Collegebesluiten 11 november - 15 december 2025
Tekst van het document
Collegebesluiten tussen 11 november - 15 december 2025 Document
Collegebesluit Gegevensdeling in het sociaal domein
Titel
Collegebesluit Gegevensdeling in het sociaal domein
Besluit B&W
11-11-2025
Document
Collegebesluit Jaarverslag 2024-2025 GR Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten ZKL en IJmond
Titel
Collegebesluit Jaarverslag 2024-2025 GR Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten ZKL IJmond
Besluit B&W
11-11-2025
Document
Collegebesluit Gemeentelijk afwegingskader verduurzaming erfgoed Zandvoort 2025
Titel
Collegebesluit Gemeentelijk afwegingskader verduurzaming erfgoed Zandvoort 2025
Besluit B&W
11-11-2025
Document
Collegebesluit Start Wonen Eerst in Zandvoort
Titel
Collegebesluit Start Wonen Eerst in Zandvoort
Besluit B&W
18-11-2025
Document
Collegebesluit Tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek Zandvoort 2025, 2026 en 2027
Titel
Collegebesluit Tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek Zandvoort 2025, 2026 en 2027
Besluit B&W
18-11-2025
Document
Collegebesluit Samenwerkingsconvenant Arbeidsmarktregio ZuidKennemerland en IJmond
Titel
Collegebesluit Samenwerkingsconvenant Arbeidsmarktregio ZuidKennemerland en IJmond
Besluit B&W
25-11-2025
Document
Collegebesluit Verlenging Uitvoeringsagenda Woonakkoord ZuidKennemerland en IJmond en nieuwe Regionale Woonagenda
Titel
Collegebesluit Verlenging Uitvoeringsagenda Woonakkoord ZuidKennemerland en IJmond en nieuwe Regionale Woonagenda
Besluit B&W
25-11-2025
Document
Collegebesluit Subsidieregeling Vergroenen en klimaatadaptatie Zandvoort 2026-2029
Titel
Collegebesluit Subsidieregeling Vergroenen en klimaatadaptatie Zandvoort 2026-2029
Besluit B&W
25-11-2025
Document
Collegebesluit Voorstellen (her)benoemingen en regelen bezoldiging ROMInWest en InWest Regio
Titel
Collegebesluit Voorstellen (her)benoemingen en regelen bezoldiging ROMInWest en InWest Regio
Besluit B&W
25-11-2025
Document
Collegebesluit Vaststellen prestatieplan Centrum voor Jeugd en Gezin 2026
Titel
Collegebesluit Vaststellen prestatieplan Centrum voor Jeugd en Gezin 2026
Besluit B&W
02-12-2025
Document
Collegebesluit Samenwerkingsagenda Zuid-Kennemerland - Noord-Holland
Titel
Collegebesluit Samenwerkingsagenda Zuid-Kennemerland - Noord-Holland
Besluit B&W
09-12-2025
Document
Collegebesluit Uitgangspunten GR Omgevingsdienst IJmond 2027
Titel
Collegebesluit Uitgangspunten GR Omgevingsdienst IJmond 2027
Besluit B&W
09-12-2025
Document
Collegebesluit Instemmen met toetreding van Utrecht en Nieuwegein tot HVC
Titel
Collegebesluit Instemmen met toetreding van Utrecht en Nieuwegein tot HVC
Besluit B&W
09-12-2025
Document
Collegebesluit Aanpassing regelgeving toeristische verhuur verblijfsaccommodaties gemeente Zandvoort
Titel
Collegebesluit Aanpassing regelgeving toeristische verhuur verblijfsaccommodaties
Besluit B&W
09-12-2025
Collegebesluit
Onderwerp Gegevensdeling in het sociaal domein Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernboodschap
2025/748991 Bluijs, G.J. 1.3 Sociale Basis PG Empel, C. van
Behandelvoorstel voor de raad
Het college stuurt dit besluit ter informatie naar de gemeenteraad.
Relevante eerdere besluiten Besluit College d.d. 11 november 2025
Niet van toepassing
cvanempel@haarlem.nl Zandvoort heeft de afgelopen jaren al veel geïnvesteerd in het integraal werken vanuit het perspectief van de inwoner. En de meeste inwoners met een hulpvraag kunnen dan ook goed geholpen worden. Om ook inwoners met meervoudige problemen beter en sneller te kunnen helpen wil het college duidelijkheid scheppen rond gegevensdeling tussen de gemeentelijke afdelingen binnen het sociaal domein. Uiteraard met waarborging van hun privacy. Met dit besluit zijn er duidelijke uitgangspunten voor het rechtmatig en zorgvuldig delen van gegevens. De gemeente werkt deze vervolgens intern uit in werkprocessen en instructies.
Het college van burgemeester en wethouders Besluit: 1. De uitgangspunten voor gegevensdeling in het sociaal domein zoals geformuleerd in dit collegebesluit vast te stellen. de secretaris,
Kenmerk: 2025/748991
de burgemeester,
1/4
1. Aanleiding Om inwoners in een kwetsbare positie goed te kunnen ondersteunen is het uitgangspunt om zoveel mogelijk integraal en vanuit het perspectief van de inwoner te werken. Daar is de afgelopen jaren binnen de gemeente Zandvoort al veel in geïnvesteerd, o.a. door het werken met de Omgekeerde Toets1 en het Oliemannetjesoverleg2. Doel van het integraal werken is om inwoners passender en sneller te helpen. Het grootste deel van de inwoners met een hulpvraag kan op deze wijze goed ondersteund worden. Voor mensen met meervoudige problematiek is het toch vaak lastig om passende hulp te vinden, zoals ook wordt vastgesteld in een recent rapport van het SCP.3 Landelijke regelgeving en het werken met verschillende registratiesystemen maken een integrale aanpak lastig. Enerzijds is de opdracht om binnen het gemeentelijk sociaal domein integraal te werken, anderzijds maakt het werken vanuit verschillende wetten voor Participatie, Schuldhulpverlening, Wmo en Jeugdzorg het delen van gegevens lastig. Medewerkers voelen zich beperkt omdat het onduidelijk is hoe de wetgeving met betrekking tot gegevensdeling en privacy geïnterpreteerd kan worden. Ze zijn terughoudend met onderlinge afstemming en het delen van gegevens omdat ze denken dat dit niet mag. Dit knelpunt is ook landelijk gesignaleerd en was het startpunt voor de Wet Aanpak Meervoudige problematiek Sociaal domein (Wams).
Doel van deze wet is knelpunten wegnemen bij gegevensuitwisseling en de aanpak van meervoudige problematiek. Mede dankzij de verschillende kabinetswisselingen is het echter nog onduidelijk of en wanneer de Wams in zal gaan. Het college wil inwoners zo goed en breed mogelijk ondersteunen en proactief wijzen op mogelijke ondersteuning. En wil dat daartoe de benodigde gegevens binnen de betrokken afdelingen van de gemeente gedeeld worden als dat helpend is voor de inwoner en als voldaan wordt aan de geformuleerde uitgangspunten en (wettelijke) kaders. De huidige wetgeving biedt ruimte om de interne gegevensdeling op deze manier te organiseren; de Wams heeft vooral toegevoegde waarde voor de gegevensuitwisseling in het zorg- en veiligheidsdomein. Omdat nog niet duidelijk is of en wanneer de Wams zijn intrede zal doen, wil het college in de geest van de wet Wams alvast duidelijkheid scheppen over de mogelijkheid van gegevensdeling binnen de vier wetten van het sociaal domein. Het college wil met dit collegebesluit bewerkstelligen dat inwoners volledig en passend geholpen kunnen worden. Het wil voorkomen dat medewerkers geen zicht hebben op wat er verder speelt, dat inwoners steeds opnieuw hun verhaal moeten doen en dezelfde gegevens meermaals moeten aanleveren. Kortom ervoor zorgen dat mensen zich gehoord en geholpen voelen.
1
‘Integraal samenwerken? Met de Omgekeerde Toets® bereik je meer’ | Stimulansz Het Oliemannetjesoverleg is een intern casuïstiekoverleg binnen het sociaal domein 3 Zie ook het recent verschenen rapport: Analyse van knelpunten bij de ondersteuning van mensen met meervoudige problemen | Publicatie | Sociaal en Cultureel Planbureau 2
Kenmerk: 2025/748991
2/4
2. Beoogd resultaat Doel van dit collegebesluit is om de uitgangspunten vast te stellen voor gegevensdelen tussen de verschillende afdelingen van het sociaal domein binnen de gemeente. Zodat: • • •
Inwoners beter en sneller passende ondersteuning krijgen, met behoud van privacy; Proactieve dienstverlening mogelijk gemaakt wordt, waarbij inwoners actief worden gewezen op, of doorverwezen naar mogelijke ondersteuning; Professionals duidelijke richtlijnen hebben voor rechtmatig gegevensdelen.
3. Onderbouwing voorstel 1) Het voorstel past binnen de leidende principes die zijn geformuleerd voor het sociaal domein: • Werken vanuit het perspectief van de burger; • De kracht van het dorp; • Samenhangende aanpak zonder schotten en kolommen; • Samenwerken met alle betrokkenen met respect voor ieders rol en belang; • Ondersteunen van doelmatige inzet van ondersteuning en kostenbewustzijn 2) De uitgangspunten voor een gecoördineerde en zorgvuldige gegevensdeling zijn: • Vraagverkenning Uitgangpunt is de hulpvraag van de inwoner; samen met de inwoner wordt de hulpvraag en de samenhang met andere hulpvragen verkend. • Noodzaak tot samenwerking Gegevensdeling vindt plaats als de problematiek zodanig is dat deze alleen in samenhang goed opgepakt kan worden. • Samenspraak met de inwoner Gegevensdeling vindt plaats in afstemming met de inwoner. Als de inwoner niet wil dat gegevens gedeeld worden ten behoeve van een gecoördineerde aanpak gebeurt dit niet. • Er is een juridische grondslag De juridische grondslag volgt uit de eigen (wettelijke) taak om gegevens uit te wisselen én de inhoudelijke noodzaak om vanuit die taak bij te dragen aan een gecoördineerde aanpak. • Zorgvuldigheid Zorgvuldigheid wordt georganiseerd door duidelijke afwegingsmomenten in het werkproces in te bouwen en duidelijke afspraken bij de uitvoering.
3) De implementatie kenmerkt zich door heldere werkprocessen, bewustwording en reflectie De bovenstaande uitgangspunten worden uitgewerkt in heldere werkprocessen en duidelijke werkinstructies en afspraken bij de uitvoering met daarin als belangrijke elementen: • Gefaseerd werkproces De privacy risico’s worden beperkt door een gefaseerd werkproces, waarbij steeds per fase bepaald wordt welke gegevens met wie gedeeld worden.
Kenmerk: 2025/748991
3/4
•
•
•
•
• •
Noodzakelijke gegevens Alleen de gegevens die nodig zijn voor een gecoördineerde aanpak worden gedeeld, niet de achterliggende dossiers. Noodzakelijke betrokkenen De gegevens worden alleen gedeeld met de afdelingen/medewerkers die vanuit hun taak in die fase van het proces een bijdrage te leveren hebben aan de gecoördineerde aanpak. Transparantie De inwoner wordt geïnformeerd over de werkwijze en betrokken bij de stappen die genomen worden. Respect voor de inwoner Medewerkers werken met respect voor de inwoner en met oog voor diens situatie en belang. Ondersteunende systemen De systemen ondersteunen een rechtmatige en zorgvuldige gegevensdeling Bewustwording in de organisatie De uitgangspunten en werkwijze worden actief geïmplementeerd, met aandacht voor bewustwording en inbedding in werk en uitvoering. Hierbij zijn een goede communicatie naar de medewerkers en sturing vanuit directie en management belangrijk.
4. Risico’s Aangezien het hier om persoonlijke gegevens van inwoners gaat is er extra aandacht nodig voor een heldere communicatie over de werkwijze en transparantie bij de dienstverlening en de wijze waarop de gemeente met persoonlijke gegevens omgaat. 5. Consequenties en uitvoering 5.1 Financiën Geen extra kosten, uitvoering binnen bestaande middelen 5.2 Communicatie Interne communicatie: inzet op bewustwording en reflectie door professionals (trainingen, duidelijk vastgelegde en toegankelijke informatie over de werkprocessen) Externe communicatie: heldere informatie gericht op de doelgroep 5.3 Participatie Het inwonerperspectief staat centraal, zowel bij de uitvoering als in de communicatie 5.4 Juridisch Wmo, Jeugdwet, Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, Participatiewet, AVG, en in de toekomst mogelijk de Wams. 5.5 Planning Vaststelling in 4e kwartaal 2025, implementatie in 2026.
Kenmerk: 2025/748991
4/4
Informatienota
Onderwerp Jaarverslag 2024-2025 GR schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten (VSV) van de Doorstroompuntregio Zuid-Kennemerland en IJmond (ZKIJ) Nummer 2025/657421 Portefeuillehouder Carree, L. Programma/beleidsveld 1.1. Onderwijs Afdeling JOS Auteur Meer, J. van der; Kniese, Y. Telefoonnummer 0614370111 Email jmeer@haarlem.nl In het Jaarverslag 2024-2025 GR schoolverzuim en voortijdig schoolverzuim (VSV) Kernboodschap van de Doorstroompuntregio Zuid-Kennemerland en IJmond is opgenomen dat het overgrote deel van de jongeren goed functioneert binnen het onderwijs, maar er ook een groeiende groep is die extra begeleiding nodig heeft vanwege complexe persoonlijke of gezinsproblematiek. Binnen deze groep is er een toename van het verlenen van vrijstellingen wegens psychische of lichamelijke omstandigheden, (on)geoorloofd verzuim, het aantal thuiszitters en het aantal voortijdig schoolverlaten en jongeren in kwetsbare posities. Het jaarverslag laat ook zien dat de regionale samenwerking via het Leerplein continu wordt versterkt. Er is extra inzet op vroeg signalering via preventieve spreekuren op scholen. Hierdoor worden verzuimproblemen sneller gesignaleerd en langdurig thuiszitten meer voorkomen. Daarnaast presteert de regio boven het landelijke gemiddelde bij het terugdringen van het aantal voortijdig schoolverlaters.
Zoals in het jaarverslag te lezen is, is het van belang een gezamenlijke en preventieve aanpak van verzuim, van thuiszitten en van voortijdig schoolverlaten uit te voeren en jongeren te ondersteunen bij het behalen van een start-of beroepskwalificatie. De komende periode ligt de nadruk op verdere versterking van deze aanpak en op de voorbereiding van nieuwe landelijke wetgeving, waaronder de Wet van school naar duurzaam werk en de Wet verzuim/schoolaanwezigheid. Behandelvoorstel voor Het college stuurt de informatienota ter kennisname naar de raad. de raad Relevante eerdere Meerjarenbeleidsplan 2023 t/m 2026 ”Kansen bieden aan jongeren” in college besluiten van 24 januari 2023. Besluit college 1. De Informatienota aan de raad vast te stellen. d.d. 11 november 2025 de secretaris, de burgemeester,
Kenmerk: 2025/657421
1/7
1.Aanleiding De gemeente Zandvoort heeft diverse taken in het kader van de uitvoering van leerplicht en doorstroompunt. Sinds 1 januari 2014 is sprake van een Gemeenschappelijke Regeling (GR) schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten(VSV) voor de regio Zuid-Kennemerland en IJmond. Het bestuur wordt gevormd door de portefeuillehouders onderwijs uit de zeven regio gemeenten. De uitvoering vindt plaats door het Regionale bureau(RBL) Leerplein. Het GR bestuur brengt verslag uit over het uitgevoerde beleid en heeft het jaarverslag 2024-2025 vastgesteld op 2 oktober 2025. Het jaarverslag wordt ter informatie aangeboden aan de colleges van B&W en de raadscommissies van de regiogemeenten. Met de rapportage in het Jaarverslag wordt de uitvoering van het Meerjarenbeleidsplan gemonitord en daar waar nodig het beleid en de uitvoering bijgesteld Met veel jongeren gaat het goed in het onderwijs: slechts een beperkt aantal jongeren heeft extra begeleiding nodig om een diploma (startkwalificatie= minimaal Havo of MBO 2 diploma) of een certificaat te behalen, dit zijn de voortijdig schoolverlaters en jongeren in kwetsbare positie. Voor de groep is specifiek beleid noodzakelijk. Ook is specifiek beleid noodzakelijk om te voorkomen dat jongeren gaan verzuimen(stimuleren schoolaanwezigheid) of thuis komen te zitten.
Acties worden structureel voortgezet op de aanpak verzuim/schoolaanwezigheid door extra voorlichtingsactiviteiten op de scholen op basis van een regionale handreiking schoolverzuim/schoolaanwezigheid. In het schooljaar 2024-2025 is een start gemaakt met de evaluatie van het regionaal thuiszitterspact en regionaal convenant schoolverzuim. In het najaar 2025 wordt de gezamenlijke evaluatie met de partners afgerond met een aantal aanbevelingen. Verder moet de aanpak (on)geoorloofd thuiszitters en verzuimers op grond van verwachte wetgeving per 1 augustus 2026 nader worden uitgewerkt, met name ook voor wat betreft de rol leerplicht. Ook de regionale aanpak bestrijding voortijdig schoolverlaten(VSV) en de aansluiting naar arbeid op basis van de Wet “van school naar duurzaam werk” die per 1 januari 2026 wordt ingevoerd, is nader uitgewerkt. Hierin is schoolaanwezigheid eveneens een thema net als de aanpak van jongeren met meervoudige problematiek. De laatstgenoemde huidige regeling van aanpak bestrijding voortijdig schoolverlaten 2024 is door wetgeving verlengd over het kalenderjaar 2025. Voor 2026-2029 wordt opnieuw een aanvraag voor aanvullende maatregelen regionaal programma ingediend bij het ministerie OCW.
Cijfers vrijstellingen, verzuim, thuiszitters en voortijdig schoolverlaters fluctueren : in vergelijking met schooljaar 2018-2019 (peiljaar voor de corona situatie) en het schooljaar 2023-2024 is de trend dat de aantallen over het algemeen stijgen. Complexe (gezins)problematiek blijft één van de oorzaken waarom jongeren uitvallen. De steeds ingewikkelder wordende samenleving, de prestatiedruk die door jongeren wordt ervaren en toenemende onveilige situaties veroorzaken mede dat jongeren eerder thuis komen te zitten of uitvallen van school.
Kenmerk: 2025/657421
2/7
2.Toelichting Er wordt gerapporteerd over de uitvoering van het Meerjarenbeleidsplan “Kansen bieden aan jongeren 2023 t/m 2026” van de RMC (Regionale Meld- en Coördinatie functie)regio ZuidKennemerland en IJmond. Hieronder zijn de belangrijkste resultaten samengevat. 2.2. Vrijstellingen Er zijn verschillende vrijstellingen op grond van de Leerplichtwet, namelijk: -vanwege lichamelijke of psychische gronden (artikel 5 sub a) -vanwege bedenkingen tegen de richting van de school (artikel 5 sub b) -vanwege inschrijving bij een school in het buitenland (artikel 5 sub c) En er zijn de volgende vormen van vervangende leerplicht/vrijstelling: -als een jongere 14 jaar wordt en niet geschikt is voor volledig dagonderwijs kan er vervangende leerplicht worden aangevraagd (artikel 3a en 3b) -voor kwalificatieplichtige jongeren(16-17 jarigen) is er een vrijstelling vanwege het volgen van een andere vorm van onderwijs (artikel 15). Resultaten Het aantal vrijstellingen opnieuw gestegen van totaal 319 in schooljaar 2023-2024 naar 362 in 20242025. In 2018-2019(regulier peiljaar) was er sprake van 149 vrijstellingen.
Dit komt met name door enerzijds psychische of lichamelijke omstandigheden bij jongeren in de steeds complexere samenleving, waardoor zij vaker niet naar school kunnen gaan (vrijstelling artikel 5 onder a) en anderzijds het volgen van een opleiding in het buitenland (vrijstelling artikel 5 onder c). Er is een daling (20%) is van het aantal situaties vervangende leerplicht (artikel 3a en 3b Leerplichtwet). Er is een stijging is (artikel 15) van het aantal 16/17 jarigen, die op een andere wijze onderwijs volgen (bijv. bedrijfsopleiding). De trend is dus het oplopen van het aantal vrijstellingen van met name artikel 5 onder a. Dit is een landelijk beeld. Zie de infographic op pagina 10 van het Jaarverslag. 2.3.Totale verzuimaanpak Er zijn verschillende soorten verzuim: Bij absoluut verzuim (zonder startkwalificatie) is een jongere niet ingeschreven op een school. In geval van luxe verzuim is er sprake van spijbelen rond de vakantieperiodes. Ongeoorloofd verzuim wil zeggen dat een jongere zonder geldige reden minimaal 16 uur in vier weken niet op school (les- of praktijktijd) aanwezig is. Dit verzuim heet relatief en kan zorgwekkend zijn. Daarnaast is er ook absoluut verzuim en dan is een leerplichtige jongere niet ingeschreven op school. De scholen moeten ongeoorloofd verzuim melden bij de regio. Overig verzuim is verzuim van minder dan 16 uur in vier weken (preventieve aanpak).
Naast het ongeoorloofd verzuim is ook sprake van zgn. geoorloofd verzuim. Dit verzuim wordt geregistreerd door de scholen en mag tot op heden niet worden gemeld aan de regio. Hierbij kan ook sprake zijn van vermoedelijk ongeoorloofd verzuim. Dit wordt door leerplicht in de aanpak met de partners (school, JGZ/GGD, CJG e.d.) beoordeeld.
Kenmerk: 2025/657421
3/7
Resultaten Er is een lichte stijging is van het totaal aantal meldingen ongeoorloofd verzuim, terwijl het luxe verzuim nagenoeg gelijk is gebleven. Het overig verzuim(m.n. preventieve spreekuurgesprekken) is in totaliteit enigszins toegenomen(18toegenomen en 18+ afgenomen). Totaal is er in de regio Zuid Kennemerland en IJmond over het schooljaar 2024-2025 in 960 situaties sprake van ongeoorloofd verzuim, zie de infographic op pagina 11 van het Jaarverslag. Het betreft de verzuimmeldingen 18- en 18 + van Zuid-Kennemerland(ZK) en de 18+ verzuimmeldingen van Zuid-Kennemerland en IJmond (ZKIJ). In schooljaar 2023-2024 was er sprake van 930 verzuimmeldingen, een lichte stijging dus. In 571 situaties zijn preventieve spreekuren (valt onder overig verzuim) uitgevoerd, zie pagina 12 infographic Jaarverslag. De regio hanteert namelijk een preventieve aanpak door het uitvoeren van gesprekken op de scholen, indien er minder dan 16 uren in vier weken wordt verzuimd. Hierbij is het aantal meldingen opgenomen en kunnen jongeren dus meerdere keren voorkomen in de aantallen, als zij meermaals hebben verzuimd. In het schooljaar 2024-2025 was daarmee in totaliteit sprake van 1531 (960 + 571) verzuimmeldingen. In 2023-2024 was er sprake van 1778 meldingen. In totaliteit is er dus een daling van het totaal aantal t.o.v. vorig schooljaar, inclusief de preventieve gesprekken.
Dit komt vooral doordat er voor 18+ jongeren minder preventieve gesprekken konden worden gevoerd bij het MBO. Over 2018-2019 was er sprake van 1498 verzuimmeldingen. De trend is dus dat ook het aantal verzuimmeldingen de laatste jaren (na de coronaperiode) weer toeneemt. 2.4.Thuiszitters-aanpak Een thuiszittende jongere is een leer- of kwalificatieplichtige jongere die is ingeschreven op een school en deze school ongeoorloofd 4 weken of langer niet bezoekt Onder de groep thuiszitters is een grote groep jongeren die op het moment van rapporteren (nog) niet staat ingeschreven op een school (absoluut verzuimers). Hieronder vallen ook jongeren die overstappen van VO naar MBO en nog geen officiële inschrijving hebben. Resultaten Het aantal ongeoorloofde thuiszitters is gestegen, met name in Z-Kennemerland. In de regio zijn over 2024-2025 totaal 77 ongeoorloofde thuiszitters geweest in de regio ZuidKennemerland en in IJmond, waarvan 51 langer dan drie maanden. Opgelost zijn in het schooljaar 16 situaties. Oorzaak is ook hier de complexe problematiek en het spoedig beschikbaar zijn van een passend onderwijs-zorg aanbod of het aanbod wordt niet geaccepteerd door ouders/jongere. Zie de infographic op pagina 13. Over 2023-2024 waren dat er totaal 65, waarvan 47 langer dan drie maanden. Over 2018-2019 was er sprake van 72 ongeoorloofde thuiszitters.
Het aantal ongeoorloofde thuiszitters fluctueert, maar is dus opgelopen in vergelijking met vorig schooljaar. Het aantal geoorloofde thuiszitters is ook gestegen zoals ons bekend is uit signalen van de Samenwerkingsverbanden PO en VO en schoolbesturen.
Kenmerk: 2025/657421
4/7
Er wordt zoveel mogelijk maatwerk verricht door de scholen c.q. Samenwerkingsverbanden en CJG en andere partners om voor de leerling een aanbod te regelen in overleg met de regio. Veelal is er sprake van hulpverleningsproblematiek en wordt gezocht naar bijvoorbeeld een onderwijszorgarrangement. Ook wordt hierin het te hanteren escalatiemodel meegenomen. 2.5. Herplaatsingen Doorstroompunt (DSP) jongeren Jongeren van 18-23 jaar(DSP) die geen startkwalificatie(= diploma op minimaal Havo of MBO 2 niveau) hebben worden herplaatst naar verschillende trajecten, zoals scholing, werk of combinaties daarvan. Resultaten Het aantal gemelde Doorstroompunt jongeren is met 100 toegenomen namelijk van 1762 over het schooljaar 2023-2024 naar totaal 1862 over schooljaar 2024-2025. Zie de infographic op pag. 17. Over 2018-2019 waren er 2117 (door ook actieve benadering van de groepen jongeren inclusief de jongeren in kwetsbare posities en uitgevallen jongeren in de schooljaren daarvoor is dit een extra hoog aantal). De trend is dat het aantal jongeren over het algemeen wat stijgt. Jongeren kunnen opnieuw uitvallen en terugkomen bij Leerplein/Doorstroompunt. Deze jongeren moeten gemonitord blijven. Tot slot komen er elk schooljaar nieuwe voortijdig schoolverlaters bij.
Doorstroompunt voert ook een aantal specifieke taken uit: -Stimuleren aanwezigheid op school van 18+ studenten :uitvoeren van preventieve spreekuren en huisbezoeken -Leerwerkmakelaars: voor jongeren die geen leerwerkplek kunnen vinden of die verliezen tijdens hun opleiding - Scholingsadviezen uit voor de doelgroep jongeren van 23 tot 27 jaar, die een uitkering op grond van de Participatiewet aanvragen. -Bij de aanpak Jongeren in Beeld 23-27 jaar in Zuid-Kennemerland worden door het Doorstroompunt in overleg van de afdelingen W&I ook pilots uitgevoerd, dit vooruitlopend op de nieuwe wet “van school naar duurzaam werk”. -In het kader van de uitvoering regulier onderwijs en inburgering wordt door het Doorstroompunt in de regio ZKIJ met alle partners onderwijs en inburgering afgestemd over welke routes voor jongeren (o.a. van de Internationale Schakelklassen/ISK) het meest passend zijn. -daarnaast wordt er samengewerkt voor de dienstverlening van WW-jongeren zonder kwalificaties met het UWV en het WSP (Werkgeversservicepunt), re-integratiepartners, het Leerwerkloket en wordt gewerkt in het Regionaal Werkcentrum.
Vanuit het Leerplein zijn tot slot diverse activiteiten geïnitieerd en deze worden mede uitgevoerd, zoals bijvoorbeeld de mentorenprojecten, leerwerk- en stageprojecten, extra begeleiding aan leerlingen van Internationale Schakelklas (ISK) en van praktijkonderwijs, VSO en MBO 1, trajecten Maatschappelijke Dienst Tijd (MDT). 2.6. Aanvullende aanpak Voortijdig schoolverlaters en jongeren in kwetsbare posities Vanaf januari 2021 is de aanvullende VSV aanpak en de aanpak voor jongeren in kwetsbare posities 2021 t.m.2024 ingevoerd, samen met de schoolbesturen van VO en MBO. Ook is een
Kenmerk: 2025/657421
5/7
maatwerkbudget beschikbaar om complexe en domein overstijgende casuïstiek op te lossen, als geen reguliere financiering aanwezig is. De Doorstroompuntregio heeft de coördinerende functie in deze aanpak. Voortijdig schoolverlaters Een voortijdig schoolverlater is een jongeren tussen 12 en 23 jaar zonder startkwalificatie die niet (meer) ingeschreven staat op een school. Jongeren in kwetsbare posities Een jongere in kwetsbare positie is volgens de wettelijke definitie een jongere die vanuit bepaalde onderwijsposities (praktijkonderwijs, voortgezet speciaal onderwijs, Vmbo basisberoepsgericht of MBO 1) is uitgestroomd of doorgestroomd. De aanvullende vsv maatregelen voor 2023-2024 /2025 zijn: - heroriëntatietrajecten - aanpak aanwezigheid studenten 18+ - de inzet van leerwerkmakelaars - extra begeleiding van en maatwerk aanbod aan jongeren in kwetsbare posities op basis van hun ondersteuningsbehoefte, in het bijzonder bij de overstapmomenten (van onderwijs naar onderwijs of van onderwijs naar werk of dagbesteding) - extra inzet op maatregelen VO en Internationale Schakelklas (ISK) - een plusvoorziening op het MBO Resultaten Over 2023-2024 (de meest recente, voorlopige landelijke officiële cijfers) zijn er 600 nieuwe voortijdig schoolverlaters (vsv-ers) bekend volgens de definitieve cijfers van de rijksoverheid.
Deze vsv-ers vallen onder de doelgroep van het Doorstroompunt/Leerplein. De meeste vsv-ers komen van de MBO’s, zie infographic pag.18. De trend is dat het aantal vsv-ers stijgt, een landelijk beeld. Voortijdig schoolverlaten is een hardnekkig probleem en het aantal vv-ers vertoont schommelingen over de afgelopen jaren en is de afgelopen paar jaren landelijk behoorlijk gestegen tot 30.000; in onze regio was het aantal vsv-ers over 2022-2023 totaal 572, dus nu is er sprake van een lichte stijging. Echter landelijk gezien behoort de regio ZKIJ tot de beste bovenste categorie. Over 20182019 was het aantal vsv-ers 523. Het aantal gemelde jongeren in kwetsbare posities (jikp) dat in beeld is gebracht in 2024-2025 totaal 842. Het aantal gemelde jikp jongeren is met ca. 100 gestegen in vergelijking met 2023-2024 (739). Deze jongeren zijn dikwijls wel aan het werk of nemen deel aan een leerwerktraject of een dagbestedingtraject. Het aantal jikp werd nog niet in 2018-2019 specifiek onderscheiden. Deze jongeren werden als vsv-ers benaderd. Die wetgeving werd pas in de loop van 2019 ingevoerd. De groep jongeren in kwetsbare posities heeft extra intensieve begeleiding nodig naar passende routes. Meer jongeren hebben te maken met complexe problematiek, waarvoor hulpverlening nodig is. Zie infographic pag. 16 Jaarverslag. De trend is dat dit aantal jongeren behoorlijk stijgt.
Ook zijn aanvullende maatregelen deels gezamenlijk met de schoolbesturen getroffen voor deze groep. Anderzijds gaan jongeren vaker ongediplomeerd aan het werk door de gunstige arbeidsmarktsituatie. Over de aanpak van de aanvullende, gezamenlijke maatregelen wordt door de Doorstroompuntregio overeenkomstig de regelgeving met de schoolbesturen separaat gerapporteerd op kalenderjaren.
Kenmerk: 2025/657421
6/7
Cijfers Zandvoort Resultaten van de regio zijn uitgesplitst naar gemeente. Vrijstellingen De trend is een stijging van 15 vrijstellingen over 2023-2024 naar 19 vrijstellingen in 2024-2025. Verzuimaanpak Totaal is er in Zandvoort over het schooljaar 2024-2025 in 69 situaties van ongeoorloofd verzuim. In 2023-2024 waren dit 57 meldingen. Het betreft de verzuimmeldingen 18- en 18+ . Daarnaast is er sprake van overig verzuim. Thuiszittersaanpak In Zandvoort zijn over 2024-2025 totaal 3 ongeoorloofde thuiszitters geweest, alle langer dan drie maanden. Over 2023-2024 waren er 4 ongeoorloofde thuiszitters, een lichte daling dus. Herplaatsingen Doorstroompunt (DSP) jongeren Het aantal gemelde DSP jongeren is iets toegenomen, namelijk van 65 over het schooljaar 2023-2024 naar totaal 67 jongeren over schooljaar 2024-2025. Jongeren in kwetsbare posities Het aantal gemelde jongeren in kwetsbare posities (jikp) dat in beeld is gebracht in 2024-2025 is 23. Het aantal gemelde jikp jongeren is lager dan vorig schooljaar (75), toen waren het veel jongeren. 3.Resultaten en/of consequenties Door de rapportage in het Jaarverslag wordt de uitvoering van het Meerjarenbeleidsplan gemonitord en daar waar nodig wordt het beleid en de uitvoering bijgesteld. 4.Uitvoering en vervolg De uitvoering wordt geïntensiveerd voortgezet op basis van de acties, zoals vermeld in het Meerjarenbeleidsplan 2023 t.m.
2026 van de Doorstroompunt regio Zuid-Kennemerland en IJmond en de aanvullende VSV aanpak 2021 t/m 2024. Ook de wetgeving ”van school naar duurzaam werk” per 1 januari 2026 ingevoerd. Op basis van deze wet is een nieuwe aanvraag vsv aanvullende maatregelen (Regionaal Programma vsv 2026-2029 ) in voorbereiding. Hierover volgt een aparte informatienota. Naar verwachting wordt de wet “verzuim/schoolaanwezigheid” ingevoerd per 1 augustus 2026.De aanpak thuiszitters en schoolaanwezigheid is apart geëvalueerd. 5. Bijlagen -Bijlage I : Jaarverslag 2024-2025 GR Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten (VSV) van de Doorstroompuntregio Zuid-Kennemerland en IJmond -Bijlage II: Jaarverslag 2024-2025 GR Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten (VSV) van de Doorstroompuntregio Zuid-Kennemerland en IJmond, Cijfers per gemeente
Kenmerk: 2025/657421
7/7
Collegebesluit
Onderwerp Gemeentelijk afwegingskader verduurzaming erfgoed - Zandvoort 2025 Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernboodschap
2025/610316 Carree, L. 5.2. Energie ECDW Cornelissen, A. acornelissen@haarlem.nl Zandvoort heeft zich gecommitteerd aan de landelijke doelstelling om klimaatneutraal te zijn in 2050. Omwille daarvan zullen vele panden geïsoleerd en aardgasvrij gemaakt moeten worden. Hieronder vallen ook de ruim 200 gemeentelijke monumenten die Zandvoort rijk is. Erfgoed draagt bij aan een mooie en betekenisvolle leefomgeving, nu en in de toekomst. Het is daarom van belang dat erfgoed bewaard blijft binnen de verduurzamingsslag die gemaakt wordt. Op 1 juli 2025 is daarom het RCE (Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed) afwegingskader verduurzaming erfgoed vastgesteld door het college. In dit afwegingskader zijn echter niet alle gangbare verduurzamingsmaatregelen opgenomen. Om ook over die maatregelen duidelijkheid te geven aan eigenaren en uitvoerders over de wijze waarop de gemeente afwegingen maakt tussen erfgoedwaarden en verduurzaming bij monumenten stelt het college het Zandvoorts afwegingskader verduurzaming erfgoed vast.
Behandelvoorstel voor de raad
Het college stuurt dit besluit in het kader van actieve informatieplicht naar de gemeenteraad.
Relevante eerdere besluiten Besluit college d.d. 11 november 2025
n.v.t. Het college van burgemeester en wethouders besluit: 1. Het Zandvoorts afwegingskader verduurzaming erfgoed (bijlage 1) als uitgangspunt vast te stellen; de secretaris,
Kenmerk: 2025/610316
de burgemeester,
1/3
1. Aanleiding Sinds februari 2025 heeft de gemeente Zandvoort een monumentenloket. Hier kunnen bewoners terecht als ze vragen hebben over de verduurzaming van hun monument. Er bestond echter onduidelijkheid over de wijze waarop de gemeente bij vergunningverlening afwegingen maakt tussen erfgoedwaarden en verduurzaming. Dit zou gevolgen kunnen hebben voor de kwaliteit van het loket. In het Zandvoorts afwegingskader verduurzaming erfgoed worden veel voorkomende duurzaamheidsmaatregelen behandeld. Voor sommige van deze maatregelen worden sneltoetsen geformuleerd. Het afwegingskader geeft zowel het monumentenloket, de monumenteigenaren en de uitvoerende partijen meer duidelijkheid over de wijze waarop de gemeente de afwegingen maakt tussen erfgoedwaarden en verduurzaming en vergemakkelijkt het vergunningsproces. 2. Beoogd resultaat Doelstelling van het Zandvoorts afwegingskader verduurzaming erfgoed is om betrokkenen meer duidelijkheid te geven over de wijze waarop de gemeente afwegingen maakt tussen erfgoedwaarden en verduurzaming voor veel voorkomende duurzaamheidsmaatregelen en het vergunningsproces te vergemakkelijken. 3.
Onderbouwing voorstel 3.1 Met het afwegingskader wordt meer duidelijkheid geven over de wijze waarop de gemeente afwegingen maakt tussen erfgoedwaarden en verduurzaming bij vergunningverlening In het Zandvoorts afwegingskader verduurzaming erfgoed worden veel voorkomende duurzaamheidsmaatregelen behandeld. Het afwegingskader geeft meer duidelijkheid over de wijze waarop de gemeente de afwegingen maakt tussen erfgoedwaarden en verduurzaming. Het gaat dan om maatregelen zoals venster-, gevel, dak- en vloerisolatie, maar ook warmte installaties en zonnepanelen. 3.2. Met het afwegingskader wordt het proces van vergunningverlening makkelijker gemaakt voor bewoners In het Zandvoorts afwegingskader verduurzaming erfgoed staan waar mogelijk sneltoetscriteria geformuleerd voor veel voorkomende duurzaamheidsmaatregelen. Dit zorgt ervoor dat het proces van vergunningverlening voor deze maatregelen sneller verloopt. 3.3. Het afwegingskader geeft het monumentenloket en de adviescomissie omgevingskwaliteit (AOK) handvatten om hun advies op te baseren Met de komst van het Zandvoorts afwegingskader verduurzaming erfgoed heeft het monumentenloket en de AOK een beleidsstuk waar advies over verduurzaming van woningen op gebaseerd kan worden.
Kenmerk: 2025/610316
2/3
4. Risico’s en kanttekeningen 4.1. Kanttekeningen 4.1.1. Erfgoed is niet in Zandvoort belegd Op dit moment is erfgoed niet belegd in de gemeente Zandvoort. Indien er in de toekomst aanpassingen gedaan moeten worden aan het afwegingskader, moeten hiervoor uren gereserveerd worden bij team Erfgoed. 4.1.2. Het vastgestelde afwegingskader verandert het vergunningenproces De nieuwe regels die opgenomen worden in het afwegingskader zorgen voor veranderingen in het proces van vergunningen. De omgevingsdienst IJmond (ODIJ) geeft aan dat deze veranderingen toe te passen zijn binnen de huidige formatie. 4.1.3. Lijst met gemeentelijk erfgoed is (nog) niet compleet Het aantal monumenten en beeldbepalende panden zoals deze in de Zandvoortse bestemmingsplannen zijn geformuleerd komt niet overeen met het aantal monumenten en beeldbepalende panden dat in de welstandsnota genoemd staat. Dit betekent dat de lijst met gemeentelijk erfgoed (nog) niet compleet is. Dit heeft consequenties voor het communiceren over het afwegingskader. 4.1.4. Het afwegingskader is behandeld in de AOK De AOK is positief over het afwegingskader, het biedt hun, zoals ze beschreven in bijlage 2, handvatten om aan te kunnen toetsen. Opmerkingen over de inhoud van het stuk zijn waar nodig overgenomen.
Op basis van bezwaren over de sneltoetscriteria vanuit de commissie is de volgende tekst toegevoegd in het afwegingskader: “Let op: monumenten zijn altijd maatwerk, aan bovenstaande criteria kunnen geen rechten worden ontleend.” 5. Consequenties en uitvoering 5.1. Uitvoering Het overnemen van het Gemeentelijk afwegingskader verduurzaming erfgoed is met de AOK Zandvoort besproken. Zij verzorgen vanuit MOOI Noord-Holland het monumentenloket in Zandvoort. Daarnaast worden de nieuwe regels uit het afwegingskader bij de ODIJ opgenomen. 5.2 Communicatie Via het monumentenloket zal er met monumenteigenaren gecommuniceerd worden over de mogelijkheden tot verduurzaming in hun pand. Daarnaast zullen er, waar mogelijk, brieven gestuurd worden naar monumenteigenaren met informatie over het monumentenloket en de mogelijkheden tot verduurzaming. 6. Bijlagen 1. Zandvoorts afwegingskader verduurzaming erfgoed - 2025 2. Advies AOK Zandvoort 12-08-2025
Kenmerk: 2025/610316
3/3
Collegebesluit
Onderwerp Start Wonen Eerst in Zandvoort Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernboodschap
2025/759233 Bluijs, G.J. 2.3. Opvang, wonen en herstel MO Houtrijve, A.J. van 06 43 03 56 47 avanhoutrijve@haarlem.nl Wonen eerst is een nieuwe aanpak om dakloosheid te voorkomen en terug te dringen. Mensen die dakloos worden, blijven op dit moment regelmatig jarenlang in de opvang. Dat is niet goed voor hun gezondheid, belemmert hun toekomst en brengt hoge kosten met zich mee. Met de nieuwe aanpak ‘Wonen eerst’ gaan gemeenten, woningcorporaties en zorgaanbieders uit de regio ZuidKennemerland, Haarlemmermeer en de IJmond stevig aan de slag om dakloosheid fors terug te dringen. Hiervoor is het Regionaal Actieplan Dakloosheid opgesteld en daar is Wonen Eerst een belangrijk onderdeel van. Zandvoort start op 1 januari 2026 met Wonen Eerst en werkt hiervoor nauw samen met de regio, Pré Wonen en het wijkteam. Vanuit de woningen die voor Pact voor Uitstroom in Zandvoort beschikbaar worden gesteld (jaarlijks negen), worden in 2026 vier woningen via de Wonen Eerst methodiek toegewezen.
Behandelvoorstel voor de raad
Het college stuurt het collegebesluit ter informatie naar de gemeenteraad.
Relevante eerdere besluiten Besluit college d.d. 18 november 2025
-
Collegebesluit ‘Van Opvang naar Wonen Eerst’, genomen op 26 augustus 2025 (2025/512319). Het college van burgemeester en wethouders besluit: 1. De ‘Tijdelijke urgentieregeling koplopersgroep Actieplan Wonen eerst 2026 Zandvoort’ vast te stellen. 2. In de periode van 1 januari tot en met 31 december 2026 vier woningen uit het Pact voor Uitstroom beschikbaar te stellen voor Wonen Eerst met als doel vier dakloze Zandvoortse huishoudens die volgens de Wmo recht hebben op opvang zo snel mogelijk na dakloosheid te huisvesten. de secretaris,
Kenmerk: 2025/759233
de burgemeester,
1/3
1. Aanleiding Het Nationaal Actieplan Dakloosheid 2023-2030 zet in op een transformatie in de manier waarop Nederland kijkt naar en omgaat met dakloosheid. Het actieplan stelt de ambitie om dakloosheid in Nederland fors en structureel terug te dringen. Daarbij wordt ingezet op een beweging ‘van Maatschappelijke Opvang naar Wonen Eerst’. Het doel van Wonen Eerst is om dakloosheid duurzaam op te lossen door huisvesting te bieden. Daarmee wordt verblijf in de maatschappelijke opvang te voorkomen of de duur daarvan sterk teruggedrongen, door de persoon1 zo snel mogelijk na start dakloosheid te huisvesten. De gemeente Haarlem is in 2024 met Wonen Eerst gestart. In oktober heeft Zandvoort samen met de regiogemeentes, zorgaanbieders en woningbouwcorporaties de intentieverklaring van het Regionaal Actieplan Dakloosheid ondertekend. Middels dit plan wordt Wonen Eerst stap voor stap uitgerold naar de rest van de regio. De tijdelijke urgentieregeling wordt benut om regionaal ervaringen op te doen met Wonen Eerst, met als doel dit in 2027 regionaal in de huisvestingsverordening op te nemen. Het college van Zandvoort besloot op 26 augustus 20252 om ook in Zandvoort Wonen Eerst te realiseren.
Dit collegebesluit geeft verdere invulling hieraan, door de tijdelijke urgentieverklaring vast te stellen, de startdatum van Wonen Eerst te bepalen en in 2026 vier woningen uit het Pact voor Uitstroom voor Wonen Eerst beschikbaar te stellen.
2. Beoogd resultaat Door vier woningen uit het Pact voor Uitstroom beschikbaar te stellen voor Wonen Eerst, wordt dakloosheid duurzaam opgelost en de opvang voor vier dakloze Zandvoortse huishoudens (alleenstaand of in gezinsverband) die volgens de Wmo recht hebben op opvang voorkomen of sterk beperkt. 3. Onderbouwing voorstel Dakloze inwoners verblijven momenteel vaak jarenlang in de maatschappelijke opvang en dat is niet goed voor hun herstel. Langdurig verblijf in de maatschappelijke opvang vormt een risico tot verslechtering en verergering van problematiek. Een plek in de maatschappelijke opvang kost ongeveer 40.000 euro per jaar. Wonen Eerst lost dakloosheid duurzaam op door eerst huisvesting te bieden. Vanuit die woning kunnen mensen beter herstellen dan in de opvang en zijn de kosten een stuk lager.
1
De persoon in kwestie moet volgens de Wmo recht hebben op opvang. De Brede Centrale Toegang stelt dit vast. 2
Collegebesluit ‘Van opvang naar Wonen Eerst’ (2025/512319)
Kenmerk: 2025/759233
2/3
4. Risico’s en kanttekeningen Beschikbaarheid van woonruimte De transformatie naar Wonen Eerst vraagt niet alleen om een andere werkwijze, maar ook om de blijvende beschikbaarheid van passende huisvesting voor (voormalig) dakloze inwoners. De beschikbaarheid van woonruimte is een essentiële voorwaarde om dakloosheid op te kunnen lossen. 5. Consequenties en uitvoering Wonen Eerst is onderdeel van een sterke regionale samenwerking om dakloosheid fors en structureel terug te dringen. De coördinatie van die samenwerking ligt bij de centrumgemeente Haarlem. De benodigde capaciteit voor Zandvoort is beperkt en valt binnen de huidige afspraken. Met Pré Wonen en Samen Zandvoort worden over de uitvoering van Wonen eerst in Zandvoort afspraken gemaakt. 6. Bijlagen 1. Tijdelijke urgentieregeling koplopersgroep Actieplan Wonen eerst 2026 Zandvoort
Kenmerk: 2025/759233
3/3
Collegebesluit
Onderwerp Tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek Zandvoort 2025, 2026 en 2027 Nummer 2025/609311 Portefeuillehouder Bluijs, G.J. Programma/beleidsveld 3.2. Inkomen Afdeling SMSR Auteur Lemhadi, J. Telefoonnummer 0618610583 Email jlemhadi@haarlem.nl Kernboodschap Alleenverdienerhuishoudens die door fiscale regels onder het bestaansminimum uitkomen, ontvangen jaarlijks een vaste tegemoetkoming van € 1.000. Voor 2025 gaat het om circa 7 huishoudens die op de lijst van de Belastingdienst staan. Daarnaast kunnen er nog extra huishoudens in beeld komen, de zogenoemde zelfmelders, die niet op deze lijst voorkomen, maar wel recht kunnen hebben op de tegemoetkoming.
Behandelvoorstel voor de raad Relevante eerdere besluiten Besluit college d.d. 18 november 2025
Het college voert fase II van de Wet tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek (Wtrap) uit via een vastgestelde beleidsregel. Zandvoort heeft de betrokken huishoudens goed in beeld en zet actief in op het bereiken en ondersteunen van deze groep. Door ambtshalve toekenning en een eenvoudige aanvraagmogelijkheid worden inwoners zoveel mogelijk ontzorgd. Zo draagt Zandvoort concreet bij aan bestaanszekerheid en een toegankelijke uitvoering van de regeling. Het college stuurt het collegebesluit ter kennisname naar de gemeenteraad. Niet van toepassing Het college van burgemeester en wethouders besluit: 1. De Beleidsregel Tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek Zandvoort 2025, 2026 en 2027 vast te stellen. de secretaris,
de burgemeester,
Kenmerk: 2025/609311
1/5
1. Aanleiding Per 1 januari 2025 is de Wet tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek (Wtrap) in werking getreden. Gemeenten zijn wettelijk verplicht om huishoudens die door het wegvallen van de overdraagbare algemene heffingskorting minder toeslagen ontvangen en hierdoor onder het bestaansminimum uitkomen, een vaste tegemoetkoming toe te kennen. Het betreft altijd echtparen of stellen waarbij één partner een uitkering van het UWV ontvangt en de ander geen inkomen heeft, of soms slechts aanvullende bijstand. Totdat in 2028 de ongelijkheid fiscaal wordt opgelost zijn er drie fases ingericht voor het aanvullen van toeslagen aan alleenverdienerhuishoudens via de gemeenten: 1. Fase I (2023-2024): ondersteuning via de bijzondere bijstand (via gemeente); 2. Fase II (2025, 2026 en 2027): vaste tegemoetkoming (tijdelijke regeling gemeente); 3. Fase III (vanaf 2028): permanente oplossing via de belastingen (landelijk geregeld). Zandvoort voert fase I (2023–2024) uit via de bijzondere bijstand. De uitvoering van 2024 is nog gaande, omdat er gegevens nodig zijn die eerder niet konden worden opgevraagd. In fase II (2025– 2027) ontvangen alleenverdienerhuishoudens geen bijzondere bijstand meer, maar een vaste tegemoetkoming van € 1.000 per jaar. Deze tegemoetkoming wordt één keer per jaar uitgekeerd en kan niet worden teruggevorderd.
Voor 2025 gaat het op basis van de lijst van de Belastingdienst om zeven huishoudens, samen goed voor een totaalbedrag van € 7.000. Mogelijk zijn er daarnaast huishoudens die niet op deze lijst voorkomen, maar wel als alleenverdiener kwalificeren. De omvang van deze groep is onbekend, maar naar verwachting beperkt. Om ook deze huishoudens te bereiken, nodigt het college hen actief uit om een aanvraag te doen. Het college heeft beleidsvrijheid bij de uitvoering van deze regeling. In deze beleidsregel wordt gekozen voor: 1. Ambtshalve toekenning aan bekende huishoudens; 2. Een lichte toets bij huishoudens zonder bijstandsuitkering; 3. Jaarlijkse uitbetaling in één keer; 4. Uitnodigen van mogelijke alleenverdienerhuishoudens. 2. Beoogd resultaat De beleidsregel zorgt voor een rechtmatige, uitvoerbare en toegankelijke uitvoering van de Wtrap in Zandvoort. Hiermee wordt bijgedragen aan de bestaanszekerheid van de alleenverdienerhuishoudens.
Kenmerk: 2025/609311
2/5
3. Onderbouwing voorstel 3.1 Wettelijke verplichting en beleidsvrijheid Artikel 78gg Participatiewet verplicht gemeenten tot toekenning van een vaste tegemoetkoming. De beleidsregel geeft invulling aan de ruimte die de wet biedt, zoals ambtshalve toekenning en lichte toetsing. 3.2 Ambtshalve toekenning om administratieve lasten te voorkomen Het college verstrekt de tegemoetkoming automatisch aan ‘bekende huishoudens’1. Dit zijn de huishoudens die op de lijst stonden van de Belastingdienst in het voorgaande jaar én de tegemoetkoming ook hebben ontvangen in het voorgaande jaar. Dit bespaart de inwoner administratieve lasten van het indienen van een aanvraag. Inwoners met een bijstandsuitkering ontvangen de tegemoetkoming ambtshalve zonder toets. Lichte toets bij ambtshalve toekenning om rechtmatigheid te waarborgen Het college voert een lichte toets uit bij inwoners die momenteel geen bijstandsuitkering ontvangen. De Belastingdienst controleert namelijk alleen of de inwoners jaarlijks op de peildatum (15 januari in 2025) in de gemeente wonen en in leven zijn. Met een lichte toets wordt ervoor gezorgd dat de tegemoetkoming niet wordt verstrekt aan huishoudens die geen recht hebben, bijvoorbeeld door overlijden.
3.3 Eén keer per jaar uitbetalen geeft inwoners de regie over hun besteding De keuze om de tegemoetkoming één keer per jaar uit te betalen in plaats van maandelijks beperkt de uitvoeringslasten en geeft huishoudens regie over hoe zij de vaste tegemoetkoming besteden. 3.5 Hoger bereik door het uitnodigen van overige huishoudens Om zoveel mogelijk alleenverdieners te bereiken die niet voorkomen op de lijst van de Belastingdienst, nodigt het college op basis van signalen huishoudens uit om een aanvraag in te dienen. Deze signalen kunnen voortkomen uit: 1. gemeentelijke bestandsanalyses óf; 2. een nieuwe aanvraag voor een bijstandsuitkering, bijzondere bijstand, minimaregelingen of schulddienstverlening óf; 3. hulpverlening of maatschappelijke partners. Het indienen van een aanvraag is een eenvoudig proces. Inwoners mogen vormvrij een aanvraag doen zonder aanvraagformulier.
1 Of een huishouden ‘bekend’ is mag nooit gebaseerd zijn op enkel de lijst van de Belastingdienst van het voorgaande jaar.
De inkomstengegevens op die lijst zijn twee jaar oud.
Kenmerk: 2025/609311
3/5
4. Risico’s en kanttekeningen Ambtshalve toekenning op basis van alleen gegevens van de Belastingdienst kan leiden tot verstrekking aan inwoners die geen recht (meer) hebben. Dit wordt beperkt door een lichte toets uit te voeren bij niet-bijstandsgerechtigden. Door tijdige communicatie met GBKZ zorgt Zandvoort ervoor dat de tegemoetkoming niet meegerekend wordt als vermogen bij de gemeentelijke belastingen en dat inwoners hun recht op kwijtschelding behouden. 5. Consequenties en uitvoering 5.1 Financiën De regeling wordt volledig gefinancierd door het rijk, inclusief tegemoetkomingen, eindheffing én uitvoeringskosten via decentralisatie-uitkering. De hoogte van de vaste tegemoetkoming aan de huishoudens wordt jaarlijks door het rijk vastgesteld. In 2025 is de tegemoetkoming € 1.000. De tegemoetkoming mag nooit worden teruggevorderd. Jaarlijks ontvangt de gemeente een budget, gebaseerd op de hoogte van de vaste tegemoetkoming en op het aantal huishoudens dat uit een gegevensanalyse van de Belastingdienst komt. De gemeente hoeft geen verantwoording af te leggen aan het rijk. In 2025 heeft het college € 40.000 ontvangen bij de meicirculaire. Voor 2025 is een deel van de tegemoetkomingen al uitbetaald, maar een deel nog niet. Het resterende bedrag wordt daarom overgeheveld naar 2026 binnen programma 3.2 Inkomen.
5.2 Communicatie Omdat het gaat om een relatief kleine groep huishoudens en omdat inwoners zelf moeilijk kunnen inschatten of zij recht hebben, wordt conform het advies van de VNG de regeling niet breed gecommuniceerd naar inwoners. Enkel de inwoners die bekend zijn of basis van signalen gemeld worden, worden benaderd. Verder wordt ingezet op sterke communicatie voor interne medewerkers en ketenpartners en professionals. Alle relevante gemeentelijke uitvoeringsmedewerkers en zijn ingelicht over hoe zij alleenverdienerhuishoudens kunnen signaleren en aanmelden, evenals Pluspunt Zandvoort. Andere ketenpartners en professionals worden via de nieuwsbrief Samen maken we de stad geïnformeerd. Naast deze kanalen blijft het voor inwoners mogelijk om zich rechtstreeks te melden. Het Klantcontactcentrum is daarom geïnformeerd over hoe om te gaan met zelfmelders. Na vaststelling van de beleidsregel wordt deze bekendgemaakt in het elektronisch Gemeenteblad op overheid.nl. De vastgestelde beleidsregel wordt vervolgens gepubliceerd in de lokale regelingenbank op www.overheid.nl. 5.3 Participatie De regeling is voorgelegd aan de Adviesraad Sociaal Domein Zandvoort, die zich positief over het voorstel heeft uitgesproken.
Kenmerk: 2025/609311
4/5
5.4 Juridisch De beleidsregel is gebaseerd op artikel 78gg van de Participatiewet en artikel 4:81 Awb. De beleidsregel treedt in werking met terugwerkende kracht per 1 januari 2025. Tegen het vaststellen van de beleidsregel staat geen bezwaar of beroep open. Tegen individuele besluiten wel. 5.5 Planning Het college verwacht in 2025 een groot deel van de rechthebbenden te bereiken en de tegemoetkoming uit te betalen. In 2026 en 2027 wordt het proces herhaald, totdat in 2028 een landelijke oplossing komt voor de alleenverdienersproblematiek. 6. Bijlagen • Bijlage 1. Beleidsregel Tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek Zandvoort 2025, 2026 en 2027.
Kenmerk: 2025/609311
5/5
Collegebesluit
Onderwerp Samenwerkingsconvenant Arbeidsmarktregio Zuid-Kennemerland en IJmond Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernboodschap
2025/737458 Bluijs, G.J. 3.1. Werk WI Hofman, D.D. dhofman@haarlem.nl In de arbeidsmarktregio Zuid-Kennemerland en IJmond werkt Zandvoort samen met verschillende partners aan een toekomstbestendige arbeidsmarkt. Een effectieve samenwerking op de regionale arbeidsmarkt vereist een gecoördineerde aanpak en betrokkenheid van alle partners. De gecoördineerde aanpak wordt vormgegeven door een meerjarige strategische arbeidsmarktagenda. De betrokkenheid van de partners, de uitgangspunten en afspraken binnen de regionale samenwerking zijn vastgelegd in een (nieuw) samenwerkingsconvenant. Dit samenwerkingsconvenant is opgesteld door de samenwerkende kernpartners, te weten: centrumgemeente Haarlem, gemeente Beverwijk, gemeente Bloemendaal, gemeente Heemskerk, gemeente Heemstede, gemeente Velsen, gemeente Zandvoort, UWV, SBB1, FNV, CNV, VNO-NCW West, Hogeschool Inholland, ROC Nova College en Doorstroompunt. Met dit besluit wordt voorgesteld het samenwerkingsconvenant ‘Arbeidsmarktregio Zuid-Kennemerland & IJmond’ door het college van Zandvoort te laten vaststellen.
1
Behandelvoorstel voor de raad
Het college stuurt het collegebesluit in het kader van actieve informatie naar de gemeenteraad.
Relevante eerdere besluiten
- Regionale strategische arbeidsmarktagenda Zuid-Kennemerland & IJmond 20232027 (2023/1459260) in college van B&W van 12 september 2023. - Ondertekening convenant Regionaal Werkbedrijf Zuid-Kennemerland en IJmond 2021-2024 (2021/339192) in college van B&W van 22 juni 2021.
Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven
Kenmerk: 2025/737458
1/4
Besluit college d.d. 25 november 2025
Het college van burgemeester en wethouders besluit: 1. Het samenwerkingsconvenant ‘Arbeidsmarktregio Zuid-Kennemerland & IJmond’ vast te stellen. 2. Wethouder Bluijs te machtigen om het samenwerkingsconvenant ‘Arbeidsmarktregio Zuid-Kennemerland en IJmond’ ondertekenen. de secretaris,
de burgemeester,
1. Aanleiding In de arbeidsmarktregio Zuid-Kennemerland en IJmond werkt Zandvoort samen met verschillende partners aan een toekomstbestendige arbeidsmarkt. Een effectieve samenwerking op de regionale arbeidsmarkt vereist een gecoördineerde aanpak en betrokkenheid van alle partners. De gecoördineerde aanpak wordt vormgegeven door een meerjarige ‘strategische arbeidsmarktagenda Zuid-Kennemerland & IJmond 2023-2027’ (2023/1459260) De betrokkenheid van de partners, de uitgangspunten en afspraken binnen de regionale samenwerking zijn vastgelegd in een (nieuw) samenwerkingsconvenant. De regionale arbeidsmarkt is blijvend in ontwikkeling en wordt in toenemende mate geconfronteerd met complexe uitdagingen zoals krapte, mismatch, technologische ontwikkelingen en demografische veranderingen. De veranderende vraag naar kennis en vaardigheden van huidige en toekomstige werknemers, de noodzaak voor werkenden, werkzoekenden en werkgevers om zich blijvend te ontwikkelen voor de banen van nu en in de toekomst, vragen om een effectieve en efficiënte regionale arbeidsmarktdienstverlening. De samenwerkende kernpartners onderkennen een gedeelde verantwoordelijkheid tussen overheid, onderwijsinstellingen, werkgeversorganisaties, werknemersorganisaties en andere maatschappelijke strategische partners om de uitdagingen op de huidige en toekomstige arbeidsmarkt aan te pakken.
Daarvoor is samenwerking op regionaal en sectoraal niveau essentieel om duurzame inzetbaarheid, inclusiviteit en een toekomstbestendige, veerkrachtige arbeidsmarkt te realiseren. Gezien de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt en de hiervoor benodigde veranderingen in de (regionale) arbeidsmarktinfrastructuur, hebben de kernpartners zich uitgesproken de regionale samenwerking te willen versterken door samenwerkingsafspraken vast te leggen in een convenant. Het samenwerkingsconvenant is tot stand gekomen op basis van een landelijk modelconvenant en het (inmiddels verlopen) oude convenant van de arbeidsmarktregio (2021/339192). De afspraken in het convenant richten zich op gezamenlijke ambities, doelen en acties om de arbeidsmarktpositie van werkenden en werkzoekenden te versterken en werkgevers te ondersteunen bij hun
Kenmerk: 2025/737458
2/4
arbeidsmarktvraagstukken. De samenwerkende kernpartners verbinden zich aan een structurele, duurzame en intensieve samenwerking op basis van gelijkwaardigheid, integriteit, transparantie en wederzijds vertrouwen. Dit convenant heeft in principe geen einddatum, tenzij ontwikkelingen het noodzakelijk maken dit convenant aan te passen of te heroverwegen.
Met dit besluit wordt voorgesteld het samenwerkingsconvenant ‘Arbeidsmarktregio ZuidKennemerland & IJmond’ door het College van Zandvoort te laten vaststellen. 2. Beoogd resultaat Het convenant draagt bij aan een strategische netwerksamenwerking gericht op het verbeteren van de arbeidsmarktdienstverlening en het goed functioneren van de regionale arbeidsmarkt. De netwerksamenwerking treedt niet in de plaats van de eigen taken en verantwoordelijkheden, maar is aanvullend en versterkend. Deze aanvullende dienstverlening is beschreven in de ‘strategische arbeidsmarktagenda Zuid-Kennemerland & IJmond 2023-2027’ (2023/1459260). Met de uitvoering van de regionale arbeidsmarktagenda wordt gestreefd naar brede welvaart, waarin werk bijdraagt aan welzijn, materiële welvaart, gezondheid, zingeving en ontwikkeling. De samenwerkende partijen zetten zich in voor een inclusieve arbeidsmarkt waarin iedereen duurzaam mee kan doen. De uitvoering van de arbeidsmarktagenda draagt bij aan de realisatie van de maatschappelijke opgaven en een zo goed mogelijke aansluiting tussen de behoefte en mogelijkheden van werkgevers, werkenden en werkzoekenden. 3.
Onderbouwing voorstel 3.1 Het samenwerkingsconvenant sluit aan bij lokaal beleid De doelstellingen van de regionale samenwerking in de arbeidsmarktregio Zuid-Kennemerland en IJmond, vastgelegd in dit samenwerkingsconvenant, sluiten aan bij de beleidsdoelen uit de begroting, Programma 3.1 Werk. Zandvoort heeft als doel zoveel mogelijk inwoners mee te laten doen aan de samenleving. Voor wie dat kan via betaald werk, en voor wie dat (nog) niet haalbaar is door een andere vorm van participatie. De samenwerking tussen de kernpartners in de arbeidsmarktregio versterkt de (aanvullende) dienstverlening voor inwoners en draagt hiermee positief bij aan het vergroten van de participatie van inwoners in de samenleving. 3.2 Het samenwerkingsconvenant sluit aan bij regionaal arbeidsmarktbeleid Regionaal is er in 2023 een strategische arbeidsmarktagenda Zuid-Kennemerland en IJmond 20232027 opgesteld met drie ambities: - Een inclusieve arbeidsmarkt waarin iedereen meedoet en gelijke kansen centraal staan; - Een duurzame plek op de arbeidsmarkt waarin medewerkers zich kunnen blijven ontwikkelen; - De realisatie van de maatschappelijke opgaven waar we voor staan. Alle samenwerkende partijen zetten zich vanuit deze gezamenlijke ambitie in voor een inclusieve arbeidsmarkt waarin iedereen duurzaam mee kan doen, en deze partijen dragen bij aan de realisatie
Kenmerk: 2025/737458
3/4
van de maatschappelijke opgaven en streven naar een zo goed mogelijke aansluiting tussen de behoefte en mogelijkheden van werkgevers, werkenden en werkzoekenden, nu en in de toekomst. Het samenwerkingsconvenant bevestigt deze samenwerking. 4. Risico’s en kanttekeningen N.v.t. 5. Consequenties en uitvoering 5.1 Financiën Voor Zandvoort zijn aan dit samenwerkingsconvenant geen kosten verbonden. 5.2 Uitvoering In het samenwerkingsconvenant worden afspraken gemaakt over de netwerksamenwerking in de arbeidsmarktregio. De uitvoering van deze samenwerking is gerelateerd aan de ‘strategische arbeidsmarktagenda Zuid-Kennemerland & IJmond 2023-2027’. 5.3 Planning Het samenwerkingsconvenant wordt in de arbeidsmarktregio Zuid-Kennemerland en IJmond aan de colleges van de zeven regiogemeenten aangeboden ter vaststelling. Na vaststelling vindt ondertekening van het samenwerkingsconvenant door alle betrokken kernpartners plaats. Het samenwerkingsconvenant treedt in werking op 26 november 2025. 6. Bijlagen Bijlage 1: Samenwerkingsconvenant Arbeidsmarktregio Zuid-Kennemerland & IJmond.
Kenmerk: 2025/737458
4/4
Collegebesluit
Onderwerp Verlenging en actualisering Uitvoeringsagenda Woonakkoord Zuid-Kennemerland/IJmond en nieuwe Regionale Woonagenda Nummer Portefeuillehouder Programma/beleidsveld Afdeling Auteur Telefoonnummer Email Kernboodschap