Transcript - 11 januari 2023
Tekst van het document
Ik hoop wel dat de evaluatie en de aanpassingen echt als tweeledig wordt gezien, dus enerzijds het beleid an sich en anderzijds de technische invoering, want dat ParkStart te wensen overlaat en de bereikbaarheid bijvoorbeeld van ParkeerService, dat heeft voor de rest minder met het beleid zelf te maken. Dat er aan de beleidskant nog aan knoppen gedraaid kan worden, ja, dat is zeker ook het geval. Wij zien graag de stukken tegemoet voor maart. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nu graag door naar D66, de heer Hermsen. De heer Hermsen: Dank u wel, voorzitter. Ik was hier niet op voorbereid dat we nog zouden inspreken met betrekking tot deze presentatie, dus ik ga kijken wat ik kan doen. Ja, ik ben echt ontzettend blij met de hoge respons. Ik vind ook wel echt dat we daar wat mee moeten doen. Dat zie je ook vaak met een nieuw parkeerbeleid, dus dat je gewoon ervaring op moet doen: hoe werkt het, hoe kan het? Ik neem het mezelf in ieder geval kwalijk dat we snel een beslissing hebben genomen op basis van de feiten die we op dat moment hadden en ook de respons die we op dat moment hadden van de enquête die eerder liep. Ik hoor wat geluiden uit het publiek, ik snap ook wel dat mensen ontevreden zijn, dat begrijp ik ook. Dat is ook zo op het moment dat het persoonlijk geraakt wordt. Ikzelf woon in Zuid, ik ben heel erg blij met de verlaging van de druk.
Ik werk zelf ook met ParkStart heb ik gewerkt in Alkmaar, dat maakt het ook extra lastig. Ik merk ook wel dat in Alkmaar zijn ze overgegaan op een ander systeem, dat is net zo vervelend als ParkStart. De vraag is ook een beetje zeg maar: gaat een app helpen op basis van het feit of je gewend bent ergens mee om te gaan of niet, dat maakt het extra lastig. Maar dat we er wat mee moeten doen, dat is goed. Ik wil eigenlijk ook de wethouder wel complimenten geven dat het zo snel gaat en dat we in ieder geval voor het nieuwe seizoen daar dan op kunnen inspelen, dus dank daarvoor. Verder wil ik de wethouder ook nog wel even meegeven over de beperkte tijd parkeren. Dat is ook een feit waar we op dat moment niet over beschikten, maar omdat er door de Hoge Raad 11 maart een uitspraak is gedaan over de twee uur parkeren en dat er daarna ook niet nageheven mag worden, wil ik eigenlijk vragen of de wethouder dat mee kan nemen, of in ieder geval iets kan bedenken om dat dan tegen te gaan. Het zit met name in de verordening, maar goed, ik zie u knikken, dus u bent er waarschijnlijk van op de hoogte. Maar goed, daar moeten we allicht wat mee doen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nu naar de PvdA. Mevrouw De Vries: Dank u wel, voorzitter. Ik doe het even via de microfoon van mijn collega, want de druppel deed het niet.
Is het zo te verstaan? Nou, eerst dank aan iedereen die heeft gezorgd voor deze resultaten. Volgens mij staan er hele concrete dingen in waar we over verder kunnen spreken in de commissie. Ook goed dat de tijdsdruk er zo op ligt dat we dat in februari en maart al verder gaan bespreken, want dat is ook echt nodig. Een van de insprekers refereerde er ook naar, maar wat we wel lastig vonden dat er geen presentatie
was vooraf, dus dat je niet gericht vragen kan stellen als de presentatie komt. Dat had wel geholpen in de voorbereiding. We moeten het als partij ook gewoon laten bezinken. We vragen ons wel ook af in hoeverre de maatregelen die al genomen zijn door het college overlappen met dit onderzoek. Was dat dan al meegenomen in de respondenten, of hebben mensen dat wel of niet in de vragen verwerkt? Dat is natuurlijk lastig met de maatregelen die al getroffen zijn en mogelijk ook al effect hebben gehad op dat onderzoek. Nou ja, wat voor ons volgens mij boven kijf staat is dat de uitvoering beter moet en daar zijn we met zijn allen verantwoordelijk voor. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw De Vries. Dan ga ik nu naar ZEE, de heer Sukel. De heer Sukel: Dank u wel. De Z van ZEE als laatste. Nou, de dankwoorden zijn al genoeg gezegd, dus daar sluiten we ons bij aan. Wat de PVV al zei, we hadden natuurlijk al opgeroepen om het parkeerbeleid niet in te voeren voor de zomer, maar helaas is dat wel gebeurd. Gelukkig heeft de wethouder inderdaad een aantal kleine aanpassingen al gedaan, dus complimenten daarvoor. Wij zouden wel graag ook zien in de stukken dat de financiële consequenties in beeld komen en waar we, los van alle opmerkingen die al gemaakt zijn, neem ook de mensen zonder computer serieus, kijk wat je voor hen kunt doen.
Als ik even een snel rekensommetje doe, kunnen dat rustig duizend mensen zijn. De landelijke ombudsman heeft zich regelmatig uitgesproken over de toename van digitalisering en de vraagstukken die dat oproept met mensen met te weinig geld dan wel de ouderen onder ons. Ik vind dat we dat absoluut serieus moeten nemen als gemeente. Idem gehandicapten, kleine groepen, maar wel in onze ogen uitermate relevant. Zeker in een dorp waar we diverse huizen hebben waar veel gehandicapten wonen moeten we daar iets mee doen. Als laatste, maar daar kunnen we nu niet zoveel aan doen, dus dat we ons wel zorgen maken over de wijze hoe enquêtes worden afgenomen in Zandvoort. We denken dat daar misschien wel een verbeterslag in kan komen als ze weer zien dat dat er wellicht dubbele gegevens zijn. Ik heb ooit persoonlijk de ervaring mogen hebben met een bekende grootgrutter met blauw logo in Haarlem die echt zwaar aan het frauderen was en dat was niet zo heel erg handig. Dat is in mijn mening hier niet gebeurd overigens, maar ik vind het wel een zorgpunt voor later om daar eens een keer wat aan te doen. Nou, wat ook al eerder opgeroepen is, dat lossen we ook niet op via de enquête, maar ik denk dat het aan ons allen ook is eens na te denken hoe we parkeercapaciteit iets mee kunnen. Maar dat is een onderwerp dat niet bij het beleid hoort, dus dat volgt. Dank u wel daarvoor, dat was hem.
De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik nu graag het woord aan de wethouder. De heer Hendriks: Dank, voorzitter. Ik heb een aantal complimenten gehoord, die geef ik graag door aan de onderzoekers die daar nog zitten, aan het ambtelijke team wat hier zit en natuurlijk aan de inwoners die ook aan tafel zitten. Ik heb ook een hoop inhoudelijke suggesties gehoord en onderwerpen die we mee moeten nemen. Die zullen we zeker meenemen bij de voorstellen waarmee wij in maart bij u terug zullen komen. Ik heb één concrete vraag gehoord en dat was van de VVD over de haalbaarheid van een app. Het enige inhoudelijke onderwerp waar ik wel even graag op inga hier, omdat we daar op 23 december ook een raadsinformatie brief over hebben gestuurd dat we daarover in gesprek zijn met ParkeerService. Voor mij, voorzitter, kan ik het daarbij laten en komen wij in februari en maart terug met voorstellen die inderdaad recht zullen doen aan deze evaluatie. De voorzitter: Oké, dank u wel. Dan kijk ik even rond, dan is mijn voorstel om het agendapunt af te sluiten. Volgende maand meer, om het maar zo te zeggen. Graag schors ik even vijf minuten de vergadering. Oké, dank u wel.
Schorsing VOORTZETTING GESCHORSTE RAADSCOMMISSIE 10 JANUARI 2023 4.
Adviesrecht raad bij afwijken omgevingsplan (buitenplanse omgevingsplanactiviteiten) De voorzitter: Goed, dan heropen ik graag de vergadering. Onze samenstelling is licht gewijzigd, zal ik maar voorzichtig zeggen. Dan komen we nu bij agendapunten van gisteren aan. Ook weer is de portefeuillehouder de heer Hendriks en dat gaat over ‘Adviesrecht raad bij afwijken van omgevingsplan, buitenlandse omgevingsactiviteiten’. Graag start ik weer met een korte inleiding. Door de Omgevingswet is het college bevoegd om besluiten te nemen over een afwijking van het omgevingsplan. De raad heeft wel de bevoegdheid om een bindend advies te geven. Dit geldt alleen voor categorieën van gevallen die vooraf zijn vastgesteld. Om invulling te geven aan het bindende adviesrecht zijn beleidsregels opgesteld. Deze beleidsregels bevatten de categorieën van gevallen waarin het college om advies moet vragen aan de raad. Dit advies is bindend. Voordat de leden van de commissie het woord krijgen, krijgen we eerst insprekers aan het woord. Er hebben zich geen insprekers gemeld, toch kijk ik even. Nou ja, dan is nu het woord aan de leden. Nou ja, anders begin ik met ZEE. U maakte zojuist een opmerking dat u als laatste was, dus nou, bent u nu de eerste. De heer Sukel: We hebben hier eigenlijk geen opmerkingen over, dus dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. PvdA, mevrouw Koper.
Mevrouw Koper: Voorzitter, dit is de derde keer dat die op de agenda staat, hè, dus misschien gaat die er nu dan doorheen vanwege die Omgevingswet die telkens uitgesteld wordt. Ik kijk even naar mijn collega's, die hadden dit voorbereid voor gisteren, maar wij hebben ook geen opmerking. Dank u vriendelijk. De voorzitter: D66, de heer Hermsen. De heer Hermsen: Ik ga ervan uit dat van de vorige sprekers dan ook meteen een hamerstuk is, want dat is het van D66 ook. Mevrouw Koper: Ja, dankjewel voor de aanvulling. De voorzitter: Even voor de duidelijkheid. Mevrouw Van Essen, het gaat nu van klein naar groot, hoe verkeerd het ook klinkt. Maar dus u bent nu aan de beurt, mevrouw Van Essen. Mevrouw Van Essen: Yes, ik ben aan de beurt. We vinden het een goed document. Ik wil wel een aantal dingen in de groep gooien om misschien nog even iets over na te denken. Aangezien de … De voorzitter: De heer Sukel, kunt u uw microfoon uit doen? Mevrouw Van Essen: Oké. Aangezien vorige keer was aangegeven toen die op de agenda stond dat het echt een stuk is om met elkaar over te debatteren. Nou, het aantal woningen lijkt ons prima. Wellicht is het wel een idee om daaraan toe te voegen dat dit niet in een fase zou kunnen zijn van een groter geheel, zodat niet een gebied van 25 woningen opgedeeld in stukjes van vijf makkelijker door de besluitvoering heen geschoven kan worden.
Ook lijkt het ons zinnig om de oppervlakte van het plangebied mee te nemen, want bijvoorbeeld als je ergens vijf rijtjeshuizen neerzet, dat is niet zo heel erg spannend, want heel veel meer kan je er ook niet mee, tenzij je echt de hoogte in gaat. Maar als je vijf hele grote villa's met dikke tuinen neer wil zetten, ja, dan zou potentieel ook iets anders met dat stuk grond gedaan kunnen worden, dus dat lijkt ons ook een idee om toe te voegen. Verder is mijns inziens elf meter best hoog, dus ik weet niet wat de rest daarvan vindt. Want ja, dat zijn drie verdiepingen plus nog een lage kap, dus wellicht, ik hoor graag van de andere fracties wat die
ervan vinden. En wellicht is het handig om toe te voegen wanneer een gebouw op een toonaangevende of beeldbepalende plek in Zandvoort staat, dat dat sowieso ook nog eventjes langs de raad moet. Dank u wel. De voorzitter: U heeft een interruptie van mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Ik hoorde niet zo goed de hoogte waar u het over had. We hebben gisteren bij de opening van de agenda gehoord dat er een nieuwe bijlage is. Die van elf meter bedoelt u? Mevrouw Van Essen: Ja, in het stuk staat elf meter. Mevrouw Koper: En hoor ik u zeggen dat u dat te hoog vindt? O sorry, voorzitter. Mevrouw Van Essen: Op zich, elf meter is drie verdiepingen plus een lage kap, dus dat is best een gebouw. Dus mijn vraag aan de rest is of dat prima is zo, of dat we dat lager willen. Mevrouw Koper: Mag ik daar nog één vraag over stellen, voorzitter? De voorzitter: Zeker. Mevrouw Koper: Hoor ik u zeggen dat u dat te hoog vindt? Mevrouw Van Essen: Ik vind het behoorlijk hoog, ja. De voorzitter: Oké, de vraag is helder. Dan ga ik nu naar de PVV, de heer Van den Oever. De heer Van den Oever: Het is een hamerstuk voor ons, voorzitter. De voorzitter: VVD, de heer Drommel. De heer Drommel: Dank u wel, voorzitter. Ik probeer het kort te houden.
In ieder geval, we hebben in de wandelgangen begrepen dat de Omgevingswet, je raadt het al bijna, weer uitgesteld gaat worden en nu waarschijnlijk tot 1 januari 2025 in plaats van weer met een half jaar. Dus ik neem dan aan dat die evaluatie die dan komt, dat die dan ook opschuift, mocht dat het geval zijn. Eventjes terugkomend op de opmerking van mevrouw Van Essen. Wij vinden elf meter niet hoog, maar misschien dat we kunnen toevoegen dat het drie bouwlagen betreft of iets dergelijks. En een puntje van aandacht, want er wordt gesteld dat er geen advies nodig is voor categorieën indien in de commissie is gebleken dat er geen bezwaren zijn. Dat klinkt bijna nog een beetje vrij van vorm. Moeten we dat dan ook expliciet aangeven, of hoe wordt dat precies meegenomen? Daar wil ik het even bij laten, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we toch naar mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Een verduidelijkende vraag aan mijnheer Drommel. Bedoelt u dat niet is gebleken, niet een duidelijke uitspraak van de commissie is? Of kunt u dat nog even toelichten? Ik laat de toelichting graag aan u over eigenlijk. Wat bedoelt u precies daarmee? De voorzitter: Ja, zeker, mijnheer Drommel. De heer Drommel: Er wordt in ieder geval gesteld dat als is gebleken dat er geen bezwaren zijn.
Dus ik vroeg me af: hoe geven wij dan aan dat er geen bezwaren zijn, of is dat de interpretatie van de voorzitter? Dat is mij een beetje onduidelijk.
De voorzitter: Mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Dat bedoelde ik met mijn vraag. Er staat: niet is gebleken dat. Bedoelt u daarmee, als er niet over gesproken wordt, dan is dat zo? Het moet dus wat u betreft duidelijker vastgelegd worden, of een duidelijke uitspraak van de commissie? De heer Drommel: Het lijkt mij in ieder geval wel logisch dat we dat dan expliciet benoemen. Dus ik vraag me in ieder geval ook af in dat stuk wat ermee bedoeld wordt en of dat in ieder geval verhelderd kan worden. De voorzitter: Dan gaan we nu naar de OPZ, de heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Voorzitter, dank u wel. Ik vind het wel een interessante opmerking die mevrouw Van Essen maakte, maar dit heeft alles te maken denk ik met wijze waarop het college ook omgaat met die delegatie die wij overwegen vanavond. Het denken dat de college wijs genoeg zal zijn op het moment dat er sprake zal zijn van, nou, u noemde beeldbepalende gebouwen, dat dat college dat ook wel betrekt bij de overwegingen. Maar daarnaast is ook nog opgenomen in het voorstel dat er in de tweede helft van 2024 een evaluatie zou plaatsvinden om te kijken wat we van de gang van zaken vinden. Wat ons betreft is dat een duidelijke terugvaloptie, mocht er aanleiding toe zijn. In ieder geval, wat ons betreft is het een hamerstuk. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nu naar het CDA, de heer Stephan.
De heer Stephan: Dank. Ik heb eigenlijk volgens mij, maar ik weet niet zeker of … De voorzitter: Sorry, er is een interruptie van mevrouw Van Essen. Mevrouw Van Essen: Dank u wel, voorzitter. U geeft aan, mijnheer Bouberg Wilson, dat we achteraf inderdaad kijken of deze regels passen of niet, en of dat niet een ongewenst effect heeft dat er bijvoorbeeld projecten door geglipt zijn die we niet hadden gewild. Maar ja, dan zijn er wel projecten door geglipt die we eigenlijk niet zo hadden gewild, dus de vraag is in hoeverre we het open willen laten wat we aan het college overlaten. De heer Bouberg Wilson: Ik begrijp die vraag wel, u bent bang dat er allerlei dingen gebeuren die niet bedoeld waren door de commissie, daarom reken ik erop dat het college voldoende besef zal hebben van de situaties waarin je mogelijk daar bedenkingen bij zou kunnen hebben en die dan meeneemt. Het staat het college altijd vrij natuurlijk om nog eventjes zich te verstaan met de raad, hè, gehoord de raad van de delegatiebevoegdheid te maken. Misschien kan ook de wethouder daar even op reageren en dan kunnen we misschien die twijfel bij u wegnemen. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Oké, dan gaan we nu toch echt naar het CDA, de heer Stephan. De heer Stephan: Dank u wel. Een vraag in het verlengde van wat mijn collega Drommel stelde, maar toch misschien een iets ander accent.
Want mij is ook het proces niet helemaal duidelijk in artikel 2 van de beleidsregels, waar staat dat er dus voor aanvraag van buitenplanse activiteiten geen advies van de raad nodig is. Er staat bijvoorbeeld bij artikel 2 lid 2 als bijvoorbeeld binnen een omgevingsprogramma waarbij tijdens de behandeling in de raadscommissie niet is gebleken van bezwaren bij de commissie tegen de activiteit. Maar nou vraag ik me even af – ja, het is dezelfde – maar ik vraag me wel even af, begrijp ik het zo goed, want dan is het voor het CDA akkoord, maar begrijp ik het zo goed dat als wij in een concreet omgevingsvraagstuk bijvoorbeeld een omgevingsvisie bespreken waarin dit soort onderwerpen aan bod komen en een commissie spreekt zich daarover uit en in die commissie zijn er geen bezwaren. Is dat voor het college dan voldoende om niet terug te komen? Of moet ik het zo interpreteren dat het college toch met stukken waar het speelt telkens
naar de raad terugkomt, of naar de commissie terugkomt? Dus daar heb ik graag even een vraag over hoe we dit in het proces gaan uitwerken. Dat is het voor nu, dank u. De voorzitter: Dank u wel. Jong Zandvoort, mevrouw Göransson. Mevrouw Göransson: Dank u wel, voorzitter. Er zijn een aantal suggesties gedaan waar wij zelf ook nog niet over nagedacht hadden, dus dank voor jullie inbreng, zeker die van in deeltjes. Wij zijn voor het stuk. Wat wel een risico is, is de langere proceduretijd die wordt genoemd en we hopen wel dat er rekening mee gehouden kan worden dat die proceduretijd dan zo min mogelijk verlengd wordt. Hamerstuk betreft ons. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik nu graag het woord aan de wethouder. De heer Hendriks: Dank u wel. Ik ga even een aantal onderwerpen, die komen bij meerdere partijen aan de hand, dus ik ga gewoon even een aantal onderwerpen langs die ik heb gehoord en waar u nog vragen over heeft. De eerste eigenlijk de opmerking van GroenLinks volgens mij met name noemde dat, maar ook net mevrouw Göransson van Jong, over die fasering. Hoe voorkom je nou dat er een project van vier woningen nog een keer vier nog een keer vier, dat er dan in totaal wel twaalf of zestien staan. Het antwoord is eigenlijk: daar zitten we zelf bij.
Als wij namelijk een aanvraag krijgen voor vier woningen en het college zou die toewijzen omdat het past binnen allerlei beleid en daarna krijgen we er nog vier, dan ligt het voor de hand dat we die dan niet toe gaan staan, omdat dit is gewoon iets waar je gewoon op moet letten in de praktijk. Het voorstel was om bijvoorbeeld te kijken naar de oppervlakte van het deelgebied. Vijf woningen op een heel groot deelgebied heeft meer impact dan misschien één woning op een heel klein deelgebied. Dat snap ik. Aan de andere kant is het ook maar heel arbitrair waar dan die grens van een groter of kleiner deelgebied zou leggen. Ik heb daar zelf, moet ik zeggen, ik kan niet bedenken wat een reële grens zou zijn voor zo'n grens. Wat ik wel hier kan zeggen is eigenlijk wat de heer Bouberg Wilson ook zei: dit zijn de gevallen waarin wij als college een advies van de raad moeten vragen. Daarnaast kan het natuurlijk altijd zijn dat wij bij andere gevallen bijvoorbeeld ook als iets een beeldbepalend pand is, of een prominente locatie, dan ligt het voor de hand dat een college alsnog een zienswijze aan de raad vraagt, simpelweg omdat dat gewoon belangrijk is om mee te nemen. Inderdaad is de Omgevingswet uitgesteld. Daarmee hangt natuurlijk samen dat ook de invoering van deze beleidsregels uitstelt en dus ook de evaluatie daarvan.
En hoe die evaluatie gaat zijn, dat moeten we ook nog met elkaar uitvinden, denk ik. Wat wel nuttig is om te zeggen is dat in elk geval twee keer per jaar krijgt u ook een overzicht van al die besluiten die wij als college in mandaat nemen, dat staat bij een van de volgende agendapunten. Dat houdt ook in dat, mochten wij als college daar heel raar mee omgaan of heel anders dan dat u het verwacht, dat er ook altijd een bel is om aan te trekken. Het puntje als niet gebleken is van bezwaren in de commissie, dat is natuurlijk een beetje een ingewikkelde, want de commissie neemt op zich geen besluiten. De raad neemt besluiten, de commissie niet. Dit hangt wel samen met een risico op de proceduretijd is straks acht weken, we willen versnellen. Als we nou, een denkbeeldig geval, een stuk hier in de commissie hebben en we gaan het rijtje langs en u zegt allemaal: hamerstuk, hamerstuk, hamerstuk, hamerstuk. Nou, dan is niet gebleken van enig bezwaar bij de commissie en kunnen we door. Dat is wat hiermee gezocht wordt, want de commissie geeft op zich geen standpunt. En je kunt niet zeggen: zes commissieleden vonden dit, vier vonden dat, dus de commissie was akkoord. Ja, dat werkt nou eenmaal niet zo en dan ligt het in dat geval dus voor de hand dat er wel bezwaren zijn.
Maar het gaat echt om gevallen dat er evident geen discussie is, dan kun je een procedure ook weer twee weken verkorten. Volgens mij, voorzitter, heb ik zo de meeste onderwerpen die ik heb aangetekend wel gehad, tenzij dat niet zo is en dan ben ik graag beschikbaar voor nog een termijn. De voorzitter: Is er nog behoefte aan die tweede termijn? Nee? Kan ik concluderen dat dit een hamerstuk betreft? Ik zie iedereen instemmend knikken. Ah, mevrouw Van Essen, GroenLinks.
Mevrouw Van Essen: Nog wel één opmerking dan. Als wij ervan op aan kunnen dat inderdaad die twijfelgevallen – dus grotere kavels, beeldbepalende plekken – dat dat ook wel in de raad wordt gebracht, dan zijn wij akkoord dan is het ook een hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik ervan uit dat het een hamerstuk is. Dan ga ik graag door naar het volgende agendapunt, de ‘Lijst verplichte participatie voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten. De heer Hermsen: Voorzitter, volgens mij was er een concrete vraag van GroenLinks met de vraag of de wethouder misschien daarover wat kon zeggen. Ik denk dat daar afhankelijk is of dat wel of niet een hamerstuk is. Even voor de volgordigheid van de agenda, want anders wordt het misschien snel afgetikt … De voorzitter: Dan kijk ik even naar mevrouw Van Essen of ze het daarmee eens is. De heer Hermsen: … terwijl GroenLinks misschien wel nog een bespreekstuk wil maken, dat weet ik niet. Mevrouw Van Essen: Ja, ik zou graag inderdaad van de wethouder horen of dat klopt wat ik zodat zojuist heb gezegd. De voorzitter: Oké, nou. De heer Hendriks: Ja, voorzitter, dat is wat ik heb geprobeerd te zeggen in mijn termijn. Het ligt voor de hand dat als iets op een prominente locatie is, dat een college dan vraagt: hier willen wij gewoon een mening van de raad in hebben. Wij kunnen altijd zienswijze van de raad vragen.
U stelt hier alleen bij de gevallen vast waarbij het moet, maar het ligt voor de hand dat een college ook enige feeling heeft met welke zaken de raad belangrijk vindt en waar het college dan alsnog een zienswijze van zou vragen. Overigens wil ik wel benadrukken, het is niet zo dat het hiermee compleet vrij staat aan het college om overal maar vijf woningen te vergunnen. Dat wordt natuurlijk altijd getoetst aan ander beleid wat u als raad heeft vastgesteld. Ik neem aan het meeste van die prominente, beeldbepalende locaties ook wel op een andere manier staan benoemd in omgevingsvisie, of in allerlei andere visies of beleid. Maar ik ben het eens met wat mevrouw Van Essen aangeeft. De voorzitter: Goed, dan kijk ik voor de zekerheid nog even één keer rond, maar dan is mijn conclusie dat dit een hamerstuk is. 5.
Lijst verplichte participatie voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten De voorzitter: Dan ga ik graag door naar het volgende punt, ga ik het weer uitspreken. Agendapunt 5, ‘Lijst verplichte participatie voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten’. Wederom is de heer Hendriks onze wethouder. Graag begin ik met de inleiding. Onder de Omgevingswet wordt nadruk gelegd op participatie. Het vroegtijdig betrekken van de omgeving bij ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving is een uitgangspunt van de Omgevingswet. Met de komst van de Omgevingswet krijgt de gemeenteraad de mogelijkheid om buitenplanse omgevingsactiviteiten aan te wijzen waarbij participatie verplicht wordt gesteld. Het betreffen activiteiten waar in een eerder stadium geen participatie heeft plaatsgevonden. Met vaststellen van deze lijst, de beleidsregels zijn het eigenlijk, wordt duidelijkheid gecreëerd voor toekomstige initiatiefnemers bij welke aanvragen activiteiten participatie als verplichting geldt. Voorgesteld wordt om participatie verplicht te stellen conform bijlage 1 ‘Beleidsregels verplichte participatie voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten’. Voordat de leden van de commissie het woord krijgen, kijk ik of er insprekers zijn. Die zijn er volgens mij niet. Dus geef ik … Ik ben even van slag, merk ik. Nee, dan geef ik nu graag het woord aan de commissie.
Nou, en laat ik beginnen bij het CDA, de heer Stephan.
De heer Stephan: Dank u wel. Heel kort, volgens mij is het heel makkelijk opgelost. Klopt het dat de bijlage, de artikelsgewijze toelichting is veranderd? Want ik zag een stuk eerder bij de stukken die volgens mij als bijlage niet klopte, maar ik zie nu bij de stukken online een ander stuk bij dat artikel gewijde toelichting. Als dat juist is, dan is wat mij betreft de enige vraag beantwoord. Ja? De voorzitter: Dank u wel. VVD, de heer Drommel. De heer Drommel: ‘…’ (storing in audio) De voorzitter: Oké. OPZ, de heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Hamerstuk. Dank u wel. De voorzitter: Even kijken, de PVV. De heer Van Tiggelen: Voorzitter, dank u wel. Deze lijst zorgt voor transparantie op het gebied van participatie, dat juichen we toe. Dat zou samen moeten ingaan met invoering van de Omgevingswet. Nou, over die invoeringsdatum hebben we al eerder twijfels geuit en die hebben we nog steeds, we vragen ons zelfs af of die er ooit komt. Bouwen van vijf of vier woningen, dat is veranderd van tien naar vijf. Waarom is dat gebeurd, en ga je dan niet wat snel een participatietraject in? We vragen ons af, hoeveel tijd is er gemiddeld gemoeid met een participatietraject, heeft de wethouder daar zicht op? En ten aanzien van die elf meter die ook hier wordt genoemd, daar zien wij geen probleem. Dank u wel. De voorzitter: GroenLinks, mevrouw Van Essen.
Mevrouw Van Essen: Dank u wel, voorzitter. Eigenlijk in dezelfde lijn van het vorige stuk, maar in principe hamerstuk. De voorzitter: D66, de heer Hermsen. De heer Hermsen: Hamerstuk, voorzitter. De voorzitter: PvdA, mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Hamerstuk, voorzitter. De voorzitter: ZEE, de heer Gerrits. De heer Gerrits: Dank u wel, voorzitter. We zijn blij dat in alle drie de stukken zoveel wordt benoemd over de evaluatie, want dat is misschien wel wat inwoners ook het meeste raakt in dit verhaal. Waar wij wel twijfels bij hebben, is. Er wordt nu vastgesteld wanneer de participatie moet plaatsvinden, maar er wordt niet vastgesteld wat die participatie dan moet zijn. Je kan volgens de huidige regelgeving letterlijk om drie uur 's nachts zeggen: ik hou een inloopnacht. Dan kan dat goedgekeurd worden als participatie. Dus ik zou graag aan de wethouder willen vragen of dat nog verduidelijkt kan worden en of er ook op gelet kan worden dat mensen niet een participatietraject opstarten wat uiteindelijk geen echte participatie is. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nu graag naar Jong Zandvoort, mevrouw Paap. Mevrouw Paap: Dank u wel, voorzitter. We zijn het helemaal eens met het stuk, hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. Dan ben ik volgens mij niemand vergeten. Dan is nu het woord aan de wethouder.
De heer Hendriks: Dank u wel. Inderdaad, zoals het CDA aangaf, de artikelsgewijze toelichting is gewijzigd. Het is ook gister door de voorzitter van de commissie toegelicht, er stond een verkeerde bijlage bij en dat is nu de goede. Dat heb je als, wat mevrouw Koper aangaf, het is de derde keer dat deze stukken terugkomen, dus dan kan het wel eens zijn dat je dingen aanpast die niet overal goed worden verzet. De PVV, woningen van tien naar vijf, kost dat niet te veel tijd? Nee, ik denk van niet. Ik denk dat als er ergens meer dan vijf woningen komen, dan wil een buurt daarbij betrokken zijn en dan is dat denk ik voorwaardelijk dat er een vorm van participatie is. Overigens denk ik dat het juist in de totale procedure helemaal niet extra tijd kost, omdat als je die gesprekken participatie aan de voorkant voert, kan de rest van die procedure veel sneller en eenvoudiger, bijvoorbeeld omdat als de buren tegen zijn, kom je ook bij rechtszaken, terwijl als de buren in het begin al betrokken zijn is die kans daarop veel kleiner. Dus ik denk juist dat het versnelt en duidelijkheid biedt. We hebben hier ook gezocht naar de aansluiting bij het vorige stuk, diezelfde vijf woningen, diezelfde elf meter enzovoort. De vraag van ZEE, drie uur 's nachts een inloopbijeenkomst organiseren, is dat dan voldoende participatie? Nee, dat lijkt me geen sterke participatie.
We leggen nu niet op hoe die participatie eruit moet zien, maar het is wel iets wat getoetst gaat worden. Iemand die een vergunning aanvraagt en zegt: ja, ik heb participatie gedaan, ik heb om drie uur 's nachts een inloopbijeenkomst gehad, er kwam helemaal niemand, dus ze zijn het ermee eens. Dan denk ik dat wij als college zullen zeggen: dit is niet voldoende onderbouwing dat je een goeie participatie hebt gedaan. Het zou kunnen dat we in een toekomstige fase, bijvoorbeeld als we een nieuw participatiebeleid als gemeente hebben, dat we eigenlijk gewend zijn om te zeggen: we willen wel opleggen hoe die participatie eruit moet zien en dat moet hetzelfde als het participatiebeleid van de gemeente. Dat zou kunnen, dat kunnen we bij een van die toekomstige evaluaties betrekken. Voor nu hebben we gekozen om het gewoon eigenlijk vormvrij te houden en ook gewoon een verantwoordelijkheid te leggen waar die hoort, namelijk bij een initiatiefnemer. Het is aan hem om aan te tonen dat hij de buurt betrokken heeft. Ik zie een interruptie, voorzitter. De voorzitter: Interruptie van de heer Gerrits. De heer Gerrits: Dank u wel, voorzitter. Ik heb een verduidelijkende vraag, want inderdaad, ik kan me voorstellen dat we dat niet kunnen afdwingen als gemeente, dat is ook absoluut niet wat ik bedoel.
Maar ik kan me wel voorstellen, als iemand een antwoord invult dat mogelijk oneerlijk is, of overdrijft wat er is gebeurd, dat het heel ingewikkeld is voor het college om daar toezicht op te houden. Dus de vraag is vooral: hoe zwaar wordt het meegewogen op het moment dat niet verifieerbaar is dat er een goed participatietraject heeft plaatsgevonden? Dat is eigenlijk waar mijn zorg in zit. Dank u wel. De voorzitter: Oké. De heer Hendriks. De heer Hendriks: Hoe we dat in de praktijk gaan toetsen, zal zich ook moeten uiten. Het werd al aangehaald, de Omgevingswet is nog niet ingevoerd, dus we hebben hier nog nooit op deze manier mee gewerkt, dus we zullen gaandeweg ook moeten leren hoe dat werkt. Het ligt ook weer hier voor de hand, dat stel dat iemand de boel beflest en zegt: joh, alle buren waren het ermee eens, dus de participatie is goed geweest. En wij verleden die vergunning, dat er ook bezwaren gemaakt gaan worden tegen die vergunning. Dus de juridische mogelijkheid van iedereen blijft gewoon overeind en het lijkt mij dat als de boel echt beflest wordt, als wij het niet al zelf constateren dat het ongeloofwaardig is, dat dat op die manier wel aan de orde komt en dat mensen gewoon hun recht halen. De voorzitter: Oké, dank u wel. Kan ik daaruit concluderen dat dit een hamerstuk is? Ja? 6.
Delegatiebesluit omgevingsplan Zandvoort De voorzitter: Dan ga ik graag door naar het volgende punt, agendapunt 6, ‘Delegatiebesluit omgevingsplan Zandvoort’, wederom als portefeuillehouder de heer Hendriks. Een korte inleiding. De raad kan onderdelen
van het omgevingsplan delegeren aan het college. Het is verstandig in een aantal gevallen het omgevingsplan door het college te laten actualiseren, denk aan verschrijvingen of het verwerken van onderwerpen waarin reeds een besluit is genomen. Op deze wijze kan het omgevingsplan snel worden geactualiseerd. Er zijn denk ik geen insprekers, ook de heer Koper niet. Dan geef ik graag het woord aan de leden en dan begin ik graag met de OPZ, de heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Voorzitter, ook gezien de samenhang wat ons betreft ook weer een hamerstuk. Dank u. De voorzitter: Dan ga ik nu naar de VVD, de Drommel. De heer Drommel: Hamerstuk. De voorzitter: Nou, dat gaat heel snel zo. PVV. De heer Van Tiggelen: Een duurzame houten hamer van tropisch hardhout. De voorzitter: Geen commentaar verder. GroenLinks. Mevrouw Van Essen: Hamerstuk. De voorzitter: D66. De heer Hermsen: Hamerstuk. De voorzitter: PvdA. Mevrouw Koper: Ik heb mijn collega beloofd om het helemaal voor te lezen, sorry. De voorzitter: Echt? Mevrouw Koper: Nee, we hebben één vraagje, want in eerste instantie lazen we natuurlijk het raadsstuk het bedrag wat zoveel hoger was dan oorspronkelijk die 90.000 die begroot was. O, ben ik daar nog niet? O, zie je, ik dacht … Dan is het een hamerstuk, neem me niet kwalijk. Ik hoop niet dat hij zit te kijken. De voorzitter: Dank u wel voor deze bijdrage. ZEE.
De heer Gerrits: Dank u wel, voorzitter. Hamerstuk. De voorzitter: Jong Zandvoort. Mevrouw Göransson: Hamerstuk. De voorzitter: En het CDA. De heer Stephan: Voor ons ook een hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik ervan uit dat dit een hamerstuk is.
7.
Vervanging riolering achterpaden Hobbemastraat-Van Ostadestraat De voorzitter: Dan kunnen we door naar agendapunt 7. Belangrijk onderwerp, ‘Vervanging riolering achterpaden van de Hobbemastraat en de Van Ostadestraat’. Wederom is de heer Hendriks aanwezig namens het college. In het achterpad tussen de Hobbemastraat en de Van Ostadestraat, uitkomend op de Jan Steenstraat, ligt een gemeentelijk riool uit 1913 dat met spoed moet worden vervangen. In voorjaarsnota is 90.000 euro opgenomen voor de renovatie. Onderzoek heeft echter uitgewezen dat de situatie een uitgebreidere oplossing nodig heeft, renovatie is namelijk niet mogelijk. De totale kosten worden beraamd op 625.000 euro. Vanwege de ernst van de problematiek kan de kredietaanvraag kan hier niet mee worden gewacht tot het reguliere moment via de voorjaarsnota. De raad wordt verzocht het investeringskrediet beschikbaar te stellen. Ik ga ervan uit dat er geen insprekers zijn. Dan geef ik graag het woord aan de leden en dan begin ik bij de VVD dit keer. Mevrouw Nederlof: Dank u, voorzitter. Ja, die vervanging van de riolering lijkt ons onvermijdelijk, dus dat lijkt een hamerstuk te worden. Vervanging is onvermijdelijk. In 2006 heeft een renovatie plaatsgevonden die niet goed is uitgevoerd. Dat vind ik wel wat zorgelijk, hoe voorkomen we dat dat in de toekomst weer gebeurt? Want het is best een heel groot bedrag.
En nog een laatste vraag, of het bekend is wat de invloed zal zijn op het tarief van de rioolheffing in de toekomst, of dit direct van invloed is volgend jaar. De voorzitter: Dank u wel. Dan de PVV, de heer Van den Oever. De heer Van den Oever: Dank u wel, voorzitter. Voor wij uitspreken dat het een hamerstuk is, de noodzaak tot vervanging is duidelijk, maar een raming van 90 naar 625, zeven keer zoveel. Het is namelijk niet de eerste keer dat een raming zo vreselijk veel van de werkelijkheid verschilt, voorzitter, en dat hebben we vaker gezien. Het lijkt ons dat er alles aan gedaan moet worden om dit nu echt eens een halt toe te roepen. Daarnaast, het college ging bij de begrotingsbesprekingen zo prat op het feit dat de rioolheffing op nul was gesteld – ik zou bijna zeggen, ja, zo kan ik het ook – daar kijken wij nu wel een beetje anders naar, voorzitter. Want we lezen ook dat de bijbehorende kapitaallasten worden betrokken bij de toekomstige berekeningen van de rioolheffing. Door deze verkeerde raming vindt er wat ons betreft in feite toch wel weer een verhoging plaats, zij het op een later tijdstip. Graag een reactie van de wethouder hierin. De voorzitter: Dank u wel. GroenLinks. Mevrouw Van Essen: Dank u wel, voorzitter.
Nou ja, ik sluit aan bij de heer Van den Oever van de PVV, want waar komt dat verschil vandaan tussen van 90.000 naar 625.000? Ook vind ik de onvoorziene kosten die worden meegerekend door de aannemer van 20 procent rijkelijk hoog, dat is een vijfde deel, dat is dus ruim een ton waar je het over hebt. Dus ik vraag me af, waar is die aannemer bang voor? Want in de kosten wordt ook een onderzoek meegenomen van ik meen uit mijn hoofd 30.000 of iets in die richting, en er wordt al een post meegenomen om particuliere eigendommen te herstellen van 75.000. Wat kan er in godsnaam dan zo misgaan, of zo duur zijn dat het op 625.000 euro uitkomt? Ik heb eventjes zitten meten, die steeg is geloof ik 95 meter lang en dat zou uitkomen op 6500 euro per strekkende meter buis. Dat is een hoop, dus ik ben benieuwd of die van goud is of zo. De voorzitter: Dank u wel. PvdA. Mevrouw Koper: Ja, dat proberen we het nog een keer. Een prikkelende opmerking van mijn collega hier over gouden buizen. Nou, wij lazen dat even iets anders, want er is duidelijk een onderzoek gedaan waardoor de inschatting veranderd is en dat is eigenlijk in de voorjaarsnota en in de begroting daarvoor al aangekondigd dat er een onderzoek aan kwam. Dus in die zin waren wij toen we het goed lazen niet verbaasd dat het zo verhoogd werd.
Maar als ik uw berekening hoor, mevrouw Van Essen, dan ben ik wel benieuwd of de wethouder dat ook zo berekent. Ik heb iets gelezen over dat er meer en groter werk wordt, maar ik hoor dat
straks graag van de wethouder. Een andere vraag die wij hebben is, dit deel ligt vlak naast het laagste gedeelte van Zandvoort, hè, de straten die eromheen liggen, Jan steen, het L’Ami-buurtje et cetera. Vanwege die ligging is natuurlijk het risico op overstromingen groter. Neerslag en stortbuien wordt natuurlijk heftiger in de toekomst en kan de wethouder aangeven of de riolering die nu opnieuw wordt aangelegd een gesplitste is en die de hemelwaterafvoer apart afdoet, of dat het enkelvoudig is? Want dat komt niet zo echt goed in het raadsstuk naar voren, dus daar ben ik wel benieuwd naar. We vragen ons af of er dan ook nu op korte termijn, want dit is dus duidelijk een heel groot probleem wat niet eerder is bedacht, dan moet er op korte termijn ook wel gekeken worden naar die L’Amistraat, Diaconiehuisstraat enzovoorts. Hoe zitten we daarmee? Daar hoor ik graag ook een toelichting van de wethouder. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar ZEE, de heer Sukel. De heer Sukel: Dank u wel. Allereerst zou ik toch willen vragen, dat staat een beetje los van de inhoud, maar om stukken af en toe wat duidelijker te schrijven. Als ik ergens als argument lees “Er kunnen grote problemen ontstaan”, en dat is het eerste waar ik naar kijk, dan denk ik: gaat Noord-Korea aanvallen of iets dergelijks? Ik zou toch even wat zakelijkere stukken af en toe willen zien. Dus dat ten eerste.
Ik heb wat vragen. In 2006 is het inderdaad verkeerd gegaan. Is gekeken of juridisch daar nog iets aan te doen is, of is het inderdaad dusdanig verjaard dat we niet kunnen teruggrijpen op oude contracten die er zijn? Twee, is er het verhaal afstemmen de bewoners, weten zij al van iets? Want als zij ineens worden verrast met dit stuk en zij weten nog niet dat er allerlei problemen zijn, dan schrikken zij wellicht, ook omdat dit waarschijnlijk geen makkelijke klus zal zijn, schat ik in. Er staat in het stuk dat bebouwing op de riolering geplaatst is, deels particulier, deels publiek. Dat roept bij mij de vraag op of er wellicht illegale bebouwing is bovenop riolering, en of dat inmiddels dan ook verjaard is ja of nee, en of dat nog iets voor consequenties heeft. Ik ben juist eigenlijk misschien wel daarom ook weer blij met de hoogte van de onvoorziene kosten. Ik ben inmiddels langzaam maar zeker ervaringsdeskundige, omdat het mijn werk is en juist die onvoorziene kosten, die worden vaak onderschat. De vraag die gesteld is door collega's over de tariefverhoging ben ik benieuwd naar en idem of dat ook op andere plekken zo is, want dat vergt misschien echt wel gedegen onderzoek.
Want een verschil van 90 naar inderdaad bijna zeven keer zo hoog, dan denk ik: dan hebben we toch ergens of ons ambtenarenapparaat niet alles heeft scherp in beeld en dan vind ik dat wel echt nog een groot risico voor de langere termijn. Dus misschien moeten we wel ook voorstellen om een soort rioleringsonderzoek te doen, zeker in het oudere deel. Dat was het. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Jong Zandvoort, mevrouw Göransson. Mevrouw Göransson: Dank u, voorzitter. We zijn benieuwd naar de beantwoording van de wethouder op de vragen die al gesteld zijn. Daarnaast 90.000 naar 625.000 is natuurlijk een groot verschil, maar de riolering is gewoon noodzakelijk voor mensen en moet ook daadwerkelijk wel natuurlijk gebeuren. We hopen dat de riolering ook voor de mensen daardoor spoedig aangepast kan worden. De voorzitter: Het CDA, de heer Stephan. De heer Stephan: In de kern, er is een hoge nood hier om dat nu snel af te tikken, dus wat dat wat dat betreft kan het volgens mij alleen maar een hamerstuk zijn. Maar ja, ik ben heel benieuwd ook, ik heb dat eigenlijk de ene vraag van mevrouw Nederlof en de andere vraag van mevrouw Koper en ik zie de beantwoording daarvan ook graag tegemoet. Maar het moet volgens mij een hamerstuk zijn. De voorzitter: OPZ, de heer Berg. De heer Berg: Dankjewel, voorzitter. Wij hebben er twee vragen over.
Ik zag staan kosten onderzoek bodem, milieu, grondwater 50.000 euro, dus vroeg ik me af: welke risico's zijn er onderzocht en is het nu afgedekt? De kosten voor directie en uren projectteam. Uren projectteam 60.000 euro, dat vind ik nogal een flink bedrag en
daaronder staat ook nog een keer directievoering en werktoezicht 14.000 euro. Ik vind dit enorme bedragen en daar zou ik ook graag iets meer duidelijkheid over krijgen. Dankjewel. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik nu graag het woord aan de wethouder. De heer Hermsen. De heer Hermsen: Ja, volgens mij komt D66 nog steeds ergens aan bod en ik had nog niks gezegd, dus ja. De voorzitter: Excuus daarvoor. De heer Hermsen: Ik heb totaal geen technische vragen deze avond met betrekking tot het stuk, dat wil ik even meegeven. Want er werden heel veel technische vragen gesteld, ik zag ook wat vragen over kosten van het onderzoek wat nog moet plaatsvinden. Dus dat is altijd, daarom blij met de onvoorziene kosten. Wat betreft de verhoging van de kosten voor de riolering in 2024, dat zie ik dan in de begroting wel tegemoet. Dat het moet gebeuren, dat is duidelijk en ik denk dat er eigenlijk nog veel meer risico's liggen zeg maar met betekent tot onze riolering, want als deze uit 1913 is, dan zal de rest ook wel heel oud zijn en ik weet ook wel dat rioleringen binnen 60 à 65 jaar worden afgeschreven. Waar ik wel op zichzelf vanuit de wethouder nog wel op zoek naar ben is hoe dat nou kan ontstaan zeg maar, losstaand van de toelichting die in het stuk staat, wat ik op zichzelf heel logisch en plausibel vind, maar hoe het nou kan dat we inderdaad van 90.000 en 625.000 gaan.
Dat lijkt bijna net alsof wij niet goed toezicht houden op ons eigen riool. Even, en eigenlijk is het ook weer een technische vraag: hoe zit dan in? Dus wat ons betreft sowieso een hamerstuk, maar het zou wel fijn zijn als we in ieder geval een beeld krijgen van onze riolering dan in Zandvoort en hoe die op dit moment staat. Dat mag gewoon schriftelijk hoor, daar hoeft u nu niet antwoord op te geven, want dat is een hele lastige vraag, maar dank daarvoor. Voor de rest echt een hamerstuk, want het moet gewoon gebeuren, punt. Dank. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nu naar de wethouder, de heer Hendriks. De heer Hendriks: Dank u, voorzitter. Ik hoor velen van u zeggen dat het een hamerstuk is en dat het moet gebeuren en dat is denk ik de duidelijke conclusie die hierachter zit. Dit is ook begonnen omdat er in de Jan Steenstraat een huis met scheuren zit, omdat het daar verzakt is. Toen is er gekeken: wat is hier aan de hand? Toen bleek dat de grond daaronder eigenlijk verzadigd is, dus dat het huis in feite – het klinkt hier wat dramatisch – maar dat het een soort drijfzand is waarop het staat en dat leidt tot scheuren. Dat komt doordat het riool wat daar ligt nu niet waterdicht genoeg is en dus loopt het eruit en op een gegeven moment is die grond verzadigd en dan krijg je een probleem.
In 2006 is inderdaad geprobeerd om het riool, omdat toen bleek dat het niet goed was, om dat te herstellen. Het is een oude buis uit 1913, toen is er zo'n plastic kous zeg maar, of kunststof kous is daarin gedaan in de hoop dat daarmee, er zitten in feite nieuwe buizen in, aansluiting erop en dan werkt het. Die is niet goed aangelegd, of die is om wat voor reden dan ook doet die zijn werk niet goed en leidt dat nog steeds tot lekkage. Dat is ook meteen eigenlijk het antwoord op de vraag: hoe voorkomen we nou dat het nog een keer gebeurd? Nou, door het nu grondig te doen. Die raming van 90.000 is erop gebaseerd dat we weer met zo'n soort hersteloperatie in die buis de boel kunnen redden. Toen bleek dat die echt niet goed zit en dat zo'n herstel daarvan ook niet werkt. Dus toen is gezegd: dan moeten we eigenlijk iets heel anders doen. Daarmee is het ook niet een raming: we gaan iets doen, we doen datzelfde, maar dat wordt duurder. We gaan heel wat anders doen. We gaan niet een bestaand riool met zo'n kous herstellen, we gaan daarnaast een nieuw riool aanleggen en daarbij ook in een achterpad verder, waar hetzelfde probleem speelt. Dus daarmee is niet zozeer een raming slecht naar mijn idee, maar is de gekozen oplossing was toen niet de juiste en de oplossing die we moeten gaan doen is duurder. Dat wordt volgens mij ook in het stuk uitgelegd.
Dus de oplossing die we doen is duurder en het is op twee locaties in plaats van één. Dat maakt hem gewoon de basis duurder. Daarbij komt nog een aantal onderzoekskosten en inderdaad een hele grote post onvoorzien, maar dat hangt ook weer samen met hoe ingewikkeld deze locatie is. Want ik snap de rekensom die gemaakt wordt als je terug gaat rekenen per meter buis – overigens gaan we twee achterpaden doen, dus hij is de helft goedkoper dan wat gerekend werd – maar het blijft per meter buis een
hele dure. De kosten zitten ook niet in die buis, dat zie je ook in die sommen, want dat deel is heel eenvoudig. In dat achterpad … Althans, voor de bewoners geeft het natuurlijk altijd overlast als je als je aan het riool werkt, maar technisch is dat eenvoudig. Je graaft de grond open, legt er een riool in, graaft de grond dicht en dat is op zich te doen. Waar dit ingewikkeld is, is dat in de Hobbemastraat zijn die achterdelen van huizen, daaronder loopt het riool. Daaronder zitten die aansluitingen op dat riool, dus dat betekent dat we bij mensen binnen in die aanbouwen, in die schuren moeten gaan bouwen. Dat leidt gewoon tot risico’s en daarom is zo'n post onvoorzien heel hoog. Het zijn gewoon ingewikkelde operaties. Want waar iemand een schuur heeft, is het misschien heel eenvoudig om te zeggen: kunt u uw fiets twee weken ergens anders neerzetten, dan gaan wij het riool doen. Maar als iemand daar een keuken in heeft gebouwd, of de wasmachines daar heeft staan, dan zit je met hele ingewikkelde problemen die we het aan het oplossen zijn. Dus per meter is het heel klein, het gaat om een kleine groep bewoners, maar dit is best een ingrijpende actie die we gaan doen. Daarom moet je ook denk ik best wel voorzichtig zijn in wat we ramen.
Ondanks die hoogte van deze investering is de invloed daarvan op de rioolheffing eigenlijk vrij beperkt, omdat rioolstelsel is heel groot, heel duur, dat zijn langlopende investeringen en één investering is relatief beperkt in dat totaal. Dus er zal een effect zijn inderdaad in 2024 op de rioolheffing, want er wordt geld uitgegeven en dat dekken we op die manier, dat moet omslaan, dus er zal een effect zijn. Ik verwacht niet dat dat een heel groot effect is. Wat ik ook heb horen noemen is de afstemming met de bewoners, hoe gaat die? Het grootste deel van deze woningen is van Pré Wonen, dus wij samen met Pré Wonen informeren de bewoners met een brief, die gaat als het goed is deze week, begin volgende week eruit. Nadat u het als raad al dan niet heeft geaccordeerd kunnen we natuurlijk verder gaan informeren. Want nu kunnen we hooguit informeren over wat het probleem is en wat we denken te gaan doen, maar zolang u als raad dit geld niet ter beschikking stelt, kunnen wij natuurlijk niet de plannen maken wat er precies moet gaan gebeuren. Maar dat die afstemming met die bewoners belangrijk is, dat is evident, vandaar ook dat we eerst een brief sturen en daarna ook met bewonersbijeenkomsten gaan werken. Een infiltratieriool, dat is hier helaas, dat is wel onze lijn dat we dat standaard doen, ook inderdaad omdat hemelwaterafvoer wordt een groter probleem.
Hier is dat door de lage ligging niet mogelijk, dus je ligt relatief ten opzichte van het grondwaterpeil is het niet mogelijk om hier een apart riool in te voeren, helaas. Het probleem is breder en hoe zorgen we nou dat we dit niet nog veel vaker hebben. U ontvangt, en ik heb even niet helemaal scherper wanneer dat is, maar volgens mij, daar zit geen verdere vertraging in anders dan de toezegging die u tot nu toe heeft gehad, u ontvangt een nieuw GRP. Daarin nemen we ook op dat onderzoek kunnen doen naar al die achterpaden, want dit probleem zit vaker. Op sommige punten is ons riool er gewoon kort gezegd slecht aan toe en op sommige punten is het beter dan dat we tot nu toe dachten. Maar er is aanleiding om dat riool te gaan werken, dus vooral weten we gewoon heel veel niet. Daarom hebben we de afgelopen jaren ook heel veel gedaan in het opstellen van het GRP, vooral heel veel onderzoek en daaruit komt soms dat een riool erg slecht is en dan moeten we dat oppakken zoals hier. Is die bebouwing die op die op dat riool staat, is dat nou illegale bebouwing? Nee, dat is gewoon bij de bebouwing meegenomen. Alleen dit riool komt uit 1913, die bebouwing is van na die tijd, dus dat is gewoon daarbovenop gezet en daarop aangesloten en dat is op die manier gedaan. Ik hoorde van de Ouderenpartij nog de vraag over die kosten van het onderzoek van die bodem.
Ja, dat onderzoek moet inderdaad gewoon gaan gebeuren. Zijn daarmee de risico's gedekt? Nee, ze zijn zo goed mogelijk in kaart gebracht en we hebben hier aangegeven welke onderzoeken we moeten doen en wat we verwachten te moeten gaan doen, maar we weten dat nog niet. Een onderzoek wat we gaan doen zodra u geld ter beschikking heeft gesteld, we weten pas daarna wat eruit komt. We hebben wel reden om aan te nemen dat het ingewikkeld gaat worden hier, maar dat ligt meer door die situatie met particuliere eigendommen en dat maakt ook dat die post onvoorzien vrij groot is. Volgens mij, voorzitter, ben ik door mijn aantekeningen heen. Dus dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik even rond, is er behoefte aan een tweede termijn? Mevrouw Van Essen. Mevrouw Van Essen: Ik heb nog één aanvullende vraag voor de wethouder en ik hoop dat dat een retorische vraag is. Is er ook gekeken naar alternatieven? Dus in plaats van aan te sluiten onder de bebouwing, om een stukje verder te kijken om aan te sluiten op een plek waar het wel makkelijker bereikbaar is?
De voorzitter: De heer Sukel van ZEE. De heer Sukel: Ik had nog de vraag gesteld of u nog juridisch had gekeken, omdat er in het stuk staat dat het niet goed is uitgevoerd. In mijn ogen lees ik dan dat de aannemer zijn werk niet goed gedaan heeft. Dat is wat anders dan dat het later gewoon doordat de methode niet passend was. Dus misschien is dat wat er gebeurd is, maar dat is dan niet duidelijk in het stuk. Dank u wel. De voorzitter: De wethouder. O sorry, eerst gaan we nog naar mevrouw Koper. Mevrouw Koper: Dank aan de wethouder voor de beantwoording. Ik denk dat we met elkaar uitkijken naar dat grote rioolplan wat eraan komt, dat alles goed in kaart wordt gebracht. In die zin, het gaat om grotere bedragen, maar het is natuurlijk wel zo dat het nu rigoureus en goed gedaan wordt en dat is natuurlijk ook wat we willen. Overigens, jammer dat daar geen infiltratieriool mogelijk is, maar het is inderdaad zo dat we dat op andere plekken overal wel gaan doen en dat is ook belangrijk. Dank u wel. De voorzitter: De heer Hendriks. De heer Hendriks: Twee concrete vragen. De vraag van GroenLinks: is er ook gekeken naar alternatieven? Het antwoord is: ja, daar is ook naar gekeken, maar dit is onze verwachting. Dit is wel een situatie dat we per huis moeten gaan kijken hoe we het gaan doen.
Dus wellicht kan het beter uitkomen dan dat we nu denken, maar dit is onze beste verwachting die dit moet hebben, maar we bekijken dit per huis wat de aanpassingen zijn. Is het verkeerd aanleggen van het vorige riool, van die hersteloperatie, is dat te verhalen? Nee, het antwoord is, het is niet te verhalen. Ik heb dat ook nagevraagd, er is juridisch naar gekeken, dat is niet mogelijk. De voorzitter: Dank u wel. Kan ik ervan uitgaan dat dit een hamerstuk betreft? Ja? Dan concluderen wij dat. 8.
Mededelingen van het college van B&W De voorzitter: Dan gaan we door naar het volgende agendapunt, dat is ‘Mededelingen van het college van B&W’. Als u nog even wil blijven zitten, de heer Henriks. Zijn er mededelingen vanuit het college? Oké. Nou, dank u wel.
9.
Update regio & MRA De voorzitter: Dan gaan we door naar het volgende agendapunt. Agendapunt 9, ‘Update regio & MRA’. De heer Drommel en Karim El Gebaly. Of nou ja, ik geef de heer ‘…’ (storing in audio). De heer Drommel: Dan doe ik het even zo bij de microfoon van mijn collega. Op dit moment hebben we geen update. Wat ik wel kan zeggen, is dat we volgende keer bij jullie terugkomen met een voorstel hoe we iedereen gaan betrekken en informeren bij de beraadslaging in de regio. De voorzitter: Dank u wel.
10. Rondvraag De voorzitter: Dan stel ik voor dat we doorgaan naar de rondvraag. Er is in principe niets schriftelijk vooraf ingediend, dus ik weet niet of iemand nog iets heeft voor de rondvraag? De heer Berg, OPZ. De heer Berg: Dank u wel, voorzitter. Ik zag in de Zandvoortse Courant vandaag iets staan en dat triggert me toch om een vraag te stellen, maar u mag hem ook schriftelijk beantwoorden, want ik leer graag als raadslid. Ik zag ik zag dat er in staat: opleggen boete Participatiewet. Ik weet niet wanneer het werd opgelegd, maar waar
ik nog meer van opkeek dat erbij stond: burgemeester en wethouders van Haarlem maken bekend en hebben besloten. Ik denk, in een Zandvoortse zaak en er wordt over burgemeester Haarlem besluiten, dus ik zou daar wat graag informatie over krijgen wat dat nou inhoudt en waarom de burgemeester en wethouders van Haarlem dat besluiten. Is dat gedelegeerd? Maar het mag ook schriftelijk. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er verder nog vragen? Dat is niet zo. Is er vanuit het college direct behoefte om te reageren? Nee, dus dan wordt daar schriftelijk op teruggekomen, de heer Berg. 11. Sluiting De voorzitter: Goed, dan denk ik dat wij door kunnen gaan naar sluiting van de vergadering, kwart over tien. Dan dank ik iedereen voor hun komst.