CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB22.084 Zienswijze begroting 2023 VRU

Overige evenementen 23 juni 2022, gemeente ZeistBij agendapunt: C-Raadsinformatiebrieven (ter kennisgeving)28.068 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

N

| N |

Publiekshal » Het Rond 1, Zeist

www.zeist.nl » www.twittter.com/gemeentezeist

Postbus 513, 3700 AM, Zeist

www.facebook.com/gemeentezeist

Telefoon 14 030 » zeist@zeist.nl

Gemeente Zeist

Ca ntv. Aan de gemeenteraad

Datum

Ge (he

QI Qs

14 juni 2022

Burgerservicenummer

ib Ob. 2022

Da. OO Q Uy

Ons kenmerk

449143

Uw kenmerk

Bijlage(n)

divers

Behandeld door

M. van der Burgt

Onderwerp

Dn Begroting

Portefeuillehouder

Burgemeester Janssen

Geachte leden van de raad,

Als onderdeel van de P&C-cyclus heeft de Veiligheidsregio Utrecht, kortweg de VRU, de voorlopige jaarrekening 2021, het bestemmingsvoorstel van het rekeningresultaat 2021 en de programmabegroting 2023 tevens 1e wijziging programmabegroting 2022 aan de deelnemende gemeenten voorgelegd met de uitnodiging daarop een zienswijze te geven. Jaarstukken en resultaatsbestemming 2021 De VRU sluit het jaar 2021 af met een positief resultaat voor bestemming van € 3.102K. Dit positieve resultaatis incidenteel van aard en wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door lagere

personele en materiële lasten als gevolg van de beperkingen door de landelijke

coronamaatregelen.

Het positieve resultaat bestaat uit lagere personele lasten (€ 2,4 miljoen) en materiële lasten (€ 0,6 miljoen).

De lagere personele lasten worden onder vooral veroorzaakt doortijdelijke vacatureruimte en het niet volledig uitvoeren van de programma's voor opleiden, trainen en oefenen, mede door de landelijke coronamaatregelen. De afwijking op de materiële lasten betreft voornamelijk lagere onderhoud- en gebruikskosten voor voertuigen en operationele middelen door minder gebruik en vervoersbewegingen door de coronamaatregelen.

Het algemeen bestuur van de VRU heeft besloten om het positieve rekeningresultaat voor een aanzienlijk deel terug te storten naar de deelnemende gemeenten (€ 2.320K) en alleen een storting in de ontwikkel- en egalisatiereserve te doen voor doorlopende activiteiten en incidentele middelen die nodig zijn voor de continuering van de huidige taakuitvoering. Hiermee wordt een incidentele stijging van de gemeentelijke bijdragen in 2022 en 2023 voorkomen. Dit sluit aan bij de wens van verschillende gemeenten om rekening te houden met definanciële situatie van de gemeenten. Geactualiseerde begroting 2022

De geactualiseerde begroting 2022 is gebaseerd op de begroting 2022 die op 5 juli 2021 is vastgesteld. Naast de reguliere bijstelling van de loon- en prijsaanpassing (die overeenkomt met de loon- en prijsontwikkeling van

Austerlitz « Boschen Duin « Den Dolder « Huis ter Heide » Zeist

dte dep

het gemeentefonds) wordt het structureel voordeel als gevolg van de evaluatie van de AED-taak (€ 115K) doorberekend in de gemeentelijke bijdrage vanaf 2022. Per saldo stijgt de bijdrage voor het gemeentelijke basistakenpakket voor 2022 met € 749K. Ontwerpbegroting 2023 De ontwerpbegroting 2023 is gebaseerd op de (geactualiseerde) begroting 2022 en de mutaties die zijn opgenomen in de kadernota 2023. De bijdrage voor het gemeentelijk basistakenpakket voor 2023 stijgt met € 2.670K ten opzichte van de vastgestelde meerjarenbegroting. In de kadernota 2023 is rekening gehouden met een stijging van € 2.805K. Het structureel voordeel van € 135K is het gevolg van het financieel effect van de verlaging van het budget voor de AED-taak (€ 115K) en een voordelige prijsbijstelling van de rijksbijdrage (Brede doeluitkering Rampenbestrijding) (€ 20K). Naast de mutaties met een effect op de gemeentelijke bijdrage zijn technische saldo-neutrale mutaties in de baten en lasten doorgevoerd om de begroting voor 2022 te actualiseren en de begroting 2023 nader uit te

werken.

Effecten voorZeist

Onderstaande tabel geeft een gecombineerd overzicht van de effecten voorde bijdrage Gemeentelijk basistakenpakket (GBTP) en de vergoeding Individueel Gemeentelijk Pluspakket (IGPP) voor Zeist.

Bedragen x € 1.000 Bijdrage GBTP Vergoeding IGPP Totaal

4.100 911 5.011

4.123 911 5.034

4.212 936 5.148

Zienswijze Zeist De jaarstukken 2021 zien er goed uit. De VRU sluit 2021 af met een positief resultaat van ruim € 3 miljoen. Het is goed dat de VRU in hetlicht van de financiële situatie van gemeenten een van dit bedrag terugstort. De stijging in de begroting 2023 wordt hoofdzakelijk veroorzaakt exogenefactoren, namelijk de loon- en prijsaanpassing. Met inachtneming van bovenstaande komt het College tot een ondersteunende zienswijze vanuit Zeist, zoals is verwoord in bijgaande zienswijzebrief. Wij vertrouwen erop dat we u hiermee voldoende hebben geïnformeerd. Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Zeist,

de gemeentesecretaris,

de burgemeester,

.SVGrotens

Austerlitz « Bosch en Duin « Den Dolder = Huis ter Heide = Zeist

Bijlagen:

1. Aanbiedingsbrief VRU

2. Voorlopige jaarstukken 2021

3. Ontwerpbegroting 2023 tevens actualisatie 2022 4. Infographic 2021 VRU 5. Notitie zienswijzen kadernota 2023 6. Zienswijzebrief gemeente Zeist

Austerlitz « Bosch en Duin « Den Dolder « Huis ter Heide « Zeist

Publiekshal

www.zeist.nl

■ Het Rond 1, Zeist

Postbus

513, 3700 AM, Zeist

Telefoon

14 030 ■ zeist@zeist.nl

■ www.twitter.com/gemeentezeist

www.facebook.com/gemeentezeist

Gemeente Zeist Veiligheidsregio Utrecht Tav de heer Van't Hoog, concerncontroller Archimedeslaan 6 3584 BA Utrecht 14 juni 2022

Datum

Uit-Z

VERZONDEN 1 4 JUNi 2022 Ons kenmerk

Burgerservicenummer

Uw kenmerk

Bijlage(n)

Behandeld

Ondenwerp

Reactie diverse financieie stukken VRU

door

449143 S&B/B&A

Geachte heer Van ‘t Hoog, In uw brief van 15 april verzoekt u ons om onze zienswijze kenbaar te maken op de voorlopige jaarrekening 2021, het voorstel voorde resultaatbestemming 2021 en de ontwerpbegroting 2023, tevens geactualiseerde begroting 2022. Zeist heeft met genoegen kennisgenomen van de heldere stukken die u ons gezonden heeft. De VRU sluit 2021 af met een positief resultaat van ruim € 3 miljoen. Dit positieve resultaat is incidenteel van aard en wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door lagere personele en materiele lasten als gevolg van de beperkingen door de landelijke coronamaatregelen. Het algemeen bestuur van de VRU heeft besloten om dit positieve rekeningresultaat voor een aanzienlijk deel terug te storten naar de deelnemende gemeenten en alleen een storting in de ontwikkei- en egalisatiereserve te doen voor doortopende activiteiten en incidentele middelen die nodig zijn voor de continuering van de huidige taakuitvoering. Hiermee wordt een incidentele stijging van de gemeentelijke bijdragen in 2022 en 2023 voorkomen. De gemeente Zeist vindt het goed dat er op deze manier rekening gehouden wordt met de financieie situatie van de deelnemende gemeenten. Met inachtneming van bovenstaande vanuit Zeist.

vaststellingen komen wij tot een ondersteunende

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geinformeerd. Hoogachtend, burgemeester

Austerlitz Scandatum: 14-06-2022

en wethouders van Zeist,

■ Bosch en Duin ■ Den Dolder

Huis ter Heide

Zeist

zienswijze

Datum

15 april 2022

Aan de gemeenteraden van de deelnemende VRU-gemeenten Ter attentie van de voorzitter, en aan de colleges van burgemeesters en wethouders

In behandeling Grifie 21-04-2022/PR22.089/530701

contactpersoon B.B. van ‘t Hoog Concerncontroller Archimedeslaan 6 3584 BA Utrecht 088 878 1000 Accountmanagement@vru.nl Ons kenmerk 22.0005782

Onderwerp Uitnodiging zienswijze diverse financiële stukken

Uw kenmerk -

Geachte raad,

Bijlagen 4

Op 28 maart jl. heeft het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio Utrecht (VRU) ingestemd met de voorlopige jaarstukken 2021 en de ontwerpbegroting 2023 / geactualiseerde begroting 2022. Conform geldende procedure van de gemeenschappelijke regeling nodigen wij de gemeenteraden uit hierop hun zienswijze te geven. In deze brief vindt u een toelichting op de belangrijkste onderwerpen uit de genoemde stukken, waarmee we u een samenhangend overzicht willen geven van zowel de verantwoording over het afgelopen jaar als de ontwikkelingen die van invloed zijn op de begroting van 2022 en 2023.

1. Voorlopige jaarstukken 2021 Ook 2021 was net als 2020 voor de VRU een bijzonder jaar, dat grotendeels in het teken stond van de coronacrisis. Sinds maart 2020 heeft de VRU zich ingezet als regionale crisisorganisatie waarbij samen met onze partners grote inspanningen zijn geleverd in de bestrijding van de coronacrisis. Naast de actieve bijdrage in de crisisorganisatie hebben de ontwikkelingen rond COVID-19 voor de VRU ook tot andere uitdagingen geleid. Zo werkte een groot deel van de VRU organisatie twee jaar vrijwel geheel vanuit huis. Een ander deel van de collega’s had juist niet de mogelijkheid om thuis te werken, zoals de brandweermensen, piketfunctionarissen en medewerkers in de COVID19 crisisorganisatie. Zij hebben grote flexibiliteit en creativiteit getoond om binnen de beperkingen waar we mee te maken hadden zich toch volledig in te zetten voor de veiligheid in onze regio. Terugkijkend op de afgelopen periode kan ik enkel trots zijn op de wijze waarin de VRU met elkaar en met haar samenwerkingspartners toch belangrijke stappen heeft gezet ten aanzien van de strategische doelstellingen uit het beleidsplan 2020-2023. Financieel resultaat 2021 en resultaatbestemming We sluiten 2021 af met een positief resultaat van € 3.102K (ca. 3% van de begroting).

Het positieve resultaat is incidenteel van aard en wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door lagere personele en materiële lasten als gevolg door de beperkingen door de landelijke coronamaatregelen. In het jaarverslag is in paragraaf 1.1 een beknopte toelichting op het rekeningresultaat opgenomen.

Veiligheidsregio Utrecht Postbus 3154 3502 GD Utrecht 088 878 1000 info@vru.nl www.vru.nl brandweer.nl/utrecht veiligheidsregioutrecht @vrutrecht @vrubrandweer Iban NL18 BNGH 0285 1331 79 kvk 51817330 Pagina

1

Het algemeen bestuur van de VRU heeft unaniem besloten om het positieve rekeningresultaat voor een aanzienlijk deel terug te storten naar de deelnemende gemeenten (€ 2.320K) en alleen een storting in de ontwikkel- en egalisatiereserve te doen voor doorlopende activiteiten en incidentele middelen die nodig zijn voor de continuering van de huidige taakuitvoering. Hiermee wordt een incidentele stijging van de gemeentelijke bijdragen in 2022 en 2023 voorkomen. Het voorstel voor de resultaatbestemming sluit aan bij de zienswijzen op de kadernota 2023 waarin verschillende gemeenten hebben verzocht om rekening te houden met de financiële situatie van de gemeenten door een aanzienlijk deel van het positief rekeningresultaat terug te storten naar de gemeenten en een (incidentele) verhoging van de gemeentelijke bijdrage zoveel mogelijk te voorkomen. Het voorstel voor de resultaatbestemming voorziet in beiden.

Tabel 1: voorstel bestemming rekeningresultaat 2021 Bedragen x € 1.000

Voorstel resultaatbestemming 2021

Bedrag

Terug te storten naar de gemeenten Storting in ontwikkel- en egalisatiereserve

2.320 782

Totaal

3.102

Status accountantscontrole De accountant is voornemens om een goedkeurende verklaring af te geven bij de jaarrekening 2021. Dit onder voorbehoud van de afronding van de laatste controlewerkzaamheden en de interne kwaliteitsprocedures. In de definitieve versie van de jaarstukken, die aan het algemeen bestuur zal worden aangeboden ter vaststelling op 4 juli a.s., zal de definitieve tekst van de accountantsverklaring worden opgenomen. 2. Ontwerpbegroting 2023 / geactualiseerde begroting 2022 Zienswijzen kadernota 2023 Op 22 november 2021 is de kadernota 2023 naar de gemeenten verzonden met daarbij het verzoek om uiterlijk 3 februari 2022 hun zienswijzen kenbaar te maken. Uit de zienswijzen bleek brede steun voor de voorgestelde financiële kaders, die dan ook in de voorliggende stukken zijn verwerkt. Tijdens de bespreking van de zienswijzen op de kadernota 2023 in het AB op 7 februari 2022 is wederom aandacht gevraagd voor de financiële positie van gemeenten.

In de voorliggende stukken is daar nadrukkelijk rekening mee gehouden door: in de begroting geen bijdrage te vragen voor nieuw beleid en waar mogelijk financiële voordelen ten aanzien van het bestaande beleid door te berekenen in de bijdrage; schommelingen in de gemeentelijke bijdrage zoveel mogelijk te voorkomen door de inzet van reserves, waar onder de ontwikkel- en egalisatiereserve; een aanzienlijk deel van het rekeningresultaat 2021 terug te storten naar de gemeenten. Naast de steun voor de financiële kaders vragen verschillende gemeenten om betrokken te blijven worden bij een aantal ontwikkelingen, zoals taakdifferentiatie, de omgevingswet en de evaluatie van de Wet Veiligheidsregio’s. In het verlengde daarvan verzoekt een aantal gemeenten om de

Uw kenmerk -

Ons kenmerk 22.0005782

Pagina

2

financiële risico’s nader te kwantificeren en te relateren aan de beschikbare weerstandscapaciteit. Voor zover de financiële effecten kunnen worden ingeschat is dit verwerkt in de geactualiseerde risicoparagraaf van de begroting. Zoals gebruikelijk worden het bestuur en de gemeenten op de hoogte gehouden van relevante ontwikkelingen, waarbij het uitgangspunt is dat eventuele bestuurlijke keuzes tijdig worden voorgelegd en de gemeentelijke bijdrage niet stijgt zonder expliciete besluitvorming daarover. Hoofdlijnen geactualiseerde begroting 2022 De geactualiseerde begroting 2022 is gebaseerd op de begroting 2022 die op 5 juli 2021 is vastgesteld. Naast de reguliere bijstelling van de loon- en prijsaanpassing (die overeenkomt met de loon- en prijsontwikkeling van het gemeentefonds) wordt het structureel voordeel als gevolg van de evaluatie van de AED-taak (€ 115K) doorberekend in de gemeentelijke bijdrage vanaf 2022. Per saldo stijgt de bijdrage voor het gemeentelijke basistakenpakket voor 2022 met € 749K. Hoofdlijnen ontwerpbegroting 2023 De ontwerpbegroting 2023 is gebaseerd op de (geactualiseerde) begroting 2022 en de mutaties die zijn opgenomen in de kadernota 2023. De bijdrage voor het gemeentelijk basistakenpakket voor 2023 stijgt met € 2.670K ten opzichte van de vastgestelde meerjarenbegroting. In de kadernota 2023 is rekening gehouden met een stijging van € 2.805K.

Het structureel voordeel van € 135K is het gevolg van het financieel effect van de verlaging van het budget voor de AED-taak (€ 115K) en een voordelige prijsbijstelling van de rijksbijdrage (Brede doeluitkering Rampenbestrijding) (€ 20K). Naast de mutaties met een effect op de gemeentelijke bijdrage zijn technische saldo-neutrale mutaties in de baten en lasten doorgevoerd om de begroting voor 2022 te actualiseren en de begroting 2023 nader uit te werken. Tabel 2 geeft inzicht in het effect van de mutaties op de bijdrage voor het gemeentelijk basistakenpakket voor 2022 en 2023. Tabel 2: mutatie bijdrage gemeentelijk basistakenpakket 2022 en 2023 Bedragen x € 1.000

Samenvatting mutaties financieel kader

Bijstelling ijkpuntscores gemeentefonds Loonaanpassing Prijsaanpassing Lasten FLO-overgangsrecht

Financieel effect GBTP Actualisatie Begroting 2023 2022

Loonaanpassing incidenteel Mutaties financieel kader

47 677 558 -216 1.067 -203 864

47 2.007 1.150 -217 2.988 -203 2.785

Evaluatie uitvoering AED-taak Mutaties ontwikkelingen (bestaand beleid)

-115 -115

-115 -115

Totaal mutatie bijdrage GBTP

749

2.670

Brede doeluitkering Rampenbestrijding

Uw kenmerk -

Ons kenmerk 22.0005782

Pagina

3

3. Zienswijze Wij nodigen u uit om uw zienswijzen te formuleren op de voorlopige jaarstukken 2021 (inclusief resultaatbestemming) en de ontwerpbegroting 2023 / geactualiseerde begroting 2022. Wij verzoeken u om uw zienswijze uiterlijk 9 juni 2022 aan het bestuur van de VRU kenbaar te maken, ter attentie van de concerncontroller, de heer Van ’t Hoog. De zienswijzen worden betrokken bij het opstellen van de definitieve jaarstukken 2021 en begroting 2023 / geactualiseerde begroting 2022, die 4 juli 2022 in de vergadering van het algemeen bestuur ter vaststelling voorliggen.

Namens het dagelijks bestuur van de Veiligheidsregio Utrecht,

J.R. Donker secretaris

Uw kenmerk -

Ons kenmerk 22.0005782

Pagina

4

Voorlopige jaarstukken 2021 Verslag & rekening Versie 15 april 2022

1

Inhoudsopgave

Inhoudsopgave

2

1

5 5 6

Financiële samenvatting Samenvatting toelichting jaarrekeningresultaat Voorstel bestemming rekeningresultaat

Jaarverslag 2021

8

Programmaverantwoording

9

2

Risicobeheersing Wat wilden we bereiken? Wat hebben we daarvoor gedaan? Productie-indicatoren Prestatie-indicatoren Gerealiseerde baten en lasten

10 10 10 13 14 14

3

Crisisbeheersing Wat wilden we bereiken? Wat hebben we daarvoor gedaan? Productie-indicatoren Prestatie-indicatoren Gerealiseerde baten en lasten

15 15 15 16 18 19

4

GHOR Wat wilden we bereiken? Wat hebben we daarvoor gedaan? Productie-indicatoren Prestatie-indicatoren Gerealiseerde baten en lasten

20 20 20 20 22 23

5

Brandweer Wat wilden we bereiken? Wat hebben we daarvoor gedaan? Productie-indicatoren Prestatie-indicatoren Gerealiseerde baten en lasten

24 24 24 26 27 28

6

Meldkamer Wat wilden we bereiken? Wat hebben we daarvoor gedaan? Productie-indicatoren Gerealiseerde baten en lasten

29 29 29 30 31

7

Algemeen Algemene kosten en dekkingsmiddelen

32 32

2

Overhead Onvoorzien Gerealiseerde baten en lasten

32 32 33

Paragrafen

34

8

Weerstandsvermogen en risicobeheersing Weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit Kengetallen

35 35 35 37

9

Onderhoud kapitaalgoederen Activeren en afschrijven Onderhoud

38 38 38

10

Financiering Kasgeldlimiet Renterisiconorm

39 39 39

11

Bedrijfsvoering Personeel Inhuur Beleidsindicatoren Duurzaamheid Privacy

41 41 42 43 43 43

12

Verbonden partijen

45

Jaarrekening 2021

46

1

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening

47 47

2

Balans Balans per ultimo boekjaar Toelichting balans Waarborg en garanties Niet in de balans opgenomen verplichtingen Gebeurtenissen na balansdatum

49 49 50 55 55 56

3

Overzicht van baten en lasten Overzicht van baten en lasten naar rubriek Toelichting op het overzicht van baten en lasten naar rubriek Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening 2021

57 57 57 64

4

Wet normering topinkomens (WNT) Bezoldiging topfunctionarissen Onbezoldigde topfunctionarissen

65 65 66

5

Single information Single Audit

67

3

6

Controleverklaring van de onafhankelijke accountant

68

Bijlage 1 – Gemeentelijke bijdragen en vergoedingen

70

Bijlage 2 – teruggave resultaat 2021 per gemeente

71

Bijlage 3 – Gerealiseerde baten en lasten per taakveld

72

Bijlage 4 – Begrippen en afkortingen

73

4

1 Financiële samenvatting Op 5 juli 2021 heeft het Algemeen Bestuur de wijzigingen op de geactualiseerde begroting 2021 vastgesteld. De realisatiecijfers uit deze jaarstukken worden vergeleken met deze geactualiseerde begroting 2021.

Samenvatting toelichting jaarrekeningresultaat Het jaar 2021 sluit met een positief resultaat voor bestemming van € 3,1 miljoen (circa 3% van de begroting). Een groot deel hiervan houdt direct verband met de coronamaatregelen en is daarmee incidenteel van karakter. Dit betreft voornamelijk het minder kunnen opleiden, trainen en oefenen en lagere onderhouds- en gebruikslasten ten aanzien van de voertuigen en operationele middelen als gevolg daarvan. Tabel 1 Toelichting jaarrekeningresultaat Bedragen x € 1.000

Begroting 2021

Realisatie 2021

Afwijking 2021

Saldo-neutrale afwijkingen

Afwijking na corr. 2021

LASTEN Personele kosten Materiële kosten Totaal lasten

78.612 19.566 98.178

75.906 18.662 94.568

2.706 904 3.610

293 338 631

2.413 566 2.979

BATEN Gemeentelijke bijdragen Rijksbijdrage Overige baten Totaal baten

87.808 9.798 2.356 99.962

87.723 9.726 2.623 100.073

-85 -71 267 111

-85 73 -12

-71 194 123

Toevoeging reserves Onttrekking reserves Totaal mutatie reserves

4.076 2.292 -1.784

4.292 1.889 -2.403

-216 -403 -619

-216 -403 -619

-

-

3.102

3.102

-

3.102

Omschrijving

Resultaat

Een deel van de afwijkingen op de verschillende rubrieken is technisch van aard en aan elkaar gerelateerd. Per saldo zorgen deze afwijkingen niet voor een resultaateffect. Deze saldo-neutrale afwijkingen zijn in de bovenstaande tabel apart inzichtelijk gemaakt om vervolgens inzicht te geven in de gecorrigeerde afwijkingen die leiden tot het gerealiseerde rekeningresultaat. Uit de gecorrigeerde afwijkingen blijkt dat het resultaat van € 3 miljoen hoofdzakelijk bestaat uit lagere personele lasten (€ 2,4 miljoen) en materiële lasten (€ 0,6 miljoen). De lagere personele lasten worden onder vooral veroorzaakt door tijdelijke vacatureruimte en het niet volledig uitvoeren van de programma’s voor opleiden, trainen en oefenen, mede als gevolg van de beperkingen door de landelijke coronamaatregelen. De afwijking op de materiële lasten betreft voornamelijk lagere onderhoud- en gebruikskosten voor voertuigen en operationele middelen, hetgeen ook verband houdt met minder gebruik en vervoersbewegingen door de coronamaatregelen.

5

In paragraaf 3.2 van de jaarrekening is een uitgebreide toelichting opgenomen, inclusief de saldoneutrale afwijkingen. Hierbij wordt ook toegelicht of sprake is van een incidentele of structurele afwijking.

Voorstel bestemming rekeningresultaat Voorgesteld wordt om een aanzienlijk deel van het rekeningresultaat terug te storten naar de deelnemende gemeenten (€ 2.320K) en alleen een storting in de ontwikkel- en egalisatiereserve te doen voor doorlopende activiteiten (€ 170K) 1 en incidentele middelen die nodig zijn voor de continuering van de huidige taakuitvoering (€ 612K). Hiermee wordt een incidentele stijging van de gemeentelijke bijdrage in 2022 en 2023 voorkomen ten aanzien van: Borging en versterking cyberveiligheid (€ 182K) Tijdelijke voorziening calamiteitencoördinator meldkamer (€ 330K) Ondersteuning gemeenten Covid-19 (€ 100K) Tabel 2 Resultaatbestemming Bedragen x € 1.000

Voorstel resultaatbestemming 2021

Bedrag

Terug te storten naar de gemeenten Storting in ontwikkel- en egalisatiereserve

2.320 782

Totaal

3.102

De voorgestelde teruggave van het rekeningresultaat 2021 bedraagt € 2,3 miljoen. De terugstorting vindt plaats naar rato van de begrote bijdrage voor het gezamenlijke basistakenpakket in 2021 (zie bijlage 1). In bijlage 2 is een overzicht opgenomen van de voorgestelde teruggave per gemeente. De voorgestelde storting in de ontwikkel- en egalisatiereserve is lager dan de op basis van de vastgestelde spelregels mogelijke maximale storting tot € 1,8 miljoen. In de geactualiseerde begroting 2022 en de ontwerp-begroting 2023 is een uitgebreide toelichting opgenomen op de voorgestelde besteding van de middelen uit de ontwikkel- en egalisatiereserve. Hieronder volgt een beknopte toelichting op de voorgestelde storting uit het rekeningresultaat 2021 ten aanzien van de incidentele middelen die nodig zijn voor de continuering van de huidige taakuitvoering. Borging en versterking cyberveiligheid voor eigen organisatie VRU Vanwege de rol van de veiligheidsregio in de samenleving is het belangrijk dat de dienstverlening en daarmee de onderliggende informatievoorziening en systemen beschikbaar blijven voor het uitvoeren van de operationele taken van de VRU. De VRU moet voldoen aan de eisen zoals die gesteld worden in de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). Om de cyberveiligheid te borgen en te versterken is in 2021 een programma gestart.

De uitvoering van het programma vergt een incidentele investering in 2022 van € 382K, waarvan wordt voorgesteld om € 182K te dekken uit de ontwikkel- en egalisatiereserve. De overige middelen worden incidenteel binnen de begroting gedekt door uitstel van vervanging van een aantal ICT-middelen. Tijdelijke voorziening calamiteitencoördinator meldkamer De functie van calamiteitencoördinator (Caco) wordt momenteel uitgevoerd als neventaak van centralisten van brandweer en politie. De politie heeft aangegeven per 1 september 2022 te willen stoppen met het leveren van personeel voor invulling van de calamiteitencoördinator. Dit 1 De doorlopende activiteiten betreft de afronding van twee lopende digitaliseringstrajecten (€ 120K) en middelen voor de in

2022 geplande inhaalslag voor bestuurlijke crisisbeheersingsoefeningen (€ 50K).

6

betekent dat de huidige werkwijze niet voortgezet kan worden en dat een alternatief moet worden gevonden om te voldoen aan de wettelijke beschikbaarheidseisen van de veiligheidsregio. Samen met de veiligheidsregio’s Gooi- en Vechtstreek en Flevoland worden afspraken gemaakt om in de meldkamer Midden-Nederland te voorzien in een 24/7 ‘dedicated’ calamiteitencoördinator per 2025 als de nieuwe meldkamer in gebruik wordt genomen. Voor de tussenliggende periode wordt een tijdelijke voorziening getroffen die extra capaciteit vergt. De kosten voor deze extra capaciteit in de periode van 1 september 2022 tot en met 2024 bedragen € 1,3 miljoen. Hiervan kan bijna € 1 miljoen incidenteel binnen de begroting worden gedekt door herprioritering van taken die in het verlengde van de calamiteitencoördinatorfunctie en incidentele budgetten die voor dit doel gereserveerd waren. Voor het resterende deel wordt voorgesteld incidentele middelen te bestemmen via de ontwikkel- en egalisatiereserve voor 2023 (€ 165K) en 2024 (€ 165K). Ondersteuning gemeenten COVID-19 Vanaf het begin van de COVID-19 crisis heeft de regionale crisisorganisatie gebruik kunnen maken van het juridisch loket. Het juridisch loket speelt een belangrijke rol in het ondersteunen van gemeenten bij juridische vraagstukken op het terrein van COVID-19.

Tot 1 december 2020 functioneerde het juridisch loket ambtelijk onder verantwoordelijkheid van de regionale crisisorganisatie van de VRU. Vanaf 1 december 2020 is de Tijdelijke wet maatregelen COVID-19 (kortweg Twmc) van kracht, waarmee het bevoegd gezag terugvloeide naar de burgemeesters van de individuele gemeenten. Het onderdeel juridisch loket valt vanaf dat moment onder de directe aansturing van de coördinerend gemeentesecretaris (CoFu). In het juridisch loket werken medewerkers van gemeenten en de VRU samen. De inzet van de VRU wordt niet in rekening gebracht, omdat deze inzet al collectief is betaald. Ditzelfde geldt voor de inzet van de regionale crisisorganisatie. De kosten van de inzet van de gemeenten voor het juridische loket (€ 237K) zijn in 2020 bij het rijk gedeclareerd als onderdeel van de meerkosten Covid-19. Voor 2021 zijn de aan gemeenten betaalde vergoedingen (€ 231K) uit praktische overwegingen verwerkt in het rekeningresultaat van de VRU, waarmee de facto een verrekening met de gemeenten heeft plaatsgevonden op basis van de verdeelsleutel voor het basistakenpakket. Voorgesteld wordt om voor 2022 een bedrag van € 100K te reserveren voor het juridisch loket, zodat ook voor 2022 geen aparte doorbelasting van de kosten aan de gemeenten hoeft plaats te vinden. Naar verwachting kan de inzet in 2022 geleidelijk worden afgeschaald.

Over de inzet van de middelen wordt verantwoording afgelegd bij de jaarrekening 2022, waarbij niet bestede middelen in de reserve beschikbaar zullen blijven.

7

Jaarverslag 2021

8

Programmaverantwoording De begroting bestaat uit één programma: Veiligheidsregio Utrecht. Hierin de volgende programmaonderdelen:      

Risicobeheersing Crisisbeheersing GHOR Brandweer Meldkamer Algemeen

In de hoofdstukken hierna de verantwoording per programmaonderdeel.

9

2 Risicobeheersing Wat wilden we bereiken? Met risicobeheersing willen we bereiken dat de fysieke veiligheid in het verzorgingsgebied van een hoog niveau is. We leveren samen met gemeenten, instellingen, bedrijven en burgers een bijdrage aan omgevingsveiligheid. Onze bijdrage zit aan de voorkant van de veiligheidsketen; in het voorkomen en beperken van fysieke onveiligheid. Hiertoe inventariseren we risico’s van branden, rampen en crises. Wij adviseren bevoegd gezag gevraagd en ongevraagd over de risico’s, zodat bevoegd gezag de afwegingen kan meenemen bij besluitvorming over ontwikkelingen in het fysieke domein. Wij richten ons op het voorkomen en beperken van (brand)gevaar en op het optreden van ongevallen voor mens en dier door o.a. brand of gevaarlijke stoffen. Hierin betrekken wij actief burgers, bedrijven en instellingen om zo het veiligheidsbewustzijn en veilig handelen te stimuleren. Beleidsdoelstellingen In het Beleidsplan VRU 2020-2023 hebben wij voor Risicobeheersing drie doelstellingen opgenomen:  Wij gaan meer gericht het veiligheidsbewustzijn en veilig gedrag van burgers, instellingen en bedrijven stimuleren: samen maken wij veiligheid.  Wij willen meer en beter zicht krijgen op de voor ons relevante trends en ontwikkelingen in de samenleving en hier alerter en effectiever op gaan inspelen door risicogericht(er) te gaan werken.

 Wij zorgen ervoor dat wij beter en eerder worden betrokken bij visievorming, planvorming en besluitvorming rondom omgevingsveiligheid, om onze bijdrage te leveren aan een veilig ontwerp van de fysieke omgeving.

Wat hebben we daarvoor gedaan? COVID-19 had gevolgen voor veel van onze reguliere werkzaamheden. We zijn op zoek gegaan naar nieuwe manieren om een bijdrage te leveren aan een (brand)veilige samenleving. Nieuwe interventies die we ook in de toekomst kunnen inzetten, om onze beschikbare capaciteit optimaal in te kunnen zetten op nieuwe, vaak complexere risico’s. Beleidsactiviteiten Voor bovengenoemde beleidsdoelstellingen hebben we de volgende activiteiten uit gevoerd:  We richten ons programma (Brand)Veilig Leven op specifieke doelgroepen. Daarbij zoeken we aansluiting bij relevante partners, om in samenwerking te komen tot maximale invloed. Samen maken we veiligheid. We hebben de COVID-periode gebruikt om online activiteiten te ontwikkelen. Door de COVID19 maatregelen was fysieke uitvoer van de voorlichtingsproducten van (Brand)Veilig Leven lang niet mogelijk. Er zijn verschillende voorlichtingen online gegeven.  We hebben ons risicobeeld op orde en monitoren de relevante trends. Uitgangspunt is dat wij adviezen, toezicht en activiteiten in het kader van brandveilig leven, risicogericht uitvoeren. Concreet betekent dit dat wij in onze adviezen en in onze inspectierapportages bij toezicht op zoek gaan naar mogelijkheden tot verbetering van de brandveiligheid, ook daar waar de regelgeving (nog) niet in voorziet.

We hebben een actueel risicobeeld, verwerkt in het Regionaal Risicoprofiel. Op basis van incidentgeschiedenis en brandonderzoek ontstaat steeds beter inzicht in trends. Voor nieuwe risico’s zoals veilige energietransitie en klimaatadaptatie/gevolgbestrijding overstroming zijn in 2021 bestuurlijk ambassadeurs benoemd. Ons inzicht in risicofocusgebieden is verbeterd. We hebben een start gemaakt met de ontwikkeling van een strategische agenda op nieuwe risico’s. In 2022 starten we met nieuwe interventies bij bepaalde typen gebouwen.

10

Met de verwachte invoering van de Omgevingswet moet veiligheid vastgelegd worden in de ontwerpfase. Daartoe leveren we de gemeenten input om het thema ‘veilige en gezonde leefomgeving’ te borgen in hun omgevingsvisie en omgevingsplannen. Ook hier is samenwerking met verschillende externe partners van belang om omgevingsveiligheid te realiseren. Onze voorbereiding op de invoering van de Omgevingswet ligt op schema. De werkprocessen zijn geactualiseerd ter voorbereiding op de Omgevingswet en het opleidingsplan ligt klaar voor uitvoering.

Inzicht in risico’s en ontwikkelingen Wij hebben de risico’s in onze regio in beeld en vastgelegd in ons risicoprofiel. Wij monitoren en analyseren de risico’s voortdurend. We delen deze informatie met in- en externe partners via:  regionaal risicoprofiel en de provinciale risicokaart;  (toekomstige) omgevingsvisies en omgevingsplannen;  integrale veiligheidsplannen;  brandrisicoprofiel. Het huidige Regionaal Risicoprofiel is vastgesteld voor de periode tot 2023. De voorbereidingen voor het nieuwe risicoprofiel zijn in 2021 gestart, zodat het bestuurlijk vaststellingstraject kan gaan lopen in Q2 2022. In 2021 is er gewerkt aan de doorontwikkeling van ons risicobeeld, gebruik makend van nieuwe sensoren, incidentinformatie en brandonderzoek. Advisering ter voorkoming van onveiligheid Wij adviseerden risicogericht het bevoegd gezag om onveilige situaties te voorkomen en/of te beperken, met betrekking tot:  omgevingsvisies en -plannen;  ruimtelijke ordening & externe veiligheid (incl. overstromingsrisico’s);  bouwen;  brandveilig gebruik van gebouwen en bouwwerken;  milieu;  evenementen. De totale omvang van de Bouwadvisering is in 2021 nagenoeg gelijk aan het begrote aantal en de realisatie in het voorgaande jaar. Wel zien we dat de gebouwen waarop geadviseerd moet worden steeds complexer worden.

De hoogbouw neemt toe, er worden meer kantoorgebouwen getransformeerd naar woningen en er worden steeds meer plannen voorgelegd met gelijkwaardige oplossingen. Het aantal verstrekte adviezen ruimtelijke ordening (429 adviezen) was in 2021 ruimschoots meer dan de jaarplanning (250), en ook meer dan de realisatie in 2020 (313). Het hogere aantal is toe te schrijven aan het aandeel bestemmingsplannen en het aandeel omgevingstafels. Deze hogere productie hebben we kunnen opvangen doordat de evenementenadvisering als gevolg van COVID-19 de afgelopen 2 jaar op een laag pitje stond. Als de evenementadvisering weer op gang komt, is de Wabo-adviescapaciteit wel een aandachtspunt. Risicogericht toezicht We hielden risicogericht toezicht namens het bevoegd gezag op (brand)veiligheid tijdens de bouw en het gebruik van bestaande gebouwen, bouwwerken en milieu-inrichtingen. Ook hielden we risicogericht toezicht bij evenementen. Vaak deden we dit in samenwerking met onze VTHpartners (gemeenten, politie en de omgevingsdiensten). Waar nodig adviseerden wij het bevoegd gezag handhavend op te treden in het kader van de brandveiligheid en ondersteunden dat

11

inhoudelijk. Dit gold ook voor het toezicht op bedrijven waar vuurwerk lag opgeslagen. Samen met de inspectiepartners voerde de VRU BRZO-inspecties uit bij de BRZO-bedrijven in onze regio. Voor toezicht brandveiligheid hadden de COVID maatregelen tot gevolg dat we tot medio juni 2021 bijna uitsluitend op locatie zijn geweest voor toezicht in de bouwfase (realisatiefase) en ten behoeve van brandonveilige situaties, waar een fysieke controle op locatie noodzakelijk was. Daarnaast zijn de controles voor de vaccinatie- en testlocaties uitgevoerd. Helaas hebben we niet alle afgesproken controles kunnen uitvoeren. Vergroten veiligheidsbewustzijn De ontwikkelingen in onze samenleving maken het noodzakelijk dat burgers, bedrijven en instellingen veiligheidsbewust en handelingsbekwaam worden om de (brand)risico’s die er zijn zoveel mogelijk te beperken. Met de ontwikkeling van nieuwe middelen blijven we inspelen op actuele (brand)risico’s in de maatschappij. Risicovolle situaties nemen af als burgers, bedrijven en instellingen veilig(er) gaan handelen. We communiceerden over het belang van een goede naleving en het verkleinen van risico’s. Binnen (Brand)veilig leven richten we ons aan de hand van actualiteit op algemene publiekscommunicatie, de brandveilige generatie, kwetsbare burgers en ondernemers.

Daarbij zoeken we aansluiting bij relevante partners, om in samenwerking te komen tot maximale invloed. In de Covid-19 periode is gewerkt aan online voorlichtingen. In de periode dat er sprake was van versoepelde maatregelen zijn er ook nog enkele fysieke voorlichtingen en schatkistlessen gegeven. Ook hebben we nog bij een paar veiligheidsdagen kunnen aansluiten met de roadshow en hebben we in de herfstvakantie, als onderdeel van de Nationale Brandpreventieweken, een grote voorlichtingsactie kunnen realiseren samen met Incidentencity. Er is in 2021 gewerkt om een bijdrage aan (brand)veiligheid via alternatieve activiteiten te leveren en daarmee nieuwe risico’s te voorkomen of te beperken. Hiervoor zijn nieuwe –digitaleinterventies ontwikkeld die ook de komende jaren ingezet kunnen worden om brandveilig gedrag te stimuleren.

12

Productie-indicatoren Tabel 3 Productie-indicatoren Risicobeheersing Nr. Productie-indicator

1 2 3 4 5

Advisering ter voorkoming van onveiligheid Het aantal verstrekte adviezen Ruimtelijke Ordening Het aantal verstrekte WABO-adviezen Bouw Het aantal verstrekte WABO-adviezen Milieu Het aantal verstrekte WABO-adviezen Gebruik Het aantal verstrekte adviezen voor Evenementen (integraal)

Risicogericht toezicht Het aantal uitgevoerde toezichtbezoeken real. Bouw Het aantal uitgevoerde toezichtbezoeken Milieu Het aantal uitgevoerde toezichtbezoeken Bestaande Bouw Het percentage hercontroles Bestaande bouw (complementair met het naleefgedrag) 9 Het aantal uitgevoerde controles bij Evenementen 10 Het aantal uitgevoerde toezichtbezoeken BRZO 11 Het aantal uitgevoerde toezichtbezoeken Vuurwerk 6 7 8 8a

12 13 14 15 16

Vergroten veiligheidsbewustzijn Het aantal gegeven voorlichtingen Het aantal inzetten Roadshow Het aantal behandelde vragen per mail, telefoon en WhatsApp, etc. Het aantal zorginstellingen dat actief de toolbox gebruikt op de werkvloer Het aantal scholen dat het lespakket ‘Brandweer op school’ gebruikt

2.3.1

Realisatie 2020

Actualisatie 2021

Realisatie 2021

313 3.194 136 919 854

250 3.200 120 850 1.500

429 3.160 183 733 697

1.855 37 4.016 28%

2.100 75 5.000 15%

1.878 43 3.649 16%

68 10 96

800 10 100

9 9 82

67 1 603 28 137

150 40 700 40 250

72 5 546 11 88

Advisering ter voorkoming van onveiligheid

Advisering door de VRU is vraag-gestuurd. Alle adviesaanvragen zijn in behandeling genomen en binnen de gestelde termijnen afgerond. Onder verstrekte adviezen RO vallen adviezen Bestemmingsplan, Omgevingsvisie, Omgevingsplan en Omgevingstafel. In totaal zijn er 429 adviezen verstrekt. Dit is ruimschoots meer dan de jaarplanning. Het hogere aantal is toe te schrijven aan het aandeel bestemmingsplannen en het aandeel omgevingstafels. De omvang van de Bouwadvisering is in 2021 nagenoeg gelijk aan het begrote aantal. Wel zien we dat de gebouwen waarop geadviseerd worden steeds complexer worden. Dit kost per adviesaanvraag meer adviestijd. De toename in advisering RO en Bouw hebben we in 2021 kunnen opvangen met de adviescapaciteit die normaliter nodig is voor evenementen en bij Toezicht. 2.3.2

Risicogericht toezicht

Ten gevolge van de beperkende maatregelen zijn tot medio juni 2021 vrijwel geen controles op locatie uitgevoerd. Alleen toezicht op de bouw en bij brandonveilige situaties zijn zoveel mogelijk doorgegaan. Waar mogelijk zijn controles uitgevoerd, door middel van beeldbellen en het opvragen van relevante documenten. Door de inzet van inhuurkrachten vanaf medio augustus 2021 is in het laatste kwartaal van 2021 een inhaalslag uitgevoerd bij de controles bestaande bouw. Per 1 september 2021 waren 1.500 controles bestaande bouw uitgevoerd, per 31 december 2021 ruim 3.600. Daarbij is prioriteit gegeven aan de brandveiligheidscontroles bij zorginstellingen. 2.3.3

Vergroten veiligheidsbewustzijn

We hebben de COVID-periode gebruikt om online activiteiten te ontwikkelen. Door de COVID-19 maatregelen was fysieke uitvoer van de voorlichtingsproducten van (Brand)Veilig Leven lang niet mogelijk. Er zijn verschillende voorlichtingen online gegeven.

13

Prestatie-indicatoren Tabel 4 Prestatie-indicatoren Risicobeheersing Nr. Prestatie-indicatoren

1 2

3 4

Realisatie 2020

Inzicht in risico's en ontwikkelingen Het risicobeeld is actueel Twee maal per jaar is met de gemeente het risicobeeld en de kwaliteit van de advisering en het toezicht besproken Vergroten veiligheidsbewustzijn Op acute en bijzondere onveilige situaties is aantoonbaar succesvol ingezet (samen met het bevoegd gezag) Het jaarplan Brandveilig leven (Stimulerende Preventie) is uitgevoerd

2.4.1

Actualisatie 2021

Realisatie 2021

ja ja

ja ja

ja ja

ja

ja

ja

nee/deels

ja

gedeeltelijk/ aangepast

Inzicht in risico’s en ontwikkelingen

Het huidige Regionaal Risicoprofiel is vastgesteld voor de periode tot 2023. De voorbereidingen voor het nieuwe risicoprofiel zijn gestart. Met de meeste hoofden VTH van de gemeenten zijn, ondanks de beperkingen, ook afgelopen jaar 2 (online)gesprekken geweest, om de wensen en voortgang van de jaarplanafspraken te bespreken en de relatie met de beleidscycli te verstevigen. 2.4.2

Vergroten veiligheidsbewustzijn

Er zijn 125 meldingen van brandonveilige situaties bij de VRU binnengekomen en hierop is actie ondernomen, door de meldingen te onderzoeken, een fysieke controle ter plaatse uit te voeren of een digitale controle. Er zijn 18 bijzondere handhavingsacties uitgevoerd, met onze assistentie. Door de coronamaatregelen is fysieke uitvoer van de voorlichtingsproducten van (Brand)Veilig Leven lang niet mogelijk geweest. We hebben deze periode gebruikt om online activiteiten te ontwikkelen.

Gerealiseerde baten en lasten Tabel 5 Baten en lasten Risicobeheersing Bedragen x € 1.000

Actualisatie 2021

Realisatie 2021

Afw. Real. en act.

Totaal lasten Totaal baten

8.176 -121

8.016 179

160 299

Saldo van baten en lasten

-8.296

-7.837

459

Toevoeging aan reserves Onttrekking van reserves

222

-

-222

Gerealiseerd resultaat

-8.074

-7.837

237

Risicobeheersing

14

3 Crisisbeheersing Wat wilden we bereiken? Op basis van het risicoprofiel maken wij afspraken met onze partners in de veiligheidsketen over welke maatregelen we vooraf en tijdens een crisis of brand kunnen treffen en welke inzet een ieder kan leveren ten tijde van een crisis. Zodra een gemeente getroffen wordt door een groot incident, crisis of ramp, trekken hulpdiensten en gemeenten binnen Veiligheidsregio Utrecht gezamenlijk op. Dit op zowel het gebied van coördinatie, als voorbereiding, beheersing en bestrijding van crises. Met het Regionaal Crisisplan 2020-2023 als basis werken we als veiligheidsregio samen met gemeenten en partners. Het doel van dit gezamenlijke opereren is om de dagelijkse, ‘normale’ situatie zo snel mogelijk te laten terugkeren. Het maatschappelijk leven moet immers zo min mogelijk worden ontwricht. Met de regio’s Gooi & Vechtstreek en Flevoland hebben we afspraken gemaakt over hoe de crisisorganisatie bij elkaar aansluiten en gealarmeerd wordt door de landelijke meldkamer. Beleidsdoelstellingen In het Beleidsplan VRU 2020-2023 hebben wij voor Crisisbeheersing vier doelstellingen opgenomen:  Wij willen een slagvaardiger crisisbeheersing, met een snellere en effectievere besluitvorming op operationeel en bestuurlijk niveau, ondersteund door een goede informatievoorziening.  Wij overzien het fysieke veiligheidsdomein.

Door informatie van betrokken partijen te combineren, te verrijken en te borgen zorgen wij dat onze organisatie, partners en de samenleving kunnen beschikken over tijdige en betrouwbare informatie.  Wij nodigen gemeenten uit individueel met ons in gesprek te gaan over de versterking van de gemeentelijke crisisbeheersing.  Wij willen de crisisorganisatie nadrukkelijker voorbereiden op herstelmanagement als onderdeel van crisisbeheersing, met in het bijzonder aandacht voor de continuïteit van vitale processen.

Wat hebben we daarvoor gedaan? Met onze reguliere activiteiten die hierna beschreven (tabel indicatoren) staan, hebben we uitvoering gegeven aan de beleidsdoelstellingen. Daarnaast hebben we een impuls gegeven aan de beleidsdoelstellingen met de volgende activiteiten:  Wij hebben een vervolg gegeven aan de transitie naar adequate, compacte en digitaal doorzoekbare plannen. We hebben de voor dit jaar geplande incidentbestrijdingsplannen gerealiseerd en deze zijn via crisisutrecht beter te raadplegen. Datzelfde geldt voor de in 2021 afgeronde evaluaties van incidenten.  We hebben stappen gezet om de crisisorganisatie te verbeteren, waarbij flexibiliteit en compactheid centraal Verder hebben we een start gemaakt met het samenhangend verbeteren van informatiemanagement, netwerkmanagement en crisismanagement.  We hebben samen met gemeenten verder invulling gegeven aan de herijking van bevolkingszorgprocessen. Een ontwikkelgroep uit het ROCU speelt daarbij een belangrijke rol.  In 2021 hebben we het strategisch crisismanagement verbeterd en in de planvorming en vakbekwaamheidsprogramma geïncorporeerd. Vanwege de beperkende maatregelen in verband met Covid19 hebben we de uitvoering van het voorgenomen trainingsprogramma niet kunnen realiseren.  In 2021 heeft het programma drieslag geresulteerd in een Uniforme opschalingsprocedure (IPC) voor Midden-Nederland.

Deze is eind 2021 in een geactualiseerd crisisplan (2022-

15

2025) geïmplementeerd. In 2022 gaan we verder om de samenwerking met de andere veiligheidsregio’s in Midden-Nederland uit te breiden, waaronder het VIC en de Cacofunctie. Crisisorganisatie Daarnaast is aan een doorontwikkeling van de crisisorganisatie gewerkt om de crisisorganisatie ook toe te rusten op nieuwe crises. Informatievoorziening Het VIC heeft stappen gezet om de informatievoorziening ten behoeve van de crisisorganisatie ter ondersteuning van goede besluitvorming en betekenisgeving. Het VIC heeft in kader van Corona een dashboard ontwikkeld om de aanpak van de coronacrisis te monitoren. Hiervoor worden de ontwikkelingen op het vlak van data-analyse, business intelligence en voorspellen organisatie breed ingezet. De verbeteringen, die in samenspraak met gemeenten en partners verder zijn ontwikkeld, moeten ervoor zorgen dat besluitvorming gerichter, sneller en effectiever kan plaatsvinden. Gemeentelijke crisisbeheersing We zijn met gemeenten in gesprek over de toekomst van crisiscommunicatie. Na een gedragen standpunt zijn verder gegaan met de uitwerking ervan. We betrekken daarbij de aanbevelingen evaluatie Wet Veiligheidsregio’s.

Productie-indicatoren Tabel 6 Productie-indicatoren Crisisbeheersing Nr. Productie-indicator

Crisisorganisatie en informatievoorziening 1a Het aantal uren besteed aan de opleiding van piketfunctionarissen (inclusief loco’s) 1b Het aantal uren besteed aan de opleiding van regionale functionarissen 1c Het aantal uren besteed aan de opleiding van lokale (kern)functionarissen 2a Het aantal uren besteed aan oefenen op het niveau individueel (piketfunctionarissen) 2b Het aantal uren besteed aan het oefenen van regionale functionarissen 2c Het aantal uren besteed aan het oefenen van lokale (kern)functionarissen 3

Het aantal uren besteed aan oefenen op het niveau van team (Copi, ROT, GBT, RBT) 3c Het aantal uren besteed aan het opleiden en trainen Strategisch Crisismanagement (tactisch en strategisch niveau) 4 Het aantal uren besteed aan oefenen op het niveau van proces (partners) 5 Het aantal uren besteed aan het oefenen op het niveau van het systeem 6 Het aantal periodiek verstrekte informatiebulletins van het VIC

7

Het aantal incidenteel verstrekte VIC-berichtgeving, -adviezen en –analyses 8 Het aantal uitgevoerde incidentevaluaties en daarvan afgeleide doorgevoerde plan- en protocolwijzigingen 9 Het aantal afgeronde nieuwe plandocumenten en doorgevoerde planwijzigingen 10 Het aantal GRIP incidenten Platform voor partners 11 Het aantal platformoverleggen met crisispartners

16

Realisatie 2020

Actualisatie 2021

Realisatie 2021

260

300

280

48 96

250 300

168 120

266

1.500

301

0 0

1.500 1.100

277 156

304

1.000

85

576 0 0 104 (ma-do) 260 (24-uurs) 77

550 200 130 104 (ma-do) 260 (24-uurs) 100

5 evaluaties

3 130

260 (24-uurs) 90

≥ aantal GRIPincidenten 2 3

1

8

15

6

7

7

2

1

3.3.1

Crisisorganisatie en informatievoorziening

1a

Het aantal uren besteed aan de opleiding van piketfunctionarissen. Vanaf eind september 2020 is het opleidingsprogramma in zeer beperkte omvang en vorm hervat, maar direct daarna weer afgeschaald door oplopende covid-19 besmettingen. Dit was het beeld voor heel 2021, waardoor ook in 2021 in beperkte mate opleidingen hebben plaatsgevonden. Opleidingen voor essentiële crisisfuncties hebben wel doorgang gevonden in het kader van de continuïteit van de crisisorganisatie. Het aantal uren besteed aan de opleiding van regionale functionarissen. Zie toelichting bij 1a. Het aantal uren besteed aan de opleiding van lokale (kern)functionarissen. Zie toelichting bij 1a. Het aantal uren besteed aan oefenen op het niveau individueel (piketfunctionarissen). Zie toelichting bij 1a Het aantal uren besteed aan het oefenen van regionale functionarissen: Prioriteit is gelegd bij het opleiden van nieuwe functionarissen. Het aantal uren besteed aan het oefenen van lokale (kern)functionarissen. Prioriteit is gelegd bij het opleiden van nieuwe functionarissen. Het aantal uren besteed aan oefenen op het niveau van team (CoPI, ROT, GBT, RBT). Het programma op teamniveau is uitgesteld tot 2021. In januari wordt gestart met ROT-trainingen.

1b 1c 2a 2b 2c 3 3c

4 5 6 7

8

9

10

Het aantal uren besteed aan het opleiden en trainen strategisch crisismanagement (tactisch en strategisch niveau). Het programma SCM is in maart 2020 net als de rest van het OTO-programma stilgelegd. Deze situatie heeft ook in 2021 voortgeduurd. Veel OTO medewerkers zijn ingezet in de crisisorganisatie en door COVID-19 was het niet mogelijk om fysiek bijeen te komen. Wel hebben er in het kader van de crisisorganisatie COVID-19 enkele bijeenkomsten met gemeentesecretarissen over dit onderwerp plaats gevonden. Het aantal uren besteed aan oefenen op het niveau van proces (partners). Zie toelichting bij 1a. Het aantal uren besteed aan het oefenen op het niveau van het systeem (totale crisisbeheersingsorganisatie). Zie toelichting bij 1a. Het aantal periodiek verstrekte informatiebulletins van het VIC. Conform planning. Het aantal incidenteel verstrekte VIC-berichtgeving, -adviezen en –analyses. Iedere week zijn er VIC- berichten opgesteld ten behoeve van de piketorganisatie. In het VICbericht worden de belangrijkste ontwikkelingen gemeld om de piketorganisatie goed te briefen. Daarnaast zijn er circa 30 extra VIC-berichten verstuurd naar burgemeesters, bijvoorbeeld voor hoog water, de jaarwisseling en cyberdreiging maar ook voor specifieke situaties zoals grote brand en een gaslek.

Het aantal uitgevoerde incidentevaluaties en daarvan afgeleide doorgevoerde plan- en protocolwijzigingen. In 2021 is een grote evaluatie uitgevoerd met betrekking tot de aanpak van Covid-19. Dit komt mede doordat er in 2021 weinig gripwaardige incidenten hebben plaatsgevonden. Het aantal afgeronde nieuwe plandocumenten en doorgevoerde planwijzigingen. Een deel van de planning is gerealiseerd: Aandachtskaart ontruimen, evacueren en opvang tijdens een infectieziektecrisis vastgesteld. Drie IBP’s gereed voor vaststelling, overige zijn nog in ontwikkeling en worden opgenomen in een aangepaste planning. Het aantal GRIP incidenten. Het aantal GRIP-incidenten ligt op dit moment lager dan we de afgelopen jaren gezien hebben. De crisisorganisatie COVID-19 heeft een voorbereidende en monitorende rol gehad bij de boerenprotesten en maatschappelijke onrust in Kanaleneiland. De taakverdeling tussen de reguliere en COVID-19 crisisorganisatie wordt meegenomen in de integrale evaluatie COVID-19.

3.3.2

Crisisorganisatie en informatievoorziening

11

Het aantal platform overleggen met crisispartners. Online vinden deze overleggen doorgang in aangepaste vorm.

17

Prestatie-indicatoren Tabel 7 Prestatie-Indicatoren Crisisbeheersing Nr. Prestatie-indicatoren

1 2

3 4 5 6

Crisisorganisatie en informatievoorziening Het verplichte en afgesproken aantal ramp- en incidentbestrijdingsplannen is actueel en bekend bij belanghebbenden De kwaliteit van de gezamenlijke voorbereiding en uitvoering van de bevolkingszorg (crisisbeheersing 2.0) is onderzocht en met de gemeenten besproken De kwaliteit van de uitgevoerde VIC- en crisiscommunicatie is onderzocht en met de gemeenten besproken De kwaliteit van de uitgevoerde CB-processen (M&A; O&A; L&C en I-mgm) is onderzocht en met de gemeenten besproken De piketfunctionarissen van de VRU (niet GHOR) zijn aantoonbaar opgeleid en taakcapabel Er is aantoonbare voortgang geboekt op de Crisisbeheersingsthema’s

Realisatie 2020

Actualisatie 2021

Realisatie 2021

ja

ja

ja

ja

ja

ja

ja

ja

ja

ja

ja

ja

nee

ja

nee

deels

ja

ja

3.4.1

Crisisorganisatie en informatievoorziening

1

Het verplichte en afgesproken aantal ramp- en incidentbestrijdingsplannen is actueel en bekend bij belanghebbenden. Ja. Verplichte planvorming is actueel en bekend. Afgesproken planvorming heeft vertraging opgelopen. Vertraging heeft met name betrekking op nieuw te vormen planvorming. Voor 2021 is een (capaciteits)planning opgesteld om een inhaalslag te maken. De kwaliteit van de gezamenlijke voorbereiding en uitvoering van de bevolkingszorg (crisisbeheersing 2.0) is onderzocht en met de gemeenten besproken. Ja. Er is een dialoog gevoerd met de COFU, individuele gemeentesecretarissen, AGV en BAC CB/G over de noodzaak tot het herijken van de gemeentelijke crisisbeheersing. De planning voor dit proces wordt in 2021 afgestemd met het bestuur. De kwaliteit van de uitgevoerde VIC- en crisiscommunicatie is onderzocht en met de gemeenten besproken. Ja. Continue proces binnen overleggen gemeentelijke crisisbeheersing. Feedback op verzonden berichten in het kader van (dreigende) incidenten is verwerkt in de werkwijze en vormgeving van de berichten. De kwaliteit van de uitgevoerde CB-processen (M&A; O&A; L&C en I-mgm) is onderzocht en met de gemeenten besproken. Ja. De processen worden na ieder GRIP-incident geëvalueerd. De evaluatierapporten worden beschikbaar gesteld aan gemeenten en de crisisorganisatie. Jaarlijks worden deze processen op GRIP 3 of 4 getoetst door de systeemtest.

In 2020 zijn de processen, met instemming van de Inspectie, getoetst aan de hand van de coronacrisis. De piketfunctionarissen van de VRU (niet GHOR) zijn aantoonbaar opgeleid en taakcapabel. Nee. Het vakbekwaamheidsprogramma heeft vanwege corona verschillende perioden stilgelegen. Noodzakelijke opleidingen voor de continuïteit van de crisisorganisatie hebben doorgang gevonden (vakbekwaam worden). In de omschakeling naar digitale activiteiten zijn de meest noodzakelijke trainingen (vakbekwaam blijven) opgestart. Het OTO-jaarplan is daarmee niet in volle breedte gerealiseerd als wordt uitgegaan van de standaard normen. Dit zal niet direct leiden tot vakbekwaamheidsissues. Uiteraard is het wel van belang in 2021 zorg te dragen voor het zoveel mogelijk continueren van de vakbekwaamheidsprogramma’s en vinger aan de pols te houden voor wat betreft behoeftes van piketfunctionarissen. Achtergrond: Het vakbekwaamheidsmanagementsysteem (VP) bevat van alle piketfunctionarissen de profielen en criteria. Hiervan wordt deels gebruik gemaakt voor de kwalitatieve registratie. Voor alle piketfunctionarissen is VP ingericht. De kwalitatieve registratie verdiend voor soms piketgroepen nog aandacht, maar de kwantitatieve registratie vindt structureel plaats voor alle piketgroepen. Deelname van piketfunctionarissen gemeentelijke crisisbeheersing wordt gerapporteerd aan gemeenten.

Er is aantoonbare voortgang geboekt op de Crisisbeheersingsthema’s. De doorontwikkeling is ondergebracht in het programma Doorontwikkeling crisisbeheersing, bestaande uit drie thema’s: Informatiemanagement, Netwerkmanagement en Crisismanagement.

2

3

4

5

6

18

Gerealiseerde baten en lasten Tabel 8 Baten en lasten Crisisbeheersing Bedragen x € 1.000

Actualisatie 2021

Realisatie 2021

Afw. Real. en act.

Totaal lasten Totaal baten

3.243 75

3.014 26

229 -49

Saldo van baten en lasten

-3.168

-2.988

180

Toevoeging aan reserves Onttrekking van reserves

-

-

-

Gerealiseerd resultaat

-3.168

-2.988

180

Crisisbeheersing

19

4 GHOR Wat wilden we bereiken? Crisissituaties kunnen uiteenlopen van een grootschalige stroomuitval, uitbraak bijzondere infectieziekte tot een ongeval met een groot aantal slachtoffers en natuurlijk de dreiging van aanslagen en daaruit voortvloeiend maatschappelijke onrust. De geneeskundige zorg tijdens een crisis wordt geleverd door verschillende geneeskundige organisaties, zoals ambulancediensten, GGDrU en ziekenhuizen. Onze GHOR vormt de schakel tussen deze organisaties. Zowel in de voorbereiding als tijdens crises pakken wij de coördinatie op en zorgen we voor afstemming met politie, brandweer en gemeenten. Daarmee zorgen wij voor een goede balans tussen zorg en veiligheid. Beleidsdoelstellingen In het Beleidsplan VRU 2020-2023 hebben wij voor GHOR twee doelstellingen opgenomen:  Wij willen een stevigere regiepositie innemen als het gaat om voldoende capaciteit voor en het presterend vermogen van spoedzorg.  Wij willen vanuit onze toezichtsrol actief signaleren, stimuleren en handhaven, opdat de zorgcontinuïteit in het complexe zorglandschap voldoende voorbereid is.

Wat hebben we daarvoor gedaan? Het afgelopen jaar heeft voor de GHOR nog veel in het teken gestaan van de COVID-19 crisis. Regionale afstemming in het netwerk (Regionaal Overleg Acute Zorg en daarbij behorende overleggen in het kader van continuïteit van zorg), informatiemanagement (monitoring, dashboards ten behoeve van het netwerk, het RBT/ROT en VWS) en ondersteuning van netwerkpartners aangaande de vraagstukken en opdrachten in continuïteit van zorg. Hiermee heeft de GHOR wel kunnen werken aan de stevige regiepositie en de toezichtsrol.

Productie-indicatoren Tabel 9 Productie-indicatoren GHOR Nr. Productie-indicator

1 2

3

4

5

6 7

8 9

20

Toezichtsrol zorgcontinuïteit Het aantal uren besteed aan de opleiding van GHOR-piketfunctionarissen Het aantal uren besteed aan het oefenen van de crisisorganisatie GHOR - Op individueel niveau - Op teamniveau - Op procesniveau - Op systeemniveau Het aantal sets schriftelijke afspraken en contactmomenten met instellingen wet toelating zorginstellingen cf. artikel 33 lid 1 (waaronder ziekenhuizen en traumacentrum) Het aantal sets schriftelijke afspraken en contactmomenten met zorgaanbieders en op de beroepen individuele gezondheidszorg (waaronder huisartsen en verloskundigen) Het aantal sets schriftelijke afspraken en contactmomenten met regionale ambulancediensten en gezondheidsdiensten in de regio (RAVU Regiepositie presterend vermogen spoezorg Het aantal instellingen dat aantoonbaar geprepareerd is op continuïteit op het leveren van verantwoorde zorg tijdens crisisomstandigheden. Het aantal interventies in geval van tekortschieten bij de uitvoering van of voorbereiding daarop van de geneeskundige hulpverlening ex art. 34.1 Wvr Het aantal succesvolle interventies en het aantal niet succesvolle interventies die hebben geleid tot een aanwijzing ex Wvr 34.2 Het aantal GHOR-geregisseerde oefeningen met partners in de zorgketen

Realisatie 2020

Actualisatie 2021

Realisatie 2021

70

300

100

60 20 50 0 0

245 260 134 170 1

75 72 50 85 1

0

0

0

0

1

1

12

12

geen

geen

geen (ivm Covid) geen

geen

geen

geen

geen

geen

geen

4.3.1

Toezicht rol zorgcontinuïteit

1.

Het aantal uren besteed aan de opleiding van GHOR-piketfunctionarissen. Door inzet op de COVID-19 is de OTO planning ‘on hold’ gezet. Dit verklaard de lage aantallen uren. Daarnaast wordt er flink geïnvesteerd in versterking van de GHOR piketstructuur en in laten stromen van nieuwe piketfunctionarissen (9x). Het aantal uren besteed aan het oefenen van de crisisorganisatie GHOR. Door de coronacrisis is er binnen de gegeven richtlijnen en kaders minimale aandacht besteed aan het oefenen van de crisisorganisatie. Het aantal sets schriftelijke afspraken en contactmomenten met instellingen wet toelating zorginstellingen cf. artikel 33 lid 1. Door de inzet van de witte kolom en ook de GHOR is herziening van en contactmomenten met de zorginstellingen voor wat betreft preparatie in waakvlam stand gezet. Operationeel is er meerdere keren per week intensief overleg vanwege de coronacrisis. Dit zal doorlopen in 2022. Het aantal sets schriftelijke afspraken en contactmomenten met zorgaanbieders en op de beroepen individuele gezondheidszorg (waaronder huisartsen en verloskundigen). Door de inzet van de witte kolom en ook de GHOR is herziening van en contactmomenten met de zorginstellingen voor wat betreft preparatie in waakvlam stand gezet. Operationeel is er meerdere keren per week intensief overleg vanwege de coronacrisis. Dit zal doorlopen in 2022.

Het aantal sets schriftelijke afspraken en contactmomenten met regionale ambulancediensten en gezondheidsdiensten in de regio (RAVU en GGDrU). Door de inzet van de witte kolom en ook de GHOR is herziening van en contactmomenten met de zorginstellingen vwb preparatie in waakvlam stand gezet. Operationeel is er meerdere keren per week intensief overleg vanwege de coronacrisis. Dit zal doorlopen in 2022.

2.

3.

4.

5.

4.3.2

Regiopositie presterend vermogen spoedzorg

6.

Het aantal instellingen dat aantoonbaar geprepareerd is op continuïteit op het leveren van verantwoorde zorg tijdens crisisomstandigheden. Geen bijzonderheden. Het aantal interventies in geval van tekortschieten bij de uitvoering van of voorbereiding daarop van de geneeskundige hulpverlening ex art. 34.1 Wvr. Realisatie conform planning. Het aantal succesvolle interventies en het aantal niet succesvolle interventies die hebben geleid tot een aanwijzing ex Wvr 34.2. Realisatie conform planning. Het aantal GHOR-geregisseerde oefeningen met partners in de zorgketen. Reguliere planning is vervallen in verband met COVID-19. De ruimte is benut door in samenwerking met de GGD regio Utrecht 7 webinars te organiseren over de stand van zaken van de coronabestrijding voor verschillende doelgroepen (schoolbesturen, zorginstellingen, raadsleden en burgemeesters).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11602156/1