Nationale+Agenda+Laadinfrastructuur
Tekst van het document
Een drempel is het optimaal kunnen benutten van de experimenteerruimte door de netbeheerder. Afspraak | Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat onderzoeken samen met ElaadNL de mogelijkheden voor grootschalige smart charging experimenten, vooruitlopend op de inwerkingstreding van de AMvB experimenten Elektricteitswet 1998 en Gaswet. Activiteit | Het stimuleren van de gebruiksvriendelijkheid van smart charging. Huidige situatie | Er is vrijwel niets bekend over wat gebruikers motiveert en belemmert en hoe gebruikers gestimuleerd kunnen worden om smart charging-diensten te gebruiken. Voor het succes van smart charging zijn acceptatie en het gebruik van smart charging-diensten essentieel. Benodigdheden | De resultaten van pilots met smart charging moeten verzameld en gedeeld worden. Bovendien moet er onderzoek plaatsvinden naar de prijselasticiteit en moet er dataanalyse van laadprofielen plaatsvinden. Daarnaast moet er een gebruikersonderzoek uitgevoerd worden waarbij de barrières, de drijfveren en de inzet van stimuleringsmaatregelen (doelgroepenanalyse) bestudeerd worden. Een voorlichtingscampagne kan ten slotte bijdragen aan de positieve beeldvorming rondom smart charging.
Afspraak | NKL heeft de regie bij het stimuleren van de gebruiksvriendelijkheid van smart charging en zorgt voor de verbinding met de activiteit “Het ontwikkelen van een sturingsmodel voor smart charging”. Voor de voorlichtingscampagne werkt NKL samen met vereniging DOET, de Vereniging Elektrische Rijd (VER) en de Hogeschool van Amsterdam. Het stimuleren van de gebruiksvriendelijkheid van smart charging start in 2019 en moet in 2021 afgerond zijn.
2. Wetgeving en regulering smart charging ready Wetgeving en regulering staan op bepaalde onderdelen de ontwikkeling en uitvoering van nieuwe marktmodellen voor slim laden in de weg. Hierdoor kunnen kosteneffectieve en efficiënte oplossingen voor de energieketen niet uitgevoerd worden. Deze knelpunten moeten gesignaleerd worden om vervolgens via experimenten en wetgevingstrajecten tot nieuwe regulering te komen. Belangrijke mijlpalen hierin vormen de wetgevingsagenda van de Energiewet 1.0, de reguleringsperiode van het netbeheer en de fiscale wetgeving.
Pagina 40 van 49
| NATIONALE AGENDA LAADINFRASTRUCTUUR |
Activiteit | Onderzoek naar de mogelijkheid van een type netaansluiting waarbij capaciteitssturing mogelijk wordt. Huidige situatie | In de huidige situatie zijn er bandbreedtes van uniforme capaciteitstarieven tot 3 x 80 Ampère. Benodigdheden | Er is behoefte aan een meer dynamische transporttariefstructuur voor kleinverbruikers zodat capaciteitssturing mogelijk wordt. Binnen de Overlegtafel Energievoorziening (OTE) wordt gewerkt aan drie verschillende oplossingsrichtingen voor dit probleem. Drempels | Elektriciteitswet 1998 (inclusief net- en tarievencode), de netcodes, de Wet voortgang energietransitie (VET) en marktregulering door de ACM18. Afspraak | Binnen de Overlegtafel Energievoorziening (OTE) en in het kader van de Energiewet 1.0 wordt de mogelijkheid van een type netaansluiting waarbij capaciteitssturing mogelijk wordt uitgewerkt. Activiteit | Energiebelasting bij bi-directioneel laden. Huidige situatie | |Grid-to-vehicle (G2V) en Vehicle-to-Grid (V2G), oftewel bi-directioneel laden, omvat het afnemen en leveren van stroom aan het elektriciteitsnet uit de batterij van een EV. Deze toepassing is technisch mogelijk en wordt al op meerdere plekken in Nederland toegepast. Bi-directioneel laden leidt tot een wisselende inkoop en verkoop van energie over de netaansluiting.
Iedere keer dat de auto na het ontladen weer wordt opgeladen moet energiebelasting over de geladen kWh worden betaald. Dit belemmert mogelijk de opschaling van tijdelijke energieopslag in batterijen van EV’s. Benodigdheden | Een verdere uitwerking van het onderzoek naar de belemmerende werking van de energiebelasting19 voor brede toepassing van bi-directioneel laden alsmede een verkenning naar fiscaal inpasbare en uitvoerbare oplossingen. Drempels | Het meermaals belasten met energiebelasting bij bi-directioneel laden. Afspraak | Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat, het ministerie van Financiën en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat komen samen met netbeheerders en (brancheverenigingen van) marktpartijen in 2019 met een analyse van de problematiek waarbij zo nodig mogelijke oplossingen gezocht worden voor de werking van energiebelasting bij bidirectioneel laden. Activiteit | Het opstellen van Europese richtlijnen voor V2G laden van elektrische voertuigen. Huidige situatie | Voor V2G laden is nog geen Europese richtlijn beschikbaar. Benodigdheden | Er moet binnen de Europese Unie aangestuurd worden om V2G laden aantrekkelijk te maken. Dit dient onder andere te gebeuren bij de Europese Commissie en de werkgroep Electric Vehicles and the Environment (EVE) van de Europese economische commissie van de Verenigde Naties (UNECE).
Bovendien moet er nagedacht worden over een mogelijke verplichting van V2G laden. Via experimenten kan de waarde van V2G laden voor autofabrikanten (OEM’s) aangetoond worden.
18
Smart Charging van Elektrische Voertuigen – Institutionele knelpunten en mogelijke oplossingen, 26-09-2017 (PwC)
19 Smart Charging van Elektrische Voertuigen – Institutionele knelpunten en mogelijke oplossingen, 26-09-2017 (PwC)
Pagina 41 van 49
| NATIONALE AGENDA LAADINFRASTRUCTUUR |
Drempels | Er moet een oplossing worden gevonden voor de garantiebepaling van autofabrikanten voor batterijen van EV’s. Met V2G laden kan de batterij immers verouderen zonder dat er met het voertuig gereden wordt. Bovendien moet er duidelijkheid komen hoe deze problematiek de Total Cost of Ownership (TCO) van V2G laden beïnvloedt. De OEM’s kunnen anders mogelijk beslissen om de V2G functionaliteit van de batterij uit te schakelen. Afspraak | De RAI Vereniging vraagt de European Automobile Manufacturers Association (ACEA) ACEA om de Europese Commissie en de werkgroep EVE van UNECE aan te zetten tot het opstellen van een Europese richtlijn voor V2G Laden. De werkgroep EVE werkt aan het opstellen van een voorstel voor richtlijnen. Wanneer de richtlijn of verordening door de Europese Commissie vastgesteld zal worden, is nog onbekend. Activiteit | Het creëren van integrale ruimtelijke planvorming rondom laadinfrastructuur en de opwekking van duurzame energie. Huidige situatie | Bij de plaatsing van laadinfrastructuur speelt de capaciteit van het elektriciteitsnet en de locaties van de opwekking van duurzame energie vooralsnog geen rol. Benodigdheden | Er is behoefte aan integrale planvorming op het gebied van smart charging, gekoppeld aan de opwekking van duurzame energie en de ontwikkeling van het elektriciteitsnet.
Dit moet ook bezien worden in relatie tot het creëren van aardgasvrije wijken en andere ruimtelijke ontwikkelingen. Drempels | Het non-discriminatie beginsel uit de Europese richtlijnen dat moet voorkomen dat de netbeheerder misbruik van zijn machtspositie maakt door te discrimineren tussen verschillende afnemers, staat de uitrol van smart charging in de weg. Afspraak | Netbeheer Nederland, VNG en IPO werken samen aan het creëren van integrale ruimtelijke planvorming rondom laadinfrastructuur en de opwekking van duurzame energie. Dit gebeurt binnen de kaders van de nieuwe Omgevingswet die per 1 januari 2021 van kracht wordt en vindt onder meer plaats via de Regionale Energiestrategieën (RES). Activiteit | Het creëren van betere prikkels voor EV-rijders om (duurzame) energie op het juiste moment te gebruiken. Huidige situatie | Het is niet in alle gevallen mogelijk om door een combinatie van voorspelling, bijbehorende energieopwekking en energie-inkoop het potentieel van smart charging te realiseren. Benodigdheden | Zaken die hieraan bij kunnen dragen zijn het inzichtelijk maken van de huidige knelpunten in de energiemarkt, het onderzoeken van de impact van de salderingsregeling en haar opvolger en de fiscaliteit in de elektriciteitsmarkt. Er moeten oplossingen en scenario’s uitgewerkt worden waarbij ook de impact bepaald wordt.
Daarbij dienen ook de te nemen vervolgstappen vastgesteld te worden. Drempels | Nader uit te werken. Afspraak | ElaadNL zal in 2019 onderzoeken wat de knelpunten in de energiemarkt zijn om slim (duurzame) energie te laden en hiervoor mogelijke oplossingsrichtingen in kaart brengen en bespreken met het ministerie van Economische Zaken en Klimaat en het ministerie van Financiën.
Activiteit | Het creëren van cyber security bij de Charge Point Operators (CPO’s).
Pagina 42 van 49
| NATIONALE AGENDA LAADINFRASTRUCTUUR |
Huidige situatie | Een cyber-aanval op de CPO’s kan negatieve gevolgen hebben op de Nederlandse elektriciteitsvoorziening. Op dit moment verwacht men dat CPO’s kwetsbaar zijn voor cyberaanvallen. De genomen beveiligingsmaatregelen zijn niet in verhouding met het elektriciteitsvermogen dat ze besturen. Een aanval op een CPO die honderden megawatts aan vermogen bestuurt, kan waarschijnlijk tot stroomuitval in grote delen van Nederland leiden. Benodigdheden | Er is behoefte aan een ‘Roadmap cyber security EV’. Daarbij moet er aandacht zijn voor het feit dat indien het door CPO’s beheerde vermogen boven een bepaalde grens komt, het laadpalennetwerk als een vitale infrastructuur beschouwd wordt. Hier wordt de NIBrichtlijn (netwerk- en informatieveiligheid richtlijn) van toepassing. Bovendien moeten maatregelen worden genomen en processen ingericht om adequaat te kunnen reageren op mogelijke cyberaanvallen op de laadinfrastructuur. Daarbij kan men denken aan de mogelijkheid tot de afschakeling van de laadinfrastructuur met sturing via de slimme meter. Drempels | De Elektriciteitswet inclusief de netcodes en de Informatiecode Elektriciteit en Gas vormen drempels. Hetzelfde geldt voor de Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen (Wbni).
Afspraak | Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat zorgt ism ElaadNL en andere ministeries dat er in 2020 afspraken zijn gemaakt over cyber security voor de laadinfrastructuur.
3. Ontwikkelen technische architectuur voor smart charging Smart charging vraagt technische oplossingen die deels bestaan en deels nog ontwikkeld moeten worden. De opzet van de technische architectuur voor smart charging hangt sterk samen met het gekozen marktmodel en de ruimte die in dit marktmodel aan marktpartijen geboden wordt om diensten en producten te ontwikkelen. De ervaringen zijn echter nog beperkt. Zo is het aantal ervaringen en toepassingen met bijvoorbeeld gebruikersinteractie en laagspanningcongestiemanagement op één hand te tellen. Het ontbreekt aan sturing, regie en eigenaarschap voor de ontwikkeling van een generieke architectuur. Door de complexiteit van de laadketen – met de aanwezigheid van EV-rijders, serviceproviders, CPO’s, leveranciers, netbeheerders en aggregators – komt dit vooralsnog niet van de grond. Vooral rondom datamanagement bestaat er nog een lacune in het eigenaarschap en de organisatie. Dit zorgt voor kwetsbaarheid omdat datamanagement de kern vormt van slimme energieoplossingen. De algemene perceptie is dat overheden een rol zouden moeten spelen in het creëren van een (onafhankelijke) datainfrastructuur, als centrale spil in de technische architectuur. Activiteit | Het creëren van een technische standaard in de laadpaal.
Huidige situatie | De huidige laadinfrastructuur is niet geheel smart charging ready (privaat, semi-publiek, publiek) en het toepassen van smart charging is slechts op beperkte schaal mogelijk. Benodigdheden | Het is wenselijk om vanaf 2019 een verplichting in te stellen zodat alle nieuwe en bestaande laadinfrastructuur in de openbare ruimte smart charging ready is. Voor de private ruimte is dit – gekoppeld aan een bepaalde vermogensgrens – eveneens wenselijk, dit kan worden bezien bij de implementatie van de EPBD. Dit betekent dat alle huidige laadpalen die niet geschikt zijn voor smart charging, dit in de nabije toekomst wel zouden moeten worden. Hiertoe moeten de minimale smart charging-eisen voor een laadpaal en de smart charging eisen aan de infrastructuur vastgesteld worden. Ten slotte is er onderzoek nodig naar de mogelijkheden om eisen ten aanzien van smart charging (ready) op te nemen in een wettelijke basis.
Pagina 43 van 49
| NATIONALE AGENDA LAADINFRASTRUCTUUR |
Drempels | Het Bouwbesluit is nog niet voorbereid op de uitrol van en kwalitatieve eisen aan laadinfrastructuur. Ook het ontbreken van definitieve standaarden voor smart charging vormt een belemmering voor het toekomstbestendig en Smart Charging geschikt maken van (private, semi-publieke) laadinfrastructuur. Afspraak | VNG, NKL, het ministerie van Binnenlandse Zaken en ElaadNL starten in 2019 gezamenlijk met het oppakken van de geschetste problematiek waarbij de inzet is dat in de periode tot 2030 enkel laadinfrastructuur uitgerold wordt die smart charging ready is. Activiteit | Het creëren van in-home interoperabiliteit. Huidige situatie | De energietransitie brengt de behoefte met zich mee om energiestromen te managen. De consument wil zijn (relevante) elektrische apparatuur – zoals EV’s, warmtepompen, inductiekookplaten, thuisbatterijen en zonnepanelen – in 1 systeem bij elkaar laten komen en automatisch met elkaar laten interacteren. Benodigdheden | Er moet onderzoek plaatsvinden naar de mogelijkheden voor het creëren van in-home interoperabiliteit waarbij ook een verkenning van de architectuuropties plaatsvindt. Aanvullend moeten er praktijkproeven geïnitieerd worden. Drempels | De financiering van het onderzoek en de praktijkproeven vormen een drempel.
Afspraak | ElaadNL, de kennisinstellingen, het Innovatie en Acceleratie Programma elektrisch mobiliteit (IPA eMobility) en de TKI Urban Energy gaan in de periode 2020-2023 aan de slag met het creëren van in-home interoperabiliteit inclusief het bijbehorende onderzoek en de bijbehorende praktijkproeven. Activiteit | Het creëren van een universeel smart city-platform. Huidige situatie | Er is behoefte aan een open en onafhankelijk platform voor uitwisseling van data. Het gaat om data van laadinfrastructuur in relatie tot data uit andere domeinen, oftewel om smart mobility in relatie tot smart energy en smart charging. Benodigdheden | Er is behoefte aan regievoering, standaardisatie en duidelijkheid over het eigenaarschap van de data en het te creëren platform. Drempels | Verschillende steden en bedrijven ontwikkelen smart city-platformen, maar er nog is te weinig afstemming, dit leidt tot een grote diversiteit aan platformen. Afspraak | Gemeenten en provincies gaan in de periode 2020-2025 gezamenlijk aan de slag met het creëren van een universeel smart city-platform.
4. Ontwikkeling open standaarden en protocollen Voor de ontwikkeling van smart charging-oplossingen spelen standaarden en protocollen een essentiële rol. Marktstandaarden zorgen enerzijds voor meer zekerheid en anderzijds voor opschalingsperspectief voor innovaties. Standaarden en protocollen met een open karakter bieden daarbij aan marktpartijen economisch gezien de meeste kansen en leiden tot lagere prijzen en een grotere diversiteit aan innovaties en oplossingen. Activiteit | Het ontwikkelen van open protocollen voor smart charging. Huidige situatie | Het ontwikkelen van open protocollen is een randvoorwaarde om smart charging op grote schaal toe te kunnen passen.
Pagina 44 van 49
| NATIONALE AGENDA LAADINFRASTRUCTUUR |
Benodigdheden | De open protocollen moeten verder ontwikkeld worden. Daarnaast is er behoefte aan normontwikkeling en het maken van marktafspraken zodat de laadinfrastructuur smart charging ready is en ook de cyber security op orde is. Afspraak | De ontwikkeling van open protocollen voor smart charging wordt meegenomen in de bredere afspraken die gemaakt zijn in het kader van “Open Protocollen” zie hoofdstuk 2.
Activiteit | Het creëren van cyber security voor de laadinfrastructuur. Huidige situatie | De huidige laadinfrastructuur is onvoldoende beveiligd en niet betrouwbaar genoeg. Dit maakt de laadinfrastructuur kwetsbaar voor cyberaanvallen. Benodigdheden | Er moeten marktafspraken gemaakt worden over de ontwikkeling van “cyber security requirements” aan laadinfrastructuur. Hiervoor moet de mogelijkheid tot aansluiting bij het European Network for Cyber Security (ENCS) onderzocht worden. Drempels | Cyber security voor laadinfrastructuur wordt binnen de EV-wereld niet als kritisch bestempeld. Afspraak | Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat neemt het voortouw om voor 2020 afspraken te maken over cyber security voor de laadinfrastructuur. Activiteit | Vergemakkelijk digitale uitwisseling van gegevens tussen elektrische voertuigen en laadinfrastructuur. Huidige situatie | De digitale uitwisseling van gegevens over laadinfrastructuur en EV’s is cruciaal voor het functioneren van de smart charging keten. Veel autofabrikanten geven bijvoorbeeld de laadstatus van de batterij (State of charge, SoC) en andere gegevens van de EV’s niet vrij aan virtuele platforms van derden. Dit verhindert de integratie van mobiliteit in het energiesysteem. Benodigdheden | De problematiek omtrent data-uitwisseling moet geadresseerd worden in Europa.
De implementatie van een protocol voor autocommunicatie – bijvoorbeeld ISO 15118 – kan de data-uitwisseling vergemakkelijken. Bovendien moet vastgesteld worden welke data door autofabrikanten toegankelijk gemaakt moet worden voor marktpartijen om hun taak optimaal uit te voeren of om nieuwe diensten en producten te ontwikkelen die de maatschappelijke welvaart maximaliseren. Drempels | De belangen van autofabrikanten vormen een drempel, alsook het feit dat niet helder is of de implementatie overgelaten of opgelegd moet worden aan de markt. Afspraak | Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat gaat de geschetste problematiek adresseren bij de Europese Commissie.
Pagina 45 van 49
| NATIONALE AGENDA LAADINFRASTRUCTUUR |
Bijlage 4: Prognose Laadinfrastructuur Deze bijlage bevat een aantal cijfers uit een prognose van de verwachte behoefte aan laadinfrastructuur voor elektrische auto’s. Deze prognose is uitgevoerd door APPM waarvoor verschillende bronnen en experts zijn geraadpleegd. Disclaimer Een prognose maken van een innovatie als elektrisch rijden gaat gepaard met onzekerheden. Dit is inherent aan een transitie. Verschillende ontwikkelingen in technologie, politiek, markt en onder gebruikers leiden tot een complex samenspel die de diffusie van innovatie kan versnellen en vertragen. Deze prognose van laadinfrastructuur gaat op die manier in beginsel uit van de aannames voor groei van elektrische voertuigen uit Revnext scenario 5B (1,9 mln EV’s in 2030). Wanneer een sterkere of zwakkere groei van elektrische voertuigen wordt aangenomen zal dit tot meer of minder behoefte aan laadpunten leiden. Maar ook binnen scenario 5B van Revnext kunnen ontwikkelingen in bijvoorbeeld technologie, kosten en gebruikersgedrag tot meer of minder behoefte aan laadpunten leiden. Door deze onzekerheid zal voor de toekomstige cijfers voor laadinfrastructuur een koppeling worden gelegd met de ontwikkeling van het werkelijke aantal elektrische auto’s en laadpunten. Daarnaast wordt hieronder de eenheid laadpunt aangehouden (ten opzichte van het ook veelgebruikte laadpaal). Eén laadpunt staat gelijk aan één stekker.
Een thuislaadpaal (of wallbox) staat in vrijwel alle gevallen gelijk aan één laadpunt. Daarentegen staat een publieke laadpaal in de meeste gevallen gelijk aan twee laadpunten omdat de meeste publieke laadpalen twee stekkers hebben (waarmee twee EV’s tegelijkertijd kunnen laden). Een snellaadpaal heeft doorgaans verschillende typen stekkers, waarvan er maar één tegelijkertijd gebruikt kan worden. Een snellaadpaal staat daarom gelijk aan een snellaadpunt. Aantal Laadpunten Voor de berekening van de benodigde laadinfrastructuur is gebruik gemaakt van de studie ‘Toekomstverkenning Elektrisch Vervoer’ van Ecofys en de TU Eindhoven. Scenario 3 uit de Ecofys studie is gekozen als basis voor een prognose. Voor een berekening van het aantal laadpunten is hierbij uitgegaan van het Revnext scenario 5B, met een groeit tot 1,9 mln EV’s in 2030. Hierbij is een verdeling naar de typen laadpunten gemaakt door de typologie van Ecofys om te rekenen naar de typologie zoals RVO.nl die gebruikt. Tot slot is er een correctie toegepast op de aantallen laadinfrastructuur op basis van een verwacht hoger gebruik van snelladers. Dit resulteert in onderstaande tabellen en figuren. De genoemde aantallen zijn laadpunten. 2020
2025
2030
Aantal EV's
166.228
589.355
1.947.946
Aantal laadpunten totaal
222.840
678.657
1.741.500
Privaat
140.545
346.472
773.981
Publiek
34.992
113.386
394.332
Semi-publiek
45.981
215.100
563.448
Snelladen
1.322
3.699
9.740
Tabel 1: Overzicht prognose laadinfrastructuur
Pagina 46 van 49
| NATIONALE AGENDA LAADINFRASTRUCTUUR |
Figuur 3: Aantallen laadpunten per provincie., verdeeld op basis van huidig aantal inwoners en autobezit.
Figuur 4: groei aantal laadpunten per werkdag (op basis van 261 werkdagen in het jaar).
Pagina 47 van 49
| NATIONALE AGENDA LAADINFRASTRUCTUUR |
Voorspelling aantal laadpunten per provincie Tabel 2: Aantallen laadpunten per provincie., verdeeld op basis van huidig aantal inwoners en autobezit. 2020
Provincie Groningen Friesland Drenthe Overijssel Flevoland Gelderland Utrecht NoordHolland Zuid-Holland Zeeland NoordBrabant Limburg
2025
2030
privaat publiek 4529 1128
semipubliek 1482
Snelladen 43
totaal 7182
privaat 11166
publiek 3654
semipubliek 6932
snelladen totaal 119 21872
privaat 24944
publiek 12708
semipubliek 18159
snelladen 314
Totaal 56124
5431
1352
1777
51
8611
13389
4382
8312
143
26226
29909
15238
21774
376
67297
4369
1088
1429
41
6927
10770
3524
6686
115
21095
24058
12257
17514
303
54132
9527
2372
3117
90
15105
23486
7686
14581
251
46003
52464
26730
38193
660
118047
5948
1481
1946
56
9431
14664
4799
9104
157
28723
32757
16689
23847
412
73705
16975
4226
5554
160
26914
41847
13695
25980
447
81968
93481
47627
68053
1176
210337
11153
2777
3649
105
17683
27494
8998
17069
294
53854
61419
31292
44712
773
138196
20145
5016
6591
190
31941
49662
16252
30832
530
97276
110939
56522
80762
1396
249619
26378
6567
8630
248
41823
65026
21280
40370
694
127371 145261
74008
105748
1828
326846
3368
839
1102
32
5340
8303
2717
5155
89
16264
18549
9450
13503
233
41736
22954
5715
7510
216
36395
56586
18518
35131
604
110840 126408
64403
92023
1591
284425
9768
2432
3196
92
15487
24080
7880
14950
257
47167
27406
39160
677
121035
45981
1322
222840
346472
113386
215100
3699 678657 773981
394332
563448
9740
1741500
140545 34992
53792