02-23RV030 BP Kavels Westflank Vliegbasis Soesterberg
Tekst van het document
Activiteit: herontwikkeling het gebied van de voormalige Vliegbasis Soesterberg tot een hoogwaardig natuurgebied met recreatief medegebruik, recreatieve functies (bezoekerscentrum en museumkwartier) en een woningbouwlocatie.
De Commissie adviseert, met het oog op gestelde natuurdoelen die door recreatiedruk mogelijk niet gehaald worden, maatregelen achter de hand uit te werken die deze druk verminderen.
Initiatiefnemers: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Soest en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zeist Bevoegde gezagsorganen: de gemeenteraad van de gemeente Soest en de gemeenteraad van de gemeente Zeist Besluit: vaststellen bestemmingsplan Vliegbasis Soesterberg
Procedurele gegevens: advies aanvraag reikwijdte en detailniveau plan-MER: 1 5 april 2008 advies reikwijdte en detailniveau: 28 april 2008 ter inzage legging plan-MER: 22 december 2009 t / m 1 5 februari 2010 aanvraag toetsingsadvies bij de Commissie m.e.r.: 18 december 2009 toetsingsadvies uitgebracht: 4 maart 2010 aanvraag toetsingsadvies over het besluit-MER: 13 mei 2011 aankondiging start procedure in de Soester Courant, de Nieuwsbode en Soest Nu:l juni 2011 ter inzagelegging besluit-MER: 3 juni t / m 14 juli 2011 toetsingadvies uitgebracht: 25 augustus 2011 Samenstelling van de werkgroep: Per project stelt de Commissie een werkgroep samen bestaande uit enkele deskundigen, een voorzitter en een werkgroepsecretaris. De werkgroepsamenstelling bij het onderhavige project is als volgt: mr. F.W.R. Evers (voorzitter) drs. S.R.J. jansen (tot 10 juli 2011) drs. A. van Leerdam (vanaf 25 juli 2011) prof. dr. J.M. Mastop D. Spel (secretaris) ir. J. Termorshuizen
De Commissie adviseert om de monitoring mede te richten op de effecten van vermestende en verzurende depositie, gelet op de huidige onzekerheid in de reductie hiervan alsmede de onzekerheid van precieze effecten in het plangebied. Maatregelen ter compensatie hiervan kunnen eveneens achter de hand worden gehouden.
2.1.2 Tijdig realiseren biotopen Bij de omvorming van natuur is het van belang om bestaande groeiplaatsen en leefgebieden te behouden totdat vestiging van habitats en soorten op nieuwe locaties heeft plaatsgevonden. Hierdoor kunnen negatieve effecten op de aanwezige bijzondere habitats en soorten worden voorkomen. Omdat vestiging op nieuwe locaties soms jaren in beslag kan nemen en er hierdoor een spanningsveld kan ontstaan tussen natuurbehoud en de ontwikkeling van het plangebied is het van belang:
het milieubelang volwaardig mee te kunnen wegen in de besluitvorming. De Commissie gaat
de voorwaarden aan de ontwikkeling van het plangebied vanuit behoud van bijzondere levensgemeenschappen en soorten duidelijk vast te leggen en te borgen;
•
vroegtijdig, zo mogelijk al voorafgaand aan besluitvorming over het voornemen, te beginnen met de inrichting van nieuwe locaties voor habitats en soorten.
De Commissie adviseert voor de vervolgbesluitvorming een concrete uitwerking te maken van: •
de voorwaarden voor de fasering en uitvoering van omvormingswerkzaamheden en de borging hiervan in werk- en uitvoeringsplannen;
•
het tijdig mogelijk maken en monitoren van de migratie naar en vestiging van bijzondere habitats en soorten op nieuwe locaties.
Werkwijze Commissie bij toetsing: Tijdens de toetsing gaat de Commissie na of het MER voldoende juiste informatie bevat om
•
bij het toetsen uit van de wettelijke eisen voor de inhoud van een MER, zoals aangegeven in artikel 7.7 dan wel 7.23 van de Wet milieubeheer en de eventuele documenten over de reikwijdte en het detailniveau van het MER. Indien informatie ontbreekt, onvolledig of onjuist is, beoordeelt de Commissie of zij dit een essentiële tekortkoming vindt. Daarvan is sprake, als
-3-
2.1.3 Corridorfunctie voor Boommarter en Edelhert
De Commissie adviseert voor de uitwerking van het voornemen een meer gedetailleerde visualisatie te maken van de landschappelijke inpassing.
De Commissie is kritisch over de geschiktheid van het plangebied als ecologische verbindingszone voor soortgroepen zoals de Boommarter en het Edelhert. Het plangebied heeft een corridorfunctie voor ondermeer deze soorten en vormt een schakel in de verbinding tussen natuurgebieden. Het toekomstig recreatief gebruik van het gebied kan mogelijk een belemmering zijn voor de migratie van en het gebruik als leef- en foerageergebied voor deze doelsoorten. Het concept inrichtings- en beheerplan geeft aan dat met inrichtingsmaatregelen en met toezicht en handhaving het plangebied geschikt zal zijn als ecologische verbindingszone. Innovatieve concepten als de 'ecozebra', een bosverbinding die de landingsbaan kruist zonder het doorzicht en ervaring van de baan weg te nemen, worden hiervoor uitgewerkt.'' In het spanningsveld tussen enerzijds de recreatieve druk en anderzijds de verstoringgevoeligheid van doelsoorten ligt de uitdaging om het plangebied als ecologische verbindingszone tot zijn recht te laten komen. De Commissie adviseert in de definitieve versie van het inrichtings- en beheerplan te onderzoeken of aanvullende inrichtings- en beheermaatregelen gericht op het optimaliseren van het gebied als migratiezone voor Boommarter en Edelhert mogelijk zijn.
2.2
Verkeer en vervoer Een ambitie voor het Museumkwartier is dat 10-15% van de bezoekers gebruik maakt van een hoogwaardige ontsluiting per openbaar vervoer (OV). Het MER noemt een aantal mogelijkheden om deze ambitie te bereiken en maakt inzichtelijk wat de effecten zijn wanneer de OVambitie niet wordt bereikt. De Commissie onderschrijft de conclusie in het MER dat de effecten hiervan (toename autoverkeer van 2%) verwaarloosbaar zijn. De mogelijkheden om de OV-ambitie te kunnen bereiken blijft volgens de Commissie desondanks een aandachtspunt in het vervolgproces. De Commissie adviseert bij de uitwerking van het voornemen aandacht te besteden aan de mogelijkheden om de OV-ambitie te kunnen bereiken.
2.3
Landschappelijke inpassing Het ruimtelijk plan geeft een visuele impressie van de landschappelijke inpassing van het museumkwartier en de woningbouw. Een meer gedetailleerde ruimtelijke uitwerking van het museumkwartier en de woningbouwlocatie is nog niet gemaakt. In het besluit-MER is, in aanvulling op het ruimtelijk plan, een uitwerking gemaakt van de visuele impact van het voornemen. Op basis van een meer gedetailleerde uitwerking blijft aandacht voor de landschappelijke inpassing van het voornemen van belang.
Zie paragraaf 4.4 Inrichtings- en beheerplan.
-4-
-5-
bestemmingsplan Kavels Westflank Vliegbasis Soesterberg
Bijlage 3 Bodemrapport 1
45
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A, (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
Verkennend bodemonderzoek Dolderseweg, deelgebied A, (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
Opdrachtgever Provincie Utrecht de heer T.van Riezen Postbus 80300 3508 TH Utrecht Adviesbureau Geofoxx Tielweg 10 Postbus 2026 2800 BD GOUDA Tel. 0182 - 729000
Status versie 1 Datum juni 2017 Projectnummer 20161669/WHUI Documentkenmerk 20161669_a1RAP_Deelgebied A_loc1
Auteur A.G. Ouwehand Paraaf:
Controle / vrijgave Drs. P.H. van Vianen Paraaf:
Verkennend bodemonderzoek Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
Inhoudsopgave 1
Inleiding
1
2
Vooronderzoek en onderzoeksopzet 2.1 Algemeen 2.2 Huidig gebruik en algemene gegevens 2.3 Historisch gebruik 2.4 Toekomstig gebruik 2.5 Belendende percelen 2.6 Resultaten eerder uitgevoerd bodemonderzoek 2.7 Bodemopbouw en geohydrologie 2.8 Onderzoeksopzet
2 2 2 4 4 4 4 5 5
3
Werkzaamheden, resultaten en interpretatie 3.1 Kwaliteit 3.2 Werkzaamheden 3.3 Resultaten veldonderzoek 3.4 Resultaten laboratoriumonderzoek 3.5 Interpretatie resultaten
6 6 6 7 7 8
4
Samenvatting, conclusies en advies
9
Bijlagen 1 Situatietekeningen 1.1 Topografische ligging locatie 1.2 Kadastrale omgevingskaart 1.3 Situatieschets met boorpunten 2 Boorstaten 3 Analyseresultaten 4 Toetsingscriteria en -tabellen 5 Toelichting bodemonderzoek 6 Kopieën historisch onderzoek 7 Foto’s 8 Onafhankelijkheidsverklaring veldwerker
Projectnummer
Datum
20161669_1/WHUI
juni 2017
-/-
Verkennend bodemonderzoek Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
1
Inleiding
In opdracht van Provincie Utrecht heeft Geofoxx, als onafhankelijk adviesbureau1, een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de locatie Dolderseweg, deelgebied A, nabij vliegbasis Soesterberg. Het deelgebied A is voor het onderzoek verdeeld in 4 afzonderlijke locaties elk corresponderend met een kadastraal perceel. Locatie 1 betreft kadastraal perceel Zeist, sectie A, nummer 4575. De aanleiding van het onderzoek wordt gevormd door de voorgenomen verkoop van de locatie, in de toekomst staat er nieuwbouw gepland. Het onderzoek heeft tot doel om de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond) te bepalen. In het rapport komt het volgende aan de orde: het vooronderzoek en de onderzoeksopzet, de veldwerkzaamheden inclusief het zintuiglijk onderzoek, het chemisch onderzoek, de interpretatie van de verzamelde gegevens, de conclusies en het advies.
1
De opdrachtgever en terreineigenaar zijn geen zuster- of moederbedrijf en komen niet uit de eigen organisatie zodat de onafhankelijkheid van het onderzoek is gewaarborgd. Geofoxx is een handelsnaam van Geofox-Lexmond bv, statutair gevestigd te Oldenzaal en ingeschreven in het handelsregister onder nr. 06056452. Op alle opdrachten zijn de algemene voorwaarden van Geofox-Lexmond bv van toepassing. Deze voorwaarden zijn te vinden op geofoxx.nl.
1/9
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
2
Vooronderzoek en onderzoeksopzet
2.1
Algemeen
Om vast te stellen of er aanleiding is om op (delen van) de onderzoekslocatie verontreinigingen te verwachten, en zo ja, om welke stoffen het daarbij gaat, is voorafgaand aan het bodemonderzoek een vooronderzoek uitgevoerd. Het vooronderzoek is uitgevoerd op basis van de NEN57252. Op grond van de verzamelde basisinformatie, de aanleiding van het onderzoek en de mate van verdachtheid is, conform de NEN5725, een standaard vooronderzoek uitgevoerd. Hiertoe is informatie verzameld over het voormalige, huidige en toekomstige gebruik van het terrein en de directe omgeving, alsmede gegevens over de bodemopbouw en geohydrologie. In de volgende paragrafen is de verkregen informatie vastgelegd per geraadpleegde informatiebron.
2.2
Huidig gebruik en algemene gegevens
Op onderstaande luchtfoto is de onderzoekslocatie even ten oosten van de N238 en ten westen van de voormalige startbaan van het vliegveld gelegen.
(Bron: Google maps) Het onderzoeksgebied (deelgebied A) is opgedeeld in 4 deellocaties : locatie 1, perceelnummer 4575; locatie 2, perceelnummer 4577; locatie 3, perceelnummer 2875; locatie 4, perceelnummer 4643.
2
NEN5725 (Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader bodemonderzoek, januari 2009).
Projectnummer
Datum
20161669_1/WHUI
juni 2017
2/9
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
Deelgebied A, locatie 1
(Foto: J. Sietsma)
De algemene gegevens van de locatie zijn opgenomen in tabel 2.1. In bijlage 1 zijn de topografische ligging van de onderzochte locatie, een kadastrale omgevingskaart en een situatieschets met de boorpunten (ook van andere locaties) opgenomen. In bijlage 7 zijn meerdere foto’s van de verschillende locaties opgenomen.
Tabel 2.1: Algemene gegevens onderzoekslocatie Algemene gegevens onderzoekslocatie Eigenaar: Provincie Utrecht Gebruiker: n.v.t. Huidige functie: Bos, braakliggend Huidig gebruik: n.v.t. Bebouwing: Geen Verharding: Geen Oppervlakte terrein: Ca. 17000 m2 (deelgebied A) Oppervlakte onderzoekslocatie: ca. 3500 m2 Kadastraal bekend Gemeente Zeist, sectie A, perceelnummer 4575
asbest Tijdens een locatie-inspectie is zintuiglijk geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Bronnen:
opdrachtgever; kadaster; locatiebezoek.
Projectnummer
Datum
20161669_1/WHUI
juni 2017
3/9
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
2.3
Historisch gebruik
In bijlage 6 zijn relevante kopieën van de historische gegevens opgenomen. Navolgend is de meest relevante informatie opgenomen. Bron:
Provincie Utrecht, afdeling Uitvoering Fysieke Leefomgeving, contactpersoon T. van Riezen Bodemloket.nl
Informatie: Het terrein is gelegen ten westen van de voormalige vliegbasis Soesterberg en betreft bosrijk gebied. Er heeft op de onderzoekslocatie een explosievenonderzoek plaatsgevonden, er zijn echter geen explosieven gevonden Bij het vooronderzoek zijn geen aanwijzingen gevonden dat er op het terrein activiteiten hebben plaatsgevonden die een bodemverontreiniging kunnen veroorzaken. Wel zijn diverse gegevens bekend betreffende het naastgelegen voormalige vliegveld. Eventuele verdachte locaties zijn echter op ruime afstand van de onderzoekslocatie gelegen.
2.4
Toekomstig gebruik
De locatie zal worden verkocht en in de toekomst is er nieuwbouw gepland.
2.5
Belendende percelen
De onderzoekslocatie bestaat uit 4 deellocaties die liggen in een bosrijk gebied ten westen van de voormalige vliegbasis Soesterberg. Ten westen van de onderzoekslocatie ligt de autoweg N238. Er is geen reden om aan te nemen dat activiteiten in de nabijheid van de locatie hebben geleid tot bodemverontreiniging en daarmee tot aantasting van de bodemkwaliteit op de onderzoekslocatie.
2.6
Resultaten eerder uitgevoerd bodemonderzoek
In 2009 heeft Geofoxx op 3 verschillende deellocaties nabij de onderzoekslocatie bodemonderzoek aan de Amersfoortsestraat (kadastraal bekend: gemeente Soest, sectie E, 3237) verricht (Verkennend- en nader bodemonderzoek te Vliegbasis Soesterberg, GeofoxLexmond, kenmerk 20082801/JABO, 30 januari 2009). De conclusie die uit dit onderzoek getrokken kan worden is dat de bodem niet verontreinigd is met de onderzochte parameters. Omdat het grondwater zich dieper bevindt dan 12,0 mmv is dit niet onderzocht. In november 2016 is deze locatie aan de Amersfoortsestraat opnieuw onderzocht (Verkennend bodemonderzoek door Geofoxx, met kenmerk 20161670 d.d. 4 november 2016). Conclusie uit dit onderzoek is dat tijdens het zintuiglijk onderzoek in de bovengrond op één locatie bodemvreemd materiaal aangetroffen in de vorm van baksteenresten. Bij het chemisch onderzoek zijn in de boven- en ondergrond geen verontreinigingen aangetroffen.
Projectnummer
Datum
20161669_1/WHUI
juni 2017
4/9
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
Verdere informatie over bodemonderzoeken en historische informatie zijn weergeven in bijlage 6: het Bodemloket. Deze informatie heeft overigens betrekking op de vliegbasis waar onderhavige deellocatie destijds (formeel) deel van uitmaakte. Er zijn echter geen bodembedreigende activiteiten op dit deel van de locatie uitgevoerd.
2.7
Bodemopbouw en geohydrologie
Aan de grondwaterkaarten van de Dienst Grondwaterverkenning van TNO (kaartblad 32 west, 1978) zijn gegevens ontleend over de regionale bodemopbouw en geohydrologie. Regionaal In tabel 2.2 is schematisch de regionale bodemopbouw weergegeven.
Tabel 2.2: Regionale bodemopbouw Diepte (m-mv)
Samenstelling
Geohydrologische eenheid
<120 m
matig fijn tot middel fijn zand
120 - 125
klei
>125
matig grof slibhoudende zanderige en kleiachtige lagen
1e watervoerend pakket (WVP) (formatie van Harderwijk) 1e scheidende laag(klei van Tegelen) 2e watervoerend pakket (formatie van Maassluis)
De grondwaterstroming in de deklaag vindt overwegend in noordwestelijke richting plaats. Ten noorden van Soesterberg ligt het grondwaterbeschermingsgebied Soestduinen. Op basis hiervan en de aard van het onderzoek, wordt een verdere uitwerking van de regionale geohydrologische gegevens niet relevant geacht. Lokaal Voor de lokale bodemopbouw wordt verwezen naar paragraaf 3.2.
2.8
Onderzoeksopzet
Voor een overzicht van de werkzaamheden en analyses wordt verwezen naar paragraaf 3.2. Op basis van de verzamelde informatie over het terrein en de directe omgeving daarvan, is uit de NEN57403 gekozen voor de onderzoeksstrategie voor een milieuhygiënische onverdachte locatie (ONV). Voor een overzicht van de werkzaamheden en analyses wordt verwezen naar paragraaf 3.2.
3
NEN5740 (Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek – Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond (januari 2009)
Projectnummer
Datum
20161669_1/WHUI
juni 2017
5/9
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
3
Werkzaamheden, resultaten en interpretatie
3.1
Kwaliteit
De werkzaamheden zijn uitgevoerd onder certificaat conform de richtlijnen en kwaliteitseisen zoals genoemd in de Beoordelingsrichtlijn veldwerk voor milieuhygiënisch bodem en waterbodemonderzoek van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer, nummer 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek" (kortweg: BRL SIKB 2000) en Protocol 2001 versie 3.2 d.d. 12-12-2013 (Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen) Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd conform het AS3000 kwaliteitssysteem door een onafhankelijk, door de Raad voor Accreditatie erkend, laboratorium. Een algemene toelichting op de werkwijze bij het verrichten van boringen, het plaatsen van peilbuizen en het bemonsteren van de grond en het grondwater is weergegeven in bijlage 5. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd door de volgende geregistreerde veldmedewerkers : · de heer R. Slagter; · de heer J. Sietsma
3.2
Werkzaamheden
In tabel 3.1 is een overzicht opgenomen van de uitgevoerde veldwerkzaamheden en de verrichte analyses.
Tabel 3.1: Overzicht uitgevoerde werkzaamheden (Deel)locatie
Locatie 1
Veldwerk ondiepe boringen1 11
diepe boringen1 4
peilbuis --
verharding (cm) geen
Analyses grond 3 x STAPg2
Toelichting tabel 3.1: 1 : ondiepe boringen in principe tot 0,5 m-mv, diepe boringen tot de grondwaterstand met een minimum van 1,0 m-mv en een maximum van 2,0 m-mv. Indien zintuiglijke waarnemingen hiertoe aanleiding geven, wordt van deze diepte afgeweken; 2 : standaardpakket grond: bepaling van percentages droge stof, organische stof en lutum, en analyse op barium, zware metalen (cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK 10), polychloorbifenylen (som-PCB) en minerale olie; Aangezien de verdachte parameters zijn opgenomen in de standaard analysepakketten voor onverdachte locaties, worden de diverse bodemlagen onderzocht op een breed pakket aan stoffen.
Het verrichten van de boringen en de bemonstering van de grond heeft plaatsgevonden op 1 mei 2017. De vrijgekomen grond uit de boringen is in het veld geclassificeerd (vaststellen bodemopbouw), beoordeeld op de aanwezigheid van verontreinigingen en voor chemisch onderzoek bemonsterd. Een grondmonster heeft betrekking op een maximaal bodemtraject
Projectnummer
Datum
20161669_1/WHUI
juni 2017
6/9
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
van 0,5 meter. Indien bij een boring meerdere grondmonsters zijn genomen, is met een toenemende diepte de codering A, B, C, enz. aan het monsternummer toegevoegd. Aangezien de grondwaterstandveel dieper is gelegen dan 5 meter beneden maaiveld id grondwateronderzoek achterwege gelaten. De situering van de boorpunten is weergegeven in bijlage 1.3.
3.3
Resultaten veldonderzoek
In de boorstaten (bijlage 2) wordt de bodemopbouw van het onderzochte terrein weergegeven. Een globale beschrijving is opgenomen in tabel 3.2.
Tabel 3.2: Lokale bodemopbouw Diepte (m-mv) 0,0 - 0,5
Bodemsamenstelling
Opmerkingen
zand, matig fijn, matig humeus, zwak siltig, matig wortelhoudend, matig grindhoudend
licht- tot donkerbruin
0,5 – 2,0
zand, matig fijn, zwak siltig, matig grindhoudend
neutraalgeel
Bij het zintuiglijk onderzoek zijn alleen bodemvreemde materialen aangetroffen bij boring A01 in de vorm van puin (in lichte mate in ondergrond). Op basis van de verzamelde (veld)informatie heeft een selectie plaatsgevonden van de te analyseren grondmonsters. Een overzicht van de uitgevoerde analyses is weergegeven in tabel 3.3
Tabel 3.3: Monsterselectie en analyses grondmonsters (Meng)monster
Samenstelling
Traject (in m-mv) 0,0 - 0,5
Analyse
MMbg1A
a02A, a03A, a05A, a06A, a07A en a09A
MMbg2A
a10A, a11A, a12A, a13A, a14A en a15A
0,0 - 0,5
STAPg1
MMog3A
a02D, a05C, a10B, a15C en a15D
0,5 - 2,0
STAPg1
STAPg1
Toelichting tabel 3.3: 1 Standaardpakket droge stof, organische stof, lutum, barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, grond nikkel en zink), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK 10), polychloorbifenylen (som-PCB) en minerale olie
3.4
Resultaten laboratoriumonderzoek
De chemische analyses zijn uitgevoerd door het milieulaboratorium van ALcontrol te Hoogvliet. De analyseresultaten zijn getoetst aan het referentiekader van het Besluit bodemkwaliteit en de Circulaire bodemsanering 2013 (staatscourant 2013 nr. 16675). In het Besluit bodemkwaliteit wordt de achtergrondwaarde voor grond en in de Circulaire worden
Projectnummer
Datum
20161669_1/WHUI
juni 2017
7/9
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
de streefwaarde (S) voor grondwater en de interventiewaarde (I) voor grond en grondwater onderscheiden. In tabel 3.4 is een samenvatting van de analyseresultaten van de grondmonsters opgenomen. Kopieën van de analysecertificaten zijn opgenomen in bijlage 3. Een volledig overzicht van de toetsingsresultaten is opgenomen in bijlage 4.
Tabel 3.4: Toetsingsresultaten grond (mg/kg d.s.) (Meng)monster (traject in m-mv) MMbg1A
Stof Zware metalen2 <
PAK’s1 <
PCB’s1) <
Minerale olie <
Overige parameters --
MMbg2A
<
<
<
<
--
MMog3A
<
<
<
<
--
Toelichting bij tabel 3.4: < = het gehalte is kleiner dan of gelijk aan de achtergrondwaarde/streefwaarde; * = het gehalte is groter dan achtergrondwaarde/streefwaarde; ** = het gehalte is groter dan de tussenwaarde; *** = het gehalte is groter dan de interventiewaarde; = niet geanalyseerd; 1) = voor zowel PCB's, PAK’s als dichloorethenen geldt dat geen van de individuele componenten detecteerbaar is aangetroffen (alle gehalten/concentraties liggen beneden de detectiegrens). In dergelijke gevallen wordt bij de toetsing de rapportagegrens van de som-parameter vermenigvuldigd met een correctiefactor (0,7), waardoor toch een overschrijding van de achtergrond/streefwaarde kan ontstaan. Geconcludeerd kan worden dat er geen sprake is van een verontreiniging; 2) = voor grondmonsters is de norm voor barium tijdelijk buitenwerking gesteld en gelden alleen voor die situaties waarbij duidelijk sprake is van antropogene bodemverontreiniging.
3.5
Interpretatie resultaten
Tijdens het zintuiglijk onderzoek is in de bovengrond bij boring A13 bodemvreemd materiaal aangetroffen in de vorm van hydrokorrels en bij boring A01 in de ondergrond in de vorm van (in lichte mate) puin. Hydrokorrels zijn voornamelijk gefabriceerde kleikorrels en worden dan ook niet geacht verontreinigd te zijn. Aangezien slechts in lichte mate puin in de ondergrond is aangetoond en dit zintuiglijk niet als verdacht is beoordeeld, is afgezien van asbestbodemonderzoek in de ondergrond (graven sleuven). Bij het chemisch onderzoek zijn in mengmonsters van beide bodemlagen geen gehalten aan stoffen aangetoond die hoger zijn dan de desbetreffende achtergrondwaarden.
Projectnummer
Datum
20161669_1/WHUI
juni 2017
8/9
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
4
Samenvatting, conclusies en advies
In opdracht van Provincie Utrecht heeft Geofoxx een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de locatie Dolderseweg, deelgebied A, locatie 1 (kadastraal perceel: Zeist, sectie A, 4575) nabij vliegbasis Soesterberg. De aanleiding van het onderzoek wordt gevormd door de voorgenomen verkoop van de locatie, in de toekomst staat er nieuwbouw gepland. Het onderzoek heeft tot doel om de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) te bepalen. In verband met een zeer diepe grondwaterstand hoefde geen grondwateronderzoek te worden uitgevoerd. Bij het chemisch onderzoek zijn geen verontreinigingen in de boven- en ondergrond aangetoond, in gehalten boven de achtergrondwaarden. Op basis hiervan bestaat geen reden om nader onderzoek uit te voeren. De milieuhygiënische bodemkwaliteit heeft geen consequenties voor wat betreft de voorgenomen eigendomsoverdrachten het voorgenomen gebruik.
Disclaimer Het onderzoek is op een zorgvuldige wijze uitgevoerd met behulp van de voor het onderzoek gangbare technieken, inzichten en methodes. Bij het uitvoeren van onderzoek streven wij optimale representativiteit na. Het blijft mogelijk dat er plaatselijk afwijkingen voorkomen in de samenstelling van grond of grondwater. Deze afwijkingen komen door het steekproefsgewijze karakter van het onderzoek niet aan het licht. Daar komt bij dat onderzoek naar de bodem een momentopname is. Verandering van grond en grondwater o.a. als gevolg van het bodemgebruik kan na het onderzoek plaatsvinden. Geofoxx is niet aansprakelijk voor schade die voortkomt uit bovengenoemde aspecten.
Projectnummer
Datum
20161669_1/WHUI
juni 2017
9/9
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
Bijlage 1: Situatietekeningen
projectnummer
datum
20161669_1/WHUI
juni 2017
Bijlagen
Omschrijving:
Bijlage:
Tekenaar:
Schaal:
Formaat:
Datum:
Geografische ligging locatie
1.1
JTER
1:25000
A4
2-6-2017
0
Accoord:
500
Revisie:
1000
m
Project:
Dolderseweg, deelgebied A, nabij vliegbasis Soesterberg Opdrachtgever:
Evides Waterbedrijf N.V. Projectnummer:
Gemeente Utrecht
250
750
1250
A3
A5
B6
A4
C9
D11
C7
D13
B5 B3
B02
A6
C8
B01
B4
C10
D12
D10
C6
A2 A1 B7
D09
C11
D14
B9
A7
C5
A8 D02
B8
braakliggend
braakliggend
C12
D08
A9
braakliggend
D15
A10
braakliggend
B11
nr. 54
A11
D01 C3
B10
C4
A12
B12C
B12
C13
B12B
D06
B12E D07
B12A
A13
B12D
D05
C14
C2
A15 B14 A14
B15
D04
D03
C1
C15
B13
Dolderseweg Legenda
Omschrijving:
Bijlage:
Situatietekening
1.3
Project:
bebouwing
10 5
20 15
m 25
Dolderseweg, deelgebied A, nabij vliegbasis Soesterberg Opdrachtgever:
Gemeente Utrecht
grens onderzoekslocatie
Projectnummer:
boring tot 0,5 m-mv
20161669
boring tot 2,0 m-mv boring gestuit inspectiegat
Overzichtstekening schaal 1:25000
Tekenaar:
Schaal:
Formaat:
Datum:
JTER
1:500
A3
28-4-2017
Accoord:
Revisie:
24-5-2017
\\gl-fs-01\data$\GL_Proj\2016\1xxx\16xx\166x\1669\TEK\20161669-tek.dwg
0
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
Bijlage 2: Boorstaten
projectnummer
datum
20161669_1/WHUI
juni 2017
Bijlagen
Boring: a01
Boring: a02 Datum: 01-05-2017 0,00
0,00
bosgrond Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, lichtbruin, Edelmanboor
A -0,50
0,50
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak puinhoudend, bruinbeige, Edelmanboor
B -1,00 -1,01
1,00
Edelmanboor, gestuit op puin
Datum: 01-05-2017 0,00
0,00
bosgrond Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, zwak grindhoudend, bruinbeige, Edelmanboor
A 0,50
B -1,00
1,00
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig grindhoudend, neutraalgeel, Edelmanboor
C 1,50
D -2,00
2,00
Boring: a03
Boring: a04 Datum: 01-05-2017 0,00
0,00
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, lichtbruin, River
A 0,50
bosgrond
-0,50
Datum: 01-05-2017 0,00
0,00
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, lichtbruin, River
A 0,50
bosgrond
-0,50
getekend volgens NEN 5104
Projectcode: 20161669
Projectnaam: dolderseweg deelgebied a
Boring: a05
Boring: a06 Datum: 01-05-2017 0,00
0,00
bosgrond Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, matig wortelhoudend, matig grindhoudend, Edelmanboor
A 0,50
Datum: 01-05-2017 0,00
0,00
bosgrond
-0,50
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, matig wortelhoudend, matig grindhoudend, lichtbruin, Edelmanboor
A 0,50
B -1,00
1,00
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig grindhoudend, neutraalgeel, Edelmanboor
C -1,50 -1,51
1,50
Edelmanboor, gestuit
Boring: a07
Boring: a08 Datum: 01-05-2017
0,00
0,00
bosgrond
-0,50
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, matig wortelhoudend, matig grindhoudend, lichtbruin, Edelmanboor
A 0,50
Datum: 01-05-2017 0,00
0,00
bosgrond
-0,50
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, matig wortelhoudend, matig grindhoudend, lichtbruin, Edelmanboor
A 0,50
getekend volgens NEN 5104
Projectcode: 20161669
Projectnaam: dolderseweg deelgebied a
Boring: a09
Boring: a10 Datum: 01-05-2017
0,00
0,00
bosgrond
-0,50
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, matig wortelhoudend, matig grindhoudend, lichtbruin, Edelmanboor
A 0,50
Datum: 01-05-2017 0,00
0,00
bosgrond Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, zwak grindhoudend, neutraalgrijs, Edelmanboor
A 0,50
B -0,80
1,00
1,50
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig grindhoudend, neutraalgeel, Edelmanboor
C
D
-2,00
2,00
Boring: a11
Boring: a12 Datum: 01-05-2017 0,00
0,00
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
A 0,50
bosgrond
-0,50
Datum: 01-05-2017 0,00
0,00
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
A 0,50
bosgrond
-0,50
getekend volgens NEN 5104
Projectcode: 20161669
Projectnaam: dolderseweg deelgebied a
Boring: a13
Boring: a14 Datum: 01-05-2017
0,00
0,00
bosgrond
-0,50
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, matig wortelhoudend, matig grindhoudend, lichtbruin, Edelmanboor, hydrokorrels
A 0,50
Datum: 01-05-2017 0,00
0,00
bosgrond
-0,50
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, matig wortelhoudend, matig grindhoudend, lichtbruin, Edelmanboor
A 0,50
Boring: a15 Datum: 01-05-2017 0,00
0,00
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
A -0,50
0,50
B -0,80
1,00
1,50
2,00
bosgrond
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, matig grindhoudend, donkerbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, matig grindhoudend, neutraalgeel, Edelmanboor
C
D
-2,00
getekend volgens NEN 5104
Projectcode: 20161669
Projectnaam: dolderseweg deelgebied a
Legenda (conform NEN 5104) grind
klei
geur
Grind, siltig
Klei, zwak siltig
Grind, zwak zandig
Klei, matig siltig
geen geur zwakke geur matige geur sterke geur
Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10 Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000
Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
>10000
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
monsters geroerd monster
Zand, uiterst siltig
overige toevoegingen zwak humeus
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
ongeroerd monster volumering
overig bijzonder bestanddeel
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
Bijlage 3: Analyseresultaten
projectnummer
datum
20161669_1/WHUI
juni 2017
Bijlagen
ALcontrol B.V. Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.alcontrol.nl
Analyserapport
GEOFOXX Gouda BV W. Huitzing Postbus 2026 2800 BD GOUDA
Uw projectnaam Uw projectnummer ALcontrol rapportnummer Rapport-verificatienummer
Blad 1 van 7
: dolderseweg deelgebied a : 20161669 : 12528904, versienummer: 1 : 7Q7HIS81
Rotterdam, 05-05-2017
Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project 20161669. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de geteste monsters. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters en het project zijn overgenomen in dit analyserapport. Het onderzoek is, met uitzondering van eventueel door derden uitgevoerd onderzoek, uitgevoerd door ALcontrol B.V., gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 7 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Mocht u vragen en/of opmerkingen hebben naar aanleiding van dit rapport, bijvoorbeeld als u nadere informatie nodig heeft over de meetonzekerheid van de analyseresultaten in dit rapport, dan verzoeken wij u vriendelijk contact op te nemen met de afdeling Customer Support. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,
R. van Duin Laboratory Manager
ALCONTROL B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028 AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
GEOFOXX Gouda BV W. Huitzing Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Blad 2 van 7
Analyserapport dolderseweg deelgebied a
Orderdatum 02-05-2017 Startdatum 02-05-2017 Rapportagedatum 05-05-2017
20161669 - 1
12528904
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
001 002 003
Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)
MMbg1A a02 (0-50) a03 (0-50) a05 (0-50) a06 (0-50) a07 (0-50) a09 (0-50) MMbg2A a10 (0-50) a11 (0-50) a12 (0-50) a13 (0-50) a14 (0-50) a15 (0-50) MMog3A a02 (150-200) a05 (100-150) a10 (50-80) a15 (80-130) a15 (130-180)
Analyse
Eenheid
Q
droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten
gew.-% g -
S S S
91.0 <1 geen
88.7 <1 geen
94.5 <1 geen
organische stof (gloeiverlies)
% vd DS
S
2.2
4.7
0.7
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS
S
1.9
<1
1.6
METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink
S S S S S S S S S
<20 <0.2 <1.5 <5 <0.05 <10 <0.5 <3 <20
<20 <0.2 <1.5 <5 <0.05 18 <0.5 <3 <20
<20 <0.2 1.6 <5 <0.05 <10 <0.5 3.3 <20
<0.01 0.06 0.01 0.15 0.06 0.09 0.06 0.07 0.05 0.06 1) 0.617
<0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 <0.01 1) 0.07
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 1) 4.9
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 1) 4.9
mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds
001
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kgds S <0.01 fenantreen mg/kgds S 0.03 antraceen mg/kgds S <0.01 fluoranteen mg/kgds S 0.08 benzo(a)antraceen mg/kgds S 0.03 chryseen mg/kgds S 0.04 benzo(k)fluoranteen mg/kgds S 0.03 benzo(a)pyreen mg/kgds S 0.03 benzo(ghi)peryleen mg/kgds S 0.03 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kgds S 0.03 1) pak-totaal (10 van VROM) mg/kgds S 0.314 (0.7 factor) POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 µg/kgds PCB 52 µg/kgds PCB 101 µg/kgds PCB 118 µg/kgds PCB 138 µg/kgds PCB 153 µg/kgds PCB 180 µg/kgds som PCB (7) (0.7 factor) µg/kgds
S S S S S S S S
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 1) 4.9
002
003
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : ALCONTROL B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028 AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
GEOFOXX Gouda BV W. Huitzing Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Blad 3 van 7
Analyserapport dolderseweg deelgebied a
Orderdatum 02-05-2017 Startdatum 02-05-2017 Rapportagedatum 05-05-2017
20161669 - 1
12528904
Nummer
Monstersoort
Monsterspecificatie
001 002 003
Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)
MMbg1A a02 (0-50) a03 (0-50) a05 (0-50) a06 (0-50) a07 (0-50) a09 (0-50) MMbg2A a10 (0-50) a11 (0-50) a12 (0-50) a13 (0-50) a14 (0-50) a15 (0-50) MMog3A a02 (150-200) a05 (100-150) a10 (50-80) a15 (80-130) a15 (130-180)
Analyse
Eenheid
MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds
Q
S
001
<5 <5 <5 <5 <20
002
<5 <5 6 10 <20
003
<5 <5 <5 <5 <20
De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.
Paraaf : ALCONTROL B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028 AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
GEOFOXX Gouda BV W. Huitzing Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Blad 4 van 7
Analyserapport dolderseweg deelgebied a 20161669 12528904
- 1
Orderdatum 02-05-2017 Startdatum 02-05-2017 Rapportagedatum 05-05-2017
Monster beschrijvingen
001
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
002
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
003
*
De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.
Voetnoten 1
De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa.
Paraaf : ALCONTROL B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028 AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
GEOFOXX Gouda BV W. Huitzing Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Blad 5 van 7
Analyserapport dolderseweg deelgebied a
Orderdatum 02-05-2017 Startdatum 02-05-2017 Rapportagedatum 05-05-2017
20161669 12528904
- 1
Analyse
Monstersoort
Relatie tot norm
droge stof
Grond (AS3000)
gewicht artefacten
Grond (AS3000)
Gelijkwaardig aan ISO 11465 en gelijkwaardig aan NEN-EN 15934 (monstervoorbehandeling conform NEN-EN 16179). Grond (AS3000): conform AS3010-2 en gelijkwaardig aan NEN-EN 15934 Conform AS3000 en conform NEN-EN 16179 Idem Grond: gelijkwaardig aan NEN 5754. Grond (AS3000): conform AS3010-3 Grond: eigen methode. Grond (AS3000): conform AS3010-4 Conform AS3010-5, conform NEN 6950 (ontsluiting conform NEN 6961, meting conform NEN 6966) eigen methode (ontsluiting conform NEN 6961, meting conform ISO 22036).[LF] Idem Idem Idem Conform AS3010-5 en conform NEN 6950 (ontsluiting conform NEN 6961, meting conform NEN-ISO 16772) Conform AS3010-5, conform NEN 6950 (ontsluiting conform NEN 6961, meting conform NEN 6966) eigen methode (ontsluiting conform NEN 6961, meting conform ISO 22036).[LF] Idem Idem Idem Conform AS3010-6 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem
aard van de artefacten
Grond (AS3000)
organische stof (gloeiverlies)
Grond (AS3000)
lutum (bodem)
Grond (AS3000)
barium
Grond (AS3000)
cadmium
Grond (AS3000)
kobalt
Grond (AS3000)
koper
Grond (AS3000)
kwik
Grond (AS3000)
lood
Grond (AS3000)
molybdeen
Grond (AS3000)
nikkel
Grond (AS3000)
zink
Grond (AS3000)
naftaleen
Grond (AS3000)
fenantreen
Grond (AS3000)
antraceen
Grond (AS3000)
fluoranteen
Grond (AS3000)
benzo(a)antraceen
Grond (AS3000)
chryseen
Grond (AS3000)
benzo(k)fluoranteen
Grond (AS3000)
benzo(a)pyreen
Grond (AS3000)
benzo(ghi)peryleen
Grond (AS3000)
indeno(1,2,3-cd)pyreen
Grond (AS3000)
pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) PCB 28
Grond (AS3000)
PCB 52
Grond (AS3000)
PCB 101
Grond (AS3000)
PCB 118
Grond (AS3000)
PCB 138
Grond (AS3000)
PCB 153
Grond (AS3000)
PCB 180
Grond (AS3000)
som PCB (7) (0.7 factor)
Grond (AS3000)
totaal olie C10 - C40
Grond (AS3000)
Conform AS3010-8 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Conform AS3010-7 conform NEN-EN-ISO 16703
Grond (AS3000)
Monster
Barcode
Aanlevering
Monstername
Verpakking
001 001
Y6367023 Y6367022
01-05-2017 01-05-2017
01-05-2017 01-05-2017
ALC201 ALC201
Paraaf : ALCONTROL B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028 AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
GEOFOXX Gouda BV W. Huitzing Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Blad 6 van 7
Analyserapport dolderseweg deelgebied a
Orderdatum 02-05-2017 Startdatum 02-05-2017 Rapportagedatum 05-05-2017
20161669 12528904
- 1
Monster
Barcode
Aanlevering
Monstername
Verpakking
001 001 001 001 002 002 002 002 002 002 003 003 003 003 003
Y6367084 Y6366922 Y6367076 Y6366924 Y6366925 Y6366928 Y6366951 Y6366898 Y6366930 Y6366933 Y6366929 Y6366942 Y6367078 Y6366945 Y6366936
01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017
01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017 01-05-2017
ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201
Paraaf : ALCONTROL B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028 AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
GEOFOXX Gouda BV W. Huitzing Projectnaam Projectnummer Rapportnummer
Blad 7 van 7
Analyserapport dolderseweg deelgebied a 20161669 12528904
- 1
Orderdatum 02-05-2017 Startdatum 02-05-2017 Rapportagedatum 05-05-2017
Monsternummer:
002
Monster beschrijvingen
MMbg2Aa10 (0-50) a11 (0-50) a12 (0-50) a13 (0-50) a14 (0-50) a15 (0-50)
Karakterisering naar alkaantraject benzine
C9-C14
kerosine en petroleum diesel en gasolie motorolie
C10-C16 C10-C28 C20-C36
stookolie
C10-C36
De C10 en C40 pieken zijn toegevoegd door het laboratorium en worden gebruikt als interne standaard.
Paraaf : ALCONTROL B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM ISO/IEC 17025:2005 ONDER NR. L 028 AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
Bijlage 4: Toetsingscriteria en -tabellen
projectnummer
datum
20161669_1/WHUI
juni 2017
Bijlagen
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
Inleiding De mate van verontreiniging van grond en grondwater wordt vastgesteld door de gehalten/concentraties aan verontreinigende stoffen in de monsters van grond en grondwater te toetsen aan de norm die is vastgesteld door het ministerie van VROM. Dit betreft de circulaire "Bodemsanering 2013" (Staatscourant 2013 nr 16675)., die een onderdeel vormt van de Wet bodembescherming (Wbb). In de Circulaire wordt verwezen naar het Besluit en de Regeling bodemkwaliteit (RBK) ten aanzien van de Achtergrondwaarden voor grond. Hierin worden de volgende toetsingswaarden onderscheiden:
Grond: Achtergrondwaarden en Interventiewaarden Grondwater: Streefwaarden en Interventiewaarden
Toelichting normenstelsel Achtergrondwaarden (AW) & Streefwaarden (S) De achtergrondwaarden voor grond zijn vastgesteld op basis van de gehalten aan stoffen zoals die voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden in Nederland die niet zijn belast door lokale verontreinigingbronnen. De streefwaarden voor grondwater zijn gebaseerd op de bescherming van de milieukwaliteit op de lange termijn, uitgaande van Verwaarloosbare Risico’s voor het ecosysteem. De achtergrondwaarden en streefwaarden betreffen het concentratieniveau waarop of waaronder grond en/of grondwater als niet verontreinigd wordt beschouwd. Interventiewaarde (I) De interventiewaarde is het concentratieniveau voor verontreinigingen in grond en grondwater waarboven een ernstige vermindering optreedt van de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, plant of dier. Boven deze waarde is er mogelijk sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Tussenwaarde (T) Het concentratieniveau waarboven aanvullend onderzoek noodzakelijk of gewenst is om vast te kunnen stellen of sprake is van een "geval van ernstige bodemverontreiniging". De tussenwaarde is gedefinieerd als het gemiddelde van AW- en I-waarde (grond) danwel de Sen I-waarde (grondwater).
NB: Toetsingswaarden De interventiewaarden voor grond zijn bodemtype-afhankelijk en gebaseerd op een standaardbodem met een lutum percentage van 25% en een organisch stof percentage van 10%. Bij de beoordeling van de kwaliteit van de bodem worden de gemeten gehalten middels een bodemtypecorrectie omgerekend naar standaardbodem. Indicatieve niveaus voor ernstige verontreiniging Voor een aantal stoffen zijn nog geen achtergrond-, streef- en interventiewaarden opgesteld, omdat nog geen meet- en analysevoorschriften zijn vastgesteld, of omdat nog onvoldoende ecotoxicologische gegevens beschikbaar zijn om betrouwbare waarden vast te stellen. De wel beschikbare indicatieve niveaus hebben een grotere mate van onzekerheid en mogen dan ook niet op dezelfde wijze worden gehanteerd om uitspraken te doen over gevallen van al dan niet ernstige bodemverontreiniging. In bepaalde gevallen kan het bijvoorbeeld nodig zijn aanvullend onderzoek te doen naar de risico's van de betreffende stof. Niet genormeerde stoffen Stoffen waarvoor geen normen zijn opgesteld worden aangeduid als ‘niet-genormeerde stoffen’. Ook bij deze stoffen kan sprake zijn van een geval van ernstige verontreiniging en/of saneringsurgentie. De circulaire geeft een richtlijn die bij het aantreffen van nietgenormeerde stoffen kan worden gevolgd.
projectnummer
datum
20161669_1/WHUI
juni 2017
Bijlagen
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
Bouwen op verontreinigde grond De Model Bouwverordening is gebaseerd op de Woningwet. De Bouwverordening stelt dat op verontreinigde grond niet mag worden gebouwd. Dit betekent dat het bevoegd gezag in principe een omgevingsvergunning onderdeel bouw kan weigeren, indien in de grond of het grondwater een stof is aangetroffen in een gehalte boven de achtergrondwaarde. Wanneer Saneren? Nieuwe gevallen van bodemverontreiniging (veroorzaakt na 1 januari 1987) dienen conform de zorgplicht in de Wet bodembescherming te worden gesaneerd. Bij zogeheten oude gevallen (veroorzaakt vóór 1987) dienen in principe alle ernstige gevallen van bodemverontreiniging (d.w.z. minimaal een bodemvolume van 25 m3 grond c.q. 100 m3 grondwater verontreinigd in een concentratie boven de interventiewaarde) op termijn gesaneerd te worden. Het tijdstip waarop dit moet gebeuren hangt af van de spoedeisendheid. De spoedeisendheid van sanering wordt bepaald door de onaanvaardbare risico's die aanwezig zijn voor mensen en ecosystemen alsmede de verspreidingsrisico's. Deze risico's hangen samen met het gebruik van de verontreinigde locatie (bijvoorbeeld wonen of bedrijfsmatig), en met zaken als de bodemopbouw ter plaatse (bijvoorbeeld grondsoort en grondwaterstroming).
Verder kan onder andere de noodzaak tot het nemen van sanerende maatregelen ontstaan bij functiewijziging, bijvoorbeeld bij het bebouwen van het terrein. Ook kan door een koper of een verzekeringsmaatschappij sanering worden verlangd. Beleid voor hergebruik grond Om de hergebruiksmogelijkheden van grond te kunnen bepalen is een onderzoek conform het Besluit Bodemkwaliteit noodzakelijk. Bij een dergelijk onderzoek wordt de vrijkomende grond, op basis van de gemeten gehalten, ingedeeld in ‘klassen’ (klasse ‘altijd toepasbaar’, klasse ‘wonen’, klasse ‘industrie’ of klasse ‘niet toepasbaar’). In onderstaande figuur is deze klasseverdeling schematisch weergegeven. Tevens blijkt hieruit dat hier het Besluit Bodemkwaliteit en de Circulaire Bodemsanering samenkomen. Max. waarde klasse wonen
Achtergrondwaarde
Klasse wonen Altijd toepasbaar
Max. waarde klasse industrie
Klasse industrie
Niet toepasbaar
Generiek Nooit toepasbaar
gebiedsspecifiek
Ruimte voor lokale maximale waarden
Achtergrondwaarde
Interventiewaarde (droge) bodem
projectnummer
datum
20161669_1/WHUI
juni 2017
Sanerings criterium
Bijlagen
Projectnaam Projectcode
dolderseweg deelgebied a 20161669
Tabel: Analyseresultaten grond (as3000) monsters (gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven) Monstercode Bodemtypebt)
droge stof (gew.-%) gewicht artefacten (g) aard van de artefacten (-)
organische stof (gloeiverlies) (% vd DS)
MMbg1A1 1 or
br
91,0
--
<1
--
Geen
MMbg2A2 2 or
br
--
88,7
--
--
<1
--
--
Geen
MMog3A3 3 or
br
--
94,5
--
--
--
<1
--
--
--
Geen
--
2,2
--
--
4,7
--
--
0,7
--
--
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) 1,9 (% vd DS)
--
--
<1
--
--
1,6
--
--
<20 <0,2 <1,5 <5 <0,05 18 <0,5 <3 <20
54,2 0,214 3,69 6,62 0,0492 27 0,35 6,12 31,1
<20 <0,2 1,6 <5 <0,05 <10 <0,5 3,3 <20
54,2 0,241 5,62 7,24 0,0503 11 0,35 9,62 33,2
<0,01 0,06 0,01 0,15 0,06 0,09 0,06 0,07 0,05 0,06 0,617
--------------------0,617
<0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 <0,01 0,07
----------0,07
-----------
METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink
<20 <0,2 <1,5 <5 <0,05 <10 <0,5 <3 <20
54,2 0,239 3,69 7,19 0,0502 11 0,35 6,12 33,1
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen <0,01 --fenantreen 0,03 --antraceen <0,01 --fluoranteen 0,08 --benzo(a)antraceen 0,03 --chryseen 0,04 --benzo(k)fluoranteen 0,03 --benzo(a)pyreen 0,03 --benzo(ghi)peryleen 0,03 --indeno(1,2,3-cd)pyreen 0,03 --pak-totaal (10 van VROM) 0,314 0,314 (0.7 factor) POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 <1 (µg/kgds) PCB 52 <1 (µg/kgds) PCB 101 <1 (µg/kgds) PCB 118 <1 (µg/kgds) PCB 138 <1 (µg/kgds) PCB 153 <1 (µg/kgds) PCB 180 <1 (µg/kgds) som PCB (7) (0.7 factor) 4,9 (µg/kgds) MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
<5 <5 <5 <5 <20
--
--
<1
--
--
<1
--
--
--
--
<1
--
--
<1
--
--
--
--
<1
--
--
<1
--
--
--
--
<1
--
--
<1
--
--
--
--
<1
--
--
<1
--
--
--
--
<1
--
--
<1
--
--
--
--
<1
--
--
<1
--
--
22,3
a
4,9
10,4
4,9
24,5
a
----63,6
-----
----70
-----
<5 <5 6 10 <20
----29,8
-----
<5 <5 <5 <5 <20
Monstercode en monstertraject 1 12528904-001 MMbg1A a02 (0-50) a03 (0-50) a05 (0-50) a06 (0-50) a07 (0-50) a09 (0-50) 2 12528904-002 MMbg2A a10 (0-50) a11 (0-50) a12 (0-50) a13 (0-50) a14 (0-50) a15 (0-50) 3 12528904-003 MMog3A a02 (150-200) a05 (100-150) a10 (50-80) a15 (80-130) a15 (130-180) De resultaten zijn voor de interventiewaarde getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675 en voor de achtergrondwaarde aan het Besluit Bodemkwaliteit, Staatscourant 20 december 2007, Nr. 247. Tevens zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: De gewijzigde grenswaarden van een aantal OCB (per 30-07-2008) (www.Senternovem.nl) en de wijziging in de Staatscourant 67 van 7 april 2009 en met wijzingen zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). * ** *** -# a
b
+
or br
bt)
het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde het gehalte is groter dan de interventiewaarde geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de achtergrondwaarde te zijn. gecorrigeerd gehalte is groter dan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). De interventiewaarde voor barium geldt alleen voor die situaties waarbij duidelijk sprake is van antropogene verontreiniging en geen sprake is van thermisch gereinigde grond en baggerspecie. Origineel resultaat Omgerekend resultaat De achtergrond- en interventiewaarden zijn afhankelijk van de bodemsamenstelling.
Voor de toetsing zijn de grond (as3000) monsters ingedeeld in de volgende bodemtypen: (als humus/lutum niet is gemeten geldt een default waarde van lutum = 25% en organische stof = 10%.) 1: lutum 1.9% humus 2.2% 2: lutum 1% humus 4.7% 3: lutum 1.6% humus 0.7%
Tabel: Toetsingswaarden voor grond (as3000) (I&M-toetsingskader). Het betreft gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven Toetsingswaarden1)
AW
1/2(AW+I)
I
METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink
0,60 15 40 0,15 50 1,5 35 140
6,8 102 115 18 290 96 68 430
920 13 190 190 36 530 190 100 720
20 0,20 3,0 5,0 0,050 10 1,5 4,0 20
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN pak-totaal (10 van VROM) (0.7 1,5 21 40 factor)
0,35
POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) som PCB (7) (0.7 factor) 20 (µg/kgds) MINERALE OLIE totaal olie C10 - C40
1)
AW 1/2(AW+I) I RBK
190
RBK eis
510
1000
4,9
2595
5000
35
achtergrondwaarde gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde interventiewaarde Tabel 1 (rapportagegrenzen), Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012).
De achtergrond- en interventiewaarden zijn afhankelijk van de bodemsamenstelling. De genoemde toetsings waarden zijn van toepassing op het standaard bodem type 10% humus en 25% lutum.
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
Bijlage 5: Toelichting bodemonderzoek
projectnummer
datum
20161669_1/WHUI
juni 2017
Bijlagen
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
Algemeen In deze bijlage zijn de technische handelingen die worden verricht bij milieukundig bodemonderzoek in het algemeen, beschreven en toegelicht. De veldwerkzaamheden worden uitgevoerd conform een intern kwaliteitssysteem dat voldoet aan de ISO-9001 en de VCA** normen (VeiligheidsChecklistAannemers). Dit kwaliteitssysteem is gebaseerd op de voorschriften die zijn opgenomen of waarnaar wordt verwezen in de volgende documenten van het ministerie van VROM: de "NEN 5740, Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek – Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond" (NNI, januari 2009; ICS 13.080.05), de NTA5755 (Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek – Onderzoek naar de aard en omvang van bodemverontreiniging, juli 2010). Het laboratoriumonderzoek is conform de normen uit de NEN 5740 of volgens gelijkwaardige methoden uitgevoerd. Boorwerkzaamheden en bemonstering Grond Meestal worden boringen handmatig verricht met een zogenaamde edelmanboor. In andere gevallen wordt gebruik gemaakt van een guts, een zuigerboor of een pulsboor. In beton- of asfaltverhardingen worden met een diamantboor gaten geboord om de onderliggende bodem te kunnen bereiken. Regelmatig komt het voor dat losse verhardingsmaterialen zijn aangebracht (met name puin).
Om die reden moeten boringen soms (gedeeltelijk) worden uitgevoerd met een puinboor, een slagguts, een ramguts of een mechanische boorstelling. Grondwater In een boorgat kan een peilbuis worden geplaatst om grondwatermonsters te nemen. Peilbuizen zijn kunststof buizen die over een lengte van (meestal) één meter zijn geperforeerd. Het geperforeerde gedeelte (filter) wordt voorzien van een filterkous om inspoeling van fijn bodemmateriaal te voorkomen. Voor het verkrijgen van een representatief grondwatermonster wordt de peilbuis afgepompt, direct na plaatsing en voorafgaand aan de monstername. Monstername vindt plaats na minimaal een week standtijd. Voor het afpompen en bemonsteren van het grondwater wordt gebruik gemaakt van een slangenpomp. Per peilbuis wordt het grondwater met een schoon stuk (siliconen)slang bemonsterd om contaminatie uit te sluiten. De grondwatermonsters worden gekoeld bewaard in luchtdicht afgesloten glazen flessen met kunststof schroefdop. Zintuiglijk onderzoek In het veld worden grond en grondwater zintuiglijk onderzocht. Het zintuiglijk onderzoek is te splitsen in: lithologisch onderzoek, waarbij de opgeboorde grondsoorten worden geclassificeerd. onderzoek naar verontreiniging, waarbij zintuiglijk waarneembare afwijkingen in of aan het bodemmateriaal worden beschreven1). 1)
Bij olieproducten wordt gebruik gemaakt van de 'oliepan-methode'. Daarbij wordt de grond verkruimeld in een schaal met water. Het verschijnen van een oliefilm op het water is een teken dat er olieachtige stoffen in de grond aanwezig kunnen zijn. Eventueel worden PID-metingen uitgevoerd (alleen als specifiek in rapport vermeld). Met behulp van de PID-meter kan de hoeveelheid ioniseerbare vluchtige bestanddelen in de opgeboorde grond worden bepaald.
Mede op basis van de resultaten van het zintuiglijk onderzoek wordt beslist welke monsters op welke chemische stoffen worden geanalyseerd. Stromingsrichting grondwater en doorlaatbaarheid van de bodem
projectnummer
datum
20161669_1/WHUI
juni 2017
Bijlagen
Verkennend bodemonderzoek
Dolderseweg, deelgebied A (locatie 1; perceel A 4575) Huis ter Heide
Via een waterpassing kan de lokale stromingsrichting van het grondwater worden bepaald. Met de gegevens van een waterpassing kan een inschatting worden gemaakt van het verspreidingspatroon van een verontreiniging in het grondwater. Bij een waterpassing wordt het grondwaterpeil in meerdere peilbuizen bepaald ten opzichte van een vast punt op het terrein. Hieruit volgt of er sprake is van een eenduidige grondwaterstromingsrichting, en hoe sterk deze stroming is. Via een zogenaamde doorlaatbaarheidstest kan de waterdoorlaatbaarheid van de grond onder de grondwaterspiegel worden vastgesteld. Bepaald wordt hoe snel een boorgat weer wordt gevuld met toestromend grondwater, nadat het gat is leeggepompt. Het resultaat van de test geeft, samen met de algemene geohydrologische informatie over de onderzoekslocatie een indicatie van de hoeveelheid grondwater dat zal toestromen bij ontgraving van een verontreiniging of bij een grondwatersanering. Chemisch onderzoek Indien bij het zintuiglijk onderzoek in overeenkomende bodemlagen uit verschillende boringen geen afwijkingen worden aangetroffen, mogen mengmonsters worden samengesteld van maximaal tien monsters. Voor chemische analyse op mengmonsters wordt gekozen om zoveel mogelijk informatie te verkrijgen tegen relatief beperkte analysekosten.
Het risico hierbij is dat in het mengmonster een verontreiniging wordt aangetroffen, waarbij niet duidelijk is of alle monsters in dezelfde mate zijn verontreinigd, ofwel dat één of enkele monsters relatief sterk zijn verontreinigd. Indien een dergelijke situatie optreedt, dan worden in principe de individuele monsters waaruit dat mengmonster was samengesteld, geanalyseerd op de betreffende stof. Op die manier wordt vastgesteld hoe de verontreiniging is verdeeld over de monsters. Indien er sprake is van een onverdacht terrein worden minimaal twee grondmengmonsters en minimaal één grondwatermonster geanalyseerd op een breed pakket aan stoffen. Deze stoffen zijn opgenomen in de zogeheten standaard-pakketten voor grond en grondwater. Indien er sprake is van aandachtspunten waarbij bekend is om welke verontreinigende stoffen het gaat, worden de betreffende monsters onderzocht op de relevante stoffen. In het algemeen worden monsters die tijdens het zintuiglijk onderzoek als afwijkend zijn beoordeeld, niet gemengd. Wel wordt met mengmonsters gewerkt indien een homogene afwijkende laag wordt aangetroffen, bijvoorbeeld een puinhoudende verhardingslaag. Grondwatermonsters worden in principe nooit gemengd. Het laboratoriumonderzoek zal worden uitgevoerd conform het AS3000 kwaliteitswaarborg door een onafhankelijk, door de Raad voor Accreditatie erkend, laboratorium.
Op de kopieën van de certificaten in bijlage 3 is te zien door welk laboratorium de analyses in dit onderzoek zijn verricht. Afkortingen en begrippen m-gws meter beneden de grondwaterspiegel m-mv meter beneden maaiveld NEN 5740: NEderlandse Norm 5740, ICS 13.080.05, januari 2009. Door het Nederlands Normalisatieinstituut opgestelde richtlijnen voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek. In de NEN 5740 wordt verwezen naar door het Nederlands Normalisatie-instituut opgestelde richtlijnen voor de technische uitvoering van werkzaamheden in het veld en in het laboratorium.