CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

PR23.074 Wijziging gemeensch. regeling AVU

Vragenuur Lijst ingekomen stukken 26 juni 2023, gemeente ZeistBij agendapunt: A-post derden11.567 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

HOOFDSTUK 5

Financiële bepalingen

Artikel 27 Geldmiddelen De geldmiddelen van het openbaar lichaam worden gevormd door: a. de deelnemersbijdrage op basis van de vastgestelde begroting; b. overige inkomsten. Artikel 28 Bijdrage van de deelnemers 1. De deelnemers leggen de door hun aan het openbaar lichaam verschuldigde bijdrage voor de diensten die het openbaar lichaam verleent, vast in hun begroting. 2. De deelnemers verplichten zich periodiek, conform een door het dagelijks bestuur vastgesteld facturatieschema zoals opgenomen in bijlage II bij deze regeling te voldoen, een evenredig met de vastgestelde periode voorschot op de door hen verschuldigde bijdragen, zoals deze zijn vastgelegd in de begroting van het openbaar lichaam. Artikel 29 Treasury en administratie 1. Het algemeen bestuur stelt voorschriften vast ter zake van de treasury en administratie.

Versie 10 2018, vastgesteld op 12 december 2018

Pagina 9 van 18

2. Het algemeen bestuur wijst één of meer registeraccountants aan voor de controle op de treasury en administratie. 3. Het algemeen bestuur stelt regels vast met betrekking tot de controle. Artikel 30 Tarieven 1. Het algemeen bestuur stelt de tarieven van overslag, transport naar de verwerkingsinrichting, verwerking en eventuele andere werkzaamheden vast per categorie afvalstoffen. 2. Een commissie als bedoeld in artikel 14 lid 6 van deze regeling kan een aanbeveling met betrekking tot deze tarieven doen. 3. De tarieven zijn per categorie afvalstoffen voor alle gemeenten gelijk, tenzij het algemeen bestuur anders besluit, waarbij in beginsel als uitgangspunt geldt dat voor gelijk afgenomen diensten gelijke tarieven gelden. 4. Bij de categorie-indeling, als bedoeld in lid 1 van dit artikel, en de daarvoor geldende tarieven, wordt - voor zover nodig - onderscheid gemaakt naar de mate waarin de ter verwerking aangeboden afvalstoffen een voorbewerking hebben ondergaan. Artikel 31 Begroting en jaarstukken De begroting, de begrotingswijzigingen, de meerjarenraming, de jaarrekening en het jaarverslag worden ingericht overeenkomstig artikel 198 van de Gemeentewet en het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten.

Artikel 32 Kaders Het bestuur zendt voor 1 februari van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële en beleidsmatige kaders ter kennisneming aan de gemeenteraden van de deelnemers. Artikel 33 Ontwerpbegroting 1. Het dagelijks bestuur stelt jaarlijks voor 15 april voorafgaande aan het begrotingsjaar de ontwerpbegroting vast. 2. In de ontwerpbegroting zijn de bedragen, die voor iedere deelnemer afzonderlijk worden geraamd aan de hand van de door de deelnemer op te geven geraamde te leveren hoeveelheden afvalstoffen, voor iedere deelnemer afzonderlijk opgenomen. 3. De ontwerpbegroting wordt ten minste acht weken voordat het algemeen bestuur de begroting vaststelt aan de gemeenteraden van de deelnemers toegezonden. De gemeenteraden worden in de gelegenheid gesteld hun zienswijzen op de ontwerpbegroting ter kennis te brengen van het algemeen bestuur. 4. De bij de ontwerpbegroting behorende toelichting bevat voor elke begrotingspost de gronden waarop de raming van inkomsten en uitgaven berust en wijst, ingeval van aanmerkelijk verschil met de raming van het vorige jaar, de oorzaak daarvan aan. 5.

De ontwerpbegroting wordt samengesteld op de grondslag, dat de exploitatiekosten van het openbaar lichaam volledig moeten worden bestreden, op basis van het daarbij jaarlijks vast te stellen, door de deelnemers geschatte, totaal van de te ontvangen hoeveelheden afvalstoffen.

Artikel 34 Begroting 1. Het algemeen bestuur stelt de begroting vast in het jaar voorafgaande aan dat waarvoor zij dient. 2. Het algemeen bestuur zendt de begroting binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór 1 augustus van het jaar voorafgaande aan het jaar waarop de begroting betrekking heeft, aan gedeputeerde staten.

Versie 10 2018, vastgesteld op 12 december 2018

Pagina 10 van 18

3. Het algemeen bestuur zendt de begroting binnen twee weken na de vaststelling aan de gemeenteraden van de deelnemers, die ter zake bij gedeputeerde staten hun zienswijzen naar voren kunnen brengen. 4. Het begrotingsjaar is het kalenderjaar. Artikel 35 Begrotingswijziging 1. Besluiten tot wijziging van de begroting kunnen tot uiterlijk het eind van het desbetreffende begrotingsjaar worden genomen. 2. Op besluiten tot wijziging van de begroting zijn de artikelen 33 lid 3 en 34 lid 3 van overeenkomstige toepassing, met uitzondering van die wijzigingen waarbij geen verandering wordt gebracht in de bijdrage van de deelnemers. Het algemeen bestuur is bevoegd die begrotingswijzigingen vast te stellen zonder de gemeenteraden in de gelegenheid te stellen een zienswijze in te brengen. Artikel 36 Jaarrekening en jaarverslag 1. Het algemeen bestuur legt over elk begrotingsjaar verantwoording af aan de colleges van de deelnemers over het gevoerde beleid, onder overlegging van de jaarrekening en het jaarverslag. 2. Het algemeen bestuur stelt de jaarrekening en het jaarverslag vast in het jaar volgende op het jaar waarop ze betrekking hebben. De jaarrekening betreft alle baten en lasten van het samenwerkingsverband. 3. In de jaarrekening wordt voor elk van de deelnemers het over het desbetreffende jaar werkelijk verschuldigde aandeel opgenomen.

Dit aandeel wordt bepaald aan de hand van de werkelijke exploitatiekosten van het openbaar lichaam en de aangeleverde hoeveelheden afvalstoffen. 4. Binnen twee maanden na vaststelling van de jaarrekening vindt verrekening plaats van het verschil tussen het, op grond van de begroting betaalde en het op basis van de rekening verschuldigde bedrag. 5. Het dagelijks bestuur zendt voor 15 april van het jaar na afloop van dat waarvoor de jaarrekening dient, de voorlopige jaarrekening ter kennisneming aan de gemeenteraden van de deelnemers. 6. Het algemeen bestuur zendt de jaarrekening binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór 15 juli van het jaar volgende op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, aan gedeputeerde staten. 7. De vaststelling van de rekening strekt het dagelijks bestuur tot decharge, behoudens later in rechte gebleken valsheid in geschrifte of andere onregelmatigheden. Artikel 37 Nakoming verplichtingen deelnemers Het bepaalde in de artikelen 193 tot en met 195 van de Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing. Artikel 38 Archief 1. Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de archiefbescheiden van het openbaar lichaam overeenkomstig een door het algemeen bestuur, met inachtneming van de Archiefwet 1995, vast te stellen regeling. 2. De directeur is belast met het beheer van de archiefbescheiden. 3.

In geval van toetreding, uittreding van een of meer deelnemers of opheffing van de regeling draagt het dagelijks bestuur zorg voor het treffen van voorzieningen voor de archiefbescheiden.

Versie 10 2018, vastgesteld op 12 december 2018

Pagina 11 van 18

HOOFDSTUK 6

Toetreding, uittreding, wijziging, opheffing

Artikel 39 Toetreding 1. Het college van een gemeente dat wenst toe te treden, dient hiertoe een verzoek in bij het algemeen bestuur. Het college voegt hierbij het besluit tot toestemming van de gemeenteraad als bedoeld in artikel 1, tweede lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen. 2. Toetreding kan geschieden nadat de colleges van de deelnemers en het toetredende college hiertoe eensluidend hebben besloten. 3. Het algemeen bestuur kan algemene en specifieke regels stellen omtrent toetreding. Het besluit hiertoe wordt genomen met een meerderheid van ten minste twee derde gedeelten van de uitgebrachte stemmen. Artikel 40 Uittreding 1. Voor uittreding uit de regeling wordt een opzegtermijn van ten minste één jaar in acht genomen. Gedurende drie jaar na de datum van toetreding tot de regeling is uittreding niet mogelijk. 2. Het college dat wil uittreden brengt zijn voornemen daartoe bij aangetekende schrijven ter kennis van het algemeen bestuur. 3. Alle kosten die de uittreding met zich meebrengt zijn voor rekening van het uittredende college. 4. Het algemeen bestuur bepaalt de hoogte van de uittredingssom bij besluit genomen met een meerderheid van ten minste twee derde gedeelten van de uitgebrachte stemmen. 5. Het algemeen bestuur kan zich bij het bepalen van de uittredingssom laten adviseren door een extern deskundige. 6.

Het algemeen bestuur regelt de overige gevolgen van de uittreding. Artikel 41 Wijziging 1. Het algemeen bestuur kan op eigen initiatief of op verzoek van één of meer colleges van de deelnemers wijziging van deze regeling voorstellen. 2. Het algemeen bestuur zendt het wijzigingsvoorstel aan de colleges van de deelnemers. 3. Wijziging van de regeling vindt plaats indien daartoe wordt besloten door ten minste twee derde van de colleges van de deelnemers. Artikel 42 Opheffing 1. Het algemeen bestuur kan op eigen initiatief of op verzoek van één of meer colleges van de deelnemers opheffing van deze regeling voorstellen. 2. Het algemeen bestuur zendt het voorstel aan de colleges van de deelnemers. 3. Opheffing van de regeling vindt plaats indien daartoe wordt besloten met ten minste twee derde gedeelten van de uitgebrachte stemmen. 4. Het algemeen bestuur gaat, nadat tot opheffing is besloten, over tot de voorbereiding van de liquidatie van het openbaar lichaam en stelt daartoe zo spoedig mogelijk een liquidatieplan vast. Het besluit tot vaststelling van het liquidatieplan wordt genomen met een meerderheid van ten minste twee derde gedeelten van de uitgebrachte stemmen. 5. Het liquidatieplan behelst tevens een sociaal plan. 6. Het algemeen bestuur is belast met de liquidatie.

HOOFDSTUK 7

Slotbepalingen

Artikel 43 Inwerkingtreding Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2019 en vervangt de voorgaande regeling.

Versie 10 2018, vastgesteld op 12 december 2018

Pagina 12 van 18

Artikel 44 Duur Deze regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd. Artikel 45 Inzending en bekendmaking Het college van de gemeente Soest zendt deze regeling aan gedeputeerde staten en maakt deze regeling bekend in de Staatscourant overeenkomstig het bepaalde in artikel 26 van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Artikel 46 Citeertitel Deze regeling kan worden aangehaald onder de titel "Gemeenschappelijke regeling Afvalverwijdering Utrecht" en kan worden afgekort tot GR AVU. Soest, 1 januari 2019, Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Amersfoort,

Mw. H.B. Elbers Secretaris

L.M.M. Bolsius Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Baarn,

A. Najib Secretaris

M.A. Röell Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Bunnik,

G. Veenhof Secretaris

R. van Bennekom Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Bunschoten,

J.F.H. Jennekens Secretaris

M. van de Groep Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente De Bilt,

F.G. Wietses Secretaris

S.C.C.M. Potters Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente De Ronde Venen,

Mw. E.H.M. Schreurs Secretaris

Versie 10 2018, vastgesteld op 12 december 2018

M. Divendal Burgemeester

Pagina 13 van 18

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Eemnes,

Mw. E.L. Ruizeveld de Winter Secretaris

R.A. van Benthem Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Houten,

H.S. den Bieman Secretaris

W.M. de Jong Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente IJsselstein,

E.D. Luchtenburg Secretaris

P.J.M. van Domburg Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Leusden,

Mw. H.W. de Graaf-Koelewijn Secretaris

G.J. Bouwmeester Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Lopik,

Mw. E.T. Halman-van der Linden Secretaris

L.J. de Graaf Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Montfoort,

M.H. van der Veer Secretaris

Mw. P.J. van Hartskamp-de Jong Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Nieuwegein,

Mw. P.J.M. Liebregts Secretaris

F.T.J.M. Backhuijs Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Oudewater,

W.J. Tempel Secretaris

Versie 10 2018, vastgesteld op 12 december 2018

P. Verhoeve Burgemeester

Pagina 14 van 18

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Renswoude,

J. van Dijk Secretaris

Mw. P. Doornenbal-van der Vlist Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Rhenen,

P. Bonthuis Secretaris

J.A. van der Pas Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Soest,

A. Veenstra Secretaris

R. Metz Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Stichtse Vecht,

Mw. A.J. van Hussel Secretaris

Mw. Y.P. van Mastrigt Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht,

Mw. G.G.H.M. Haanen Secretaris

J.H.C. van Zanen Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Utrechtse Heuvelrug,

Mw. M.J.T.H. Havekes Secretaris

G.F. Naafs Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Veenendaal,

Mw. A.P. van de Klift-Buijs Secretaris

G.J. Kats Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Vijfheerenlanden,

Mw. N. van Ameijde-Poortman Secretaris

Versie 10 2018, vastgesteld op 12 december 2018

J.P.J. Lokker Burgemeester

Pagina 15 van 18

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Wijk bij Duurstede,

G.A. Karssenberg Secretaris

T.R. Poppens Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Woerden,

M.H.J. van Kruijsbergen Secretaris

V.J.H. Molkenboer Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Woudenberg,

Mw. S.M.T. van der Marck-Verschoor Secretaris

Mw. T. Cnossen-Looijenga Burgemeester

Het College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Zeist,

H.S. Grotens Secretaris

J.J.L.M. Janssen Burgemeester

Het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling Afval Verwijdering Utrecht,

F.A. van Dijk Secretaris

Versie 10 2018, vastgesteld op 12 december 2018

G.J. Spelt Voorzitter

Pagina 16 van 18

BIJLAGE I

Regio-indeling

Behoort bij de gemeenschappelijke regeling Afvalverwijdering Utrecht. De regio-indeling zoals bedoeld in artikel 6 lid 1 van de regeling is als volgt : Regio I: bestaat uit de gemeenten De Ronde Venen, Houten, IJsselstein, Lopik, Montfoort, Nieuwegein, Oudewater, Stichtse Vecht, Utrecht, Vijfheerenlanden en Woerden; Regio II: bestaat uit de gemeenten Amersfoort, Baarn, Bunschoten, Eemnes, Leusden, Soest en Woudenberg; Regio III: bestaat uit de gemeenten Bunnik, De Bilt, Utrechtse Heuvelrug, Renswoude, Rhenen, Veenendaal, Wijk bij Duurstede en Zeist.

Versie 10 2018, vastgesteld op 12 december 2018

Pagina 17 van 18

BIJLAGE II

Facturatieschema

Behoort bij de gemeenschappelijke regeling Afvalverwijdering Utrecht. De deelnemers zullen conform het hieromtrent gestelde in artikel 28 lid 2 van deze regeling periodiek worden gefactureerd volgens het onderstaande schema. Factuur 1 2 3 4

Periode Eerste kwartaal boekjaar Tweede kwartaal boekjaar Derde kwartaal boekjaar Vierde kwartaal boekjaar

Factuur door AVU verzonden uiterlijk 1 december voorafgaand 1 maart voorafgaand 1 juni voorafgaand 1 september voorafgaand

Versie 10 2018, vastgesteld op 12 december 2018

Pagina 18 van 18

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12887345/1