Transcript - 13 maart 2024
Tekst van het document
VERSLAG VAN DE RAADSCOMMISSIE VAN GEMEENTE ZANDVOORT d.d. 13 maart 2024
1.
Opening De voorzitter: Hartelijk welkom allemaal. Ook een warm welkom aan de mensen thuis, voor de vergadering van woensdag 13 maart. Vandaag is het vervolg van de commissievergadering van gisteren en er staan nog vijf punten ter bespreking op de agenda.
RUIMTE EN ECONOMIE 2.
Parkeernormennota 2024 De voorzitter: We beginnen bij de Parkeernormennota. Voor dit eerst agendapunt zit wethouder Hendriks aan tafel. Het betreft agendapunt elf van gisteren. Er hebben zich insprekers gemeld voor dit onderwerp. Wij zijn blij dat u nogmaals gekomen bent vanavond. Allereerst verzoek ik de heer Hoogland naar voren te komen om in te spreken. Wij hebben begrepen dat u tevens inspreekt namens de heer Van Bavelgem, sorry Baveltem. De heer Hoogland: Bavelgem. De voorzitter: Toch wel. Die vanavond verhinderd is. U heeft drie minuten voor uw eigen bijdrage en drie minuten voor de heer Bavelgem. Aan u het woord. De heer Hoogland: Goedenavond leden van de commissie, wethouders en andere aanwezigen. Bedankt dat ik vanavond de gelegenheid krijg om mijn zienswijze op de Parkeernormennota van 2024 met u te delen. Mijn naam is Pim Hoogland en ik ben mede-eigenaar van H2H ontwikkeling. Als ontwikkelaar, maar eigenlijk als elk in initiatiefnemer van kleinschalige projectontwikkeling, loop je al snel tegen de uitdaging parkeren aan. Dan bedoel ik specifiek, hoe los je de parkeervraag op die het toevoegen van één of meerdere woningen in Zandvoort met zich meebrengt? Daarom ben ik ook blij met de introductie van een nieuwe nota. Ik richt mij vanavond specifiek op paragraaf 6.3 de afwijkingsmogelijkheden.
Dit doe ik omdat het bij kleinschalige projectontwikkeling de realiteit is dat parkeren vaak niet op eigen terrein is op te lossen. Hierbij moet je denken aan woning inmiddels van dakopbouw, transformatie van detailhandel naar wonen, of kleinschalige nieuwbouwprojecten in het centrum. Ondanks dat ik dit kleinschalig noem levert de som van deze projecten wel degelijk een flinke bijdrage aan de bestaande woningvoorraad. Ik ben realistisch genoeg om mij te beseffen dat we niet onbeperkt woningen moeten toestaan zonder de parkeerbalans in de gaten te houden. Echter gaat het mij voornamelijk om perspectief. Met perspectief bedoel ik duidelijke kaders voor ontwikkelaars en kansen voor Zandvoorters op betaalbare woningen. Momenteel lopen er veel projecten vast op de beperkte afwijkingsgronden van de nota van 2021. Kleinschalige projecten in centrum Haarlem vinden op dit moment in vergelijking tot Zandvoort gemakkelijker en ook aanzienlijk sneller doorgang. Dit ligt hoofdzakelijk bij het onderdeel parkeren. Ik hoor dan ook in mijn netwerk dat veel ontwikkelaars inmiddels langzaamaan buiten Zandvoort wordt gaan kijken. Dit is zonde en in mijn mening ook vooral erg onnodig. Ik zeg dit niet alleen als ontwikkelaar, maar ook als begaand inwoner van Zandvoort.
Een kleine aanpassing kan er naar mijn mening voor zorgen dat we zowel de belangen van de woningvoorraad, een leefbaar dorp en een gezonde parkeerbalans beter op elkaar kunnen laten aansluiten. Zoals aangegeven ben ik daarom blij met de nieuwe nota, maar de paragraaf met afwijkingsmogelijkheden verdienen mijn mening nog wat meer aandacht. In gemeenten als Haarlem of Purmerend is dit duidelijk uitgewerkt. Indien je niet kunt voldoen aan de
parkeereis en de ontwikkeling plaatsvindt in vergunningsgebied, is het mogelijk om terug te vallen op de nulregeling en GROP-lijst. Zandvoort is één van de weinige gemeenten in Nederland waar alles vergunningsgebied is. Juist dit zorgt er automatisch voor dat er geen sprake is van verdringing of waterbedeffect naar andere wijken. Dit maakt het goed mogelijk om de nulregeling en GROP-lijst in Zandvoort in te voeren. Daarnaast staat op de website van parkeerservice Zandvoort dat er al een GROP-lijst wordt toegepast op dit moment. Daarom lijkt het toevoegen van dit onderdeel aan de nota een kleine moeite. Als aanvullende optie vind ik het parkeerfonds een potentieel aantrekkelijk initiatief, maar ik mis hier wel nog een stukje concrete uitwerking. Zijn er bepaalde voorwaarden waar we aan de voorkant rekening mee moeten houden? Gaat dit ook op voor maar één of twee woningen? Daarvan afhankelijk misschien een beetje, is het financieel dan wel uitvoerbaar? Dit zijn slechts een aantal aspecten. Daarnaast ben ik ook benieuwd hoelang de uitwerking hiervan gaat duren en wat we in de tussentijd gaan doen met het onderdeel afwijken. Afsluitend wil ik benadrukken dat ik blij ben dat er een nieuwe nota komt en dat ik de potentie ook wel zie.
Ik denk alleen dat het belangrijk is met name de afwijkingsgronden nog enkele aanvullingen te geven zodat er meer kansen ontstaan voor Zandvoorters op een betaalbare woning. Bedankt. De voorzitter: Dank u wel. Klopt het dat u ook nog … De heer Hoogland: Zal ik die meteen doen of …? De voorzitter: Het is een goede … misschien is het wel beter om eerst … dan dank ik u voor uw eigen bijdrage en dan kijk ik even de commissie rond. Ik zie de heer Berg. De heer Berg: Dank u wel voorzitter. Mijnheer Hoogland ik hoor u vertellen dat kleinschalige projecten lopen vast en er zijn kleine aanpassingen nodig. Kunt u aangeven hoeveel kleine projecten lopen er bijvoorbeeld vast in uw werkkring? De heer Hoogland: Ik denk dat ik vanuit ons kantoor er zeker een stuk of zes, zeven kan noemen die alleen al bij elkaar opgeteld een woning of twintig, dertig zouden kunnen opbrengen die nu letterlijk muurvast liggen. Omdat de huidige nota vind ik voornamelijk op het stuk afwijken onduidelijk is. Er wordt verwezen naar een Mobiliteitsfonds of naar een doelgroepanalyse. Ik denk dat dat onderdelen zijn die voor grootschalige nieuwbouwprojecten zoals bij het Watertorenplein en dergelijke logisch toe te passen zijn. Maar bijvoorbeeld bij een dakopbouw gaat het gewoon vaak niet op.
Ik denk dat dat in combinatie met een onbereikbare afdeling parkeren in Haarlem, er eigenlijk voor zorgt dat wanneer je een oplossing probeert te bieden en je daar bijvoorbeeld drie, vier maanden geen antwoord op krijgt. Anders dan, dat was niet wat we bedoelden. Er gewoon voor zorgt dat het nu klemvast zit. Ik denk dat met wat duidelijkere kaders, dat dat soort projecten gewoon weer doorgaan kunnen vinden. Ook als ze niet doorgaan kunnen vinden is dat ook goed, maar dan is in ieder geval duidelijk dat het niet gaat. De voorzitter: Ik kijk nog rond. Mevrouw koper. Mevrouw Koper: Dank u wel. Sorry hij staat iets te ver weg. U zegt dat er een verschil is met hoe Haarlem de parkeernormen heeft geregeld waardoor het daar beter lukt. Terwijl Haarlem toch ook voor een aantal wijken parkeerbeleid heeft. Kunt u zo'n verschil duiden? U had ook over een nulregeling? De heer Hoogland: Het is niet zozeer het wel of niet hebben van beleid, het is denk ik duidelijke kaders binnen dat beleid. Een concreet voorbeeld is dat binnen bijvoorbeeld een winkelstraat als de Cronjéstraat, daar heb je een duidelijk stappenplan. Dat hebben wij hier ook, alleen op een gegeven moment wordt er dan verwezen
naar 6.3, dat is de afwijkingsparagraaf. In Haarlem staat er dan in die afwijkingsparagraaf, bevindt uw ontwikkeling zich in vergunningsgebied. Is het antwoord in Zandvoort automatisch ja. Dan staat er ook bent u bereid om zeg maar af te zien van het recht op vergunning om de ontwikkeling door te kunnen laten gaan. Daar is dan het antwoord in sommige gevallen, als het daardoor nog steeds aantrekkelijk is, ook ja op. Dan kan zo'n project doorgang vinden. Als het antwoord nee is, is het antwoord nee, maar het is in ieder geval een duidelijke vraag. De voorzitter: Ik kijk nogmaals de commissie rond. Ik zie dat er geen verdere vragen meer zijn. Dan lijkt het me nu tijd voor de inbreng van de heer Bavelgem. De heer Hoogland: Dat is deze. Ik zal het stukje waarin Ronald zich voorstelt maar even overslaan. Het is niet mijn stuk, dus excuus als ik her en der wat moet zoeken. Even kijken. In de nieuwe nota zijn nog enkele punten opgenomen welke de ontwikkeling van nieuwe woningen erg moeilijk maken. Gelet op de wens om 750 nieuwe woningen te realiseren binnen Zandvoort, betekent dit een toename van ongeveer 1100 parkeerplaatsen. Hierbij is uitgegaan van een gemiddelde parkeernorm van 1.5 parkeerplaats per nieuwe woning. Dit is een oppervlakte van zo’n twee derde van parkeerterrein De Zuid.
Als de gemeente wil meewerken aan het realiseren van woningen, zal er dus in veel gevallen meegewerkt moeten worden aan maatwerkoplossingen. Voor nieuw te bouwen woningen zijn vaak goede, praktische oplossingen realiseerbaar. Maar ook daar staat de voorgestelde nota het praktisch gebruik in de weg. Er wordt namelijk gesteld dat een oprit met daarachter een garage, maar telt als één parkeerplaats. Wanneer er bij nieuwe ontwikkeling echter geen recht is op parkeerplaats in openbaar gebied, zal de gebruiker in het geval van bezit van twee auto's beide parkeerplaatsen gaan gebruiken. Het aanpassen van beleid van theoretisch gebruik naar praktisch gebruik is hierbij dus een makkelijke oplossing. Een tweede voorbeeld is het toevoegen van nieuwe appartementen op bestaande gebouwen. Vaak betreft dit appartementen of woningen in het lage prijssegment, waar veel vraag naar is. Op deze locaties is het vaak onmogelijk om parkeerplaatsen toe te voegen op eigen terrein, waardoor gebruik dient te worden gemaakt van overige mogelijkheden die de nota biedt. Het huren van een parkeerplaats is in de voorgestelde nota echter niet meer mogelijk. De loopafstand is verruimd, maar de toename naar driehonderd meter biedt in het centrum vaak geen uitkomst. Deze afstand wordt ook nog eens gemeten via Google Maps, waarbij er dus geen rekening wordt gehouden met toekomstige wijzigingen in openbare gebied.
Er is nog steeds geen mogelijkheid om de parkeereis af te kopen via een Mobiliteitsfonds. Hoewel deze mogelijkheid al wordt benoemd in de bestemmingsplannen uit 2009. Zeker aan starters en mensen met een kleine beurs, is het moeilijk uit te leggen dat de gewenste woning niet kan worden gerealiseerd omdat er een parkeerplaats moet worden gemaakt voor een auto welke men vaak niet eens heeft. Het toevoegen van een adres aan de GROP-lijst, welke al voorhanden is, eventueel in combinatie met een bijdrage aan het Mobiliteitsfonds, is dan de meest eenvoudige en vaak ook meest gewenste oplossing. Wanneer het parkeerprobleem van de andere kant wordt bekeken, kan deze situatie ook oplossingen bieden. Zandvoort kan voorzien in het maken van nieuwe woningen, waarbij door af te wijken van het recht op een vergunning, er dus geen toename van de parkeerlast zal zijn. De nieuwe bewoners van deze woningen kunnen gebruikmaken van het openbaar vervoer, welke een uitstekende verbinding heeft met Haarlem of Amsterdam. Binnen Zandvoort, op de locaties waar het toevoegen van parkeerplaatsen vaak onmogelijk is, zijn de meeste voorzieningen ook nog eens op loopafstand. Het is het niet verplichten van één of meer parkeerplaatsen, maar gebruik van een GROP-lijst heeft dus ook nog eens een gunstig effect op het milieu.
Het vaststellen van deze nota zal niet bijdragen aan de oplossing van het woningtekort in Zandvoort. Wanneer de gemeente meer woningen gerealiseerd wil zien, zal er moeten worden meegewerkt aan maatwerkoplossingen. Waarbij het afzien van het recht op een parkeervergunning de meest eenvoudige, meest praktische en meest goedkope oplossing is. En omdat deze oplossing feitelijk bestaat in de vorm van
een GROP-lijst, kan een eenvoudige aanpassing in de nota een zeer gunstig effect hebben op toekomstige ontwikkeling. Wanneer dan ook een Mobiliteitsfonds wordt uitgewerkt, levert de gemeente een extra hulpmiddel om dan nog eens in extra plaatsen te voorzien. We zouden daarom enkele aanpassingen in de voorgestelde nota op prijs stellen, waardoor het eenvoudiger wordt om nieuwe woningen toe te voegen in Zandvoort. Nogmaals bedankt. De voorzitter: Dank u wel ook voor deze bijdrage. Ik kan me voorstellen dat u de vragen niet kunt beantwoorden. De heer Hoogland: Ik ken vanuit mijn werk wel een aantal van de casussen, dus ze komen me herkenbaar voor, dus ik kan het allicht proberen. De voorzitter: We kunnen het proberen en anders zou ik willen voorstellen dat de vragen via de griffie en de heer Bavelgem bij de commissieleden terechtkomt. Andersom hoor ik net. Ik kijk even rond of er nog vragen zijn op deze inbreng. Ik zie ZEE. De heer Gerrits: Dank u wel voorzitter. Dank u wel voor het inspreken, in dit geval dan voor de heer Bavelgem. Een hele specifieke vraag die we hebben, er werden net al een aantal dingen genoemd zoals uitzondering bij het optoppen van woningen en dergelijke. Graag zouden wij een lijstje ontvangen van de heer Bavelgem mocht hij meekijken wat dan de exacte wijzigingen zijn die hij gezien zou willen hebben. De heer Hoogland: Maar dan bedoel je wijzigingen in ...
De heer Gerrits: In de nota. De heer Hoogland: Ik denk dat wat Ronald bedoelde is dat juist met optoppen, dat is eigenlijk de simpelste vorm van het toevoegen van vaak één woning. Waarbij ook direct het toevoegen van een parkeerplaats op eigen terrein onmogelijk is. Dat zijn oplossing daar echt ook de GROP-lijst is. Dus dat je echt een onderscheid maakt … kijk je hebt kleinschalige ontwikkeling, dat kunnen er ook bijvoorbeeld nog tien zijn. Daarbij zou je kunnen zeggen Mobiliteitsfonds en andere dingen. Maar bijvoorbeeld met een dakopbouw waarbij het er echt maar één is, ik spreek een beetje voor Ronalds beurt, maar ik ga ervanuit dat Ronald daar ook de GROP-lijst bedoelt. Ook omdat vaak in dat soort woningen, die zijn vaak eerder ook geschikt voor starters en dergelijke. De voorzitter: Ik kijk nog, de heer Stephan. De heer Stephan: Dank u wel. Toch een verhelderende vraag. Ik begrijp de term niet, de GROP-lijst? De heer Hoogland: Geen recht op parkeerplaats. Is in combinatie met de nulregeling … de nulregeling zou iets te simpel zijn dat je eigenlijk gewoon zegt goed hier heb je een woning niet parkeren. Als je een GROP-lijst bijhoudt denk ik dat je zeg maar zeker weet dat die adressen ook geen aanspraak maken op de vergunning in de toekomst. Als je bij Parkeerservice Zandvoort kijkt, is er ook al een lijst. Ik weet niet of die letterlijk GROP heet.
De voorzitter: Graag even centraal. De heer Hoogland: Er zijn een aantal adressen die je kan opzoeken bij Parkeerservice Zandvoort en daar staan gewoon letterlijk adressen en huisnummers bij die geen aanspraak mogen maken op een vergunning.
De voorzitter: Helder. Ik kijk toch nog even rond. Dan dank ik u nogmaals voor deze tweede bijdrage. Dan verzoek ik de heer Zuurendonk naar voren te komen om in te spreken. Ook u heeft drie minuten. De heer Zuurendonk: Geachte voorzitter, geachte raad, geachte wethouder, mijn naam is Ronald Zuurendonk. Voor u ligt de Parkeernormennota 2024. Voor de aardigheid heb ik de Discussienota parkeren 1990 meegenomen. In feite speelde toen al de verschillende belangen tussen de bewoners, de bedrijvigheid met het toerisme en de gemeente Zandvoort. Lange tijd was dit krachtenveld redelijk vertegenwoordigd en in balans. Voor mijn reactie op de voorliggende nota wil ik eerst reageren op het raadsvoorstel van B&W. Ik haal een paar punten uit het voorstel van B&W naar voren. Bij vier, argumenten. Vier zes, in de Parkeernormennota is opgenomen dat het instellen van een Mobiliteitsfonds verder zal worden onderzocht. Dit kan een oplossing bieden voor ruimtelijke ontwikkelingen waar het feitelijk niet mogelijk, ruimtelijk niet wenselijk, of financieel niet haarbal haalbaar is om een deel van de parkeereis te realiseren. Bij vijf, risico's en kanttekeningen. Participatie en inspraak hebben niet plaatsgevonden. Sinds 1990 is geleidelijk aan het vergunningenstelsel uitgerold. Steeds met ongeveer dezelfde argumenten.
Iedereen met een auto betaalt nu jaarlijks parkeerbelasting, maar is nauwelijks iets verbeterd. Dat terwijl het aantal inwoners van Zandvoort weinig gegroeid is en het gemiddelde huishouden maar 0,9 auto heeft. Zandvoort vergrijst, dat leidt ook niet echt tot meer parkeerdruk. Ieder jaar verdwijnen er parkeerplaatsen en wordt de openbare parkeerruimte verder belast door laadpaalbedrijven, ondergrondse containers en toeristisch parkeren in de wijken. Om er een paar te noemen. Ondertussen snakken onze bewoners en vooral jonge Zandvoorters naar huisvesting en kunnen ze geen gezin beginnen. Gemiddeld heeft een Zandvoorts huishouden zoals gezegd behoefte aan 0,9 parkeerplaats. Desalniettemin eist de gemeente dat een gewone nieuwe woning parkeergelegenheid biedt voor circa twee hummers. Een eis waar veel van de woningen die gebouwd kunnen worden, door bijvoorbeeld woningsplitsing, perceelsplitsing of optopping niet aan kunnen voldoen. Verder krijgt een nieuwe woning door het parkeernormenbeleid geen parkeervergunning meer in de openbare ruimte, dat is trouwens al vanaf 2021. Als je dit leest dan raak je mij al een beetje kwijt. Als je een nieuwe woning sowieso geen vergunning geeft in de openbare ruimte, waarom bemoei je je dan nog met waar de bewoners van de nieuwe woningen hun vervoersmiddelen stallen? Je hebt het probleem bij hun neergelegd, dan zijn zij verantwoordelijk.
Van mij part op het dak. Maar als je de nieuwe parkeernormennota van de gemeente leest, begin je de salamitactiek van de gemeente te begrijpen. Er duikt nu opeens een Mobiliteitsfonds op. Een Mobiliteitsfonds dat nog niet is uitgewerkt, maar wat er wel gaat komen als u voor de Parkeernormennota stemt. Dit Mobiliteitsfonds gaat de mogelijkheid bieden dat een woning die geen twee parkeerplekken kan realiseren, toch gebouwd kan worden. De woningontwikkelaar moet een dan nog niet nader genoemd bedrag in een fonds storten. De voorzitter: Mijnheer Zuurendonk sorry, korte onderbreking. De heer Zuurendonk: Ben ik er al doorheen? De voorzitter: U bent drieënhalf minuut aan woord. Zou u rustig aan willen gaan naar een afronding? De heer Zuurendonk: Ik zal wat sneller gaan. Aanvankelijk zal dit waarschijnlijk een relatief laag bedrag zijn van rond de 10.000, maar het bedrag zal daarna waarschijnlijk snel oplopen. Er ontstaat dus een boeiende situatie waarbij degene die woning toevoegt aan de Zandvoortse woningvoorraad, geen recht heeft op parkeergelegenheid in de openbare ruimte. Tevens moet gaan betalen voor het niet hebben van de door de gemeente genormeerde parkeergelegenheid op eigen grond. Dit lijkt mij juridisch interessant, maar ik vind het ook uiterst triest dat de gemeente met zoiets durft komen.
Blijkbaar is het geldgebrek en de geldhonger zo groot, dat men geen uitwegen meer ziet. Denk nu niet dat dit geld uit het Mobiliteitsfonds ter beschikking komt voor parkeren, dit is niet gebeurd bij het eerdere parkeerfonds. De opbrengst van parkeervergunningen
of de parkeermeters. Als dat wel was gebeurd, hadden we de huidige problemen niet gehad. De kans is niet gering dat er met dit beleid weinig belangstelling meer zal zijn om in Zandvoort dan woningen te realiseren. Het is de zoveelste maatregel die het realiseren van een nieuwe woning in Zandvoort onaantrekkelijk maakt. Helaas is de eerder genoemde balans van het krachtenveld kapot. De gemeente Zandvoort ontpopte zich geleidelijk van een gemeente Zandvoort naar een BV Zandvoort, naar een BV Haarlem-Zandvoort. De gekste dingen worden nu bedacht om aan geld te komen. De bewoners van de nieuwe huur of koopwoning, zal de kosten van het Mobiliteitsfonds linksom of rechtsom gaan betalen. Lijkt me voor uw raad niet fijn omdat u continu pleit voor betaalbaarheid. De afgelopen 35 jaar sinds de Discussienota parkeren 1990 heeft de bewoner van Zandvoort steeds vaker het onderspit gedolven in de discussie rondom parkeren? Ga ik snel genoeg? Ook nu weer. De bewoner is ronduit slecht vertegenwoordigd en raadsbesluiten uit de vorige raadsperiode om de bewoners meer te betrekken bij beleid, worden door de nieuwe raad tegengehouden. Ik hoor zelfs in de wandelgangen dat u bang bent voor de bewoner. Overigens was daar weinig van te merken tijdens de verkiezingen toen u allen de mond vol had over participatie.
Ook nu weer worden participatie en inspraak overgeslagen en weten de bewoner niet wat hem of haar boven het hoofd hangt. Helaas voor de bewoner wordt door deze Parkeernormennota nu ook het wonen meer en meer geraakt, zowel voor ouderen, maar vooral voor beginners, merendeels jongeren. Als u het op uw geweten wilt hebben en voor uw verantwoording wilt nemen dat u voor de zoveelste prijsopdrijvende maatregel voor wonen stemt, moet u dat niet laten. Wel kan ik u voorspellen dat het zeker tot de volgende verkiezing aan u blijft kleven. Ik dank u voor uw aandacht, hoogachtend. Mijnheer de voorzitter, dit had u niet moeten doen. De voorzitter: U heeft zes minuten de tijd gehad, u heeft extra tijd gehad. ‘…’ (reactie buiten de microfoon). Dat niet, maar ook omdat u … De heer Zuurendonk: Dank u voor uw aandacht allen. Ik wens u een fijne avond. Ik heb hier gisteren tot twaalf uur mogen zitten, ik ga wat anders doen vandaag. De voorzitter: Vandaar u had ook dubbele tijd gehad, maar toch bedankt voor uw bijdrage. De heer Zuurendonk: Ik zou er wel even over nadenken met zijn allen. De voorzitter: Ik kijk de commissie rond of er nog behoefte is aan vragen. ‘…’ (reactie buiten de microfoon). Ik stel voor om door te gaan. Even centraal alstublieft. Ik stel voor om door te gaan naar de volgende inspreker. Ik verzoek mevrouw Mel-Schipperijn naar voren te komen.
Ook u heeft drie minuten spreektijd. Graag even uw aandacht, dank u wel. Mevrouw Mel-Schipperijn: Ik snap wel een beetje de woede, want als je dan tot twaalf uur hebt gezeten de dag daarvoor en dan nu hier. Ik snap het wel een beetje. Goed, beste leden van de raad voorzitter, ik zal het kort houden. Mijn naam is Hanneke Mel ik spreek namens de Zandvoortse ondernemers verenigd in het OBZ. In de Parkeernormennota die vanavond op de agenda staat, lazen dat wij voor dit document zijn geraadpleegd. Er zijn informeel gesprekken gevoerd met onze vicevoorzitter en de ondernemersmanager, echter hebben zij aangegeven dat dit op persoonlijke titel en geen ruggespraak is gehouden met de achterban. Wij hebben een ander beeld van het OBZ raadplegen en dus onderschrijven we dit niet dat dit voor dit stuk heeft plaatsgevonden. Er zijn zorgen bij ons over de Parkeernormennota. Te vaak zien we dat deze nota vertragend werkt bij de woningbouw. Met enorme tekorten op de woningmarkt in Zandvoort staan wij voor een ambitieuzer beleid. We missen echter echt de visie op deelmobiliteit. Wat is de impact van parkeernormen? Hoeveel procent minder plekken moet een ontwikkelaar aanleggen als hij wel zorgt voor een plek en aanbieder is van deelauto's en deelscooters? Waarom bieden we ook niet de mogelijkheid om af te
zien van het recht op parkeerplaatsen, wat al eerder besproken is. Als we de woningbouw van Zandvoort echt in beweging willen krijgen, dan zal de gemeente meer vernieuwing en ambitie uit moet stralen in de regelgeving. Waarschijnlijk doen we dat op een aantal vlakken op basis van een halve informatie, maar we dagen de gemeenten dan ook uit om dit dossier een lift te geven en scherpe en vernieuwende keuzes te maken. Daarnaast roept het Mobiliteitsfonds veel vragen op. In de basis zijn wij niet tegen zo'n fonds, maar in de manier waarop het nu in de nota staat, krijgen we er onvoldoende comfort bij. Is het uitgangspunt van dit fonds bijvoorbeeld dat het kostendekkend is, of moet het winstgevend zijn? Is het een aanvulling op het bestaande budget? In welke orde van grote wordt er gedacht over de bijdrage per parkeerplaats? Waarom wordt er nu gesproken over Mobiliteitsfonds en niet over een fonds parkeerplekken? Heeft de gemeente al concrete plannen liggen om de gelden uit te gaan geven? Committeert de gemeente zich eraan om het geld binnen maximaal vijf jaar uit te geven? Wat gebeurt er met het geld als er binnen vijf jaar geen bestemming wordt gevonden? In andere gemeentes is op last van de rechter het geld teruggegeven aan de bijdrages. Allemaal vragen die essentieel zijn in de afweging of u voorstander bent of de uitwerking van zo'n dergelijk fonds.
Het huidige stuk biedt ons hierin onvoldoende kaders om een standpunt in te nemen. Het OBZ heeft momenteel nog veel vragen. Wij zullen voor de raadsvergadering over twee weken komen met een inhoudelijke bijdrage en een suggestie op verschillende onderwerpen. Dank. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk rond voor het toelichten van de vragen. De heer Hermsen. De heer Hermsen: Dank voor u inspraak, ook voor alle andere insprekers. Ik hoef bijna mijn werk niet meer te doen, dus dat is altijd wel prettig. Stelt u eigenlijk nu voor dat we dat stuk moeten terugtrekken en moeten afwachten op de inbreng en dit verwerken? Of dat we vragen aan de wethouder of hij dat verwerkt? Dat ze ook nog uw bijdrage ‘…’ (inspreker reageert). Mevrouw Mel-Schipperijn: Ja, want wij hebben nog wel een hoop vragen en ook voorstellen, maar dat moeten we eerst wel goed met onze achterban bespreken. De heer Hermsen: Dank. De voorzitter: De heer Stephan. De heer Stephan: Dank u wel. Mijnheer Hermsen neemt een beetje de woorden uit de mond. Sterker nog, ik was aan het meeschrijven. Maar kunt u me misschien nog één keer … over het Mobiliteitsfonds had u vier of vijf vragen? Ik heb er drie genoteerd, kunt u die nog kort herhalen? Zou u we willen doen? Want u had het vooral over wat als we bepaalde middelen niet besteden en daarna was ik het even kwijt.
Mevrouw Mel-Schipperijn: Hoe ziet de gemeente dat, ga je dat over maximaal vijf jaar uitgeven of binnen vijf jaar? Wat als er niet iets gebeurd, hoe ga je dat dan regelen? Er zitten nogal wat haken oog aan. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk rond. De heer Berg. De heer Berg: Korte vraag toch. Maar volgens mij staat in het stuk dat het Mobiliteitsfonds onderzocht wordt en nog niet vastgesteld. Dus het wordt nog niet besloten in deze Parkeernormennota, bent u dat met me eens? Mevrouw Mel-Schipperijn: Je gaat wel al voor een Mobiliteitsfonds beslissen dat dat gaat spelen. Ik denk dat je eerst moet uitzoeken of het überhaupt een reden of een geldigheid heeft.
De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Nederlof. Mevrouw Nederlof: Bent u het met mij eens dat er eigenlijk eerst een Mobiliteitsfonds de inhoud daarvan bekend zou moeten zijn voordat die Parkeernormennota gemaakt kan worden? Mevrouw Mel-Schipperijn: Ja, je hebt het best wel over een heel belangrijk onderdeel als je dat zo zou … Mevrouw Nederlof: Dank u. De voorzitter: Goed, dan dank ik u voor uw bijdrage. Ook voor nogmaals uw komst. Dan is nu het woord aan de commissie. Dan geef ik graag eerst het woord aan de heer Gerrits van ZEE. De heer Gerrits: Dank u wel voorzitter. Wat moet je vinden van deze technisch ingestoken nota. De grote vraag is, hoe het één en ander in de praktijk gaat uitpakken. Dat hangt samen met de ruimte kwaliteit die we voor ogen hebben. Meer bebouwing, betekent meer verkeer, dus meer blik. Als we weer toerisme verwachten, dan leidt dat ook tot meer verkeer, ondanks de wens om te sturen op meer duurzame mobiliteitsoplossingen. Zolang openbaar vervoer duurder wordt en niet voor iedereen een alternatief is, blijft dat dus een zorg. Verder staan wij heel erg achter het pleidooi van een aantal van de sprekers vanavond. We denken dat het belangrijk is om inderdaad de uitzonderingsmogelijkheid aan te scherpen, mits de nota aangenomen wordt. Te verduidelijken, omdat het belangrijk is dat ontwikkelaars weten waar ze aan toe zijn.
Ook ondersteunen wij het pleidooi van de spreker die wat eerder weg is gegaan, misschien niet in zijn felle verwoording. Maar ZEE staat natuurlijk voor participatie. Niet alleen maar wat zeggen achteraf op het moment dat wij hier met elkaar wat hebben besloten. Maar meedenken en daadwerkelijk invloed toevertrouwen aan de inwoners en dat is niet gebeurd bij dit stuk. Zelfs niet bij onze ondernemers en ontwikkelaars en mensen die hiermee te maken hebben. Dat is voor ons een grote zorg, zeker als het aankomt op het Mobiliteitsfonds. Ook omdat los van een aantal technische vragen, hoe snel gaat het uitgegeven worden? Wanneer? Er is geen duidelijke ambitie gesteld, er is geen richting. Wat willen we ermee? Wat gaan we ermee doen? Dat vinden wij een kwalijke zaak. Tot slot, je bent pas ergens als je geparkeerd hebt, zowel met de auto of als de fiets. ZEE hoopt daarmee dat er steeds meer oog is voor ondergronds parkeren, zowel bij nieuwbouw als voor toerisme. Ook willen we blijven benadrukken dat er echt iets nodig is op het gebied van de ontsluiting. Dus als we al een doel gaan stellen, als er zo’n onderzoek komt, iets waar we voor nu tegen zijn. Laten we ambitieus zijn, laten we kijken of we een busbaan langs het spoor kunnen bouwen met een fiets erbij. Laten we verder kijken dan waar we tot nu toe met elkaar mee bezig zijn. Dat was het eigenlijk. Dank u wel voorzitter.
De voorzitter: Dank u wel. De VVD, mevrouw Nederlof. Mevrouw Nederlof: Dank u voorzitter. Ook wij bedanken de insprekers. Laten we vooropstellen dat de VVD het belang van de Parkeernormennota inziet. De doelstellingen, namelijk het ontwikkelen van een eenduidige en transparante werkwijze, onderschrijft. Dat deden de insprekers overigens, die gaven dat ook aan. Echter gezien de nijpende woningnood en de beperkte bouwruimte, is het van groot belang dat de gestelde norm realistisch is. Dat er geen vertraging optreedt, of dat bouwen zelfs niet mogelijk blijkt te zijn door de Parkeernormennota, welke heel weinig ruimte biedt voor andere invulling. De insprekers bevestigen eigenlijk wel onze zorg. Als er een afweging wordt gemaakt geniet wonen toch echt een hele grote prioriteit. Dat is ook de reden waarom we een aantal vraagtekens hebben op een aantal punten en ook al wat technische vragen hebben gesteld. Dank voor het beantwoorden van de vragen. Echter de antwoorden stellen ons absoluut niet gerust. Op pagina 21 bijvoorbeeld van de nota, staat dat parkeerplaatsen inpandig moeten zijn, fietsparkeerplaatsen. Dit zal de toch al beperkte ruimte welke beschikbaar is voor nieuwbouw, tenzij het om
grote projecten gaat, meer gaan belasten. Wat is de reden waarom dit is gesteld? Dat is de vraag die we hebben gesteld. Het antwoord is dat er wordt gezegd daar wordt pragmatisch door de toetsers mee omgegaan. Zeg dan niet dat het inpandig moet zijn, zeg dan dat je de intentie hebt om het inpandig te doen. Als je aangeeft dat het inpandig moet zijn, dan kan je daar niet pragmatisch mee omgaan lijkt me, want dan lijkt me dat een regel. Verder hadden we de vraag gesteld over het laden en lossen op eigen terrein. Ook dat kan natuurlijk prima bij grote gebouwen. Maar manoeuvreren op een eigen terrein midden in de Haltestraat lijkt me best wel ingewikkeld als daar gebouwd gaat worden. Daar moet dan ook weer een uitzondering op komen. Dat moet allemaal weer aangevraagd worden. Ik denk dat de heer Hoogland daar ook naar wees. Die vergunningen dat duurt natuurlijk ook dan wel heel erg lang, als er allemaal maar iedere keer voor elke uitzondering een vraag moet worden gesteld. Terwijl je het ook in het algemeen kan stellen bij minder dan vijf woningen in het centrum ik noem maar even wat. Dan vervolgens maken wij ons ook zorgen om de elders, gehuurde parkeercapaciteit voor gebruikers dat hij beschikbaar moet blijven. Als deze beschikbaarheid wordt beëindigd, dat er voor vervangende parkeerruimte moet worden gezorgd door de verhuurder. Dat vinden we wel heel erg ver gaan.
Je moet een huurcontract toch gewoon van een parkeerplaats op een gegeven moment op kunnen zeggen als je de boel verkoopt. Dat zorgt er ook voor dat de parkeerplaatsen minder waard zijn als er helemaal geen flexibiliteit meer is. Ik vraag me ook af of sommige mensen nog plekken gaan verhuren als deze eis gesteld wordt. Tevens is er bij de appartementencomplexen, behalve een parkeerkelder voor bewoners, een verplichting om ook voor bezoekers te realiseren op eigen terrein. In het voorbeeld op pagina 12 wordt gesproken over negen bezoekersplekken bij dertig appartementen. Deze regels houden verdichtingsbehoefte wel heel erg in de weg kunnen staan. Stel dat er sprake kan zijn van ophoging van huidige appartementen, de heer Hoogland gaf dat straks ook al aan. Of splitsing van grotere woningen, of nieuwbouw in dichtbebouwd deel van Zandvoort. Zulke plannen kunnen door de parkeernota zoals nu gesteld, waarschijnlijk geen doorgang vinden. We onderschatten het parkeerprobleem niet, maar wonen is echt een levensbehoefte welke boven parkeren gaat en de VVD vindt deze regel ook absoluut niet acceptabel. Verder maakt de VVD zich echt grote zorgen. We zijn van mening dat de voorliggende Parkeernormennota, als die wordt aangenomen, de woningnood voor een groot deel op slot gaat. De opmerking dat het instellen van een Mobiliteitsfonds kan worden ingesteld, stelt ons niet gerust.
Immers de bedragen kunnen dusdanig hoog zijn dat bouwen financieel nog steeds niet haalbaar is. Het lijkt ons de moeite waard om in ieder geval deze Parkeernormennota nog te parkeren tot er geparticipeerd is wellicht, ook door de onder ondernemers en door de ontwikkelaars. Maar ook tot het tot er meer duidelijkheid is over dat Mobiliteitsfonds. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De PVV de heer Van Tiggelen. De heer Van Tiggelen: Dank u wel voorzitter. Ik loop op deze planeet bovengemiddeld al wat jaartjes mee. Ik kan me nog goed herinneren begin jaren 60, bijna niemand in de straat had een auto. De mannen ging naar hun werk met een lunchtrommeltje op de snelbinder achterop de fiets. De winkels die waren om de hoek. Beide mijn ouders hebben nooit een autorijbewijs gehad want dat was ook helemaal niet nodig, want alles was binnen loopafstand op te halen wat je nodig had. Sindsdien is er wel wat veranderd kan ik u verzekeren voorzitten. Als ik de A1 wilde oversteken na een wandeling op een zondagmiddag, dan moest ik even kijken of er misschien een auto aankwam. Als ik dat op dezelfde locatie nu zou proberen, zou ik ogenblikkelijk worden opgepakt. Dat is de kern van het probleem is twee oorzaken, toenemende welvaart en toenemende bevolking in dit land.
In 1990 stond parkeren al op de agenda, volgens mijn informatie stond het daarvoor ook al op de agenda en mijn inschatting is dat het nog wel even zou zal blijven. Nu zitten we natuurlijk met een probleem, probleemoplossend vermogen, want hoe los je het op? Wat is het druk in het centrum zeg, laten we daar maar betaald parkeren doen. Mensen die daar net buiten wonen die merken opeens dat het druk is in de straat met auto's. Wie had dat nu verwacht? Laten we daar ook maar betaald parkeren doen en zo ga je door.
Op een gegeven moment is het waterbed heb je helemaal tot aan de randen bereikt, dan heb je in het hele dorp betaald parkeren. Dan ga je dat in het centrum weer duurder maken dan de rest, maar dat lost niks op. Geld lost niks op. Je hebt geen geld nodig, je hebt ruimte nodig. We hebben ook geen tekort aan ruimte, we hebben te veel aan mensen. Maar goed er was ooit iemand die zei grenzen dicht, wie was dat ook alweer? Maar goed, daar gaan we het vandaag maar niet over hebben. Even over het stuk zelf. Ik kan me aardig vinden in de woorden van mevrouw Nederlof. Even parkeren, daar lijkt het toch wel op dat we dat even moeten doen. De eerste inspreker, alle insprekers bedankt trouwens, de één wat meer dan de ander hoor. Die had praktische suggesties en daar gaat de wethouder vermoedelijk wat mee doen. Er zitten nog suggesties aan te komen, die gaan we natuurlijk niet op voorhand naast ons neerleggen, dus laten we dat heel eventjes afwachten. We sluiten ons eventjes aan bij mevrouw Nederlof, even parkeren. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik naar het CDA. De heer Stephan. De heer Stephan: Dank u wel. We hebben ook noten genomen van de Parkeernormennota, om eventjes door te gaan met de woordspelingen. Eerlijk gezegd kan ik me ook goed aansluiten bij het betoog van mevrouw Nederlof. Dus ik ga dat ook niet herhalen over de zorgen die we daarin zien.
We zien het wel, ook om het te nuanceren, niet zo zwaar dat we menen dat deze nota niet aangenomen zou moeten worden. Maar we willen wel meegeven dat we ook wat zorgen hebben. Ik pik daar even de twee grootste zorgen uit. Ten eerste, zoals ook door OPZ ingebracht, lijkt eigenlijk de mogelijkheid om te kijken naar deelmobiliteit … we zien het wel terugkomen in de nota en dan wordt ook gekeken hoe daarmee om te gaan. Maar het lijkt toch nog een beetje mager als het gaat om de ik wil niet zeggen fantasie, maar het lijkt een beetje alsof men een beetje bang is om daarmee te werken. In de zin van verwerk het nu in bijvoorbeeld kleinschalige projecten. Als de heer Hoogland voor zou willen kiezen om bijvoorbeeld voor studenten te bouwen, kunnen we denk ik daar eerder van uitgaan dat daar eerder deelmobiliteit zou worden kunnen gebruikt dan bijvoorbeeld als we twee eengezinswoningen bouwen. Dus daar verwachten we wat meer durf om zeg maar met die deelmobiliteit ook aan de slag te gaan in de verwerking in wat als mogelijkheid is voor het realiseren van parkeerplekken. Althans de eventuele niet noodzaak ervan aan te nemen als je uitgaat van de mobiliteit. Dan hoor ik graag hoe ook de wethouder daarover denkt. Of we daar niet nog wat meer concreet met die deelmobiliteit kunnen omgaan als het gaat bijvoorbeeld dus om het realiseren van parkeerplekken.
De tweede vraag is, dat zit ook op het Mobiliteitsfonds. Daar deel ik eerlijk gezegd ook de vragen van vooral mevrouw Mel. Ik wil er toch twee uitpikken. Maar ik zou het fijn vinden als, u heeft waarschijnlijk ook meegeschreven, als u op die vragen zou willen ingaan. Dus dat hoef ik ze niet te herhalen eigenlijk. Maar misschien nog wel voor ons van belang. Als we nu, want dat vinden we heel belangrijk bij het fonds, is dat nu een stuk van de raad of meent het college dat dat een invulling kan krijgen als collegebevoegdheid? Want dat vinden we nog wel relevant en ook ten aanzien hoe wij erover denken. We zouden wel als raad hier ook zelf invulling aan willen geven. Maar ik hoor ook graag hoe het college daarover denkt. Dat was het voor nu. Dank u wel. Mevrouw Koper, ik u zie niet maar ... PvdA. Mevrouw Koper: Maar ik ben er wel. Dank u wel voorzitter. Dank ook namens de Partij van de Arbeid voor alle insprekers, heldere inspraak. Jammer dat de heer Zuurendonk vond dat de termijn te lang werd. Want ik vind het goed als een voorzitter zich houdt aan de termijn. Gisteren waren we daardoor wel heel erg uit de tijd gelopen, dus ik ben heel blij als termijnen gehaald worden. Maar goed, ik begrijp ook dat als je tot twaalf uur zit te wachten, dat dat ook vervelend is voor de insprekers. Moeten we misschien zelf ook wat anders aan doen. Er zijn zorgen over deze nota.
Mevrouw Nederlof heeft een aantal dingen heel helder al gezegd en de insprekers ook. Want deze nota gaat over nieuwe ontwikkelingen. Want we hebben schaarste, we kunnen die
grond niet uitbreiden. We hebben de ruimte hard nodig voor de leefbaarheid en om woningen te bouwen. Vandaar deze nota. De nota van 21 werkte niet goed, vandaar deze aanpassingen, maar geven die nu het gewenste resultaat? Ik hoor eigenlijk alleen maar dat zaken niet worden opgelost. Voor de Partij van de Arbeid betreft, heeft de Formule 1 en het mobiliteitsplan laten zien dat we ook heel goed bereikbaar kunnen zijn zonder uitbreiding van de auto, maar we moeten wel goed beleid met elkaar voeren over die schaarste. Dus extra capaciteit en ruimte creëren voor de auto lijkt me niet nodig. Denk dat iedereen zit te springen om woningbouw. Er staat nu dat er een kleine aanscherping is van de nota, waardoor er geen overgangsregeling nodig is en ook geen participatie. Maar bijvoorbeeld het voorstel om een onderzoek te doen naar de Mobiliteitsfonds, of de gedachte die er niet in staat maar die wij heel interessant vinden om te onderzoeken, de nulregeling. Dat zijn toch zaken die best wel ver strekkend zouden kunnen zijn? Dan moet je gewoon de inwoners en de ondernemers horen, want dat gaat ze aan. Dus wat ons betreft is het feit dat er niet geparticipeerd is al iets waarvan wij zeggen, dat zou over moeten. Dan het onderzoek naar het Mobiliteitsfonds, in feite staat zo'n Mobiliteitsfonds haaks op een Parkeernormennota.
Dus de mensen die nieuw ontwikkelen krijgen de opdracht om het binnen hun eigen ruimte op te lossen, want we hebben geen grond. Dan mag je wel geld in een potje stoppen waarmee je de verplichting om voldoende parkeercapaciteit overdraagt aan de gemeente. Maar die heeft ook geen ruimte. Want de heer De Kloet heeft niet voor niks een verdichtingspeiling laten doen voor woningbouw. Kortom het is afkoop met een potje met geld en niet duidelijk is wat daarmee gaat gebeuren. Dat fonds, de heer Zuurendonk refereerde eraan, dat hadden we vroeger ook. Ik ben ook, niet zo oud als de heer Van Tiggelen denk ik, maar ik loop ook al wat langer mee. Dat fonds is niet voor niks in 2009 rond die tijd afgeschaft. Want ik weet uit die tijd dat het storten in een parkeerfonds, mevrouw Nederlof gaf het ook al aan, was zeker voor kleine ondernemers of voor kleine ontwikkelingen een reden om af te zien van ontwikkelen. Als er nu iets is wat we niet willen, noch in woningbouw, noch wat we gisteren met elkaar gezegd hebben de toeristische visie, is het stopzetten op ontwikkeling. Dus wat ons betreft is zo'n Mobiliteitsfonds dat zou niet onze keuze zijn. Die nulregeling, afzien van het recht, ik kan me heel goed voorstellen dat we daar wat mee kunnen. Dus dat zou ik wel willen onderzoeken. Tot die tijd lijkt me dat we nog allerlei zaken beter moet worden uitgewerkt.
Die participatie, mobiliteit, deelmobiliteit, het is allemaal al gehoord. Je moet vooral zorgen dat je een gelijk speelveld creëert, dat je daar geen ongelijkheid in hebt. Ik heb nog twee vragen over het stuk. Op pagina zestien lijkt de deur die dicht was voor parkeervergunningen weer wordt opengezet. Dat staat haaks op het beleid om geen parkeervergunningen meer uit te reiken, dat is dan een escape. Het feit dat je dan een tegengestelde beweging maakt op je eigen beleid, lijkt mij juridisch niet handig. Dus ik zou willen vragen of het juridisch onderzocht is. Je moet niet iets voorstellen waarin je later weer in de problemen komt. Dan wordt de functie geschrapt voor panden zonder woonfunctie. Dat gaat dan om allerlei commerciële functies, maar is er gedacht aan niet commerciële functies? Zoals huiskamerprojecten die we in de wijken willen organiseren, waardoor mensen die bijvoorbeeld slecht ter been zijn, dat niet meer kunnen bereiken. Dat is nog een vraag die ik heb. Maar dat mag ook gewoon schriftelijk behandeld worden, want vooralsnog zou ik er het meeste voor voelen als we met elkaar zeggen pas op de plaats. Er moet eerst meer onderzoek komen en hij is nog niet besluitrijp. De voorzitter: Helder. Ik kijk naar Jong Zandvoort, de heer Berg. De heer Berg: Dank u wel. Allereerst dank voor alle insprekers en ik ga er toch wat over zeggen.
Ik hoor nu heel veel collega's zeggen wat zonde dat die mensen twee uur weer hebben zitten wachten. Dat is precies waarom ik tweeënhalf uur voor het einde van de vergadering gisteren heb gezegd, laat die insprekers nu weten dat we het niet gaan halen. Dan dat ik nu mijn collega's hoor zeggen sorry dat u heeft moeten wachten. Dat hadden we gisteren ook kunnen bedenken. Dat gezegd hebbende. Ga ik over naar de Parkeernormennota. De huidige Parkeernormennota sluit niet meer aan op het huidige parkeerbeleid en daarom is het goed dat
het college met een nieuwe Parkeernormennota is gekomen. Ik zal beginnen met een aantal positieve punten van de nieuwe Parkeernormennota. De acceptabele loopafstanden voor woningen zijn verruimd, de uitzonderingsgrond zwaarwegend belang is geschrapt. De kengetallen zijn geactualiseerd en de acceptabele loopafstand voor een recreatiebestemming is afgeschaft. Dat laatste maakt natuurlijk dat de nieuwe Parkeernormennota aansluit bij het huidige parkeerbeleid. Toeristen moeten zoveel mogelijk aan de randen van Zandvoort parkeren. Bij de huidige situatie van loopafstanden voor recreatiebestemmingen ontstaan nu situaties die wel aansluiten bij het parkeerbeleid, maar niet bij de Parkeernormennota. Goed dat dit dus wordt geactualiseerd met het beleid. Hoewel mijn fractie dus de noodzaak van een nieuwe Parkeernormennota erkent, hebben we bij het collegevoorstel nog wel een aantal vragen. In de nieuwe Parkeernormennota wordt vol ingezet op een Mobiliteitsfonds. Dit fonds ontbreekt echter in het voorstel. Het Mobiliteitsfonds wordt in deze nieuwe nota duidelijk aangewezen als ei van Columbus, maar in de nota wordt alleen geopperd om dit verder te onderzoeken. Mijn fractie had graag gezien dat een dergelijk Mobiliteitsfonds bij de nieuwe Parkeernormennota was inbegrepen.
Daarom mijn eerste vraag aan het college, is het college het met mij eens dat dit wenselijker had geweest als we het Mobiliteitsfonds gelijk zouden behandelen met de Parkeernormennota? In de huidige Parkeernormennota zijn er een aantal mogelijkheden als je als ontwikkelaar geen parkeerplek kan realiseren bij een nieuw project. Je kan bijvoorbeeld een abonnement nemen bij P De Zuid of LDC, of je kan een ontheffing aanvragen onder het mom van zwaarwegend belang. Allebei deze mogelijkheden zijn in de nieuwe nota geschrapt. Mochten wij deze nota aannemen, komt er dus een periode dat er geen nieuwe ontwikkelingen komen zonder parkeerplekken op eigen terrein. Dat heeft drie oorzaken, zijn ook al veel genoemd, maar ik heb veel tijd gestoken in het voorbereiden, dus ik ga ze nog een keer noemen. Er kan geen aanmerking worden gemaakt op een parkeervergunning op straat omdat de druk op de openbare ruimte niet mag toenemen. De huidige manier om af te wijken van de verplichting zijn geschrapt. Reden drie, het nieuwe Mobiliteitsfonds bestaat nog niet, dus daar kunnen ontwikkelaars ook nog geen gebruik van maken. Kortom, mijn fractie is heel benieuwd hoe het college om kan gaan met deze op het oog ongewenste uitkomst. Ik kan me niet voorstellen dat dit de uitkomst is die het college voor ogen heeft. Dus ik hoor graag wat de wethouder denkt van de situatie die ik net geschetst heb.
Daar laat ik het bij, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Hermsen, D66. De heer Hermsen: Dank u wel voorzitter. Het is hetzelfde dat ik meemaak op een avond als deze. Zeker als het gaat om een Parkeernormennota dat ik zoveel partijen hoor draaien. Laat het helder zijn dat D66 vanaf het begin al heeft gezegd als je wil bouwen, bouwen, bouwen, dan moet je wat doen aan parkeren, parkeren, Parkeernormennota. Als we toch foute woordgrappen maken. Nee, maar het is even serieus, we hebben nu te maken met het feit dat ik voor het eerst in mijn carrière als raadslid niks meer hoeft te zeggen en eigenlijk gewoon kan verwijzen naar de insprekers. Want dit is exact het probleem met deze Parkeernormennota en waarom we eigenlijk nu niet meer kunnen bouwen. We horen het met kleine projecten, maar ook met grote objecten. Want grote projecten moet je dus ook realiseren op moment dat je parkeren op eigen trein moet realiseren en ik weet niet wat het tarief nu is voor het bouwen van een parkeerplaats. Maar ik weet uit het verleden dat we in de periode, dacht ik in 2022 of zelfs daarvoor, toen er nog helemaal geen eisen werden gesteld aan de hoge materiaalkosten et cetera. Dat ongeveer een parkeerplaats zo ongeveer 44.000 euro kost. Dan inderdaad wat er dan gebeurt, is dat het eigenlijk wordt opgeteld op de waarde van de woning zoals die is.
Ik ben in ieder geval blij dat we op dit moment als raad eindelijk eens een keer inzien dat dit een probleem is. Dat het probleem dus iets waardoor we iets niet kunnen realiseren. Als het beleid dan, zeker ook in 6.3, waar de afwijkingsmogelijkheden en een stappenplan verwijzen naar iets wat niet bestaat mogelijk ook onuitvoerbaar is. Dat het ook lastig maakt zeg maar om de beoordeling te doen en vervolgens het bedenken
van wat gaan we nu eigenlijk in de tussentijd dan doen? Gelukkig hoorde ik het woord besluitrijp al vallen. Dat is ook onze mening en dat zou ook ons voorstel zijn voor dit item. Om het gewoon niet besluitrijp te laten maken. Terug te sturen naar de tekentafel, participatie te laten plaatsvinden, de inbreng te laten verwerken. Ook op zichzelf ook ben ik zeer benieuwd naar de inbreng van de heer Hoogland als het gaat om kleine projecten. De inbreng die hij misschien ook wel dan op dat moment kan meegeven aan de wethouder daarin. Maar laten we nu wat doen voordat we, dan verwijs ik ook maar gewoon even naar het coalitieprogramma's zoals die er ligt we hebben hem niet ondersteund, maar als je wilt bouwen dan is dit het moment om er wat aan te doen. Dan niet te verwijzen naar afwijkingsmogelijkheden die niet realistisch zijn, niet te verwijzen zeg maar naar iets wat er nog niet is. Ik hoorde het de heer Berg van Jong Zandvoort het ook zeggen. Dus ik ben blij dat hij er precies hetzelfde over denkt. Ik ben eigenlijk blij dat ik een aantal partijen, tot nu toe bijna alle partijen heb gehoord dat ze zeggen ik ben het er helemaal niet mee eens. Ik heb zelfs de heer Van Tiggelen horen zeggen misschien is het een idee voor een autovrije zondag, maar dat is eventjes … ik weet niet of hij dat precies zo heeft gezegd, maar dan kan hij in ieder geval wel weer over de A1 lopen. Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel voor uw bijdrage. Dan gaan we nu naar de OPZ, de heer berg. De heer Berg: Dank u wel voorzitter. We hebben vooraf al een vraag gesteld of we een was-wordt-lijst konden krijgen om duidelijk in zicht te rijgen waar de Parkeernormennota van 2021 verschilt met deze. Helaas kon die nog niet aangeleverd worden. Vanavond is er is het er niet veel duidelijker voor ons geworden. Het Mobiliteitsfonds, volgens mij is het onderzoek geen onderdeel van deze nota. Maar toch, wij hebben en dat raadt zichzelf ook wel, zorgen over gesteld dat wij niet hebben opgelet dat er een toezegging is geweest door de wethouder vorig jaar toen we het dossier achterom hebben behandeld. Dat was een klein woonproject hier achter het Raadhuis. Er is een toezegging geweest instellen parkeerfonds opnemen in de actualisatie Parkeernormennota. Wethouder Hendriks zegt toe de suggestie van de fractie van Jong Zandvoort om een parkeerfonds in te stellen mee te nemen in de actualisatie Parkeernormennota. Wij hebben met zijn allen dus niet opgelet dat die toezegging niet is opgenomen in de lijst. Het is natuurlijk wel zorgelijk dat het, of het nu een parkeerfonds heet of een Mobiliteitsfonds, maar hij is niet opgenomen in de nota terwijl dat wel de bedoeling zou zijn. Daar is veel verwarring over en onduidelijkheid over.
Want is er nu wel een nulregeling? Blijven we werken met een GROP-lijst? De afwijkingsmogelijkheden die zijn nu heel gering. Ik had eigenlijk duidelijk willen zien in de was-wordt-lijst waar die nu op afwijkt. Dus voor ons is er ook veel bedenkingen over. Ik ben benieuwd naar de antwoorden van de wethouder in deze. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Keuning, GroenLinks. De heer Keuning: Dank voorzitter. Ook dank nog aan alle insprekers. Ik kan eigenlijk helemaal aansluiten bij de PvdA. Alles wat ik wilde zeggen is door mevrouw Koper ook al benoemd en het is ook gewoon niet besluit rijp. Om het kort te houden zou ik graag toch ook een wethouder een reflectie willen vragen. Waar komt het plan vandaan? Waarom dacht hij dat er voor deze grote aanpassing eigenlijk helemaal geen participatie nodig was? Dan nog een kleine toevoeging. We missen in het stuk ook iets over deelmobiliteit en de scooters. Dit kan een toevoeging zijn voor Zandvoort. Zou de wethouder ook kunnen aangeven waarom dat er niet in staat? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nu naar de wethouder, de heer Hendriks. De heer Hendriks: Dank u voorzitter en ik wil graag even beginnen bij de bijdrage van mevrouw Mel vanuit OBZ. Die het had over de zin die in het stuk staat over het raadplegen van OBZ en wat zij nuanceert.
Even ter verduidelijking, in het raadsstuk staat onder het kopje participatie en inspraak hebben niet plaatsgevonden,
dat is de hoofdlijn. Ik kom daar straks verder op terug, maar we hebben niet grootschalig participatie gedaan. Enkele nuances daarop, onder andere met de vicevoorzitter van OBZ en met een aantal andere mensen is informeel gesproken. Dat is wat hier bedoeld wordt. Ik realiseer me nu ik dit hoor, dat het iets anders gelezen kan worden. Maar inderdaad wat zij aangeeft, is hoe het geweest is. De voorzitter: Excuus, u heeft een interruptie. De heer Hermsen. De heer Hermsen: Dank u wel. Ik denk dat het misschien ook wel zit in het feit dat u de suggestie wekt dat het een breed gedragen stuk is daarmee. Ik denk dat het misschien wel voor de volgende keer dan handig is, dat deze mensen dan niet vermeld worden op het moment dat u ze informeel heeft gesproken. Want er is daadwerkelijk wel een verschil tussen formeel en informeel. Ik spreek heel veel mensen informeel, zodra ik ze formeel spreek, dan geef ik dat ook daadwerkelijk aan. Dus op het moment dat er informeel wordt aangegeven, dan lijkt me de volgende keer handig dat het niet genoemd wordt. Want namelijk voor ons kwam ook de suggestie over als zijnde er is gesproken dan zal er wel weinig inspraak zijn. Dus ik vind dat wel echt een punt van kritiek hierin. De voorzitter: Mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Op hetzelfde onderwerp. Ik weet niet zo goed wat de wethouder nu bedoelt.
Want ik lees in het stuk ook zijn de centrummanager en het OBZ geconsulteerd. Wat moet de raad verstaan of de commissie verstaan onder consultatie dan? Wat bedoelt de wethouder nu? De voorzitter: De heer Hendriks. De heer Hendriks: Een conceptversie van de Parkeernormennota is naar de centrummanager en de vicevoorzitter van OBZ gestuurd met het verzoek om daarop te reageren. Daar is op gereageerd en de reacties zijn voor een groot deel meegenomen. Dat is letterlijk wat er is gebeurd. Ik ben het met de heer Hermsen eens dat het duidelijker omschreven had kunnen worden. Maar wat er is gebeurd is letterlijk hoe ik het net zeg. Maar mocht de suggestie ontstaan dat dit breed gedeeld is en dat er uitgebreide participatie of dat OBZ zich heeft gecommitteerd aan het stuk, nee, dat is niet wat er bedoeld is. Sterker nog het kopje is, er heeft geen participatie en inspraak plaatsgevonden. Kleine nuances daarop zijn en dat is wat er daarna staat. Maar ik ben blij dat we dat hebben rechtgezet, zodat het nu duidelijk is. Voorzitter, de Parkeernormennota en ik merk dat aan de insprekers, ik merk dat aan uw worsteling, blijft altijd een worsteling en een dilemma zoals eigenlijk alles wat met parkeren te maken heeft. Want een strenge Parkeernormennota houdt ontwikkelingen tegen. Als wij over twee weken dit stuk in de raad behandelen en ik zeg dan als, want ik heb u goed gehoord.
U Zet daarbij de parkeernorm voor een aantal ontwikkelingen op nul. Dan kan ik twee weken na volgende week, enkele tientallen vergunningen verstrekken voor woningbouwlocaties. Die nu en de heer Hoogland gaf dat in zijn bijdragen aan, die nu niet verder komen omdat het parkeren niet is opgelost. Als we die parkeernorm op nul zetten kan er ineens een heleboel door. Maar dan creëren we natuurlijk weer een nieuw probleem. Want als we splitsen en optoppen overal toestaan, zijn straten waar nu een parkeerdruk is van tachtig, negentig procent, waar ineens enkele tientallen auto’s bijkomen die lopen nog veel voller. Dus een parkeernorm is altijd … het is een beperkend instrument voor nieuwe ontwikkelingen, maar dat is ook om andere zaken te beschermen. De voorzitter: U heeft een interruptie, de heer Hermsen.
De heer Hermsen: Voorzitter, ik ben echt wel heel erg benieuwd wat de wethouder daarmee bedoelt. Dus u zegt eigenlijk in feite wat de heer Hoogland aangeeft, parkeerdruk naar nul. Mensen zien dus af van de mogelijkheid van een vergunning, want dat is eigenlijk de voorwaarde die dan ook geschetst wordt. Vervolgens neemt de druk toe. U moet het me toch even uitleggen. Dat lijkt me heel tegenstrijdig maar misschien heb ik u verkeerd begrepen. De voorzitter: De heer Hendriks. De heer Hendriks: Klopt. Ik schets net het voorbeeld als je de parkeernorm op nul zet. Dus dan zet je in die tabel met die cijfers de parkeernorm voor woning wat nu 1,2 is zet je op nul. Dan bouwt iemand een woning en krijgt hij een vergunning. Als je inderdaad kiest voor de afwijking en zegt, ik zie af van mijn recht op parkeervergunning dan heb je dat probleem natuurlijk niet, maar dan blijf je dus met … ik probeerde alleen het dilemma te schetsen tussen een strenge parkeernorm en geen parkeernorm. Als je zonder GROP-lijst een parkeernorm op nul zet, creëer je een probleem in de openbare ruimte. Het klopt dat wij, doordat we overal in Zandvoort gereguleerd parkeren hebben, kunnen kiezen om dat probleem niet op de openbare ruimte neer te zetten.
We kunnen zeggen, en de heer Hoogeland deed die suggestie en meerdere van u hebben dat ook gedaan, we staan de ontwikkeling toe, de ontwikkelaar ziet af van het recht op parkeervergunningen. Die scharen we dan onder dat hoofdstuk 6.3 van de Parkeernormennota. Daarmee kan ontwikkeling doorgaan en staat dit adres op de lijst adressen die geen parkeervergunning krijgt. Dan creëer je in de openbare ruimte geen probleem. Als je dat met enkele ontwikkelingen doet, creëer je ook in Zandvoort in brede zin geen probleem. Ga je dat echter voor een paar honderd woningen doen, of een paar tientallen tot honderd hotelkamers, creëer ik een ander probleem. Want hoewel we hier de aanname doen dat bijvoorbeeld voor jongeren woningen nauwelijks parkeerplekken nodig zijn, is het beeld dat een gemiddelde Zandvoorter 0,9 auto heeft. Dus ook bij die nieuwe huizen die we bouwen en die afzien van een recht op parkeervergunning zullen mensen auto's hebben en die gaan ze ergens parkeren. De voorzitter: Interruptie mevrouw Koper. Mevrouw Koper: De wethouder heeft het over een beeld. Is er onderzocht of mensen die dringend op zoek zijn naar een woning bereid zijn om af te zien van een parkeervergunning? De voorzitter: De heer Hendriks. De heer Hendriks: Mijn beeld is dat de nood naar woningen zodanig hoog is dat mensen inderdaad bereid zijn af te zien van een parkeervergunning.
Sterker nog, dat hoeft niet onderzocht te worden wat mevrouw Koper vraagt, in de praktijk gebeurt dat. Wij hebben adressen in Zandvoort op die lijst staan, die GROP-lijst geen recht op parkeervergunningen. Waarin je dus als je daar gaat wonen, geen recht hebt op een parkeervergunning en die huizen zijn allemaal bewoond. Dus de praktijk is het onderzoek, ja mensen zijn bereid om ergens te gaan wonen en daarvoor af te zien van een parkeervergunning. Echter de praktijk leert ook dat mensen niet afzien van hun auto. Die auto wordt dan alleen niet op straat geparkeerd, want men heeft geen parkeervergunning. Die wordt geparkeerd ofwel buiten het gereguleerde gebied maar dan zit je helemaal in Bentveld. Of die wordt geparkeerd middels een jaarabonnement op bijvoorbeeld P-Zuid. Als dat enkele keren gebeurt, leidt dat natuurlijk niet tot problemen. Gebeurt dat een paar honderd keer, heb je een probleem met toeristen die ook willen parkeren op P-Zuid, waardoor we andere problemen krijgen. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Berg, Jong Zandvoort.
De heer Berg: Dank u wel. Ik ben heel even in de war, want ik hoor net een inspreker zeggen het is een probleem dat wij geen GROP-lijst hebben en Haarlem wel. Nu hoor ik de wethouder toch een paar keer zeggen we hebben een GROP-lijst en die huizen zijn allemaal bewoond. Zou u dat iets nader willen toelichten? Volgens mij staat dat haaks op elkaar, maar dat kan zijn dat ik dat dan verkeerd begrepen heb. De voorzitter: De heer Hendriks. De heer Hendriks: We hebben een GROP-lijst, die gebruiken we al een tijd. Volgens mij is het eerste complex dat erop is gegaan, is het LDC complex waarin we verplicht hebben dat mensen daar een gaasje moeten kopen. Een verschil met Haarlem is dat wij geen plek hebben waar we met zo'n nulnorm werken. Haarlem bouwt ook woonwijken zonder parkeerplaatsen met een parkeernorm van nul. Waar het parkeren dus gewoon niet geregeld wordt en dat doen wij niet. Want ook bij die GROP-lijst is bijvoorbeeld, bij het LDCcomplex als voorbeeld, daar zijn parkeerplekken onder gebouwd. De mensen die daar wonen, ze hebben de plicht om die af te nemen. De voorzitter: U heeft nog een interruptie, mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Ik hoor de wethouder weer allerlei vermoedens uitspreken van wat er gaat gebeuren straks met toeristen die hun auto's niet kwijt kunnen, et cetera.