CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

PR23.094 Vastgestelde begroting 2024 GGD

Vragenuur Lijst ingekomen stukken 29 augustus 2023, gemeente ZeistBij agendapunt: Post derden33.435 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Uit de recente gezondheidsmonitoren jeugd 12-18 jaar en jongvolwassenen blijkt dat dit zich bij jongeren kan vertalen in mentale problemen: verminderde motivatie voor onderwijs, angst, somberheid, eenzaamheid en ook suïcidale gedachten. Daarnaast zien we dat de mentale gezondheid van de jeugd stevig onder druk staat. De groep jongeren waarbij zorgen over hun mentale gezondheid zijn nam tijdens coronaperiode toe. Gezondheidsonderzoek COVID 19 van het RIVM laat recent zien dat het herstel van de mentale gezondheid niet doorzet en het aandeel jongeren dat aangeeft mentale klachten te hebben onverminderd hoog blijft. GGDrU heeft vanuit haar wettelijke takenpakken een belangrijke rol om deze trend goed in beeld te houden en advies te geven over de mogelijkheden voor individuele en collectieve preventie. Wat is er nodig? Momenteel liggen onze grootste zorgen bij de uitvoering van onze wettelijke taken op het basisonderwijs en voortgezet onderwijs. Begroting GGDrU 2024

12

Het basisonderwijs De zorgelijke ontwikkelingen rondom de mentale gezondheid van de jeugd maken zichtbaar dat er aanpassingen nodig zijn in de huidige monitorings- en signaleringsmethodiek in het basisonderwijs. Deze monitorings- en signaleringsmethodiek is een wettelijke vereiste en wordt door geen van de andere partijen in het sociaal domein uitgevoerd, wat het ook een unieke toegevoegde waarde van de GGDrU maakt. Op basis van deze methodiek is het de bedoeling dat we inzicht hebben op zowel individueel als collectief niveau in de gezondheidssituatie van onze kinderen. Dit inzicht is de basis voor het handelen van jeugdartsen en -verpleegkundigen van de GGDrU, maar vooral ook voor andere professionals (scholen, wijkteams) in de keten en voor het maken van beleid. Door de verschuivende problematiek in de gezondheidssituatie van de jeugd voldoet de huidige methodiek niet langer aan de wettelijke vereisten. Het is noodzakelijk niet alleen te focussen op de fysieke gezondheid van de kinderen maar ook op de mentale gezondheid, waarbij een kindgerichte aanpak en contact met ouders centraal staat. Ouderbetrokkenheid en goed contact met ouders vanuit de jeugdartsen en jeugdverpleegkundigen heeft meerwaarde op onder andere het normaliseren van gedrag, demedicaliseren, het vergelijken van ervaringen thuis en op school en biedt mogelijkheid om voorlichting te geven.

Deze slag houdt onder andere in dat we op basis van een nieuwe werkwijze (met meer tijd voor contact met ouders en kinderen en met aangepaste vragenlijsten) adequater kunnen signaleren op psychosociale ontwikkeling. Hierdoor wordt vroegsignalering mogelijk en kunnen we een deel van de problematiek normaliseren, zodat de toestroom naar jeugdzorg waar mogelijk verminderd wordt. En door snel in een vroeg stadium kinderen waarbij wel inzet van jeugdzorg nodig door te verwijzen, zorgen we dat problematiek vroegtijdig wordt opgepakt, en voorkomen we dat problematiek complexer wordt, en het leven van betrokkenen steeds meer wordt belast hierdoor. We zijn dan in staat om onze samenwerkingspartners van relevante informatie en inzichten te voorzien en preventieve interventies op de mentale gezondheid van deze groep (gerichter) in te zetten. Dit op zowel individueel als collectief niveau. We hebben positieve ervaringen op het voortgezet onderwijs met deze manier van werken. De samenwerking met scholen, ouders en ketenpartners verloopt hier goed en we zien dat de vragenlijsten hier effectief werken op bovengenoemde punten. Het voortgezet onderwijs Eén van de wettelijke taken van de GGDrU is het begeleiden van jongeren samen met partners bij ziekteverzuim om langdurig thuiszitten of vroegtijdig schoolverlaten te voorkomen.

Door vroeg te signaleren middels de (enig) bewezen effectieve methodiek voor een integrale aanpak van ziekteverzuim ‘Meer Aandacht Ziekgemelde Leerlingen (MAZL)’ kan dit worden gerealiseerd. Al een aantal jaar overschrijdt het aantal aangevraagde ziekteverzuim trajecten op het voorgezet onderwijs vanuit de scholen in ons werkgebied het budgettair beschikbare aantal trajecten. Daarbij is er ook sprake van toenemende complexiteit van de casuïstiek. In de huidige begroting op het voortgezet onderwijs van de JGZ is beperkt ruimte om ziekteverzuim trajecten op te pakken (1% van het aantal leerlingen 12-18). De vraag vanuit de regio is gemiddeld 3% van de jongeren. Hiermee dreigt een neerwaartse spiraal waarbij ook de druk op andere professionals in de keten kan toenemen en kinderen niet gezien worden waardoor langdurige schooluitval dreigt. Via een structurele investering (door middel van een ophoging van de kindbijdrage) wordt het mogelijk om 3% van de jongeren tot 18 jaar op het voortgezet onderwijs te kunnen begeleiden en erger zoveel mogelijk te voorkomen. In het AB van 5 juli 2023 is besloten in begroting 2024 geen verhoging van de kindbijdrage voor dit onderwerp op te nemen. Wel kunnen gemeenten de extra ondersteuning van jongeren op het voortgezet onderwijs inkopen in de vorm van maatwerk.

Financiële consequenties Voor de uitbreiding van de monitorings- en signaleringsmethodiek in het basisonderwijs is een ophoging benodigd van € 737.000. Dit komt neer op een ophoging van € 3,53 van de kindbijdrage.

Begroting GGDrU 2024

13

5 Andere ontwikkelingen Naast de drie behandelde thema’s die effect zullen hebben op de hoogte van de inwonerbijdrage en de kindbijdrage, zijn ook verschillende factoren van invloed op deze bijdragen.

5.1 De loonindex Deze wordt berekend op basis van de uitgangspunten van de Kaderbrief. Daarin is opgenomen dat de cao en de premieontwikkelingen van het werkgeversdeel worden gevolgd. In deze begroting is gerekend met de cao-voorwaarden uit het definitieve akkoord van 5 april 2023. In de cao wordt uitgegaan een stijging van het salaris met € 240 en daarna 2%. De verhoging is gedifferentieerd. Dat wil zeggen dat er bij de lagere salarisschalen procentueel een hogere stijging wordt doorgevoerd dan bij de hogere salarisschalen. In de begroting 2023-0 hebben we in verband met het destijds ontbreken van een cao 2023 gerekend voor het jaar 2023 met de loonvoet sector overheid à 2,3%. De cao-effecten uit het definitieve akkoord voor 2023, te weten € 240 per medewerker per maand en daarbovenop twee procent loonstijging, zijn verwerkt in deze begroting 2024-0. De cao is geldend tot einde 2023, daardoor is er voor het jaar 2024 gerekend met de loonvoet sector overheid voor het jaar 2024 uit de septembercirculaire 2022 à 4,2%. De effecten op de salarislast zijn in deze begroting verwerkt. Naast bovengenoemde ontwikkeling is ook de mutatie in de werkgeverspremies van invloed op de loonindexatie. Bij de pensioenpremies is de premie inkoop voorwaardelijk pensioen à 3% komen te vervallen per 2023.

De premie voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen is gestegen met 1,4% (werkgeversdeel), per saldo zijn de werkgeverspremies gedaald. Alle effecten op de loonindex samen leiden tot een stijging van de loonkosten van GGDrU van circa € 3,49 miljoen. Gemeenten worden hiervoor in principe gecompenseerd via het gemeentefonds (gemeenten zijn met het Rijk in onderhandeling over compensatie van de hogere kosten in de nieuwe cao).

5.2 De prijsindex Hiervoor wordt uitgegaan van het Bruto Binnenlands Product, zoals opgenomen in de septembercirculaire 2022 van het Gemeentefonds. Bij begroting 2023-0 is gerekend met een prijsindex van 1,9%. Uit de septembercirculaire 2022 blijkt dat de prijsindex voor 2023 is bijgesteld naar 4,9%. Hierdoor passen we een correctie toe à 3%. Voor het jaar 2024 is de prijsindex in de septembercirculaire 2022 2,5% waardoor de totale prijsindex die toegepast wordt in de begroting 2024-0 uitkomt op 5,5%. Dit leidt tot een materiële kostenstijging van circa € 785k. De totale loon- en prijsindexering komt hiermee uit op circa € 4.275K. Dit is hoger dan aangegeven in de kaderbrief, dit wordt veroorzaakt door de verwerking van de caovoorwaarden uit het definitieve akkoord. Gemeenten worden hiervoor in principe gecompenseerd via het gemeentefonds.

5.3 De Wet open overheid Specifiek voor de inwonerbijdrage geldt in 2024 nog een derde factor die van invloed is. Namelijk de toevoeging van de werkzaamheden ten behoeve van de uitvoering van de Wet open overheid (Woo) en daarmee samenhangend de ophoging van de inwonerbijdrage, wat Begroting GGDrU 2024

14

door het AB op 25 januari 2023 is besloten. De Wet open overheid (Woo) regelt het recht op informatie over alles wat de overheid doet. Het is de opvolger van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Vanaf 1 mei 2022 is de Woo in werking getreden. De kosten zijn geschat op € 33.000 en deze worden via een ophoging van € 0,024 verwerkt in de inwonerbijdrage. De gemeenten worden hiervoor in principe gecompenseerd door een verhoging van het Gemeentefonds.

Begroting GGDrU 2024

15

6 Financiën

6.1 Overzicht van baten en lasten 2024 De ontwikkelingen voor 2024 komen samen in één programma Publieke Gezondheid. In de onderstaande tabel presenteren we het overzicht van baten en lasten van de begroting 2024. Daarna splitsen we de begroting op naar de drie inhoudelijke pijlers van de bestuursagenda plus de conform BBV verplichte productgroepen ‘Overhead’, ‘Algemene Dekkingsmiddelen’ en Onvoorzien.

Programma (x € 1.000)

Publieke Gezondheid

Raming 2023-0 Baten

Lasten

Raming 2024-0 Saldo

Baten

Lasten

Saldo

48.151

48.348

-198

56.997

57.699

-701

Geraamde totaal saldo van baten en lasten

48.151

48.348

-198

56.997

57.699

-701

Mutaties reserves Geraamd resultaat

238 48.388

40 48.388

198 -

741 57.739

40 57.739

701 -

Het programma opgesplitst naar inhoudelijke pijlers en de conform BBV verplichte productgroepen geeft het volgende beeld: Programma Publieke Gezondheid (x € 1.000)

Gezonde en veilige leefomgeving Kansrijk opgroeien Langer gezond zelfstandig

Raming 2023-0 Baten

Lasten

Raming 2024-0 Saldo

Baten

Lasten

Saldo

1.875

10.029

-8.154

2.100

11.821

-9.721

-

23.790

-23.790

-

27.247

-27.247

-

2.620

-2.620

-

4.194

-4.194

46.276

-

46.276

54.897

-

54.897

Overhead

-

11.806

-11.806

-

14.315

-14.315

Bedrag onvoorzien

-

104

-104

-

122

-122

Geraamde totaal saldo van baten en lasten

48.151

48.348

-198

56.997

57.699

-701

Mutaties reserves Geraamd resultaat

238 48.388

40 48.388

198 -

741 57.739

40 57.739

701 -

Algemene dekkingsmiddelen

Vennootschapsbelasting Aangezien verwacht wordt dat over de taken, die GGDrU uitvoert, geen winst wordt gemaakt, is in de begroting 2024 een bedrag van € 0 opgenomen aan last voor de vennootschapsbelasting. Onvoorzien In de begroting 2024 is rekening gehouden met een post ‘Onvoorzien’ van € 122.000, waarmee voldaan wordt aan de norm van 0,3% over de totale inwoner- en kindbijdrage (zoals opgenomen in de financiële verordening van GGDrU).

Begroting GGDrU 2024

16

6.2 Ontwikkelingen algemene gemeentelijke bijdrage 2024-2027 De financiële impact van de ontwikkelingen omschreven in de hoofdstukken Arbeidsvoorwaarden – GGDrU als werkgever met voldoende aantrekkingskracht; Informatievoorziening / informatietechnologie (IV/IT) - conform wettelijk eisen en ontwikkelingen; Jeugdgezondheidszorg (JGZ) – borging wettelijke taak signalering en screening en Andere ontwikkelingen vertaalt zich in een mutatie van de inwonerbijdrage (IWB) en kindbijdrage (KB), welke in de volgende tabellen uiteen zijn gezet. IWB Loon Prijs Aantrekkelijke Woo 2023-0 index index werkgever MN-gemeenten (m.u.v. Eemnes) € 6,007 0,435 0,098 0,024 0,374 Gemeente Eemnes € 5,728 0,415 0,093 0,024 0,374 Gemeente Utrecht * € 3,967 0,288 0,065 0,024 0,374 * Bedrag is exclusief de bijdragen voor Epidemiologie en Gezondheidsbevordering Gemeente

Gemeente MN-gemeenten

KB 2023-0 € 129,457

Loon index 9,385

IT/IV Strategie 0,292 0,292 0,292

IWB 2024-0 € 7,230 € 6,927 € 5,009

Prijs Aantrekkelijke IT/IV Mentale index werkgever Strategie gezondheid 2,110 3,681 2,876 3,532

KB 2024-0 € 151,041

Gemeenten Eemnes en Utrecht Toezicht Wmo hoeft niet verplicht bij GGD’en afgenomen te worden. De gemeenten Eemnes en Utrecht nemen het Toezicht Wmo niet af bij GGDrU. Zij betalen daardoor een lagere inwonerbijdrage. De bijdrage van de gemeente Utrecht wordt daarnaast nog beïnvloed door andere afspraken. Bij de fusie van GGDrU (1-1-2014) zijn afspraken gemaakt tussen de gemeente Utrecht en de 25 gemeenten van Midden-Nederland. Die leiden ertoe dat het basispakket voor de gemeente Utrecht anders wordt uitgevoerd. De grootste verschillen zitten in afspraken rond epidemiologie, gezondheidsbevordering en toezicht WMO. Dit houdt in dat Utrecht deze taken niet bij GGDrU heeft belegd. Tevens betaalt de Gemeente Utrecht geen kindbijdrage, omdat er geen Jeugdgezondheidszorg taken worden afgenomen. Meerjarenperspectief inwoner- en kindbijdragen Het meerjarenperspectief voor het verwachte bedrag aan inwoner- en kindbijdrage per gemeente voor 2024-2027 hebben we inzichtelijk gemaakt (indicatief). Uitgangspunt daarbij zijn de inwoneraantallen en kindaantallen per 1 januari 2022 die voor de begroting 2024 zijn gebruikt. Tevens is de ophoging van inwoner- en kindbijdrage voor de jaren 2025 en 2026 vanuit de vraag rond HR, IV/IT en mentaal welbevinden verwerkt.

Begroting GGDrU 2024

17

Gemeente Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vijfheerenlanden Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Totaal

Aantal inwoners 1-1-2022 158.590 24.876 15.590 22.325 43.508 44.955 9.450 50.323 33.429 30.713 14.512 13.818 64.554 10.159 5.651 20.265 47.113 65.240 361.699 49.981 67.671 58.788 23.921 52.882 13.873 65.987 1.369.873

Aantal kinderen 1-1-2022 33.899 4.739 3.418 5.104 9.175 8.600 1.886 11.395 6.756 6.121 2.960 2.878 11.838 2.018 1.399 4.266 9.181 13.172 9.837 14.764 12.346 4.622 11.195 3.265 13.819 208.653

2024*

2025*

2026*

2027*

6.267 896 629 932 1.700 1.624 350 2.085 1.262 1.147 552 535 2.255 378 252 791 1.727 2.461 1.945 1.847 2.719 2.290 871 2.073 593 2.564 40.746

6.475 926 650 963 1.757 1.678 362 2.154 1.304 1.185 570 552 2.331 391 260 817 1.785 2.543 2.071 1.909 2.809 2.366 900 2.142 613 2.650 42.163

6.685 956 671 994 1.814 1.733 374 2.223 1.347 1.224 589 570 2.407 404 269 844 1.844 2.626 2.198 1.971 2.900 2.443 930 2.212 633 2.736 43.595

6.751 966 678 1.004 1.832 1.751 378 2.245 1.360 1.236 595 576 2.431 408 271 852 1.862 2.652 2.220 1.991 2.929 2.467 939 2.234 639 2.763 44.031

* bedragen * € 1.000 nb 1: Kindaantal gemeente Utrecht onvermeld aangezien de gemeente geen taken op het gebied van Jeugdgezondheidzorg afneemt bij GGDrU nb 2: Bijdrage gemeente Utrecht is inclusief de liaisonbijdrage gezondheidsbevordering en epidemiologie

Begroting GGDrU 2024

18

6.3 Bijdragen en vergoedingen per gemeente 2024 In het volgende overzicht staan de verwachte gemeentelijke bijdragen voor wettelijke-, intensivering van wettelijke taken, collectieve taken en maatwerk. In bijlage 4 is per gemeente de gedetailleerde weergave neergezet.

Wettelijke taken

Intensivering wettelijke taken

1.511

52

5.271

977

7.811

Baarn

222

15

743

196

1.176

Bunnik

162

1

530

62

755

Bunschoten

187

11

783

131

1.111

De Bilt

407

4

1.435

114

1.961

De Ronde Venen

422

10

1.341

251

2.025

Eemnes

84

6

292

51

434

Houten

464

24

1.756

177

2.422

IJsselstein

304

12

1.049

174

1.539

Leusden

274

8

950

129

1.361

Lopik

144

1

456

94

696

Montfoort

133

5

444

106

688

Nieuwegein

550

12

1.853

464

2.878

Oudewater

98

2

316

83

500

Renswoude

52

-

215

9

275

Rhenen

176

-

658

59

893

Soest

416

19

1.430

211

2.076

Stichtse Vecht

617

14

2.045

434

3.109

Gemeente Amersfoort

Utrecht

Collectieve taken

Totale bijdrage 2024-0

Maatwerk

1.945

113

213

851

3.121

Utrechtse Heuvelrug

471

19

1.539

131

2.160

Veenendaal

583

-

2.268

239

3.090

Vijfheerenlanden

558

48

1.908

399

2.912

Wijk bij Duurstede

215

9

716

87

1.026

Woerden

492

11

1.740

414

2.657

Woudenberg

140

9

504

56

708

Zeist

Totaal gemeenten

623

84

2.168

229

3.104

11.248

488

32.624

6.131

50.491

Niet-gemeentelijke opbrengsten

7.208

Totaal Bijdrage begroting 2024-0

57.699

Bedragen x € 1.000,-

Begroting GGDrU 2024

19

6.4 Autorisatie vervanging activa In 2022 hebben we de meerjarige investeringskalender geactualiseerd. Op basis hiervan is de investeringsbehoefte voor de periode 2024 tot en met 2027 opgenomen. Alle bedragen zijn gebaseerd op prijspeil 2024. Autorisatie van de investeringskredieten vindt plaats door middel van vaststelling van de begroting en begrotingswijziging. In de onderstaande tabel zijn de extra aan te vragen investeringskredieten (kolom ‘mutatie krediet 2024’) opgenomen inclusief de verwachte vervangingsinvesteringen voor de komende periode. Investeringsoverzicht

Krediet

Investeringen

(x€ 1.000)

ultimo-2023

2024

Meerjarige investeringsprojecten - Bedrijfsgebouwen Utrechtseweg 3-5/Velduil Amersfoort Totaal Bedrijfsgebouwen

Mutatie Saldo Krediet 2024 Krediet 2024

Inv.*

Inv.*

Inv.*

2025

2026

2027

42 42

-

-

42 42

-

-

-

467

50

-

30

30

70

500 315 1.282

50 600 700

335 335

417 450 50 917

50 575 125 780

50 100 180

160 325 555

1.324

700

335

959

780

180

555

Reguliere vervangingsinvesteringen - Machines, apparaten en installaties (medische) Apparatuur - Overige materiele activa Inventaris Automatisering - Vervoersmiddelen Totaal vervangingsinvesteringen * inv. = verwachte Investeringen

Totalen

Met de bovenstaande vervangingsinvesteringen komen we uit op een consistente meerjarige afschrijvingslast. Afschrijvingsstaat (x € 1.000)

- Bedrijfsgebouwen - Machines, apparaten en installaties Installaties Apparatuur - Overige materiele activa Inventaris Automatisering - Vervoersmiddelen Totaal

Begroting GGDrU 2024

Afschrijving 2024

Afschrijving 2025

Afschrijving 2026

Afschrijving 2027

193

193

193

193

135 79

135 82

134 86

134 89

209 459 25 1.100

201 463 25 1.100

206 456 25 1.100

200 459 25 1.100

20

6.5 Meerjarenraming 2024-2027 De gecomprimeerde meerjarenraming van het programma Publieke Gezondheid is gebaseerd op de pijlers uit deze begroting. Er is geen rekening gehouden met toekomstige ontwikkelingen. Programma (x €1.000)

Raming 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Publieke Gezondheid

Baten 56.997

Lasten Saldo Baten Lasten Saldo Baten Lasten Saldo Baten Lasten Saldo 57.699 -701 59.492 59.452 40 61.368 61.328 40 62.523 62.483 40

Geraamde saldo Mutaties reserves Geraamd resultaat

56.997 741 57.739

57.699 40 57.739

-701 59.492 59.452 701 40 - 59.492 59.492

40 61.368 61.328 -40 40 - 61.368 61.368

40 62.523 62.483 -40 40 - 62.523 62.523

40 -40 -

6.6 Overzicht van incidentele baten en lasten De begroting 2024-0 is gebaseerd op structurele baten en lasten. Daarbij worden de maatwerkafspraken met gemeenten voor de vorm als structureel gecategoriseerd. Uiteraard zijn gemeenten autonoom in het bepalen van de omvang van het maatwerk. Onderstaande twee tabellen geven de incidentele lasten en onttrekkingen uit de reserves weer en het structurele begrotingssaldo. Incidentele Baten & lasten ( x € 1.000)

Raming Raming Raming Raming 2024 2025 2026 2027

Incidentele lasten Aanbesteding en Implementatie DD-JGZ Uitvoering Monitor Volwassenen en senioren Nu niet zwanger 2023-2026 Rookvrij leven Soesterkwartier 2023-2025 GOR-Corona monitor Jeugd, Jong volw, volw/sen 2022-2025 Strategische uitwerking IT/IV Totaal incidentele lasten

225 200 469 166 71 200 1.331

469 117 48 634

190 190

-

Incidentele baten Nu niet zwanger 2023-2026 Rookvrij leven Soesterkwartier 2023-2025 Corona monitoren Jeugd, Jong volw, volw/sen 2022-2025 Totaal incidentele baten

469 166 71 706

469 117 48 634

190 190

-

Reserves Onttrekking bestemmingsreserve 'Aanbesteding nieuw DD-JGZ' Onttrekking bestemmingsreserve 'Monitor Volwassenen' Strategische uitwerking IT/IV Totaal incidentele mutaties reserves

225 200 200 625

-

-

-

-

-

-

-

Geraamd incidenteel resultaat

Begroting GGDrU 2024

21

Uit de tabel is te halen dat er in de begroting meerjarig een aantal projecten uitgevoerd gaan worden waar incidentele financiering voor beschikbaar is. We sturen erop dat voor de uitvoering van deze projecten geen meerjarige structurele financiële verplichtingen uit voortvloeien. Raming Raming Raming Raming 2024 2025 2026 2027

Structureel & Incidenteel begrotingssaldo (x € 1.000)

Saldo baten en Lasten Toevoegingen en onttrekkingen reserves Begrotingssaldo na bestemming Incidenteel begrotingssaldo Incidenteel saldo baten en Lasten Incidentele toevoegingen en onttrekkingen reserves Geraamd incidenteel resultaat Structureel begrotingssaldo Structureel saldo baten en Lasten Structurele toevoegingen en onttrekkingen reserves Structureel begrotingssaldo

-701 701 -

40 -40 -

40 -40 -

40 -40 -

-625 625 -

-

-

-

76 -76 -

40 -40 -

40 -40 -

40 -40 -

6.7 Beleidsindicatoren Conform de regeling beleidsindicatoren gemeenten van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 24 maart 2016 moeten onderstaande beleidsindicatoren in de programmaverantwoording van GGDrU worden opgenomen.

Omschrijving

Eenheid

Inwoners per 1-1-22 Apparaatskosten Apparaatskosten per inwoner

aantal € 1.000 €

1.369.873 14.168 10,34

Formatie (exclusief inhuur) Formatie per 1.000 inwoners

Fte Fte

492 0,36

Bezetting (exclusief inhuur) ultimo 2022 Bezetting per 1.000 inwoners

Fte Fte

517 0,38

Kosten inhuur derden Loonsom (exclusief overige personeelslasten) Kosten inhuur derden in % van loonsom

€ 1.000 € 1.000 %

3.325 41.121 8,1%

Overhead Totale lasten Overhead in % van totale lasten

€ 1.000 € 1.000 %

14.168 57.739 24,5%

Begroting GGDrU 2024

Score

22

7 Inhoudelijke pijlers Echte gezondheidswinst is alleen te behalen wanneer partijen uit het sociaal domein, de fysieke omgeving en het (publieke) zorgdomein regionaal samenwerken. Door een brede gezamenlijke en structurele aanpak van preventie wordt een beweging in gang gezet die leidt tot gezondere mensen in een gezondere maatschappij. Daarmee draagt GGDrU met een collectieve aanpak bij aan individuele gezondheid. Pijlers De bestuursagenda 2023-2027 legt inhoudelijke accenten op de werkzaamheden die we vanuit onze maatschappelijke opgave (zoals uit de Wet publieke gezondheid) doen voor de komende vier jaar. Het bestuur GGDrU focust vanuit regionale samenwerking op drie inhoudelijke pijlers: • Een gezonde en veilige leefomgeving • Kansrijk opgroeien • Langer gezond zelfstandig Kansengelijkheid is een thema dat als een leidend principe wordt gezien binnen al deze pijlers. Daarnaast is het van belang om een veerkrachtige organisatie te zijn en te blijven om te kunnen anticiperen op de uitdagingen van nu en de toekomst, uitgaande van onze bestaande en wettelijke taken. Daarom is de Wendbare en vitale organisatie toegevoegd als vierde pijler.

Ieder team en medewerker van GGDrU draagt een steentje bij aan alle pijlers en prioriteiten en heeft daarnaast een duidelijke focus.

Begroting GGDrU 2024

23

7.1 Een gezonde en veilige leefomgeving Wat willen we bereiken? GGDrU staat voor inwoners die wonen, leven, naar school gaan en werken in een veilige omgeving waar aandacht is voor gezondheid en elkaar. Waar bedreigingen van de publieke gezondheid worden gesignaleerd en bestreden. Waar maatschappelijke onrust en schade tijdens incidenten worden voorkomen en beperkt. Daar werken wij elke dag aan. Om ervoor te zorgen dat er een veilige en gezonde leefomgeving is, willen we dat: - Inwoners, gemeenten en zorginstellingen ons weten te vinden voor advies - De voorbereiding op rampen en crises op orde is - Adequaat wordt opgetreden bij kleine en grote incidenten - Gezondheid is meegenomen in ruimtelijke plannen van alle gemeenten - Bedreigingen van de publieke gezondheid worden gesignaleerd, geanalyseerd en waar voor kwetsbare doelgroepen preventieactiviteiten worden opgezet.

Wat doen we daarvoor? We helpen de inwoners van de regio Utrecht zich te beschermen tegen infectieziekten en schadelijke omgevingsfactoren, zoals luchtverontreiniging. Tegen ziekten die je kunt oplopen als je op reis gaat, tegen seksueel overdraagbare aandoeningen en tegen de gevolgen van een calamiteit. Deze gezondheidsbeschermende taken vinden hun basis in de Wet op Publieke gezondheid (WPG). In 2024 werken we aan een gezonde en veilige leefomgeving door een breed pakket aan taken. Milieu en gezondheid Onze taken bestaan uit: - Het signaleren van voor de gezondheid van inwoners ongewenste situaties - Het gevraagd en ongevraagd adviseren van een gemeente over onderwerpen in relatie tot een gezonde leefomgeving. Het gaat over onderwerpen als lucht, hinder (geluid en geur), bodem, straling, klimaat - Het beantwoorden van vragen, klachten en meldingen van inwoners en instellingen (scholen, woningcorporaties) over het hele spectrum van milieu en gezondheid. Metingen die de GGD nodig acht voor het beoordelen van de melding, vallen ook onder de basistaak - Het geven van voorlichting over de relatie tussen gezondheid en de fysieke leefomgeving. - Ondersteuning geven bij en adviseren over incidenten rond milieu en gezondheid. Het gaat meestal om de zogenaamde koude fase van een incident (voorlichting en nazorg).

Daarnaast adviseert GGDrU over gezondheidsrisico’s tijdens een ramp met het interregionaal GAGS piket (gezondheidskundig adviseur gevaarlijke stoffen).

Begroting GGDrU 2024

24

In 2024 zetten we vanuit Milieu en gezondheid vooral in op: • Aansluiten bij omgevingstafels van gemeenten. Per 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking en is gezondheid een belangrijk criterium in de weging van ruimtelijke plannen • Onder de aandacht brengen en het ondertekenen van het Schone Lucht Akkoord bij gemeenten in onze regio. De lucht in Nederland is namelijk vrijwel overal ongezond • Het stimuleren en ondersteunen van gemeenten bij het opstellen van een lokaal hitteplan. Het aantal hittegolven neemt toe. In een lokaal hitteplan staan mensen uit de samenleving centraal die extra kwetsbaar zijn voor hitte • Het versterken van de samenwerking met regionale ketenpartners, om op die manier beter aan te kunnen sluiten op de wensen van gemeenten

Infectieziektebestrijding Infectieziektebestrijding heeft als doelstelling dat zorgprofessionals en inwoners in regio Utrecht weten hoe zij zich kunnen beschermen en hoe zij de verspreiding van ziektes kunnen voorkomen. En dat gemeenten weten welke preventieve interventies zij kunnen inzetten voor gezondheidsbescherming. Hierbij horen de volgende taken: • Bestuurlijke advisering en publieksvoorlichting • Surveillance, onderzoek en monitoring • Opleiden • Bron & contact onderzoek en uitbraakmanagement • Testen en vaccineren • Infectiepreventie en technische hygiënezorg Pandemische paraatheid De afgelopen drie jaar stond Covid-19 in de landelijke aandacht. Deze crisis heeft het belang van infectieziektebestrijding (IZB) laten zien. In 2023 vindt de transitie van het Coronabedrijf naar de reguliere GGDrU plaats en in 2024 is het Coronabedrijf volledig geïntegreerd in de reguliere GGD organisatie. In 2023 en 2024 zal de landelijke beleidsagenda die vanuit het rijk is geïnitieerd, ‘Versterking infectieziektebestrijding en pandemische paraatheid (VIP) GGD-en’ ook vormgegeven worden binnen GGDrU. Dit programma, dat bij alle GGD-en vorm moet krijgen, bestaat uit vijf pijlers: 1. Kwetsbaarheden wegnemen voor pandemische paraatheid 2. Versterken van (boven) regionale monitoring en surveillance 3. Versterken van de wetenschappelijke kennisinfrastructuur infectieziektebestrijding 4.

Samenwerken op bovenregionaal niveau 5. Slim én versneld opleiden. Vanuit deze tijdelijk landelijke VIP middelen voor 2023 en 2024 zullen de grootste kwetsbaarheden worden opgepakt, zodat GGD’en kunnen zorgen beter geëquipeerd zijn om onze rol op het gebied van infectieziektebestrijding kwalitatief beter uit te voeren. Ook om daarmee goed voorbereid te zijn op een mogelijke lauwe en warme fase bij een infectieziekte-uitbraak met (potentieel) bovenregionale of landelijke impact. In de afgelopen jaren (COVID 19 en MPOX) is duidelijk geworden dat het medisch dossier van IZB en de surveillance applicaties bij grote uitbraken van onvoldoende kwaliteit zijn. Dit wordt landelijk opgepakt en bij deze ontwikkeling zullen wij aangesloten moeten blijven.

Begroting GGDrU 2024

25

Het team Infectieziektebestrijding zal de komende periode hierin samenwerken en kennis delen met ketenpartners zoals de Landelijke Functionaliteit Infectieziektebestrijding (LFI), andere GGD-en, academische werkplaatsen, het RIVM, zorginstellingen, de 26 gemeenten en het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Om kwetsbaarheden weg te nemen neemt GGDrU nieuwe professionals (in opleiding) aan, zetten we preventieactiviteiten op, zullen er projecten IZB starten en bewaken we de kwaliteit. Dit kunnen we doen vanuit deze incidentele gelden in 2023 en 2024. Bedoeling is structurele rijksfinanciering vanaf 2025. Of dat wordt gerealiseerd en welke bedragen dit dan zou betekenen is onzeker. Dit brengt risico met zich mee rondom de borging van deze ontwikkelingen die nodig zijn. Meer duidelijkheid vanuit VWS over structurele financiering wordt verwacht in de Rijksvoorjaarsnota tbv begroting 2024, voorzien in mei 2023. In 2024 zetten we met infectieziektebestrijding vooral in op: • Meer data-gedreven infectieziektebestrijding, waardoor we beter gebruik maken van informatie uit registraties. Dit biedt kansen voor vroegsignalering, kwaliteitsverbetering en verantwoording • Signaleren en bestrijden van bepaalde infectieziekten, zoals vogelgriep, streptokok bacterie en schurft. We zien dat deze ziekten steeds vaker voorkomen • Realiseren pandemische paraatheid binnen GGDrU.

Binnen dit onderdeel zal ook aandacht zijn voor de risico’s van zoönose (infectieziekte die van dier op mens kan overgaan) • Het bieden van ondersteuning op het gebied van infectiepreventie aan instellingen waar dit onvoldoende is geborgd binnen de instelling zelf • Infectiepreventieactiviteiten die in het bijzonder zijn gericht op kwetsbare doelgroepen, waaronder het toegankelijk maken van informatie • Herontwikkeling van de vaccinatiezorg, met als doel een infectieziekten breed centrum, gericht op preventie, behandeling en vaccinatie • Het geven van infectiepreventie adviezen bij evenementen, tattoo- en piercingshops, en seks- en relaxinrichtingen. Tuberculosebestrijding (TBC) Een belangrijke taak tuberculosebestrijding is het screenen van risicogroepen zoals immigranten en asielzoekers die Nederland binnenkomen uit landen waar veel tuberculose voorkomt en het doen van bron- en contactonderzoek. 16% van de gevallen van longtuberculose wordt gevonden door de screening van deze risicogroepen door het team tuberculosebestrijding. Ook in de zorg voor groepen patiënten met tuberculose, waarvoor veelal de reguliere zorg en hulpverlening minder toegankelijk is, speelt dit team een belangrijke rol. De behandelresultaten liggen al jaren boven de WHO grens van 85%.

In december 2019 hebben de 7 DPG-en in het Regionaal Expertisecentrum (REC) Noordwest Nederland de intentie uitgesproken toe te werken naar een organisatievorm van één Autonoom Tuberculose Zorgcentrum (ATZ/centrumorganisatie) en Mobiele Tuberculose Teams (MTT’s). In het REC werken de GGD’en van Amsterdam, regio Utrecht, Zaanstreek Waterland, Kennemerland, Hollands Noorden, Flevoland en Gooi en Vechtstreek samen. Voor een toekomstig bestendige tuberculosebestrijding is bundeling van kwaliteit en concentratie van expertise noodzakelijk. Daarnaast is er behoefte aan regionale verankering en een goede decentrale uitvoering. We werken hier in 2024 verder naar toe. In 2024 zetten we met TBC bestrijding vooral in op: • Screenen en behandelen van TBC • Bovenregionale samenwerking voor een toekomst bestendige tuberculosebestrijding • Klantgerichte aanpak van onze diensten.

Begroting GGDrU 2024

26

Bestrijding van seksueel overdraagbare aandoeningen (soa) We bevorderen en beschermen de seksuele gezondheid van de inwoners in regio Utrecht. Dat gebeurt door het opsporen en bestrijden van seksueel overdraagbare aandoeningen (soa) en het signaleren van seksuologische problematiek. De expertise is gericht op het bevorderen van seksueel gezond gedrag bij jeugd en volwassenen. We bieden spreekuren voor inwoners, die een hoog risico lopen op soa en trainen en ondersteunen scholen bij het geven van relationele en seksuele vorming. De taken van het team Seksuele Gezondheid worden tot 2024 voornamelijk gefinancierd uit landelijke subsidieregelingen zoals de subsidie Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg (ASGregeling), de subsidieregeling PrEP en de Stimuleringsregeling Relaties en Seksualiteit (R&S). Gemeenten financieren daarnaast een deel via de inwonersbijdrage en het maatwerk. De ASGsubsidieregeling zal in 2024 verankerd worden in de Wet Publieke Gezondheid. GGDrU biedt PrEP-zorg om te voorkomen dat mensen hiv oplopen. Alle plekken vanuit de landelijke PrEP-regeling zijn ingevuld. Op de wachtlijst voor PrEP-zorg stonden 1 februari 2023 nog 469 personen. De landelijke PrEP-pilot loopt af medio 2024. Het ministerie van VWS beslist in de loop van 2023 over het continueren van de PrEP-zorg na afloop van de pilot.

Gemeente Utrecht investeert in 2023 en 2024 € 250.000 in extra plekken voor PrEP-zorg en ASG. Financieel knelpunt bij ASG-regeling nog niet opgelost Het huidige landelijk budget en de verdeelsleutel over de GGD-en blijft vooralsnog hetzelfde en zal voor dezelfde doeleinden ingezet worden. Dat maakt dat regio Utrecht blijft kampen met een te laag budget voor de uitvoering van de ASG. Mede dankzij lobbywerk door GGDrU zal VWS de ASG-regeling evalueren en onder meer de verdeelsleutel onderzoeken. Om de taak met de beperkte middelen zo passend mogelijk uit te voeren, is de keuze gemaakt meer outreachend te werken om meer kwetsbare groepen te bereiken, ten koste van spreekuurplekken op de poli-locaties. In 2024 zetten we met seksuele gezondheid vooral in op: - Seksualiteitshulpverlening, testen en behandelen van soa bij kwetsbare groepen en groepen met een hoog risico. Dat doen we anoniem en gratis. We waarschuwen partners en voorkomen de verspreiding van soa’s - Bieden van PrEP-zorg (met medicatie om HIV te voorkomen) - Ondersteunen van scholen bij relationele en seksuele vorming. Forensische geneeskunde (FG) De FG omvat drie deelgebieden met verschillende opdrachtgevers: • Lijkschouw. Het geven van een objectief medisch oordeel over feitelijke doodsoorzaken.

De financiering van deze taak ligt bij gemeenten • Forensisch medisch onderzoek (FMO) vindt onder andere plaats in opdracht van de politie en het Openbaar Ministerie (OM). Dit is bijvoorbeeld het zedenonderzoek, bemonstering bij slachtoffers van misdrijven, bloedafnames in het kader van de Wegenverkeerswet (WvW) en beoordeling insluiting en vervoer van arrestanten. In 2024 zal geconcretiseerd worden op welke wijze GGDrU eventueel in samenwerking met Medtzorg, deze taken gaat uitvoeren. De financiering voor deze taken ligt bij de politie. • Medische zorg voor arrestanten (MAZ) vindt plaats in opdracht van de politie. 22 GGDen in Nederland voeren deze taak op dit moment al uit; GGDrU voert deze taak nu (nog) niet uit. De politie gaat mogelijk opnieuw proberen om de medische arrestantenzorg in 2024 aan te besteden. Het is daarom nu nog onduidelijk of GGDrU in de toekomst de MAZ taken in de regio Utrecht gaat uitvoeren. Bij onze collega’s van Flevoland en Gooi & Vechtstreek worden wel MAZ taken uitgevoerd. De in 2023 gemaakte samenwerkingsafspraken tussen de GGD-en Flevoland en Utrecht hebben geleid tot verdergaande samenwerking met betrekking tot de uitvoering van de forensische geneeskundige taak op het niveau van de politie regio Midden-Nederland. Begroting GGDrU 2024

27

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13044413/1