zandwinning en de periode van zandwinning. Een en ander conform de nota van uitgangspunten van het IGOR, vastgesteld door de raad op 25 oktober 2017. Deze voorwaarden zijn als volgt: Voor de winning van oppervlaktedelfstoffen (zandwinning) gelden de volgende voorwaarden: • • • •
Er mag nog maximaal 1,1 miljoen m3 zand afgevoerd worden; De zandwinning mag slecht plaatsvinden op 2 locaties: bij de Veerstal/noordoever en bij Kop van Wentink op meer dan 500 meter afstand van de woonwijk Riverparc; De zandwinning vindt plaats buiten het toeristisch hoogseizoen; De zandwinning dient binnen 5 jaar na start van de werkzaamheden te zijn afgerond.
Voor de winning van oppervlakte delfstoffen is in de regels een voorwaardelijke verplichting opgenomen, gekoppeld aan de aanduiding ‘Zandwinning’. Bovengenoemde voorwaarden zijn hieraan gekoppeld
3.2.2 Herontwikkeling Noordoever bestaande uit de uitbreiding van Recreatiepark en Jachthaven de Veerstal en aanpassen van het dagrecreatief gebied. Het programma voor De Veerstal bestaat uit: • • • • • •
circa 100 standplaatsen die gevarieerd kunnen worden ingevuld; een verbeterde entree voor beide delen samen, oud en nieuw; een voorzieningencentrum; een strook ooibos als dekking/buffer ten opzichte van dagrecreatieterrein en voor recreatief gebruik; de buitenoever naar de grote plas inrichten als aanlegoever; het aanbrengen van beplantingen.
Het plan kan alleen gerealiseerd worden indien door middel van een ontgronding de abiotische voorwaarden worden geschapen. Daarbij moeten waterpartijen en opgehoogde landtongen worden aangelegd in een gebied dat voornamelijk uit eerdere grondaanvullingen bestaat, waarop zich voor een deel spontaan ooibos heeft ontwikkeld. De ontgronding omvat het realiseren van een binnenwater en deels afslanken van het zuidelijk schiereiland met de creatie van baaien. Dit vormt de belangrijkste ontwerpingreep, tevens kapstok om een aantal items aan op te hangen. Het binnenwater wordt verbonden met de jachthaven, door middel van het doortrekken van de waterlijn parallel aan de Marsweg langs jachthaven naar een voorzieningencentrum. Zo kan de oude IJsselmeander met het binnenwater worden verbonden, wat ruimtelijke en functionele kwaliteiten biedt. Ook als een brugconstructie geen haalbare optie blijkt, ontstaan twee boogvormige opstelplaatsen, gekoppeld door een voorzieningencentrum, waarbij drie zijden op het intieme binnenwater zijn gericht. De zuidelijke boog heeft tevens een oriëntatie op de grote plas. Het doortrekken van de waterlijn langs de Marsweg integreert de jachthaven in het nieuwe geheel en biedt, indien een brug wordt gerealiseerd, de mogelijkheid tot verbinding met het binnenwater voor kleine boten. Hiervoor zijn ligplaatsen voorzien aan de doorsteek.
De verlengde jachthaven sluit aan op het plein met het
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
12
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld voorzieningencentrum, dat zicht heeft op het binnenwater. Het gebouw vormt het scharnierpunt tussen beide opstellussen en ligt in dat opzicht centraal en goed zichtbaar. De relatief grote afstand tot de uiterste standplaatsen wordt gecompenseerd door de unieke ligging en de luxe voorzieningen. Het ooibos met een groep populieren wordt verkleind als overgangszone en buffer met dichte onderbegroeiing en greppels, waardoor het drukke recreatiestrand wordt gescheiden van de rustige camping. Het blijft zodanig van omvang dat het kan worden ingezet voor speurtochten en struinen. Het plan behelst in eerste instantie een beperkte ontgronding, waarbij voornamelijk ondiepe waterpartijen worden gerealiseerd en de voor standplaatsen en voorzieningen te gebruiken terreinen worden opgehoogd tot het niveau van de bestaande camping. Het noordelijk deel van ooibos en weiland zal daarbij verdwijnen. Het zuidelijk deel blijft als buffer naar het aangrenzende dagrecreatieterrein bruikbaar in de huidige zin. De inrichting van het terrein betreft twee brede paden over de verhoogde landtongen met aan beide zijden standplaatsen van 12 x 12 m, gericht op de waterpartijen, maar naar de grote plas afgeschermd door een doorzichtig gordijn van elzen op een bestorte waterlijn. Ook naar de Marsdijk komt beplanting in de rug van de standplaatsen.
Op de noordelijke landtong zijn 40 standplaatsen voorzien, op de zuidelijke 69. De hoofdontsluiting vindt plaats vanaf het nieuw in te richten voorterrein van de bestaande camping, langs de kop van de bestaande haven naar het plein dat de twee paden op de landtongen koppelt. Op dit verdeelplein is een ontmoetingspunt (plein/terras) met horeca en in eerste instantie alleen seizoensgebonden bebouwing gedacht met ruime inpandige opslagruimte voor materiaal voor watersportactiviteiten (kleine bootjes, flyboardmateriaal e.d.) en uitgebreide hoogwaardige sanitaire voorzieningen. In de zomer kan hier door middel van tijdelijke voorzieningen lichte (mobiele) horeca bijgeplaatst worden. Het is bewust niet pontificaal aan de dijk gesitueerd, maar functioneel op een aantrekkelijke plek in het centrum van de uitbreiding. Langs de vergrote kop van de haven zijn aanlegplaatsen voor kleine bootjes (roeiboten, visboten, elektrische sloepen) voorzien. Aan de voet van de Marsdijk is ruimte gereserveerd voor grote standplaatsen en alleen in het hoogseizoen, zodat het doorzicht in deze oude IJsselarm behouden blijft. Daarom is hier ook geen afschermende beplanting gewenst. Wel zal de zuidkant van de jachthaven (oude meander) met linden worden beplant zoals thans op de noordoever nog aanwezig. De oevers van de binnenbaai worden voor een groot deel ingericht als zandstranden.
De hoofdontsluiting Extern wordt de hoofdontsluiting gevormd door de bestaande Marsweg, waar echter de entree van de camping niet optimaal op aansluit. Met name de toegang tot receptie / restaurant met manoeuvreerruimte kan verbeterd worden, temeer nu de toegang naar de uitbreiding toch via de zelfde entree moet verlopen. Het driehoekige vlak tussen water, camping en Marsweg zal als schakelpunt worden ingericht, met behoud van zicht op de meander en de kerk van Doesburg. Algemeen landschapsbeeld en beplanting Het beeld is ruim van opzet en aangepast aan maat en schaal van het grotere geheel van het waterrecreatiegebied. De beoogde uitstraling is “ruig en tevens luxe”. Buiten het recreatieseizoen bestaat het geheel uit waterlandschap, oevers met begeleidende beplantingen en een bescheiden goed ingepast gebouw. Het ooibos wordt gehalveerd maar houdt zijn aanzien en een deel van zijn randen. De beplantingen op de camping zullen voornamelijk met elzen worden uitgevoerd, die in verschillende landschappelijke vormen en voor verschillende functies kunnen worden ingezet (boom, knoot, hakhout, stoel, struik en haag). Met name aan de oever zal het beheer op elzenstoelen worden gericht. De els als boom is een welkome afwisseling van het wilgenbestand. Ook de hier van nature thuishorende zwarte populier is een goede aanvulling; cultuurhistorisch wordt ruimte geboden aan de walnoot. 3.2.3
Aanpassing inrichting dagrecreatiegebied ten zuiden van de Veerstal
Het programma voor het dagrecreatiegebied ten zuiden van De Veerstal bestaat uit: • •
versmallen landtong aan oostzijde met grotere oeverlengte; aanbrengen nieuwe beplanting;
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
13
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld In dit gebied ten zuiden van het ooibos blijft de binnenzijde met zandstranden onaangeroerd; ook de parkeerterreinen blijven op hun plaats. Extra singels geven wat rugdekking aan de brede stranden. De landtong wordt versmald, waarbij aan de oostzijde (Gieseplas) meer oeverlengte en zandige oever wordt gerealiseerd. Op de rug wordt de resterende beplanting aangevuld om luwte te houden voor aangemeerde en voor anker liggende boten. 3.2.4
Aanpassing Kop van Wentink
Het programma voor de Kop van Wentink bestaat uit het: • • • •
voor de helft afgraven aan de noordzijde; natuuroever; aanlegoever; ooibos en fietspad naar veerstoep.
Hier zal nog een beperkte hoeveelheid zand worden gewonnen door de noordelijke helft van de kop af te graven tot voor de Valeplas reeds vergunde diepte. Deels wordt een plas-dras natuuroever gerealiseerd. De rest wordt een aanlegoever met zandstrand. Het overige terrein wordt gebruikt voor de herplant van ooibos. Tussen ooibos en oever komt een fietspad naar een nieuwe meer flauw aflopende veerstoep.
3.3 Recreatie en toerisme De toeristische infrastructuur bestaat voornamelijk uit fiets-/wandelpaden die met name vanuit Giesbeek naar het water gaan: richting het noorden, tot aan de Kop van Wentink, naar het westen over de dijk en naar de haven en naar het Zuidwesten naar de Giese Kop en het strand. Sinds een aantal jaren pendelt in het hoogseizoen een fiets- en wandelpontje vanuit de Kop van Wentink naar de Veerstal. Daarnaast vaart er een toeristische pont over de IJssel naar Rheden in de maanden april tot en met oktober. Fietsroutes langs / over het Rhederlaag: rondje IJssel: Veluwezoom, uiterwaarden, fietsknooppunten netwerk, Toeristisch Overstap Punt bij Lathum. Wandelroutes langs / over het Rhederlaag: Knooppunt langs de IJssel en door het Broek, ‘struinroute’ langs het Rhederlaag: in de praktijk loopt deze route grotendeels over de weg. Aan de noordwest zijde van de plas bevindt zich een concentratie aan seizoensgebonden verblijfsrecreatie pal aan het water plus een full service strand met voldoende parkeermogelijkheden. Deze campings en vakantieparken zijn ontsloten via de Marsweg, een smalle weg over de dijk. De zuidzijde is verder ingevuld met outdoor recreatie, evenemententerrein, jachthavens e.d.
Recreatieve informatie: - Watersport: jachthavens ’t Eiland, jachthaven de Mars, jachtwerf Rhederlaag, jachthaven de Veerstal, jachthaven Rhederlaagse meren, watersportactiviteiten Sportex, watersportvereniging Giesbeek, hengelsportvereniging Ons Genoegen, Flyboard Gelderland. Totaal aantal toegestane ligplaatsen, inclusief ligplaatsen hengelsportvereniging is 1930). - Campings en vakantieparken: Recreatiepark de Veerstal (oppervlakte terrein 23 hectares, na uitbreiding 36 hectares), recreatiepark / camping Rhederlaagse Meren (14 hectares),, camping de Mars, (12 hectares) - Horeca: Grand café Rutgers, grand Café de Bolder, Gasterij de Kommensaal, Restaurant de Veerstal, IJs en Zo + nieuw Italiaans restaurant, horecavoorzieningen in Giesbeek, - 3 officiële zwemwaterlocaties met zandstranden en bijbehorende service voorzieningen - Waterscouting Abel Tasman. Uit het voorgaande blijkt dat de vrije tijdseconomie een belangrijke economische drager vormt voor rond het Rhederlaag inclusief de dorpen Giesbeek en Lathum. Veel inwoners uit de dorpen verdienen hiermee hun BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
14
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld inkomen. Daarnaast beschikt Giesbeek nog over een industrieterrein met andere werkgelegenheid. Het aantrekkelijke woonklimaat rond het Rhederlaag is voor deze inwoners een gunstige vestigingsplaatsfactor. De vele recreanten, honderdduizenden per jaar, en hun bestedingen in de directe omgeving, zijn essentieel voor de instandhouding van het voorzieningenniveau. Kortom, het Rhederlaag vormt een kritische factor in de leefbaarheid van de dorpen. De kwaliteit van leefomgeving draagt hier in belangrijke mate aan bij. De ontwikkelingen die dit bestemmingsplan mogelijk maakt, dragen bij tot een versterking van de recreatie en het toerisme aan de Rhederlaag. Situatie 2020 Anno 2020 is de recreatiebehoefte sterk veranderd ten opzichte van de beginjaren. De populariteit van het strandbezoek is sterk afgenomen en de behoefte aan andere vormen van vermaak is toegenomen. Met name de (grootschalige) evenementen voorzien in een grote behoefte in de vrijetijdseconomie en dragen tegelijkertijd bij aan de instandhouding van het recreatiegebied en aan de naamsbekendheid van het gebied en de gemeente. Als gevolg van de toenemende populariteit en daarmee het aantal grootschalige evenementen, nemen ook de vragen omtrent ruimtelijke aanvaardbaarheid toe.
Dit is terug te zien in jurisprudentie, waar uit blijkt dat het noodzakelijk is geworden om een toetsingskader voor de ruimtelijke aanvaardbaarheid vast te stellen om een goede ruimtelijke ordening te waarborgen. Hieruit moet blijken hoeveel evenementen per jaar maximaal zijn toegestaan, de aard en omvang van evenementen, eindtijden en maximale geluidsbelasting. Daarbij draagt het bij aan de duidelijkheid en rechtszekerheid voor zowel omwonenden als ondernemers/organisatoren. Daarnaast blijft de APV, en de daaraan gerelateerde evenementenvergunning, van belang en van toepassing vanuit het oogpunt van handhaving van de openbare orde. Ander gebruik, naast wandelen/hardlopen en fietsen en watersport, dat tegenwoordig van toepassing is op het recreatiegebied betreft in toenemende mate activiteiten zoals: • Outdooractiviteiten in groepsverband; • Barbecues en (familie)bijeenkomsten met picknick/barbecue of een uitgebreide variant van een verjaardag; • Activiteiten van scholen inclusief kamp; • Markten, braderieën; • Groepsovernachtingen; • Hondentrainingen in het laagseizoen; • Metaalzoeken; Dergelijke activiteiten zijn inherent aan de dagrecreatieve functie/bestemming van het gebied en vinden al geruime tijd zonder problemen plaats in relatie tot effecten op de omgeving.
Het totaal aantal bezoekers is tegenwoordig meer verspreid over het jaar als gevolg van voornoemde seizoensverlengende activiteiten en het aantal strandbezoekers is sterk afgenomen. Ook leent het gebied zich uitstekend voor grotere evenementen zoals Dreamfields. Dergelijke grootschalige evenementen hebben echter in tegenstelling tot de andere activiteiten wel aanvullende effecten op de omgeving, denk aan geluidsbelasting en verkeer. In dit bestemmingsplan is voor één grootschalig muziekfestival per jaar een specifieke regeling opgenomen. Het evenement mag onder voorwaarden eenmaal per jaar plaatsvinden op het op de verbeelding aangeduide ‘evenemententerrein’. Tot op zekere hoogte passen groepsactiviteiten onder regulier gebruik van het recreatiegebied maar vallen deze ook onder de definitie van een evenement. De eerste categorie betreft dan ook evenementen vanaf een bepaalde drempel waarboven de effecten op de omgeving hoger zijn dan verwacht mag worden van het reguliere gebruik als intensief recreatiegebied en in relatie tot waar het gebied op is ingericht. Deze drempel bestaat uit bepaalde factoren die ruimtelijk relevant zijn. Factoren die een rol spelen bij de vraag in hoeverre sprake is van aanvullende effecten, zijn: 1. Geluid(sniveau); 2. Begin- en eindtijden; 3. Bezoekersaantallen; 4. Verkeer(sbewegingen) en parkeren;
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
15
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld Aanvullend daarop, ten aanzien van de mate van acceptatie van aanvullende/onduldbare effecten, speelt het aantal evenementen op jaarbasis een rol van betekenis. Boven de drempel van gebiedseigen activiteiten kan onderscheid gemaakt worden tussen drie categorieën. De indeling in categorieën vindt plaats op basis van bezoekersaantallen en geluidsbelasting. Onder gebiedseigen activiteiten/evenementen wordt verstaan: alle activiteiten die in redelijkheid verwacht mogen worden op een intensief recreatiegebied. Dat kunnen ook jaarlijks terugkerende activiteiten/evenementen betreffen. Daarbij geldt dat ten hoogste 4.000 bezoekers, gerelateerd aan evenementen, tegelijk aanwezig mogen zijn op het recreatiegebied, binnen de daarvoor aangewezen zone(s) voor intensieve dagrecreatie. Daarnaast geldt een maximale geluidsbelasting van 50 dB(A) op de dichtstbijzijnde gevel, voortkomend uit muziek en omroepinstallaties. Ten aanzien van de activiteiten kan gedacht worden aan outdooractiviteiten in groepsverband, barbecues, familiebijeenkomsten, schoolkampen, hondentrainingen, et cetera. 3.4
Bebouwing Koppenwaard 1
Aan Koppenwaard 1 op het terrein van de voormalige steenfabriek staan een woning met bijgebouw. In het geldende bestemmingsplan zijn deze nog niet bestemd voor wonen. In voorliggend bestemmingsplan wordt voor deze locatie een woonbestemming voor twee woningen opgenomen.
3.3
Verkeer en parkeren
3.3.1
Algemeen
Zoals in hoofdstuk 1 reeds aangegeven voorziet dit bestemmingsplan in het overgrote deel in een conservering van de bestaande toestand in het plangebied waaronder de evenementen van Dreamfields. Hiernaast regelt het plan de beëindiging van de ontzandingsmogelijkheden, de uitbreiding van camping De Veerstal (aanpassing van de oeverlijn) en de inrichting voor het dagrecreatiegebied ten zuiden van de Veerstal en aanpassing van de oeverlijn aan de Kop van Wentink. Bij nieuwe ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de effecten op de verkeersgeneratie en parkeerbehoefte die ontstaat door de nieuwe ontwikkeling. Hiertoe kunnen berekeningen worden uitgevoerd op basis van de publicatie ‘Toekomstbestendig parkeren, van parkeerkencijfers naar parkeernomen, publicatie 381 (december 2018)’ van het CROW. Het CROW ontwikkelt en publiceert kennis onder andere op het gebied van verkeer en parkeren. Specifiek voor verkeersgeneratie en parkeren heeft het CROW de publicatie ‘Toekomstbestendig parkeren, van parkeerkencijfers naar parkeernomen’ opgesteld. Deze kencijfers zijn gebaseerd op literatuuronderzoek en praktijkervaringen van gemeenten. De kencijfers zijn landelijk (en juridisch) geaccepteerd en worden gezien als de meest betrouwbare gegevens met betrekking tot het bepalen van de verkeergeneratie en het benodigde aantal parkeerplaatsen.
Zoals hiervoor reeds aangegeven voorziet dit bestemmingsplan in het overgrote deel in een conservering van de bestaande toestand in het plangebied. Hierbij spelen de aspecten (extra) verkeersgeneratie/parkeerbehoefte niet. Het plan regelt ook ontwikkelingen zoals de beëindiging van de ontzandingsmogelijkheden, de uitbreiding van camping De Veerstal (aanpassing van de oeverlijn) en de inrichting voor het dagrecreatiegebied ten zuiden van de Veerstal en aanpassing van de oeverlijn aan de Kop van Wentink. Hierbij zijn de aspecten verkeersgeneratie en parkeerbehoefte (alleen voor de uitbreiding camping De Veerstal) wel relevant. Hieronder wordt hier nader op ingegaan 3.3.2
Verkeersgeneratie
Verandering en beëindiging ontzandingsmogelijkheden Voor het luchtkwaliteits- en stikstofdepositieonderzoek zijn ook de verkeersbewegingen in de nieuwe situatie beschouwd. Hieruit is gebleken dat de verkeersgeneratie niet wezenlijk toeneemt. De bestaande ontsluitingswegen worden gebruikt. Daarbij wordt opgemerkt dat de ontzandingsactiviteiten binnen 5 jaar na start van werkzaamheden geheel te zijn uitgevoerd danwel uiterlijk na 8 jaar na de dag van het onherroepelijk
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
16
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld worden van dit bestemmingsplan. De verkeersbewegingen, waaronder zwaar vrachtverkeer, vervallen dan volledig. Uitbreiding camping De Veerstal Aan de hand van de publicatie ‘Toekomstbestendig parkeren, van parkeerkencijfers naar parkeernomen, publicatie 381 (december 2018)’ van het CROW is de verkeersgeneratie van de uitbreiding met 100 standplaatsen onderzocht. De verkeersgeneratie voor een camping bedraagt 0,4 motorvoertuigen per etmaal per standplaats. In totaal worden 100 standplaatsen gerealiseerd waarbij een bezettingspercentage van 80% wordt gehanteerd. Dit resulteert in een verkeersgeneratie van 32 motorvoertuigen per weekdagetmaal (100 standplaatsen * 80% bezetting * 0,4 mvt/etm/ standplaats). De camping is zes maanden per jaar geopend. De bestaande infrastructuur in het plangebied kan deze (peiodieke) toename eenvoudig en veilig afwikkelen. 3.3.3
Parkeren
Uitbreiding camping De Veerstal De camping gaat uitbreiden met circa 100 standplaatsen met voornaamste doelgroep campers. Het gemeentelijk parkeerbeleid heeft het uitgangspunt dat bij de ontwikkeling van een plan het aantal benodigde parkeerplaatsen op eigen terrein wordt gerealiseerd. In voorliggend geval is wordt hierin voorzien. Tevens is in artikel 21 van het bestemmingsplan juridisch geborgd dat wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
17
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld
HOOFDSTUK 4
BELEIDSKADER
Dit hoofdstuk beschrijft, voor zover van belang, het beleid vanuit het rijk, de provincie Gelderland en gemeente Zevenaar. Naast de belangrijkste algemene uitgangspunten worden de specifieke voor dit plangebied geldende uitgangspunten weergegeven.
4.1
Rijksbeleid
4.1.1
Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR)
4.1.1.1 Algemeen De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte is op 13 maart 2012 vastgesteld. De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) geeft een totaalbeeld van het ruimtelijk- en mobiliteitsbeleid op rijksniveau en vervangt de Nota Ruimte, de Structuurvisie Randstad 2040, de Nota Mobiliteit, de MobiliteitsAanpak en de Structuurvisie voor de Snelwegomgeving. Tevens vervangt het een aantal ruimtelijke doelen en uitspraken in onder andere de Agenda Landschap en de Agenda Vitaal Platteland. Daarmee vormt de SVIR het kader voor thematische of gebiedsgerichte uitwerkingen van rijksbeleid met ruimtelijke consequenties. In de SVIR heeft het Rijk drie rijksdoelen om Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig te houden voor de middellange termijn (2028): • • •
Het vergroten van de concurrentiekracht van Nederland door het versterken van de ruimtelijkeconomische structuur van Nederland; Het verbeteren, instandhouden en ruimtelijk zekerstellen van de bereikbaarheid waarbij de gebruiker voorop staat; Het waarborgen van een leefbare en veilige omgeving waarin unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden behouden zijn.
Voor de drie rijksdoelen worden de 13 onderwerpen van nationaal belang benoemd. Hiermee geeft het Rijk aan waarvoor het verantwoordelijk is en waarop het resultaten wil boeken. Buiten deze nationale belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid. De drie hoofddoelen van het ruimtelijk en mobiliteitsbeleid kennen nationale opgaven die regionaal neerslaan. Opgaven van nationaal belang in Oost-Nederland (de provincies Gelderland en Overijssel) zijn: •
•
• •
Het waar nodig verbeteren van de internationale achterlandverbindingen (weg, spoor en vaarwegen) die door Oost Nederland lopen. Dit onder andere ten behoeve van de mainports Rotterdam en Schiphol; Het formuleren van een integrale strategie voor het totale rivierengebied van Maas en Rijntakken (Waal, Nederrijn, Lek en de IJssel, deelprogramma rivieren van het Deltaprogramma) en de IJsselvechtdelta (deelprogramma’s zoetwater en rivieren) voor waterveiligheid in combinatie met bereikbaarheid, ruimtelijke kwaliteit, natuur, economische ontwikkeling en woningbouw; Het tot stand brengen en beschermen van de (herijkte) EHS, inclusief de Natura 2000 gebieden (zoals de Veluwe); Het robuust en compleet maken van het hoofdenergienetwerk (380 kV), onder andere door het aanwijzen van het tracé voor aansluiting op het Duitse hoogspanningsnet.
Het ‘Besluit algemene regels ruimtelijke ordening’ (Barro) is als Algemene maatregel van Bestuur (AmvB) direct gekoppeld aan de SVIR. In het Barro is concreet aangegeven welke nationale belangen geborgd worden in bestemmingsplannen en andere plannen van de overheden. 4.1.1.2 Ladder voor duurzame verstedelijking In de SVIR wordt de ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Deze ladder is per 1 oktober 2012 als motiveringseis in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6, lid 2) opgenomen. Op 1 juli 2017 is de BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
18
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld Ladder in het Besluit ruimtelijke ordening gewijzigd. Aanleiding voor de wijziging waren de in de praktijk gesignaleerde knelpunten bij de uitvoering van de Ladder en de wens om te komen tot een vereenvoudigd en geoptimaliseerd instrument. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Hierbij geldt een motiveringsvereiste voor het bevoegd gezag als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Teneinde een ontwikkeling adequaat te kunnen toetsen aan de ladder is het noodzakelijk inzicht te geven in de begrippen ‘bestaand stedelijk gebied’ en ‘stedelijke ontwikkeling’. In de Bro zijn in artikel 1.1.1 definities opgenomen voor: bestaand stedelijk gebied: ‘bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur’. stedelijke ontwikkeling: ´ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen’.
Bij het beschrijven van de behoefte dient te worden uitgegaan van het saldo van de aantoonbare vraag naar de voorgenomen ontwikkeling (de komende tien jaar, zijnde de looptijd van het bestemmingsplan) verminderd met het aanbod in planologische besluiten, ook als het feitelijk nog niet is gerealiseerd (harde plancapaciteit). 4.1.1.3 Toetsing aan SVIR en Ladder voor duurzame verstedelijking De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte laat zich niet specifiek uit over dergelijke lokale ontwikkelingen. De voorgenomen ontwikkeling raakt geen rijksbelangen als opgenomen in de structuurvisie. Uit Afdelingsjurisprudentie blijkt dat de vraag wanneer sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling in grote mate casuïstisch wordt beantwoord. Wel is de hoofdregel dat er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling wanneer er sprake is van substantieel extra ruimtebeslag. Als dit niet het geval is kan al naar gelang van aard en omvang van functiewijziging, uitstraling en impact op woon- leef- en ondernemersklimaat, toch sprake zijn van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Voorliggend bestemmingsplan legt in grote mate de bestaande toestand in het gebied vast.
Dit onder andere een jaarlijks grootschalig evenement zoals Dreamfields planologisch te verankeren op een evenemententerrein en tevens reeds plaatsvindende kortdurende incidentele evenementen in gebied expliciet planologisch mogelijk te maken. Daarnaast regelt het bestemmingsplan de volgende ontwikkelingen: -
de beëindiging van de commerciële zandwinning; Herontwikkeling Noordoever bestaande uit de uitbreiding van Recreatiepark en Jachthaven de Veerstal en aanpassen van het dagrecreatief gebied; Aanpassing Kop van Wentink.
De beëindiging van de ontzandingsmogelijkheden en aanpassing van de kop van Wentink gaan niet gepaard met extra ruimtebeslag op de groene omgeving of een substantiële functieverandering. Voor de ontzanding geldt juist dat deze activiteit minder intensief gaat plaatsvinden. Voor de herontwikkeling van de Noordoever bestaande uit de uitbreiding van Recreatiepark en Jachthaven de Veerstal en aanpassen van het dagrecreatief gebied geldt dat wel sprake is van extra ruimtebeslag in de groene omgeving. Door Rho Adviseurs is daarom een onderbouwing Ladder duurzame verstedelijking voor de uitbreiding van het recreatiepark en jachthaven gemaakt. De volledige rapportage is bijgevoegd in bijlage .. Uit de onderbouwing blijkt dat er is behoefte aan uitbreiding van de bestaande camping en versterking van het recreatiegebied Rhederlaag. De behoefte aan de beoogde uitbreiding van Camping De Veerstal met circa 100 seizoensplaatsen en een seizoensgebonden voorzieningengebouw blijkt uit trends en ontwikkelingen in de verblijfsrecreatiesector. Geconstateerd wordt dat er een groeimarkt is in verblijfsrecreatie op vakantieparken op bijzondere belevingslocaties. Vooral de behoefte aan kwalitatief goede camperplaatsen groeit.
De locatie met bestaande recreatievoorzieningen is kansrijk door de ligging in de Veluwezoom en de ligging nabij Duitsland. Het toevoegen van 100 seizoensplaatsen (kampeerplekken en camperplaatsen) zal niet leiden tot onaanvaardbare leegstand van overnachtingsaccommodaties in het verzorgingsgebied. BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
19
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld De behoefte kan niet worden opgevangen binnen bestaand stedelijk gebied omdat de doelgroep een recreatief aantrekkelijke omgeving zoekt. Bovendien is binnen bestaand stedelijk gebied geen plaats voor campings. In dit geval wordt de verblijfsrecreatieve functie van het recreatiegebied Rhederlaag versterkt, als onderdeel van een nieuw inrichtingsplan. Verdere intensivering van de bestaande campings is niet realistisch en niet wenselijk. In voorliggend geval past de in dit bestemmingsplan opgenomen uitbreiding van Recreatiepark en Jachthaven de Veerstal binnen de randvoorwaarden van de ladder voor duurzame verstedelijking. 4.1.2
Waterbeleid
4.1.2.1 Algemeen Het Rijksbeleid op het gebied van het waterbeheer is vastgelegd in het Nationaal Waterplan (NWP) 2016-2021 (vastgesteld 17 december 2015). Het plan geeft op hoofdlijnen de ambities weer van het Rijk ten aanzien van het nationale waterbeleid en het daaraan gerelateerde ruimtelijke beleid. De belangrijkste ambities richten zich op waterveiligheid, zoetwater en waterkwaliteit. Maar ook de Deltabeslissingen en enkele waterafhankelijke thema’s als natuur en duurzame energie hebben in het plan een plek gekregen. De doorwerking van de beleidsambities/uitgangspunten naar lagere overheden is geregeld in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (2012), het Bestuursakkoord Water (2011) en de Waterwet (2009). 4.2.2.2 Beleidslijn grote rivieren De Beleidslijn grote rivieren (de opvolger van de beleidslijn ruimte voor de rivier) is erop gericht de veiligheid tegen overstromingen te waarborgen en de ruimtelijke kwaliteit te verbeteren. De beleidslijn heeft als doel de beschikbare afvoer- en bergingscapaciteit van het rivierbed van de grote rivieren te behouden en ontwikkelingen tegen te gaan die de mogelijkheid tot rivierverruiming door verbreding en verlaging feitelijk onmogelijk maken.
De beleidslijn is het afwegingskader voor ruimtelijke ontwikkelingen in het rivierbed en is aan de orde bij de concrete regulering van afzonderlijke activiteiten via de Waterwet en de daarop gebaseerde regelgeving. 4.2.2.3 Toetsing aan waterbeleid In hoofdstuk 6 wateraspecten wordt nader ingegaan op waterbeleid en de waterhuishouding in het plangebied. Kortheidshalve wordt hiernaar verwezen. 4.1.3
Natuurbeleid (Wet natuurbescherming)
4.1.3.1 Algemeen Bescherming in het kader van de natuur wet- en regelgeving is op te delen in gebieds- en soortenbescherming. Bij gebiedsbescherming heeft men te maken met de Wet natuurbescherming (Wnb) en het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Soortenbescherming gaat uit van de bescherming van dier- en plantensoorten. Sinds 1 januari 2017 is het wettelijk kader ten aanzien van gebieds- en soortenbescherming vastgelegd in de Wet natuurbescherming. 4.1.3.2 Toetsing aan natuurbeleid In paragraaf 5.7 van deze toelichting wordt het omgevingsaspect ecologie en bijbehorende beleid omtrent gebieds- en soortbescherming behandeld en wordt tevens ingegaan op de situatie in het plangebied. 4.1.4
Conclusie toetsing aan het rijksbeleid
Geconcludeerd wordt dat het relevante ruimtelijke ordeningsbeleid op rijksniveau de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkelingen niet in de weg staat.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
20
Bestemmingsplan Rhederlaag Vastgesteld
4.2
Provinciaal beleid
4.2.1
Omgevingsvisie Gelderland
4.2.1.1 Algemeen De provincie Gelderland heeft een integraal provinciaal beleidsplan, de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland. De Provinciale Staten van Gelderland heeft de Omgevingsvisie op 19 december 2018 vastgesteld. In de Omgevingsvisie heeft de provincie twee doelen gedefinieerd die de rol en kerntaken van de provincie als middenbestuur benadrukken. De doelen zijn: 1. 2.
een duurzame economische structuurversterking; het borgen van de kwaliteit en de veiligheid van onze leefomgeving.
Deze doelen versterken elkaar en kunnen niet los van elkaar gezien worden. Economische structuurversterking vraagt om een aantrekkelijk vestigingsklimaat. Dat is meer dan een goede bereikbaarheid en voldoende vestigingsmogelijkheden. Het betekent ook een aantrekkelijke woon- en leefomgeving met de unieke kwaliteiten van natuur, water en landschap in Gelderland. In deze Omgevingsvisie staat het 'fysieke' in de leefomgeving centraal. Tegelijk zit er een sterke 'sociale' component aan de opgaven voor sterke steden en een vitaal landelijk gebied. De omgevingsvisie gaat niet specifiek in op de ontwikkelingen binnen het plangebied. De volgende thema’s uit de omgevingsvisie zijn in voorliggend geval van belang. 4.1.2.2 Vestigingsklimaat: een Krachtige, duurzame topregio De provincie streeft naar een duurzaam, dynamisch en toegankelijk economisch vestigingsklimaat, waar voor ondernemers en inwoners een sterke aantrekkingskracht vanuit gaat. Zo wordt Gelderland versterkt nu en in de toekomst. De ambities is de concurrerende positie binnen het internationale stedelijke netwerk van Amsterdam, Brussel en Keulen verder te versterken. Om onderscheidend te blijven, wil de provincie in 2050 maximaal profijt uit haar unieke combinatie van stedelijke en groene kwaliteiten halen.
Daarnaast zijn in 2050 alle werklocaties in Gelderland duurzaam ingericht qua energie, klimaatbestendigheid en logistieke en productiestromen. 4.2.1.3 Wonen en werken in het buitengebied De provincie en haar partners streven samen naar een vitaal buitengebied: • • •