Bijlage 5 - Nota van beantwoording inspraakreacties
Tekst van het document
Nota van beantwoording inspraakreacties concept-Ontwikkelperspectief Binnenduinrand
1 1.1
1.2
1.3
Inspraakreactie Inwoner Heemstede In de samenvatting staat niet genoemd dat bepaalde economische groei binnen de diverse kernen uitgangspunt is. Hierdoor lijkt het alsof alle goede bedoelingen en beperkingen niet in een kader passen. Indiener vraagt meer expliciet te vermelden binnen welke kaders het beleid en de spelregels gelden. Nergens staat vermeld waarom en tot welke prijs het idee Amsterdam Beach wordt omarmd. Amsterdam heeft gekozen de toeristische overload deels door te schuiven naar de deze regio. Het doorschuiven kan ook mogelijk een te grote omvang krijgen. Een visie op de beheersbaarheid en aard ervan ontbreekt in de nota.
Ook is niet duidelijk hoe Amsterdam betrokken is bij de ontwikkeling van deze nota. Expliciteer de bestuurlijke afstemming met Amsterdam, en expliciteer de visie op de effecten van Amsterdam Beach. Wat is de status van de nota na een bestuurlijk goedkeurings-proces? Wordt het de wet, het handboek waaraan elk toekomstig deelbesluit wordt getoetst? Hoe wordt het commitment van de diverse overheden publiekelijk uitgesproken over de nota?
Beantwoording Het doel van het Ontwikkelperspectief is behoud en ontwikkeling van de kernkwaliteiten van het landschap in de Binnenduinrand. Economische groei is niet het uitgangspunt. Daar waar er een dilemma ontstaan tussen deze twee, wordt door de ambities en spelregels getracht om oplossingsrichtingen te bieden. Na vaststelling van het Ontwikkelperspectief worden de benoemde sporen concreet uitgewerkt. In het Ontwikkelperspectief wordt de ‘ontwikkeling van kustplaatsen tot Amsterdam Beach, met behoud van rust en ruimte’ als een van de ambities aangedragen. In de volgende fase wordt deze ambitie verder uitgewerkt. Daarnaast volgt de visie de lijn voor de kustgemeenten, zoals die in het Kustpact is opgenomen. De verdere uitwerking hiervan volgt. Ook hier geldt dat een optimum moet worden gezocht tussen economische ontwikkeling en behoud van rust, ruimte en daarmee de landschappelijke kwaliteit.
9 september 2019 Planaanpassing Geen aanpassing.
De lijn uit het Kustpact voor de kustgemeenten zal verwerkt worden in het Ontwikkelperspectief Binnenduinrand, in paragraaf 3.2.3. Dit zal ook worden verwerkt in de kaart ‘Toeristische en recreatieve structuur’.
Het Ontwikkelperspectief is alleen ambtelijk afgestemd met de gemeente Amsterdam, niet bestuurlijk. Het Ontwikkelperspectief heeft geen wettelijke basis, zoals een bestemmingsplan of een structuurvisie. Door vaststelling committeren de gemeenteraden zich aan de visie, ambities en spelregels. Vanwege het zelfbindende karakter laat het Ontwikkelperspectief zich het best vergelijken met een structuurvisie. Ruimtelijke ontwikkelingen worden mede getoetst aan het Ontwikkelperspectief. Er kan alleen worden afgeweken met een goede motivatie. In de volgende fase volgt inbedding van de spelregels is lokale ruimtelijke plannen van de gemeente.
1
Geen aanpassing.
1.4.
In de komende jaren worden in de diverse colleges allerlei besluiten genomen die vallen binnen de scope van deze nota. Wie is verantwoordelijk voor toetsing van die besluiten aan deze nota (met toetsing wordt bedoeld: Analytisch beoordelen van voorgenomen besluiten tegen de inhoud deze nota)? Aandacht voor toetsing is noodzakelijk omdat de nota hopelijk robuust bestand wordt tegen politieke verschuivingen in de diverse gemeenteraden en colleges B&W. Een vaste langjarige en onafhankelijke toetsingscommissie lijkt indiener wenselijk. De bevindingen, bij voorkeur bindend, dienen in ieder geval te worden gepubliceerd.
Met de inbedding van de spelregels in de gemeentelijke ruimtelijke visies en plannen (spoor 10 van de Uitvoeringsstrategie) wordt de doorwerking van de spelregels van het Ontwikkelperspectief voldoende gewaarborgd. Onderdeel van de uitwerking van dit spoor is op welke wijze de voortgang van de inbedding het best kan worden bewaakt. Daarbij wordt in elk geval gedacht aan een jaarlijkse conferentie met alle partners over de voortgang van de Uitvoeringsstrategie.
Geen aanpassing.
1.5
Op dit ogenblik worden in Heemstede plannen ontwikkeld voor het gebied Manpadslaan. Bij deze plannen wordt niet gerept over deze nota. Hoe wordt ervoor zorggedragen dat de plannen voor het Manpadslaan gebied in de pas lopen inhoud van deze nota?
Zie de beantwoording onder 1.3. De uiteindelijke ruimtelijke afweging, gelet op de status van het stuk, ligt bij de gemeente (in dit geval Heemstede). Deze moet bij de besluitvorming verantwoorden hoe haar besluit zich verhoudt tot het Ontwikkelperspectief. Als het besluit afwijkt van de spelregels in het Ontwikkelperspectief dan zal daar een goede motivatie aan ten grondslag moeten liggen.
Geen aanpassing.
2. 2.1
Nedamco Capital De indiener wil de besluitvormende vergadering van het bevoegde bestuursorgaan bijwonen.
Het Ontwikkelperspectief Binnenduinrand is een coproductie van de betrokken gemeenten en de Provincie Noord-Holland. Het ontwikkelperspectief wordt aan de gemeenteraden ter vaststelling worden aangeboden, aan de Gedeputeerde Staten ter kennisname. Dit zal gebeuren aan de hand van inhoudelijk gelijke documenten. Het is mogelijk de betreffende raadsvergaderingen bij te wonen.
Geen aanpassing.
3. 3.1
Agrobosbouw De mogelijkheden die agrobosbouw biedt voor het veiligstellen van de openheid van het landschap worden onder de aandacht gebracht. Het gaat om het wegwerken van beperkingen die kleinschaligheid met zich meebrengt voor landbouwkundig gebruik; de ontwikkeling van nieuwe financieringsconcepten en sluitende business cases; de verbreding met agrarisch natuurbeheer, ook bij eigenaren en beheerders van buitenplaatsen en natuurlandschappen; het benutten van kansen voor de ontwikkeling van nieuwe natuur als onderdeel van het NNN; of een op klimaatverandering anticiperend waterbeleid om in de toekomst wateroverlast of juist extreme droogte te kunnen voorkomen.
Voor het veiligstellen van de visuele openheid in de open gebieden is agrobosbouw geen geschikt middel, omdat de introductie van bomen een nadelig effect heeft op het open karakter. Het concept landbouwinclusieve natuur”’ of ‘natuurinclusieve landbouw’ is echter sterk. Wellicht kan hier in overleg met de terreinbeherende organisaties verder vorm aan gegeven worden bij de verdere uitwerking van het Ontwikkelperspectief.
Het concept ‘landbouwinclusieve natuur’ of ‘natuurinclusieve landbouw’ zal worden opgenomen in het uitvoeringsprogramma. Daarnaast zal het als mogelijkheid worden genoemd in paragraaf 3.2.4 bij het bolletje ‘verkenning van de mogelijkheden voor nieuwe financieringsconcepten en sluitende business cases’.
2
4. 4.1
Stichting Santpoort Het OP Binnenduinrand is “grosso modo een mooi product van samenwerking leidend tot spelregels en sporen voor de uitvoering”. Het centrale uitgangspunt dat “de hoge kwaliteit van het landschap leidend is voor toekomstige ontwikkelvraagstukken” onderschrijven wij. Wij hebben herhaaldelijk aangedrongen op het hanteren van deze spelregels
4.2
De mededeling wordt als een ondersteuning beschouwd.
Geen aanpassing.
Bij de totstandkoming van de Structuurvisie Velsen 2025 is naar aanleiding van inspraak de Groene Scheg van Santpoort-Noord als woningbouwlocatie geschrapt. Wij verzoeken u dan ook de tekeningen en tekst van het OP Binnenduinrand zodanig bij te stellen dat de Groene Scheg duidelijk (op kaart) is aangegeven. Wij gaan er van uit dat de teksten in de bijlage (pagina 78) gedateerd zijn. Het ontwikkelen van Station Santpoort-Noord als groene poort is prima, maar niet ten koste van de Groene Scheg.
De groene scheg van Santpoort-Noord zal in de kaarten als zodanig worden ingetekend met aanduiding “stadsrand verweven met landschap” .
De groene scheg in SantpoortNoord zal in het groen worden aangegeven op de kaarten. Daarnaast zal de aanduiding “stadsrand verweven met landschap” worden toegevoegd op de kaart Hoogwaardig Woonmilieu.
4.3
Wij vragen om meer betrokkenheid in het vervolg daar waar het Santpoort betreft.
Bij uitwerkingen die betrekking hebben op Santpoort en omgeving zal de Stichting Santpoort worden betrokken.
Geen aanpassing.
4.4
De inbedding van de spelregels in bestemmingsplannen, visies en programma’s is cruciaal
De mededeling wordt als een ondersteuning beschouwd.
Geen aanpassing.
5. 5.1
Inwoner Santpoort-Noord Indiener sluit zich aan bij de zienswijze van de Stichting Santpoort en wil de gemeente herinneren aan haar uitspraak om woningbouw te schrappen in de Groene Scheg van Santpoort-Noord.
De groene scheg van Santpoort-Noord zal in de kaarten als zodanig worden ingetekend met aanduiding “stadsrand verweven met landschap”
De groene scheg in SantpoortNoord zal in het groen worden aangegeven op de kaarten. Daarnaast zal de aanduiding “stadsrand verweven met landschap” worden toegevoegd op de kaart Hoogwaardig Woonmilieu.
De tekst op pagina 78 van de bijlagen is een verslag van de behandeling van 4 casussen tijdens de 2e regionale raadsconferentie (2014) over het OP Binnenduinrand. De mogelijkheid om als uitvoeringsstrategie woningbouw toe te staan in de groene scheg om daarmee de ontwikkeling van een groene poort bij het station te financieren is in de werkgroep genoemd. Omdat dit echter niet strookt met het huidige Velsense beleid, c.q. de Structuurvisie, is deze mogelijkheid in het OP niet verder uitgewerkt. Omdat het echter een verslag betreft, zal de tekst niet worden aangepast. De bijlagen bij het Ontwikkelperspectief Binnenduinrand zijn alleen ter informatie bijgevoegd. Deze zullen niet door de afzonderlijke gemeenteraden worden vastgesteld.
3
5.2
Het gehele rapport wordt ingegeven door de economische honger van Amsterdam. Amsterdam heeft het Kennemerland nodig voor economische groei en spreiding van toeristen. Indiener is juist in Santpoort komen wonen vanwege dorpse karakter. Een TOP (lees: groene poort) is onnodig en ongewenst. Geen massa-toerisme in de duinen, geen MRA spinoff van Amsterdam, maar behoud van het dorp Santpoort-Noord
6. 6.1
Inwoner Heemstede Indiener is blij verrast door de wijze van beschrijven van dit mooie stuk Noord-Holland. De waarde (de gedeelde weelde) van en de waardering voor deze streek op is een prima, en toch uiterst zakelijke manier, onder woorden gebracht.
6.2
Indiener stelt voor de toekomstige ruimtelijke ontwikkeling van het Manpadslaangebied een proefproject te maken in het kader van de uitwerking van uw visie op ruimtelijke ontwikkelingen in onze regio.
6.3
Indiener mist bij het toepassen van de spelregels de uiteindelijke ‘machtsverhouding’ tussen een autonome gemeente en het overkoepelende regiobestuur. Dat vraagt om een nadere toelichting op dit punt, mede met het oog op de burger (raadsleden van verschillende gemeenteraden), omdat dit soort spelregels de handvatten bieden voor een duidelijke (publieke) controlefunctie.
7. 7.1
Vrienden van Middenduin Ontwikkelingen in de regio ZK leggen druk op de leefomgeving, zoals bijvoorbeeld woningbouw op het PWNterrein en het circuit van Zandvoort. Een kader als het OP is daarom goed. Meer functies toevoegen of intensiveren heeft een groot risico voor het gebied. Het zou nodig zijn om in beeld te brengen wat de gevolgen van deze ontwikkelingen tezamen zijn en wat nut en noodzaak is. Ook zou de onderlinge samenhang beoordeeld moeten worden. Dat geldt in het bijzonder voor MRA ambities om het toerisme te spreiden.
Uitgangspunt is behoud en ontwikkeling van de kwaliteiten van het gebied. Er komen echter vanuit de MRA opgaven op het gebied af. Er zal een optimum moeten worden gezocht tussen economische ontwikkeling en behoud van rust, ruimte en daarmee van kwaliteit. De gewenste zonering is onder andere verwoord in paragraaf 3.2.1, onder het kopje ‘Toerisme en recreatie’. De ontwikkeling van een groene poort in Santpoort-Noord past binnen dit optimum, dichtbij de entree van het Nationaal Park Zuid-Kennemerland.
Geen aanpassing.
De mededeling wordt als een ondersteuning beschouwd.
Geen aanpassing.
De uiteindelijke ruimtelijke afweging, gelet op de status van het stuk, ligt bij de gemeente (in dit geval Heemstede). Die moeten bij de besluitvorming verantwoorden hoe hun besluit zich verhoudt tot het Ontwikkelperspectief. Als het besluit afwijkt van de spelregels in het Ontwikkelperspectief dan zal daar een goede motivatie aan ten grondslag moeten liggen. Zie het antwoord onder 6.2. De status van het stuk na vaststelling door de afzonderlijke gemeenteraden zal worden verwoord in paragraaf 1.4.
Geen aanpassing.
Het Ontwikkelperspectief heeft als doel het unieke en hoogwaardige landschap van de Binnenduinrand voor de toekomst veilig te stellen en verder te kunnen versterken. Bij een ruimtelijke ontwikkeling moet rekening worden gehouden met de geformuleerde spelregels. Borging van deze spelregels zal plaatsvinden in lokale visies en bestemmingsplannen/ omgevingsplannen. In het Ontwikkelperspectief wordt de ‘ontwikkeling van kustplaatsen tot Amsterdam Beach, met behoud van rust en ruimte’ als een van de ambities aangedragen. In de volgende fase wordt deze ambitie verder uitgewerkt. Daarnaast volgt de visie de lijn voor de kustgemeenten, zoals die in het Kustpact is opgenomen. De verdere uitwerking hiervan volgt. Er moet een optimum worden gezocht tussen economische
De lijn uit het Kustpact voor de kustgemeenten zal verwerkt worden in het Ontwikkelperspectief Binnenduinrand, in paragraaf 3.2.3. Dit zal ook worden verwerkt in de kaart ‘Toeristische en recreatieve structuur’.
4
De status van het stuk na vaststelling door de afzonderlijke gemeenteraden zal worden verwoord in paragraaf 1.4.
7.2.
7.3 7.4
7.5
7.6 7.7
De MRA dreigt de binnenduinrand weg te drukken. Er moet een duidelijke grens komen van de Metropool. Er wordt gepleit voor een regionale functie van de binnenduinrand. Marketing en promotie onder het motto ‘Amsterdam bezoeken, Holland zien’ is ongewenst. Alle ontwikkelingen moeten getoetst worden op draagkracht van het gebied en consequenties voor bestaande functies. De ambitie voor een robuust watersysteem wordt gesteund. Het behoud van het monumentale complex van de waterfabriek van Haarlem en het beter zichtbaar maken van de watertoren bij de entree van het NPZK voegen een extra accent toe aan het entree van de duinen. Maak het verkeer ondergeschikt aan de leefomgeving. Met matigen van snelheid en geluid worden hinder en overlast beperkt. Goede handhaving is hierbij helaas noodzakelijk en schiet nu nog vaak tekort. Zichtlijnen en de openheid van het landschap zijn waardevol. Het is goed dat de ontwikkelvisie geen toename van bebouwing buiten de huidige kernen bepleit. Vanuit het optimaal benutten van OV en differentiatie in profielen badplaatsen is er veel voor te zeggen om de strandrecreatie te concentreren in Zandvoort en IJmuiden.
7.8
Bloemendaal aan Zee kan volstaan met een kleinschalige functie voor familiestrand, zoals in het Kustpact beoogd is. Nog meer bebouwing zoals jaarrond strandpaviljoens, hotels en verblijfsrecreatie is hiermee niet in lijn.
7.9
Er moet meer inhoud gegeven worden aan de status stiltegebied. Geluidsoverlast van het circuit, evenementen op
ontwikkeling en behoud van rust, ruimte en daarmee de landschappelijke kwaliteit. De regio Zuid-Kennemerland (+Velsen) maakt onderdeel uit van de MRA. Toeristen verspreiden zich over de hele regio, ongeacht of er een grens getrokken zou worden tussen de binnenduinrand en de MRA. Zie ook de beantwoording onder 7.1. en 5.2. Mee eens. Dat stemt in grote lijnen overeen met het doel van de spelregels. Waarvan akte. Uw suggestie met betrekking tot het complex van de Waterfabriek Haarlem sluit goed aan bij spelregel 13: ‘continuïteit van de cultuurhistorische tijdslijn’. Een verdere uitwerking hiervan is echter té gedetailleerd voor dit stadium van een ontwikkelperspectief. Het Ontwikkelperspectief richt zich op behoud en versterken van het landschap. De inrichting van de wegen en de handhaving valt daar buiten.
Geen aanpassing.
Geen aanpassing. Geen aanpassing.
Geen aanpassing.
De mededeling wordt als een ondersteuning beschouwd.
Geen aanpassing.
Dat stemt overeen met de uitgangspunten in het Kustpact en het Toekomstperspectief Kust.
De lijn uit het Kustpact voor de kustgemeenten zal verwerkt worden in het Ontwikkelperspectief Binnenduinrand, in paragraaf 3.2.3. De differentiatie van de kust is ook verwerkt in de kaart ‘Toeristische en recreatieve structuur’. Symbool “uitbreiding jaarrond voorzieningen” verwijderen bij het strand van Bloemendaal
In het Ontwikkelperspectief wordt de ‘ontwikkeling van kustplaatsen tot Amsterdam Beach, met behoud van rust en ruimte’ als een van de ambities aangedragen. In de volgende fase wordt deze ambitie verder uitgewerkt. Daarnaast volgt de visie de lijn voor de kustgemeenten, zoals die in het Kustpact is opgenomen. De verdere uitwerking hiervan volgt. Er moet een optimum worden gezocht tussen economische ontwikkeling en behoud van rust, ruimte en daarmee de landschappelijke kwaliteit. Op de kaart Toeristische en recreatieve structuur is het symbool “uitbreiding jaar-rond voorzieningen” verwijderd bij het strand van Bloemendaal. Zie de beantwoording onder 7.8 met betrekking tot het zoeken naar een optimum tussen economische ontwikkeling en behoud van rust en ruimte.
5
In paragraaf 3.2.3 onder het kopje ‘Duinen’ wordt het
het strand en verkeerslawaai conflicteren met andere recreatieve waarden.
7.10
7.11
7.12
Bestaande sportaccommodaties kunnen beter benut worden, uitbreiding is niet nodig. Nieuwe bebouwing in het Nationaal Park, zoals Reinwaterpark conflicteert met ambities van de ontwikkelvisie.
Een van de opgaven heeft betrekking op de toegangspoorten van het Nationaal Park. De rotonde Brouwerskolkweg/Zeeweg zou landschappelijk beter ingepast kunnen worden waarbij de watertoren weer zichtbaar wordt gemaakt. Uitgangspunt is dat de ruimtelijke kwaliteit van stationsomgevingen leidend is. Alleen bouwen binnen de kernen. Bij herhaling wordt ingestemd met ontwikkelingen in de Binnenduinrand van Overveen met de kwalificatie ‘postzegelplan’ of ‘planologisch kruimelgeval’. Het gevolg is ruimtelijke verrommeling i.p.v. ruimtelijke ordening.
7.13
Het concept ontwikkelperspectief Binnenduinrand beschrijft de grote waarden van de landschappelijke kwaliteit. Er is een discrepantie tussen woord en daad. De rol van het gemeentebestuur als hoeder van het algemeen belang is in het geding. Een strakke regie van alle gemeenten gezamenlijk is nodig. Nieuwe initiatieven dienen getoetst te worden op draagkracht van het gebied en mogen bestaande kwaliteiten niet aantasten.
8. 8.1
Inwoners Haarlem Indiener geeft aan dat hij het niet eens is met de beoogde natuurontwikkeling op de grond van de provincie die hij in pacht heeft.
Het circuit van Zandvoort is een belangrijke recreatieve drager van de regio. Over het aantal geluidsdagen van het circuit doen we in dit Ontwikkelperspectief geen uitspraken. Het zoeken naar de juiste balans is in het Ontwikkelperspectief verwoord op pagina 44 (paragraaf 3.2.3 ‘Duinen’). Een eventueel gewenste uitbreiding van een sportaccommodatie zal getoetst worden aan de spelregels uit het Ontwikkelperspectief. De uiteindelijke ruimtelijke afweging over het Reinwaterpark ligt bij de gemeente (in dit geval Bloemendaal). Deze moet bij de besluitvorming verantwoorden hoe haar besluit zich verhoudt tot het Ontwikkelperspectief. Als het besluit afwijkt van de spelregels in het Ontwikkelperspectief dan zal daar een goede motivatie aan ten grondslag moeten liggen. Zie het antwoord onder 7.4.
belang van stilte in delen van het duingebied benoemd.
Geen aanpassing.
Geen aanpassing.
De afweging over ruimtelijke ontwikkelingen, gelet op de status van het stuk, ligt bij de gemeente (in dit geval Bloemendaal). Die moeten bij de besluitvorming verantwoorden hoe hun besluit zich verhoudt tot het Ontwikkelperspectief. Als het besluit afwijkt van de spelregels in het Ontwikkelperspectief dan zal daar een goede motivatie aan ten grondslag moeten liggen. Zie het antwoord onder 7.12.
Geen aanpassing.
Het Ontwikkelperspectief doet geen concrete uitspraken over de gewenste situatie op perceelsniveau i.c. de percelen die in gebruik zijn bij de indiener van deze reactie. Het Ontwikkelperspectief beoogt de openheid van het gebied te behouden en te versterken, dit kan zowel een agrarische als een natuurfunctie zijn. Indiener is in gesprek met de provincie over het gebruik van deze grond, waarbij bedrijfsverplaatsing tot de mogelijkheden behoort.
Geen aanpassing.
6
Geen aanpassing.
9. 9.1
Stichting Natuurbelang Nederland Indiener verzoekt in het Nationale Park de Kennemerduinen geen fietspaden meer toe te voegen. Hij verzoekt het aantal fietspaden te verminderen, daar waar ze een bedreiging kunnen vormen voor de aanwezige kwetsbare soorten. Indiener biedt aan om bij het aanpakken van het fietsknelpunt langs de Vogelenzangseweg constructief mee te werken.
10. 10.1
Hoogheemraadschap van Rijnland In de ontwikkelvisie wordt gerefereerd aan het Watergebiedsplan Zuid-Kennemerland. De suggestie bestaat dat een aantal maatregelen nog moet worden uitgevoerd, terwijl deze al zijn gerealiseerd. Een aantal moeilijk te realiseren ambities is daarbij gekarakteriseerd als lange termijn optie. Op dit moment heeft Rijnland daarvoor geen middelen beschikbaar. De ambitie wordt ondersteund om te komen tot een robuust watersysteem Het ontwikkelperspectief is in overeenstemming met het beleid van Rijnland en het Kustpact Dat de oorsprong van een waterloop in de vormgeving zoveel mogelijk herkenbaar moet zijn, is geen beleid van Rijnland. Het voorstel wordt gedaan om de betreffende passage te formuleren als: “in de vormgeving van een waterloop is de oorsprong zoveel mogelijk herkenbaar” (spelregel 19). Oorsprong en ontwerp zijn niet altijd meer verenigbaar. Van belang is elkaar vroegtijdig te betrekken bij planvorming. In Hoofdstuk 5 wordt onder Spoor 9 gesproken over de “opstelling van een integrale watervisie in combinatie met een strategische samenwerkingsagenda voor de Binnenduinrand”. Dit heeft weinig meerwaarde ten opzichte van het Watergebiedsplan van Rijnland. Het kan wel meerwaarde hebben indien de nadruk wordt gelegd op klimaatbestendig maken van het gebied.
10.2 10.3 10.4
10.5
11. 11.1
Nationaal Park Zuid-Kennemerland (I) Indiener doet enkele suggesties met tekstvoorstellen om op een goede manier aandacht te geven aan de natuur in de binnenduinrand.
Een goed fietspadennetwerk is van groot belang voor dit gebied. Daarom is het nodig dat een fietspadenplan wordt opgesteld. Dit zal worden opgenomen in het uitvoeringsprogramma, onder het spoor ‘inventarisatie, plan van aanpak en financiering van benodigde recreatieve verkeer- en vervoersverbindingen’. Bij de ontwikkeling van een fietspadenplan voor dit gebied zullen de aanwezige natuurwaarden en de gedane aanbeveling in de afweging worden meegenomen.
Meenemen in de verdere uitwerking van spoor 8 in de uitvoeringsstrategie. Geen aanpassing in Ontwikkelperspectief.
De tekst zal hierop worden aangepast. Voorgesteld wordt voor de toekomstig te nemen maatregelen een coöperatieve vorm te kiezen.
De tekstvoorstellen van Rijnland worden verwerkt in hoofdstuk 3.
De mededeling wordt als een ondersteuning beschouwd. Dit punt wordt beschouwd als constatering van een gegeven. De suggestie wordt graag over genomen om elkaar bij planvorming in een vroeg stadium te betrekken. Ook de tekstwijziging bij spelregel 19 zal worden overgenomen.
Tekstwijziging spelregel 19.
Suggestie wordt overgenomen.
Tekstwijziging spoor 9.
De visie van indiener dat het onderwerp natuur meer aandacht behoeft wordt gedeeld. Dit heeft geleid tot diverse tekstaanpassingen.
De tekstvoorstellen van Stichting Duinbehoud zijn waar mogelijk overgenomen. Op pagina 48 wordt de bestaande kaart van het NPZK
7
vervangen door een kaart met daarop de begrenzing van N2000, NNN en NPZK. De kaart landschappelijke hoofdstructuur heet nu “landschappeljike en ecologische hoofdstructuur”. 12. 12.1
Nationaal Park Zuid-Kennemerland (II) Indiener doet enkele suggesties met tekstvoorstellen waarmee de positie van het Nationaal Park beter wordt vormgegeven. Zij verzoekt een natuurambitie toe te voegen. Zij verzoekt het Nationale Park te vergroten met de groene binnenduinrand. Zij onderschrijft het nut van een onderzoek naar entrees en routes ten behoeve van de bereikbaarheid in de regio, zoals omschreven in spoor 8 van de uitvoeringsstrategie.
13.
Gemeente Noordwijkerhout en Cluster Duin- en Bollenstreek Bij het opstellen van het ontwikkelperspectief heeft geen samenwerking plaatsgevonden met het Cluster Duin- en Bollenstreek. De visie op landschap, natuur en recreatieve netwerken stopt abrupt bij de provinciegrens.
13.1
13.2
13.3
De aandacht voor natuur, open landschap, recreatieve en economische ontwikkeling wordt gedeeld, overeenkomstig de structuurvisie en het gebiedsprogramma van de Cluster Duinen Bollenstreek. In 2016 heeft het cluster de geactualiseerde Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport vastgesteld. Het cluster is bezig het programma verder uit te werken, zoals het onderdeel Trekvaart Leiden-Haarlem, waarbij Haarlem, Heemstede, Bloemendaal en de provincie NH zijn betrokken. Het cluster wil de samenwerking uitbreiden naar alle recreatieve netwerken (wandelen, fietsen, sloepen, kano). Dat geldt ook voor verbindingen van de natuur.
Teksten over de natuurdoelstellingen zullen in de tekst worden opgenomen. De positie van het Nationaal Park zal verder onderzocht worden in het uitvoeringsspoor ‘verkenning van de mogelijkheden om het gehele duingebied onder de noemer van Nationaal Park te brengen en als zodanig te promoten’. In de binnenduinrand is sprake is van hoofdzakelijk particulier grondbezit. Daarom zal zorgvuldig onderzocht moeten worden wat de consequenties zijn van vergroting van het Nationaal Park. Dit mag geen belemmering vormen voor het voortbestaan en de ontwikkelmogelijkheden van deze particulieren, binnen de spelregels van het Ontwikkelperspectief. Particuliere grondbezitters en terreinbeheerders zullen bij dit onderzoek worden betrokken.
De tekstvoorstellen van het NPZK zijn waar mogelijk overgenomen.
In het Ontwikkelperspectief is het plangebied aan de zuidkant afgebakend tot aan de provinciegrens. Het is echter niet de intentie geweest om de visie te beperken tot dit gebied. Er zijn al contacten om deze visie te verknopen met de visies in de omgeving. De mededeling wordt als een ondersteuning beschouwd.
Geen aanpassing.
Zie de beantwoording onder 13.1. Op dit moment zijn al gesprekken gaande waarin de mogelijkheden voor samenwerking worden verkend. Voorbeeld is de trekvaart en de nota Hollandse Duinen.
Geen aanpassing.
8
Geen aanpassing.
13.4 13.5
Ook wil het cluster samenwerking aangaan op het gebied van cultuur, integrale watervisie en een uitvoeringsplan voor de buitenplaatsen. Nationaal Park Hollandse Duinen is het duingebied in ZuidHolland van Hoek van Holland tot Hillegom. In het Ontwikkelperspectief is de ambitie geformuleerd het duingebied als één gebied herkenbaar te maken, Dutch Dunes. Dat is een vertaling van Hollandse Duinen. Het cluster nodigt het NPZK uit om samen op te trekken om een aaneengesloten gebied Hollandse Duinen te vormen van Hoek van Holland tot aan het Noordzeekanaal
14. 14.1
Tuincentrum Haan B.V. - Santpoort-Noord Het tuincentrum/de kwekerij bevindt zich in een gebied met een zichtlijn en ecologische verbindingszone. In het Ontwikkelperspectief Binnenduinrand wordt gesproken over uitsterfconstructies en bedrijfsbeëindiging en harde handhaving voor ongewenste ontwikkelingen. Mogelijkheden die door de gemeenteraad zijn gecreëerd in bestemmingsplannen konden niet worden benut vanwege het vasthouden aan het open karakter, de ecologische verbinding en de landgoederenroute. Er zijn eisen en voorwaarden gesteld die onwerkbaar of financieel niet haalbaar zijn. Het ontbreekt het OP aan respect voor mensen en bedrijven die in het gebied actief zijn en passend bij de landschappelijke, historische en recreatieve waarden van dit gebied.
14.2
Door de zichtlijn/openheid heeft de beplanting sterk te leiden onder elke windvlaag of nachtvorst. De laatste storm was fataal voor de helft van de bebouwing.
14.3
Het ecologisch onderhoud van de aangrenzende gebieden geeft een enorme vervuiling met onkruidzaden in de omgeving. Dit levert veel extra werk op.
Zie de beantwoording onder 13.3.
Geen aanpassing.
Zie de beantwoording onder 13.1. Onder het uitvoeringsspoor ‘verkenning van de mogelijkheden om het gehele duingebied onder de noemer van Nationaal Park te brengen en als zodanig te promoten’ komt het herkenbaar maken van één duingebied onderzocht worden. De mogelijkheden voor samenwerking worden verkend.
Geen aanpassing.
Het Ontwikkelperspectief doet geen concrete uitspraken over de gewenste situatie op perceelsniveau. De overheid probeert via beleid een kader te scheppen met als doel het behoud van landschaps- en natuurwaarden. Binnen dat kader blijven voldoende ontwikkelingsmogelijkheden voor ondernemers en particulieren. De ambities uit het Ontwikkelperspectief Binnenduinrand kunnen alleen samen met de ondernemers worden gerealiseerd. De term ‘uitsterfconstructie’ wordt niet gebruikt in het Ontwikkelperspectief. Bedrijfsbeëindiging vindt uiteraard alleen plaats op vrijwillige basis of als er geen bedrijfsopvolger is. Op pagina 42 van het Ontwikkelperspectief (onderaan) staat ook “continuering of verbreding van de bedrijfsactiviteiten en de facilitering daarvan” als mogelijkheid genoemd. Uiteraard zijn wij vóór behoud van goed functionerende bedrijven in het gebied, op een manier die passend is in het landschap. In het bestemmingsplan zijn mogelijkheden geboden voor aanpassing of uitbreiding van het bedrijf van de indiener. Door indiener kan binnen het tuincentrum/terrein gekeken worden naar een andere ruimtelijke indeling of naar uitbreiding van bebouwing, waardoor kwetsbaar plantgoed beter wordt beschermd tegen weersinvloeden. Zie ook de beantwoording onder 14.1.
Geen aanpassing.
Het tegenover liggende terrein wordt voor de meeste bloei gemaaid. De bermen langs de Biezenweg worden meerdere keren per jaar gemaaid. Het is daarom niet te verwachten dat indiener last heeft van onkruid door het ecologisch beheer van de gemeente. Het Ontwikkelperspectief Binnenduinrand doet geen uitspraken op dit detailniveau.
Geen aanpassing.
9
Geen aanpassing.
15. 15.1
15.2
16. 16.1
LTO- Noord Op Bladzijde 38 wordt aangegeven dat gestreefd wordt naar het langer vast houden van kwelwater aan de voet van de binnenduinrand. Uit een oogpunt van agrarisch grondgebruik, zou daaraan als voorwaarde moeten worden toegevoegd dat te nemen maatregelen geen nadelige gevolgen zullen hebben voor het agrarisch gebruik. Op bladzijde 42 wordt melding gemaakt van het opstellen van een ontwikkelstrategie voor land- en tuinbouwbedrijven. LTO wil daarbij betrokken zijn. De formulering: “continuering of verbreding van bedrijfsactiviteiten” zou moeten worden aangevuld met “voldoende ruimte voor ontwikkeling van de hoofdactiviteiten”. Waternet Indiener spreekt zijn waardering uit over het document en zien dit als een uitnodiging om samen aan de slag te gaan met de uitwerking van de ambities. Indiener geeft aan dat in het ontwikkelperspectief niet duidelijk is wat het werkgebied omvat, een knelpuntenanalyse ontbreekt, een ambitie voor natuur ontbreekt, het kaartbeeld voor natuur ontbreekt, de resultaten van het Kustpact nog verwerkt moeten worden en ten slotte het nationaal park moet worden uitgebreid met buitenplaatsen en open ruimte.
16.2
De ingang van het Panneland is geen logische plek voor een TOP locatie. De bereikbaarheid per openbaar vervoer en auto is daarvoor te gebrekkig. De ingang van De Oase, of de Zandvoortselaan zijn logischer.
16.3
Er is geen analyse voor de behoefte aan recreatieve fietsontsluitingen. De keuze voor een fietspad vanaf het Panneland richting Zandvoort door de Amsterdamse Waterleidingduinen is niet logisch, mede gezien de rechterlijke uitspraak over een eerder tracé voorstel.
Het vasthouden van kwelwater in agrarische gebieden kan inderdaad op gespannen voet staan met de agrarische functie. Daarom zal bij de regionale strategie voor de reeks open ruimten (spoor 2) het agrarisch belang zorgvuldig worden meegewogen.
Geen aanpassing.
Het geven van voldoende ruimte voor ontwikkeling van de hoofdactiviteiten, is onderdeel van het uitgangspunt. Suggestie wordt overgenomen. Uiteraard is de LTO een belangrijke partij bij het uitwerken van dit spoor.
Het tekstvoorstel wordt overgenomen.
De mededeling wordt als ondersteuning beschouwd. Het Ontwikkelperspectief beoogt het geven van een kader voor de bescherming van de bijzondere landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden van het gebied van de binnenduinrand. Er zal een kaart worden toegevoegd waarop de natuurgebieden zijn aangegeven. In het uitvoeringsprogramma zullen projecten worden opgenomen die antwoord geven op de vragen: onderzoeken of en op welke wijze het Nationale Park kan worden vergroot; het ontwikkelen van een fietspadenplan. Zie ook de beantwoording onder 12.
De lijn en zonering voor de kustgemeenten uit het Kustpact en het Toekomstperspectief NoordHollandse kust wordt verwerkt in het OPB en in de kaart recreatieve en toeristische structuur.
Met betrekking tot de knelpuntenanalyse: voorafgaand aan het Ontwikkelperspectief is een Plananalyse uitgevoerd, waarin de knelpunten en de uitgangspunt voor het opstellen van het Ontwikkelperspectief zijn benoemd. Met deze opmerking wordt ingestemd. De aanduiding TOP (Toeristisch Overstap Punt) wordt verplaatst naar de ingang De Oase.
Een goed fietspadennetwerk is van groot belang voor dit gebied. Daarom is het nodig dat een fietspadenplan wordt opgesteld. Dit zal worden uitgewerkt in het uitvoeringsprogramma, onder het spoor ‘inventarisatie, plan van aanpak en financiering van benodigde recreatieve verkeer- en vervoersverbindingen’.
10
Aanpassingen: Op kaarten toeristisch recreatieve structuur en Ontwikkelperspectief wordt het symbool TOP verplaatst naar de ingang De Oase. Op kaarten toeristisch recreatieve structuur en Ontwikkelperspectief wordt de fietsroute langs de Waterleidingduinen indicatief aangegeven.
De fietsroute langs de Waterleidingduinen zal op de kaarten als indicatief worden aangegeven.
17. 17.1
17.2
17.3
17.4
Vereniging behoud landgoed Meer en Berg Indiener vindt de volgende punten in de nota goed: het is een gezamenlijk product van de vijf/zes gemeenten van Zuid-Kennemerland; de intentie van ambities en (spel)regels voor behoud, herstel en verbetering voor de binnenduinrand; de kernwaarden of -kwaliteiten van het landschap zijn leidend zijn bij ruimtelijke ontwikkelingen en beheervraagstukken; de nota sluit goed aan op de intenties en uitgangspunten van de nieuwe Omgevingswet; het OPB gaat deel uitmaken van de Gebiedsagenda, dat bijdragen levert voor het Bestuurlijk Overleg MIRT Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport). Het gaat bij de spelregels slechts om behoud van de leesbaarheid (niet bescherming) van het landschap en bij ambities om streefbeelden. Indiener vreest dat bij een goed verhaal –en de nodige lobbydruk– feitelijk elke ontwikkeling mogelijk is. Een tot meer verplichtende visie op behoud en bescherming vindt indiener wenselijk. De doorwerking van de regels zal via het regionaal beleid verankerd moeten worden, zodat voor het hele gebied duidelijkheid wordt gecreëerd.
Hieronder volgt een aantal verbetervoorstellen: Het Ontwikkelperspectief moet meer worden gericht op de eigen regio i.p.v. op de MRA (de MRA is in principe gericht op versterken van de internationale concurrentiepositie). Het Ontwikkelperspectief is te zeer gericht op toerisme en andere soorten van economische ontwikkelingen. Men zal zich moeten afvragen of extra recreatie in gebieden, die aan de rand van de duinen d.i. Natura 2000 gebieden liggen en die veelal tot het Natuur Netwerk Nederland (NNN) worden gerekend, daar thuis hoort.
De mededeling wordt als een ondersteuning beschouwd.
Geen aanpassing.
Veel van de kernkwaliteiten van het plangebied hebben te maken met de leesbaarheid van het landschap. Logisch dat de spelregels daar op inspelen. De spelregels bieden in die zin een bescherming van het landschap maar zijn er met name ook op gericht dat ontwikkelingen een positieve bijdrage leveren aan het landschap. Borging van de spelregels in het regionaal beleid is één van de sporen voor de uitvoeringsstrategie. Met de spelregels wordt regionaal afgesproken wat minimaal de te behouden kwaliteiten zijn. Het staat de afzonderlijke gemeenten vrij om strengere regels te formuleren.
Geen aanpassing.
Het Ontwikkelperspectief is gericht op de eigen regio. Het probeert oplossingsrichtingen te bieden voor de dilemma’s die voor het landschap worden opgeworpen door de MRAopgaven, zoals toeristische druk en de woningbouwopgave. In het Ontwikkelperspectief wordt de ‘ontwikkeling van kustplaatsen tot Amsterdam Beach, met behoud van rust en ruimte’ als een van de ambities aangedragen. In de volgende fase wordt deze ambitie verder uitgewerkt. Daarnaast volgt de visie de lijn voor de kustgemeenten, zoals die in het Kustpact is opgenomen. De verdere uitwerking hiervan volgt. Hier geldt dat een optimum moet worden gezocht tussen economische ontwikkeling en behoud van rust, ruimte en daarmee de landschappelijke kwaliteit.
Geen aanpassing.
11
De lijn uit het kustpact voor de kustgemeenten wordt verwerkt in het OP Binnenduinrand.
17.5
Het is een onduidelijke visie met te veel openstaande vragen. Concretisering is gewenst, zoals: meer duidelijkheid door Zuid-Kennemerland in zones te verdelen: stads-en dorpenzone, landgoederenzone (met open ruimten), en kust- en duinzone; het opnemen van een overzicht in het Ontwikkelperspectief of het benoemen waar en hoeveel kunstgrasvelden met of zonder lichtmasten in het plangebied aanwezig en gepland zijn; het aangeven van woningbouw- en verstedelijkingsplannen; het beter in de spelregels omschrijven van de ambitie dat voor sportvelden een beperkt gebruik van kunstgras, geluidsinstallaties en verlichting. Indien overal tegelijk rekening mee moet worden gehouden zonder gebieden af te bakenen dan wordt het vlees noch vis. Ook hier is concretisering gewenst. Voor beide plangebieden is de oostelijke grens te krap gekozen. Ontwikkelingen nabij en direct aan de oostzijde van het Spaarne dienen ook volgens de spelregels van het OPB plaats te vinden. De oevers kunnen groener worden ingericht.
In het Ontwikkelperspectief wordt al met de genoemde zones gewerkt. Het opnemen van een overzicht voor de (kunst)grasvelden in de binnenduinrand gaat teveel op detailniveau. Wel is dit onderdeel van de ambitie voor het landschappelijk kantwerk (par. 3.2.4). Het is de bedoeling dit te gaan borgen in de verschillende ruimtelijke plannen. De concretisering vindt plaats in de volgende fase bij het uitvoeringsspoor ‘opstellen van een regionale strategie voor de gehele reeks open gebieden, waarin gezocht wordt naar de optimale mix van agrarische functies, natuur, recreatie en landschappelijke waarden, inclusief de realisatie van verbindingszones naar het achterland’.
Geen aanpassing.
Er is geen aanleiding om de grenzen van het plangebied aan te passen. Grenzen voor dit soort plannen zijn diffuus. Voor wat betreft de aangehaalde gebieden wordt tevens verwezen naar de visie voor het groengebied Amsterdam-Haarlem. Overigens kan iets als het buiten het plangebied valt evengoed langs de lijn van het Ontwikkelperspectief worden aangepakt.
Geen aanpassing.
17.7
De verschillende soorten van woningbouwopgaven moeten nadrukkelijker in het Ontwikkelperspectief worden opgenomen (woonvisie verschillende gemeentes ontbreken), inclusief een betere visualisering van de locaties op de op de kaart Hoogwaardig woonmilieu.
De woningbouwopgave is bekend en daarvan zijn de betrokken partijen zich bewust. Die opgave is echter gericht op het bestaand stedelijk gebied. Het Ontwikkelperspectief richt zich vooral op het buitengebied. Om die reden wordt er in het Ontwikkelperspectief niet nadrukkelijk ingegaan op de woningbouwopgave.
Geen aanpassing.
17.8
De bescherming van natuur en cultuurhistorie (incl. aankoopbeleid) moet nadrukkelijker in het OPB terugkomen, waaronder concreet: het natuurlijk reliëf en zicht vanaf feitelijk de gehele hoge duin-of steilrand over de dorpen naar het achterland; de doelstelling uit het Kennemerzoomproject uit 2001 om een samenhangende groenstructuur te ontwikkelen, d.w.z. dat de buitenplaatsen tot een geheel met elkaar worden verbonden waardoor de landgoederenzone nog beter herkenbaar wordt; De buitenplaatsen zijn niet alleen voor recreatie bedoeld maar zeker ook voor het behoud van natuurwaarden. het schrappen van Park Brederode als voorbeeld van een landschappelijk goede inpassing;
Beantwoording van dit punt hangt samen met de beantwoording van andere inspraakreacties op het punt van meer natuurbescherming en cultuurhistorie. De tekstvoorstellen van inspraakreactie 11, 12, 21 worden overgenomen; eens met het standpunt van indiener. De aangehaalde uitzichtpunten zijn bedoeld als voorbeeld; Dit gebeurt al in het OPB, zie de spelregels 8, 19 en 20 en uitwerkingsspoor 1; in de tekst voor de buitenplaatsen zal de natuurfunctie explicieter benoemd worden. Het benoemen van Park Brederode is bedoeld als voorbeeld om het principe van een goede landschappelijke inpassing te illustreren. Er is geen aanleiding de zinssnede te schrappen;
Zie Tekstvoorstellen inspraakreacties 11, 12, en 21. De tekst zal worden aangepast op de natuurwaarden van de buitenplaatsen.
17.6
12
-
17.9
17.10
17.11
17.12
17.13
het beter aangeven hoe landschappelijk belangrijke gebieden als De Verdolven Landen voor natuurontwikkeling worden veiliggesteld. Het te koop aanbieden van deze gronden aan particulieren past daar niet in.
Een tot meer verplichtende visie op behoud en bescherming van de kernwaarden van het gebied is wenselijk. Een kansenen bedreigingenanalyse ontbreekt in het Ontwikkelperspectief Binnenduinrand (mogelijk door het ontbreken van woningbouwopgaven en een visie op de Omgevingswet). De Santpoortse-Bloemendaalse Vallei moet worden voorzien van het predicaat “prioriteit” voor een algehele ruimtelijke verbetering van het aardkundig cultuurmonument en moet als zodanig op de kaart van “Hoogwaardige landschappelijke structuur” worden aangegeven.
Afbeelding 59 met vier landgoedtypen-duinlandgoederen, strandwallandgoederen, meerlandgoederen en trekvaartlandgoederen is onduidelijk. Deze moeten worden vervangen door de afbeeldingen of plattegronden in het boekje ‘Visie Landgoederenzone Zuid- en Noord-Holland’ van de TU-Delft (pagina’s 14, 16 en 18 en 20). Er moet een vijfde landgoedtype, nl. het strandvlaktelandgoed, worden opgenomen en apart worden verwerkt in een schets behorende bij afbeelding 59. Daarnaast moet de plattegrond van afbeelding 58 worden aangepast. Het Ontwikkelperspectief zal meer duidelijkheid moeten geven over hoe de spelregels in beleid worden verankerd.
Indiener stelt voor de landgoederen en buitenplaatsen de volgende aanpassingen voor: de vaststelling van een kasteel-en landgoedbiotoop als beschermingsinstrument voor buitenplaatsen en hun omgeving, conform de provincie Zuid-Holland of Utrecht;
-
Het Rijk en de provincie Noord-Holland hebben bepaald dat natuurbeheer ook door particulieren kan geschieden. Daarvoor zijn ook kaders opgesteld. Die kaders bieden voldoende bescherming om de kernwaarden van de aangehaalde gebieden te beschermen. In de vorige fase heeft een uitgebreide gebiedsanalyse plaatsgevonden. Daarop is het Ontwikkelperspectief gebaseerd. Verder moet nogmaals worden benadrukt dat het hier om het behoud en versterking van landschap gaat en niet om het accommoderen van de woningbouwopgave. Het OPB is een visie en geen projectenprogramma. In de context van het behoud en versterking van de structuur van de open gebieden wordt dit gebied meegenomen als onderdeel van het spoor ‘opstellen van een regionale strategie voor de gehele reeks open gebieden, waarin gezocht wordt naar de optimale mix van agrarische functies, natuur, recreatie en landschappelijke waarden, inclusief de realisatie van verbindingszones naar het achterland’. Er is op het abstractieniveau van het Ontwikkelperspectief nog geen aanleiding voor verbijzondering. Afbeelding 59 wordt vervangen door de afbeelding van typen buitenplaatsen uit de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie. Deze is vergelijkbaar met de verbeelding uit de visie van de TU Delft. Het 5e type, de strandvlaktebuitenplaats, wordt toegevoegd in de tekst, in paragraaf 4.4.
Dit gebeurt door de spelregels op te nemen in de bestemmings- en omgevingsplannen en –visies. Het zelfde geldt voor de ambities, deze worden “doorvertaald” in de visies en concrete ruimtelijke plannen. Hiervoor is ook uitvoeringsspoor 10 benoemd ‘Inbedding van de spelregels in de bestemmingsplannen, visies en programma’s’.
- Een buitenplaatsbiotoop is impliciet al opgenomen in spelregel 8, maar zal worden opgenomen in de hoofdtekst (groene tekstvak).
13
Geen aanpassing.
Geen aanpassing.
Afbeelding 59 wordt vervangen door de afbeelding van type buitenplaatsen uit de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie. Deze is vergelijkbaar met de verbeelding uit de visie van de TU Delft. Het 5e type, de strandvlaktebuitenplaats, wordt toegevoegd in de tekst, in paragraaf 4.4. Geen aanpassing.
De term ‘buitenplaatshabitat’ bij spelregel 8 wordt vervangen door ‘buitenplaatsbiotoop’ en is opgenomen in de hoofdtekst.
-
17.14
17.15
18. 18.1
een integrale aanpak van de buitenplaatsen, zoals bij de stelling van Amsterdam, waaronder het onderzoeken of de landgoederenzone van ZuidKennemerland (eventueel in combinatie met ’t Gooi) aan de eisen en criteria, die aan het predicaat “werelderfgoed” van UNESCO gesteld worden, kan voldoen. Met dit predicaat zal de landgoederenzone een grotere bekendheid genieten en zal ook de bewustwording van ons cultureel erfgoed worden vergroot; het Ontwikkelperspectief gaat onvoldoende in op de problematiek zonder een handreiking te doen om ongewenste ontwikkelingen te voorkomen. Alleen een paar regels aanreiken - hoe goed deze regels ook zijn - is onvoldoende. Het Ontwikkelperspectief lijkt in de verte op het Landschapsbeleidsplan (LBP). Indiener pleit daarom voor een duidelijkere systematiek voor het Ontwikkelperspectief, die vergelijkbaar is met het Landschapsontwikkelingsplan (LOP).
Daarnaast heeft indiener nog enkele kleine aanpassingsvoorstellen, te weten: De Cultuurcompagnie, genoemd op blz. 33, bestaat als zodanig niet meer. Sinds 1 januari 2017 staat de Cultuurcompagnie bekend als NMF Erfgoedadvies; Een literatuurlijst ontbreekt; De kaart op pagina 14, een kopie uit de Verkenning actieprogramma uit maart 2015 is onscherp en de legenda is onleesbaar. Verhelderend is misschien als nog een extra kaartje van de verschillende bestuursregio’s wordt toegevoegd, maar dan bijvoorbeeld in de lengte op A4-grootte. Blijft Haarlemmerliede en Spaarnwoude een bestuurlijke eenheid met Zuid-Kennemerland vormen?
Nationaal Park Hollandse Duinen (Dunea) Dunea is initiatiefnemer van het Nationaal Park Hollandse Duinen. Ambities zijn gericht op behoud van natuur, landschap en erfgoed. In het Ontwikkelperspectief houden de natuurlijke en landschappelijke structuren op bij de provinciegrens. Dunea heeft daar zorg over en nodigt uit om samenwerking te verkennen.
- Een integrale aanpak van de buitenplaatsen wordt al voorgestaan. Daarnaast wordt aangehaakt bij bestaande trajecten. Een integrale aanpak van de buitenplaatsen wordt al voorgestraan in spoor 1 van de uitvoeringsstrategie. In de volgende fase zal een plan van aanpak wordenuitgewerkt voor de uitwerking van dit spoor. Hierbij kan eventueel worden onderzocht of het gebied aan de criteria vanwerelderfgoed zou kunnen voldoen. Dit zijn aspecten die in de volgende fase verder worden geconcretiseerd. Het is helder dat bij de buitenplaatsen veel verschillende aspecten bij elkaar komen. - In spelregels 10 en 11 wordt die handreiking wel gedaan. Ook hier geldt dat in de volgende fase verdere concretisering volgt. Het Ontwikkelperspectief is niet bedoeld als LBP of LOP. De doelstelling van het Ontwikkelperspectief is behoud en ontwikkeling van de kernkwaliteiten van het landschap in de Binnenduinrand. In de volgende fase volgt concrete uitwerking. Er is geen aanleiding de structuur van het stuk aan te passen.
-
Aanpassen.
-
Literatuurlijst toevoegen. de kaart op pagina 14 wordt aangepast; Formeel gezien maakt Haarlemmerliede geen deel meer uit van de regio Zuid-Kennemerland. Dit neemt niet weg dat ook in de toekomst overleg over gedeelde opgaven en visie zal blijven plaatsvinden. Over de wijze waarop dit overleg moet worden vormgegeven zal nog nadere besluitvorming plaatsvinden. Een extra kaart met de verschillende bestuursregio’s voegt in onze ogen niets toe. Afbeelding 1 geeft het plangebied weer,
In het Ontwikkelperspectief is het plangebied aan de zuidkant afgebakend tot aan de provinciegrens. Het is echter niet de intentie geweest om de visie te beperken tot dit gebied. Er zijn al contacten om deze visie te verknopen met de visies in de omgeving.
14
Geen aanpassing.
Geen aanpassing.
Cultuurcompagnie wordt veranderd in NMF Erfgoedadvies op blz 33. Laatste alinea van blz. 33 wordt aangepast. de kaart op pagina 14 wordt aangepast. Literatuurlijst is toegevoegd Geen aanpassing
Geen aanpassing.
18.2
Nationaal Park Hollandse Duinen is het duingebied in ZuidHolland van Hoek van Holland tot Hillegom. In het Ontwikkelperspectief is de ambitie geformuleerd het duingebied als één gebied herkenbaar te maken, Dutch Dunes. Dat is een vertaling van Hollandse Duinen. Dunea nodigt het NPZK uit om samen op te trekken om een aaneengesloten gebied Hollandse Duinen te vormen van Hoek van Holland tot aan het Noordzeekanaal.
19. 19.1
Inwoner Haarlem Na het doorlezen van het gehele ontwikkelplan wil ik u voor het perceel gelegen aan de Vlaamseweg 10 te Haarlem een potentiele toekomstsituatie voorstellen, rekening houdende met de door u voorgestelde sporen voor de uitvoeringsstrategie en spelregels voor ruimtelijke ontwikkelingen
20. 20.1
Stichting Haarlemse Bouwplannen Het denken van overheidswege over het duingebied lijkt sinds tientallen jaren ongewijzigd. Toerisme, het circuit en Amsterdam Beach voeren met hun economische belangen nog altijd de boventoon en komen de landschappelijke kwaliteiten en de rust in Zuid-Kennemerland niet ten goede. In de zienswijze wordt een aantal voorbeelden genoemd van beheer van landschap en buitenplaatsen.
20.2
Met betrekking tot Berkenrode wordt gewezen op het slechte beheer en de mogelijkheid dat de gemeente Heemstede woningbouw wil toestaan om de buitenplaats te redden. Alle ambities die in het ontwikkelperspectief worden genoemd betekenen een aanslag op het hele gebied. Deze zouden moeten worden ingeruild voor 1 ambitie: “van nu af aan handen af van Kennemerland”.
Momenteel zijn al gesprekken gaande, waarin de mogelijkheden voor verdere samenwerking worden verkend. Dit maakt nadrukkelijk onderdeel uit van de uitwerking van spoor 4 van het uitvoeringsplan.
Geen aanpassing.
We beschouwen dit niet als een reactie op het Ontwikkelperspectief maar als initiatief om te komen tot herontwikkeling van deze locatie. Het initiatief is in april 2018 doorgestuurd naar de afdeling Klant Contact Centrum van de gemeente Haarlem om verder opgepakt te worden.
Geen aanpassing.
Het Ontwikkelperspectief heeft als doel het unieke en hoogwaardige landschap van de Binnenduinrand voor de toekomst veilig te stellen en ontwikkelingen te benutten om de kwaliteit van het landschap verder te versterken. Heel defensief een kaasstolp over het gebied plaatsen werkt op de lange termijn niet omdat zich sluipenderwijs toch ongewenste ontwikkelingen voordoen. Daarom kiezen we voor een ontwikkelgerichte aanpak waarbij een optimum moet worden gezocht tussen economische ontwikkeling en behoud van rust, ruimte en daarmee de landschappelijke kwaliteit. Binnen de natuurgebieden is het beleid ongewijzigd. De natuurdoelen staan voorop en recreatief medegebruik is mogelijk zolang de Wezenlijke Kenmerken en Waarden van het gebied niet worden aangetast. Dit geldt ook voor de buitenplaatsen in de natuur.
Geen aanpassing.
Stichting Berkenrode wenst een tweetal nieuwe woningen op de buitenplaats te bouwen en 1 bestaande woning te verplaatsen. Door het toevoegen van deze economische drager kan de stichting de buitenplaats duurzaam in stand houden. De gemeente Heemstede heeft de eigenaren van de buitenplaats Berkenrode de ruimte gegeven om te onderzoeken of dit mogelijk is. Als er geen sprake is van een goede ruimtelijke ordening, bijvoorbeeld doordat de kernwaarden van de buitenplaats worden aangetast, zal de gemeente Heemstede geen bebouwing op het terrein van de
15
buitenplaats Berkenrode toestaan. Er is nog geen besluit genomen om de gevraagde woningen toe te staan. 21. 21.1
21.2
21.3
21.4
22. 22.1
Natuurmonumenten (I), mede namens Landschap Noord-Holland, PWN en Stichting Duinbehoud Indiener doet enkele suggesties met tekstvoorstellen waarmee de natuurambitie vormgegeven wordt. Tevens doet de indiener het voorstel de 20 spelregels terug te brengen tot bijvoorbeeld de 10 Gouden regels door het samenvoegen van spelregels. Indiener verzoekt een themakaart natuur toe te voegen.
Indiener suggereert de verschillende instrumenten die mogelijk gebruikt kunnen worden naast de financiering te inventariseren, met de doelstelling meer ambities te kunnen realiseren Indiener stelt voor icoonprojecten aan het perspectief toe te voegen en biedt aan daar aan bij te dragen. Als voorbeeld wordt de omgeving van de ruïne Brederode genoemd.
Natuurmonumenten (II), mede namens 5 organisaties Indiener geeft aan dat de spelregels een goede basis vormen voor de ontwikkeling van de ruimte rond Brederode en verzoekt de spelregels in dit gebied goed toe te passen. Indiener verzoekt de omgeving van de ruïne van Brederode op te pakken als een icoonproject, waarmee de omgeving
Teksten die tot doel hebben de natuur beter in de teksten te verankeren zullen worden opgenomen. Spelregels samenvoegen is in deze fase niet haalbaar en zal niet worden overgenomen. De spelregels zijn al geclusterd naar thema.
Natuurmonumenten e.a. Teksten overgenomen.
Op pagina 52 wordt de bestaande kaart van het NPZK vervangen door een kaart met daarop de begrenzing van Natura 2000, Natuur Netwerk Nederland (NNN) en Nationaal Park Zuid-Kennemerland (NPZK). De kaart landschappelijke hoofdstructuur heet nu “landschappelijke en ecologische hoofdstructuur”.
Op pagina 52 wordt de bestaande kaart van het NPZK vervangen door een kaart met daarop de begrenzing van N2000, NNN en NPZK.
In de uitvoering zal deze suggestie overgenomen worden.
De kaart landschappelijke hoofdstructuur heet nu “landschappelijke en ecologische hoofdstructuur”. In het uitvoeringsprogramma zal een financieringsplan worden opgenomen.
We onderkennen dat de ruïne van Brederode een zeer bijzonder object is dat, in samenhang met de omgeving, belangrijk is voor het gebied. De eerste twee sporen voor de uitvoeringsstrategie betreffen het opstellen van een regionaal uitvoeringsplan voor de buitenplaatsen en het opstellen van een regionale strategie voor de hele reeks open gebieden in de binnenduinrand. Deze twee sporen hebben betrekking op het gebied; de ruïne en haar omgeving zal hierin nadrukkelijk aan de orde komen. De belangen van de ruïne en haar omgeving zijn via deze twee sporen van de uitvoeringsstrategie voldoende gewaarborgd. Bij de uitwerking van deze sporen zullen de diverse partijen worden betrokken.
Geen aanpassing.
Zie beantwoording 21.4. In de omgeving van de ruïne van Brederode spelen op dit moment een aantal initiatieven waarvoor op gemeentelijk niveau de ruimtelijke mogelijkheden zijn uitgewerkt in een bestemmingsplan, dat ter vaststelling bij de raad ligt. Partijen
Geen aanpassing.
16
van Brederode als een integraal geheel kan worde uitgewerkt. 23. 23.1
Historische vereniging Heemstede – Bennebroek Indiener ondersteunt het streven uit het voorwoord jaarlijks een conferentie met alle partners over de voortgang houden. Indiener adviseert de vorm van zo’n jaarlijkse bijeenkomst al op korte termijn te definiëren
23.2
Indiener is graag bereid deel te nemen in de werkgroep die bij spoor 1 hoort (buitenplaatsen). Indiener raadt aan ook andere erfgoedverenigingen uit te nodigen om in die werkgroep zitting te nemen. Er zijn plannen om in het Manpadslaangebied woningbouw te realiseren, waar je in de ogen van indiener (en vele anderen in Heemstede) heel terughoudend in moet zijn en die je bij voorkeur zou moeten zien te voorkomen. De doelstelling van het Ontwikkelperspectief Binnenduinrand ten aanzien van het Manpadslaangebied sluit dus aan bij de zienswijze van indiener: een groen en open Manpadslaangebied. Indiener wil dan ook graag meedenken over dit specifieke onderdeel van de nota.
23.3
24. 24.1
24.2 24.3
Inwoner Zandvoort Indiener vraag aandacht voor: De noodzaak van burger participatie ook in de vervolgfasen. Gevraagd wordt in het Ontwikkelperspectief duidelijk aan te geven op welke momenten en in welke vorm aan bedoelde participatie recht wordt gedaan. Behoud van het Kostverlorenpark als onderdeel van het te behouden zeedorpenduinlandschap. Het te hoge aantal exploitatiedagen van het circuit
zijn in het kader van de procedure gehoord en er vindt nog nader onderzoek plaats.
Suggestie wordt bij de verdere uitwerking meegenomen.
In paragraaf 5.2 zal deze suggestie worden opgenomen in de tekst.
Goed om te horen, dank voor het aanbod! Dit aanbod wordt meegenomen bij de verdere uitwerking en wij laten hierover van ons horen.
Geen aanpassing.
De uiteindelijke ruimtelijke afweging, gelet op de status van het stuk, ligt bij de gemeente (in dit geval Heemstede). Die moeten bij de besluitvorming verantwoorden hoe hun besluit zich verhoudt tot het Ontwikkelperspectief. Als het besluit afwijkt van de spelregels in het Ontwikkelperspectief dan zal daar een goede motivatie aan ten grondslag moeten liggen. Meedenken wordt altijd op prijs gesteld. Zie de beantwoording bij het vorige punt.
Geen aanpassing.
Burgerparticipatie is bij elke fase belangrijk. Ook de volgende fase wanneer een uitvoeringsprogramma wordt opgesteld zal er ruimte zijn voor burgerparticipatie.
Geen aanpassing.
Het Ontwikkelperspectief Binnenduinrand is niet gericht op een verandering van de huidige situatie van het Kostverlorenpark, Het circuit van Zandvoort is een belangrijke recreatieve drager van de regio. Over het aantal geluidsdagen van het circuit doen we in dit Ontwikkelperspectief geen uitspraken. De huidige regelgeving rond het circuit wordt gerespecteerd. Mocht het aantal geluidsdagen in de toekomst worden gewijzigd, dan zal hiervoor een apart juridisch traject worden opgestart. Daarbij worden de ambities van het Ontwikkelperspectief meegewogen.
Geen aanpassing.
17
Geen aanpassing.
25.
Inwoonster Haarlem (informatie avond) Het fietspad Oase – Bentveld als weergegeven op de kaart Toeristische en economische structuur is onlangs in een rechtszaak afgekeurd. Verzoek is deze door te halen.
De kaart zal worden aangepast, waarbij de fietsroute indicatief wordt weergegeven. Bij het uitwerken van een fietspadenplan volgens spoor 8 zullen de suggesties worden meegenomen.
Kaart aanpassen met indicatieve pijl.
Bestuurlijk is afgesproken dat Haarlem de trekkersrol heeft bij het opstellen van dit Ontwikkelperspectief.
Geen aanpassing.
Bij de start is een plananalyse uitgevoerd, welke het vertrekpunt was bij het opstellen van het Ontwikkelperspectief.
Geen aanpassing.
Alternatieven: 1. door waterleidingduinen; 2. bestaand fietspad door Aerdenhout, Bentveld en landgoederen; 3. route globaler aangeven. 26. 26.1
Inwoner Bloemendaal (informatie avond) Waarom is Haarlem trekker van Ontwikkelperspectief?
26.2
Waarom is er geen nulmeting gedaan?
18
27.
Tuincentrum Haan B.V. - Santpoort-Noord (informatie avond) Indiener vraagt wat er gebeurt als bedrijfseigen goederen en producten als storend voor het ‘droombeeld’ worden ervaren? Vindt hier handhaving op plaats en op basis waarvan? Vindt er dan compensatie plaats?
Indiener heeft tijdens de informatieavond deze vragen gesteld en een brief gestuurd. Zie 14. Het OP Binnenduinrand doet geen uitspraken op perceelsniveau. Gevestigde rechten, zoals vastgelegd in het bestemmingsplan, worden gerespecteerd. De aangeboden goederen en producten moeten passend zijn in de regels van het bestemmingsplan. Daarnaast doet het gemeentelijke Landschapsbeleidsplan uitspraken over gewenste beplantingen op perceelsgrenzen (gebiedseigen beplanting).