CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB23.024 Kadernota 2024 RDWI

Vragenuur Lijst ingekomen stukken 14 maart 2023, gemeente ZeistBij agendapunt: C-Raadsinformatiebrieven12.494 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

hh

A

Publiekshal » Het Rond 1, Zeist

www.zeist.nl » www.twittter.com/gemeentezeist

Postbus 513, 3700 AM, Zeist

www.facebook.com/gemeentezeist

Telefoon 14 030 « zeist@zeist.nl

Gemeente Zeist

“Behandeling Giofhe

TAS 22. OzU

Aan de gemeenteraad

Datum

22 februari 2023

Burgerservicenummer

Ons kenmerk

98-02. 2023

137908

Uw kenmerk

Bijlage(n)

3

Behandeld door

Arno Klarenbeek

Onderwerp

Kadernota 2024 Regionale Dienst Werk& Inkomen (RDWI)

Portefeuillehouder

Laura Hoogstraten

Geachte leden van de raad,

Op 16 januari 2023 hebben wij van het bestuur van de Regionale Dienst Werk& Inkomen (RDWI) de kadernota 2024 ontvangen. De kadernota is geplaatst op de postlijst van de raadsvergadering van uw gemeenteraad van 21 februari aanstaande, poststuknummer PR23.013 met als behandel advies afdoening burgemeester en wethouders. Zie: https://zeist.raadsinformatie.nl/document/12324402/1/PR23 013+Kadernota+2024+RDWI

In het per 1 april 2019 van kracht zijnde delegatiebesluit (19RAAD012) met delegatie van taken van u aan ons

college is t.a.v. het naar voren brengen van zienswijzen op een kadernota als bedoeld in artikel 34b van de Wet gemeenschappelijke regelingen bepaald, dat wij u gelegenheid geven wensen en bedenkingen kenbaar te maken over de voorgenomen zienswijze op een kadernota.

Hieraan wordt d.m.v. deze brief metbijlagen, bestaande uit de kadernota 2024, ons collegevoorstel/-besluit d.d. 21 februari 2023 en onze —-concept- zienswijze aan de RDWI, voldaan. Deze brief met bijlagen wordt toegevoegd aan de lijst van ingekomen stukken voor uw vergadering van 21 maart, waarvan bespreking op 14 maart plaatsvindt. U bent daarnaast tot en met dinsdag 14 maart in de gelegenheid eventuele wensen of bedenkingen schriftelijk aan ons kenbaar te maken. Uiterlijk 10 maart 2023 dienen wij , onder voorbehoud nazending wensen en bedenkingen van uw

gemeenteraad, de zienswijze in. We hebben tot en met 14 maart de gelegenheid daarvoor. Op 12 april stelt

het Algemeen Bestuur van de RDWI de kadernota 2024 definitief vast. De kadernota is de onderlegger voor de ontwerp-begroting 2024 die we na 17 april van het dagelijkse bestuur van de RDWI voor zienswijzen toegestuurd krijgen.

In de Kadernota 2024 voorziene ontwikkelingen: De kadernota is een helder stuk, goed ingedeeld en goed leesbaar. De nota is compact en bevat een goede

verbinding naar de beleidsontwikkelingen op het terrein van Werk & Inkomen en eerdere P&C stukken. Daarnaast worden de risico’s voor 2024 benoemd.

Austerlitz « Bosch en Duin « Den Dolder = Huis ter Heide = Zeist

In de Kadernota 2024 verwacht de RDWI een mindersterke groei van het klantenbestand dan bij de Kadernota 2023 voor het jaar 2024 was voorzien. In de Kadernota 2023 was voor 2023 een stabilisatie van

het bestand voorzien (2740 klanten) en voor 2024 een stijging naar 2935 klanten. De huidige inschatting is een stijging met 4% en een klantenbestand van 2850 klanten. Dit verklaart de in paragraaf 1.3 benoemde daling van de sociaal domein lasten.

Voor de Wet inburgering houdt de RDWI net zoals voor 2023 rekening met een grotere instroom en

toenemende activiteiten voor deze taak. Het effect van de stijging van de huisvestingstaakstelling wordt nog

meegenomen in de ontwerp-begroting 2024. Onze inzet is dat de RDWI met voldoende capaciteit borgt dat de toename van de taak niet ten kosten gaat van de inburgeraars, maar dat deze mensen van meet af aan adequaat begeleid kunnen worden. Wij verwachten adequaat en pro actief anticiperend gedrag van de RDWI. Ook voor de schulddienstverlening verwacht de RDWI, o.a. als gevolg van de huidige inflatie- en energiecrisis, in 2024 een verdere toename van het aantal inwoners en ondernemers met schulden. Vooralsnog verwacht de RDWI dit binnen de bestaande capaciteit, die op dit punt via de kadernota 2023 is uitgebreid, op te kunnen vangen. De RDWI volgt op dit punt ook de landelijke (wetgevings) ontwikkelingen op de voet. Waar nodig leidt dit na de ontwerp-begroting 2024 tot bijstelling via 1 van de latere reguliere P&C instrumenten van de RDWI. Ook hier verwachten wij adequaat en pro actief anticiperend gedrag van de RDWin het belang van tijdige en goede uitvoering van de taak schulddienstverlening voor de klanten.

De RDW! attendeert in de kadernota op de slechte voorspelbaarheid van de economische ontwikkelingen in deze mondiaal turbulente tijd. Dit geldt zowel voor 2024 als voor de meerjarenramingen. Als gevolg van het proces "Participatiewet in balans”, waarvan de uitwerking van de Minister nog vorm moet krijgen, wijzigen vanaf 2024 daarnaast de ondersteuning naar werk, het bieden van een basaal inkomen en de controle op de verplichting voor de cliënten. Hoewel dit aansluit bij de lijn die binnen de RDWI reeds is ingezet, zal ook dit effect en impact hebben op het begrotingsjaar 2024 en verder. De omvang hiervan kan nu nog niet bepaalt worden. Omdat de RDWIzich delaatste jaren een snel en flexibel schakelende organisatie en goede en betrouwbare samenwerkingspartner heeft getoond hebben we er vertrouwen in dat deze ontwikkelingen via de reguliere P&C documenten ooktijdig inzichtelijk voor ons als deelnemer zullen worden. Bedrijfsvoering en apparaatskosten:

De formatie-omvang stijgt met 1,54 fte voor uitbreiding van de capaciteit voor informatieveiligheid en privacy en de Wet open overheid. Onontkoombare en begrijpelijke uitbreiding van de capaciteit. De capaciteit komt hiermee in het totaal op 154,3 fte. Wat betreft de jaarlijkse indexering in paragraaf 1.2 van de kadernota constateren wij dat de verwerking van de extra prijscompensatie 2022 en 2023 en de extra looncompensatie 2023 transparanter in beeld kan worden gebracht. Nu wordt slechts verwezen naar een CPB publicatie en de septembercirculaire gemeentefonds zonder de daadwerkelijke percentages van de stijgingen te noemen. In onze reactie vragen wij de RDWI om met als voorbeeld andere GR-en (zoals VRU en ODRU) de ontwikkeling van de prijs- en looncompensatie 2022 — 2024 transparant in beeld te brengen. Wij zien dat graag transparantin beeld in de ontwerp-begroting 2024. Daarbij achten wij het gewenst dat de RDWI en de deelnemers zich nog niet vast pinnen op de in de kadernota voor 2024 opgenomen loonindexatie van 4,2%. Gezien de nog lopende onderhandelingen en

hoge(re) looneis van de vakbonden, achten wij het gewenstuit te gaan van de actualiteit bij het opstellen van

de ontwerp-begroting en vaststelling van de definitieve begroting. Omdat de loonsom een groot onderdeel is van de apparaatskosten pleiten we voor een zo realistisch mogelijke begroting hiervan aan de voorkant om tegenvallers aan de achterkant zoveel mogelijk te minimaliseren. Daarnaastblijven we ons inzetten voor meer transparantie op het vlak van de apparaatskosten.

Re-integratiemiddelen: In het proces van de strategische kaders Participatiewet 2024 — 2027 wordt door de deelnemers aan de RDWI

ook gekeken naar de onderlinge verrekening en solidariteit op het vlak van de bekostiging van de re-integratie taak. Onze inzet is dat hier meer balans in komt voor Zeist. In deze kadernota gaat de RDWI —terecht- nog uit van de bestaande afspraken. Wij gaan er van uit dat bij de vaststelling van de RDWI ontwerp-begroting 2024 in het algemeen bestuur van 27 september 2023 de nieuwe afspraken er dan zullen zijn en zijn verwerkt in dat voorstel.

Austerlitz « Bosch en Duin « Den Dolder « Huis ter Heide « Zeist

Risico's: In paragraaf 4.2 wordt ingegaan op de verwachte ontwikkeling van de risico's voor 2024. Voor deze Kadernota zijn wij tevreden met het inzicht op de geschetste ontwikkelingen voor 2024. De bedrijfsvoeringsrisico's worden immers in de (ontwerp)begroting 2024 verder uitgewerkt en toegelicht voor de komende 3 jaar. De RDWI meldt dat er voor is gekozen om voor de beheersing en verantwoording van de risico’s perrisico een ambtelijk eigenaar te benoemen, een geruststellende gedachte. We geven in onze reactie aan de RDWI mee dat we voor de omvang van het weerstandsvermogen uitgaan van een weerstandsratio van tenminste 1 als ondergrens. Wij gaan er van uit dat bij de ontwerp-begroting

2024 het aanwezig budget hier toereikend voor is. Gezien de huidige arbeidsmarktomstandigheden, de crises en de zich snel opvolgende wetswijzigingen en uitvoeringsregelingen lijkt een omvang van het vermogen op de bovengrens van de bandbreedte met de ratio 1.4 zelfs wenselijk. Om die reden verzoeken wij de RDWIbij de bestemming van het exploitatie overschot over 2022 goed te kijken naar de omvang van het weerstandsvermogen en zo nodig met bestemmingsvoorstellen te komen om dit op een afdoende peil te brengen. Financieel: De kadernota laat ten opzichte van de begroting 2023 de volgende verandering zien: Apparaatskosten:

De apparaatskosten stijgen t.o.v. 2023 van €13.876.300 tot €14.776.850, een stijging met €900.550,-. Deze stijging wordt veroorzaakt door: e

e

Indexering loon- en prijsstijging op basis van de septembercirculaire gemeentefonds.

Uitbreiding formatie informatieveiligheid & privacy en Wet open overheid.

Het exacte aandeel Zeist wordt inzichtelijk in de ontwerp-begroting 2024 en opgenomen in onze eigen begroting 2024. Buig lasten: De RDWI verwacht dat de lasten BUIG / BBZ uitkering levensonderhoud starters en gevestigden in 2024

dalen ten opzichte van de RDWI Begroting 2023. Er wordt vanuit gegaan dat het individuele en gezamenlijke resultaat in 2024 op de BUIG budgettair neutraal zal verlopen. Het exacte aandeel Zeist wordt inzichtelijk in de ontwerp-begroting 2024 en opgenomen in onze eigen begroting 2024. Reactie/zienswijze op de kadernota: Bijgevoegd treft u de concept reactie op de Kadernota 2024 van de RDWI aan. De reactie is in het ambtelijk samenspel van de deelnemers RDWI afgestemd met de andere deelnemers RDWI, dit om een zo uniform mogelijke reactie te bewerkstelligen. Vragen of opmerkingen?: Wanneer u vragen of opmerkingen over de kadernota of de bijgevoegde zienswijze heeft kunt u zich in

verbinding stellen met uw raadsrapporteurs RDWI, Jeroen van den Heuvel of Silke Zwart. Met hen is overleg gevoerd over de RDWI en deze kadernota alsmede de bijgevoegde conceptreactie daarop uit Zeist.

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Zonder tegenbericht zenden wij de

zienswijze mede namens uw raad naar de besturen van de RDW.

Austerlitz « Bosch en Duin « Den Dolder « Huister Heide » Zeist

Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Zeist,

de gemeentesecretaris,

dr

de burgemeester,

ho

H.S. Grotens

Austerlitz » Bosch en Duin = Den Dolder « Huis ter Heide « Zeist

COLLEGEVOORSTEL

EE rend

EE

BRE Eee

ee)

Beer oe] Bae]

EEE

Gemeente Zeist Portefeuillehouder Wethouder Hoogstraten Secretaris

Burgemeester

Datum B&W-vergadering 21-02-2023 Wethouder

Wethouder

Wethouder

Wethouder

Akkoord Bespreken

Afd./Team Opsteller Telefoon

Samen Leven, Financien, S&B Jan Steven Eilander, Elly Kramer, Arno Klarenbeek 0652405850

Stuknummer

137908

Datum

7 februari 2023

ONDERWERP Kadernota 2024 Regionale dienst werk & inkomen (RDW)

Uiterste datum 21-02-2023

AKKOORD

paraaf

datum

BESLUIT

Raad

DATUM

par

Deponeren archief

Datum

Datum

INHOUD (bij beknopte toelichting de volledige tekst, anders publieksgerichte samenvatting) Op 16 januari 2023 hebben wij de kadernota 2024 van de RDWI ontvangen (Pr.23.013). In de nota gaat het bestuur van de RDWI in op de ontwikkelingen voor de komende jaren, de impact voor de organisatie RDWI en de daarmee samenhangendefinanciële kaders. Deze bepalen de richting voor de nog op te stellen ontwerp-begroting 2024 die na 17 april aan de deelnemers om een reactie wordt toegestuurd. De RDWI heeft ons in de gelegenheid gesteld om uiterlijk 14 maart aanstaande een zienswijze bij het Algemeen Bestuur van de RDWI in te dienen. Het Algemeen Bestuur zal de kadernota op 12 april 2023 ter vaststelling behandelen.

=i

VOORGESTELD WORDT 2.

3.

De bijgevoegde zienswijze als reactie op de kadernota 2024 van de RDWI in conceptvast te stellen. Op grond van het delegatiebesluit de in concept vastgestelde zienswijze met toepassing van de voorhangprocedure Gemeentewet door middel van bijgevoegde concept raadsinformatiebrief toe te sturen aan de gemeenteraad en deze gedurende twee weken gelegenheid te bieden om wensen en bedenkingen kenbaar te maken. De zienswijze onder voorbehoud van eventuele wensen en bedenkingen gemeenteraad uiterlijk 10 maart 2023 toe te sturen aan de RDW.

ONDERWERP

Kadernota 2024 Regionale dienst werk & inkomen (RDW!)

VOORGESTELD WORDT 1. 2.

3.

De bijgevoegde zienswijze als reactie op de kadernota 2024 van de RDWI in concept vast te stellen. Op grond van het delegatiebesluit de in concept vastgestelde zienswijze met toepassing van de voorhangprocedure Gemeentewet door middel van bijgevoegde concept raadsinformatiebrief toe te sturen aan de gemeenteraad en deze gedurende twee weken gelegenheid te bieden om wensen en bedenkingen kenbaar te maken. De zienswijze onder voorbehoud van eventuele wensen en bedenkingen gemeenteraad uiterlijk 10 maart 2023 toe te sturen aan de RDWI.

INLEIDING Op 16 januari 2023 hebben wij de kadernota 2024 van de RDWI ontvangen. In de nota gaat het bestuur van de RDWIin op de ontwikkelingen voor de komende jaren, de impact voor de organisatie RDWI en de daarmee samenhangende financiële kaders. Deze bepalen de richting voor de nog op te stellen ontwerp-begroting 2024 die na 17 april aan de deelnemers om een reactie wordt toegestuurd. De RDWI heeft ons in de gelegenheid gesteld om uiterlijk 14 maart aanstaande een zienswijze bij het Algemeen Bestuur van de RDW! in te dienen. Het Algemeen Bestuur zal de kadernota op 12 april 2023 ter vaststelling

behandelen.

In de Kadernota 2024 verwacht de RDWI een minder sterke groei van het klantenbestand dan bij de Kadernota 2023 voor het jaar 2024 was voorzien. In de Kadernota 2023 was voor 2023 een stabilisatie van het bestand voorzien (2740 klanten) en voor 2024 een stijging naar 2935 klanten. De huidige inschatting is een stijging met 4% en een klantenbestand van 2850 klanten. Dit verklaart de in paragraaf 1.3 benoemde daling van de sociaal domein lasten. De RDWI attendeert in de kadernota op de slechte voorspelbaarheid van de economische ontwikkelingen in deze mondiaal turbulentetijd. Dit geldt zowel voor 2024 als voor de meerjarenramingen. Als gevolg van het proces "Participatiewet in balans”, waarvan de uitwerking van de Minister nog vorm moet krijgen, wijzigen vanaf 2024 daarnaast de ondersteuning naar werk, het bieden van een basaal inkomen en de controle op de verplichting voor de cliënten. Hoewel dit aansluit bij de lijn die binnen de RDWI reedsis ingezet, zal ook dit effect en impact hebben op het begrotingsjaar 2024 en verder. De omvang hiervan kan nu nog niet bepaald worden.

Omdat de RDWI zich de laatste jaren een snel en flexibel schakelende organisatie en goede en betrouwbare samenwerkingspartner heeft getoond hebben we er vertrouwen in dat deze ontwikkelingen via de reguliere P&C documenten ook tijdig inzichtelijk voor ons als deelnemer zullen worden Organisatorisch wordt ingezet op uitbreiding van de capaciteit voor informatieveiligheid en privacy en de Wet open overheid. Daarnaast wordt in de ontwerp-begroting 2024 nog een onderbouwde claim opgenomen voor de uitbreiding van de capaciteit voor de uitvoering van de leerbaarheidstoets Wet inburgering. Wij zien dit als onontkoombare en begrijpelijke uitbreiding van de capaciteit. Wat betreft de jaarlijkse indexering in paragraaf 1.2 van de kadernota constateren wij dat de verwerking van de extra prijscompensatie 2022 en 2023 en de extra looncompensatie 2023 transparanter in beeld kan worden gebracht. Nu wordt slechts verwezen naar een CPB publicatie en de septembercirculaire gemeentefonds zonder de daadwerkelijke percentages van de stijgingen te noemen. In onze reactie vragen wij de RDWI om metals voorbeeld andere GR-en (zoals VRU en ODRU) de ontwikkeling van de prijs- en looncompensatie 2022 — 2024 transparant in beeld te brengen in de ontwerp-begroting 2024.

Daarbij achten wij het gewenst dat de RDWI en de deelnemers zich nog niet vast pinnen op de in de kadernota voor 2024 opgenomen loonindexatie van 4,2%. Gezien de nog lopende onderhandelingen en hoge(re) looneis van de vakbonden, vinden we het raadzaam uit te gaan van de actualiteit bij het opstellen van de ontwerpbegroting en vaststelling van de definitieve begroting. Omdat de loonsom een groot onderdeel is van de

apparaatskosten pleiten we voor een zo realistisch mogelijke begroting van deze kosten aan de voorkant om tegenvallers aan de achterkant zoveel mogelijk te minimaliseren. Bijgevoegd treft u onze concept zienswijze aan. Deze is in grote lijnen tot stand gekomen in afstemming met de ambtelijk betrokkenen van de andere deelnemers aan deze gemeenschappelijke regeling.

Doel van het voorstel (SMART) Sturing geven aan de ontwikkeling en werkzaamheden van de RDWI door actieve betrokkenheid als deelnemer bij de vaststelling van de kadernota 2023 van deze verbonden partij.

ARGUMENTEN Met de Kadernota wordt zo goed en onderbouwd mogelijk inzicht gegeven in en voorgesorteerd op de ontwikkelingen 2024. Daar waar een onderbouwing niet mogelijk is wordt uitgegaan van bestendiging van de ingezette koers en verwezen naar de risicoparagraaf. Onze zienswijze doet recht aan de bereikte resultaten en aan de rollen en verhoudingen (besturen) gemeenschappelijke regeling en deelnemers/eigenaren. De financiële consequenties passen met in achtneming van de verwachte Rijksmiddelen binnen ons budgettair kader 2024 en het meerjarig perspectief in onze begroting. Conform het delegatiebesluit 19RV012 wordt toepassing gegeven aan de voorhangprocedure Gemeentewet. De gemeenteraad wordt in de gelegenheid gesteld wensen en bedenkingen over de Kadernota 2024 en de in concept vastgestelde zienswijze kenbaar te maken.

KANTTEKENINGEN De effecten van de verhoging (10%) van het minimumloon per 1 januari 2023 zijn nog niet verwerkt in zowel de baten (Rijksbudgetten) als de lasten (uitkeringen) van deze Kadernota. De reden hiervooris dat het kabinet heeft besloten om de extra middelen ter dekking van deze verhoging pas bij de septembercirculaire in 2023 toe te voegen aan het gebundeld BUIG budget. Dit betekent dat het effect van deze rijksmaatregel in 2024 verwerkt wordt in de eerste nota begrotingswijziging 2024. Voor de schulddienstverlening verwacht de RDW, o.a. als gevolg van de huidige inflatie- en energiecrisis, in 2024 een verdere toename van het aantal inwoners en ondernemers met schulden. Vooralsnog verwacht de RDWI dit binnen de bestaande capaciteit, die op dit punt via de kadernota 2023 is uitgebreid, op te kunnen vangen. De RDWI volgt de landelijke (wetgevings) ontwikkelingen op de voet. Waar nodig leidt dit na de ontwerp-begroting 2024 tot bijstelling via 1 van de latere reguliere P&C instrumenten van de RDWI. We verwachten op dit punt adequaat en pro actief anticiperend gedrag van de RDWI in het belang van tijdige en goede uitvoering van de taak schulddienstverlening voor de klanten.

De verwachte uitbreiding van de formatie bij team Inburgering, voor de uitvoering van de leerbaarheidstoets en de verhoging van de huisvestingstaakstelling wordt verwerkt in de ontwerp-begroting 2024 omdat de exacte cijfers op dit moment nog niet helemaal duidelijk zijn. Inzet van uit Zeist is dat de RDWI met voldoende capaciteit borgt dat de toename van de taak niet ten kosten gaat van de inburgeraars, maar dat deze mensen van meet af aan adequaat begeleid kunnen worden. Ook hier verwachten we adequaat en pro actief anticiperend gedrag van

de RDWI.

Wellicht is bij het opstellen van de ontwerp-begroting 2024 er een resultaat over de Cao onderhandeling wat nog van invloed kan zijn op de loonindexatie en apparaatskosten. De inflatie- en energie- en arbeidsmarktcrisis maken het daarnaast ernorm lastig om realistisch te voorspellen. Voor de verdeling van de kosten re-integratie gaan we voor het exploitatiejaar 2024 uit van de in 2023 bij het proces strategische kaders Participatiewet nieuw te maken afspraken over de onderlinge verrekening en solidariteit. Onze inzet is om tenminste de in de begroting opgenomen taakstelling van €200K in mindering te brengen op ons aandeel in de bekostiging van de re-integratie taak. Wij gaan er vanuit dat bij de vaststelling van de RDWI ontwerp-begroting 2024 in het algemeen bestuur van 27 september 2023 de nieuwe afspraken er dan zullen zijn en zijn verwerkt in dat voorstel. Voor de ontwerp-begroting 2024 van de RDWI verwachten wij dat het weerstandsvermogen tenminste de waardering voldoende zal kennen met een ratio van 1 — 1,4 voor dat vermogen. Indien nodig zullen wij ons er voor inzetten dat een deel van het RDWIjaarrekeningresultaat 2022 bij de jaarrekening voor dit vermogen zal worden ingezet. Bij de ontvangst van de jaarrekening 2022 zullen wij daarop toezien en zonodig daarover adviseren aan uw college en raad.

SAMENSPEL N.vt. is “interne” aangelegenheid GR — deelnemer(s). Over de Kadernota 2024 heeft de RDWI voor de raadsleden van de deelnemers een toelichtende werksessie georganiseerd. Onze raadsrapporteurs waarderen de opstelling en inzet van de RDW! wat betreft de nabijheid en betrokkenheid van de raden.

FINANCIËLE TOELICHTING De kadernota laat ten opzichte van de begroting 2023 de volgende verandering zien: Apparaatskosten: De apparaatskosten stijgen t.o.v. 2023 van €13.876.300 tot €14.776.850, een stijging met €900.550,-. Deze stijging wordt veroorzaakt door: e Indexering loon- en prijsstijging op basis van de septembercirculaire gemeentefonds. e

Voor informatievoorziening & informatieveiligheid zijn structurele lasten toegevoegd. Als gevolg van de uitbreiding van de digitale dienstverlening worden steeds hogere eisen gesteld aan informatieveiligheid & privacy. Dat betekent ook een noodzakelijke verhoging van de formatie van team dat betrokken is bij Informatieveiligheid en Privacy. De uitbreiding van de Privacy-Officers functie gaat van 0,22 fte naar 1 fte. De functie van Functionarisgegevensbescherming van 0,44 fte naar 1 fte. De totale uitbreiding komt daarmee op 1,34 fte.

e

Voor de uitvoering van de Wet Open Overheid (WOO) wordt de formatie uitgebreid met 0,2 fte.

Het exacte aandeel Zeist wordt inzichtelijk in de ontwerp-begroting 2024 en opgenomen in onze eigen begroting

2024.

Buig lasten: De RDWI verwacht dat de lasten BUIG / BBZ uitkering levensonderhoud starters en gevestigden in 2024 dalen ten opzichte van de RDWI Begroting 2023. Er wordt vanuit gegaan dathet individuele en gezamenlijke resultaat in 2024 op de BUIG budgettair neutraal zal verlopen. Het exacte aandeel Zeist wordtinzichtelijk in de ontwerp-begroting 2024 en opgenomen in onze eigen begroting

2024.

Risico's: In paragraaf 4.2 wordt ingegaan op de verwachte ontwikkeling van de risico's voor 2024. Voor deze Kadernota zijn wij tevreden met het inzicht op de geschetste ontwikkelingen voor 2024. De bedrijfsvoering risico's worden immers in de (ontwerp)begroting 2024 verder uitgewerkt en toegelicht voor de komende 3 jaar. Mooi dat er voor is gekozen om voor de beheersing en verantwoording van de risico’s per risico een ambtelijk eigenaar te benoemen. Dat is geruststellend. We geven in onze reactie aan de RDWI mee dat we voor de omvang van het weerstandsvermogen uitgaan van een weerstandsratio van tenminste 1 als ondergrens. Wij gaan er van uit dat bij de ontwerp-begroting 2024 het aanwezig budget hier toereikend voor is. Gezien de huidige arbeidsmarktomstandigheden, de crises en de zich snel opvolgende wetswijzigingen en uitvoeringsregelingenlijkt een omvang van het vermogen op de bovengrens van de bandbreedte met de ratio 1.4 zelfs wenselijk. Om die reden verzoeken wij de RDW! bij de bestemming van het exploitatie overschot over 2022 goed te kijken naar de omvang van het weerstandsvermogen en zo nodig met bestemmingsvoorstellen te komen om dit vermogen op een afdoende peil te brengen.

JURIDISCHE ASPECTEN In het per 1 april 2019 van kracht zijnde delegatiebesluit van de raad (19RAAD012) met delegatie van taken van de raad naar het college is t.a.v. het naar voren brengen van zienswijzen op een kadernota als bedoeld in artikel 34b van de Wgr bepaald, dat het college de raad gelegenheid geeft wensen en bedenkingen kenbaar te maken op de voorgenomen zienswijze op een kadernota. Hieraan wordt d.m.v. de voorgestelde besluitpunten 2 en 3 voldaan.

DUURZAME ASPECTEN RDWI zet zich er voor in om een duurzame organisatie te zijn en een duurzame en maatschappelijk verantwoorde bedrijfsvoering op te bouwen. Dit komt onder andere tot uiting in het inkoopbeleid, waarbij aandacht is voor milieuaspecten. In de programma's van eisen bij aanbestedingen worden duurzaamheidscriteria opgenomen en duurzaamheid wordt waar mogelijk expliciet meegenomen bij de beoordeling van leveranciers en aanbiedingen. Inkoop vindt ook op sociaal maatschappelijk verantwoorde wijze plaats. Bij aanbestedingen met een opdrachtwaarde van € 150.000 wordt SROI (sociaal return on investment) toegepast, zodat er meer kansen voor inwoners met een arbeidsbeperking wordne gecreeerd. Daarmee wordt ook van de leveranciers van de RDWI een goede balans tussen “people, planet, profit” gevraagd. Als eigenaar van het gebouw van Biga BV is in 2022 een besluit genomen te investeren in klimaatmaatregelen en verduurzaming van het dak van dat gebouw. In de onderhandelingen over verlenging van het huisvestingscontract voor het kantoor aan Het Rond 6E heeft inzet voor duurzaamheid en energiebesparing ook een rol gespeeld.

UITVOERING PLANNING 14/2 21/2 23/2 10/3 14/3

De kadernota RDWI 2024 staat met stuk nr. PR.2023.013 op de postlijst raad van 21 februari Behandelen Kadernota 2024 en in concept vaststellen zienswijze aan RDWI in B&W. _Toesturen van de zienswijze inclusief bijlagen kadernota 2024, dit collegevoorstel/-besluit aan de gemeenteraad van Zeist start indienen wensen en bedenkingen tot en met dinsdag 14 maart (bespreking postlijst raad van 21 maart 2023). Onder voorbehoud wensen/bedenkingen gemeenteraad toesturen van de zienswijze aan de RDW. Bespreking postlijst raad van 21 maart 2023.

12/4

Vaststellen Kadernota 2024 door AB-RDWI

COMMUNICATIE NVT.

BIJLAGEN e

Kadernota 2023 (PR23.013) https://zeist.raadsinformatie.nl/document/12324402/1/PR23_013+Kadernota+2024+RDWI

e e

Concept brief aan de gemeenteraad Zeist Concept zienswijze Zeist

EVALUATIE Zie planning, de raad wordt geinformeerd en in de gelegenheid gesteld wensen en bedenkingen kenbaar te maken.

N

| hi |

Publiekshal = Het Rond 1, Zeist

www.zeist.nl = www.twitter.com/gemeentezeist

Postbus 513, 3700 AM, Zeist

www.facebook.com/gemeentezeist

Telefoon 14 030 = zeist@zeist.nl

Gemeente Zeist Algemeen en Dagelijks Bestuur RDWI Postbus 13 3700 AA ZEIST.

Datum

22 februari 2023

Ons kenmerk

137908

Uw kenmerk

Bijlage(n) Onderwerp

Behandeld door

S&B/B&A

Kadernota 2024

Geacht bestuur,

Wij danken u voor de toezending van de concept Kadernota RDWI 2024. Metdezebrief maken wij de instemmende zienswijze, namens onze gemeenteraad, aan u kenbaar.

Vooraf Voordat we reageren op de Kadernotawillen wij u bedanken voor uw inzet afgelopen jaar om Oekraïense Vluchtelingen van leefgeld te voorzien. Daarnaast bedanken wij u voor hetuitkeren van de energietoeslag aan onze inwoners, die getroffen zijn door de stijgende energieprijzen en van het sociaalminimum moeten rondkomen. Inmiddels weten wij dat u zich wendbaar toont en incidentele (nood)regelingen oppakt en snel tot

uitvoering van regelingen komt. Wij spreken daarover onze waardering uit voor uw organisatie. Wij vragen u tijdig aan te geven als door extra taken of andere oorzaken de reguliere bedrijfsvoering onder druk komt te staan. Als dit tot keuzesleidt in prioritering van werkzaamheden of effecten heeft op de samenwerking met onze lokale teams of de dienstverlening aan onze inwoners verzoeken wij u ons hierbij te betrekken, Wij zijn ons ervan bewustdat de (na-ijleffecten van de) inflatie en de aangekondigde wijzigingen in de Participatiewet, effect kunnen hebben op uw dienstverlening. Wij begrijpen ook dat de nieuwe Strategische Kaders Werk en Inkomen 2024-2027 niet verwerkt zijn in de voorliggende concept Kadernota, omdat deze op het moment van schrijven nog in ontwikkeling zijn. Algemeen

De voorliggende Kadernota is gebaseerd op de ontwikkelingen op Rijks- en organisatieniveau. Vanaf 2024 gelden de nieuwe strategische kaders Werk en Inkomen 2024-2027. De uitkomsten van de strategische kaders Werk en Inkomen 2024-2027 worden verwerkt in uw door het algemeen bestuur op 13 september vastte stellen begroting 2024 als de gemeenteraden de kaders tijdig vaststellen.

Wetswijzingen Participatiewet in balans Het Kabinet heeft wijzingen in de Participatiewet aangekondigd. U verwacht ook in 2024 wijzingen, onder andere, de mogelijkheid tot maatwerk voor terugvorderingen van uitkeringen. De bedoeling is dat de verjaringstermijn gehalveerd wordt. Hiermee dient uw beleidsregel terugvordering te worden aangepast. Wij vragen u verder de wijzingen waar dat kan alvast vooruitlopend op de Wet in te voeren in uw organisatie via uw ontwikkelagenda.

Austerlitz « Bosch en Duin « Den Dolder « Huis ter Heide « Zeist

Zo kunnen wij onze inwoners de hulp bieden die zij nodig hebben en groeit het vertrouwen in de (lokale) overheid weer. Ook hier vragen wij aandacht voor de uitvoering zodat de goede aansluiting op de lokale dienstverlening gevonden kan worden. Tot slot vragen wij u de effecten van doorgevoerde wijzingen duidelijk en inzichtelijk te rapporteren in uw verantwoordingscyclus en hierin ook de verantwoording over de ontwikkelagenda mee te nemen. Wet gemeenschappelijke regeling

Wij gaan ervanuit dat voor de uiterste datum van 1 juli 2024 de wijzingen in de Wet gemeenschappelijke regeling zijn verwerkt die van invloed zijn op uw organisatie. Wet inburgering Deinburgering is een onderwerp dat nog steeds in ontwikkeling is. De instroom, de hoogte van de taakstelling en wijzingen in deze wet kunnen invloed hebben op uw dienstverlening en financiën rondom inburgering. Wij vragen u ons tijdig op de hoogte te brengen van het mogelijke effect op de dienstverlening, financiën en uw bedrijfsvoering. Inzet voor Zeist is dat u met voldoende capaciteit borgt dat de toename van de taak niet ten kosten gaat van de inburgeraars, maar dat deze mensen van meet af aan adequaat begeleid kunnen worden. Wij rekenen op adequaat en pro actief anticiperend gedrag van uw organisatie. Daarnaast vragen we ook hier aandacht voor hetlokale samenspel met de Vluchtelingenwerkorganisatie en onze Sociale Teams. Ontwikkeling in het bestand In uw Kadernota houdt u rekening met een stijging van het aantal inwoners dat beroep doet op een uitkering. U volgt daarbij de raming van het Centraal Plan Bureau (CPB). In 2024 vindt naar verwachting de grootste stijging plaats van inwoners die gebruik maken van ondersteuning uit de Participatiewet. Wij vragen daarbij aandacht voor de autonome groei van de groep inwoners die blijvend ondersteuning nodig heeft.

Wij worden graag op de hoogte gehouden van de prognoses die het CBP opstelt, ook vernemen wij graag tijdig van u als er veranderingen in de aantallen zijn die invloed hebben op het budget. Financieel De voorliggende Kadernota 2024 gaat er vanuit dat de uitgaven aan uitkeringsgerechtigden budgetneutraal zijn. U verhoogt de gemeentelijke bijdragen voor inkomensvoorzieningen ten opzichte van de Kadernota 2023. Dit begrijpen wij gezien de huidige economische ontwikkelingen. U verwerkt de formatie-uitbreiding voor de Wet inburgering in uw begroting 2024. Wij gaan ervanuit dat u ons volledig informeert over de uitgave die u dan verwacht. Uitkeringsbudget (BUIG)

U verwacht dat de lasten BUIG/ BBZ uitkering levensonderhoud starters en gevestigden in 2024 dalen vergeleken met Begroting 2023. U geeft aan dat het effect van de verhoging van het minimumloon 2023 nietis verwerkt. Wij zien in uw begroting 2024 graag het (geschatte) effect van de verhoging van het minimumloon 2023 terug aan zowel de baten- als de lasten-kant. Loonkostensubsidie U geeft aan dat loonkostensubsidie een steeds groter deel uitmaakt van het BUIG-budget. Dat zien wij als een positieve ontwikkeling waardoor meer arbeidsbeperkten aan een inclusieve arbeidsmarkt kunnen deelnemen. Gezien de stijgende kosten, vragen wij u om de bijbehorende cijfers, aantallen, participatiepercentages en financiële gegevens separaat en per gemeente in de verantwoordingsdocumenten en voortgangsrapportages op te nemen.

N

Austerlitz = Bosch en Duin = Den Dolder = Huis ter Heide = Zeist

IN | |

BBZ onderzoekskosten levensvatbaarheid Wij begrijpen dat u uw budget onderzoek levensvatbaarheid verhoogd, omdat u een toename van hulpvragen van zelfstandigen verwacht. Wij constateren op dit moment al een toename van hulpvragen en kunnen ons voorstellen datdit verder stijgt gezien de huidige economische situatie. Wij willen benadrukken dat wij waarde hechten aan passende hulpverlening aan zelfstandigen.

Gemeente Zeist

Schulden

De verwachting is dat het aantal inwoners met schulden toeneemt, ook in 2024. We vragen u extra alert te zijn op ondernemers in schulden. Wij vinden het belangrijk dat ook zij op een passende manier geholpen worden schulden op te lossen. We verwachten ook hier adequaat en pro actief anticiperend gedrag van de RDWI in het belang van tijdige en goede uitvoering van de taak schulddienstverlening voor de klanten. Wij worden graag op de hoogte gehouden via (extra) verantwoordingsrapportages over het aantal hulpvragen en de financiële effecten. Ook horen we graag of u in staat blijft passende hulpverlening te bieden aan zowel de groep inwoners in schulden als ondernemers in schulden. Collectieve ziektekostenverzekering en budget minima Op pagina 11 Financieel kader is er stijging opgenomen voor de collectieve ziektekosten verzekering. Het is voor Zeist nu niet duidelijk waar deze stijging op is gebaseerd is. Voor of in de ontwerpbegroting 2024 ontvangen wij hier graag een onderbouwing voor. Dit zelfde geldt voor de stijging opgenomen voor het Minimabeleid. Is hierin voor Zeist de vastgestelde indexering van de bedragen van de Geld-Terug-Regeling opgenomen? We zien dit graag voor ofin de ontwerp-begroting 2024 toegelicht.

Lokale- en bovenregionale samenwerking In uw Kadernota 2023 sprak u over de doelstelling, meer integraal werken en meer harmonisatie van dienstverlening op bovenregionaal niveau. Wij zijn blij te lezen dat u deze doelstelling ook voor 2024 heeft. Wij zien graag terug hoe u van plan bent beide doelstellingen naast elkaar uit te voeren. Op pagina 11 schrijft u dat “via centrumgemeente Utrecht meer landelijke en Europese middelen beschikbaar komen (…) voor kwetsbare doelgroepen”. Tegelijk laat u het budget Re-integratie & Participatie stijgen met €90K, een bedrag dat u in 2026 verdubbelt. Het is voor Zeist niet duidelijk waarop deze stijging gebaseerd is. Zeker gezien hetfeit dat er voor gemeenten in de Rijksuitkering geen sprake is van een geoormerkt budget voor re-integratie en participatie, is een deugdelijke onderbouwing voor een dergelijke stijging van het budget cruciaal. Wij zien dit graag toegelicht in de ontwerp-begroting 2024. Daarnaast vragen wij u de landelijke en Europese middelen voor kwetsbare groepen die beschikbaar komen via de centrumgemeente Utrecht te benutten voor lokale en regionale (arbeids)participatie. Samenwerking BIGA

Wij hechten veel belang aan goede samenwerking tussen u en onze andere partner Biga. Waar mogelijk zien we in 2024 graag een intensivering van de samenwerking om onze inwoners zo veel mogelijk te ondersteunen in hun participatie. Hierbij vragen wij ook aandacht voor de mogelijkheden voor inzet van onze inburgeraars. Apparaatskosten

Uw uitbreiding van de formatie voor informatieveiligheid en privacy en de Wet open overheid ondersteunen wij. Wij achten dit een onontkoombare en begrijpelijke uitbreiding van de capaciteit. Op dit moment heeft u geen extra formatie nodig voor de schulddienstverlening, u verwacht wel een hogere instroom van zowel inwoners als ondernemers. Wij vragen u tijdig via de reguliere P&C producten aan te geven en bij te sturen wanneertoch uitbreiding van de formatie op dit vlak nodig mocht zijn.

Watbetreft de jaarlijkse indexering in paragraaf 1.2 van de kadernota constateren wij dat de verwerking van de extra prijscompensatie 2022 en 2023 en de extra looncompensatie 2023 transparanter in beeld kan worden gebracht. U volstaat hier slechts met verwijzing naar een CPB publicatie en de septembercirculaire gemeentefonds zonder de daadwerkelijke percentages van de stijgingen te noemen. Wij vragen u om net zoals andere gemeenschappelijke regelingen hier meer transparantie te betrachten. Als bijlagen treft u voorbeelden van de GR-en VRU en ODRU aan. Wij de ontwikkeling van de prijs- en loonindexering graag transparant in beeld gebracht in de ontwerp-

KN

Austerlitz = Bosch en Duin = Den Dolder = Huis ter Heide = Zeist

Ni | |

begroting 2024.

Gemeente Zeist

Daarbij lijkt het ons raadzaam dat we (RDWI en deelnemers) ons nog niet vast pinnen op de in uw kadernota opgenomen indexatie van 4,2% voor 2024. Gezien de nog lopende onderhandelingen en hoge(re) looneis van de vakbonden, achten wij het gewenst uit te gaan van de actualiteit bij het opstellen van de ontwerp-begroting en vaststelling van de definitieve begroting. Omdat de loonsom een groot onderdeel is van de apparaatskosten pleiten we voor een zo realistisch mogelijke begroting hiervan aan de voorkant om tegenvallers aan de achterkant zoveel mogelijk te minimaliseren. Risico's

In paragraaf 4.2 wordt ingegaan op de verwachte ontwikkeling van de risico's voor 2024. Voordeze Kadernota zijn wij tevreden met het inzicht op de geschetste ontwikkelingen voor 2024. De bedrijfsvoering risico's worden immers in de (ontwerp)begroting 2024 verderuitgewerkt en toegelicht voor de komende 3 jaar. We hechten er aan om mee te geven dat we voor de omvang van het weerstandsvermogen uitgaan van een weerstandsratio van tenminste 1 als ondergrens. Wij gaan er van uit dat bij de ontwerp-begroting 2024 het aanwezig budget hier toereikend vooris. Gezien de huidige arbeidsmarktomstandigheden, de crises en de zich snel opvolgende wetswijzigingen en uitvoeringsregelingen lijkt een omvang van het vermogen op de bovengrens van de bandbreedte met

de ratio 1.4 zelfs wenselijk. Wij verzoeken hier bij de bestemming van het exploitatie overschot over 2022 naar te kijken en zo nodig naar te handelen. Overigens geruststellend dat er voor is gekozen om voor de beheersing en verantwoording van de risico's per risico een ambtelijk eigenaar te benoemen. Tenslotte

De gemeenteraad van Zeist, vertegenwoordigd door de raadsrapporteurs Silke Zwart en Jeroen van den Heuvel, waardeert de inzet van de RDWI op het punt van nabijheid en betrokkenheid ten opzichte van de gemeenteraden van de deelnemers. Vanuit de griffie Zeist zal actie worden ondernomen om de verbinding tussen de raadsrapporteurs en raadsleden van de deelnemende gemeente nog wat meer gestalte te geven. Uw reactie naar aanleiding van deze zienswijze en de verwerking ervan in uw ontwerp-begroting 2023 zien wij met interesse tegemoet.

Hoogachtend,

burgemeester en wethouders van Zeist,

de gemeentesecretaris, de burgemeester,

Dr. HIS. Grotens |

Panl

‘

nm

Austerlitz = Bosch en Duin = Den Dolder = Huis ter Heide = Zeist

or eo Some Ey a a) | EEE

Gemeente Zeist

PR23.013/123173

Aan de bij de RDWI aangesloten gemeenten

ONS KENMERK :

DATUM

: 16 januari 2023

UW KENMERK

:

BEHANDELD DOOR

: C. van der Eem

BIJLAGEN

:1

AFDELING/TEAM

: Unit FIF

ONDERWERP

: Kadernota 2024

TELEFOONNUMMER

: (030) 69 29 500

Geacht college van B&W en gemeenteraad, Hierbij bied ik u, namens het Dagelijks bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Regionale Dienst Werk en Inkomen (GR RDWI), de Kadernota 2024 aan. De Kadernota gaat in op de ontwikkelingen voor de komende jaren, wat deze betekenen voor de organisatie en hoe we deze vertalen naar financiële kaders. De uitwerking daarvan vindt plaats in de ontwerp Begroting 2024 en Meerjarenraming 2025-2027. Wij vragen u om de zienswijzen op deze Kadernota uiterlijk 14 maart 2023 bij de GR RDWI in te dienen. Het Algemeen Bestuur zal de Kadernota inclusief de zienswijzen op 12 april 2023 vaststellen. De inhoud van de zienswijzen zal verwerkt worden in de ontwerp Begroting 2024 en Meerjarenraming 2025-2027. Ook deze wordt te zijner tijd voor zienswijze aan u aangeboden. Met vriendelijke groet,

B. Ruiter, directeur

De RSD is onderdeel van de Regionale Dienst Werk en Inkomen (RDWI)

KADERNOTA RDWI 2024 Versie 0.4

Kadernota 2024 – versie 0.4

pag. 1

Voorwoord We werken aan een inclusieve samenleving waarin voor iedereen plek is. Daarom is uitgangspunt om de inwoner centraal te stellen in zijn/haar ondersteuningsvraag. We werken vanuit vertrouwen in de inwoner, met een juiste balans tussen ‘rechtmatigheid’ en ‘doelmatigheid’ en passen waar nodig maatwerk toe. Dat doen we door onze professionals zoveel mogelijk te faciliteren om eigenaarschap te tonen, integraal samen te werken en de professionele ruimte te benutten die zij hebben. Het resultaat is een robuuste organisatie die als strategisch partner klaar is voor huidige en toekomstige taken binnen het sociaal domein.1 De afgelopen jaren hebben ons opnieuw geleerd dat het domein werk & inkomen altijd in beweging is en dat we voortdurend rekening moeten houden met wijzigingen en soms incidentele (nood)regelingen. De dynamiek in ons werkveld is een constante factor geworden. We zullen in 2024 te maken hebben met de effecten van de inflatie; we weten nu nog niet of de inflatie dan nog steeds hoog is, maar we zullen op zijn minst de naijleffecten gaan zien. Wat we wel weten, is dat de Participatiewet gaat wijzigen. Onder het motto ‘Participatiewet in balans’ heeft het kabinet aangekondigd dat de wet een toereikend bestaansminimum moet bieden, mensen passende ondersteuning moet bieden, met rechten en plichten die voor de inwoner begrijpelijk zijn.

In hoofdstuk 1 gaan we verder in op de algemene ontwikkelingen en in hoofdstuk 2 gaan we in op ontwikkelingen per thema. De financiële kaders zijn per onderdeel verwerkt in hoofdstuk 2 (op thema), hoofdstuk 3 (Wet sociale werkvoorziening) en in hoofdstuk 4 (bedrijfsvoering). In de financiële kaders zijn de bijgestelde verwachtingen van de omvang van het klantenbestand verwerkt, volgens de informatie zoals deze op het moment van schrijven bekend is. Vanaf het jaar 2024 gelden nieuwe beleidskaders die door de gemeenteraden van onze vijf gemeenten worden vastgesteld. Op het moment van schrijven zijn de ‘Strategische kaders werk & inkomen 2024-2027’ nog in ontwikkeling bij gemeenten. In deze Kadernota gaan we daarom uit van ontwikkelingen we op Rijks- en organisatieniveau verwachten in 2024. Waar mogelijk en relevant, worden (de effecten van) de nieuwe kaders van de gemeenteraden verwerkt in de Begroting 2024. De uitwerking van de doelen vindt plaats in de Begroting 2024 en Meerjarenraming 2025-2027, nadat gemeenten de gelegenheid hebben gehad om hun zienswijze in te dienen op deze Kadernota. Deze Kadernota wordt via de gebruikelijke wijze aangeboden aan de gemeenteraden. Zienswijzen op de Kadernota worden meegenomen in de ontwerp Begroting 2024 en Meerjarenraming 2025-2027 die na de vaststelling van de Kadernota aan de gemeenten wordt aangeboden.

Zeist, 12 januari 2023

W.J. (Walter) van Dijk Voorzitter bestuur RDWI

1

B. (Bernice) Ruiter Directeur RDWI

Bron: strategische ontwikkelagenda, vastgesteld AB september 2022

Kadernota 2024 – versie 0.4

pag. 2

Inhoudsopgave

1

HOOFDLIJNEN KADERNOTA ............................................................................................. 4

1.1.

ONTWIKKELINGEN IN VOGELVLUCHT .............................................................................. 4

1.2.

WAAR HOUDEN WE FINANCIEEL GEZIEN REKENING MEE ............................................... 5

1.3.

SAMENVATTING FINANCIËN ............................................................................................ 6

2

THEMA’S 2024 ................................................................................................................. 7

2.1.

ONTWIKKELING VAN HET BESTAND BIJSTAND ................................................................ 7

2.2.

RE-INTEGRATIE, PARTICIPATIE EN DIENSTVERLENING AAN WERKGEVERS ..................... 9

2.3.

INKOMENSVOORZIENINGEN.......................................................................................... 10

2.4.

DIENSTVERLENING AAN INBURGERAARS ...................................................................... 11

2.5.

HULP BIJ SCHULDEN ...................................................................................................... 12

3

UITVOERING WSW DOOR BIGA GROEP ......................................................................... 13

4

BEDRIJFSVOERING ......................................................................................................... 14

4.1.

ORGANISATIE EN APPARAATSKOSTEN ........................................................................... 14

4.2.

RISICOMANAGEMENT.................................................................................................... 15

BIJLAGE 1 MEERJARENRAMING

Kadernota 2024 – versie 0.4

pag. 3

1 Hoofdlijnen Kadernota De Kadernota geeft de financiële kaders die nodig zijn om de beleidsdoelen te realiseren. In dit hoofdstuk wordt een korte samenvatting gegeven van de ontwikkelingen waar we rekening mee houden en de financiële uitgangspunten. De manier waarop we daar invulling aan geven en de doelstellingen die we daaraan verbinden, worden verwerkt in de Begroting 2024 en Meerjarenraming 2025-2027. Daarin worden ook de zienswijzen verwerkt die door gemeenten op deze Kadernota worden meegegeven. Nieuwe opzet Kadernota en relatie met strategische kaders 2024-2027 Naar aanleiding van de evaluatie van de P&C-cyclus (besluit Dagelijks bestuur 16 november 2022) worden in de Kadernota de ontwikkelingen en de financiële kaders opgenomen en bevat de Begroting aanvullend daarop de te bereiken doelen. Door de doelen vast te stellen via de Begroting, kan beter aangesloten worden bij de actualiteit zoals op dat moment bekend. Voor het jaar 2024 geldt ook dat dan ook aangesloten kan worden bij de nieuwe ‘Strategische kaders werk & inkomen 2024-2027’; deze zijn ten tijde van het vaststellen van deze Kadernota nog niet opgesteld.

1.1. Ontwikkelingen in vogelvlucht Hieronder beschrijven we een aantal algemene ontwikkelingen voor 2024 die van invloed zijn op de volle breedte van ons werk. In hoofdstuk 2 wordt per thema ingegaan op de specifieke ontwikkelingen. De onzekerheden zijn groot en dat vraagt voortdurend om aanpassingsvermogen Op het moment van schrijven hebben we te maken met een sterk gestegen inflatie, mede als gevolg van de energieprijzen. We merken dagelijks de effecten van wereldwijde ontwikkelingen. Er zijn door het kabinet maatregelen getroffen, zowel incidenteel als structureel, die de effecten van de inflatie moeten verzachten. De voorspelbaarheid van de economische ontwikkelingen – en daarmee ook van de ontwikkeling op de arbeidsmarkt – lijkt minder groot dan voorheen. De crises die zich de afgelopen paar jaar hebben opgevolgd, hebben geleid tot diverse tijdelijke (nood)maatregelen vanuit het Rijk. Dat maakt dat onze meerjarenbegroting minder voorspelbaar is en ‘met potlood’ geschreven is. Ook vergt dit voortdurend aanpassingsvermogen van de organisatie, zowel inhoudelijk (waar liggen de prioriteiten) als organisatorisch (hoe zorgen voor een goede dienstverlening van alle inwoners die op ons aangewezen zijn). We houden er rekening mee dat dit type incidentele zaken meer structureel gaan worden en dat veranderingen in 2024 een constante factor zijn.

‘Participatiewet in balans’ gaat leiden tot wijzigingen vanaf 2024 In het coalitieakkoord van het kabinet ‘Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst’ is de ambitie uitgesproken om wetten te beoordelen op eenvoud, menselijke maat en uitvoerbaarheid. In dat kader heeft het kabinet plannen om de Participatiewet te verbeteren. De minister heeft aangegeven dat de Participatiewet op dit moment ‘uit balans’ is en zij wil de balans herstellen tussen de ondersteuning die naar werk geboden wordt, het garanderen van een basaal inkomen en de controle op de verplichtingen. Zoals het er nu naar uitziet, gaat dit leiden tot wijzigingen van de Participatiewet die stap-voor-stap ingevoerd worden. Ook is de ambitie van het kabinet om daarbij breder te kijken dan alleen de Participatiewet. De verdere invulling is nog niet bekend; we verwachten zeker dat we in 2024 te maken zullen hebben met de (verdere) wijzigingen

Kadernota 2024 – versie 0.4

pag. 4

van de Participatiewet. De ambities in ‘Participatiewet in balans’ sluiten goed aan bij de ontwikkeling die binnen de RSD al is ingezet. Wijziging van de gemeenschappelijke regeling De Wet gemeenschappelijke regeling is aangepast. Een aantal wijzigingen is direct ingegaan, zoals de termijnen van de jaarrekening en begroting. Voor andere wijzigingen hebben gemeenten en hun gemeenschappelijke regelingen twee jaar tijd, tot 1 juli 2024. Dit proces is al in gang gezet in samenwerking met de gemeenten en zal in 2024 tot definitieve besluitvorming leiden en waarschijnlijk tot een wijziging van de gemeenschappelijke regeling RDWI in 2024.

1.2. Waar houden we financieel gezien rekening mee Algemene uitgangspunten - Er is rekening gehouden met een reële begroting 2024 en meerjarenkader; - Structurele lasten zijn gedekt door structurele baten; - In hoofdstuk 2 worden alleen de programmakosten opgenomen; - In hoofdstuk 3 en 4 zijn alle uitvoeringskosten opgenomen. Budgetten Sociaal Domein De budgetten re-integratie en participatie en sociale werkvoorziening zijn gebaseerd op de uitkeringen sociaal domein zoals opgenomen in de septembercirculaire 2022. Er is sprake van één ongedeeld participatiebudget voor de vijf gemeenten. Omvang formatie Er wordt uitgegaan van een formatie-omvang van 154,3 fte. Dit is inclusief de effecten van de besluiten over de afbouw van de formatie intensieve aanpak en toevoeging formatie ten behoeve van Informatieveiligheid & Privacy en de Wet Open Overheid. Dit wordt verder uiteengezet in hoofdstuk 4. Lonen en salarissen Wet sociale werkvoorziening De salariskosten Wsw zijn gebaseerd op de bedragen zoals opgenomen in een conceptmeerjarenraming 2023 en verder, ontvangen van Biga Groep BV. Prijsaanpassingen (indexeringspercentages) Een prijsindexatie op de apparaatskosten (exclusief lonen en salarissen) van 2,4% voor 2024 is opgenomen in de Kadernota. Deze cijfers zijn ontleend aan de meest recente publicatie van het CPB zoals opgenomen in de septembercirculaire 2022.

Tevens is op basis van deze publicatie het structureel effect van de verhoging van de prijscompensatie over 2022 en 2023 verwerkt. Loonaanpassingen De loonontwikkeling is gebaseerd op de verwachte loonontwikkeling zoals opgenomen in de septembercirculaire 2022. Dit cijfer is ontleend aan de meest recente publicatie van het CPB. Hierbij is rekening gehouden met: • Correctie structureel effect (dat is een verlaging) op de CAO 2021 – 2022 • Extra looncompensatie salaris 2023 in verband met stijging septembercirculaire loonvoet 2022 • Indexatie looncompensatie 2024 (+4,2%)

Kadernota 2024 – versie 0.4

pag. 5

1.3. Samenvatting financiën De belangrijkste financiële ontwikkelingen voor het begrotingsjaar 2024 zijn: 1. Ten opzichte van de Kadernota 2023 verwachten we dat de sociaal domein lasten dalen. Het aantal uitkeringsgerechtigden groeit minder dan verwacht ten tijde van het opstellen van de Kadernota 2023. De verwachting is dat de ontwikkeling in onze regio gelijke tred houdt met landelijke ontwikkeling. Zolang dit het geval is, worden de lasten gecompenseerd door de stijging van het macrobudget. Voorzichtigheidshalve is het opgenomen resultaat voor de RSD-gemeenten budgettair neutraal verwerk in deze kadernota. De reden is dat nu nog niet kan volledig overzien kan worden wat het effect is van de huidige economische ontwikkelingen op de omvang van de baten en de lasten van inkomensvoorzieningen. 2. In deze kadernota is nog geen rekening gehouden met het financiële effect van de verhoging het wettelijk minimum loon (wml) met 10% per 1 januari 2023. Deze verhoging werkt door in de hoogte van de gemiddelde bijstandsuitkering. Achterliggende reden is dat het kabinet heeft besloten om de extra middelen ter dekking van deze verhoging pas bij de septembercirculaire in 2023 toe te voegen aan het gebundeld BUIG budget. Dit betekent dat het effect van deze rijksmaatregel in 2024 verwerkt wordt in de eerste nota begrotingswijziging 2024. 3.

De verwachte omvang van het klantenbestand blijft binnen de in de Begroting 2022 afgesproken bandbreedte. De formatie is uitgebreid voor Informatieveiligheid & Privacy en de Wet Open Overheid. 4. De gemeentelijke bijdragen voor de inkomensvoorzieningen zijn verhoogd ten opzichte van de Kadernota 2023. De stijgingen gelden voor de lasten bijzondere bijstand, de collectieve ziektekosten CAZ en het minimabeleid. 5. De uitbreiding van de formatie Wet Inburgering (in verband met de leerbaarheidstoets) en de uitbreiding van de formatie (in verband met de verhoging van de taakstelling voor 2023 en 2024) zijn nog niet meegenomen vanwege onduidelijkheid daarover. De uitbreiding wordt financieel verwerkt in de Begroting 2024. In onderstaande tabel is een samenvatting opgenomen van de mutaties op de bijdragen gemeenten op de verschillende activiteiten van RDWI. Tabel 1 Bijdragen gemeenten

2023

2024

2025

2026

2027

84.287.700

81.999.000

82.962.200

83.756.400

83.756.400

Mutaties kadernota 2024: Gebundeld BUIG / BBZ 2004 BBZ/2004 kredietverlening en onderzoekskosten

0 0

-2.287.300 50.000

-2.817.700 50.000

-2.835.400 50.000

-2.622.400 50.000

Re-integratie & participatie inclusief jeugdwerkloosheid, nieuwkomers intensieve aanpak en kinderopvang WSW Voorzieningen Wet Inburgering Inkomensvoorzieningen Bedrijfsvoering RSD algemeen Bedrijfsvoering RSD tbv Wet Inburgering Subtotaal mutaties kadernota 2024

0 0 0 0 0 0 0

165.500 234.000 PM 294.550 995.100 PM -548.150

166.500 199.800 PM 294.550 995.100 PM -1.111.750

259.800 235.600 PM 294.550 995.100 PM -1.000.350

259.800 53.900 PM 294.550 995.100 PM -969.050

Begroting 2023

Totaal na mutaties

84.287.700 81.450.850 81.850.450 82.756.050 82.787.350

De verschillende onderdelen zijn uitgewerkt in hoofdstuk 2 tot en met 4.

Kadernota 2024 – versie 0.4

pag. 6

2 Thema’s 2024 In dit hoofdstuk schetsen we welke ontwikkelingen wij verwachten die van invloed kunnen zijn op onze dienstverlening aan de inwoners. Deze ontwikkelingen worden vertaald naar financiële kaders en worden verder uitgewerkt in de Begroting 2024. In de Begroting 2024 worden ook de te bereiken doelen geformuleerd. De financiële tabellen betreffen de programmakosten; de apparaatskosten zijn opgenomen in hoofdstuk 4.

2.1. Ontwikkeling van het bestand bijstand We houden rekening met een stijging vanaf 2024 Voor de ramingen van het aantal inwoners dat een beroep moet doen op een uitkering, volgen we de ramingen van het CPB. Het CPB verwacht een toename van de werkloosheid in 2023. Daarbij geeft het CPB wel een grote onzekerheidsmarge, waarbij ook rekening wordt gehouden met een daling. Als er een stijging komt, is dat in 2023 vooral te zien in de werkloosheidsuitkeringen (WW) en dat werkt vanaf 2024 vertraagd door in de Participatiewet2. Bij onderstaande schattingen zijn we uitgegaan van een scenario waarbij er een stijging plaats gaat vinden. Tabel 2.1 Jaar

Groei/daling t.o.v. het vorige jaar

Stand bijstandspartijen ultimo jaar

2020

+2,5%

2.825

Realisatie

Stand van zaken eind december 2020

2021

-2,1%

2.765

Realisatie

Stand van zaken eind december 2021

2022

-0,5%

2.740

Prognose

Najaarsnota 2022

2023

0%

2.740

Schatting

MEV, september 2022

2024

+4%

2.850

Schatting

2025

+1,8%

2.900

Schatting

2026

+2,4%

2.970

Schatting

2027

+2%

3.030

Schatting

Bron

* De schattingen 2023 en verder zijn gebaseerd op cijfers en beschrijvingen van het CPB. In de Begroting 2024 worden de cijfers aangepast aan de hand van de werkelijke eindstand 2022.

Financieel kader Tabel 2.2

Meerjarenkader 20242027 Totaal BUIG/BBZ 2023

2023

2024

2025

2026

2027

46.008.400 47.296.900 48.765.300 49.890.000

49.890.000

Mutaties kadernota 2024: Gebundelde uitkering/ BBZ uitkering levensonderhoud starters en gevestigden

0

-2.287.300

-2.817.700

-2.835.400

-2.622.400

BBZ Onderzoekskosten levensvatbaarheid

0

50.000

50.000

50.000

50.000

BBZ Kredietverlening

0

0

0

0

0

46.008.400 45.059.600 45.997.600 47.104.600

47.317.600

Totaal BUIG / BBZ kadernota 2024

2

Bron: CPB Macro Economische verkenning 2023

Kadernota 2024 – versie 0.4

pag. 7

Het verwachte aantal uitkeringen is lager dan de vorige prognose We verwachten dat de lasten BUIG / BBZ uitkering levensonderhoud starters en gevestigden in 2024 dalen ten opzichte van de Begroting 2023. Daarbij dient rekening gehouden te worden dat de effecten van de verhoging van het minimumloon per 1 januari 2023 nog niet zijn verwerkt in zowel de baten (Rijksbudgetten) als de lasten (uitkeringen) van deze Kadernota. De schatting van het aantal uitkeringsgerechtigden is lager dan in de raming in de Kadernota 2023. De daling van de lasten voor de BUIG en BBZ uitkeringen levensonderhoud voor starters en gevestigden hangt hiermee samen. De component loonkostensubsidie maakt een steeds groter deel uit van BUIG In bovenstaande tabel zijn tevens de lasten loonkostensubsidie verwerkt vanaf 2024. Deze lasten maken een steeds belangrijker deel uit van de totale BUIG-lasten. Het aantal klanten met een arbeidsbeperking (zowel met als zonder uitkering) maakt sinds 2015 deel uit van de Participatiewet, door afsluiting van de Wsw en beperking van de Wajong. Daardoor is er een geleidelijke stijging. Deze inwoners ontvangen niet allemaal een uitkering, dus tellen niet (volledig) mee in het volume BUIG-uitkeringen. Het budget voor loonkostensubsidie wordt gekoppeld aan de werkelijk verstrekte loonkostensubsidies in het jaar voorafgaand aan het budgetjaar.

BBZ onderzoekskosten levensvatbaarheid en kredietverlening BBZ In verband met de onzekere economische ontwikkeling verwachten we in 2023 en 2024 een toename van hulpvragen van zelfstandigen. Daarom is het nodig om het budget voor de onderzoeken levensvatbaarheid te verhogen. Het benodigd budget voor de kredietverlening aan zelfstandigen is ongewijzigd, omdat hiervoor geen adequate raming op te stellen is. Het gaat om een beperkt aantal kredieten die zeer verschillend van hoogte kunnen zijn. Resultaat BUIG/ BBZ uitkeringen levensonderhoud starters en gevestigden in 2024 In tabel 2.3 is voor de gemeenten extracomptabel het resultaat op het BUIG budget 2024 berekend. Tabel 2.3 F. Resultaat na vangnetuitke ring na ontschotting

A. Rijksbudgetten BUIG

B. LASTEN BUIG/BBZ

Bunnik

1.939.000

1.959.800

-20.800

0

0

0

De Bilt Utrechtse Heuvelrug

9.506.000

9.668.500

-162.500

0

0

0

9.812.000

10.000.500

-188.500

0

0

0

Resultaat BUIG 2024

C. Totaal D baten Vangnet T&V uitkering

E. Resultaat voor onschotting na Vangnetuitkering A-BC+D = E

Wijk bij Duurstede

3.845.000

4.020.400

-175.400

0

0

0

Zeist

19.712.000

20.114.800

-402.800

0

0

0

Totaal budget

44.814.000 45.764.000 -950.000

0

0

0

Het ministerie hanteert voor het vaststellen van het macrobudget het uitgangspunt dat het budget voldoende moet zijn om de landelijke ontwikkeling van het aantal bijstandsgerechtigden en de ontwikkeling van de lasten te dekken. Bij de raming in deze Kadernota is als uitgangspunt genomen dat de ontwikkeling het klantenbestand van onze gemeenten gelijke tred houdt met de landelijke ontwikkeling. Voorzichtigheidshalve is het individuele en gezamenlijke resultaat in 2024 op de BUIG budgettair neutraal opgenomen. De baten terugvordering en verhaal zijn gebaseerd op de begrote baten 2023.

Kadernota 2024 – versie 0.4

pag. 8

2.2. Re-integratie, participatie en dienstverlening aan werkgevers Een grote ‘middengroep’ en lokale samenwerking We verwachten dat de grote ‘middengroep’ en inwoners voor wie werk onhaalbaar is, op korte termijn nog zal groeien. Bij inwoners die op onze ondersteuning aangewezen zijn, is er meestal sprake van een combinatie van belemmerende factoren. De samenwerking met lokale en regionale netwerkpartners is en blijft daardoor essentieel. Samenwerking op bovenregionaal niveau wordt belangrijker Het kabinet zet in op een uitbreiding van de arbeidsmarktinfrastructuur, wat onder andere betekent dat de (boven)regionale werkgeversdienstverlening in de regio MiddenUtrecht steeds belangrijker wordt. Naast de wettelijke harmonisatie op het gebied van werkgeversdienstverlening biedt de samenwerking in de arbeidsmarktregio ook kansen. Er komen via centrumgemeente Utrecht meer landelijke en Europese middelen op bovenregionaal niveau voor kwetsbare doelgroepen, bijvoorbeeld jongeren en mensen met psychische beperkingen. Daarin trekken we gezamenlijk op met de andere (sub)regio’s in de arbeidsmarktregio. Financieel kader In tabel 2.4 zijn de mutaties op de budgetten die ingezet worden voor de ondersteuning van klanten inzichtelijk gemaakt, exclusief de subsidie Wet sociale werkvoorziening. Tabel 2.4 Meerjarenkader 20242027

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12463546/1