CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

23RV054# Begroting 2024 gemeente Zeist

Raad 7 november 2023, gemeente ZeistBij agendapunt: Begroting 202438.613 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

Tevens zijn verwachte kosten voor onderhoud, storingsdiensten en aanvullen onderzoek klein/ groot onderhoud opgenomen. Het beheerplan geeft inzicht in benodigd klein onderhoud (na 15jaar uitvoeren) en groot onderhoud (uitvoering na 30jaar). Een nieuw VRI-beheerplan zal in 2025 worden vastgesteld. - Parkeerapparatuur In Zeist staan 9 volmeld-installaties die verwijzen naar 4 parkeergarages en 7 parkeerterreinen. Onze 4 parkeergarages zijn voorzien van parkeerapparatuur, zoals camera’s (voor kentekenherkenning), intercoms, betaalautomaten, servers en slagbomen. Op straat staan 44 parkeerautomaten waarmee parkeerbelasting betaald kan worden. Voor de hierboven genoemde apparatuur zijn onderhoudscontracten afgesloten. In deze begroting hebben we de vervanging van de apparatuur gepland in 2024 (garages) en 2025 (straat). Hiervoor zijn vervangingskredieten geraamd.

91

Financiële consequenties Onderhoud Programma en taakveld

(bedragen x € 1.000) Begroting

Verkeer en wegen

Parkeren Totaal Mobiliteit brengt ons verder

Begroting

Begroting

Begroting

2024

2025

2026

2027

1.998 73 2.071

1.998 73 2.071

1.998 73 2.071

1.998 73 2.071

Begroting

Begroting

Begroting

Investeringen Programma en taakveld

Verkeer en wegen

Parkeren Totaal Mobiliteit brengt ons verder

(bedragen x € 1.000) Begroting

2024

2025

2026

2027

2.376 729 3.105

2.073 744 2.817

2.041 793 2.834

2.064 770 2.834

3.4 Riolering en water Beleidskader Voor rioleringsbeheer volgen we het vastgestelde verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2022 – 2026 (vGRP). We zetten in op riolering zo lang mogelijk in stand houden. Dat kan, omdat de grondslag in Zeist, overwegend stabiel zand, gunstig is. Riolering gaat lang mee en we vervangen daarom pas als de riolering ook technisch op is. Dat betekent dat we riolering projectmatig vervangen en wanneer calamiteiten zich voordoen. Bij overige wegreconstructies wordt de afwatering beoordeeld en klimaatrobuust aangepast. Naar aanleiding van inspecties van het vrij verval stelsel gaan we riolering renoveren in onder andere Brugakker, Kerckebosch en Austerlitz. Naar aanleiding van gemaalinspecties gaan we rioolgemalen renoveren. De afgelopen jaren zijn er in de openbare ruimte verschillende regenwater infiltratievoorzieningen toegepast om Zeist klimaatrobuust te maken. Deze voorzieningen vragen om een andere beheermethode. Zoals ook beschreven in het vGRP gaan we een beheerplan voor de infiltratievoorzieningen schrijven.

92

Financiële consequenties Onderhoud Programma en taakveld

(bedragen x € 1.000) Begroting

Riolering

Begroting

Begroting

Begroting

2024

2025

2026

2027

705

705

705

705

Investeringen Programma en taakveld

(bedragen x € 1.000) Begroting

Riolering

Begroting

Begroting

Begroting

2024

2025

2026

2027

515

491

481

472

3.5 Groen Beleidskader In het groenstructuurplan uit 2011 staat verwoord hoe de gemeente omgaat met het openbaar groen. De openbare ruimte in Zeist wordt grotendeels op onderhoudsniveau B, onderhouden, met uitzondering van een klein gebied in het centrum (op niveau A) en bedrijventerreinen en het buitengebied (op niveau C). In het Lange Termijn Bomen Beheerplan uit 2016 wordt er aangegeven hoe we het bomenbestand op orde houden, hierin staat beschreven hoe we onze lanen en bomen vervangen. Dit plan is geëvalueerd (23RV013/141443) en de conclusies worden geïmplementeerd. Het verhogen van de biodiversiteit, zoals het vergroenen van de wijken door middel van het verwijderen van ‘zinloze verharding’ staat beschreven in de visie ‘Samen voor meer biodiversiteit’ uit 2021. Een uitwerking van te nemen maatregelen vindt plaats in de uitvoeringsstrategie biodiversiteit welke momenteel wordt opgesteld. Er is gestart met het maken van beheerplannen voor onder andere Landschappelijke beplanting, groen en speelplaatsen. Hierin wordt een visie opgenomen en beschreven hoe we deze kapitaalgoederen gaan beheren. Ook worden hierin de gemiddelde jaarlijkse budgetten voor verzorgend onderhoud en inboet maar ook een meerjaarlijkse vervangingslijst van het groen inzichtelijk gemaakt. We verwachten dit plan in 2024 aan te bieden.

Voor een aantal parken binnen de gemeente hebben we ‘losse’ beheerplannen; Park Nijenheim, Dieptetuin, Park De Brink en Walkartpark. Voor de beide begraafplaatsen in Zeist worden dit jaar ook beheerplannen geschreven. In deze paragraaf wordt onder openbaar groen begrepen het beheer en onderhoud van: - Bomen - Groen (bermen en beplanting) - Speelvoorzieningen

93

Financiële consequenties Onderhoud Programma en taakveld

(bedragen x € 1.000) Begroting

Openbaar groen en recreatie

Begroting

Begroting

Begroting

2024

2025

2026

2027

2.825

2.825

2.825

2.825

Investeringen Programma en taakveld

(bedragen x € 1.000) Begroting

Openbaar groen en recreatie

Begroting

Begroting

Begroting

2024

2025

2026

2027

154

165

185

659

3.6 Gebouwen Beleidskader De gemeente Zeist heeft vastgoed in bezit om invulling te geven aan maatschappelijke doelen. Het uitganspunt voor het hebben en behouden van vastgoed is dat we dit alleen doen als het bijdraagt aan de kerntaken van de gemeente, toekomstige ontwikkelingen of opgaven. We spreken in dat geval van kernvastgoed. De gemeente Zeist draagt zorg voor ca. 92 gebouwen. Hiervan zijn nog 23 woningen in bezit van de gemeente en in beheer bij de wooncorporatie. Deze woningen worden na vrijkomen afgestoten via de vrije markt. De gemeente heeft qua m2 BVO aan eigendom een percentage van 95% maatschappelijk kernvastgoed. Om deze eigendommen in goede staat te houden wordt gewerkt met duurzame meerjarige onderhoudsplannen. De gemeente voorziet daarmee in goede, veilige en bruikbare accommodaties. Met de actualisatie van de onderhoudsplannen geven we ook een impuls aan het verder verbeteren van de toegankelijkheid en de verduurzaming van ons eigen vastgoed. Hiermee willen wij ook als gemeente het goede voorbeeld blijven geven. Door op langere termijn te kijken naar de onderhoudskosten zorgen we voor inzicht en financiële stabiliteit.

94

De verschillende gebouwen in eigendom van de gemeente Zeist zijn in onderstaande tabel weergegeven: Vastgoed eigendom - gemeente Zeist peildatum aug 2023 Type vastgoed (conform RVO)

aantal objecten

aantal m2 BVO (afgerond)

KERNVASTGOED Maatschappelijk vastgoed Sport & Recreatie

18

21.000

Welzijn & Cultuur

12

12.000

Parkeergarages

4

27.600

Eigen huisvesting

4

9.700

Gemeentewerf

5

5.300

Gemalen

5

200

Begraafplaats

8

1.200

Plantsoenonderkomens

5

1.400

brandweerposten

2

4.400

63

82.800

woningen

23

2.500

strategisch

4

700

(semi) commercieel

2

700

29

3.900

Overig vastgoed

STRATEGISCH en/of AF TE STOTEN

Financiële consequenties Onderhoudsplannen worden minimaal 1 x per 5 jaar geactualiseerd. 2022 is het startjaar van onze nieuwe onderhoudsplannen, waarbij tevens verdere verduurzaming en toegankelijkheid zijn geïntegreerd. Onderhoudsplannen worden opgesteld volgens de NEN2767 methodiek en brengen het onderhoud voor de gehele levensduur van het gebouw in beeld. De onderhoudsbudgetten worden over de periode van 10 jaar getoetst aan de reserve onderhoud kapitaalgoederen. De stand van de reserve zal daarbij altijd boven nul moeten uitkomen in de prognose. 95

(bedragen x € 1.000)

Programma en taakveld Begroting

Onderwijshuisvesting Volwaardig meedoen aan de samenleving

Openbaar groen en recreatie Riolering Begraven Doorpakken voor natuur en klimaat

Wonen en bouwen Wonen op maat

Sportaccomodaties Cultureel erfgoed Cultureel en sportief Zeist

Parkeren Mobiliteit brengt ons verder

Beheer overige gebouwen en gronden Ondersteuning organisatie Financiele stabiliteit en organisatie Totaal

96

Begroting

Begroting

Begroting

2024

2025

2026

2027

444 444 28 7 52 87 20 20 697 346 1.043 388 388 386 289 676 2.752

637 637 38 2 55 95 19 19 1.183 344 1.527 526 526 359 572 931 3.827

260 260 72 3 176 250 11 11 1.455 653 2.108 770 770 1.187 420 1.607 5.100

334 334 22 2 56 80 21 21 535 210 745 251 251 288 297 584 2.110

Paragraaf 4 Financiering 4.1

Inleiding

Deze paragraaf is een instrument voor het inzichtelijk maken van de financieringsfunctie. De uitvoering van de financieringsfunctie is gebonden aan wettelijke regels, zoals met name opgenomen in de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet Fido) en verder vastgelegd in de door de Raad vastgestelde Financiële verordening gemeente Zeist. De wet fido regelt dat de uitvoering van de treasuryfunctie binnen de gemeente uitsluitend de publieke taak dient en geschiedt binnen de financiële kaders van de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. 4.2

Uitvoering treasurybeleid

De gemeente heeft voor haar betalingsverkeer diverse bankrekeningen. De hoofdrekening wordt aangehouden bij de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG Bank). Via deze bankrekening loopt het overgrote deel van het gemeentelijke betalingsverkeer. Daarnaast worden nog enkele bankrekeningen aangehouden bij de Rabobank Rijn en Heuvelrug. In het geval dat bij een gemeente sprake is van tijdelijk overtollige gelden moet de gemeente verplicht deelnemen aan het systeem van schatkistbankieren. De positieve saldi op de gemeentelijke bankrekeningen worden daarbij tijdelijk gestald bij het Rijk, met uitzondering van een vastgestelde marge voor het reguliere betalingsverkeer. De omvang van deze marge bedraagt 2% van het begrotingstotaal, voor Zeist is dat in 2024 een bedrag van ca. € 4,2 mln. In de praktijk heeft Zeist een afspraak met de BNG Bank dat overtollige middelen boven de € 0,5 mln automatisch worden afgeroomd naar “de schatkist”. Voor de beleidsmatige aspecten van het treasurybeleid is een Rentecomité ingesteld, dat bestaat uit de wethouder Financiën, de concerncontroller, het afdelingshoofd Financiën, het DT-lid met de portefeuille financiën en de treasurer. Viermaal per jaar wordt in het rentecomité gesproken over de ontwikkelingen op treasurygebied. Onder meer komen daar aan de orde: liquiditeitsprognose, financieringsbehoefte, rentevisie en ontwikkelingen op de geld- en kapitaalmarkt.

4.3

Financieringsbehoefte

Op basis van de geschatte investeringen en cashflowstromen ziet de verwachte financieringsstructuur per einde 2024 er als volgt uit: Financieringsstructuur 2024 Investeringen Boekwaarde investeringen Boekwaarde verstrekte leningen Boekwaarde grondexploitaties Totaal investeringen Financieringsmiddelen Reserves Voorzieningen Langlopende leningen Totaal financiering Financieringssaldo 97

Bedragen x € 1.000 172.606 5.386 4.094 182.086

154.854 21.009 27.775 203.638 21.552

Uit deze tabel blijkt dat eind 2024 sprake is van een positief financieringssaldo. Daarbij is uitgegaan van de nu geraamde investeringen voor 2024. In combinatie met nog te ramen investeringen is het, in combinatie met (tijdelijke) verschillen in de inkomsten- en uitgavenstroom van de exploitatie, mogelijk dat in 2024 toch gebruik moet worden gemaakt van kortlopende kasgeldleningen. Een vertraging in de uitvoering kan er toe leiden dat geen kasgeld nodig is. De gemeente mag het financieringssaldo tot een bedrag van € 18,1 mln (de zgn. kasgeldlimiet) financieren met kort geld (zie ook onderdeel 4.5). 4.4

Rentelasten en rentetoerekening

In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is bepaald dat de omslagrente wordt berekend door de werkelijk betaalde (minus ontvangen) rente op onze leningen toe te rekenen aan de taakvelden. Dit vindt plaats door het rentebedrag te delen door de boekwaarde van de vaste activa. Alleen als voor investeringen specifieke leningen zijn aangetrokken (partiële financiering), mag de rente van deze financiering ook worden gebruikt voor de berekening van de rentelasten van deze investering. De gemeente Zeist kent geen partiële financiering. De omslagrente is voor de opstelling van de begroting 2024 opnieuw berekend. De omslagrente voor 2024 is uitgekomen op 0,5% (2023: 0,5%). Zowel de rente-inkomsten als de rente-uitgaven dalen in de begroting 2024 ten opzichte van 2023, de rente-inkomsten door de aflossing op de uitstaande leningen en de rente-uitgaven door de reguliere aflossing. In de begroting 2024 is het saldo van de betaalde en ontvangen rente aldus verdeeld over alle taakvelden met behulp van een omslagrente van 0,5% over de boekwaarde van de investeringen van het betreffende taakveld. In onderstaand rekenmodel zijn de rentelasten en rentebaten opgenomen waarop de berekening van de diverse rentepercentages is gebaseerd. Daarna volgt een overzicht met toelichting op de voor de begroting 2024 berekende percentages. Rente toerekening Raming 2024 in € 1.000 1 2 3

5 6

7

98

Externe rentelasten van korte en lange financiering Externe rentebaten (hypotheekportefeuille) Totaal door te rekenen externe rente Rente toe te rekenen aan grondexploitaties Direct toegerekende rente Saldo door te rekenen externe rente Rente eigen vermogen Rente Voorzieningen Saldo door te rekenen interne rente Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente Werkelijk aan taakvelden toegerekende rente Negatief resultaat op taakveld Treasury

704 -87 617 -21 -21 596 0 262 262 858 809 49

Dit BBV-rekenmodel levert een aantal waardes op, te weten: a)

Het gewogen externe rentepercentage: 2,49% (2023: 2,52%) Dit percentage wordt nergens direct toegepast, maar vormt de basis voor de berekening van de rente grondexploitaties (b) en de omslagrente (c). De daling is veroorzaakt doordat in maart 2023 een nieuwe langlopende lening van € 10 mln is opgenomen met een rente van 1,02%. Daardoor daalt vanaf 2023 de gemiddelde rente op de langlopende leningen. De gemeente Zeist heeft nog altijd relatief weinig leningen opgenomen (verwachte stand van de restantleningen eind 2024 bedraagt € 27,8 mln.). Dit komt doordat de gemeente een behoorlijke reservepositie heeft en er momenteel weinig grote projecten hoeven te worden gefinancierd. Daarom is ook sprake van een relatief laag bedrag aan te betalen rente op de leningen (€ 704.000 in 2024). Zie verder bovenstaande tabel, regel 1. Bovendien is nog altijd sprake van een fors bedrag aan uitgezette gelden in de vorm van hypothecaire leningen aan ambtenaren. Hoewel dit een aflopende constructie is en er in de afgelopen jaren fors is afgelost op de hypotheken, is de omvang nog redelijk (gemiddeld € 3,6 mln. aan uitgezet geld in 2024). Door de aflossing daalt de te ontvangen rente tot € 87.000 in 2024. Zie bovenstaande tabel, regel 2. De totale door te belasten externe rentelast blijft aldus beperkt tot € 617.000.

b)

Rente grondexploitaties: 0,85% (2023: 0,87%) Ook de berekening van de rente grondexploitaties is voorgeschreven. Omdat de rente voor de grondexploitaties gebaseerd is op het gewogen externe rentepercentage (a) is ook deze rente verhoudingsgewijs fors gedaald. Het gewogen externe rentepercentage (a) moet in dit geval vermenigvuldigd worden met het geschatte percentage vreemd vermogen van de gemeente (=34,1% voor 2023). Ook hier wordt het relatief lage percentage verklaard door de gezonde financiële structuur van Zeist met weinig vreemd vermogen. Omdat bij de grondexploitaties ook sprake is van een beperkte boekwaarde is de toegerekende rente beperkt. Zie bovenstaande tabel, regel 3.

c)

Het percentage voor de renteomslag: 0,5% (2023: 0,5%). Naast de externe rentekosten moet rekening worden gehouden met de interne rente die wij moeten toevoegen aan enkele voorzieningen. In dit geval vloeit dat voort uit de aard van die voorzieningen, dat wil zeggen dat deze op contante waarde zijn gewaardeerd. Evenals in 2023 betreft dit een tweetal voorzieningen. Zie bovenstaande tabel, regel 6. Zoals gebruikelijk wordt voor het eigen vermogen (de reserves) geen rente berekend. Zie tabel, regel 5. De mogelijkheid bestaat om de gecalculeerde omslagrente af te ronden met maximaal 0,5% (naar boven of naar beneden), mits het resultaat op het taakveld Treasury niet meer dan 25% van de werkelijke rente bedraagt. De afronding is bedoeld om een bepaalde continuïteit in de omslagrente te bereiken en te voorkomen dat ieder jaar de rente in alle systemen en berekeningen moet worden aangepast. Van deze mogelijkheid is geen gebruik gemaakt. Deze omslagrente is bij de begroting 2024 toegepast op alle gemeentelijke activa, uitgezonderd de grondexploitaties en de uitgezette leningen. Zie tabel, regel 7. Door de afronding van het percentage ontstaat op het taakveld Treasury op begrotingsbasis een klein negatief saldo van € 49.000.

4.5

Renterisicobeheer

In de financieringssfeer worden twee renterisico’s onderscheiden: op vlottende en op vaste schuld. In de Wet Fido zijn voor deze risico’s normen vastgesteld. Voor de vlottende schuld is dit de kasgeldlimiet en voor de vaste schuld de renterisiconorm. Beide normen zijn ingesteld om de financieringsverhoudingen van een gemeente in een duurzaam evenwicht te houden. Het strak sturen op de cashflow (de in- en uitgaande geldstromen) blijft daarvoor belangrijk. Het tijdig betalen van geleverde producten en diensten blijft vanuit maatschappelijk belang eveneens de noodzakelijke nadruk krijgen. Bovendien richt de organisatie zich op een goed inzicht in de timing van grote inkomsten en uitgaven. Uit onderstaande berekeningen blijkt dat voor 2024 het cashflowritme binnen de normen kan worden afgehandeld.

99

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13186249/2