Transcript - 9 maart 2023
Tekst van het document
aan het kijken zijn hoe de ondernemers nog meer en zelfstandiger betrokken kunnen worden. Dus ja, het is een het is een lerend proces waar we in een jaar met corona mee gestart zijn, een jaar nu eigenlijk vol die side defence hebben kunnen doen en we alle input meenemen om het voor dit jaar te optimaliseren. Maar het heeft volgens mij zeker een toegevoegde waarde. De voorzitter: Dank u wel. Dan staat er een vraag open van mevrouw Koper aan u als commissie, namelijk of u een ja een toelichtende sectie wil met BUAS, een van de schrijvers van de rapporten omtrent een rapport om daar wat dieper in te duiken. Daarvoor wil ik eigenlijk een rondje maken door deze commissie en begin ik bij het CDA. De heer Stephan: Daar zijn we zeker voorstander van. Lijkt me daar toch goed om dat voorstel van over te nemen en daar ook meteen de laatste raadsinformatiebrief ook aan te daar mee te nemen. Ja we kunnen we ons bij aansluiten. De voorzitter: Dank u wel. Meneer Kramer. De heer Kramer: Is vragen wat het doel dan is van om dat te bespreken, want weet je wel we zitten natuurlijk al met een bepaalde tijdsdruk hier qua onderwerpen en dit soort dingen om het dan met alle te bespreken. Dus ik wil wel graag weten wat dan doel. De voorzitter: Mevrouw Koper. Er is een vraag aan u gesteld, kunt u die beantwoorden. Mevrouw Koper.
Mevrouw Koper: Nou ik net als zei ja heb ik wel behoefte aan een toelichting op het rapport, om het rapport met elkaar te bespreken. Nou daar is dit niet het agenda agendapunt voor, dus dat begrijp ik zeker, dus en ik snap ook dat de agendacommissie dat afwijst. Maar ik heb daar behoefte aan om dat rapport met elkaar te bespreken, dus dat is mijn doel. Om die uitkomsten te zien want we gaan straks ook nog een discussie aan over hoe nu verder dus ik wil wel goed weten hoe ik erin zit. Die behoefte heb ik. En als dat qua tijdsbesteding voor sommigen van u te veel is. Ja. Ik ben een one woman fractie, ik wil dat graag op een avond bijvoorbeeld de derde commissievergadering doen en staat iedereen vrij om iemand af te vaardigen of niet, denk ik in commissieverband. De voorzitter: We gaan eerst het rondje maken en dan kijken wat daar uitkomt. De heer Stephan heeft ook nog een ja interruptie. Aan u het woord. De heer Stephan: Ja dank ik heb de interruptie eigenlijk op de heer Kramer. Dacht laat mevrouw Koper nog even kort uit uitspreken, want eigenlijk is de vraag net zo goed aan mij gericht als iemand die dat ondersteunt. Dus kijk om aan te vullen ook een aanvulling op een vraag dit zijn dit is ik bedoel Formule 1. En alles wat er aan kosten en inkomsten mee te maken heeft is een van de grootste onderwerpen die wij deze raadsperiode hier op de agenda hebben.
Ik denk dat verdient op onzes inziens ook een uitvoerige evaluatie ook door de raad. En om eerlijk te zijn dit rapport de daar op basis daarvan, CDA is nu niet in staat om zeg maar besluiten te nemen dus het is het hoeft echt nadere duiding wat wij wat wij aan informatie aangeleverd krijgen. De heer Kramer: Ja ja voorzitter ik snap niet ‘…’ De voorzitter: De heer Kramer. De heer Kramer: Mag ik nog heel even.
De voorzitter: Zal ik u het woord geven? De heer Kramer: Ja. De voorzitter: Aan u het woord de heer Kramer. De heer Kramer: Dat document dat staat nu gewoon de agenda, dus stel u vragen. En kijk ik misschien is het dan interessant dat iemand erbij zit die dat dan heeft geschreven, maar waarom kan het nu niet gewoon of dat u het schriftelijk stelt en als je dan nog vragen geeft dat dan misschien doet. Maar ik probeer gewoon ook een beetje effectief te gaan met de tijd. Kijk en als mevrouw Kopers zegt van ja ik heb daar graag een derde avond over, ja ik zou ook wel van alles willen bespreken, maar ik denk dat het wel efficiënt met mekaar moeten doen van wat nou wel een bepaald doel heeft en wat nou niet een bepaald doel heeft. Want iets bespreken ja ik vind dat niet echt een doel. De voorzitter: De heer Stephan, aan u het woord. De heer Stephan: Nee, uiteraard streven ook wij naar efficiëntie. Het punt is nou juist, de vragen zijn door het CDA gesteld. CDA heeft nadrukkelijk gevraagd om de onderzoekers erbij te halen, want er zijn om een voorbeeld te geven, er worden er worden allerlei modellen op losgelaten, maar de werkwijze van de modellen, de input, die wordt niet gedeeld. Daar zitten achterliggende stukken bij.
Wat is er nou in gegaan? Waarom is gekozen voor bepaalde modellen? Dat zijn vragen die volgens mij gericht moeten worden aan de onderzoekers, daar willen ook graag ja dat de verantwoording over afgelegd over de wetenschappelijke methode die daar is toegepast. Want om eerlijk te zijn zoals het nu staat, lijken het allemaal beetje aannames en zijn juist geen voorstander van om basis van aannames over dit soort bedragen beslissingen te nemen. Maar ik deel dat uw vraag eigenlijk. Vraag van probeer het nog een schriftelijk. Misschien is dat een idee, maar dan moet het moet die moeten die vragen wel ook door doorgezonden worden aan het de onderzoekers. Waarbij ik toch nog wel dan een plenaire bespreking boven de tafel houd. De voorzitter: Ik zou eigenlijk eerst het rondje willen maken, want daar waren we eigenlijk mee bezig. Ik zie nog een interruptie van mevrouw Göransson en daarna gaan we het rondje afmaken en dan … Mevrouw Göransson-van Kerkwijk: Even toch op de heer Stephan, want wat hij feitelijk zegt is dat die twijfels aan de aan een aantal zaken die in het rapport staan. En ten tweede, maar u zegt ook van de modellen die zijn toegepast, ik probeer dat praktisch te zijn dan denk ik van, als u daar een toelichting op krijgt, wat kunt u met het antwoord? Want volgens mij zou het er meer om moeten gaan want we hebben al met het rapport gelezen.
We zouden het hier best kunnen bespreken. Hoe is het afgelopen jaar gegaan, welke lessen zijn het te leren, eventueel voor aankomend jaar en dat zou dan het doel van de bespreking kunnen zijn. Maar om het heel eerlijk zijn, ik zit niet te wachten, maar dat is dan persoonlijk, op een presentatie van een onderzoeker hoe het model is opgebouwd, want ik zal maar heel eerlijk zeggen, dat interesseert me eigenlijk helemaal niks. De voorzitter: De heer Stephan, kort. De heer Stephan: Heel kort, wat wij verwachten dan van die duiding is heel simpel. Er worden van twee kanten. Nou nou dat is. En er worden van meerdere belang belanghebbende maar ook de gemeente bepaalde althans college bepaalde stelling standpunten ingenomen. Worden bepaalde, er zijn bepaalde wensen die financiële consequenties hebben en wij achten deze stukken van essentieel belang voor de besluiten die de raad daarover gaat nemen.
De voorzitter: Oké. Dan staat nog in het rondje. We hebben wat uitgewisseld met elkaar. Ik vraag de heer Drommel wat hij zou willen, de heer Drommel. U klinkt niet heel erg. Als. Probeer het even op een andere microfoon. De heer Drommel: Dan doen we het even zo. Nee. Wist je in ieder geval dat de economische spin-off vaak wordt aangehaald als argument en daarom zien we ook wel de meerwaarde in om dat goed te begrijpen, want in principe is een model natuurlijk, ja ook een mening omhuld met getallen. En het gaat juist om die uitgangspunten die ten grondslag liggen aan die uitkomst die uiteindelijk leiden naar het resultaat. En in het stuk staan wel uitgangspunten, maar die zijn echt ja kwalitatief omschreven juist ja de aannames en uitgangspunten die gebruik zijn in het model, lijkt ons wel nuttig om daar iets dieper op in te gaan, niet zozeer om de uitkomsten van het rapport ter discussie te stellen, maar meer omdat het rapport ook beter te begrijpen. De voorzitter: Dank u wel. Dus u zou een verdiepende sessie fijn vinden. Mevrouw Koper heeft daar al een antwoord op gegeven. U kunt een kleine toevoeging doen. Mevrouw Koper: Een argument eraan toevoegen. Ik heb wel behoefte aan een live bijeenkomst hier hierover. Ook omdat dit ook heel erg leeft in onze gemeenschap natuurlijk van hoe is gegaan .
GroenLinks dat net vragen over duurzaamheid en andere aspecten, maar het gaat om de financiën, et cetera. Ik denk dat we dat ook in de openbaarheid met elkaar moeten bespreken. Dat zou mijn argumentatie ook zijn. De voorzitter: Dan gaan we naar D66, de heer De Graaf. De heer De Graaf: Ik zit er heel erg dubbel in. Ik kan me heel goed voorstellen wat jong Zandvoort en wat OPZ zegt. Aan de ene kant denk ik dat schriftelijk afdoen van vragen met betrekking tot het onderzoek leidt tot het walhalla. Economische spin offs. We zijn allemaal gek als we zeggen dat we nog niet twee jaar doorgaan met de Formule 1. Ik geloof daar niet zo in. Ik geloof ook niet dat dat niet gaat gebeuren wanneer we een onderzoek nog verder gaan lopen uitdiepen. Misschien heel erg struisvogelachtig. Ik sluit me aan bij de meerderheid. Ik ben er om het te bespreken. En als het schriftelijk afgedaan kan worden, dan vind ik dat ook meer dan prima. Dank u wel. De voorzitter: U kiest voor beide opties. De heer Keuning. De heer Keuning: Dank. De hele discussie net gehoord. Kan ik me aansluiten bij mevrouw Kopers voorstel. De voorzitter: Mevrouw de Kopers voorstel. De PVV. De heer Deen: Ja. Voor als ze als ze blijkbaar collega raadsleden zijn die ergens dieper in willen duiken of ergens iets meer willen weten, kunnen ze dat wat mij beter prima agenderen van mij betreft, elke avond wat doen.
En wij bepalen als PVV wel waar we heen gaan of niet, ja. De voorzitter: Duidelijk. ZEE, de heer Gerrits De heer Gerrits: Dank u wel voorzitter. Zoals ik net al aangaf. Wat ons betreft is belangrijk dat we veel meer informatie hebben op dit stuk. Gewoon wat hebben we er netto als gemeente aan, wat betekent het voor de welvaart van Zandvoort en niet alleen voor een aantal grote ondernemers. Vooral ook omdat dat invloed heeft wat mij betreft op ons als gehele raad op wat zijn wij bereid om meer te gaan investeren in circus
bijvoorbeeld de aankomende periode. Of minder, bijvoorbeeld inderdaad die belasting maar heeft eerder over hebben gehad. Dus, wat speelt is ook heel belangrijk om dit onderzoek gewoon ja verder aan te horen en misschien de vragen over te stellen. Ik hoor graag ja of de vraag die ik eerder stelde, zie ik dat graag tegemoet per mail dank u wel. De voorzitter: Oké dank u wel. Jong Zandvoort. De heer Kramer: Ja voorzitter, ik hoopte eigenlijk dat het doel was dat we dan zouden hebben over de retributiebelasting. Ik denk nou dat dat komt dan ter sprake, maar ja ik zie geen nut en noodzaak om aan het onderzoek op deze manier te bespreken. De voorzitter: Dank u wel. Dan de Ouderen Partij. Mevrouw Göransson. Mevrouw Göransson-van Kerkwijk: Voorzitter ik vond dat de PVV het heel mooi verwoordde. De voorzitter: Duidelijk, ik denk dat het ook een mooie verwording is van de mogelijkheid. Ik proef dat er een grote voorkeur is aan mijn linkerzijde om dat om zo'n sessie te houden. En zoals de heer Deen zegt, aan eenieder of die er wel of niet bij wil zijn. Dus wat dat betreft is dat wat dat betreft is dat volgens mij duidelijk. Dan wil ik u vragen of u in termijn nog iets wil bespreken bij het agendapunt. Ik begin bij het CDA. Ik zie daar niets. VVD, Partij van de Arbeid, D66, GroenLinks, ook niet, PVV, ZEE, Jong Zandvoort en de Ouderen Partij.
De heer Kramer: Ja voorzitter, ik ben eigenlijk gewoon helemaal verbaasd, want het staat nu op de agenda en er komen dan geen vragen over ja ik snap niet waarom ik dan hier zit. De voorzitter: Ja het is dan ieder de heer Kramer, om er wel of geen vragen bij te hebben. Ja. Als de commissie geen vraag hierbij heeft geen andere invulling aan dit punt wil geven op dit moment, dan is dat natuurlijk aan u als commissie. U heeft een interruptie. De heer Stephan: Ja zo eerste in feite kunnen de vragen die die ik vandaag heb gesteld, die niet beantwoord konden worden, die kunnen we doorgeschoven naar dat agendapunt dan. De voorzitter: Duidelijk. De Ouderen Partij. Ook niet. 5.
RIB - Voortgang optimalisatie en doorontwikkeling Ondernemers – Innovatiefonds De voorzitter: Dan gaan we door met agendapunt vijf. Dat is de raadsinformatiebrief wat betreft de voortgang optimalisatie en doorontwikkeling Ondernemers en Innovatiefonds. De heer Carre blijft naast mij zitten. Een korte inleiding. Met de raadsinformatiebrief wordt de raad door het college geïnformeerd over de voortgang optimalisatie en doorontwikkeling ondernemers en innovatiefonds. De context. De Stichting Ondernemers Innovatiefonds Zandvoort heeft in 2021 het initiatief nu nomen om het huidige fonds te evalueren en de gemeenten en Ondernemersbelangen Zandvoort OBZ zijn hierbij betrokken. Gezamenlijk is geconstateerd dat er draagvlak is voor voorzetting van het IVZ en het IVZ is een succes. Tegelijkertijd zijn er diverse redenen om het fonds te optimaliseren en door te ontwikkelen. De raadsinformatiebrief is geagendeerd, in dit geval door de Ouderen Partij Zandvoort en ik geef graag als eerst het woord aan mevrouw Göransson. Mevrouw Göransson-van Kerkwijk: Dank u wel voorzitter. Ik heb u allen voorafgaand aan de vergaderingen ‘…’ notitie gestuurd met een aantal bespreek punten daarin en dan niet het doel om op elke vraag namelijk letterlijk het antwoord te geven. Is dat ja of nee? Maar wel met elkaar het gesprek te voeren. En waarom?
Want indertijd hebben in 2017 is het Ondernemersfonds opgericht en daarbij had het een aantal doelstellingen. Dat was over het, zo staat hier ook allemaal in hoor in het stuk, maar onder andere voor promotie werd het ingezet. Even kijken kwaliteitsimpuls verbeteren van Zandvoort brede evenementen, inzet promotie. En lag wel heel erg in de promotie sfeer. Nu zie je dat er in de tijd was er ook gekozen voor reclamebelasting, dat is expliciete keuze voor gemaakt. En waarom, omdat dan ook eigenlijk diverse partijen die ook zeg maar de baat bij hadden daarin mee zouden betalen. Nu is er een evaluatie geweest en dat gaat een andere kant op. Dat vind ik het wel goed om het hier met als commissie met elkaar te bespreken. Zeker ook omdat er indertijd is afgesproken dat wij als gemeente een verdubbellaar hebben ingezet. Het bedrag werd wat op die manier werd opgehaald via de via de reclamebelasting hebben wij verdubbeld. Dat zou na vijf jaar eindigen. Nou die vijf jaar zijn ondertussen al voorbij, want we zitten nu in het zevende jaar en naar mijn weet is als gevolg van corona, onder anderen is de verdubbellaar nog wel steeds ingezet. Als keuze wordt gemaakt wordt door het ondernemersfonds om een andere richting in te gaan en versterken van het investeringsklimaat als hoofddoelstelling te nemen. Is natuurlijk ook de vraag in hoeverre dat past binnen ons gemeentelijk beleid.
Zeker als ze daarbij de keuze gaan maken. Wat via de OZB, dan ga je ook meer ophalen. Dan moeten we met elkaar ook wel realiseren dat alle niet woningen mee gaan betalen aan dit fonds. Dat betekent dus niet alleen de ondernemers, maar dat kan ook een, niet woning is ook bijvoorbeeld een garagebox. Nou daar zullen de verhalen of de klachten zouden best wel eens een keer bij de gemeente terecht kunnen komen. En dat je ook moet gaan kijken van de groot betalers zullen de grotere bedrijven zijn, als je een gaat kijken richtingen bedrijventerrein, dan kunnen we een aantal opnoemen. Terwijl het revenu in heel veel zaken terugslaan ook wel op een centrum. Waarom zo'n uitgebreide toelichting, omdat ik ook wel graag met u het gesprek er wel eens over wil voeren. En dat werd net al even aangehaald door GroenLinks. We en we hebben het van de week eigenlijk gehad ook bij de sociale basis. Er zijn heel veel partijen zijn met elkaar werkzaam binnen dit vlak. We hebben te maken met Zandvoort marketing, we hebben te maken met Zandvoort Beyond, we hebben het te maken met het ondernemersfonds. En daar nou ja.
Op de een of andere manier subsidiëren wij die in, vaak in ruime en behoorlijke mate maar in hoeverre overlappen de activiteiten niet en zouden we ook op dit vlak eens moeten gaan kijken of ze niet een vorm van samenwerking zou kunnen zijn, zodat je wat meer effectiviteit zou kunnen krijgen elkaar wat meer aan te vullen. En ook dat we wat meer op resultaten kunnen sturen. Van wat vragen waar nu? Want als iedereen zeg maar het de promotie van Zandvoort in brede zin gaat oppakken, dan loopt het teveel wat ons betreft naast elkaar. En je moet op een gegeven moment ook afvraag of het opplakken van of het ophangen van doeken of het opplakken van stickers, in hoeverre dat nou een taak is of dat je meer naar buiten zou moeten richten. Het is een vrij uitgebreide inleiding, maar daar zaak graag met u als commissie van gedachten over willen wisselen. De voorzitter: Dank u wel. Hierbij is geen vraag aan de wethouder gesteld. En een unicum de wethouder kunnen wellicht iets over zeggen. Ik wil wel nog even de kans geeft ook aan de collega's in de commissie om eventueel nog op dit punt vragen aan de wethouder mee te geven, zodat we die in een keer kunnen behandelen. Ik kijk eveneens naar u en ik zie dat het ook niet het geval is, dan geef ik toch kort even het woord aan de wethouder. Oh ik zie een interruptie van mevrouw of dat een vraag van mevrouw Koper.
Mevrouw Koper: Ja ik beluisterde uw vraag misschien niet goed, want ik wilde mevrouw Göransson wil met ons bespreken en vragen aan de wethouder, nou ik heb alleen als enige vraag aan de wethouder, maar misschien heb ik stuk dan niet goed begrepen. Volgens mij is dit nog intern aan de orde bij de ondernemingsvereniging. Want ik las iets over een bijeenkomst van 14 maart waar alle leden worden gehoord. Dus ik vraag me af of de hele legitieme vraag van mevrouw Göransson niet ja dan kom ik weer met een agendapunt. Dat moet eerst de leden zelf moeten ook wel eerst bepalen of wat het bestuur bedenkt een
goeie koers is voordat ze naar ons toe komen, want als ze het allemaal afschieten hoeven wij dit gesprek niet te voeren met elkaar. De voorzitter: Het is een vraag aan de wethouder. Dus eigenlijk wil ik die ook daar houden en ik zie wel twee interrupties op mevrouw Koper. Mevrouw Göransson. Mevrouw Göransson-van Kerkwijk: Ja, ik wil er wel op reageren. Voorzitter. Het kan wel onderwerp van gesprek zijn bij de ondernemers als het gaat op om de ondernemers om de vorm van inning en het bedrag wat je daarmee ophaalt in de vorm van reclamebelasting of OBZ. Maar het principiële verhaal, vraag erachter ook is. En die stel ik aan u. Hoe staan wij erin als gemeente en dan niet zozeer in de vorm van inning, maar wel ook over het hele principe en samenwerking en de verdubbellaar en dergelijke. Of moet er ook niet een bundeling van krachten komen binnen dat hele veld. Dus dat staat voor mij los van de vorm van hoe de belasting wordt geïnd. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Göransson. Meneer Sukel had ook nog een vraag. De heer Sukel: Ja, en die is eigenlijk wel een wethouder en volgens mij mevrouw Göransson stelt die ook een wethouder en dat staat is nou een punt vier uit uw notitie. Welke toezeggingen zijn vanuit het college gedaan ? Dat vind ik misschien wel een eerste belangrijke vraag die ook meteen voeding geeft aan waar onze ruimte is om dit gesprek aan te gaan.
Want ik absoluut complimenten voor het stuk overigens en voor alle vragen, daar werd ik blij van. Maar ja ik vind dat wel een belangrijke vraag dus in die zin toch een vraag. De voorzitter: Dan heb ik daarmee de inventarisatie uit de commissie gedaan wat betreft vragen. Geef ik het woord aan de wethouder en kom dan bij terug. De heer Carree: Voorzitter Dank u wel en dan begin ik gelijk met de belangrijkste vraag de toezegging van het college. Geen. Er zijn geen toezeggingen van het college. Even een stukje proces. De raad. Wij hebben als gemeente een convenant publieke private samenwerking. Vastgesteld met een actieagenda daaraan en er staat na nadrukkelijk in het convenant als opdracht en actie dat de doorontwikkeling van het innovatiefonds onderzocht gaat worden en dat er draagvlak gemeten, gecreëerd moet worden. De woorden moet u mij even niet op opvatten. Maar dat is waar het op gaat. Aan dat convenant geef ik nu uitvoering samen met OBZ. In die in die publiek private samenwerking zijn we nu de evaluatie gestart, daar is een bureau voor ingehuurd. Dat die evaluatie bestaat uit een aantal processen en een daarvan is eigenlijk afgerond kan ik wel zeggen, dat is welke mogelijkheden zijn er in die publiek private een samenwerking.
Om iets van inning te doen en daar zijn eigenlijk zijn daar drie soorten voor uitgekomen die u in de RIB heeft kunnen lezen met voors en tegens en het is. We zitten nu in het proces dat het de ondernemers OBZ, ja draagvlak aan het meten zijn. Ik ben richting OBZ ben ik heel duidelijk en strikt. Ik ga als gemeente op dit moment in dit proces niks doen, het is aan hen om draagvlak te meten. Waar hebben de ondernemers behoefte aan, want in basis, maar dan zeg ik wel even heel nadrukkelijk, in basis is het individueel geld van de ondernemer die wij als gemeente in een, maar die collectief voor de ondernemers weer ingezet wordt. Dus ik vind in basis dat dat ook het draagvlak en welke richting ze op willen, nou in basis primair, ik hoor mezelf steeds dat woordje basis zeggen. Bij de ondernemers liggen. Welke richting willen hun op, omdat het hun individueel geld is wat collectief door hun ingezet wordt. Dat is het proces waar we nu in zitten. De bal ligt echt bij Ondernemers Belangen Zandvoort, samen met het in innovatiefonds. Ik begreep dat ze u als raad een brief vorige maand gestuurd hebben. Ze hebben een daar ben ik wel over ge geïnformeerd, maar ook daar ben ik verder niet bij betrokken. Ze hebben een informatieavond volgende week, dus ik roep ook echt alle ondernemers op om naar die informatieavond toe te gaan.
In de brief die ook naar u gestuurd is en ik ben afwachtend tot ja ze met een voorstel richting mij als
portefeuillehouder komen en daarna ga ik pas het gesprek met OBZ en het ondernemersfonds aan over welke richting we opgaan en voor mij staan alle richtingen open om het gesprek te starten. De voorzitter: Dank u wel portefeuillehouder. Dat is nu het woord aan de commissie. Er is een duidelijk beeld geschetst en u kunt aan de hand van de notitie van de Ouderen Partij met elkaar van gedachten wisselen. Ik geef het eerst het woord aan de Partij van de Arbeid, mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Ik zit op de eerste rang. Ja nou ik had aan de hand van het de raadsinformatiebrief aan zich nog niet zoveel vragen, omdat ik inderdaad ook de indruk had dat het proces nog zo zit. Ik begrijp wel wat mevrouw Göransson zegt hoor, we moeten het straks in mijn ogen straks, want als er geen draagvlak is dan moeten wij , dan kunnen we het hele ondernemingsfondsen gaan herzien. Ik hoop het overigens niet . Want ik snap heel goed de wens om breed geld op te halen om daar collectief dingen mee te doen. En dan is de vraag voor ons, wat willen wij daarvoor inzetten? Nou zover ben ik eerlijk gezegd nog niet, dus die discussie dat gaat mij nog net even een stap te ver, want dan heb ik andere dingen nodig.
Als ik kijk naar wat ze aan het doen zijn nu aan te kijken naar balans tussen innovatie en structurele uitgaven, behoefte aan meer investeringsruimte en behoefte om meer ondernemers bij de financiering te betrekken, dan kan ik me die wens heel goed voorstellen vanuit de ondernemers. En dan indachtig wat de wethouder zegt over het convenant wat er is. Wachten denk ik dat we deze broedende kip verder niet moeten storen. Maar dat zou mijn visie zijn op de zaak. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Koper. Dan ga ik naar Jong Zandvoort, mevrouw Paap. Aan u het woord. Mevrouw Paap: Ja. Dank u wel voorzitter. Eigenlijk sluiten wij ons volledig aan bij mevrouw Koper. Kan het wel allemaal gaan herhalen, maar het komt bij ons precies hetzelfde. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Paap. De PVV, de heer Deen, aan u het woord. De heer Deen: Ja dank u, voorzitter. Ja ik wil best wel even iets zeggen eigenlijk over een optie die genoemd wordt en dat is de om vooruit of toch maar een beetje vooruit te lopen, want er staat niet voor niks op de agenda. Die koppeling met de OZB, daar hebben wij wel wat moeite mee. Daar ga ik het ook vrij simpel over houden. Wij zijn de Partij voor de Vrijheid en vinden dat ondernemers zelf mogen en moeten kunnen bepalen of ze ergens financieel aan willen bijdragen. In een soort van verplichte constructie die gekoppeld is aan die OZB, kan dat niet.
Dan is die vrijheid weg en daar zijn wij op tegen. We denken ook dat dit fonds dan met name gevuld zal worden door de grotere bedrijven in Zandvoort die zelf ja misschien helemaal niet zoveel profijt hebben van dit fonds, dus ja daar zitten wij in eerste instantie in principe wel even zo in. Of de gemeente die verdubbellaar moet blijven inzetten. Ja. Dat is een belangrijke vraag die straks aan de raad voorligt en daar zullen wij over moeten beslissen. Zo direct. Maar dat is ook pas wat de wethouder ook heel helder schets als die vraag zich gaat voordoen. Ja Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, meneer Deen. Dan ga ik naar de VVD. De heer Drommel. De heer Drommel: Ja dank u wel voorzitter. Nou wij zien in ieder geval wel in dat een aantrekkelijk Zandvoort gunstig is voor alle ondernemers, behalve als je wellicht stille tocht in het duikend wil organiseren. Maar eventjes los staat daarvan. In de raadsinformatiebrief wordt inderdaad wat de wethouder al schetst het, ja benoemd welke mogelijkheden er voorleggen. Wat ons betreft is nu OBZ ook aan zet en ik denk dat de discussie ja die gaat wellicht 14 Maart gevoerd worden in een Blauwe Tram vanaf half 9. Dus, als iemand ook ondernemer is en dan graag over wil spreken. Ik zou zeggen ga er vooral heen want wat ons betreft, ja is de
voorkeur die het OBZ uitspreekt, wellicht niet ook de voorkeur die de ondernemers antwoord hebben dus voor ons nog eventjes ja pas op de plaats wat dat betreft. De voorzitter: Dank u wel, meneer Drommel. D66, de heer de Graaf. De heer de Graaf: Ja voorzitter, Dank u wel. Ik moet u heel eerlijk zeggen dat ik me nog niet echt heel erg verdiept heb in dit onderwerp. Wat ik een beetje begrijp, is dat de Ondernemersvereniging nog zelf een ei moet leggen. Ik begrijp heel goed wat mevrouw Göransson en zegt met betrekking tot de verdubbellaar, je bent nu bezig met een. Je ziet een verandering op gang komen wat de heer Drommel zegt laten we eerst eens even afwachten wat de bijeenkomst tot uiting wat oplevert. Dank u wel en daar wil ik het eigenlijk bij laten en ik wil het ook nog even met mijn fractie uiteraard bespreken, want nogmaals ik zit hier heel erg blank in. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Het CDA, de heer Stephan. De heer Stephan: Ja. Ja eigenlijk de oplegnotitie worden een aantal interessante vragen gesteld, vragen die inderdaad als je het als je een stuk de raadsinformatiebrief an sich leest nog niet zijn gerezen. Maar. Wat collega's ook een beetje aangeven is een beetje ik vind het een beetje lastig om noemen een uitspraak over doen, want ik wil wel mee filosoferen over een aantal punten . Maar tegelijkertijd moet ons ook realiseren.
OBZ moet nog aangeven moet nog vaststellen welk met welke wens zij naar de raad komen. Hè. Daar wordt dus 14 maart over beraadslaagt. Een van drie financieringsmodellen wordt daar nader onderzocht, maar misschien wordt ook wel een heel ander model gekozen en loop ik nou op de feiten vooruit daar wat van te vinden. Dus dat dan gaan we dus een er niks over zeggen maar ik wil tot niet niettemin ook want enkele vragen aan het beantwoordt door de wethouder maar een paar punten van mevrouw Göransson uit de notitie wil ik toch wel even kort iets aangegeven. Ook op omdat dat naar gevraagd werd, toch. Althans de vraag was ook aan ons gericht meen ik. Bijvoorbeeld wat dat u het ‘…’ De voorzitter: De heer Stephan, voordat ik u het woord wil geven zou ik willen vragen of aan mijn rechterzijde het iets stiller mag zijn. Mevrouw en de heer Gerritsen, heer Kramer. Ik hoor u hier praten, waardoor ik de heer Stephan moeilijk versta. Dus als u het iets rustiger wil houden, kan ik de heer Stephan beter verstaan. De heer Stephan, gaat u verder? De heer Stephan: Ik ben blij dat het aan het geroezemoes ligt en niet misschien aan mijn, . Even kijken om meteen toch wat punten concreet op punten op te pakken, die mevrouw Göransson noemt . Er wordt terechte vraag volgens men neergelegd hoe om te gaan met bezwaren van bedrijven die niet instemmen met het fonds.
Hè nou dat volgens mij ook een vraag die denk ik ook je ook in het overleg 14 maart besproken zou worden. Vermoedelijk heeft dat ook weer consequenties voor hoe dit stuk naar ons toe komt, waar wij vervolgens wat van vinden als gemeenteraad. Maar daar hebben wij ook vragen over inderdaad mevrouw Göransson. Hoe om te gaan met de ondernemers die inderdaad eigenlijk ja wel moeten bijdragen en de feitelijk niet voor terugzien, althans naar hun gevoel . Dat want er wordt wel een met zo'n met zo’n OZBconstructie een flink aantal meer bedrijven aangeslagen, waarbij je wel inderdaad de vraag kan stellen, wat volgens mij de heer Deen ook zei, is iedereen daar wel mee eens. Tegelijkertijd is het ook alweer aan de andere kant . Andere kant van het verhaal is de ondernemers hebben natuurlijk ook weer invloed op hoe vanuit op OZB met dat geld wordt omgegaan . De enige vraag die dan weer die wij ons zou moeten afstellen afvragen stellen, is we hebben dan de kleine ondernemers die moeten bijdragen daar ook genoeg gewicht in het OZB, dat zijn wel dingen waar wij wel een ja gevoelig voor zijn en dat dat zou denk ik ook wel mee moeten wegen in onze besluitvorming. Maar nogmaals dat daarmee loop ik dan wel weer vooruit op wat er gaat
besloten worden en wat er daar besproken gaat worden. Even kijken of er nog een ander concrete vraag want is al veel gezegd. Ja ik deel we delen ook de vraag ja die eigenlijk in de eerste plaats stelt, er wordt gesteld dat er behoefte is aan meer kapitaal op een plat te slaan. Maar we missen ook een beetje de uitleg, ja waar het dan om gaat . Wat denkt het om wat denken Ondernemersfonds ook financieel te moeten binnenhalen? En in waarvoor? We hebben daar ook geen concrete plannen voor gezien. U heeft gezien, we hebben vragen gesteld we hebben een als CDA de jaarcijfers opgehaald opgevraagd van het innovatiefonds om eens te kijken van waar wordt het geld nou eigenlijk aan besteed. Maar eigenlijk zien we dat dat dat dat ja te overzien is, dus de vraag is dan, zijn er dan ook eigenlijk aanvragen dan die moesten worden afgewezen, omdat er te weinig geld in kas was . En zo ja, over wat voor initiatieven hebben dan en is er is innovatiefonds dan inderdaad ook wel het geschikte vehikel daarvoor? Dus dat zijn vragen die de ook, maar ook daar lopen we misschien een beetje op de feiten vooruit om dat nu in te vullen. Dus ja, ik ben ik blij met het feit dat dat u die vragen stelt. Maar ja we moeten dat nog eventjes. Zien hoe zicht dat ontwikkeld 14 maart. De voorzitter: Dank u wel, meneer Stephan. Dan ga ik naar GroenLinks, de heer Keuning. De heer Keuning: Ja, dank, voorzitter.
En ik kan het ook niet spannender maken. Helaas. Wij willen ook nog een even de 14 maart afwachten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel meneer Keuning. Dan gaan we tot slot naar, nou niet tot slot. We gaan wel naar ZEE. En daarna naar OPZ als afronding. De heer Sukel: Bedankt. Nou ik gaf straks ook complimenten voor de scherpe notitie in de duidelijke vragen. Ik sluit me ook aan van ja, zijn wij nu degenen die erover moeten beslissen en is dit ja zitten we dan niet tot toch tekort bij mekaar om eens een beetje ook hier een wat bredere visie te hebben, wat vinden we daar dan allemaal van het toerisme de reclame dat soort zaken. Dan vind ik dit weer tekort en misschien ook de structuur niet goed van voorzitter, we gaan dit en zus, heb ik liever een wat meer een open gesprek daarover. Ja de enige vraag die die mij triggerde en helemaal in het begin is, het heet innovatiefonds en dan hebben we het over ‘…’ en ‘hof’ en dat vind ik allemaal niet zo heel en innovatief. Dus ik zou dan als we dan iets gaan doen in ieder geval iets echt innovaties willen zien, maar dat dat kan ook aan mij liggen. Dus ik wacht ook graag af. De voorzitter: Dank u wel meneer Sukel. Dan gaan we tot slot naar de Ouderen Partij Zandvoort. Mevrouw Göransson. Mevrouw Göransson-van Kerkwijk: Nou, ik moet zeggen dat ik eigenlijk een beetje teleurgesteld ben, voorzitter.
En dat heeft niet zozeer te maken van dat, nou dat er komen eigenlijk geen antwoorden. Ik wil proberen. Een discussie heb ik vooraf op tafel willen leggen en wordt toegespitst op de vraag of het om de OZB gaat en wat de ondernemers beslissen. Dat was niet de vraag erachter, want ik heb duidelijk een inleiding gegeven over hoe het ontstaan is geweest van het fonds. Hoe je ziet dat op diverse vlakken diverse partijen met dezelfde zaken bezig zijn. En dat we net als bij het van de week bij de sociale basis, met elkaar het gesprek moeten voeren. Van is dat wenselijk of kan er meer samenwerking gezocht worden? Daar heeft niemand van de partij op gereageerd. Een aantal heeft dat heel kort gedaan. Maar de rest wacht af of wat men daar vindt. Het is wel een publiek private samenwerking in de basis . Die komt voort aan het convenant, waarin wij ook als gemeente een onderzoek financieren, waarin we bijdragen aan de ondernemersmanager, waarbij we diverse instanties, zoals hier genoemd, subsidiëren. En dat betekent dus wel allemaal gemeenschapsgeld en dat vind ik dat een beetje makkelijk van u allen, het spijt me heel erg, om te zeggen we wachten af wat namelijk de
ondernemers gaan beslissen. Want er zit een diepere vraag achter. Dat heb ik proberen uit te leggen en dat wordt niet op ingegaan, dus dat vind ik jammer. Dank u wel. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Sukel. De heer Sukel: Ja bedankt voor deze aanvullingen, mevrouw Göransson. Bedankt ook voorzitter voor het woord te krijgen. Het woord krijgen, zo hoort dat natuurlijk beleefd. Ja daarom ook mijn opmerking van ja ik heb hier liever een op een andere manier een open gesprek over. Ik vraag me af of deze vorm de juiste is, daar worstel ik vooral een beetje mee. Ik vind het. Ik wil er echt serieus dan goed over van gedachten wisselen. Echt dat vind ik de tijd eigenlijk ook met tekort vanavond, want hier zit echt inderdaad veel meer achter en ja misschien ben ik daar dan de enige in samen met u die daar iets verder in we gaan. Dus de vraag aan de rest van de collega's. Bedankt. De voorzitter: Heeft u daar in eerste instantie een reactie op mevrouw Göransson? Nee ik zie je nog een interruptie van de heer Stephan dan. De heer Stephan: Ja mevrouw Göransson. Eerlijk gezegd snap ik dat teleurstelling zijn niet helemaal, want ik heb juist geprobeerd in te gaan op uw vragen, waarvan ik elke keer aangeef niet alle vragen kan ik ook beantwoorden op het moment, omdat dat wat dingen nog voor mij niet helder zijn welke kant opgaat.
Ik heb de vragen die welke komst zo concreet waar mogelijk ook proberen te beantwoorden. Visie zoals wel het voorstaat om toch een beetje een tipje van een sluiten lichte, maar dat had misschien impliciete uit mijn wedervraag verwoord. Ja dat OZB-verhaal en de financiering dat ja dat daar hebben wij al onze vraagtekens bij . Maar dat heeft het ook mee te maken met de besteding van het geld vervolgens dus om als je iets concreter wilt, maar nogmaals ik wil ook niet daar de vergadering kapen, want van om meteen denkt dat ook op bij nou dat OBZ de gemeente die ziet het al helemaal niet zitten, dus we kunnen die vergadering wel schrappen, want dat wil ik ook voorkomen. Maar ja maar men mag dan best weten dat wij wel kritisch naar zullen kijken als het naar de raad komt, want we delen wel met mevrouw Göransson althans iedere valt. Er moet wel goed worden gekeken of dit fonds, wat jaren geleden is opgericht nog wel, laat ik zo zeggen voor de dingen worden aangewend waarvoor bedacht was. En daarom ook mijn vraag. Mijn vraag was aanhakend juist op die vraag mevrouw Göransson stelt, zijn de aanvragen gedaan die bijvoorbeeld hierop moesten worden afgewezen. Waar het bestaat die aanvullende financieringsbehoefte die gesteld wordt. En staan staat inderdaad een meerderheid van ondernemers daarachter.
Dus om eerlijk te zijn die teleurstelling hoop ik niet dat u dat u die mij verwijt, want ik heb echt geprobeerd zo goed als mogelijk op die vragen in te aan. De voorzitter: Dus uw vraag is aan mevrouw Göransson, of zij hoopt of dat zij het ermee eens is dat dat u niet de teleurstelling heeft veroorzaakt? Als ik het even kort samenvat. Mevrouw Göransson, geen reactie. Dan sluit ik dit agendapunt en dan zie ik nog een vraag van de PVV, mevrouw Koper. De heer Deen: Dank u wel. Ik kan toch niet goed leven. Als ik mevrouw Göransson teleurstelt zou hebben, dan kan ik niet zo goed mee leven. Dus ik als ik het goed begrijp even terug, want ik heb alleen ik ben alleen ingegaan ook op die ouwe OZB-variant, maar ik begrijp het denk ik goed als mevrouw Göransson bedoelt van, zijn er niet te veel partijen met hetzelfde bezig en zou dat dan ook niet kunnen leiden tot een nou ja minder financiële druk op de gemeente? Of dat nou middels subsidies is of anders en daar ben dan ben ik het eigenlijk wel helemaal mee eens want ik zie dat ook wel. We zien ook wel zaken die wellicht doublures hebben en we geef hier geld aan daar geld aan daar geld aan. Zoals u, u kent de PVV als een kritische partij op subsidie gebied. Dus wij zijn zeker bereid als dat een antwoord is op uw vraag om daarnaar te kijken. Absoluut.
De voorzitter: En de vraag aan mevrouw Göransson is wederom of ze daar wellicht mee eens is. Ik zie niets. Mevrouw Koper, dan ook een interruptie van uw kant. Mevrouw Koper: Ja nee ik begrijp dat we u teleurgesteld hebben. Dat is natuurlijk geenszins onze bedoeling, maar ik vind wel dat we zo'n discussie ook moeten voeren. Laat daar geen twijfel over staan. Maar eerlijk gezegd denk ik ook dat we dat gaan doen met de toeristische visie et cetera . Hoe gaan we nu de toekomst dingen doen? En ik heb daarvoor wel nodig van welke kant gaat het met elkaar op? Want om nu in het blauwe hiernaar … En dat was meer mijn argumentatie. Maar we komen vast terug. Ik zou de notitie niet wegdoen. De voorzitter: Dan sluit ik hiermee wel het agendapunt. Ik zie dat er geen verdere interesses meer zijn op mevrouw Göransson. Dan schors ik deze vergadering kort voor een sanitaire stop en voor een voorzitterswissel. En neemt mevrouw Göransson zo meteen de hamer van mij over. Voor vijf minuten. 6.
RIB - Gasboringen voor de kust van Zandvoort De voorzitter: Ik heropen de vergadering en we zijn aangekomen bij agendapunt zes, de RIB voor de Gasboringen voor de kust van Zandvoort. En dan ga ik even spieken van het blaadje, en naast me zit wethouder Hendriks als portefeuillehouder. En met deze raadsinformatiebrief wordt de raad door het college geïnformeerd over een boorplatform dat zichtbaar was vanaf de kust en deze raadsinformatiebrief is geagendeerd op verzoek van de fractie van GroenLinks. Vandaar dat ik nu plaats hier heb genomen. En de heer El Gebaly zit nou niet op mijn plek maar wel op een plekje, dus aan u het woord. De heer El Gebaly: Dank u wel voorzitter. De fractie van GroenLinks heeft deze raadsinformatie bij u willen agenderen om eigenlijk een tweetal vragen met u te bespreken. Enerzijds een vraag met de wethouder en anderzijds een vragen over eigenlijk hoe wij hier als commissie als gemeente Zandvoort tegenover staan tegen dit soort ontwikkelingen. Ik zou een korte geschiedenis schetsen en het echt met een namelijk op kort houden. Zoals u weet is een jaar geleden ongeveer er een boorplatform verschenen ter hoogte van het circuit gebied. Daar is een proefboring uitgevoerd. In vak Q10B, naar kijken of het economisch rendabel was om daar gas op te pompen. Daar. Het gaat nogmaals over een proefboring.
Er zijn nu door college middels een raadsinformatiebrief die we nu vandaag behandelen, twee nieuwe proefboringen aangekondigd. Dit keer in het vak Q11B, ter hoogte ongeveer van Noordvoort, het strand gebied dat u wellicht kent. En hierop zijn wij op de hoogte gebracht door de wethouder middels een raadsinformatiebrief. Wij zijn er echter ook achter gekomen dat de informatie dat hier weer een proefboring zou komen, staat ook vermeld in de raadsinformatiebrief is dat dat eerder het college tot de oren is gekomen. Wij vroegen ons dan ook aan het college af, in dit geval aan de portefeuillehouder, of er ook een mogelijkheid heeft bestaan om ons dan ook aan de voorkant te informeren. Bijvoorbeeld de termijn waarop dit nu ter inzage openlag richting het landelijke richting het ministerie van economische zaken, was al voorbij nadat wij werden geïnformeerd. Het was namelijk al eind november bekend dat hier een proefboring keer twee zou plaatsvinden. Dus de vraag aan de wethouder is eigenlijk van, is er een mogelijkheid om ons eerder te informeren enerzijds. Anderzijds, het college schrijft dat ze hebben gekeken of er juridische stappen konden worden ondernomen en dat dat in dit geval een lastige zaak werd. Is er overwogen om dat alsnog te doen om een signaalfunctie af te geven vanuit het college.
En tot slot hoe ziet het college eigenlijk de communicatie in deze met de raad? En dan wat ik net zei is ook een tweede kant aan deze raadsinformatiebrief om deze met u te bespreken en dat heeft er, dat ziet erop toe dat ik ook van u als commissie benieuwd ben hoe u dit soort punt op dit punt nou wil bespreken of hoe wij ons als commissie als Zandvoort kunnen verenigen om dit soort initiatieven in de toekomst te voorkomen. Ik hoef niet te vertellen wat er in Groningen is gebeurd rondom gasboringen, we zien in het Waddengebied ook dat daar de gemeenten zich verenigen om proefboringen en boringen daartegen te gaan.
En wij zijn als fractie benieuwd of u misschien voorstander bent om zich in Zandvoort te verenigen met de kustgemeenten aan weerzijden van Zandvoort ofwel meer kustgemeenten waar dit speelt, op zo'n duidelijk signaal ook aan de ja de bewindslieden in Den Haag af te geven, dat wij als Zandvoort ook niet zitten te wachten op deze gasboringen en proefboringen voor onze kust. Dus dat is eigenlijk de insteek van wat wij met u vandaag willen bespreken en wat met college willen bespreken. U kunt raden hoe geen GroenLinks hierin zit. Wij zijn geen, ja we zijn geen voorstander van deze gasboringen bij ons voor de kust. Wij zien daar veel risico’s aan. Enerzijds natuurlijk de veiligheid wij zien in gas ook geen rendabele oplossing voor de toekomst, dus qua duurzaamheidsaspect vinden wij het ook al niet te verkopen. En tot slot vinden wij het ook op het toeristisch gebied. Wat het college ook beschrijft door een raadsinformatiebrief, ook niet goed voor de gemeente Zandvoort om dit toe te staan. Dank u wel. De voorzitter: Meneer El Gebaly, u heeft een interruptie van de heer Drommel, VVD. De heer Drommel: Ja. Ik sloeg een beetje aan toen ik zei van op duurzaamheidsgebied willen wij geen aardgas, maar ik vraag me af waar de energie anders vandaan moet komen. En we zien nu dat bijvoorbeeld aardgas als LNG elders wordt gepubliceerd geproduceerd en hierheen wordt gebracht.
Alleen de impact die dat heeft ook productie qua vervoer, eventuele additionele methaan emissies, heeft een veel grotere impact op het milieu. Onderschrijft u dat dan niet? De voorzitter: De heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Nou voorzitter. Dat is heel simpel, als we kijken naar aardgas en gas, dan zien wij dat daar in Europa een brede discussie over leeft. In Nederland zien wij gas in dit geval op dit moment niet als een duurzame oplossing voor de voor de energie. Als we kijken naar een land als Duitsland of naar Europees beleid, dan ligt het wellicht weer anders. Als het aan GroenLinks Zandvoort vraagt, is het heel simpel, wij zien gas niet als oplossing. Wij zien eerder ja toch in andere technologieën. We hebben bij de rest ook al aangegeven een tijd geleden dat wij graag willen inzetten op innovatieve nieuwe mogelijkheden qua energie. Kijk daarbij bijvoorbeeld naar Denemarken waarbij getijde energie een oplossing is, iets wat we hier perfect voor de kust zouden kunnen neerleggen. Dus wij zijn daar veel meer de oplossingen in. En niet weer in het teruggrijpen naar fossiele brandstof. En het is een van de redenen waarom wij dit niet willen. Veiligheid is een aspect, toerisme is een aspect, maar zeker ook duurzaamheid. U kent GroenLinks goed. Wat dat betreft. Is daar een van de aspecten. De voorzitter: U heeft wederom een interruptie van VVD, heer Drommel.
De heer Drommel: Ja wij zien ook wel die vergezichten. Alleen de kachel moet ook nu branden, dus we vragen ons af hoe ja de heer El Gebaly zich dat voor zich ziet. De voorzitter: GroenLinks, de heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Nou de kachel moet inderdaad nu branden en wij vinden en dat hebben ook al vaker bij commissie en ook in de raad verteld, dat wij gewoon ook te langzaam zijn met deze transitie. Wat dat betreft moeten wij daar sneller vaart achter zetten. Maar, ik denk niet dat dat het punt is wat we hier bespreken. Het gaat mij hier puur in, om het feit namelijk, die boorplatforms die al tijdelijk voor de kust zijn herrezen en gerezen en die er nu ook weer komen te liggen en ook met de uitwerking daarvan. En ik zei wel tegen de voorzitter dat ik bijna was afgerond. Ik heb nog een vraag aan het college en dat is of er al ja of er al conclusies zijn getrokken uit de eerdere proefboring bij het vak Q10B. Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel. Zijn er vanuit de commissie vragen richting het college? Oh je hebt een interruptie, heeft u nog? De heer Kramer? De heer Kramer: Ja ik heb gewoon een vraag aan de heer El Gebaly. Dat vind ik veel interessanter dan een discussie met de wethouder. Tenminste ik vind de wethouder natuurlijk ook heel interessant. De voorzitter: Maar mijn voor het voorstel zal zijn even voor de discussie want er lagen drie vragen aan het aan het college dat te maken met te laten reageren, om even kort samen te vatten, een signaalfunctie vanaf heden en communicatie in bredere zin. Om daar het antwoord van de wethouder nu op te laten geven, zodat u die kunt betrekken bij uw debat onderling met de vraag van, die GroenLinks ook stelt van, hoe kijkt u eigenlijk aan tegen de proefboring voor de kust. Als vraagstuk. En ziet u ook mogelijkheden om ons te verenigen als raad of als gemeente ook met andere kustplaatsen? Want dat was de tweede vraag die er was. Akkoord? Dan is mijn vraag nu zijn de vraag aan de wethouder nog die nu niet? Ja. Vraag aan het college van de heer Bouberg Wilson OPZ. De heer Bouberg Wilson: Ja voorzitter. Aanleiding van de agendering van de ‘…’ van RIB door GroenLinks. Daarvoor dank. De het volgende, wij lezen een hele duidelijke insteek van het kabinet om met versnelling invulling te geven aan het ontginnen van gas uit de Noordzee.
En dat is in belangrijke mate het geval, we praten over 78 miljard bewezen kubieke meter aangetoond en nog eens 69 miljard kuub wat waarschijnlijk ook nog aanwezig is. Wij lazen dat in geval van aangetoond economisch winbare gasreserves, de daarvoor gebruikte onderzoek put gasput, zal ik maar even zeggen, ook later gebruikt kan worden als productieplatform. En dat betekent dat het zou kunnen dat zou kunnen betekenen, dat er dus twaalf kilometer uit de kust een productieplatform geplaatst zou kunnen gaan worden in de verschillende locaties die daarbij aan de orde zijn. Het is zo dat het dan wel zaak is dat we ons van een positie vergewissen dat wij, als daar sprake van gaat zijn, dat we dan vooruitlopend daarop ons verzekeren van een sterke informatie en uitgangspositie ter verdediging en ter waarborging van de belangen als dat noodzakelijk blijkt. Wij zijn benieuwd naar de insteek van de gemeente op dat punt. Want dusver is het zo, dat speelde in het verleden ook al bij de oppositie die er is gevoerd naar de windparken, zitten wij steeds in een te laat moment dat wij vanuit de gemeente iets onder ondernemen en dat zouden we denk ik, voor de toekomst moeten zien te voorkomen. Ik hoor graag hoe het college dat ziet. Dan lijkt het ons wenselijk dat als er sprake zou zijn van feitelijke gaswinning, dat er een risico van ons komt.
Want we weten dus allemaal wat de risico's van gaswinning kunnen zijn en dat is ook een grote onbekende in dit verband. We weten niet wat die risico's zijn en omdat we dat niet weten kun je maar beter voorbereiden dat die er zijn en dan zou dus een deal risicofonds naar ons idee, goed kunnen zijn. En ik ben benieuwd of dat college die mening deelt. Daarnaast lijkt het ons verstandig ook om een onafhankelijk orgaan op te tuigen voor zover dat niet aanwezig is, om als er redenen aanleiding tot verzoeken tot compensatie komen als gevolg van gaswinning, dat dat dan klaar staat en dat dat orgaan kan toetsen of die gevraagde compensatie terecht is en dat die die ook aan toekennen. Dat bedenk. Dat brengt ons ook tot de vraag aan het college om het op diezelfde manier daarin zit. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Verder geen vraag aan het college? Mevrouw Schrijnemaekers, ZEE. Mevrouw Schrijnemaekers: Nou ben ik even in de war. Ik mag het ook aan de wethouder? De voorzitter: Alleen de vraag nu aan de wethouder en voor daarna is het dat u het gesprek onderling met elkaar heeft.
Mevrouw Schrijnemaekers: Er wordt nu steeds gesproken over proefboringen, maar wat gaat er nou precies gebeuren op het moment dat er wat gevonden wordt? Wat wordt het vervolg in dit traject? De wethouder: Wethouder Hendriks, aan u het woord. De heer Hendriks: Ja. Dank u wel. En ik denk voordat ik echt een specifieke vraag beantwoord dat ik toch een wat algemene toelichting geef op dit proces, want de heer El Gebaly die had het over proef platformen die komen. Dat is niet de stap in het proces waar we nu zitten. Maar ik zal misschien, was raadsinformatiebrief heeft daar niet duidelijk of expliciet genoeg in, maar. Dus waarom nog even schetsen? De hele Noordzee is verdeeld in blokken . Zoals de heer El Gebaly dat noemde, Q10 dat die lijst die kennen we inmiddels denk ik. Door de windmolen discussie die ze op grond van de Mijnbouwwet zijn die zones in principe toegestaan om daar te zoeken naar gas, Maar niet iedereen kan zomaar daar naar gas zoeken, daar zit een hele procedure voorafgaand, namelijk een bedrijf wat wil zoeken naar gas vraagt een vergunning aan om in een bepaald gebied voor een bepaalde periode theoretisch te kunnen zoeken. Dat is wat hier nu gebeurd is een bedrijf heeft voor deze drie vakken een vergunning aangevraagd.
Om daar de komende vijf jaar te zoeken dan komt er vervolgens een hele test, check, door het Ministerie van Infrastructuur, die beoordeeld of dat bedrijf daar geschikt voor is, de technische ‘…’ in huis heeft, financieel solide is, of die tijdzone van vijf jaar reëel is en of de andere gegadigde zijn andere concurrent concurrerende bedrijven die ook zouden willen zoeken. Dat is de vergunning die nu verleend is, dat dit bedrijf op deze drie zones toestemming heeft gekregen. Dat is dus nog niet sprake van boorplatformen of echt het concreet zoeken, alleen maar het recht van dit bedrijf om hier te mogen zoeken. Dat is ook de reden dat ze als college geen juridische stappen hebben genomen, los van het feit dat we nul argumenten zouden hebben om dat te doen. Maar zelfs als je als dat succes van de juridische stappen zouden zijn, wat dus zeer betwist wordt, bereiken we daar alleen maar mee dat hooguit een ander bedrijf daar alsnog kan gaan zoeken. Dus het is niet de discussie die je wilt voeren op dat moment. Het feit dat dit bedrijf heeft natuurlijk die vergunning alleen niet voor niets aangevraagd. Zij zijn voornemens om hier te zoeken naar gas. Dan zullen zij een nieuwe vergunningaanvraag doen, namelijk voor een concrete boortoren op een concrete plek. Daar zit een hele milieueffectrapportage aan vast. Daar zitten weer besluiten van het ministerie aan vast.
En daar hebben wij als belanghebbende als kustgemeenten, zeker bij diegene die wat dichter bij ons liggen, belang in. Bijvoorbeeld een belang op het gebied van veiligheid, een belang op ons zicht op de kust. En daar zullen we met u zoals eerder toegezegd op als antwoord op raadsinformatiebrief van vorig jaar, daar zullen we met u tijdig het gesprek over aangaan. Hoe wij ons verhouden tot activiteiten. Toegezegd is door mijn voorganger een jaar geleden, dat wij de raad betrekken als er dit soort activiteiten voordoen en over onze rol en positie daarin. Nou die toezegging staat nog steeds. Als er zich activiteiten voor gaan doen, gaan we daar tijdig met u het gesprek over aan. Dat is volgens mij de eerste vraag van GroenLinks ook meteen beantwoord de, zijn er conclusies uit de eerdere boringen, die zijn mij niet bekend. Ik zal die bij het ministerie opvragen en als die er zijn zal ik die doorsturen. Jou, de risico's die die worden ook in de raadsinformatiebrief geschreven en die haalde de heer El Gebaly ook aan, op het gebied van veiligheid, op het gebied van toerisme, op het gebied van zicht. Die zien wij ook en die zullen ook in die toekomstige procedure ook van belang zijn.
En ik ben dan zelf niet een voorstander van allerlei juridische procedures, maar van in gesprek gaan met het ministerie om die risico's op tafel te leggen en te zien hoe men die wil minimaliseren of inderdaad en als die niet te minimaliseren zijn, als de risico's zijn de suggesties van de heer Bouberg Wilson daarin mee te nemen van hoe zorgen we dan dat dat we die zekerheid hebben? En dat gesprek dat gaan we aan met het ministerie dat ga ik ook zelf doen als bestuurlijk verantwoordelijke. Dat gesprek wordt op dit moment ingepland dus ik kan nog niet zeggen wanneer dat is. Maar dat zal spoedig zijn. In elk geval is dat is voordat er sprake is van concrete vergunningen voor concrete boortorens. Volgens mij voorzitter heb ik hiermee de vragen die gesteld zijn beantwoord en als dat niet zo is, hoor ik dat graag.
De voorzitter: Mevrouw Schrijnemaekers, ZEE. Mevrouw Schrijnemaekers: En ik had de vraag nog van hé. Er is er zicht op het verloop van als er wel iets over wordt, is daar al meer over bekend? De voorzitter: Wethouder Hendriks. De heer Hendriks: Maar, ik heb dat proberen te schetsen. Er is nu toestemming voor vergunning verleend aan dit bedrijf. Om hier te mogen zoeken. Als men een boorplatform wil bouwen, vraagt men een nieuwe vergunning aan met de hele toets en alles daarbij dat de eerstvolgende vervolgstap is dat dat bedrijf op concrete locaties vergunning aan zou vragen voor proefboringen. Als een proefboring succesvol is, dan zal er wellicht. Ja. Een permanent platform komen en dat hangt allemaal weer … dat is echter nog vijf stappen in de toekomst ‘…’ De voorzitter: U heeft een interruptie van de PVV, de heer Deen. De heer Deen: Dank u wel. Even voor mijn beeld, wethouder. Wij hebben toch helemaal niets met die vergunningen te maken als Zandvoort zijnde of enige invloed daarop. Dat wordt toch alleen maar door de overheid bepaald in Den Haag of heb ik dat mis. De voorzitter: Wethouder Henriks, De heer Hendriks: Dat heeft de heer Deen juist, wij zijn geen bevoegd gezag als het buiten de zes mijlszone is. Het ministerie is beroep bevoegd gezag.
Maar mochten wij niet overtuigd zijn van het gesprek bij het ministerie en bijvoorbeeld wel risico’s zien op het gebied van veiligheid, op het gebied van zicht of welk gebied dan ook, dan kunnen wij net zoals elke organisatie in Nederland tegen vergunningen in beroep, in bezwaar. Maar liever nog daarvoor in gesprek. En dan merk dat ik een stuk een vraag ben vergeten. Hoe zit het college hier inhoudelijk in? Nou, wij willen dat gesprek aangaan met het ministerie over die risico's. Wij zijn geen principieel tegenstander van het boren naar gas op de Noordzee. De heer El Gebaly haalde net Groningen aan, anderhalve week geleden dat onderzoeksrapport gepubliceerd. Ik denk dat daarmee genoeg argumenten zijn om te willen stoppen met het boren naar gas direct onder bebouwd gebied en in Groningen. Vanmorgen werd ik wakker door een nieuws melding op mijn telefoon dat er 81 raketten door Rusland op Oekraïne af zijn gevuurd, dat lijkt me ook weer 81 argumenten om geen gas het willen importeren uit Rusland. Tegelijkertijd hebben we wel nog zeker zolang we in de transitie zitten, een behoefte aan gas en dat zullen dus ergens vandaan moeten halen. En dan lijkt mij gas van de Noordzee, mits dat veilig kan en zonder dat nadelige effecten voor de kust gemeentes heeft, lijkt me dat een prima alternatief.
De voorzitter: U heeft een interruptie van twee partijen, of wilt u met elkaar nu het gesprek aan? De heer El Gebaly: Ik heb ook een interruptie op de wethouder. De voorzitter: Interruptie op de wethouder nog en daarnaast wil, is mijn voorstel dat ze met elkaar het gesprek aangaat. GroenLinks de heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Ja. Want de eerste proefboring is nu ruim een jaar geleden geweest. Ter hoogte van nogmaals het circuit, daar is ook duidelijk afgefakkeld. Heb ik ook zelf kunnen zien, met mijn eigen ogen. Logischerwijs zouden wij daarna ook op de hoogte moeten worden gesteld van de mogelijke uitkomsten
daarvan. Dat heeft ook volgens mij in de raadsinformatiebrief beschreven. Alleen probleem wat daarbij speelde bij de vorige proefboring die wel al echt heeft plaatsgevonden, inclusief boorplatform is dat wij natuurlijk als gemeente niet op de hoogte zijn gesteld op dat moment, dus wij werden eigenlijk als gemeente voor voldongen zaak gesteld dat er opeens een boorplatform voor onze kust stond. Dus de vraag aan de wethouder is, ik vind ben blij dat dat er dus al een dat de wethouder proactief bezig is, dat stelt mij enigszins gerust. Is ook om in dat gesprek echt duidelijk te maken, dat wij ondanks dat ze misschien er helemaal niks mee te maken hebben, omdat dit niet ons vergunningsgebied is. Dat we wel echt proactief willen worden geïnformeerd door de landelijke overheid in dit geval. De voorzitter: Wethouder Hendriks. De heer Hendriks: Ja voorzitter. Vorige keer stond dat boorplatform inderdaad ineens als een verrassing voor onze kust, heeft ook onder andere GroenLinks daar vragen over gesteld. Zijn ook beantwoord door mijn directe voorganger. Naar aanleiding daarvan zijn ook gesprekken met het ministerie geweest, namelijk dat wij als Zandvoort ons overvallen voerden door ineens een boortoren. Het ministerie heeft dat ook erkend en gezegd we hadden jullie explicieter moeten informeren. En hebben dat in dit geval ook concreet gedaan.
Zelfs als het helemaal dat ik net toelicht niet echt een hele expliciete stap is, maar toch een stap die leidt tot daar zijn wij netjes op tijd door het ministerie over geïnformeerd. Ik heb toen aangegeven nou ik wil daar graag over een gesprek en ook daarvoor staat het ministerie gewoon open. Dus die verhouding is echt aanzienlijk verbeterd sinds dat vorige boorplatform. We worden op tijd meegenomen en maken ook van die gelegenheid gebruik. De voorzitter: Dank u wel. Dan stel ik voor dat u nu het gesprek met elkaar aangaat en als u een iets meer behoefte heeft aan een vrije ruimte, dan vind ik dat prima. Meneer Kramer Jong Zantvoord. De heer Kramer: Nou, ook gelet op de tijd voorzitter, lijkt het me ook wel zinvol om voor te gaan. Alleen richting GroenLinks is, is dit in de landelijke politiek ook onderwerp van discussie? Want we zien natuurlijk inderdaad Groningen en het rapport wat er natuurlijk nu ligt en natuurlijk alle risico's die er zouden zijn. Dus ik kan me niet voorstellen natuurlijk heb nog wel een beetje vertrouwen in de overheid dat als ze gaan boren en natuurlijk daar gas wordt gewonnen dat dat natuurlijk wel een aanvaardbaar risico moet zijn, maar ik denk dat u er misschien wat beter in de materie. Dus er ligt vanuit u wat info daarover. De voorzitter: De heer El Gebaly, GroenLinks.
De heer El Gebaly: Als ik kijk naar bijvoorbeeld wat ik net ook al aanhaalde in mijn opening, wordt bijvoorbeeld in het Waddengebied speelde spelen zelfde soort problematiek. Niet per se bij Groningen, maar wel verderop in het Waddengebied waarop de gemeente zich dus al verenigen. Daar is wel contact met landelijk mee, maar nog niet in die zin zover ik heb kunnen vinden dat de landelijke overheid daar ook wel daadwerkelijk iets mee doet. Wijzelf hebben als lokale partij ook al met de Tweede Kamerfractie contact gehad over juist de eerdere gasboring januari 2021. Uit mijn hoofd. Omdat daar aanhankelijk te maken. Daar speelt het wel, maar dat is dus op een partij niveau. We weten zelfs voor mij de wethouder ook net aan ons vertelde, dat landelijk er wordt gezocht naar nieuwe locaties om gas te winnen op zee. Dus wat dat betreft denk ik, maar dat is mijn eigen opinie daarin, dat landelijk juist nu op zoek is naar locaties en dat ze hier locaties aan het zoeken zijn. We weten van huis ook dat hier een heel groot gasveld voor de deur ligt. Dat kunnen we gewoon zien in oude krantenartikelen in oude jurisprudentie wat dat betreft. Dus ik snap wel dat het hier voor de kust plaats zit. Maar dan is het nogmaals de vraag aan deze commissie in hoeverre zouden wij dat als gemeentes Zandvoort willen? Dus dat kan ik toelichten, wat dat betreft op uw vraag.