CConstaterende datZandvoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript - 8 oktober 2024

Raadscommissie 8 oktober 2024, gemeente ZandvoortBij agendapunt: Transcript36.123 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Ik zou willen voorstellen om dit in het presidium of in de accountantscommissie te bespreken, want ik denk dat er wel meer mensen daartegen aanlopen en ik heb wel ideeën voor verbetering. Maar dat is niet belangrijk voor de vergadering nu. Wat wel belangrijk is, is dat er in de tabellen met prestatie- en effectenindicatoren, waar overigens ook een herziening op komt, dank daarvoor, cijfers van 2023 ontbreken. Die zijn wat ons betreft belangrijk om de trend naar de toekomst te kunnen zien. Dus ons verzoek is dat die aangevuld worden en aangeleverd voor de raadsvergadering. Dan graag naar de inhoud, in het algemeen. Het is al gezegd, de financiële positie is sterk verbeterd. De ratio’s zijn meer dan goed. Miljoenen meer in de reserve, hogere inkomsten, maar ook een fikse vertraging in de uitvoering. Zoals het er zelf omschreven staat, de begroting is niet gewoon sluitend, maar hij is dankzij de incidentele baten en lasten zelf ruim sluitend. Dat betekent ruim voldoende geld voor incidentele kosten, zo staat het er. Dat is wat GroenLinks al zei, we zitten goed in ons jasje. Maar is dat ook goed? Wat ons betreft, is het belangrijk uitgangspunt, en dat is en blijft, dat we de voorzieningen, het niveau niet verlagen.

Dat betekent dat ik ook heel graag de vraag aan het college stel, blijft het voorzieningenniveau in deze begroting op peil? En misschien ook gezien de besparing op de jeugdhulp, bent u in staat met deze begroting het voorzieningenniveau op peil te houden? Dat is ons de eerste vraag. Dan kom ik inderdaad bij het staatje woonlasten, waar zowel collega GroenLinks, wat dat betreft zit ik goed, en GroenRechts, VVD, ik zit er lekker tussenin … Partij van de Arbeid heeft met andere partijen vorig jaar bij de begroting het voorstel gedaan om de woonlasten niet boven inflatie te verhogen. Die discussie hebben we bij de begroting gevoerd en bij de Voorjaarsnota weer. Het gaat om de afvalstoffen- en rioolheffing. Het feit dat een groot deel van de bevolking moeite heeft om de eindjes aan elkaar te knopen door oplopende lasten, hoge kosten, kosten van levensonderhoud, de dagelijkse dingen in het leven en de hoge inflatie. We hebben daar met elkaar een amendement voor gemaakt. Dat hebben we ook vastgesteld. De financiële verwerking staat hier keurig in de begroting. Maar wat blijft staan, is de discussie naar de toekomst toe. Dat de kosten gedekt moeten worden, is helder. Maar hoe is wel de vraag, wat ons betreft. Partij van de Arbeid heeft van alles gezocht, maar we komen er niet uit op welk beleid nu gestoeld is dat bewoners dit allemaal moeten betalen.

Dat vragen we dan ook aan het college. Hoe zit dat nu? Waar staat dat we altijd 100 procent kostendekkend moeten doorberekenen aan onze inwoners? Want nogmaals, dat kosten gedekt moeten worden, dat is natuurlijk hartstikke logisch. Maar waarom de bewoners? De koppeling kunnen wij niet vinden. Gezien onze financiële positie, lijkt het ons niet dat wij lasten moeten

verhogen, maar dat we vooral moeten kijken wat we kunnen toerekenen naar waar het thuishoort. Dan gaat het ook om als je kijkt naar afvalstoffenheffing bijvoorbeeld en de kosten die daarbij zijn, wat kunnen we met elkaar doen om de kosten te verlagen? Hoe kunnen bewoners zelf invloed erop uitoefenen? Hoe zit het met het deel van de toerisme? Enfin, ik kan nog wel een halfuurtje vragen stellen, maar u begrijpt vast wel de richting waar ik in wil. Dus graag van het college hier alvast antwoord op. Kom ik er verder in de tweede termijn ook nog wel op terug, verwacht ik. Dan is dat wat mij betreft voor de eerste … Heb ik verder geen opmerking. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik nu naar de overkant, naar Jong Zandvoort. Mevrouw Paap. Mevrouw Paap: Dank u wel, voorzitter. Als eerste willen wij de ambtenaren en het college bedanken voor de begroting van dit jaar. We hebben wel wat kritische kanttekeningen, want hoewel participatie hoog in het vaandel staat, ervaren veel inwoners dat hun invloed op besluitvorming vaak beperkt blijft. In onze gesprekken met jongeren, maar ook met andere inwoners, merken we dat er een gevoel van afstand ontstaat. Mensen hebben het idee dat hun input niet altijd serieus wordt meegenomen in de uiteindelijke beleidskeuzes. Dit kan leiden tot frustratie en een afname van vertrouwen in het bestuur.

Wij vinden dat het proces van burgerparticipatie verder moet worden versterkt, zodat burgers niet alleen meepraten, maar ook daadwerkelijk invloed kunnen uitoefenen op de uitkomsten. Daarnaast is het belangrijk dat we kritisch blijven kijken naar de toenemende bureaucratisering binnen onze gemeente. Terwijl we steeds meer complexe thema's zoals woningbouw, mobiliteit en toerisme moeten aanpakken, zien we dat beslissingen vaak dragen omslachtig tot stand komen. Dit gaat ten koste van de slagvaardigheid van het bestuur. Wij vragen het college om na te denken over hoe we processen kunnen stroomlijnen en minder bureaucratisch kunnen maken, zodat we sneller kunnen reageren op de behoefte van onze inwoners. Als we dan ook kijken naar handhaving, waar onze collega's van de VVD het net over hadden, wij hadden hier ook nog een vraag over met betrekking tot de horecapolitie in de wintermaanden. Vorig jaar is deze namelijk niet aanwezig geweest. We vroegen ons af of dit jaar weer het geval is, of dat we hier wel ruimte voor in de begroting hebben dit jaar. Kon ik namelijk niet terugvinden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De PVV, de heer Van Tiggelen. De heer Van Tiggelen: Dank u wel, voorzitter. Dienstverlening openbare orde en veiligheid, lokale belastingen en heffingen en overhead hebben onze speciale aandacht. Wij zien daar mogelijkheden voor positieve verandering.

Bij de algemene beschouwingen komen we daarop terug. Een voorzetje wil ik nog wel geven. Op zich kennen we deze wethouder als fan van behoedzaam begroten. Op zich een compliment waard, bij deze. Echter, er is fundamenteel wat anders aan de hand. Er is namelijk de prikkel om zuinig te zijn, die is niet bij iedereen gelijk. Nobelprijswinnaar economie Milton Friedman maakte daar in 1981 al melding van. Als je een huishouden hebt, dan geef je geld uit van jezelf voor jezelf. Gaat de energieprijs omhoog en worden de boodschappen duurder, dan ga je kijken, waar kan ik bezuinigen? Je kunt niet ergens belasting gaan verhogen. Je kan gaan staken voor hoger loon, maar dat heeft ook niet altijd het gewenste effect. Wat overheden doen, is geld uitgeven van een ander voor een ander. De prikkel om zuinig te zijn, die is daar niet zo groot. Wij zijn in zijn algemeenheid voorstander van doelmatige besteding van de financiële offers die van de burger worden gevraagd. Het is leuk dat je genoeg centjes hebt en dat de toekomst er ook rooskleurig uitziet, maar de aandacht voor doelmatige besteding, die lijkt ons nog wel voor verbetering vatbaar. De laatst besproken pleinenstudie en de kosten die daarmee samenhangen, vinden we daar een mooi voorbeeld van. Ook bij agendapunt 8c, de cluster fysiek, hebben we nog een mooi voorbeeld daarvan. Wij willen daar gewoon wat meer aandacht voor. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik naar de OPZ, de heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Dank u wel, voorzitter. Wij zullen ingaan op de paragrafen algemeen, programma 6 en programma 7. Ik heb een verzoek, of mijn collega en fractiegenoot ten aanzien van programma 6 een enkele aanvullende opmerking mag maken. De voorzitter: Wat mij betreft, is dat akkoord. De heer Bouberg Wilson: Dank u, voorzitter. Om te beginnen, dank voor de beantwoording van de vele vragen die wij hebben gesteld en voor het opstellen van de begroting. Die begint met de interessante terugblik op de vier durfkapitalisten. Die durfkapitalisten avant la lettre, mag je wel zeggen, die het concept Zandvoort als badplaats ontwikkelden en in een termijn van drie jaar van idee tot uitvoering kwamen. Dat verdient navolging, denk ik. Financieel is voor de komende jaren de begroting sluitend. Dit ondanks het ravijnjaar 2026 waarin en waarna de uitkering uit het gemeentefonds aan Zandvoort structureel met 2,2 miljoen afneemt. In een landelijke uitzondering van 2029 waarin er wel een dekkingsprobleem lijkt te zijn als gevolg van een substantieel minder incidentele baten dan in de voorafgaande jaren. Dan naast zijn er nog consequenties van aan de raad voor te leggen keuzes van een aantal genoemde onderwerpen in de begroting, omdat die nog niet financieel zijn vertaald.

Dan stip ik even aan, de vernieuwing ICT, datacenter, software en techniek, toekomstbestendigheid GBKZ, mogelijk toetreden Cocensus en taakstellingen inzake lastig jeugdzorg, die bij elkaar een flink beslag op de financiële ruimte zullen leggen. Wij vragen het college daarom spoedig, vroegtijdig de mogelijkheden en de financiële ruimte te inventariseren tot het genereren van inkomsten die niet uit belasting komen. Wij zouden daar de wethouder ook om een toezegging voor willen vragen, zodat we zo spoedig mogelijk kunnen besluiten over het voorziene begrotingstekort in 2029 te kunnen dekken. Door dat vroegtijdig te doen, te voorkomen dat er plotseling grote consequenties voor onze burgers zouden ontstaan. In het kader van de financieren hebben wij wel een vraag. Het college geeft een aantal punten aan, zoals hij de financiering wenst te doen. Een punt is de kapitaal lasten van nieuwe investeringen te dekken uit de reserves. We lezen in de stukken dat daar wel nadelen aan zijn verbonden. De financiële ratio wordt kleiner en slechter, zou je kunnen zeggen. De toekomst heb je minder beleidsvrijheid en moet er door minder middelen in de algemene reserve eerder geleend worden met daaraan verbonden rentekosten die op de gemeentelijke begroting zullen gaan drukken.

De vraag is, wij missen eigenlijk in de begroting, we zien wel die keuze die het college ons voorlegt, maar gegeven deze argumenten geen dragende motivering om voor de door het college voorgestelde wijze van financiering te kiezen. Dat verbaast ons. Daar willen wij graag een nadere toelichting op vragen. Als u me toestaat, voordat ik aan programma 6 verder ga, zou ik mijn collega het woord via u, voorzitter, willen geven voor het maken een opmerking. De voorzitter: Ik begrijp goed dat u doelt op de heer Berg die de bijdrage gaat doen voor burger en bestuur. Bij deze. De heer Berg: Dank u wel, voorzitter. Voornamelijk wil ik de projecten even uitlichten. Allereerst dan, wat wij toch wel missen, is tegenwoordig dat er geen kwartaalrapportage van de projecten meer ieder kwartaal naar de raad toekomt en daardoor … De voorzitter: Sorry, mijnheer Berg, ik kijk even rond. Want volgens mij valt dit onder cluster fysiek. De heer Berg: Dat is het nadeel. Ik wil het gerust bij fysiek meenemen, projecten. Maar het staat in het algemeen tot en met pagina … Bladzijde 21 is projecten genoemd. We zouden tot en met pagina 36 onder algemeen nu behandelen. Ik wil het gerust bij fysiek meenemen, projecten, wat u wilt.

De voorzitter: Aan u het woord dan. Dank u wel. De heer Berg: Dank u wel. Dus ik ga verder met projecten. Wij missen de kwartaalrapportages en nu krijgen we weer een aantal dingen opgenoemd. Daar voelen wij een beetje ons op achterstand gezet en blijven er een hoop vragen hangen. Bijvoorbeeld over de watertoren. Dan staat er in het stuk dat het getenderd is. Dan hebben we een vraag gesteld van, de watertoren, volgens ons is dat niet … De kosten kunnen niet helemaal verhaald worden, zo staat het. Dan zeggen we, hoezo kunnen de kosten niet gehaald worden? Dan is de beantwoording, omdat er getenderd is. Volgens mij is het Watertorenplein getenderd, maar niets is bij de watertoren getenderd. Dat was gewoon van de projectontwikkelaar die de watertoren in bezit had en Villa Maris, dus dat project is niet getenderd, maar daar is wel een bestemmingsplanwijziging geweest over … De watertoren die moest gewijzigd worden in woning … Dat mensen er kunnen wonen. Dus waarom is er toen niet een anterieure overeenkomst gedaan om toch de kosten te verhalen? Zo hebben we ook vragen over Entreegebied in Badhuisplein. In beide gevallen staat er dat er wel getenderd gaat worden.

Eigenlijk heb ik het vorig jaar ook, programmabegroting, diverse partijen horen roepen, vindt eigenlijk merendeel van de raad … Die is van mening dat we de woningbouwlocaties, dat we die nu vrij hebben gemaakt en dat daar zo spoedig mogelijk losgekoppeld moet gaan worden en dat we dat gaan tenderen. Maar als ik nu de stukken hier weer lees, dan wordt het op zijn vroegst dat we bijvoorbeeld het Entreegebied het derde kwartaal volgend jaar, de tender gaan uitschrijven. Dus daar zijn we nog ruim een jaar onderweg. Badhuisplein hetzelfde geval, moet eerst stedenbouwkundig plan vastgesteld worden. Maar in ieder geval, het blijft maar lang duren en voor zich uitschuiven. De oproep is om daar toch meer haast van te maken, want het ligt al ruim een jaar leeg, sommige gedeelten al langer dan een jaar. Wij willen dat die woningbouwlocaties sneller worden opgepakt. Curiedexgebied. Er wordt een anterieure overeenkomst getekend, zien we in de beantwoording, met alleen initiatiefnemers, maar lang niet alle. Er is een integraal stedenbouwkundig plan vastgesteld, dat er een integrale ontwikkeling daar zou komen, maar nu gaan we het gefaseerd met initiatiefnemers anterieure overeenkomsten tekenen. Lang niet alle initiatiefnemers met wie er nu gesprek is, wat ik vernomen heb, die zijn niet bij ieder plan betrokken.

Dus een aantal plannen, daar is geen communicatie meer op gang, zijn geen initiatiefnemers voor. Wat dat betreft, maken we ons toch wel zorgen dat het integrale plan een probleem wordt, dat straks, als er maar een bepaald geforceerde wordt afgesloten, dan heb je kans dat er toch bezwaren komen van overige pandeigenaren die niet worden meegenomen op dit moment. Dus wij maken ons toch wel ernstig zorgen dat die geforceerde plan wat er nu getracht wordt af te sluiten, dat dat een remmende factor zal hebben. Daar willen we toch het college voor waarschuwen, om alle partijen weer opnieuw aan tafel te krijgen en wel mee te nemen en niet het alleen aan een aantal initiatiefnemers over te laten. Dan zien we verder nog staan, Noord Boulevard. De urenregistratie, en dat is op bladzijde 25, en dan zien we weer een hele kolom. Vorig jaar in de programmabegroting hebben we al gezegd over de Noord Boulevard dat we die 1000 uren, en toen is een amendement aangenomen, dat we bijvoorbeeld die 1000 uren van de Noord Boulevard, dat we daar eerst eens een onderbouwing voor wilden hebben. Maar wat zien we weer in deze programmabegroting terugkomen? Zien we weer heel veel uren staan over verschillende projecten en we eigenlijk niet eens weten wat er gebeuren gaat, wat het plan is. Dus wat dat betreft, denk ik dat het amendement wat er vorig jaar is vastgesteld, dat het nog steeds geldig is.

Ik snap dus niet waarom de uren nu weer opnieuw worden opgevoerd. Is het benodigd dat we voor hetzelfde onderwerp weer een amendement op deze programmabegroting gaan voorleggen, of hoe ziet het college dat? Brederodebuurt, een voorbereidingskrediet van 912.000 euro. Ik ben nieuwsgierig wat er gebeuren gaat met de Brederodebuurt en waarom er zo een voorbereidingskrediet van 912.000 euro nodig is. Want wij schrikken ervan. Gebiedsopgave, gebiedsplan is opgesteld op de bladzijde 33 en is een integraal onderdeel van de begrotingsrapportage met betrekking tot uitvoering van actieonderdeel een P&C-cyclus. De vraag die we hebben gesteld, is dat we het graag ook zichtbaar willen hebben en dat we ook het toegestuurd willen krijgen.

Maar het enige antwoord dat we krijgen, dat het een integraal onderdeel is. Maar iedere keer wordt ernaartoe verwezen, maar onze fractie wil gewoon duidelijk, kunnen wij ook de stukken krijgen waar u iedere keer naar refereert? Dan het verkeer uit de kern, bladzijde 34, is opgenomen in diverse programma's, begroting 2025-2029. Maar wat bedoelt het college met, het verkeer uit de kern? Is het verkeer alleen uit de Haltestraat, is het verkeer uit het hele centrumgebied? Wij weten niet waar dat is afgesproken of naar verwezen. We weten alleen dat er is afgesproken dat er een afsluiting van de Haltestraat voor tien weken in de zomer in de avonden is vanaf 17.00 uur ’s middags tot 3.00 uur ’s nachts en dat is maar voor tien weken en dat is niet een definitieve afsluiting. Dus waar iedere keer naar verwezen wordt, het verkeer uit de kern, daar zijn we toch nieuwsgierig naar. Daar wil ik het bij laten. Dank u wel. Geef ik het woord weer terug aan mijn collega. De voorzitter: Dank u wel. Wilt u nog wat zeggen? Ik ga ervan uit dat we door kunnen gaan naar de laatste twee insprekers, of laatste drie. De heer Bouberg Wilson: Voorzitter, ik had al aangegeven dat ik na het betoog van mijn collega met programma 6 en 7 wilde doorgaan. De voorzitter: Aan u het woord. De heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Dank u wel. Inzake dienstverlening.

Er wordt substantieel geïnvesteerd in technologische vernieuwing en in bestuurskracht, met als doel de kwaliteit van de gemeentelijke dienstverlening te verbeteren en om meer zaken te kunnen regelen. Goed dat het klantentevredenheidsonderzoek wordt uitgebreid met het onderzoek onder de bezoekers van de balie. We zijn benieuwd naar de resultaten. Het betrekken van inwoners en ondernemers bij de voorbereiding en het nemen van besluiten kan onzes inziens intensiever en zou meer ondersteunend kunnen worden door het proactief attenderen van onze inwoners en belanghebbenden op zaken die in hun buurt spelen en dus voor hen van belang kunnen zijn. Een vraag aan het college is, op welk wijze kunnen wij als raad het college ondersteunen of bijdragen als raad om de uitvoering te kunnen intensiveren? Openbare orde en veiligheid. Er liggen veel uitdagingen om de veiligheid en leefbaarheid te bevorderen en criminaliteit en ondermijning tegen te gaan. Wij zijn daarom benieuwd hoe de inzet van het actieprogramma Integrale veiligheid en handhaving gericht op ondermijnende jeugdcriminaliteit, overlast en het leefbaar houden van uitgaansleven in 2025 zullen zijn terug te vinden in de cijfers. Maar nu ga ik even in wat mijn overbuurman daarstraks heeft opgemerkt.

Want de handhavingsproblematiek en de problematiek gedurende nacht in het hoogseizoen, maar ook daarbuiten, hebben wij kortgeleden vernomen van inwoners van het LDC-plein, rond het LDC-plein, dwingt ons tot het intensievere dan een enkel incidentele ambtelijke inzet om er ook in de nacht op het strand. Recent hebben wij wat mensen van rond het LDC-plein op bezoek gehad, op hun verzoek, en wij hebben dat nog dit weekend aangevuld gekregen met mensen die tot diep in de nacht daar overlast hebben ervaren. Dus daar speelt echt iets wat aandacht verdient. Gegeven hetgeen wat ook de heer Drommel al aangaf, wat betreft de bemensing van de dienst gedurende nacht, is daar waarschijnlijk toch wel wat verbetering, valt daar te boeken. Dan ten aanzien van programma 7, algemene dekkingsmiddelen en overhead. Goed dat vanaf 2026 de opschalingskorting stopt en dat voor openbaar vervoer, infrastructuur en natuur wordt gekomen tot de nadere concretisering van zowel handelingsperspectief als oplossingsrichtingen. Ook het open einde-deel van de Wmo-regeling wordt beëindigd en maakt plaats voor een meer passende geobjectiveerde vergoeding van de Wmo, die is gebaseerd op de samenstelling van onze vergrijzende bevolking. Lokale belastingen en heffingen.

Het voorzieningenniveau in Amsterdam blijft op peil en de gemeente belastingen worden alleen gecorrigeerd voor inflatie, 3,5 procent, om precies te zijn. De heffing van reclamebelasting is op voorstel van

ondernemers gewijzigd en zal worden geheven op basis van WOZ-waarde. In verband met kostendekkende tarieven moet gerekend worden met extra verhoging, vanwege de invoering van het rioleringsplan in de komende jaren. Algemene dekkingsmiddelen. Geen opmerking over deze paragraaf. De begroting is immers gedekt door structurele baten. Hopelijk leidt de bestemmingscirculaire niet tot grote verrassing of verschuivingen. De wethouder heeft daarstraks al aangegeven dat dat niet het geval is. Waarvan akte. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan hebben we nog drie partijen. Ik begrijp, OPZ heeft ook het CDA geïnspireerd om toch een inbreng te doen. Maar ik wil graag eerst het woord geven aan D66 en ZEE, te beginnen bij D66. De heer Hermsen: Voorzitter, zoals gewoonlijk hebben wij altijd een technische sessie van tevoren om de begroting door te spreken. Een van de dingen die me in ieder geval opviel van deze begroting, dat die significant anders is dan die van de voorgaande jaren. Daar zit in een stukje realistisch begroten, realistisch ramen. Het is fijn dat die suggestie in ieder geval, die door de accountant is aangegeven al een paar jaar achter elkaar en ook door D66, al ruim een jaar of drie, dat die dan wordt overgenomen nu het er echt toe doet. Dat is op zichzelf fijn. De vraag is, hebben wij ook gesteld, is er dan nog ruimte? Die ruimte was er blijkbaar.

Ik heb niet verder kunnen vragen wat die is. Dan doe ik hem ook hier. Waar is de ruimte om de begroting nog bij te stellen naar echt realistisch? Dus graag een reactie van de wethouder welke posten er realistisch geraamd zouden kunnen worden, zodat we echt met een juiste begroting aan de slag kunnen. Verder valt ons ook op dat het weerstandsvermogen 4,4 is. Dat is echt significant absurd hoog. Hetzelfde geldt voor een aantal ratio's, zoals de solvabiliteitsratio. Als ik een winstgevende onderneming was geweest, dan had ik hem kunnen uittellen. Dan was ik echt schathemeltjerijk geweest op dit moment. Dan moet je op een gegeven moment gaan nadenken. wat doen we hier mee? En ik hoor de vraag natuurlijk ook al, het wordt ook al een paar keer gesteld, over lokale lastenheffingen en hoe gaan we daar dan mee om? De VVD geeft dan aan, het moet 100 procent kostendekkend zijn. Maar de manier waarop het dan moet, dat wordt niet aangegeven. Er zijn bijvoorbeeld voor rioolbelastingen ook egalisatiereserves en die kunnen ingezet worden om die kostendekkendheid te bereiken. Ons voorstel, zoals al eerder eens een keer aangegeven, is om ook zo'n zelfde reserve aan te leggen voor de afvalstoffenheffingen.

Die afvalstoffenheffingen overigens die gewoon eigenlijk niet zijn aanbesteed, maar gewoon zijn aangenomen als zijnde een feit, want we zitten toch al in een gemeenschappelijke regeling, dus laten we er dan ook maar voor betalen. Dat zijn van die zaken, daar ben ik het gewoon niet mee eens. Dat is beleid en dat zie ik hier terug en dat is iets wat mij behoorlijk stoort. Wat kun je hier dan aan doen? Op zichzelf ook vrij weinig, want ik heb een beetje het gevoel dat het al in kannen en kruiken is. Dat maakt ook wel voor het eerst dat ik denk, dit is niet mijn begroting. Dan denk ik ook dat ik dit jaar een keer tegen ga stemmen. U hoeft van mij ook geen algemene beschouwing meer te verwachten. Ik ga ook niet meer aangeven wat we wel willen en wat we niet willen. We geven gewoon aan nu elke keer wanneer we voor zijn of tegen. Dit punt hebben we nu ondertussen wel bereikt. Dat gaat ook even over de manier hoe we met elkaar omgaan, maar ook op de manier, zoals de vorige raadsvergadering, als het ging om een agendapunt wat eigenlijk van tafel moest, ook gewoon achterkamertjespolitiek genoemd, in ieder geval onzes inziens. Wat mij betreft, dan haal ik toch nog een stukje aan, en die is wel weer leuk, dat gaat over GBKZ. Dat is ook wel een typisch punt. Dat is de laatste voorzet die ik geef aan dit college. Is een stukje stakeholdermanagement.

Want als we in de GBKZ onderzoeken, of althans, de suggestie wordt gewekt en het klopt, hij staat ook in de begroting van 2024 dat het onderzocht zou worden, het resultaat staat er nu in, en dat zien we dan ook in het collegebesluit, en dan zien we dus dat GBKZ dat er wordt aangevraagd om het te onderzoeken. Wat zegt Bloemendaal en Heemstede? Ze zeggen allebei, dat hebben we liever niet. Wat doet Zandvoort? Wij zien daar wel structurele mogelijkheden om onze kosten te laten halen. Stakeholdermanagement, dat is een term die dit college in ieder geval nog niet heeft gehoord. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nu naar ZEE, de heer Gerrits. De heer Gerrits: Voorzitter, dank u wel. De financiële aandachtspunten die we al tijdens de bespreking van de Najaarsnota hebben benoemd, zijn ook hiervan toepassing wat ons betreft. Toch even om te herhalen, wat betreft ZEE, willen wij gewoon toe naar de 0 euro op onze rekening, los van alle reserves, los van alle fondsen natuurlijk, dat we dus wel weerbaar blijven als gemeente. Ik vond ook de opmerkingen van de PVV over doelmatige besteding heel terecht, want inderdaad, daar ontbreekt het soms nog weleens aan. Ik kan me ook niet onttrekken aan het gevoel, wat ik toch ook een beetje terug horen bij mijn collega van D66, dat wat ik hier ga zeggen, en wij gaan dan wel inbreng doen en wij gaan wel ook zo meteen tijdens de raadsvergadering een uitgebreide toelichting geven, dat we toch een beetje voor spek en bonen bezig zijn af en toe. Want ik heb niet het gevoel dat altijd even goed wordt geluisterd vanuit de coalitie. Vanuit het college soms nog wel, maar vooral vanuit de coalitie vind ik dat zee tegenvallen. Maar tijdens de commissiebehandeling van de begroting willen we ons richten op de punten die voor ons het meest in het oog springen. Die zullen we puntsgewijs doornemen. Op het gebied van de dienstverlening en bestuur vinden we de voortgang nog beperkt.

Vooral missen we als ZEE nog altijd een stukje werkelijke invloed voor inwoners als het aankomt op ingrijpende besluiten betreffende hun omgeving, en dus niet inspraak, maar invloed. Ze mogen echt wat beslissen. Ze hebben wat te vertellen. Zo zouden we bijvoorbeeld willen dat we inwoners laten stemmen over het uiteindelijke ontwerp van het Badhuisplein, mits het zover is. Want er moet nog heel veel gebeuren en het duurt en het duurt. Zijn er ook nog vele zaken die in onze ogen anders kunnen, hebben we ook kritiek geleverd tijdens onze raadsvergadering over de participatieplannen. Hier zullen we tijdens de raadsvergadering dieper op ingaan volgende keer. Waar we ook zorgen over hebben, is de veiligheid in het dorp. Hebben we ook al meermaals aandacht voor gevraagd. Zeker in de zomer en in de nacht. De capaciteit voor nachtelijke handhaving is, zoals aangegeven, simpelweg te beperkt. Ook de veiligheid in de zomer garanderen blijft een heikel punt, ondanks hele goede stappen van het college en iedereen die zich beroepsmatig voor onze veiligheid inzet. Handhaving kan momenteel alleen incidenteel plaatsvinden, zoals tijdens enkele weekenden in het hoogseizoen.

We willen graag van het college weten of er in hun ogen mogelijkheden zijn om de samenwerking met omliggende gemeenten op dit vlak te intensiveren en of slimme technologieën, zoals bijvoorbeeld meer camera's of een toegankelijker meldpunt, hierbij zouden kunnen helpen. Alternatief zijn we benieuwd of wellicht een financiële impuls zinvol zou zijn, en of die dan incidenteel of structureel moet zijn. Verder wilde ik ook nog even terugblikken op het pleidooi van de heer El Gebaly over de Spreidingswet, want daar hebben we natuurlijk ook nogal wat een en ander over te zeggen. De datum komt er inderdaad aan. Er zijn inderdaad brieven gestuurd vanuit het CDK dat we er wat mee moeten. Ik ben eigenlijk ook wel heel benieuwd, ik heb eigenlijk dezelfde vragen die gesteld zijn door de heer El Gebaly van, hoe ziet het college dat op dit moment? Met die naderende datum in ons achterhoofd, 1 november, zitten we toch weer te denken aan aankomende raadsvergadering, opnieuw een eerdere motie indienen die we een tijd terug hebben ingediend met een alternatief plan, wat ervoor gaat zorgen dat er geen azc in Zandvoort komt. Want ondanks dat wij de keuze van het college over de temporisatie nog steeds zeer betreuren, is ZEE wel tegen. Dat is belangrijk om te zeggen. Dan hopen we dat wellicht de coalitie dat dan nog een kans wil geven.

Want ik heb toch het gevoel dat als we nu niks gaan doen en op deze manier gewoon handen af blijven houden, inclusief coalitie dus door niet met een motie voorstel te komen, dat er zo meteen gewoon alsnog een azc is, tegen zin van alle inwoners in, of alle inwoners, veel inwoners, goede correctie. Dat moeten we niet willen met zijn allen, Verder vond ik ook de opmerking over het casinofonds nog heel terecht. Dus die vraag beamen wij ook. Op het gebied van risicobeheersing en weerstandsvermogen lijkt alles stabiel te verlopen. Toch blijven we alert op de flexibiliteit van reserves, zeker gezien de aankomende investeringen in infrastructuur en de veiligheid in het ravijnjaar. Dus dat was hem. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel. Dan, goed, ik wil iets zeggen, maar ik kom er even niet op. Maar dan komen we nu toch bij de inbreng van de heer Stephan, CDA. De heer Stephan: Ik weet wel wat u wilde zeggen, u wilde zeggen, das Beste kommt zum Schluss. De voorzitter: Nee, dat wilde ik zeker niet zeggen. De heer Stephan: Maar ik was even op het verkeerde been gezet aan het begin, want projecten, althans, ik had toch gezegd dat wij wat onderwerpen bij elkaar hebben gezocht waar wat overlap in zit. Maar goed, het past toch wel onder de algemene paragraaf, zoals de heer Berg het ook heeft ingericht. Dus daar wil ik ook graag op die manier een aantal onderwerpen langslopen. Allereerst, dat is misschien kriskras, maar de wethouder schrijft vlijtig mee volgens mij, pagina 12 van de begroting. Daar wordt iets gezegd over, u vraagt onderzoeksbudget voor wat opgaven. U zegt, onder andere hebben we geld nodig voor de stikstofopgave, parkeeropgave en de verkeerscirculatie. U zegt, dat kan niet binnen individuele projecten worden opgelost en moet dus op gemeentelijk niveau worden bekeken. Op zich positief dat u zegt, dat moeten we op een andere manier aanvliegen. Dat is ook eigenlijk iets wat we heel goed begrijpen en eigenlijk niet begrijpen dat het niet eerder zo is aangevlogen. Maar goed dat het in ieder geval alsnog op deze manier wordt benaderd.

Tegelijkertijd, u vraagt voor 2025 al 150.000 euro en daarna structureel 50.000 euro per jaar. Is wel onze vraag, wat zit hier eigenlijk in? Wat krijgen we hiervoor terug? En om het concreet te maken, zit hier bijvoorbeeld ook budget in voor P De Zuid waar u ook mee aan de slag wil? Of ziet het daar weer niet op? Dus dat hoor ik graag wat we hier precies voor terugkrijgen. Iets anders. Het is al een paar keer aangehaald. Realisatie van ambities, pagina 7. Er is onderzoek, even kijken, u zegt, de realisatie van ambities onder druk mede door krappe arbeidsmarkt en u zegt ook op pagina 24 dat vanwege beperkingen in de ambtelijke capaciteit is onder andere bijvoorbeeld de Noord Boulevard blijven liggen. Dan rijst de vraag, ook aangehaald, u zegt, we staan voor behoud van het ambitieniveau, maar kijken naar meer realistische planning. Dat vertaalt zich dus nu in eigenlijk een aantal zaken doorschuiven naar de toekomst. Er is een keuze die dus wordt gemaakt, maar in het kader van beleid, u kijkt dus naar beschikbare capaciteit en zegt, we moeten wat dingen doorschuiven. Dat haakt een beetje in op iets wat we eerder hebben geroepen bij de Voorjaarsnota, moeten we niet een keer de discussie hebben over prioritering? Alleen nou hebben we die discussie niet gehad. U schuift een aantal projecten door.

Ik weet eigenlijk niet of de raad het daarmee eens is, met de gemaakte keuzes, en of er misschien niet ook nog moet worden gekeken naar uitbreiding van capaciteit, als dat de issue is die in ieder geval wordt aangehaald op pagina 7 en 24. Maar goed, dan hoor ik graag ook hoe u tot die keuze bent gekomen om dus te gaan kijken naar doorschuiven in plaats van capaciteitsuitbreiding, als ik het goed heb begrepen. Als laatst nog over de projecten, in die zin. Het komt inmiddels jaarlijks terug, maar er wordt de opmerking gemaakt, waarschuwing over oplopende kosten, als het gaat om de grex. Badhuisplein, aandachtspunt, onder andere, en Entree. We snappen wel dat u die waarschuwing daar geeft, alleen misschien goed om ook een keer eens aan te geven hoe wij daarin staan als CDA. Een positieve grex is voor ons geen doel op zich. Grexen zeggen ons niet zoveel, als het gaat om het geld. Waar wij eerder naar kijken, wat wij belangrijker vinden, ook bij die grex, als het gaat … Daar ben ik weer. Waar wij eerder naar kijken, is naar lange doorlooptijden. Dus grex, het is goed dat u de waarschuwing geeft, oplopende kosten. Maar de betere waarschuwing zou zijn, het duurt lang. Even kijken. Dan bewaar ik de andere punten voor de fysiekcluster. Bedankt. De voorzitter: Dank u wel. Dan kunnen we nu naar de wethouder, de heer Bluijs. De heer Bluijs: Dank u wel.

Veel vragen toch nog, of opmerkingen. Dus ik zal dat beantwoorden en mijn collega's zullen ook een aantal van de vragen of opmerkingen met u bespreken. GroenLinks,

inkomstenverhogingen. Daar maakt u een punt van. Of inkomstenverhoging, volgens mij zijn de inkomstenverhogingen zeer beperkt, eigenlijk alleen maar trendmatige verhoging hebben wij doorgevoerd en zelfs bij een afvalstoffenheffing hebben we de kostendekkendheid teruggebracht naar 88 procent. Dus we zitten onder de kostendekkendheid. Dus ik kan hem niet helemaal plaatsen. Het was een van de items van, als het nodig is en u wil dingen doen, kunt u aan de knop kosten, inkomstenverhoging draaien, maar dat is inderdaad ook mede naar aanleiding van wat u als raad bij de Voorjaarsnota besloot en heeft dat niet plaatsgevonden. Dan lastenverhoging, want dan heeft u wel … U begint dan over lastenverhoging. Volgens mij is dat ook inkomstenverhoging, of u bedoelt iets anders, maar dat is lastenverhoging. Dan zegt u van, en dan moet vooral de toerist meer gaan betalen. Daar komt u mee, maar u komt niet met voorbeelden. Dus dat vind ik een beetje moeilijk te beschrijven. Casinofonds, wat u daaraan haalt, gaan wij daarop inspelen? Daar spelen we al op in, want een van de nieuwe zaken die we aankaarten, is dat bij toerisme, economie en cultuur er wordt gekeken naar een beeldbepalend evenement voor op de lange termijn.

Dus dan hopen we onder andere dat we zorgen dat we juist weer meer met elkaar in Zandvoort gaan doen en dan vullen we misschien voor een deeltje dat gat ook wel op, omdat inderdaad het casinofonds vooral voor evenementen en voor cultuur werd gebruikt. De voorzitter: U heeft een interruptie. De heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Voorzitter, eigenlijk is het wel op de twee punten, drie punten hiervoor. Want ik lees, en dat was de vraag, in de begroting dat er een mogelijkheid bestaat voor inkomstenverhoging. Ik vroeg me af, gezien de begroting, waarom überhaupt nadenken nu over die mogelijkheid. Dat was de vraag aan het college. Toen ging de heer Bluijs verder met punt twee. Dan ga ik die ook meteen in deze interruptie, dan hebben we die mooi afgrond, benoemen. Dat is namelijk betreffende de lasten voor de inwoners. Daarmee sluit ik eigenlijk aan op de vraag van de Partij van de Arbeid. Dus dat was de insteek ook. De voorzitter: De heer Bluijs. De heer Bluijs: Ik ga nog een keer beantwoorden, het was een van de knoppen waar we aan konden draaien, de inkomsten. Daar hebben we vervolgens met u afspraken gemaakt om dat minimaal te doen. Dat heb ik net uitgelegd. Dus dat is meer mijn antwoord daar verder op. Ga ik verder naar de VVD.

De VVD maakt zich dan wel wat drukker over die lokale heffingen en alleen maar inflatie en het is niet kostendekkend en wat gebeurt er dan op termijn? Op termijn moeten we het dus kostendekkend maken, of niet? Als u besluit om bijvoorbeeld, ik noem het voorbeeld, op de 88 procent te blijven, dan zullen we structureel, ik noem het maar even ongeveer ik dacht, 3,5 ton structureel in deze begroting moeten gaan ramen. Aan de andere kant, wat we steeds nu doen, is jaarlijks kijken van, is het nodig om de lasten te verhogen? Omdat wij in die luxepositie zitten dat we over het algemeen voldoende middelen hebben, maken we jaarlijks nu die keuze. Maar die discussie over die kostendekkendheid … En verderop iemand, is er beleid? Ja, het beleid is vastgesteld door deze gemeenteraad dat wij met kostendekkende tarieven werken. Dat is het beleid. Dan kan je zeggen, welke onderbouwing is het? Omdat we kostendekkend moeten zijn, omdat we niet alle kosten op andere manieren kunnen dekken. We proberen kostendekkende tarieven en leges en allerlei zaken te realiseren. Dat is een uitgangspunt wat we al jaren hanteren. Dat is beleidsmatig onderbouwd, omdat we anders geen sluitende begroting krijgen. Want als we niet meer met kostendekkende tarieven gaan werken, dan krijgen we een probleem.

Als je dan kijkt, en dat is vooral ook uw punt, naar draagkracht, dan zeg ik, hou nou dat kostendekkendheid wel goed op hoogte, want er zijn gelukkig genoeg mensen die dat wel kunnen betalen, en kijk dan meer naar waar u voor vraagt van, wat betekent dat dan voor de mensen die minder hebben? Dat is een andere discussie. Maar om de kostendekkendheid telkens te gebruiken om dat te bereiken, lijkt mij niet

verstandig en is ook niet het beleid wat deze wethouder voorstelt en volgens mij in de gemeenteraad ook niet. Als we die discussie nog een keer dienen te voeren, dan kunnen we die voeren. We voeren de discussie ook straks weer natuurlijk bij die evaluatie van dat minimabeleid. Maar ik geef maar even aan, dit is beleidsmatig al goed en dit is volgens mij ook een verstandige keuze om dat op deze manier te blijven benaderen. Dan, even kijken, Partij van de Arbeid verder. Die woonlasten en die ontwikkeling en dat toekomstperspectief. Er vindt, dat heb ik al verteld, een kostenonderzoek nog steeds plaats bij Spaarnelande. Dat hopen we ook ergens binnen nu en één of twee maanden te krijgen. Daar komt een schat aan informatie uit en daar moeten we dan met zijn allen wat mee. Dan is het denk ik ook wel het moment om die discussie te voeren over, wat komt daar dan uit ? Ik heb al eens eerder tegen u gezegd van, uit de cijfers komt naar voren dat relatief in Zandvoort veel restafval is ten opzichte van andere gemeenten. Volgens mij soms wel 20, 30 procent meer. Hoe komt dat dan? En wat doe je er dan mee? En dan kom ik wel bij mevrouw Koper, daar moeten we dan ook misschien met elkaar wel over in gesprek, en ook zeker wel met de burgerij, denk ik ook in gesprek.

Want uiteindelijk vind ik dan wel, als wij meer vuil met zijn allen produceren, blijf ik dan zeggen, dan moeten we dat wel kostendekkend afhandelen. Dan moet je over nadenken, hoe ga je dan die betaling regelen? Maar die discussie gaan we dan hopelijk dan ook wel voeren. Dan wordt ook volgens mij beleidsmatig, maar daar kan de heer Hendriks nog wat zeggen, die komt er straks ook nog wel even op terug. Dan voor mij participatie. Maar dat komt naar voren bij meerdere partijen. Jong Zandvoort, ZEE, en OPZ dacht ik ook, maar allemaal vinden we dat een belangrijk punt. Wij zijn nog bezig om dat beleid om te zetten in meer uitvoering. Hoe gaan we dat doen? Hoe gaan we dat doen ook met communicatie en participatie? Dan zijn er ook nog … Er is nog een amendement waar ik invulling aan moet geven en nog een toezegging die daar ook mee betrekking op … Dus daar komen we mee naar u terug. Dat zal waarschijnlijk niet meer dit jaar in de raad komen, maar ik hoop ergens dat we toch binnen nu en drie maanden daar meer duidelijkheid over kunnen geven. Dan komt er waarschijnlijk toch wel waarschijnlijk een opinienota of iets dergelijks om met u te bespreken, om dat amendement en die toezegging met u te bespreken. Even kijken, verder … Behoedzaam begroten. Deze wethouder altijd behoedzaam … Ik zou ook graag willen dat de projecten sneller gaan en dat we meer uitgeven enzovoort.

Gelukkig zijn we wel met gebouw De Krocht nu begonnen. Dat kunt u zien. Dat kunt u elke dag trouwens volgen. Dat is best wel leuk om te zien. Maar ik zou ook wel willen dat we dat meer en beter doen. Zuinig met het geld omgaan, ben ik het ook helemaal mee eens. Ben ik volgens mij elke dag, dat kunt u weleens navragen, elke dag is deze wethouder daarmee bezig. Men is niet altijd blij met mij, als ik daarmee bezig ben , heb ik weleens begrepen. Dus ik doe er echt alles aan om dat ook voor de gemeente en voor u als raadslid en ook voor de burgers de lasten zo laag te laten, door dat allemaal doelmatig te doen. Maar het kan altijd beter, maar het is een proces waar we echt dagelijks mee bezig zijn. OPZ geeft aan, er zijn nog een aantal … Er zijn altijd een aantal risico's. Die zijn ook wel benoemd. ICT, databeveiliging. Ik kan u zeggen over dat punt dat er waarschijnlijk bij de decemberrapportage daar u over bij wordt gesproken, met ook volgens mij budgetten erbij en wat dat incidenteel en structureel voor Zandvoort gaat betekenen. GBKZ, gaan wij verder met het uitwerken van die businesscase om in dit geval met Cocensus verder te gaan. Dus wij gaan een offerte aanvragen bij Cocensus. Dan komt er uit van wat dan de structurele kosten zijn. Aan de andere kant weten we ook dat we uitkoopsom moeten betalen aan GBKZ, maar dat wordt allemaal aan de voorkant met u besproken.

U neemt uiteindelijk die beslissing, niet de gemeenteraad. Wij hebben alleen het voornemen om het te doen, maar dat kunt u allemaal in het collegebesluit lezen. Dan wordt u daar ook … Waarschijnlijk toch nog voor het eind van het jaar moet daar wat duidelijkheid over komen, dus daar wordt u op uw wenken bediend. Problematiek rond de taakstelling jeugdzorg en alles eromheen. Ik dacht dat de heer Carree daar … Gaat u daar antwoord op geven, mijnheer Carree, over de taakstelling jeugdzorg, wanneer Bruno Bouberg Wilson zich zorgen over maakt en de stand van zaken wil weten en wanneer we dan wel met structurele zaken komen? Eén ding is duidelijk, volgens mij is dat best een ingewikkeld probleem. Dat speelt niet alleen in Zandvoort, maar in de hele regio. Maar dat zult u straks dan ook wel horen. De discussie over inzetten van

kapitaalslasten dekken vanuit reserves. Dat is een mogelijkheid om de financiering te regelen. Dat betekent, feitelijk komt het erop neer dat we middelen, gelden die wij hebben, dus reserves, en die hebben we, inzetten om bepaalde investeringen mee te dekken. Dus dan krijg je, dus je doet een investering van, ik noem het maar 2 miljoen, vervolgens zeg je van, deze investering gaan we doen voor 2 miljoen, we halen dat uit de reserve, we zetten dat in een investeringsreserve, een afschrijving, en dan schrijven dat netjes af. Dat betekent, het voordeel daarvan is dat je geen kapitaallast heb extra, want die worden gedekt vanuit die reserve. Natuurlijk gaat het ten laste van je kapitaal. Maar aan de andere kant hoor ik dat ons kapitaal gigantisch hoog is, dus wij kunnen dat doen. Als we alsnog die investering willen doen en niet op deze wijze, zullen we gewoon ook weer ergens geld vandaan moeten halen. Dus wat dat betreft, is het een keuze. Maar we hebben de ruimte en als je vindt dat je begroting structureel sluitend wil halen, zou je dat kunnen inzetten. Dat hebben we in het verleden ook gedaan. Dat was de strategische investeringsagenda waar we dezelfde systematiek toepasten.

Hadden we 10 miljoen ingestopt en dat hebben we gebruikt om investeringen te doen, wij zijn een diepteinvesteringen, aanvullende investeringen … Dus bijvoorbeeld zeg je dan, normaal zouden we het op een bepaalde manier doen met niveau B, maar we willen meer, zeg je bijvoorbeeld, dan doen we dat gewoon in de afschrijvingen, want dat zijn gewoon vervangingsinvesteringen en het surplus, het extra, doen we vanuit zo’n strategische investeringsagenda. Er komen een aantal investeringen aan, die worden ook aangegeven, zoals de Noordpost vangen, de tweede uitdrukpost die er zou moeten komen, de remisecirculaire hotspot, die vragen behoorlijk … Ik denk dat je zomaar over een investering van 5 à 6 miljoen praat. Ga je die dekken op de manier zoals we dat normaal doen, dan gaan ze direct ten laste van de exploitatie. Dat betekent dat we dus geen sluitende meerjarenraming … Dat moet je wel hebben. Dus je moet met een financieringsplan komen. Dan is dit een van de oplossingen. Het college is erover aan het nadenken, als wij met deze voorstellen komen … Daar komt ook eerst nog een strategisch vastgoednota, die komt volgende maand naar u toe. Dan zullen wij misschien dat instrument moeten gebruiken, maar daar is nog geen beslissing over genomen.

Dus dat misschien naar aanleiding van de toelichting waarom dat er zo nadrukkelijk als een van de knoppen is om aan te draaien om meerjaren sluitend te kunnen blijven opereren? Volgens mij gaat de heer De Kloet in op alle vragen van de projecten. Maar technisch is er wel één ding wat ik niet helemaal begreep, misschien … Dat gaat over de watertoren. Volgens mij staat er bij de watertoren gewoon, geen bestemmingswijziging heeft er plaatsgevonden daardoor, maar wij maken wel wat extra kosten en die zijn niet helemaal sluitend. Dat is wat er staat. Dus iets met een tender, met de watertoren kon ik dat niet begrijpen. Maar misschien dat de heer De Kloet u ook nog wat meer duidelijk gaat geven, maar die viel me vanuit technisch kijkend naar wat er staat wel even op. De voorzitter: U heeft een interruptie in de tussentijd van de heer Berg. De heer Berg: In de beantwoording van de vraag op bladzijde 21 is de vraag gesteld en dan staat er, de vraag over watertoren, geeft u als antwoord, het project is via een tender gegund. Volgens mij is project watertoren niet door een tender gegund, of heb ik het mis? De voorzitter: De heer Bluijs. De heer Bluijs: Maar volgens mij staat echt het goede antwoord gewoon in de begroting op pagina 12 volgens mij. Maar misschien dat de heer De Kloet dat ook nog verder kan uitleggen. Dan, de gebiedsopgave.

Sinds vorig jaar is … Er is een gebiedsopgave gemaakt door het gebiedsteam. Dat is een ambtelijk stuk. Vervolgens is in de begroting 2024 besloten, en het staat ook netjes daar gemeld, als eerste keer van, we gaan het erin zetten, om die gebiedsopgave te vertalen naar de beleidsvelden, want het moet integraal ook aangepakt worden. Dat is gebeurd. Dus ik wil best vragen of daar nog allerlei notities onder liggen. Het gebiedsteam is

jaarlijks bezig met die opgave invulling te geven. Dus die heeft interne stukken van waar ze op moeten sturen, wat ze moeten regelen, maar in principe zorgen wij ervoor dat het integraal gewoon bij de beleidstaken wordt neergezet. Dan benoemen wij dat ook nog even dat dat daaruit komt. We kunnen ook zeggen van, we halen dat weg, want het is gewoon integraal onderdeel van deze programmabegroting geworden. Even kijken. Volgens mij heb ik wel zo een beetje alles gehad. Participatie gehad. Volgens mij heb ik wel mijn punten gemaakt. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er nog … Ik zie eerst nog een interruptie van de heer Hermsen. De heer Hermsen: Voorzitter, ik was eigenlijk al enigszins uit, maar ik dacht, ik zal de vraag nog een keer stellen, want ik heb hem wel gesteld. Dat is ook even de laatste vraag die kan deze wethouder stel met betrekking tot financiën. Maar dat ging over de ruimte in de begroting. Want de controller heeft het aangegeven, dat was denk ik de belangrijkste vraag van het hele betoog, losstaand van de houding en stakeholdermanagement en het niet uitvoeren van beleid et cetera, waar zit die ruimte dan? En wanneer krijgen we dan een begroting die wel klopt? De voorzitter: De heer Bluijs. De heer Bluijs: Volgens mij klopt deze begroting, want een begroting klopt altijd namelijk. Alleen u vindt dat die niet klopt. Dus dat is een groot verschil van mening.

Wij proberen realistisch te begroten. We hebben aangegeven aan welke knoppen bij de Voorjaarsnota we zouden draaien. Dat hebben we gedaan. Dat kunt u terugvinden in de stukken. Daar zult u het dan mee moeten doen. Daar moeten wij het ook mee doen. Als u zegt van, wij zijn de enigste gemeente die op dit moment begrotingen heeft … Die overschotten, kijk je naar het Rijk, die hebben ook allemaal overschotten. Het is gewoon heel lastig om alles goed te begroten. Maar het blijft een begroting. De voorzitter: De heer Hermsen. De heer Hermsen: Voorzitter, dan ben ik toch wel benieuwd waarom dan de staf of de controller iets anders aangeeft dan de wethouder nu aangeeft. Volgens mij zijn we de enige gemeente dan, niet de enigste, misschien dat u Zandvoort heel leuk vindt, maar het is echt de enige, stukje taal is dat … Waar het mij om gaat, is dat op het moment dat iemand dus anders aangeeft, die de begroting opstelt, zegt, er is ruimte, en u zegt, hier moet u het mee doen, en u vindt het dan kloppend. Dus als ik tegenstrijdige berichten hoor, dan ga ik liever uit van degene die hem opstelt, dan degene die hem nu gaat verdedigen. Snapt u wat ik bedoel? Dus het moment dat iemand aangeeft dat er ruimte is, dan ben ik gewoon benieuwd wat die ruimte is. Als u zegt van, dat is niet zo, dan heb ik tegenstrijdig beleid. Dan blijf ik bij mijn standpunt dat het dus niet klopt.

Dan mag ik ervan uitgaan dat het ook niet klopt als er wel ruimte is. De voorzitter: De heer Bluijs. De heer Bluijs: Er is altijd ruimte in de begroting. Daarom geven we op … Dit is structureel sluitend iets tekort. We hebben incidentele middelen die we kunnen inzetten. Daar kunt u mee zeggen van, ik doe het anders. Dat is de ruimte die wordt bedoeld. Dat staat allemaal beschreven. Dus dat staat gewoon allemaal beschreven waar die ruimte dan in zit. U zou dat incidenteel bijvoorbeeld anders kunnen inzetten. Dat is de ruimte die wordt volgens mij bedoeld. Daarom krijg je aan de onderkant die ruimere cijfers te zien. Dat is het verhaal. De voorzitter: Laatste keer, de heer Hermsen.

De heer Hermsen: Voorzitter, ik vraag hem nog één keer. Het ging over realistisch begroten. Het ging niet over de ruimte die onderaan de cijfer, aan de lijst heeft. Het ging erover of er realistisch begroot was en daar was dus nog ruimte. Dat is wat er letterlijk is aangegeven. Dus als u dat nog mij zou kunnen toekomen of iets anders, of misschien is dan datgene wat ik heb gehoord niet de juiste interpretatie, dan hoor ik dat ook graag, dat kunt u dan ook schriftelijk afdoen, maakt mij niet zo heel veel uit, maar het gaat er mij om dat ik wat anders heb gehoord dan u nu voorschotelt. De heer Bluijs: Dan hebt u dat anders gehoord, maar dan zult u met de controller in gesprek moeten, want ik lees het zoals ik het nu lees. Dat die ruimte op die wijze is bedoeld te zeggen. U weet zelf ook wel dat in elke begroting, een begroot getal wil niet zeggen dat dat ook de realisatie is. Maar als wij structureel de zaken ramen volgens de systematiek die we daarvoor hanteren, dan is dat de structureel, de structurele ruimte en er is dus incidenteel ruimte in deze begroting en dat wordt ook aangegeven. Ik heb er verder geen ander antwoord op. De voorzitter: Er zijn nog twee handen opgestoken. Drie, zie ik nu. We beginnen bij mevrouw Koper, dan de heer Bouberg Wilson en daarna de heer El Gebaly. Nee, dit zijn nog steeds … Mevrouw Koper: Dank, voorzitter. Sorry, neem me niet kwalijk.

Het gaat om een vraag waar ik het antwoord niet op gehoord. Ik heb ook niet gehoord of een andere collega dat gaat behandelen, dus ik stel hem nog even. We hebben gevraagd of het voorzieningenniveau op peil blijft met deze begroting, gezien de besparing in de jeugdhulp. De voorzitter: De heer Bluijs. De heer Bluijs: Volgens mij blijft het op peil. U vroeg specifiek naar de jeugdzorg, dus toen dacht ik, daar gaat de heer Carree antwoord op geven. In de jeugdzorg blijft het zeker het komende jaar op peil. U kunt zien dat we zelfs extra middelen vanuit Den Haag hebben gekregen, dus wij verwachten dat dat daar zeker op peil blijft. Voor de rest kunt u het, sorry, lezen in de begroting. Bij alle beleidsterreinen staat aan even wat we ervoor gaan doen. Volgens mij blijven we zeer goed op peil met alle voorzieningen, dus ook in het sociale domein. Maar specifiek voor jeugdzorg is dat dus wel een zorg voor de langere termijn. De voorzitter: Dank u wel. De heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Dank u, voorzitter. Wij hadden gevraagd in verband met wat zaken die nog niet financieel vertaald zijn maar wel aangekondigd en door teruglopende incidentele middelen, om een toezegging om de financiële ruimte te inventariseren tot het genereren van inkomsten die niet uit belasting komen. Ik zou alsnog om die toezegging willen vragen. De voorzitter: De heer Bluijs.

De heer Bluijs: Ik wil dan eerst een keer maar met een been op tafel over dit soort dingen met elkaar praten, want ik heb daar … Misschien heeft u daar wat creatievere ideeën bij als ik, dus misschien moeten we het daar eens een keer over hebben hoe we dat … Ik ben zeer benieuwd. Ik ben altijd voor inkomsten, maar ik ben ook vooral voor dat we dat ook weer uitgeven natuurlijk, maar dat is duidelijk. Dus misschien moeten we daar een afspraak maken of moeten we een keer als partijen om tafel gaan zitten om dit soort dingen met elkaar te bespreken.

De voorzitter: De heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson; Op zich lijkt me dat een heel goed voorstel, voorzitter. Het lijkt me ook wel verstandig om het in wat breder verband te doen, ook al omdat we diverse keren praten over de financiële ruimte die er is en er zijn mensen die vinden dat bedenkelijk, die moet er niet zijn, die moet nul zijn, maar we moeten wel iets denk ik met elkaar afspreken hoe we die financiële ruimte gebruiken. Dat lijkt me inderdaad heel verstandig in breder verband. De voorzitter: Dank u wel. Dan kunnen we denk ik door naar de heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Want, voorzitter, ik had aan alle portefeuillehouders twee vragen gesteld over de samenwerking met college en in dit geval oppositie en vanuit het college zelf. Ik zal het nog even herhalen. Wat verwacht het college het komend begrotingsjaar van de oppositie? En de tweede vraag is, op welke wijze kan het college zelf constructief bijdragen aan de samenwerking tussen college en oppositie? De voorzitter: De heer Bluijs. De heer Bluijs: Ik verwacht dat u zoals altijd constructief bent, en dat is de oppositie over het algemeen in mijn beleving. Wij zullen er alles aan doen om op tijd alles te informeren en met elkaar in gesprek te blijven, en zeker dat we elkaar ook opzoeken op het moment dat we vinden dat we daar het niet met elkaar in zijn.

Dus ook gewoon het informele contact gewoon goed houden. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik naar andere portefeuillehouders. Ik zie de heer Moolenburgh. De heer Moolenburgh: Dank u wel, voorzitter. Dank. Met betrekking tot het punt openbare veiligheid zijn een paar vragen gesteld. Algemeen, een aantal van u hebben aandacht gevraagd voor de capaciteit handhaving. Daar is inderdaad de constatering dat, in de zomer zijn wij zowel overdag als ’s avonds bezet en maar ten dele in de nachten. Dat betreft een aantal nachten waar specifiek ingezet wordt met een bepaalde opdracht. Dat zijn ongeveer tien nachten per jaar die worden benut. Wij zien tegelijkertijd natuurlijk wel dat de avond zich verlengt, het strand langer benut wordt. Dus wat dat betreft de heroverweging om toch vaker in de nacht wat te gaan doen, is zeker aanwezig. In de winter hebben we overdag handhaving en 's avonds niet. Die is 's avonds op afroep beschikbaar. Daar moet de afweging gemaakt worden, is de inzet van extra handhaving proportioneel ten opzichte van het probleem wat 's avonds in Zandvoort is? Ja, er is overlast. Ik wil graag altijd benadrukken dat jeugdoverlast iets wezenlijks anders is dan jeugdcriminaliteit. Zijn twee echt hele verschillende dingen.

Waar boa's inderdaad kunnen optreden met de overlast van jongeren, moet je je afvragen of het structureel hier capaciteit beschikbaar hebben in de avonduren proportioneel is. Ik wil dat graag bespreken hier één keer per jaar met u in het integraal handhavings- en veiligheidsactieplan, wat voorkomt uit het plan wat wij één keer in de vier jaar vaststellen. Ik nodig u altijd graag uit om daar met ons over in gesprek te gaan. Nemen dan politie en handhaving ook mee. We kunnen dit thema nog eens even verder uitdiepen en kijken van, is dat echt wezenlijk iets wat van bijdrage kan leveren of niet? Tegelijkertijd, ik hoor ook mensen die zeggen, misschien kan je ook wel slimmer werken. Ik heb in ieder geval aangegeven dat waar nu nog bijvoorbeeld de zondagochtend vaak onbezet is met handhaving ik hoe dan ook wil dat er zondagochtend capaciteit beschikbaar is op het moment dat het druk is in Zandvoort. Tegelijkertijd, we werken sinds kort ook met specifieke jeugdboa's. Dat zijn boa's die echt met een speciale taak om zich te richten op de jeugd in Zandvoort aanwezig zijn, doen dat overigens wel in aanvulling op de werkzaamheden die ze hebben. We zien nu al in korte tijd dat dat resultaten heeft, omdat de jeugdboa’s heel veel jeugd in het vizier hebben die misschien niet zozeer crimineel gedrag vertonen, maar wel tegen groepen aanleunen die

bijvoorbeeld ze op het verkeerde pad zouden kunnen brengen. We werken daarin, en dat is ook echt het toverwoord, heel nauw samen met zowel jeugdwerk als met de straatwerkers, het Streetcornerwork. Net als op alle punten is echt het uitwisselen van informatie daarbij key. Dat heeft u ook kunnen lezen in het plan van aanpak Ondermijning wat ik u toegestuurd heb, dat ik ook graag met u wil bespreken, omdat er echt wel een aantal specifieke zaken zijn waarbij ik zeg, die samenwerking kan veel beter. We zijn met het geld wat we hebben gekregen van het Rijk en wat uw raad ook ter beschikking heeft gesteld al met een aantal hele concrete acties bezig. Dat levert ook resultaten op. U krijgt binnenkort ook in een technische sessie achter de schermen ook inzicht hoe dat verloopt. Gaan we echt even wat dieper op de casuïstiek in, om te laten zien hoe we dan echt in die samenwerking met die partijen verder stappen kunnen zetten. GroenLinks heeft aandacht gevraagd voor de arbeidsmigranten. Ja, dat staat op het netvlies. Er zijn eigenlijk twee zaken die daarbij spelen. Dat is aan de ene kant de huisvesting van arbeidsmigranten in Zandvoort zelf.

Op het moment dat wij meldingen krijgen, en u heeft ook een concreet voorbeeld in het rapport van het RIEK kunnen lezen, dat we echt op een gegeven moment een heel groot aantal personen in één ruimte aantroffen die veel te klein was, eigenlijk niet bewoonbaar is, dan treden we daar op. Tegelijkertijd, als het gaat om overlast in de openbare ruimte, doen we dat ook. U kunt van mij aannemen, ik heb de afgelopen zomer ook een behoorlijk aantal gebiedsverboden opgelegd van mensen die overlast geven in de openbare ruimte. Dat zijn vaak inderdaad mensen die openbare dronkenschap vertonen met een achtergrond als arbeidsmigrant, vaak mensen die hier wel naartoe zijn gekomen, werkeloos zijn geraakt, op wat voor manier dan ook. Dat zijn verdrietige verhalen, moet ik u zeggen. En tegelijkertijd, we hebben ook wel de middelen om ertegen tegen op te treden. De vraag van Jong Zandvoort met betrekking tot de horecapolitie, wij hebben in de zomer horecahandhaving. De politie is naar mijn weten gewoon in en om de horeca aanwezig, ook in het laagseizoen, zij het dat de frequentie of dat de, hoe heet het, de capaciteit misschien wat lager en de frequentie wat lager ligt, maar zijn in ieder geval wel aanwezig. Dus ik denk dat u bedoelt handhaving. Daarvan heb ik net aangegeven dat in de zomer dat inderdaad wij handhavers beschikbaar hebben. Ik zie een interruptie, mijnheer de voorzitter.

De voorzitter: Dat ziet u beter dan ik. De heer Berg. Sorry. Niet echt. Mevrouw Paap. Mevrouw Paap: Dank u wel, voorzitter. Mijn vraag is dan eigenlijk, wat voor budget zou dan nodig zijn om het handhavingsteam uit te breiden, zodat er wel ‘s avonds handhaving is, ook in het laagseizoen? De heer Moolenburgh: Daar kan ik u een berekening voor doen toekomen. Dat kan ik nu niet uit mijn hoofd toezeggen, maar ik kan in ieder geval aangeven wat dat kost. Het gaat alleen echter niet om kosten, het gaat ook om de beschikbaarheid van mensen. We zien nu bijvoorbeeld in het zomerseizoen dat we echt enorm moeten schrapen om de mensen hiernaartoe te krijgen, dat we dat ook aanvullen met beveiligingsteam, zoals je die ook op de Boulevard ziet staan. Dus ik kan de berekening maken. Maar het staat of valt wel bij ook het feit dat mensen ook beschikbaar moeten zijn om die taken te vervullen in een hele moeilijke en ingewikkelde markt. De voorzitter: U heeft nog een interruptie, die zag ik nu dan wel, van de heer Berg. De heer Berg: Dank u wel, voorzitter. Ik heb toen wel vraag, voordat we weer op een ander onderwerp … Maar die jeugdboa’s, wanneer zijn ze zijn aanwezig? Is dat alleen op afroep? Dan wil ik bijvoorbeeld toch benadrukken dat er op het moment ontzettend veel overlast is van vuurwerk in Nieuw Noord.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14649774/2