CConstaterende datZeist
Koppel je AI →
Document · PDF

00.2-21RV052# Begroting 2022 Boek 2

Debat (oud) 26 oktober 2021, gemeente ZeistBij agendapunt: Begrotingsstukken42.380 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

De winstneming in 2020 op de grondexploitatie Cornelis Vlotlaan bedraagt € 8.317 en de winstneming in 2020 op de grondexploitatie Gemeentewerf bedraagt € 28.126. De grondexploitatie Gemeentewerf had ook al in 2019 een winstneming ter hoogte van € 229.285, de totale winstneming voor deze grondexploitatie bedraagt daarmee € 257.411. De winstneming op de grondexploitatie gemeentewerf is benodigd om de bijdrage van € 2,5 mln. aan de nieuwe gemeentewerf te kunnen leveren. Voor alle projecten met een verwacht negatief resultaat moet een verliesvoorziening worden gevormd. Volgens het huidige financieel grondbeleid gebeurt dit op basis van de zogenoemde nette contante waarde (NCW) van de grondexploitatie. Aan deze verplichting is voldaan: voor alle verwachte nadelige saldi zijn per 31/12/2020 verliesvoorzieningen getroffen. Tabel gecalculeerd resultaat van de exploitaties in uitvoering (bedragen in €) Omschrijving Resultaat Resultaat V/N Voorziening MPSO 2021 MPSO 2021 (NCW) (EW) Gemeentewerf 1.955.975 2.159.554 V n.v.t. Geiserlaan -/- 1.491.499 -/- 1.521.329 N 1.491.499 Cornelis Vlotlaan 32.237 32.882 V n.v.t. Austerlitz Centrum -/- 1.389.082 -/- 1.416.863 N 1.389.082 Huis ter Heide West 0 0 0 0

Winst cfm POC 28.126 n.v.t. 8.317 n.v.t. 0

Het resultaat van de grondexploitatie Huis ter Heide West wordt afgerekend met het project Hart van de Heuvelrug, daarmee is het resultaat voor de gemeente € 0. Financiële ontwikkelingen rond grondexploitaties en ruimtelijke projecten Ruimtelijke projecten, waaronder grondexploitaties, kennen een meerjarige doorlooptijd. Dit betekent dat gedurende de looptijd macro economische ontwikkelingen een effect hebben op deze projecten. Een solide actuele doorrekening vormt de basis van een goede financiële sturing op deze projecten. De afgelopen jaren zijn de verkoopprijzen van woningen flink gestegen als gevolg van een grotere vraag dan aanbod. Daar tegenover staat dat ook de bouwkosten voor woningen flink zijn toegenomen waardoor het effect op de grondwaarde beperkt is. Ook de kosten voor het aanleggen van het openbaar gebied zijn aan stijging onderhevig. Door te streven naar een zo goed mogelijk aanbestedingsresultaat proberen we dit aspect te minimaliseren. En via een goede projectcontrol worden kostenstijgingen tijdig gesignaleerd, zodat er indien nodig naar kan worden gehandeld.

60

Grondbeleid

De rentestanden blijven dalen, macro economisch is steeds sterker het gevoel dat de rentes op een zodanig absoluut minimum zitten, dat rentestijging een steeds reëlere optie wordt. Voor de gemeentelijke (omslag)rente voor de projecten hoeft dit niet onmiddellijk iets te betekenen, omdat de gemeente nog overliquide is en geen leningen hoeft aan te trekken. Indirect kan een rentestijging wel iets betekenen voor de hoogte van de bouwkosten en voor de verkoopprijs van de gronden. Een stijging van de hypotheekrente zal de verkoopprijzen onder druk zetten. In Zeist is dit geen wezenlijk risico, omdat hier soms al contracten over zijn en er behoudend wordt gerekend wanneer het gaat om toekomstige opbrengsten. In 2019 en 2020 zijn we geconfronteerd met de Coronacrisis. Bij de jaarrekening 2020 is al aangegeven dat dit zijn weerslag zal hebben op de macro economie. De effecten op de economie zijn, mede door de steunmaatregelen, tot op heden beperkt gebleven. Daarnaast is de vraag naar woningen in alle segmenten nog steeds erg groot en blijft het aanbod sterk achter op de vraag waardoor de woningmarkt overspannen blijft. De bouwprojecten in Zeist gaan tot op heden vrijwel ongehinderd door. Het risicoprofiel van de gemeente Zeist, met relatief beperkte en kleinschalige ruimtelijke ontwikkelingen en beperkte grondexploitaties biedt mogelijkheden tot flexibiliteit.

In hun aard zijn ruimtelijke ontwikkelingen meerjarig en hebben daardoor mogelijkheden tot temporisering. Tot op heden is dit echter niet nodig geweest en de verwachting is dat dit zo blijft.

2.5.4

Reserve grondbedrijf

Door het instellen van een aparte reserve voor het grondbedrijf worden de financiële resultaten en risico's van het grondbedrijf gescheiden van de financiële huishouding voor de overige gemeentelijke taken. De reserve vormt zo een buffer voor de financiële risico's die samenhangen met de grondexploitaties. De vrije ruimte op de reserve grondbedrijf bedraagt per 31-12-2020 € 407.809,-. Als onderdeel van het risicomanagement wordt jaarlijks de gewenste hoogte voor de reserve grondexploitatie bepaald. Dit gebeurt jaarlijks bij de jaarrekening en de actualisatie van het MPSO. De reserve biedt vooralsnog voldoende ruimte voor een primaire egalisatie tussen winstgevende en verlieslatende grondexploitaties en kan beperkt financiële tegenvallers op projecten opvangen.

61

Grondbeleid

2.6

Lokale heffingen

In deze paragraaf geven wij inzicht in de gemeentelijke heffingen, de achtergronden en uitgangspunten, de tarieven en opbrengsten evenals de lokale belastingdruk. De uitvoering van de belastingverordeningen is in handen van de Belastingsamenwerking gemeenten en hoogheemraadschap Utrecht (BghU).

2.6.1

Achtergronden en uitgangspunten

OZB De OZB is onder te verdelen in drie categorieën: 1. Belasting op het gebruik van niet-woningen 2. Belasting op het bezit van woningen 3. Belasting op het bezit van niet-woningen De gemeente is verplicht ieder jaar de onroerende zaken te waarderen. Over deze waarde wordt een percentage berekend, het OZB-tarief. Het definitieve OZB-tarief voor 2022 wordt pas na de herwaardering van de onroerende goederen berekend. De BghU voert de herwaardering uit en geeft aan op welke momenten de WOZ-waardes voor 2022 reëel zijn in te schatten. In december 2021 komen de definitieve waardes beschikbaar, op basis waarvan de definitieve tarieven in december door de Raad kunnen worden vastgesteld voor oplegging van de aanslagen in 2022. Dit proces is gelijk aan het proces dat in 2020 is gevolgd voor de berekening en vaststelling van de OZB tarieven voor 2021. Aangezien de OZB valt onder de algemene dekkingsmiddelen is ook deze opbrengst in 2022 aangepast aan het prijsindexcijfer van 2,1%, conform de afspraken in de Kadernota 2022. De voorgestelde verhoging van 3% gedurende 3 jaar, is in de begroting nog niet meegenomen. Of deze verhoging wordt toegepast ligt voor ter besluitvorming bij de begroting 2022. Als hiertoe wordt besloten, zal bij het vaststellen van de OZB-tarieven 2022 deze extra verhoging meegenomen worden.

(bedragen x € 1.000) Begroting 2021 Begroting 2022 1.962 2.003 7.359 7.514 3.011 3.074 12.332 12.591

OZB gebruikers/OZB Niet woningen OZB eigenaren/OZB woningen OZB eigenaren/OZB niet woningen Totaaltelling

Afvalstoffenheffing De kosten van inzameling en verwerking van huishoudelijk afval worden in Zeist in rekening gebracht via een afvalstoffenheffing, waarbij het tarief afhangt van de omvang van het huishouden. De opbrengst van de afvalstoffenheffing behoort niet tot de algemene middelen, maar moet worden gebruikt om de kosten te dekken van de afvalinzameling en -verwerking. Het uitgangspunt hierbij is dat de tarieven voor 100% kostendekkend zijn. De tarieven voor de afvalstoffenheffing stijgen in 2022 met gemiddeld 4,7%. Ten opzichte van 2021 is dit een lagere trend. De RMN heeft in een tussentijdse begrotingswijziging voor 2021 een flinke kostenstijging doorgevoerd. Deze is nu verwerkt in het tarief voor 2022. Hiernaast hebben we ook te maken met een intern effect in verband met het toerekenen van meer BTW. De totale toerekenbare kosten zijn gestegen met 9,4%. Omdat ook het aantal huishoudens is gestegen, stijgt het tarief minder sterk dan de kosten. Samenvattend zijn de oorzaken van de toerekenbare kosten als volgt: Prijsstijging RMN 4% Prijsstijging ov kosten 1% Prijsstijging BTW en overhead 4%

62

Lokale heffingen

(bedragen x € 1.000) Begroting 2021 Begroting 2022 8.630 9.451

Opbrengst afvalstoffenheffing

Rioolheffing Rioolheffing wordt in Zeist, voor wat betreft woningen, geheven als vastrecht van de eigenaar. Bij bedrijven wordt de belasting geheven van de gebruiker. De gebruiker van een bedrijf betaalt tot 250 m3 waterverbruik het vaste tarief, daarboven een tarief dat afhankelijk is van het waterverbruik. De opbrengst van de rioolheffing is net als die van de afvalstoffenheffing geoormerkt, en mag alleen worden benut voor het beheren en in stand houden van het rioolstelsel. Vanaf 2017 is het verbijzonderd Gemeentelijk Riool Plan (vGRP) ingevoerd. Uit het vGRP blijken de uitgangspunten voor de tariefberekening. Er is destijds vastgesteld dat de tarieven jaarlijks mogen stijgen met 4,4% + indexatie. Voor 2022 betekent dit dat de tarieven met 5,5% stijgen. De reden hiervan is, dat de kosten voor riolering met 1,1% indexering zijn gestegen. Dit rekenen we door in het tarief. Het uitgangspunt van het vGRP in Zeist is 100% kostendekkendheid. Dit wordt bereikt door middel van verrekening met de egalisatievoorziening riolering en de spaarvoorziening riolering. In het najaar 2021 wordt een nieuw GRP vastgesteld. In 2023 zullen de financiële gevolgen worden verwerkt. Onderstaande opbrengsten betreffen woningen en niet-woningen. (bedragen x € 1.000) Begroting 2021 Begroting 2022 5.576 5.925

Opbrengst rioolheffing

Precariobelasting Precariobelasting wordt geheven ter zake van het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. Denk bijvoorbeeld aan een terras, een luifel, uitstallingen of een bouwsteiger. De belasting wordt geheven van degene die het voorwerp heeft, dan wel van degene ten behoeve van wie dat voorwerp aanwezig is. De belastbare feiten worden ontleend aan vergunningaanvragen, controles en andere waarnemingen in de openbare ruimte. De tarieven en de opbrengst zijn geïndexeerd met 2,1%, conform de afspraken in de Kadernota 2022. De begroting 2021 was gesteld op € 139.000 aan inkomsten. Door het effect van Corona is besloten om dat jaar geen precario te heffen, vandaar dat deze hieronder als nihil is weergegeven. Het niet heffen van de precarioheffing is onderdeel van het Tweede Zeister Steunpakket. (bedragen x € 1.000) Begroting 2021 Begroting 2022 142

Opbrengst precariobelasting

Parkeerbelasting Uit oogpunt van parkeerregulering wordt parkeerbelasting geheven. De parkeerbelasting is een belasting voor het parkeren van een voertuig op straat. De belasting wordt geheven door middel van aangifte, dit is de betaling middels een parkeerautomaat of via de telefoon (“mobiel parkeren”). Wanneer er niet of niet in voldoende mate is voldaan aan de aangifteplicht wordt door de parkeercontroleur een naheffingsaanslag uitgeschreven. De naheffingsaanslag bestaat uit de kosten, waarvan de hoogte jaarlijks door de gemeenteraad bij het vaststellen van de belastingtarieven wordt vastgesteld, vermeerderd met het tarief voor minimaal een uur parkeertijd (gebaseerd op het laagst mogelijke tarief voor een uur parkeren). Daarnaast wordt parkeerbelasting geheven in de vorm van parkeervergunningen. Voor 2022 zijn de parkeertarieven geïndexeerd met 2,1%. Een uitzondering is het tarief voor dagkaarten. Dit tarief is vastgezet op € 15,00 omdat het gepast en met muntgeld afgerekend dient te worden. Het tarief voor de naheffingsaanslag wordt jaarlijks berekend op basis van een door het rijk voorgeschreven methode. Het tarief voor 2022 komt uit op € 60,00. Dit stijgt niet ten opzichte van 2021.

63

Lokale heffingen

Opbrengst parkeerbelasting straat (betaald parkeren op straat, vergunningen, naheffingen) Opbrengst parkeren garages (geen parkeerbelasting)

(bedragen x € 1.000) Begroting 2021 Begroting 2022 2.012 2.331 896

793

Toeristenbelasting Voor het houden van verblijf met overnachten binnen de gemeente in o.a. hotels, pensions en andere vakantieonderkomens, door personen die niet als ingezetene in het bevolkingsregister zijn opgenomen, wordt de toeristenbelasting geheven. De belasting wordt betaald door degene die verblijf houdt aan degene die de mogelijkheid tot verblijf biedt. Het jaarlijks aantal overnachtingen wordt door degene die de mogelijkheid tot verblijf biedt bij de BghU aangegeven. De aangever wordt vervolgens voor het totaal aantal overnachtingen in dat jaar aangeslagen. Periodiek vindt controle van deze aangiften plaats. De tarieven, en daarmee de opbrengst, zijn geïndexeerd met 2,1%, conform de afspraken in de Kadernota 2022. (bedragen x € 1.000) Begroting 2021 Begroting 2022 336 373

Opbrengst toeristenbelasting

Marktgelden Marktgeld wordt geheven voor het gebruik of genot van een standplaats op de daarvoor aangewezen marktterreinen. Belast wordt degene, die gebruik maakt van de standplaats. Uitgangspunt voor marktgelden is, dat het tarief voor 100% kostendekkend is. De kosten voor elektriciteit en promotiekosten worden afzonderlijk in rekening gebracht. Ten tijde van het opstellen van de programmabegroting 2020 is er een onderzoek gestart naar een eventuele verzelfstandiging van de markt in 2021. Door Covid-19 is een vertraging ontstaan in de afstemming met de marktondernemers wat betreft deze eventuele verzelfstandiging van de markt. Na overeenstemming met deze ondernemers volgt een bestuurlijk traject in 2022, welke naar verwachting wordt afgerond na 1 juli 2022. In de huidige begroting is hier nog geen rekening mee gehouden. Hierdoor is in de begroting 2021 rekening gehouden met een kostenreductie van € 34.000, welke niet gerealiseerd gaat worden. In de Berap 2-2021 zal worden voorgesteld om de begroting aan te passen. De marktgelden worden verhoogd met een prijsindex van 2,1%, conform de afspraken in de Kadernota 2022. (bedragen x € 1.000) Begroting 2021 Begroting 2022 109 111

Opbrengst marktgelden

Leges De gemeente heft leges ter zake van het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten. Het gaat om verhaal van de kosten die de gemeente maakt voor de dienstverlening aan individuele burgers en bedrijven. Voorbeelden daarvan zijn o.a. leges voor de aanvraag van vergunningen, voor aanvraag van paspoorten en rijbewijzen e.d.

64

Lokale heffingen

Leges groter dan € 10.000 Bevolkingsadm/ Reisdocumenten Bevolkingsadm/ Inburgering Bevolkingsadm/ Leges bevolking Bevolkingsadm/ Verkl. Omtr. gedrag Bevolkingsadm/ RDW Burgerlijke stand Secretarieleges Burgerpr/ Gehandicaptenpark.krt Huisvestingsvergunning Leges Omgevingsvergunningen / bestemmingsplanwijzigingen Leges Omgevingsvergunningen / overig Totaaltelling

(bedragen x € 1.000) Begroting 2021 Begroting 2022 274 180 50 51 427 431 45 47 75 77 138 149 122 125 21 22 15 18 170 170 4.310 4.310 5.647 5.580

De tarieven, en daarmee de legesopbrengsten, zijn geïndexeerd met 2,1% conform de afspraken in de Kadernota 2022 of er geldt het wettelijk (maximum)tarief. Aanvullend zijn de huwelijksleges conform besloten bij de Begroting 2021 met 10% verhoogd. Uitzondering hierop vormen de leges omgevingsvergunningen. Wijzigingen in de tarieven van externe partijen, zoals bv. ODRU en VRU, worden meegenomen in de berekening van het tarief. De berekening van het tarief voor de bouwleges binnen de omgevingsvergunningen is sterk afhankelijk van het aantal aanvragen en de gemiddelde bouwsom, de heffingsgrondslag voor de leges. De overheadtoerekening conform het BBV toegepast, zoals vastgesteld bij de kaderbrief. Uitgangspunt voor het tarief is 100% kostendekkendheid. In de begroting 2022 is nog geen rekening gehouden met het effect van de invoering van de nieuwe omgevingswet en de wet kwaliteitsborging, verwacht per 01 Juli 2022. Het Rijk zal in oktober definitief bepalen of de wetten ook daadwerkelijk worden ingevoerd. Tot die tijd wordt de begroting hier niet op aangepast en is de begroting 2022 gelijk aan de begroting 2021 tot nadere berichtgeving vanuit het Rijk.

Reclamebelasting Reclamebelasting wordt opgelegd aan degene die openbare aankondigingen zichtbaar heeft vanaf de openbare weg. Voorbeelden van dergelijke openbare aankondigingen zijn: reclameborden, naamborden, zonneschermen, lichtreclames, vlaggen, vitrines. De opbrengsten worden, na aftrek van administratieve lasten, beschikbaar gesteld aan Stichting Centrummanagement. Het tarief 2022 is in samenspraak met Stichting Centrummanagement gelijk gebleven aan het tarief 2021. De begroting 2021 was gesteld op € 200.000 aan inkomsten. Door het effect van Corona is besloten om dat jaar geen reclamebelasting te heffen, vandaar dat deze hieronder als nihil is weergegeven. Het niet heffen van de precarioheffing is onderdeel van het Tweede Zeister Steunpakket. (bedragen x € 1.000) Begroting 2021 Begroting 2022 200

Opbrengst reclamebelasting

Tarieven begraafplaats De tarieven voor de begraafplaats worden berekend op basis van 100% kostendekkendheid. De kosten voor de begraafplaats worden uitgezet tegen een gemiddeld aantal verkopen over de afgelopen jaren. In 2020 is op de begraafplaats de nieuwbouw complex met ontvangstkamer, aula crematorium en ruimte voor condoleren met horeca gerealiseerd en is de dienstverlening van de begraafplaats onder andere uitgebreid met cremeren, islamitisch begraven en het begraven van een foetus. De opbrengst 2022 is geraamd op basis van de realisatie, alsmede de impact van de maatregelen die voortvloeien uit de Covid-19 maatregelen.

65

Lokale heffingen

(bedragen x € 1.000) Begroting 2021 Begroting 2022 1.595 1.221

Opbrengst begraafplaats

2.6.2

Kostendekkendheid heffingen

In onderstaande tabel is per heffing de kostendekkendheid aangegeven. Uitgangspunt daarbij zijn de totale (gemiddelde) kosten van het taakveld aangevuld met de toegerekende overheadkosten en de in de heffing mee te nemen compensabele btw. Eventuele inkomsten op het taakveld, naast de betreffende heffing, zijn hierop in mindering gebracht. Bij de leges is de kostendekkendheid per titel van de legesverordening aangeven, omdat per titel sprake is van duidelijk verschillende soorten producten. Bij de leges Titel 2 (omgevingsvergunningen) wordt in specifiek door de raad vastgestelde gevallen korting verleend in het kader van duurzaamheid. Hierdoor is de opbrengst net geen 100%, terwijl de tarieven wel 100% dekkend zijn uitgerekend. In de primitieve begroting 2022 is nog niet het effect van de invoering van de omgevingswet en de wet kwaliteit borging meegenomen verwacht per 1 Juli 2022.

Leges Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn en niet vallend onder titel 2

Leges Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving / omgevingsvergunning

% Dekking (G/F)

Leges Titel 1 Algemene dienstverlening

Opbrengst heffing (G)

Begraafplaats

Toe te rekenen kosten: Overhead (D) Compensabele BTW (E) Totale kosten (100 %) (F=C+D+E)

Marktgelden

Inkomsten taakveld(en) exclusief heffingen (B) Netto kosten taakveld (C=A-B)

Rioolheffing

Kosten taakveld(en) (A)

Afvalstoffenheffing

Bedragen x € 1.000

7.887

4.929

92

1.030

624

2.628

86

24

11

0

0

0

0

0

7.863

4.918

92

1.030

624

2.628

86

320 1.269

284 723

62 0

483 0

739 0

1.917 0

101 0

9.452

5.925

154

1.513

1.363

4.545

187

9.452

5.925

111

1.221

627

4.485

46

100,00%

100,00%

72,08%

80,70%

46,00%

98,68%

24,60%

NB: betreffende de kostendekkende leges van de begraafplaats wordt, conform BBV, in bovenstaande tabel de rekenkundige dekking gepresenteerd. In deze berekening is de overhead voor 100% toegerekend, waar feitelijk (conform de afspraken met de raad) maar 40% wordt toegerekend. Feitelijk komt het percentage dekking daarmee uit op 99,84%.

66

Lokale heffingen

2.6.3

Kwijtscheldingsmogelijkheden

Per 2015 zijn we toegetreden tot de Belastingsamenwerking gemeenten en Hoogheemraadschap Utrecht (BghU). Een belangrijke motivatie om tot samenwerking op het gebied van belastingen over te gaan is het behalen van efficiencyvoordeel geweest. Dit efficiencyvoordeel is o.a. behaald door het uitvoeringsbeleid van de deelnemers zoveel mogelijk te harmoniseren. Deze harmonisatie heeft er toe geleid dat er in Zeist is besloten, naast kwijtschelding voor afvalstoffenheffing, ook kwijtschelding voor OZB en rioolheffing mogelijk te maken.

2.6.4

Ontwikkeling belastingdruk

Hierna volgen in twee tabellen overzichten van de ontwikkeling van de opbrengsten en de tarieven over de afgelopen jaren. Ontwikkeling van de opbrengsten Belastingen / heffingen 2018 realisatie OZB 11.409 Afvalstoffenheffing 5.720 Rioolheffingen 4.408 Totale opbrengsten 21.537

2019 realisatie 11.952 7.013 4.838 23.803

2020 realisatie 12.427 7.995 5.288 25.710

(bedragen x € 1.000) 2021 2022 begroting begroting 12.332 12.591 8.630 9.451 5.576 5.925 26.538 27.967

De onroerendezaakbelastingen komen tot uitdrukking in een belastingpercentage. De nieuwe belastingpercentages voor 2022 worden pas definitief eind 2021 vastgesteld als de jaarlijkse hertaxatie is afgerond. Wanneer de WOZ-waarde stijgt, zal het belastingpercentage evenredig dalen. Hierdoor blijft de belastingdruk in principe gelijk, los van aanvullende tariefmaatregelen. De stijging van de belastingdruk komt niet tot uitdrukking in de mutatie van het tarief, maar in de mutatie van de opbrengst. Omdat in de kadernota is besloten tot een indexering aan de baten kant van 2,1%, is in de hierna volgende tabel uitgegaan van dit scenario voor wat betreft de lasten van de OZB. Voorbeeld

WOZ waarde per 1/1/2020

2020 begroting

2021 begroting

gezin,

200.000

279,60

309,60

324,60

Stijging 2021-2022 4,84%

2 personen,

400.000

279,60

309,60

324,60

4,84%

huurwoning

600.000

279,60

309,60

324,60

4,84%

800.000

279,60

309,60

324,60

4,84%

gezin,

200.000

353,40

391,80

410,40

4,75%

4 personen,

400.000

353,40

391,80

410,40

4,75%

huurwoning

600.000

353,40

391,80

410,40

4,75%

800.000

353,40

391,80

410,40

4,75%

gezin,

200.000

567,23

621,40

649,41

4,51%

2 personen,

400.000

698,85

755,00

785,81

4,08%

eigen

600.000

830,48

888,60

922,22

3,78%

woning

800.000

962,10

1.022,20

1.058,62

3,56%

gezin,

200.000

641,03

703,60

735,21

4,49%

4 personen,

400.000

772,65

837,20

871,61

4,11%

eigen

600.000

904,28

970,80

1.008,02

3,83%

woning

800.000

1.035,90

1.104,40

1.144,42

3,62%

67

2022 begroting

Lokale heffingen

3.

Financieel technische onderdelen

In dit hoofdstuk vindt u een toelichting op financieel technische onderwerpen, die verplicht zijn onder de regelgeving van het BBV. Voor de begroting 2022 betreft dit de specificatie van de begrote vermogenssituatie, inclusief het EMU-saldo.

3.1

Begrote vermogenssituatie

Geprognosticeerde balans Het verwachte verloop van de diverse delen van het vermogen van de gemeente blijkt uit onderstaande geprognosticeerde eindbalans over de jaren 2021 t/m 2025. De eindbalans van de jaarrekening 2020 is daarbij als uitgangspunt genomen. De geprognosticeerde balans per 31-12-2021 is nu geactualiseerd ten opzichte van deze balans bij de (primitieve) begroting 2021.

Jaarrekening 31-12-2020 170.177 8.314 510 31.041 210.042

Geprogn. balans 31-12-2021 176.192 7.962 1.573 19.377 205.104

Geprogn. balans 31-12-2022 170.277 7.814 300 19.477 197.868

Geprogn. balans 31-12-2023 166.316 7.714 -432 19.477 193.075

(bedragen x € 1.000) Geprogn. Geprogn. balans balans 31-12-2024 31-12-2025 158.951 151.498 7.514 7.464 -3.648 53 26.477 32.477 189.294 191.492

Jaarrekening 31-12-2020 136.778 20.681 29.903 22.680 210.042

Geprogn. balans 31-12-2021 124.702 20.013 27.150 33.239 205.104

Geprogn. balans 31-12-2022 123.988 21.354 24.375 28.151 197.868

Geprogn. balans 31-12-2023 125.277 23.260 21.600 22.938 193.075

Geprogn. balans 31-12-2024 127.394 25.481 18.825 17.594 189.294

Geprognosticeerde balans Activa (Im)materiële vaste activa Financiële vaste activa Voorraden Vorderingen en liquide middelen

Passiva Eigen vermogen Voorzieningen Vaste schuld Vlottende schuld

Geprogn. balans 31-12-2025 129.687 28.123 16.050 17.632 191.492

De geprognosticeerde balansen zijn opgesteld met inachtneming van de meerjarenramingen van de reserves en voorzieningen en van de portefeuille van opgenomen en uitgezette leningen. Bovendien is rekening gehouden met de geraamde vervangingsinvesteringen en de nog uit te voeren lopende investeringen, alsmede met de actuele grondexploitaties. Het verloop van de vlottende activa en passiva is op basis van historische gegevens geschat. Voor een verdere toelichting op de geplande vervangingsinvesteringen binnen de materiële vaste activa verwijzen wij hier naar het onderdeel “Autorisatie investeringen” in boek 1 van deze begroting. Voor een verdere toelichting op het verloop van de financiële activa, de vaste schuld en de financieringsbehoefte verwijzen wij naar de paragraaf Financiering in dit boek. Van het verloop van het Eigen vermogen (de reserves) en de voorzieningen Is een overzicht opgenomen in bijlage 4.3 In dat overzicht zijn de mutaties verwerkt die passen bij de aard van de betreffende reserve, zoals door de Raad goedgekeurd. Ook de omvang van de individuele stortingen en onttrekkingen in enig jaar worden door de Raad vastgesteld. Dit laatste gebeurt wanneer volledige duidelijkheid bestaat over bedrag en tijdstip.

Bij meerdere reserves is daarnaast sprake van “claims”; er bestaat getalsmatig wel inzicht over de besteding van de reserve, alleen het tijdstip van de mutaties staat nog niet vast. In de begroting kunnen dergelijke claims niet worden verwerkt, omdat niet duidelijk is in welk jaar ze verwerkt moeten worden. Deze claims kunnen volgen uit de richtlijnen van de betreffende reserves of uit specifieke besluitvorming hierover. Wanneer er voldoende duidelijkheid bestaat om de claims om te zetten naar een begrote onttrekking, dan wordt dit door de Raad (alsnog) besloten. Het effect van de bovenstaande uitgangspunten is dat alleen de door de Raad geaccordeerde investeringen zijn verwerkt in de cijfers. Er zijn uiteraard ook (vervangings)investeringen gepland waarbij de uitvoering nog afhankelijk is van de bestuurlijke besluitvorming. De besluitvorming na de 68

Financieel technische onderdelen

opstelling van deze begroting zal dan leiden tot een hogere boekwaarde bij de materiële vaste activa en tot een lager saldo bij de vorderingen/liquide middelen. Overigens wordt in het kader van de treasury-bewaking, wel naar de verwachte maar nog niet door de raad geaccordeerde investeringen en kapitaalontvangsten gekeken, alsmede naar het daarmee samenhangende ontwikkeling van de vermogenspositie. EMU-saldo Het EMU-saldo is ingevoerd om vergelijkingen van het financieringssaldo tussen de verschillende EUlidstaten te kunnen maken. Volgens de regels van de EMU zoals vastgelegd in het Verdrag van Maastricht, mag het vorderingentekort van een EU-land (totaal van Rijk, lokale overheden en sociale fondsen) niet hoger zijn dan 3% van het Bruto Binnenlands Product. Het Rijk heeft een model ontworpen op basis waarvan het aandeel van de gemeente in het EMU-saldo kan worden berekend. Op die manier wordt een begrenzing gesteld aan het bedrag waarmee de totale schuld van alle gemeenten in een jaar mag groeien. Voor de periode 2019 tot en met 2022 is het jaarlijkse aandeel in het EMU-saldo van de decentrale overheden vastgesteld op -0,4% van het bbp. Deze ruimte is nodig voor vervangings- en uitbreidingsinvesteringen. Er zijn voor deze jaren geen individuele referentiewaarden per gemeente van het EMU-tekort vastgesteld.

Het belang van een individuele referentiewaarde is ook beperkt, omdat het EMU-saldo jaarlijks sterk kan variëren vooral door de schommelingen in de hoogte van de investeringen en van de aan- en verkopen van bouwgronden. Op basis van de bovenstaande geprognosticeerde balans zijn de verwachte EMU-saldi van de gemeente Zeist in de komende jaren berekend. Dit saldo is berekend op transactiebasis, deze berekeningswijze is in grote mate vergelijkbaar met het kasstelsel zoals dat voor het Rijk van toepassing is. De gemeente voert echter op basis van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) een administratie op basis van het baten/lastenstelsel. Het EMU-saldo kan daarbij worden afgeleid uit de (mutaties op de) geprognosticeerde balansen van de opeenvolgende jaren. Deze berekening van het EMU-saldo voor Zeist is in onderstaande tabel opgenomen. Berekening EMU-saldo Exploitatiesaldo vóór reservemutaties Mutaties (im)materiële activa Mutaties voorzieningen Mutatie voorraden (incl. BIE) Verwachte boekwinsten Totaal EMU-saldo

2021 -11.489 6.015 -668 1.063 0 -19.235

69

2022 -609 -5.915 1.341 -1.273 0 7.920

2023 1.130 -3.961 1.906 -732 0 7.729

2024 1.291 -7.365 2.221 -3.216 0 14.093

2025 2.901 -7.453 2.642 3.701 0 9.295

Financieel technische onderdelen

Bijlagen

4.

Bijlagen

4.1

Beleidsindicatoren

Programma 1 Goed bestuur in betrokken samenleving 1 Goed bestuur in betrokken samenleving 1 Goed bestuur in betrokken samenleving 1 Goed bestuur in betrokken samenleving 2 Vitale gemeenschappen 2 Vitale gemeenschappen 2 Vitale gemeenschappen 2 Vitale gemeenschappen 3 Merkbaar beter in zorg voor elkaar 3 Merkbaar beter in zorg voor elkaar 3 Merkbaar beter in zorg voor elkaar 3 Merkbaar beter in zorg voor elkaar 4 Toekomstbestendig wonen 4 Toekomstbestendig wonen 4 Toekomstbestendig wonen 4 Toekomstbestendig wonen 4 Toekomstbestendig wonen 5 Veilig thuis en op straat 5 Veilig thuis en op straat 5 Veilig thuis en op straat 5 Veilig thuis en op straat 5 Veilig thuis en op straat 7 Meedoen 7 Meedoen 7 Meedoen 7 Meedoen 7 Meedoen 7 Meedoen 7 Meedoen 8 Samen aan de slag voor het klimaat 8 Samen aan de slag voor het klimaat 9 Economie als versneller 9 Economie als versneller

Indicator Bezetting Apparaatskosten Externe inhuur Overhead Voortijdige schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers) Absoluut verzuim Relatief verzuim Niet-sporters Cliënten met een maatwerkarrangement Wmo Jongeren met jeugdhulp Jongeren met jeugdreclassering Jongeren met jeugdbescherming Demografische druk Gemeentelijke woonlasten éénpersoonshuishouden Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden Gemiddelde WOZ waarde Nieuw gebouwde woningen Misdrijven - Winkeldiefstallen Misdrijven - Diefstallen uit woning Misdrijven - Geweldsmisdrijven Misdrijven - Vernielingen en beschadigingen (in de openbare ruimte) Verwijzingen Halt Jongeren met een delict voor de rechter Banen Netto arbeidsparticipatie Personen met een bijstandsuitkering Lopende re-integratievoorzieningen Achterstand onder jeugd - Kinderen in uitkeringsgezin Achterstand onder jeugd - Werkloze jongeren Omvang huishoudelijk restafval Hernieuwbare elektriciteit Vestigingen (van bedrijven) Functiemenging

70

Eenheid Periode Waarde Aantal fte per 1.000 inwoners 2022 5,4 Aantal euro per inwoner 2022 415,6 Aantal euro per inwoner 2022 3,5 % 2022 10,5 % 2019 1,8 per 1.000 leerlingen 2019 3,8 per 1.000 leerlingen 2019 34 % 2016 44,7 per 10.000 inwoners 2020 710 % van alle jongeren tot 18 jaar 2020 11,7 % 2020 0,3 % 2020 1 % 2021 80,9 € 2021 712 € 2021 836 x €1.000 2020 373 per 1.000 woningen 2020 11,3 per 1.000 inwoners 2019 1,6 per 1.000 inwoners 2019 3,8 per 1.000 inwoners 2020 4,2 per 1.000 inwoners 2020 6,2 per 1.000 jongeren 2020 16 % 2019 1 per 1.000 inwoners van 15-64 jaar 2020 902,4 % 2020 67,8 per 10.000 inwoners 2020 438,5 per 10.000 inwoners van 15-64 jaar 2020 255 % 2019 5 % 2019 1 kg per inwoner 2019 187 % 2019 3,7 per 1.000 inw.15 t/m 64jr 2020 188,2 % 2020 55,2

Beleidsindicatoren

Bijlagen

4.2

Incidentele baten en lasten

In deze begroting is sprake van incidentele lasten of baten. Hierna wordt, conform de richtlijnen van BBV, inzicht verstrekt in de incidentele budgetten die beschikbaar zijn gesteld binnen onderstaande programma’s. (bedragen x € 1.000)

Incidentele baten en lasten begroting 2022 2022 Programma 1 Goed bestuur in betrokken samenleving IAC1 digitalisering dienstverlening Programma 2 Vitale gemeenschappen "Gezond in de stad VV.A1K13 Creatieve broedplaats VV.A3K2 Vollenhove 2.0 en omgeving VV.A3K11 Herinrichting veilige/verbetering openbare ruimte Programma 3 Merkbaar beter in zorg voor elkaar 63d. Samenwerking huisartsen 63e. Inzet wijkmanager huisartsen 63h. Voorkoming eenzaamheid Doorbraakbudget VV.A1K3 ProjectvoorLkaar VV.A1K5 SamenwerkenGezondheidswinst VV.A1K8 Programma Samen Opgroeien VV.A2K1 Ruimte voor ontmoeting Programma 4 Toekomstbestendig wonen MFA ontmoetingsruimte huurgarantie Vollenhove Vooruit Overhead Vollenhove Vooruit Monitoring VV.A2K4 NW toevoegen/NB aantrekken Programma 5 Veilig thuis en op straat VV.A3K11 Onveiligheid criminaliteit aanpak Programma 6 Mobiliteit in beweging Pilots nieuwe mobiliteit Programma 7 Meedoen Taalaanpak VV.A1K9a. Stimuleren onderwijsdeelname Programma 8 Samen aan de slag voor het klimaat VV.A4K12 Energieverbruik op groen Programma 9 Economie als versneller Retailperspectief van 2021 naar 2022 Retailperspectief van 2022 naar 2023 Toerisme van 2021 naar 2022 Programma 10 Maatschappelijk bewust financieel beleid Huurbijdrage De Clomp Programma 1 t/m 10 incidente posten excl. reservemut.

Programma 10 Verrekening met reserves Begrotingssaldo / terugstorten in algemene reserve Storting reserve egalisatiesystematiek Mutatie reserve RIOZ voor Vollenhove Vooruit (VV) Overige mutaties reserve RIOZ Mutaties reserve ISV Mutaties reserve Buig Mutaties Vastgoedfonds TOTAAL INCIDENTELE POSTEN

baten 0 156 28 64 64 268

145 20 28 75 27 11 5 11 33 33 0 23 23 157 157 100

2023

764 1.531 534 200 549 200 18

baten 0

lasten 0

baten 0

lasten 0

baten 0

lasten 0

42

75

0

0

0

0

14

25

28 95

50 170

95

170

0

0

20

35

20

35

75 39

75 27

0

11 5 11 0

135 60 6 23 11 20 0

0

11 5 23 33 33 0

135 86 12 23 11 40 60 60 0

0

0

0

0

0

0

90 50 40 300 300 200 100

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

100

0

0

0

0

100 100 30 30 1.995

0

0

0

0

0

0

209

491

122

230

0

0

650

282

709 357

108

935 583

0

352

100

100 170

102 2

12 550

30 2.295

2025

lasten 200 200 290 10 50 115 115 752 101 40 30 101 260 35 50 135 73 18 23 12 20 60 60 0

100 0

2024

2.645

350 491

2

2

350

350

6

1.200

230

1.165

0

352

De hierboven vermelde baten en lasten zijn alle beoordeeld als naar hun aard “incidenteel”. Een belangrijk deel daarvan vormen de baten en lasten van het project “Vollenhove Vooruit” (VV). Ook de incidentele stortingen en onttrekkingen aan reserves zijn onder programma 10 in deze tabel opgenomen. Het structurele saldo geeft een beeld van de financiële gezondheid van de gemeente. Het structurele saldo wordt berekend door de incidentele baten, incidentele lasten en incidentele mutaties in reserves uit het eindsaldo van de begroting te verwijderen.

71

Incidentele baten en lasten

Bijlagen Samenvatting van incidentele posten

2022

2023

2024

2025

764 -1.995 -650 1.531 -350

209 -491 -709 282 -709

122 -230 -935 108 -935

0 0 -352 0 -352

(bedragen x € 1.000) Eenmalige baten Eenmalige lasten Eenmalige stortingen in reserves Eenmalige onttrekkingen aan reserves Totaal saldo incidentele posten

Uit bovenstaande samenvatting van alle incidentele posten blijkt dat er in 2022 sprake is van per saldo € 350.000 incidentele lasten (de eenmalige lasten / stortingen in de reserves zijn hoger dan de eenmalige baten / onttrekkingen aan de reserves). Voor (per saldo) incidentele lasten geldt dat ze het begrotingssaldo negatief beïnvloeden, zonder de incidentele lasten wordt het (structurele) begrotingssaldo positiever. Door de incidentele posten buiten beschouwing te laten ontstaat het volgende beeld van het structurele saldo. Effect van incidentele posten op het begrotingssaldo (bedragen x € 1.000) Saldo begroting Totaal effect incidentele posten Structureel begrotingssaldo

72

2022

2023

2024

2025

-4 350 346

-249 709 460

-807 935 128

562 352 914

Incidentele baten en lasten

Bijlagen

4.3

Reserves en voorzieningen per programma

In deze bijlage worden de mutaties reserves en voorzieningen nader toegelicht per programma. Voor meer informatie verwijzen we naar de vastgestelde nota Reserves en voorzieningen. Dit document is opgenomen in lijst van kaderstellende documenten (bijlage 2 deel 1 van deze begroting). De mutaties voorzieningen worden alleen voor 2022 gepresenteerd. STAAT VAN RESERVES EN VOORZIENINGEN BEGROTING 2022 Naam Reserve

Verm eerderingen

saldo 1-1

Verm inderingen

2022 Structureel Incidenteel Indexatie

saldo 31-12

Totaal Structureel Incidenteel

Totaal

2022

0 0 0 0 0

0 286.892 32.882 0 319.774

0 0 0 0 0

0 534.000 0 0 534.000

0 534.000 0 0 534.000

0 38.768.519 5.892.410 348.763 45.009.692

A5 Bestem m ingsreserves aangehouden ter dekking van kapitaallasten activa econom isch nut Reserve dekking investeringen 22.660.905 0 0 113.305 Subtotaal bestem m ingsreserves A5 22.660.905 0 0 113.305

113.305 113.305

1.258.560 1.258.560

0 0

1.258.560 1.258.560

21.515.650 21.515.650

A6 Bestem m ingsreserves aangehouden ter dekking van specifieke lasten Egalisatiereserve FLO (oud) brandw eer 870.335 140.000 Reserve zelfregulerende projecten 740.637 0

RESERVES A1 Algem ene reserves Vrije reserve Algemene reserve Inkomensfunctie Algemene reserve Weerstandsvermogen Res.w eerstandsverm.w instn.grondexpl. Subtotaal Algem ene Reserves A1

0 39.015.628 5.859.528 348.763 45.223.918

0 286.892 32.882 0 319.774

0 0 0 0 0

0 0

0 0

140.000 0

699.495 0

0 0

699.495 0

310.840 740.637

1.563.094 72.369 18.088 200.000 200.000 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 548.996 3.605.476 0 0 30.000 0 0 0 6.937.518

8.227.041 373.920 70.290 100.000 2.737.357 860.807 3.802.042 3.700.000 10.374.417 1.172.932 0 1.259.608 1.954.922 376.026 933.191 1.992.230 -48.706 1.625.548 7.506.191 26.876 2.749.188 3.902.860 407.809 1.950.000 357.000 57.463.025

Reserve meerjarig onderhoudsplan kapitaalgoederen Reserve centrale huisvesting Reserve voormalige ISV-projecten Reserve egalisatiesystematiek Reserve integrale ontw ikkeling Zeist (RIOZ) Reserve decentralisaties / sociaal doemin Reserve bomenfonds Reserve fietstunnel Den Dolder Reserve Vervangingsinvesteringen Openbare Ruimte SFI/VIS Reserve Onderhoud Openbare Ruimte SFI/VIS Bestemmingsreserve leges Reserve Vervangingsinvesteringen Sport (SFI/VIS) Reserve Vervangingsinv.Sport Incidenteel (SFI/VIS) Reserve Onderhoud Sport (SFI/VIS) Reserve Maatschappelijk rendement zw embad Reserve RIOZ gelabeld deel Kerckebosch Reserve RIOZ gelabeld deel Austerlitz Reserve RIOZ gelabeld deel Vollenhove Vooruit Reserve huisvestingsvoorzieningen onderw ijs Reserve Zorgeloos Wonen Reserve Revolving fund sociale w oningbouw Reserve Vastgoedfonds Reserve Grondbedrijf Reserve Buig Reserve Corona Subtotaal bestem m ingsreserves A6

7.884.866 444.069 88.378 200.000 2.905.398 860.807 3.502.042 3.700.000 10.322.803 1.172.932 0 1.253.341 1.933.983 376.026 443.226 1.992.230 -48.706 2.174.544 7.172.072 26.876 2.713.611 3.922.860 407.809 1.400.000 357.000 56.817.138

1.905.269 0 0 0 0 0 300.000 0 0 0 0 0 20.939 0 489.965 0 0 0 3.903.736 0 35.577 10.000 0 0 0 6.805.486

0 0 0 100.000 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 550.000 0 650.000

0 2.220 0 0 31.959 0 0 0 51.614 0 0 6.267 0 0 0 0 0 0 35.860 0 0 0 0 0 0 127.920

1.905.269 2.220 0 100.000 31.959 0 300.000 0 51.614 0 0 6.267 20.939 0 489.965 0 0 0 3.939.596 0 35.577 10.000 0 550.000 0 7.583.406

1.563.094 72.369 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 3.605.476 0 0 0 0 0 0 5.940.434

0 0 18.088 200.000 200.000 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 548.996 0 0 0 30.000 0 0 0 997.084

Subtotaal reserves Algem ene dienst

124.701.961

7.125.259

650.000

241.225

8.016.484

7.198.994

1.531.084

73

8.730.078 123.988.367

Reserves en voorzieningen per programma

Bijlagen

Naam Voorziening

Verm eerderingen

saldo 1-1

Verm inderingen

2022 Structureel Incidenteel Indexatie

Totaal Structureel Incidenteel

Voorzieningen 1a Voorzieningen; verplichting en verliezen onzeker, doch om vang op balansdatum redelijkerw ijs in te schatten Voorziening pensioenen vm. w ethouders 8.046.854 140.000 0 80.469 220.469 Voorziening w achtgeldverplichtingen personeel 572.388 353.563 0 0 353.563 Voorziening w achtgeldverplichtingen bestuurders 21.145 0 0 0 0 Totaal voorzieningen art.44 lid 1a 8.640.387 493.563 0 80.469 574.032

saldo 31-12 Totaal

2022

376.000 137.550 0 513.550

0 0 0 0

376.000 137.550 0 513.550

7.891.323 788.401 21.145 8.700.869

1b Voorzieningen; risico's t.a.v. verplichting en verliezen onzeker, doch om vang op balansdatum redelijkerw ijs in te schatten Voorziening risico's 631.099 0 0 0 0 0 Totaal voorzieningen art.44 lid 1b 631.099 0 0 0 0 0

0 0

0 0

631.099 631.099

1c Voorzieningen; egaliseren van kosten naar een volgend begrotingsjaar die hun oorsprong kennen in een eerder jaar tbv gelijke verdeling van lasten Voorziening onderhoud w oningen Alg. Dienst 492.176 64.647 0 0 64.647 75.825 0 75.825 Totaal voorzieningen art 44 lid 1c 492.176 64.647 0 0 64.647 75.825 0 75.825 1d Voorzieningen; toekom stige vervangingsinvesteringen w aarvoor een heffing w ordt geheven Voorziening vervanging riolering 8.576.085 2.079.119 0 Totaal voorzieningen art.44 lid 1d 8.576.085 2.079.119 0

480.998 480.998

0 0

2.079.119 2.079.119

1.037.590 1.037.590

0 0

1.037.590 1.037.590

9.617.614 9.617.614

2 Middelen van derden verkregen van derden die voor een specifiek doel m oeten w orden besteed Voorziening spaarpremies (hypotheken) 41.448 1.069 0 1.747 Voorziening egalisatie rioolrecht -195.564 78.226 0 0 Voorziening egalisatie afvalstoffenheffing -199.496 113.241 0 0 Voorziening onderhoud graven/afkoop onderhoud 2.027.730 104.304 0 125.283 Totaal voorzieningen art.44 lid 2 1.674.117 296.840 0 127.030

2.816 78.226 113.241 229.587 423.870

0 0 18.000 156.377 174.377

0 0 0 0 0

0 0 18.000 156.377 174.377

44.264 -117.338 -104.256 2.100.940 1.923.610

Subtotaal voorzienigen Voorzieningen grondexploitaties Voorziening exploitatietekort Austerlitz Voorziening exploitatietekort Geiserlaan Subtotaal grondexploitaties Generaal totaal reserves en voorzieningen Waardecorrecties Voorziening Dubieuze debiteuren Voorziening dubieuze debiteuren Soc. Zaken Subtotaal w aardecorrecties Totaal Generaal

20.013.864

2.934.169

0

207.499

3.141.668

1.801.342

0

1.801.342

21.354.190

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0

144.715.825

10.059.428

650.000

448.724 11.158.152

9.000.336

215.791 542.512 758.303

35.000 0 35.000

0 0 0

145.474.128

10.094.428

650.000

74

0 0 0

35.000 0 35.000

35.000 0 35.000

448.724 11.193.152

9.035.336

1.531.084 10.531.420 145.342.557

0 0 0

35.000 0 35.000

215.791 542.512 758.303

1.531.084 10.566.420 146.100.860

Reserves en voorzieningen per programma

Bijlagen

STAAT VAN RESERVES EN VOORZIENINGEN BEGROTING 2023 Naam Reserve

Verm eerderingen

saldo 1-1

Verm inderingen

2023 Structureel Incidenteel Indexatie RESERVES A1 Algem ene reserves Vrije reserve Algemene reserve Inkomensfunctie Algemene reserve Weerstandsvermogen Res.w eerstandsverm.w instn.grondexpl. Subtotaal Algem ene Reserves A1

0 38.768.519 5.892.410 348.763 45.009.692

0 286.892 32.882 0 319.774

0 357.000 0 0 357.000

Totaal Structureel Incidenteel

0 0 0 0 0

0 643.892 32.882 0 676.774

0 0 0 0 0

A5 Bestem m ingsreserves aangehouden ter dekking van kapitaallasten activa econom isch nut Reserve dekking investeringen 21.515.650 0 0 107.578 Subtotaal bestem m ingsreserves A5 21.515.650 0 0 107.578

107.578 107.578

1.241.349 1.241.349

A6 Bestem m ingsreserves aangehouden ter dekking van specifieke lasten Egalisatiereserve FLO (oud) brandw eer 310.840 140.000 Reserve zelfregulerende projecten 740.637 0

0 0

0 0

140.000 0

481.919 0

saldo 31-12 Totaal

2023

0 0 0 0 0

0 39.412.411 5.925.292 348.763 45.686.466

0 1.241.349 0 1.241.349

20.381.879 20.381.879

0 0 0 0 0

0 0

481.919 0

-31.079 740.637 8.755.260 303.689 57.990 0 2.769.668 860.807 4.152.042 3.700.000 10.426.289 1.172.932 0 1.265.906 1.976.092 376.026 1.423.156 1.992.230 -48.706 1.455.699 8.071.476 26.876 2.784.765 3.912.860 407.809 2.300.000 357.000 59.209.422

Reserve meerjarig onderhoudsplan kapitaalgoederen Reserve centrale huisvesting Reserve voormalige ISV-projecten Reserve egalisatiesystematiek Reserve integrale ontw ikkeling Zeist (RIOZ) Reserve decentralisaties / sociaal doemin Reserve bomenfonds Reserve fietstunnel Den Dolder Reserve Vervangingsinvesteringen Openbare Ruimte SFI/VIS Reserve Onderhoud Openbare Ruimte SFI/VIS Bestemmingsreserve leges Reserve Vervangingsinvesteringen Sport (SFI/VIS) Reserve Vervangingsinv.Sport Incidenteel (SFI/VIS) Reserve Onderhoud Sport (SFI/VIS) Reserve Maatschappelijk rendement zw embad Reserve RIOZ gelabeld deel Kerckebosch Reserve RIOZ gelabeld deel Austerlitz Reserve RIOZ gelabeld deel Vollenhove Vooruit Reserve huisvestingsvoorzieningen onderw ijs Reserve Zorgeloos Wonen Reserve Revolving fund sociale w oningbouw Reserve Vastgoedfonds Reserve Grondbedrijf Reserve Buig Reserve Corona Subtotaal bestem m ingsreserves A6

8.227.041 373.920 70.290 100.000 2.737.357 860.807 3.802.042 3.700.000 10.374.417 1.172.932 0 1.259.608 1.954.922 376.026 933.191 1.992.230 -48.706 1.625.548 7.506.191 26.876 2.749.188 3.902.860 407.809 1.950.000 357.000 57.463.025

1.905.269 0 0 0 0 0 350.000 0 0 0 0 0 21.170 0 489.965 0 0 0 4.141.878 0 35.577 10.000 0 0 0 7.093.859

0 0 0 0 2.200 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 350.000 0 352.200

0 1.870 0 0 30.111 0 0 0 51.872 0 0 6.298 0 0 0 0 0 0 37.531 0 0 0 0 0 0 127.682

1.905.269 1.870 0 0 32.311 0 350.000 0 51.872 0 0 6.298 21.170 0 489.965 0 0 0 4.179.409 0 35.577 10.000 0 350.000 0 7.573.741

1.377.050 72.101 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 3.614.124 0 0 0 0 0 0 5.545.194

0 1.377.050 0 72.101 12.300 12.300 100.000 100.000 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 169.849 169.849 0 3.614.124 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 282.149 5.827.343

Subtotaal reserves Algem ene dienst

123.988.367

7.413.632

709.200

235.260

8.358.092

6.786.544

282.149 7.068.693 125.277.767

75

Reserves en voorzieningen per programma

Bijlagen

STAAT VAN RESERVES EN VOORZIENINGEN BEGROTING 2024 Naam Reserve

Verm eerderingen

saldo 1-1

Verm inderingen

2024 Structureel Incidenteel Indexatie RESERVES A1 Algem ene reserves Vrije reserve Algemene reserve Inkomensfunctie Algemene reserve Weerstandsvermogen Res.w eerstandsverm.w instn.grondexpl. Subtotaal Algem ene Reserves A1

0 39.412.411 5.925.292 348.763 45.686.466

0 286.892 32.882 0 319.774

0 0 0 0 0

0 869.892 32.882 0 902.774

0 0 0 0 0

A5 Bestem m ingsreserves aangehouden ter dekking van kapitaallasten activa econom isch nut Reserve dekking investeringen 20.381.879 0 0 101.909 Subtotaal bestem m ingsreserves A5 20.381.879 0 0 101.909

101.909 101.909

1.238.322 1.238.322

A6 Bestem m ingsreserves aangehouden ter dekking van specifieke lasten Egalisatiereserve FLO (oud) brandw eer -31.079 Reserve zelfregulerende projecten 740.637

0 583.000 0 0 583.000

Totaal Structureel Incidenteel

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

saldo 31-12 Totaal

2024

0 0 0 0 0

0 40.282.303 5.958.174 348.763 46.589.239

0 1.238.322 0 1.238.322

19.245.466 19.245.466

0 0 0 0 0

0 0

0 0

-31.079 740.637 9.082.050 305.207 51.717 0 2.802.334 860.807 4.552.042 3.700.000 10.478.420 1.172.932 0 1.272.236 1.997.494 376.026 1.913.121 1.992.230 -48.706 1.354.121 8.802.896 26.876 2.820.342 3.922.860 407.809 2.650.000 357.000 61.559.370

Reserve meerjarig onderhoudsplan kapitaalgoederen Reserve centrale huisvesting Reserve voormalige ISV-projecten Reserve egalisatiesystematiek Reserve integrale ontw ikkeling Zeist (RIOZ) Reserve decentralisaties / sociaal doemin Reserve bomenfonds Reserve fietstunnel Den Dolder Reserve Vervangingsinvesteringen Openbare Ruimte SFI/VIS Reserve Onderhoud Openbare Ruimte SFI/VIS Bestemmingsreserve leges Reserve Vervangingsinvesteringen Sport (SFI/VIS) Reserve Vervangingsinv.Sport Incidenteel (SFI/VIS) Reserve Onderhoud Sport (SFI/VIS) Reserve Maatschappelijk rendement zw embad Reserve RIOZ gelabeld deel Kerckebosch Reserve RIOZ gelabeld deel Austerlitz Reserve RIOZ gelabeld deel Vollenhove Vooruit Reserve huisvestingsvoorzieningen onderw ijs Reserve Zorgeloos Wonen Reserve Revolving fund sociale w oningbouw Reserve Vastgoedfonds Reserve Grondbedrijf Reserve Buig Reserve Corona Subtotaal bestem m ingsreserves A6

8.755.260 303.689 57.990 0 2.769.668 860.807 4.152.042 3.700.000 10.426.289 1.172.932 0 1.265.906 1.976.092 376.026 1.423.156 1.992.230 -48.706 1.455.699 8.071.476 26.876 2.784.765 3.912.860 407.809 2.300.000 357.000 59.209.422

1.905.269 0 0 0 0 0 400.000 0 0 0 0 0 21.402 0 489.965 0 0 0 4.377.921 0 35.577 10.000 0 0 0 7.240.134

0 0 0 0 2.200 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 350.000 0 352.200

0 1.518 0 0 30.466 0 0 0 52.131 0 0 6.330 0 0 0 0 0 0 40.357 0 0 0 0 0 0 130.802

1.905.269 1.518 0 0 32.666 0 400.000 0 52.131 0 0 6.330 21.402 0 489.965 0 0 0 4.418.278 0 35.577 10.000 0 350.000 0 7.723.136

1.578.479 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 3.686.858 0 0 0 0 0 0 5.265.337

0 1.578.479 0 0 6.273 6.273 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 101.578 101.578 0 3.686.858 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 107.851 5.373.188

Subtotaal reserves Algem ene dienst

125.277.767

7.559.908

935.200

232.711

8.727.819

6.503.659

107.851 6.611.510 127.394.075

76

Reserves en voorzieningen per programma

Bijlagen

STAAT VAN RESERVES EN VOORZIENINGEN BEGROTING 2025 Naam Reserve

Verm inderingen

Verm eerderingen

saldo 1-1

2025 Structureel Incidenteel Indexatie RESERVES A1 Algem ene reserves Vrije reserve Algemene reserve Inkomensfunctie Algemene reserve Weerstandsvermogen Res.w eerstandsverm.w instn.grondexpl. Subtotaal Algem ene Reserves A1

0 40.282.303 5.958.174 348.763 46.589.239

0 0 0 0 0

0 662.523 32.882 0 695.405

A5 Bestem m ingsreserves aangehouden ter dekking van kapitaallasten activa econom isch nut 0 0 19.245.466 Reserve dekking investeringen 0 0 19.245.466 Subtotaal bestem m ingsreserves A5 A6 Bestem m ingsreserves aangehouden ter dekking van specifieke lasten -31.079 Egalisatiereserve FLO (oud) brandw eer 740.637 Reserve zelfregulerende projecten

Totaal Structureel Incidenteel

Totaal

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

0 662.523 32.882 0 695.405

0 0 0 0 0

96.227 96.227

96.227 96.227

1.225.333 1.225.333

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

0 1.225.333 0 1.225.333

0 0

0 0

Reserve meerjarig onderhoudsplan kapitaalgoederen Reserve centrale huisvesting Reserve voormalige ISV-projecten Reserve egalisatiesystematiek Reserve integrale ontw ikkeling Zeist (RIOZ) Reserve decentralisaties / sociaal doemin Reserve bomenfonds Reserve fietstunnel Den Dolder Reserve Vervangingsinvesteringen Openbare Ruimte SFI/VIS Reserve Onderhoud Openbare Ruimte SFI/VIS Bestemmingsreserve leges Reserve Vervangingsinvesteringen Sport (SFI/VIS) Reserve Vervangingsinv.Sport Incidenteel (SFI/VIS) Reserve Onderhoud Sport (SFI/VIS) Reserve Maatschappelijk rendement zw embad Reserve RIOZ gelabeld deel Kerckebosch Reserve RIOZ gelabeld deel Austerlitz Reserve RIOZ gelabeld deel Vollenhove Vooruit Reserve huisvestingsvoorzieningen onderw ijs Reserve Zorgeloos Wonen Reserve Revolving fund sociale w oningbouw Reserve Vastgoedfonds Reserve Grondbedrijf Reserve Buig Reserve Corona Subtotaal bestem m ingsreserves A6

9.082.050 305.207 51.717 0 2.802.334 860.807 4.552.042 3.700.000 10.478.420 1.172.932 0 1.272.236 1.997.494 376.026 1.913.121 1.992.230 -48.706 1.354.121 8.802.896 26.876 2.820.342 3.922.860 407.809 2.650.000 357.000 61.559.370

1.905.269 0 0 0 0 0 450.000 0 0 0 0 0 21.638 0 489.965 0 0 0 4.535.637 0 35.577 10.000 0 0 0 7.448.086

0 0 0 0 2.200 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 350.000 0 352.200

0 1.526 0 0 30.826 0 0 0 52.392 0 0 6.361 0 0 0 0 0 0 44.014 0 0 0 0 0 0 135.119

1.905.269 1.526 0 0 33.026 0 450.000 0 52.392 0 0 6.361 21.638 0 489.965 0 0 0 4.579.651 0 35.577 10.000 0 350.000 0 7.935.405

1.578.479 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 3.630.195 0 0 0 0 0 0 5.208.674

0 1.578.479 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 3.630.195 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 5.208.674

Subtotaal reserves Algem ene dienst

127.394.075

8.143.491

352.200

231.346

8.727.037

6.434.007

0 6.434.007

Programma 1 Goed bestuur in betrokken samenleving Reserve centrale huisvesting Dekkingsmiddel voor de investering in de inrichting(skosten) van de centrale huisvesting. Daarbij is uitgegaan van een afschrijvingsduur van 10 jaar. Voorziening wachtgelden bestuurders De voorziening dient ter dekking van de gevolgen van wachtgeldvergoedingen van bestuurders. Voorziening pensioenen voormalig wethouders Deze voorziening dient ter dekking van de pensioenuitkeringen van (voormalige) wethouders die recht hebben op een pensioenuitkering. Op dit moment vallen 26 (ex-)wethouders onder de regeling. Jaarlijks wordt door een gespecialiseerd bureau een actuariële berekening van het benodigde bedrag gemaakt per 1 januari van het lopende jaar, gebaseerd op de door dat bureau geadviseerde rekenrente. Voorziening wachtgelden personeel De voorziening dient ter dekking van de gevolgen van wachtgeldvergoedingen van personeel. Voorziening spaarpremies (hypotheken) De voorziening spaarpremies is in 1999 ingesteld om te zijner tijd de door de gemeente aan gemeenteambtenaren verstrekte geldleningen (zgn. spaarhypotheken) mee te kunnen aflossen. Leningen in deze vorm worden door de gemeente nu niet meer verstrekt.

77

Reserves en voorzieningen per programma

Bijlagen

Programma 2 Vitale gemeenschappen Reserve bomenfonds Deze reserve is ingesteld voor de uitvoering van het lange termijn bomenbeheerplan. Bij raadsvoorstel 13RV0054 Kaders gemeentelijk bomenbeheer, is voor de uitwerking een scenario vastgesteld. Gezien de verwachte piek in uitgaven van vervanging van bomen wordt gespaard via deze reserve. De onttrekkingen worden aangevraagd via technische begrotingswijziging zodra projecten worden gestart. Reserve huisvesting onderwijs Het bekostigen van de nieuwbouw, levensduur verlengend onderhoud, aanschaf 1e inrichting van schoolgebouwen en van de exploitatie van gymnastiekgebouwen. Reserve onderhoud sport (SFI/VIS) Het doel van deze reserve is het jaarlijks opvangen van de verschillen tussen de werkelijke onderhoudslasten van de buitensportaccommodaties en de begrote onderhoudslasten. Zie bijlage 4 bij de begroting 2018 (17RV060) waarin de systematiek nader toegelicht is. Reserve vervangingsinvesteringen sport (SFI/VIS) Het doel van deze reserve is het jaarlijks opvangen van de verschillen tussen de begrote en de werkelijke kapitaallasten van de buitensportaccommodaties. Zie bijlage 4 bij de begroting 2018 (17RV060) waarin de systematiek nader toegelicht is.

Reserve vervangingsinvesteringen sport incidenteel (SFI/VIS) Het doel van deze reserve is het jaarlijks opvangen van de incidentele kosten die moeten worden gemaakt rond de investeringen in het kader van het masterplan Buitensport. Deze kosten mogen volgens BBV niet worden geactiveerd. Bij het masterplan Buitensport zijn deze kosten berekend en meegenomen in de systematiek. Reserve maatschappelijk rendement zwembad Het doel van deze reserve is het mogelijk maken investeringen te doen die het maatschappelijk rendement van het zwembad vergroten. Vanaf 2022 blijft de dotatie jaarlijks gelijk. Voorziening afkoop grafonderhoud Deze balanspost bevat de door particulieren betaalde afkoopsommen voor onderhoud van graven. Uit de voorziening wordt het jaarlijks onderhoud van de betrokken graven bekostigd. Programma 3 Merkbaar beter in zorg voor elkaar Reserve sociaal domein Met ingang van 2021 is de afgesproken methodiek op basis van het raadsvoorstel 13RAAD0054 SFI Reserve Integrale Ontwikkeling Zeist beëindigd en is er geen sprake meer van een gesloten systeem. Vanuit het jaarrekeningresultaat 2020 is er nog wel sprake van een positief saldo in deze reserve. In deze begroting 2022 zijn geen begrote mutaties opgenomen.

Programma 4 Toekomstbestendig wonen Gelabeld deel RIOZ Kerckebosch Gelabeld deel RIOZ Austerlitz Gelabeld deel RIOZ Vollenhove Vooruit Vanuit de reserve RIOZ (zie programma 10) zijn middelen beschikbaar gesteld / gelabeld voor diverse gewenste ruimtelijk ontwikkelingen. De reserve Austerlitz laat tussentijds een negatief saldo zien. De verwachting is dat dit binnen het project wordt ingelopen. Aangezien dit een beklemd deel van de reserve RIOZ betreft, is dit toegestaan. Voor het gelabeld deel Vollenhove Vooruit is de begrote onttrekking conform de jaarlijkse projectbudgetten onder aftrek van de ontvangen subsidiebijdragen van rijk en provincie. Reserve fietstunnel Den Dolder

78

Reserves en voorzieningen per programma

Bijlagen

De raad heeft bij de actualisatie van het uitvoeringsprogramma RIOZ bij de begroting 2016 voorgesteld om een bestemmingsreserve “fietstunnel Den Dolder” in te stellen. De middelen zijn in het uitvoeringsprogramma RIOZ bij de begroting 2015 gereserveerd voor het Drieluik Den Dolder. Nu de raad heeft besloten de overgang te sluiten, komt de nadruk minder te liggen op de puur verkeerstechnische aspecten en wordt breder gekeken wat er in het kader van het Drieluik nodig is. Reserve grondbedrijf Met deze reserve voor de grondbedrijf activiteiten worden de financiële resultaten en risico’s gescheiden van de financiële huishouding voor de overige gemeentelijke taken. De reserve vormt een buffer voor de financiële risico’s die samenhangen met de grondexploitaties. Bestemmingsreserve leges Het doel van deze reserve is het jaarlijks opvangen van de verschillen tussen de begrote en de werkelijke opbrengst van de leges Omgevingsvergunningen. Daardoor worden grote verschillen in de exploitatie van verschillende jaren voorkomen. De reserve bevat momenteel geen saldo meer. Reserve vastgoedfonds Het doel van het vastgoedfonds is om hieruit de aanloopkosten en aankoopkosten van onroerende goederen te dekken met betrekking tot het voeren van (actief) grondbeleid. De geraamde dotaties zijn vanuit de bijdragen project Tiny houses geraamd.

De geraamde onttrekking 2022 betreft een bijdrage voor huurovereenkomst inzake De Clomp. Reserve revolving fund sociale woningbouw De reserve is bedoeld om de bouw van goedkope woningen te bevorderen en om investeringen in duurzaamheid (energiebesparing) van betaalbare huurwoningen mogelijk te maken. Reserve voormalige ISV projecten De kosten van voormalige ISV-projecten. Betreft zowel het regulier als het bodemdeel uit ISV 1 en 2 – gelden. De geraamde onttrekking betreft dekking voor huurgarantie. Reserve zelfregulerende projecten Het doel van de reserve zelfregulerende projecten is het afdekken van het risico dat projecten na de onderzoeksfase niet tot uitvoering komen of niet tot een kostendekkende exploitatie (kunnen) leiden. Hierbij wordt rekening gehouden met alle dekkingsmogelijkheden zoals bijdragen van derden. Reserve zorgeloos wonen Dekking gemeentelijk aandeel in de kosten van de projecten binnen Zorgeloos Wonen. Voorziening exploitatietekort Austerlitz Voorziening exploitatietekort Geiserlaan Afdekken exploitatietekorten van de respectievelijke grondexploitaties. Naar verwachting worden deze voorzieningen ultimo 2021 opgeheven, omdat de grondexploitaties eind 2021 gereed zijn. Programma 5 Veilig thuis en op straat Egalisatiereserve FLO (oud) brandweer Per 1 januari 2006 is het Functioneel Leeftijds Ontslag (FLO) brandweer afgeschaft.

Vanaf die datum is een overgangsrecht van kracht voor beroepsmedewerkers en vrijwilligers die op 31 december 2005 een aanstelling hadden. De overgangsregeling is vormgegeven conform de regels die ook golden voor het voormalige FLO. De reserve wordt ingezet voor een deel van de basistaken van de VRU omdat daar de FLO taken inmiddels zijn opgenomen. Programma 6 Mobiliteit in beweging Reserve onderhoud openbare ruimte SFI/VIS Het doel van deze reserve is het jaarlijks opvangen van de verschillen tussen de werkelijke onderhoudslasten in de openbare ruimte (investeringen met een maatschappelijk nut) en de begrote onderhoudslasten. Zie raadsvoorstel 16RV040 en de raadsbrief RIB 16.109 waarin de systematiek nader toegelicht is.

79

Reserves en voorzieningen per programma

Bijlagen

Reserve vervangingsinvesteringen openbare ruimte SFI/VIS Het doel van deze reserve is het jaarlijks opvangen van de verschillen tussen de begrote en de werkelijke kapitaallasten in de openbare ruimte (investeringen met een maatschappelijk nut). Zie raadsvoorstel 16RV040 en de raadsbrief RIB 16.109 waarin de systematiek nader toegelicht is. Programma 7 Meedoen Reserve sociaal domein Met ingang van 2021 is de afgesproken methodiek op basis van het raadsvoorstel 13RAAD0054 SFI Reserve Integrale Ontwikkeling Zeist beëindigd en is er geen sprake meer van een gesloten systeem. Vanuit het jaarrekeningresultaat 2020 is er nog wel sprake van een positief saldo in deze reserve. In deze begroting 2022 zijn geen begrote mutaties opgenomen. Reserve Buig Met ingang van 2021 is de afgesproken om deze reserve in stellen voor het opvangen van tekorten op de Buig (bijstandslasten). Conform de methodiek van het Rijk dient onze gemeente jaarlijks 7,5% eigen risico te dragen bij tekorten op deze lasten. Deze lasten werden tot 2021 binnen het gesloten systeem van de reserve sociaal domein opgevangen. Voorziening dubieuze debiteuren sociale zaken Dekking van bij de RSD (nog) niet gerealiseerde terugbetalingen op vorderingen op cliënten van voor 1-1-2006.

Programma 8 Samen aan de slag voor het klimaat Voorziening vervanging riolering Via de rioolheffing wordt vooraf gepland gespaard voor toekomstige vervangingsinvesteringen. Met het vaststellen van een GRP wordt tevens besloten wat voor de looptijd de benodigde spaarbedragen worden. In de begroting is dit nog op basis van het GRP uit 2017 berekend. De investeringen worden rechtstreeks gedekt uit deze voorziening en begroot als onttrekking. Deze werkwijze is verplicht conform het BBV. Voorziening egalisatie rioolheffing Rioolheffing wordt door middel van tarieven aan derden in rekening gebracht. Deze voorziening heeft tot doel om het tarief rioolheffing zodanig te egaliseren dat over de jaren heen steeds 100% kostendekking wordt verkregen. Een eventueel ontstane overdekking wordt via de tarieven teruggegeven aan de burger. Voor 2022 wordt er een storting begroot omdat er de afgelopen jaren sprake was van overschrijding op de onderhoudskosten. Dit wordt teruggevraagd in het tarief 2022 tot en met 2025. Voorziening egalisatie afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing wordt door middel van tarieven aan derden in rekening gebracht. Deze voorziening heeft tot doel om het tarief voor afvalstoffenheffing zodanig te egaliseren dat over de jaren heen steeds 100% kostendekking wordt verkregen. Een eventueel ontstane overdekking wordt via de tarieven teruggegeven aan de burger.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10650980/1