CConstaterende datZandvoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript - 10 september 2024

Raadscommissie 10 september 2024, gemeente ZandvoortBij agendapunt: Transcript27.005 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

1 alinea's met “sluiting”: 146

Alleen, wat nu voorligt, dat is als het ware al meteen al een planrichting, een uitwerkingsrichting, en naar ons idee is het verstandig om eerst te kijken: welke functies willen we op de verschillende pleinen onderbrengen en in welke mate staat het gebruik voor die functies in verhouding tot het budget wat we daarvoor willen bestemmen om te laten onderzoeken wat daar wel of niet zou kunnen. En die stap, die ontbreekt in dit raadsvoorstel. En dat vinden we jammer, want daardoor verspelen we de kans om verder richting te geven aan wat er uit het onderzoek ten aanzien van die gebruiksmogelijkheden komt. De gevraagde budgetten, samen vijf ton voor een pleinenstudie, dat lijkt ons in ieder geval exorbitant hoog en een onderbouwing ontbreekt. Wij kunnen daar niet mee instemmen. Ik zal ook eventjes de pleinen doorlopen om onze standpunten daarin aan te geven. LDC. Het lijkt ons verstandig om eerst uit te zoeken op welke wijze het LDC-plein vaker of beter kan worden benut. Is het mogelijk de ijsbaan daar te plaatsen? Kan de weekmarkt daar deels plaatsvinden, als dat tenminste wenselijk is? Welke andere activiteiten buiten terrasvoorziening Blauwe Tram zijn er mogelijk? Robuust vergroenen van dit plein is weliswaar een mogelijkheid, maar je kunt je afvragen of je daarmee dan voldoende ruimte houdt voor andere activiteiten, zoals net genoemd. Gasthuisplein.

Er ligt al sinds 2007 een amendement van onze partij om inrichting en stijl te wijzigen en de sfeer van het plein meer te laten aansluiten bij de resterende historische gebouwen in de omgeving. Verplaatsen parkeren is misschien niet nodig. Bij evenementen wordt het plein al vaak geheel afgesloten, ook voor verkeer. Wel zouden we ons kunnen voorstellen dat je de huidige barrière in de vorm van de muur langs de rijbaan, dat je die weghaalt,

zodat het hele plein desgewenst functioneel kan worden gebruikt en dat je de functie voor parkeren houdt door wegmarkeringen met diagonaal visgraatparkeren inricht en daardoor dat mogelijk houdt voor de tijd dat dat plein niet voor activiteiten en festiviteiten wordt gebruikt. Raadhuisplein. Zo nodig zijn wij voor het creëren van ruimte door het muziekpaviljoen, dat nauwelijks meer wordt gebruikt, te verplaatsen. Maar vanuit verkeersveiligheid en verkeersafwikkeling zijn wij tegen het omdraaien van de rijrichting ten behoeve van de bus. Die kan bij afsluiten van het Raadhuisplein immers prima op de Hogeweg halteren, helemaal nu de plek daar helemaal voor is ingericht. Wij zien daar dus geen noodzaak voor en we zien wel nogal wat nadelen, want sluit je het Raadhuisplein af in het hart van allerlei wegen die daarop uitkomen en via wie je het dorp kunt inkomen of verlaten, dan zet je als het ware een stop in de hele verkeersafwikkeling voor een hele omgeving. Wij denken dat het afsluiten van het Raadhuisplein ten behoeve van de weekmarkt, die immers in de Grote Krocht prima zijn plek heeft, dat dat niet nodig is. Dus daar hebben wij duidelijke vragen bij. Wat wij missen is het Badhuisplein.

Zeker na de planwijziging van juli kortgeleden is het de vraag of het plein nog voldoet als het beoogde aantrekkelijke verblijfsgebied daar en is er buitenruimte als doorgangsroute van dorp naar zee, ontsluiting van het nieuwe hotel, noch ruimte voor terrassen en de thema-markten die we daar vaak hebben. Het lijkt ons gewenst kwaliteit, functionaliteit en gebruiksmogelijkheden van het Badhuisplein nader onder de loep te nemen. Kerkplein. Naar wij horen gaat zowel de Kerkstraat als het Kerkplein op de schop, van gevel tot gevel, als wij goed zijn geïnformeerd. Vanmiddag hebben ondernemers daar het één en ander over te horen gekregen, begrijpen wij, en dat kunnen wij niet helemaal rijmen met wat we nu van plan zijn om nog eens te gaan nadenken over hoe we dat zouden kunnen gaan inrichten, want we nemen aan dat dat niet zo lang braak blijft liggen totdat wij eruit zijn. Dus de vraag is even: wat is de ratio van deze aanpak? Daar wilde ik het eigenlijk in de eerste termijn even bij laten, voorzitter, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bouberg Wilson. Gaan we over naar GroenLinks, mevrouw Van Essen. Mevrouw Van Essen: Ja, dank u wel voorzitter. Juist omdat dit al zolang speelt moeten we er misschien wat mee. Wij zijn, buiten dat we een aantal zaken wel ondersteunen die al gevraagd zijn, wel redelijk positief over het stuk wat voorligt.

Er zit veel vergroening in de pleinen en vooral het Raadhuisplein kan goed multifunctioneel gebruikt worden. En om dan heel erg gespitst te gaan kijken: ja, maar wat zouden we nu precies willen met dat plein? Misschien juist om het plein zo te creëren krijg je andere mogelijkheden, die nu nog niet op de kaart staan, in het vizier. Ik ben het helemaal eens dat bij ontwikkeling van het raadhuis, dat het Gasthuisplein meegenomen moet worden, dus dat daar samenhang gecreëerd moet worden, dus dat het plein en het gebouw even belangrijk zijn. Wij zijn wel voor de optie om het muziekpaviljoen te verplaatsen naar het LDC-plein. Hier komt hij veel meer tot zijn recht. Hier kunnen kinderen gewoon in het paviljoen spelen en is het veel praktischer om het voor muziek te gebruiken, omdat je die rotonde niet elke keer over hoeft te steken, een stuk veiliger ook. Zeker met de koppeling met de scholen die daar zitten, geeft dat naar ons idee mooie kansen. Als het Louis Davids Carréeplein toch aangepakt gaat worden, kan er dan ook gelijk gekeken worden naar het deel wat leidt naar het zebrapad aan de Prinsesseweg. Een tijd, ik weet niet hoe lang het geleden is, maar is daar een jongen aangereden. Daar hebben we het toen over gehad in de commissies en in de raadsvergaderingen. Een heleboel handtekeningen zijn daar voor die actie om daar iets te gaan doen opgehaald.

Uiteindelijk zijn er haaientanden bij de Koninginneweg gecreëerd, dus dat maakt het al een stuk veiliger voor dat kruispunt, maar als we dan toch met het Louis Davids Carréeplein aan de gang gaan, kunnen we dan gelijk dat strookje meenemen om daar aanpassingen te maken, zodat het ook een stuk veiliger wordt, waardoor er voorkomen wordt dat die fietsers daar keihard naar beneden kunnen fietsen. Onze vraag is: heeft de wethouder hier al over nagedacht en staat hij daarvoor open om dat mee te nemen in dit plan? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. En dan gaan we tot slot naar de VVD. Mevrouw Nederlof, aan u het woord.

Mevrouw Nederlof: Dank u, voorzitter. Laten we vooropstellen dat de VVD de uitgangspunten voor de pleinenstudie, zoals opgenomen in paragraaf vier, grotendeels onderschrijft. Immers, het centrum vraagt om verbetering. Het stuk roept wel wat vragen op, maar dat is logisch. Dus in tegenstelling tot een aantal aanwezigen zijn wij wel positief over de pleinenstudie. Ik ben wel eens met mijnheer Bouberg Wilson, die aangeeft dat het Badhuisplein meegenomen zou moeten worden in het plan. En verder wilde ik ze graag één voor één eventjes met u doornemen. Het plein bij het LDC is al een stuk aantrekkelijker geworden door de uitbreiding van de groenbakken. Verdere uitbreiding van het groen, maar ook bankjes en mogelijkheden voor het buitenterras zouden het plein inderdaad nog wat aantrekkelijker maken, maar ook wel wat vol. Het verplaatsen van de muziekkapel naar deze locatie lijkt ons, net als mijn buurvrouw van GroenLinks al aangaf, een goed idee. De scholen hebben al aangegeven hier graag gebruik van te willen maken en het wordt ook veel toegankelijker voor de inwoners van Zandvoort. De vraag is wel hoe de wethouder denkt dat de Zandvoorter het plein meer zal gaan gebruiken? Hoe gaan we nu, behalve de muziekkapel, zorgen dat de Zandvoorters daar meer aanwezig zijn? De voorzitter: Mevrouw Nederlof, u heeft een interruptie van de heer Kramer. De heer Kramer, aan u het woord.

De heer Kramer: Ja, even een verhelderende vraag. U zegt: de scholen zijn het er al mee eens dat de muziekkapel die kant opgaat, maar … Mevrouw Nederlof: Nou, ik heb begrepen van wethouder Carree dat de scholen eigenlijk wel enthousiast zijn als die muziekkapel voor hen beschikbaar zou komen, dus dat zij er meer gebruik van kunnen maken. De voorzitter: Ik wil eventjes voordat u het woord krijgt wel eventjes met elkaar duidelijk hebben dat ik u allen het woord geef en dat we niet een open discussie gaan starten. Dus ik ga het woord aan de heer Kramer geven en dan daarna het woord aan mevrouw Nederlof. Mijnheer Kramer, aan u het woord. De heer Kramer: Nee, dan is het me duidelijk. Ze willen gewoon gebruikmaken van de muziekkapel, maar niet per se op het LDC-plein. Want nu is het zo dat de pleinen tenminste niet door de scholen worden gebruikt, maar die hebben een eigen schoolplein, dus vandaar. Mevrouw Nederlof: Ja, dat klopt inderdaad, alleen als het blijft staan op het Raadhuisplein, dan is het wel wat gevaarlijk met al dat verkeer eromheen en is het in ieder geval niet mogelijk voor de scholen om daar gebruik van te maken. Bent u dat met me eens? De voorzitter: De heer Kramer. De heer Kramer: Ik ben er sowieso geen voorstander van dat het ding hier weggaat, want dan denk ik: ja, dan ga je weer een hangplek voor jongeren creëren.

Maar goed, dat is een andere discussie, denk ik. Mevrouw Nederlof: Oké. De voorzitter: Ik ga toch eenieder in deze commissie nogmaals het verzoek doen en anders ga ik zo meteen echt ingrijpen, om vooral via de voorzitter te spreken en niet meteen op elkaar te reageren. Dat is hoe wij het hier doen in dit huis. Dus ik wil u daar nogmaals op aanspreken om dat niet op die manier te doen, maar via de voorzitter. Mevrouw Nederlof, vervolgt u uw betoog.

Mevrouw Nederlof: Ik ga verder. Het Gasthuisplein is mede door het autoverkeer en het grote grijze vlak voor het wapen van Zandvoort best onaantrekkelijk. Overigens geldt dat niet voor de momenten dat er evenementen plaatsvinden. Op die momenten voldoet het eigenlijk prima. Denk aan de Wereldse Smaken. Daar hebben we als Zandvoorter behoorlijk van genoten. We zijn wel benieuwd wat er bedoeld wordt met de zin: verminderde ruimte voor de auto, met aandacht voor bereikbaarheid. En verder zijn we wel wat benieuwd op welke wijze de betere verbinding met het Kerkplein bereikt kan worden. Het blijft een vrij smalle doorgang. Overigens zijn we wel van mening dat de genoemde overdekte fietsenstalling zeer gewenst is. Het Raadhuisplein, dat vormt het hart van het centrum, verbindt alle drie de winkelstraten met elkaar. Het is van groot belang dat er heel zorgvuldig moet worden gekeken: op welke wijze kan hier vorm aan worden gegeven? Wij sluiten ons aan bij de mening van het college, die de voorkeur geeft aan het verplaatsen van de muziekkapel naar het LDC, zoals ik net ook al aangaf. Het verwijderen van de rotonde, waardoor er een multifunctioneel plein kan ontstaan. Die rol heeft het plein nu ook bij evenementen, maar er is iedere keer wel veel inzet en geld nodig om het geschikt te maken. Denk bijvoorbeeld aan de muziekpodia, maar vooral ook aan de ijsbaan.

Door verplaatsbaar groen en bankjes te plaatsen, zal dat met minder inzet van middelen kunnen worden aangepast bij evenementen. Dan hebben we nog het Kerkplein. De uitstraling van het Kerkplein is ons inziens de laatste jaren, mede dankzij de horecaondernemingen, al enorm verbeterd. Uitvoering geven aan het reclamebeleid, aan een reclamebeleid, wat nog aangepast gaat worden, zal zeker kunnen bijdragen aan een wat minder rommelig beeld nog. Ook is de optie om een deel van het terrein van de kerk toe te voegen aan de openbare ruimte een interessante optie. Voorts zijn we van mening dat het wel heel erg jammer is dat één van de grote terrassen slechts tot zes uur open is in het hoogseizoen. Dat bevordert in elk geval de verbinding met het Gasthuisplein niet. Het ziet er wat kaal uit. Hoe ziet de wethouder dit? De kosten lijken op het eerste gezicht wat hoog, maar daar alle ontwerpwerkzaamheden worden uitgevoerd voor deze kosten, wat ons betreft wel acceptabel. Er wordt ingeschat dat de kosten circa 10 procent van de totale realisatiekosten bedragen. Is het mogelijk om tussentijds en achteraf te rapporteren, zodat we leren van deze inschattingen voor volgende projecten? Dank u. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Nederlof. Dan ga ik nu naar de portefeuillehouder. De heer Hendriks, aan u het woord. De heer Hendriks: Ja, dank u wel voorzitter.

En ik zou eigenlijk beginnen bij de vraag van de PVV, die de vraag stelde: wat is eigenlijk het nut en noodzaak? Wat is de aanleiding van deze uitgangspunten voor die pleinenstudie? Heel kort gezegd is die te vinden in het coalitieakkoord of in het coalitieprogramma. In het coalitieprogramma hebben we met elkaar afgesproken dat juist het plein in het centrum … hoe staat het nou? Een aantrekkelijk winkel- en uitgaansgebied, dat we dat verdienen en dat met name de uitstraling van Kerkstraat, Kerkplein, Raadhuisplein, Gasthuisplein, Grote Krocht, Kleine Krocht en Haltestraat verbeterd moeten worden en dat daarbij aandacht is voor routes tussen dorp en station, dat we bestrating, afwatering, groenvoorziening, meubilair en dergelijke aan willen pakken. Dat is natuurlijk een zin die makkelijk opschrijft: we willen de uitstraling verbeteren, maar het is nog niet zo makkelijk gezegd als gedaan. We kunnen niet zeggen: morgen gaat er een stratenmaker aan de slag. Huidige straat eruit, nieuwe straat erin en we hebben de uitstraling verbeterd. Om die uitstraling van pleinen in het dorp te verbeteren moet je eerst op een goede manier nadenken: welke functie komt waar, welk plein heeft welk nut? In feite een soort kapstok voor een aantal startnotities, schetsontwerpen en dergelijke, om pleinen aan te gaan pakken.

D66 vroeg: wat hebben we geleerd van eigenlijk alle projecten, alle pogingen die in het verleden zijn ondernomen om juist die pleinen in het centrum van Zandvoort aan te pakken? En dat is in feite dit: we hebben hier een paar keer in dit huis, in deze zaal, discussies gehad over pleinen. Ik kan me nog herinneren aan het eind van de vorige raadsperiode een hele discussie over het Raadhuisplein en ik kan me ook goed herinneren waarom al die discussies nooit

hebben geleid tot besluitvorming en aanpak. Dat was namelijk de discussie bij het Raadhuisplein vorige keer: ja, maar de ijsbaan kan toch ook naar het LDC-plein? Ja, maar kan dit evenement niet beter daar? Hebben we ook hieraan gedacht? Dus je ziet al dat zo'n plein niet op zichzelf staat, maar zijn functie alleen maar heeft door de verbinding met andere pleinen. En dat houdt dus ook in dat je niet bij één plein kunt beginnen met een schetsontwerp maken en dat uitwerken in een voorlopig ontwerp en een definitief ontwerp, zonder dat je nadenkt wat de functie van dat plein is, juist in relatie tot die andere pleinen. En dat raakt ook een beetje de vraag aan die de heer Bouberg Wilson stelt, want wat hij stelt: we moeten de functies van de pleinen vaststellen en bekijken: welk plein heeft welke functie, wat vindt waar plaats? En dat is exact wat we hier doen. En daarbij zeggen we, tot nu toe hebben we namelijk elke keer het uitgangspunt gehad, bijvoorbeeld het LDC-plein: daar moet een markt kunnen of daar moet een ijsbaan kunnen. En we zeggen hier: dat uitgangspunt laten we los, wat we in het verleden lid hadden, want hebben dat nooit gerealiseerd. Dus we zeggen nu: dat LDC-plein gaan we juist fors vergroenen en geschikt maken voor de bewoners daar en de direct aangelegen instellingen, maar we laten de wens los om daar grootschalige evenementen plaats te vinden.

Dan moeten we met elkaar na gaan denken: waar moeten die evenementen dan? In dit stuk sorteren we voor dat dat op het Gasthuisplein, dat daar wat bij kan in de kleinschalige sfeer en de grootschalige sfeer op het Raadhuisplein. Maar wat we hier dus aan het doen zijn is die kapstok opbouwen op basis waarvan we verder kunnen gaan met schetsontwerpen van die pleinen. En dan zegt u terecht, een aantal van u: het bedrag is wel erg hoog en waar is dat op gebaseerd? En het werd al even gezegd: 10 procent van het totaalbudget, dat is wat we geleerd hebben bij een normaal project is van een uitvoeringssom 10 procent ongeveer een voorbereidingskrediet. Natuurlijk is dat niet altijd exact 10 procent. Het is soms meer, soms minder. Sommige projecten zijn complex, soms zijn juist de materialen heel duur, soms juist niet. Dat zegt natuurlijk niet heel veel over je voorbereiding, maar gemiddeld genomen, hebben we geleerd, is 10 procent van het totaalbedrag van het project de voorbereiding. Weten we nu exact wat dit project gaat kosten in die uitvoering? Nee, want we stellen nu de kapstok vast. Als u zegt: we gaan het Raadhuisplein laten zitten. Dat doen we niet. Dan kom je op een aanzienlijk lager eindbedrag. Als u zegt: het LDC-plein zoals het nu is voldoet eigenlijk, dan kom je op een veel lager eindbedrag. We hebben nu met de beste kennis die ik nu heb, namelijk: we moeten aan de slag.

Wat zou het kunnen kosten als je vijf pleinen herontwikkelt? Nou, dan is 5 miljoen niet een raar bedrag en dan kom je op 10 procent daarvan als voorbereidingskrediet. Wil dat zeggen dat we dat uitgeven? Nee, want zoals u het Zandvoortse civiel planproces kent zijn er een aantal momenten waarop stukken terugkomen naar uw raad. We gaan aan de slag met participatie. Dat leidt, en dat staat ook in het stuk uitgewerkt bij het kopje uitvoering: we gaan die participatie opstellen en dat komt dan weer bij u terug in de vorm van een startnotitie en een Programma van Eisen, dan wordt er een schetsontwerp vastgesteld, dan wordt een voorlopig ontwerp vastgesteld. Afijn, u kent het Zandvoortse civiel planproces. Op een aantal momenten komt dat bij u terug en op al die momenten is er een nauwkeurige inschatting te maken van wat voor project gaan we opstarten en wat is dan weer een normaal bedrag aan voorbereiding. En ja, dat bedrag is erg hoog, maar laten we ook niet vergeten wat voor ingewikkelde projecten we hier aan het bekijken zijn. Dit is niet zomaar een straat in een buurt waar verder niemand komt. Dit zijn de pleinen in het hart van ons dorp. En u ziet al, en een aantal van u haalden aan, de rijrichting in De Krocht en de ondernemers die daardoor geraakt werden. Je ziet hoeveel mensen dit raakt, hoeveel mensen er geraakt worden door wat wij doen met pleinen.

Al is het maar evenementenorganisatoren, al is het omwonenden, al is het ondernemers in een vrij brede afstand tot de pleinen waar het om gaat. Dat betekent dat je dat heel goed en zorgvuldig moet doen en juist in die participatie, ik kom weer terug bij het Zandvoorts civiel planproces, maar daar gaat een wereld aan participatie en aan schetsontwerpen, aan rekenen en tekenen, gaat hieraan vooraf komen. Dus ja, het is een hoog bedrag, maar dat is wel reëel als we kijken welke projecten dat nu zijn. Dat raakt wel aan de vraag die het CDA onder andere stelde, namelijk: wat is nu de volgorde van hoe we die projecten aan gaan pakken? En ook bijvoorbeeld Jong Zandvoort haalde aan: heeft het Raadhuisplein nu de meeste urgentie? Ik denk dat

uiteindelijk die vraag om prioritering een vraag is die ook in een vervolg van dit traject aan de orde komt. Ik denk als wij bezig zijn met die participatie en met die startnotitie die uiteindelijk bij u terechtkomt, dat is ook een moment dat u als raad op basis van die schetsontwerpen gaat aangeven: welke gaan we nu oppakken, welke over een paar jaar? Want we kunnen niet, als zouden we het willen met elkaar, al zouden we het geld hebben, we kunnen niet alle pleinen in het centrum tegelijk gaan ontwikkelen, gewoon fysiek niet en financieel niet en qua capaciteit niet. Dus we moeten daar een volgorde in maken en dan ligt het voor de hand dat je kijkt bij projecten die er al aan raken, dan ligt het aan de hand dat we kijken: waar ligt prioriteit? Maar ook: wat is relatief snel realiseerbaar en welke zijn qua participatie complexer? Dus die volgorde en prioritering, die komt bij u terug. En ik merk aan veel vragen die u stelt dat we al heel erg geneigd zijn om juist die uitvoering in te gaan en u ziet in het stuk op een aantal punten staan: voorgestelde uitgangspunten en dat is eigenlijk waar de kern van dit stuk op zit en dat is de basis waarvan we verder gaan met de volgende fase in de participatie en schetsontwerpen. Veel vragen gaan eigenlijk al een stapje verder. Moeten we de rijrichting in de Grote Krocht wel omdraaien, bijvoorbeeld.

Ik heb ook de reactie in de krant gelezen van ondernemers en als ik dat zo lees, snap ik: misschien moeten we daar een ander alternatief voor bedenken. Ik heb alleen, want in die voorgestelde uitgangspunten ziet u niet staan: we draaien de rijrichting van De Krocht om. Daar ziet u wel staan: de consequentie van het schrappen van die rotonde op het Raadhuisplein is dat we iets moeten met die bus. Ik heb het voorbeeld in het stuk opgenomen van de rijrichting via de Grote Krocht, om aan te geven dat het niet alleen luchtfietserij is, maar dat er wel mogelijkheden zijn. Maar op basis van gesprekken met ondernemers en met Connexxion kunnen we ongetwijfeld ook tot andere opties komen. Dat is de participatie die we hierna gaan opstarten. Waarom zijn pleinen in Noord of het Badhuisplein niet meegenomen? Ik realiseer me, nu ik u die vraag hoor stellen, dat wellicht de titel Pleinenstudie de lading niet helemaal dekt. Die suggereert dat het over alle pleinen gaat. Uitgangspunt hier is juist die pleinen in het centrum, die een vrij groot raakvlak met elkaar hebben en die we willen gaan aanpakken. Uiteraard is er de nodige aandacht voor de pleinen in Noord. We zijn daar bezig met een vrij grote herinrichting, daar zit dat in. Uiteraard is ook het Badhuisplein, maar dat hangt meer af van het ontwikkelproject wat daar loopt.

Er zijn meer pleinen in Zandvoort, die allemaal belangrijk zijn en op hun moment aan de orde komen. Waar het nu even om gaat zijn juist die pleinen in het centrum en de behoefte en de gedachte: voordat we daarmee verder gaan, is die kapstok die we hier aan het neerzetten zijn nodig. ZEE had nog een vraag gesteld dat die samenhang in pleinen eigenlijk niet is uitgewerkt in deze visie en dat is denk ik een terecht punt, want in de uitwerking ziet u staan dat we schetsontwerpen per plein gaan opstellen, maar ook met een visie gaan komen op juist die samenhang. Simpelweg kan ik nu die samenhang niet schetsen, omdat die afhangt van de functies die u bij het vaststellen van deze kapstok aan een plein toedeelt. Dat gaat namelijk die samenhang tekenen. Het gaat juist om die keuzes en die functie per plein en de rest volgt eigenlijk daaruit. Een vraag van ZEE is ook: wat is interne participatie? Dat is eigenlijk, het zit een beetje in het woord intern. Dus we hebben hier binnen de gemeente gekeken op basis van kennis en kunde die bij diverse afdelingen aanwezig is wat logische gedachten zijn. Terecht geeft u aan: de participatie met de brede bevolking is nog niet opgestart. In het Zandvoortse civiel planproces weet u ook dat dat komt bij de vervolgfases, maar dat ik juist eerst u als raad in positie wil brengen om die kapstok te schetsen en daarna gaan we de participatie starten.

Over een aantal concrete pleinen zijn er wat concrete opmerkingen gemaakt, waaronder over het Raadhuisplein. Daar constateren we eigenlijk dat als u daar de grote evenementen plaats wil laten vinden die daar nu plaatsvinden, dat het plein zoals het nu ligt, eigenlijk niet voldoet. En dat komt met name door de hoogteverschillen en door de verbouwingen die we daar elke keer moeten doen, bijvoorbeeld om daar een ijsbaan, maar ook voor andere evenementen die daar plaatsvinden. We verbouwen elk jaar voor 10.000 euro halen we stenen en planten eruit en planten we ze daarna weer terug. Dat is een consequentie van het niet maken van een keuze. We willen namelijk en het plein zoals het nu is en we willen dat die evenementen daar plaats kunnen vinden. En allebei kan niet. Uiteindelijk moeten we met elkaar een keuze gaan maken over hoe dat kan en dat is

bijvoorbeeld door het plein vlak te maken en dan een keuze te maken: Wil je wel of niet die rotonde? Als antwoord op de vraag van OPZ: we sluiten het Raadhuisplein juist niet af. Want u ziet op de schets ook staan dat het plein gewoon wel degelijk bereikbaar blijft, maar dat weliswaar de bereikbaarheid verandert, maar het verliest zeker voor het lokale verkeer niet zijn functie, omdat die kruising blijft er wel. Nou ja, op het LDC-plein, heb ik net al even kort gezegd, juist flink vergroenen en een soort parkontwikkeling is daar eigenlijk de gedachte hierachter. En die gedachte is eigenlijk geboren in een bespreking die we hier in deze raadszaal hadden toen het plan was opgestart om daar die bakken te plaatsen, die nu geplaatst zijn, en een aantal van u raadsleden aangaf: ja, kan het daar niet wat ambitieuzer? Nou, die opmerking heb ik in mijn achterhoofd natuurlijk meegenomen toen we hiermee bezig waren. Bij het Gasthuisplein. Inderdaad moeten we daar zeker in fasering en dergelijke rekening houden met het project Raadhuisplein. Dus of de ene kant eerder of het totaal samendoen met de Raadhuispleinontwikkeling als dat snel genoeg gaat of constateren: we gaan de ene kant van de straat eerst doen en de andere kant van de straat later. Even kijken.

Wat wordt er bedoeld met de positie van de auto op het Gasthuisplein? Dat is eigenlijk: nu heb je die auto daar staan met dat muurtje daarnaast, wat een heel groot deel van het plein opsoupeert, waarbij de gedachte van het college is: je kunt die auto's verplaatsen naar waar nu die fontein zit, waardoor je een wat gezelliger plein houdt, waar je eigenlijk gewoon kunt doen wat je daar wil en toch die auto's kunt laten staan. Je zou het inderdaad ook op kunnen lossen door het muurtje weg te halen en de auto te laten inrijden vanaf de straat in plaats van vanaf het plein, dat is het alternatief wat is uitgewerkt, maar het meest logisch lijkt het college om die auto te verplaatsen naar waar nu de fontein staat. Even kijken. Ja voorzitter, ik heb best wel veel detailvragen gehoord, maar ik hoop dat ik in mijn toelichting heb toegelicht dat het juist met name nu gaat om die kapstok en die totaalvisie. En heel veel vragen die gesteld zijn, komen ook in een vervolg aan de orde en zullen we daar denk ik met elkaar ook bespreken. De voorzitter: Dank u wel, portefeuillehouder. Ja, de portefeuillehouder heeft aan u uitleg gegeven wat voor stuk dit eigenlijk is en waarom het op deze manier aan u wordt voorgelegd. Hij heeft een uitleg gegeven over het geldbedrag en over de prioritering, die in een latere fase komt, namelijk rondom de schetsontwerpen.

Daarmee wil ik u eigenlijk een tweede termijn insturen. Er is ook nog een vraag aan u allen van de fractie van ZEE, namelijk over het hoekje bij het Gasthuisplein, wat gelegen is bij de ingang voor de bezoekers van ons gemeentehuis. Dus ik wil u vragen om daar ook op te reageren, zodat de factie van ZEE daar eventueel iets mee zou kunnen doen. Ik ga een rondje maken door de commissie en ik begin bij het CDA. De heer Mettes, in tweede termijn. De heer Mettes: Ja, dank u voorzitter. U heeft terecht aangegeven dat uitgelegd is waar het hier om gaat. Het is helemaal geen plan, het gaat om uitgangspunten voor een schets te maken, dus een schetsontwerp. En dan is het inderdaad niet nodig om in detail te gaan. Ik vind het heel duidelijk. Zandvoort heeft die uitstraling nodig. Het moet verbeteren. Die pleinen moeten echt verbeteren in Zandvoort en het is ook aangegeven in het coalitieprogramma, dus het zal duidelijk zijn dat het CDA als partij dit steunt. Participatie is ook aangegeven, is natuurlijk heel belangrijk. En het gaat best wel even tijd kosten en terecht dat daar aandacht aan besteed gaat worden. Ik had nog één vraagje aan u gesteld, wethouder. Die had te maken met bij het beschrijven van de uitgangspunten voor het Kerkplein, om daar de ontwikkeling van die functie van de kerk bij te betrekken, daar had ik u gevraagd of u daar rekening mee wilde houden.

Dan wordt het iets duidelijker vermeld volgens mij. Verder gaan, wat het CDA betreft. De voorzitter: Dank u wel. En is dit voor u dan ook een hamerstuk of een bespreekstuk?

De heer Mettes: Dat is een hele pittige vraag. Op dit moment, gegeven de status van dit stuk, is het voor ons een hamerstuk. De voorzitter: Dank u wel. En ook een verzoek aan eenieder om dit ook mee te geven. Ga ik naar de factie van ZEE. De heer Gerrits: Ja, dank u wel voorzitter en dank dat u de vraag nog herhaalde. En ik wil ook nog even benadrukken: het is niet zozeer dat we zeggen: we willen per se dat hoekje daar gebruiken, maar het is dus gewoon een optie die mogelijk meer woningen kan creëren en ik ben gewoon heel benieuwd, als lid van die commissie, hoe de raad daartegenover staat. Dus ik hoop ook echt dat een aantal mensen daar iets van willen vinden, misschien ook in een later stadium. Daar ook nog even een vraag aan de wethouder. Stel, we zeggen: dit is een hamerstuk en we nemen het aan, omdat er ook wordt gezegd: het is echt een beetje de kaders. Staat dat hoekje dan ook vast of niet? Want als dat niet het geval is, vind ik het ook niet erg, zeg ik: nou, hamerstuk en is goed. Dus het ligt een beetje aan dat antwoord en dat is eigenlijk al mijn inbreng voor nu. Dank voor de antwoorden en ik ga ervan uit en hoop dat er verder ook echt goed geparticipeerd gaat worden met de inwoners en niet alleen maar op de details, maar ook echt wel op de wat serieuzere vraagstukken, bijvoorbeeld zo’n rijrichting, noem maar op. Dus dank u wel.

De voorzitter: U laat ons nog in spanning wat dat betreft. Dan gaan we naar de fractie van de PVV, de heer Van Tiggelen. De heer Van Tiggelen: Dank u wel, voorzitter. In de eerste termijn hebben wij geïnformeerd naar de noodzaak en de wethouder refereerde aan het coalitieakkoord. Ja, wat in het coalitieakkoord staat, is een afspraak, maar niet een omschrijving van de noodzaak. Dus we hebben gewoon geen antwoord gekregen op onze vraag. Als die 5 ton 10 procent is van het totaal, volgens een voorzichtige berekening zou het totaal dus 5 miljoen bedragen. Nou, we hebben 17.000 inwoners in het dorp, 1,9 personen per huishouden. Dus een eenvoudig rekensommetje leert ons dat het gaat om ruim 600 euro per huishouden dat hieraan uitgegeven zou moeten worden. Wij zijn altijd al voorstander van een doelmatige besteding van de financiële offers die van de burger worden gevraagd en dat zien wij hier niet zo. Verder zijn er nogal verstandige woorden gesproken, met name door de heren De Graaf en Bouberg Wilson in de eerste termijn. En dit kan onze goedkeuring niet wegdragen. Dus een bespreekstuk, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Tiggelen. Dan gaan we over naar de fractie van OPZ. De heer Bouberg Wilson. De heer Bouberg Wilson: Dank u wel, voorzitter. Dank voor de uiteenzetting van de wethouder.

Dat neemt niet weg dat wij toch grote moeite hebben met diverse punten uit het voorstel, al was het ook maar dat we hier geen keuzes maken, maar keuzes voorgelegd krijgen die anderen gemaakt hebben. En dat stuit ons tegen de borst. Daar hebben we gewoon moeite mee. Ik zeg het maar gewoon zoals het is. Voor wat betreft het Raadhuisplein begrijp ik dat de wethouder zeer hecht om de bus daar van route te laten veranderen en vervolgens de rijrichting in de straat te gaan omdraaien. Nou, wij hebben grote twijfels over de gevolgen wat betreft de verkeersveiligheid. Want stel je maar even voor, je moet dan verkeer gaan kruisen op de Hogeweg als je linksaf wilt of als je het dorp uit wilt rijden, hetzelfde laken een pak. Op drukke dagen veel verkeer van rechts. Hoe ga je dat oplossen? Wij zien daar nogal wat problemen. Op het moment dat dat dus om die reden niet zou lukken en je zou dan toch de bus moeten laten rijden via de Hogeweg en daar halteren, dan betekent dat denk ik dat je je nog maar eens moet op de hoogte stellen van de kosten die Connexxion daarvoor in regeling zal brengen ongetwijfeld. Kortom, wij zijn niet overtuigd hoe dit allemaal een verbetering is, ook al

niet omdat je vragen kunt stellen bij de resterende ruimte op het Raadhuisplein bij een verandering van de route van de bus door de Grote Krocht. Wat resteert daar aan ruimte voor de markt als je dat afzet tegen het huidige gebruik? Ik vraag me af of dat voldoende is. Maar goed, ik neem dat terug naar de fractie. Het is in ieder geval een bespreekstuk, ook wat betreft de kosten. Misschien kunnen we ons erin vinden dat en ik begrijp dat dit dus gewoon een beetje nattevingerwerk is, dat we dan afspreken als we dit bedrag voteren, dat we dan gewoon een terugkoppeling krijgen van wat er in feite feitelijk is uitgegeven en dat we dan kunnen zien in hoeverre de schatting correct, dan wel daarnaast zat. Dat zou misschien een modus kunnen zijn. Maar er zijn toch nog wel andere punten en ik neem dat gewoon mee in de fractie. Ik dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bouberg Wilson. Gaan we over naar de VVD. Mevrouw Nederlof, aan u het woord. Mevrouw Nederlof: Wij hebben geen aanvullingen. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we over naar … Ja, dan is het voor u waarschijnlijk ook een hamerstuk, maar het is al een bespreekstuk geworden volgens mij, dus voor de band. Jong Zandvoort, de heer Kramer. De heer Kramer: Voorzitter, dank u wel. Even ingaand op de vraag van ZEE.

Ik denk dat die woningen, dat dat natuurlijk gewenst is, maar dat je dat gewoon ook in de hele renovatie die we gaan doen met het raadhuis moet meenemen en dat dan wellicht misschien dat stuk ook meegenomen kan worden om extra te bebouwen. Wellicht is dat ook wel prettiger als je een voetprint hebt, waar ook onder geparkeerd zou kunnen worden. Dus ja, positief daartegenover. Ja, ik was een beetje … Nee, dat moet ik niet zo zeggen, voorzitter. Ik ga eigenlijk het tegenoverstelde zeggen van wat de heer Mettes zegt, want juist dit stuk staan uitgangspunten in en we weten allemaal hoe in dit huis gewerkt wordt. Dit is dadelijk de leidraad waar de ambtenaren mee aan de slag gaan. En dat is ook hetgeen wat wij dan vaststellen en waar de wethouder eigenlijk niets meer over te zeggen heeft, want zo werken we gewoon binnen die organisatie. Dit gaat het worden. En nou, hierin staan hele duidelijke tekeningen met bijvoorbeeld al het omdraaien van rijrichtingen, verplaatsen van gebouwtjes, aanpassen van dingen. Dus ja, ik denk als we het daarover moeten gaan hebben, ja dan heb ik wel een mening en dan denk ik ook dat we het integraler moeten zien. Het badhuisplein werd al genoemd, Van Fenemaplein heb ik de wethouder niet over gehoord, maar we hebben nog zo'n afschuwelijk lelijk plein, dat is de Entree van Zandvoort. Ja, ik zou prioriteit leggen op die pleinen in plaats van hier te doen.

Dit functioneert echt, dit ziet er gewoon leuk uit, het is soms wat verrommeld, maar het is niet de hoofdprioriteit waar we het over moeten hebben in Zandvoort. De prioriteit in Zandvoort is het Entree. Het is echt niet om aan te zien als je Zandvoort binnenkomt, hoe het daar erbij ligt. Van Fenemaplein hebben we al aangepast en is ook aan het verloederen nu. Badhuisplein ziet er niet uit. Als we het nu over prioriteiten hebben en wat we moeten doen in het dorp, dan eerst daar de focus op leggen. De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Mettes. De heer Mettes, aan u het woord. De heer Mettes: Dank u, mijnheer Kramer, voor uw betoog, maar mijn vraag is: ziet u dan niet de samenhang tussen die pleinen zoals u ze ziet? U kent de pleinen hier, u woont hier dichtbij. Ik ken ze ook. Er zit toch samenhang in die vijf pleinen? Vindt u dat niet belangrijk om vanwege dat punt dan ook in één keer dit te gaan bekijken als schetsontwerp? De voorzitter: De heer Kramer.

De heer Kramer: Nee, wat hier voorligt zijn uitgangspunten en schetsontwerpen, die zitten erbij. Het ziet er allemaal fraai uit. Maar als ik gewoon zeg dat dit niet mijn prioriteit heeft. Onze partij ziet liever dat we op andere pleinen ons gaan focussen. Ja, dan denk ik: dan kan dit wat ons betreft nog heel eventjes in de ijskast. Maar ik neem het wel even mee naar onze fractie en dan bespreken we dat nog, gewoon even te kijken waar we een modus kunnen vinden wat we wel kunnen doen wat ik net ook zei, wat wel zou kunnen en wat niet zou kunnen. Want we zeggen niet dat alles niet hoeft. Gasthuisplein heb ik benoemd, onder andere het veranderen van de parkeerplaatsen en wellicht wat andere dingetjes wat verbetering zou kunnen. Maar nu meteen akkoord geven om hier heel veel geld uit te gaan geven en inderdaad van de heer van de PVV ook zei: ja, het gaat toch weer een aantal miljoenen kosten. Ja, dan denk ik dat we dat geld maar één keer kunnen uitgeven en dan zou ik het liever aan andere projecten of andere pleinen uitgeven dan aan deze pleinen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kramer. Dan gaan we over naar de fractie van GroenLinks. Mevrouw Van Essen, aan u het woord. Mevrouw Van Essen: Ja, dank u wel voorzitter. Om in te gaan op de vraag van ZEE.

Ik denk juist dat dat hoekje wel of niet meenemen in de bebouwing juist in samenspraak met die pleinen en de gewenste connectie moet gebeuren, want als je bijvoorbeeld echt een actievere verbinding tussen het Gasthuisplein en het Kerkplein wilt hebben, dan zet je die dood als je die hoek in gaat vullen met bebouwing. Dus als we daar een actievere verbinding willen, dan lijkt het me niet als we zeggen: nou ja, dat is toch een klein steegje. Laten we hem op een andere manier verbinden. Ja, dan kan je dat hoekje best meenemen. Ja, ik wilde, even kijken, aansluiten op hetgeen wat de heer Kramer zei van Jong Zandvoort, want er worden elke keer pleinen genoemd, grote pleinen, Badhuisplein en de Entree. Maar naar mijn weten zijn die onderdeel van die ontwikkelingen die daar lopen, dus die worden al meegenomen in die ontwikkeling dus daar wordt al wat aan gedaan. In Nieuw Noord hebben we een heel plan liggen voor eigenlijk de hele openbare ruimte, dus dan hou je een aantal wat kleinere pleinen over, die misschien niet per direct de aandacht nodig hebben of zoals de heer Kramer dat zegt, maar … De voorzitter: U heeft een interruptie van de heer Kramer. De heer Kramer, aan u het woord. De heer Kramer: Bedankt voorzitter.

Bedankt voor uw inbreng, maar kunt u mij dan ook vertellen wanneer er wat gaat gebeuren aan die pleinen? Want u zegt: ja, het gaat gebeuren en er zijn allemaal projecten, maar ik ben dan heel benieuwd wanneer de Entree een keer gaat opgeknapt worden en het Badhuisplein. Kunt u mij dat vertellen? De voorzitter: Mevrouw Van Essen, aan u het woord. Mevrouw Van Essen: Dat vind ik een beetje een gemene vraag. Want nee, ik ben geen ambtenaar en toevallig ben ik wel bouwkundige, maar nog steeds lopen die plannen daar en als wij met zijn allen bedenken: dat moet snel gebeuren, dan moeten we ook daarvoor met deze raad de neuzen dezelfde kant op krijgen en de bewoners dezelfde kant op krijgen. Nou, zoals u misschien wel weet is dat makkelijker gezegd dan gedaan. Dus ja, wanneer dat project gerealiseerd wordt, geen idee, maar het feit dat dat plein onderdeel is van dat plan is inherent, lijkt mij. Tot zover. De voorzitter: De heer Bouberg Wilson heeft ook nog een interruptie. De heer Bouberg Wilson: Ja, ik wilde namelijk aan mevrouw even vragen, u zegt: ja kijk, het heeft niet zoveel zin om je bezig te houden met dat Badhuisplein, want dat maakt deel uit van een ontwikkeling. Nou, dat

laatste is waar, maar wat nu als die ontwikkeling ertoe leidt dat de functies van dat plein in het geding zijn? En daar lijkt het op, vandaar dat het ons niet verstandig lijkt om dat op zijn beloop te laten. Vandaar de vraag: deelt u die zorg? De voorzitter: Mevrouw Van Essen. Mevrouw Van Essen: Ja, want een aantal commissies geleden, wanneer we die wijziging bespraken van het Badhuisplein, van die volumestudie, heb ik volgens mij een heel levendig betoog gegeven over de negatieve ruimtes en dat we juist moeten kijken naar de pleinen die overblijven na het ontwerpen van de gebouwen en dat die pleinen juist bruikbaar blijven voor hetgeen wat wij willen. Dus ja, zeker, maar dat plein, dat hoort bij die ontwikkeling, dat plein is onlosmakelijk verbonden met die gebouwen die we daar potentieel neer willen zetten. Dus ja, ik deel die zorg, maar die zorg, die zit bij die plannenontwikkeling daaraan verbonden. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we tot slot over naar de fractie van D66. De heer De Graaf, aan u het woord. De heer De Graaf: Ja voorzitter, dank u wel. De wethouder dank voor de beantwoording. Het waren heel veel woorden. Toch mis ik een aantal antwoorden op door mij gestelde vragen, want u geeft niet specifiek aan wat u heeft gedaan met de voorgaande plannen, die al vanaf 2017 ter bespreking zijn.

U geeft ook geen antwoord op het feit van als het binnen het coalitieakkoord zo'n belangrijk item is geweest om dat binnen het coalitieakkoord te proppen, dat dan een dergelijk onderwerp zo laat op de agenda komt in tijd. Dat lijkt mij duidelijk. Verder ga ik niet zoveel in op details. Ik ga ook niet zoveel praten over de ijsbaan, want dan begeef ik me echt op glad ijs, gezien mijn voorgaande functie als voorzitter van de ijsbaan. Dus daar blijf ik ver van en het kost echt niet zoveel geld. Dat wilde ik ook nog even kwijt. Er is namelijk wel een oplossing voor die bus en die is ook al heel erg lang gegeven. Je kunt de bus laten rijden via de Haarlemmerstraat, zo via de Hogeweg, de Oranjestraat, daar kan hij zo van afrollen en dan gaat hij gewoon naar zijn eindpunt. De Haarlemmerstraat is destijds afgeschoten als optie, omdat de Haarlemmerstraat dan geasfalteerd zou moeten worden en dat waren te hoge kosten. Dan vraag ik me af: wat zijn de hoge kosten ten opzichte van het iedere keer aanpassen van de rijrichtingen et cetera, en ook in verhouding met het vrachtverkeer wat al door de Haarlemmerstraat gaat? Nogmaals, ik ben niet heel erg blij met dit stuk, zonder dat ik de indruk heb dat de voorgaande stukken er echt bij betrokken zijn geweest.

En als een groot deel van de raad, en dat beluister ik helaas, het paviljoen op het Raadhuisplein weg wil, dat zou werkelijk een hele treurige ontwikkeling zijn. Als u de plaatjes bekijkt dat het paviljoen op het LDC moet komen, wie daar dan ook gebruik van gaat maken. Ik zou het A in eerste instantie eens met die bewoners gaan bespreken, want ik weet niet of die erop zitten te wachten. En B, het hoort gewoon bij het Raadhuisplein, punt. En daar heb ik me altijd hard voor gemaakt en dat standpunt, dat krijg je ook niet uit mijn hoofd. Dus nogmaals, voor ons blijft het een bespreekstuk. Geen twee ton weer uitgeven voor nadere onderzoeken. Er is genoeg onderzocht en er moet nu gewoon gehandeld worden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer De Graaf. Dan gaan we voor een tweede termijn over naar de portefeuillehouder. Er zijn nog een aantal vragen gesteld. Portefeuillehouder, aan u het woord. De heer Hendriks: Dank, voorzitter. Ik ga gewoon de vragen even langs zoals ik heb meegeschreven. De vraag van het CDA over het Kerkplein en de functie van de kerk daarbij betrekken. Ja uiteraard, maar op het moment in het proces dat dat logisch is en dat is niet per se bij deze uitgangspunten, maar het lijkt mij evident dat als we met het plein in de zin van een startnotitie gaan, dat dat een aandachtspunt daar is. De vraag van ZEE over, ik vat het maar even samen, het hoekje.

Dat staat niet vast en hangt samen met zowel het project

Raadhuisplein als deze. Die moeten we in elkaar haken, maar dat staat niet vast en staat ook niet vast bij één van de uitgangspunten die u hier gevraagd wordt om vast te stellen. De vraag van de PVV over noodzaak. Het klopt dat ik heb geciteerd uit het coalitieakkoord om die te onderbouwen, maar ik heb me daar wel geprobeerd te houden aan de inhoudelijke argumentatie die in het coalitieakkoord staat. In het coalitieprogramma staat dat er nut en noodzaak is om de uitstraling van pleinen in het centrum te verbeteren. En de heer De Graaf haalde het ook al aan: we hebben hier in dit huis al enige jaren discussie over pleinen en het aanpakken daarvan en ik zou het ook wel eens mooi vinden als we die discussie ook op een goede manier weten te kanaliseren en een plek te geven. En volgens mij is juist een pleinenstudie als dit daar een eerste stap in. Ik ben het met hem eens dat 5 miljoen veel geld is. U ziet hier ook niet een voorstel om 5 miljoen uit te geven om alle pleinen tegelijk aan te gaan pakken.

U ziet hier een voorstel om een kapstok te gaan oprichten op basis waarvan we verder kunnen gaan met startnotities en participatie, zodat we uiteindelijk op basis van die startnotitie kunnen prioriteren: welk plein gaan we aanpakken? En als we dan zeggen: nou, dat Raadhuisplein, dat doen we nog maar even niet of daar duurt die voorbereiding nog veel langer van, dat lijkt me evident of logisch om dan te beslissen. Misschien zeggen we dan wel: het LDC-plein is heel makkelijk te doen en die gaan we eerst doen of juist niet. Daar zit een prioritering in en daar zit ook die financiële discussie en wat gaan we wanneer uitgeven? Maar dat moet je doen op basis van, of althans, dat zou mijn advies zijn om dat te doen op basis van schetsen en een visie op hoe die pleinen met elkaar samenhangen. OPZ haalt aan en gaat eigenlijk in discussie op een aantal van de uitgangspunten die hier staan en dat vind ik jammer, want daarmee bereiken we niet wat ik eigenlijk had willen bereiken met de uitgangspunten zoals die in deze pleinenstudie staan, namelijk dat ik u als raad het podium geef of dat u als raad met elkaar discussieert over juist die uitgangspunten en functies per plein. Ik geloof in wat we hier hebben uitgewerkt. Laat dat helder zijn. Ik heb een voorzet gemaakt en ik geloof in de richting van die pleinen die hier staat.

Maar belangrijker vind ik dat u als raad keuzes maakt en de richting meegeeft voor de vervolguitwerking. Mijn doel is niet het Raadhuisplein een rotonde maken of juist niet. Mijn doel is niet het huisje verplaatsen of niet. Mijn doel is dat u als raad, en daarmee is dit een soort extra stap in het Zandvoorts civiel planproces, normaal gesproken vragen we een voorbereidingskrediet en komt u als raad eigenlijk pas aan de orde als er een startnotitie ligt. Dat is het proces wat we normaal voeren. Ik vraag nu een soort uitgangspunten voorafgaand dat we met die startnotitie gaan werken, juist om u als raad veel sterker dan normaal in positie te brengen, omdat ik heb gesignaleerd dat juist die vorige keren dat we pleinen hebben willen aanpakken daarop zijn gestrand. Dat u als raad een uitgewerkte visie krijgt of een startnotitie of een schets en zegt: nou, wij vonden eigenlijk heel wat anders van dit plein. En dat wil ik voorkomen door juist nu op basis van grove schetsen een gesprek met elkaar te voeren. En dat raakt ook een beetje de vraag die de heer Kramer van Jong stelt, die eigenlijk signaleert: ik zie hier op een tekening hier een rijrichting wisselen. Nee, u stelt niet die tekeningen vast. Dus mijn excuses dat dat niet duidelijk genoeg in het stuk is terechtgekomen. Wat ik uw vraag om vast te stellen is steeds die bullets onder voorgestelde uitgangspunten.

En ik heb geprobeerd die inzichtelijk te maken: hoe zou zo’n uitwerking eruit kunnen zien met een aantal schetsen ter visuele ondersteuning, want alleen een lijst met abstracte bullets, dat discussieert niet. Dus het doel was een aantal schetsen: hier zou je aan kunnen denken. U stelt nadrukkelijk niet die schets vast. Ik zou dat ook heel onprofessioneel vinden om dat op die manier te doen, omdat we schetsen opstellen op basis van participatie met die belanghebbenden. De voorzitter: U heeft een interruptie. De heer Bouberg Wilson, aan u het woord. De heer Bouberg Wilson: Dank u wel. Het probleem is juist dat als wij naar het stuk kijken en ik kijk bijvoorbeeld naar het Raadhuisplein en ik zie daar voorgestelde uitgangspunten: consequenties wijziging OVroute accepteren, inclusief doorstromingsmaatregelen OV en nieuwe haltelocaties. Toegankelijk en aanpassing huidige route. Wat valt daar voor ons aan te kiezen? Die keuze, die ligt voor, is ons voorgelegd. Dat

is niet onze keuze. En dat is precies het probleem wat ik eigenlijk met dit stuk heb: breng die consequenties van die keuze in beeld. Nou, dat heeft u gedaan. En vervolgens: wat vind je ervan? En niet: hoe ga je dat accepteren? Dus het blijft een lastige voor ons. De voorzitter: De heer Henriks. De heer Hendriks: Hoe ik deze interpreteer, hoe ik hem heb voorgesteld is, en ik ga niet al die bullets langs, maar even de twee belangrijke waar de Bouberg Wilson op aanslaat. Dat is die derde bullet: verwijderen van de rotonde, inrichting plein op A-niveau brengen. Dus we maken een plein zonder rotonde in dit voorstel, om dat op die manier uit te werken. De consequentie daarvan, dat is die volgende bullet, is dat we iets moeten doen met de route van het openbaar vervoer, want die keert nu op de rotonde en gaat dan weg. Als we de rotonde schrappen moet dat openbaar vervoer, moet die bus op een andere manier. Niet uitgewerkt op welke manier, maar we accepteren, en dat is wat ik vraag om hier vast te stellen, we accepteren dat als we iets met die rotonde gaan doen, dat die bus op een andere manier zal gaan rijden en dat dat consequenties heeft voor haltes, gesprekken met Connexxion en dergelijke. Dat is wat er bedoeld wordt met die bullet.

Daar staat niet, en als ik dat hiermee duidelijk kan maken, is dat fijn, daarmee staat niet: we accepteren dat dat automatisch via de Grote Krocht is en dat dat consequenties heeft voor de rijrichting. Ik kan misschien wel drie andere manieren bedenken hoe je dat openbaar vervoer op kan lossen. Feit is alleen: de consequentie van het schrappen van die rotonde is dat je iets moet met het openbaar vervoer. En als u het niet eens bent met het verwijderen van die rotonde, zou ik voor willen stellen dat u als raad onderling een amendement maakt om te zeggen: niet verwijderen van de rotonde. Dat is in elk geval de discussie die ik hier probeer op gang te brengen, zodat als we, en terecht is dat aangehaald, veel geld uit gaan geven om met participatie startnotities te maken, dat ik dat doe op basis van een richting die u als raad in meerderheid draagt. Ja, ik hoorde de heer Kramer aangeven: wat hem betreft zou prioriteit moeten liggen niet bij de pleinen in het centrum, maar eigenlijk bij Entree Badhuisplein, Fenemaplein direct achter de boulevard. Ik ben met hem eens dat dat zeer grote prioriteit verdient, laat ik niet zeggen in orde van grootte, maar dat verdient gewoon een zeer grote prioriteit. En bij de drie pleinen die hij noemt, en het zijn er ongetwijfeld meer, is de relatie met juist die ruimtelijke projecten heel groot.

Het Badhuisplein is gewoon een ontwikkelproject, de Entree is een ontwikkelproject. U voert volgens mij van tijd tot tijd met collega De Kloet gesprekken over de voortgang van die ruimtelijke projecten en het lijkt me zaak dat die discussie daar gevoerd wordt, omdat ze volgens mij niet met elkaar bijten. Het één is echt een ontwikkelproject met hotelontwikkeling, woningbouw, dat soort dingen en dit zijn echt de civiele projecten, waar we zelf als gemeente herinrichten en het project dragen. En die andere projecten zijn veel meer de grote, ruimtelijke ontwikkelprojecten. De heer De Graaf mist het antwoord op de vraag wat er gedaan is met de voorgaande plannen. In algemeen zin heb ik natuurlijk geantwoord: ik heb geleerd van waar het mislukt is, laat ik het zo maar platslaan. Maar de gedachtes die zijn gemaakt zijn natuurlijk, niet op detailniveau, maar die zijn natuurlijk als gedachte bestudeerd voordat dit geschreven is. Dus de elementen zijn daarin overgenomen, de gedachte is meegenomen, enzovoorts. Ik kan niet zeggen: paragraaf drie hebben we overgenomen uit dit plan, op dat detailniveau niet, maar de plannen zijn bekend en zijn op inhoud bestudeerd en vooral qua proces is daarvan geleerd. Waarom zo laat in de collegeperiode? Dat is eigenlijk … Ja, het liefst had ik dit veel eerder gedaan.

Ik moet u eerlijk zeggen: het traject om te komen tot die pleinenstudie loopt ook al ongeveer sinds ik wethouder ben. Want vrij snel toen ik hier binnenkwam, kreeg ik op mijn bordje de resultaten van de in de vorige raadsperiode geflopte discussie over het Raadhuisplein. En toen heb ik vrijwel meteen gezegd: nou, ik ga niet een nieuwe versie van het Raadhuisplein naar de raad brengen. Ik wil dat we die samenhang in die pleinen gaan bekijken. En sindsdien zijn we daar in wisselende mate mee bezig. Ik moet eerlijk zeggen: ik had het liever eerder naar u willen brengen. Ik heb te maken gehad met personele wisselingen, met allerlei projecten die tussendoor kwamen, waardoor dit ook naar achteren is

geschoven in de tijd helaas, maar voor mij nog niet laat, voorzitter. We zijn halverwege de collegeperiode en ik ben gemotiveerd om hiermee aan de slag te gaan. Ja, de heer De Graaf haalde ook aan: de bus zou wat hem betreft ook via een andere route kunnen. Nou, ik denk dat ik net heb geantwoord: zeker, ik kan nog drie andere routes bedenken. Die horen juist echt in participatie met de belanghebbenden bepaald te worden. Eén ding waar ik in zijn opmerking nog op wil reageren. Hij zei: geen geld uitgeven voor verdere onderzoeken. Ik denk dat in het stukje vervolg staat vrij duidelijk dat dit niet, ik vraag niet hier een budget voor vervolgonderzoeken. Het budget is echt van nu tot participatie, schetsontwerp, alles wat erbij komt, echt tot en met een definitief ontwerp vragen we nu het geld voor en dat zijn dan vijf definitieve ontwerpen voor al die pleinen. Tussentijds, en dat was een vraag van de heer Bouberg Wilson, kom ik uiteraard bij u terug op de momenten die u kent uit het Zandvoortse civiel planproces. Wat mij misschien een goed idee lijkt is: ik vraag nu in die vijf ton het hele budget voor het hele traject, dus van nu tot definitief ontwerp. Ik zou me ook voor kunnen stellen als u als raad zegt: nou, dat is ons een wat te groot budget in één keer.

Dan zou ik, als ik een tussenvorm mag schetsen, maar die leidt tot een vertraging, want elke stap via de raad is een vertraging. Maar goed, als dat de zorgvuldigheid ten goede komt, moeten we dat doen. We zouden ook kunnen zeggen: we stellen nu drie ton ter beschikking. Dan kan ik in het kopje uitvoering bijna alles doen wat er staat, behalve die laatste bullet voorlopig ontwerp, definitief ontwerp. Dus voor die drie ton zouden we kunnen starten met de participatie en dat soort dingen, dus de eerste bullet. Zou ik verder kunnen gaan met het opstellen van een startnotitie, Programma van Eisen en schetsontwerp. Dat krijg ik afgerond voor drie ton. Dan hebben we alleen geen budget voor het voorlopig ontwerp en het definitief ontwerp, maar dan kunt u bepalen op basis van wat er dan ligt: waarmee gaan we verder? Ik probeer even mee te denken om tegemoet te komen aan de aarzeling over het budget. Maar nogmaals, ook als u die vijf ton ter beschikking stelt komen we op een aantal momenten weer bij u terug met een nauwkeurigere inschatting. De voorzitter: Dank u wel, portefeuillehouder. En daarmee concludeer ik dat dit als een bespreekstuk doorgaat naar de raad en dat u onderling nog genoeg werk te doen heeft, denk ik, om met amendementen dan wel moties te komen. Dus dat wil ik u meegeven. 9.

VVGB Secretaris Bosmanstraat De voorzitter: Dan gaan we door naar agendapunt 9 en ik wil u aangeven dat het op dit moment bijna tien uur is en dat mijn streven eigenlijk voor deze avond elf uur was. Dus dat wordt of heel snel vergaderen of toch wat langer doorvergaderen en morgen verder. De heer Hendriks mag blijven zitten overigens, want we gaan het hebben over de verklaring van geen bedenkingen voor de Secretaris Bosmanstraat. De raad wordt voorgesteld om een definitieve verklaring van geen bedenkingen af te geven inzake de aanvraag om de omgevingsvergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan ten behoeve van het realiseren van één woning op het perceel Secretaris Bosmanstraat nabij nummer 24 in Zandvoort, waar in de huidige planologische situatie een bouwvak ontbreekt. Er hebben zich twee insprekers gemeld voor dit agendaonderwerp. Als ik uw naam noem, mag u plaatsnemen voor en bij de microfoon. U krijgt dan drie minuten de tijd en ik wil u verzoeken om dan ook duidelijk uw naam voor de band nogmaals te benoemen. Ik zie alvast een vraag van de heer De Graaf. De heer De Graaf. De heer De Graaf: Nee, geen vraag, maar een verzoek. Ik zie iedereen vertrekken. Ik denk dat ze dezelfde behoefte hebben om even gebruik te maken van de toiletten, want ik vind het een te interessant onderwerp om dat op het toilet te moeten beluisteren. Dat zou de insprekers ook geen recht doen.

Twee, drie minuten max. De voorzitter: Ik geef u die schorsing van drie minuten.

De heer De Graaf: Fantastisch. De voorzitter: Ik heropen de vergadering en we waren gebleven bij de insprekers voor vanavond en ik had net aangegeven dat ik dan zo meteen hiervoor bij de microfoon wil zien en dat de insprekers dan drie minuten de tijd krijgen om in te spreken. Ik wil u wel verzoeken om ook duidelijk uw naam te zeggen, zodat dat ook goed staat op de band. En als eerste wil ik graag mevrouw Van Kessel naar voren vragen om in te spreken. En u mag op de rechterknop drukken op de microfoon en op dat moment gaat uw tijd lopen. Mevrouw Van Kessel: Oké, dank u wel. Ik was hier vorige keer ook om hier te spreken over dit onderwerp, want ik woon op nummer 24, dat steeds wordt benoemd. Vorige keer was ik net bevallen van mijn dochter, zij inmiddels tien maanden oud, en toen heb ik een aantal punten aangedragen die niet in de stukken stonden, wat volgens mij wel in de werkelijkheid aan de hand was en die heb ik ook in een zienswijze verder uitgewerkt. Andere buren hebben ook zienswijzen ingediend en daar is niets van opgenomen. En toen stond er iets van: er is geen last, met name voor nummer 24. Dat is weggehaald, maar er staat wel in de stukken van de Omgevingsdienst: er is geen sprake van een direct negatief effect op het woon- en leefgenot op de aangrenzende percelen. Nou, dus op papier lijkt alles in orde. Alle zienswijzen zijn ook verworpen op alle punten.

Er is geen aanpassing nodig, staat in de stukken. Dus moest ik toch weer even van me laten horen, ook namens mijn buurman aan de kant van de Van Speijkstraat, wat grenst aan dit stuk. Nouri ‘…’. En ja, ik wil ook aan het einde, ik moet natuurlijk heel snel zijn, maar even ingaan op zijn speciale situatie. Want volgens ons is er niet naar de context gekeken. Er is wel gekeken naar of er is voldaan aan het bouwbesluit van 2012. Er is gekeken door de welstandscommissie naar hoe de woning, hoe het plan eruitziet, of het mooi is. En er is stedenbouwkundig gekeken dat er inderdaad een onbebouwd stukje is in de straat vol woningen. Volgens ons is er niet naar een aantal dingen gekeken, die dus met de situatie en de context te maken hebben. En voor mij is een heel groot onderdeel daarvan en ook voor mijn buurman dat wij een woning hebben uit 1910. Nou ja, je wilt niet zeggen kwetsbaar, maar er zijn op alle plekken in de buurt van dit perceel en bij ons zinkgaten, de afgelopen jaren meerdere zinkgaten, ook groot en klein. Als er verkeer is, met name bouwverkeer met zware materialen, dan trilt alles in het huis. Dus wij maken ons heel erg zorgen over de risico's.

En nu is alles afgewend op de initiatiefnemer, maar ik kan me heel goed voorstellen dat er straks geen bewijs kan worden gegeven waarom iets is getrild, waarom iets is gescheurd, waarom er een zinkgat is bijgekomen en dat dan toch de kosten en alle risico's op ons eigen conto komen en daar heb ik naar gevraagd in de zienswijze: hoe gaat de gemeente hiermee om? En daar is eigenlijk niet op ingegaan. Er zijn een aantal ook belangrijke dingen, maar minder, dit is voor mij wel het belangrijkste punt. Er is iets dat met een negen meter hoge woning er een steeg ontstaat tussen de Pré-Wonen-flat en de nieuw te bouwen woning. En dan wordt in een reactie op de zienswijze gezegd: nou, dat kan gewoon volgens het bouwbesluit en de gemeente gaat er dan later wel naar kijken als daar een onveilige situatie ontstaat. En dat lijkt me ook een beetje te laat om daarnaar te kijken, dus het verzoek in de zienswijze was om daar toch nog eens naar te kijken. Dat is weggewuifd. Ook heb ik hier benoemd, toen ik hier was, dat er nu drie parkeerplekken zijn op het perceel, die dus wegvallen en er komen … Mijnheer heeft er twee dan gehuurd, maar die zijn nu ook in gebruik, dus in feite vallen er vijf parkeerplekken weg. Daar wordt ook niet op ingegaan. De voorzitter: Mag ik u vragen om af te ronden. Mevrouw Van Kessel: Ja, oké. Dan ga ik alleen nog heel even in op de situatie van Nouri.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14552025/1