CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB22.082 Zienswijze Jaarstukken 2021 en begroting 2023 RDWI

Overige evenementen 23 juni 2022, gemeente ZeistBij agendapunt: C-Raadsinformatiebrieven (ter kennisgeving)39.866 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

N

N | |

Publiekshal « Het Rond 1, Zeist

www.zeist.nl «= www.twittter.com/gemeentezeist

Postbus 513, 3700 AM, Zeist

www.facebook.com/gemeentezeist

Telefoon 14 030 » zeist@zeist.nl

Gemeente Zeist

Gn Vic

Ontv.

“RIG 22.692

Aan de gemeenteraad

Datum

om ob. 227

9 juni 2022

Ons kenmerk

451243

Burgerservicenummer

Uw kenmerk

Bijlage(n)

Behandeld door

Arno Klarenbeek

Portefeuillehouder

Laura Hoogstraten

Onderwerp

Jaarstukken 2021 en ontwerp-begroting 2023 van de RDWI

Geachte leden van de raad,

Op basis van de Wet Gemeenschappelijke regelingen voert de GR RDWI de Participatiewet en de Wet

gemeentelijke Schulddienstverlening uit voor de aangesloten gemeenten Bunnik, De Bilt, Utrechtse

Heuvelrug, Wijk bij Duurstede en Zeist. Belangrijkste onderdelen van de Participatiewet zijn de inkomensvoorziening (bijstandsverlening), re-integratie naar werk van uitkeringsgerechtigden en de uitvoering van diverse regelingen voor mensen met een laag inkomen (bestaanszekerheidsbeleid). Als deelnemer in een Gemeenschappelijke Regeling ontvangen wij onder meer de jaarverantwoording en ontwerp-begroting en worden in de gelegenheid gesteld onze zienswijze daarop te geven. Op 13 april 2022 ontvingen wij van de RDWI deze stukken, inclusief de meerjarenraming voor de jaren 2024 tot en met 2026. Wij hebben de ontvangen stukken verspreid aan de raadsrapporteurs en aan uw griffie ter beschikking gesteld voor verspreiding naar uw raad. U vindt de stukken op de postlijst van de raad van 17 mei onder nr. PR22.092. https://zeist.raadsinformatie.nl/document/11427852/1/PR22_092+Diversetjaarstukken+RDWI

In onze vergadering van 31 mei hebben wij onze reactie aan de RDWI vastgesteld. In deze brief met bijlagen vindt u onze reactie naar aanleiding van onze beoordeling. Dezebrief met bijlagen wordt op delijst van ingekomen stukken van uw raadsvergadering van 30 juni aanstaande geplaatst.

Jaarrekening 2021: In hetlicht van het budgetrecht van uw raad attenderen wij u erop, dat de effecten van de najaarsnota RDWI (zie RIB21.202: https://zeist.raadsinformatie.nl/document/108896 15/1#search=%22najaarsnota%20rdwi%202021%22 )

en van de RDWI jaarrekening 2022 door ons worden verwerkt in onze eigen jaarrekening 2021, programma6. Onze eigen rekening heeft u ontvangen voor behandeling en vaststelling in uw raadsvergadering van 30 juni.

Austerlitz = Bosch en Duin « Den Dolder « Huis ter Heide « Zeist

In ons bijgevoegde collegevoorstel/-besluit hebben wij onder het kopje Financiën deze relevantefinanciële gegevens opgenomen. Bij de vaststelling van onze eigen jaarrekening 2021 neemt u hierover uw besluit, inclusief het effect op het rekeningsaldo voor onze gemeente. Algemeen kan worden opgemerkt dat we tevreden zijn over de prestaties, inzet en wendbaarheid van de RDWI organisatie. Ondanks de coronacrisis is het boekjaar 2021 zowel watbetreft het onderdeel BUIG (budget waaruit de uitkeringen bekostigd worden) als wat betreft de apparaatskosten met een hoog positief saldo afgesloten en ontvangen de deelnemers geld terug van de RDWI. Over de omvang van de positieve saldi, de voorgestelde bestemming van het resultaat en onze overige bevindingen en inhoudelijke reactie op de jaarrekening verwijzen wij u verder graag naar de bijgevoegde bijlagen. Ontwerp-begroting 2023: Ook voor 2023 geldt dat de ontwerp-begroting onder een onzeker gesternte tot stand is gekomen, als gevolg

van de effecten van de coronacrisis, maar ook de effecten Oekraïne oorlog (stijgende energie- en

voedselprijzen, vluchtelingen, algemene inflatie e.d), de effecten van de nieuwe Wet inburgering en van de intensievere werkwijze Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. In paragraaf 1.1 vindt u de uitgangspunten en doelen voor 2023 en in de laatste paragraaf, nr. 6, vindt u de beleidsindicatoren. De doelen voor 2023 zijn: e De ontwikkeling van het bestand uitkeringsgerechtigden en daarmee de uitputting van het BUIG e e e

e e

e e e

budget, houdt minimaal gelijke tred met de landelijke ontwikkeling

Het poortproces is erop gericht om de instroom te beperken en inwoners vroegtijdig naar werk te begeleiden Zicht op de participatie- en uitstroommogelijkheden van alle inwoners met een uitkering Een plaatsingspercentage van minimaal 50% van de kandidaten met een indicatie banenafspraak

Het plaatsen van alle kandidaten beschut werk die beschikbaar zijn voor werk, met als maximum het aantal waarvoor gemeenten de middelen ontvangen vanuit het ministerie

Voor de doorlooptijden van aanvragen levensonderhoud, bijzondere bijstand, minimaregelingen en individuele inkomenstoeslag hanteren we de maximale wettelijke termijnen (deze zijn acht weken). Waar mogelijk, worden aanvragen sneller afgehandeld

Het vergroten van het bereik en de bekendheid van regelingen, in samenspraak met de gemeenten en onze lokale netwerkpartners

Het bieden van een traject op weg naar duurzame inburgering en participatie in de samenleving aan

alle inburgeraars

Vroegtijdig schulden opsporen door de verdere uitbreiding van vroegsignalering in samenwerking met de netwerkpartners Het ontwikkelen van concrete activiteiten samen met onze netwerkpartners, gericht op preventie van schulden.

Wij onderschrijven deze ambities, die wat ons betreft passen bij een professionele organisatie gericht op integrale dienstverlening voor de klant. Per saldo is in de begroting 2023 met een kostendaling van bijna €4 min rekening gehouden (RDWI-breed).

Het valt ons op dat het instrument Loonkostensubsidie een steeds groter bestanddeel uitmaakt van de kosten

BUIG onder de Participatiewet. We willen hier graag een betere onderbouwing en toelichting per deelnemer bij. Overigens heeft het kabinet besloten om vanaf 2022 de werkelijke verstrekte loonkostensubsidies te gaan

vergoeden.

Voor onze overige bevindingen en inhoudelijke reactie verwijzen wij u verder graag naar de bijgevoegde

bijlagen.

Austerlitz « Bosch en Duin « Den Dolder « Huis ter Heide » Zeist

Tenslotte:

In onze bijgevoegde reactie aan RDWI geven wij aan RDWI als een nabije organisatie te ervaren waar we bestuurlijk en ambtelijk met plezier mee samenwerken. Wij roepen op om ook in deze bestuursperiode weer werk te blijven maken van goede en tijdige informatievoorziening aan de gemeenteraden. Voor uw raadsrapporteurs in deze nieuwe bestuursperiode, te weten Jeroen van den Heuvel, Silke Zwart en Tjarda

Struik zal een kennismaking met de directie van de RDWI worden georganiseerd, ook wordt een overleg met onze wethouders georganiseerd die in deze periode voor onze gemeente in het algemeen bestuur van de RDWI actief zullen zijn. Zij zetten zich daarnaast in voor een positie in het dagelijks bestuur van de RDWI.

Op grond van het delegatiebesluit zijn wij bevoegd een oordeel te vellen over deze P&C stukken. Wanneer u vragen en of opmerkingen heeft kunt u zich tot uw raadsrapporteurs wenden dan wel tot de opsteller zoals bovenaan deze brief vermeld. Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Zeist, de gemeentesecretaris

Austerlitz « Bosch en Duin « Den Dolder « Huis ter Heide » Zeist

de burgemeester ——

Publiekshal

■ Het Rond 1, Zeist

Postbus

513, 3700 AM, Zeist

Telefoon

14 030 ■ zeist@zeist.nl

www.zeist.nl

■ www.twitter.com/gemeentezeist

www.facebook.com/gemeentezeist

Dagelijks Bestuur van de RDWI t.a.v. het dagelijks- en algemeen bestuur Postbus 13 3700 AA ZEIST Uit-Z

VCRZONDEH I 4 JUNI 2022 9juni2022

Datum

0ns kenmerk

451243

Uw kenmerk Bijlage(n)

Behandeld

Onderwerp

Zienswijze n.a.v. P&C stukken april 2022

door

S&B/B&A

Geachte leden van het Dagelijks Bestuur,

Op 13 april 2022 ontvingen wij van u de jaarstukken over het jaar 2021 en de ontwerp-begroting het jaar 2023 inclusief de meerjarenraming voor de jaren 2024 tot en met 2026.

voor

In deze brief geven wij u onze reactie naar aanleiding van de beoordeling van deze stukken.

Jaarrekenina

2021:

Ook 2021 is een bewogen en bijzonder uitvoeringsjaar geweest. Evenals in 2020 heeft u echter aangetoond dat uw organisatie staat en in tijden van crisis en etkaar opvotgende wets- en regelwijzigingen pro actief, flexibel en wendbaar is. Wij zijn tevreden met een ruim positief financieel resultaat op de apparaatskosten zowel als op BUIG. Voor het eerst daalt uw klantenbestand, als gevolg van de verzwaring van het overblijvende bestand, minder snel dan het landelijke gemiddelde. Het klantenbestand is ultimo 2021 uitgekomen op 2765 bijstandspartijen. RDWI - 2,1% landelijk vermoedelijk -3%. Dit leidt er toe dat u in de ontwerp-begroting 2023 de doelstelling dat u 1% beter presteert dan het landelijk gemiddelde heeft bijgesteld naar de doelstelling: “de ontwikkeling van het bestand BUIG houdt minimaal gelijke tred met de landelijke ontwikkeling”. Wj kunnen ons voorstellen dat dit een meer realistische benadering voor de huidige situatie is en kunnen ons er mee verenigen dat u uitgaat van een gelijke tred.

Prestaties en doelstellingen: Bij de prestaties t.o.v. de doelstellingen zien wij mooie resultaten. Het bijzondere corona jaar in ogenschouw genomen zijn we tevreden. Waar prestaties niet zijn behaald staat dit op het netviies van uw organisatie, zijn er verklaringen voor en/of is hier met maatregelen op bijgestuurd. De storing op de doelstellingen is binnen de structuur en cultuur van de organisatie geborgd, dat verheugt ons. Op organisatorisch vlak zien wij dat u er ondanks de krapte in de arbeidsmarkt redelijk in slaagt de inhuur te verminderen en u door middel van gerichte werving en selectie inzet op een nog betere verhouding vast personeel versus inhuur.

Austerlitz Scandatum: 14-06-2022

■ Bosch en Duin ■ Den Bolder

■ Huis ter Heide

■ Zeist

Het ziekteverzuim over 2021 bedroeg laagste percentage in jaren.

6,07%, dat is binnen de norm voor 2021 van 6,8% en het

Bestemminq resultaat: Wij zijn blij met het voorstel aan het algemeen bestuur om het weerstandsvermogen zodanig te verhogen dat dit vermogen nu de ratio van 1 bereikt. Daarmee wordt voldaan aan de bestuurlijke lijn van de ondergrens van minimaal 1. Afspraak is dat de ratio van het weerstands- vermogen zich binnen de bandbreedte van 1-1,4 bevindt met de classificatie voldoende. Het stelt ons teleur dat we het tweede jaar op rij met een voldoende resultaat er niet voorkiezen het weerstandsvermogen sneller op te bouwen. Tegen de achtergrond van diverse onzekerheden m.b.t. de effecten van nieuwe en gewijzigde wettelijke regelingen, de coronacrisis, de (effecten van de) OekraTne oorlog, de krapte in de arbeidsmarkt en de almaar stijgende informatiseringsen ICT kosten, had wat ons betreft een verhoging van de ratio tot 1,4 voor de hand gelegen. Graag gaan wij in de komende periode het gesprek in het AB aan over dit onderwerp. Het voorstel om een deel van het resultaat te investeren in hybride werken, AVG 2® fase en invoering nieuw financieel systeem ondersteunen wij. N.a.v.

het laatste onderdeel brengt dit ons overigens wel bij de vraag of we binnen de reguliere begrotingen voldoende “sparen” voor vervanging van reguliere soft- en hardware en of we gezien de toenemende snelheid van veroudering daarvan wel realistische afschrijvings- en vervangingstermijnen hanteren of dat deze bijstelling behoeven. Accountantsverklarina: Voor het tweede jaar op rij missen we echter bij de beoordeling de accountantsverklaring. Wij gaan er van uit dat u samen met de accountant alles in het werk zult stellen dat u volgend jaar in staat bent deze verklaring tijdig met de P&C stukken mee te sturen. Daarnaast gaan wij er van uit dat deze verklaring over 2021 alsnog ruim op tijd voor de vergadering van het algemene bestuur van 7 juli aanstaande beschikbaar is zodat wij deze nog kunnen beoordelen en af kunnen stemmen met onze vertegenwoordigers in het algemeen bestuur voor deze nieuwe bestuursperiode. Resumerend: Uitgaande van de daadwerkelijke verstrekking van een goedkeurende accountantsverklaring, kunnen wij instemmen met de jaarrekening 2021 en de voorgestelde bestemming van het resultaat, met dien verstande dat wij de verhoging van het weerstandsvermogen graag opgehoogd zien tot de ratio 1,4 met vermindering van de teruggave aan de deelnemers.

Ontwerp-bearotina

2023:

U geeft aan dat ook deze ontwerp-begroting als gevolg van de na-iji effecten van de coronacrisis en van de ontwikkelingen OekraTne oorlog onder een onzeker gesternte tot stand is gekomen. Wij hebben er begrip voor dat u de impact van deze omstandigheden niet in uw ontwerp-begroting heeft kunnen verwerken. Wij gaan er vanuit dat u op basis van de ervaring en ontwikkelingen in de tijd in staat zult zijn bij te sturen en ons daarover te informeren dan wel voorstellen tot wijziging (vooraf) te laten bekrachtigen. Wij hebben kennisgenomen van uw beleidsindicatoren en doelstellingen voor 2023. Wij onderschrijven deze ambities, die wat ons betreft passen bij een professionele organisatie integrale dienstverlening voor de klant.

gericht op

Ontwikkelingen BUIG-bestand/ loonkostensubsidie: Zoals hiervoor reeds aangegeven kunnen wij ons vinden in de meer realistische doelstelling ontwikkeling van het klantenbestand gelijke tred houdt met het landelijk gemiddelde.

dat de

In 2023 is de verwachting dat het aantal plaatsingen met Loonkostensubsidie fors stijgt. U verwacht in 2023 een stijging van de loonkostensubsidie met 60% ten opzicht van de realisatie in 2021. Wij vragen ons af waarop dit is gebaseerd en of dit ook voor de exploitatie 2022 nog wat betekent in de zin van bijstelling van uw begroting. Gezien de nogal forse stijging zien wij graag een nadere onderbouwing en uitsplitsing per deelnemer tegemoet. Met tevredenheid constateren wij dat het kabinet inmiddels heeft besloten om de loonkostensubsidie vanuit de BUIG vanaf 2022 te financieren volgens het werkelijk gerealiseerde aantal banen met

Austerlitz Scandatum: 14-06-2022

■ Bosch en Duin ■ Den Dolder

■ Huis ter Heide

■ Zeist

3

loonkostensubsidie, Het lijkt ons dat we daarmee op dit vlak nu minder financieel risico lopen en zien dat graag bevestigd door u. Wij vragen u de ontwikkelingen loonkostensubsidie nauwgezet per deelnemer te registeren en daarover periodiek aan de deelnemers te rapporteren. Ook dringen wij aan op meer inzicht in de besteding van het participatiebudget als geheel; een grote post in de uitgaven van gemeenten waarin wij graag meer inzicht bieden aan onze Raad. Passende ondersteunina aan klanten: Wij zijn blij te lezen dat u zich in blijft zetten om de verbinding tussen en met onze sociale teams en andere netwerkpartners verder te verstevigen. Volwaardige begeleiding van klanten vraag om goede afstemming en contact tussen alle betrokken organisaties. Wj verwachten dat u in 2023 een constructieve samenwerkingsrelatie heeft opgebouwd om klanten met een (grote) afstand tot de arbeidsmarkt toe te leiden naar arbeidsparticipatie, of als dit nog te hoog is gegrepen gezien de zwaarte van het bestand, een nieuwe stap binnen de activeringsmogelijkheden. Wj zijn tevreden over het feit dat u in het najaar 2021 een klantbelevingsonderzoek uit heeft laten voeren, de resultaten daaruit en de wijze waarop u bij dit onderzoek heeft samengewerkt met de regionale clientenraad (RCR). Goed dat de verbeterpunten verder met de RCR tot uitvoering gebracht worden.

Graag worden wij daarvan op de hoogte gehouden. Nieuwe Wet inburgerina: Sinds 1 januari 2022 voert u de Wet Inburgering uit. De steeds fluctuerende instroom maakt de uitvoering van de wet soms weerbarstig. In 2023 verwacht u een grotere instroom, waardoor de dienstverlening onder druk kan komen te staan. Wij zien dan met name een uitdaging in het aantal participatie-uren voor inburgeraars, in de zelfredzaamheidsroute (z-route). In 2023 is het belangrijk om samen met lokale partners en de sociale teams te werken aan genoeg participatieplekken. Wj vragen u samen met de netwerkpartners alvast na te denken over een plan waarbij participatieplekken snel gecreeerd worden en op- en afgeschaald kunnen worden, afhankelijk van het aantal inburgeringsraars (in de Z-route) en waar nodig met de gemeente in gesprek te gaan over de consequenties daarvan op uw dienstverlening. Samenwerkina BIGA aroep: Wj zien de samenwerking met de BIGA groep als zeer waardevol. Wj verzoeken u samenwerking met de BIGA groep maximaal te blijven benutten. nntwikkp.lananda

Het is goed te lezen dat u voor uw organisatie werkt aan een strategische ontwikkelagenda om voor uw klanten en ons als deelnemer een robuuste strategische partner binnen het sociaal domain te kunnen zijn. Wj zien de ontwikkelagenda graag tegemoet en vernemen en overleggen graag met u hoe deze agenda door kan werken in onze gezamenlijke ambities. Schulddienstverlenina: De doorontwikkeling van de schulddienstverlening vinden wij in deze tijden van crisis en oorlog van groot belang. Uw doelstellingen op dit punt, te weten: Vroegtijdig schulden opsporen door de verdere uitbreiding van vroegsignalering in samenwerking met de netwerkpartners • Het ontwikkelen van concrete activiteiten samen met onze netwerkpartners, gericht op preventie van schulden; • nieuwe doelgroepen als gevolg van de coronacrisis. Wij verzoeken u dit te monitoren en hierover met een duiding te rapporteren; ondersteunen wij van harte. Wei dringen wij aan op meer transparantie ten aanzien van de gemaakte kosten op dit onderdeel. Voor gemeenten is Schuldhulpverlening een separaat taakveld in de begroting waarop wij graag kosten en baten inzichtelijk maken voor onze Raad. Resumerend: Met in achtneming van het vorenstaande

Austerlitz Scandatum: 14-06-2022

■ Bosch en Duin • Den Dolder

kunnen wij in te stemmen met de ontwerp-begroting 2023.

■ Huis ter Heide

■ Zeist

4

Tenslotte:

Wij informeren onze raad over onze beoordeling en deze reactie aan u. Wij ervaren u als een nabije organisatie waar we bestuurlijk en ambtelijk goed mee samenwerken. Wij roepen op om ook in deze bestuursperiode weer werk te blijven maken van goede en tijdige informatievoorziening aan de gemeenteraden. Wj hebben overigens positieve signalen van aanwezige raadsleden over uw kennismakingsbijeenkomst voor de gezamenlijke raden op 11 mei jl. ontvangen. Zoals u in uw inwerkprogramma heeft aangegeven bent u voornemens ook voor de raadsrapporteurs van de deelnemers voor deze nieuwe bestuursperiode een kennismaking met de directie en uw organisatie te organiseren. In Zeistzijn deze inmiddels bekend, te weten Jeroen van den Heuvel (D66), Silke Zwart (Groenlinks) en Tjarda Struik (WD). Hun contactgegevens delen we via uw bestuurssecretariaat met u. Wj zien uit naar de voortzetting van onze constructie samenwerking. Hoogachtend, burgemeester en wethouders van Zeist,

Austerlitz Scandatum: 14-06-2022

Bosch en Duin

Den Dolder

Huis ter Heide

■ Zeist

Regionale Sociale Dienst

!<ROMME RIJN HEUI/ELRUG

Aan gemeente Zeist

In behandeling Griffie 21-04-2022/PR22.092/530717

ONS KENMERK :

DATUM

UW KENMERK BIJLAGEN oNDERwERP

BEHANDELD DooR

7

: 13 april 2022 :

C. van der Eem

Unit FIF : Ontwerp Begroting 2023 Meerjarenraming TELEFOONNUMMER : (030) 69 29 500 2024 -2026 en Jaarrekening 2021 AFDELING/TEAM

:

Geachte heer/mevrouw, Hierbij bied ik u, namens het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Regionale Dienst Werk en Inkomen (GR RDWI) onderstaande documenten aan: Jaarstukken 2021 De Jaarstukken 2021 worden door het Algemeen Bestuur in de vergadering van 7 juli 2022 vastgesteld. Zienswijzen over de jaarstukken 2021 kunt u uiterlijk tot vrijdag 10 juni 2022 voorleggen, inclusief een voorstel voor de resultaatsbestemming (als bijlage bijgevoegd). De accountantscontrole op de jaarstukken 2021 van de RDWI vindt dit jaar in juni 2022 plaats. Dat betekent dat de controleverklaring die hoort bij de jaarstukken 2021 in het Algemeen Bestuur van 7 juli 2022 zal worden aangeboden. Ontwerp Begroting 2023 Meerjarenraming 2024-2026 Conform de Gemeenschappelijke Regeling van de RDWI hebben de raden van de deelnemende gemeenten de gelegenheid zienswijzen te geven op de ontwerpbegroting 2023. U heeft hiervoor de gelegenheid tot vrijdag 10 juni 2022. Het stuk komt vervolgens, inclusief zienswijzen, ter vaststelling op de agenda van Algemeen bestuur van de RDWI op 7 juli 2022. Zienswijzen op kadernota 2023 Wij hebben van alle vijf deelnemende gemeenten zienswijzen ontvangen op de Kadernota 2023. De zienswijzen zijn zoveel als mogelijk verwerkt in de ontwerpbegroting. Een overzicht van de zienswijzen en de wijze waarop deze verwerkt zijn, vindt u in de bijlagen.

Ik verzoek u de documenten zoals die zijn bijgevoegd naar uw raad door te geleiden. ndelijke groet, het Dagelijks bestuur RDWI

De RSD is onderdeel van de Regionale Dienst Werk en Inkomen (RDWI)

BEGROTING 2023 EN MEERJARENRAMING 20242026 RDWI Versie 0.4

Begroting 2023 – v0.4

pag. 1

Voorwoord Hierbij bieden wij u de Begroting 2023 en Meerjarenraming 2024-2026 van de Regionale Dienst Werk en Inkomen Kromme Rijn Heuvelrug (RDWI) aan. De Begroting is gebaseerd op de Kadernota 2023 en de door uw gemeenteraden ingediende zienswijzen daarop. Onze kerntaak is het ondersteunen van inwoners die vanwege uiteenlopende redenen afhankelijk zijn van een uitkering Participatiewet, die hulp nodig hebben bij schulden of die een inburgeringstraject doorlopen. Dat doen we onder andere door een nauwe samenwerking met de lokale en regionale netwerkpartners, zodat we de inwoners van onze regio zo goed mogelijke dienstverlening kunnen bieden. Vanuit onze rol denken we pro-actief mee met en spelen we in op de uitdagingen waar gemeenten voor staan in het sociaal domein. De ontwikkelingen zoals geschetst in de Kadernota 2023 zijn het uitgangspunt voor deze Begroting, waarbij we verder bouwen op de Strategische Kaders Participatiewet 20202023. We houden daarin rekening met een verdere verzwaring van het bestand, met een aantal wijzigingen in de Participatiewet die betrekking hebben op de mogelijkheden voor individueel maatwerk en met de groeiende noodzaak om onze taken in onderlinge verbinding binnen het sociaal domein op te pakken. Na het opstellen van de Kadernota 2023 zijn er in korte tijd ontwikkelingen geweest, waarvan de impact nog niet bekend is.

De inval in Oekraïne van eind februari 2022 zal op meerdere vlakken effect gaan hebben. Afhankelijk van hoe de situatie zich gaat ontwikkelen, krijgen de gemeenten en wij als organisatie te maken met een groep vluchtelingen die voor enige tijd in onze gemeenten zullen gaan wonen en geheel of gedeeltelijk ondersteuning nodig hebben. Op het moment van schrijven is de impact voor 2023 nog niet duidelijk. Dit maakt dat er nieuwe onzekerheden zijn in de prognoses. Het CPB heeft in zijn Centraal Economisch Plan (maart 2022) aangegeven dat het belangrijkste economische effect een verdere stijging van de energieprijzen is; deze komen bovenop een toch al forse inflatie. Het is denkbaar dat we deze ontwikkelingen in 2023 terug gaan zien, als huishoudens door deze inflatie het hoofd niet meer boven water kunnen houden. De impact zal mede afhangen van de maatregelen van het Rijk om de effecten voor inwoners met lage inkomens te verzachten; deze ontwikkelingen zijn nog niet financieel vertaald in deze Begroting. De gevolgen van de inflatie voor de bedrijfsvoering van de RDWI zijn beperkt, omdat een klein deel van de kosten van bedrijfsvoering betrekking heeft op de prijsontwikkeling. Daarnaast zijn de onzekerheden over het langere termijneffect van de coronacrisis op de economie en de arbeidsmarkt op het moment van schrijven nog steeds aanwezig.

Tegelijkertijd is er de verwachting (bron: CPB) dat de arbeidsmarkt ook in 2023 krap zal zijn; dat biedt kansen om onze inwoners die een uitkering hebben te begeleiden naar passend werk. De RSD is de afgelopen jaren een flexibele en wendbare organisatie gebleken die in staat is om adequaat in te spelen op nieuwe ontwikkelingen. Via de strategische ontwikkelagenda die in 2022 is gestart, bouwen we verder aan onze dienstverlening. Ook in deze veranderende omstandigheden staan we er klaar voor om dienstverlening te bieden aan werkgevers in de regio en inwoners die onze ondersteuning nodig hebben. Zeist, 13 april 2022 S. Jansen Voorzitter bestuur RDWI

Begroting 2023 – v0.4

B. Ruiter Directeur RDWI

pag. 2

Inhoudsopgave 1 SAMENVATTING ......................................................................................................... 4 1.1. DOELEN 2023 ............................................................................................................. 4 1.2. TOTAALOVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN ................................................................ 5 1.3. TOTAALOVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN PER ONDERDEEL ..................................... 6 2 UITVOERING KERNTAKEN RSD .................................................................................... 9 2.1. ONTWIKKELING VAN HET BESTAND EN BUIG-BUDGET ................................................ 9 2.2. RE-INTEGRATIE, PARTICIPATIE EN DIENSTVERLENING AAN WERKGEVERS ................. 12 2.3. MAATWERK BIJ INKOMENSVOORZIENINGEN ............................................................ 15 2.4. DIENSTVERLENING AAN INBURGERAARS .................................................................. 16 2.5. DREMPEL VERLAGEN VOOR HULP BIJ SCHULDEN ...................................................... 18 3 WET SOCIALE WERKVOORZIENING ........................................................................... 19 4 BEDRIJFSVOERING .................................................................................................... 20 4.1.

ORGANISATIE EN APPARAATSKOSTEN ...................................................................... 20 4.2 OVERZICHT LASTEN PER TAAKVELD EN FORMATIE OVERHEAD .................................. 22 4.3 OVERZICHTEN PER GEMEENTE .................................................................................. 23 5 FINANCIËLE PARAGRAFEN............................................................................................ 25 5.1 WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING .................................................... 25 5.2. STAAT VAN RESERVES EN VOORZIENINGEN .............................................................. 30 5.3. INCIDENTELE BATEN EN LASTEN .............................................................................. 31 5.4. ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN .......................................................................... 31 5.5. FINANCIERING .......................................................................................................... 32 5.6. BEDRIJFSVOERING .................................................................................................... 34 5.7. VERBONDEN PARTIJEN ............................................................................................. 36 6 BELEIDSINDICATOREN .................................................................................................

38 BIJLAGE BIJDRAGEN GEMEENTEN ’24-’26 ....................................................................... 40

Begroting 2023 – v0.4

pag. 3

1 Samenvatting In de Begroting 2023 schetsen we wat we komend jaar aan dienstverlening bieden voor de inwoners van de KRH-regio, wat we samen met de gemeenten en onze andere partners willen bereiken en wat de financiële vertaling daarvan is.

1.1. Doelen 2023 We werken aan een inclusieve samenleving waarin voor iedereen plek is. Daarom ondersteunen we inwoners die vanwege uiteenlopende redenen afhankelijk zijn van een uitkering Participatiewet, die hulp nodig hebben bij schulden of die een inburgeringstraject doorlopen. Dat doen we onder andere door een nauwe samenwerking met de lokale en regionale netwerkpartners. De belangrijkste aandachtspunten specifiek voor 2023 zijn1: • Verbinding in het sociaal domein en lokale aansluiting – voor de inwoner van de regio kan het van meerwaarde zijn om samen op te trekken met de sociale teams. Dat begint bij een goede diagnose van de hulpvraag. Zowel de RSD als de sociale teams zijn daarbij onmisbare partners. • Accentverschuiving in re-integratie en participatie – vanwege de ontwikkeling van ons bestand zal er relatief meer nodig zijn voor diegene die (soms veel) ondersteuning nodig heeft of voor wie betaald werk niet haalbaar is en minder voor diegene die zonder al te veel ondersteuning naar werk kan. • Een goede balans tussen bovenregionaal-regionaal-lokaal – harmonisatie van de dienstverlening (aan werkgevers) op bovenregionaal niveau kan behulpzaam zijn voor onze eigen dienstverlening. Uitgangspunt is wat de beste dienstverlening is voor inwoner en werkgever.

Het gaat daarom om de juiste balans tussen aan de ene kant de bovenregionale (geharmoniseerde) dienstverlening en aan de andere kant wat lokaal nodig is om maatwerk aan de inwoner te bieden. • Maatwerk waar nodig en mogelijk – binnen de Participatiewet is er tot op zekere hoogte ruimte om maatwerk te leveren bij inkomensvoorzieningen. We verwachten dat er in de toekomst meer aandacht zal zijn voor individualisering in de inkomensvoorzieningen. • Doorontwikkeling van de dienstverlening aan inburgeraars – het jaar 2023 is het tweede jaar van de nieuwe Wet inburgering. Na het eerste uitvoeringsjaar 2022 wordt in 2023 de dienstverlening verder gefinetuned. • De drempel verlagen voor schulddienstverlening – het vroegtijdig schulden aanpakken is in grote mate afhankelijk van de bereidheid van inwoners zelf om hulp te zoeken. We blijven in overleg met gemeenten daarom inzetten om de drempel naar schulddienstverlening te verlagen. Bovenstaande vertaalt zich naar de volgende doelen voor 2023: • De ontwikkeling van het bestand BUIG houdt minimaal gelijke tred met de landelijke ontwikkeling • Het poortproces is erop gericht om de instroom te beperken en inwoners vroegtijdig naar werk te begeleiden • Zicht op de participatie- en uitstroommogelijkheden van alle inwoners met een uitkering

1

Bron: Kadernota RDWI 2023

Begroting 2023 – v0.4

pag. 4

• •

•

• • • •

Een plaatsingspercentage van minimaal 50% van de kandidaten met een indicatie banenafspraak Het plaatsen van alle kandidaten beschut werk die beschikbaar zijn voor werk, met als maximum het aantal waarvoor gemeenten de middelen ontvangen vanuit het ministerie Voor de doorlooptijden van aanvragen levensonderhoud, bijzondere bijstand, minimaregelingen en individuele inkomenstoeslag hanteren we de maximale wettelijke termijnen (deze zijn acht weken). Waar mogelijk, worden aanvragen sneller afgehandeld Het vergroten van het bereik en de bekendheid van regelingen, in samenspraak met de gemeenten en onze lokale netwerkpartners Het bieden van een traject op weg naar duurzame inburgering en participatie in de samenleving aan alle inburgeraars Vroegtijdig schulden opsporen door de verdere uitbreiding van vroegsignalering in samenwerking met de netwerkpartners Het ontwikkelen van concrete activiteiten samen met onze netwerkpartners, gericht op preventie van schulden

De manier waarop we de doelen willen bereiken, is uitgewerkt in hoofdstuk 2. Om onze dienstverlening en onze resultaten verder te verbeteren, formuleren we per onderdeel jaarlijks specifieke doelen waarover we via de P&C-documenten verantwoording afleggen. Deze zijn samengevat in hoofdstuk 6.

1.2. Totaaloverzicht van baten en lasten In onderstaande tabellen zijn de overzichten van baten en lasten (conform BBV art. 17 t/m 19) uitgewerkt. Overzicht van baten en lasten

Realisatie 2021

Begroting 2022

2023

2024

2025

2026

Programma Werk en Inkomen Lasten

97.111.907

97.295.840

93.315.350

94.194.750

94.899.160

95.442.260

Baten

16.597.109

12.708.500

12.311.900

12.045.900

11.786.900

11.535.900

Saldo

80.514.798

84.587.340

81.003.450

82.148.850

83.112.260

83.906.360

Subtotaal programma’s

80.514.798 84.587.340 81.003.450 82.148.850 83.112.260 83.906.360

Bijdragen gemeenten

80.213.490

Subtotaal algemene dekkingsmiddelen

80.213.490 84.437.340 80.853.450 81.998.850 82.962.260 83.756.360

Totaal saldo van baten en lasten Toevoeging reserves

84.437.340

80.853.450

81.998.850

82.962.260

83.756.360

-301.308

-150.000

-150.000

-150.000

-150.000

-150.000

-635.000

-110.000

-110.000

-110.000

-110.000

-110.000

Onttrekking reserves

2.128.946

260.000

260.000

260.000

260.000

260.000

Gerealiseerd / begroot resultaat

1.192.638

0

0

0

0

0

Begroting 2023 – v0.4

pag. 5

Toelichting In de Begroting 2023 zijn de wijzigingen uit de Kadernota 2023 verwerkt. Besluiten na vaststelling van de Begroting 2022 worden verwerkt in de Voorjaarsnota 2022.

1.3. Totaaloverzicht van baten en lasten per onderdeel

Lasten per onderdeel Programma Werk en Inkomen Tijdelijke overbruggingsregeling (Tozo) Gebundelde uitkeringen / BBZ bijzondere bijstand Individuele inkomenstoeslagen Collectieve ziektekostenverzekeringen Minimabeleid gemeenten TONK Re-integratie, Participatie, incl actieplan jeugdwerkloosheid Nieuwkomers

Realisatie 2021

Begroting 2022

2023

2024

2025

2026

9.825.535

0

0

0

0

0

42.735.672

51.379.000

47.101.600

48.390.280

49.858.890

50.983.490

2.952.944

3.228.000

3.074.000

3.074.000

3.074.000

3.074.000

1.302.360

1.123.000

1.142.000

1.142.000

1.142.000

1.142.000

1.098.636

1.346.100

1.317.150

1.317.150

1.317.150

1.317.150

624.268

675.000

700.000

700.000

700.000

700.000

508.722

0

0

0

0

0

2.969.322

3.772.640

3.877.000

3.957.400

4.050.200

4.050.200

95.506

125.000

62.500

31.250

0

0

Voorzieningen Wet Inburgering (WNI) Wet sociale Werkvoorziening Kinderopvang

0

664.300

1.541.500

1.695.520

1.695.520

1.695.520

9.087.860

8.653.200

8.475.800

8.223.900

7.813.400

7.482.900

248.128

316.000

304.000

304.000

304.000

304.000

Apparaatskosten RSD

14.816.432

14.855.200

15.275.200

15.275.200

15.275.200

15.275.200

85.191

510.400

648.100

709.800

709.800

709.800

625.000

625.000

312.500

156.250

0

0

Uitvoering Wet Inburgering Intensieve aanpak Bijdrage aan BIGA loonkosten SW Totaal lasten Baten per onderdeel Programma Werk en Inkomen Tijdelijke overbruggingsregeling (Tozo) Gebundelde uitkeringen / BBZ Bijzonder bijstand Individuele inkomenstoeslagen Collectieve Ziektekostenverzekering Minimabeleid gemeenten

Begroting 2023 – v0.4

600.000

600.000

600.000

600.000

600.000

600.000

9.536.332

9.423.000

8.884.000

8.618.000

8.359.000

8.108.000

97.111.907 97.295.840 93.315.350 94.194.750 94.899.160

95.442.260

Realisatie 2021

Begroting 2022

2023

2024

2025

2026

9.825.535

0

0

0

0

0

42.735.672

51.379.000

47.101.600

48.390.280

49.858.890

50.983.490

2.952.944

3.228.000

3.074.000

3.074.000

3.074.000

3.074.000

1.302.360

1.123.000

1.142.000

1.142.000

1.142.000

1.142.000

1.098.636

1.346.100

1.317.150

1.317.150

1.317.150

1.317.150

624.268

675.000

700.000

700.000

700.000

700.000

pag. 6

TONK Re-integratie, Participatie Nieuwkomers Voorzieningen Wet Inburgering (WNI) Wet Sociale Werkvoorziening Kinderopvang Apparaatskosten RSD Uitvoering Wet Inburgering Intensieve aanpak nieuwkomers Bijdrage gemeenten aan BIGA Loonkosten SW Totaal baten Gerealiseerd / begroot totaal saldo van baten en lasten Toevoeging reserves

508.722

0

0

0

0

0

2.969.302

3.772.640

3.877.000

3.957.400

4.050.200

4.050.200

95.506

125.000

62.500

31.250

0

0

0

664.300

1.541.500

1.695.520

1.695.520

1.695.520

9.087.860

8.653.200

8.475.800

8.223.900

7.813.400

7.482.900

248.128

316.000

304.000

304.000

304.000

304.000

14.350.706

14.705.200

15.125.200

15.125.200

15.125.200

15.125.200

249.629

510.400

648.100

709.800

709.800

709.800

625.000

625.000

312.500

156.250

0

0

600.000

600.000

600.000

600.000

600.000

600.000

9.536.332

9.423.000

8.884.000

8.618.000

8.359.000

8.108.000

96.810.599 97.145.840 93.165.350 94.044.750 94.749.160

95.292.260

-301.308

-150.000

-150.000

-150.000

-150.000

-150.000

-635.000

-110.000

-110.000

-110.000

-110.000

-110.000

Onttrekking reserves

2.128.946

260.000

260.000

260.000

260.000

260.000

Gerealiseerd/ begroot resultaat

1.192.638

0

0

0

0

0

Toelichting Het totaal van baten en lasten in 2023 bedraagt € 93.315.350. Dit is bijna € 4 miljoen lager dan de Begroting 2022, waarin rekening werd gehouden met negatieve effecten van de coronacrisis op de economie op de middellange termijn. De economie en de arbeidsmarkt hebben zich veerkrachtiger getoond dan verwacht. Daardoor zijn de uitgangspunten voor de Begroting 2023 positiever. Op basis van de meerjarige raming van het CPB verwacht RDWI een stijging van de baten en lasten van 2023 tot 2026 tot € 95.442.260. Voor de overige inkomensvoorzieningen is rekening gehouden met een beperkte stijging. Er is nog geen rekening gehouden met de economische impact van de oorlog in de Oekraïne op de begroting, omdat de ontwikkeling nog te recent is om een prognose te geven over het structurele effect. Verder wordt uitgegaan van een stijging van het re-integratiebudget in verband met indexatie en toename van begeleidingskosten bij beschut werkplekken. Door een afname van Wsw-plaatsen door uitstroom zal het budget Wsw dalen. Het risico hiervan ligt bij Biga Groep en heeft geen consequenties voor de RDWI. De kosten voor voorzieningen voor de Wet inburgering stijgen als gevolg van de verhoging van de huisvestingstaakstelling voor statushouders.

Het apparaatskostenbudget is verhoogd met loon- en prijscompensatie en een uitbreiding van de formatie met 0,8 fte in verband met de activiteit vroegsignalering bij schulddienstverlening. Tot slot bevat de apparaatskostenbegroting tot en met 2026 ook € 150.000 voor de afwikkeling van de Tozo-regeling. Deze lasten worden gedekt uit een onttrekking uit de bestemmingsreserve Tozo. Na de mutatie in de reserves is de begroting in evenwicht. In onderstaande tabellen zijn de begrote mutaties reserves en het verwachte resultaat na mutaties reserves opgenomen.

Begroting 2023 – v0.4

pag. 7

Mutatie reserves

Realisatie Begroting 2021 2022

2023

2024

2025

2026

Toevoeging reserve groot onderhoud

-110.000

-110.000

-110.000

-110.000

-110.000

-110.000

Onttrekking reserve groot onderhoud

132.412

110.000

110.000

110.000

110.000

110.000

150.000

150.000

150.000

150.000

150.000

Bestemmingsreserve frictie

5.272

Bestemmingsreserve Verbeterplan

182.000

Bestemmingsreserve Kwaliteitsimpuls

43.500

Bestemmingsreserve Tozo Bestemmingsreserve implementatie inburgering

-262.000

Bestemmingsreserve Bedrijfsvoering Toevoeging Algemene reserve resultaat 2020

-125.000

-109.750

Onverdeeld Resultaat 2020 Totaal saldo van mutaties reserves

1.737.514 1.493.948

150.000

150.000

150.000

150.000

150.000

Resultaat na mutaties reserves

Realisatie Begroting 2021 2022

2023

2024

2025

2026

Saldo baten en lasten voor reserves

-301.308

-150.000

-150.000

-150.000

-150.000

-150.000

Mutatie reserves

1.493.948

150.000

150.000

150.000

150.000

150.000

Resultaat voor bestemming

1.192.640

0

0

0

0

0

Begroting 2023 – v0.4

pag. 8

2 Uitvoering kerntaken RSD De doelen die we willen bereiken (zie hoofdstuk 1) zijn vertaald naar concrete activiteiten. In dit hoofdstuk wordt aangegeven wat we gaan doen om de doelen te halen en wat dit financieel betekent.

2.1. Ontwikkeling van het bestand en BUIG-budget Voor de ontwikkeling van het bestand en het BUIG-budget baseren we ons op de ramingen van het CPB. Zoals geschetst in de Kadernota, wordt na een lichte daling in 2022 een stabilisatie in 2023 verwacht en daarna een lichte stijging. Deze ramingen zijn ‘in potlood geschreven’, omdat de onzekerheden groot zijn. De ontwikkeling van het bestand is afhankelijk van de ontwikkeling van de economie en de arbeidsmarkt. Factoren die een rol spelen naast de ‘klassieke’ bijstandscijfers, zijn het aantal inwoners met een BBZ-uitkering (voor zelfstandigen; een na-ijleffect van de coronacrisis) en het aantal inwoners met een indicatie banenafspraak of advies beschut werk voor wie loonkostensubsidie vanuit het BUIG-budget kan worden ingezet.

Wat willen we bereiken • De ontwikkeling van het bestand BUIG houdt minimaal gelijke tred met de landelijke ontwikkeling • Het poortproces is erop gericht om de instroom te beperken en inwoners vroegtijdig naar werk te begeleiden

Wat gaan we doen Instroom en uitstroom We sturen op de beïnvloedbare factoren van het bestand, zoals preventie van instroom door direct bij de aanvraag de mogelijkheden voor werk te beoordelen en het stimuleren van uitstroom door een effectieve inzet van re-integratiemiddelen. De instroom is beperkt beïnvloedbaar: wanneer iemand recht heeft op een uitkering, verstrekken we deze. Tegelijkertijd kijken we al bij de intake naar mogelijkheden voor werk. Inwoners die snel aan de slag kunnen, verwijzen we naar onze recruiter of jobhunters. Soms vindt iemand een baan voordat het aanvraagproces voor de uitkering is afgerond. Om uitstroom te stimuleren wanneer iemand al een uitkering heeft, zijn reintegratieactiviteiten (in brede zin) de belangrijkste instrumenten. In paragraaf 2.2 wordt hier uitgebreider op ingegaan. Inzet van loonkostensubsidie Binnen het BUIG-budget zijn er ook middelen om loonkostensubsidies te verstrekken aan werkgevers voor inwoners die vanwege een beperking een verminderde productiviteit hebben. De instrumenten banenafspraak en beschut werk worden steeds vaker ingezet, met de bijbehorende loonkostensubsidie. Daarmee stromen inwoners direct geheel of gedeeltelijk (afhankelijk van de omvang van het dienstverband) uit de uitkering. In 2023 zal er naar verwachting opnieuw een groei zijn van het aantal plaatsingen met loonkostensubsidie.

Deze subsidies worden door het Rijk vergoed op basis van werkelijk verstrekte subsidies. De inzet van loonkostensubsidies heeft ook gevolgen voor het participatiebudget (zie paragraaf 2.2), omdat deze inwoners vaak begeleid worden op de werkplek.

Begroting 2023 – v0.4

pag. 9

Wat betekent dit financieel Tabel gebundelde uitkeringen BUIG, BBZ starters en BBZ 2004 Lasten BUIG gebundelde uitkeringen / BBZ starters en gevestigden Overige posten BBZ 2004: Kredietverlening BBZ Onderzoekskosten levensvatbaarheid Subtotaal BBZ 2004 bedrijfskredieten en onderzoekskosten Totaal lasten BUIG /BBZ Baten BUIG gebundelde uitkeringen / BBZ starters en gevestigden BBZ 2004

Realisatie 2021

Begroting 2022

2023

2024

2025

2026

42.645.437

50.940.000

46.762.600

48.051.280

49.519.890

50.644.490

71.284

239.000

239.000

239.000

239.000

239.000

18.951

200.000

100.000

100.000

100.000

100.000

90.235

439.000

339.000

339.000

339.000

339.000

42.735.672 51.379.000 47.101.600 48.390.280 49.858.890 50.983.490

842.630

851.000

950.000

950.000

950.000

950.000

300.811

100.000

143.400

143.400

143.400

143.400

Totaal Baten BUIG / BBZ Bijdragen gemeenten

1.143.441

951.000

1.093.400

1.093.400

1.093.400

1.093.400

41.592.231

50.428.000

46.008.200

47.296.880

48.765.490

49.890.090

Totaal baten

42.735.672 51.379.000 47.101.600 48.390.280 49.858.890 50.983.490

Gerealiseerd / begroot totaal saldo van baten en lasten

0

0

0

0

0

0

Toelichting Voor de raming van de lasten 2023 BUIG / BBZ uitkering levensonderhoud starters en gevestigden is de prognose van het CPB in september 2021 als uitgangspunt genomen. Het benodigde budget in 2023 stijgt ten opzichte van de realisatie in 2021 door verschillende oorzaken. Bij de raming 2023 is uitgegaan van: - Een stijging van de loonkostensubsidie met 60% ten opzichte van de realisatie in 2021; - 2.860 bijstandsgerechtigden gemiddeld in 2023 (ter vergelijking: per eind 2021 waren er 2.765 bijstandsgerechtigden); - Een verdubbeling van het aantal zelfstandigen dat een beroep moet doen op de BBZ uitkering levensonderhoud. De achtergrond hiervan is de verwachting dat met het stopzetten van de noodmaatregel Tozo de instroom in BBZ toeneemt. De verwachting is dat een deel van deze zelfstandigen langer gebruik moeten maken van deze ondersteuning omdat hun bedrijf minder levensvatbaar is dan eerder verwacht; - Een indexatie van de uitkeringen. Loonkostensubsidie Sinds de invoering van de Participatiewet in 2015 worden loonkostensubsidies voor de banenafspraak en beschut werk uit de BUIG-middelen gefinancierd. Naarmate we meer mensen met een indicatie plaatsen waarvoor loonkostensubsidie verstrekt wordt, neemt die component een steeds belangrijkere plaats in bij de ontwikkeling van de lasten BUIG.

De omvang daarvan is alleen te voorspellen op basis van ervaringen uit de afgelopen

Begroting 2023 – v0.4

pag. 10

paar jaren. Op basis daarvan gaat het om naar verwachting tussen 800 en 900 personen, waarvan de helft aan het werk is met inzet van loonkostensubsidie (gemiddeld 55% van het wettelijk minimumloon). Dit betreft ook niet-uitkeringsgerechtigden. De loonkostensubsidie voor beschut werk is een redelijk vast gegeven, omdat het gaat om mensen die langdurig zijn aangewezen op ondersteuning. Gezien de taakstelling vanuit het ministerie van SZW (minimaal aantal te realiseren plekken, mits er voldoende kandidaten zijn), gaan we uit van ongeveer 60 personen aan het eind van 2022 met inzet van loonkostensubsidie van 70%. Het effect van de inzet van loonkostensubsidies is meegenomen in de berekening van de BUIG. Om de inzet van de banenafspraak en beschut werk te stimuleren, heeft het kabinet besloten om de loonkostensubsidie vanuit de BUIG vanaf 2022 te financieren op basis van de werkelijk verstrekte loonkostensubsidies. In paragraaf 2.2 gaan we in op hoe we de banenafspraak en beschut werk organiseren. BBZ 2004 overige posten De kredietverlening BBZ betreft het verstrekken van bedrijfskredieten. Het budget voor kredietverstrekking is in 2023 gelijk gehouden aan 2022. Het is moeilijk om een inschatting te maken van eventuele stijging of daling van de kredieten. Het gaat om een beperkt aantal aanvragen en zeer wisselende bedragen.

Ter dekking van kosten BUIG/gebundelde uitkering ontvangen gemeenten van het Rijk een bijdrage via de verdeling van het BUIG macrobudget. In onderstaande tabel is het resultaat op dit budget gebundelde uitkering BUIG en BBZ starters en gevestigden vóór en na ontschotting opgenomen. De verwachting is dat geen van de gemeenten een aanvraag hoeft te doen voor de Vangnetregeling. In de tabel is het Verwachte resultaat op de BUIG/ BBZ per gemeente opgenomen (kolom A). Voor de ontschotting is uitgegaan van de systematiek zoals gemeenten in maart 2021 hebben besloten. De tekorten van gemeenten worden over de vijf gemeenten verdeeld. Eventuele positieve resultaten blijven buiten de ontschotting. In kolom B is het Verwacht resultaat na ontschotting verwerkt. In de kolommen C en D wordt het effect van de ontschotting gepresenteerd.

A. Verwacht resultaat voor ontschotting

B. Verwacht resultaat na ontschotting

C. Mutatie ontschotting te ontvangen

Bunnik

-137.700

-27.200

110.500

De Bilt

696.500

562.300

Utrechtse Heuvelrug

-497.500

-138.400

Wijk bij Duurstede

105.200

48.800

56.400

Zeist

820.600

541.600

279.000

Totaal budget

987.100

987.100

Gemeente

Begroting 2023 – v0.4

D. Mutatie ontschotting te betalen 134.200

359.100

469.600

469.600

pag. 11

Afwikkeling Tozo regeling Tabel Tozo regeling Lasten Tijdelijke overbruggingsregeling (Tozo) Totaal lasten

Realisatie Begroting 2021 2022

2023

2024

2025

2026

9.825.535

0

0

0

0

0

9.825.535

0

0

0

0

0

417.772

PM

PM

PM

PM

0

Baten Overige baten Vooruit ontvangen bijdragen

1.844.953

Bijdragen gemeenten

7.562.810

PM

PM

PM

PM

0

Totaal baten

9.825.535

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Gerealiseerd / begroot totaal saldo van baten en lasten

Toelichting Tot oktober 2021 liep de regeling Tijdelijke ondersteuning zelfstandig ondernemers (Tozo). Deze noodregeling was bedoeld ter ondersteuning van zelfstandigen tijdens de coronacrisis. Naast een uitkering levensonderhoud kon een beperkt bedrijfskrediet verstrekt worden in geval van liquiditeitsproblemen. Tot eind 2021 is voor € 2,9 miljoen aan kredieten verstrekt. Vanaf juli 2022 moeten deze kredieten in principe in zes jaar terugbetaald worden. De ontvangen baten moeten worden terugbetaald aan het Rijk. Omdat het terugbetalingsritme mede afhankelijk is van het economisch herstel, is een PM post opgenomen voor zowel de te ontvangen overige baten als voor de bijdrage gemeenten.

2.2. Re-integratie, participatie en dienstverlening aan werkgevers De afgelopen jaren is veel aandacht besteed aan de uitstroom naar werk van inwoners met een uitkering. Dat blijft één van onze kerntaken, maar ondertussen zien we wel dat het profiel van inwoners dat ondersteuning nodig heeft, aan het veranderen is. Er is relatief meer en intensievere begeleiding nodig om hetzelfde resultaat te bereiken in de uitstroom naar werk.

Wat willen we bereiken • Zicht op de participatie- en uitstroommogelijkheden van alle inwoners met een uitkering • Een plaatsingspercentage van minimaal 50% van de kandidaten met een indicatie banenafspraak • Het plaatsen van alle kandidaten beschut werk die beschikbaar zijn voor werk, met als maximum het aantal waarvoor gemeenten de middelen ontvangen vanuit het ministerie

Begroting 2023 – v0.4

pag. 12

Wat gaan we doen Passende ondersteuning voor alle inwoners met een uitkering Een doel van de Participatiewet is ervoor te zorgen dat inwoners weer zelfstandig in hun inkomen kunnen voorzien. De nadruk ligt dan ook vaak op uitstroom naar betaald werk, zodat zij (weer) volledig kunnen meedoen op de arbeidsmarkt. Dat is niet voor iedereen op korte termijn weggelegd; in veel gevallen is ook een stap richting participatie een goede stap vooruit. Daarvoor moeten we zorgen dat de basis goed is: alle inwoners met een uitkering zijn in beeld en hebben op hun situatie toegesneden ondersteuning. Focus op een brede middengroep Om onze re-integratie- en participatiedoelstellingen te halen, wordt de samenwerking met de lokale/regionale netwerkpartners én met lokale ondernemers steeds belangrijker, bijvoorbeeld in lokale werkgelegenheidsprojecten en het benutten van lokale participatieplekken. Samen met de netwerkpartners willen we vanuit een gedeelde visie maatwerk bieden. We zoeken daarnaast een verdere versteviging van de samenwerking met Biga Groep, bijvoorbeeld door een uitbreiding van de dienstverlening van Werkroute. Ook willen we meer inzetten op intensievere begeleiding; uit eerdere ervaringen (bijvoorbeeld het project Zorg ontzorgd in 2021) blijkt dat aandacht werkt.

Blijvende aandacht voor de doelgroep ‘activering ’ De ervaringen uit de bestuursopdracht ‘activering’ (die volgde uit de Strategische Kaders Participatiewet 2020-2023) nemen we mee naar 2023 en verder. In nauwe samenwerking met gemeenten is er sprake van blijvende aandacht voor de ontwikkeling van inwoners die niet in staat zijn om betaald werk te verrichten, maar wel op andere manieren actief kunnen zijn of worden in de samenleving. Integrale(re) samenwerking Voor de meer kwetsbare groep (multiproblematiek) willen we vanuit meerdere leefgebieden de ondersteuningsvragen van de inwoner beantwoorden. We willen daarbij een aanpak ontwikkelen met een integralere intake en een gezamenlijk passend plan voor de inwoner. Daarbij gaat het om nog meer integraliteit binnen werk & inkomen, zoals de verbinding met schuldenproblematiek wanneer dat aan de orde is, en om de verbinding met de andere onderdelen binnen het sociaal domein. Dit is niet voor iedere inwoner nodig of mogelijk; om te beginnen denken we hierbij aan een groep van 50 tot 100 inwoners. Bovenregionale samenwerking gericht op uitstroom naar werk Voor de groep die nog wel relatief makkelijk naar de arbeidsmarkt kan, versterken we de werkgeversdienstverlening via de bovenregionale samenwerking.

Arbeidsmarktvraagstukken worden bovenregionaal opgepakt, in nauwe samenwerking met onder andere werkgeversorganisaties, UWV en de andere regio’s. Het gaat daarbij niet (alleen) meer om het vervullen van vacatures. Via branchegerichte projecten en leerwerktrajecten worden vraag en aanbod bij elkaar gebracht. Ook werken we bovenregionaal samen om de bekendheid onder werkgevers van de mogelijkheden voor de inzet van de banenafspraak (loonkostensubsidie) te vergroten. Banenafspraak en beschut werk De banenafspraak en beschut werk organiseren we via het netwerkteam Werkroute, een team van professionals van RSD en Biga Groep samen. Het doel is om klanten met een arbeidsbeperking naar vermogen te laten meedoen op de arbeidsmarkt, waar nodig met inzet van loonkostensubsidie en/of jobcoaching. Er is ook in 2023 sprake van een groei

Begroting 2023 – v0.4

pag. 13

van het aantal werkplekken met loonkostensubsidie. Dit betekent ook dat de inzet van jobcoaching en begeleiding vanuit het participatiebudget stijgt. Ook inwoners zonder uitkering (en met een arbeidsbeperking) kunnen aanspraak maken op deze specifieke voorzieningen. De inzet van het participatiebudget is daarmee breder dan alleen voor de inwoners die een bijstandsuitkering hebben.

Wat betekent dit financieel Tabel budgetten re-integratie, participatie en budgetten voor specifieke doelgroepen Lasten

Realisatie 2021

Begroting 2022

2023

2024

2025

2026

Re-integratie, Participatie, actieplan jeugdwerkloosheid

2.969.322

3.772.640

3.877.000

3.957.400

4.050.200

4.050.200

Totaal lasten

2.969.322 3.772.640 3.877.000 3.957.400 4.050.200 4.050.200

Baten Vooruitontvangen bijdragen

-197.576

Bijdragen gemeenten

3.166.877

Totaal baten

2.969.302 3.772.640 3.877.000 3.957.400 4.050.200 4.050.200

Gerealiseerd / begroot totaal saldo van baten en lasten

3.772.640

-20

3.877.000

0

3.957.400

0

0

4.050.200

0

4.050.200

0

Toelichting In de Begroting 2023 zijn de mutaties uit de integratie uitkering sociaal domein verwerkt. Naast indexatie, hangt de stijging van het budget vooral samen met een toename van de het aantal beschut werkplekken en banen in het kader van de banenafspraak. De begeleiding en (job)coaching voor deze mensen is intensief. De vergoedingen voor deze begeleiding maken onderdeel uit van het re-integratiebudget. Met de beschikbare middelen zoals in bovenstaande tabel opgenomen, zijn we in staat om klanten te begeleiden naar werk of participatie. De middelen die hierboven genoemd zijn, betreffen de taken die de RSD namens de gemeenten uitvoert. Hiervan wordt 10% ingezet voor de zogeheten ‘lokale initiatieven’ per gemeente. Over de begeleiding van de groep klanten die niet zelfredzaam is, maken we afspraken met de lokale partijen. Tabel budgetten kinderopvang Lasten

Realisatie Begroting 2021 2022

2023

2024

2025

2026

Kinderopvang

248.128

316.000

304.000

304.000

304.000

304.000

Totaal lasten

248.128

316.000

304.000

304.000

304.000

304.000

Baten

0

0

0

0

0

0

Overige baten

0

0

0

0

0

0

Bijdragen gemeenten

248.128

316.000

304.000

304.000

304.000

304.000

Totaal baten

248.128

316.000

304.000

304.000

304.000

304.000

0

0

0

0

0

0

Gerealiseerd / begroot totaal saldo van baten en lasten

Begroting 2023 – v0.4

pag. 14

Toelichting De budgetten voor de kinderopvang zijn verlaagd tot € 304.000. In 2021 zijn werkafspraken gemaakt met de vier gemeenten waarvoor RSD de regeling kinderopvang met sociaal medische indicatie (SMI) uitvoert. Deze afspraken moeten ertoe leiden dat de duur van de ondersteuning beperkt blijft, mits dat passend is gezien de individuele situatie. In de realisatie in 2021 is in de tweede helft van het jaar een daling te zien in de uitgaven. De beperkte verlaging van het benodigde budget in 2023 is hierop terug te voeren. Ondanks dat het resultaat in 2021 relatief gunstig was, wordt uitgegaan van een beperkte verlaging, omdat een kleine wijziging in het aantal klanten SMI een relatief groot financieel verschil maken.

2.3. Maatwerk bij inkomensvoorzieningen De Participatiewet is een vangnet voor wie niet zelfstandig in zijn/haar inkomen kan voorzien. De normen om de hoogte van de uitkering vast te stellen, zijn in de wet vastgelegd. Wel zien we een verschuiving naar meer oog voor de individuele situatie van inwoners. In het regeerakkoord van het nieuwe kabinet staat over de Participatiewet: “daarbij hebben we oog voor ieders talenten en beperkingen, werken we vanuit vertrouwen en is er ruimte voor maatwerk”2. Zo zijn er onder andere wijzigingen aangekondigd in de kostendelersnorm met ingang van 1 januari 2023. Zodra deze bekend zijn, zullen we ons hierop voorbereiden in samenspraak met de gemeenten. Een onzekere factor bij de inkomensvoorzieningen is de ontwikkeling van de inflatie en de economische impact van de inval in Oekraïne in februari 2022. Mogelijk zullen deze ontwikkelingen van invloed zijn op de inkomensvoorzieningen zoals bijzondere bijstand, minimaregelingen en de CAZ. In hoeverre deze zullen doorwerken in 2023 is mede afhankelijk van de wereldwijde gebeurtenissen, de economische impact daarvan en de maatregelen die het Rijk treft om inwoners met een laag inkomen tegemoet te komen. Er is in deze paragraaf daarom nog geen rekening mee gehouden in financieel opzicht, omdat de onzekerheden op het moment van schrijven te groot zijn om betrouwbare prognoses te geven.

Wat willen we bereiken • Voor de doorlooptijden van aanvragen levensonderhoud, bijzondere bijstand, minimaregelingen en individuele inkomenstoeslag hanteren we de maximale wettelijke termijnen (deze zijn acht weken). Waar mogelijk, worden aanvragen sneller afgehandeld • Het vergroten van het bereik en de bekendheid van regelingen, in samenspraak met de gemeenten en onze lokale netwerkpartners

Wat gaan we doen Maatwerk Meer mogelijkheden in de wet voor een individuele beoordeling kunnen leiden tot meer maatwerk. Waar we nu ook al maatwerk bieden, waar dat nodig en mogelijk is, zal dit na wetswijzigingen wellicht nog meer aan de orde zijn. Dat zal ook meer van ons vragen in de uitvoering. Wat de eventuele impact daarvan is, is nu nog niet te voorzien. Wanneer van toepassing, zullen we daar voorstellen voor doen. 2

Bron: “Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst”, coalitieakkoord 2021-2025

Begroting 2023 – v0.4

pag. 15

Efficiënte afhandeling aanvragen Bij deze regelingen staat een snelle en adequate afhandeling van aanvragen centraal. We doen dat sinds enige jaren via de Snelbalie. Ons proces voor het afhandelen van aanvragen is mede daardoor effectief en efficiënt. Ondersteuning aan inwoners is beschikbaar via onder andere de Formulierenbrigade. Hierin werken we steeds meer samen met de lokale sociale teams. Collectieve aanvullende ziektekostenverzekering De CAZ-regeling wordt aangeboden door DSW. Conform het lopende contract wordt deze samenwerking ook in 2023 voortgezet.

Wat betekent dit financieel In de volgende tabel zijn de verwachte uitgaven weergegeven voor de inkomensondersteunende voorzieningen. Tabel budgetten bijzondere bijstand, individuele inkomenstoeslagen, collectieve ziektekostenverzekering en minimabeleid Lasten

Realisatie 2021

Begroting 2022

2023

2024

2025

2026

Bijzondere bijstand

2.952.944

3.228.000

3.074.000

3.074.000

3.074.000

3.074.000

Individuele inkomenstoeslagen

1.098.636

1.123.000

1.142.000

1.142.000

1.142.000

1.142.000

1.302.360

1.346.100

1.317.150

1.317.150

1.317.150

1.317.150

624.268

675.000

700.000

700.000

700.000

700.000

Collectieve Ziektekostenverzekering Minimabeleid gemeenten TONK

508.722

totaal lasten

6.486.929 6.372.100 6.233.150 6.233.150 6.233.150 6.233.150

Baten

Realisatie 2021

Begroting 2022

2023

2024

2025

2026

Bijzondere bijstand

172.954

125.000

125.000

125.000

125.000

125.000

Bijdragen gemeenten

6.313.976

6.247.100

6.108.150

6.108.150

6.108.150

6.108.150

Totaal baten

6.486.929 6.372.100 6.233.150 6.233.150 6.233.150 6.233.150

Gerealiseerd / begroot totaal saldo van baten en lasten

0

0

0

0

0

0

Toelichting inkomensvoorzieningen De inkomensvoorzieningen dalen in 2023 ten opzichte van de Begroting 2022. Voor de raming is de realisatie in 2021 beoordeeld en vergeleken met de gemiddelde kosten over de afgelopen drie jaar. Waar de realisatie in 2021 boven dit gemiddelde lag, is voor de Begroting 2023 een verhoging van 5% toegepast.

2.4. Dienstverlening aan inburgeraars Het jaar 2023 is het tweede jaar van de uitvoering van de nieuwe Wet inburgering. We gaan er van uit dat er dan nog geen grote wijzigingen plaats zullen vinden in het nieuwe

Begroting 2023 – v0.4

pag. 16

stelsel. De grootste onzekerheid in de uitvoering van de Wet inburgering is de instroom; deze is afhankelijk van wereldwijde ontwikkelingen.

Wat willen we bereiken • Het bieden van een traject op weg naar duurzame inburgering en participatie in de samenleving aan alle inburgeraars

Wat gaan we doen Finetuning in het tweede jaar van de nieuwe wet In 2023 willen we de geleerde lessen uit het eerste jaar van de nieuwe Wet inburgering (2022) vertalen naar eventuele aanpassingen in de uitvoering en waar nodig beleidswijzigingen in 2023. We doen dat in samenwerking met onze netwerkpartners zoals de Vluchtelingenwerkorganisaties en in samenspraak met de andere gemeenten op U16-niveau.

Wat betekent dit financieel Tabel Voorzieningen Nieuwe Wet Inburgering Lasten

Voorzieningen Wet Inburgering (Wi) Totaal lasten

Realisatie Begroting 2021 2022

2023

2024

2025

2026

664.300

1.541.500

1.695.520

1.695.520

1.695.520

0

664.300 1.541.500 1.695.520 1.695.520 1.695.520

Baten Bijdragen gemeenten

664.300

Totaal baten

0

Gerealiseerd / begroot totaal saldo van baten en lasten

0

1.541.500

1.695.520

1.695.520

1.695.520

664.300 1.541.500 1.695.520 1.695.520 1.695.520

0

0

0

0

0

Toelichting Voorzieningen Wet Inburgering De mutatie in de begroting 2023 is gebaseerd op de huisvestingstaakstelling statushouders voor 2022. De voorziening voor Taallessen wordt over drie jaar verstrekt. Dit verklaart de sterke stijging van het benodigde budget voor 2023 en verder. Gemeenten houden de regie op de maatschappelijke begeleiding. Zij laten deze taak door lokale partners uitvoeren. De budgetten die hiermee gemoeid zijn, blijven bij gemeenten. Tabel klantkosten nieuwkomers- programmakosten intensieve aanpak Lasten

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11602115/1