RIB21.043 U16 Ruimtelijke opgave Groen en Landschap
Tekst van het document
1
5 47
6. Groen raamwerk Heuvelrug-Lek Een stelsel van groenblauwe verbindingen voor natuur én recreatie samen, smeedt de Heuvelrug en haar flankzone stevig vast aan het gebied Langbroekerwetering - Kromme Rijn - Amsterdam Rijnkanaal - Lek. De beste kansen om de Heuvelrug te versterken lijken te zijn: loofbosaanplant, zonering met ook rustige gebieden, natuurwaarden verhogen in de flankzone tot aan de Kromme Rijn. Dit is het Langbroekweteringgebied. Hier zijn boeren bereid om natuur-inclusiever te produceren en liggen kansen om bosvakken (met zoom, mantel en kern) aan te leggen in de landschapsstructuur van opstrekkende kavels. We zien 4 kansrijke dwarsverbindingen met natuur en recreatieve routes van de hoge gronden naar de Kromme Rijn en Lek. Zo ontstaat een sterk raamwerk. Met agrariërs wordt gezocht naar een betere balans tussen ecologie, wateropgaven en landbouw (met name fruitteelt). De Kromme Rijn, Amsterdam Rijnkanaal en sterke Lekdijken krijgen bredere groene randen met fiets/wandelroutes. De flanken van de heuvelrug worden versterkt met substantiële verbetering van biodiversiteit door zoom en mantelvegetaties met behoud van (oude) landschapselementen. Een idee voor nadere verkenning is om een recreatief ‘fruitpark’ te ontwikkelen als etalage van de fruitteelt en landschappelijke kwaliteiten. In het gebied ten 1 zuiden van de Kromme Rijn zijn kerngebieden nodig voor natuur.
Barrières: Amsterdam Rijnkanaal, de N229 en N225 langs de flanken van de Heuvelrug en de A12 op de Heuvelrug.
Versterken kernkwaliteiten Flankzone heuvelrug: Bestaande buitenplaatsen en landgoederen, Kleinschalig landschap met bosranden, velden en houtwallen en (Langbroekerwetering), karakteristieke copeverkaveling van open langgerekte ruimten en opstrekkende boskavels, grienden, essenhoutsingels en lanen. Zichtlijnen en vergezichten rivier – stuwwal, Ecologische waarde door kwelwater. Versterken kernkwaliteiten Lekzone: versterken van het doorgaand oostwest karakter van rivier, uiterwaarden en oeverwallen en hoge Lekdijken met cultuurhistorie (vestigingsplaats) en waterwerken. Extra recreatiegebied: 29 ha Extra natuurkerngebied: 30 ha Groene contourgebied: 331 ha Extra recreatieve verbindingen: 253 ha Mogelijke meekoppelkansen: Nationaal Park nieuwe stijl Utrechtse Heuvelrug Water: Toekomstbestendig Amsterdam Rijnkanaal, Project Sterke Lekdijk, naar 100% infiltratie en vasthouden kwelwater Heuvelrug icm Blauwe Agenda, voldoende waterbeschikbaarheid, Toekomstbestendig Amsterdam Rijnkanaal, Overstromingsveiligheid rivierengebied Landbouw: natuurinclusieve landbouw/fruitteelt, agropark (zie parco agricolo Milan) Cultuurhistorie: Limeszone, Langbroekerwetering met kastelen en ridderhofsteden, Stichtse Lustwarande
5
2 6
Onderzoeksresultaten
48
7. Agrarisch groenblauw netwerk De agrarische landschappen van de droogmakerij Mijdrecht, de veenweidegebieden rondom KamerikKockengen, de Lopikerwaard en de Vijfheerenlanden en eiland van Schalkwijk/Kromme Rijn hebben hun eigen karakteristieken en bedrijfsopbouw. In elk van deze gebieden wordt met de gebiedspartijen samengewerkt aan de transitie naar een vitale kringlooplandbouw met een toekomstbestendig watersysteem, goede bodem- en waterkwaliteit, recreatie- en natuurwaarden en herstel van kleine landschapselementen zoals bijvoorbeeld erfbeplanting, singels en houtwallen en kleine bospercelen. Het vraagt innovaties in de sectoren van melkveehouderij en de fruitteelt. 1 Routegebonden (vaar)recreatie en mogelijkheden van verbrede landbouw met pleisterplaatsen/ horeca bieden mogelijkheden voor de kleine kernen en hun ommeland. De recreatieve dooradering met aantrekkelijke vrijliggende fiets- en wandelroutes in het Groene Hart wordt verbeterd door toevoeging van nieuwe paden die de kernen en het landschap verbinden. Specifiek worden sloten en slootkanten natuurvriendelijk beheerd (levendige boerensloten), worden erfbeplantingen en kleine landschapselementen hersteld en wordt gewerkt aan ecologische verbindingen en stepping stones. Vrijkomende agrarische bebouwing biedt op sommige plekken nabij de kernen kansen voor kleinschalige recreatieve initiatieven in het landelijke gebied.
Versterken kernkwaliteiten waarden en veenweidegebieden: Benadrukken oriëntatie van het landschap, de openheid, blok- en strokenverkaveling (Cope), petgaten, laan- en erfbeplantingen. Ontwikkeling op de stroomruggen en in de linten met oog voor passende maat en schaal en doorzichten en behouden rust en stilte en recreatieve waarde Extra landschapselementen: 125 ha Extra natuurkerngebied: 120 ha Groene contourgebied: 238 ha Extra recreatieve verbindingen: 257 ha Mogelijke meekoppelkansen: groenblauwe diensten, energiewinning, project waterberging Willeskop Water: Waterberging, tegengaan bodemdaling en voorkomen watertekort veenweidegebied, levendige boerensloten, overstromingsveiligheid rivierengebied, project wateraanvoer Groene Hart (KWA) Landbouw: natuurinclusieve landbouw en mogelijkheden voor verbreding, nieuwe teelten, tegengaan bodemdaling Cultuurhistorie: agrarisch landschap5 met eigen signatuur zoals verkaveling, laan en erfbeplantingen en kleine landschapselementen
2 6
7 3 7
7 7
49
Bijlage Toelichting op de kaarten-set De bijgaande kaarten-set bestaat uit:
vanuit het landschap kan worden bereikt Kaart 5: groene scheggen in en rondom het stedelijke gebied van de metropoolregio Utrecht Kaart 6: indicatie van de zoekgebieden voor verstedelijkingslocaties binnen het REP Kaart 7: aanduiding van gebieden waar de wens is om recreatief groen te ontwikkelen Kaart 8: gebieden waar veel opgaven lijken samen te komen en waar mogelijke meekoppelkansen liggen vanuit verstedelijking en water & klimaat. Het is wenselijk om in de toekomst meer gebiedsgerichte meekoppelkansen toe te voegen uit de andere REP pijlers Economie, RES, wonen, mobiliteit.
Kaart 0: Een onderlegger kaart met daarin het feitelijk bestaande Groen en Landschap en bestaande NNN en groene-contourgebieden, recreatiegebieden en stilte/weidevogelgebieden. Vervolgens een aantal kaartlagen die een gewenst raamwerk 2040 vormen voor Groen en Landschap op hoofdlijnen en het schaalniveau van de U16. Hiermee wordt de schaalsprong gemaakt, beredeneerd vanuit landschap en cultuurhistorie, de ecologische logica, recreatieve wensen van betrokken U16 partijen en geraadpleegde stakeholders, opgaven voor de landbouw en klimaat. Dit raamwerk is getekend op basis van de inbreng van gemeenten, provincie, waterschappen en stakeholders. Het raamwerk wordt gevormd door de kaartlagen:
Tot slot is de kaarten-set compleet met Kaart 9: een kaartlaag met zeven gebiedsgerichte opgaven. In deze 7 intergemeentelijke opgaven kan het raamwerk 2040 worden verdeeld in logisch samenhangende sets van verbindingen en kerngebieden voor recreatie, natuur en wateropgaven.
Kaart 1a: bestaande langzaam verkeer routenetwerk U16 en enkele ontbrekende schakels. Kaart 1b: groenblauwe verbindingen en regionale routes Kaart 1c: bestaande, geplande en gewenste fiets-ducten (bruggen of tunnels), ecoducten en faunapassages Kaart 2: nieuw toe te voegen kerngebieden natuur Kaart 3: water en klimaatopgaven Kaart 4: buitenpoorten: de OV locaties waar
Bijlage
Deze kaartenset dient de volgende doelen: >
50
Het is het voorstel vanuit GROEN EN LANDSCHAP ten behoeve van de REPintegratie naar een IRP. De kaarten helpen mee om (meekoppel-) kansen in beeld te brengen voor mogelijke sleutelopgaven waar groen,
> >
landschap, water energie en verstedelijking elkaar raken in de U16. De kaartenset wordt benut om een beter gekwantificeerd ruimtebeslag en zicht op kwalitatieve samenhang te verkrijgen De kaartenset is de weerslag van een ontwerpverkenning en een discussie over de onderzoeksvragen en helpt die te beantwoorden.
Ten behoeve van de kwantificering is aan de kaartelementen van de kaartenset een nummer of letter gegeven welke verwijst naar een excel tabel (zie bijlage) met daarin naam beoogd doel, type element en omvang (ha/km). Dit wordt gebruikt voor de berekening van het ruimtebeslag.
Deze kaart is (nog) GEEN ONTWERP OF PLAN, omdat er nog niet in een gebiedsproces en nog niet integraal is ontworpen. Onderlegger, raamwerk en gebiedsopgaven vormen samen 1 hoofdkaart. Dit is de uitgewerkte versie van het Ontwikkelbeeld uit 2019. De elementen uit het Ontwikkelbeeld Groen en Landschap (2019) zijn hierin precies in kaart gebracht: de landschappelijke basis van Utrechtse Trots, het U16 netwerk van de groene routes en verbindingen, de groene scheggen en de landbouwgebieden. Het eerder beschreven ‘Landschap van de toekomst’ met een mix aan functies zoals dat in het Ontwikkelbeeld is geagendeerd, kan nu nog niet exact worden gelokaliseerd en is dus geen onderdeel van deze kaartenset. Dit kan pas in het REP proces gebeuren als de opgaven voor verstedelijking, de transitie van de landbouw en energie, mobiliteitsopgaven en klimaatopgaven met elkaar worden verbonden tot integrale gebiedsconcepten. In het REP-IRP wordt duidelijker waar de landschappen van de toekomst zullen ontstaan.
51
Berekening ruimtebeslag Om het benodigde ruimtebeslag in te schatten van de schaalsprong Groen en Landschap is stapsgewijs het volgende voorwerk uitgevoerd. 1.
2.
3.
4.
Daarbij maken we gebruik van ideale dwarsprofielen in maat en schaal, zoals geschetst in de illustratieve uitwerking/ casestudy van het Ontwikkelbeeld (2019). Daarin wordt aangegeven dat ecologische verbindingen tenminste 30 m breed zijn en dat voor een recreatieve route 75 m geschikt is. Het gemiddelde hiervan is ca 50 m. Daarom is in de berekening uitgegaan van groenstroken van gemiddeld 50 meter breed langs de verbindingen.
We tekenen op basis van de vertrekpunten, de inbreng van gemeenten en van stakeholders een robuust groenblauw raamwerk 2040 op de schaal van U16. Deze kaart is opgebouwd uit kaartlagen die in deze rapportage zijn opgenomen. Dit groenblauwe raamwerk bestaat uit groene routes/verbindingen en uit groene scheggen. De kaart bevat ook de potentiële verstedelijkingslocaties (zoekgebieden) uit het REP en water/klimaatopgaven.
Voor snelfietsroutes is uitgegaan van groene bermprofielen van 10 meter breed. Voor recreatie en voor natuur worden ook nieuwe aaneengesloten kerngebieden geadviseerd van 10, 30, 100 ha (20, 60, 100 voetbalvelden groot)2.
De verbindingen (voor fietsen en wandelen en ecologische verbindingen) lopen langs de belangrijkste wateren die door de U16 stromen. Ook gaat het hier om snelfietsroutes en om verbindingen langs de belangrijke cultuurhistorische structuren van de waterlinies en lustwarande. Het gaat immers om de hoofdlijnen met een overstijgende betekenis op U16 niveau. Er is direct gebruik gemaakt van de studie van Track Landscape uitgevoerd in project ‘Utrecht Buiten’ (2019).
We benoemen een aantal nieuw te realiseren grote kunstwerken als fietsbruggen en -tunnels en ecoducten en kleinere faunapassages om infrabarrières te overbruggen. Voor slootkantbeheer gaan we uit van gemiddeld 4 m brede stroken (2m aan beide oevers) langs het grootste deel van de waterkanten in de U16 met aangepast beheer (geen transformatie dus). Momenteel is dergelijk slootkantbeheer voor circa 20% van de 10.000 km slootoevers al de normale praktijk.
De aanwezigheid van het fijnmazige en goed dekkende netwerk van ommetjes, klompenpaden, voetpaden en het (provinciaal) fietsnetwerk is belangrijk. Dit is evenwel niet gebruikt voor de ruimtebeslag-berekening van de schaalsprong. Dit netwerk zal tzt via de gebiedsgerichte uitwerkingen binnen Groen Groeit Mee worden versterkt met het hier gepresenteerde programma.
2. Voor een ecologisch kerngebied is ca 30 ha gewenst. Een stadspark is ca 10 ha groot, een zandwinplas met recreatie meet ongeveer 70100 ha (Henschotermeer, Haarrijnse plassen) en een groot stadspark als het Zuiderpark in Rotterdam, of het Maximapark is rond 150 - 200 ha groot.
We vertalen het getekende raamwerk in hectares en kilometers verbindingen en kerngebieden voor natuur en recreatie: de programmatische GROEN EN LANDSCHAP opgave.
Bijlage
52
Principe profielen van een recreatieve groenverbinding (bovenste) en van een ecologische verbindinge (onderste)
53
vanuit de woonomgeving snel en makkelijk bereikbaar zijn. In het RSU wordt de ‘15 minuten stad’ genoemd, doel: in 15 minuten ben je bij het groen en dan bij voorkeur met de fiets.
Overzicht van de aannames bij berekeningen +30% Over-dimensionering recreatief groen in lijn met over-dimensionering woningaantallen 50 m Gemiddelde breedte ecologische verbindingen en groene verbindingen incl. fiets/wandelpad 10 m Gemiddelde bermbreedte snelfietspad 50% percentage reeds gerealiseerde groene verbindingen in U16 gebied 30 ha Omvang elk nieuw natuurkerngebied 2-5 km Afstand van recreatief groengebied tot de woonkern 75% Percentage van oppervlakte U16 ten opzichte van hele provincie Utrecht 20% Aantal van de ca 2.500 erven in U16 waarvan erfbeplanting wordt hersteld a 2.500 m2 5.
Toedeling recreatief groen naar gebiedsopgaven. De benodigde 715 ha recreatief groen wordt verdeeld over de groene scheggen. Daarbij wordt gestreefd naar een combinatie met een natuuropgave. Hoeveel ha elke scheg krijgt toebedeeld, hangt af van het aantal woningen dat in of nabij deze scheg worden onderzocht in het REP. Hierbij is gebruik gemaakt van de indicatieve aantallen zoals gehanteerd in de Contour REP met een bandbreedte tussen de Kaart van Altijd en de Kaart van Alles, waarin met een overmaat van 30% in woningaantallen is gerekend. De ‘groenimpuls’ per scheg wordt zo dicht mogelijk bij een nieuwe stedelijke verdichtingslocatie een plek gegeven. Dat kan in relatief kleine clusters van 5 tot 70 ha tot grote groengebieden van meer dan 70 ha. Zo wordt voldaan aan het principe dat recreatiegebieden
Bijlage
6.
Het getekende raamwerk 2040 voor de schaalsprong Groen en Landschap is voor een deel al fysiek en aanwezig in de U16. AANNAME: we gaan ervan uit dat van het getekende raamwerk van verbindingen en natuurkernen 50% al fysiek aanwezig is.
7.
De meeste delen die nog niet fysiek bestaan, zijn wel al onderdeel van het beleid van de gemeenten. De vertaling naar hectares is hier belangrijk zodat de beleidspijlen ook daadwerkelijk worden vertaald in échte natuurgebieden of échte recreatiegebieden.
8.
Een aantal getekende structuren in het raamwerk zijn noch in beleidsdocumenten, noch in de werkelijkheid aanwezig. Dit betreft dan een nieuwe opgave voor de U16.
9.
De hectares die we berekenen zijn EQUIVALENTEN die we vervolgens toerekenen aan deelgebieden. In het IRP en de daarbij horende ruimtelijke uitwerking van de gebiedsopgaven dienen deze nader te worden ingevuld. Middels gebiedsprocessen kan dit leiden tot daadwerkelijke ontwerpen en plannen.
10. Voor alle duidelijkheid: de kaart is een HULPMIDDEL om het ruimtebeslag in te schatten en GEEN ONTWERP OF PLAN, omdat er nog niet in een gebiedsproces en nog
54
niet integraal is ontworpen. We hebben met de best beschikbare informatie en expertise deze kaart getekend, maar een pijl kan dus best als ecologische corridor op een andere plek terechtkomen of in de vorm van stepping stones worden gerealiseerd en een scheg kan een iets andere begrenzing krijgen. 11. De totaalsom van nieuwe hectares Groen en Landschap is het benodigde ruimtebeslag van de schaalsprong Groen en Landschap U16. Dit U10 Programma Groen en Landschap zal de komende 20 jaar gelijktijdig en in samenhang vorm moeten krijgen met de groei van woningen, bedrijven, energievoorzieningen en infrastructuur. Het doel van deze schaalsprong is een gezonde en biodiverse regio.
55
Vertrekpunten onderzoek Het Ontwikkelbeeld Groen & Landschap uit 2019 is als vertrekpunt genomen. De kwantitatieve inschatting die in het Ontwikkelbeeld wordt geschetst, is verder uitgewerkt.
>
De GIS-beleidskaarten die zijn gemaakt bij het Ontwikkelbeeld, zijn gebruikt voor de basiskaart. Voor Vijfheerenlanden is extra GIS informatie toegevoegd over cultuurhistorie, natuurgebieden en weidevogelgebieden. Deze informatie was in 2019 nog niet voorhanden.
De ontwikkeling van de landbouw is niet primair de focus van deze uitwerking. Wel is gezocht naar groen- en landschapsontwikkeling die past bij de verschillende gebieden en (kleine) kernen, ook waar landbouw de hoofdfunctie heeft. Vormen van stadslandbouw of kringlooplandbouw zijn meegenomen bij de gebiedsgerichte opgaven voor Groen en Landschap.
Bij het beantwoorden van de onderzoeksvragen zijn de volgende thema’s meegenomen: >
>
De energie-opgave maakt geen deel uit van het onderzoek. Wel behoort de inpassing van energiewinning (energielandschappen) tot een opgave bij het versterken van Groen en Landschap.
Groene routes en (stad-land-) verbindingen en groene scheggen tussen/in/langs stad en land en het realiseren van ecologische verbindingen (meer dan louter het NNN). De benodigde vergroting en versterking van bestaande natuur- en recreatiegebieden en de toevoeging van nieuwe gebieden.
Bijlage
Water en klimaatadaptatie zijn onderdeel van deze opgave. Het waterschap doet mee in het projectteam. Ook cultuurhistorie speelt een belangrijke rol en is onderdeel van Groen en Landschap.
56
Werkproces Dit project is uitgevoerd tussen juli en november 2020. Onder regie van een compact kernteam zijn de 16 gemeenten, de provincie Utrecht en de waterschappen nauw betrokken. Via een vraag per mail zijn concrete gebiedswensen voor 2040 opgehaald bij deze partijen.
Alle toegeleverde informatie en kennis is door BVR verwerkt tot de huidige kaarten-set met een toelichting en presentaties aan de bestuurlijke kopgroep en de Bestuurlijke Tafel Groen en Landschap op 30 september (tussenstand) en op 25 november 2020 (eindproduct).
Parallel is een verdiepingsslag uitgevoerd via online overleggen met een werkgroep van gemeentelijke ecologen en experts op gebied van recreatie. Op 27 augustus zijn onder leiding van BVR twee fysieke werksessies gehouden met respectievelijk vertegenwoordigers van de stakeholders en de gemeenten. Het ging om twee deelsessies met elk circa 25 deelnemers om op persoonlijke titel met ons mee te denken, en de uitwerking te verrijken. Het ging niet om een formele inspraak of vertegenwoordiging van een specifiek belang, dat zal later in REP verband plaatsvinden. Het gezelschap was beperkt ivm de corona maatregelen maar kon fysiek plaatsvinden.
57
Een greep uit de inbreng door gemeenten en stakeholders Aan de 16 gemeenten en de provincie en waterschappen zijn de volgende vragen voorgelegd: 1.
2.
Wat is je top-3 van wensen voor het realiseren van een concrete (en bij voorkeur op korte termijn te realiseren) gebiedsgerichte groenblauwe opgave in jouw gemeente, waardoor Groen en Landschap worden versterkt? Het mag gaan over recreatie, natuur, cultuurhistorie, landschap. Misschien is er wel een groenproject wat al jaren op de kaart staat en een vurige wens is om te realiseren. Geef het aan ons door. Het liefste met een concrete aanduiding op de kaart, maar het mag ook in tekst of met een plandocument Welke droom over Groen en Landschap in de U16 moet in 2040 echt zijn gerealiseerd en welk knelpunt moet zijn opgelost?
‘‘
Een greep uit de bijdragen in de werksessies: > Uit de gesprekken met stakeholders blijkt dat het financieren van grote groengebieden complex is. In de huidige tijd wordt voor een belangrijk deel uitgegaan van lokale verdienmodellen om Nationale Parken Nieuwe Stijl te ontwikkelen, landschappen te versterken of te onderhouden. De drukte op de Utrechtse Heuvelrug loopt tegen de grenzen aan van natuur en recreatievoorzieningen echter het gebied is van Nationaal belang en de bezoeker is een verdienmodel. > Om te beginnen is zonering en routering van belang. De businesscase voor groen en landschap kan worden gebaseerd op een lokaal verdienmodel óf gedragen door publieke middelen. Dat is een strategische keuze en zal een verschillend eindbeeld opleveren. > Bezoekers in de U16 van natuur- en recreatiegebieden kunnen globaal in 3 groepen worden ingedeeld: de toeristische bezoeker van buiten de U16, de recreant uit direct aangrenzende gemeenten en recreanten uit de overige gemeenten van de provincie. Veelal wordt voor het bezoek aan de natuur en recreatiegebieden de auto gebruikt. De inwoner van Utrecht gebruikt vaker de fiets om naar een natuur of recreatiegebied te gaan. > Dit gedrag per groep pleit ervoor om de groene
De reacties hierop zijn divers en variëren van echt concrete gebiedsgerichte wensen tot algemene beleidsdoelen. Alle reacties zijn waardevol voor het vervolg. Een deel was concreet genoeg om te worden verwerkt in de kaartenset. Soms waren de wensen te gedetailleerd om te kunnen tekenen of was het niet van betekenis voor de U16 als geheel. Soms waren de wensen te algemeen om op kaart te kunnen tekenen. Op 27 augustus heeft ook een kleine selectie van stakeholders een bijdrage geleverd. Dit is verwerkt in de kaarten en deze toelichting. De opmerkingen zijn in een paar rondes verwerkt door BVR.
Bijlage
58
>
>
>
>
verbindingen voor voet, fiets en OV in de U16 te optimaliseren en om groengebieden direct rondom de kernen dicht bij stedelijk gebied te realiseren. Daarmee worden bezoekers uit de regio dichtbij de woonomgeving opgevangen, en daarmee verleid om de auto te laten staan hetgeen bijdraagt aan een spreiding van recreatieve druk en gezond bewegen. Veel recreatie is routegebonden. Door de groene (fiets/wandel) verbindingen te verbeteren/ realiseren en te koppelen aan pleisterplaatsen wordt in de hele U16 ingespeeld op de toenemende vraag naar buitenrecreatie. Aquathermie zorgt voor een interessante combinatie van de energietransitie, natuurontwikkeling en landbouw. Gebied met veel waterlopen nabij stedelijke kernen is hier bijzonder geschikt voor. Zorg ervoor dat je er snel onderzoek wordt gedaan waar aquathermie mogelijk rendabel kan zijn/gekoppeld kan worden aan ontwikkelingen (WKO). In de omgeving van Montfoort en Oudewater is het zichtbaar maken van de Oude Hollandsche Waterlinie een kans om ook een natuurlijke verbinding te creëren. Zorg dat de boscompensatie van stedelijke ontwikkelingen in de regio in de gebieden landt waar je aan de grootste landschappelijke structuren wilt werken. De omgeving Rijnenburg/ Hollandsche IJssel is zo’n gebied. Evenals het afronden van de opgave in Haarzuilens en Laagraven.
De Ronde Venen: in het gebied Stelling van Amsterdam maken beide metropoolregio’s
>
>
59
aanspraak op de groene recreatieruimte (dubbeldruk). De scheggen vragen om een principe uitwerking met daarin aandacht voor donkergroene knopen voor natuur, lichtgroene knopen voor recreatie, vlakken met diverse functies en lijnen die het geheel verbinden. Zonder scheg geen stedelijke ontwikkeling en andersom. De scheggen mogen geen knellende band zijn om stedelijk gebied waar niks meer mogelijk is. In de getekende scheggen komt het juist aan op een zorgvuldig ontwerp waarin stedelijke uitbreiding en groen en landschap worden gecombineerd. De fietsbereikbaarheid moet (veel) beter in de scheggen. Routes liggen nu vaak langs autoinfrastructuur. Ontwikkeling moet gericht zijn op zelfstandige veilige routes die de stad met het buitengebied (en het zwemwater) verbinden. Routes door de scheggen verbinden de stad en de wijken via de scheggen met het landschap. Intensieve delen ontwikkelen zich tot stads- en landschapsparken met sport en recreatie als de hoofdfunctie. Extensieve delen vormen een veelzijdig landschap waar ook juist plaats is voor (bestaande en nieuwe vormen van) landbouw, natuur etc. Het ‘park Lingezegen’ bij Arnhem wordt daarbij als voorbeeld genoemd. Steden moeten zich ontwikkelen als spons om klimaatrobuust te worden. Elke ingreep in de stad moet daar aan bijdragen: minder verharding, groen dooradering, meer groen. Zo wordt water vastgehouden en temperatuur gedempt.
’’
Bronnen Fietsroute Nieuwe Hollandse Waterlinie: https://nieuwehollandsewaterlinie.nl/route/opfietsvakantie-langs-de-waterlinie/
Bestuurlijke tafel Groen en Landschap U10, Ontwikkelbeeld Groen en Landschap; vijfde pijler groen en landschap - het aanbod aan de U16, BVR adviseurs 2019
Fietsroute Oude Hollandse Waterlinie: 1. https://www.fietsnetwerk.nl/fietsroutes/hetmiddeleeuwse-gevoel-rond-ijsselstein/?routeId=58 c68041b001a 2. https://www.fietsnetwerk.nl/fietsroutes/ fietsroute-woerden-en-omstreken/?routeId=5991a e09ad7c53 3. https://www.fietsnetwerk.nl/fietsroutes/langsde-lange-linschoten/?routeId=5b20d4a257bc7
Bestuurlijke tafel Groen en Landschap U10, verdieping groene routes, groene scheggen, Landschap van de Toekomst; casestudy Ontwikkelbeeld Groen en Landschap, BVR adviseurs 2019 Nationaal Geo-register, GIS data provincie Utrecht Caringfarmers, Natuur en Milieufederatie Utrecht, tien puntenplan gemeenten stimuleren kringlooplandbouw, Utrecht 2020 Panorama Nederland, Rijk Boerenland, Commissie van Rijksadviseurs 2019 Provincie Utrecht, Utrecht Buiten. Met onderzoek van Track Landscapes (2019) Fietsroute Stelling van Amsterdam: https://www.route.nl/fietsroute/117989/ontdek-destelling-van-amsterdam-op-de-fiets
60
Disclaimer Deze rapportage bevat een kaartenset en een toelichting daarop. De kaartenset is zo volledig mogelijk gemaakt als mogelijk binnen het bestek van de opdracht. Er is gebruik gemaakt van de voorhanden zijnde informatie en expertkennis. Deze kaartenset dient de volgende doelen: > Het is het voorstel vanuit groen en landschap ten behoeve van de REP-integratie naar een IRP. Het brengt (meekoppel-) kansen in beeld voor mogelijke sleutelopgaven waar groen, landschap, water energie en verstedelijking elkaar raken in de U16. > De kaart wordt benut om een beter gekwantificeerd ruimtebeslag en zicht op kwalitatieve samenhang te verkrijgen. Het ruimtebeslag is op basis van beschikbare informatie, aannames en expert judgements berekenend op een niveau wat past bij het niveau van de andere pijlers. > De kaart is de weerslag van een ontwerpverkenning en een discussie over de onderzoeksvragen en helpt die te beantwoorden. Deze kaart is (nog) GEEN ONTWERP OF PLAN, omdat er nog niet in een gebiedsproces en nog niet integraal is ontworpen.
61
Tabellen berekening Tabellen berekening ruimtebeslag Nummering uit tabellen: zie pagina 62
Opgaven scheggen en versterking gebieden natuur en recreatie
Naamaanduiding
Beschrijving
Mee
1
Blauwe Krans Stelling v Amsterdam
ecodu
2
Polderscheg Woerden-Breukelen
inundatielandschap, forten, polders, plassen, bufferzone Amsterdam-Utrecht, Hollandse Plassen en Natte As Woerden-Breukelen, Oude Rijn-Vechtstreek, stroomrug en veenweide, zwemplas en dagrecreatiegebied
3
Hollandsche Ijsselscheg
4
Waterliniescheg (Houtense VlakteNoorderpark)
Ijsselzone, dooradering zuidelijke regio Utrecht, routeknooppunt en dagrecreatiegebied recreatiegebied Maarschalkerweerd/Houten/Laagraven, forten, landbouw en natuur, slagenlandschap
5
Groene Zoom Vijfheerenlanden
landschap met natuur, landbouw en recreatie
6
Groen Raamwerk Heuvelrug-Lekzone
natuur, fruitteelt en recreatie
7
Agrarisch landschap
lanen en 20% van 2.500 erven a 2.500 m2, landschapselementen, weidepercelen en bodemkwaliteit
7
Levendige boerensloten
slotkantbeheer netwerk van sloten en vaarten,
62
zwem lange ecodu dieren A12 z Rijnen sport, zwem zone/ ecodu ecodu
fruitp uitsta bodem pilot o NOVI
Nummering gebiedsopgaven
1 7
mwater, A12 zone, e Linschoten, ucten in-uitstapplek n zone, water en klimaat, nburg, plan H IJssel , klimaat- en mwater en buffers, A12 /station NHW, ucten/tunnels/bruggen ucten
park Cothen, inapplekken dieren mdaling en klimaat, onderwaterdrainage, gebied
4
3 7 5
6
7
7
ekoppelkansen
ucten/bruggen
2
Oppvl groene contour (ha)
plassen verbinden: moeraszones en struinpaden vergroten en verbinden: extra bos en zwemplas, paden
38
357
89
vergroten en verbinden: extra bos en zwemplas, paden vrijwaren, vergroten en verbinden: extra bos en zwemplas, paden versterken en verbinden: extra waterbuffer bos en moeras en paden verbinden: extra bos en natuurzones met paden versterken en verbinden: oevers en extra erfbeplanting/landcshapselem. 10.000.000
Oppvl impuls 550 ha recreatiegebied (ha)
267
267 267 267
4
Oppvl Oppvl Oppvl impuls Gebieden totaal landschap (ha) (ha) (ha) 10720
45
6409
255
3570
306
8942
42
7203
29
14956 125
29652
125
81452
267
1783
715
63
4000
Concrete groenblauwe verbindingen water+land en stapstenen/gebieden
Natuurkernen
Nr.
Naamaanduiding
Beschrijving
a b
Natte As / Vinkeveenseplassen - Loosdrechtse pl. Kromme Mijdrecht/ Amstelzone
Robuuste verbinding pla oeverzones en moerasb
c d
Lek buitendijks Utrechtse Heuvelrug
Robuuste verbinding uit Robuuste verbinding bo
e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z aa bb cc dd ee ff gg hh ii jj kk ll
Breukelen noord - Oud Aa-Loosdrechtse plassen Breukelen zuid/Heuvelrug Egelshoek - Kockengen - Oude Rijn Oevers boerensloten Kamerik en Bijleveld - zie gebiedsopgave G Lopikerwaard Nwe Wetering-Willeskop-Benschoper wetering en dwars Lopikerwaard lansing wetering en dwars Zouweboezem/polder Achthoven/Ameide/Lek Bolgerijnen - Lek Diefdijk-Linge: zie verbinding 10 Everdingen - Houten Houten noord - ARK Laagraven - Driebergen: zie verbinding 1 De Bilt - Bunnik: zie verbinding 1 Kromme Rijn zuid: zie verbinding 7 Heuvelrug - Sterkenburg-Dwarsdijk- ARK - Lek Heuvelrug - Sandenburg - ARK- Lek Heuvelrug - Amerongwetering Langbroekerwetering A12 zone/Rijnenburg/Rijerscop Hollandsche Ijssel/Oude Rijn Haarrijnseplas/Oud Zuilen Laagraven/Lek Knoop Maarn-Maarsbergen Heuvelrugvallei kanaal Driebergen / Kromme Rijn Doorn / Kromme Rijn Nederrijn / Leersumscheplassen Nederrijn Loosdrechtse Plassen/ Lage vuursche Lek / Diefdijk Kromme Rijn Noord / Rijsburgerwetering Marickenland / Groot Mijdrecht Blauwe Krans Stelling v A. Loosdrechtse Plassen/ Bilthoven Merwedekanaal
moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk natuurlijke oevers en aa moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk bos en waterlopen bos en waterlopen bos en waterlopen moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk moeraszone en bosvakk
I II
moeraszone en bosvakken: elz, es, (knot)wilg kruiden iepen abelenbos met kruidenrijk grasland aansluiting
III IV V VI VII
Natuurkerngebied Kromme Rijn-Odijk Natuurkerngebied Kromme Rijn Midden/Oosteromsedijkje Natuurkerngebied Kromme Rijn Caspargauw natuurkerngebied Rijnenburg Natuurkerngebied Reijerscop Natuurkern Lopikerwaard Natuurkern Diefdijk VHL
0
Buitenpoorten NS stations
Abcoude, Breukelen, Vleuterweide, Woerden, Vaartsc Houten Castellum, Hollandse Rading,
1 2 3
verbinding Nieuwe Hollandse Waterlinie 64 verbinding Stelling van Amsterdam verbinding Oude Hollandse Waterlinie/Groene Hart verbinding flank Heuvelrug/Stichtse
vrijliggend fiets/wandelpad 2 richtingen, groene berm vrijliggend fiets/wandelpad 2 richtingen, groene berm vrijliggend fiets/wandelpad 2 richtingen, groene berm
5
Iepenbos met kruidenrijk grasland griend, moeras en plas moeras, schraalgrasland en plasdras griend, moeras en plas griend, moeras en plas
vrijliggend fiets/wandelpad 2 richtingen, groene berm
Opmerking/meekoppelen
assen en moerassen bosjes
terwaarden ossen
ken ken angepast beheer perceelsranden ken ken ken ken ken ken
ken ken ken ken ken ken ken ken ken ken ken ken ken ken ken ken ken ken ken ken ken ken
dijkversterking NPUH
Lengte (m)
breedte in (m)
opp (m2)
7616 16500
500 500
3808000 8250000
50800 40334
500 500
25400000 20167000
57625000 57,625 5762,5
bodemdaling tegengaan wateraanvoer westNL wateraanvoer westNL dijkversterking dijkversterking NHW NHW
watervraagstuk
6520 24200
50 50
326000 1210000
14600 18600 11900 4300
50 50 50 50
730000 930000 595000 215000
5670 7770
50 50
283500 388500
7672 8834 4420 10900 13600 8510 3400 5430 9011 4040 1780 3050 12000 6050 5300 9160 11300 7700 9190 4200 8800
50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50
383600 441700 221000 545000 680000 425500 170000 271500 450550 202000 89000 152500 600000 302500 265000 458000 565000 385000 459500 210000 440000
Eruit: dubbeling
Eruit: dubbeling Eruit: dubbeling Eruit: dubbeling
NPUH NPUH NPUH NPUH
NPUH NPUH NPUH NPUH NPUH NPUH
247907
12395350 12,40 1239,54
300000 300000 300000 300000 300000
2100000 2,1 210
che Rijn, Bunnik, Driebergen Zeist, Den Dolder,
men en beplantingen, pleisterplaatsen
m2 km2 ha
300000 300000
nrijk grasland en poelen op bestaande bos
men en beplantingen, pleisterplaatsen men en beplantingen, pleisterplaatsen men en beplantingen, pleisterplaatsen
m2 km2 ha
65
87100 23700 67300
50 50 50
4355000 1185000 3365000
27780
50
1389000
m2 km2 ha
I II
Recreatieve verbindingen
moeraszone en bosvakken: elz, es, (knot)wilg kruiden iepen abelenbos met kruidenrijk grasland aansluiting
III IV V VI VII
Natuurkerngebied Kromme Rijn-Odijk Natuurkerngebied Kromme Rijn Midden/Oosteromsedijkje Natuurkerngebied Kromme Rijn Caspargauw natuurkerngebied Rijnenburg Natuurkerngebied Reijerscop Natuurkern Lopikerwaard Natuurkern Diefdijk VHL
0
Buitenpoorten NS stations
Abcoude, Breukelen, Vleuterweide, Woerden, Vaartsc Houten Castellum, Hollandse Rading,
1 2 3
verbinding Nieuwe Hollandse Waterlinie verbinding Stelling van Amsterdam verbinding Oude Hollandse Waterlinie/Groene Hart verbinding flank Heuvelrug/Stichtse Lustwarande verbinding Lekdijken verbinding Kromme Rijn (limes) verbinding Oude Rijn (limes) verbinding Amsterdam Rijn Kanaal verbinding Diefdijk en Linge verbinding Hollandsche IJssel verbinding Vechtzone Rondje Utrecht
vrijliggend fiets/wandelpad 2 richtingen, groene berm vrijliggend fiets/wandelpad 2 richtingen, groene berm vrijliggend fiets/wandelpad 2 richtingen, groene berm
5 6 7 8 9 10 11 12 13
Snelfietsroutes
14
Snelfietsroutes Utrecht - Breukelen
15
Snelfietsroutes Utrecht - Woerden
16
Snelfietsroutes Utrecht - Vianen
17
Snelfietsroutes Utrecht - Culemborg
18
Snelfietsroutes Utrecht - Maarn
19
Snelfietsroutes Utrecht - De Bilt
20
Snelfietsroutes Utrecht - Hilversum
21
Snelfietsroutes Mijdrecht/Breukelen
22
Snelfietsroute Utrecht – Veenendaal
66
Iepenbos met kruidenrijk grasland griend, moeras en plas moeras, schraalgrasland en plasdras griend, moeras en plas griend, moeras en plas
vrijliggend fiets/wandelpad 2 richtingen, groene berm
vrijliggend fiets/wandelpad 2 richtingen, vaarroute, g vrijliggend fiets/wandelpad 2 richtingen, vaarroute, g vrijliggend fiets/wandelpad 2 richtingen, vaarroute, g vrijliggend fiets/wandelpad 2 richtingen, groene berm vrijliggend fiets/wandelpad 2 richtingen, vaarroute, g vrijliggend fiets/wandelpad 2 richtingen, vaarroute, g vrijliggend fiets/wandelpad 2 richtingen, vaarroute, g ommetjes via bestaande paden
comfortabele, veilig fietsroute zoveel mogelijk voorr berm/bomen 10 m comfortabele, veilig fietsroute zoveel mogelijk voorr berm/bomen 10 m comfortabele, veilig fietsroute zoveel mogelijk voorr berm/bomen 10 m comfortabele, veilig fietsroute zoveel mogelijk voorr berm/bomen 10 m comfortabele, veilig fietsroute zoveel mogelijk voorr berm/bomen 10 m comfortabele, veilig fietsroute zoveel mogelijk voorr berm/bomen 10 m comfortabele, veilig fietsroute zoveel mogelijk voorr berm/bomen 10 m comfortabele, veilig fietsroute zoveel mogelijk voorr berm/bomen 10 m comfortabele, veilig fietsroute zoveel mogelijk voorr berm/bomen 10 m
300000 300000
nrijk grasland en poelen op bestaande bos
300000 300000 300000 300000 300000
2100000 2,1 210
che Rijn, Bunnik, Driebergen Zeist, Den Dolder,
men en beplantingen, pleisterplaatsen men en beplantingen, pleisterplaatsen men en beplantingen, pleisterplaatsen
87100 23700 67300
50 50 50
4355000 1185000 3365000
men en beplantingen, pleisterplaatsen
27780
50
1389000
groene bermen en beplantingen, pleisterplaatsen groene bermen en beplantingen, pleisterplaatsen groene bermen en beplantingen, pleisterplaatsen men en beplantingen, pleisterplaatsen groene bermen en beplantingen, pleisterplaatsen groene bermen en beplantingen, pleisterplaatsen groene bermen en beplantingen, pleisterplaatsen
50800 25900 22400 48700 19400 21050 31770
50 50 50 50 50 50 50
2540000 1295000 1120000 2435000 970000 1052500 1588500
425900
21295000 21,30 2129,50
rang, groene
15300
10
153000
rang, groene
15040
10
150400
rang, groene
13930
10
139300
rang, groene
15960
10
159600
rang, groene
20200
10
202000
rang, groene
11900
10
119000
rang, groene
7300
10
73000
rang, groene
14500
10
145000
rang, groene
m2 km2 ha
m2 km2 ha
Eruit: dubbeling. Zie recreatieve verbindingen 5.
114130
1141300 1,141 114,13
SOM TOTALEN
Totaal oppervlakte natuurkernen Totaal oppervlakte recreatief groen bij de woonkernen Totaal oppervlakte groene verbindingen
(Bij 50% van de ha voor verbindingen)
Totaal lengte groene verbindingen
(Bij 50% van de km voor verbindingen)
Totaal oppervlakte landschapselementen/erven
67
m2 km2 ha
210 715
ha ha
1742 394 125
ha km ha
Nummering legenda
68
69
Colofon U16 Ruimtelijke opgave Groen & Landschap 2020-2040 In opdracht van de U16 BVR adviseurs ruimtelijke ontwikkeling December 2020
Aan: Van: Datum: Onderwerp:
colleges van de U16 gemeenten Chantal Broekhuis en Lot van Hooijdonk, in de rol van trekkersduo Groen Groeit Mee, een van de thema’s aan de U -bestuurstafel Groen en landschap 4 februari 2021 informatiebrief programma Groen Groeit Mee
Inleiding Onze regio groeit hard. De ambitie is om deze groei met behoud en versterking van de kwaliteit van groen en landschap te realiseren. Maar ook los van de groei zijn de groene opgaven in onze regio groot. In U10 werken we samen om deze groene opgaven met de groeiopgaven voor wonen, werken en mobiliteit inzichtelijk te maken en ruimtelijk een plek te geven. De schaalsprong van Groen en Landschap van de regio is inmiddels uitgewerkt in een aantal rapporten. Het realiseren van de schaalsprong voor groen en landschap vraagt om een brede samenwerking en de provincie Utrecht speelt daarin een belangrijke rol. De gezamenlijke verkenning van de regio met de provincie heeft de aanzet gegeven voor het (versnellingsprogramma) Groen Groeit Mee. In het programma Groen Groeit Mee werken de drie Utrechtse regio’s (U 6, het Utrechtse deel van Foodvalley en Amersfoort) samen met de vier waterschappen en onder regie van de provincie Utrecht aan de groene opgaven. Doel van het programma is het in balans brengen van rode en groene ontwikkeling. Het programma Groen Groeit mee moet zorgen voor een stevige positionering van groen. Onderstaande waarden vormen de basis voor de opgave van Groen Groeit Mee:
Toegankelijk groen Duurzame landbouw Veerkrachtige natuur Beleefbaar landschap Zichtbaar water
Voor de U10 regio zijn de deelrapporten voor het REP zoals het rapport Ruimtelijke opgave Groen & Landschap U16, de 5e pijler de inbreng in Groen Groeit Mee. Het programma Groen Groeit Mee Uitgangspunt is dat groen een belangrijke kwaliteit is van onze Utrechtse regio en dat ons kwalitatief en kwantitatief hoogwaardige groen en landschap mede de aantrekkingskracht van de regio bepaalt. Om de aantrekkelijkheid van onze regio ook in de toekomst te borgen en onze leefomgeving gezond te houden is het noodzakelijk dat groen meegroeit met de verstedelijking. In Groen Groeit Mee werken we hieraan door groen stevige te positioneren. We doen dit door de ontwikkeling van groen integraal te koppelen aan de groei van de regio. Groen en landschap zijn belangrijk voor een duurzame ontwikkeling van de regio en het speelt een belangrijke rol bij onze gezondheid en de kwaliteit van de leefomgeving. We werken in Groen Groeit Mee aan een vijftal resultaten die we in twee fases verdelen. De eerste fase staat in het teken van verkennen van de opgave en hoe deze te organiseren en te financieren. In de tweede fase komt het programmeren van de opgave meer in beeld. Aan alle drie de regio’s wordt in dezelfde fasering gewerkt.
Fase 1: Dit is de fase waaraan we nu werken en waarvan de resultaten in het voorjaar van 2021 worden opgeleverd. 1. Een inspirerend verhaal Met een kort en krachtig verhaal maken we aan de hand van de vijf waarden het belang van Groen Groeit Mee duidelijk. Hiervoor wordt mogelijke gebruik gemaakt een pamflet en een achterliggende website. De website biedt verdieping en ook de andere resultaten zullen hier uiteindelijk een plek krijgen. De website kan dan meegroeien met het programma. 2. Inventarisatie van de opgaven Een helder overzicht van de groene opgaven is nodig om ruimtelijk te kunnen programmeren. Het overzicht leidt tot een uitvoeringsagenda en een programmering die zorgt voor een gelijke tred met de verstedelijkingsopgaven. Er is geïnventariseerd welke programma’s en projecten al lopen en hoe deze integraal kunnen worden betrokken. Bureau Buiten brengt de opgave in beeld. Voor onze U16 regio zijn de ruimtelijke opgaven in het rapport Ruimtelijke opgave Groen & Landschap U16, de 5e pijler de basis voor deze inventarisatie. 3. Financiering en uitvoeringsinstrumentarium De realisatie van de groene ambities is van essentieel belang, maar financieel een uitdaging. Mogelijke financieringsvormen, bronnen en uitvoeringsinstrumentarium worden door Bureau Buiten in beeld gebracht zodat de opgaven in de volgende fase geprogrammeerd en nader uitgewerkt kunnen worden.
Deze inventarisatie kan gebruikt worden voor een lobbystrategie voor (delen van) Groen Groeit Mee. 4. Governancestructuur In fase werken de drie regio’s, vier waterschappen en de provincie samen om de structuur voor Groen Groeit Mee te ontwikkelen. Er wordt gezocht naar een integrale samenwerking met de lopende programma’s waarbij een of meerdere van de overheden betrokken zijn. Samenwerking met groene organisaties en andere belanghebbenden is belangrijk om de opgave te realiseren. De U16 wordt vertegenwoordigd door twee wethouders mevr. C. Broekhuizen en mevr. L. van Hooijdonk. Zij geven de terugkoppeling naar de bestuurstafel en de afzonderlijke gemeenten en zorgen ervoor dat de inbreng van groen en landschap in het REP/IRP ook een plek krijgt in Groen Groeit Mee. In deze fase wordt ook onderzocht hoe de governance in de fase 2 georganiseerd kan worden, zodat de integrale opgave in de regio’s zo effectief mogelijk opgepakt kan worden.
Fase 2: Door de resultaten van fase 1 samen te brengen ontstaat de vijfde actie, de ruimtelijke programmering van de groene opgaven en projecten. De opgaven uit actie 2 worden ruimtelijk vertaald en er worden projecten benoemd. In deze vervolgstap zullen overheden en belanghebbenden afspraken maken over de (gebiedsgerichte) aanpak.
Resultaat Met Groen Groeit Mee zorgen we ervoor dat groen, zowel kwalitatief als kwantitatief, evenredig meegroeit met wonen, werken, energie en mobiliteit. De vijf groene waarden toegankelijk groen, duurzame landbouw, veerkrachtige natuur, beleefbaar landschap en zichtbaar water zijn hiermee onlosmakelijk onderdeel van de ontwikkeling van de regio. Vervolg In het voorjaar worden de resultaten van fase 1 opgeleverd. Via de bestuurstafel Groen en Landschap en hun bestuurlijke vertegenwoordigers worden de gemeenten geïnformeerd over de voortgang en betrokken bij de uitwerking van de kaders en aanpak voor fase 2. De ruimtelijke programmering van de opgave is mede afhankelijk van de integrale ruimtelijke programmering voor de regio en de fasering die daarin aangebracht wordt. Daarnaast zijn er ook ontwikkelingen op het gebied van landbouw en natuur die via andere programma’s door de provincie opgepakt gaan worden, maar die wel bijdragen aan de genoemde doelen. Wij zien het programma Groen groeit Mee als een kansrijke inzet ten behoeve van behoud en versterking van onze regio.