Transcript - 4 april 2023
Tekst van het document
Maar juist het personeelsverloop zorgt voor niet een structureel, ja inbedding van ons participatiebeleid in alle stukken, het zorgt ervoor dat er steeds verschillen in zitten. Dus ik vraag me af waarom het college er dan voor kiest om dat niet te benoemen als risico en kanttekening, waar je
toch zou verwachten dat als dat dus het geval is wat hieruit blijkt, dat het zeker wel een risico een kanttekening voor ons beleid is. Als ik dan kijk naar in dit geval dus in praktijk verschillen deze verwachtingen, waardoor goede intenties regelmatig tot teleurstelling leiden. Of de zin: ook bij een goed gevoerd proces kan onvrede blijven bestaan. Of laat de inspreker zich horen op de publieke tribune, dan vind ik de toon in dit stuk ook best wel negatief. Ik vind het persoonlijk heel goed als hier insprekers op de publieke tribune zitten die iets van hun belang of iets van hun is opgevallen aan ons komen vertellen, terwijl als ik dit stuk lees, dan heb ik een beetje de smaak in mijn mond van dat we dat als politiek als iets negatiefs zien. Ik denk dat het juist mooi is dat mensen actief participeren, ook in deze vergadering. Dus ik vraag me ook af waarom er dan is voor gekozen om dan zo'n zin op te schrijven. Want het zorgt er eigenlijk voor dat iets wat heel mooi is, namelijk het inspreken in onze gemeenteraadscommissie wordt weggezet als iets wat als negatief wordt beoordeeld. En dat zie ik wel vaker terugkomen in dit stuk en dan vraag me af waarom dat zo is. Ook bij uitgangspunt 4 kun je je afvragen of dat niet een negatieve insteek is van iets waar wij met zijn allen eigenlijk wel blij mee zijn.
Dus ik vraag me eigenlijk af waarom die negatieve toon in dit stuk is gekomen. Want ik denk juist dat we met een participatiebeleid heel veel kunnen winnen en dat we daar met zijn allen heel veel goede ideeën over hebben en daarom wil ik eigenlijk in het begin graag ophalen wat onze inwoners ervan vinden en dan kunnen wij daarna, nadat de participatie heeft plaatsgevonden, verder participeren met u hier in de Raad. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. D66, de heer Hermsen. De heer Hermsen: Ja voorzitter, dank u wel. Ja eigenlijk is er al heel veel gezegd door GroenLinks en daar sluit D66 zich graag bij aan. Wel heb ik ook nog de vraag ook in dit stuk de verwijzing naar het coalitieprogramma, of dat van de Raad is of van het collegevoorstel et cetera. En daarnaast ja, het is een wijze van benadering, laat ik het daarop houden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Broer, PvdA. De heer Broer: Dank u wel, voorzitter. De PvdA vindt dat er een stap verder gezet moet worden met participatie. In ons verkiezingsprogramma hadden wij staan dat als er algemene belangen zijn, dat je ook brede, algemene brede participatie moet hebben. Een breder draagvlak dan alleen de direct omwonenden. Wij hadden voorgesteld een geloot burgerberaad zodat Zandvoorters direct aan zet zijn hè, in de vorm van directe democratie zoals de heer van Tiggelen net aangaf.
Bijvoorbeeld in Heemstede gaan ze dit al oppakken, daar spreken ze in hun Raad vanavond daar al over. Deze vorm van participatie missen we eigenlijk nog in het stuk. Het zou een mooi punt 6 kunnen zijn of een samenvoeging met punt 5 hè, de mindere gehoorde bewoners van het dorp, om op die manier die mensen ook te betrekken bij de participatie en inspraak te geven. Dan viel ons nog op dat bij punt 4.2 daar staat op een gegeven moment staat Haarlem daar genoemd, is dat met opzet geweest of moet daar Zandvoort staan? Die wij nog hadden. En als laatste stond nog in het stuk dat de Omgevingwet per 1 juli ‘23 zou ingaan, maar volgens ons is dat toch verschoven naar 1 januari 2024. Dus dat waren mijn punten. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we door naar ZEE. De heer Gerrits. De heer Gerrits: Dank u wel voorzitter. Nou, er is al veel gezegd door mijn collega Karim El Gebaly net en ook door onze collega's van PvdA. ZEE wil door onderwerp te agenderen en door dialoog aan te gaan met inwoners, ondernemers en andere betrokkenen bij Zandvoort en Bentveld tot gedragen voorstellen komen. We zien dan ook kansen in dit nieuwe participatiebeleid en hopen dat de hele Raad deze net als ZEE wil benutten.
Voor ik deze kansen benoem heb ik een aantal vragen voor de portefeuillehouder, en deze als volgt: zullen er onder het nieuwe beleid, zoals de tendens nu lijkt, ook vormen van participatie die nu van kracht zijn
komen te vervallen? Er wordt in het document omschreven dat er meer moeite gaat worden gedaan om jongeren te bereiken. Tot welke leeftijd is iemand jong? Hoe wordt zeker gesteld dat mensen die online participeren dit slechts eenmaal doen en dat mensen buiten Zandvoort geen invloed zullen uitoefenen op polls en enquêtes? Ook willen we vragen om bevestiging dat de eerdere ambitie tot coproductie bij grote projecten, nu bestempeld als meebeslissen, wordt doorgezet. Ook hebben we de vraag: hoe staat het met het door de PvdA ingebrachte plan voor buurtbudgetten en wanneer krijgen we de beloofde evaluatie? Belangrijker nog dan de vragen zijn de kansen. Wat ZEE betreft zijn dit de volgende. Nou, en u hoorde de PvdA er net ook al over. Het instellen van een pilot van een burgerberaad. In onze buurgemeente Heemstede zijn ze hier op dit moment over in gesprek. De kans dat het daar een realiteit wordt, is groot. Het zou mooi zijn als de gemeente Zandvoort niet besluit om achter te blijven en het goede voorbeeld volgt. We zien een kans voor de opzet van een democratisch loket in de vorm van een website. Hier zouden inwoners erg eenvoudig tips moeten kunnen vinden over hoe ze kunnen participeren binnen de mogelijkheden die er zijn, hoe ze zich goed kunnen voorbereiden op bijvoorbeeld inspreken in de Raad, bij wie ze moeten zijn en met welk probleem of idee.
En ze zouden, net als dat wij gebruik kunnen maken van een griffie, gebruik moeten kunnen maken van een persoon wat inwoners ondersteund door informatie voor ze te zoeken. Tevens kan er op deze website een overzichtelijke agenda staan met alles wat er gebeurt op lokaal democratisch vlak en worden er door degene die het project overziet jaarlijks kleinschalige events, cursussen en dergelijke georganiseerd die inwoners kunnen helpen bij het beter begrijpen van onze gemeente, waardoor ze op een nieuwe manier kunnen participeren. Tegelijkertijd zou vanuit dit loket dingen kunnen worden georganiseerd, zoals een jaarlijkse inwonersbijeenkomst. Even kijken, hoe gaan we verder. Sorry hoor. Ook zien we kansen in het verbeteren van ons enquêtebeleid door systematiek in te bouwen waarmee de zinvolheid, securiteit en toegankelijkheid van onze enquête zal toenemen. We hebben een concept gemaakt met meerdere scenario's waarin we dit zouden kunnen bewerkstelligen en gaan hier graag over in gesprek met raadsleden en het college. We zullen deze dan ook spoedig met u delen. Tot slot zien we kansen om ervoor te zorgen dat participeren ook toegankelijk wordt voor mensen met minder digivaardigheden en mensen die niet beschikken over de juiste apparatuur, door meer per post te doen en participatie ook fysiek waar mogelijk in de buurt mogelijk te maken.
We hopen dan ook van harte dat deze groep mensen wordt meegenomen. Tot slot begrijpen we dat dit een startnotitie is, dus we begrijpen dat nog niet alles volledig is uitgewerkt en waar ik terechte kritiek hier voor hoor, maar we snappen ook dat nog verwerkt moet gaan worden. Nou kortom, geen politiek over de mensen maar politiek met de mensen. Daar staat ZEE voor. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nu graag door naar Jong Zandvoort, mevrouw Paap. Mevrouw Paap: Ja, dank u wel voorzitter. Wij zijn blij dat het participatiebeleid wordt geactualiseerd. Het stuk is wat ons betreft duidelijk op het p-beleid na en zal ook verduidelijking geven aan de inwoners wat zij kunnen verwachten met de participatie. Wel zijn wij van mening dat de Raad ook de participatiebijdrage moet accepteren, ook als dit niet in ons straatje past. Dit is de mening van onze inwoners en ondernemers van Zandvoort. Het is belangrijk dat deze wordt meegenomen indien noodzakelijk. Wij hebben verder geen vragen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan het CDA. De heer Stephan. De heer Stephan: Dank u wel. Ja participatie, belangrijk voor het creëren, of eigenlijk beter gezegd het toetsen van draagvlak. Er wordt nog wel eens gezegd creëren van draagvlak, maar eigenlijk toetsen we. Inderdaad zoals mevrouw Paap net zegt ook: het gaat erom op te halen en niet het te creëren.
Dus het toetsen van draagvlak, daarvoor is het belangrijk en participatie moet daarbij ook geen doel op zich zijn. Dat wil zeggen,
vaak wordt het toch gezien als een box die moet worden afgevinkt hè. En wij zijn ervan doordrongen dat dat met de actualisatie van het beleid, hoe dat hier wordt voorgesteld, dat het college dat ook zo ziet. Dat het participatieproces niet een hokje moet zijn wat je afvinkt, maar dat echt serieus moet worden genomen. Dus we zijn heel blij met de voorstellen die daarover worden gedaan. Al helemaal goed om ook te lezen, want er wordt terecht als risico en kanttekening genoemd, mijn collega van VVD haalde het ook al aan, dat er een risico is dat een stille meerderheid niet participeert hè, en daar wordt ook een voor … dat is ook goed om te zien dat het als een apart doel voor de actualisatie wordt benoemd. Maar ook wij hebben daar even een vraag over hoe het college het voor zich ziet. Want daar wordt wel een klein voorbeeld gegeven. Hè, er wordt geëxperimenteerd met andere inzet van communicatiemiddelen. Digitale middelen vormen definitief een vast onderdeel van de inzet wordt hier gezegd. Hè ook minder voor de hand liggende middelen als straatinterviews samenwerking scholen. Onze vraag is wel: zijn dit de juiste middelen om, ja dat stille midden te bereiken. En die vraag heb ik ook van andere collega’s gehoord, maar ik denk dat we daar nog even goed over na moeten denken, dat het college daar ook eens nog goed over na moet denken.
Bereik je zo inderdaad het stille midden en vooral, zorgt het college er ook voor dat het ene middel het andere middel ook niet vervangt hè. Want als je een groter bereik wil hebben, dan moet je misschien ook met meerdere verschillende middelen gaan werken. Hè dus het is net ook aangehaald dat misschien ook minder digitaal vaardige groepen bereikt kunnen worden en op zich doen we dat ook. Want het college heeft bijvoorbeeld laten zien met bijvoorbeeld over parkeerbeleid dat daar ook brieven aan inwoners zijn gestuurd waar zij inderdaad hun input kunnen leveren. Nou, dat lijkt ons een goed voorbeeld van hoe je dat ook structureel kunt voortzetten. Maar deelt het college eigenlijk wat dat betreft de zorg dat … nou ja, of is het college ermee eens dat het ene middel het andere middel niet per se hoeft te vervangen, maar dat wij juist moeten inzetten op een breed scala aan middelen om die brede doelgroep te bereiken. En is het college daarvan doordrongen dat het echt ook nodig is om dat stille midden echt te proberen te bereiken en ervoor te zorgen dat niet alleen, ja wat soms wel eens wordt gezegd degene die het hardst schreeuwt, zeg maar wordt gehoord. De voorzitter: U heeft een interruptie denk ik, van de heer Gerrits. De heer Gerrits: Ja, dank u wel.
Ja, ik zou de heer Stephan willen vragen of hij ervan op de hoogte is dat die brief een brief was met een link naar een website, dus dat het dan alsnog voor mensen met digivaardigheden niet helemaal de ideale optie was. En of jullie er dan wat voor zouden voelen vanuit de coalitie, even een wat bredere vraag, om bijvoorbeeld te zorgen dat mensen tijdens de verkiezingen ook kunnen stemmen op thema's. Zodat hè als, mensen staan dan toch al bij het stemhokje, dus dan is de kans dat ze dat ook gaan invullen, dat je dus ook dat stille midden bereikt een stuk groter. Dank je wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Stephan. De heer Stephan: Ja, heel kort een reactie. Kijk, ik denk dat elke partij voor zichzelf moet invullen hoe hij of zij de verkiezingen wil ingaan. Dus dat laat ik aan de partijen. En wat uw eerste vraag betreft: ik gaf het alleen maar als voorbeeld dat ik die brief die aan de bewoners ging was wel iets anders wat we deden, want over het algemeen is er via een krantenbericht in het verleden een oproep gedaan en zo'n bericht die toch bij iedereen in de bus viel, ja dat heeft toch een ander bereik dan een krantenbericht wat misschien niet iedereen leest, temeer omdat de krant niet bij iedereen bezorgd wordt.
Maar ik deel inderdaad de mening met de heer Gerrits dat het had mooi geweest als daar ook de mogelijkheid was geweest om ook schriftelijk met een ingezonden brief bijvoorbeeld daarop te reageren in plaats van te klikken op de link. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de OPZ, de heer Berg.
De heer Berg: Dank u wel voorzitter. Wij zijn blij met voorliggende startnotitie. Wat wij vooral ook belangrijk vinden is de mate van invloed wat is genoteerd. Duidelijk moet je vooraf meegeven of het meepraten, meedoen of meebeslissen is. Verwachtingen kunnen anders zijn en af en toe in een participatieproces door andere mensen wordt verwacht hoe ze kunnen participeren, dus dat is heel belangrijk dat mensen van tevoren duidelijk krijgen: wat is de mate van invloed van de participatieproces en dat vinden we goed weergegeven hierin. En voor de rest het stille midden, ja dat is heel belangrijk dat alle belanghebbenden vertegenwoordigd zijn, dus dat daar vooral op ingezet wordt vinden we ook van een goede betekenis. Dan hebben we nog wel de terugkoppeling gezien. We hopen dat na iedere bijeenkomst een samenvatting voor de deelnemers wordt gemaakt en het participatieproces voordat een belangenafweging wordt gemaakt, dat dat ook naar iedereen wordt meegegeven. Voor de rest ondersteunen we dit stuk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nu graag naar de wethouder, de heer Bluijs. De heer Bluijs: Ja, het is fijn dat u zo meedenkt. En nou, misschien is dat wel een idee om toch ook nog eens vanuit deze startnotitie ook met de commissie nog eens een keer met de benen op tafel te praten.
Dus we nodigen u natuurlijk zeker uit om deel te nemen of in ieder geval aanwezig te zijn op het moment dat we naar de burgers toe gaan. Hè, we gaan gesprekstafels organiseren. Daar neem ik die aantal suggesties die hier ook zijn neergelegd mee van hoe ga je dat dan doen? Inderdaad niet vanuit de uitgangspunten zoals ‘…’ is, maar vooral vragen: ja, hoe kijkt u hè als bewoner naar … nou participatie, ik vind het een ingewikkeld woord, want inderdaad meedoen, meedenken, communiceren met elkaar, in gesprek zijn, dat vind ik vele malen belangrijk als dat er een bepaalde ladder volg. Nou, dat moeten we echt gaan bespreken met al die partijen en dat neem ik al die suggesties die u geeft, nemen we daarin mee om dat te doen en het lijkt me ook goed om dat dan ook nog een keer met u gewoon ook met de benen op tafel die ideeën mee te nemen. Want het is uiteindelijk gewoon de bedoeling dat we komen tot een systeem wat niet opgehangen is aan een systeem, maar waarin we het recht doen aan het feit wat wij willen ophalen. Het verwachtingsmanagement is dan heel belangrijk, van wat willen wij dan met elkaar ophalen? Misschien moeten we dat aan de voorkant ook beter definiëren met elkaar, daar is al eens eerder over gesproken.
En dan kan je ook het gesprek directer voeren en dan wordt de communicatie veel helderder en duidelijker en ik denk dat dat één van de belangrijkste punten is in dit nieuwe communicatiebeleid, hoe we dat oppakken. We hebben natuurlijk ook nodige ervaringen opgedaan de laatste tijd met nieuwe vormen, maar er zijn nog veel meer nieuwe vormen natuurlijk aan te wijzen. Dus dat even in zijn algemene zin. Er wordt vooral ook gevraagd van goh, en hoe gaan we dan die groep betrekken die zich wat minder laten horen? Nou, dat is wat we ook proberen natuurlijk op te halen in die gesprekken die we met elkaar gaan halen. Maar hangt er natuurlijk vooral vanaf: wat willen we ophalen? Dus hoe ga je participatie inrichten dat je bijvoorbeeld die stille groep wel bereikt. En het is dus ook participatie doen over dingen die positief zijn waardoor andere mensen zich juist geroepen voelen om mee te gaan participeren. Dus te komen tot een goeie motivatie van die participatie. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Broer. De heer Broer: Ja, ik vroeg me even af. U wilt die gesprekken aangaan met specifieke groepen. Maar het probleem is heel vaak juist dat dat stille midden niet bij die gesprekken zijn. Dus de vraag is: we willen het heel graag, maar hoe gaat u die dan aan die gesprekstafel krijgen bijvoorbeeld? Ik denk dat daar een heel grote uitdaging ligt.
En als we gewoon een gespreksavond, nou je kunt ze uittekenen wie er gaan komen. Dat is de usual suspects, maar niet het stille midden. Dus dat is echt een, blijft toch een zorg ook al, ik begrijp uw intenties. De voorzitter: De heer Bluijs.
De heer Bluijs: Ja, dat is dus ook de zorg maar ik denk dat als we meer communiceren, dus bijvoorbeeld zo’n inwonerspeiling waar we het straks over hebben, daar komen bepaalde zaken uit. En als je daar zegt: we willen aan een aantal dingen wat gaan doen en dan, je weet die groep ook te bereiken, dan zal die communicatie en die participatie ook een positieve slag gaan maken. En daar hebben we college en rol in, maar daar heeft u als gemeenteraad hebben wij daar ook een rol in om dat voor elkaar te krijgen. Dus gewoon een hele andere manier van denken wat nodig is maar ja, we gaan die discussie aan en dus we moeten ook nadenken hoe we dat dan ook voor elkaar gaan krijgen en dat zal niet makkelijk zijn. Dat ‘…’ De voorzitter: U heeft nog een interruptie van de heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Ja eigenlijk een extra vraag op de vraag van de Partij van de Arbeid. Want is er ook een mogelijkheid om juist dat stille midden aan tafel te krijgen dat we bijvoorbeeld één van die bijeenkomsten die we naar aanleiding van deze startnotitie met elkaar gaan houden, om die te doen op basis van een loting bijvoorbeeld? Dus daar in juist al dit deel van deze participatie al daarbij misschien een experiment aan te gaan? Gewoon één van die bijeenkomsten zo in te kleden? De voorzitter: De heer Bluijs.
De heer Bluijs: Ja dat je mensen dus, je bedoelt dus dat je gewoon bepaalde mensen gaan uitnodigd… dat doen wij al bij bepaalde peilingen doen we dat al, dat we steekproeven maken en nemen. Nou, dat moet je verder gaan ontwikkelen en dat zijn instrumenten, maar daar heb je wel data voor nodig en die moet je ook weer opbouwen en dat zie je al een beetje ontstaan met die inwonerspeiling waar steeds bepaalde mensen wel en niet aan deelnemen. Maar dat is wel een goed idee, ik zal het zeker meenemen. De voorzitter: De heer Gerrits. De heer Gerrits: Dank u wel voorzitter. Ik had nog een kleine interruptie voor de heer El Gebaly. Bent u het dan niet met mij eens dat een burgerberaad daar misschien de juiste oplossing voor zou zijn? Dank u wel. De voorzitter: De heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Ja voorzitter, een burgerberaad zou één van de opties kunnen zijn. Maar ik denk dat dat één van de tools zou kunnen zijn die in de case van de wethouder terecht zou kunnen komen. Dus ja, dat is voor GroenLinks ook bespreekbaar. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik graag weer het woord aan de heer Bluijs. De heer Bluijs: Ja inderdaad. Nou dus inderdaad de wijze waar burgerinitiatieven en burgerparticipatie op die manier zoals het ‘…’. Dat kan één van de middelen worden.
Maar we zullen ook heel goed moeten kijken en daarvoor zitten ook die staten bij van, waar ga je over participeren en wat is dan de doeltreffende participatie die je gaat toepassen? En dat is, wij hebben altijd geroepen: als we gaan coproduceren, dat is de beste manier van participatie, maar dat is niet altijd waar. Soms helemaal niet. Dat wordt ook in stuk wel duidelijk aangegeven. Op het moment dat je coproduceert schep je een bepaalde verwachting en welke groep komt er dan en als je dan zorgt, als je bijvoorbeeld wil coproduceren in een wijk op een bepaald onderdeel, bijvoorbeeld vergroening van de wijk, en dan een bepaalde wijk met vijfhonderd bewoners aanwijst, dan zal je ook zien dat ook andere mensen zich gaan melden. En dat is de manier van anders denken en anders handelen en dat is wat we moeten gaan ophalen en dat moeten we, ja zien vast te leggen. Maar niet te veel in regels,
maar vooral in beelden en de manier waarop we dat willen doen. En dan is een discussie over een referendum, ja ik ben er persoonlijk geen voorstander van, want dan wordt er maar één vraag gesteld. Het gaat ook om de dialoog. Het gaat volgens mij bij participatie vooral om de dialoog en dan vind ik een referendum nou niet het beste middel daarvoor. Dus ja, GroenLinks geeft aan, die leest veel negatieve reacties, kan korter en duidelijker. Ja, ik lees het niet zo, want het is juist bedoeld juist als een heel open stuk. Maar we zullen wel even kijken hoe we dat dan wel verder brengen, want als jullie negatieve reacties leest, zullen we ook bij de presentaties en het verder in de inspraak brengen, of in de participatie brengen moet ik eigenlijk zeggen, zullen we dat zeker meenemen. Nou burgerberaad hebben we het over gehad. Kan één van de instrumenten worden, maar we moeten wel heel goed bedenken van wanneer we dat nou wel en niet inzetten. Nou, ZEE komt met inderdaad met heel veel zaken die van toepassing kunnen zijn en die moeten bijdragen dat de participatie bij … dus een website waarop je veel meer kan vinden en waar dus ook de burgers maar ook de ondernemers extra worden ondersteund om deel te nemen aan die participatie.
Lijkt mij een heel goed middel wat erbij kan komen en ik denk dat we dat ook verder moeten gaan onderzoeken en daar misschien ook nog eens wat over moeten gaan vragen. Ja, ik denk dat ik op hoofdlijnen, want ik denk dat ik niet op alles in detail nu moet ingaan, maar op hoofdlijnen van u gehoord heb en dat ik het graag meeneem naar de verdere aanpak die we voorstaan. De voorzitter: De heer Stephan, interruptie. De heer Stephan: Ja, ik had nog één concrete vraag, namelijk of het college ermee eens is dat we ook niet … want er staat een concreet voorstel hier, dat wordt ingezet op bepaalde nieuwe middelen, maar dat we dus niet … dat we juist uitbreiden van het arsenaal en niet gaan wisselen van middelen. De heer Bluijs: Nee, de bedoeling is dat we juist maatwerk leveren en afhankelijk van wat we willen ophalen, dat we een keuze maken welke middelen we inzetten. En dat kunnen er meerdere zijn. Maar dat moet je dus gewoon per keer goed bekijken en daarvoor moeten we niet alleen maar denken in een participatieladder maar gewoon in een goeie aanpak en aan de voorkant eerst ons afvragen: wat willen we met de participatie bereiken en welke aanpak hoort daarbij? En als de aanpakken, die staat er nog niet in, dat is een keer met de gemeenteraad, dat mensen graag de gemeenteraad in gesprek wil gaan, dan sturen we de gemeenteraad erheen om dat gesprek te gaan voeren.
Dus zo breed moet je het volgens mij met elkaar zien. De voorzitter: Nog één korte interruptie. De heer Stephan: Excuses, maar sorry, dat nodigt toch nog wel uit tot één reactie, namelijk: snapt het college dan wel dat er wel het gevaar ontstaat dat men zich afvraagt waarom dan op sommige onderwerpen manier A en B worden gedaan en op andere onderwerpen B C D bijvoorbeeld. Hè, dat risico lopen we dan wel. De heer Bluijs: We moeten dit nog verder echt verder gaan uitwerken en soms kan je beter voor een andere oplossing kiezen, ligt eraan wat je dus wil ophalen en hoe diep je ook soms in die participatie wil gaan. Maar het gaat erom dat we resultaat boeken, dat we meer communiceren. Want voor het college is echt ook participatie is ook een vorm van je dienstverlening. En dat staat eigenlijk wel voorop. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik nog even rond voor de tweede termijn. Interruptie volgens mij nog van Mirko.
De heer Gerrits: Dank u wel, voorzitter. Het is een beetje een vraag tussendoor. Ik heb nog vier vragen openstaan van wat ik net stelde in het begin, dus daar zou ik graag nog antwoord op willen hebben. Ik zou ze kunnen herhalen als dat nodig is? De voorzitter: Als u ze even kort wil herhalen? Graag. De heer Gerrits: Vraag één was dat in het document wordt omschreven dat er meer moet worden gedaan met jongeren. Tot welke leeftijd is iemand jong was mijn vraag. Twee is: zullen onder nieuw beleid, zoals de tendens nu lijkt, ook vormen van participatie die nu van kracht zijn komen te vervallen? Derde vraag was: hoe wordt zeker gesteld dat mensen die online participeren dit slechts eenmaal doen en dat mensen buiten Zandvoort geen invloed zullen uitoefenen op de polls en enquêtes? Dus eigenlijk een vraag over de IDbeveiliging. En vervolgens: hoe staat het met het door de PvdA ingebrachte plan voor buurtbudgetten en wanneer krijgen we de beloofde evaluatie? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Bluijs. De heer Bluijs: Ja, de jongeren, ja dat hangt ervan waar we over willen participeren. Daar hangt het vanaf. En als je met jongeren op school iets wil doen, dan ga je daarover participeren. Dan kunnen dat jongeren zijn van tien jaar, twaalf jaar. Maar over het algemeen gaat het over andere onderwerpen. Maar dat zou best kunnen, dus dat laat ik gewoon open.
En ja, dat online en de beveiliging, dat is gewoon techniek, dat moet gewoon goed opgelost worden denk ik. En de buurtbudgetten. Nou, dat is niet onderdeel van de participatie, maar dat zou het wel kunnen worden. Het zou één van de producten kunnen zijn van als je zegt: ieder meebeslissen hè, dus het coproduceren, dat je bij het coproduceren vooral zegt: oké, coproduceren is heel goed. En dan is eigenlijk het resultaat kan zijn dat er een budget bij hoort. En dan kan je ook dus die groep weer beter benaderen en bereiken, maar je zal het dan wel, als je coproduceert, dan moet je het wel over de representatieve groep hebben waarmee je dat wil doen. En wij roepen dan: we gaan coproduceren, bijvoorbeeld Nieuw-Noord hè, riepen we: we gaan coproduceren. Nou, dat is eigenlijk, dan vraag je volgens mij met zijn allen veel te veel. Dus daar moet je vooral over nadenken hoe je dat beter kan inzetten. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik even rond voor de tweede termijn. Heeft er iemand behoefte aan een tweede termijn. Dat is niet het geval. Kunnen we constateren dat dit een hamerstuk is? Ja, ik zie instemmend knikken. Nou, dank u wel. 12. Actuele status geheime stukken De voorzitter: Dan ga ik graag door naar het volgende punt. Actuele status geheime stukken. Portefeuillehouder is de burgemeester. Korte inleiding.
De Raad en het college wens het aantal geheime stukken tot een minimum te brengen. Wanneer ten aanzien van stukken tot geheimhouding wordt opgelegd, dan moet die zoveel mogelijk voor beperkte tijd en beperkte omvang zijn. En geheimhouding kan slechts worden opgelegd op basis van een uitzonderingsgrond van de Wet Open Overheid. Het overzicht van stukken waarvan nog geheimhouding geldt wordt door de organisatie actueel gehouden. Aan dit voorstel is een inventarisatie van nog geheime college- en raadsstukken voorafgegaan. Zijn er nog insprekers? Dat is niet het geval. Dan geef ik graag eerst het woord aan de PVV. De heer Van den Oever. De heer Van den Oever: Ja voorzitter. Ja, we zijn het wel mee eens, zoals we hier … We willen zo min mogelijk geheime stukken en zijn ze er toch, zo spoedig mogelijk de geheimhouding eraf.
De voorzitter: Dank u wel. Dan GroenLinks, El Gebaly. De heer El Gebaly: Ja voorzitter, wat ons betreft blij dat er een actualisatie heeft plaatsgevonden. Iets wat we denk ik, of althans actuele, het is geen actualisatie, het zijn meer actuele status van de geheime stukken. Ik denk dat het iets is wat wij structureel moeten doen en gaan doen. Ik ben blij dat het dus ook op de agenda staat en ik ben blij dat we dat dus doen. Wat ons betreft een hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. D66. De heer Hermsen: Hamerstuk. De voorzitter: Even kijken, dan zijn we bij PvdA, de heer Broer. De heer Broer: Wij hebben geen opmerkingen. Hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. ZEE, de heer Sukel. De heer Sukel: Dank u wel, voorzitter. Hamerstuk. De voorzitter: Jong Zandvoort? Mevrouw Paap: Dank u wel voorzitter. Hamerstuk. De voorzitter: Het CDA. De heer Stephan. De heer Stephan: Ja, geen bezwaar dat het openbaar wordt gemaakt. Goed dat dat nu wordt gedaan, dus ook een hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. OPZ. De heer Berg: We sluiten aan bij de woorden van mijnheer El Gebaly. Hamerstuk. De voorzitter: Dan nog de VVD. Excuus, mevrouw Nederlof. Mevrouw Nederlof: Ook wij sluiten ons aan. Hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik graag het woord aan de wethouder. De heer Moolenburgh: Dank u wel. Ik zou bijna zeggen hamerstuk. Maar nee, even aansluitend op de opmerking van de heer El Gebaly.
U heeft in het stuk kunnen lezen dat jaarlijks deze inventarisatie gedaan wordt, dus in principe is dit gewoon echt een jaarlijks terugkerend thema en wordt even alles doorgelicht of het nog actueel is. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan denk ik dat wij kunnen concluderen dat dit een hamerstuk is. Heb ik het ook nog gezegd. 13. RIB Inwonerspeiling 2022
De voorzitter: En dan kunnen wij door naar het volgende punt. Raadsinformatiebrief inwonerspeiling 2022. De portefeuillehouder is de heer Bluijs. Deze raadsinformatiebrief is geagendeerd op verzoek van het college. Het betreft informatie over de inwonerspeiling 2022. Zijn er insprekers? Nee, dat is niet het geval. Dan wil ik nu graag het woord geven aan de commissie. Begin ik graag met GroenLinks. De heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Ja voorzitter, dan een punt van orde. Want ik ben benieuwd, deze raadsinformatiebrief is geagendeerd door het college. We hebben net een hele mooie notitie gehad van OPZ, dus ik ben eigenlijk wel benieuwd wat het college wenst te bespreken met deze commissie betreft dit stuk. De voorzitter: Dat is een vraag. Toch stel ik voor om eerst een ronde te maken en ik ga nu wel door naar D6… De heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Ja voorzitter, dan zou ik u willen vragen of u wellicht een rondje bij mijn collega's wil doen om eerst de wethouder of, de ja de wethouder, portefeuillehouder eerst het woord geven alvorens de commissieleden aan het woord te komen, want ik ben benieuwd waarom het college dus dit agendeert. De voorzitter: Oké, goed voorstel. Laat ik beginnen bij het CDA. Of zal ik gelijk maar de wethouder het woord geven? We gaan eerst de wethouder het woord geven. De heer Bluijs: Ja. Ja, het verzoek van het college.
Het was al een soort van toezegging omdat we eerder discussies hebben gehad over die inwonerspeiling. En toen was er een discussie, toen heb ik gezegd een keer: nou, als hij er weer is, dan zal ik hem agenderen voor de vergadering. En het is uiteindelijk volgens mij gaat dat via presidium en zo in de commissie. En jullie bepalen dan of hij er wel of niet op komt. Dus hij is er opgekomen, dus ik ga ervan uit dat hij daarom erop staat en niet omdat ik het zo graag wilde maar omdat uiteindelijk de commissie zegt: we willen er wel wat over zeggen. De voorzitter: Duidelijk verhaal. Dan kunnen we nu doorgaan naar de heer Hermsen, D66. De heer Hermsen: Ja, dank u wel voorzitter. Afijn, het gaat inderdaad via de agendacommissie, dus dat is dan alvast een tip. Maar dat komt omdat het college dat dan voorstelt, dus vaak moet er dan wel iets bijstaan, misschien dat de agendacommissie dat dan later kan toelichten wat hier dan misgegaan is, als het college ook niet weet waarom het gegarandeerd wordt. Maar misschien is dat een ander punt van orde. Dienstverlening. Nou dat is fijn. Ambtelijke samenwerking die werkt, want dat is beter geworden. Nee even zonder gekheid. Het is altijd een beetje achteraf de koe in de kont kijken vind ik.
Wat kan je hiermee en wat gebeurt op het moment dat we nu een peiling doen, of over een maand, of over twee maanden, of over een half jaar met het nieuwe parkeerbeleid bijvoorbeeld. Dat geeft gewoon heel veel aan van wat voor effecten iets heeft op dienstverlening en dergelijke. En het is fijn dat de dienstverlening verhoogd, dat was ook een doelstelling om dat te doen. De doelstelling, nou ja we zullen ongetwijfeld straks in het coalitieakkoord ergens door het college wel weer terug horen wat de doelstelling dan was. Dus vraag misschien aan het college dan: wat is de doelstelling voor volgend jaar voor u? Dat lijkt me dan beter om dan te bespreken. En voor de rest, ja we doen het ermee en nou ja, het is in ieder geval blij dat het wel iets beter geworden, maar op heel veel punten is het ook minder geworden. Ja, daar is ook iets waar je wat mee moet. Dus eigenlijk een beetje de vraag: wat gaat u daar eigenlijk mee doen als college met deze uitkomsten? Want u kunt het wel aan ons vragen, maar dat is … aan D66 kunt u het niet vragen, want die staat niet achter het coalitieakkoord, dus dat wordt een beetje lastig. Maar wat gaat u ermee doen? Dus dat is de vraag vanuit D66. En ongetwijfeld dat de heer El Gebaly, die gestart was met zijn betoog en de vraag daar terug had gemoeten, die vraag ook nog wel zal stellen, maar ook
misschien nog een beter betoog heeft dan ik heb. Want nou ja, hier moet u het mee doen ja. Dus wat zijn de doelstellingen van het college voor het komende jaar? De voorzitter: De heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Ja voorzitter, om het betoog van de heer El Gebaly dan af te maken: ik sluit me aan bij de woorden van de heer Hermsen. De voorzitter: Goed. We gaan door naar de heer Broer, PvdA. De heer Broer: Dank u wel, voorzitter. Ja, het doel al besproken. Ja, wij vinden het goed dat er inwoners zijn die hebben meegedaan met deze inwonerspeiling. Maar wat ons, en waarschijnlijk ook anderen hier is opgevallen, is het lage maar ook afnemende aantal deelnemers. Ja, wat ons betreft om een goeie conclusie te kunnen trekken voor het gehele dorp hè, dan 700 versus, nou 17.000. Ja, dient er toch een representatief percentage deelnemers te zijn. Dus wij zouden graag van wethouder willen weten wat hij van dit lage aantal vindt en wat hij eraan gaat doen om dit aantal te verhogen bij de komende peilingen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar ZEE. De heer Sukel. De heer Sukel: Ja, dank u wel. Ik kwam ook wel op 3 procent van de totale bevolking en als je naar de kiesgerechtigden kijkt iets meer dan 5 procent. Nou, sluit natuurlijk ook weer aan op de participatiediscussie hè, hoe krijgen we meer erin? En voor de rest inderdaad de vraag, er staan een aantal opmerkingen in.
Ja, hoe vertaalt het college dat dan in acties en hoe gaan wij daar wat van merken als commissie en Raad. En verder nou ja, fijn dat dit soort metingen in ieder geval gedaan worden, want het blijft toch een beeld geven hoe onze inwoners denken over het dorp. En wat ik me wel afvroeg, wat ik er onvoldoende uithaalde. Ja, het gaat echt over de inwoners. Hebben we ook iets vergelijkbaars voor de ondernemers bijvoorbeeld enzo, zitten die daar bijvoorbeeld ook in ja of nee, of kunnen we er uithalen of iemand bijvoorbeeld een ZZP’er is of iets dergelijks. Dat zijn zaken die er misschien voor de volgende keer nog eens keer extra belicht kunnen worden in het onderdeel participatienota, de p-beleid. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Jong Zandvoort, mevrouw Paap. Mevrouw Paap: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, het is natuurlijk goed dat er jaarlijks zo'n inwonerspeiling wordt gedaan. Wel denken we dat het vaak een momentopname is bij de inwoners van Zandvoort. Dat ligt er natuurlijk aan wat er op dat moment speelt en hoe dat invloed heeft op de inwoners, eventueel ondernemers weet ook niet of die hierbij betrokken zijn. En verder hebben wij hier eigenlijk niks over. De voorzitter: Dank u wel. De heer … sorry, het CDA. De heer Stephan. De heer Stephan: Dank u wel. Ja, positief dat jaarlijks zo'n onderzoekje wordt gedaan.
Maar dit is misschien ook juist even aansluiten op twee agendapunten terug. Goed, misschien pilot om eens te kijken hoe een nieuw participatiesbeleid misschien op zo’n inwonerspeiling al kan worden toegepast hè. Want het lijkt me een neutraal stuk waar dat zou kunnen worden uitgeprobeerd bijvoorbeeld. Er zijn een aantal gegevens die we hier wel uit kunnen halen. Maar ja, terecht zeggen wat collega's, hoe representatief is dit met 700 respondenten. Maar dan toch, ik denk dat we toch wel een aantal conclusies wel serieus moeten nemen. Ik wil er toch graag even op ingaan. Bijvoorbeeld een ernstige daling van het welzijn in de buurt, constateren we hier. 33 procent ziet een negatieve ontwikkeling van de buurt het afgelopen jaar. Nou, daar maakt het CDA
zich wel zorgen over. En daar hebben we toch een paar vragen aan de wethouder graag. Namelijk, ja nogmaals het gaat ook een beetje over representativiteit, maar misschien kunnen we er toch iets over zeggen. Want weet u of er nog een verschil is in wijken? Hoe is dit verschil te verklaren en wat gaat het college eraan doen om hieraan te werken het komend jaar, dat het cijfer weer een stukje stijgt? En misschien mag ik namens het CDA ook iets meegeven, van als u daarmee aan de slag gaat, wilt u dan misschien ook kijken naar een wijkgerichte aanpak op dit onderwerp? Dat is het enige punt wat ik hier uit wil halen. Verder zien we ook heel veel stijgende cijfers, dus kennelijk gaan er ook een heleboel zaken goed. De voorzitter: Dank u wel. OPZ, de heer Berg. De heer Berg: Dank u wel, voorzitter. De inwonerspeiling wordt per jaar gehouden en bestaat uit drie metingen. Met de resultaten kan het college en ambtelijke organisatie bestaand beleid evalueren en informatie verzamelen voor toekomstig beleid. We zijn heel benieuwd naar de inzichten van het college van deze inwonerspeiling heeft gegeven. Voor OPZ zijn de volgende aandachtspunten van belang: een derde van de inwoners vindt dat hun buurt achteruit is gegaan. Openbare ruimte scoort nog steeds een mager zesje.
En over het openbaar groen, meer mensen zijn ontevreden over het openbaar groen dan tevreden en dat was vorig jaar ook al het geval. We constateren dit dus in de peilingen, maar er verandert niets. Het onderhoudsniveau is nog steeds op niveau D. Alleen maar zeggen dat het college eraan werkt, is voor de OPZ voorbij. We hopen dat het nog voor de zomer op de agenda komt. Verder. Sanitaire voorzieningen en toegankelijkheid van het strand zijn aandachtspunten. Ook dit is herkenbaar. Afgelopen jaar zijn veelvuldig de openbare toiletten op ‘…’ plein niet in gebruik geweest. Hier staan al maanden oranje bouwtoiletten. Ook op het zwarte veld krijgen we een signaal dat er veelvuldig tegen meterkasten wordt geplast, maar dat er openbare toiletvoorzieningen gemist worden in heel Zandvoort. Ook langs de boulevard kunnen we maar beter de hoeveelheid verzwijgen. Buurtverloedering. Vorig jaar was het cijfer, ik moest het eigenlijk zachtjes zeggen, een 4,4 en nu een 4,2. Dat is dramatisch dat de buurtverloedering zo hoog op de agenda bij de inwoners staat en dat er dus kennelijk, dat we het niet voor elkaar krijgen. Nog een laatste punt. Voor de fractie van … oh nee sorry, twee punten. Fietsparkeren. Ook daar wordt al jaren over gesproken. Het zou goed zijn als daar beleid op komt en beter op gehandhaafd. Ook weesfietsen blijven veel te lang staan in woonwijken. Tot slot de woningmarkt.
Zowel de jongeren geven aan, 90 procent, dat er nog steeds een groot tekort is aan jongerenwoningen, maar ook de senioren zijn van mening dat er een tekort is aan woningen voor senioren waar ze goed naar kunnen doorstromen. Al vele jaren wordt er gesproken over een verdichtingsstudie. Hopelijk gaat het college komen met daden. Hier willen we het bij laten, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. VVD, mevrouw Nederlof. Mevrouw Nederlof: Ja, dank u wel voorzitter. Uiteraard sluiten wij onze aan bij de vorige sprekers dat inwonerspeiling, dat dat wordt uitgevoerd, dat dat zeer positief is. En je kan daar door dat te monitoren jaarlijks, kun je ook zien of er sprake is van verbetering. Tenminste, dat kan je nog niet na één jaar zeggen maar wel op een gegeven moment. Het is goed om te weten hoe inwoners over hun gemeente denken, hoe weinig het er ook zijn in dit geval, want dat is inderdaad wel een bedroevende respons. En hopelijk kunnen we daar met zijn allen nog een rol in gaan spelen in de toekomst, daar moeten we goed over nadenken. De uitslag vond ik overigens niet zo heel erg verrassend hè, dat er ruimte was voor verbetering. Zoals mijnheer Berg net ook al zei, dat is duidelijk. Het is opnieuw bevestigd.
Vooral op gebied van participatie, openbaar groen, voorzieningen voor jongeren, speelmogelijkheden voor kinderen, en vooral de hele grote behoefte aan woningen voor jongeren, starters en senioren. Dat is overigens ook wel een landelijk probleem wat ook lastig op te lossen is. Er zijn wel plannen om al die zaken op te pakken. Laten we daar dan ook echt mee aan de gang
gaan. Hè, de plannen voor Nieuw-Noord, aangepast parkeerbeleid hè, wat binnenkort ingaat. Nieuwe participatiebeleid waar we het over gehad hebben. En ook een aantal maatregelen om de woningbouw te stimuleren zullen kunnen bijdragen. Het laatste is verschrikkelijk ingewikkeld vanwege allerlei beperkende omstandigheden, stikstofproblematiek, gebrek aan locaties, stijgende bouwkosten et cetera. Dus het zal wel lastig worden, maar ik ben benieuwd wat wij het komende jaar kunnen doen met zijn allen om ervoor te zorgen dat ieder geval volgend jaar de peiling er beter uitziet. De voorzitter: U heeft een interruptie aan het einde van de heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Ja voorzitter, dank u wel. Ja, ik hoor nu al twee keer uit een fractie die deelneemt aan de coalitie iets over jongerenwoningen. En ik heb dan toch wel een vraag aan mevrouw Nederlof. Als ik kijk naar de jongerenwoningen, dan hebben we een tijdje geleden het gehad over de locatie Rückert, waarop we wellicht tijdelijke huisvesting voor jongeren kunnen plaatsen en nou hebben we nu ook weer een raadsinformatiebrief gekregen waarin wordt gesproken over misschien wel definitieve bebouwing op de locatie. Daarmee lossen we natuurlijk niet het probleem jongerenhuisvesting op direct.
Dus mijn vraag aan u is: hoe kan het zo zijn dat we, als we een probleem signaleren, nu weer door deze inwonerspeiling, daar dan toch niet adequaat beleid op maken dat zorgt dat in die tijdelijkheid waar het nu om gaat, dat daar een oplossing in komt. Mevrouw Nederlof: Nou, de VVD is juist voor bebouwing voor jongeren en niet voor de tijdelijke bebouwing. Daar zijn wij geen voorstander van, maar wel voor vaste bebouwing. Voor diezelfde jongeren overigens. De voorzitter: Nog een interruptie, de heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Ja voorzitter. De interruptie die ik graag wil doen is, het probleem zit er meer in, als wij nu weer op lange termijn willen gaan bouwen, dat we daar weer een aantal jaar mee verdoen voor die jongeren. Dus in die tussentijd moet het toch daadwerkelijk wel iets gebeuren om die jongeren te huisvesten, want anders zijn die jongeren die hier nu nog als jongeren worden meegenomen in inwonerspeilingen ouderen straks voordat ze überhaupt een keer in een huis zitten. Mevrouw Nederlof: Maar ook voor de jongeren is afgesproken, hè staat in die raadsinformatiebrief, dat er wel degelijk ook aan prefab wordt gedacht en dat wat heel snel kan gebeuren, wat heel snel gebouwd kan worden. Dat staat in de raadsinformatiebrief. De voorzitter: De heer El Gebaly. Laatste keer. De heer El Gebaly: Dank u wel, voorzitter. Voor de laatste keer.
Dat klopt dat het in die raadsinformatiebrief staat. Het gaat mij er alleen meer om dat als wij deze locatie weer voor iets anders bestemmen, dat … er zijn straks weinig locaties over waarop we die jongeren daadwerkelijk kunnen huisvesten. Dus wat ik wil zeggen eigenlijk is: laten we proberen om zelf het probleem op te lossen in plaats van het probleem weer voor ons uit te schuiven. Ik hoop dat de VVD daarin wil meedenken, samen als de OPZ. Want ik denk dat het juist met de inwonerspeiling zei de heer Berg terecht dat we daar juist mee aan de slag moeten. De voorzitter: Mevrouw Nederlof. Mevrouw Nederlof: Ik denk dat we het daarover eens zijn.
De voorzitter: Goed. Dan stel ik voor om weer door te gaan met de inwonerspeiling en dan komen we aan bij de PVV. De heer Van den Oever: Ja, dank u wel voorzitter. Trots op Zandvoort, dat scoort een 7,3 en de rest minder. Dat kan niet stemmen tot tevredenheid en achteroverleunen. Overlast met een rapportcijfer van slechts 4,2 is gewoon bedroevend. Wat gaan we doen teneinde dit cijfer flink op te krikken? Want dat willen we graag even weten. Dank u. De voorzitter: Dank u. Interruptie, de heer Broer. De heer Broer: Ja, dank u wel. Ik hoor nu net al van OPZ en van PVV dat ze dat cijfer 4,2 omhoog wil halen. Alleen in het stuk staat op het moment dat dat cijfer omhoog gaat, komt er juist meer verloedering, dus lager is beter in dit geval het. Het is heel krom, ik weet het, maar het staat er echt. Ik moest, ik heb het ook twee keer moeten lezen. De voorzitter: Waarvan akte. De heer El Gebaly, GroenLinks. De heer El Gebaly: Dank u wel voorzitter. Ja, ik heb mij vooral aangesloten bij de woorden van de heer Hermsen, dus eigenlijk moet ik die woorden ‘…’ doen. Kleine toevoeging, ook om wille van de tijd. Wat GroenLinks eigenlijk het belangrijkste vindt en ik denk dat dat volgens mij ook wel gedeeld wordt in deze commissie, is dat we vooral ook echt aan de slag gaan. We hebben nu weer duidelijke cijfers gehad van onze inwoners zelf.
Onafhankelijk van hoeveel mensen dat hebben ingevuld, dat doet mij er nog niet eens zozeer toe. Natuurlijk is het wel handig om een representatief beeld te hebben, maar goed dat inwoners het überhaupt invullen. Wat ik nou zo fijn zou vinden is als wij bijvoorbeeld het over het duurzaamheidsbeleid hebben, dat die cijfers die hier uit die inwonersparticipatie ook komen, dat die dan ook bij de raadsstukken worden geplaatst betreffende de inwoners, of betreffende bijvoorbeeld duurzaamheid, maar ook bij andere raadsstukken. Zodat we daar ook gewoon eigenlijk wat meer feiten en cijfers krijgen, meer onderbouwing voor bepaalde beleidskeuzes. Dus ik zou eigenlijk het college willen vragen om dat ook op die manier te doen, want dan zorgen we er ook weer voor dat deze inwonerspeiling ook daadwerkelijk iets uitmaakt of in ieder geval daadwerkelijk onderbouwend kan zijn voor ons eigen beleid dat we hier voeren. Dus ik ben benieuwd hoe het college daarop reageert. De voorzitter: De heer Hermsen, D66. De heer Hermsen: Ik had geen interruptie. Ik wil dan wel een tweede keer gaan in de eerste termijn als u dat fijn vindt? De voorzitter: Nee, dank u wel. U heeft… De heer Hermsen: Nee? Dat vind ik toch jammer. De voorzitter: U mag zo weer. Even kijken, dan ben ik even van mijn à propos wie waar we zijn. Na de check klopt het. Dan zijn we aangekomen bij de wethouder. U mag het woord.
De heer Bluijs: Ja, dank u wel. Ja, dat was natuurlijk een beetje een flauwe opmerking van mij misschien, waarom het college het geagendeerd heeft. We hebben het juist geagendeerd om u mee te nemen in wat onze inwoners van ons mooie dorp vinden en van hoe wij presteren. En ik vond het heel belangrijk om dat ook
met u te delen. En nou, ik begin eerst nog maar even over, ja er doen maar heel weinig mensen mee. Ik verwijs even naar pagina 68. Daar ziet u het respons en dat is een heel ander verhaal als wat er nu door iedereen verteld wordt, dus lees dat nog eens goed. Het gaat wel naar beneden. Het kan beter, daar werken we ook aan, maar er zijn drie metingen geweest met bepaalde respons, met een panel en steekproef, maar dus de peiling is wel degelijk representatief te noemen. Dus wat dat betreft is dat een ander verhaal als wat u nu vertelt. Ik vind het inderdaad belangrijk dat ik dit met uw deel, omdat ik ook vind dat we daar wat mee moeten doen. En daarom ben ik ook wel blij dat ik van een aantal partijen wel inhoudelijk de opmerkingen hebben gehad en dat onderschrijf ik ook hè, CDA en ook OPZ en ook andere partijen hebben ook de negatieve ontwikkelingen in de wijk, die 33 procent, nou dat baart mij zorgen. En het baart mij nog meer zorgen als ik daar ook in lees, nou welzijn en gezondheid, dat neemt ook iets af. Dat heeft met ouder worden te maken. Dat beeld krijg je. Maar ook de bereidheid om voor elkaar iets extra's te doen, om dat een hoger niveau te dragen, dat vraagt ook aandacht. Dus de sociale cohesie, daar moeten we ook aan werken. Nou dit zijn dus punten. Ik kan ze nog verder uitlichten en we hebben ook zelfs wel informatie nog per postcodegebied.
Dat wil ik juist graag meenemen in ons beleid. Dus bijvoorbeeld het beleid wat wij nu gaan formuleren rond de sociale basis. Dan is dit fantastische input. En dan is het de truc natuurlijk ook van nog eens verder te gaan onderzoeken en in welke wijken speelt het dan meer, en wat gaan we er dan aan doen? En dan krijg je de mooie wisselwerking. Nou, en dat geldt voor andere punten. Ja dat er te weinig huizen worden gebouwd voor jongeren, dat krijgen we bevestigd hè. 90 procent geeft dat aan. Nou, die bevestiging had ik niet hoeven hebben, maar hij wordt nu ook wel weer bevestigd. Het groen. En hoe men over hun buurt denkt. Dat moet gewoon beter. Daar moeten we dus op in gaan zetten. Nou, dat moeten we meenemen. En meten is weten zeg ik dan ook, daarom zijn we die inwonerspeilingen ook begonnen. En eigenlijk zou ik ook, zouden wij als college wel een aantal van deze kengetallen, noem ik het dan maar, mee willen nemen in onze begroting. En dan ook ons de doel stellen: hoe gaan we dat verbeteren? Zoals bijvoorbeeld hoe ze over ons denken hè, over het college en over de gemeenteraad, dat kan ook beter. Nou, dan is het toch een hartstikke mooie stimulans dat je dat ook meet en dat je daar ook met elkaar van zegt: daar gaan we wat aan doen. En daarom wil het college u graag deelgenoot maken, ook in de openbaarheid, van dit stuk.
Dus wij willen dat ook wel graag dan van u dan een reactie hebben: wat gaan we er nou met elkaar samen verder mee doen? Het college heeft daar die ideeën over, we willen een aantal kengetallen opnemen. We willen beleidsmatig echt een aantal dingen inzetten. Dus bij bijvoorbeeld over die wijk, die wijken die slecht scoren, daar willen we mee doen. Nou, dat betekent groenbeleid. Nou, de wethouder Hendrikse is met groenbeleid bezig. Nou, daar moeten we op inzetten en daar moeten we extra op inzetten. En dan gaan we beter scoren. En als we dan dat ook nog doen met participatie, dat vergroenen bijvoorbeeld hè, en dan misschien wel ook buurtbudget daaraan koppelen, nou dan gaat het de goede kant op. En dan gebruiken we deze cijfers en ik weet zeker als we dat goed met elkaar oppakken, dat ook de mensen deze peiling weer nog beter gaan invullen en dat we nog meer informatie, en die wisselwerking, die willen we krijgen met elkaar en dat kan je alleen maar voor elkaar krijgen om daar ook in het openbaar met elkaar over te debatteren en te praten. Dus vandaar dat het college dat heeft geagendeerd om dat met u te bespreken. Dus ja, we nemen, we gaan dus echt een aantal zaken beleidsmatig omzetten, meenemen en waarschijnlijk ook bij de begroting al een aantal van die kengetallen meenemen om zo dat ook te kunnen blijven meten en daarop in te zetten.
Dus degenen, de opmerkingen die geplaatst zijn, met name openbaar groen, openbare ruimte en dat die buurtontwikkelingen, dat gaan we zeker direct nu oppakken. De openbare toiletten, maar volgens mij kunnen wij daar ook nog verder op antwoorden nu, maar ik denk dat dat nu niet aan de orde is. Fietsparkeren is ook zo'n punt van aandacht. Dus er, vanuit deze peiling doen we echt een analyse en we geven hem ook terug aan de afdelingen: dit zijn de resultaten en wat gaan we er nu mee doen? Dus eerste keer gehad, nu de tweede keer. Dus er is gewoon veel werk te doen voor ons allen.
De voorzitter: Interruptie. De heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Ja een vraag eigenlijk, die ik heb gesteld maar nog geen antwoord. Dat betreft of er een mogelijkheid er is voor het college om de specifieke cijfers bij specifieke beleidsterreinen ook te verwerken in onze stukken en in onze raadsstukken. Dus we hebben nu bijvoorbeeld risico en kanttekeningen, dat we ook een kopje krijgen met cijfers en die komen dan uit de inwonerspeiling. De heer Bluijs: Ja, ik dacht dat ik daar antwoord op gaf door bijvoorbeeld in de begroting mee te nemen bij de beleidstaken, en daar bijvoorbeeld te melden van nou, wat voor cijfers we hebben gehaald en wat de wens is waar we naartoe willen. En misschien inderdaad als we een nieuw beleidsstuk maken, dat neem ik mee, dat we dan ook refereren aan waarom we dat beleid doen. Maar oké, op zich is het duidelijk over bijvoorbeeld dat groen, maar dan is het wel interessant om dat te blijven meten. Dus in je begroting en in je jaarrekening dat verder op te nemen. Dus ik neem je suggestie wel mee. De voorzitter: Goed. Dan kijk ik even rond voor de tweede termijn. Kan ik iemand het woord geven? Ik zie de PVV, de heer Van Oeveren? De heer Van Oeveren: Ja, ik wilde de heer Broer nog even complimenteren met de juiste weergaven met het cijfer. Dank u wel. De voorzitter: De heer Hermsen. De heer Hermsen: Ja, dank u wel voorzitter.
Zou de wethouder en ambtelijke organisatie mee willen geven, de complimenten in ieder geval van D66 met betrekking tot de vriendelijkheid en de deskundigheid, want die zijn aardig gestegen zag ik. En dat biedt hoop zeg maar in de ambtelijke samenwerking. Dank u wel. De voorzitter: De heer Berg. De heer Berg: Ja, dank u wel. De wethouders zegt: ik kan alleen even niet inhoudelijk nu reageren op openbare toiletten of zo. Ik hoop wel dat het duidelijk is dat die openbare toiletten echt nodig aangepakt moet worden. Het is geen visitekaartje dat er op de Zuid zes van die oranje boxen staan. En op het ‘…’ plein twee van die oranje boxen staan. Het is werkelijk … heel snel moet dat aangepakt worden. Het kan niet zo het seizoen ingaan. Verder bedankt voor dit stuk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Stephan. De heer Stephan: Ja, drie korte punten. Eén. De wethouder had helemaal gelijk, de cijfers kloppen inderdaad. Ik zei ook in mijn inbreng 700 respondenten, maar het zijn inderdaad bijna een derde van de huishoudens, want er staat hier, u heeft bijna 6000 huishoudens aangeschreven en dan hebben er meer dan 2000 gereageerd, dat zijn inderdaad een derde van alle huishoudens. Dat is toch wel een heel ander plaatje inderdaad. Twee. Ik heb de wethouder nog niet gehoord over of het college ook wijkgerichte aanpak meeneemt om te kijken hoe de buurten kunnen worden verbeterd.
En drie. CDA heeft zowel bij de begroting als bij de Najaarsnota herhaaldelijk gevraagd om inderdaad verbetering van het groenbeleid. Nou staat er volgens mij een nota, die komt het tweede kwartaal dacht ik. Maar we hadden wel gevraagd om ook voor dit seizoen al, ja wat verbeteringen te zullen zien. En de vraag is eigenlijk, ik weet niet of dat uw portefeuille is of die van de heer Hendriks, maar kunt u daar al zeggen van, liggen we daar op schema? Bedankt.
De voorzitter: Dank u wel. De heer El Gebaly. De heer El Gebaly: Ja voorzitter, want ik kan een groot aantal van de punten delen. Wij zelf als GroenLinks hebben nog rondom Pede Zuid ook bij rondom het parkeerbeleid aandacht gevraagd voor de dixies die daar al geruime tijd staan. Dus hopelijk dat de woorden van de heer Berg daar nog meer kracht achter zetten om daar zo snel mogelijk tot een oplossing te komen. Dan als ik ook kijk naar de inwoners bij, wil ik ook wel aanstippen dat er wel ook positieve dingen te melden zijn. Als ik bijvoorbeeld kijk naar het gebied duurzaamheid, dan zie ik daar echt een mooie stijging. Stapje voor stapje komen we daar wel echt nu tot significante getallen, dus dat is fijn om te zien. En ook wat betreft andere kerngetallen zie ik daar wel ook een positief beeld uit. Dus we kunnen wel stellen dat, er zijn nog dingen te doen, maar we wonen ook in een mooi dorp. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik graag het woord aan de heer Bluijs. De heer Bluijs: Ja kijk, het gaat juist meestal niet over de positieve dingen, het gaat juist over de dingen die niet goed gaan en waar we wat extra aan moeten doen. En dus de complimenten neem ik graag in ontvangst, maar je kijkt altijd naar de dingen die beter kunnen. En die moet je echt uitlichten.
Dus dat vind ik ook heel belangrijk dat we dat doen en dat we dat signaal ook goed afgeven naar de bevolking dat we daar ook aan werken en dan word je vanzelf beloond met een hoger cijfer. En anders moet je het nog toch beter doen en daar moeten we elkaar ook op aanspreken dan denk ik. De wijkgerichte aanpak gaf u aan, ja nou ja dat zit ook echt in ons beleid, ook in het gebiedsopgave. Volgens mij heb ik vorige keer al een keer iets verteld over dat we bijvoorbeeld met name met Nieuw-Noord nu ook met pre-wonen daarmee bezig zijn. Dus dat zit in die gebiedsopgaves die we ook neer gaan zetten, ook in de begroting nu gaan meenemen. Dus dat gaan we doen. En ja het groenbeleid, volgens mij wordt daaraan gewerkt. Op korte termijn gaan we een aantal maatregelen nemen, maar we zullen in de begroting, ja en dat hebben we al eerder gezegd, misschien extra investeren moeten ook voor de langere termijn, dat we meer met groen gaan doen. Maar dan moeten wel het juiste groen neerzetten, want dat is nog wel eens een probleem in Zandvoort om dat voor elkaar te krijgen. Dus ja, volgens mij waren dat nog de vragen dacht ik. De voorzitter: Dank u wel. Even kijken. Nou ja, conclusie is denk ik dat het stuk voldoende besproken is. De wethouder heeft nog een vraag.
De wethouder: En de vraag is of de volgende, of u behoefte heeft om de volgende peiling, dus volgend jaar weer wel of niet in de commissie te bespreken. Want dan stuur ik hem anders alleen met de actieve informatie, maar dat wil ik graag even dan wel van u horen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Stephan. De heer Stephan: Ja, wat het CDA betreft graag. De voorzitter: Mevrouw Nederlof? Mevrouw Nederlof: Zeker graag. De voorzitter: De heer Broer. De heer Broer: Graag. De voorzitter: D66.
De heer Hermsen: Graag de actieve informatie. Als er daarna nog vragen zijn, dan kan het altijd nog besproken worden. De voorzitter: Kan ook, hoor ik hiernaast. GroenLinks. De heer El Gebaly: Hetzelfde als de heer Hermsen. De voorzitter: ZEE. De heer Sukel: Dank u, graag. Maar niet alleen ter actieve informatie en vragen, maar als er vanuit college ook werkelijk gerichte vragen zijn aan de commissie, dat die er dan ook echt bij zitten. Vergelijkbaar met de oplegnotitie van OPZ bij wijze van spreken, van deze vraag hebben wij enzovoorts. Dank u wel. De voorzitter: PVV. De heer Van den Oever: Ja, wij stellen het op prijs. De voorzitter: OPZ. De heer Berg: Ja, graag behandelen. De voorzitter: Jong Zandvoort. Mevrouw Paap: Wij sluiten ons aan bij de heer Sukel van ZEE. De voorzitter: Dank u wel. 15. Sluiting De voorzitter: Dan sluit ik zo meteen de vergadering. Dan hebben we daarna nog een besloten deel, daar heeft de wethouder Bluijs nog een mededeling. Nou, bij deze sluit ik de vergadering. Het verzoek aan de mensen op de tribune om, nou ja …