CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

13RV0038 (Concept) Actualisatie GVVP 2014-2023

Overige evenementen 6 april 2021, gemeente ZeistBij agendapunt: GVVP 2014 - 202316.185 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Conc eptac t ual i s at i e gemeent el i j kver keer s -en ver voer s pl anZei s t20142023

Duur z aam ver keerenver voer Maar t2013

Samenvatting Evaluatie Het voorliggende Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan – (GVVP) – is een actualisatie van het Zeister GVVP van 2001 - heden. Er was behoefte om het beleid bij te stellen, omdat bij een evaluatie bleek dat het op een aantal punten tekort schiet: het stelt onvoldoende prioriteiten, het ontbreekt op een aantal punten aan juiste onderzoeksinformatie, bij bewoners overheerst het beeld dat de gemeente niet echt luistert naar aanbevelingen van burgers en het GVVP biedt onvoldoende inzicht over de financiering van uit te voeren projecten. Opgave Het GVVP is geactualiseerd binnen de landelijke, regionale en lokale kaders en ontwikkelingen, waarbij duidelijk aandacht wordt besteed aan het thema duurzaamheid, veiligheid en bereikbaarheid. Het gaat daarbij om uitgangpunten voor fiets, openbaar vervoer, slim werken slim reizen, duurzaam vervoer en de wegencategorisering. Dus voor zover de uitgangspunten van toepassing zijn op Zeist als geheel. Gezien het afgelegde participatietraject met de Structuurvisie en de regionale context heeft de Raad duidelijk meegegeven dat het GVVP moet aansluiten bij de Structuurvisie en bij regionale afspraken over verkeersmanagement en openbaar vervoer. Duurzaamheid vormt ook een belangrijk aspect in het GVVP. Proces Het onderwerp verkeer raakt de hele samenleving.

Uitgangspunten die in dit document zijn vastgelegd, kunnen zeer bepalend zijn voor het maken van keuzes in de komende tien jaar. Het proces rond de actualisatie van het GVVP is daarom op een interactieve wijze tot stand gekomen. Deze aanpak sluit aan bij de kernwaarden van de gemeente Zeist: kracht, nabijheid en vertrouwen. Filosofie De gemeente Zeist heeft als ambitie om in 2050 een klimaatneutrale gemeente te zijn. Vanuit het verkeers- en vervoersplan wil de gemeente Zeist ook een bijdrage leveren aan duurzaamheid. De visie in het plan richt zich op ‘duurzame stedelijke mobiliteitsontwikkeling’. Visie Gegeven het kaderstellende beleid en de gemeentelijke ambities op het gebied van duurzaamheid gaat het GVVP uit van de 3 M’en: mens, milieu en meerwaarde. De ambitie is om een duurzaam evenwicht te bereiken tussen deze drie M’en. Het liefst op zodanige wijze dat er win-win-win-situaties ontstaan. Doelen De visie laat zich vertalen naar drie aan verkeer en vervoer gerelateerde doelen: veiligheid, leefbaarheid en bereikbaarheid. Om op een later moment te bepalen of deze doelen zijn behaald, zijn indicatoren opgesteld. In een schema ziet de relatie tussen visie, doelen en indicatoren er als volgt uit. Duurzame mobiliteit 2023 Mens Veiligheid

Milieu Leefbaarheid

Verkeersveiligheid - Ongevallen

Verblijfskwaliteit - Oversteekbaarheid - Snelheid - Intensiteit - Doorgaand verkeer - Lucht en geluid

Meerwaarde Bereikbaarheid Fiets - Fietsgebruik - Comfort - Oponthoud

Openbaar Vervoer - OV-gebruik - Beschikbaarheid - Toegankelijkheid - Reistijd OV

Auto - Reistijd auto

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

Op basis van de indicatoren kan bepaald worden in welke mate doelen zijn bereikt. Voorwaarde is dan wel dat de doelstellingen de volgende eigenschappen bezitten: specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdgebonden. Ofwel SMART. Maatregelen De visie en doelen van het GVVP zijn voor een belangrijk deel gericht op duurzaamheid. Duurzaam vanuit het oogpunt van natuur, milieu, ruimtebeslag en veiligheid, Duurzaam Veilig. Om de duurzame aanpak ook in de maatregelen voort te zetten, zijn deze opgesteld volgens de Ladder van Verdaas. Naast uitgangspunten voor Duurzaam Veilig zijn onder andere de onderstaande maatregelen opgenomen: -

-

-

Fietsverkeer : aanpak fietsroute Zeist-Uithof via Bisschopsweg, aanpak fietsroute Huis ter Heideweg – Alexanderweg – Hobbemalaan – Dolderseweg, aanleg van fietsstraten in woonstraten met veel fietsverkeer. Openbaar vervoer : toegankelijke haltes, busbaan Driebergseweg, deelname Zeist aan onderzoek tramlijn Utrecht-Zeist, onderzoek servicenetwerk bussen. Slim werken slim reizen: verlenging convenant Mobiliteitsmanagement, telewerken, thuiswerken, voorbeeldfunctie gemeente Duurzaam vervoer: stimuleren aanleg electrische oplaadpunten voor auto, campagne om fietsen naar school te bevorderen. Benutten auto infrastructuur: aanpassing wegencategorisering, groene golf (light) Utrechtseweg. Goederenvervoer: Actieve rol gemeente bij duurzaam en efficiënt vervoer, zowel qua vervoermiddelen als qua logistieke oplossingen. Waar mogelijk kan worden aangesloten bij het te verlengen en uit te breiden ‘Basisconvenant mobiliteitsmanagement Zeist, De Bilt, Driebergen en Bunnik. Voetgangers : bij de herinrichting van kruispunten en wegvakken worden maatregelen getroffen om de oversteekbaarheid voor voetgangers te verbeteren.

Uitvoeringsprogramma Het GVVP stelt een ambitieniveau vast met een tijdshorizon van 10 jaar. De praktijk leert dat de maatregelen om het ambitieniveau te bereiken in ieder collegeprogramma andere accenten worden gelegd. Daarom is het in principe werkzaam om een uitvoeringsprogramma van vier jaar op te stellen dat is afgestemd op de gemeentelijke verkiezingen. De voorgestelde afwegingssystematiek is gebaseerd op de Ladder van Verdaas en de mate waarin maatregelen bijdragen aan de visie vanuit mens, milieu en meerwaarde. In Zeist bestaan vier financieringsbronnen (onderhoud wegen en riolering, onderhoud verkeerslichten, gemeentelijk verkeersbudget, provinciale en regionale budgetten en projecten) om verkeersprojecten te realiseren, waarbij financiering vanuit beheer en onderhoudsbudgetten leidend is. Alle vier de financieringsbronnen kunnen bijdragen bij aan de ambities van het GVVP. De invloed vanuit verkeersprojecten op de verschillende bronnen verschilt. Zo is de invloed op het onderhoud van wegen en riolering het kleinst en op het gemeentelijk verkeersbudget het grootst. Monitoring en evaluatie Om te bepalen of de maatregelen effect hebben, is het van belang om periodiek te monitoren en evalueren. De monitoring vindt plaats aan de hand van de SMART-geformuleerde doelen op het gebied van verkeersveiligheid, leefbaarheid en verblijfskwaliteit en bereikbaarheid.

Uit oogpunt van transparantie en draagvlak voor de maatregelen wordt jaarlijks een ‘verkeer- en vervoermonitor’ vastgesteld door het bestuur. De bijbehorende rapportage wordt aansluitend gepubliceerd via www.zeist.nl.

3

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

INHOUDSOPGAVE

Lijst met (vak)termen en afkortingen 1.

Inleiding ......................................................................................................................8

2.

Beleidskader en ontwikkelingen .............................................................................11

3.

Ambitie, visie en doelen...........................................................................................17

4.

Op naar maatregelen................................................................................................21

5.

Wat er gaat gebeuren ...............................................................................................38

6.

Vinger aan de pols ...................................................................................................43

Bronnen ..............................................................................................................................44 Bijlagen: de bijlagen zijn opgenomen in een apart bijlagenrapport ...............................44

4

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

Lijst met (vak)termen en afkortingen e

1 orde weg In Zeist liggen doorgaande wegen die Zeist verbinden met gemeenten daar omheen. Dit zijn wegen e e e van de 1 orde. Wegen van de 1 orde zijn bedoeld voor doorgaand verkeer. De 1 orde wegen maken e deel uit van het regionale verkeersnetwerk. Op regionaal niveau hebben de 1 orde wegen in Zeist overigens een secundaire rol. e

2 orde weg e e Wegen van de 2 orde zijn wegen die wijken onderling verbinden. Wegen van de 2 orde zijn bedoeld voor bestemmingsverkeer in Zeist. Bestuur Regio Utrecht (BRU) Bestuur Regio Utrecht is een samenwerkingsverband van negen gemeenten in de regio Utrecht. Bunnik, De Bilt, Houten, IJsselstein, Nieuwegein, Stichtse Vecht, Utrecht, Vianen en Zeist werken aan verbetering van de bereikbaarheid, de leefbaarheid en de economische ontwikkeling van het gebied. Voor dit GVVP is het relevant dat Bestuur Regio Utrecht de openbaar vervoer autoriteit is en daarmee de opdrachtgever van vrijwel alle regionale openbaar vervoer in de gemeente Zeist. Buurtverzamelweg Buurtverzamelwegen en woonstraten liggen in verblijfsgebieden en worden binnen de landelijke visie Duurzaam Veilig ook wel erftoegangswegen genoemd. Op dit type weg ligt de nadruk op het verblijven. Buurtverzamelwegen zijn net wat drukker dan woonstraten. 1

CROW Het nationale kennisplatform voor infrastructuur, verkeer, vervoer en openbare ruimte. Doorgaand verkeer Dit is verkeer dat geen herkomst en/of bestemming heeft in Zeist, maar wel gebruik maakt van de wegen in Zeist. Duurzaam Veilig Binnen de landelijke visie Duurzaam Veilig wordt gestreefd naar een indeling van de wegenstructuur met een eenduidige, herkenbare vormgeving die is afgestemd op de functie (stromen, ontsluiten of verblijven). Dynamisch Reizigers Informatie Systeem (DRIS) DRIS is een afkorting voor Dynamisch Reizigers Informatie Systeem, een systeem dat dynamische (actuele) reisinformatie op bushaltes en (bus)stations biedt. Erftoegangsweg De wegen in verblijfsgebieden worden binnen Duurzaam Veilig ‘erftoegangswegen’ genoemd. Verkeer uit de verblijfsgebieden moet dan ook direct naar de doorgaande wegen worden geleid om zo min mogelijk bewoners te belasten. In Zeist worden twee typen erftoegangswegen onderscheiden, namelijk buurtverzamelwegen en woonstraten. Buurtverzamelwegen zijn net wat drukker dan woonstraten.

1

De naam CROW is oorspronkelijk een afkorting van Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek. Die naam dekte de lading niet meer toen CROW steeds meer een platformfunctie kreeg. Sinds 2004 is CROW niet langer een afkorting, maar een eigen naam.

5

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

Fietsbalans De Fietsbalans is een project van de Fietsersbond om de fietsvriendelijkheid van gemeenten te meten en onderling te vergelijken. Gebiedsontsluitingsweg In Zeist liggen doorgaande wegen die Zeist verbinden met gemeenten daar omheen en er zijn wegen die wijken onderling verbinden. Beide typen wegen worden binnen Duurzaam Veilig ‘gebiedsontsluitingswegen’ genoemd. In Zeist worden de volgende gebiedsontsluitingswegen e e e onderscheiden: wegen van de 1 orde en wegen van de 2 orde. Wegen van de 1 orde zijn bedoeld e e voor doorgaand verkeer en 2 orde wegen voor bestemmingsverkeer in Zeist. De 1 orde wegen e maken deel uit van het regionale verkeersnetwerk. Op regionaal niveau hebben de 1 orde wegen in Zeist overigens een secundaire rol. Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan (GVVP) In het GVVP wordt het verkeers- en vervoersbeleid van de gemeente vastgelegd. Ketenmobiliteit Verplaatsingen met meerdere wijzen van vervoer, geringe wachttijden en comfortabele overstappen. De aanleg van bijvoorbeeld parkeerplaatsen bij een bushalte of treinstation bevordert de ketenmobiliteit. Ladder van Verdaas De Ladder van Verdaas is erop gericht eerst zoveel mogelijk duurzame maatregelen te nemen alvorens over te gaan tot aanpassing of uitbreiding van (auto)infrastructuur. In het GVVP wordt deze ladder gebruikt om maatregelen op het gebied van verkeer en vervoer duurzaam toe te passen.

In hoofdstuk 1 van dit GVVP wordt dit toegelicht. Slim werken, slim reizen Slim Werken Slim Reizen betekent dat je slim omgaat met mobiliteit en werk. Moet je op veel verschillende plaatsen zijn, dan is het soms slim om met de auto te gaan. Maar op andere momenten is het openbaar vervoer handiger, of wellicht de fiets. En als je een dag geen afspraken hebt, kun je thuiswerken, of op een 'derde werkplek' elders. Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV) De Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid SWOV is het nationale wetenschappelijke instituut voor verkeersveiligheidsonderzoek. De SWOV is een inhoudelijk onafhankelijk, wetenschappelijk instituut. Kennis van de SWOV is openbaar en wordt beschikbaar gesteld aan een ieder, die zich beroepsmatig bezighoudt met verkeer en verkeersveiligheid in Nederland. De SWOV geniet in binnen- en buitenland aanzien als gezaghebbend instituut dankzij haar kennis en het hoogwaardige onderzoek dat zij verricht Structuurvisie Een gemeentelijke structuurvisie is een strategisch beleidsdocument over de ruimtelijke en functionele ontwikkelingen in de gemeente. Het geeft aan waar welke functies wenselijk zijn en waar niet. Verblijfsgebieden e e In de gebieden buiten de 1 en 2 orde wegen liggen de ‘verblijfsgebieden’. Deze gebieden bestaan uit buurtverzamelwegen en woonstraten.

In verblijfsgebieden staat verblijven centraal. Ze zijn bedoeld voor verkeer dat er een herkomst of bestemming heeft. Het is de bedoeling dat men om de verblijfsgebieden heenrijdt via de doorgaande wegen. Dit is namelijk gunstig voor de veiligheid en het woongenot in die verblijfsgebieden.

6

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

VERDER In VERDER werken gemeenten, provincie en het rijk samen om de bereikbaarheid van de regio Midden-Nederland te verbeteren. Binnen het VERDER-programma worden diverse maatregelen genomen die ook betrekking hebben op Zeist. Verkeersregelinstallatie Dit is een installatie om één of meerdere verkeersstromen te regelen door het geven van optische signalen in de vorm van verkeerslichten aan weggebruikers. In spreektaal zijn dit ‘stoplichten’. Woonstraat Woonstraten en buurtverzamelwegen liggen in verblijfsgebieden en worden binnen de landelijke visie Duurzaam Veilig ook wel erftoegangswegen genoemd. Op dit type weg ligt de nadruk op het verblijven. Buurtverzamelwegen zijn net wat drukker dan woonstraten.

7

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

1.

Inleiding

1.1

Aanleiding

Het voorliggende Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan – (GVVP) – is een actualisatie van het Zeister GVVP van 2001 - heden. Bij een evaluatie van het GVVP bleek dat het op een aantal punten tekort schiet: - het stelt onvoldoende prioriteiten; - het ontbreekt op een aantal punten aan juiste onderzoeksinformatie; - bij bewoners overheerst het beeld dat de gemeente niet echt luistert naar aanbevelingen van burgers; - het GVVP biedt onvoldoende inzicht over de financiering van uit te voeren projecten. Er was behoefte om het beleid bij te stellen. Ten eerste zijn nationale, regionale en lokale beleidskaders veranderd. Op de tweede plaats doen zich allerlei ontwikkelingen voor die van invloed zijn op het verkeers- en vervoersbeleid.

1.2

Opgave

Het GVVP is geactualiseerd binnen de landelijke, regionale en lokale kaders en ontwikkelingen, waarbij duidelijk aandacht wordt besteed aan het thema duurzaamheid, veiligheid en bereikbaarheid. Het gaat daarbij om uitgangpunten voor fiets, openbaar vervoer, slim werken slim reizen, duurzaam vervoer en de wegencategorisering. Dus voor zover de uitgangspunten van toepassing zijn op Zeist als geheel. Het GVVP gaat niet over knelpunten op straat- of wijkniveau, het centrum van Zeist of de structuur van Zeist. Knelpunten op straat- en/of wijkniveau worden in aparte wijkverkeersplannen opgenomen en zo mogelijk opgelost. Een voorbeeld van een wijkverkeersplan is het Verkeerscirculatieplan Den Dolder – Bosch en Duin – Huis ter Heide Noord (2012). Overigens betekent dit niet dat voor alle wijken aparte verkeersplannen opgesteld worden.

1.3

Randvoorwaarden en invloedsfeer

Gezien het afgelegde participatietraject met de Structuurvisie en de regionale context heeft de Raad duidelijk meegegeven dat het GVVP moet aansluiten bij de Structuurvisie en bij regionale afspraken over verkeersmanagement en openbaar vervoer. Duurzaamheid vormt ook een belangrijk aspect in het GVVP. Daarnaast zijn er beleidskaders die meer als richtinggevend dan als leidend moeten worden gezien. Naast de bovenstaande randvoorwaarden kent de invloedssfeer van de gemeente Zeist een aantal beperkingen. Zo heeft Rijkswaterstaat de bevoegdheid over de rijkswegen, de provincie over de provinciale wegen. Daarnaast gaan de regio en de provincie over de concessies van het openbaar busvervoer. De invloed op het treinverkeer is vanuit de gemeente Zeist zeer beperkt, omdat deze verantwoordelijkheden bij de nationale en regionale overheden liggen. De gemeente heeft als wegbeheerder invloed op de lokale wegen. De invloed om met het mobiliteitsbeleid het individuele gedrag van mensen te sturen is beperkt, omdat het individuele afwegingen betreft. In het GVVP worden individuoverstijgende keuzes gemaakt. Niet alle keuzes zijn voordelig voor alle individuen afzonderlijk, maar wel voor de Zeister samenleving als geheel. Ondanks de genoemde beperkingen was er op een groot aantal onderwerpen wel invloed mogelijk en ruimte voor het maken van keuzes.

De wegencategorisering voor autoverkeer is op een interactieve 8

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

wijze tot stand gekomen, waarbij opgemerkt wordt dat er geen consensus over bestond. Daarnaast is invulling gegeven aan fiets, slim werken, slim reizen en duurzaam vervoer.

1.4

Proces

Het onderwerp verkeer raakt de hele samenleving. Uitgangspunten die in dit document zijn vastgelegd, kunnen zeer bepalend zijn voor het maken van bepaalde keuzes in de komende tien jaar. Het proces rond de actualisatie van het GVVP is daarom op een interactieve wijze tot stand gekomen. Na de evaluatie van het GVVP 2001 is de gemeente in gesprek gegaan met Beter Zeist, Zakelijk Zeist en de lokale afdelingen van Veilig Verkeer Nederland en de Fietsersbond. Mede op basis van dat overleg is het afstemmingsproces met de samenleving vorm gegeven. Deze aanpak sluit aan bij de kernwaarden van de gemeente Zeist: kracht, nabijheid en vertrouwen. Diverse bewoners en belanghebbenden hebben vanaf het najaar van 2012 actief meegewerkt aan het geactualiseerde GVVP. De gemeente heeft daarvoor op drie avonden beleidsateliers georganiseerd. Daarbij was iedere Zeistenaar uitgenodigd om inbreng te leveren voor het GVVP. Bij elk opeenvolgend beleidsatelier werd telkens wat meer van de inhoud van het GVVP zichtbaar. Zo konden de deelnemers stap voor stap de totstandkoming van het GVVP volgen. Daarnaast is een enquête uitgezet, waarin de uitkomsten van de beleidsateliers zijn voorgelegd. Mensen die niet aanwezig konden zijn bij de beleidsateliers kregen zo ook de gelegenheid om hun mening te geven.

De uitkomsten van de enquêtes zijn gebruikt om gevoel krijgen voor wat er leeft, te bevestigen of te ontkrachten wat er werd voorgelegd. Naast het betrekken van de inwoners van Zeist heeft de gemeente met een aantal vertegenwoordigende groepen vanuit de samenleving gesproken. Deze zijn vier maal bij elkaar gekomen in een klankbordgroep om de bevindingen vanuit de beleidsateliers te bespreken en eventueel aan te vullen. De uitkomsten van de beleidsateliers en de klankbordgroepen zijn leidend geweest bij het formuleren van de maatregelen in dit GVVP. De verslagen en presentaties van de beleidsateliers en de klankbordgroepbijeenkomsten zijn opgenomen in de bijlage 1, 2 en 3 van het bijlagenrapport. U vindt daarin ook de samenstelling van de Klankbordgroep. In bijlage 4 is de internetenquête met de resultaten opgenomen.

1.5

Filosofie en opbouw GVVP

1.5.1

Filosofie

De gemeente Zeist heeft als ambitie om in 2050 een klimaatneutrale gemeente te zijn. De betekenis en uitwerking hiervan zijn verwoord in Routekaart Zeist Klimaatneutraal 2050. Vanuit het verkeers- en vervoersplan wil de gemeente Zeist ook een bijdrage leveren aan duurzaamheid. De visie in het plan richt zich op de lange termijn en ’op het duurzaam voldoen aan mobiliteitsbehoeften. Het bouwt voort op bestaande plannen en houdt rekening met integratie, 2 participatie en evaluatie principes’ . Telkens wordt gezocht naar evenwicht tussen mens, milieu en meerwaarde. Vervolgens wordt de visie vertaald naar concrete beleidsdoelstellingen. Dat betekent dat de doelstellingen zich kenmerken doordat ze specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdgebonden zijn. Deze werkwijze wordt in Nederland beschouwd als – vrij vertaald uit het Engels – ‘duurzame stedelijke mobiliteitsontwikkeling’. Om maatregelen die volgen uit de visie, het beleid en de daaraan gekoppelde doelen op een duurzame wijze te ordenen, wordt de ’Ladder van Verdaas’ toegepast. De ladder is erop gericht eerst 2

Bron: www.kpvv.nl/KpVV/SUMPguidelines

9

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

zoveel mogelijk duurzame maatregelen te nemen alvorens over te gaan tot aanpassing of uitbreiding van (auto)infrastructuur. De Ladder van Verdaas heeft geen expliciete plaats voor de fiets. In de praktijk worden maatregelen voor de fiets vaak voor die van het openbaar vervoer geplaatst. Duurzaam vervoer heeft evenmin een plaats in de ladder. In Zeist wordt dit onderwerp na de vijfde stap geschaard. Toegepast op Zeist kent de Ladder van Verdaas dan de onderstaande stappen: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.

ruimtelijke ordening prijsbeleid fiets openbaar vervoer 3 slim werken slim reizen duurzaam vervoer 4 benutten auto-infrastructuur aanpassen bestaande auto-infrastructuur aanleggen nieuwe auto-infrastructuur

Voor wat betreft de scope van het GVVP zijn de vetgedrukte stappen 3 tot en met 9 van belang. Ruimtelijke ordening is verwerkt in de Structuurvisie, terwijl prijsbeleid op gemeentelijk niveau doorgaans alleen vertaald wordt in betaald parkeren. Dit krijgt dan ook een plek in de Nota Parkeren. Deze laatste nota wordt in de loop van 2013 afgerond. In dit GVVP is parkeren dan ook niet verder uitgewerkt. Wel worden uitgangspunten geformuleerd voor bijvoorbeeld fietsparkeren. 1.5.2

Opbouw

De bovenstaande filosofie van het GVVP komt vooral terug in hoofdstuk 4 waar de maatregelen worden behandeld. Het GVVP is opgebouwd uit de stappen, zoals die hieronder schematisch zijn weergegeven.

Evaluatie (2009)

Analyse, hoofdstuk 2

Visie en doelstellingen, hoofdstuk 3

Monitoring, hoofdstuk 6

Maatregelen, hoofdstuk 4

Eventueel bijstellen doelen

Uitvoeringsprogramma, hoofdstuk 5 Figuur 1: schematische weergave opbouw GVVP

Op een aantal plaatsen wordt verwezen naar bijlagen. Deze zijn opgenomen in een apart bijlagenrapport 3

Slim werken slim reizen is de actuele term voor wat vroeger mobiliteitsmanagement werd genoemd. Benutten wordt ook wel aangeduid als verkeersmanagement, vandaar dat in de titels en teksten van sommige beleidsplannen deze term voorkomt. In het GVVP wordt de term ‘benutten’ gehanteerd.

4

10

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

2.

Beleidskader en ontwikkelingen

2.1

Inleiding

Dit hoofdstuk geeft eerst een beschrijving van het beleidskader op nationaal, provinciaal/regionaal en lokaal niveau en wat de weerslag daarvan is op het GVVP van Zeist. Het geactualiseerde GVVP moet ook aansluiten op de actuele en toekomstige ontwikkelingen. Daarbij gaat het enerzijds om demografische ontwikkelingen en anderzijds om (technologische) ontwikkelingen binnen de mobiliteitswereld die van invloed zijn op de Zeister verkeerssituatie. De beleidskaders en ontwikkelingen samen vormen de basis voor de visie en doelen binnen het GVVP.

2.2

Nationale beleidskaders

Structuurvisie Ruimte en infrastructuur (Ministerie van infrastructuur en milieu, 2012) In de Structuurvisie Ruimte en infrastructuur is het ruimtelijke en verkeer- en vervoersbeleid op nationaal niveau vastgelegd. Het Rijk zet voor 2040 in op een concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig Nederland. Dit wil ze bereiken door het faciliteren van mobiliteit over weg, spoor en vaarwegen, het beschikken over optimale ketenmobiliteit, een goede afstemming tussen infrastructuur en ruimtelijke ontwikkeling en een aanscherping van de verkeersveiligheidsdoelstelling. In het GVVP voor Zeist wordt dit vertaald door bij het formuleren van maatregelen de Ladder van Verdaas te volgen en verkeersveiligheid als uitgangspunt te hanteren. Strategisch Plan Verkeersveiligheid en Duurzaam veilig (Ministerie van verkeer en waterstaat, 2008) In het Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2008-2020 zijn maatregelen geformuleerd op basis van drie pijlers: samenwerking, integrale aanpak en ‘Duurzaam Veilig’. Binnen de landelijke visie Duurzaam Veilig wordt gestreefd naar een monofunctionele indeling van de wegenstructuur met een eenduidige, herkenbare vormgeving die is afgestemd op de functie. Dit laatste aspect is voor het GVVP een belangrijk onderdeel.

Beleidsimpuls Verkeersveiligheid (Ministerie van infrastructuur en milieu, 2012) De Beleidsimpuls Verkeersveiligheid is een extra impuls om de doelen in het Strategisch Plan Verkeersveiligheid te behalen. De Beleidsimpuls focust zich op een doelgroepen waar nog winst valt te behalen, bijvoorbeeld bij jonge beginnende bestuurders, ouderen en fietsers.

2.3

Provinciale/regionale beleidskaders

Provinciaal Ruimtelijke Structuurvisie 2005-2015 (provincie Utrecht, 2005) Dit is het ruimtelijk plan van de provincie. Het verkeersbeleid is erop gericht om waardevolle gebieden en woonkernen te ontlasten van doorgaand verkeer. Verder is het doel om Utrecht als fietsprovincie te profileren. Deze visie wordt in het GVVP doorvertaald naar Zeist, ondermeer door regionale fietsroutes als leidraad te nemen bij het opstellen van het fietsroutenetwerk. Strategisch Mobiliteitsplan Provincie Utrecht 2004-2020 (provincie Utrecht, 2004) Het eerste hoofddoel is het realiseren van een doelmatig verkeers- en vervoersysteem om de bereikbaarheid in de provincie Utrecht en de Randstad te waarborgen. Het tweede hoofddoel is het verbeteren van de veiligheid van het verkeers- en vervoerssysteem voor gebruikers en omwonenden. Het derde hoofddoel is het verminderen van de negatieve effecten van verkeer en vervoer op de kwaliteit van de leefomgeving. Concreet is voor de gemeente Zeist De Uithof – Zeist aangewezen als hoofdfietsroute. Bij de belangrijkste busverbindingen worden genoemd Amersfoort-De Bilt/Zeist-Utrecht en RhenenDriebergen-Zeist-Utrecht. Als overstappunt is station Driebergen-Zeist aangewezen. 11

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

Overigens is er een actualisatie van het Strategisch Mobiliteitsplan Provincie Utrecht van start gegaan. De uitkomsten daarvan zijn tijdens het schrijven van dit GVVP nog niet bekend. Regionaal Verkeer- en Vervoersplan 2005-2015 (Bestuur Regio Utrecht, 2008) Het regionale beleid zet in op de kwalitatieve ontwikkeling van het openbaar vervoer, middels Randstadspoor en de ontwikkeling van overstappunten. De fiets heeft een belangrijke plaats in de ketenmobiliteit. Andere doelen gaan over het organiseren van slim reizen, verbetering van de objectieve verkeersveiligheid en het terugdringen van de negatieve invloed van verkeer op de leefkwaliteit en het milieu. De onderwerpen fiets, openbaar vervoer en het organiseren van slim reizen krijgen een eigen plek in het GVVP. Samenwerkingsprogramma VERDER Rijk en regio tekenden 2006 een bestuursakkoord, waarin zij samen 3,1 miljard euro hebben vrij gemaakt om de doorstroming in de regio te verbeteren. Het samenwerkingsprogramma waarin zij dat doen is VERDER, Mobiliteit in Midden-Nederland. Binnen het VERDER-programma worden diverse maatregelen genomen die ook betrekking hebben op Zeist. In dit GVVP worden deze maatregelen benoemd. Regionale OV-visie (Bestuur Regio Utrecht, 2012) Binnen de OV-visie is er voor gekozen om in te zetten op de zware relaties, het verbindend netwerk.

Daarbij staat een goede en waar mogelijk vrije doorstroming van het busverkeer voorop. De lightrailverbinding Utrecht-Baarn is ook van belang voor Zeist. Naast de zware relaties, wordt voor de dunnere lijnen ingezet op het versoberen en efficiënter maken van het buslijnenstelsel.

Figuur 2: buslijnennet Zeist anno 2013

12

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

5

DVM Sturingsvisie Midden-Nederland (2008) Het doel van Dynamisch Verkeersmanagement (DVM) is het optimaal benutten van de ruimte in het verkeers- en vervoerssysteem. In de DVM Sturingsvisie Midden-Nederland zijn de beleidsmatige keuzes vastgelegd in een prioriteitenkaart en functiekaart, prioritering tussen vervoerwijzen en keuzes in regelscenario’s. De volgende wegen in Zeist maken onderdeel uit van het regionale netwerk: Utrechtseweg, Lageweg, e e 1 Dorpstraat, 2 Dorpsstraat, Driebergseweg, Laan van Beek en Royen, Woudenbergseweg, Krakelingweg, De Dreef, Dijnselburgerlaan, Panweg (tussen De Dreef en Amersfoortseweg), Boulevard (tussen de Dijnselburgerlaan en Krakelingweg), Zandbergenlaan, Dolderseweg, Nieuwe Dolderseweg, Soestdijkerweg en Amersfoortseweg. Over deze wegen wordt regionaal autoverkeer afgewikkeld.

Figuur 3: regionaal netwerk met belangrijkheid van wegen, rechts: focus op Zeist

De Driebergseweg is aangemerkt als regionale verbindingsweg. De overige wegen zijn aangemerkt als stedelijke as of ondersteunende weg. Zij hebben in regionaal verband een lagere functie. De Waterigeweg en Koelaan zijn als beschermde weg opgenomen in het regionale netwerk. Een beschermde weg is een weg om te zorgen dat doorgaande relaties geweerd worden ten gunste van het lokale verkeer, recreatief verkeer en openbaar vervoer. Daarnaast zijn er verkeersmanagementmaatregelen opgenomen, zoals verkeersregelinstallaties, toeritdoseerinstallaties en dynamische routeinformatiepanelen. Ook zijn er maatregelen voor aanpassing van de weginfrastructuur opgenomen, zoals belijning, kleine infrastructurele maatregelen, dynamische rijstrookindeling en het opwaarderen van aansluitingen.

2.4

Lokale beleidskaders

De Structuurvisie (2011) In de Structuurvisie van de gemeente Zeist zijn concrete mobiliteitsdoelstellingen opgenomen: - Stimuleren openbaar vervoer - Knelpunten hoofdfietsroutes oplossen - Verbeteren bereikbaarheid autoverkeer: het bestaande wegennet aanpassen - Tegelijkertijd doorgaand gemotoriseerd verkeer tegengaan en sluiproutes onaantrekkelijk maken

5

Arane Adviseurs in Verkeer en Vervoer, DVM Sturingsvisie Midden-Nederland, Gouda, 2009

13

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

Daarnaast zijn in het Structuurvisie doelen opgenomen om onder meer het groen te versterken. Het GVVP gaat niet over groen. Wel wordt bij de uitvoering van verkeersprojecten het onderwerp groen opgenomen in de integrale afweging. Programma Zeist Duurzaam 2012-2016 en Routekaart Zeist Klimaatneutraal 2050 Duurzaamheid is het centrale en leidende principe voor het gemeentelijk beleid. Dit dient ook terug te komen in de actualisatie van het GVVP. Streven is dat de gemeente Zeist in 2050 klimaatneutraal is. Goede bereikbaarheid is essentieel voor de lokale economie, maar verkeer is een belangrijke bron van CO2-uitstoot. Duurzame mobiliteit draagt bij aan een duurzame economie. Voor Zeist zijn de volgende relevante maatregelen aangegeven: - Gebruik duurzame brandstoffen stimuleren - Voorbereiden op elektrisch rijden - Verbeteren doorstroom fietsverkeer - Openbaar vervoer optimaliseren - Ontsluiting NS stations verbeteren Groen (voor) Zeist, Groenstructuurplan voor binnenstedelijk groen (2011) Het hoofddoel van het Groenstructuurplan is het veiligstellen, koesteren en versterken van het groene karakter van Zeist. Het plan schetst de hoofdlijnen van het beleid voor het openbaar groen en dient als afwegingskader bij verschillende belangen.

Vanuit het oogpunt van verkeer worden – indien er strijdigheden bestaan – afwegingen gemaakt tussen het behoud van de groenstructuur en bijvoorbeeld de verkeersveiligheid of de bereikbaarheid in Zeist. In de praktijk blijken doorgaande groenstructuren en doorgaande autoroutes elkaar vaak te volgen. Geluidsnota Zeist (2006) Het doel van de Geluidsnota Zeist is om de aanwezigheid van geluid in de leefomgeving te reguleren, zodat de gezondheid van de mensen als gevolg van geluidsoverlast niet in het geding komt. De uitgangspunten uit de geluidsnota dienen bij de uitvoeringsprojecten van het GVVP in acht te worden genomen. De volgorde waarin maatregelen worden voorgesteld is: 1. Bron, bijvoorbeeld verkeersintensiteit of de uitvoering van het wegdek. 2. Overdracht, bijvoorbeeld geluidsschermen. 3. Ontvanger, bijvoorbeeld gevelisolatie. Bovengenoemde voorbeelden zijn ter illustratie van de begrippen bron, overdracht en ontvanger. De luchtnota (vaststelling voorjaar 2013) Doel van de luchtnota is het verbeteren van de luchtkwaliteit in Zeist om de gezondheid van de bewoners te beschermen. In Zeist beïnvloeden de grote verkeersaders, zoals de rijkswegen en de provinciale wegen de luchtkwaliteit negatief. Hierop kan Zeist geen directe invloed uitoefenen.

De gemeente Zeist heeft wel invloed op functiescheiding, het goed laten doorstromen van het verkeer, afschermende constructies, voldoende afstand ten opzichte van drukke verkeersaders en het stimuleren van het gebruik van hybride voertuigen en roetfilters.

2.5

Ontwikkeling bevolkingssamenstelling

De bevolkingssamenstelling in Nederland verandert door ontgroening en vergrijzing. Dit beïnvloedt het activiteitenpatroon van de bevolking en daarmee direct het mobiliteitsgedrag. Al vanaf de jaren zeventig is er sprake van dalende geboortecijfers. Hierdoor vergrijst de Nederlandse samenleving. Het aantal ouderen neemt toe. Daarnaast blijven de ouderen veel mobieler. De meeste ouderen beschikken over een auto. Dit betekent dat het aantal sociaalrecreatieve verplaatsingen in de toekomst verder zal toenemen. Ouderen krijgen te maken met vermindering van het zicht, gehoor en reactievermogen. Verkeersveiligheid en ouderen in het verkeer is daarom een belangrijk

14

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

aandachtsgebied. Dat geldt ook voor Zeist. Ondanks het landelijke beeld tonen onderzoeken aan dat de bevolking en het aantal huishoudens in de Utrechtse regio de komende jaren wel blijven groeien.

2.6

Duurzame voertuigen

De technologische ontwikkelingen op het gebied van elektrisch vervoer volgen elkaar in snel tempo op. Voorbeelden zijn de ontwikkeling van hybride en elektrische auto’s, de elektrische fiets en hoogwaardige verbindingen in het openbaar vervoer. De elektrische fiets is al niet meer weg te denken uit het straatbeeld. Het blijkt dat forenzen met een gewone fiets gemiddeld 6,3 km afleggen. Deze afstand neemt toe tot 9,8 km als er gebruik wordt gemaakt van de elektrische fiets. Door de opkomst van de elektrische fiets kan de fiets ook een rol 6 van betekenis gaan spelen bij verplaatsingen van meer dan 10 km. Elektrische voertuigen hebben een positief effect op het milieu, maar herbergen ook risico’s voor de verkeersveiligheid. Elektrische voertuigen zijn geluidsarm, waardoor vooral fietsers en voetgangers onvoldoende geattendeerd worden op naderend verkeer. Bovendien hebben – vooral oudere – fietsers die gebruik maken van de elektrische fiets een hoger risico op ongelukken, vanwege de hogere snelheid. De invloed van de gemeente Zeist op de individuele aanschaf van elektrische voertuigen is beperkt. Maar Zeist zal hoe dan ook te maken krijgen met elektrische voertuigen.

2.7

Informatietechnologie

De technologische ontwikkelingen zorgen voor verbetering van de communicatie en informatie over de verkeerssituatie. Het gaat daarbij om zowel dynamische route-informatie langs de weg als om incarsystemen. Veel automobilisten beschikken over routenavigatie. Het gebruik van bewegwijzering neemt hierdoor af, waardoor ook ongewenste routes in potentie vaker worden gebruikt. Waar mogelijk zal de gemeente Zeist inspelen op individuele route-informatie via bijvoorbeeld de smartphone.

2.8

De kaders voor het GVVP Zeist

Een aantal kaders is recentelijk met intensieve interactieve processen vastgesteld. Andere kaders zijn voortgekomen uit regionale afspraken op bestuurlijk niveau. Tezamen zijn daarom onderstaande vier kaders leidend voor het GVVP: - De Structuurvisie (2011) - De DVM Sturingsvisie Midden-Nederland (2008) - De Regionale OV-visie (2012) - Routekaart Zeist, Klimaatneutraal 2050 (2012) Onderstaand zijn de punten uit deze kaders opgenomen die voor het actualiseren van het GVVP richtinggevend zijn.

6

Loijen, J, Elektrische fiets in Haaglanden, Onderzoek naar het gebruik van de elektrische fiets in Haaglanden, Den Haag, 2011 en Engbers, L. en I. Hendriksen, Elektrische fiets heeft de toekomst, in: Fietsverkeer, nr. 19, 2008.

15

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

-

-

-

-

Duurzaamheid is het centrale en leidende principe Conform Duurzaam Veilig wordt gestreefd naar een monofunctionele indeling van de wegenstructuur met een eenduidige, herkenbare vormgeving die is afgestemd op de functie en het gebruik Prioriteit geven aan fiets en openbaar vervoer Inzetten op mobiliteitsmanagement (slim werken slim reizen) Invulling geven aan duurzaam vervoer Autobereikbaarheid: o Verbeteren van de autobereikbaarheid, door het bestaande wegennet aan te passen. Tegelijkertijd moet het doorgaande gemotoriseerde verkeer worden tegengegaan in waardevolle gebieden en moeten sluiproutes onaantrekkelijk gemaakt worden. o De volgende wegen in Zeist maken onderdeel uit van het regionale e e netwerk: Utrechtseweg, Lageweg, 1 Dorpstraat, 2 Dorpsstraat, Driebergseweg, Laan van Beek en Royen, Woudenbergseweg, Krakelingweg, De Dreef, Dijnselburgerlaan, Panweg (tussen De Dreef en Amersfoortseweg), Boulevard (tussen de Dijnselburgerlaan en Krakelingweg), Zandbergenlaan, Dolderseweg, Nieuwe Dolderseweg, Soestdijkerweg en Amersfoortseweg. Over deze wegen wordt regionaal autoverkeer afgewikkeld. De Waterigeweg en Koelaan zijn als beschermde weg opgenomen in het regionale netwerk. Een beschermde weg is een weg om te zorgen dat doorgaande relaties geweerd worden ten gunste van het lokale verkeer, recreatief verkeer en openbaar vervoer.

Openbaar vervoer: o Binnen de OV-visie is er voor gekozen om in te zetten op de zware relaties, het verbindend netwerk. Naast de zware relaties, wordt voor de dunnere lijnen ingezet op het versoberen en efficiënter maken van het buslijnenstelsel. Het verbeteren van de luchtkwaliteit en het reguleren van de aanwezigheid van geluid in Zeist om de gezondheid van de bewoners te beschermen. Bij verkeersveiligheid focus op jonge beginnende bestuurders, ouderen en fietsers.

De visie en doelen voor het GVVP vinden hun oorsprong in het bovenstaande beleidskader.

16

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

3.

Ambitie, visie en doelen

3.1

Ambitie

Gegeven het kaderstellende beleid en de gemeentelijke ambities op het gebied van duurzaamheid is de Routekaart Klimaatneutraal 2050 als inspiratiebron gebruikt om invulling te geven aan het begrip duurzaamheid in het kader van het GVVP. In de Routekaart is duurzame mobiliteit uitgewerkt aan de hand van de zogenaamde 3 P’s van people, planet en profit. Deze zijn in het GVVP vertaald naar 3 M’en: mens, milieu en meerwaarde. De ambitie is om een duurzaam evenwicht te bereiken tussen deze drie M’en. Het liefst op zodanige wijze dat er win-win-win-situaties ontstaan.

3.2

Visie: de 3 M’en

Mens De M van mens staat voor de sociale dimensie van duurzaamheid. Sociale bereikbaarheid betekent dat iedereen in Zeist volwaardig moet kunnen deelnemen aan de maatschappij en zich dus moet kunnen verplaatsen. Dit vraagt om een toegankelijke openbare ruimte, toegankelijk openbaar vervoer, toegankelijke fiets- en voetpaden en toegankelijkheid met de auto. Mens betekent individuele keuzevrijheid ten aanzien van de vervoerwijze. Dit betekent geen ´autootje pesten´. Maar wel maatregelen om mensen te verleiden van de fiets, het openbaar vervoer, of andere duurzame vormen van vervoer gebruik te maken. Mens vraagt om leefbare woonwijken. Dit betekent het beperken van de verkeersoverlast voor omwonenden, door doorgaand verkeer te voorkomen en de snelheid terug te brengen tot een niveau die past bij de functie, de vorm en het gebruik van de weg. Daarnaast willen we verkeersveilige woonwijken en wegen creëren. De verkeerssituatie bij scholen vraagt om apart aandacht, vanwege de jonge en onervaren verkeersdeelnemers. Naast een gezonde leefomgeving wil de gemeente ook het fietsgebruik stimuleren, om daarmee een gezonde levensstijl te bevorderen. Milieu De M van milieu staat voor de ecologische dimensie van duurzaamheid. De gemeente wil zich inzetten om duurzame vormen van vervoer te stimuleren, om zo de uitstoot van CO2 en de uitputting van de natuurlijke hulpbronnen tegen te gaan.

Het groene karakter en de cultuurhistorische structuren in Zeist willen we graag behouden en versterken. De gemeente Zeist volgt de Ladder van Verdaas bij het nemen van maatregelen om de bereikbaarheid te garanderen en om de aantasting van het groen en de natuur zoveel mogelijk te voorkomen. Meerwaarde De M van meerwaarde staat voor de economische dimensie van duurzaamheid. Een optimale bereikbaarheid is essentieel voor economische ontwikkeling van Zeist. Het duurzaam bereikbaar houden van het centrum van Zeist, de centrale voorzieningen, werkgebieden en woonwijken staat voorop. Om de bereikbaarheid een duurzame invulling te geven, wordt bij het nemen van maatregelen de Ladder van Verdaas gevolgd. De Ladder van Verdaas heeft als doel het voorkomen van de aanleg van dure nieuwe infrastructuur, als het ook met goedkopere, slimme maatregelen kan. De gemeente

17

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

zet in op het stimuleren van het fiets- en OV-gebruik, het slimmer reizen en het benutten van bestaande (auto-)infrastructuur.

3.3

Van visie naar doelen

De visie vanuit mens, milieu en meerwaarde laat zich vertalen naar drie meer aan verkeer en vervoer gerelateerde doelen: veiligheid, leefbaarheid en bereikbaarheid. Om op een later moment te bepalen of deze doelen zijn behaald, zijn indicatoren opgesteld. In een schema ziet de relatie tussen visie, doelen en indicatoren er als volgt uit.

Duurzame mobiliteit 2023 Mens Veiligheid Verkeersveiligheid - Ongevallen

Milieu Leefbaarheid Verblijfskwaliteit - Oversteekbaarheid - Snelheid - Intensiteit - Doorgaand verkeer - Lucht en geluid

Fiets - Fietsgebruik - Comfort - Oponthoud

Meerwaarde Bereikbaarheid Openbaar Vervoer - OV-gebruik - Beschikbaarheid - Toegankelijkheid - Reistijd OV

Auto - Reistijd auto

Figuur 4: schematisch overzicht van relaties tussen visie, doelen en indicatoren

Op basis van de indicatoren kan bepaald worden in welke mate doelen zijn bereikt. Voorwaarde is dan wel dat de doelstellingen de volgende eigenschappen bezitten: specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdgebonden. Afgaande op de eerste letter van de deze eigenschappen worden doelstellingen die daaraan voldoen ook wel SMART-geformuleerde doelstellingen genoemd.

Meetbaar Specifiek Acceptabel

SMART Tijdgebonden Realistisch

Onderstaand zijn de SMART-geformuleerde doelen weergegeven In bijlage 5 zijn de eigenschappen specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdgebonden verder uitgewerkt.

Verkeersveiligheid Het aantal verkeersdoden en ziekenhuisgewonden in de gemeente Zeist is gedaald tot maximaal 2 verkeersdoden en 20 ziekenhuisgewonden per jaar in 2023.

18

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

Leefbaarheid en verblijfskwaliteit e e - In 2023 is bij iedere kruising van 1 en 2 orde wegen een oversteekvoorziening aanwezig, aangevuld met oversteekvoorzieningen op veelgebruikte looproutes die e e wegen van de 1 en 2 orde op wegvakniveau kruisen. - De gemiddelde snelheid in verblijfsgebieden binnen de bebouwde kom is maximaal 35 km/u in 2023. - De intensiteit in woonstraten bedraagt maximaal 2.500 motorvoertuigen per etmaal en op buurtverzamelwegen maximaal 5.000 motorvoertuigen per etmaal in 2023. e e - De gemiddelde snelheid op 1 en 2 orde wegen binnen de bebouwde kom is maximaal 55 km/uur in 2023. e - De intensiteit op 2 orde wegen bedraagt maximaal 10.000 (krap profiel) of 15.000 (ruim profiel) motorvoertuigen per etmaal per etmaal in 2023. - Doorgaand autoverkeer weren uit centrum en woonwijken. Dus het doorgaande e verkeer te concentreren op de wegen van de 1 orde.

-

De doelstelling voor lucht luidt als volgt: Bij de uitvoering van verkeersprojecten die redelijkerwijs effect hebben op de luchtkwaliteit worden de gevolgen voor luchtkwaliteit per project in beeld gebracht en meegewogen. De luchtkwaliteit mag niet verslechteren ten opzichte van de bestaande situatie (grenswaarde), streven is verbetering van de luchtkwaliteit (streefwaarde). Hierbij wordt de saldobenadering gehanteerd, waarbij het effect van verkeersprojecten niet beperkt hoeft te zijn tot de projectlocatie zelf.

-

De doelstelling voor geluid kent een deel op projectniveau en een deel op gemeentelijk niveau: Bij de uitvoering van verkeersprojecten die redelijkerwijs effect hebben op de geluidsbelasting bij geluidsgevoelige bestemmingen worden de gevolgen voor geluid per project in beeld gebracht en meegewogen. De geluidsbelasting mag niet zondermeer ergens 1,5 dB verslechteren ten opzichte van de bestaande situatie (grenswaarde). Streven is verbetering van de geluidsbelasting (streefwaarde). Hierbij wordt de saldobenadering gehanteerd, waarbij het effect van verkeersprojecten niet beperkt hoeft te zijn tot de projectlocatie zelf. De gemeente heeft beperkte invloed op de autonome groei van het verkeer. Het aantal geluidsgehinderden binnen de gemeente mag niet groter worden dan op grond van de autonome groei verwacht mag worden (grenswaarde), de ambitie is om het aantal geluidsgehinderden niet te laten toenemen (streefwaarde).

19

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

Bereikbaarheid: fiets, openbaar vervoer en auto - Het fietsgebruik (de etmaalintensiteit op een werkdag) op de hoofdfietsroutes in Zeist groeit jaarlijks met 1,5% in de periode tot 2023. - Het fietscomfort van de vijf belangrijkste hoofdfietsroutes in Zeist scoort in 2023 ´goed´ op fietsbalans van de Fietsersbond (streefwaarde). - Oponthoud voor de fiets bij verkeerslichten bedraagt in 2023 maximaal X seconden. e Dit is een grenswaarde bij oversteken die niet gelegen zijn over een 1 orde weg. Bij e oversteken over een 1 orde weg is sprake van een streefwaarde*. - Het gebruik is op alle buslijnen tezamen in Zeist in 2023 gegroeid met jaarlijks 2,5%. - De inwoners van de bebouwde kommen van Zeist dienen een OV-halte binnen een straal van hemelsbreed 600 meter beschikbaar te hebben in 2023. - Hoewel gestreefd wordt naar 100% toegankelijkheid van de OV-haltes in 2023 volgens de regionale richtlijnen, wordt 95% toegankelijkheid geaccepteerd als grenswaarde. - De vertraging van de buslijnen die wordt opgelopen op het Zeister wegennet is in 2023 maximaal X minuten of maximaal X x de reistijd volgens de dienstregeling**. e - De autoreistijd in de spits is op wegen van de 1 orde maximaal 2,0 x de reistijd in de daluren in alle jaren in de periode tot 2023. *: In regionaal verband zal in de eerste helft van 2013 een uitspraak worden gedaan over regionale normen.

Zeist zal daar dan bij aansluiten. **: In regionaal verband zal in de eerste helft van 2013 in het 'Streefbeeld 2020' een uitspraak worden gedaan over regionale normen. Zeist zal daar dan bij aansluiten

20

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

4.

Op naar maatregelen

4.1

Inleiding

De visie en doelen van het GVVP zijn voor een belangrijk deel gericht op duurzaamheid. Duurzaam vanuit het oogpunt van natuur, milieu, ruimtebeslag en veiligheid, Duurzaam Veilig. Om de duurzame aanpak ook in de maatregelen voort te zetten, zijn deze opgesteld volgens de Ladder van Verdaas. Toegepast op Zeist kent de Ladder van Verdaas dan de onderstaande stappen (zie ook de uitgebreide uitleg in hoofdstuk 1): 1. 2. 3. 4. 5. 6.

fiets openbaar vervoer slim werken slim reizen duurzaam vervoer benutten van auto-infrastructuur aanpassen bestaande auto-infrastructuur

Verkeersveiligheid maakt geen deel uit van de ladder, maar is wel een essentieel onderdeel van het GVVP. Dit onderwerp krijgt daarom een plaats voorafgaand aan de maatregelen, zoals benoemd in de Ladder van Verdaas. De stappen 5 en 6 zijn geïntegreerd in paragraaf 4.7: autoverkeer. In het verstedelijkt gebied van Zeist is geen ruimte voor de aanleg van nieuwe auto-infrastructuur (anders dan vervangen of aanpassen). Daarbuiten is er geen behoefte om nieuwe auto-infrastructuur aan te leggen. Daarom is dit onderdeel hier niet vermeld. Een voorbeeld van aanleg van nieuwe autoinfrastructuur is de Krakelingweg (afgerond in 2011). Goederenvervoer (zie paragraaf 4.8) en voetgangers (zie paragraaf 4.9) hebben geen plaats op de ladder, maar maken wel onderdeel uit van het GVVP. Ze worden aansluitend behandeld.

4.2

Verkeersveiligheid

4.2.1

Uitgangspunt is Duurzaam Veilig

Voorkomen is beter dan genezen. Dat geldt ook binnen het preventieve karakter van Duurzaam Veilig. Duurzaam Veilig wordt in Nederland breed toegepast door verschillende overheden. Het doel is om de verkeersveiligheid van het wegverkeer op een duurzame manier te vergroten. Duurzaam wil in dit kader zeggen dat er niet achteraf maatregelen worden genomen om verkeersonveilige situaties aan te pakken, maar dat er van de maatregelen een preventieve werking uitgaat. Aan de hand van de 7 onderstaande vijf – door wetenschappelijk onderzoek onderbouwde – principes kan Duurzaam Veilig 8 worden uitgelegd : - functionaliteit; - homogeniteit; - herkenbaarheid; - vergevingsgezindheid; 9 - statusonderkenning . In het kort betekent dit dat het doorgaande verkeer zich op autosnelwegen en andere verkeersaders concentreert. Doorgaand verkeer in verblijfsgebieden (woon-, winkel-, of werkfuncties) wordt geweerd, want deze gebieden zijn bedoeld voor autoverkeer dat er een herkomst of bestemming heeft. Een maximum snelheid van 30 km/uur en verkeersbeperkende maatregelen moeten dit ondersteunen. Hoe kleiner verschillen in snelheid, richting en gewicht des te minder kans er bestaat op ernstige 7

Volgens de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV). Voor uitgebreide informatie zie: www.doormetduurzaamveilig.nl 9 Statusonderkenning richt zich op de rol van de mens in het voorkomen van ongevallen en/of letsel. Het gaat om weten wat je kunt: hoe goed vind je jezelf en hoe goed ben je in werkelijkheid? 8

21

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

ongevallen. Waar deze verschillen toenemen, moeten dus maatregelen worden getroffen. Te denken valt aan vrijliggende fietspaden langs wegen waar veel auto’s 50 km/uur rijden. Verder moet het wegbeeld aansluiten bij de verwachtingen. Zo passen bijvoorbeeld vrijliggende fietspaden niet in een woonstraat. Hoewel deze ontwerpgerichte aspecten een belangrijk onderdeel vormen van Duurzaam Veilig, is het ook belangrijk dat weggebruikers rekening houden met elkaar. Bijvoorbeeld door te accepteren dat andere (ook) fouten maken en als dat het geval is alsnog een ongeval zien te voorkomen. Dit hangt samen met een andere menselijke factor: de mate waarin iemand in staat is om deel te nemen aan het verkeer en de mate waarin verkeersdeelnemers dat zelf onderkennen. Ouderdom leidt veelal tot een vertraagde reactietijd, terwijl kinderen moeilijk gevolgen kunnen overzien. Duurzaam Veilig maakt onderscheid in typen wegen. Voor dit GVVP zijn de ‘gebiedsontsluitingswegen’ en ‘erftoegangswegen’ van belang. De gebiedsontsluitingswegen zijn de e doorgaande wegen die Zeist verbinden met gemeenten daar omheen (1 orde-wegen) en er zijn e wegen die wijken onderling verbinden (2 orde-wegen). De erftoegangswegen die in Zeist worden onderscheiden zijn buurtverzamelwegen en woonstraten. Het principe van Duurzaam Veilig is concreet voor Zeist uitgewerkt in paragraaf 4.7.

Datzelfde geldt voor een uitgebreidere beschrijving van de typen wegen. Deze zijn hier al kort beschreven omdat er bij de paragrafen over fiets en openbaar vervoer al naar wordt verwezen. 4.2.2

Verkeersveiligheid bij scholen

Het Utrechts Verkeersveiligheids Label (UVL) is het Utrechtse kwaliteitskeurmerk voor basisscholen die verkeerseducatie van de leerlingen en verkeersveiligheid rond de school structureel aanpakken. Op dit moment beschikken vier scholen in Zeist over het UVL. In het nog op te stellen Actieplan Verkeersveiligheid worden de concrete maatregelen uitgewerkt om het UVL verder binnen Zeist gestalte te geven. 4.2.3

Voorlichting en educatie

Bij voorlichting en educatie gaat het om de communicatie naar bewoners en scholieren van Zeist als weggebruikers. In het nog op te stellen Actieplan Verkeersveiligheid worden hiervoor de concrete maatregelen uitgewerkt. Dit Actieplan geldt als uitwerking van de Beleidsimpuls Verkeersveiligheid, die zich focust op een aantal doelgroepen, namelijk jonge beginnende bestuurders, ouderen en fietsers (zie paragraaf 2.2).

4.3

Fiets

4.3.1

Uitgangspunten fietsnetwerk

Een fietsnetwerk wordt verkeerskundig bezien opgebouwd vanuit vijf eisen: samenhang, directheid, veiligheid, comfort en aantrekkelijkheid. Deze eisen zijn leidend geweest bij het opstellen van het fietsnetwerk Zeist. Binnen het fietsnetwerk is onderscheid gemaakt tussen hoofdfietsroutes en fietsroutes. De hoofdfietsroutes zijn de belangrijkste fietsroutes, die ook het meest gebruikt worden. Het hoofdfietsroutenetwerk is primair opgebouwd uit het regionale netwerk van de provincie Utrecht, aangevuld met de belangrijkste lokale fietsroutes. De hoofdfietsroutes zijn bedoeld voor onder meer de volgende doelgroepen: - middelbare scholieren van plaatsen buiten Zeist en vanuit Zeist naar de middelbare scholen in Zeist - fietsers vanuit de buitenwijken en dorpen naar het centrum van Zeist - fietsers vanuit de buitenwijken en dorpen naar station Driebergen-Zeist - fietsers van plaatsen rondom Zeist naar het centrum van Zeist - doorgaande (regionale) fietsers

22

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

Naast de hoofdfietsroutes zijn er de reguliere fietsroutes, het basisnetwerk. Binnen de bebouwde kom gaat het hierbij om de ontsluitende verbindingen op buurtniveau. Het basisfietsnetwerk is opgebouwd aan de hand van de rastermethode. Dit betekent dat alle buurten worden ontsloten met fietsroutes. In e e de praktijk zijn dit de wegen van de 1 en 2 orde en (een aantal) buurtverzamelwegen. De maat voor de maaswijdte is afhankelijk van de kwaliteitseisen die men stelt. Voor het basisnetwerk geldt volgens de CROW Ontwerpwijzer Fietsverkeer een maaswijdte van maximaal 250 m. Daarmee kunnen de meeste woonbuurten bediend worden. Na vaststelling van het rasternetwerk, is bepaald welke fietsrelaties nog ontbreken of die onvoldoende worden bediend. Dit is gebeurd door herkomst-bestemmingsrelaties na te gaan, zoals naar scholen, openbaar vervoersknopen (treinstations) of werkgebieden. Ook deze zijn aan het fietsnetwerk toegevoegd. Hierbij zijn ook de solitaire fietspaden opgenomen. Het netwerk ziet er als volgt uit.

Figuur 5: Fietsnetwerk Zeist

23

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

4.3.2

Inrichting

Om een vertaalslag te kunnen maken naar maatregelen zijn richtlijnen voor de inrichting van het fietsnetwerk nodig. Deze richtlijnen zijn opgenomen in bijlage 6. De richtlijnen zijn gebaseerd op landelijke richtlijnen en toepasbaar gemaakt op Zeist. Bij de ambities ten aanzien van bijvoorbeeld de breedte van het fietspad en de verlichting van fietspaden, zal er telkens een afweging moeten worden gemaakt in relatie tot het behoud van groen en natuurwaarden. Fietsstraten Een specifieke fietsvoorziening is de fietsstraat. Een fietsstraat is een straat die ingericht is als fietsroute, maar waarop tevens auto's zijn toegestaan. Het autogebruik wordt beperkt door het karakter en de inrichting van de fietsstraat. De positie van het autoverkeer op de straat is ondergeschikt aan die voor het fietsverkeer. Bij een ondergeschikte positie van de auto past ook een aangepaste autosnelheid van maximaal 30 km/uur. De snelheid kan worden afgedwongen door een aangepast wegprofiel of aanvullende snelheidsremmende voorzieningen voor autoverkeer. Fietsstraten worden alleen toegepast bij hoofdfietsroutes door verblijfsgebieden, waarbij er sprake is van veel fietsverkeer en weinig autoverkeer. Hieronder wordt verstaan: - Woonstraten tot 500 motorvoertuigen per etmaal en bij een minstens twee keer zo hoge fietsintensiteit: de breedte en profielindeling zijn vrij te kiezen (zie bijlage 7).

- Woonstraten 500 tot 2.500 motorvoertuigen per etmaal en bij een minstens twee keer zo hoge fietsintensiteit: een aangepaste indeling van het profiel is nodig om de bovengeschiktheid van het fietsverkeer aan te geven (zie bijlage 7). Meer informatie over de fietsstraat is te vinden in bijlage 7. 4.3.3

Uitgangspunten fietsparkeren

Om het fietsgebruik te stimuleren zijn voldoende en hoogwaardige fietsparkeervoorzieningen noodzakelijk. De volgende functies worden onderscheiden: Centrumgebied OV-knopen Attractiepunten Scholen Bedrijven Fietsparkeervoorzieningen kennen volgende eisen: Locatie: Fietsparkeervoorzieningen moeten langs toeleidende fietsroutes liggen en binnen acceptabele afstand tot de bestemming (het streven is zo dicht mogelijk bij de bestemming, maar de maximale loopafstand is 50 meter, behalve op de treinstations). Aantal: Er moeten voldoende voorzieningen zijn, uitgegaan van 80% = vol. Kwaliteit: De fiets moet goed kunnen worden verankerd en daarnaast moet de fietsparkeervoorziening eenvoudig in gebruik zijn. Locatie fietsparkeervoorzieningen Centrumgebied Het centrumgebied kenmerkt zich door de aanwezigheid van verschillende functies, zoals wonen, werken, winkelen, recreëren. Binnen het centrumgebied zijn er specifieke locaties aan te wijzen die veel fietsers aantrekken, zogenaamde ‘fietsmagneten’. Veel voorkomende fietsmagneten zijn bijvoorbeeld supermarkten en grote warenhuizen. Bij deze specifieke locaties dienen voldoende stallingsvoorzieningen aanwezig te zijn op korte loopafstand. Over het gehele centrum geldt dat voldoende fietsparkeergelegenheid aanwezig moet zijn. Hoe dat precies verdeeld wordt, maakt onderdeel uit van het Centrumplan.

24

Duurzaam verkeer en vervoer, Actualisatie GVVP Zeist 2014-2023, ambtelijk concept 28 februari 2013

Fietsdiefstal is een van de belangrijkste redenen om niet de fiets te gebruiken. Onderzocht wordt of bewaakte en/of betaalde stallingen wenselijk en haalbaar zijn. Het onderzoeksgebied betreft het centrum, station Driebergen-Zeist en station Den Dolder. In de Parkeernota en het Centrumplan wordt dit onderwerp geconcretiseerd. Een andere mogelijkheid om de fietsdiefstal aan te pakken is de uitvoering van de fietsdiefstalscan door de Fietsersbond. Op basis van de scan worden aanbevelingen gedaan om fietsdiefstal te verminderen. Het gaat daarbij om maatregelen, zoals het plaatsen van meer en betere fietsenrekken op diverse locatie, regelmatige analyse van fietsdiefstalcijfers, intensivering van de controle op straat. OV-knopen Openbaar vervoerknopen komen voor in de vorm van treinstations en bushaltes. Op treinstations moeten voor zowel vaste als incidentele treinreizigers voldoende mogelijkheden zijn om hun fiets in een bewaakte of onbewaakte fietsparkeervoorziening te plaatsen. De loopafstand naar de stationsingang bedraagt maximaal 200 meter voor een beveiligde en 50 meter voor een onbeveiligde fietsparkeervoorziening. Overigens is het plaatsen van de stallingsvoorzieningen bij treinstations een verantwoordelijkheid van ProRail. Bij bushaltes gaat het om duidelijke locaties van beperkte omvang.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9975881/1