Raadsinformatiebrieven 23 januari - 26 februari 2024
Tekst van het document
Raadsinformatiebrieven tussen 23 januari en 26 februari 2024 Nieuw document
Raadsinformatiebrief Stand van zaken financiën programma Formule 1 na editie 2023
Titel
Stand van zaken financiën programma Formule 1 na editie 2023
Datum bericht
23-01-2024
Portefeuillehouder
Jan Jaap de Kloet (Wethouder)
Nieuw document
Raadsinformatiebrief Motie Verhogen bijdrage Jeugdfonds Sport en Cultuur
Titel
Motie Verhogen bijdrage Jeugdfonds Sport en Cultuur
Datum bericht
26-01-2024
Type
Mededeling aan de raad
Portefeuillehouder
Gert-Jan Bluijs (Wethouder)
Nieuw document
Beantwoording vragen PvdA n.a.v. artikel Haarlems Dagblad over woningschaarste
Titel
Beantwoording vragen PvdA n.a.v. artikel Haarlems Dagblad over woningschaarste
Datum bericht
30-01-2024
Type
Mededeling aan de raad
Portefeuillehouder
Martijn Hendriks (Wethouder), D.L. Moolenburgh (Burgemeester)
Nieuw document
Raadsinformatiebrief Beantwoording vragen fractie PVV fractie over aardgasvrij maken woning
Titel
Beantwoording schriftelijke vragen PVV over aardgasvrij maken woning
Datum bericht
30-01-2024
Type
Mededeling aan de raad
Portefeuillehouder
Lars Carree (Wethouder)
Nieuw document
Informatienota Gevolgen decembercirculaire 2023
Titel
Informatienota Gevolgen decembercirculaire 2023
Datum bericht
30-01-2024
Type
Informatienota
Portefeuillehouder
Gert-Jan Bluijs (Wethouder)
Nieuw document
Raadsinformatiebrief Proces Spreidingswet
Titel
Proces Spreidingswet
Datum bericht
02-02-2024
Type
Raadsinformatiebrief
Portefeuillehouder
Martijn Hendriks (Wethouder)
Nieuw document
Raadsinformatiebrief Ontwikkelingen complexe Jeugdhulp
Titel
Ontwikkelingen complexe Jeugdhulp
Datum bericht
06-02-2024
Type
Mededeling aan de raad
Portefeuillehouder
Lars Carree (Wethouder)
Nieuw document
Informatienota Terugblik Zandvoorts Preventiemodel 2023 en vooruitblik 2024
Titel
Informatienota Terugblik Zandvoorts Preventiemodel 2023 en vooruitblik 2024
Datum bericht
06-02-2024
Type
Informatienota
Portefeuillehouder
Lars Carree (Wethouder)
Nieuw document
Raadsinformatiebrief Plan van aanpak Diversiteit Inclusie Gelijkwaardigheid 2024-2026
Titel
Plan van aanpak Diversiteit Inclusie Gelijkwaardigheid 2024-2026
Datum bericht
06-02-2024
Type
Mededeling aan de raad
Portefeuillehouder
D.L. Moolenburgh (Burgemeester)
Nieuw document
Raadsinformatiebrief Regioplan Integraal Zorgakkoord
Titel
Regioplan Integraal Zorgakkoord
Datum bericht
06-02-2024
Type
Mededeling aan de raad
Portefeuillehouder
Lars Carree (Wethouder)
Nieuw document
Raadsinformatiebrief Overzicht lopende en nieuwe Doelmatigheidsonderzoeken 213a
Titel
Overzicht lopende en nieuwe Doelmatigheidsonderzoeken 213a
Datum bericht
06-02-2024
Type
Mededeling aan de raad
Portefeuillehouder
Gert-Jan Bluijs (Wethouder)
Nieuw document
Raadsinformatiebrief Verlenging opvang Curiedex terrein
Titel
Verlenging opvang Curiedex terrein
Datum bericht
09-02-2024
Type
Mededeling aan de raad
Portefeuillehouder
D.L. Moolenburgh (Burgemeester)
Nieuw document
Raadsinformatiebrief Ontwikkelingen rond voormalig HDMZ museum
Titel
Ontwikkelingen rond voormalig HDMZ museum
Datum bericht
13-02-2024
Type
Mededeling aan de raad
Portefeuillehouder
Gert-Jan Bluijs (Wethouder)
Nieuw document
Raadsinformatiebrief Evenementenbeleid Zandvoort
Titel
Evenementenbeleid Zandvoort
Datum bericht
13-02-2024
Type
Mededeling aan de raad
Portefeuillehouder
Lars Carree (Wethouder)
Nieuw document
Raadsinformatiebrief Aanvulling beantwoording motie Schoolzwemmen
Titel
Aanvulling beantwoording motie Schoolzwemmen
Datum bericht
13-02-2024
Type
Mededeling aan de raad
Portefeuillehouder
Lars Carree (Wethouder)
Nieuw document
Raadsinformatiebrief Beantwoording schriftelijke vragen CDA over parkeren van scootmobielen
Titel
Beantwoording schriftelijke vragen CDA over parkeren van scootmobielen
Datum bericht
14-02-2024
Portefeuillehouder
Martijn Hendriks (Wethouder)
Nieuw document
Raadsinformatiebrief Stand van zaken Nul-emissiezone N200 en bereikbaarheid
Titel
Stand van zaken Nul-emissiezone N200 en bereikbaarheid
Datum bericht
14-02-2024
Type
Raads
Portefeuillehouder
Martijn Hendriks (Wethouder)
Nieuw document
Raadsinformatiebrief Beantwoording technische vragen Overloopterrein PZuid - Asbestlocatie
Titel
Beantwoording technische vragen Overloopterrein P-Zuid - Asbestlocatie
Datum bericht
15-02-2024
Type
Mededeling aan de raad
Portefeuillehouder
Martijn Hendriks (Wethouder)
Nieuw document
Raadsinformatiebrief Stand van zaken renovatie Theater De Krocht
Titel
Stand van zaken renovatie Theater De Krocht
Datum bericht
20-02-2024
Type
Mededeling aan de raad
Portefeuillehouder
Gert-Jan Bluijs (Wethouder)
Raadsinformatiebrief
Onderwerp Stand van zaken financiën programma Formule 1 na editie 2023 Nummer 2024/105985 Datum college 23 januari 2024 Portefeuillehouder Kloet, J.J. de Programma/beleidsveld 4.2 Economie, toerisme en cultuur Afdeling PG Auteur K. Sweering Telefoonnummer 023-5115746 Email ksweering@haarlem.nl Bestemd voor: Gemeenteraad van Zandvoort: financiële informatie over Formule 1-evenement Bijlagen Was-wordt overzicht 2023 Geachte raadsleden, Wij willen u met deze brief informeren over de financiën van het Formule 1-project. Wij heb ben op dit moment een volledig overzicht van de uitgaven voor de editie in 2023. Dit is meteen de fina nciële afronding van het projectbudget dat u voor de eerste drie edities beschikbaar heeft gesteld. De financiële verantwoording van alle kosten zal uiteraard worden meegenomen in het jaarverslag 2023. De uitgaven vallen binnen het door u beschikbaar gestelde budget en binnen de eerder geraamde uitgav en voor deze jaarschijf. In deze raadsinformatiebrief vindt u een nadere toelichting van de kosten en opbrengsten in 2023 en het totale projectbudget in de periode 2019-2023. is € 300.000 000 is bedoeld Kosten Voor 2023 is vooraf ingeschat dat er € 1.018.000 nodig is voor alle voorbereidingen. Daarvanatie, facilitaire bedoeld voor de bijdrage van de gemeente aan het mobiliteitsplan en de side events, € 718. n in 2023.
voor de (extra) organisatiekosten, zijnde citymarketing, personele inzet, monitoring & evalu kosten en onvoorzien. In onderstaande tabel vindt u een overzicht van de werkelijke uitgave
A. Bijdrage mobiliteit B. Bijdrage side-events Subtotaal bijdrage D. Citymarketing E. Procesmanager F1 F. Personele capaciteit G. Onvoorzien/facilitaire zaken H. Monitoring & Evaluatie Subtotaal organisatiekosten Totaal extra kosten gemeente
Geraamde kosten 2023 € 200.000 € 100.000 € 300.000 € 25.000 € 75.000 € 543.000 € 50.000 € 25.000 € 718.000 € 1.018.000
Werkelijke kosten 2023 € 167.000 € 100.000 € 267.000 € 25.000 € 59.000 € 492.000 € 35.000 € 30.000 € 641.000 € 908.000
Kenmerk: 2024/105985
1/3
Met dit positieve resultaat Is er een restant van € 225.000 op het beschikbare budget voor de jaarschijf 2023 (€ 1.133.000). De taakstelling van de gemeenteraad (€ 200.000 binnen het beschikbaar gestelde projectbudget van € 4,8 miljoen) was al in 2022 volledig gerealiseerd. Dat betekent het volgende voor de gehele periode 2019-2023: Samenvatting F1-budget 2019-2023 Beschikbaar gestelde budget F1 2019-2023 Aanvullend budget Coronafonds (2020-2022) Gemaakte kosten bijdragen Gemaakte kosten organisatie Restant budget
€ 4.848.000 € 605.000 - € 1.521.000 -€ 3.329.000 € 603.000
Voor de volledigheid treft u als bijlage bij deze raadsinformatiebrief het afrondende was-wordt-overzicht. Er vloeit € 603.000 terug naar de algemene middelen van het beschikbaar gestelde budget uit de SIA. Dit betekent dat van de extra onttrekking uit de SIA van € 988.000 (raadsbesluit 20 april 2021) daadwerkelijk € 290.000 wordt onttrokken. Hieronder een korte toelichting over de kosten voor 2023: - De uitgaven voor Mobiliteit (circa € 167.000) betreffen de afgesproken bijdrage aan DGP voor het mobiliteitsplan en de bijdrage aan ProRail. Daarnaast zijn uitgaven gedaan voor het opstellen van alle verkeersbesluiten. - De uitgave aan Stichting Zandvoort Beyond is voor 2023 vastgesteld op € 100.000. - Voor citymarketing en citydressing waren de uitgaven dit jaar € 25.000. Dit bedrag is besteed aan de aankleding van Zandvoort door middel van onder andere vlaggetjes, banieren en een nieuwe selfiespot op het Badhuisplein. - Voor interne en externe personele capaciteit en deskundigheid waren de kosten in 2023 circa € 551.000 (post E en F samen). Het gaat om de kosten die gemaakt zijn naast de reguliere inzet en out-of-pocket kosten van de verschillende afdelingen. Het gaat om alle thema’s: mobiliteit, veiligheid, vergunningen, communicatie, omgevingsmanagement en juridische zaken, inclusief het programmamanagement en de ondersteuning.
- Aan monitoring en evaluatie is circa € 30.000 besteed. Het gaat om parkeerdrukmetingen tijdens het evenement, dronedetectie en de extra inzet van stewards ten behoeve van de openbare orde en veiligheid. De kosten voor de interne en externe personele inzet die besteed wordt aan evalueren is opgenomen in de hierboven genoemde organisatiekosten. - De onvoorziene en facilitaire uitgaven waren circa € 35.000. Het gaat om communicatie-uitingen, extra kosten in 2023 i.v.m. de samenloop met Mysteryland, het mediacentrum en overige operationele kosten tijdens de Formule 1.
Kenmerk: 2024/105985
2/3
Buiten de capaciteit en kosten die betaald worden uit het programmabudget (ca. 5 fte), vraag de Formule 1 ook inzet van de reguliere capaciteit van de organisatie. Het gaat onder andere om de inzet van de projectleider side events van ECDW en de projectleider vergunningen van VTH, (parkeer)handhavers, woordvoerder en redacteuren, facilitaire zaken voor extra opening raadhuis, adviseurs openbare orde en veiligheid, plantoetsers en toezichthouders vergunningen, adviseurs parkeervergunningen voor de doorlaatbewijzen, regisseur openbare ruimte, adviseur duurzaamheid en juridische ondersteuning (centraal en per afdeling). Deze inzet is bij elkaar nog eens ruim 4 fte per jaar. De organisatie houdt rekening met de inzet voor de Formule 1 in de reguliere werkplannen van de afdelingen. Zonder deze inzet is het niet mogelijk om het evenement in Zandvoort veilig, bereikbaar en feestelijk te laten verlopen. Opbrengsten Voor het jaar 2023 is een aantal dekkingsbronnen opgenomen om bovengenoemde kosten te dekken. Deze dekkingsbronnen zijn in de werkelijkheid grotendeels gelijk gebleven aan de raming. De toeristenbelasting van de tijdelijke camping van DGP was gelijk aan de verwachtingen, met een deel voor bezoeker en een deel voor de crew.
De kosten voor DGP voor het gebruik van parkeerplaatsen in Zandvoort is verhoogd toen de precieze op- en afbouwperiode en aantallen parkeerplaatsen bekend werden tijdens de operationele voorbereidingen (€ 116.000 in plaats van € 100.000). De compensatie van gederfde inkomsten staat in de begroting bij de parkeerinkomsten van Zandvoort. Met vriendelijke groet, Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris
de burgemeester
Kenmerk: 2024/105985
3/3
Raadsinformatiebrief
Onderwerp Motie Verhogen bijdrage Jeugdfonds Sport en Cultuur Nummer 2023/2050154 Datum college 23 januari 2024 Portefeuillehouder Bluijs, G.J. Programma/beleidsveld 3.2. Inkomen Afdeling SMSR Auteur A.L. van der Kraan Telefoonnummer 023-5114061 Email alkraan@haarlem.nl Bestemd voor: Het college stuurt deze raadsinformatiebrief naar de gemeenteraad Bijlagen Geachte raadsleden, Naar aanleiding de aangenomen motie van 13 november 2023 waarin het college wordt opgeroepen de bijdrage vanuit het Jeugdfonds Sport en Cultuur te verhogen naar € 350 voor sport- en zwemlessen en € 500 voor cultuurlessen, inclusief een waardebon van maximaal €100 per aanvraag voor de aanschaf van de benodigde materialen, kunnen wij u het volgende berichten. Het Jeugdfonds Sport en Cultuur zal vanaf 1 januari 2024 de vergoedingen verhogen naar maximaal de in de motie genoemde bedragen. De subsidie voor 2024 is daarvoor verruimd met € 15.000. In de voorjaarsnota 2024 zal een extra budget van € 15.000 per jaar worden geclaimd ingaande 2024 om de verruiming van de subsidie van het JFSC te dekken. Na het vaststellen van de voorjaarsnota zal de subsidie van het Jeugdfonds Sport en Cultuur per 2025 worden verruimd met € 15.000. Wij vertrouwen u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris de burgemeester
Kenmerk: 2023/2050154
1/1
Raadsinformatiebrief
Onderwerp Beantwoording vragen PvdA n.a.v. artikel Haarlems Dagblad 'Zandvoort kan niet aantonen dat er woningschaarste is' van 24 januari 2024 Nummer 2024/149067 Datum college 30 januari 2024 Portefeuillehouder Moolenburgh, D. / Hendriks, M. Programma/beleidsveld 6.3 Openbare Orde en Veiligheid Afdeling ECDW Auteur T. Tichelaar / B. Beemster (OD IJmond) en W. Boelema (OD IJmond) Telefoonnummer 023-5114840 Email ttichelaar@haarlem.nl Bestemd voor: Het college stuurt deze raadsinformatiebrief ter kennisname naar de Raad. Bijlagen Geen. Geachte raadsleden, Naar aanleiding van het artikel in het Haarlems Dagblad ‘Zandvoort kan niet aantonen dat er woningschaarste is’ van 24 januari 2024 heeft de PvdA raadsvragen gesteld. Met deze raadsinformatiebrief beantwoorden wij deze vragen. • Klopt het gestelde in het artikel? Antwoord Nee. Het college heeft naar haar stelling “voldoende onderbouwd” (en dat is het criterium dat de Raad van State hanteert bij de beoordeling) dat bij de invoering van de Huisvestingsverordening sprake was van schaarste. Dit is gedaan aan de hand van diverse rapportages. Het oordeel dat hiermee voldoende is aangetoond dat sprake was van schaarste is nu aan de Raad van State. Overigens is de gemeente bij totstandkoming van het krantenartikel helaas niet gevraagd om wederhoor. • Wat is de stand van zaken nu m.b.t.
de handhaving op illegale toeristische verhuur? Antwoord Op dit moment vindt handhaving plaats met een focus op woningen die aan de woningmarkt zijn onttrokken. De ervaring laat zien dat dit erg complexe en tijdrovende procedures zijn. Om die reden wordt beoogd een andere wijze van handhaving door te voeren op basis van administratief toezicht. Mede daarvoor is de verplichte registratie ingevoerd. • Welke gevolgen kan de uitspraak van de Raad van State over een paar weken hebben voor de handhaving hierop? En wat gaat het college hieraan doen? Antwoord Het is nu wachten op de uitspraak van Raad van State. Als de uitspraak er is, zal beoordeeld worden of en welke consequenties dit heeft.
Kenmerk: 2024/149067
1/2
• Is het juist dat de raad hier niet over is geïnformeerd? Zo ja, waarom niet? Antwoord De Raad van State moet nog uitspraak doen en pas dan kan het college de gevolgen daarvan in beeld brengen en de raad daarover informeren. Overigens is tijdens de commissievergadering van 1 november 2023 in zijn algemeenheid gesproken over de handhaving op toeristische verhuur en de grote hoeveelheid werk die de juridische procedures met zich meebrengen. Ook is aangegeven dat we als gemeente weliswaar kunnen vinden dat we juridisch in ons recht staan, maar dat de rechter hier anders over kan oordelen. Aangegeven is dat er een plan komt voor de komende periode met daarin ook een personele en financiële onderbouwing. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris
de burgemeester
Kenmerk: 2024/149067
2/2
Raadsinformatiebrief
Onderwerp Beantwoording artikel 40 vragen PVV fractie Nummer 2024/145928 Datum college 30 januari 2024 Portefeuillehouder Carree, L. Programma/beleidsveld 5.2 Energie Afdeling ECDW Auteur R.A. Atkins Telefoonnummer 06 – 38 29 45 82 Email ratkins@haarlem.nl Bestemd voor: Het college stuurt deze raadsinformatiebrief ter kennisname naar de Raad. Bijlagen Geachte raadsleden, De fractie van de PVV heeft 16 januari j.l. schriftelijke vragen gesteld over het aardgasvrij maken van woningen. Hieronder vindt u de vragen met in cursief de antwoorden. • Is het college bekend dat VvE’s van de Gemeente Zandvoort een brief hebben ontvangen met het kenmerk 2023/2032612 aangaande onderzoek energietransitie VvE’s? Ja. • Vindt het college met ons dat de bewering “In 2050 moeten alle woningen aardgasvrij zijn.” Qua stelligheid op gespannen voet staat met de werkelijkheid. Nee. In het Klimaatakkoord uit 2019 is deze afspraak opgenomen. Het Klimaatakkoord is door de Vereniging Nederlandse Gemeenten, mede namens gemeente Zandvoort ondertekend. De verwachting is dat deze afspraak in 2024 in nationale wetgeving wordt verankerd. • Is het college met ons van mening dat het niet is uit te sluiten dat er tussen heden en 2050 sprake kan zijn van voortschrijdend inzicht en gewijzigde besluitvorming? Ja.
• Is het bij het college bekend dat door het gasloos maken van woningen het gasgebruik per saldo met 30% zal stijgen via de elektriciteitscentrales? Ja, maar de inzet van steenkool en het directe aardgasverbruik van individuele woningen zal dalen. • Is het bij het college bekend dat er nu reeds sprake is van netcongestie waardoor leveren van meer stroom niet mogelijk is? Ja, maar deze netcongestie raakt in onze regio nog niet de kleinverbruikersaansluitingen.
Kenmerk: 2024/145928
1/2
• Is het bij het college bekend dat het zogenaamde klimaatbeleid geen enkele zichtbare en/of meetbare invloed heeft op het CO2-gehalte van de atmosfeer. Nee. • Is het college het met ons eens dat verplichte deelname aan een staatsreligie in casu de klimaatkerk in strijd is met onze grondwet? In Nederland geldt een vrijheid van godsdienst en is er geen sprake van een verplichte deelname aan een (staats)religie. • Kan het college ons aangeven wat het meetbare doel is dat men denkt te bereiken met dit beleid? De gemeenteraad van Zandvoort heeft op 20 juni 2023 het beleidsplan duurzaamheid vastgesteld met daarin (meetbare) doelen.
Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris de burgemeester
Kenmerk: 2024/145928
2/2
Informatienota
Onderwerp Gevolgen decembercirculaire 2023 Nummer 2024/0141755 Portefeuillehouder Bluijs, G.J. Programma/beleidsveld 7.2 Algemene dekkingsmiddelen Afdeling CC Auteur Welsink, M. Telefoonnummer 023-5113887 Email mwelsink@haarlem.nl Kernboodschap Op 6 december 2023 is de decembercirculaire verschenen. Ten opzichte van de septembercirculaire 2023 zijn er nadelige budgettaire effecten. De grootste mutaties vinden plaats door een actualisatie van de maatstaf “lage inkomens met drempel”. De gemeente heeft geen directe invloed op deze mutaties. De decembercirculaire informeert gemeenten over de jaren 2023 en 2024, maar het nadelige effect van de maatstafactualisatie is ongeveer € 0,2 miljoen structureel. Decembercirculaire 2023 (bedragen x€ 1.000)* Budgettair effect voor algemene middelen
2023 -165 n
2024 -188 n
*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan
De budgettaire gevolgen van de decembercirculaire voor 2023 worden verwerkt in de Jaarrekening 2023. Voor een aantal doelen en taken kan gelden dat de middelen in 2023 ontvangen zijn, maar dat deze pas in 2024 tot uitgaven leiden. In die gevallen wordt een voorstel tot bestemming van het rekeningresultaat 2023 voorgelegd. De meerjarige gevolgen uit de decembercirculaire worden samen met de meerjarige gevolgen uit de septembercirculaire 2023 verwerkt in de Voorjaarsnota 2024. In deze informatienota wordt geen toelichting gegeven voor bedragen onder de € 10 duizend. Behandelvoorstel voor de raad Relevante eerdere besluiten Besluit College d.d. 30 januari 2024
Het college stuurt de informatienota ter kennisname naar de raad. Niet van toepassing. 1. De informatienota aan de raad vast te stellen. de secretaris,
de burgemeester,
Kenmerk: 2024/0141755
1/6
1. Inleiding Alle gemeenten samen ontvangen ongeveer € 42 miljard per jaar van het Rijk uit het gemeentefonds. Dat geld wordt via de algemene uitkering (€ 36 miljard) en een aantal decentralisatie- en integratieuitkeringen verdeeld over de gemeenten. Het Rijk maakt de verdeling bekend via meerdere circulaires per jaar van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. 2. Kernboodschap Op 6 december 2023 is de decembercirculaire verschenen. Ten opzichte van de septembercirculaire 2023 zijn er nadelige budgettaire effecten. De grootste mutaties vinden plaats door een actualisatie van de maatstaf “lage inkomens met drempel”. De gemeente heeft geen directe invloed op deze mutaties. De decembercirculaire informeert gemeenten over de jaren 2023 en 2024, maar het nadelige effect van de maatstafactualisatie is ongeveer € 0,2 miljoen structureel. Omdat het jaar 2023 reeds is afgelopen kunnen deze mutaties niet meer verwerkt worden in de begroting van de beleidsvelden en gaan deze nu (in eerste instantie) ten bate/laste van de algemene middelen (programma 7). De budgettaire gevolgen van de decembercirculaire voor 2023 worden verwerkt in de Jaarrekening 2023. Voor een aantal doelen en taken kan gelden dat de middelen in 2023 ontvangen zijn, maar dat deze pas in 2024 tot uitgaven leiden.
In die gevallen wordt een voorstel tot bestemming van het rekeningresultaat 2023 voorgelegd. De meerjarige gevolgen uit de decembercirculaire worden samen met de meerjarige gevolgen uit de septembercirculaire 2023 verwerkt in de Voorjaarsnota 2024. In deze informatienota wordt geen toelichting gegeven voor bedragen onder de € 10 duizend. Samenvatting (bedragen x € 1.000)* Eindstand septembercirculaire 2023 Eindstand decembercirculaire 2023 Totaal verschil Waarvan: Effect voor overige beleidsvelden
2023 2024 33.210 35.057 34.777 34.869 1.567 -188 1.733 0
Budgettair effect voor algemene middelen
-166 n
-188 n
*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan
3. Consequenties Op basis van de decembercirculaire 2023 is een nieuwe berekening gemaakt van de algemene uitkering voor de jaren 2023 en 2024, voor de overige jaren vinden geen mutaties plaats. In deze analyse wordt de nieuwe berekening vergeleken met de berekening die is gemaakt op basis van de septembercirculaire 2023. De analyse volgt daarbij de opbouw van de berekening van de algemene uitkering. In de opgenomen tabellen is telkens aangegeven wat het budgettaire effect is voor de algemene middelen en de overige beleidsvelden.
Kenmerk: 2024/0141755
2/6
3.1 Ontwikkelingen rijksniveau De ontwikkelingen op rijksniveau bestaan voornamelijk uit het effect van wijzigingen in de uitkeringsfactor en uitkeringsbasis op de Algemene Uitkering. Ook de actualisatie van de landelijke maatstafhoeveelheden hebben (via de uitkeringsbasis en -factor) invloed op de Algemene Uitkering. Verdeelreserve Op rijksniveau treedt, via de uitkeringsfactor, een voordelig verschil van € 27 duizend voor 2024 op als gevolg van het laten vrijvallen van een verdeelreserve voor gemeenten. Maatstaf huishoudens met lage inkomens In de decembercirculaire zijn de landelijke aantallen voor de maatstaf ‘huishoudens met laag inkomen met drempel’ geactualiseerd. Dit zijn het aantal (gestandaardiseerde) huishoudens boven een bepaalde drempel met een besteedbaar inkomen (in 2022) van € 18.300 t/m € 32.100 per jaar. Het gaat hier niet om de laagste (10%) inkomens maar om het 2e, 3e en 4e decielgroep aan inkomens. Bij de actualisatie is gebleken dat het landelijke aan aantal gestandaardiseerde huishoudens vallend in deze categorie met 3% is toegenomen. De stijging in aantallen (de Q) leidt tot een daling van de uitkeringsfactor (de P) omdat de algemene uitkering zelf niet wijzigt in omvang. Een nadeel van ongeveer € 200 duizend in zowel 2023 en 2024. Wanneer een gemeente de landelijke ontwikkeling van aantallen volgt staat daar een positief hoeveelheidsverschil tegenover.
Het aantal huishoudens in Zandvoort in deze categorie is echter gelijk gebleven waardoor er geen “dempend” effect op treedt. De decembercirculaire geeft alleen inzicht in mutaties in 2023 en 2024, de daling in de uitkeringsfactor is daarom nog niet verwerkt voor de latere jaren. Bij de meicirculaire zal naar alle waarschijnlijkheid de nadelige reeks van ongeveer € 200 duizend structureel worden. Ontwikkelingen rijksniveau (bedragen x € 1.000)* Nominale ontwikkeling (uitkeringsfactor)
2023
Huishoudens lage inkomens
-188 -188 n
Budgettair effect algemene middelen
2024 27 -215 -188 v
*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan
3.2. Ontwikkeling gemeentelijk niveau Ontwikkeling hoeveelheden De ontwikkelingen op gemeentelijk niveau gaan over de wijzigingen van aantallen, zoals inwoners, huishoudens, leerlingen en lengte van wegen. Zandvoorts beleid is om eenmaal per jaar bij de meicirculaire de aantallen te actualiseren, waarbij de aantallen per 1 januari van een jaar worden gehanteerd. Dit is ook daadwerkelijk gebeurd bij het verwerken van de meicirculaire. Daardoor zijn er bij deze circulaire geen wijzigingen door hoeveelheidsverschillen, actualisatie vindt weer plaats bij de Voorjaarsnota 2024 en de verwerking van de meicirculaire 2024. In de meicirculaire 2024 wordt
Kenmerk: 2024/0141755
3/6
ook duidelijk hoe de WOZ-waarden in Zandvoort zich ontwikkelen ten overstaan van de landelijke waarde mutaties (een aftrekpost in het gemeentefonds). 3.3 Taakmutaties voor beleidsvelden In de decembercirculaire is sprake van taakmutaties met een voordelig effect van € 5 duizend in 2023. Normaal gaan deze middelen volgens de afspraak “rijksbudget = werkbudget” naar de beleidsvelden. Bij decembercirculaires gaan mutaties eerst ten bate/laste van de algemene middelen van 2023, waarna deze middelen eventueel via ‘voorstellen voor bestemming rekeningresultaat 2023’ nog aan beleidsvelden kunnen worden toegekend bij de Kadernota 2025. Voorwaarde hierbij is dat er nog lasten zullen volgen in 2024 of later voor de extra middelen en dat het een significante omvang betreft, dat is hier niet het geval. Taakmutaties (bedragen x € 1.000)* Basisregistratie Personen (BRP) Vrijval restant compensatieregeling Voogdij 18+ Restant Hervormingsagenda Jeugd Totaal effect Effect voor beleidsvelden Effect voor algemene middelen**
2023 2 2 1
2024
5v 0 5
0 0 0
*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan **: Taakmutaties kunnen niet meer verwerkt worden in de begroting van de beleidsvelden: Omdat de decembercirculaire laat in het jaar verschijnt, is het niet meer mogelijk om wijzigingen voor het jaar 2023 in de begroting te verwerken. Zoals dit bijvoorbeeld wel gebeurt met wijzigingen in de meicirculaire (via de Najaarsnota) en septembercirculaire (via de Decemberrapportage). De mutaties gaan daarom ten bate/laste van de algemene middelen (programma 7). Via ‘voorstellen voor bestemming van het rekeningresultaat 2023’ kunnen eventuele grote voordelen als budget voor de beleidsterreinen worden toegekend voor besteding in jaar 2024. De raad besluit over de bestemming van het rekeningresultaat 2023 bij de Voorjaarsnota 2024.
3.4 Decentralisatie-uitkeringen De algemene uitkering wordt hoofdzakelijk gebruikt om het gemeentefonds over alle gemeenten te verdelen volgens dezelfde maatstaven. Daarnaast wordt aan individuele gemeenten of groepen van gemeenten een uitkering verstrekt voor een bepaald doel. Gemeenten zijn formeel-juridisch vrij om dat geld aan dat doel te besteden of ergens anders aan uit te geven. De reden dat het Rijk dit doet is dat gemeenten op deze manier geen verantwoording aan het Rijk hoeven af te leggen over de besteding van de ontvangen gelden; ze vallen immers onder de algemene uitkering. Dit in tegenstelling tot gelden die via specifieke uitkeringen door het Rijk worden verstrekt. Het Rijk vertrouwt erop dat gemeenten de ontvangen gelden in lijn met het doel zullen uitgeven. Voor onderstaande doelen kan gelden dat wij de middelen in 2023 ontvangen, maar dat deze pas in 2024 tot uitgaven leiden. In die gevallen zal een voorstel tot bestemming van het rekeningresultaat 2023 worden voorgelegd. Wanneer dit niet het geval is komen de middelen ten bate/laste van de algemene middelen.
Kenmerk: 2024/0141755
4/6
Decentralisatie-uitkeringen (bedragen x € 1.000)* Maatschappelijke begeleiding statushouders Einde lening inburgeringsplichtig Invoeringskosten Omgevingswet Uitvoeringskosten gebiedsgerichte aanpak Meerkosten Oekraïne sociaal domein Energietoelage Totaal effect Effect voor beleidsvelden Effect voor algemene middelen**
2023 2 3 132 13 41 1.560 1.751 v 1.733 18
2024
0v 0 0
*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan **: Mutaties kunnen niet meer verwerkt worden in de begroting van de beleidsvelden: Omdat de decembercirculaire laat in het jaar verschijnt, is het niet meer mogelijk om wijzigingen voor het jaar 2023 in de begroting te verwerken. Zoals dit bijvoorbeeld wel gebeurt met wijzigingen in de meicirculaire (via de Najaarsnota) en septembercirculaire (via de Decemberrapportage). De mutaties gaan daarom ten bate/laste van de algemene middelen (programma 7). Via ‘voorstellen voor bestemming van het rekeningresultaat 2023’ kunnen eventuele grote voordelen als budget voor de beleidsterreinen worden toegekend voor besteding in jaar 2024. De raad besluit over de bestemming van het rekeningresultaat 2023 bij de Kadernota 2025. De drie mutaties die daar (in ieder geval op basis van omvang) voor in aanmerking lijken te komen zijn reeds gepresenteerd bij "Effect voor beleidsvelden".
Invoeringskosten Omgevingswet De financiële middelen vanuit het Coalitieakkoord van het kabinet-Rutte IV worden ingezet voor het bereiken van de doelen van de Omgevingswet. Met het uitkeren van deze middelen kunnen de ontvangende partijen in hun transitie zorgdragen dat ze aangesloten, geoefend en ingeregeld zijn en voldoen aan de in de Omgevingswet gestelde eisen. Zandvoort ontvangt in 2023 € 132 duizend. In een volgende circulaire volgt naar alle waarschijnlijkheid nog een aanvulling op dit bedrag voor 2024 en 2025. Uitvoeringskosten gebiedsgerichte aanpak Bij de uitwerking van het Nationaal Programma Landelijk Gebied zijn naast het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit ook medeoverheden betrokken. Gemeenten spelen een belangrijke rol bij de totstandkoming van de provinciale gebiedsprogramma’s en dat vraagt extra inzet van personeel. Deze decentralisatie-uitkering is een bijdrage in de gemaakte kosten vanuit gemeenten voor hun bijdrage aan gebiedsprogramma’s in 2023. Zandvoort ontvangt € 13 duizend. Meerkosten Oekraïne sociaal domein De verantwoordelijkheid voor de zorg en ondersteuning vanuit de Wmo en de Jeugdwet, de uitvoering van het basistakenpakket Jeugdgezondheidszorg, het Rijksvaccinatieprogramma en het prenataal huisbezoek uit de Wet publieke gezondheid, ligt ook voor Oekraïense ontheemden bij gemeenten.
Het aantal Oekraïense ontheemden is dusdanig groot in omvang dat dit niet als een onderdeel van gebruikelijke fluctuaties gezien kan worden. Het Rijk compenseert gemeenten via een decentralisatie-uitkering voor de extra kosten die zij ten aanzien van bovengenoemde taken maken. De meest actuele ramingen vanuit het Rijk zorgen er voor dat Zandvoort in 2023 € 41 duizend ontvangt.
Kenmerk: 2024/0141755
5/6
Energietoelage Het kabinet heeft als prioriteit om mensen met een laag inkomen te ondersteunen bij het voldoen van de energierekening. Hiervoor zijn in navolging op de toegekende middelen in de decembercirculaire 2022 ook in 2023 middelen aan het gemeentefonds toegevoegd voor het uitkeren van de energietoeslag. Voor Zandvoort gaat het om een bedrag van € 1,6 miljoen. De middelen voor de Energietoeslag zijn reeds door de gemeente uitgegeven. 3.5 Berekening budgettair effect In voorgaande paragrafen is per onderdeel aangegeven wat het budgettair effect is voor de algemene middelen en wat het effect is voor de beleidsvelden. Onderstaande tabellen vatten dit in een overzicht samen. Samenvatting budgettair (bedragen x € 1.000)* 3.1 Ontwikkelingen rijksniveau 3.3 Taakmutaties 3.4 Decentralisatie-uitkeringen Totaal effect Budgettair effect algemene middelen Effect voor beleidsvelden
2023 -188 5 1.751 1.568 -165 n 1.733
2024 -188 0 0 -188 -188 n 0
*: v= voordeel, n= nadeel, door afronding kunnen verschillen ontstaan
4. Verwerking De budgettaire effecten van de decembercirculaire voor 2023 worden verwerkt in de Jaarrekening 2023. De meerjarige gevolgen van zowel de septembercirculaire 2023 als de decembercirculaire 2023 worden verwerkt in de Voorjaarsnota 2024. 5. Bijlage Decembercirculaire 2023 Gemeentefonds
Kenmerk: 2024/0141755
6/6
Raadsinformatiebrief
Onderwerp Proces Spreidingswet Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Bestemd voor: Bijlagen
2024/179996 Datum college 2 februari 2024 Hendriks, M. 2.3 Opvang, wonen en herstel MO S. Buisman/H. Esselink 06-18356218 sbuisman@haarlem.nl/hesselink@haarlem.nl Het college stuurt deze raadsinformatiebrief ter kennisname naar de Raad. -
Aanleiding Op 23 januari heeft de Eerste Kamer ingestemd met de wet ‘Gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen’ (spreidingswet). De wet is 1 februari in werking getreden. Doel van deze wet is om te komen tot voldoende opvangplekken en een evenwichtiger verdeling van asielopvang over provincies en gemeenten. Met de spreidingswet krijgt elke gemeente de taak om opvangplekken voor asielzoekers te realiseren. In deze raadsinformatiebrief wordt het proces van de spreidingswet toegelicht. Daarnaast is het aantal opvangplaatsen voor Zandvoort zoals die blijkt uit de indicatieve verdeling per gemeente opgenomen. Voorgeschiedenis De gemeenteraad heeft op 11 juli 2023 besloten (amendement Jong Zandvoort, VVD, CDA, ZEE, OPZ) om geen locatie aan te wijzen voor de komst van een azc in Zandvoort zolang de spreidingswet nog niet is aangenomen. De gemeenteraad heeft op 11 juli ook besloten om wel in gesprek te blijven met de regio, maar geen definitieve instemming te verlenen aan het regioplan van de provincie zolang de spreidingswet nog niet is aangenomen. Proces spreidingswet en verdeling Het kabinet heeft geraamd hoeveel opvangplekken er de komende twee jaar nodig zijn. Er is een indicatieve verdeling gemaakt over de gemeenten op basis van inwoneraantal en SES-WOA score (sociaaleconomische score van een gemeente).
Door de indicatieve opgave van de gemeenten in de provincie op te tellen, ontstaat de provinciale opvangopgave, die staat vast. Elke provincie weet dan hoeveel opvangplekken nodig zijn. De gemeenten in de regio Kennemerland overleggen aan een regionale regietafel hoe zij invulling geven aan de indicatieve opgave voor de regio. De indicatieve opgave van de regio Kennemerland bedraagt de optelling van de indicatieve aantallen van de gemeenten in de regio. Voor de regio Kennemerland gaat dit om 3.347 plekken. Het resultaat van het overleg in de regionale regietafel wordt aangeboden aan de provincie en
Kenmerk: 2024/179996
1/3
besproken aan de Provinciale Regietafel (PRT), waar ook de andere regionale plannen worden besproken. Het gesprek aan de PRT kan verandering brengen in regionale opgaven als er bovenregionaal verevend wordt. De PRT’s worden gecoördineerd door de commissarissen van de Koning (CdK’s) in hun rol als Rijksorgaan. De CdK dient voor 1 november van het jaar een provinciaal plan in bij de minister van Justitie en Veiligheid. Hierna volgt het verdeelbesluit van de minister, dat uiterlijk 31 december wordt vastgesteld. Alleen als het gemeenten niet lukt om gezamenlijk de hele provinciale opgave in te vullen, kan de minister zelf gemeenten aanwijzen en daarmee verplichten om asielzoekers op te gaan vangen. Capaciteitsraming en provinciale opgave De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 31 januari de capaciteitsraming, provinciale opvangopgave en indicatieve verdeling per gemeente 2024 gepubliceerd. Het aantal opvangplaatsen voor asielzoekers in Nederland waaraan in de volgende twee jaren (2025 en 2026) naar verwachting behoefte zal zijn, bedraagt in totaal 96.000. Voor de provincie Noord-Holland bedraagt het aantal opvangplekken 16.290. Dit aantal staat de komende twee jaren vast.
Aantal opvangplaatsen Zandvoort Het aantal opvangplaatsen voor Zandvoort bedraagt in de indicatieve verdeling die op 31 januari is gepubliceerd in de Staatscourant, 94 opvangplekken waarvan 8 geschikt zijn voor Alleenstaande Minderjarige Vluchtelingen (AMV-ers). Hieronder vindt u voor de volledigheid een overzicht van de indicatieve regionale opgave.
gemeente
indicatieve regionale opgave
indicatieve opgave per waarvan amv gemeente
Zandvoort
169 963 1.015 224 191 88 377 94
226 19 14 82 86 19 16 7 32 8
totaal
3.347
283
Beverwijk Bloemendaal Haarlem Haarlemmermeer Heemskerk Heemstede Uitgeest Velsen
3.347
Financiële regeling Gemeenten kunnen in aanmerking komen voor een uitkering als de opvangplaatsen voldoen aan de vereisten en voor zover het aantal opvangplaatsen hoger is dan de indicatieve verdeling per gemeente. De hoogte van de uitkering verschilt en is afhankelijk van de fase van indienen van de opvangplaatsen, alsook het soort
Kenmerk: 2024/179996
2/3
opvangplaatsen (bijvoorbeeld duurzame of bijzondere opvangplaatsen) dat een gemeente indient. Provincies en gemeenten kunnen gezamenlijk en onder voorwaarden een uitkering ontvangen voor iedere gerealiseerde opvangplaats boven de 75% van de provinciale opgave. Gemeenten moeten een keuze maken tussen deze uitkeringsystematieken. Overzicht van de uitkeringssystematiek is hier te vinden. De uitkeringen zijn vrij te besteden. Vervolg Het college bereidt een voorstel voor om met de raad van gedachten te wisselen over de wijze waarop Zandvoort kan voldoen aan de spreidingswet en het (regionale) vervolgproces. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris de burgemeester
Kenmerk: 2024/179996
3/3
Raadsinformatiebrief
Onderwerp Ontwikkelingen complexe Jeugdhulp Nummer 2024/108384 Datum college 6 februari 2024 Portefeuillehouder Carree, L. Programma/beleidsveld 2.2 Voorzieningen Jeugd Afdeling JOS Auteur E. Dijkman Telefoonnummer 023-5115671 Email edijkman@haarlem.nl Bestemd voor: Het college stuurt deze raadsinformatiebrief ter kennisname naar de gemeenteraad. Bijlagen Geen Geachte raadsleden, Afgelopen november informeerden we u over de wachttijden in de jeugdhulp. In die brief zegden we toe u later te informeren over de ontwikkelingen binnen de complexe jeugdhulp, ook wel perceel 1 genoemd. Met deze brief lossen we die belofte en de toezegging van wethouder Carree, de raad te informeren over de stand van zaken, in. De brief gaat niet over perceel 2. Perceel 2 betreft de enkelvoudige jeugdhulp en is gegund. Voorgeschiedenis In 2022 stelde uw raad de ‘Regiovisie jeugdhulp IJmond en Zuid-Kennemerland’ vast. Die visie gaat over hoe we met de andere gemeenten in beide regio’s goede jeugdhulp willen geven die aansluit bij behoeften en mogelijkheden van ouders en gezinnen en die nu en in de toekomst betaalbaar is.
We willen concreet de volgende doelen realiseren: o Ouders en jeugdigen kunnen, met steun van hun omgeving, omgaan met de gewone hobbels in het opvoeden en opgroeien; o Kinderen en jongeren krijgen tijdig de best passende hulp (zo licht als mogelijk, zo zwaar als nodig); o Kinderen en jongeren groeien zoveel mogelijk thuis op; o Kinderen en jongeren groeien veilig op; o Jeugdhulp en onderwijs zetten zich in samenhang in voor de ontwikkeling van jeugdigen. Om de beleidsdoelen te realiseren ontwikkelden we een nieuwe structuur. Die structuur is de basis voor de verdere ontwikkeling van de jeugdhulp in de komende jaren.
Kenmerk: 2024/108384
1/5
2023 2023 stond voor de regio’s Zuid-Kennemerland en IJmond voor wat betreft perceel 1 in het teken van een stelselwijziging. Deze jeugdhulp wordt voortaan aangeboden door vier consortia, waarbij ook nieuw is dat we werken met lumpsumfinanciering. Voor die tijd hadden de zeven gemeenten van doen met een aanzienlijk aantal aanbieders. De nieuwe manier van werken zorgt op termijn dan ook voor efficiënter en effectiever georganiseerde jeugdhulp. Dat willen we doen door de administratieve lasten te verminderen en aanbieders meer vrijheid van handelen te gunnen. Gemeenten en consortia weten elkaar steeds beter en sneller te vinden. Ondanks het feit gemeenten formeel verantwoordelijk zijn voor de jeugdhulp, spraken ze met consortia af om negen jaar lang als strategische partners samen te werken. Dit houdt in dat we gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor het inrichten van de jeugdhulp. Alle betrokkenen zijn zich ervan bewust dat zo'n partnerschap niet enkel ontstaat door het af te kondigen – partnerschap groeit werkenderwijs en heeft tijd nodig. Terugblikkend stelt het college vast dat de basis voor de nieuwe werkwijze is gelegd en dat er tegelijkertijd nog veel te doen is. Stand van zaken Verordening De colleges in de regio’s werken momenteel aan een nieuwe verordening die beter aansluit bij het nieuwe stelsel.
De verordening wordt te zijner tijd ter besluitvorming aan uw raad aangeboden. De verordening zorgt voor duidelijkheid met betrekking tot rechten en plichten van alle betrokkenen, waaronder (ouders van) cliënten. De nieuwe versie zorgt ervoor dat het beleid op regionaal niveau wordt geharmoniseerd en dat de afspraken aansluiten op het nieuwe stelsel. Toegang en verwijzing Met het nieuwe stelsel zijn ook de toegang en verwijzing veranderd. Consortia analyseren nu de door verwijzers opgestelde hulpvraag en stellen de doelen en de in te zetten hulp vast. Ze doen dat in overleg met (ouders van) jeugdigen. Samen met het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG), huisartsen, Veilig Thuis, gecertificeerde instellingen en consortia legden we de basis voor een route die voor alle partijen werkbaar is. De gemaakte afspraken hebben ook betrekking op de communicatie tussen verwijzers en consortia. Het belang van die communicatie is groot, aangezien de verwijzing de basis is voor de hulp en om die reden ook voor de veranderingen die we binnen de jeugdhulp willen bewerkstellingen. Consortia werken ook onderling samen. Zo richtten de gemeenten een overleg op over jeugdigen, waarbij een individueel consortium hulp wenst, de aanmeldtafel. Samen met de consortia zijn de uitgangspunten en structuur van deze aanmeldtafel ontworpen.
Zo is het mogelijk cliënten bij de juiste aanbieder van hulp te brengen, ook als dat een aanbieder van een ander consortium is dan waar de cliënt werd aangemeld. Doel is
Kenmerk: 2024/108384
2/5
immers dat cliënten op het juiste moment de juiste hulp ontvangen. Wat daarbij helpt is dat diverse specialisten nemen deel aan het overleg. De aanmeldtafel functioneert nog niet optimaal. Ondanks de acceptatieplicht voor de aanbieders van jeugdhulp bleken sommige cliënten moeilijk plaatsbaar. Consortia geven als redenen gebrek aan capaciteit en financiën. Door die problemen namen wachttijden toe en moesten Centra voor Jeugd en Gezin en andere verwijzers langer dan bedoeld zelf voor de cliënten zorgen. Een actieplan, vorig jaar opgesteld en in overleg diverse keren bijgesteld, bracht eind vorig jaar verlichting. Conform dat plan werd het proces van triage en verwijzing versneld, onder meer door dubbel werk te voorkomen. Dit jaar werken alle betrokkenen aan nog andere verbetermaatregelen. Verder zijn er afspraken gemaakt over de regie van hulp en werken we aan overeenstemming over het verminderen van specialistische jeugdhulp en de hulp na afronding van een behandeling. Sturing en monitoring We werken met de consortia aan een betere sturing en monitoring van de jeugdhulp. Dit doen we om al evaluerend de hulp voor kinderen en jongeren effectiever en dus beter te maken. Hierbij hanteren we kritieke prestatie-indicatoren (kpi’s), waarmee de trends in het jeugdhulpgebruik gevolgd kunnen worden.
Deze kpi’s zijn in de gunningsleidraad opgenomen en worden in samenspraak met de consortia gehanteerd. Door identieke definities te hanteren is het mogelijk dat we prestaties van de verschillende consortia kunnen vergelijken. Het biedt inzicht op lokaal en regionaal niveau. De kpi’s hebben betrekking op: o o o o o o
aantallen unieke cliënten; wachttijden en wachtlijsten; duur van zorgtrajecten; tevredenheid cliënten; klachten; financiële kwartaalrapportages.
Een regionaal dashboard geeft in de loop van dit jaar voor het eerst direct inzicht in de kpi’s, waarmee er nog beter én samen met consortia gestuurd kan worden op de gestelde doelen. Overigens is het voor dit dashboard noodzakelijk dat gemeenten met elkaar data uitwisselen. Dat kan pas als daarvoor formele afspraken zijn gemaakt. Daar werken we aan, maar het gaat minder snel dan ons lief is. De definities van de kpi’s leidden tot nogal wat discussie. Overigens ervaren we bij alle betrokkenen een constructieve houding en de wil er samen uit te komen. Een deel van de data is op orde. Daardoor kunnen we dit jaar een nulmeting houden. De metingen daarna tonen mogelijk belangrijke trends. Als dat het geval is, informeren we u daarover. Onderwijs In het nieuwe stelsel blijft de aansluiting van onderwijs en jeugdhulp een speerpunt. Deze vorm van jeugdhulp leidt tot synergie en betaalbaarheid. Die synergie tussen scholen, verwijzers en aanbieders is een belangrijke voorwaarde voor het versterken van de eigen mogelijkheden van ouders bij het opvoeden als er stagnaties in
Kenmerk: 2024/108384
3/5
de ontwikkeling zijn. Samenwerking tussen onderwijs en jeugdhulp is ook cruciaal om tijdig de juiste hulp te bieden aan jeugdigen en hun ouders. We constateren dat de aansluiting van jeugdhulp-onderwijs beter moet. Zo is nog onduidelijk waar het onderwijs ophoudt en de jeugdhulp begint en andersom. Ook is er nog niet op alle locaties voor gespecialiseerd onderwijs collectieve jeugdhulp. We zijn in gesprek met scholen, consortia en verwijzers over wachttijden en werkbare afspraken. Een specifiek plan voor jeugdhulp-onderwijs met aandacht voor deze verbeteringen wordt dit jaar samen met consortia en onderwijs ontwikkeld en uitgevoerd. Maatwerk In het verleden voldeed het reguliere aanbod van hulp in uitzonderlijke situaties niet. In die gevallen werden maatwerkovereenkomsten (ook wel: light overeenkomsten) afgesloten, zodat de juiste hulp toch beschikbaar was. Maatwerkovereenkomsten werden ook afgesloten voor buiten onze regio’s wonende jeugd. Daarbij gaat het specifiek om jeugdigen die die hulp kregen van aanbieders die niet door gemeenten in onze regio’s zijn gecontracteerd. Het streven is om deze zorg zo veel mogelijk onder te brengen bij het gecontracteerde aanbod. Van nieuwe maatwerkovereenkomsten is vanaf 2023 bij voorkeur geen sprake meer, aangezien alle vormen van zorg in het gecontracteerde aanbod aanwezig zijn.
De afbouw en overdracht van nog lopende overeenkomsten vergt, net als in andere regio’s, veel tijd. Het is door de vaak complexe aard van de zorg niet wenselijk om hierin overhaast te werk te gaan. Daarom hebben de gemeenten besloten de contracten van zorg buiten de regio voorlopig nog zelf te blijven beheren. Naast het maatwerk hebben de regio’s de verantwoordelijkheid voor enkele jeugdigen, die veel begeleiding vergen en dus arbeidsintensief zijn. In het verleden zouden deze cliënten waarschijnlijk gesloten worden geplaatst. De nieuwe vormen van hulp zijn humaner, bieden meer perspectief én zijn soms fors duurder. Per geval besluiten consortia en gemeenten hoe ze deze cliënten duurzaam, het beste, het effectiefst en conform de regiovisie kunnen helpen. Financiën Zoals bekend is het lumpsum-budget voor perceel 1 vastgesteld op basis van de historische uitgaven en verhoogd met een indexatie voor gestegen personeelskosten en prijsontwikkelingen. Nader overleg en besluitvorming is nog nodig over de kostenverdeling voor de jeugdhulp binnen perceel 1 over de gemeenten in onze regio. Ook werken we aan een verdeelsleutel voor de resterende acht jaren. Sommige aanbieders ervaren financiële problemen. Die zijn niet nieuw en zijn ook niet per definitie gerelateerd aan de invoering van het nieuwe stelsel.
Voor die tijd was daarvan immers al sprake, vooral bij organisaties die hoog specialistische jeugdhulp bieden, de zogeheten systeempartijen. Die aanbieders werken met name voor jeugdigen met complexe problemen. Juist op dit terrein staan de financiële marges onder druk. De consortia pleiten voor aanvullende middelen. Ook hierover voeren we overleg.
Kenmerk: 2024/108384
4/5
Conclusie Het college concludeert dat er het afgelopen jaar hard is gewerkt door alle betrokkenen. Dat heeft geleid tot vorderingen en successen. Er moet tegelijkertijd nog veel gebeuren. Daarbij gaat het onder meer over wachttijden, budgetten die door consortia te beperkt worden gevonden en een betere afstemming van de jeugdhulp met het onderwijs. We stellen verder vast dat het tempo verschilt waarin consortia hun organisatie opbouwen. Er is nog veel te doen. De nieuwe samenwerking en werkwijze zijn complex en vergen tijd. Dat is in onze regio niet anders dan elders. Vanwege het welbevinden van de jeugd en het overeengekomen strategisch partnerschap werken we gezamenlijk aan verbeteringen. De samenwerking die gemeenten en consortia daarbij aan de dag leggen, past binnen het strategisch partnerschap dat de consortia en de gemeenten met elkaar zijn aangegaan. We willen samen verantwoordelijkheid nemen. Vervolg Het college verwacht dat dit jaar wederom stappen voorwaarts worden gezet. Daarbij gaat het niet alleen om het verminderen van de wachttijden en het oplossen van andere belemmeringen, maar ook om het versterken van alle vormen van ondersteuning en hulp die de inzet van zwaardere jeugdhulp onnodig maken. Voorbeelden hiervan zijn een stevigere inzet van sociale netwerken rond jeugdigen en gezinnen en het jeugd- en jongerenwerk.
Ook de te maken en gemaakte afspraken en het realiseren van de doelen van de Hervormingsagenda hebben onze aandacht. Dit traject is geen louter financiële, organisatorische of technische operatie – het is ons allen te doen om het welzijn van de kinderen en jongeren in onze regio’s. Daarom werken we aan andere aspecten van het nieuwe stelsel, zoals de toegang, sturing, monitoring, samenwerking met het onderwijs, verminderen van wachttijden en het verder versterken van de samenwerking van gemeenten met consortia. Wat dat laatste betreft: het strategische partnerschap draagt bij aan een robuust stelsel van effectieve, efficiënte en warme jeugdhulp. Zoals eerder door u gevraagd, blijven we u informeren over onze vorderingen met betrekking tot het uitvoeringsprogramma. Dat zullen we doen aan de hand van de al genoemde kpi’s, die worden verwerkt in de producten van de bestaande bestuurlijke cyclus. In de loop van dit jaar komt er voor raadsleden een regionale bijeenkomst, die we samen met consortia organiseren. Als daar aanleiding toe is, informeren we u ook over andere aspecten. Het college van burgemeester en wethouders, de secretaris
de burgemeester
Kenmerk: 2024/108384
5/5
Informatienota
Onderwerp Terugblik Zandvoorts Preventiemodel 2023 en vooruitblik 2024 Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernboodschap
2024/130187 Carree, L. 1.2. Sociale Basis JOS I. Smit 06-39290069 ijsmit@haarlem.nl Het Zandvoorts Preventiemodel (ZPM), gericht op het creëren van een positieve leefomgeving zónder middelengebruik, boekte het afgelopen jaar verscheidene successen op zes leefgebieden van jongeren (jeugd en gezin, gezondheid, onderwijs, veiligheid, sport en activiteiten, cultuur). Een groot deel van het budget vanuit ZPM is naar extra inzet van jongerenwerk Pluspunt gegaan, om aanzienlijk meer jongeren te kunnen bereiken en meer activiteiten neer te kunnen zetten. Daarnaast is een aantal subsidiepartners van de gemeente Zandvoort verruimd of toegevoegd aan het aanbod van Zandvoort, zoals Buurtgezinnen, STAD en PerMens. Het onderlinge contact tussen de verschillende organisaties die zich bezighouden met jeugd is uitgebreid middels een gezamenlijke overlegstructuur, om zo verbinding te zoeken en elkaar te versterken. Ook wordt met het extra budget de Kinderkrant uitgegeven in Zandvoort, en wordt er onder andere ingezet op het thema weerbaarheid door middel van voorlichtingen in het onderwijs. Het ZPM wordt breed uitgedragen door de partners en binnen de verschillende domeinen.
Met de uitvoering van een nalevingsonderzoek NIX18 en een verdiepend, kwalitatief onderzoek van de GGD, wil de gemeente in 2024 gerichter in te kunnen zetten op de problematiek rondom middelengebruik onder jongeren die in Zandvoort speelt.
Behandelvoorstel voor commissie Relevante eerdere besluiten
Het college stuurt de informatienota ter kennisname naar de gemeenteraad.
RIB Stand van zaken IJslands preventiemodel jeugd, B&W van 29 maart 2022 (2022/54952) RIB IJslandsmodel in Zandvoort. B&W van 4 oktober 2022 (2022/1194999) RIB Plan van Aanpak IJslands Preventie Model in Zandvoort. B&W van 31 januari 2023 (2023/54139)
Kenmerk: 2024/130187
1/9
Besluit College d.d. 6 februari 2024
Het college van burgemeester en wethouders Besluit: 1. De Informatienota aan de raad vast te stellen. de secretaris,
de burgemeester,
Inleiding Sinds 2023 is er in de begroting een budget vastgesteld voor de uitvoering van het Zandvoorts Preventiemodel. In deze informatienota wordt u geïnformeerd over de voortgang in het eerste jaar en een vooruitblik op de komende periode. Het Zandvoorts Preventiemodel (ZPM) is een primaire preventieaanpak gebaseerd op het IJslands Preventiemodel. Met dit model streven we naar het creëren van een positieve leefomgeving waarin kinderen en jongeren gezond, veilig en kansrijk kunnen opgroeien zonder middelengebruik. Na een geslaagde kick-off in Q1 2023 is er gelijk actie ondernomen in de uitvoering. De leefwereld van een jongere kan, volgens het IJslands Preventiemodel of OKO-model (Opgroeien in een Kansrijke Omgeving), worden ingedeeld in vier pijlers: gezin, peergroep, school en vrije tijd. In het Zandvoortse model is hier een eigen draai aan gegeven, waarbij er ook een primaire plek is gegeven aan veiligheid, gezondheid en cultuur. In de afbeelding hier onder is dit weergegeven. De peergroep is in het Zandvoortse model verweven met de rest van de pijlers. Het afgelopen jaar zijn deze leefwerelden met elkaar verbonden en is er ingezet op positieve interventies om risicogedrag te signaleren en te voorkomen.
Binnen de pijlers staat het jeugdbeleid centraal (ook met betrekking tot de financiën vanuit het ZPM), maar dit sluit aan op de gemeentelijke beleidsterreinen van veiligheid, gezondheid, cultuur, sport en de openbare ruimte. In deze informatienota wordt per pijler aangegeven welke interventies er zijn ingezet vanaf januari 2023 en wat de doelen zijn voor de komende periode.
Kenmerk: 2024/130187
2/9
2. Kernboodschap Jeugd en gezin Emotionele support van de ouders is een belangrijke pijler binnen het thema Jeugd & gezin. Met een sterk verband tussen een veilige thuissituatie en verlaagd risicogedrag is er het afgelopen jaar ingezet op bewustwording en buurtparticipatie. Vanuit Pluspunt is door het jongerenwerk niet alleen gekeken naar de leefwereld van het kind, maar tevens naar het gedrag van de ouders. Er wordt gekeken om op wijkniveau (ouder)ambassadeurs van het ZPM te werven. Tevens is het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) meegenomen in het model, waardoor zij dezelfde waarden uitdragen binnen hun interventies. Binnen het CJG wordt de komende tijd gekeken naar een vraaggericht aanbod binnen hun training- en workshopaanbod voor kinderen én hun ouders. Buurtgezinnen is een gemeentelijke partner in Zandvoort en koppelt steun- en vraaggezinnen aan elkaar om zo op een laagdrempelige manier hulp te bieden aan gezinnen die een extra steuntje in de rug kunnen gebruiken. In 2023 is er met de extra investering een coördinator voor vijf uur per week aangewezen in Zandvoort om nieuwe koppelingen te maken. Als resultaat zijn er in 2023 vijf koppelingen gemaakt. Voor 2024 is het doel om zes nieuwe koppelingen tot stand te brengen en daarnaast de koppelingen van 2023 te onderhouden.
De komende periode streeft de gemeente Zandvoort naar een verdieping binnen deze pijler, en dan met name het onderdeel ‘ouderbetrokkenheid’. Dit wil de gemeente bewerkstelligen door meer ouders te bereiken op plekken waar zij al aanwezig zijn, zoals sportclubs en schoolbijeenkomsten. Hierdoor wordt getracht een cultuurverandering en bewustwording teweeg te brengen. De hoeveelheid tijd die wordt doorgebracht met de ouders en, bijvoorbeeld, niet laat buiten zijn, spelen een grote rol bij het verminderen van risicogedrag dat later kan resulteren in middelengebruik. De vier subsidiepartners Pluspunt, PerMens, STAD en Buurtgezinnen willen het komende jaar ouders bereiken door successen te delen in de Zandvoortse courant. Hier worden veel Zandvoortse ouders mee bereikt. Door Buurtgezinnen wordt gestimuleerd dat gezinnen elkaar meer helpen bij het opvoeden van hun kinderen. In 2024 zullen er door Villa Pinedo twee ouderavonden plaatsvinden over omgaan met scheidingen. In 2023 is geprobeerd een anonieme, online ouderavond te organiseren door Brijder en Halt over alcoholgebruik en vuurwerkgebruik rond de feestdagen. Hier was echter zeer weinig animo voor. In 2024 is het dan ook belangrijk om te kijken hoe we ouders nog beter kunnen bereiken rondom deze thematiek. Wat betreft een verdieping in 2024 rond het onderwerp ‘jeugd’ specifiek, zal er worden ingezet op meer jeugdparticipatie.
Er is een apart plan geschreven om de bestaande leerlingenraden op de basisscholen in te zetten als jeugdraden voor onderwerpen die zowel jongeren als de gemeente Zandvoort belangrijk vinden. Deze onderwerpen gaan bijvoorbeeld over bestaande of nieuwe speelplekken, ontmoetingsplekken en activiteiten voor jongeren. Het plan wordt momenteel getoetst bij de basisscholen.
Kenmerk: 2024/130187
3/9
Peergroep Peers hebben geen eigen pijler binnen het ZPM, maar zijn verweven binnen de overige pijlers. Kinderen en jongeren worden sterk beïnvloed door hun omgeving en daarmee ook door hun peergroep, of vrienden. Door de toename van online activiteiten heeft deze groep een grotere invloed dan ooit. De sociale partners binnen het jeugddomein zijn zich hier ook van bewust. Daarom heeft de gemeente ingezet op onderlinge verbinding en bewustwording. Het onderlinge contact tussen school, Sportservice, jongerenwerk en CJG is uitgebreid. Door regelmatig bij elkaar te komen kennen hulpverleners elkaar beter en is er een goed overzicht van de sociale kringen waarbinnen de jeugd zich bevindt. Zo zijn er sessies georganiseerd waar de GGD hun gezondheidsonderzoek kwam presenteren voor draagvlak onder de partners, heeft Brijder een gezamenlijke training uitgevoerd en kunnen de organisaties zelf ook bespreekpunten indienen op de agenda. Door de invoering van een preventie-overleg tussen Pluspunt, PerMens en het CJG kunnen jongerenwerkers beter afstemming zoeken met elkaar om zo escalatie binnen groepen te voorkomen. Deze preventie-overleggen vinden één keer in de zes weken plaats. Vanaf 2024 hangt hier ook een convenant aan ten grondslag.
Tevens is er door middel van de extra subsidie uitbreiding gekomen in het aanbod van jongerenwerk, om de jeugd zo op een positieve manier met elkaar te verbinden. Afgelopen jaar zijn daarmee veel jongeren bereikt die nog niet eerder in beeld waren. Met het extra budget voor Pluspunt konden zij vanaf 2023 inzetten op jongerenwerk op school (zie ook pijler onderwijs). Daarnaast heeft Pluspunt sinds het afgelopen jaar ingezet op ‘Jongerenwerk Plus’. Het Jongerenwerk Plus ondersteunt kinderen en jongeren en/-of ouders individueel (bij lichte hulpvragen), om te zorgen dat ze niet onder de radar verdwijnen. Dit faciliteert Pluspunt ook in de avonduren. Ervaring deelnemer Jongerenwerk Plus “Jongerenwerk+ is een super goed initiatief. Ik denk dat er veel jongeren boven de 18 toch af en toe nog wel peinzen met dingen waar ze liever niet over of kunnen praten. Door middel van Jongerenwerk gaan ze toch wat opener staan, denk ik. Het is veel vrijer dan een psycholoog. Ik denk dat in de buitenlucht een goede wandeling maken en een beetje praten en zeer goede combinatie is. Ook de manier waarop gepraat wordt is heel interessant voor iedereen. Ze laten je zelf echt nadenken in plaats van dat zij allemaal dingen zeggen. Dit is fijn omdat je dan dus ook wellicht een andere kant van het verhaal zelf inziet.
Ik denk dat Jongerenwerk+ een heel goed project is en denk dat het zeker moet blijven.” - X, 19 jaar. Hiernaast zet Pluspunt extra in op ouderparticipatie en sociale cohesie in de wijk. Projecten vanuit buurtparticipatie zijn onder andere het buurtfeest en de Iftar. Tot slot is er vanaf 2023 extra ingezet op het kinder- en jongerenwerk, en de bijkomende activiteiten, zoals de standaard ‘club’-dagen met Chill Mee (groep 4, 5 en 6), Chill Out (groep 7 en 8) en het jeugdhonk (middelbare school leerlingen). Voorbeelden van activiteiten en projecten zijn het Pride-project, surf-project, Young Leaders, het