RIB23.088 Regiobeeld Integraal zorgakkoord
Tekst van het document
2
Betrokken partijen
Het initiatief voor het opstellen van het regiobeeld is genomen door de gemeenten en Zilveren Kruis
Het regiobeeld is in samenwerking met een werkgroep opgesteld. Hierbij zijn de volgende partijen betrokken: •
Voor toets en validatie: GGDrU, Julius centrum UMCU, Raedelijn, Zilveren Kruis en gemeenten
•
Penvoering en proces: IG&H en Julius centrum UMCU
Dit concept regiobeeld wordt gevalideerd vanuit verschillende betrokken partijen vanuit de regio •
Vertegenwoordigers vanuit het zorgveld in de bestuurlijke klankbordgroep en betrokken bij transformatie-opgaven
•
Vertegenwoordigers vanuit de Wmo-regio’s: Lekstroom, Utrecht Zuid Oost, Utrecht West, Utrecht Stad en Eemland
•
Aanvullende input van betrokken experts en ervaringsdeskundigen vanuit burger-, vrijwilliger- en/of zorgverlenerperspectief
3
Scope en leeswijzer
4
Scope | Onze regio Zorgkantoorregio Bunschoten De Ronde Venen
Nijkerk
Baarn
Stichtse Vecht
Soest Leusden Zeist
Utrecht
Woudenberg Utrechtse Heuvelrug
Oudewater Houten
Lopik
Renswoude Veenendaal
Wijk bij Duurstede
•
De regio kenmerkt zich door een hoge bevolkingsdichtheid en een groot aanbod van openbare en sociale voorzieningen en gezondheidszorg
•
De zorgkantoorregio Utrecht bestaat uit meerdere Wmo-regio’s, namelijk Eemland, Utrecht Stad, Zuidoost Utrecht, Utrecht West en Lekstroom
•
Utrecht Stad, Zuidoost Utrecht, Utrecht West en Lekstroom vormen gezamenlijk de U16
•
Eemland en U16 (samen 24 gemeenten) hebben in het verleden regiobeelden opgesteld (welke als bronnen hebben gediend voor dit regiobeeld)
Rhenen
Scope regiobeeld
Vijfheerenlanden
* Exclusief Barneveld
Zorgkantoorregio Utrecht bestaat uit 25 gemeenten en overlapt grotendeels met de Provincie Utrecht, de GGD-regio Utrecht en de ROAZ-regio Midden-Nederland
Subregio’s
De Bilt Woerden
•
Regio
Aantal gemeenten
Zorgkantoor:
25
U16:
16
Eemland*:
8
•
Dit regiobeeld beschrijft de zorgkantoorregio Utrecht, er zijn een aantal uitzonderingen: o o
Renswoude, Veenendaal en Rhenen worden beschreven in het regiobeeld van Vallei Vitaal Vijfheerenlanden en Eemnes* behoren niet tot de zorgkantoorregio, maar zijn wel opgenomen in dit regiobeeld
* Eemnes is opgenomen in hoofdstuk A – Gezondheid en kenmerken van de regio, omdat zij bij Eemland betrokken zijn op het onderwerp Kansrijk Opgroeien
5
Scope | Onze regio in inwonersaantallen Bevolkingssamenstelling
Aantal inwoners (x1.000) per gemeente (01-01-2022) U16 Utrecht (gemeente) Zeist Stichtse Vecht Nieuwegein Vijfheerenlanden Woerden Houten Utrechtse Heuvelrug De Ronde Venen De Bilt IJsselstein Wijk bij Duurstede Bunnik Lopik Montfoort Oudewater
361,7 66,0 65,2 64,6 58,8 52,9 50,3 50,0 45,0 43,5 33,4 23,9 15,6 14,5 13,8 10,2
•
De regio U16 en Eemland omvat 24 gemeenten met 1.320.597 inwoners
•
U16 heeft 969.346 inwoners en Eemland heeft 351.251 inwoners
•
Gemeente Utrecht is de grootste gemeente met 362 duizend inwoners, gevolgd door Amersfoort met 159 duizend inwoners
Eemland Amersfoort Soest Nijkerk Leusden Baarn Bunschoten Woudenberg Eemnes
158,6 47,1 44,3 30,7 24,9 22,3 13,9 9,5
6
Leeswijzer | dit document geeft een compleet regiobeeld met analyses, daarnaast is er een compacte samenvatting beschikbaar Compleet regiobeeld
Compacte samenvatting
Voldoet aan IZA-criteria & verdieping per thema
Geeft input voor validatie/aanvulling van regioplannen
Pagina x t/m x 100+ pagina’s met inzichten over o.a. • De gezondheid en kenmerken van de regio (met o.a. demografie, sociale kenmerken, leefomstandigheden, etc.) • (In)formele vraag naar- en aanbod van zorg en ondersteuning vanuit verschillende domeinen • Regionale samenwerking
Belangrijkste uitdagingen voor de regio met pagina’s over: • De belangrijkste inzichten vanuit het regiobeeld dat concrete input biedt voor invulling regioplannen • Specificatie van de benoemde thema’s per WMO-regio • Meegegeven richting vanuit betrokken partijen bij het regiobeeld ten behoeve van het opstellen van regioplan
7
Leeswijzer | het regiobeeld maakt gebruik van bestaande rapportages in de regio Om voldoende gebruik te maken bij wat er al beschikbaar is en rekening te houden met de lokale dynamiek en samenwerking, zijn bepaalde analyses in dit regiobeeld specifiek voor alleen het Zorgkantoor, U16 en/of Eemland. In dit document wordt er per analyse aangegeven welke (sub)regio het betreft middels een geografisch kaartje rechtsboven op de pagina
Zorgkantoorregio
Basisbeeld regio Utrecht 2023
Regioanalyse ZK 2022
Regiobeeld.nl
Zorgkantoorregio: gebruik gemaakt van het basisbeeld, regiobeeld.nl en de bestaande rapportages van Zilveren Kruis over Verpleging & Verzorging, GGZ en gehandicaptenzorg
U16
Regiobeeld U16 2022
Eemland
Regiobeeld Utrecht 2021
U16-niveau: gebruik gemaakt van het regiobeeld van U16 opgesteld door HealthHub Utrecht in 2022 en het regiobeeld van Utrecht (Zilveren Kruis) in 2021
Regiobeeld Amersfoort 2021*
Gezondheidsakkoord Samen Sterker 2022
Eemland: regiobeeld Amersfoort (Zilveren Kruis) en het Gezondheidsakkoord van Samensterker 2022
* Regiobeeld Amersfoort omvat ook gemeente Scherpenzeel Overal waar regiobeeld.nl als bron wordt gebruikt wordt gedoeld op de prognoses en analyses op regiobeeld.nl waar CBS en RIVM aan hebben bijgedragen met bewerkingen en projecties
8
Leeswijzer | het regiobeeld omvat analyses gebruik makend van openbare bronnen en prognoses Gebruikte bronnen
Methodiek prognoses
•
AEF – prognosemodel Wmo-gebruik en uitgaven
•
•
Atlas leefomgeving – kenmerken leefomgeving gemeenten
•
AZW Prognose model Zorg & Welzijn – Prognoses arbeidsmarkt (Nieuw beleid)
•
BZK.WB – leefbarometer
•
CAK – cliënten aantallen Wlz
De Primos-bevolkingsprognose beschrijft de verwachte ontwikkeling van de bevolking per gemeente tussen 2021 en 2040 op basis van veronderstellingen voor kindertal, migratie* en sterfte. Deze (beleidsarme) prognose over de toekomstige bevolkingsomvang en structuur wordt als onderlegger gebruikt voor bijvoorbeeld cijfers van incidentie, prevalentie en zorguitgaven in regiobeeld.nl.
•
CBS – Sociaal economische status, gezondheidsmonitor, jeugdmonitor
•
•
Gemeenten – gemeentelijke monitor sociaal domein (GMSD), Lokaal monitor wonen
•
GGDrU – Gezondheidsmonitors, lokaal monitor wonen, preventie-aanbod
•
IKNL(kankeratlas) – incidentie kanker
Prognoses van een aantal indicatoren binnen het thema Gezondheid en leefstijl, zoals bijvoorbeeld roken, is de epidemiologische projectie uit de VTV2018 (Volksgezondheid Toekomst Verkenning) overgenomen. De VTV rapporteert het RIVM elke vier jaar over de ontwikkeling van de volksgezondheid in Nederland
•
Kerncijfers wijken en buurten – voor o.a. leefstijl-, sociale- en economische factoren
•
•
Nivel – patiënten aantallen binnen de eerste lijn
•
NJI – uitkeringsgezinnen
•
Primos – Bevolkingsprognoses (beleidsarm)
•
RIVM – projecties en prognoses (beleidsarm) zorggebruik, VTV2018
•
TNO – Ontwikkeling capaciteit verpleeghuiszorg
•
Vektis – zorgkosten in de Wlz en Zvw
•
Waarstaatjegemeente.nl – algemeen kenmerken gemeentes
De gepresenteerde prognoses van Zorg en Welzijn over arbeidsmarkt hebben betrekking op het scenario NieuwBeleid. In dit scenario zijn in aanvulling op het Referentiescenario (demografie + trends uit het verleden) de verwachte effecten van een aantal concrete (voorgenomen) beleidsmaatregelen meegenomen uit het Integraal Zorgakkoord (IZA), het programma Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen (WOZO), het Regeerakkoord en afspraken over versterking van gemeentelijke dienstverlening aan kwetsbaren
NB: veel data zijn eendimensionaal beschikbaar op regio-, gemeente- of wijkniveau. Dit houdt in dat er geen anlayses over domeinen heen (bijvoorbeeld combinatie van sociaal economische status met gebruik van geestelijke gezondheidszorg) en op individueel niveau beschikbaar zijn
*In deze prognose is nog geen rekening gehouden met de sterke bevolkingsgroei in de afgelopen maanden als gevolg van vluchtelingen uit Oekraïne
9
Leeswijzer | aanvullende duiding vanuit burgers en patiënten, en vanuit zorgpartijen in de (sub)regio Inwoners, patiënten en zorgverleners In dit regiobeeld zijn soms specifieke quotes en duidingen opgenomen vanuit de ervaringen van inwoners, patiënten en zorgverleners. Deze zijn weergegeven onderaan de relevante pagina’s.
Hiervoor hebben we enerzijds gebruik gemaakt van bestaande onderzoeken die in de regio zijn uitgevoerd (zoals een eerder opgesteld regiobeeld van Health Hub Utrecht). En anderzijds aangevuld vanuit gedane interviews met professionals en ervaringsdeskundigen. De interviews omvatten vragen die gericht waren op het verzamelen van inzichten over de ervaringen en perspectieven van de betrokkenen. We hebben gevraagd naar hun persoonlijke ervaringen, hun visie op de toekomst en eventuele zorgen die zij hebben als het gaat om (hun) welzijn en gezondheid.
Welzijns- en zorgpartijen Partijen uit de zorgkantoorregio Utrecht zijn en worden via verschillende routes betrokken: Werkgroep regiobeeld – met verschillende regiopartijen is in drie bijeenkomsten en via meerdere feedbackrondes het concept regiobeeld opgesteld. Betrokken partijen zijn: GGDrU, Julius Centrum UMCU, Raedelijn, gemeenten (Utrecht, Amersfoort, Woudenberg) en Zilveren Kruis. Bestuurlijke klankbord – tijdens de klankbord op 10 mei zijn de concept conclusiepagina’s aangevuld en aangescherpt. Daarnaast heeft de klankbord een concept regiobeeld ontvangen voor validatie en om vanuit de behoeften voor het regioplan naar het regiobeeld te kijken.
Het is niet onze bedoeling geweest om een complete representatie te geven van de ‘algemene opvatting’ van professionals en inwoners in de regio. Maar door zowel een eigen ervaringsonderzoek als bestaande onderzoeken te gebruiken, streven we ernaar om zo het regiobeeld aan te vullen vanuit het perspectief vanuit inwoners, patiënten en professionals.
Duiding Wmo-regio’s – alle vijf de subregio’s hebben een concept regiobeeld ontvangen en is er gevraagd subregionale duiding te geven met oog voor specifieke doelgroepen. Daarnaast is er reeds een uitvraag gedaan naar de uitdagingen en opgaven vanuit subregioperspectief, een selectie is opgenomen onderaan de relevante pagina’s.
Quotes worden weergegeven in blauwe tekstvakken onderaan de pagina
Duiding uit Wmo-regio’s wordt weergegeven in grijze tekstvakken onderaan de pagina
10
Inhoudsopgave regiobeeld
A. Gezondheid en kenmerken van de regio: 1. Demografie 2. Gezondheid en leefstijl 3. Sociale kenmerken 4. Leefomstandigheden 5. Specifieke doelgroepen B. Zorg en ondersteuning: 1. (Informele) zorgverleners en arbeidsmarkt 2. Sociaal en maatschappelijke zorg en ondersteuning a) Welzijn b) Preventie en Wpg c) Burger en patiënten initiatieven d) Jeugdwet, Participatiewet en Wmo 3. Verzekerde zorg (Zvw) a) Huisartsenzorg b) Medisch specialistische zorg c) Acute zorg d) Geboortezorg e) Geestelijke gezondheidszorg f) Wijkverpleging g) Farmacie h) Geriatrische revalidatiezorg 4. Langdurige zorg a) Verpleeg- en verzorgingshuizen en thuiszorg b) Gehandicaptenzorg C. Regionale samenwerking
11
Samenhang hoofdstukken regiobeeld Leefomstandigheden
Dit regiobeeld bestaat uit drie hoofdstukken die elk een belangrijk aspect belichten:
Sociale kenmerken
Hoofdstuk A: Gezondheid en kenmerken van de regio Aan de hand van demografische gegevens, leefstijlfactoren, sociale kenmerken en leefomstandigheden wordt de gezondheid van de inwoners van Utrecht in kaart gebracht. Deze analyses geven inzicht in de verschillende aspecten die van invloed zijn op de gezondheid van de bevolking.
Leefstijl
Demografie
A. Gezondheid en kenmerken C. Samenwerking tussen domeinen B. Zorg en ondersteuning
Preventie en sociale omgeving
Maatschappelijke en sociale ondersteuning
Verzekerde zorg (Zvw)
Langdurige zorg (Wlz)
Hoofdstuk B: Zorg en ondersteuning Hier worden analyses gepresenteerd over preventie, welzijn, maatschappelijke en sociale ondersteuning, verzekerde zorg en langdurige zorg. Deze informatie biedt inzicht in de specifieke zorgbehoeften van de bevolking en vormt een basis voor het ontwikkelen van passende zorgprogramma's en -diensten. Hoofdstuk C: Regionale samenwerking Hier wordt duidelijk welke samenwerkingsverbanden er bestaan in de zorg- en sociaal domeinsector binnen de regio Utrecht. Deze inzichten zijn essentieel om de integrale zorg en ondersteuning te verbeteren en de synergie tussen verschillende zorgpartners te bevorderen.
Door de analyse van deze drie hoofdstukken ontstaat een feitelijk beeld van de gezondheidssituatie, zorgbehoeften en samenwerkingsverbanden in de regio Utrecht. Dit regiobeeld dient als basis voor het opstellen en/of doorontwikkelen van regioplannen die bijdragen aan de gezondheid en het welzijn van de inwoners. 12
Hoofdstuk A. Gezondheid en kenmerken van de regio
A. Gezondheid en kenmerken van de regio: 1. Demografie 2. Gezondheid en leefstijl 3. Sociale kenmerken 4. Leefomstandigheden 5. Specifieke doelgroepen B. Zorg en ondersteuning: 1. (Informele) zorgverleners en arbeidsmarkt 2. Sociaal en maatschappelijke zorg en ondersteuning a) Welzijn b) Preventie en Wpg c) Burger en patiënten initiatieven d) Jeugdwet, Participatiewet en Wmo 3. Verzekerde zorg (Zvw) a) Huisartsenzorg b) Medisch specialistische zorg c) Acute zorg d) Geboortezorg e) Geestelijke gezondheidszorg f) Wijkverpleging g) Farmacie h) Geriatrische revalidatiezorg 4. Langdurige zorg a) Verpleeg- en verzorgingshuizen en thuiszorg b) Gehandicaptenzorg C. Regionale samenwerking
13
Samenvatting hoofdstuk A
Utrecht is een sterk groeiende en vergrijzende regio en heeft t.o.v. landelijk een hoge SES en goede gezondheid, maar kent ook veel verschillen tussen wijken Leefomstandigheden
Sociale kenmerken
Leefstijl
Demografie
Demografie • •
Tussen 2023 en 2040 wordt er een bevolkingsgroei van 12,5% verwacht. Dit komt neer op 168 duizend nieuwe inwoners De (dubbele) vergrijzing in de regio is sterker dan het landelijk gemiddelde. Het aantal 65+’ers neemt naar verwachting toe tot ruim 353 duizend ouderen (aandeel 23,5%) in 2040. Een stijging van 6% (+114 duizend ouderen) t.o.v. het landelijk gemiddelde 4%
Leefstijl • • •
De inwoners van Utrecht hebben t.o.v. van landelijk gemiddelde een gezonde leefstijl (lager aandeel rokers / ernstig overgewicht en lager alcohol gebruik). Wel zijn er hierin grote verschillen tussen wijken/buurten (net als bij andere sociale kenmerken) Het aandeel met één of meer langdurige aandoeningen ligt rond het landelijk gemiddelde; diabetes komt het meeste voor. De prevalentie van m.n. ouderdom gerelateerde aandoeningen neemt naar verwachting sterk toe (bijv. dementie +58,9%)
Sociale kenmerken A. Gezondheid inwoners Utrecht
• • •
Meeste gemeenten hebben gemiddeld een gelijke of hogere SES dan landelijk, met uitzondering van een aantal wijken Meeste gemeenten binnen regio Utrecht hebben relatief weinig inwoners met WW-uitkering en praktisch opleidingsniveau Het aantal meldingen van sociaal kwetsbare inwoners is sinds 2019 sterk toegenomen in alle gemeenten
Leefomstandigheden • •
Ten opzichte van landelijk is de samenstelling van woningvoorraad vergelijkbaar en zijn er relatief veel gezinnen Meeste gemeenten binnen regio Utrecht hebben hogere leefbaarheidsscore (volgens leefbarometer) dan gemiddeld in Nederland; binnen gemeenten zijn er grote verschillen
Doelgroepen
Doelgroepen naar levensfase | • Ouders met kwetsbare gezondheid (bijv. ggz-problematiek) vanwege impact op kinderen en afstemming | Gemiddeld is het aandeel kinderen dat opgroeit in armoede relatief laag, wel zijn er wijken die negatief afwijken • Kwestbare jeugd en jongvolwassenen | 1 op de 4 jongeren en op de 2 jongvolwassenen heeft een indicatie voor psychische klachten • Kwetsbare ouderen | Gemiddeld is 15% van de ouderen kwetsbaar, het aandeel dat alleen woont is t.o.v. landelijk hoger Overige (kwetsbare) doelgroepen die belangrijk worden geacht voor verdieping vanuit het IZA én vanuit (sub)regionale duiding | • Mensen met (risico op) kanker, mensen met (risico op) hart- en vaatziekten, mensen met beperkte gezondheidsvaardigheden, psychisch kwetsbaar (bijv. mensen met verward gedrag, multiproblematiek, (dreigend) dak- en thuislozen, zorgmijders)
14
Navigeer terug naar inhoudsopgave
1. Demografie •
Bevolkingsontwikkeling en geboortes
•
Vergrijzing en leeftijdsopbouw
•
Demografische druk
15
1. Bevolkingsontwikkeling
De bevolkingsomvang groeit naar verwachting sterker dan landelijk; met name in de gemeente Utrecht Bevolkingsontwikkeling Zorgkantoor Utrecht (prognose 2022-2040)
Bevolkingsontwikkeling per gemeente (2023 t.o.v. prognose 2040) 27%
19% 14%
13% 12%
11%
9%
8%
7% 4%
•
Het aantal inwoners van de zorgkantoor-regio stijgt naar verwachting van 1,4 miljoen inwoners in 2023 naar 1,5 miljoen inwoners in 2040; dit is een stijging van circa 14%
•
De regio groeit enerzijds omdat er meer kinderen geboren worden dan er mensen overlijden en anderzijds omdat er meer vestigers dan vertrekkers zijn
•
De bevolkingsgroei in de zorgkantoorregio is sterker dan de gemiddelde bevolkingsgroei in Nederland
Bron | CBS i.c.m. Primos prognose (ABF Research)
3% 2%
0%
-1%
•
De gemiddelde bevolkingsgroei in de regio (alle 24 gemeenten meegenomen) tussen 2023 en 2040 is 12,5%, landelijk is dit 8,3%
•
Het aantal inwoners in de gemeente Utrecht stijgt het hardst met 27%. Voor de gemeente De Ronde Venen, Utrechtse Heuvelrug, IJsselstein en Montfoort is de verwachting dat het aantal inwoners nagenoeg gelijk blijft
-1%
16
1. Geboortecijfer
Geboortecijfer is in de afgelopen jaren net als landelijk afgenomen, maar de prognose is dat het aantal geboortes de komende tien jaar met 18% toeneemt Trend in levend geboren kinderen zorgkantoorregio Utrecht1
•
Het aantal levend geboren kinderen laat in de regio Utrecht in de periode 2002 – 2021 een dalende trend zien. De daling is, met uitzondering tussen 2005-2008, vergelijkbaar met de algemene trend in Nederland
•
Het aantal levend geboren kinderen in de regio Utrecht (zorgkantoor) bedroeg ruim 15 duizend kinderen in 2021
Verwacht aantal jaarlijkse geboortes ROAZ-regio Midden NL* 2
•
Het aantal geboortes neemt de komende 10 jaar naar verwachting met 18% toe ten opzichte van het gemiddeld aantal geboortes in de periode 2020-2022. Dat is gelijk aan de landelijk verwachte stijging
•
Volgens een bijgestelde prognose van CBS ligt de stijging nog iets hoger, namelijk op 20% in vergelijking met het gemiddeld aantal geboortes over de afgelopen drie jaar. Deze bijgestelde prognose is (nog) niet op regionaal niveau beschikbaar
•
Het werkelijke aantal geboortes wordt beïnvloed door diverse factoren en is onder meer afhankelijk van migratiestromen en andere onverwachte gebeurtenissen. De prognose geeft alleen een indicatie
Bron 1 | CBS i.c.m. Primos prognose (ABF Research) Bron 2 | CBS/PBL, gegevens bewerkt door NAZMN (verkregen uit concept ROAZ-beeld regio Utecht. *ROAZ-regio Midden Nederland omvat ook gemeenten Barneveld en Scherpenzeel
17
1. Vergrijzing en leeftijdsopbouw
Zorgkantoor
De regio is momenteel minder vergrijst dan landelijk maar veroudert snel; richting 2040 neemt het aandeel ouderen (65+ én 80+) sterk toe Percentage 65+, zorgkantoorregio Utrecht (prognose 2022-2040)
•
Het percentage inwoners van 65+ stijgt van 17,9% in 2023 naar 22,4% in 2040. Absoluut stijgt het aantal ouderen van 243 duizend in 2023 naar 346 duizend in 2040; een toename van ~103 duizend ouderen. Dit geldt voor de zorgkantoorregio. Wanneer alle 24 gemeenten in scope worden meegenomen stijgt het aantal 65+’ers met 114 duizend inwoners
Leeftijdsopbouw Zorgkantoor Utrecht (prognose 2022-2040)
•
Het aandeel inwoners van 65-79 jaar neem tussen 2023-2040 toe van 13,6% naar 15,1% en het aandeel inwoners boven 80 jaar stijgt van 4,4% naar 7,2%
•
Het aandeel inwoners jonger dan 20 blijft relatief stabiel en het aandeel inwoners van 20-64 daalt van 59,5% naar 55,5%
Impact (dubbele) vergrijzing Landelijk neemt het aandeel ouderen in de samenleving toe. Ook bereiken mensen steeds vaker een hoge leeftijd (dubbele vergrijzing). Met een toenemend aandeel ouderen ontstaat een uitdaging in de (informele) zorg- en hulpverlening, maar ook in bijv. zelfredzaamheid. Het aantal mensen met ouderdomsziekten zoals artrose, gezichts- en gehoorstoornissen en dementie neemt toe, evenals het aantal mensen met meerdere aandoeningen tegelijk. Vooral dementie veroorzaakt veel ziektelast en heeft grote impact, zowel op het leven van de patiënt als op zijn omgeving (mantelzorgers). Bron | CBS i.c.m. Primos prognose (ABF Research), bewerking RIVM
18
1. Vergrijzing per gemeente
Vergrijzing neemt naar verwachting sterk toe in zowel U16 als Eemland in lijn met prognose Nederland
U16 + Eemland
Aandeel 65+’ers in 2023 en prognose aandeel 65+’ers in 2040 (procentuele toename 2023 – 2040 tussen haakjes) 35% 30%
jaar 2023
jaar 2040
25% 20% 15% 10% 5%
0%
•
Het percentage 65+’ers neemt volgens de prognose de komende 17 jaar toe van 17,9% naar 23,5%, een toename van 31%
•
Een toename in aandeel ouderen geldt voor vrijwel alle gemeenten, alleen in Bunnik is de prognose dat dit afneemt van 23,1% (2023) tot 21,4% (2040)
•
De gemeente Utrecht heeft het laagste percentage 65+’ers (11,2%), al neemt dit aandeel sterk toe tot aan 2040 (+68%). Dit relatief lage aandeel 65+’ers in de gemeente Utrecht haalt door het hoge inwoneraantal het gemiddelde aandeel ouderen in de regio naar beneden
Bron | CBS i.c.m. Primos-prognose (ABF Research), bewerking RIVM
19
1. Demografische druk
Zorgkantoor
De gemiddelde demografische druk is lager dan gemiddeld in Nederland, m.n. door jonge populatie gemeente Utrecht, meeste gemeenten hebben juist een hogere druk Demografische druk per gemeente (2022)
•
•
23 van de 25 gemeenten hebben een hogere demografische druk dan gemiddeld in Nederland (70,3%). De Bilt, Utrechtse Heuvelrug, Bunnik, Baarn, Leusden, Woudenberg, Soest en Zeist hebben de hoogste demografische druk, deze ligt boven de 80% Gemeente Utrecht heeft een lage demografische druk en haalt door een hoog inwoneraantal het gemiddelde van de regio naar beneden
Trend demografische druk zorgkantoor regio (2015-2040)
•
De demografische druk in de regio Utrecht neemt naar verwachting in de periode 2023 – 2040 toe van 67,9% naar 80,2%
•
De demografische druk is in de regio Utrecht lager dan gemiddeld in Nederland, dit wordt met name bepaald door de invloed van gemeente Utrecht
Demografische druk Demografische druk geeft de verhouding aan tussen de som van het aantal personen van 0-20 jaar en 65 jaar of ouder en de personen in de zogenaamde 'productieve leeftijdsgroep' van 20-65 jaar. Het cijfer van de demografische druk geeft inzicht in de verhouding tussen het niet-werkende deel van de bevolking en het werkende deel van de bevolking.
Bron | CBS i.c.m. Primos prognose (ABF Research), bewerking RIVM
20
Navigeer terug naar inhoudsopgave
2. Gezondheid en leefstijl •
Levensverwachting
•
Ervaren gezondheid
•
Leefstijlindicatoren: roken, overgewicht, alcoholgebruik
•
Langdurige aandoeningen
•
Medicijngebruik
•
Kankerincidentie
21
2. Levensverwachting
De levensverwachting bij geboorte is toegenomen en is in de regio iets hoger dan landelijk; verschil in levensverwachting tussen gemeenten is 5 jaar Levensverwachting bij geboorte Zorgkantoor Utrecht (2000-2020)
Levensverwachting bij geboorte per gemeente (2000-2020) 87
85 83 81
Nederland
79 77
75 2000
2005
2010
2015
2020
Bunnik De Bilt De Ronde Venen Houten IJsselstein Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Vijfheerenlanden Wijk bij Duurstede Woerden Zeist Amersfoort Baarn Bunschoten Leusden Nijkerk Soest Nederland
•
De levensverwachting bij geboorte ligt in de regio Utrecht hoger dan gemiddeld in Nederland
•
De levensverwachting bij geboorte is in alle gemeenten sinds 2000 toegenomen. In Nijkerk was de toename het hoogste met 5,9 jaar
•
De regio Utrecht laat een vergelijkbare stijgende trend zien in de periode 2000 –2023
•
•
De levensverwachting in de regio is in 2019 voor vrouwen 83,7 jaar en voor mannen 80,7 Dit is voor zowel U16 als Eemland gelijk
De levensverwachting bij geboorte ligt in de meeste gemeenten in regio Utrecht boven het landelijk gemiddelde. Alleen bij de gemeente Utrecht en Baarn lag dit iets lager in de afgelopen 20 jaar
•
In 2020 was de levensverwachting in Bunnik het hoogst met 85,7 jaar en het laagst in Baarn met 80,3 jaar
•
Binnen gemeenten zijn er ook verschillen op wijkniveau in levensverwachting
Bron | Doodsoorzakenstatistiek, CBS (via CBS Remote Access), bewerking RIVM; Eemnes niet weergegeven in de analyse vanwege een (onwaarschijnlijke) uitschieter in leeftijd tussen 2005 en 2010
22
2. Ervaren gezondheid
De meeste inwoners van regio Utrecht ervaren een (zeer) goede gezondheid, dit aandeel neemt naar verwachting heel licht af Percentage (zeer) goed ervaren gezondheid per gemeente1 (2020)
Percentage (zeer) goed ervaren gezondheid Zorgkantoor Utrecht2 (2015-2030)
Nederlands gemiddelde: 79,1% GGDrU = 81,1%
•
Ervaren gezondheid ligt in de meeste gemeente rondom of hoger dan het Nederlands gemiddelde (79,1%). Dit percentage ligt in de regio tussen de 75,9% en 87%
•
Gemeente Nieuwegein en Amersfoort scoren het laagst, met een aantal wijken onder het Nederlands gemiddelde
•
Wanneer gekeken wordt binnen de gemeenten dan vallen wijken in Amersfoort, Soest en Utrecht op als gebieden die onder het Nederlands gemiddelde liggen
Bron 1 | Gezondheidsmonitor volwassenen 2020 van GGD'en, CBS en RIVM Bron 2 | Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2018, RIVM, gemeentelijke verdeling RIVM
•
Het percentage inwoners van 20 jaar en ouder met een goed ervaren gezondheid ligt in de regio Utrecht hoger dan landelijk (78,4%)
•
Dit percentage daalt licht in de periode 2015 – 2030 in de regio (van 78% naar 77,3%) volgens een prognose vanuit RIVM vanaf 2015
•
Uit de Gezondheidsmonitor volwassenen en ouderen van 2022 blijkt dat er een sterke daling is in het percentage inwoners met een goed ervaren gezondheid. Voor regio Utrecht is het percentage gedaald van 81% (in 2020) naar 74% (in 2022). Ook landelijk is sprake van een daling: van 79% (in (2020) naar 70% (in 2022)
23
2. Leefstijlindicatoren op wijkniveau
Grote spreiding tussen en binnen gemeenten kijkend naar leefstijlindicatoren % inwoners (>18 jaar) dat minstens 1 keer per week meer dan 4 (vrouw) of 6 (man) glazen alcohol per keer drinkt (2020)
% inwoners (>18 jaar) dat ernstig overgewicht heeft, BMI>30 (2020)
Nederlands gemiddelde: 8,2% GGDrU= 7,3%
% inwoners (>18 jaar) dat de vraag “Rookt u wel eens?” met ja heeft beantwoordt (2020)
Nederlands gemiddelde: = 14,7%, GGDrU= 12,2%
•
Vooral de binnenstad van Utrecht laat met 15,8% een fors hoger aandeel drinkers zien dan landelijk. Bij Utrecht Oost is dit aandeel ook hoog
•
Vooral in Nieuwegein, Amersfoort, Utrecht en Vijfheerenlanden zijn er (meerdere) wijken met een hoog aandeel inwoners met ernstig overgewicht
•
Nieuwegein heeft veel wijken met een laag aandeel drinkers
•
Binnenstad van Utrecht springt er positief uit met slechts 6,6% van de inwoners met ernstig overgewicht
Bron | Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2020, GGD'en/CBS/RIVM Uit de Gezondheidsmonitor volwassenen en ouderen van 2022 blijkt dat er geen grote veranderingen zijn in leefstijl factoren
U16 + Eemland
Nederlands gemiddelde: = 16,7% GGDrU= 15,1%
•
Inwoners uit sommige wijken in Amersfoort, Utrecht en Nieuwegein roken in verhouding met landelijk en met de regio relatief vaak
•
Bilthoven Noord heeft het laagste percentage rokers (8,8%)
24
2. Langdurige aandoeningen | huidig
Het aandeel inwoners met één of meer langdurige aandoeningen ligt bij de meeste gemeenten rondom- of onder landelijk gemiddelde; diabetes komt het meeste voor Aandeel inwoners (18+) dat de vraag “Heeft u 1 of meer langdurige aandoeningen (>6 maanden”)?” met ja beantwoordt (2020)1
U16 + Eemland
Geschatte aantal inwoners per langdurige aandoening in zorgkantoorregio Utrecht (2022)2
Nederlands gemiddelde: 32,2% GGDrU= 30,1%
•
•
Het percentage inwoners met één of meer langdurige aandoeningen ligt in de meeste gemeenten binnen de regio Utrecht rondom of onder het Nederlands gemiddelde Zoals op de kaart te zien is zijn er wel verschillen binnen gemeenten. Meerdere wijken in Nieuwegein en Amersfoort vallen op doordat ze boven het Nederlands gemiddelde zitten. Tegelijkertijd kent Amersfoort ook de wijken met de minste prevalentie van één of meer langdurige aandoeningen
•
Cijfers uit bovenstaande figuur zijn schattingen
•
De top vier meest voorkomende langdurige aandoeningen zijn diabetes, coronaire hartziekten, COPD en beroerte
Quote zorgprofessional: “Ik kan meer cliënten helpen zelfstandig te
zijn/blijven door het inzetten van (digitale) hulpmiddelen, zoals de oogdruppelbril." (Zuid Oost Utrecht)
Bron 1 | Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2020, GGD'en/CBS/RIVM Uit de Gezondheidsmonitor volwassenen en ouderen van 2022 blijkt dat het percentage inwoners van 18+ met één of meer langdurige aandoeningen ongeveer vergelijkbaar is met 2020. (Regio 2022 31%, NL 2022 33%) Bron 2 | Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn, Nivel, bewerking o.b.v. SMAP methodologie RIVM.
25
2. Langdurige aandoeningen | prognose
Zorgkantoor
Als gevolg van bevolkingsgroei en vergrijzing stijgt naar verwachting het aantal inwoners met één of meer chronische aandoeningen; vooral bij dementie en artrose Prognose inwoners met tenminste één chronische aandoening* zorgkantoorregio Utrecht (2015-2030)
•
•
In 2023 heeft naar verwachting 50,2% van de inwoners in de regio Utrecht minimaal één chronische aandoening
Prognose prevalentie van veel voorkomende chronische aandoeningen zorgkantoorregio Utrecht (2015-2030)
•
De prognose is dat de prevalentie van chronische aandoeningen toeneemt in de regio
•
Met name aan ouderdom gerelateerde aandoeningen zoals dementie (+58,9%) en artrose (+57,1%) neemt de prevalentie tussen 2015 en 2030 naar verwachting toe
Het aantal inwoners met één of meer chronische aandoeningen stijgt van 682 duizend in 2023 naar 725 duizend in 2030; een toename van bijna 43 duizend personen in 7 jaar
Bron | Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2018, RIVM, gemeentelijke verdeling RIVM * Een ‘chronische aandoening’ is hier gedefinieerd als een aandoening waarbij over het algemeen geen uitzicht is op volledig herstel.
26
2. Medicijngebruik langdurige aandoeningen
Zorgkantoor
Het medicijngebruik ligt relatief lager voor lichamelijke aandoeningen en ongeveer gelijk voor mentale aandoeningen ten opzichte van landelijk Percentage inwoners met medicijngebruik voor lichamelijke aandoeningen, boven bepaalde dagelijkse dosis (2018)
Percentage inwoners met medicijngebruik voor mentale aandoeningen, boven bepaalde dagelijkse dosis (2018)
Utrecht
Utrecht
Gemiddelde NL
Gemiddelde NL
•
Het aandeel inwoners met medicijngebruik voor somatische aandoeningen (boven een bepaalde dosis) is in de zorgkantoorregio Utrecht voor alle aandoeningen lager dan het Nederlands gemiddelde
•
Het aandeel inwoners met medicijngebruik voor mentale aandoeningen (boven een bepaalde dosis) is in de zorgkantoorregio Utrecht ongeveer gelijk aan het Nederlandse gemiddelde
•
M.n. voor schildklieraandoeningen, chronische aandoeningen en hartaandoeningen is het percentage inwoners lager dan landelijk gemiddeld
•
Voor ADHD ligt het medicijngebruik wel iets boven het landelijke gemiddelde
Bron | verkregen uit basisbeeld Utrecht – bron risicoverevening
27
2. Kanker incidentie | huidig en prognose
Landelijk neemt incidentie kanker toe, met name onder 75-plussers; ondanks hogere U16 + Eemland overleving neemt ook sterfte toe – incidentie verschilt per gemeente en type kanker Prognose landelijke incidentie per jaar van alle vormen van kanker (1990-2032)
Gemiddeld aantal diagnoses per 100.000 inwoners van de 24 meest voorkomende kankers (links) en longkanker (rechts) vergeleken met het Nederlands gemiddelde (in de periode 2011-2020)
+5%
-2% +7%
+6% +36%
+2%
-28%
+17%
-5%
-12% -16%
-2% -9%
~0%
Kankerdiagnoses vergeleken met het Nederlands gemiddelde
•
Het aantal nieuwe kankerdiagnoses neemt de komende tien jaar flink toe, naar ruim 150 duizend diagnoses per jaar. Dat komt zowel door de vergrijzing als door leefstijl
•
Bovenstaande kaarten zijn afkomstig van de Nederlandse Kankeratlas. Hierin is de impact te zien van kanker per regio in Nederland. Deze atlas toont patronen van hoe vaak bepaalde kankersoorten voorkomen (incidentie), gebaseerd op waar mensen woonden toen ze de diagnose kanker kregen. Dit is in kaart gebracht voor de 24 meest voorkomende kankers en voor al deze kankersoorten samen
•
Deze toename is in de komende tien jaar voor het grootste deel niet meer te voorkomen
•
De incidentie van de meest voorkomende kankersoorten ligt in de regio rondom het landelijk gemiddelde. Sommige gemeente hebben een iets hogere incidentie (bijv. Soest +5%) en andere een iets lagere incidentie (bijv. Zuid Utrecht -5%). Echter, dit beeld kan verschillend zijn per type kanker. Zo is er bijvoorbeeld voor longkanker een grotere variatie in incidentie tussen gemeenten
Bron | (kankeratlas) IKNL. De kankeratlas is gebaseerd op analyses van data uit de Nederlands Kanker Registratie (NKR) van de periode 2011 tot en met 2020
28
Navigeer terug naar inhoudsopgave
3. Sociale kenmerken •
Arbeidsparticipatie en opleidingsniveau
•
Inkomensverdeling en armoede
•
SES-WOA
•
Regie over het eigen leven
•
Sociale kwetsbaarheid
•
Eenzaamheid
•
Laaggeletterdheid
29
3. Arbeidsparticipatie en opleidingsniveau
Meeste gemeenten binnen regio Utrecht hebben relatief weinig inwoners met WWuitkering en praktisch opleidingsniveau Percentage inwoners (>18 jaar) met een WW-uitkering (2020)
Percentage praktisch opleidingsniveau (Vmbo/mbo) t.o.v. 25+ beroepsbevolking (2020)
Nederlands gemiddelde = 1,5%
Nederlands gemiddelde = 26%
•
Het percentage inwoners met een WW-uitkering ligt in de meeste gemeenten rondom of onder het Nederlands gemiddelde
•
Het aandeel huishoudens met een bijstandsuitkering ligt in de regio op 3,9%, landelijk is dit 4,8%
•
U16 + Eemland
Het percentage inwoners met een praktisch opleidingsniveau ligt in de meeste gemeenten rondom of onder het Nederlands gemiddelde. Gemeenten Baarn (Buitengebied 58%) en Nieuwegein (Laaggraven 57%) vallen op met wijken die ruim boven het Nederlands gemiddelde liggen. NB: beide wijken hebben weinig inwoners (940 en 185 resp.)
Relatie arbeidsparticipatie en opleidingsniveau met ervaren gezondheid Mensen met een praktisch opleidingsniveau leven gemiddeld korter in goede gezondheid of hebben vaker lichamelijke beperkingen dan mensen met een theoretisch opleidingsniveau. Onderzoek toont daarnaast aan dat bijstandsgerechtigden en mensen met een WW-uitkering vaker kampen met reumatische en psychische aandoeningen, maar ook hart- en vaatziekten, COPD en diabetes.
Bron | Kerncijfers wijken en buurten 2020
30
3. Inkomensverdeling en armoede
De meeste wijken hebben een relatief laag aandeel inwoners met geldproblemen; met een paar negatieve uitschieters in Utrecht, Amersfoort en Vijfheerenlanden Percentage inwoners regio Utrecht dat moeite heeft met rondkomen1
Percentage inwoners regio Utrecht dat onder het sociaal minimum leeft1
Nederlands gemiddelde = 12,7%
Nederlands gemiddelde: 6,8%
•
De regio Utrecht is een relatief welvarende regio. Toch zijn er enkele wijken waarbij een groot aandeel van de inwoners moeite heeft met rondkomen
•
Dit aandeel is gestegen in 2022 t.o.v. 2020*
•
Binnen de regio Utrecht is er tussen wijken grote diversiteit in aandeel inwoners dat onder het sociaal minimum leeft, dit percentage loopt uiteen van 1,1% (Tienhoven) tot 17,7% (Overvecht)
U16 + Eemland
Percentage huishoudens regio Utrecht met problematische schulden (2020)2
•
Het aandeel huishoudens met schulden is lager dan landelijk (6,2% t.o.v. 7,9%). Dit geldt niet voor wijken in Amersfoort, Nieuwegein, Utrecht en Vijfheerenlanden
Quote inwoner: “En mensen die arm zijn weten dat heel goed verborgen te houden. Dat is sowieso al een heel stress gebeuren, zoals zorgen dat de kinderen geen versleten ondergoed aan hebben als ze gaan sporten of naar de dokter gaan." (Ervaringsdeskundige armoede en sociale uitsluiting, Utrecht) Quote inwoner: “Als jij een naar een arts gaat en je moet je buskaartje betalen en je krijgt een receptje mee en je hebt 70 € 80 In de week hebt, dan ben je aan het overleven en haal je je recept niet op." (Ervaringsdeskundige armoede en sociale uitsluiting, Utrecht) Bron 1 | Kerncijfers wijken en buurten 2020, CBS. *Uit de Gezondheidsmonitor volwassenen en ouderen van 2022 blijkt dat het percentage inwoners in de regio dat moeite heeft met rondkomen is gestegen van 11% in 2020 tot 16% in 2022. Die stijging is ook landelijk te zien (NL van 13% in 2020 naar 19% in 2022). Bron 2 | Loketgezondleven
31
3. SES-WOA
Meeste gemeenten hebben gemiddeld een gelijke of hogere sociaal economische status dan landelijk, met uitzondering van een aantal wijken SES-WOA t.o.v. landelijk gemiddelde – U16
Utrecht Overvecht
U16 + Eemland
SES-WOA t.o.v. landelijk gemiddelde – Eemland
zeer laag
zeer laag
laag
laag
lager
lager
ongeveer gelijk
ongeveer gelijk
Amersfoort
hoger
hoger
hoog
hoog
zeer hoog
zeer hoog
•
De SES-WOA score ligt in de meeste gemeenten in de U16 boven het landelijk gemiddelde. In de wijk Utrecht Overvecht ligt de SES-WOA score onder het landelijk gemiddelde (-0,488)
•
Maar ook binnen andere gemeenten zijn er wijken met een lagere SES-WOA, zoals in Vijfheerenlanden, Oudewater, Woerden, Stichtse Vecht, Zeist en Nieuwegein
•
Ook in Eemland ligt de SES-WOA score boven of gelijk aan het landelijk gemiddelde in de meeste gemeenten
•
In Amersfoort en Soest zijn er enkele wijken die een lage SES-WOA score hebben waardoor het gemiddelde lager uitvalt. Maar ook binnen andere gemeenten zijn er wijken met een lagere SES-WOA, zoals in Leusden, Baarn en Nijkerk
SES-WOA Over het algemeen is de gezondheid van mensen met een lage sociaaleconomische status (SES) slechter dan die van mensen met een hoge SES. Deze ongelijkheid kan gedeeltelijk worden toegeschreven aan een verhoogde aanwezigheid van risicofactoren bij mensen met een lage SES, zoals ongunstige huisvestings- en werkomstandigheden, ongezonde levensstijl en werkloosheid.
Bron | CBS i.c.m. Primos prognose (ABF Research), bewerking RIVM De SES-WOA score is voor het eerst bepaald door het Centraal Bureau voor de Statistiek op basis van gegevens over financiële welvaart (W), opleidingsniveau (O) en recent arbeidsverleden (A) van de huishoudens in de betreffende regio. Een hogere score reflecteert een hogere sociaaleconomische status.
32
3. Regie over het eigen leven
Relatief meer mensen met voldoende regie over het eigen leven dan landelijk en er is weinig spreiding te zien tussen gemeenten Percentage inwoners (20+) zorgkantoorregio Utrecht met regie over het eigen leven, (2015-2030)1
Percentage inwoners (20+) zorgkantoorregio Utrecht met regie over het eigen leven, per gemeente (2020)2
•
Het percentage inwoners van 20 jaar en ouder dat regie over het eigen leven heeft, ligt hoger dan het gemiddelde in Nederland
•
•
Het percentage inwoners van 20 jaar en ouder dat regie over het eigen leven heeft, laat net zoals landelijk een dalende trend zien
Het percentage inwoners van 20 jaar en ouder dat regie over het eigen leven laat een lage spreiding zien over de regio Utrecht, er zijn geen grote uitschieters
•
Alle gemeenten scoren relatief hoog op het gebied van regie over het eigen leven, tussen de 90 en 94%
•
Gemeenten De Ronde Venen, Stichtse Vecht, Montfoort, Houten, Bunnik, Leusden en Bunschoten scoren hierbinnen het hoogst
•
NB: Dit is een prognose vanuit RIVM vanaf 2015. De daling in ervaren eigen regie op het leven is niet terug te zien in de laatste cijfers van Gezondheidsmonitor voor volwassenen in de regio (2020)
Quote inwoner: “In onze wijk is de eigen regie bij ouderen afgenomen. Mogelijk door een afname in ontmoetingsplekken en een afname in mobiliteit. Er is een buslijn verdwenen en je kunt niet altijd gebruik maken van de regiotaxi” (gemeente Utrecht)
Bron 1 | Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2018, RIVM, gemeentelijke verdeling RIVM Bron 2 | Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2020, GGD’en/ CBS/RIVM
33
Zorgkantoor
3. Sociale kwetsbaarheid Het aantal meldingen Meld- en Adviespunt Bezorgd voor sociaal kwetsbare inwoners is sinds 2019 sterk toegenomen in alle gemeenten Ontwikkeling aantal reguliere meldingen Meld- en Adviespunt Bezorgd per 100.000 inwoners (2019- prognose 2022)
•
Het aantal reguliere meldingen neemt fors toe
•
In totaal zijn 2.742 reguliere meldingen bij het Meld-
U16 + Eemland
en Adviespunt Bezorgd (MAB) in 2022 binnengekomen. Dit zijn gemiddeld 53 meldingen per week, in 2021 ging het om gemiddeld 32 meldingen per week •
Het merendeel van de meldingen gaat om psychische problematiek
Meld- en Adviespunt Bezorgd GGD regio Utrecht voert voor 17 gemeenten het Meld- en Adviespunt Bezorgd (MAB) uit. Het MAB is er voor sociaal kwetsbare mensen, die veel problemen hebben, zoals verslaving, schulden, verwardheid of vervuiling. Het gaat om mensen die niet eenvoudig zelf de weg naar hulp weten te vinden, daar soms om vragen, of de zorg juist mijden. Zij leiden een gemarginaliseerd bestaan en zijn onvoldoende in staat om in de eigen bestaansvoorwaarden te voorzien. Het MAB werkt samen met tal van (zorg)organisaties zoals de wijkteams, huisartsen, specialistische zorg zoals GGZ en verslavingszorg, politie en gemeente om ervoor te zorgen dat de gemelde persoon de juiste zorg en/of hulp krijgt. Duiding Wmo-regio’s: het in beeld hebben van mensen die behandeld zijn in de GGZ en weer in de wijk wonen is ingewikkeld. Bron | GGD regio Utrecht
34
3. Eenzaamheid
Een lager aandeel inwoners in zorgkantoorregio Utrecht ervaart eenzaamheid vergeleken met het Nederlands gemiddelde; dit verschilt per gemeente en per wijk Percentage inwoners zorgkantoorregio Utrecht dat eenzaamheid ervaart (2015-2030)1
Percentage inwoners zeer ernstig ervaren eenzaamheid per gemeente en per wijk regio Utrecht (2020)2
Nederlands gemiddelde: 11,2%
•
Het percentage inwoners van 20 jaar en ouder waarbij er sprake is van ervaren eenzaamheid, ligt in de regio Utrecht lager dan het gemiddelde in Nederland
•
Het percentage inwoners van 20 jaar en ouder waarbij sprake is van ervaren eenzaamheid, laat een licht stijgende trend zien, dit is in lijn met de trend voor heel Nederland
•
Voor een verdieping ervaren eenzaamheid bij jongeren en jongvolwassen zie subhoofdstuk 5 van hoofdstuk A
Bron 1 | Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2018, RIVM, gemeentelijke verdeling RIVM Bron 2 | Kerncijfers wijken en buurten 2020, CBS Bron 2 | CBS, bewerking RIVM
•
Het aandeel inwoners dat zeer ernstige eenzaamheid ervaart ligt tussen de 8% en 12% in de regio. Landelijk gemiddelde is 11,2%
•
Vooral in de stedelijke gemeenten Utrecht, Nieuwegein, Zeist en Amersfoort zijn er wijken waarin zeer ernstig ervaren eenzaamheid relatief vaak voorkomt
•
Ook zijn er bepaalde wijken in Zuidoost Vijfheerenlanden waarbij het aandeel inwoners met zeer ernstige eenzaamheid hoog is
35
3. Laaggeletterdheid
Met uitzondering van gemeente Nieuwegein hebben alle gemeenten een lager aandeel mensen die laaggeletterdheid zijn ten opzichte van landelijk Schatting percentage inwoners (>16 jaar) met laaggeletterdheid per gemeente (2020)
Nederlands gemiddelde: 11,9%
Amersfoort
8-11%
Baarn
5-8%
Bunnik
0-5%
Bunschoten
5-8%
De Bilt
0-5%
De Ronde Venen
8-11%
Eemnes
5-8%
Houten
5-8%
IJsselstein
5-8%
Leusden
8-11%
Lopik
8-11%
Montfoort
5-8%
Nieuwegein
13-16%
Nijkerk
5-8%
Oudewater
8-11%
Soest
0-5%
Stichtse Vecht
0-5%
Utrecht
0-5%
Utrechtse Heuvelrug
8-11%
Vijfheerenlanden
8-11%
Wijk bij Duurstede
0-5%
Woerden
0-5%
Zeist
8-11%
Woudenberg
8-11%
•
Laaggeletterdheid ligt in bijna alle gemeenten binnen regio Utrecht onder het Nederlands gemiddelde
•
Enkel gemeente Nieuwegein ligt net iets boven het Nederlands gemiddelde van 11,9%
Bron | Stichting Lezen & Schrijven
U16 + Eemland
Relatie laaggeletterdheid met gezondheid •
Over het algemeen hebben laaggeletterden een slechtere gezondheidssituatie. Laaggeletterden hebben een verhoogd risico op vroegtijdig overlijden, kunnen moeite hebben met zelfmanagement en hebben doorgaans een minder gezonde levensstijl
•
Daarnaast kan het invloed hebben op het gebruik en effectiviteit van gezondheidszorg. Het begrijpen van gezondheidsinformatie kan voor laaggeletterden lastig zijn, wat resulteert in slechtere gezondheidsresultaten. Het navigeren door het zorgsysteem, zoals het begrijpen van medische tests, interpretatie van resultaten en effectieve communicatie met zorgverleners kan als lastig worden ervaren. Dit geldt overigens niet alleen voor laaggeletterden
•
Verder zijn ze mogelijk ook minder geneigd om preventieve zorg te zoeken en stellen zorg uit totdat hun toestand is verslechterd
•
NB: niet alleen laaggeletterdheid is indicator voor moeilijk met het gebruik en begrijpen van zorg
Duiding Wmo-regio’s: In het voorliggend veld is aandacht nodig voor vraagstukken over bestaanszekerheid en dan met name financiële bestaanszekerheid. En ook voor ondersteuning bij taal- , digitale en gezondheidsvaardigheden.
36
Navigeer terug naar inhoudsopgave
4. Leefomstandigheden •
Huishoudsamenstelling en migratieachtergrond
•
Woonsituatie
•
Leefbaarheid
•
Sociale monitors
37
4. Huishoudsamenstelling en migratieachtergrond
Er zijn relatief veel gezinnen in de regio en het percentage inwoners dat buiten Europa geboren is varieert per gemeente Huishoudsamenstelling (2022)
U16 + Eemland
Percentage inwoners buiten Europa geboren (2022)
100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0%
samenwonend met kind en eenoudergezinnen totaal samenwonend zonder kinderen totaal alleenstaand totaal
•
In de regio Utrecht is gemiddeld 28,8% van de huishoudens alleenstaand, 27,7% samenwonend zonder kinderen en 33,5% samenwonend/eenouder met kinderen
•
In Bunshouten en Houten zijn er verhoudingsgewijs de meeste gezinnen en in Utrecht en Baarn de minste
•
T.o.v. landelijk zijn er relatief meer huishoudens met kinderen
•
In Nederland zijn er in 2022 1,7 miljoen inwoners van de 17,6 miljoen buiten Europa geboren (bijna 10%)
•
In de regio Utrecht varieert dit tussen de 3,6% (Lopik) en 14,9% (Utrecht)
Quote zorgprofessional: “Als er een stukje in de wijkkrant staat over vaccineren, dan moeten we dat ook in andere talen opnemen en met plaatjes, Omdat er toch veel mensen de taal niet machtig zijn.” (Vijfheerenlanden)
38 Bron | Regionale kerncijfers CBS
4. Woonsituatie
De regio Utrecht heeft ten opzichte van landelijk een vergelijkbare samenstelling van woningvoorraad Percentage woningen in de wijk die door bewoners worden gehuurd (zowel corporatie als overige huur) (2020)2
Samenstelling woningvoorraad (2020) (excl. eigendom onbekend)1
U16 + Eemland
Passend gehuisveste huishoudens, alleen voor corporatiewoningen* (2020)1
Nederlands gemiddelde: 42,9%
•
De regio Utrecht een redelijk gelijk aandeel koopwoningen ten opzichte van landelijk (58,2% t.o.v. 57,2%)
•
De wat meer stedelijke gemeenten hebben een groter aandeel huurwoningen
•
Hoog percentage Baarn te verklaren door woningen cliënten verstandelijke beperking
•
Het aandeel huishoudens dat gehuisvest is in een woning met een huurprijs die past bij het inkomen is relatief laag (regio 69% en Nederland 73%). Dit geldt vooral voor Lopik en Eemnes (beide 62%)
Relatie huisvesting en gezondheid De stabiliteit en kwaliteit van huisvesting zijn belangrijk voor o.a. mentale gezondheid. Hoe stabieler de huisvesting, hoe minder stress er wordt ervaren, wat positief doorwerkt in de mentale gezondheid (Trimbos). Daarnaast heeft een lage kwaliteit van huisvesting (denk aan vocht- en schimmelproblemen) ook invloed op lichamelijke gezondheid. Zo verhogen kwalitatief slechte woningen het risico op astma, allergieën en luchtwegaandoeningen. Quote inwoner: “Het vinden van woonruimte zodat ik mijn leven/herstel kan oppakken. Ik kom psychisch steeds verder van de maatschappij te staan...” (Utrecht) Bron 1 | Lokaal monitor wonen *Het percentage van de huishoudens dat gehuisvest is in een woning met een huurprijs die past bij het huishoudinkomen, het betreft hier alleen huishoudens in corporatiewoningen Bron 2 | Kerncijfers wijken en buurten 2020
39
4. Leefbaarheid
Zorgkantoor
Meeste gemeenten binnen regio Utrecht hebben hogere leefbaarheid dan gemiddeld in Nederland; Utrecht, Nieuwegein en Zeist zijn uitzonderingen Leefbaarheid per wijk regio Utrecht (2020)
Utrecht Overvecht
Afwijking leefbaarheid per wijk regio Utrecht ten opzichte van gemiddelde in Nederland (2020)
Utrecht Nieuwegein
Zeist
•
De meeste wijken binnen regio Utrecht scoren voldoende tot zeer goed in de leefbaarometerklasse, enkel Utrecht Overvecht scoort zwak
•
T.o.v. de gemiddelde leefbaarheid in Nederland scoren de meeste wijken binnen de regio Utrecht (boven)gemiddeld op leefbaarheid
•
.Op zeer lokaal niveau binnen wijken en zelfs subwijken kan de leefbaarheid sterk verschillen. Zo kan een wijk die in zijn geheel goed scoort op delen onvoldoende zijn
•
Uitzonderingen zijn wijken in Utrecht (Overvecht, Noordwest, Zuidwest, Zuid), Zeist (Noord), Soest (Smitsveen, Hart Soestdijk) en Nieuwegein (Jutphaas, Stadscentrum, Merwestein) en Amersfoort (de Kruiskamp en Stadskern)
Leefbaarometer De Leefbaarometer is een monitor- en signaleringsinstrument waarmee een inschatting wordt gegeven van de leefbaarheid in Nederland, zoals bewoners die ervaren in hun buurt of wijk. Dit gebeurt aan de hand van 94 indicatoren binnen de volgende vijf ‘dimensies’: fysieke omgeving, woningvoorraad, voorzieningen, sociale samenhang, overlast en onveiligheid. De Leefbaarometer laat zien hoe de situatie van de leefbaarheid is en hoe die zich in de afgelopen jaren heeft ontwikkeld. Bron | Leefbarometer.nl
40
4. Sociale monitors
Inzicht in de beleving van inwoners kan o.a. via monitor sociaal domein of monitor sociale kracht benut worden om inzicht te krijgen in belangrijke ontwikkelingen in een gemeente Indicatief voorbeeld* sociale kracht monitor van Nieuwegein (2022) volgens Dimensus beleidsonderzoek De sociale kracht van een groep/buurt gemeenten wordt bepaald door zeven componenten (zie figuur links). Voor elke component wordt een indicatorscore berekend op een schaal van 0 tot 10 die relatieve waarden aangeeft en benchmarking mogelijk maakt. Hoe hoger de score, hoe beter de situatie
Sociale monitors gemeenten
Er is veel informatie beschikbaar in de monitors van gemeenten. Naast inzicht in gezondheid, sociale factoren en leefbaarheid is er ook een beeld over de beleving van een inwoners via bijvoorbeeld bewonerspanels. Er is dus vaak informatie beschikbaar op gemeenteniveau over o.a. (financiële) zelfredzaamheid (zelf zorg kunnen regelen, veerkracht, welbevinden, digitale vaardigheden), mate van eenzaamheid, sociale cohesie (discriminatie, sociaal vertrouwen), leefbaarheidsbeleving, veiligheidsbeleving, en participatie (meedoen in de samenleving, vrijwilligerswerk)
Gebruik en nut van sociale monitors
Inzichten in wat bewoners zelf van ervaren omtrent deze cijfers geeft een gemeente extra inzicht en mogelijk richting voor welke maatschappelijke opdrachten van belang zijn. In het voorbeeld van Nieuwegein is bijvoorbeeld een achteruitgang in sociale pijlers te zien (eenzaamheid , sociale samenhang en zelfredzaamheid).
Bron | Rapportage Monitor Sociale Kracht Nieuwegein 2022 * Er zijn meerdere gemeenten in de regio met een sociale (kracht) monitor. De vergelijking tussen gemeenten op specifieke pijlers is voor sommige van deze indicatoren lastig, gezien de insteek en vraagstelling van de bewonerspanels
41
Navigeer terug naar inhoudsopgave
5. Specifieke doelgroepen •
IZA-doelgroepen
•
Opgroeien in kwetsbaarheid
•
Jongeren
•
Jongvolwassenen
•
Ouderen met een kwetsbare gezondheid
42
5. (IZA)-doelgroepen
Doelgroepen krijgen aandacht in kwantitatieve analyses, (sub)regionale duiding is nodig om doelgroepenaanpak mogelijk te maken Vanuit het IZA is aangestuurd op een doelgroepenbenadering, wat wordt gezien als een middel om afspraken en voortgang aangaande de transformatie concreet te maken. De monitor die hier vanuit IZA voor beschikbaar wordt gesteld is na publicatie van het regiobeeld (30 juni) gereed. Onderstaande vijf doelgroepen zijn geformuleerd en verdienen in ieder geval aandacht. Het huidige concept regiobeeld beschrijft de verschillende doelgroepen met relevante, kwantitatieve analyses. Mensen met beperkte gezondheidsvaardigheden •
• •
Sociale determinanten, zoals laaggeletterdheid, regie over het eigen leven (zie A.3) Leefomstandigheden, zoals migratieachtergrond (zei A.4) Jeugd en Wmo, zoals partcipatiewet (zie B.2d)
Ouderen met kwetsbare gezondheid • • • • •
Demografie, zoals vergrijzing (zie A.1) Gezondheid en leefstijl, zoals levensverwachting en prevalentie (zie A.2) Sociale kenmerken, zoals eenzaamheid en kwetsbaarheid (zie A.3) Ouderen woonsituatie (zie A.5) VVT, zoals gebruik, zorgzwaarte en wachttijden (zie B.4a)
Mensen met psychische klachten •
• •
• •
Gezondheid en leefstijl, zoals prevalentie en medicijngebruik (zie A.2) Leefomstandigheden, zoals woonsituatie en leefbaarheid (zei A.4) Jeugd en jongvolwassenen, mentale gezondheid en weerbaarheid (zie A.5) Preventie (zie B.2b) GGZ, zoals gebruik, kosten en wachttijden (zie B.3e)
Mensen met (risico op) kanker •
•
Gezondheid en leefstijl, zoals roken, overgewicht en incidentie (zie A.2) Algemene inzichten over huisartsenzorg en medisch specialistische zorg, zoals gebruik en wachttijden (zie B.3a en B.3b)
Mensen met (risico op) hart- en vaatziekten •
•
Gezondheid en leefstijl, zoals roken, overgewicht en prevalentie (zie A.2) Algemene inzichten over huisartsenzorg en medisch specialistische zorg, zoals gebruik en wachttijden (zie B.3a en B.3b)
Aanvullend vanuit de conclusies en (sub)regionale duiding (zie conclusiepagina’s) te overwegen om de volgende doelgroepen een aanvullende verdieping te doen: • Ouders met kwetsbare gezondheid (bijv. ggz-problematiek of schuldproblematiek) vanwege impact op kinderen en afstemming • Kwestbare jeugd en jongvolwassenen • Psychisch kwetsbaar (bijv. mensen met verward gedrag, multiproblematiek, (dreigend) dak- en thuislozen, zorgmijders)
43
5. Opgroeien in kwetsbaarheid
Gemiddeld is het aandeel kinderen dat opgroeit in armoede in de meeste gemeenten relatief laag; binnen gemeenten zijn er wel wijken die negatief afwijken Percentage kinderen in een uitkeringsgezin per gemeente (2020)1
Percentage kinderen in uitkeringsgezin per wijk (2021)2 – tabel geeft alleen de wijken weer met een aandeel boven 10%
8% 7% 6% 5% 4% 3% 2% 1% 0%
•
Het percentage kinderen dat in een uitkeringsgezin opgroeit ligt met in de regio Utrecht (5%) iets onder het Nederlands gemiddelde (6%)
•
Dit geldt voor de meeste gemeenten (gemeente Utrecht uitgezonderd)
U16 + Eemland
Nieuwegein Plettenburg Utrecht Overvecht Nieuwegein Merwestein Soest Smitsveen Amersfoort De Koppel Amersfoort Liendert Amersfoort Schuilenburg Utrecht Zuidwest Nieugegein Jutphaas W. Amersfoort Kruiskamp Amersfoort Schothorst-Zuid Nieuwegein Rijnhuizen Vijfh. De Hagen De Bilt: Bilthoven Zuid West Utrecht Noordwest Amersfoort Randenbroek Utrecht Zuid
•
30% 21% 20% 19% 18% 17% 16% 16% 15% 13% 13% 13% 13% 11% 11% 10% 10%
Op wijkniveau zijn er een aantal wijken waarbij het aandeel kinderen dat opgroeit in een uitkeringsgezin relatief hoger ligt. Zo zijn 17 wijken waarbij min. 1 op de 10 kinderen opgroeit in een uitkeringsgezin
Relatie opgroeien in armoede en gezondheid2 Bijna alle kinderen die opgroeien in armoede hebben frequent en/of aanhoudend last van hoge stress. Dit heeft een negatief effect op hun groei en ontwikkeling, gezondheid en het functioneren in de kindertijd. Deze stress kan ook op lange termijn gevolgen hebben voor hun psychische en lichamelijke gezondheid. Zoals vermeld in de JGZ Richtlijn Psychosociale problemen (2016), toont onderzoek aan dat kinderen en jongeren uit gezinnen met een lage SES bijna twee keer zoveel kans hebben op psychosociale problemen in vergelijking met hun leeftijdsgenoten uit gezinnen met hoge SES Quote inwoner: “En mensen die arm zijn weten dat heel goed verborgen te houden. Dat is sowieso al een heel stress gebeuren, zoals zorgen dat de kinderen geen versleten ondergoed aan hebben als ze gaan sporten of naar de dokter gaan." (Ervaringsdeskundige, Utrecht) Bron 1 | Kerncijfers wijken en buurten 2020, CBS Bron 2 | CBS, bewerking RIVM Bron 2 | Nederlands Jeugdinstituut
44
5. Opgroeien in kwetsbaarheid
Risico op kwetsbaarheid (kwetsbare ouders of vroeg en/of te laaggeboortegewicht) is binnen de meeste gemeenten relatief laag – met uitzondering van bepaalde wijken Kwetsbaarheidsindex (18-40 jarigen) per gemeente (links) en per wijk (rechts) Een hogere score geeft aan dat er een groter risico is op kwetsbaarheid 1
U16 + Eemland
Vroeg en/of te laag geboortegewicht (2021) per 1.000 geboortes (Big2) 2 180 160 140 120 100 80 60 40 20 0
•
[Links] Inwoners tussen 18-40 jaar in de gemeenten Utrecht, Nieuwegein, Amersfoort en Zeist hebben een grotere risico op kwetsbaarheid ten opzichte van het landelijke gemiddelde
•
[Rechts] Binnen gemeenten verschilt het risico op kwetsbaarheid in deze doelgroep aanzienlijk. Zo zijn er meerdere wijken in Utrecht, Nieuwegein en Amersfoort die lager scoren. Maar daarnaast zijn er specifieke wijken zoals de Bilt-Oost, Zeist-West, Woerden-Midden en Soest-Smitsveen die lager scoren
•
In de regio is het aandeel Big2-geboortes (vroeg en/of te laag geboortegewicht) redelijk gelijk aan landelijk gemiddelde. Woudenberg heeft een lager aandeel (let op: data voor een groot aantal gemeenten ontbreekt)
Kwetsbaarheid Bij kwetsbaarheid is er een disbalans tussen risicofactoren en beschermende factoren. De veerkracht om hier vervolgens mee om te gaan wordt sterk beïnvloed door factoren zoals sociaal netwerk, financiële situatie en opleidingsniveau. Maar ook gevoel van controle over het leven en de mogelijkheden om iets te veranderen. Met geanonimiseerde data van het CBS is een model ontwikkeld om het risico op kwetsbaarheid onder (potentiële) ouders te kunnen voorspellen. Vroeggeboorte en of te laag geboortegewicht kan ook grote gevolgen hebben op gezondheid op korte en langere termijn Quote welzijnsprofessional: “In onze wijk hebben we peutergroepen met ouders én peuter, we gaan op huisbezoek en geven voorlichting over eenvoudige opvoedvragen. We zijn blij met kleine stappen, bijvoorbeeld dat als ze naar school gaan ze op tijd in de klas zitten.” (Vijfheerenlanden) Bron 1 | Atlas kwetsbaarheid (kansenkaart.nl) Bron 2 | Perined, Vroeggeboorte, ondergewicht en/of groeivertraging | Oorzaken en gevolgen | Laag geboortegewicht
45
5. Jongeren | Mentale gezondheid Een op de vier 13-17-jarigen heeft matig tot hoog risico op psychosociale problemen; ruim 4 op de 10 ervaart vaak stress
Lopik
Woudenberg
Soest
De Ronde Venen
Montfoort
Bunnik
Houten
Vijfheerenlanden
Wijk bij Duurstede
Leusden
Oudewater
NL
2021
Woerden
Utrecht
Utrechtse…
Nieuwegein
Zeist
Bunschoten
Baarn
De Bilt
2019
IJsselstein
60% 50% 40% 30% 20% 10% %
2021
Eemnes
2019
Amersfoort
40% 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% %
Percentage jeugd dat (zeer) vaak gestrest is door één of meer factoren (5), 13-17 jarigen1
Stichtse Vecht
Percentage jeugd met matig - hoog risico op psychosociale problemen (SDQ), 13-17 jarigen1
U16 + Eemland
•
Het aandeel jongeren (13-17 jarigen) met een matig-hoog risico op psychosociale problemen (volgens SDQ) ligt in 2021 tussen de 19% en 35%
•
Het aandeel jongeren dat (zeer) vaak gestrest is ligt in 2021 tussen de 32% en 49%. In Lopik, Woudenberg en De Ronde Venen is dit aandeel het laagst
•
Dit aandeel is tussen 2019 en 2021 sterk toegenomen (mogelijk relatie met Corona) in de meeste gemeenten, m.n. bij Lopik en Woerden
•
Dit aandeel is tussen 2019 en 2021 vrijwel gelijk gebleven (net als landelijk), in Oudewater is een sterke stijging te zien
•
Landelijk kwartaalonderzoek naar jongeren laat zien dat het aandeel jongeren met mentale klachten sinds 2019 onverminderd hoog blijft2
•
Jongeren ervaren stress door prestatiedruk, onzekerheid over de toekomst (geldgebrek, woningnood), gebrek aan rust en verbinding blijkt uit o.a. het landelijk kwartaalonderzoek jongeren
Quote welzijnsprofessional: “Ik denk dat jongeren heel veel druk voelen, het leven is prestatiegericht. Ze moeten er mooi uitzien, goed presteren, social media en ouders dragen daaraan bij.” (Stichtse Vecht) Quote inwoner: “Als je op vrijdag- of zaterdagavond niks leuks aan het doen bent voelen veel jongeren zich daar down door. Ik heb het zelf ook wel. Veel delen op social media, kijk ik ben interessant. Dan voelt het of je sociaal minder bent.” (Stichtse Vecht) Bron 1 | Gezondheidsmonitor jeugd voortgezet onderwijs Bron 2 | Kwartaalonderzoek jongeren | RIVM
46
5. Jongeren | Weerbaarheid en ervaren gezondheid
Zorgkantoor
Ondanks groot risico op psychosociale problemen is het grootste deel van de jeugd weerbaar en ervaart goede gezondheid Percentage weerbaar*, per gemeente, middelbare scholieren (klas 2 en 4 - 2021)