CConstaterende datZandvoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Wijzigingsoverzicht Geanonimiseerd

Raadscommissie 10 januari 2023, gemeente ZandvoortBij agendapunt: Vaststellen Omgevingsplan Strand13.174 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

1.1 Inleiding Het ontwerpomgevingsplan ‘Strand’ (IMRO: NL.IMRO.0473.20171364-ON01) heeft ter inzage gelegen van 25 juni 2021 tot en met 3 september 2021. In de periode dat de stukken ter inzage lagen konden zienswijzen worden ingediend. Er zijn 13 zienswijzen tijdig ingediend. De zienswijzen zijn verwerkt in dit wijzigingsoverzicht, dat integraal onderdeel uitmaakt van het definitieve besluit tot het vaststellen van het omgevingsplan ‘Strand’. Adviescommissie van de raad De adviescommissie voor de raad van de gemeente Zandvoort (hierna ‘de adviescommissie’) heeft tot taak de raad van de gemeente Zandvoort te adviseren over naar aanleiding van ontwerpbestemmingsplannen en andere ontwerpbesluiten van omgevingsrechtelijke aard ingediende zienswijzen. De adviescommissie is onafhankelijk. De samenstelling en werkwijze van de adviescommissie is vastgesteld in de Verordening adviescommissie raad 2013. De adviescommissie bestaat uit drie leden en een plaatsvervangend lid. Voorliggend wijzigingsoverzicht betreft een aanvullende beantwoording op de zienswijze en waar nodig is ook gereageerd op het adviesrapport van de adviescommissie (versie januari 2022). 1.2 Leeswijzer In deel 1 van het wijzigingsoverzicht zijn de zienswijzen samengevat (kolom links) en een gemeentelijk antwoord (kolom rechts).

Het wijzigingsoverzicht geeft ook aan wanneer een zienswijze heeft geleidt tot een aanpassing van het omgevingsplan. In deel 2 van het wijzigingsoverzicht zijn de wijzigingen voor het omgevingsplanplan opgenomen. Dit betreft ook wijzigingen naar aanleiding van het advies van de adviescommissie.

1

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

Deel 1 - Overzicht indieners zienswijzen Nr. A. B. C. D. E. F. G. H.

I. J. K.

Naam Bewonersplatform Leefbare Kust Vereniging van Strandpachters Zandvoort Strandpaviljoens Fosfor, Azzuro, Paal 69 en Bodhi Beach VvE Bouwes Palace Rijkswaterstaat WestNederland Noord BRO, namens Inleisure B.V. Veiligheidsregio Kennemerland Blenheim advocaten, namens Hippie Fish (Pinasol B.V.), Kayuca (Surf City B.V) en Ubuntu Beach C.V.1 Circuitpark Zandvoort beheer B.V. Standplaatsvereniging Zandvoort Wieringa advocaten, namens Beach House Hotel (Cobraspen Groep B.V.)

Adres

Huisnummer

Postcode

Plaats

E-mail info@blkzandvoort.nl info@vvsz.nl

Burg. van Fenemaplein Postbus

2232

2042 TA 3500 GE

Zandvoort Utrecht

@gmail.com Aarifa.mohamed@rws.nl

Bosscheweg Postbus Postbus

107 5514 10302

5282 WV 2000 GM 1001 EH

Boxtel Haarlem Amsterdam

info@bro.nl

Postbus

132

2040 AC

Zandvoort

info@circuitzandvoort.nl

Ampèrestraat

2A

2041 CL

Zandvoort

Postbus

10100

1001 EC

Amsterdam

1

rkramer@blenheim.nl

loekemeijer@wieringa.nl

Per ondernemer/strandpaviljoen is een aparte zienswijze ingediend door Blenheim advocaten. Omdat de zienswijzen inhoudelijk identiek aan elkaar zijn, worden deze gezamenlijk behandeld in het wijzigingsoverzicht.

2

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

1. Zienswijzen op ontwerpomgevingsplan Strand A. Bewonersplatform Leefbare Kust (BLK) Nr. Zienswijze

Antwoord gemeente

Algemeen 1.

Een uitgangspunt in de visie lijkt te zijn ‘meer is beter’. Altijd of is in een toekomstbestendige economie ‘beter soms meer’?

Er wordt geen uitbreidingsruimte voor de strandpaviljoens opgenomen in het omgevingsplan Strand in vergelijking tot het huidige bestemmingsplan “Strand en Duin”. Daarnaast zijn er nieuwe regels opgenomen met strengere eisen ten aanzien van duurzaamheid, gezondheid en de uitstraling van de strandpaviljoens, welke ook ten goede komen aan de bewoners en het klimaat.

2.

De centrale doelstelling van het omgevingsplan Strand luidt als volgt:

Een ‘goede balans’ is inderdaad een abstract begrip. Het vinden van een ‘goede balans’ sluit aan bij het doel van de Omgevingswet: het bereiken van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. Daarbij hoort ruimte te zijn voor een goed ondernemersklimaat, maar moeten er ook waarborgen en regels zijn voor een veilige en gezonde fysieke leefomgeving. Daarom zijn er o.a. nieuwe regels gesteld met een verbod op vuurkorven en regels ter voorkoming van lichthinder.

‘het gezamenlijk realiseren van een toekomstbestendig strand gericht op verduurzaming, ruimte en flexibiliteit voor ontwikkeling en (sport)-recreatie, vereenvoudiging van de regels en een goede balans tussen toerisme en de woon- en leefbaarheid van Zandvoort’

3.

De vraag wordt gesteld of én waar er meetbare criteria zijn vastgelegd om tot deze ‘goede balans’ te komen. Het BLK vindt dat in het omgevingsplan Strand de aandacht teveel Gelet op de reacties onder A.1 en A.2 wordt dit standpunt niet gedeeld. ligt op de economische groei van Zandvoort c.q. ondernemers en er te weinig rekening gehouden wordt met ‘de balans tussen toerisme en de woon- en leefbaarheid’.

3

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

Dakterrassen 4.

5. 6.

7.

Het BLK maakt bezwaar tegen het opnemen van dakterrassen bij de strandpaviljoens. Ook als dat geregeld wordt via een binnenplanse vergunningplicht. Het BLK is van mening dat hiermee het woongenot van de bewoners dreigt te worden aangetast. Er is niet onderzocht wat het effect is op de woonomgeving van een groter aantal vertrekkende bezoekers rond sluitingstijd. Er is bovendien een voorzienbaar gebrek aan handhavingscapaciteit om hierop toe te zien en te willen c.q. kunnen handhaven. Zoals een en ander nu wordt voorgesteld in het omgevingsplan Strand, komt het uitgangspunt vooral ten goede aan de economische groei van Zandvoort. De uitleg van het BLK is dat dit vooral ten goede komt aan enkele ondernemers en niet per definitie de Zandvoortse gemeenschap.

In het definitieve omgevingsplan Strand wordt afgezien van de mogelijkheid om een dakterras toe te staan op het gebouw van een strandpaviljoen.

Zie het antwoord onder A.4. Zie het antwoord onder A.4.

Zie het antwoord onder A.4. Aanvullend wordt het volgende opgemerkt. In het omgevingsplan Strand zijn nieuwe regels gesteld om o.a. de verduurzaming van de strandpaviljoens te bevorderen en de algehele uitstraling van de strandpaviljoens op het strand. Ook zal er een verbod gelden op het gebruik van vuurkorven en zijn er regels opgenomen ter voorkoming van lichthinder. Het omgevingsplan Strand komt daarmee ook ten goede aan de bewoners en het algemeen belang van Zandvoort.

Handhaafbaarheid omgevingsplan Strand 8.

Het BLK stelt zich op het standpunt dat het bestuur onderbouwde, toetsbare en handhaarbare regels moet opstellen en zekerheid dient te hebben dat de capaciteit om te handhaven voldoende is, alvorens ontwikkelingen zoals een dakterras bij strandpaviljoens worden opgenomen in het omgevingsplan Strand.

Zie het antwoord onder A.4.

Gestimuleerde (economische) groei 9.

Het BLK ziet dakterrassen en strandbungalows (maar niet beperkt tot deze voorbeelden) als gestimuleerde groei. De gemeenteraad kan pas besluiten nemen wanneer er een volledige onderbouwing is van de (mogelijke) gevolgen van deze besluiten.

Het beleid voor strandbungalows is bestaand beleid, wat is vastgesteld in 2016 door het college van burgemeester en wethouders, na instemming van de gemeenteraad. De uitwerking en de effecten van dit beleid zijn nu ook goed merkbaar, nu er bij meerdere 4

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

strandpaviljoens een aantal strandbungalows zijn geplaatst. Op basis van deze ontwikkelingen en ervaringen, zullen diverse aanscherpingen worden aangebracht in het beleid voor strandbungalows. Ten aanzien van dakterrassen wordt verwezen naar het antwoord onder A.4. DNA Zandvoort 10.

De gemeente ziet zichzelf ten onrechte als een ‘kameleon’ die zich continu aanpast aan de behoefte van de bezoekers. Het BLK vindt dat de gemeente meer moet willen zijn dan een zich continu aanpassende ‘kameleon’.

Dit onderdeel van de toelichting van het omgevingsplan geeft een feitelijke weergave van de resultaten van het project ‘Identiteit Kustplaatsen’ van de provincie NoordHolland.

5

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

B. Vereniging van Strandpachters Zandvoort (VVSZ) Nr. Zienswijze

Antwoord gemeente

Algemeen 1.

Ontwikkelingen zoals meerdere paviljoens die in bezit zijn van één eigenaar kan naast een risico ook een momentum zijn voor een kwaliteitsimpuls. De VVSZ hoopt dat het omgevingsplan de ruimte laat om kwalitatief hoogwaardige impulsen toe te staan en zo de strandbeleving binnen de metropool te verbeteren.

Het omgevingsplan biedt de ruimte voor kwalitatief hoogwaardige ontwikkelingen en daar worden ook eisen aan gesteld om te waarborgen dat er te allen tijde sprake is van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. In het omgevingsplan is wel nadrukkelijk aandacht besteed aan de trend van de afgelopen jaren, waarin meerdere strandpaviljoens in het bezit zijn gekomen bij één eigenaar. Dit kan uiteraard kansen met zich mee brengen om een kwalitatieve impuls te geven aan het strand, maar kent ook mogelijke risico’s zoals ongewenste privatisering van het strand. Hiermee wordt bedoeld dat het onwenselijk is, dat bij meerdere delen van het strand de indruk ontstaat bij bezoekers dat zij daar niet welkom zijn en ook niet bij een strandpaviljoen. Daarnaast wordt waarde gehecht aan de unieke uitstralingen (in kleur, vorm en opzet) en verscheidenheid aan strandpaviljoens.

Open normen en beleidsregels 2.

Kunnen de open normen worden uitgewerkt in beleidsregels door het college van burgemeester en wethouders of door de gemeenteraad.

Eén van de nieuwe bevoegdheden in de Omgevingswet is dat in een omgevingsplan open normen kunnen worden gesteld, waarvan de uitleg bij de uitoefening van een bij die norm aan te geven bevoegdheid afhankelijk wordt gesteld van beleidsregels. De beleidsregels kunnen worden vastgesteld door de raad of door het college van burgemeester en wethouders. De wetgever heeft met de mogelijkheid om open normen in de planregels van een omgevingsplan op te nemen beoogd om een meer flexibele planvorming te bevorderen. Vanuit het principe van uitnodigingsplanologie, mag een bestemmingsplan met verbrede reikwijdte globalere regels bevatten en open normen die beoordelings- of afwegingsruimte bevatten. Pas bij de vergunningverlening wordt beoordeeld en afgewogen of het initiatief ruimtelijk aanvaardbaar is. 6

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

Kortom, de open normen kunnen nader uitgewerkt worden in beleidsregels. 3.

Op welke wijze vindt participatie plaats.

Wanneer een nieuwe beleidsregel wordt ontwikkeld, vindt er binnen dat proces ook participatie plaats en worden belanghebbenden betrokken bij de totstandkoming van het beleid. Bij beleidsontwikkelingen voor het strand zullen de strandondernemers worden meegenomen in de totstandkoming van het beleid.

Bedrijfsafval en opslag 4.

Het toestaan van bedrijfsafvalcontainers en opslagruimtes die half verdiept geplaatst worden, leidt tot een betere aanblik dan nu het geval is. Wel wordt hieruit begrepen dat deze niet inpandig gerealiseerd hoeven te worden. Anders zitten hier grote logistieke uitdagingen aan vast.

Dit is onjuist. Het omgevingsplan biedt de ruimte om bedrijfsafvalcontainers en opslagruimtes ondergronds (onder de begane grondvloer) te realiseren. Indien de bedrijfsafvalcontainers en opslagruimtes niet ondergronds gerealiseerd worden, moeten deze inpandig in het gebouw worden gerealiseerd. Hierbij is het toegestaan om de bedrijfsafvalcontainers en opslagruimtes verdiept te plaatsen (maar dus nog steeds inpandig). Op dit punt zijn de planregels in het omgevingsplan verduidelijkt.

5.

Voor een strandondernemer is het al lastig om het strandpaviljoen verzekerd te krijgen en er wordt door verzekeraars als eis neergelegd dat de afvalcontainers zich op enkele meters afstand van het paviljoen moeten bevinden. Als dit gewenst is, wordt gevraagd of hier extra m² aan bouwoppervlak voor beschikbaar kan worden gesteld.

Een inventarisatie van de bebouwde oppervlakte per strandpaviljoen in Zandvoort, laat zien dat er geen noodzaak is om extra m² aan bebouwde oppervlakte toe te staan voor het inpandig kunnen plaatsen van de bedrijfsafvalcontainers. Van de 36 strandpaviljoens in Zandvoort, heeft het merendeel van de strandpaviljoens de volledige maximale toegestane bebouwde oppervlakte van 700 m² niet benut. Bovendien is het vanuit ruimtelijk oogpunt onwenselijk om extra m² aan bebouwde oppervlakte toe staan, omdat er al sprake is van een hoge bebouwingsdichtheid op diverse delen van het strand.

6.

Een aantal strandpaviljoens maakt gebruik van een perscontainer. Het is nog niet mogelijk om deze half verdiept op te stellen. Kan hier rekening mee gehouden worden in het omgevingsplan?

Hiermee wordt ingestemd en de regels in het omgevingsplan zijn hierop aangepast.

7

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

Wellness 7.

De wellness-functie zou niet beperkt moeten blijven tot het zuidelijke deel van het strand, maar over het gehele strand mogelijk moeten zijn. Denk hierbij aan ontwikkelingen in combinatie met een hotel aan de boulevard.

In de omgevingsvisie van Zandvoort wordt ingezet op een duidelijke zonering, waarbij de nadruk voor het zuidelijke deel van het strand ligt op rust en kwaliteit. De zuidboulevard kent ook een rustiger karakter. Voorzieningen zoals gezondheidstoerisme en wellness worden hierbij passend geacht in tegenstelling tot de rest van het kustgebied. Omdat er echter nog geen concreet beleid aanwezig is voor de wellness-functie, wordt deze functie niet direct opgenomen in het omgevingsplan. Er zal eerst beleid worden opgesteld, waarin nader is uitgewerkt onder welke randvoorwaarden en eisen de wellness-functie kan worden toegestaan bij een strandpaviljoen.

Duurzaamheid 8.

Een GPR-score van 8 is ambitieus en afgevraagd wordt of deze score economisch haalbaar is. Onder andere vanwege de aanzienlijke kosten die hiermee gemoeid gaan.

In de omgevingsvisie van Zandvoort is op het gebied van duurzaamheid de volgende ambitie geformuleerd: “We werken samen aan een groene en toekomstbestendige leefomgeving met meer ruimte voorgroen, water en biodiversiteit.” Om een toekomstbestendig strand en strandpaviljoens te hebben is er een hoog ambitieniveau wat wordt nagestreefd op het vlak van duurzaamheid. Tegelijkertijd is er een benchmark verricht naar andere gemeenten die ook GPR gebruiken als meetinstrument voor duurzaam bouwen. Op basis hiervan wordt geconcludeerd dat een overall GPR-score van 7,0 (financieel) realistischer is en goed aansluit bij de duurzaamheidsambities van de gemeente. De regels in het omgevingsplan zijn hierop aangepast.

9.

De VVSZ onderschrijft dat verduurzaming ook voor hunzelf een item is, maar er wordt getwijfeld of dit instrument voor voldoende maatwerk gaat zorgen.

Dit GPR-instrument behandelt zowel People, Planet als Profit en sluit daarmee ook aan op de duurzaamheidsvisie van de gemeente. GPR Gebouw is verder voor iedereen makkelijk toegankelijk via internet. Daarnaast is het een Nederlandstalig instrument en is het een instrument waarmee duurzaam bouwen makkelijk kwantificeerbaar wordt. GPR Gebouw biedt daarnaast keuzevrijheid voor de ontwikkelaar, die kan zelf kiezen 8

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

welke maatregelen hij neemt om duurzaam te bouwen, dit voorkomt discussies over specifieke maatregelen. Het gebruik van GPR Gebouw vergt verder weinig tijd en kosten. Inmiddels wordt door meer dan 150 gemeenten en een hoog aantal ontwikkelaars gewerkt met GRP als meetinstrument. Luchtkwaliteit 10.

Er wordt vanuit gegaan dat het ontwikkelen van strandbungalows gaat leiden tot een afname van verkeer in plaats van een toename.

Omdat de strandbungalows moeten worden geplaatst binnen het gehuurde strandperceel en binnen het bouwvlak, gaat dit ten koste van exploitatieruimte van het strandpaviljoen, waarbij doorgaans terrasruimte voor bezoekers komt te vervallen. Het is daarmee inderdaad aannemelijk dat er sprake zal zijn van een afname van het verkeer, doordat de exploitatie van een terras ten behoeve van bezoekers van een horecagelegenheid een hogere verkeersaantrekkende werking heeft, dan de exploitatie van strandbungalows.

Figuren in bijlage 2 11.

12.

In figuur 2.3 is de legenda slecht leesbaar. De verticale indeling van het strand in de verschillende gebieden is niet iets wat beleidsmatig hoeft te worden vastgelegd. De markt creëert deze indeling al, maar laat wel ruimte om zelf de doelgroepen aan te trekken. In figuur 2.4 ontbreekt de legenda.

Figuur 2.3 is aangepast in bijlage 2 van de toelichting van het omgevingsplan. Zie aanvullend reactie onder B.13.

Een legenda is toegevoegd aan figuur 2.4. Hierbij wordt opgemerkt dat figuur 2.4 is aangepast naar aanleiding van de vaststelling van de omgevingsvisie.

Beleidsregel ‘Zandvoort, waar de Metropool de Kust, Kust’ 13.

In het omgevingsplan zijn nieuwe planologische ontwikkelingen opgenomen, die economische kansen met zich meebrengen. Door segmentatie worden deze economische mogelijkheden (bijvoorbeeld wellness, dakterrassen en strandbungalows)

In het omgevingsplan Strand wordt niet de mogelijkheid opgenomen om dakterrassen toe te staan op het gebouw van een strandpaviljoen. De zogenoemde zones zijn daarmee verder irrelevant.

9

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

verbonden aan zogenoemde zones: Metropool, Dorp en Duinen. Dit heeft een impact op de exploitatie van paviljoens.

Ten aanzien van de wellness-functie wordt opgemerkt, dat voor deze functie eerst beleid zal worden ontwikkeld, alvorens de functie wordt opgenomen in het omgevingsplan. Ten aanzien van de strandbungalows is sprake van een beleidsneutrale overzetting van het bestaande beleid naar het omgevingsplan Strand, met uitzondering voor het Watersportcentrum.

14. 15.

Waarom geen wellness in de metropoolzone of geen dakterrassen op het naaktstrand en wel in de bebouwde metropoolzone? De benoeming en de indeling van de verschillende kustzones in de verschillende plannen is verwarrend. Er wordt geschreven over o.a. Metropool, Dorp, Duinen, Noord boulevard, Midden boulevard, naaktstrand en “Oase”. Het is niet duidelijk wanneer en welke segmentering van toepassing is.

Zie reactie onder B.13. Onderkend wordt dat de indeling van de kustzone niet altijd eenduidig is geweest. De omgevingsvisie en de beleidsregel ‘Zandvoort, waar de Metropool de Kust, Kust’ geven een duidelijke weergave van de zonering voor het strand en de type activiteiten wat daarbij passend is.

Planregels 16.

Artikel 2.5 Indien de dakhelling steiler is dan 55% wordt de bovenrand van het dak als goot aangemerkt. Dit resulteert in een zeer vlak dak. Een grotere hellingshoek zou dus betekenen dat een gebouw maximaal 3 meter hoog zou kunnen worden. Om een verscheidenheid in de bouw toe te staan wordt verzocht om de hellingshoek naar maximaal 100% aan te passen.

Het verzoek om de dakhelling te maximaliseren naar 100% wordt afgewezen. Met de bepaling in artikel 2.5 van de planregels van het omgevingsplan is geborgd dat een eventuele kap een dakhelling heeft van maximaal 55%, waarmee de kap niet een te grote volume krijgt. Bij een dakhelling van 100%, is de kap dermate steil, dat een strandpaviljoen de uitstraling krijgt van een gebouw van twee bouwlagen/verdiepingen, hetgeen ongewenst is. Onder andere vanwege het negatief effect op de strandbeleving, zowel vanaf het strand als vanaf de boulevard. Bovendien is de bepaling in lijn met bestendig beleid (Toetsingscriteria voor het verlenen van afwijkingen van het bestemmingsplan), wat van kracht is sinds 2013.

10

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

Daarnaast is er sprake van een uitgesproken ambitie om de paviljoens meer te verduurzamen, bijvoorbeeld door het plaatsen van zonnepanelen. Om hier het grootste rendement uit te behalen worden zonnepanelen op een schuin dak geplaatst. 17.

Artikel 6.2 Is het juist dat speeltoestellen onder dit artikel vallen?

Artikel 6.2 bevat bouwregels voor de bestemming ‘Recreatie - Strand’, wat het gedeelte van het strand betreft tussen de zee en de gehuurde percelen van de strandpaviljoens. Op grond van artikel 6.1 van de planregels zijn binnen deze bestemming speeltoestellen niet toegestaan. Hierbij wordt opgemerkt dat speeltoestellen binnen geen enkele bestemming op het strand zijn toegestaan. Hiertoe zal te allen tijde een omgevingsvergunning voor moeten worden aangevraagd voor het afwijken van het omgevingsplan.

18.

Artikel 7.2.1 lid e Gezien de uitdaging van de energietransitie, opslag en afval inpandig realiseren en de alzijdigheid van het strandpaviljoen, wordt de 700 m² als een beperking gezien en wordt verzocht om een verruiming van 100 m².

Het verzoek om een verruiming van 100 m² wordt afgewezen vanwege de al hoge bebouwingsdichtheid op het strand en de ruime bebouwingsmogelijkheden die nu al toekomen aan een strandpaviljoen. Het inpandig realiseren en organiseren van opslag en bedrijfsafval is een onderdeel van de ontwerpopgave voor nieuw te bouwen en toekomstige strandpaviljoens. Bovendien toont een overzicht van alle strandpaviljoens in Zandvoort aan dat het merendeel nog bebouwingsruimte over heeft en de 700 m² nog niet volledig hebben benut. Er wordt derhalve geen aanleiding gezien om een verruiming van 100 m² toe te staan.

19.

Artikel 7.2.1 lid i Verzocht wordt om de maximale toegestane goot- en bouwhoogte voor bijgebouwen en aan- en uitbouwen gelijk te stellen met de goot- en bouwhoogte van het hoofdgebouw (naar 3 meter respectievelijk 5,5 meter).

Het verzoek om de maximale toegestane goot- en bouwhoogte voor bijgebouwen en aan- en uitbouwen aan te passen wordt afgewezen. De essentie van bijgebouwen en aan- en uitbouwen is dat deze in bouwkundig opzicht en in vorm ondergeschikt van aard zijn ten opzichte van een hoofdgebouw. Daarmee onderscheiden dergelijke gebouwen zich ten opzichte van het hoofdgebouw. Met de 11

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

gevraagde aanpassing van de goot- en bouwhoogte, komt dit onderscheid te vervallen, hetgeen ongewenst is. 20.

Artikel 7.2.2 lid c De beweegredenen om een verlaagd terras niet toe te staan worden niet begrepen. Sinds jaar en dag zijn er niveauverschillen aanwezig om de strandpaviljoens. Door niveauverschillen aan te brengen in de terrassen kunnen de gasten over de andere gasten heen kijken. Er wordt voorgesteld om een maximale verspringing in niveau mogelijk te maken naar bijvoorbeeld 1 meter onder het maaiveld. Artikel 7.8 lid a en b Afgevraagd wordt of deze bepalingen niet opgenomen moeten worden in het huurcontract in plaats van in het omgevingsplan.

Artikel 7.2.2 lid c van de planregels zal worden aangepast om een verlaagd terras toe te staan. Uitgangspunt is dat de bouwwerken ten behoeve van het terras (vlonders, stelconplaten etc.) niet hoger mogen worden gebouwd dan de begane grondvloer van het hoofdgebouw. Een lager terras al dan niet in meerdere niveaus wordt toegestaan.

Artikel 7.8 lid d Verzocht wordt om de genoemde termijn te verruimen naar drie weken. Deze termijn sluit beter aan bij grootschalige verbouwingen die veelal in de winter plaatsvinden. Uiteraard vindt er onderlinge afstemming plaats tussen de jaarrondpaviljoens, zodat gelijktijdige sluiting van de jaarrondpaviljoens niet voorkomt. Verbeelding

Artikel 7.8 lid d van de planregels zal worden aangepast. Er bestaan geen bezwaren om de genoemde termijn te verruimen naar drie weken (21 dagen).

23.

Dit onderdeel van de zienswijze wordt niet gevolgd. Alle strandpaviljoens op het zogeheten naaktstrand zijn gelegen in een bouwvlak (zie onderstaande afbeelding).

21.

22.

Op de verbeelding zijn de strandafgangen Zuiderduin en Fosfor niet ingetekend. Ook de strandpaviljoens Bodhi Beach en Azzuro staan niet ingetekend op de verbeelding.

De bepalingen in artikel 7.8 lid a en b van de planregels zijn opgenomen met het oog op de bescherming van de belangen van een goede en gezonde fysieke leefomgeving. Het opbouwen van een strandpaviljoen midden in het zomerseizoen wordt als onwenselijk beschouwd vanwege de mogelijke negatieve gevolgen voor de bereikbaarheid van het strand en de nadelige impact op omliggende strandpaviljoens. Deze bepalingen scheppen duidelijkheid over het moment waarop een strandpaviljoen opgebouwd en in gebruik dient te zijn.

12

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

De ingetekende strandafgangen bij de andere strandpaviljoens worden verwijderd van de verbeelding. Dit betreft een omissie in het ontwerpomgevingsplan wat ter inzage heeft gelegen. Om flexibiliteit te behouden in het veranderen en aanpassen van de strandafgangen, is het niet de bedoeling geweest om dit strak vast te leggen op de verbeelding middels een aanduiding. Voor strandafgangen geldt enkel dat een strook van minimaal 6 meter onbebouwd dient te blijven in verband met de toegankelijkheid van het strand voor bezoekers en de bereikbaarheid voor o.a. hulpdiensten.

C. Strandpaviljoens Fosfor, Azzuro, Paal 69 en Bodhi Beach Nr. Zienswijze

Antwoord gemeente

Bereikbaarheid en toegankelijkheid zuidstrand

13

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

1.

De betreffende strandpaviljoens hebben zich bereid getoond om te investeren en hiervoor een uiterste inspanning te doen, mits dit economisch realiseerbaar is. Een belangrijk knelpunt hierbij vormt de huidige gebrekkige verbinding van het zuidstrand met de infrastructuur van Zandvoort, waardoor de toegankelijkheid voor een breder en divers publiek sterk wordt belemmerd. Het verbeteren en toegankelijk maken van de verbinding naar het zuidstrand word als een noodzakelijke voorwaarde gezien voor een gezonde exploitatie. Verbeelding

De gemeente waardeert de inspanningen en investeringsbereidheid van de ondernemers. Over het verbeteren van de toegankelijkheid van het zuidelijke deel van het strand treedt de gemeente graag in overleg met de ondernemers om dit als een gezamenlijke opgave op te pakken.

2.

Op de verbeelding van het omgevingsplan zijn twee van de vijf strandpaviljoens op het naaktstrand niet ingetekend. Nieuwe planologische ontwikkelingen

Zie reactie onder B. 23.

3.

In het omgevingsplan zijn nieuwe planologische ontwikkelingen opgenomen, die nieuwe economische kansen bieden voor alle strandpaviljoens in de metropoolzone. De nieuwe ontwikkelmogelijkheden (strandbunalows, jaarrondexploitatie, ontwikkeling jaarrond watersportcentrum en het gebruik van dakterrassen) van het omgevingsplan gelden niet voor het zuid/naaktstrand. 4. De segmentatie in zones waaraan verschillende economische mogelijkheden worden verbonden hebben een serieuze impact op de exploitatie van een al kwetsbaar gebied. Dit komt oneerlijk over en een redelijke verklaring of motivering van dit economische ongelijke speelveld ontbreekt in het omgevingsplan of in elk ander document. Verzoeken tot extra mogelijkheden zuid-/naaktstrand

Dit onderdeel van de zienswijze wordt ter kennisgeving aangenomen.

5.

Het omgevingsplan Strand staat niet in de weg aan het verplaatsen van een strandafgang, mits de nieuwe strandafgang een onbebouwde strook heeft van minimaal

Verzoek 1 - strandafgang Het belangrijkste verzoek aan de gemeente is om medewerking te verlenen aan het verplaatsen van de strandafgang ten zuiden van

Zie reactie onder B.13.

14

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

6.

7.

8.

9.

strandpaviljoen Havanna (strandafgang Zuiderduin) naar de hoogte van strandpaviljoen Adam & Eva en Bodhi Beach.

6 meter en voldaan wordt aan het bepaalde in artikel 5.4 van de planregels. Hiertoe zal een omgevingsvergunning moeten worden aangevraagd.

De strandafgang voegt op de huidige locatie niets of nauwelijks iets toe, omdat de paviljoens nog steeds niet per fiets bereikbaar zijn, terwijl een strandafgang bij de strandpaviljoens als levensader zal werken. Verzoek 2 - plankier Een plankier vanaf de boulevard (strandpaviljoen Havanna) tot aan het zuid-/naaktstrand zou een goede oplossing bieden voor de toegankelijkheid van de strandpaviljoens voor mindervaliden en gezinnen met kinderwagens. De ondernemers denken hier graag in mee.

De gemeente treedt graag in overleg met de ondernemers op basis van een voorstel voor de aanpassingen van de strandafgang.

Indien geen medewerking kan worden verleend aan het tweede verzoek, wordt (1) gevraagd om de mogelijkheid om minder valide gasten over het strand te vervoeren en (2) de mogelijkheid om door middel van een plankier/wandelpromenade alle strandpaviljoens met elkaar te verbinden.

Met het oog op de veiligheid en de bruikbaarheid van het strand is het niet toegestaan om (mindervalide) gasten te vervoeren over het strand.

Verzoek 3 - toestaan vuurkorven Er wordt verzocht om het stoken van vuurkorven toe te staan op het zuid-/naaktstrand. De vuurkorven dienen niet slechts ter decoratie of sfeerbeleving, maar tevens als warmtebron bij gebrekkige elektriciteitsvoorzieningen en de afwezigheid van gastoevoer. Verzoek 4 - dakterrassen Een dakterras is alleen toegestaan bij strandpaviljoens die vallen binnen de zone ‘Metropool’. Er wordt geen onderbouwing gevonden waarom er op het zuid-/naaktstrand geen dakterras is toegestaan. De argumentatie dat het alleen is toegestaan in de

Indien sprake is van een gebrekkige elektriciteitsvoorziening - hetgeen de gemeente overigens niet bekend is - zal dit moeten worden opgelost. Hierin wordt geen aanleiding gezien om vuurkorven toe te staan als vorm van een warmtebron vanwege de negatieve effecten op de natuur en de gezondheid van de mens.

De gemeente is bereid om hierin mee te denken en ziet een voorstel tot een dergelijke plankier graag tegemoet.

De gemeente staat open voor de mogelijkheid om door middel van een plankier/wandelpromenade alle strandpaviljoens op het zuidelijke deel van het strand met elkaar te verbinden. De gemeente ziet een voorstel graag tegemoet en treedt hierover graag in overleg.

Zie reactie onder B.13.

15

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

zone ‘Metropool’ ter bescherming van het woongenot van de bewoners in de omgeving van het strand, is gelet op de ligging van de strandpaviljoens op het zuid-/naaktstrand niet van toepassing. Een uitzondering is al gemaakt voor dakterrassen voor het meest noordelijk gelegen strandpaviljoen op de grens van Bloemendaal, terwijl dit volgens de kaar niet onder de zone ‘Metropool’ valt.

16

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

D. VvE Bouwes Palace Nr. Zienswijze

Antwoord gemeente

Lichthinder 1.

Goed dat in het plan de bevoegdheid is opgenomen om nadere eisen te stellen tegen onaanvaardbare lichthinder en een onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat. De vraag is dan wel wat moet worden verstaan onder onaanvaardbaar en onevenredig.

Uitgangspunt is dat lichthinder niet mag leiden tot een slaapverstoring en een onevenredige aantasting van het woongenot. Bij gebrek aan wetgeving op dit onderwerp, kan hieraan nog geen concretere invulling worden gegeven. Dit kan in de toekomst wijzigen en daarom is er een bevoegdheid voor het college opgenomen om maatwerkvoorschriften op te stellen als uitwerking van de regels voor lichthinder.

2.

De laatste jaren wordt er steeds meer in de nacht verlichting aangelaten, wat voor overlast zorgt. Nachtverlichting wordt als onaanvaardbaar beschouwd. Nachtverlichting moet niet worden toegestaan. Voor inbraakpreventie kunnen bijvoorbeeld bewegingscamera’s en/of bewegingslichten worden gebruikt, die geen hinder voor de omwonenden opleveren.

Indien sprake is van nachtverlichting wat leidt tot een onaanvaardbare aantasting van het woongenot van omwonenden, biedt het omgevingsplan handvatten om hierop handhavend te kunnen optreden. Daarnaast zal hier expliciet aandacht voor zijn bij toekomstige aanvragen om een omgevingsvergunning voor bijvoorbeeld de bouw van een nieuw strandpaviljoens. Op basis van het omgevingsplan kunnen voorschriften in de omgevingsvergunning worden opgenomen ter voorkoming van lichthinder, welke ook handhaafbaar zijn.

Centrale doelstelling 3.

4.

Er zijn twijfels bij de centrale doelstelling van het omgevingsplan Strand. Die kan scherper worden geformuleerd wat betreft de gewenste kwaliteit van het strand. De formulering in de doelstelling van ‘een goede balans tussen toerisme en de woon- en leefbaarheid van Zandvoort’ vraagt om een nadere duiding wat die balans nu precies inhoudt. Afgevraagd wordt of ‘vereenvoudiging van de regels’ in zijn algemeenheid een doel is.

Zie reactie onder A.2.

Vereenvoudiging van de regels is geen doel op zich. Hiermee wordt bedoeld dat regels ondubbelzinnig en eenduidig interpreteerbaar zijn. Een vereenvoudiging van de regels kan daarmee bijdragen aan een snellere totstandkoming van initiatieven en een snellere afhandeling door de gemeente. 17

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

Effecten op het centrum in het dorp 5.

Op basis van ervaring en inschatting wordt geconstateerd dat het steeds maar inzetten op nog meer toerisme op het strand een negatief effect kan hebben op de ontwikkelingen in het centrum van het dorp. De ontwikkelingen op het strand mogen niet ten koste gaan van de kwaliteit van het centrum.

In 2017 is een evaluatie verricht door het onderzoeksbureau Decisio naar de jaarrondpaviljoens en de effecten daarvan op o.a. de horeca in het centrum. In het onderzoeksrapport wordt geconcludeerd dat er voor de horeca in het centrum wel sprake is van concurrentie, maar dat de effecten beperkt zijn en dat er een autonome opgave ligt voor het centrum om een kwaliteitsslag te maken. Om deze kwaliteitsslag te maken is recent het ‘Actieplan Zandvoort centrum’ vastgesteld.

Dakterrassen 6.

De VvE Bouwes Palace is tegen het toestaan van dakterrassen op de schuin en recht voor hun liggende strandpaviljoens vanwege de verwachte geluidshinder als gevolg van hard pratende mensen en de toegestane achtergrondmuziek. De eisen die de gemeente stelt zullen die hinder niet voorkomen. 7. Bovendien is handhaving moeilijk en zal voor de handhaving van nieuwe regels meer menskracht moeten worden ingezet. 8. Het komt vreemd over dat er een geluidsnorm wordt vermeld voor de nachtelijke uren voor de dakterrassen. Waterafvoer

Zie reactie onder A.4.

9.

Het is op dit moment niet noodzakelijk om regels op te nemen over de waterafvoer van strandpaviljoens. Strandpaviljoens zijn al gebonden aan regels voor het lozen van afvalwater op grond van het Activiteitenbesluit.

Er wordt verzocht om regels op te nemen voor het waterafvoer. Rondom het gebouw van de VvE Bouwes Palace is regelmatig sprake van rioolstank. Voor zover bekend zijn de ligging en de hoogte van de afvoeren van de paviljoens door het toegenomen afvalwater gedurende de laatste jaren hiervan de oorzaak.

Zie reactie onder A.4. Zie reactie onder A.4.

18

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

E. Rijkswaterstaat West-Nederland Noord Nr. Zienswijze

Antwoord gemeente

Algemeen 1.

Globaal mist Rijkswaterstaat de verantwoordelijkheden van Rijkswaterstaat in de kuststrook en het in dat kader betrekken van Rijkswaterstaat bij activiteiten op het strand. Voorgesteld wordt om onderstaande tekst te verwerken in het omgevingsplan:

De tekst zal worden verwerkt in het omgevingsplan.

“Rijkswaterstaat is beheerder van waterstaatswerk Noordzee tot in de duinvoet en verantwoordelijk voor het voorkomen van landinwaartse verplaatsing van de kustlijn” Dubbelbestemming ‘Waterstaatswerk Noordzee’ 2.

Verzocht wordt om de zee en strand tot in de duinvoet binnen het plangebied, de dubbelbestemming ‘waterstaatswerk Noordzee’ te geven. Daarmee worden de belangen van het waterstaatswerk Noordzee goed geborgd.

De dubbelbestemming ‘Waterstaat - Waterkering’ zal hierop worden aangepast.

Containers 3.

Het ingraven van containers mag alleen buiten het stormseizoen.

Voor de seizoensgebonden strandpaviljoens geldt dat zij in het stormseizoen volledig zijn afgebroken en verwijderd van het strand. Dit geldt ook voor bouwwerken zoals containers.

Reddingspost 4.

Voor het bouwen van een nieuwe reddingspost op het strand is er een watervergunning van Rijkswaterstaat nodig.

Dit onderdeel van de zienswijze wordt ter kennisgeving aangenomen. Voor de realisatie van een nieuwe reddingspost ter hoogte van de Boulevard Paulus Loot is een watervergunning verleend door het waterschap Hoogheemraadschap van Rijnland.

19

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

Jaarrondpaviljoens 5.

Voor de wijziging van een seizoensgebonden strandpaviljoen naar jaarrondpaviljoen is legalisatie door Rijkswaterstaat nodig via een watervergunning. Aan jaarrondpaviljoen worden extra eisen gesteld. Bodemenergiesysteem

Dit onderdeel van de zienswijze wordt ter kennisgeving aangenomen. Voor nieuwe jaarrondpaviljoens wordt een watervergunning aangevraagd.

6.

Indien een bodemenergiesysteem wordt aangelegd bij een strandpaviljoen, dan zal in een vroeg stadium in overleg worden getreden met Rijkswaterstaat en het Hoogheemraadschap van Rijnland. De betreffende regeling is opgenomen met het oog op mogelijke toekomstige ontwikkelingen in relatie tot de energietransitie.

Het aanleggen en hebben van bodemenergiesystemen in het strand mag er niet toe leiden dat het tijdelijke karakter van strandbebouwing overgaat in permanente bebouwing.

Dubbelbestemming ‘Waterstaat - Waterkering’ 7.

Verzocht wordt om in artikel 19 ‘Waterstaat - Waterkering’ de verantwoordelijkheid van Rijkswaterstaat te benoemen en de noodzaak van de watervergunning van Rijkswaterstaat.

Het vereiste van het hebben van een watervergunning voor het realiseren van bouwwerken binnen de bestemming ‘Waterstaat - Waterkering’ volgt uit de Waterwet en is derhalve geregeld bij hogere wetgeving. Een aanpassing op artikel 19 van de planregels is derhalve niet noodzakelijk.

Kustveiligheid 8.

Voorgesteld wordt om paragraaf 2.3.4 aan te passen en met de volgende tekst aan te vullen:

Paragraaf 2.3.4 van het omgevingsplan wordt conform de voorgestelde tekst aangepast.

“Dit doen zij door het zandvolume in de kuststrook te monitoren. Per 4 jaar wordt er een suppletieprogramma gemaakt waarin suppleties zijn opgenomen op plaatsen waar een landwaartse trend ten aanzien van de basiskustlijn is. Jaarlijks wordt dit programma geactualiseerd”

20

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

F. BRO, namens Inleisure B.V. Nr. Zienswijze

1.

Inleisure heeft het voornemen om op drie locaties op het strand van Zandvoort strandbungalows te realiseren ter plaatse van een drietal strandpaviljoens: Strand Noord, Sandy Hill en The Spot. Voor de realisatie van de strandbungalows is een voorkeursvariant voor ogen

Antwoord gemeente

Het is bij de gemeente bekend dat er een voornemen bestaat om op drie locaties strandbungalows te realiseren. Hiertoe zijn afzonderlijke aanvragen om een omgevingsvergunning ingediend. De voorkeursvariant zoals beschreven in de zienswijze past niet binnen het vastgestelde beleid voor strandbungalows en wordt om die reden niet meegenomen in het omgevingsplan. De gemeente treedt graag in overleg met Inleisure over de mogelijke ontwikkelscenario’s van de drie betreffende locaties op het strand en ziet een rol weggelegd voor beide partijen in het kader van het op te stellen visie op de Noordkust.

Beleidsregel strandbungalows 2.

Voor de gronden in kwestie geldt op basis van het omgevingsplan Strand de enkelbestemming ‘Recreatie - Strandpaviljoen’. Ook is er onder andere sprake van een functieaanduiding ‘specifieke vorm van recreatie - strandbungalow’. In de planregels wordt verwezen naar de beleidsregel voor strandbungalows. Een aantal criteria uit de beleidsregel wordt als problematisch c.q. onevenredig beperkend beschouwd, omdat ze de realisatie van de voorkeursvariant belemmeren, terwijl deze voorkeursvariant wel in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening.

3.

Het criterium waarin opgenomen is dat de gezamenlijke oppervlakte van de strandbungalows op een perceel niet meer mag bedragen dan de oppervlakte van het strandpaviljoen wordt door de gemeente op een andere manier opgevat dan Inleisure. Volgens

Het doel van de beleidsregels voor strandbungalows is niet bedoeld om de voorkeursvariant van Inleisure mogelijk te maken, maar is erop gericht om strandbungalows in beperkte mate en ondergeschikt aan een strandpaviljoen mogelijk te maken. De voorkeursvariant zoals beschreven in de zienswijze staat op gespannen voet met het uitgangspunt dat het gehele strand openbaar toegankelijk is voor eenieder. In de voorkeursvariant worden grote delen van het strand ingericht voor strandbungalows en worden die delen van het strand in feitelijke zin geprivatiseerd, hetgeen in beleidsmatig opzicht onwenselijk is en niet zal leiden tot de gewenste (omgevings)kwaliteit op het strand. Bij strandbungalows is er altijd sprake van een buitenruimte direct aangrenzend op het gebouw, wat niet gebruikt wordt ten behoeve van de exploitatie van het strandpaviljoen. De buitenruimte die samenhangt en gebruikt wordt ten behoeve van 21

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

de gemeente gaat het bij het voorgaande om de gezamenlijke oppervlakte van de strandbungalows én de buitenruime daaromheen. Deze uitleg is niet in overeenstemming met hetgeen bepaald is in het beleidscriterium, aangezien daarin enkel gesproken wordt over de gezamenlijke oppervlakte van de strandbungalows.

4.

5.

6.

Inleisure vindt het verschil in interpretatie van voorgenoemd criterium niet wenselijk. Door onduidelijkheid over de interpretatie van deze voorwaarde ontstaat een onaanvaardbare rechtsonzekerheid. Er wordt voorgesteld om, in aanvulling op de beleidsregel, in de planregels een eenduidige regel op te nemen waarin expliciet is aangegeven of ook de omliggende gronden dienen te worden meegenomen in de toegestane oppervlakte aan strandbungalows. In de ogen van Inleisure dient het enkel te gaan om de oppervlakte van de strandbungalows zelf, aangezien de omliggende gronden in gebruik zullen blijven voor extensieve dagrecreatie. Het criterium dat in de uiterlijke verschijningsvorm de nadruk dient te liggen op het strandpaviljoen is niet concreet genoeg. Ook de verwijzing naar dit criterium is derhalve rechtsonzeker.

De gemeente heeft aangegeven dat maximaal twee rijen aan strandbungalows mogen worden gerealiseerd. Niet het aantal rijen maar de situering op of achter de voorgevelrooilijn van het strandpaviljoen zou leidend moeten zijn.

een strandbungalow, dient te worden meegerekend in het betreffende criterium. De beleidsregel voor strandbungalows zal op dit punt worden verduidelijkt en gewijzigd.

Zie reactie onder F.2.

De beleidsregel voor strandbungalows zal op dit punt worden verduidelijkt en gewijzigd. De strekking van dit criterium blijft onverminderd dat de nadruk dient te liggen op de exploitatie van een strandpaviljoen binnen het gehuurde perceel en dat de strandbungalows daaraan ondergeschikt zijn. Het verzoek om niet het aantal rijen maar de situering op of achter de voorgevelrooilijn van het strandpaviljoen leidend te laten zijn wordt afgewezen. Voorop staat dat strandbungalows ondergeschikt dienen te zijn aan de hoofdactiviteit, het strandpaviljoen, én aan de strandbeleving vanaf het strand. Het beperken van de bebouwing, m.b.t. het zicht op de zeereep, alsook het minimaliseren van privatisering van het strand spelen hierin een belangrijke rol.

22

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

Daarnaast zou een groter aantal rijen leiden tot verschillen ten opzichte van de reeds vergunde strandbungalows bij een aantal andere strandpaviljoens. 7.

Voorgesteld wordt om in de planregels van het omgevingsplan, in aanvulling op de beleidsregel, randvoorwaarden op te nemen aan de hand waarvan getoetst kan worden of voldaan wordt aan het criterium dat de nadruk op de uiterlijke verschijningsvorm van het strandpaviljoen dient te liggen. Voorkeursvariant

Zie reactie onder F.5.

8.

Zie reactie onder F.1.

9.

De voorkeursvariant gaat uit van: - één nieuw strandpaviljoen van 700 m² ter plaatse van Strand Noord - naastgelegen strandpaviljoen Sandy Hill wordt gesloopt en niet teruggebouwd - Strand Noord en het strandperceel van Sandy Hill gaat één geheel vormen met de strandbungalows, waarbij de oppervlakte van de strandbungalows bedraagt 644 m². - Ter plaatse van de huidige locatie The Spot wordt het huidige strandpaviljoen gesloopt en worden enkel strandbungalows teruggebouwd met een totale oppervlakte van 448 m². - Ajuma Beach zal plaats maken voor een nieuw en groter strandpaviljoen The Spot van 1000 m² met daarbij de mogelijkheid om jaarrond te exploiteren. Om de voorkeursvariant te kunnen realiseren wordt voorgesteld om in het omgevingsplan Strand een afwijkingsbevoegdheid op te nemen op grond waarvan het mogelijk is om strandbungalows te realiseren die niet direct ondergeschikt zijn aan een strandpaviljoen.

Zie reactie onder F.1. Aanvullend wordt opgemerkt dat het nu te prematuur is om een dergelijke afwijkingsbevoegdheid op te nemen in het omgevingsplan Strand. Bovendien zouden andere strandpaviljoens binnen de aangewezen zone voor strandbungalows aanspraak kunnen maken op een dergelijke afwijkingsbevoegdheid, hetgeen niet strookt met de huidige beleidsuitgangspunten voor strandbungalows.

23

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

Oppervlakte strandpaviljoen 10.

11.

In artikel 7.2.1 lid 2 van de planregels is bepaald dat de gezamenlijke oppervlakte van het hoofdgebouw, bijgebouwen, aan- en uitbouwen en overkappingen (inclusief luifels) maximaal 700 m² per strandpaviljoen bedraagt. Van deze regel kan enkel binnenplans worden afgeweken op grond van artikel 23.1, lid 1, onder 3 van de planregels. Inleisure wilt graag met de gemeente verkennen of een strandpaviljoen op zodanige wijze vormgegeven kan worden dat een strandpaviljoen van 1000 m² in stedenbouwkundig oogpunt past binnen de omgeving. Aangezien het enkel om een afwijking ten aanzien van de toegestane oppervlakte gaat, wordt ervoor gepleit om in het omgevingsplan een afwijkingsbevoegdheid op te nemen op grond waarvan een strandpaviljoen van maximaal 1000 m² kan worden toegestaan, mits voldaan wordt aan door de gemeente op te stellen voorwaarden.

Dit is onjuist. De binnenplanse afwijkingsregels zijn niet van toepassing op de bouwwerken als genoemd in de artikelen 6 tot en met 10 van de planregels. Het is derhalve niet mogelijk om binnenplans af te wijken van de bouwregels voor de strandpaviljoens. Aanvullend wordt verwezen naar de reactie onder F.1.

Zie reactie onder F.1. Aanvullend wordt opgemerkt dat het nu te prematuur is om een dergelijke afwijkingsbevoegdheid op te nemen in het omgevingsplan Strand. Bovendien zouden andere strandpaviljoens eveneens aanspraak kunnen maken op een dergelijke afwijkingsbevoegdheid. Daarnaast zou de effectuering van een dergelijke afwijkingsbevoegdheid leiden tot een aanzienlijk grotere bebouwingsdichtheid op het strand, hetgeen ongewenst is.

Afmetingen strandbungalows 12.

De afmetingen als bedoeld in artikel 8.2, lid c en d, van de planregels zijn een beperking ten opzichte van de huidige bouwregels voor strandbungalows.

De bepaling in artikel 8.2, lid c en d, van de planregels is niet van toepassing op de strandpaviljoens. Dit betreft een bepaling die enkel geldt voor de strandhuisjes op het noordelijke deel van het strand tussen de strandpaviljoens Strand Noord en Rapa Nui. De regels voor strandbungalows zijn vastgelegd in de artikelen 7.7 en 9.5 van de planregels.

24

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

G. Veiligheidsregio Kennemerland Nr. Zienswijze

Antwoord gemeente

Algemeen 1.

Het omgevingsplan Strand is een uitgelezen kans om gezondheid en Gezondheid en veiligheid zijn belangrijke thema’s die terugkomen in het veiligheid centraal te stellen in dit nieuw te ontwikkelen gebied en omgevingsplan Strand. Met het oog op het bevorderen van de gezondheid en de leefomgeving gezond en veilig in te richten voor de toekomstige veiligheid zijn specifieke regels opgenomen met betrekking tot de bereikbaarheid van bezoekers het strand en de strandpaviljoens en de exploitatie daarvan.

Gezondheid 2.

De GGD adviseert om te voldoen aan de WHO advieswaarden voor luchtkwaliteit en omgevingsgeluid. In deze waarden is het effect op gezondheid meegenomen en ze zijn gericht op bescherming van gezondheid teen negatieve effecten van respectievelijk luchtkwaliteit en omgevingslawaai.

De WHO advieswaarden voor omgevingsgeluid hebben betrekking op geluid van wegrail- en vliegverkeer en is nog niet verankerd in wet- en regelgeving. Het omgevingsplan voorziet niet in wijzigingen op dit vlak. Voor de geldende geluidsnormen voor strandpaviljoens wordt voldaan aan het Activiteitenbesluit.

3.

Geadviseerd om een ambitie te stellen ten aanzien van zonbescherming. Denk bijvoorbeeld aan schaduwplekken op de boulevard en schaduwrijk groen. Bij de keuze van de soort beplanting wordt geadviseerd om gezondheid hierbij mee te nemen. Aan paragraaf 1.4 toevoegen de ‘Regionale Nota Gezondheidsbeleid 2021-2028’ en het lokaal Preventieakkoord.

Bij de herinrichting van de boulevard is expliciet aandacht voor de soorten beplanting wat wordt aangelegd.

4.

De betreffende documenten worden toegevoegd aan paragraaf 1.4 van het omgevingsplan.

Luchtkwaliteit 5.

De nieuwe (extra) ontwikkelingen zorgen voor een toename van wegverkeer, wat zorgt voor extra druk op de luchtkwaliteit. Verbetering van de luchtkwaliteit is altijd gewenst voor luchtkwaliteit. Daarom wordt geadviseerd dat alle maatregelen en

De nieuwe ontwikkelingen die mogelijk worden gemaakt in het omgevingsplan zijn beperkt en kleinschalig van aard. De betreffende ontwikkelingen dragen niet in

25

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

6.

veranderingen in het plangebied bijdragen aan een betere luchtkwaliteit. Neem hierbij de WHO advieswaarden op en de ambitie hieraan te voldoen. In paragraaf 3.3 (Luchtkwaliteit) wordt Utrecht genoemd als locatie. Afgevraagd wordt of dit klopt.

betekende mate bij (NIBM) aan de luchtkwaliteit en daarmee wordt voldaan aan de Wet Luchtkwaliteit. Dit betreft een verschrijving en wordt aangepast in paragraaf 3.3 van het omgevingsplan.

Parkeren 7.

Een jaarrond aantrekkelijke boulevard met toegenomen ontwikkelingen mag niet leiden tot een verhoging van de parkeerdruk. Mobiliteit vraagt om extra aandacht en voorkomen dient te worden dat de files, parkeerdrukte en de geluidhinder die er nu op de zomerse dagen zijn, het hele jaar plaats gaan vinden.

Het aantal bezoekers in Zandvoort in het winterseizoen is aanzienlijk lager dan in het zomerseizoen. In het winterseizoen is er niet of nauwelijks sprake van files of parkeerdrukte en bovendien is er ruimschoots voldoende parkeercapaciteit in de openbare ruimte aan de boulevard voor het winterseizoen. Ook vinden er geen evenementen plaats op het strand of de boulevard in het winterseizoen, wat eventueel zou kunnen leiden tot geluidhinder.

Geluid 8.

Vanuit het perspectief van gezondheid is geluidhinder en daarmee gepaard gaande slaapverstoring onwenselijk. De GGD adviseert dan ook om te voldoen aan de WHO advieswaarden voor omgevingsgeluid. Mobiliteit

Zie reactie onder G.2.

9.

Dit onderdeel van de zienswijze gaat buiten de reikwijdte om van het omgevingsplan. Dergelijke keuzes en besluiten zijn enerzijds feitelijk van aard en gaan over de inrichting en profilering van wegen en paden en moeten anderzijds plaatsvinden via bijvoorbeeld een verkeersbesluit.

Geadviseerd wordt om ervoor te zorgen dat de verkeersstromen (fiets- en wandelmogelijkheden) vanuit het plangebied goed aansluiten bij langzaam-verkeerroutes daarbuiten. Daarnaast wordt geadviseerd om de veiligheid en toegankelijkheid van de wegen en kruispunten die om het plangebied lopen te optimaliseren specifiek vanuit het perspectief van fietsers en voetgangers. Groen

26

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

10.

Geadviseerd wordt om te zorgen voor groene plekken waarbij sporten en spelen wordt gestimuleerd, voor plekken voor ontmoeting en levendigheid en voor voldoende zit- en beweegmogelijkheden. Het groen wat in de buurt is van waar mensen verblijven is bij voorkeur allergeen arm. Klimaatadaptatie

Het omgevingsplan Strand biedt ruimte voor de realisatie van groene plekken en het plaatsen van sporttoestellen op de boulevard.

11.

Vanuit het perspectief gezondheid wordt geadviseerd om Hier is expliciet aandacht voor bij de herinrichting van de boulevard. maatregelen te nemen die kunnen helpen om warmte te dempen (tegen hittestress), wateroverlast te voorkomen en de biodiversiteit te bevorderen. Gezond voedselaanbod 12.

Geadviseerd wordt om het aantal fast-food en snack restaurants te beperken en zoveel als mogelijk zorg te dragen voor gezonde voedselvoorzieningen.

Gelet op de exploitatie van de huidige strandpaviljoens is er geen aanleiding om een dergelijke regel op te nemen in het omgevingsplan. De strandpaviljoens tonen een grote verscheidenheid aan horecaconcepten.

Calamiteiten en hulpdiensten 13.

Uitbreiding van bebouwing, uitbreiding van activiteiten en jaarrondlocaties en de gevolgen van klimaatverandering in het plangebied betekenen een mogelijke toename van het risico op slachtoffers en calamiteiten, zoals brand in gebouwen en (tijdelijke) bouwwerken en natuurbrand in het duingebied. Dit verhoudt zich niet goed tot het in stand houden en bereiken van een veilige fysieke leefomgeving.

Dit onderdeel van de zienswijze strookt niet met het omgevingsplan Strand en wordt niet volledig begrepen. Er worden geen uitbreidingsmogelijkheden voor strandpaviljoens mogelijk gemaakt. Verder worden een tweetal nieuwe jaarrondlocaties aangewezen ter hoogte van het noordelijke deel van het strand op een aanzienlijke afstand van het natuurgebied. Bij het aanvragen om een omgevingsvergunning zal te allen tijde moeten worden voldaan aan het Bouwbesluit en de brandveiligheidseisen.

14.

Het strand en de bebouwing op het strand zijn slecht bereikbaar voor de hulpdiensten. Een toename van het risico op calamiteiten door het toestaan van bebouwing en activiteiten op moeilijk bereikbare plaatsen is niet wenselijk vanuit het perspectief van het bereiken en in stand houden van een veilige fysieke leefomgeving.

Vooropgesteld moet worden dat het omgevingsplan Strand in hoofdzaak een continuering is van het voorafgaande bestemmingsplan Strand en Duin en de huidige feitelijke situatie op het strand. Er worden bijvoorbeeld geen nieuwe en extra

27

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

strandpaviljoens mogelijk gemaakt in het omgevingsplan. Dit onderdeel van de zienswijze wordt dan ook niet gevolgd. 15.

Het is wenselijk dat er extra 4x4 aangedreven voertuigen en extra financiële middelen beschikbaar komen om de risico’s optimaal te kunnen beheersen en bestrijden. Externe veiligheid

Een dergelijk verzoek valt buiten de reikwijdte van het omgevingsplan Strand.

16.

Geadviseerd wordt om de tekst van paragraaf 3.4 (Externe veiligheid) aan te passen met betrekking tot de slechte bestrijdbaarheid en bereikbaarheid van bepaalde delen van het strand en duingebied voor de hulpdiensten.

Er wordt geen aanleiding gezien om paragraaf 3.4 hierop aan te passen. De bestrijdbaarheid en de bereikbaarheid van bepaalde delen van het strand en het duingebied voor de hulpdiensten is in zijn algemeenheid al bekend. Met de brandweer zijn bijvoorbeeld specifieke afspraken in het geval een strandpaviljoen in brand staat en moet worden geblust. Het al dan niet verbeteren van de bereikbaarheid van het strand en duingebied betreft bovendien een fysieke ingreep en valt buiten de reikwijdte van het omgevingsplan.

Bij de herinrichting en autoluw maken van de Boulevard Paulus Loot wordt geadviseerd om de bereikbaarheid voor de hulpdiensten van de bebouwing aan de boulevard en op het strand niet te verslechteren. Bij de strandopgangen dient voldoende opstelruimte gereserveerd te worden aan de zeezijde voor de hulpdiensten. Het straatmeubilair mag geen hindernis vormen voor de bereikbaar van de hulpdiensten en dient te allen tijde een vrije doorgang te garanderen. Bedrijfsafval en opslag

De herinrichting van de Boulevard Paulus Loot is reeds tot uitvoering opgebracht.

18.

In de planregels is bepaald dat bedrijfsafvalcontainers en opslagruimtes inpandig moeten worden gerealiseerd en vormen derhalve geen belemmering voor de hulpverlening door hulpdiensten. Daarnaast geldt dat de gebouwen moeten voldoen aan het Bouwbesluit.

17.

Toevoegen dat de bedrijfsafval en opslagruimtes zo geplaatst moeten zijn, dat ze geen belemmering vormen voor de hulpverlening door hulpdiensten.

28

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

Planregels 21.

22.

23.

Voorgesteld wordt om de planregels in artikel 5.4.3, 17.3.3 en 18.3.3 aan te vullen met:

De bereikbaarheid van hulpdiensten is reeds geregeld in het Bouwbesluit. Er is derhalve geen aanleiding om de planregels aan te vullen, zoals wordt voorgesteld.

“(…) en indien maatregelen zijn getroffen om de bereikbaarheid van locaties voor de hulpverlening te borgen.” Voorgesteld wordt om de planregels in artikel 7.2.1 (en eventueel in artikel 15.1) aan te vullen met:

De eisen ten aanzien van vluchtroutes is reeds geregeld in het Bouwbesluit. Er is derhalve geen aanleiding om de planregels aan te vullen, zoals wordt voorgesteld.

“goede vluchtroutes in een gebied en in een gebouw vergroten de zelfredzaamheid en samenredzaamheid” Voorgesteld wordt om de planregels in artikel 15.1 aan te vullen met:

Zie reactie onder G.21 en G.22.

“ruimtelijke ontwikkelingen mogen geen nadelige gevolgen hebben voor de continuïteit voor de zorgverlening” en “de inrichting van de fysieke leefomgeving draagt bij aan snelle en effectieve hulpverlening.”

29

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

H. Blenheim advocaten, namens strandpaviljoens Hippie Fish (Pinasol B.V.), Kayuca (Surf City B.V.) en Ubuntu Beach C.V. Nr. Zienswijze Antwoord gemeente Algemeen 1.

Kort en goed wordt verzocht om het omgevingsplan Strand wat betreft de jaarrondlocaties en het verbod vuur te stoken te herzien en in overeenstemming te brengen met een goede ruimtelijke ordening en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Jaarrond

Dit onderdeel van de zienswijze wordt ter kennisgeving aangenomen.

2.

De gemeenteraad heeft op 29 januari 2019 reeds een besluit genomen over de aanwijzing van nieuwe jaarrondlocaties. Deze aanwijzing is gebaseerd op het evaluatierapport ‘Jaarrondpaviljoens 2019’. In het kader van deze evaluatie is een economisch en maatschappelijk onderzoek gedaan naar o.a. de economische betekenis van de huidige jaarrondpaviljoens en de haalbaarheid van een eventuele uitbreiding van het aantal jaarrondpaviljoens. Geconcludeerd wordt dat de marktruimte bescheiden is voor een uitbreiding van het aantal jaarrondpaviljoens en de huidige jaarrondpaviljoens de marktvraag kan bedienen.

De drie betreffende ondernemers/strandpaviljoens komen graag ook in aanmerking voor een aanwijzing als nieuwe jaarrondlocatie. De planperiode van 20 jaar zou betekenen dat cliënten nimmer, in ieder geval niet de komende 20 jaar zou kunnen meedingen naar een jaarrond exploitatie of anderszins hiervoor in aanmerking komen. Dat is niet redelijk omdat hiermee ondernemers ten opzichte van andere ondernemers bevoordeeld worden zonder aantoonbare reden.

Op basis van hiervoor genoemd evaluatierapport is er geen aanleiding en is het bovendien onwenselijk om de drie betreffende strandpaviljoens aan te wijzen als jaarrondlocatie. Daarnaast zou een aanwijzing van alle drie de strandpaviljoens als jaarrondlocatie in strijd zijn met de Waterwet en het beleid van het waterschap het Hoogheemraadschap van Rijnland (hierna: Rijnland). Het strandpaviljoen van Ubuntu is gelegen naast het toekomstige jaarrondgebouw van de nieuwe reddingspost op het strand. Op grond van artikel 2, lid 1, onder e van paragraaf 19.7 van de Uitvoeringsregels op grond van de Keur van Rijnland , geldt dat de minimale onderlinge afstand tussen de jaarrond bouwwerken minimaal twee maal de breedte van het onderheide gedeelte, parallel aan de afrastering bedraagt. Hieraan kan ieder geval niet worden voldaan voor het strandpaviljoen van Ubuntu en Hippie Fish. Ten 30

Bijlage 4: Wijzigingsoverzicht omgevingsplan Strand

aanzien van het strandpaviljoen Hippie Fish geldt dat het naastgelegen strandpaviljoen aan de noordzijde een jaarrondpaviljoen betreft. 3.

Cliënten zien graag de functie aanduiding ‘jaarrond paviljoen’ op de betreffende locaties met daarbij de mogelijkheid om meer dan één jaarrond strandpaviljoen (per perceel) op deze functie aanduiding toe te staan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12229953/1