CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

01-23RV010 Bijlage 1 Beleidskader de sociale basis

Raad 18 april 2023, gemeente ZeistBij agendapunt: Beleidskader de Sociale basis17.188 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Beleidskader De sociale basis Over hoe inwoners, organisaties en gemeente werken aan een goed leven in Zeist.

Gemeente Zeist Januari 2023

Inhoudsopgave 1

Voorwoord

3

2

Inleiding

4

3

Leeswijzer

8

4

Samenvatting

9

6

Uitwerking per thema

12

Thema 1: Waardevol werk Thema 2: Vrijwillige inzet & mantelzorg Thema 3: Ontmoeten Thema 4: Redzaam in om het huis Thema 5: Financiën op orde Thema 6: Gezonde leefstijl Thema 7: Opgroeien en opvoeden Thema 8: Taal

12 15 18 21 24 26 29 32

Ontwikkelonderwerpen

34

7

Bijlage 1 Subsidieregister

39

Bijlage 2 Onderzoeksverantwoording

41

Beleidskader: De sociale basis

2/43

1

Voorwoord

Elke inwoner van Zeist heeft een uniek verhaal te vertellen. Met die gedachte spraken we de afgelopen maanden een groot aantal inwoners, vrijwilligers en professionals uit Zeist. Tijdens de gesprekken stond centraal dat wat we als gemeente ‘de sociale basis’ noemen. Oftewel, hoe zorgen mensen dat ze een mooi leven hebben, hoe houden ze het hoofd boven water, wie helpt hen daarbij en naar welke plekken in Zeist gaan ze toe voor ontmoeting en ondersteuning? Wat vinden ze heel goed geregeld door de instanties en waar zien ze ruimte voor verbetering? Als gemeente stellen wij het welzijn van onze inwoners voorop. We stimuleren dat inwoners hun mogelijkheden kunnen benutten en waardevolle relaties onderhouden met anderen. We dragen daar allemaal aan bij: de inwoners zelf, hun gezinnen, vrienden en bekenden, vrijwilligers, professionals in de zorg, de gemeente en het rijke verenigingsleven van Zeist. Voor u ligt het beleidskader de Sociale Basis van Zeist. Met dit document willen we de mooie sociale basis van Zeist nog mooier en sterker maken waar dat kan door samenwerking te versterken. Dit stuk is het resultaat van onder meer een uitgebreid participatief traject waarin we veel verhalen mochten ‘vangen’. Deze verhalen laten de vele gezichten van Zeist zien, maar ook de vele gezichten van onze sociale basis. Het zijn verhalen die er echt toe doen.

Van mensen in kwetsbare situaties, bij wie de emotie zichtbaar was. Maar ook verhalen van mensen die met positieve energie de dag tegemoet gaan, juist omdat ze dat ene plekje in de buurt hebben waar ze altijd terecht kunnen. Door alle verhalen heen proef je hoe groot de betrokkenheid in Zeist is. Soms tonen inwoners hun betrokkenheid door even voor hun buurman de boodschappen te doen en de andere keer door als vrijwilliger te werken voor een organisatie. Mensen vertelden over de waardevolle hulp die zij van een vrijwilliger of professional ontvingen waardoor zij weer op het goede spoor kwamen. Maar ook over hoe belangrijk die simpele groet op straat kan zijn, de ontmoetingsplekken in de wijk waar iemand klaar zit met een bakje koffie, of die dagbestedingsplek waardoor iemand weer dagstructuur ervaart. Wat in alles doorklonk, was hoe fijn het is om contacten te hebben. Er is gesproken over de plekken in de buurt waar men graag naartoe gaat, de organisaties die heel dichtbij de persoonlijke levens van mensen staan en de rol die de gemeente speelt. De grote betrokkenheid is iets om te koesteren. In dit beleidsstuk gebruiken we de patroonanalyse van de verhalen daarom als centrale inhoudelijke onderbouwing. Deze analyse hebben we aangevuld met ambities vanuit het coalitieakkoord, bestaande beleidsplannen en recente onderzoeken.

Dit document biedt daarmee overzicht en inzicht, zodat we onze sociale basis nog sterker en nog mooier kunnen maken.

Laura Hoogstraten, Wethouder Wmo, Werk en Inkomen, Bestaanszekerheid, Welzijn en Taal. Angèle Welting, Wethouder Jeugd, Onderwijs, Gezondheid, Diversiteit en Inclusie.

Beleidskader: De sociale basis

3/43

2

Inleiding

Waarom beleid sociale basis? In de gemeente Zeist helpen mensen elkaar, zijn er heel veel vrijwilligers actief en zijn er deskundige professionals die iedere dag hulp geven aan mensen die dat nodig hebben. Dat is iets om trots op te zijn (zie bijlage 1 voor een indruk van de variëteit van het aanbod). De gemeente Zeist wil vanuit dit mooie startpunt een vervolgstap zetten in het versterken van de sociale basis. Doen we samen de juiste dingen en zijn we er vroeg genoeg bij? Dat zijn belangrijke vragen voor nu en later. Hoe kwam dit beleidsstuk tot stand? Ter voorbereiding op dit beleidsstuk hebben we allereerst onderzoek gedaan naar de aanpak van andere gemeenten. We spraken met hen over hun aanpak en ervaringen. Wat onder andere bleek, was dat steeds meer gemeenten werken met de term ‘sociale basis’. Waarom? Omdat die gemeenten vanuit een sterke samenwerking gerichter willen sturen op het versterken van het gewone leven. Een andere reden is dat sinds de overdracht van zorgtaken van Rijk naar gemeenten in 2015, gemeenten een grotere wettelijke preventieve rol hebben waardoor ze ook andere vragen stellen aan lokale initiatiefnemers (vrijwilligerswerk, welzijn, enzovoort). De opgave, dilemma’s en gewenste oplossingen waren herkenbaar voor Zeist. Op basis van dit vooronderzoek besloten we om de term ‘sociale basis’ ook in Zeist te introduceren.

Hieronder lichten we toe wat we onder die term verstaan, wat bewezen effecten zijn en hoe we de term sociale basis voor Zeist willen uitwerken. Naast het onderzoek naar de aanpak van andere gemeenten, hebben we een uitgebreid participatief traject met inwoners, cliënten en professionals gevolgd. Via 261 interviews hebben we veel verhalen verzameld. Deze verhalen laten de vele gezichten van Zeist zien, maar ook de vele gezichten en percepties van onze sociale basis. We hebben ook een enquête uitgezet, twee brainstorms gehouden en een centrale terugkoppelingssessie. Wat verstaan we onder de term ‘sociale basis’? Hoe de sociale basis van Zeist eruit moet zien, werken we uit met het opleveren van dit document. Om een algemeen beeld te geven van het onderwerp, hanteren we de volgende algemene definitie. Sociale basis: ‘Het geheel van informele verbanden, zoals buurten, groepen, verenigingen, vrijwilligers en gezinnen, ondersteund en aangevuld vanuit de lokale overheid, organisaties, diensten en voorzieningen. Een sterke sociale basis zorgt ervoor dat mensen goed mee kunnen doen in de samenleving en het verbetert hun welzijn.’ (Movisie, 2018). De sociale basis is dus niet alleen een samenspel van inwoners en organisaties, maar het is ook een beschrijving van hoe de samenleving werkt. De wens hierbij is dat de sociale basis zo sterk mogelijk functioneert.

Een wens over hoe mensen met elkaar samen leven. We onderzochten wat er over de werking van een goed functionerende sociale basis is aangetoond. Effectieve sociale basis Movisie geeft hiervan de volgende samenvatting: ‘Effectieve preventie werkt, het kan problemen van mensen voorkomen, beginnende problematiek in goede banen leiden en voorkomen dat problemen terugkomen. Losse preventieve interventies hebben echter een klein effect, maar als alle kleine effecten zich samen vermenigvuldigen leidt dit tot een omvangrijk en duurzaam resultaat. De sociale basis bestaat daarbij uit twee delen; het ene deel is de Beleidskader: De sociale basis

4/43

fysiek aanwezige infrastructuur zoals de voorzieningen, instanties, gebouwen en inrichting van de wijk. Het andere deel is het menselijke en informele deel waarin mensen met elkaar samen de gemeenschap vormen. Het gaat dan om de invulling van de sociale basisinfrastructuur door inwoners, professionals, gemeenteambtenaren, zelfstandig ondernemers en bestuurders: de visie die zij op sociale kwaliteit hebben, hun verwachtingen, professionele inzet, onderlinge relaties en samenwerking. Beide hebben elkaar nodig en zijn nauw aan elkaar verbonden.‘ (Movisie, 2018) Uit onderzoek blijkt dus dat het loont om in te zetten op een sterke sociale basis en ook hoe deze er ongeveer uit zou moeten zien. Het bewijsmateriaal laat zien dat de gemeente Zeist vanuit een gezamenlijke aanpak moet werken. De sociale basis is van iedereen en vraagt ook om inspanning van iedereen. De organisaties in Zeist laten dagelijks zien dat ze innoveren en ze vertellen ons dat er ruimte is voor doorontwikkeling van het aanbod. Hiervoor is een sterke samenwerking tussen alle partijen en personen nodig; dat is medebepalend voor de kracht van de sociale basis. Thema’s sociale basis We hebben gekozen om de sociale basis te verdelen in acht herkenbare thema’s, die samen de totale lading dekken. Dit grotendeels in navolging van het goede voorbeeld van de gemeente Haarlem.

De thema’s richten zich op het vermogen van mensen om zichzelf te redden; soms met hulp van kennissen, vrienden, familie, vrijwilligers en buren. De thema’s bieden – binnen het brede begrip sociale basis – houvast voor concrete doorontwikkeling. Het gaat om de volgende thema’s: 1. Waardevol werk Waardevol werk betekent dat inwoners van Zeist – ook kwetsbare groepen met afstand tot de arbeidsmarkt - meedoen in de samenleving door (vrijwilligers)werk te hebben waar zij voldoening uit halen. 2. Vrijwillige inzet en mantelzorg Met vrijwillige inzet en mantelzorg wordt bedoeld dat inwoners van gemeente Zeist zich inzetten voor elkaar en voor hun buurt of wijk. Zij dragen naar ieders eigen vermogen hun steentje bij aan de samenleving. 3. Ontmoeten Bij het thema ontmoeten gaat het er om dat inwoners van Zeist sociale verbondenheid ervaren. Zij kunnen elkaar ontmoeten in de buurt en in de wijk. Eenzaamheid wordt voorkomen en mensen ervaren betrokkenheid. 4. Redzaam in en om het huis Redzaam in en om het huis betekent dat inwoners van Zeist zo zelfredzaam mogelijk zijn in het dagelijks leven. Dat zij het vermogen hebben of kunnen ontwikkelen om goed voor zichzelf te zorgen. 5. Financiën op orde Met dit thema beogen we dat inwoners van Zeist een stabiele financiële situatie hebben en dat zij financieel redzaam zijn.

Iemand is financieel redzaam wanneer zij/hij in staat is om weloverwogen keuzes te maken en ondersteuning inschakelt als het even niet meer lukt om het (financiële) leven weer op de rit te krijgen en te houden. 6. Gezonde leefstijl Een gezonde leefstijl bestaat uit voldoende bewegen, gevarieerd eten en voldoende ontspanning. Inwoners van Zeist ervaren een goede gezondheid; met voldoende kennis en ondersteuning kunnen zij hieraan voldoen. Beleidskader: De sociale basis

5/43

7. Opvoeden en opgroeien Bij opvoeden en opgroeien gaat het er om dat alle kinderen in Zeist gezond en veilig opgroeien en dat zij zich goed kunnen ontwikkelen. Kinderen ervaren een veilig gevoel en voelen zich vertrouwd in hun omgeving. 8. Taal Het leren en begrijpen van taal is belangrijk voor een goede sociale, emotionele en intellectuele ontwikkeling. Het spreken en begrijpen van de Nederlandse taal versterkt de regie op het eigen leven en is essentieel om mee te kunnen doen in de samenleving. Door taal kunnen we contact maken met andere mensen, het zorgt voor verbinding en relaties. Ontwikkelonderwerpen uit het participatief onderzoek kwamen drie nieuwe onderwerpen naar voren die voorafgaand aan het onderzoek niet als thema vastgesteld waren. Het gaat om de volgende drie ontwikkelonderwerpen: • de weg vinden • overzicht en samenwerking • voorzieningen dichtbij in Zeist Omdat deze drie onderwerpen veelvoudig als essentieel werden benoemd voor de sociale basis, zijn deze ontwikkelonderwerpen opgenomen ter aanvulling op de bovengenoemde acht thema’s. Rol van de gemeente De gemeente heeft verschillende rollen als het gaat om de sociale basis. Heel duidelijk is dat de gemeente een formele opdrachtgeversrelatie heeft met het georganiseerde deel van de sociale basis.

Is deze relatie er niet dan is de rol beperkt tot stimulator en facilitator, via instrumenten als subsidies, vastgoed en kennis. Voor de gemeente Zeist is in ieder geval leidend dat we de sociale basis willen benaderen en uitwerken vanuit gezamenlijkheid en betrokkenheid. De gemeente Ede beschrijft een werkwijze die aanspreekt: ‘We regisseren, stimuleren en waarderen. Soms zijn we ook faciliterend, door het bieden van vastgoed of kennis. Daar waar de sociale basis zich prima redt, laten wij los. Daar waar hulp of sturing nodig is, stappen wij in.’ Als vervolg op het opstellen van nieuw beleid willen we in gesprek met onze partners over hoe de samenwerking te versterken. Participatief traject Een sterke sociale basis is van belang van alle inwoners van Zeist. Maar hoe zorgen we voor een sterke sociale basis en wat is ieders rol hierbij? Om antwoord te krijgen op die vragen heeft de Gemeente Zeist adviesbureau K2 gevraagd een participatief onderzoek uit te voeren. Zij hebben onderzocht wat de opgaven zijn om de sociale basis te versterken. Ze spraken hiervoor een grote groep betrokkenen en ontwikkelden, op grond van alle verhalen, leidende patronen op de acht thema’s. In bijlage 2 kunt u de onderzoeksverantwoording van K2 lezen. De verhalen van het participatief onderzoek hebben op bijna alle onderdelen een gebalanceerd patroon opgeleverd.

Waar dit niet het geval is, wordt de ambitie bepaald op basis van beleidsdocumenten en ander onderzoek. Inkadering en samenhang We zien het participatief onderzoek en het opstellen van dit beleidsstuk als het begin van een gezamenlijk ontwikkeltraject. Met dit beleidskader introduceren we de samenbindende term – de sociale basis – maken we een helder onderverdeling in thema’s en stellen we de hoofddoelstellingen voor de sociale basis vast. Dit zijn de kaders die de raad meegeeft voor de verdere uitwerking en optimalisering de komende jaren. We staan nog maar aan het begin. Samen met onze partners willen we als vervolg op het beleidstraject concrete ambities, resultaten en afspraken voor de samenwerking maken. We Beleidskader: De sociale basis

6/43

ontwikkelen hiermee op korte termijn een uitvoeringsagenda en een subsidieopdracht sociale basis. Vanaf 2024 willen we op basis van deze opdracht subsidies gaan verstrekken. Inhoudelijk kiezen we in eerste instantie voor een focus op het sociaal domein. De ontwikkelopgave is hiermee groot genoeg. Sport, kunst en lokaal ondernemerschap zijn wat ons betreft onderdeel van de sociale basis. Beleidstechnisch houden ze hun eigen documenten, op inhoud zetten we uiteraard kunst en sport in als middel om de doelstellingen van de sociale basis te bereiken. Parallel aan het opstellen van dit beleidskader is gewerkt aan het herijken van de uitgangspunten van het CJG en Sociaal Team. Deze documenten zijn op elkaar afgestemd zodat we in de toekomst beter in staat zijn om de eigen kracht te versterken, problemen te voorkomen, de sociale basis beter te benutten en snel professionele hulp in te zetten als dat nodig is. Ook tijdens de inzet van professionele hulp verdwijnt de sociale basis niet uit beeld. De nabijheid en hulp van familie, vrienden, buren en vrijwilligers blijft ook dan cruciaal. Vervolg De vervolgstap – na dit beleidskader - is dat we samen met onze partners en inwoners de doelen gaan vertalen naar concrete een meetbare effecten, resultaten en samenwerkingsafspraken. Deze gebruiken we voor het inrichten van de subsidieopdracht sociale basis en een uitvoeringsagenda.

Beleidskader: De sociale basis

7/43

3

Leeswijzer

Dit document bestaat uit zeven hoofstukken en twee bijlages. Voor een snelle lezing van de hoofdlijnen geven de Inleiding (hoofdstuk 2) en Samenvatting (hoofdstuk 5) voldoende informatie. Wilt u kennisnemen van de onderbouwing van de beleidsdoelen en ontwikkeldoelen dan kunt u deze vinden in hoofdstuk 5 en 6. In deze hoofdstukken vindt u ook een aantal van de verhalen van inwoners. Bijlage 1 geeft inzicht in het aantal partners dat een subsidierelatie heeft met de gemeente. Deze zijn grotendeel binnen de sociale basis actief. Bijlage 2 is de onderzoeksverantwoording van het participatief traject ten behoeve van dit beleidskader.

Beleidskader: De sociale basis

8/43

4

Samenvatting

De sociale basis is een samenspel van inwoners en organisaties, waarbij gemeente en maatschappelijke partners de wens hebben dat deze zo goed mogelijk functioneert ten behoeve van een goed leven in Zeist. We willen dat mensen kunnen meedoen in de samenleving, waardoor ze zich goed voelen en problemen zo veel mogelijk worden voorkomen. In dit beleidskader hebben we dat samenspel en die wens samengevat in beleidsdoelen op acht thema’s en drie ontwikkeldoelen op onderwerpen waar we ruimte voor versterking zien. De definitie van de sociale basis die we hanteren is: ‘Het geheel van informele verbanden, zoals buurten, groepen, verenigingen, vrijwilligers en gezinnen, ondersteund en aangevuld vanuit de lokale overheid, organisaties, diensten en voorzieningen. Een sterke sociale basis zorgt ervoor dat mensen goed mee kunnen doen in de samenleving en het verbetert hun welzijn.’ De sociale basis is van iedereen en vraagt ook om inspanning van iedereen. De onderstaande beleidsdoelen moeten gezien worden als alles wat er in onze gemeente moet zijn om te kunnen spreken van een stevige sociale basis. Waar de doelstellingen niet worden gehaald is er de noodzaak om te spreken over hoe het beter kan. Of anders geformuleerd: daar waar de sociale basis zich prima redt, laat de gemeente los en daar waar hulp of sturing nodig is, stapt de gemeente in.

De beleidsdoelen uit dit document dienen als een algemeen kader voor de verdere ontwikkeling van de sociale basis. De vervolgstap – na dit beleidskader – is dat we samen met onze partners en inwoners de doelen gaan vertalen naar concrete een meetbare effecten, resultaten en samenwerkingsafspraken. Deze gebruiken we voor het inrichten van twee uitvoeringsdocumenten: een subsidieopdracht sociale basis en een uitvoeringsagenda. Samen maken we het verschil. Acht thema’s Dit zijn de beleidsdoelen per thema. Deze hebben we geformuleerd op grond van de verhalen die we hebben verzameld via interviews, het onderzoek bij andere gemeenten en onze eigen beleidsstukken: Thema 1: Waardevol werk De gemeente en haar maatschappelijke partners streven na dat: 1. Inwoners als vrijwilliger een waardevolle bijdrage kunnen leveren aan het leven van andere mensen. 2. Vrijwilligerswerk voor een groep vrijwilligers zorgt voor dagstructuur, sociaal contact en voor de mogelijkheid om mee te doen.. Thema 2: Vrijwillige inzet & mantelzorg De gemeente en haar maatschappelijke partners streven na dat: 1. Het leveren van vrijwillige inzet flexibel is in te passen binnen de levens van mensen. 2. De draagkracht en draaglast van mantelzorgers in balans is. 3. De gemeente zich flexibel opstelt en meedenkt en -helpt met maatschappelijk initiatief. 4.

Er voldoende respijtvoorzieningen zijn waarvan goed gebruik wordt gemaakt. Thema 3: Ontmoeten De gemeente en haar maatschappelijke partners streven na dat: 1. Inwoners zich welkom voelen in hun wijk. 2. Inwoners makkelijk binnen stappen bij voorzieningen en activiteiten in hun wijk. Beleidskader: De sociale basis

9/43

3. Er voldoende voorzieningen in de wijk en gemeente Zeist-breed zijn voor ontmoeting en zingeving zodat eenzaamheid word tegengegaan. Thema 4: Redzaam in om het huis De gemeente en haar maatschappelijke partners streven na dat: 1. Inwoners zich inzetten voor hun buurt- en wijkgenoten. 2. Organisaties uit de sociale basis de zelfredzaamheid van inwoners ondersteunen. Thema 5: Financiën op orde De gemeente en haar maatschappelijke partners streven na dat: 1. Vrijwilligersorganisaties ondersteuning bieden aan inwoners op het gebied van financiën en de financiële zelfredzaamheid van de inwoner vergroten. 2. Inwoners met een laag inkomen maken gebruik van alle regelingen. Thema 6: Gezonde leefstijl De gemeente en haar maatschappelijke partners streven na dat: 1. Inwoners zelf activiteiten ondernemen rondom bewegen en gezond leven. 2. Inwoners - jong en oud - meer in beweging zijn. 3. Kinderen en jongeren een goede gezondheid ervaren en een gezond gewicht hebben. 4. Inwoners weten hoe zij verantwoord om moeten gaan met potentieel verslavende middelen (alcohol, drugs en lachgas). 5. De voorzieningen in de sociale basis bijdragen aan het mentaal welbevinden van inwoners in Zeist. Thema 7: Opgroeien en opvoeden De gemeente en haar maatschappelijke partners streven na dat: 1. Kinderen in de gemeente Zeist een kansrijke start hebben. 2.

Alle kinderen en jongeren zich veilig, kansrijk en gezond kunnen ontwikkelen. 3. Er herstel is van problemen bij de jeugd als gevolg van de Coronapandemie. 4. Er een gevarieerd vrijetijdsaanbod is voor jongeren en kinderen. Thema 8: Taal De gemeente en haar maatschappelijke partners streven na dat: 1. Laaggeletterdheid wordt voorkomen of vroegtijdig gesignaleerd waarbij we ons richten op alle leeftijden. 2. Er voor elke inwoner met een taalachterstand een kwalitatief en passend taaltraject wordt aangeboden, waarbij wordt aangesloten bij de motivatie van inwoner en bij het doel waarvoor de inwoner de taal concreet nodig heeft. 3. De taaltrajecten en taalactiviteiten zoveel mogelijk dichtbij de mensen georganiseerd worden: in de buurt en toegankelijk. 4. We zelf het goede voorbeeld geven. De gemeente en partnerorganisaties gebruiken begrijpelijke taal in de communicatie met inwoners. Drie ontwikkelonderwerpen Uit het participatief onderzoek kwam een drietal ontwikkelonderwerpen naar voren. Dit zijn onderwerpen waarover we op basis van alle gesprekken de conclusie trekken dat er ruimte is voor verbetering. Deze onderwerpen hebben uiteraard inhoudelijke overlap met de acht thema’s. Gezien de ervaren urgentie krijgen ze in dit beleidskader een apart plekje zodat ze met voldoende aandacht en op een juiste manier in de uitvoeringsagenda verwerkt worden.

Beleidskader: De sociale basis

10/43

Ontwikkelonderwerp 1: De weg vinden De gemeente en haar maatschappelijke partners streven na dat: • Inwoners - en professionals - de weg naar informatie over vrijetijdsbesteding en over (informele) hulp en ondersteuning makkelijk weten te vinden. Ontwikkelonderwerp 2: Overzicht en samenwerking De gemeente en haar maatschappelijke partners streven na dat: • Er vanuit een gezamenlijk inzicht en overzicht een agenda is waarmee gemeente, organisaties en inwoners gezamenlijk optrekken. Er is een nauwe samenwerking tussen vrijwilligers en professionals op de onderwerpen waar dit meerwaarde heeft. Ontwikkelonderwerp 3: Voorzieningen dichtbij De gemeente en haar maatschappelijke partners streven na dat: • Het in de gemeente Zeist mogelijk is om dichtbij huis aansluiting te vinden bij mensen uit buurt of dorp.

Beleidskader: De sociale basis

11/43

6

Uitwerking per thema

Thema 1: Waardevol werk Dit thema gaat over het doen van vrijwilligerswerk in georganiseerd verband. Het vrijwilligerswerk is meestal meer dan zomaar een vrijetijdsactiviteit. Mensen doen vrijwilligerswerk uit idealistische overwegingen, om een handje te helpen of als opstap naar betaald werk. Sommige mensen doen vrijwilligerswerk ook om structuur aan hun dag te geven of om onder de mensen te komen. Er zijn dus veel redenen te noemen waarom vrijwilligerswerk waardevol werk is. De gemeente en haar maatschappelijke partners streven na dat: 1. Inwoners als vrijwilliger een waardevolle bijdrage kunnen leveren aan het leven van andere mensen. 2. Vrijwilligerswerk voor een groep vrijwilligers zorgt voor dagstructuur, sociaal contact en voor de mogelijkheid om mee te doen. Toelichting op beleidsdoel 1 In het participatief traject hebben we diverse verhalen op kunnen tekenen van mensen voor wie vrijwilligerswerk bijzonder waardevol is. Hieruit hebben we twee leidende patronen kunnen afleiden die wie hieronder met een toelichting en een voorbeeldcasus illustreren. Deze twee patronen laden samen de hierboven geformuleerde beleidsdoelstelling. Bij ons staat de deur open Een inwoner vertelt: ‘Vroeger zaten we hier met dertig mensen aan een tafel. Eerst een heerlijke maaltijd en daarna bingo. Na corona is alles op z'n kop gegaan.

De verbondenheid en het contact hadden we een tijdje niet meer. Ik vind het jammer hoor, ik zeg het nogmaals. Het begint wel steeds meer te komen, maar nog steeds zie je het. Mensen zijn een beetje angstiger en afstandelijker dan vroeger. En ja, dan komen ze niet gauw even langs. Dat merk ik gewoon. Maar ja, bij ons staat de deur open. Wij doen nog altijd hetzelfde en blijven dat doen.’

Patroon 1: Vrijwilliger zijn geeft inwoners een doel en het gevoel dat ze meetellen. Vrijwilligers bieden niet alleen ondersteuning aan andere inwoners, maar het werk geeft henzelf ook voldoening. Het voelt fijn om van nut te zijn voor anderen en te kunnen bijdragen aan de maatschappij. Daarnaast geeft het kwetsbare inwoners een doel in hun leven. Als ze naast hun vrijwilligerswerk weinig sociale contacten of geen werk hebben, is dit erg van belang. Wanneer vrijwilligerswerk voor deze groep inwoners wegvalt kan dit grote psychische gevolgen hebben, door bijvoorbeeld het missen van structuur in een dag en het contact met mensen. Een enkele vrijwilliger voelt zich niet gewaardeerd. De positieve effecten die het vrijwilligerswerk kan hebben (gevoel van nut, een doel hebben) worden dan niet of minder bereikt. Juist omdat vrijwilligerswerk niet betaald wordt, is waardering extra belangrijk.

Beleidskader: De sociale basis

12/43

Dan ben je het zat Een inwoner vertelt: ‘Ik deed hier het beprijzen van curiosa. Dus kunst en houten voorwerpen. Alles wat echt waarde heeft, haalde ik eruit, vaak klokken. De oude dingen van de jaren twintig tot aan tachtig, dat is eigenlijk curiosa. Ik prijsde ook huishoudelijke artikelen en alles wat met wonen en inrichting te maken heeft. Dus ja, vijf dagen in de week deed ik dat, in de ochtenden. Tien jaar lang. Dus ik heb het best veel gedaan. Ik bleef voor de mensen daar. Een beetje dollen en mensen wegwijs maken. Maar op een gegeven moment dacht ik: ik geef alleen maar, het wordt een sleur, ik moet ermee stoppen. Het was de gewoonste zaak dat ik er was en als je dan een keer niet kwam dan keken ze je kwaad aan, de betaalden. Toen had ik het wel gehad. Geen waardering na al het werk dat je verzet hebt. Tien jaar is natuurlijk ook wel heel lang. In het begin krijg je dan wel die waardering, maar daarna niet meer. Dan ben je het ook zat.’

Toelichting op beleidsdoel 2: In de interviews kwam ook meerdere malen naar voren dat vrijwilligerswerk niet alleen draait om het kunnen helpen en ondersteunen van anderen. Maar het draagt ook bij aan het hebben van structuur en een waardevolle invulling van de dag. Onderstaand patroon geeft toelichting op beleidsdoel 2. Patroon 2: Vrijwilligerswerk zorgt voor structuur bij de vrijwilliger Naast dat vrijwilligerswerk (kwetsbare) inwoners in staat stelt om mee te doen in de maatschappij, helpt het ook op andere onderdelen van hun leven. Het biedt structuur, het geeft een reden om op te staan in de ochtend en het geeft invulling aan de dag. Met name voor de vrijwilligers die zelf (psychisch) kwetsbaar zijn heeft dit een groot positief effect op de mentale gezondheid. Het vinden van passend vrijwilligerswerk is voor sommige inwoners een uitdaging. Een enkele inwoner geeft aan wel iets te willen doen, maar niet goed te weten wat precies en waar dit te zoeken. Het is ook therapie voor mezelf Een inwoner vertelt: ‘Ik geef iedere maandagmiddag schilderles. Dat is superleuk en gezellig. Er zijn vijf leerlingen waarvan sommigen het al heel goed kunnen. Ik geef ze een opdracht. Bijvoorbeeld dat ze leren van klein naar groot te werken, of een ondergrond aanbrengen met acrylverf. Een paar mensen is nou al met olieverf bezig. Dat is echt geweldig om te zien.

En met vijf of zes lessen hebben ze een schilderij af. Het is dus niet in één les en klaar. Dat gaat niet. Ik loop rond en als ze vragen hebben dan help ik ze of ik leg tussendoor wat uit. Je kan beter spelenderwijs leren schilderen. Dat is ook veel leuker dan een langdradige uitleg. Afgelopen maandag maakten we een stilleven: het Puttertje van Vermeer. Dat is echt wat ze zelf willen en is dus superleuk. Ik leg dan in het begin uit hoe je een schaduw maakt. Want dat is voor de meeste mensen het moeilijkst. Leren kijken naar schaduwen. Als je dat niet in je vingers hebt, dan krijgt je schilderij geen diepte en wordt het net een tekening. En dat moet je niet hebben. Ik vind het leuk om bezig te zijn en om samen met mensen bezig te zijn. Ik heb psychische problemen en vind het moeilijk om met mensen in contact te komen. Vaak is het te druk voor me. Te veel impulsen en te veel prikkels. Dan sla ik dicht en kan ik niks meer. Daarna ben ik een paar dagen ziek. Dus ik moet wat meer onder mensen komen om die prikkels te kunnen verwerken. Het is ook therapie voor mezelf.’

Beleidskader: De sociale basis

13/43

Aanvullend op patroon 2 uit het participatief onderzoek betrekken we de strategische kaders voor de participatiewet bij de sociale basis. Dit document is in 2019 door de raad vastgesteld en hierin wordt toegelicht waarom het hebben van waardevol werk zowel voor je mentale als fysieke gezondheid van belang is en een preventieve werking heeft. ‘Voor ieder mens geldt dat deelname aan de samenleving bijdraagt aan welbevinden en gezondheid: deelnemen door betaald werk, door scholing, welzijnstrajecten, vrijwilligerswerk, dagopvang of op andere manieren.’ Werkeloosheid wordt geassocieerd met een slechtere lichamelijke en geestelijke gezondheid en welzijn. Werk kan therapeutisch zijn en kan de nadelige gezondheidseffecten van werkloosheid terugdringen. In die zin heeft het hebben van waardevol werk dus een grote preventieve werking. Het vermindert de vraag naar zorg en ondersteuning en biedt zingeving.

Beleidskader: De sociale basis

14/43

Thema 2: Vrijwillige inzet & mantelzorg De inwoners van de gemeente Zeist helpen elkaar in het dagelijks leven vaak een handje. Dit doen ze niet vanuit een organisatie, maar gewoon vanuit de contacten die zijn ontstaan. Sommige mensen zijn een luisterend oor voor een buurman of buurvrouw, anderen schoffelen de tuin of doen boodschappen voor een buurtgenoot. Binnen de familie geven mensen verdergaande stut en steun als een familielid kwetsbaar is. De gemeente en haar maatschappelijke partners streven na dat: 1. Het leveren van vrijwillige inzet flexibel is in te passen binnen de levens van mensen. 2. De draagkracht en draaglast van mantelzorgers in balans is. 3. De gemeente zich flexibel opstelt en meedenkt en helpt met maatschappelijk initiatief. 4. Er voldoende respijtvoorzieningen zijn waarvan goed gebruik wordt gemaakt. Toelichting op beleidsdoel 1 Veel mensen gaven te kennen dat ze graag willen helpen maar dat het verplichtende karakter en de tijdsinvestering een drempel voor hen zijn. In onderstaand patroon kan u hier meer over lezen.

Patroon 1: Een deel van de inwoners ervaart vrijwilligerswerk als verplichtend en veeleisend Redenen die inwoners geven waarom ze geen vrijwilligerswerk doen zijn: • Vrijwilligerswerk is te verplichtend • Vrijwilligerswerk is niet flexibel genoeg in combinatie met een fulltimebaan • Inwoners willen wel, maar weten niet hoe ze aan vrijwilligerswerk komen Mensen die een baan hebben of andere verplichtingen, willen zich niet binden aan het vrijwilligerswerk, terwijl een groot deel van deze groep aangeeft best wel iets te willen doen. De organisaties actief in de sociale basis signaleren dit ook en merken dat het lastig is om nieuwe vrijwilligers te werven. Een aantal van hen vindt dat er meer moet gebeuren om de flexibele inzet van vrijwilligers mogelijk te maken, omdat er veel bereidheid is onder inwoners om incidenteel te helpen. Over de drempel helpen Een inwoner vertelt: ‘Ik zat dan altijd in de huiskamer, met moeder op de achtergrond, en dan vroeg je aan de coachee van: nou, wat heb je gedaan en hoe gaat het op school? Welke les vond je leuk? Dat soort vragen. Welke les vond je niet leuk en waarom? Leren reflecteren. Ik ging ook wel eens met ze wandelen. Dus ook gewoon kijken van: wat zijn dingen die geen geld kosten die je wel kunt doen. De bibliotheek of het jeugdwerk bijvoorbeeld, of wat vertellen over de buurt. Dat je ze vooral nieuwsgierigheid aanleert.

Gewoon even over de drempel helpen. Ja, dat was leuk werk, maar ik ben daar mee gestopt omdat het elke week was. Vond dat op den duur een beetje te verplichtend.’

Toelichting op beleidsdoel 2 Uit gesprekken met organisaties die ondersteuning bieden aan mantelzorgers bleek dat het zoeken naar balans tussen draagkracht en draaglast in het leven van een mantelzorger de grootste uitdaging is. Hoofdconclusie van het onderzoek Mantelzorg Zeist ’22 is de volgende: ‘De draagkracht en draaglast van mantelzorgers moet in balans zijn om het te kunnen volhouden.’

Beleidskader: De sociale basis

15/43

Er zijn in Zeist veel mantelzorgers actief. Het is voor mantelzorgers vaak een grote uitdaging om alle ballen hoog te houden en overbelasting te voorkomen. Overbelasting wordt onder andere bepaald door de draagkracht en draaglast van een mantelzorger. De draagkracht is hetgeen een mantelzorger aankan, de draaglast geeft aan hoe zwaar de zorg voor hem of haar is. Beide moeten in balans zijn, dienen tijdig gesignaleerd te worden en wanneer nodig kan er extra ondersteuning geboden worden. Uit onderzoek blijkt dat de groep mantelzorgers in Zeist die zorg en betaalde arbeid combineren meer ondersteuning en aandacht verdienen. Het is belangrijk mantelzorgers actief van informatie te voorzien over de verschillende vormen van ondersteuning waar zij bij gebaat zijn. Van de groep mantelzorgers die zich intensief inzetten voor een naaste, is 21% niet of minimaal op de hoogte van het ondersteuningsaanbod. Daarbij ziet een grote groep mantelzorgers een knelpunt in het uitzoekwerk en alle daarbij komende regeltaken. Toelichting op beleidsdoel 3 Aan goede ideeën en initiatief ontbreekt het niet in onze gemeente. Dat blijkt uit de gesprekken. Maar niet alle ideeën worden uitgevoerd. Welke behoefte inwoners hierbij hebben laat onderstaand patroon zien.

Patroon 2: Inwoners zetten zich graag in voor mensen in Zeist en willen daarbij een gemeente die flexibel meedenkt en -helpt Een aantal inwoners geeft aan zich graag in te zetten voor mede-Zeistenaren en zit vol nieuwe ideeën. Zij worden voor hun gevoel afgeremd door de gemeente of en andere organisaties. Ideeën kunnen niet worden uitgevoerd omdat de gemeente geen budget (meer) heeft of omdat de activiteiten en ideeën van de inwoners niet passen binnen de processen of door gebrek aan capaciteit. In een van de werksessies van het participatief onderzoek kwam meerdere malen naar voren dat organisaties een knelpunt zien in de werving van vrijwilligers. Zij vragen hierbij een actieve rol van de gemeente. Past niet in het proces Een inwoner vertelt: ‘Ik ben wat meer een kansendenker. Ik heb toen een filmpje voor de gemeenteraad gemaakt over het historistische moestuintje hier. Die ligt er nu verwaarloosd bij. Nou, dan zou het toch heel leuk zijn als je daar iets mee doet. Met een horeca-uitspanning bijvoorbeeld. Vanuit Bilthoven komt er een oud treinlijntje en het is met de fiets bereikbaar. Mensen kunnen het als pleisterplaats gaan zien. Dat wij daar ook als buurt koffie kunnen gaan drinken als de kinderen naar school zijn gebracht. Nou, dat soort dingen. Ik probeer wat ik kan om wel wat te doen met al die opties, maar het is me vooralsnog niet gelukt om überhaupt iets te regelen.

De ideeën heb ik wel, maar je krijgt gewoon een nee. Je noemt het wel, maar het wordt niet opgepakt. Het past niet in het proces, er is geen capaciteit voor, of het is te moeilijk. Dus doen we het maar niet. Ja, ik zou het fantastisch vinden als de gemeente zegt: nou gaan we eens even goed investeren op iets wat echt voor de bewoners van Huis ter Heide is.’

Toelichting op beleidsdoel 4: Uit onderzoek van MantelzorgNL en het steunpunt Mantelzorg Zeist blijkt dat passende respijtvoorziening van groot belang is voor het volhouden van de zorg voor een naaste. ‘Onderzoek Respijtvoorzieningen zijn passend bij de behoefte van mantelzorgers en dragen bij aan het verminderen van overbelasting.’ Chronisch zieke mensen en ouderen wonen graag zo lang mogelijk zelfstandig thuis en kunnen ook steeds langer zelfredzaam zijn, vaak dankzij familie en naasten. Als gemeente vinden we het Beleidskader: De sociale basis

16/43

belangrijk en pakken we onze verantwoordelijkheid in het ondersteunen van mantelzorgers in Zeist. Respijtzorg of vervangende mantelzorg hoort daarbij. Het gaat bij respijtzorg om de tijdelijke, kortdurende overname van de zorg met als doel de mantelzorger een adempauze te geven. Mantelzorgers houden het namelijk langer vol als zij af en toe de zorg uit handen geven en zelf nieuwe energie opdoen.

Beleidskader: De sociale basis

17/43

Thema 3: Ontmoeten Met elkaar in contact zijn en in verbondenheid jezelf kunnen zijn: dat zijn basale menselijke behoeften. Hoe invulling wordt gegeven aan de ontmoeting verschilt van persoon tot persoon. De één is het liefst zo veel mogelijk met anderen in contact en de ander vind 1 op 1 contact op gezette tijden voldoende. De één discussieert graag over een thema terwijl de andere liever een alledaags praatje met een kopje koffie genoeg vindt. Weer een ander heeft minder met al die gesprekken en onderneemt liever een activiteit. Het verschilt per persoon en per situatie welke ontmoeting het best aansluit bij de behoefte. De gemeente en haar maatschappelijke partners streven na dat: 1. Inwoners zich welkom voelen in hun wijk. 2. Inwoners makkelijk binnen stappen bij voorzieningen en activiteiten in hun wijk. 3. Er voldoende voorzieningen in de wijk en gemeente Zeist-breed zijn voor ontmoeting en zingeving zodat eenzaamheid word tegengegaan. Toelichting op beleidsdoel 1 We verzamelden verschillende verhalen van inwoners die zich niet helemaal op hun plek voelen in hun wijk. Echter is dit van groot belang voor het meedoen in de samenleving. Uit deze verhalen is onderstaand patroon naar boven gekomen. Patroon 1: Inwoners willen zich welkom voelen in hun wijk en meer verbondenheid met hun wijkgenoten.

Inwoners ervaren weinig saamhorigheid en merken een splitsing tussen mensen in huur- en koophuizen en tussen verschillende achtergronden. Waar vroeger nog buurtactiviteiten werden georganiseerd door buurtbewoners zelf, gebeurt dat nu steeds minder. Corona heeft daar een grote rol in gespeeld. Inwoners geven aan dat mensen bang zijn geworden van contact en elkaar mijden. Verschillende organisaties uit de sociale basis maken zich dan ook zorgen om de gevolgen van corona, zoals eenzaamheid onder ouderen en jongeren. Ook in de straatinterviews komt sterk naar voren dat inwoners uit bijna alle wijken/dorpen meer behoefte hebben aan verbinding en sociale cohesie in de wijk. Austerlitz is de enige plek waar dit veel minder speelt. Hier voelen inwoners een sterkere onderlinge verbinding en zijn ze blij met hun dorpshuis. In Zeist West zijn de inwoners verdeeld. De helft vindt dat er te weinig verbinding is, de andere helft vindt juist dat er een sterke verbondenheid is sinds de komst van het nieuwe winkelcentrum. Ik mis het oude gevoel van Zeist Een inwoner vertelt: ‘….Maar de sfeer, vooral in Zeist, vooral toen ik net kwam wonen in Nederland. Ik ging wel ook naar Amsterdam, naar Rotterdam, dagjes uit. Ik zag de mensen in die steden. Zeist voelde altijd als een soort kleine, mooie stad. Iedereen kent elkaar. Iedereen lacht met elkaar. Iedereen praat met elkaar.

Iedereen zegt goedemorgen. Ik weet nog dat als ik voor brood naar Jumbo ging - gewoon tien minuten - dan had ik tegen bijna iedereen hoi gezegd. Nu is dat niet meer zo en dat vind ik heel jammer. Mensen zijn uit elkaar gegroeid of zo. En het heeft te maken met corona, dat weet ik. Maar ik vind het heel jammer, alsnog. Er moeten weer warme dingen komen. Gewoon muzikanten die eventjes de sfeer wat leuker maken. Dan staan de mensen even vijf

Beleidskader: De sociale basis

18/43

minuten bij elkaar, dan heb je meer dat glimlachen naar elkaar. Gewoon zulke kleine dingen. Het hoeft niet zo veel te zijn als vroeger. Maar ik mis het in Zeist. Als ik in Amsterdam ben of Den Haag of in een andere grote stad, dan is het er niet. Maar wat Zeist had, of een kleine gemeente als De Bilt, dat was heel bijzonder. Hier in Zeist voelde iedereen dat. Alleen hier was het origineel en heel anders. Ik voelde me meteen thuis.’

Toelichting op beleidsdoel 2 Uit de interviews kwam vaak naar voren dat de wijkservicepunten en de buurt- en inloophuizen als een belangrijke ontmoetingspunt worden ervaren in de wijk. Onderstaand patroon en verhaal illustreren dit. Patroon 2: Inwoners voelen zich welkom en stappen makkelijk binnen bij voorzieningen en activiteiten in hun wijk. Zeist kent per wijk een aantal wijkvoorzieningen. Dit kan zijn een wijkservicepunt, maar ook een inloophuis, dorps- of buurthuis. Deze voorzieningen zijn ingericht op zaken als het bevorderen van participatie van mensen, de sociale cohesie en het stimuleren van zelfredzaamheid en zelfontplooiing. Ook zijn deze voorzieningen belangrijk voor het organiseren van de onderlinge ontmoeting in de wijk. We hebben veel inwoners gesproken die geregeld naar een vast inloophuis gaan. Vele van hen beschrijven de inloophuizen als laagdrempelig. Ze voelden zich vanaf het eerste moment welkom en sommigen zien dit zelfs als hun tweede thuis. Wat opvalt is dat veel mensen het wijkservicepunt Het Binnenbos noemen en daar erg blij mee zijn. Wel is vaak dezelfde groep aanwezig en is de aanwas van nieuwe mensen beperkt. Dit patroon heeft ook een keerzijde. Er zijn namelijk ook inwoners die wel enkele drempels ervaren rondom de inloophuizen in Zeist.

Bijvoorbeeld omdat er in sommige inloophuizen alleen mensen van dezelfde leeftijdsgroep komen en anderen zich daarom minder welkom voelen. Of omdat men denkt dat het inloophuis er alleen is voor mensen met zwaardere psychische problematiek. Verder is opvallend dat inwoners ook een drempel ervaren wanneer ze het idee hebben dat er in een inloophuis alleen mensen van een bepaalde sociale klasse (armer of rijker) komen. Mensen voelen zich hier veilig Een inwoner vertelt: ‘Er komen niet zo vaak nieuwe hoor, de meesten zijn oude bekenden. Sommigen noemen het hun tweede huis, sommige vinden het hier gezellig. Zulke reacties heb je altijd van mensen en die vinden het hier veilig. Wanneer ze binnenkomen, dan zijn ze op hun gemak. Sommigen zitten gewoon lekker, anderen lezen wat, ze drinken een kopje of zijn aan het kletsen. Dat is het zeg maar. Mensen voelen zich hier veilig, ja. Ik denk dat ze daarvoor komen hier. Of ja, de eenzaamheid. We hebben hier heel veel alleenstaanden. Ik ben zelf ook alleen hoor. Ik ben zelf alleen en ik heb geen familieleden hier, helemaal alleen, geen gezin, geen kinderen. Maar die eenzaamheid die speelt ook een grote rol. Mensen willen een uitweg vinden. Dat is het. Daarom voelen ze zich hier op hun gemak. Door de verbondenheid en omdat het hier veilig bleek. Ja, dat voelen ze waarschijnlijk.’

Beleidskader: De sociale basis

19/43

Toelichting op beleidsdoel 3 Eenzaamheid is een veelbesproken fenomeen in de samenleving. Bij de interviews werd het verminderen van eenzaamheid onder andere gelinkt aan de onderlinge zorg en ontmoeting in de wijk. Dit wordt door middel van onderstaand patroon toegelicht. Patroon 3: Vrijwilligersorganisaties, voorzieningen in de wijk en inwoners onderling zorgen voor ontmoeting en gaan eenzaamheid tegen. Veel activiteiten van vrijwilligersorganisaties zijn gericht op het faciliteren van ontmoetingen tussen de inwoners van Zeist. Ook voorzieningen in de wijk zoals inloophuizen, maar ook speeltuinen en winkels, bieden deze ontmoetingsplekken. Zo wordt in Zeist West vaak genoemd dat het nieuwe winkelcentrum tot verbetering in de verbinding in de wijk heeft geleid. Inwoners nemen ook zelf het initiatief om elkaar op te zoeken. Al deze vormen van contact hebben een groot effect op het tegengaan van eenzaamheid. Een aanzienlijk deel van de inwoners die we hebben gesproken zou namelijk zonder deze voorzieningen erg eenzaam zijn. Naast het tegengaan van eenzaamheid noemen inwoners ook dat deze voorzieningen helpend zijn voor mensen die de taal niet goed spreken. Zij kunnen via deze ontmoetingsplekken oefenen met de taal. Ik ben niet eenzaam, maar… Een inwoner vertelt: ‘Ik kom hier nu rond vijf jaar.

Denk met ongeveer twee jaar tussenstop, omdat ik werkte en eigenlijk niet echt veel tijd meer had om te komen. Het inloophuis is voor mij belangrijk omdat ik hier mensen kan tegenkomen waarmee ik gezellig kan praten. Ja, ik ben niet eenzaam, maar het is wel fijn als je soms andere mensen ziet. En dit is echt stimulans voor mij om naar buiten te gaan en om mensen te gaan ontmoeten. Want ja, het is toch... je bent alleen en als je niet zo heel veel vrienden hebt, is het toch wel belangrijk dat je wel onder de mensen komt. En het inloophuis is daar heel goed geschikt voor. Ik schrijf ook soms korte verhalen voor het inloophuis en die lees ik dan voor, één keer in de zoveel tijd, als ik weer inspiratie heb. Om een voorbeeld te geven: we hadden lunch, en op een gegeven moment was iemand die wilde een boterham met gekleurde hagel en ze was nogal uitgeschoten. Dus toen had ik daar een verhaaltje over verteld en het was een gewoon een grappig verhaaltje over een gekleurde hagelberg. Het zijn grappige korte verhaaltjes.’

Beleidskader: De sociale basis

20/43

Thema 4: Redzaam in om het huis Je eigen huishouden voeren betekent dat je je leven kan leiden zoals je dat zelf graag wil. Meestal lukt dat maar soms is er hulp van familie of vrienden en soms komt de hulp van iemand uit de buurt. Soms is deze hulp nodig om te zorgen dat iemand zelfstandig kan blijven wonen. Met een beetje samen red je het zelf. De gemeente en haar maatschappelijke partners streven na dat: 1. Inwoners zich inzetten voor hun buurt- en wijkgenoten. 2. Organisaties uit de sociale basis de zelfredzaamheid van inwoners ondersteunen. Toelichting op beleidsdoel 1 Met een beetje samen red je het zelf, wordt duidelijk gemaakt in onderstaand patroon. Daar waar inwoners elkaar helpen, hebben mensen meer grip op hun eigen leven en wordt er minder aanspraak gemaakt op ondersteuning vanuit een professionele organisatie. Patroon 1: Inwoners zetten zich met plezier in voor hun buurt- en wijkgenoten We zien veel verhalen en quotes van inwoners waaruit blijkt dat inwoners elkaar onderling op veel verschillende vlakken helpen. Inwoners zetten zelf wandelclubjes op, gaan actief bij elkaar langs, bieden een luisterend oor aan iemand die dat nodig heeft en zetten acties op voor eenzame ouderen. Ook zijn er verhalen van inwoners die een overzicht van de activiteiten in de buurt/het dorp maken in de vorm van een website en zo anderen de weg wijzen.

Ook de organisaties die werken in de sociale basis valt dit op. Velen van hen geven aan dat er veel ondernemerschap is in Zeist. Ook het CJG en Sociaal Team zijn blij met het grote aanbod in de sociale basis en vinden het mooi om te zien dat inwoners zelf veel initiatieven opzetten. Dikke kus door de brievenbus Een inwoner vertelt: ‘Wat we ook gedaan hebben, was aan de hele school vragen - dat zijn dus 250 kinderen - om een tekening of een mooie wens voor de ouderen te maken. En dan het liefst op een gekleurd vel zodat je kan zien; dit is uit de onderbouw, dit middenbouw, dit bovenbouw. Dus geel, oranje en groen. De kinderen van groep acht gingen striptekenen en weet ik veel wat allemaal. Prachtig. Bij MeanderOmnium hebben we weer die lijst van ouderen gevraagd. Wij hebben zelf de wensen en tekeningen bij de mensen in de brievenbus gedaan en gevraagd van: willen jullie die tekening op het raam plakken, dan kunnen de kinderen zien dat hun tekening is aangekomen. Dus overal in het dorp hingen van die gekleurde vellen. En we hadden ook gezegd: als jullie willen, reageer dan even met een kaartje of een bedankje. We hadden drie rode brievenbusjes gemaakt, en die neergezet bij de Readshop, bij Pelita en in de hal van de bejaardenflat. Heel veel ouderen hebben daar een kaartje ingedaan. Ik geloof dat we wel 60 reacties hadden van de 120 of 130. Nou, dat was zo leuk.

Die reacties hebben we als een slinger aangeboden aan de school. Dat vonden we heel leuk en het kostte weinig moeite.’

Patroon 2: Inwoners helpen elkaar en zorgen er op deze manier voor dat ze samen redzaam zijn Rond het thema sociale basis en zelfredzaamheid geven inwoners aan dat het voor hen vooral belangrijk is om iemand te hebben waar ze een beroep op kunnen doen. Dit kan een familielid, vriend, buur of iemand via een organisatie zijn. Uit de verhalen blijkt dat buurtbewoners dit voor elkaar Beleidskader: De sociale basis

21/43

kunnen betekenen. Ze helpen elkaar met dingen in het dagelijks leven, zoals boodschappen, administratie of een klusje. Dit doen ze veelal zelf, op eigen initiatief, zonder tussenkomst van een vrijwilligersorganisatie of gemeente. Hiermee helpen ze elkaar om redzaam te zijn, oftewel ze zijn samen redzaam. Een groot deel van de inwoners geeft dan ook aan dat ze voor hulp eerst in hun eigen kring van vrienden, familie en buurtbewoners rondvragen. De key van de inloop Een inwoner vertelt: ‘Twee weken terug ongeveer kreeg ik een mail van iemand hier die ziek was. Zij had geen fruit meer en vroeg of ik dat voor haar kon regelen. Dat soort dingen doe ik in de wijk. Boodschappen doen, bijvoorbeeld voor haar. Bij mannen ga ik meestal zelf, maar voor vrouwen doe ik dat niet gauw. Dan vraag ik het aan iemand anders. Soms is een vrouw beter dan een man om in contact te komen. Ik stuur dan een sms naar iemand met de vraag: ‘zou je dit kunnen doen, zou je dat kunnen doen’. Ik ben hier zeg maar de key van de inloop.’

Toelichting op beleidsdoel 2 Beleidsdoel 2 en daarmee patroon 2 komen als resultaat uit het participatief onderzoek en worden geïllustreerd in onderstaand verhaal. Organisaties uit de sociale basis hebben een belangrijke rol in het langer thuis zelfredzaam zijn en blijven. Patroon 3: Organisaties uit de sociale basis ondersteunen in de zelfredzaamheid van inwoners Vrijwilligersorganisaties helpen inwoners met de praktische zaken. Er zijn veel buurtbewoners die elkaar helpen met deze ondersteuning, maar zeker voor de inwoners die minder of geen netwerk hebben, zijn deze organisaties een uitkomst. Ze voorzien o.a. in de basisbehoeften zoals eten via De Voedselbank en kleding via het Leger des Heils. Ze zorgen dat mensen die niet mobiel meer zijn op plekken zoals de supermarkt en ontmoetingscentra kunnen komen. Hierbij wordt de Gouden Koets specifiek vaak door inwoners benoemd als iets waar de minder mobiele inwoners heel erg blij mee zijn. Ook bieden ze ondersteuning bij administratie, praktische klusjes, het opruimen van een huis en het leren van de taal. Dit alles helpt niet alleen in praktische zin, maar zorgt ook voor structuur, overzicht en rust bij mensen. Dat vergroot de zelfredzaamheid. Wat volgens inwoners ook bijdraagt aan hun zelfredzaamheid zijn voorzieningen in de wijk, zoals winkels wanneer deze goed bereikbaar zijn.

Het CJG en Sociaal Team missen wat in het aanbod van praktische hulp in het dagelijks leven, zoals vrijwilligers die praktische hulp willen bieden zoals iemand met een busje verhuizen. Opvallend is dat er wel organisaties zijn die deze praktische hulp bieden zoals HipHelpt. De professionals die we van het CJG en Sociaal Team hebben gesproken zijn hier mogelijk niet van op de hoogte. Een uitkomst Een inwoner vertelt: ‘Ik maak wel eens gebruik van het Leger des Heils. Toen ik in Zeist kwam wonen was ik negen. Toen is mijn moeder wel eens naar het Leger des Heils gegaan, naar de kerkdienst en dat soort dingen. Dus ik kende daar best wel mensen, maar toen ik ouder werd ben ik daar gewoon gestopt. Ik heb een heel bewogen leven, laten we dat zo maar zeggen. Dus toen heb ik uiteindelijk Beleidskader: De sociale basis

22/43

de hulp ingeschakeld van maatschappelijk werk bij het Leger des Heils. En vanuit dat maatschappelijk werk ben ik ook terecht gekomen bij Dirk van de gemeente. Hij heeft mij op weg geholpen om een beetje bijzondere bijstand aan te vragen. Hij hielp überhaupt bij zaken waar ik tegenaan liep. Hij zorgde dat er levensmiddelen waren als dat nodig was, of iets voor de kinderen. Dat soort dingen. Bijvoorbeeld rond de kerstdagen krijg je winkelbonnen voor de supermarkt, zodat je wat meer boodschappen kan halen. Iemand van het Leger des Heils heeft voor mijn jongste dochter een Linda-arrangement aangevraagd, waardoor zij cadeaubonnen kreeg van Intertoys, van de HEMA, van de H&M, van dat soort zaken. Ze hebben wel eens een cadeaubon voor kleding gehad, voor fashion iets … de fashion-cheque. Dus dat soort dingen. De jongste vindt het leuk, die gaat nog wel eens met oma mee, dan gaan ze bijvoorbeeld bowlen of dat soort dingen. Dus dat doet het Leger des Heils wel een beetje voor mij en voor de kinderen. Dat betekent voor mij en mijn kinderen dat ik gewoon wel mee kan in deze maatschappij, ook al heb ik het misschien op het ogenblik wat minder. Dus dat betekent het voor ons. Dat is heel fijn en het scheelt natuurlijk. Misschien is de stap voor mij makkelijker omdat ik mensen ken. Maar ik heb niet het idee dat ik de enige ben.

…Maar deze hulp is voor mensen in mijn situatie op dit moment wel een uitkomst, ja.’

Beleidskader: De sociale basis

23/43

Thema 5: Financiën op orde Stress door financiële zorgen werkt door in de rest van het leven. Het is belangrijk om overzicht te hebben in welk geld er binnen komt en hoeveel er uitgegeven wordt. Juist als er geldzorgen zijn is die rust om er eens goed voor te gaan zitten er meestal minder. Daarnaast leiden de beperkte financiële middelen van deze inwoners ertoe dat zij weinig of geen mogelijkheden hebben om mee te kunnen doen. Goede hulp van een vrijwilliger of professional kan een groot verschil betekenen. De gemeente en haar maatschappelijke partners streven na dat: 1. Vrijwilligersorganisaties ondersteuning bieden aan inwoners op het gebied van financiën en de financiële zelfredzaamheid van de inwoner vergroten. 2. Inwoners met een laag inkomen bekend zijn met alle regelingen en hier gebruik van maken. Toelichting op beleidsdoel 1 Er zijn veel organisaties actief in de sociale basis. Onderstaand patroon laat zien hoe belangrijk deze organisaties zijn. Zij vormen het vangnet voor mensen die in financiële nood zitten of dreigen te raken. Onderstaand verhaal beschrijft het belang en de waardering hiervan. Patroon 1: Organisaties uit de sociale basis bieden ondersteuning aan inwoners op het gebied van financiën. Vrijwilligersorganisaties helpen inwoners op verschillende manieren met het krijgen of houden van grip op hun financiën.

Ze ondersteunen mensen met schulden, leren ze hoe met geld om te gaan en ondersteunen bij de algemene en financiële administratie. Er zijn binnen Zeist ook verschillende initiatieven voor ondersteuning in natura, zoals de weggeefwinkel, de kringloop en de Voedselbank. Voor inwoners in een kwetsbare financiële situatie hebben vrijwilligers vaak een cruciale rol in hun leven. Zeker in tijden als deze, waarin de bestaanszekerheid van een grote groep mensen onder druk staat door de verhoging van kosten in het dagelijks leven, is deze ondersteuning cruciaal. In het geval van schulden zien inwoners hun schuldhulpmaatje vaak als redder in nood. Naast dat deze inwoners schuldhulpverlening hebben vanuit de Regionale Sociale Dienst (RSD), die zich meer bezighouden met het schuldeisersdeel, is hun maatje iemand die wekelijks langskomt, naast hen komt zitten en overzicht en rust biedt. Hierin vullen vrijwilligersorganisaties en schuldhulpverlening elkaar goed aan. Nog nooit zo gelukkig geweest Een inwoner vertelt: ‘Toen kreeg ik op een gegeven moment Bart, dat is mijn Schuldhulpmaatje. En hij komt ook zo zonder oordeel. Nou, die man helpt me eigenlijk met alles, ook denk ik buiten zijn ding om zeg maar. Als ik iets heb, ik kan heel slecht brieven lezen, ik heb ADHD en geen concentratie.

Als ik dan weer iets heb en ik kom er gewoon niet door, dan bel ik hem op van: joh, kan je komen? Nou ik bel bijna nooit hoor. Meestal appt hij mij van: joh, is er nog wat of iets? En dan zeg ik: ja, ik heb weer een brief en ik snap er eigenlijk helemaal niks van. Of het dringt niet tot me door eigenlijk, omdat ik het niet interessant vind en eng en spannend. Dus, maar nu ben ik ook bij de RSD gekomen. Nou, daar heb ik ook mijn hele verhaal eigenlijk zo neergekwakt: het schuldgebeuren. Daar heb ik alles neergegooid en die heeft mij een contactpersoon gegeven. En ik heb echt zoiets van: jeetje, ze zijn zo zonder oordelen. En je wordt er steeds sterker door. Ja, ik voel me, - het klinkt heel stom - maar ik heb maar 80 euro in de week en ik ben nog nooit zo gelukkig geweest. Gek he? Ja, dat vind ik wel heel gek.’

Beleidskader: De sociale basis

24/43

Toelichting op beleidsdoel 2 De weg kunnen vinden is een belangrijk onderdeel voor het vragen van ondersteuning. Onderstaand patroon onderschrijft dit. Daar waar organisaties uit de sociale basis inwoners op weg kunnen helpen naar de juiste voorzieningen, is de verwachting dat mensen minder snel in financiële problemen komen. Patroon 2: Organisaties uit de sociale basis bieden hulp bij het toegankelijk maken van de financiële voorzieningen voor inwoners van Zeist met een laag inkomen. De Inwoners van Zeist met een laag inkomen kunnen gebruik maken van een aantal ondersteunende regelingen. Deze regelingen vergroten de mogelijkheden om deel te nemen aan de samenleving. Op deze manier kunnen inwoners van Zeist met een laag inkomen zichzelf ontwikkelen en kunnen zij meedoen in de samenleving. Vrijwilligersorganisaties bieden inwoners met een laag inkomen een steuntje in de rug door hen te informeren dan wel ondersteunen bij het aanvragen van verschillende minimaregelingen en voorzieningen die er zijn binnen de gemeente Zeist. Hierbij is van belang dat vrijwilligersorganisaties voorzien worden van informatie over de regelingen. Indien nodig kunnen ze vervolgens de inwoner ondersteunen bij het aanvragen van de verschillende regelingen of verwijzen naar de juiste professionele organisaties.

Aandachtpunt: Op straat spraken we veel mensen die zich zorgen maakten over de betaalbaarheid van sport- of cultuuractiviteiten. Het viel op dat veel inwoners, ook die er eventueel recht op zouden hebben, niet van het bestaan van minimaregelingen op de hoogte zijn. Aandacht voor de verbinding door actieve communicatie over minimaregelingen naar en via de sociale basis kan hier een oplossing voor zijn.

Beleidskader: De sociale basis

25/43

Thema 6: Gezonde leefstijl Een gezonde leefstijl bestaat uit voldoende bewegen, gevarieerd eten en voldoende ontspanning. Inwoners van Zeist ervaren een goede gezondheid, met voldoende kennis en ondersteuning kunnen zij hier aan voldoen. De gemeente en haar maatschappelijke partners streven na dat: 1. Inwoners zelf activiteiten ondernemen rondom bewegen en gezond leven. 2. Inwoners - jong en oud - meer in beweging zijn. 3. Kinderen en jongeren een goede gezondheid ervaren en een gezond gewicht hebben. 4. Inwoners weten hoe zij verantwoord om moeten gaan met potentieel verslavende middelen (alcohol, drugs en lachgas). 5. De voorzieningen in de sociale basis bijdragen aan het mentaal welbevinden van inwoners in Zeist. Toelichting op beleidsdoel 1: Patroon 1: Inwoners ondernemen of organiseren zelf activiteiten rondom bewegen en gezond leven. Er zijn verschillende activiteiten die buurtgenoten onderling ondernemen om actief te blijven, zoals wandelen en yoga. Een aantal inloop- en buurthuizen organiseren momenten om samen te koken en eten. Zij stimuleren daarmee gezond koken en eten. De inwoners die deze initiatieven opzetten geven aan dat meer ondersteuning vanuit de gemeente gewenst is, bijvoorbeeld door een ruimte beschikbaar te stellen of een plekje voor een buurtmoestuin aan te wijzen.

De inwoners die we op straat hebben gesproken vinden het belangrijk dat er genoeg wandel- en sportplekken zijn. Een groot deel van hen vindt dat dit het geval is in Zeist en is hier tevreden over. Naast sport en bewegen wordt door inwoners ook cultuur genoemd als een belangrijk onderdeel van de sociale basis. Het beoefenen van kunst en cultuur en het bezoeken van een concert of voorstelling draagt bij aan het mentaal welbevinden. Ruimte voor Line-dance Een inwoner vertelt: ‘Ik mis eigenlijk een ruimte. Ik bedoel, ik zit op yoga. We zaten eerst in Bovenwegen, maar dat werd door corona stopgezet. Toen hadden we geen ruimte meer, want ook de sporthal die we hadden is nu altijd verhuurd. Vroeger hadden we een wijkgebouw en daar kon alles in. Yoga, line-dance, kinderdisco. Wat je hier ziet is meer voor ouderen. Het Binnenbos, daar wordt dan wel wat voor kinderen georganiseerd, maar je kan er niet line-dancen of zo. Dat mis ik een beetje. We hadden toen een hele grote groep. Ik mis die groep natuurlijk. Je ziet elkaar wel af en toe, maar ik mis dat. Ik zit nu ook thuis hè, dat scheelt misschien ook. Eerst werkte ik nog. Ik zou overdag best wel kunnen, maar we hebben de ruimte dus niet.’

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12464493/1