CConstaterende datZandvoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript - 6 december 2023

Raadscommissie 6 december 2023, gemeente ZandvoortBij agendapunt: Transcript24.156 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Hardnekkige misverstanden kunnen wij niet oplossen, gezien de totale ongevoeligheid voor relevante en aantoonbare feiten. Wie gaat het dan wel oplossen? Geen mens, maar het klimaat zelf. De volgende periode van Global Cooling zal vanzelf hier een eind aan maken. Even geduld nog. Komt goed, mensen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Göransson, Jong Zandvoort. Mevrouw Göransson: Dank u wel, voorzitter. De punten die wij zelf hadden, hebben we al gehoord bij de verschillende partijen. De bereikbaarheidszienswijzen komt eraan, dat de agenda's niet te groot moeten worden, zoals aangegeven door de VVD en hoe we de zienswijzen moeten gaan kenbaar maken, zoals gevraagd door de heer Stephan van CDA. Al onze vragen zijn al door de rest gesteld. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nu naar de wethouder. De heer Moolenburgh: Dat is al een tijd geleden. De voorzitter: Sorry. Excuus. Onze burgemeester, de portefeuillehouder. De heer Moolenburgh: Dank u wel, voorzitter. En dank u wel voor uw inbreng als raad. Laat ik vooropstellen met te benadrukken dat samenwerken met de buren, en in dit geval onze zeer naaste buren Haarlem Bloemendaal en Heemstede, van ongelooflijk belangrijk is, gezien de opgaven die er liggen gemeenschappelijk. En dat niet alleen. We hebben natuurlijk op heel veel punten gemeenschappelijke belangen, maar die lopen niet altijd parallel.

En juist op dat soort momenten is het ook goed om met elkaar een gezamenlijke agenda te hebben die de basis is van het gesprek wat je voert over datgene waar je misschien van mening niet helemaal overeenstemming hebt. Ik merk dat in de alledaagse praktijk, en dat geldt ook voor mijn collega-collegeleden, dat dat een hele goede basis is van gesprek, waarbij ik heel blij ben dat we dat ook in Zuid-Kennemerland doen. En waar we kunnen zoeken we ook natuurlijk met de IJmond het overleg. En tegelijkertijd de behapbaarheid van Zuid-Kennemerland in de wijze waarop we gemeenschappelijke zaken kunnen aanvliegen, is wat mij betreft een hele goede schaal. Ik ben blij dat de agenda er ligt, zoals hij er ligt. En ik ben ook heel dankbaar voor de inbreng die velen van u hebben gedaan bij de gemeenschappelijke radenbijeenkomsten. En

ik ben het ook volstrekt niet eens met de heer Gerrits als hij zegt van, we hebben relatief weinig inbreng. Wat mij opvalt, is juist dat Zandvoort met relatief heel veel leden aanwezig is bij deze bijeenkomsten en dat er goed naar de Zandvoortse belangen geluisterd wordt. En sterker nog, dat zie ik ook terug in de stukken zoals die er liggen, waar ik het Zandvoorts belang terug zie komen. Ik ben het er niet mee eens. Ik wil hier benadrukken dat ik zelf denk dat wij als kleine gemeente binnen dit gezelschap een enorm grote stem hebben. En dat wil ik bij deze vaststellen en dat wil ik echt weerleggen dat wij geen inbreng hebben op dit punt. En u als raadsleden heeft alle kansen. U heeft uw vertegenwoordigers. U neemt deel aan de raadsbijeenkomsten. Het is uw eigen keuze. En u bent daar inderdaad bij aanwezig. Het is uw eigen keuze om daarbij aanwezig te zijn. En ik ga echt ervan uit dat ook de komende periode in de bewaking van die agenda, zoals hij er ligt, uw betrokkenheid heel groot zal zijn. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Gerrits. De heer Gerrits: Dank u wel, voorzitter. Ik wilde toch iets ophelderen, want er wordt iets weerlegd wat ik niet heb gezegd. Ik heb namelijk gezegd dat ik vind, zoals ik het nu heb ervaren, dat er geen goede representatie is van de verschillende gemeentes.

Heb ik het over alle gemeenten die meedoen aan de regionale samenwerking en dan wat de partij vindt. Ik vind dat er wordt momenteel geen lijn gevolgd die ook in lijn ligt met wat de raden werkelijk willen. Dat is iets anders wat voor invloed wij er zelf op uiten. En dat ligt alles aan de manier waarop de regionale samenwerking op dit moment is ingericht. Dat vind ik iets heel anders. Dank u wel. De voorzitter: De portefeuillehouder. De heer Moolenburgh: Als je kijkt naar de governancestructuur en hoe die verbeterd is, dan kan ik alleen maar zeggen, het feit dat u vanavond over deze agenda praat en dat u inhoudelijk met elkaar ook over deze agenda kan praten en dat dat al vele keren gebeurd is, weerlegt in ieder geval datgene wat u nu zegt. U krijgt als raad alle mogelijkheden. U krijgt alle ruimte en alle wijzen waarop u kan meepraten. U kunt er van alles van vinden. Ik kan ook iets vinden van de inbreng die u nu zojuist heeft gegeven daarover. En wat dat betreft ga ik er gewoon echt van uit dat u op alle mogelijke manieren uw betrokkenheid zal blijven en kunnen tonen. De voorzitter: De heer Gerrits. De heer Gerrits: Dank u wel, voorzitter. Opnieuw toch een kleine reactie, want ik geloof van harte dat het verbeterd is. Het is natuurlijk nog niet heel lang, want ik heb het niet helemaal meegemaakt vanaf het begin.

Maar nogmaals, zoals ik het systeem nu voor me zie, en dat kan ik gewoon ook letterlijk uiteen leggen, ik sta er ook voor open om er een keer een kopje koffie over te drinken eventueel, vind ik het systeem in huidige vorm niet goed of niet goed genoeg. De voorzitter: Wellicht kunnen we deze discussie sluiten. Geef ik het woord wederom aan de portefeuillehouder. De heer Moolenburgh: De heer Gerrits is altijd welkom voor een kopje koffie. Dan zijn er een aantal opmerkingen gemaakt. Niet heel veel, maar ik ga toch even datgene langs, omdat het een aantal waren in de vorm van opmerkingen en een aantal ook nog in de vorm van vragen. Eén vraag is, wij constateren dat u als college een tweetal punten heeft waar u van zegt, alles afpellende, we hebben natuurlijk de inbrengen gehad, de portefeuillehouders hebben overal hun inbreng gehad. Blijven er nog twee aandachtspunten over waarvan we zeggen, die willen wij nog eventjes extra benadrukken. Betekent niet dat wij erop uit zijn om daarmee die hele agenda te wijzigen en ook nog dan weer het hele proces in te moeten. De komende weken vindt er nog

overleg plaats, het coördinatieoverleg. Wat ook echt nog eens eventjes een wrap up doet van alles wat er besproken is. Het is meer dat we zeggen van, de aandachtspunten zoals die hier zijn vastgesteld, zoals we die nu hier even vanuit Zandvoort nog willen aangeven, zijn ook onze leidraad, zoals wij in de komende periode in de gesprekken die wij in Zuid-Kennemerland aan zullen gaan de accenten zullen leggen. Niet dat we zeggen, hier gaan we mee de agenda op de groep gooien. Nee, echt, dit zijn de punten waarvan we zeggen, alles overwegende zijn dit nog zaken die wat ons betreft scherp gewoon geagendeerd moeten blijven worden en scherp gemonitord, dat ons belang daar voldoende in tot uiting komt. Zo is het bedoeld en zo willen we hem ook graag benadrukken. Dan kijk ik nog eventjes, want dat was een belangrijke opmerking. Dan kijk ik nog even dat... De heer Gerrits heeft een aantal opmerkingen gemaakt over tekstuele zaken. Geef ik wel mee natuurlijk, zo'n agenda als dit heeft het ook in zich dat daar over het algemeen gezocht wordt naar termen waar iedereen zich in kan vinden. En tegelijkertijd denk ik ook, met de aanscherping ten opzichte van waar we vandaan komen, dat het stuk een stuk scherper is dan de oude stukken die er lagen. Even kijken. Dan kom ik bij de aangekondigde motie van de heer Bouberg Wilson. Kijk, we praten hier vandaag over de agenda.

Waar u in feite over praat, is ook de wijze van samenwerking. En ik ben het met u eens, datgene wat er gebeurd is rond die nul-emissiezone is wat ons betreft, en u heeft niet voor niets een motie aangenomen, wel een punt om met elkaar het gesprek aan te gaan, hoe ga je met elkaar om op dit soort punten? En ik weet dat de heer Hendriks morgen ook een bijeenkomst heeft van de GR Bereikbaarheid. Ik kijk even. Hij knikt ja. Waar ook al dit punt geagendeerd staat. Eigenlijk al preluderend op in ieder geval datgene wat u ook heeft ingebracht. En dit is wel een punt van gesprek, waarbij één ding in acht genomen moet worden. Dat is, u heeft het over consensus. Als we dat doen, maar dan moeten we echt even zoeken naar de terminologie waarbinnen we dat doen, want dat zou ook kunnen betekenen dat op het moment dat wij, want dat is echt nadrukkelijk ook wel de essentie van deze agenda, onze eigen beleidsvrijheid houden, zoals andere gemeenten dat ook doen. Op het moment dat we het over consensus hebben, dan zou het ook kunnen betekenen dat andere gemeenten iets zouden kunnen blokkeren wat wij zouden willen doorvoeren. En dat is nadrukkelijk niet waar we denk ik ook op uit moeten willen zijn. Het gaat echt even heel nauw om de formulering.

De essentie van wat u bedoelt, namelijk de wijze van samenwerking, vraagt dat je met je buren in contact treedt en dat je goed overlegd hebt op het moment dat er maatregelen genomen worden die een direct effect hebben en die ook bovenlokaal gelden. In dat opzicht ben ik het met u eens en moeten we even kijken denk ik hoe we dat het beste kunnen formuleren. Dan kijk ik nog even. De opmerkingen van de heer Keuning van GroenLinks over bereikbaarheid, volkomen mee eens. En dat zijn ook de punten die we gewoon in de uitwerking mee kunnen nemen. En daar is ook zo'n agenda en een platform het uitgelezen middel. Dat, voorzitter, alles samenvattend zijn volgens mij de punten die zijn ingebracht. En als ik iets vergeten ben, dan hoor ik dat graag. De voorzitter: Ik kijk even rond voor de tweede termijn. De heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Voorzitter, dank u wel. Ik denk dat het zeker van belang is om goed te kijken naar de formulering van hetgeen wij voorstellen. Maar ik wil toch eventjes letterlijk de tekst aanhalen zoals die in de samenwerkingsafspraken met Haarlemmermeer is geformuleerd. Dat slaat op de route N201. Daar staat dat als voor de route N201 Zandvoort, Heemstede, Cruquius, Hoofddorp A4.

Wordt in afstemming tussen de gemeenten Heemstede en Haarlemmermeer bezien welke maatregelen op korte termijn binnen de bestaande weginfrastructuur mogelijk zijn om de doorstroming en de verkeersveiligheid te verbeteren. Als daarover consensus bestaat, wordt er op ingezet deze op zo kort mogelijke termijn door te voeren. Ook de woningbouwplannen met Heemstede en Cruquius worden hierbij betrokken. Met andere woorden, die terminologie consensus komt niet uit de lucht vallen. Die staat in de samenwerkingsafspraken. Maar ik zie dat zeker als een aansporing van de burgemeester om daar nog nauwkeurig naar te kijken. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel. De heer Stephan. De heer Stephan: Twee punten. Allereerst misschien aansluitend op wat de heer Bouberg Wilson zegt. Ik denk als er goed voor wordt gekeken naar de formulering, waarbij we, zoals de portefeuillehouder aangeeft, het niet zo formuleren dat we onszelf in de vingers snijden als wij een keer een punt willen maken, dan kunnen we er ook zeker mee instemmen dat uit te werken. En dan vragen we ook meteen aan de portefeuillehouder, u heeft aangegeven hoe u uw eigen uw eigen punten wilt meenemen. Maar als er toch een motie komt van OPZ, is het een idee om die punten dan ook daaraan mee te nemen of zegt u, dat heb ik niet nodig? Dat is de punten die u zelf voorstelt. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk rond. De heer Gerrits. De heer Gerrits: Dank u wel, voorzitter. Toch nog een kleine opheldering ten opzichte van mijn eerste pleidooi. Ik heb toen volgens mij heel nadrukkelijk aangegeven dat ik er juist altijd bij ben, omdat ik het belangrijk vind om die samenwerking op te zoeken. Ik ben ook heel erg voor een regionale samenwerking. Allemaal niet in de huidige vorm, zoals ik heb aangegeven. Ik denk alleen al dat bij wijze van spreken het contact met de andere raadsleden en de moties en ideeën die daaruit voortkomen ook op een partijniveau veel waarde met zich meebrengen.

Nogmaals, ik heb toch een beetje voel iets wat neigt naar een drogreden dat heel veel collegaraadsleden toch een beetje met een reactie kwamen van, wij zijn heel erg voor. Waardoor lijkt alsof ik tegen ben. Dat ben ik niet. Ik ben wel voor een samenwerking. Alleen de huidige vorm onderschrijf ik niet, omdat, en dat wil ik nogmaals zeggen, de echte grote dingen ontbreken in mijn ogen. Dan heb ik het over misschien kijken of een parkeerlaag bij de IKEA er bovenop kunnen zetten, zodat in de zomer mensen vanaf de trein naar Zandvoort kunnen komen. Dan heb ik het over een hekwerk bij de Zeeweg. Dan heb ik het over het bestrooien van het Visserspad, als het vriest in de winter. Dan heb ik het over een regionaal vervoersbedrijf, regionaal energiebedrijf. De dingen waar je echt de regio voor nodig hebt. Geen gesprekken over, in welke natuurgebieden wel of geen zonnepanelen? Iets wat wij prima op lokaal niveau kunnen bespreken, wat mij betreft. En dat is waar het mij om gaat. En natuurlijk, ik heb net even snel een antwoord gegeven, omdat het mij gevraagd werd door de heer Bouberg Wilson. Helemaal terecht ook natuurlijk. Er zijn natuurlijk veel meer vormen mogelijk waarop je iets zou kunnen met deze samenwerking, om die te verbeteren. Maar ik denk dat er gewoon enorm veel mogelijkheid is om die samenwerking te verbeteren.

Ik denk dat er enorm veel mogelijkheid is om ook beter samen te werken, beter het belang van Zandvoort te vertegenwoordigen. En dat is eigenlijk de kritiek die ik geef op dit stuk. En nogmaals, inhoudelijk, het stuk zit gewoon niet zo goed in elkaar. Het zweeft te veel. Er staat te weinig concreets in. Zelfs voor een stuk wat gaat over richtlijnen, wat ons betreft. En daarom kunnen wij gewoon, nogmaals, niet voor zijn. We hopen dat andere raadsleden daar toch nog naar zouden willen kijken. Verder wilde ik wel ook nog aangeven dat ik van harte de motie van OPZ ga steunen, als hij er komt. Zelfs onlangs we tegen het stuk zijn, want die aanpassingen lijkt ons hartstikke goed. Dat was het. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk nog rond voor de tweede termijn. Ik zie dat er niemand meer is voor de tweede termijn. Het woord aan de portefeuillehouder. De heer Moolenburgh: Dank u wel. Nogmaals, ik blijf erbij dat datgene wat de heer Bouberg Wilson inbrengt, hangt samen met wat we hier bespreken. Maar is echt veel meer een samenwerkingsafspraak dan dat het met deze agenda samenhangt. Tegelijkertijd, het kan een kapstok zijn om hier wel over te praten. Even nog met die vergelijking die u maakt met betrekking tot de samenwerkingsafspraak tussen Haarlemmermeer. Dat ziet toe op een specifieke route, terwijl, zoals u het nu formuleert, zou het echt in algemene zin zijn.

Nogmaals, het vraagt wel dat we er even goed naar kijken hoe dat geformuleerd is om ook niet onszelf in de voet te schieten.

Ik kijk even naar de heer Stephan met betrekking tot die punten. Het maakt onderdeel uit van de beraadslaging, zoals we hier zijn. En dat wordt gewoon meegenomen in de overleggen. Ik ga ervan uit dat dat niet apart in een motie hoeft te worden vastgelegd. En toch nog even naar de heer Gerrits. Kijk, u geeft aan dat u zo graag deelneemt aan deze overleggen. Stel dat u deze agenda niet aan zou nemen, dan zijn er ook geen overleggen meer, want dan vallen wij uit de samenwerking. De gemeenschappelijke agenda die we hebben, biedt het platform om uw inbreng te leveren. Dat wil ik u nog even meegeven. Dank u wel. De voorzitter: Dan zijn we wat mij betreft alweer beland bij agendapunt 10. Excuus. Ik sla een stap over. Ik dacht in het kader van de efficiëntie gaan we doorpakken, maar het wordt toch nog de vraag, is het een hamerstuk of een bespreekstuk? Ik ga ervan uit dat het een bespreekstuk wordt. 10. Propositie Zuid-Kennemerland voor MRA Agenda 2024-2028 De voorzitter: En ik stel voor om door te gaan naar het volgende agendapunt. Agendapunt 10, propositie ZuidKennemerland voor de MRA Agenda 2024 tot 2028. Wederom zit de portefeuillehouder links van mij. Een korte inleiding. De deelregio's binnen de MRA zijn gevraagd om een voorstel te maken als bouwstenen voor de nieuwe MRA Agenda.

Dit voorstel is gebaseerd op de geactualiseerde Zuid-Kennemerland Agenda en op bestaand beleid in de regionale samenwerking Zuid-Kennemerland. En op sommige onderdelen ook met IJmond. Voordat de leden van de commissie het woord krijgen, kijk ik eerst of er insprekers zijn. Dit is niet het geval. Geef ik nu graag het woord aan de leden. Begin ik bij Jong Zandvoort. Mevrouw Paap: Hamerstuk. De voorzitter: OPZ. De heer Bouberg Wilson: Hamerstuk. De voorzitter: ZEE. De heer Gerrits: Wat ons betreft wel een goed stuk. Iets minder uitgebreid pleidooi hier. Enige wat we hopen, maar dat is dan misschien nog iets voor later natuurlijk, is dat er ook meer toch wel nadruk komt op het politieke aspect wat de MRA zou kunnen gaan krijgen om toch wat op een fundamenteler niveau problemen op te lossen. En iets aangezien er nu ook aandacht gaat komen meer voor het sociale aspect van onze economie. Als er dan iets instaat over IA bijvoorbeeld. Het is natuurlijk heel interessant om te gaan kijken in samenwerking met experts op dat gebied, maar ook in samenwerking met mensen die opleidingen verzorgen en dergelijke van, hoe gaan wij het scholenaanbod zo aanpassen, het opleidingsaanbod dat banen die nu al waarschijnlijk vervangen gaan worden binnen een X-aantal jaar, dat daar niet nog massaal gaat worden opgeleid.

Want dan zitten wij zo meteen met een hele grote groep mensen die is opgeleid in iets, die daar geen werk in kunnen vinden. En dat is wel een serieuze zorg voor mij. Zeker in de creatieve sector, de taalsector, administratieve sectoren, zelfs de juridische wereld. Dat is wel iets wat ik nog zou willen meegeven aan het college, die dat een hopelijk weer kunnen door communiceren. Verder een hamerstuk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. PVV. De heer Van Tiggelen: Dank u wel, voorzitter. De in paragraaf 5 genoemde kanttekeningen hebben we in de bijgevoegde stukken niet kunnen vinden. Tenminste niet op het moment dat we daarnaar keken. Misschien

zijn ze later alsnog toegevoegd. Dat weten we niet. Voor de rest veronderstellen we ons standpunt ten aanzien van de MRA ondertussen als bekend. Dat ga ik niet nog een keer herhalen. Hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. Even verhelderend voor mij. De vraag, paragraaf 5, verwacht u daar nog antwoord op van de portefeuillehouder? De heer Van Tiggelen: Nee. De heer Voorzitter: D66. De heer Hermsen: Hamerstuk. De voorzitter: PvdA. Mevrouw Koper: Hamerstuk. De voorzitter: GroenLinks. De heer Keuning: Hamerstuk. De voorzitter: VVD. De heer Drommel: Dank u wel, voorzitter. Ik ga u een klein beetje teleurstellen, omwille van de efficiëntie. Maar ik heb een heel klein punt. We zijn in ieder geval blij om te zien dat onze zorg over wat betreft het faciliteren van het toerisme en dat we dat juist wel willen, dat dat goed is geland in de propositie. Daar zijn we blij mee. En we willen nog de portefeuillehouder meegeven dat wij graag zien dat de MRA vasthoudt aan haar oorspronkelijke takenpakket. Voornamelijk, wat zeg ik, uitsluitend economie, ruimte en mobiliteit. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. CDA. De heer Stephan: Ook wij willen kort een opmerking plaatsen, want ook wij onderschrijven, de heer Drommel zegt terecht, heel goed dat het expliciet terugkomt in het stuk.

Je ziet trouwens ten eerste dat de samenwerking in de regio, waar we in het voorgaande agendapunt over hadden, zich heel mooi vertaald in hoe we als regio binnen de MRA onze stem laten horen. Met de regio zijn we toch nog wat luider dan als gemeente alleen in de MRA. En dan is het helemaal goed om te lezen en ook dat de portefeuillehouder maakte bij het vorige agendapunt het onderdeel, kijk eens hoeveel je als Zandvoort toch inbrengt in het gremium. Er staat expliciet in de propositie, de betekenis van Zandvoort als badplaats. En daar zijn we heel blij mee dat dat zo duidelijk hier naar voren komt. Voor ons ook een hamerstuk. Heeft iets meer woorden gekost, maar dat vergeeft u me wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik nu graag het woord aan de portefeuillehouder. De heer Moolenburgh: Dank u wel. Ik trek even de antwoorden van ZEE en de VVD bij elkaar. Eens. MRA moet zich bij zijn leest houden. Tegelijkertijd is het natuurlijk wel zo dat heel veel van de zaken waar de MRA zich mee bezighoudt. En daar is ook dat thema van die brede welvaart voor benoemd. Hangen direct allemaal met elkaar samen. Ik geef even één voorbeeld. En daar komt ook het punt wat de heer Gerrits inbrengt. Ik was vanochtend vroeg bij een ontbijtsessie op de ambtswoning in Amsterdam over de verbinding tussen mbo en

alle sectoren die in de MRA actief zijn. En je ziet dat daar een hele goede uitwisseling van ideeën is. En daar is de MRA ook in principe een uitstekend platform voor. En daar kwamen ook de zaken naar voren die door de heer Gerrits zijn ingebracht. Je moet ook niet mensen opleiden voor de vakken die straks niet meer bestaan. Maar dan zie je dat het echt in dienst staat van de economische doelstellingen van de MRA. En dan heeft het wel een hele nadrukkelijke link met ook een aantal vraagstukken die in het onderwijs leven. Waar wij ook, met bijvoorbeeld de afspraken die wij met het Airport College in Hoofddorp hebben, weer een inbreng kunnen hebben hoe wij dingen aanpakken. En daar kunnen anderen ook weer van leren. Dat waren de twee punten, voorzitter. Dank. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik rond. Is er iemand voor de tweede termijn? Ik zie dat dit niet het geval is. Kunnen we concluderen dat dit een hamerstuk is? Bij deze. 11. Decemberrapportage 2023 De voorzitter: Dan gaan we voor door naar agendapunt 11, Decemberrapportage. Portefeuillehouder is de heer Bluijs. Die komt aangelopen. Korte inleiding. De Decemberrapportage is een onderdeel van de gemeentelijke Planning en Control cyclus. Deze rapportage bevat financiële afwijkingen ten opzichte van de begroting 2023. Ook is er een verzoek tot overheveling van incidentele middelen. Ik kijk even of er een inspreker is.

Ik zie dat dit niet het geval is. Dan geef ik nu graag het woord aan de leden. En dan begin ik bij de OPZ. De heer Bouberg Wilson: Voorzitter, dank u wel. We hebben ten aanzien van de Decemberrapportage twee opmerkingen. De eerste betreft de herontwikkeling van het circuitgebied. In het coalitieprogramma hebben we besloten in te zetten op de herontwikkeling van het circuitgebied, eventueel in combinatie met de Noordboulevard. Die gebiedsvisie was in 2023 beoogd, maar is nog niet tot stand gekomen. En daarom wordt voorgesteld het bedrag over te hevelen naar 2024. Daar hebben wij moeite mee, omdat wij dan in feite een vrijbrief geven aan het college om de middelen te besteden. En wij zouden graag als raad en ook als fractie eerst, voordat wij budget vrijmaken, de beslissing om dat te doen willen baseren op concrete plannen. En is het ons voorstel om geen budget vrij te geven of over te hevelen naar 2024, maar terug te laten vloeien naar de algemene middelen. En op het moment dat er concrete plannen zijn, die samen met een budgetaanvraag ter accordering aan de raad voor te leggen. En ik vraag aan de wethouder om daar een toezegging te doen. Anders zullen wij een amendement indienen. Dan hebben wij wat technische vragen gesteld, waaronder eentje over het verwijderen van weesfietsen.

We hebben al eerder een opmerking gemaakt over de hoge kosten in verhouding tot hetgeen wat er gebeurt. Voor 303 weesfietsen, die drie maanden moeten worden beheerd, kost het de gemeente 36.000 euro. Oftewel ietsje naar boven afgerond 120 euro per roestige fiets, weesfiets, wrak. Hoe je het noemen wil. Dan komen daar nog bij applicatiekosten van 10.000 euro voor de registratie, beheer en opslag van de fiets voor drie maanden. Voorzitter, we hebben bij ons in de remise een circulaire hotspot en daar zit ook een dagbesteding bij, met een fietswerkplaats, De Verbeelding. Zou het niet een idee zijn om na te gaan of we die hoge kosten kunnen vermijden door een mes aan twee kanten te laten snijden, namelijk kosten terugbrengen en fietsen laten herstellen die wellicht opnieuw een eigenaar te laten vinden. Zodat we de hotspot echt circulair gebruiken en tegelijk bereiken dat die kosten aanzienlijk zullen dalen. Graag de reflectie van de wethouder. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijkt nu naar de overkant. De heer Hermsen. De heer Hermsen: Voorzitter, dank u wel. Het is wonderbaarlijk dat we de begroting vaststellen en dat er dan opeens weer 1,7 miljoen euro bijkomt. Dat is een recordwinst van 3,7 miljoen. Ik heb ook even geteld naar de

belangrijkste ontwikkelingen. Er zitten natuurlijk een aantal dingen bij. Die komen al gauw uit op een bijna kleine 1,9 miljoen euro. Dat doet op een gegeven moment ook wel een beetje denken op het moment dat je dat je gevraagd wordt, nog geen half jaar geleden, om na te denken over bezuinigingen en dergelijke. En dat je dit soort bedragen overhoudt. Wat dat aangaat, hebben we ook best wel wat gelijkenissen met de gemeente Haarlemmermeer. Er wordt net aangehaald over die samenwerking, maar daar is de begroting net zo. Daar komt ook op het laatste moment altijd geld bij en dan hebben ze opeens een begrotingsoverschot. Op de een of andere manier is dat toch een beetje lastig om te begroten, op dit moment. Ik mis toch een bepaalde handvatten hierin. En toch eens een keer de vraag aan de wethouder hoe we dit soort zaken kunnen gaan voorkomen. En dat de stand uiteindelijk toch minder gunstig zal zijn, zal waarschijnlijk blijken uit het feit dat we nog geld moeten gaan betalen bij de jeugdzorg. Maar D66 doet het in ieder geval graag. Dank u wel. Voor de rest hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik nu naar Jong Zandvoort. Mevrouw Paap. Mevrouw Paap: Dank u wel, voorzitter. Wij hebben op zich niet zoveel op- en aanmerkingen aan dit stuk. Wel horen we graag antwoord op de vraag die de heer Bouberg Wilson zojuist de aan de wethouder over de toezegging van de kosten.

Verder is het wat ons betreft een hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. PvdA. Mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Dank u wel, voorzitter. Ik sluit me voor een groot deel aan bij de opmerking van mijn collega van D66 als het gaat om de grote schommelingen die er natuurlijk zijn. Het afgelopen jaar ook weer dat je het ene moment je geconfronteerd wordt met op handen zijnde bezuinigingen. En nu vanaf de begroting zien we al dat het veel positiever is. Reden voor ons ook om bij de begroting uiteraard het amendement lastenverlichting voor onze inwoners in te dienen. En we zien ook dat dat kan. Als je kijkt naar de stand van zaken nu. Maar het blijft heel lastig inschatten. Dat ben ik met mijn collega eens. En zorgelijk is dan de jeugdzorg, wat erin staat in de Decemberrapportage van, we weten nog niet zo goed waar we aan toe zijn. Na de inspraak van vanavond ben ik toch wel bezorgd of we met al het geld wel uitkomen. En ik heb liever dat we dan de rekening krijgen en zorgen dat we de kinderen helpen. Dat. Zo'n vraag zou ik ook het liefst... Maar dat zou een technische vraag zijn. Ik stel hem toekomstgericht, als het gaat om parkeren. Zo doet de baten 864.000 naheffing parkeren bij mij onmiddellijk de vraag stellen, dat gaan we toch weleens een keer met elkaar de volgende keer goed bespreken. Want ik zou dolgraag weten waar dit dan op gebaseerd is.

Hebben we goed gecommuniceerd? Zijn het de bewoners? Die vragen zou ik bij gelegenheid nog op een ander moment beantwoord willen zien. En dat waren de opmerkingen tot nu toe, voorzitter. Verder geen problemen bij dit stuk. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijkt nu naar de VVD. De heer Drommel. De heer Drommel: Dank u wel, voorzitter. Het was voor ons een duidelijk stuk. Daarmee een hamerstuk. Dank u. De voorzitter: Dank u wel. De PVV. De heer Van Tiggelen. De heer Van Tiggelen: Dank u wel, voorzitter. Onze dank voor deze actualisatie. Ten aanzien van de vragen over weesfietsen, gesteld door OPZ, vragen we ons af of deze fietsen wil zijn achtergelaten door de rechtmatige eigenaren. Kunnen we niet een systeem terug laten keren om dat op te lossen. Namelijk postcode

en huisnummer graveren in het frame. Dat moet toch in het huidige computertijdperk mogelijk zijn om een en ander goed te registreren. Dank u wel. De voorzitter: CDA. De heer Bol. De heer Bol: Dank, voorzitter. Hoger positiever resultaat dan aanvankelijk verwacht. En goed punt, interessant punt inderdaad van OPZ met betrekking tot de fietswrakken. Ik ben benieuwd wat daar mogelijk is. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: ZEE. De heer Gerrits: Dank u wel, voorzitter. We willen ons aansluiten bij wat de heer Hermsen van D66 heeft gezegd. Verder is het wat ons betreft een duidelijke actualisatie. Hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk nu naar de wethouder. Excuus. Last but not least, landelijk zijn jullie samen natuurlijk. Het wordt heel ingewikkeld. Maar excuus. De heer Keuning, GroenLinks. De voorzitter: Dank, voorzitter. Het valt op dat we een groot positief resultaat hebben. En dat is iets wat positief lijkt, maar in de ogen van GroenLinks negatief is. We willen nogmaals wijzen op hetgeen wat we ook in de begroting al hebben gedaan. We moeten meer gaan investeren in ons dorp. We moeten dat ook wel verstandig doen. GroenLinks wil graag een deel van dit positieve resultaat inzetten om een onderzoek te doen naar mogelijke terugkeer van De Blauwe Tram naar Zandvoort.

We vinden dat een niet van file afhankelijke verbinding tussen Zandvoort en het station Heemstede-Aerdenhout een goede toevoeging zou kunnen zijn aan de bereikbaarheid van het dorp. We brengen dit juist hier, omdat we het onderzoek willen dekken met het positieve resultaat betreffende de Decemberrapportage. En zijn benieuwd of meer fracties interesse hebben in het meedenken met de motie Blauwe Tram terug in Zandvoort. En dat voor nu. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Interruptie, de heer Drommel. De heer Drommel: Ik ben wel een beetje benieuwd hoe GroenLinks dat precies voor zich ziet als De Blauwe Tram terug moet gaan komen. Ook in het kader van de bereikbaarheid op de fiets en het rolstoel toegankelijk maken van hetzelfde fietspad. De voorzitter: De heer Keuning. De heer Keuning: Goede vraag. Heb ik ook over nagedacht. En daarom is dit ook in onderzoek. Ik weet het antwoord ook niet gelijk. En dan stop ik het toch in onderzoek. Inderdaad moet niet ten koste gaan van natuur of van de bereikbaarheid met de fiets. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nu wel naar de wethouder. De heer Bluijs. De heer Bluijs: Dank u wel. Eerst de opmerking van, we houden heel veel over en het lijkt wel de Haarlemmermeer hier of zo. Volgens mij had de Haarlemmermeer een begrotingstekort van 7 miljoen en nu een overschot. En wij hebben steeds een overschot gehad.

Wat dat betreft gaat die vergelijking echt niet op, denk ik. En als je kijkt naar deze Decemberrapportage staan er helemaal niet zoveel mutatis in, maar wel een paar grote. De naheffingen van parkeren, waarvan het college ook zegt, dat moeten we beter gaan onderbouwen en beter zicht krijgen. Dat is ook toegezegd aan u dat we zo snel mogelijk komen met, hoe ziet

die businesscase eruit nu en in de toekomst. En die naheffingen ontstaan in de loop van dit jaar. Je moet dat ook een keer gaan melden. En op het moment dat je dan de gegevens krijgt, verwerk je ze in een Decemberrapportage. Hetzelfde geldt voor een aantal zaken die vrijvallen. En het Rijk is heel scheutig. En het is niet alleen in Zandvoort aan de orde. Dat is in heel Nederland. Want nu hebben we nog steeds genoeg geld. En als we het over bezuinigingen hebben, hebben we het alleen maar over bezuinigingen gehad voor de toekomst na ’27. We hebben het nooit over bezuinigingen gehad op dit moment, ook niet voor volgend jaar en het jaar daarop, maar pas voor daarna. Bezuinigen is op dit moment niet in de orde. Alleen als wethouder van financiën moeten we wel een meerjarenraming sluitend maken. En daar zit de problematiek. En daar was de discussie van, wat zouden we eventueel op termijn moeten gaan doen? Dat is even algemeen over de financiële stand van zaken. Dan even over het verzoek van OPZ om die 100.000 euro niet over te hevelen, maar eerst terug te storten in de algemene middelen of via de jaarrekening te laten terugvloeien en dan het bedrag opnieuw opvragen op het moment als er, en u zei letterlijk, concrete plannen zijn. Die zijn er natuurlijk nog niet. Maar er komt dan een plan van aanpak hoe wij gaan komen tot een verdere invulling.

Als ik dat mag uitleggen als dat wij met een plan van aanpak komen of met eigenlijk een procesopdracht vastleggen waarin we aangeven, we gaan dit proces als volgt inzetten, we gaan die zaken uitzoeken. Als ik hem zo mag vertalen, heb ik er geen moeite mee dat u in het kader van uw rol als... U wil dan waarschijnlijk ook een beetje kaderstellend dat bedrag ter beschikking stellen. Is dat uw taak ook om dat te doen. Dan heb ik daar denk ik geen moeite mee om die toezegging te doen op deze wijze. Maar dan is het niet op basis van concrete plannen. Want we zullen een heleboel onderzoek moeten doen. En het kan dan ook zijn dat we nu wat meer weten als daarvoor. Misschien wordt het wel 80.000 euro, maar het kan dan ook 120.000 euro worden. Maar dat laat ik dan aan de project wethouder over, die dan met een voorstel komt. De voorzitter: Interruptie. De heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Even om het kort te sluiten. Ik denk dat de terminologie die ik heb gebruik niet helemaal correct is. Startnotitie lijkt mij een beter woord. Als we het daarover eens zijn, akkoord. De heer Bluijs: Duidelijk. Ben ik het mee eens. Dan ten aanzien van de vragen over de weesfietsen die zijn gesteld en de bedragen. Wat er aangeschaft is, is een applicatie. Daar is ook antwoord, volgens mij, op gekomen.

Er is toch een antwoord gekregen? Dat zijn jaarlijkse kosten voor een applicatie, die we moeten huren. En we besteden het op dit moment bij Spaarne Werkt uit. En het gaat natuurlijk niet voor driehonderd fietsen alleen. Ik heb ze nu ook alweer zien staan hoor, een heleboel. Misschien staan er nu ook alweer honderd met stickertjes, zonder de postcode erop. Want daar heb ik nog naar gekeken. Mijnheer Van Tiggelen, er staan inderdaad geen postcodes op. Maar daar zitten nu wel van die stickertjes op. Wij huren bij Spaarnelanden gewoon voor een hoeveelheid voor het hele jaar die ruimtes. Vandaar dat die kosten relatief veel lijken, maar je moet ze niet door... Misschien moet ik ze wel door duizend delen, als we duizend fietsen dit jaar bij elkaar halen. Want het blijft elke keer weer gebeuren. Maar ik neem uw suggestie wel mee dat ik kijk, ook omdat nog met de circulaire hotspot bezig zijn, om eens misschien te kijken hoe we nog beter dat kunnen doen. Maar in principe kunnen we met Spaarnelanden misschien andere afspraken maken. Maar dat gaat met een wethouder overleggen. En misschien komt daar dan nog wel een schriftelijk antwoord op van de van de wethouder over hoe we dat verder gaan aanpakken. De PVV ten aanzien van dat coderen. Dat moet dan bij de fietsenzaken gebeuren. Maar het is wel een idee om dat op die manier te doen. Volgens mij waren dat de vragen.

De naheffingen van mevrouw Koper. Wij komen met, dat is al toegezegd, die nota. En dan komen we ook terug op die naheffingen en hoe zich dat allemaal ontwikkelt. Duidelijk. De voorzitter: Ik kijk nog rond. Is er nog behoefte aan een tweede termijn? Ik zie D66.

De heer Hermsen: Voorzitter, we spelen dit spel denk ik nu al zo'n kleine acht, negen jaar. We hebben het elke keer ook met de begroting. En heb ik deze fijne discussie altijd met de wethouder van financiën. Feit blijft dat er gewoon uit de hoge hoed nog 1,7 miljoen euro komt. Er zijn periodes geweest dat we dachten, dit wordt wel heel erg. En er zijn ook periodes geweest dat we nu denken van, het zal allemaal wel meevallen. Het komt eigenlijk allemaal wel goed. En we hebben het wel gehad over bezuinigingen. We hebben het ook gehad, letterlijke woorden van de wethouder was, snijden in uitgaven op de lange termijn. En dat was eerst 2025, toen werd het 2026, nu is het 2027. Op een gegeven moment kom je op een punt, en misschien moeten we daar maar eens een keer over nadenken met een kop koffie, of we niet gewoon alle twee moeten stoppen en het overlaten moeten aan een ander. Want we hebben gewoon niet voldoende handvatten, vind ik in ieder geval, waarop we echt het gevoel hebben, we zijn in control. Eigenlijk kan het uitgavenpatroon gewoon wat hoger en gaan we gewoon maar eens een keer niet meer behoedzaam bezuinigen, maar gaan we gewoon bezuinigen naar de nul euro toe. En niet meer naar hetgeen wat we nu doen, is constant geld overhouden. Ik ben ook inderdaad heel erg blij met die lastenverlichting.

En ik hoop dat we die trend gewoon kunnen voortzetten, zodat we echt, zoals het hoort, een beetje realistisch kunnen gaan begroten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk rond. Is er nog behoefte aan een tweede termijn? Is er nog behoefte aan reactie van de portefeuillehouder. Dat is niet het geval. Ik vraag toch even concreet, is dit een hamerstuk wat de commissie betreft? Ik zie van wel. Excuus. De heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Voorzitter, ik had het nog niet aangegeven. De wethouder geeft aan met een toelichting te komen op hetgeen wat wij ten aanzien van de bedragen fietsen en weesfietsen hebben opgemerkt. Ik ga er even vanuit dat het bevredigend is. Met het voorbehoud dat dat zo is, is het wat ons betreft een hamerstuk. En anders dan melden we dat. Komen we bij u terug. De voorzitter: Spreken we dat zo af. Dank u wel. De heer Keuning: Voorzitter. De voorzitter: De heer Keuning. De heer Keuning: Wij waren van plan om misschien een motie in te dienen. Ik heb daar geen reactie van de wethouder op gehad. Wat niet per se hoeft. Zou natuurlijk wel fijn zijn. Maar volgens mij als we een motie willen indienen, dan is het toch een bespreekstuk automatisch of niet? De voorzitter: Dat klopt. De heer Keuning: Dan bespreekstuk. De voorzitter: Dank u wel. Dan kunnen we concluderen dat het hoe dan ook als bespreekstuk naar de raad gaat. 12.

Belasting- en retributieverordeningen Zandvoort 2024 De voorzitter: En kunnen we door naar agendapunt 12. De belasting- en retributieordening voor komend jaar. Jaarlijks worden de belasting en retributieordening inhoudelijk en cijfermatig herzien. Met dit voorstel worden de belastingvoorstellen opgenomen in de Programmabegroting 2024. Vervolgens worden ze uitgewerkt in diverse belastingverordeningen. Op 28 november is met een raadsinformatiebrief medegedeeld dat in de

conceptverordening OZB 2024 het tarief voor woningen niet langer aansluit bij de laatst bekende waardeontwikkeling. Er zal een tekort op de begroting ontstaan van ruim 120.000 euro, indien het tarief niet wordt aangepast. Het advies van het college is om het tarief in de verordening OZB 2024 aan te passen in 0,067 procent in plaats van 0,0644 procent. Het staat hier. We hebben nu drie opties. Deze verordening laten, zoals hij nu is, de raad kan het stuk amenderen of de commissie adviseert het college tussen nu en in de raadsvergadering van 19 december met een aangepast voorstel te komen. Dit voorstel leggen jullie voor. En ik vraag allemaal aan jullie om dit mee te nemen in jullie inbreng. Ik kijk nu de zaal in of er nog insprekers zijn. Ik zie dat dat niet het geval is. En wil graag aan de commissie het woord geven. Ik begin bij het CDA. De heer Stephan. U heeft een korte vraag. De heer Stephan: Want ik had het stuk iets anders voorbereid. Te weten hamerstuk. De voorzitter: Kan ik mij voorstellen. De heer Stephan: Maar even iets met de inleiding. Kunt u dat voor de goede orde nog een keer herhalen wat u aan ons vraagt? De voorzitter: Ja. Er is een actuele ontwikkeling. Op 28 november is met een RIB medegedeeld dat in de conceptverordening OZB 2024 het tarief voor woningen niet langer aansluit bij de waardeontwikkeling. De waarde van de woningen is veranderd.

Daardoor zal er een tekort ontstaan, als de commissie niets doet, van 120.000 euro. En het advies van het college is om het tarief in de verordening OZB aan te passen van 0,067 naar 0,06... Sorry, andersom. Om het iets te verhogen van 0,0644 naar 0,067. Dat is het voorstel. Maar de commissie heeft drie opties. We zouden ook kunnen zeggen, we laten het gewoon, zoals het nu is. En dan ontstaat er een tekort van 120.000 euro. Sorry. De commissie kan het stuk amenderen. Of de commissie adviseert het college tussen nu en de raadsvergadering van 19 december met een aangepast voorstel te komen. En dit voorstel leg ik aan jullie voor. De heer Stephan. De heer Stephan: Dank voor de herhaling. Want het ging iets te snel net, maar het is me nu duidelijk wat u vraagt. Om eerlijk te zijn, dat is wel even iets om nog te overwegen. Maar ik denk, onze eerste ingeving is om niet voor de laatste optie te opteren van een aangepast voorstel. Want dat moet toch eerst door de commissie. Ik denk dat we dan toch, als we hierin mee zouden gaan, naar dat amendement zouden moeten kijken. Maar ik zou dan nog ook graag willen weten, we hebben het over een eenmalig tekort? Alleen volgend jaar of is het een structureel... Dat wil ik graag van de portefeuillehouder dan straks horen. Want ik zie, eerlijk gezegd, even niet hoe we dat anders doen met een aangepast voorstel.

Want dat kan dan niet meer in de commissie plaatsvinden, tenzij we de commissie dan nog voor de raad hebben. Maar dat lijkt mij een beetje onhandig. De voorzitter: Helder. Kijk, in principe, de raad gaat het amenderen. Dat zou een optie zijn. Maar de commissie zou wel ook kunnen adviseren om het college in de tussentijd met een aangepast voorstel te komen. Het is niet zo dat het dan opnieuw naar de raad hoeft. Ik zie een interruptie. Of sorry, naar de commissie moet. Ik zie een interruptie van de heer Sukel. De heer Sukel: Dank u wel, voorzitter. Ik vind de vraag van de heer Stephan relevant of het inderdaad een eenmalige is. Want op basis daarvan kunnen we beter besluiten. Misschien voordat de hele ronde afgerond is, dat eerst de wethouder daar antwoord op kan geven ook. Dank u wel.

De voorzitter: Zeker. Ik voel mij als voorzitter niet geroepen om daar antwoord op te geven. In dit geval vind ik dat een heel goed voorstel en zou ik graag even het woord kort willen geven aan de wethouder. De heer Bluijs: Het probleem wat voorligt is, het is een systematiek. In principe besluiten wij waarde verandert, tarief passen we aan en dan verhogen we standaard normaal alleen de indexering. Dat systeem wil je volhouden. Altijd op 1 december krijgen we nog bericht van, wat jullie hebben ingeschat, klopt dat nog? Het bericht is teruggekomen. De waarden zijn allemaal doorgerekend voor het komende jaar. En ze komen erachter. Ze zeggen van, het stijgt niet met drie procent, maar het gaat zelfs iets naar beneden. Dan krijg je een herberekening. En dan krijg je opnieuw de berekening van het tarief. En dat is die vier procent. Wat volgend jaar gebeurt, krijgen we weer zo’n herberekening. En als dan de inflatie bijvoorbeeld twee procent is, dan wordt het uiteindelijk twee procent verhoogd. Het is eigenlijk eenmalig, want elk jaar doe je deze zelfde actie. En we hebben het één keer eerder gehad dit probleem. Of dit probleem, dat dit zich voordoet. En als u zegt van, laat het maar zo, dam betekent het, in de begroting is er rekening gehouden met dat tarief wat we eerder hadden vastgesteld. Vandaar dat wij dat wel moeten melden, want het is dan een begrotingswijziging of een...

In dit geval zouden we dan wat minder inkomsten hebben. En met de griffie is wel overlegd hoe we het zouden kunnen aanpakken. Wij hebben het raadsvoorstel al aangepast klaarliggen en ook de aangepaste verordening. En de aanpassing is natuurlijk één getalletje en een korte toelichting daarop. Het is niet een wereldwijde aanpassing. En volgens mij kunt u als commissie dat hier besluiten dat dat gewijzigde raadsvoorstel en die gewijzigde verordening wordt ingebracht. En dan brengen wij hem in. Maar het is aan u te besluiten. De voorzitter: Als ik het goed begrijp, is dat wellicht ook het voorstel van het college. Ik kijk naar de VVD. Mevrouw Nederlof. Mevrouw Nederlof: Dank u, voorzitter. Ik had er even naar gekeken, naar die RIB-en ook. En onderaan de streep verandert er natuurlijk niks. Omdat dan die berekening anders wordt, blijft onderaan de streep het bedrag wat de inwoners betalen hetzelfde als wat in het voorstel staat. Op basis daarvan hadden wij geen problemen met dit aangepaste voorstel. Dat was het wat ons betreft. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Nederlof: Maar we hebben er ook geen moeite mee als het omlaag gaat. Ik moet even maar zeggen van mijn collega hier naast me. We hebben er ook geen probleem... Het gaat om 120.000 euro. En gezien de overschotten lijkt ons dat ook niet zo'n probleem. Het is een beetje een lastige. Sorry hoor. De voorzitter: Dank u wel.

GroenLinks, de heer Keuning. De heer Keuning: Dank, voorzitter. Om te begin hebben we een klein punt. We vinden dat de tariefstijging betreffende 1.17 een best forse stijging. Het betreft hier ruim 200 euro, voor zover wij kunnen vinden, om de straat te openen en te sluiten inzake telecommunicatie. En wij zijn bang dat deze kosten worden doorberekend aan de consument, oftewel onze inwoners en ondernemers. En we zien zelf niet zo één, twee, drie het nut van zo’n hoge verandering. Wij zijn benieuwd wat de rest van de commissie hiervan vindt. Dank u wel. De voorzitter: Sorry, de heer Keuning, het zal aan mij liggen, maar u zou nog een uw keer vraag kunnen toelichten. En over welke verordening gaat het.

De heer Keuning: Even kijken hoor. Twee seconden. Ga even door. Ik kom zo terug. De voorzitter: Spreken we dat af. Ik zie dat mevrouw Koper het antwoord voor u heeft gevonden. Mijnheer Keuning. De heer Keuning: Het is bij bijlage 1 over de verordening Zandvoort 2024 En dan bladzijde 12, 1.17, telecommunicatie. De eerste. De voorzitter: De eerste verordening. Even kijken. De heer Bluijs: We komen daar wel schriftelijk even op terug, op die vraag. De heer Keuning: Is goed. De heer Bluijs: Dat lijkt me het verstandigste. De voorzitter: U heeft te horen gekregen dat het college daar schriftelijk op terugkomt. Mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Wij hebben geen opmerkingen over alle verordeningen die erin staan. Wij zijn ermee akkoord. En ook met het voorstel, als het gaat om het raadsvoorstel te wijzigen. En als daar geen breed akkoord voor is, zijn wij wel bereid om het amendement in te dienen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Hermsen. De heer Hermsen: Dank u wel, voorzitter. Ik ben het eens met de VVD als het gaat om die OZB-verhoging. Het is heel vervelend. Ik bedoel, de coalitie heeft afgesproken geen lastenverhoging, behalve dan indexatie, strikt formeel. Wat er nu gebeurt natuurlijk, is waardevermindering van huizen en dan de systematiek aanpassen, zodat het in ieder geval gelijk niveau blijft. En dan vervolgens die indexatie erop te doen.

Uiteindelijk is het toch een verhoging van 120.000 euro als je de systematiek loslaat. Wat ons betreft geen steun daarvoor. Ook geen aanpassing. Ook geen amendement wat ons betreft. Zullen wij niet steunen. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Nederlof. Mevrouw Nederlof: Bent u het met me eens dat het geen verhoging betreft? Want onderaan de streep blijft het bedrag hetzelfde. De berekening is anders. De voorzitter: De heer Hermsen. De heer Hermsen: Dat is hoe u het dan zou wegzetten, als geen verhoging. Ik vind het wel een verhoging. De systematiek blijft namelijk hetzelfde. En op het moment dat de huizen minder waard worden, benadelen we eigenlijk de huizenbezitter dubbel. Dat is wat dat betreft onze mening daarover. En dan kunnen we de wiskundige berekening daarop loslaten. En stel voor dat we het dan bij een hoogleraar vastleggen. En dan zult u zien dat ik gelijk heb. De voorzitter: Dat is een boute uitspraak. De heer Hermsen: Zeker. Ik daag u ook uit. En ongetwijfeld zal de wethouder dan met een heel mooi verhaal komen. En dat snapt dan hier niemand. En dan weten we ook weer waar het is. Als het gaat om de

verordening van de parkeerkosten. Ik heb iets gezien wat ik al een tijdlang niet had gezien en wat ik eigenlijk normaal gesproken niet van deze portefeuillehouder had verwacht meer. Namelijk het in fietsen van beleid. Voor de oplettende lezers, ziet u dat de uitbreiding plaatsgevonden heeft van zone C en zijn er ook een aantal producten bijgekomen en zijn nu verhoogd. Nou weet ik dat dat de bevoegdheid des colleges is. Nou heb ik ook een artikel gelezen in de krant daarover, maar heb ik geen raadsinformatiebrief daarover ontvangen. En nogmaals, ik zou het prettig vinden als de portefeuillehouder van parkeren ons daar tijdig over informeert. Nou heb ik op zichzelf daar geen problemen mee, want laten we eerlijk zijn, er is gewoon te weinig plekken, goedkope plekken. Alleen of het een oplossing is, dat betwijfel ik ten zeerste. Want of het de ene zone is vanaf straat zoveel, voor de andere zone van straat zoveel, het blijft altijd onduidelijk. Wat ons betreft is de legesverordeningen, zoals ze nu staan, voorliggen, een hamerstuk. Is het zo dat het geamendeerd wordt, dan zijn we tegen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Jong Zandvoort, mevrouw Paap. Mevrouw Paap: Dank u wel, voorzitter. Wij zijn voor een aanpassing en verder is het een hamerstuk. Dank u wel. De voorzitter: OPZ. De heer Bouberg Wilson: Dank u, voorzitter. Ten aanzien van de onroerendzaakbelasting.

De methodiek die we in Zandvoort hebben, is dat de aanslagen OZB gelijk zijn voor wat betreft de gemeentekas. Dat betekent op het moment dat de waarde verandert, dan heeft dat geen effect voor degenen die hun aanslag krijgen, voor wat betreft de opbrengst voor de gemeente. Maar op het moment dat de opbrengst van de gemeente wijzigt, zoals uitgelegd door de wethouder, dan heeft dat wel een effect voor de hoogte van de aanslag. Althans als dat gebeurt in de zin zoals dat nu vanavond is besproken. En dan zitten we met een merkwaardige contradictie. Want aan de ene kant hebben we gezegd, de lasten nemen niet toe. En aan de andere kant zijn we van mening dat de methodiek moet blijven wat hij is. Want daar profiteer je van en daar vind je nadeel van. En de vraag is nu even, waar geef je de voorkeur aan? Ik vind het een lastige, want als gezegd, dat is gewoon een tegenstelling. Bedenktijd kun je claimen door te vragen om het college met een nieuw voorstel te komen. En ik denk dat het voor het moment even het beste is om dat zo te doen, maar ik weet niet of dat voorstel tot instemming zal leiden als wij gaan afwijken van de uitgangspunten. En daar zit de twijfel, voorzitter. Voor dit moment nieuw voorstel en dat beoordelen op de uitgangspunten, zoals we die in het programma hebben vastgelegd. Dank u wel. De voorzitter: Interruptie van de heer Stephan.

De heer Stephan: Mag ik daarop inhaken? Want op zich delen we de opmerking van de heer Bouberg Wilson dat er wel inderdaad een tegenstelling in zit. Maar misschien, als ik daar een reactie op mag vragen aan de heer Bouberg Wilson, ook dat de portefeuillehouder wil meeluisteren, daar ook een antwoord op wil bedenken. Kijk, als we het erover eens zijn dat we voor nu om dat akkoord op te vangen dit doen, maar waarbij op het moment dat we zien dat de woningwaarde weer stijgt het ook terugdraaien, het doel is dat de netto belastingdruk niet stijgt, zou dat een alternatief kunnen zijn? U hoeft niet nu te beantwoorden, maar wel iets om over na te denken. Dat we nu zorgen dat dat tekort wordt opgevangen. Maar op het moment dat de WOZ-waarde weer stijgt dat we het dan ook weer terugdraaien, zodat het uitgangspunt van het coalitieakkoord in stand blijft. De voorzitter: Wilt u hierop antwoorden?

De heer Bouberg Wilson: Dat zou een mogelijkheid zijn om die beide dingen recht te doen. De voorzitter: Wilt u hierop antwoorden? Excuus. Dan stel ik voor om door te gaan naar ZEE. Ik zie, daar wordt druk gediscussieerd. De heer Sukel: Dank u wel, voorzitter. De vraag is of er na deze ronde een kleine schorsing kan voor een toiletpauze. Maar dat krijg ik in mijn oor gefluisterd. Over de stukken. Wij zaten ook te kijken naar de financiën, op basis van het eerste voorstel. De eerlijkheid gebied gewoon te zeggen dat het mij een beetje duizelt wat er gezegd wordt. Ik ben erg voor een voorstel, zodat we kunnen bekijken wat nu slim is daarin. De heer Hermsen merkte op inderdaad die parkeerzone C. Die viel mij ook op, want ik lees inderdaad gewoon al die stukjes braaf en dan denk ik, wat moet ik hiermee? En dan denk ik, er staat hier iets in wat ik nooit eerder heb gelezen. Dat betekent eigenlijk, daarop aansluitend, dat het misschien goed is dat het presidium eens goed nagaat wat wanneer naar de raad moet en op welke wijze en welke informatie via een RIB of anderszins. Want er is al eerder vanavond een aantal zaken voorgekomen waarbij die informatievoorziening blijkbaar niet op orde is. Dat is echt een oproep aan het presidium om daar even dieper op in te gaan. Verder, u weet ons standpunt over de retributiebelasting. Dat we daar niet blij mee zijn. Maar dat is zo vastgesteld.

We wachten het voorstel voor de OZB af. En als dat akkoord is, is dat wat ons betreft een hamerstuk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik naar de PVV. De heer Van Tiggelen. De heer Van Tiggelen: Dank u wel, voorzitter. Even over dat OZB-verhaal. Er verandert helemaal niks aan de methodiek. Je stelt eerst het bedrag vast en daar ga je dan naartoe rekenen, aan de hand van de ontwikkeling van de onroerendgoedprijzen. Knallen die prijzen omhoog, dan schroef je het percentage naar beneden om op dat bedrag uit te komen. En in omgekeerde richting doe je precies hetzelfde. Is helemaal geen wijziging van de methodiek. Mevrouw Nederlof had gewoon helemaal gelijk, onderaan de streep verandert er helemaal niks. Het lijkt wel of voormalig casinopersoneel ook haar rekenvaardigheid wat beter scoort dan gemiddeld. Het is geen rocket science, voorzitter. De gehanteerde inflatiecorrectie komt ons redelijk voor. 3,9 procent. Over inflatie wil ik nog wel even kwijt dat de inflatie is voor iedereen verschillend. Afhankelijk van het percentage van je inkomen dat je uitgeeft aan eten en drinken en energie. Dat is voor iedereen anders. De een wordt veel harder getroffen dan de ander. Dat is iets om rekening mee te houden. Aanpassingen aan de Omgevingswet lijken ons logisch. Bij de parkeerbelasting wordt de 3,9 procent bij meerdere tarieven zeer ruim overschreden. De voorzitter: Sorry.

Hoe heeft u interruptie van D66. De heer Hermsen: Die inflatiecorrectie is ook gewoon rekenkundig uit het hoofd bedacht. Daar zijn gewoon vaste factoren voor. En dat kunt narekenen. Ik snap inderdaad dat voor de consument het anders is, maar landelijk is hij zo vastgesteld. De voorzitter: De heer Van Tiggelen. De heer Van Tiggelen: Voorzitter, ik hoor geen vraag. Ik ga door met mijn betoog. Zelf heb ik wel een vraag. Waarom doen we dat en welk probleem lossen we daarmee op? Caravanvergunning en werkvergunning bijvoorbeeld, hele rare percentages worden daarop losgelaten. Een nachttarief, een kwartje per uur, lijkt ons beter dan een vast bedrag. 's Morgens even naar de bakker en 21 minuten later vertrekken kost nu in de zomer 2,50 euro. 7,50 per uur. Een beetje een raar tarief om een paar broodjes te halen. Tot zover, voorzitter. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nu voor de eerste termijn naar de wethouder. De heer Bluijs. De heer Bluijs: Volgens mij, de hele discussie, is die RIB... In die RIB staat het rekenvoorbeeld. En dat rekenvoorbeeld vat alles samen wat de heer van Tiggelen ook al zei. En volgens mij hebben we gewoon afgesproken, we doen geen extra lastenverzwaring, behalve de inflatie berekenen door deze systematiek die we elk jaar zo toepassen. Alleen omdat er nu iets terug is gekomen, dat het aangepast dient te worden om de systematiek op dezelfde manier te doen, komt dit naar voren. Volgens mij is duidelijk wat er in de RIB staat, dat het geen lastenverhoging is. En zoals de heer van Tiggelen dat volgens mij ook nog een keer uitlegde, dat is het verhaal wat nu voorligt. De voorzitter: Sorry, u heeft een interruptie van de heer Stephan. De heer Stephan: Dan vraag ik het heel duidelijk. Als we dat aangepast voorstellen en we veranderen volgend jaar niks, dan gaat volgend jaar als de WOZ-waarde stijgt de huiseigenaar niet meer belasting betalen? De voorzitter: De heer Bluijs. De heer Bluijs: Als de prijzen stijgen volgend jaar, dan wordt het weer aangepast. En dan gaat het tarief weer naar beneden. Want we gaan de tarieven bepalen, de verhoging bepalen op basis alleen maar van de indexering. Het is gewoon een herberekening die elk jaar plaatsvindt op deze manier.

En als u besluit een keer geen inflatie te willen doorberekenen, dan moet je die berekening er ook weer bij betrekken. Maar dat is niet aan de orde, want dat is de afspraak zoals hij in het coalitieakkoord is gemaakt. Het fluctueert elk jaar. Wij doen dit hier zo in Zandvoort en in andere gemeenten doen ze dat weer anders. Maar daardoor bijvoorbeeld is dat percentage dat 0,067 misschien wel het laagste in heel Nederland, omdat onze huiswaarde namelijk relatief hoog zijn en we niet elke keer die huiswaarde laten doorrekenen. Wij doen dat, en meer gemeentes doen het, op deze manier. Tien, vijftien jaar doen we dit al. De voorzitter: Sorry, u heeft een interruptie. Mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Fijn dat u me even het woord geeft. Ik vroeg de wethouder, hoelang doen we dit al zo? Want we gebruiken al jaren dezelfde systematiek. De heer Bluijs: Alleen de systematiek. Als wij niet hadden gezegd van, we hebben een herberekening gehad van de totale waardes, want er klopt iets niet, daarvoor moeten we het aanpassen. Maar we passen de systematiek niet aan verder. Dat is het verhaal, zoals het nu voorligt. Misschien wil de heer Hendriks nog toelichten, of zal ik dat doen? Want volgens mij is er een hele duidelijke RIB gekomen, de raadsinformatiebrief waarin het college helemaal uitlegt wat ze allemaal gingen doen op dit punt. Maar ik weet niet of de heer Hendriks...

Er is weldegelijk gecommuniceerd, volgens mij, naar de raad erover. Maar als de heer Hendriks dat nog wel toelichten, dan laat ik dat er graag aan hem over. En misschien ook de vraag van de heer Van Tiggelen met die tarieven. Want volgens mij is dat ook volgens het vaste systeem. De voorzitter: Ik zie dat de heer Hendriks daar behoefte aan heeft. Aan u het woord. De heer Hendriks: Wat de heer Bluijs zegt, klopt volgens mij. In de verordeningen die nu voorliggen, staan een aantal tariefswijzigingen. Namelijk omdat we nieuwe parkeerplaatsen toe willen voegen, die in het goedkope tarief moeten vallen. Daar moeten we in de verordening rekening mee houden. Dat is wat hier gebeurt. Is geen nieuw beleid. Het is gewoon doorgaan met wat we aan het doen zijn.

De voorzitter: Dank u wel. De heer Hermsen. De heer Hermsen: Voorzitter, dat is dan nieuw beleid, want ik ken de nieuwe plekken niet. En ik heb alle raadsinformatiebrieven met betrekking tot parkeren nauwlettend gevolgd. En deze is nieuw voor mij. Ik ga gewoon door met mijn tweede termijn, want ik ga ervan uit dat daar ook de ruimte voor is om een tweede termijn starten. De voorzitter: Zeker. Ik kijk nog even. Aan u het woord. De heer Hermsen: Ik snap ook wat er in de raadsinformatiebrief staat met betrekking tot de belasting- en retributieverordeningen. Ik heb het gelezen. Ik heb het ook gelezen wat erin staat over de OZB. Dat heb ik ook gelezen. Het ging er mij om dat de coalitie niet aan lastenverhoging wil tornen. En dat is hetgeen wat ik wilde aangeven. En de systematiek bestaat al een tijdje. Dat klopt. En we worden ook gewoon voor onze WOZ overal voor aangeslagen. Want dat is gewoon standaard. Maar op het moment de kans is dat je WOZ stijgt en de premie is hetzelfde gebleven, omdat je alleen maar indexeert, dan is er inderdaad een voordeel voor de huizenbezitter. Maar op het moment dat de huizenprijzen dalen, dan is er opeens geen voordeel meer voor de huizenbezitter. Word je eigenlijk alsnog voor dat hogere tarief belast ter compensatie van hetgeen wat er al was. En ik zie de heer Van Tiggelen al denken, maar dit is gewoon simpel hoofdrekenen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13617093/1