CConstaterende datZandvoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Was-wordtlijst Reglement van orde gemeenteraad Zandvoort 2025

Gemeenteraad 10 juni 2025, gemeente ZandvoortBij agendapunt: Actualiseren Reglement van orde gemeenteraad Zandvoort30.133 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Was-wordtlijst Reglement van orde gemeenteraad Zandvoort 2025 Regel 0

Was Reglement van orde gemeenteraad Zandvoort 2018

Wordt REGLEMENT VAN ORDE GEMEENTERAAD ZANDVOORT 2025

De raad van de gemeente Zandvoort:

De raad van de gemeente Zandvoort:

gelezen het initiatief raadsvoorstel van de voorzitter van de raad, nr. 2017/06/001086; Wijziging verordeningen voor ambtelijke samenwerking;

gelezen het raadsvoorstel van het presidium, nr. 2025-447333; Actualiseren Reglement van orde gemeenteraad Zandvoort;

overwegende dat de verordening toepasbaar moet zijn na ambtelijke samenwerking van de gemeenten Zandvoort en Haarlem;

1 2 3

Toelichting

Niet meer actueel.

gelet op artikelen 16, 82, 84 en 147 lid 1 van de Gemeentewet;

gelet op artikelen 16, 82, 83, 84, 87, 88, 89, en 147 lid 1 van de Gemeentewet;

besluit de volgende verordening, inclusief toelichting, vast te stellen:

besluit de volgende verordening, inclusief toelichting vast te stellen:

REGLEMENT VAN ORDE GEMEENTERAAD ZANDVOORT 2018 1 DE VERORDENING 1.1 ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1 Begripsbepalingen Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

REGLEMENT VAN ORDE GEMEENTERAAD ZANDVOORT 2025 1 DE VERORDENING 1.1 ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1 Begripsbepalingen Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

a. voorzitter: de (plaatsvervangende) voorzitter van een bijeenkomst van de raad, een commissie of het presidium.

a. voorzitter: de (plaatsvervangende) voorzitter van een vergadering van de raad, een commissie, het presidium of het seniorenconvent.

Aanvulling.

Taalgebruik ‘vergadering’ sluit beter aan op de gemeentewet en een verduidelijking over het seniorenconvent. 1

b. amendement: voorstel tot wijziging van een ontwerpverordening of ontwerpbeslissing, naar de vorm geschikt om daarin direct te worden opgenomen;

b. amendement: voorstel tot wijziging van een ontwerp-verordening of ontwerp-beslissing, naar de vorm geschikt om daarin direct te worden opgenomen;

c. subamendement: voorstel tot wijziging van een aanhangig amendement, naar de vorm geschikt om direct te worden opgenomen in het amendement, waarop het betrekking heeft;

c. subamendement: voorstel tot wijziging van een aanhangig amendement, naar de vorm geschikt om direct te worden opgenomen in het amendement, waarop het betrekking heeft;

d. motie: korte en gemotiveerde verklaring voor een onderwerp waardoor een oordeel, wens of verzoek wordt uitgesproken;

d. motie: korte en gemotiveerde verklaring over een onderwerp waarmee een oordeel, wens of verzoek wordt uitgesproken;

e. voorstel van orde: een voorstel betreffende de orde van de vergadering;

e. voorstel van orde: een voorstel betreffende de orde van de vergadering;

f. initiatiefvoorstel: een voorstel voor een verordening of een ander voorstel;

f. initiatiefvoorstel: een voorstel voor een verordening of een ander voorstel;

g. interpellatie: een verzoek om mondelinge vragen te mogen stellen in de raad over niet geagendeerde onderwerpen;

g. interpellatie: een verzoek om mondelinge vragen te mogen stellen in de raad over niet geagendeerde onderwerpen;

h. raad: de gemeenteraad van Zandvoort;

h. raad: de gemeenteraad van Zandvoort;

i. buitengewoon lid: een door de fractie aangewezen ondersteunend lid;

Taalgebruik (koppelteken) sluit beter aan op de gemeentewet.

Taalkundige aanpassing

i. fractie: de groep raadsleden zoals omschreven in artikel 9, leden 1 tot en met 7, van het reglement van orde gemeenteraad Zandvoort 2025

Omissie fractie hersteld.

j. commissielid: een door de fractie aangewezen en door de raad benoemd ondersteunend lid van een commissie als bedoeld in de artikelen 82, 83 en 84 van de Gemeentewet, dat niet tevens raadslid is of ambtenaar die als zodanig tot lid van een commissie is benoemd.

‘Buitengewoon lid’ is hier en op andere plekken in het reglement gewijzigd in ‘commissielid’, wat beter aansluit op de definitie in het rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Met de verwijzing naar de artikelen wordt beter aangesloten op de Gemeentewet. 2

4

5

j. college: het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Zandvoort;

k. college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zandvoort;

k. vergadering: een raadsvergadering of een vergadering van een commissie of het presidium.

l. vergadering: een raadsvergadering of een vergadering van een commissie of het presidium of het seniorenconvent.

l. raadscommissie: een door de raad ingestelde commissie op grond van artikel 82 van de Gemeentewet;

m. raadscommissie: een door de raad ingestelde commissie op grond van artikel 82 van de Gemeentewet;

m. oproep: een uitnodiging voor een vergadering;

n. oproep: een uitnodiging voor een vergadering;

n. besluitenlijst: overzicht van raadsbesluiten. Artikel 2 De voorzitters De voorzitters zijn belast met:

o. besluitenlijst: overzicht van raadsbesluiten. Artikel 2 De voorzitters De voorzitters zijn belast met:

a. het leiden van de vergadering;

a. het leiden van de vergadering;

b. het handhaven van de orde;

b. het handhaven van de orde;

c. het doen naleven van het reglement van orde;

c. het doen naleven van het reglement van orde;

d. hetgeen de Gemeentewet of dit reglement de voorzitter verder opdraagt Artikel 3 De griffier 1.De griffier is in de raadsvergadering aanwezig.

d. hetgeen de Gemeentewet of dit reglement de voorzitter verder opdraagt. Artikel 3 De griffier 1. De griffier is in de raadsvergadering aanwezig.

2.Bij verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen door een door de raad aangewezen plaatsvervangend griffier.

2. Bij verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen door een door de raad aangewezen plaatsvervangend griffier.

3.De griffier, de plaatsvervangend griffier of de griffiemedewerker is in een commissievergadering aanwezig.

3. De griffier, de plaatsvervangend griffier of de commissiegriffier is in een commissievergadering aanwezig.

4.De griffier, de plaatsvervangend griffier of de griffiemedewerker kan alleen op uitnodiging van

4. De griffier, de plaatsvervangend griffier of de commissiegriffier kan alleen op uitnodiging van de

Verduidelijking over het seniorenconvent.

Met het vaststellen van het Ontwikkelplan Griffie Zandvoort 2024 zijn er nieuwe functietitels.

3

6

7

de voorzitter aan de beraadslagingen als bedoeld in dit reglement deelnemen.

voorzitter aan de beraadslagingen als bedoeld in dit reglement deelnemen.

5.De burgemeester kan de griffier de plaatsvervangend griffier of de griffiemedewerker opdragen de stukken die van de raad uitgaan te ondertekenen. Artikel 4 De secretaris De raad kan het college verzoeken de secretaris in een vergadering aanwezig te laten zijn en deel te laten nemen aan de beraadslagingen als bedoeld in dit reglement.

5. De burgemeester kan de griffier of bij diens ontstentenis de plaatsvervangend griffier opdragen de stukken die van de raad uitgaan te ondertekenen. Artikel 4 De secretaris De raad kan het college verzoeken de secretaris in een vergadering aanwezig te laten zijn en deel te laten nemen aan de beraadslagingen als bedoeld in dit reglement.

Artikel 5 Het presidium 1.De raad heeft een presidium.

Artikel 5 Het presidium en seniorenconvent 1. De raad heeft een presidium en seniorenconvent.

Verduidelijking over het seniorenconvent.

2.Het presidium bestaat uit de voorzitter van de raad en de fractievoorzitters. De voorzitter van de raad is voorzitter van het presidium.

2. De leden van het presidium en seniorenconvent zijn de voorzitter van de raad en de fractievoorzitters. De voorzitter van de raad is voorzitter van het presidium en seniorenconvent. Bij ontstentenis van de voorzitter, kiest de commissie uit haar midden een plaatsvervangend voorzitter.

Verduidelijking over het lidmaatschap.

3.Elke fractievoorzitter kan een raadslid aanwijzen, dat hem bij afwezigheid in het presidium en het seniorenconvent vervangt.

3. Elke fractievoorzitter kan een raadslid aanwijzen, dat hem bij afwezigheid in het presidium en het seniorenconvent vervangt.

Tekstuele, niet inhoudelijke wijziging

4.Elke fractievoorzitter of zijn vervanger hebben één stem in het presidium.

4. Elke fractievoorzitter of de vervanger heeft één stem in het presidium en seniorenconvent.

Tekstuele, niet inhoudelijke wijziging.

5. Indien de stemmen staken in een voltallige vergadering of in een opnieuw belegde vergadering, is het voorstel niet aangenomen. 5.De griffier of zijn vervanger is in elke vergadering van het presidium aanwezig.

6. De griffier of de vervanger is in elke vergadering van het presidium en seniorenconvent aanwezig.

Verduidelijking over het proces in het presidium en seniorenconvent.

Verduidelijking over het seniorenconvent. 4

6.De voorzitter kan voorstellen de secretaris en/of anderen uit te nodigen in het presidium.

7. De voorzitter kan voorstellen de secretaris en/of anderen uit te nodigen in het presidium en seniorenconvent.

Verduidelijking over het seniorenconvent.

7.Het presidium komt bijeen op verzoek van de voorzitter of een lid van het presidium.

8. Het presidium en seniorenconvent komt bijeen op verzoek van de voorzitter of een lid van het presidium en seniorenconvent.

Verduidelijking over het seniorenconvent.

8.Het presidium heeft de volgende taken en bevoegdheden:

9. Het presidium en seniorenconvent hebben de volgende taken en bevoegdheden:

Verduidelijking over het seniorenconvent.

a. Het bespreken van interne en procedurele aangelegenheden van de raad;

a. Het bespreken van interne en procedurele aangelegenheden van de raad;

b. Het bespreken van procedurele aangelegenheden in de relatie met het college en de burgemeester;

b. Het bespreken van procedurele aangelegenheden in de relatie met het college en de burgemeester;

c. Het geven van aanbevelingen en het doen van voorstellen aan de raad over de organisatie en het functioneren van de raad en de raadscommissies;

c. Het geven van aanbevelingen en het doen van voorstellen aan de raad over de organisatie en het functioneren van de raad en de raadscommissies;

d. Het besluiten over interne en procedurele aangelegenheden van beperkte aard en omvang, waarin dit Reglement of andere regelingen niet of onvoldoende in voorzien;

d. Het besluiten over interne en procedurele aangelegenheden van beperkte aard en omvang, waarin dit Reglement of andere regelingen niet of onvoldoende in voorzien;

e. Het vaststellen van het zitplaatsenplan van de raadsvergaderingen en het jaarlijkse vergaderrooster

e. Het vaststellen van het zitplaatsenplan van de raadsvergaderingen en het jaarlijkse vergaderrooster.

9.Het presidium functioneert ook als seniorenconvent voor de bespreking van vertrouwelijke aangelegenheden die niet (direct) tot besluitvorming door de raad leiden.

10. Het presidium functioneert ook als seniorenconvent voor de bespreking van vertrouwelijke aangelegenheden die niet (direct) tot besluitvorming door de raad leiden.

10.Het seniorenconvent besluit per aangelegenheid als bedoeld in het vorige lid of de

11. Het seniorenconvent besluit per aangelegenheid als bedoeld in het vorige lid of de 5

8

uitkomst van die bespreking vertrouwelijk met de fractie kan worden gedeeld.

uitkomst van die bespreking vertrouwelijk met de fractie kan worden gedeeld.

11.Het presidium vergadert in de regel in het openbaar. Het seniorenconvent vergadert in beslotenheid. Artikel 6 De agendacommissie 1.De raad heeft een agendacommissie.

12. Het presidium vergadert in de regel in het openbaar. Het seniorenconvent vergadert in beslotenheid. Artikel 6 De agendacommissie 1. De raad heeft een agendacommissie.

2.De agendacommissie bestaat uit de voorzitter van de raad en de voorzitters van de raadscommissies.

2. De leden van de agendacommissie zijn de voorzitter van de raad en de voorzitters van de raadscommissies.

3.De agendacommissie vergadert in elkaars aanwezigheid of overlegt via digitale communicatiemiddelen.

3. De agendacommissie vergadert in elkaars aanwezigheid of overlegt via digitale communicatiemiddelen.

4.De griffier of zijn vervanger is in elke vergadering van de agendacommissie aanwezig, tenzij via digitale communicatiemiddelen wordt overlegd.

4. De griffier of de vervanger is in elke vergadering van de agendacommissie aanwezig.

5.De voorzitter van de raad is voorzitter van de agendacommissie.

5. De voorzitter van de raad is voorzitter van de agendacommissie.

6.De leden van de agendacommissie hebben elk één stem in de agendacommissie. Bij het staken van de stemmen beslist de voorzitter.

6. De leden van de agendacommissie hebben elk één stem in de agendacommissie. Bij het staken van de stemmen beslist de voorzitter.

7.De agendacommissie heeft tot taak het voorlopig vaststellen van de agenda van de vergaderingen en het bewaken van de lange termijnagenda

7. De agendacommissie heeft tot taak het voorlopig vaststellen van de agenda van de vergaderingen en het bewaken van de lange termijnagenda.

8.De agendacommissie kan op niet-inhoudelijke gronden van (initiatief)voorstellen of onderwerpen oordelen dat zij niet geagendeerd worden. De agendacommissie deelt dit gemotiveerd mee aan de indiener van het voorstel of onderwerp.

8. De agendacommissie kan op niet-inhoudelijke gronden van (initiatief)voorstellen of onderwerpen oordelen dat zij niet geagendeerd worden. De agendacommissie deelt dit gemotiveerd mee aan de indiener van het voorstel of onderwerp.

Verduidelijking over het lidmaatschap.

Onduidelijkheid over aanwezigheid van de griffier tijdens digitale vergaderingen weggenomen.

6

9

10 11

Artikel 7 Overleg Het presidium en de agendacommissie hebben naar behoefte gezamenlijk overleg. 1.2 TOELATING VAN NIEUWE LEDEN; FRACTIES Artikel 8 Onderzoek geloofsbrieven; beëdiging; benoeming 1.De raad stelt een commissie van drie raadsleden in voor de toelating van nieuwe raadsleden of de benoeming van een wethouder, een buitengewoon lid of een lid van de Rekenkamer. De commissie onderzoekt de geloofsbrieven, de daarop betrekking hebbende stukken van nieuw benoemde raadsleden en het proces-verbaal van het (centraal) stembureau.

Artikel 7 Overleg Het presidium en de agendacommissie hebben naar behoefte gezamenlijk overleg. 1.2 TOELATING VAN NIEUWE LEDEN; FRACTIES Artikel 8 Onderzoek geloofsbrieven; beëdiging; benoeming 1. De raad stelt een commissie van drie raadsleden in voor de toelating van nieuwe raadsleden of de benoeming van een wethouder, een commissielid of een lid van de Rekenkamer. De commissie onderzoekt de geloofsbrieven, de daarop betrekking hebbende stukken van nieuw benoemde raadsleden en het proces-verbaal van het (centraal) stembureau.

2.De commissie brengt na haar onderzoek van de geloofsbrieven verslag uit aan de raad en doet daarbij een voorstel voor een besluit. In het verslag wordt ook melding gemaakt van een minderheidsstandpunt.

2. De commissie brengt na het onderzoek van de geloofsbrieven verslag uit aan de raad en doet daarbij een voorstel voor een besluit. In het verslag wordt ook melding gemaakt van een minderheidsstandpunt.

3.Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten raadsleden op om in de eerste vergadering van de raad in nieuwe samenstelling, bedoeld in artikel 18 van de Gemeentewet, de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.

3. Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten raadsleden op om in de eerste vergadering van de raad in nieuwe samenstelling, bedoeld in artikel 18 van de Gemeentewet, de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.

4.In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter een nieuw benoemd raadslid op voor de vergadering van de raad waarin over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.

4. In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter een nieuw benoemd raadslid op voor de vergadering van de raad waarin over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen.

5.Bij de benoeming van een wethouder, een buitengewoon lid of een lid van de Rekenkamer wordt overeenkomstig het eerste lid door de

5. Bij de benoeming van een wethouder, een commissielid of een lid van de Rekenkamer wordt overeenkomstig het eerste lid door de commissie 7

12

commissie onderzocht of de kandidaat voldoet aan de eisen van de Gemeentewet. De werkwijze van deze commissie is overeenkomstig het tweede lid. Artikel 9 Fracties 1.De raadsleden, die door het centraal stembureau op dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de aanvang van de zitting als één fractie beschouwd. Is onder een lijstnummer slechts één raadslid verkozen, dan wordt dit raadslid als een afzonderlijke fractie beschouwd.

onderzocht of de kandidaat voldoet aan de eisen van de Gemeentewet. De werkwijze van deze commissie is overeenkomstig het tweede lid.

2.Indien boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst, voert de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Indien geen aanduiding boven de kandidatenlijst was geplaatst, deelt de fractie in de eerste vergadering van de raad aan de voorzitter mee welke naam deze fractie in de raad wil voeren.

2. Indien boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst, voert de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Indien geen aanduiding boven de kandidatenlijst was geplaatst, deelt de fractie in de eerste vergadering van de raad aan de voorzitter mee welke naam deze fractie in de raad wil voeren.

3.De namen van degenen die als voorzitter van de fractie en als diens plaatsvervanger optreden worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de voorzitter.

3. De namen van degenen die als voorzitter van de fractie en als diens plaatsvervanger optreden worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de voorzitter.

Er zijn nu geen plaatsvervangers. Desalniettemin kunnen fracties alsnog (tijdelijk) van fractievoorzitter wisselen.

4.Indien:

4. Zo spoedig mogelijk wordt schriftelijk mededeling gedaan aan de voorzitter, indien:

Artikel taalkundig aangepast zodat verwijzing naar leden a en b van het artikel individueel mogelijk wordt.

- één of meer leden van een fractie als zelfstandige fractie gaan optreden

a. één of meer leden van een fractie als zelfstandige fractie gaan optreden

- twee of meer fracties als één fractie gaan optreden

b. twee of meer fracties als één fractie gaan optreden

- één of meer leden van een fractie zich aansluiten bij een andere fractie wordt hiervan zo spoedig

c. één of meer leden van een fractie zich aansluiten bij een andere fractie.

Artikel 9 Fracties 1. De raadsleden, die door het centraal stembureau op dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de aanvang van de zitting als één fractie beschouwd. Is onder een lijstnummer slechts één raadslid verkozen, dan wordt dit raadslid als een afzonderlijke fractie beschouwd.

8

mogelijk schriftelijk mededeling gedaan aan de voorzitter.

13

5. De nieuwe fractie deelt aan de voorzitter voorafgaand aan de eerstvolgende raadsvergadering mede, welke naam de fractie wenst te voeren. Deze aanduiding mag niet voorkomen in het register zoals bedoeld in het eerste lid van artikel G 1 en artikel G 3 van de Kieswet.

Verduidelijking op mogelijke situaties.

6. Een nieuwe naam van een fractie voldoet aan de eisen uit het vierde lid van artikel G 1 en aan artikel G 3 van de Kieswet en komt niet voor in het register zoals bedoeld in het eerste lid van artikel G 1 en art G 3 van de Kieswet en wordt gebruikt met ingang van de eerstvolgende raadsvergadering na naamswijziging.

Idem.

5.Met de onder lid 4 beschreven veranderde situatie wordt rekening gehouden met ingang van de eerstvolgende vergadering van de raad na de mededeling daarvan. Artikel 10 Buitengewone leden 1.Op voordracht van een fractie kan de raad per fractie maximaal twee buitengewone leden benoemen.

7. Met de onder lid 4 beschreven veranderde situatie wordt rekening gehouden met ingang van de eerstvolgende vergadering van de raad na de mededeling daarvan. Artikel 10 Commissieleden 1. Op voordracht van een fractie kan de raad per fractie maximaal twee commissieleden benoemen.

2.Een buitengewoon lid, dat wordt voorgedragen door een fractie, dient tijdens de laatste verkiezingen van de raad geplaatst te zijn op de kandidatenlijst van die fractie.

2. Een commissielid, dat wordt voorgedragen door een fractie, dient tijdens de laatste verkiezingen van de raad geplaatst te zijn op de kandidatenlijst van die fractie.

3.De artikelen 10 tot en met 15 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing op een buitengewoon lid.

3. De artikelen 10 tot en met 15 van de Gemeentewet en de Gedragscode voor de raadsen commissieleden Zandvoort zijn van overeenkomstige toepassing op een commissielid.

Aanvulling, vooruitlopend op de aanstaande gewijzigde naam van de gedragscode.

9

4.Een buitengewoon lid kan te allen tijde ontslag nemen. Hij doet daarvan schriftelijk mededeling aan de raad.

4. Indien voldaan wordt aan de van toepassing zijnde wet- en regelgeving leggen commissieleden in de raadsvergadering waarin ze worden benoemd de voor raadsleden voorgeschreven eed of verklaring en belofte af, met dien verstande dat voor <<lid>> gelezen wordt: commissielid.

Verduidelijking over de eed of verklaring af te leggen door te benoemen commissieleden.

5. De zittingsperiode van een commissielid eindigt door:

Aanvulling en verduidelijking over het eindigen van de benoeming van een commissielid.

a. ontslag op eigen verzoek in te dienen bij de voorzitter van de raad; b. ontslag door de fractie; c. door intrekking van de benoeming door de raad; d. wanneer het commissielid niet meer voldoet aan de artikelen 10 tot en met 15 van de Gemeentewet; e. aan het einde van de zittingsperiode van de raad.

14 15

5.Buitengewone leden kunnen deelnemen aan vergaderingen van de raadscommissies, kunnen lid zijn van de accountantscommissie, kunnen schriftelijke vragen stellen en mondelinge vragen in de raadscommissie. Zij hebben recht op ambtelijke bijstand. 1.3 RAADSCOMMISSIES Artikel 11 Raadscommissie 1.De raad stelt een raadscommissie in. 2.De te bespreken onderwerpen in de raadscommissie worden onderverdeeld in:

6. Commissieleden kunnen deelnemen aan vergaderingen van de raadscommissies, kunnen lid zijn van de accountantscommissie, kunnen schriftelijke vragen stellen en mondelinge vragen in de raadscommissie. Zij hebben recht op ambtelijke bijstand. 1.3 RAADSCOMMISSIES Artikel 11 Raadscommissie 1. De raad stelt een raadscommissie in. 2. De te bespreken onderwerpen in de raadscommissie worden onderverdeeld in: 10

a. Bestuur en Middelen

a. Bestuur en Middelen

b. Ruimte en Economie

b. Ruimte en Economie

c. Samenleving

c. Samenleving

3.Onder Bestuur en Middelen vallen alle onderwerpen waarbij het zwaartepunt ligt op het gebied van financiën, veiligheid en handhaving en bestuursaangelegenheden.

3. Onder Bestuur en Middelen vallen alle onderwerpen waarbij het zwaartepunt ligt op het gebied van financiën, veiligheid en handhaving en bestuursaangelegenheden.

4.Onder Ruimte en Economie vallen alle onderwerpen waarbij het zwaartepunt ligt op ruimtelijke inrichting, wonen, leefomgeving, toerisme en economie en verkeer en parkeren.

4. Onder Ruimte en Economie vallen alle onderwerpen waarbij het zwaartepunt ligt op ruimtelijke inrichting, wonen, leefomgeving, toerisme en economie en verkeer en parkeren.

5.Onder Samenleving vallen alle onderwerpen waarbij het zwaartepunt ligt op zorg en maatschappelijke ondersteuning, werk, onderwijs, sport en cultuur.

5. Onder Samenleving vallen alle onderwerpen waarbij het zwaartepunt ligt op zorg en maatschappelijke ondersteuning, werk, onderwijs, sport en cultuur.

6.De raadscommissie heeft de volgende algemene taken:

6. De raadscommissie heeft de volgende algemene taken:

a. het onderling uitwisselen van informatie en meningsvorming over geagendeerde onderwerpen;

a. het onderling uitwisselen van informatie en meningsvorming over geagendeerde onderwerpen;

b. de raad adviseren over een geagendeerd voorstel of onderwerp;

b. de raad adviseren over een geagendeerd voorstel of onderwerp;

c. overleg met de burgemeester en de wethouders;

c. overleg met de burgemeester en de wethouders;

d. het bieden van de mogelijkheid aan derden om inbreng te leveren.

d. het bieden van de mogelijkheid aan derden om inbreng te leveren.

11

7.Indien een onderwerp meerdere commissies aangaat, bepaalt de agendacommissie in welke commissie het onderwerp wordt besproken of dat het in een gezamenlijke vergadering van twee of meer commissies wordt besproken.

7. Indien een onderwerp meerdere commissies aangaat, bepaalt de agendacommissie in welke commissie het onderwerp wordt besproken of dat het in een gezamenlijke vergadering van twee of meer commissies wordt besproken.

8.Aan iedere commissievergadering kunnen maximaal twee personen per fractie deelnemen, waarvan per onderwerp maximaal één buitengewoon lid. Per fractie voert zoveel mogelijk één persoon het woord per agendapunt. Het is toegestaan om in de commissievergadering tussentijds per onderwerp te wisselen van personen.

8. Aan iedere commissievergadering kunnen maximaal twee personen per fractie deelnemen. Per fractie voert zoveel mogelijk één persoon het woord per agendapunt. Het is toegestaan om in de commissievergadering tussentijds per onderwerp te wisselen van personen.

Commissieleden zijn belangrijke vertegenwoordigers namens de fractie. Er wordt voorgesteld om de beperkende bepaling dat maximaal één buitengewoon lid per fractie per commissievergadering mag deelnemen te schrappen. Het staat immers haaks op artikel 10, eerste lid, waarin bepaald wordt dat fracties maximaal 2 commissieleden mogen benoemen.

9.Voor het vaste agendapunt Mededelingen van en vragen aan het college dienen de vragen minimaal 2 dagen voor de vergadering te zijn gemeld bij het college en de griffie.

9. Voor de vaste agendapunten Mededelingen van het college en de Rondvraag dienen de mededeling en de rondvragen minimaal 48 uur voor de vergadering te zijn gemeld bij de griffie. Mededelingen en rondvragen naar aanleiding van actualiteiten die zich voordoen na het verstrijken van de minimale termijn kunnen, mits gemeld bij de griffie en behoudens oordeel van de voorzitter, toegestaan worden door de voorzitter.

Verduidelijking van het proces.

10.De raad benoemt uit zijn midden vaste voorzitters voor de raadscommissie. De voorzitters vervangen elkaar. De voorzitter is geen lid van de raadscommissie, die hij voorzit.

10. De raad benoemt uit zijn midden vaste voorzitters voor de raadscommissie. De voorzitters vervangen elkaar. De voorzitter is geen lid van de raadscommissie, die hij voorzit.

11.Beslissingen in de raadscommissies betreffen uitsluitend de orde van de vergadering en het opleggen van geheimhouding.

11. Beslissingen in de raadscommissies betreffen uitsluitend de orde van de vergadering, het opleggen en weer opheffen van geheimhouding en het geven van advies. Dit advies kan luiden:

Technische verduidelijking over het opheffen van geheimhouding wat wettelijk al mogelijk is. Verduidelijking over de mogelijke adviezen van een raadscommissie. 12

a. het raadsvoorstel, genoemd in artikel 38 van dit regelement, is niet besluitrijp b. het raadsvoorstel is een hamerstuk waarover niemand tijdens de raadsvergadering het woord wenst te voeren en dat zonder stemming wordt aanvaard c. het raadsvoorstel is een bespreekstuk in de raadsvergadering d. het uiten van bezwaren bij de bespreking van een wijziging van het omgevingsplan of omgevingsprogramma.

16 17 18

1.4 VERGADERINGEN 1.4.1 TIJDSTIP VAN VERGADEREN; VOORBEREIDINGEN; INHOUD Artikel 12 Vergaderfrequentie 1.De vergaderingen vinden plaats volgens een door het presidium vastgesteld vergaderrooster en worden gehouden in het raadhuis.

12. Elk lid dat deelneemt aan de vergadering heeft één stem. 1.4 VERGADERINGEN 1.4.1 TIJDSTIP VAN VERGADEREN; VOORBEREIDINGEN; INHOUD Artikel 12 Vergaderfrequentie 1. De vergaderingen vinden plaats volgens een door het presidium vastgesteld vergaderrooster en worden gehouden in het raadhuis of een andere door het presidium aangewezen locatie.

Het vergaderrooster wordt voor het begin van elk kalenderjaar vastgesteld.

2. Het vergaderrooster wordt voor het begin van elk kalenderjaar vastgesteld.

2.Bij het vaststellen van het vergaderrooster wordt met het volgende rekening gehouden:

3. Bij het vaststellen van het vergaderrooster wordt met het volgende rekening gehouden:

- De commissievergaderingen vinden in de regel plaats in de tweede week van de maand op dinsdag en woensdag.

a. De commissievergaderingen vinden in de regel plaats in de tweede week van de maand op dinsdag en woensdag.

- De raadsvergadering vindt in de regel plaats in de vierde week van de maand.

b. De raadsvergadering vindt in de regel plaats in de vierde week van de maand op dinsdag.

Verduidelijking over het stemproces in de raadscommissie.

Gelet op de verbouwing is het kunnen aanwijzen van een alternatieve locatie noodzakelijk.

Verduidelijking. 13

- In de regel is de woensdag na de raadsvergadering en de donderdag na de commissievergadering een reservedatum voor vergaderingen of andere bijeenkomsten.

c. In de regel is de woensdag na de raadsvergadering en de donderdag na de commissievergadering een reservedatum voor vergaderingen of andere bijeenkomsten.

Volgt uit afspraak uit het presidium.

3.De vergaderingen beginnen in de regel om 20.00 uur

4. De vergaderingen beginnen in de regel om 20.00 uur. Omstreeks 23.00 uur peilt de voorzitter of de vergadering voortgezet wordt of geschorst tot de volgende vergaderdag.

Volgt uit afspraak uit het presidium.

4.De voorzitter van de raad of een raadscommissie kan in bijzondere gevallen een andere dag en aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen. Hij overlegt hierover in de agendacommissie en/of met de griffie(r). 19

5. De voorzitter van de raad of een raadscommissie kan in bijzondere gevallen een andere dag en aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen. Hij overlegt hierover in de agendacommissie en/of met de (commissie)griffier. Artikel 13 Oproep Artikel 13 Oproep 1.De voorzitter van de raad zendt tenminste 7 1. De voorzitter van de raad zendt tenminste 7 dagen voor een vergadering aan de raadsleden dagen voor een vergadering aan de raadsleden een schriftelijke oproep onder vermelding van dag, een schriftelijke oproep onder vermelding van dag, tijdstip en plaats van de vergadering. De tijdstip en plaats van de vergadering. De voorzitters van de raadscommissies zenden in de voorzitters van de raadscommissies zenden in de regel 14 dagen voor een vergadering aan de regel 11 dagen voor een vergadering aan de raadsleden en de buitengewone leden een raadsleden en de commissieleden een schriftelijke schriftelijke oproep onder vermelding van dag, oproep onder vermelding van dag, tijdstip en tijdstip en plaats van de vergadering. De plaats van de vergadering. De agendacommissie agendacommissie beoordeelt incidentele beoordeelt incidentele uitzonderingen op de uitzonderingen op de termijn van 14 dagen. termijn van 11 dagen.

2.De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met uitzondering van de in artikel 25 eerste en tweede lid, en artikel 86, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet bedoelde stukken, worden gelijk met de schriftelijke oproep aan de raadsleden en buitengewone leden ter beschikking gesteld.

2. De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met uitzondering van de in artikel 87, 88 en 89 van de Gemeentewet bedoelde stukken, worden gelijk met de schriftelijke oproep aan de raadsleden en commissieleden ter beschikking gesteld.

De huidige praktijk is dat de oproep voor de raadscommissievergadering in de regel 11 dagen voor een vergadering wordt verzonden.

Wetsartikelen geactualiseerd.

14

20

21

3.In spoedeisende gevallen mag de voorzitter van de in lid 1 gestelde termijn afwijken. In spoedeisende gevallen zendt de voorzitter ten minste 48 uur voor een vergadering aan de raadsleden en de buitengewone leden een schriftelijke oproep onder vermelding van dag, tijdstip en plaats van de vergadering. Artikel 14 Agenda 1.In spoedeisende gevallen kan de voorzitter van de raad of een raadscommissie na het verzenden van de schriftelijke oproep tot uiterlijk 48 uur voor de aanvang van een vergadering een aanvullende agenda opstellen. Deze wordt met de daarbij behorende stukken aan de raadsleden en buitengewone leden ter beschikking gesteld.

3. In spoedeisende gevallen mag de voorzitter van de in lid 1 gestelde termijn afwijken. In spoedeisende gevallen zendt de voorzitter ten minste 48 uur voor een vergadering aan de raadsleden en de commissieleden een schriftelijke oproep onder vermelding van dag, tijdstip en plaats van de vergadering. Artikel 14 Agenda 1. In spoedeisende gevallen kan de voorzitter van de raad of een raadscommissie na het verzenden van de schriftelijke oproep tot uiterlijk 48 uur voor de aanvang van een vergadering een aanvullende agenda opstellen. Deze wordt met de daarbij behorende stukken aan de raadsleden en commissieleden ter beschikking gesteld.

2.Bij aanvang van een vergadering stellen de raadsleden en/of buitengewone leden de agenda vast. Op voorstel van een raadslid, een buitengewoon lid of de voorzitter kunnen bij vaststelling van de agenda punten worden toegevoegd, van de agenda worden afgevoerd of kan de volgorde van behandeling van agendapunten worden gewijzigd.

2. Bij aanvang van een vergadering stellen de raadsleden en/of commissieleden de agenda vast. Op voorstel van een raadslid, een commissielid of de voorzitter kunnen bij vaststelling van de agenda punten worden toegevoegd, van de agenda worden afgevoerd of kan de volgorde van behandeling van agendapunten worden gewijzigd.

3.Wanneer de raadsleden en/of buitengewone leden een onderwerp onvoldoende voor de openbare beraadslaging voorbereid achten, kunnen zij het onderwerp verwijzen naar een volgende vergadering of aan het college nadere inlichtingen of advies vragen. Artikel 15 Inbreng onderwerpen door derden 1.Anderen dan het college, raadsleden, buitengewone leden en de griffier kunnen onderwerpen inbrengen voor plaatsing op de agenda van een raadscommissie.

3. Wanneer de raadsleden en/of commissieleden een onderwerp onvoldoende voor de openbare beraadslaging voorbereid achten, kunnen zij het onderwerp verwijzen naar een volgende vergadering of aan het college nadere inlichtingen of advies vragen. Artikel 15 vervalt. Er wordt geen gebruik gemaakt van het instrument. Het burgerinitiatief is geregeld in een aparte Verordening op het Burgerinitiatief Zandvoort 2018.

15

2.Onderwerpen die niet kunnen worden ingebracht, zijn: a. Een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar of beroep openstaat of heeft opengestaan; b. Benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen; c. Een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend.

22

3.Degene die een onderwerp wil inbrengen zoals omschreven in lid 1 meldt dit tenminste vier weken voor de aanvang van de vergadering aan de griffier. Hij vermeldt daarbij tenminste zijn naam, (email)adres en telefoonnummer en het onderwerp plus een toelichting daarop en het beoogde doel van de bespreking. De agendacommissie en griffier bepalen de wijze van voorbereiding van een door derden ingebracht onderwerp. Artikel 16 Ter beschikking stellen van stukken 1.Stukken die ter toelichting van onderwerpen of voorstellen op de agenda dienen, worden gelijk met het verzenden van de schriftelijke oproep aan een ieder ter beschikking gesteld. Indien na het verzenden van de schriftelijke oproep stukken ter beschikking worden gesteld, wordt hiervan mededeling gedaan aan de raadsleden en buitengewone leden en zo mogelijk in een openbare kennisgeving.

Artikel 15 Ter beschikking stellen van stukken 1. Stukken die ter toelichting van onderwerpen of voorstellen op de agenda dienen, worden gelijk met het verzenden van de schriftelijke oproep aan een ieder ter beschikking gesteld. Indien na het verzenden van de schriftelijke oproep stukken ter beschikking worden gesteld, wordt hiervan mededeling gedaan aan de raadsleden en commissieleden en zo mogelijk in een openbare kennisgeving.

2.Een origineel van een ter beschikking gesteld 2. Een origineel van een ter beschikking gesteld stuk wordt niet buiten het gemeentehuis gebracht. stuk wordt niet buiten het gemeentehuis gebracht. 16

23

24 25

26

3.Indien op stukken op grond van artikel 25, 55 of 86 van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, worden deze stukken in afwijking van het eerste lid door de griffie(r) uitsluitend aan raadsleden en/of buitengewone leden ter beschikking gesteld. Artikel 17 Openbare kennisgeving 1.De vergadering wordt door aankondiging in één of meer dag-, nieuws-, of huis-aan-huisbladen en door plaatsing op de gemeentelijke website openbaar gemaakt.

3. Indien op stukken op grond van artikel 87, 88 en 89 van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, worden deze stukken in afwijking van het eerste lid door de griffie(r) uitsluitend aan raadsleden en/of commissieleden ter beschikking gesteld. Artikel 16 Openbare kennisgeving 1. De vergadering wordt door aankondiging in één of meer dag-, nieuws-, of huis-aan-huisbladen en door plaatsing op de gemeentelijke website openbaar gemaakt.

2.De openbare kennisgeving vermeldt:

2. De openbare kennisgeving vermeldt:

a. De datum, aanvangstijd, plaats en de voorlopige agenda van de vergadering;

a. De datum, aanvangstijd, plaats en de voorlopige agenda van de vergadering;

b. De wijze waarop en de plaats waar een ieder de bij de vergadering behorende stukken kan inzien.

b. De wijze waarop en de plaats waar een ieder de bij de vergadering behorende stukken kan inzien.

3.De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken worden, indien digitaal beschikbaar, op de website van de gemeente geplaatst. 1.4.2 ORDE VAN DE VERGADERINGEN Artikel 18 Presentielijst 1.Bij binnenkomst in de vergaderzaal voor de raadsvergadering tekent ieder raadslid de presentielijst. Aan het einde van elke vergadering wordt die lijst door de griffier door ondertekening vastgesteld.

3. De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken worden, indien digitaal beschikbaar, op de website van de gemeente geplaatst. 1.4.2 ORDE VAN DE VERGADERINGEN Artikel 17 Presentielijst 1. Bij binnenkomst in de vergaderzaal voor de raadsvergadering tekent ieder raadslid de presentielijst. Aan het einde van elke vergadering wordt die lijst door de griffier door ondertekening vastgesteld.

2.Bij binnenkomst in de vergaderzaal voor een vergadering van een raadscommissie tekent het namens een fractie aanwezige buitengewoon lid de presentielijst. Aan het einde van elke vergadering wordt die lijst door de griffier door ondertekening vastgesteld. Artikel 19 Zitplaatsen

2. Bij binnenkomst in de vergaderzaal voor een vergadering van een raadscommissie tekent het namens een fractie aanwezige commissielid de presentielijst. Deelname aan de commissievergadering is een vereiste voor het tekenen van de presentielijst. Artikel 18 Zitplaatsen

Wetsartikelen geactualiseerd.

Verduidelijking.

17

27

28

1.De voorzitter, de raadsleden en de griffier hebben een vaste zitplaats in de raadsvergadering, door het presidium bij aanvang van iedere nieuwe zittingsperiode van de raad aangewezen.

1. De voorzitter, de raadsleden en de griffier hebben een vaste zitplaats in de raadsvergadering, door het presidium bij aanvang van iedere nieuwe zittingsperiode van de raad aangewezen.

2.Indien daartoe aanleiding bestaat, kan het presidium de indeling herzien.

2. Indien daartoe aanleiding bestaat, kan het presidium de indeling herzien.

3.De voorzitter draagt zorg voor een zitplaats voor de personen die voor de vergadering zijn uitgenodigd. Artikel 20 Opening raadsvergadering; quorum 1.De voorzitter opent de raadsvergadering op het vastgestelde uur, indien het daarvoor door de wet vereiste aantal raadsleden blijkens de presentielijst aanwezig is.

3. De voorzitter draagt zorg voor een zitplaats voor de personen die voor de vergadering zijn uitgenodigd. Artikel 19 Opening raadsvergadering; quorum 1. De voorzitter opent de raadsvergadering op het vastgestelde uur, indien het daarvoor door de wet vereiste aantal raadsleden blijkens de presentielijst aanwezig is.

2.Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het vereiste aantal aanwezigen is, bepaalt de voorzitter dag en uur van de volgende vergadering, met inachtneming van artikel 20 van de Gemeentewet. Artikel 21 Samenvattend verslag, besluitenlijst en raadscommissieadvies 1.De griffier draagt zorg voor een samenvattend verslag en besluitenlijst van de raadsvergadering. Van de raadscommissievergaderingen worden in principe alleen audioverslagen gemaakt. De agendacommissie kan bepalen dat van een raadscommissievergadering een samenvattend verslag wordt gemaakt. Van onderwerpen die in beslotenheid worden behandeld dient altijd schriftelijke verslaglegging plaats te vinden.

2. Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het vereiste aantal aanwezigen is, bepaalt de voorzitter dag en uur van de volgende vergadering, met inachtneming van artikel 20 van de Gemeentewet. Artikel 20 Besluitenlijst, transcript, verslag en raadscommissieadvies 1. De griffier draagt zorg voor een besluitenlijst van de raadsvergadering. Van de raadsvergaderingen en raadscommissievergaderingen worden transcripten gemaakt. Van onderwerpen die in een besloten (deel van de) raadsvergadering en raadscommissievergadering behandeld worden, dient altijd schriftelijke verslaglegging plaats te vinden.

2.Het conceptverslag van de vergaderingen genoemd in lid 1 wordt, zo mogelijk, aan de raadsleden en buitengewone leden toegezonden gelijktijdig met de schriftelijke oproep. Het

Bij openbare vergaderingen wordt gebruik gemaakt van transcripten.

Lid 2 vervalt sinds het verslag is vervangen door het transcript.

18

conceptverslag wordt gelijktijdig aan de overige personen die het woord hebben gevoerd, toegezonden. Lid 3 vervalt sinds het verslag is vervangen door het transcript.

3.De raadsleden, voorzitter, wethouders en griffier hebben het recht een voorstel tot verandering aan de raad te doen, indien het conceptverslag onjuistheden bevat of niet duidelijk weergeeft hetgeen gezegd of besloten is. Een voorstel tot verandering dient schriftelijk en tenminste één dag voor aanvang van de vergadering bij de griffie(r) te worden ingediend.

4.Het samenvattende verslag bevat:

2. De besluitenlijst bevat:

a. de namen van de voorzitter, griffier, wethouders, de ter vergadering aanwezige en afwezige raadsleden en overige personen die het woord hebben gevoerd;

a. de namen van de voorzitter, griffier, wethouders, de ter vergadering aanwezige en afwezige raadsleden en overige personen die het woord hebben gevoerd;

b. een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest;

b. een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest;

c. een zakelijke samenvatting van het gesprokene met vermelding van de namen van de aanwezigen die het woord voerden; d. een overzicht van het verloop van elke stemming met vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de raadsleden die voor of tegen stemden, onder aantekening van de namen van de raadsleden die zich overeenkomstig de Gemeentewet van stemming hebben onthouden of zich bij het uitbrengen van hun stem hebben vergist;

Lid 4, onder c, geschrapt, sinds het transcript hierin voorziet. Voorts de leden van dit artikel vernummerd. c. een overzicht van het verloop van elke stemming met vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de raadsleden die voor of tegen stemden, onder aantekening van de namen van de raadsleden die zich overeenkomstig de Gemeentewet van stemming hebben onthouden of zich bij het uitbrengen van hun stem hebben vergist;

19

e. de tekst van de ter vergadering ingediende initiatiefvoorstellen, voorstellen van orde, moties, amendementen en subamendementen; f. bij het desbetreffende agendapunt de naam en de hoedanigheid van die personen aan wie op grond van artikel 27 door de raad is toegestaan deel te nemen aan de beraadslagingen;

d. bij het desbetreffende agendapunt de naam en de hoedanigheid van die personen aan wie op grond van artikel 25 door de raad is toegestaan deel te nemen aan de beraadslagingen;

g. de namen van de aanwezige raadsleden, buitengewone leden en ambtelijke ondersteuning op de publieke tribune bij een vergadering met gesloten deuren overeenkomstig artikel 23 van de Gemeentewet.

e. de namen van de aanwezige raadsleden, commissieleden en ambtelijke ondersteuning op de publieke tribune bij een vergadering met gesloten deuren overeenkomstig artikel 23 van de Gemeentewet.

5.Het samenvattende verslag wordt in een volgende vergadering vastgesteld, waarna dit door de voorzitter en de griffier worden ondertekend.

29

Lid 5 vervalt sinds het verslag is vervangen door het transcript.

6.Voor zover de aard en de inhoud van de besluitvorming zich daartegen niet verzet wordt de besluitenlijst zo spoedig mogelijk na de vergadering openbaar gemaakt door plaatsing op de website van de gemeente.

3. Voor zover de aard en de inhoud van de besluitvorming zich daartegen niet verzet wordt de besluitenlijst zo spoedig mogelijk na de vergadering openbaar gemaakt door plaatsing op de website van de gemeente.

7.De commissiegriffier draagt zorg voor een advies van de raadscommissie over een voorstel aan de raad. In het advies wordt aangegeven namens welke fracties het advies wordt gegeven; van verdeelde standpunten wordt melding gemaakt.

4. De commissiegriffier draagt ten behoeve van de agendacommissie zorg voor een advies van de raadscommissie over een voorstel aan de raad. In het advies wordt aangegeven namens welke fracties het advies wordt gegeven; van verdeelde standpunten wordt melding gemaakt. Artikel 21 Ingekomen stukken 1. Bij de raad ingekomen stukken worden op een lijst geplaatst. Deze lijst wordt aan de raadsleden en buitengewone leden ter beschikking gesteld.

Artikel 22 Ingekomen stukken 1.Bij de raad ingekomen stukken worden op een lijst geplaatst. Deze lijst wordt aan de raadsleden en buitengewone leden ter beschikking gesteld.

Verwijzing vernummerd.

Verduidelijking.

20

30

2.De raad stelt op voorstel van de voorzitter en de griffier de wijze van afdoening van de ingekomen stukken vast. Artikel 23 Spreekrecht burgers en spreektijd 1.In de vergaderingen van de raadscommissies mogen aanwezigen op de publieke tribune het woord voeren, maar niet over agendapunten over de interne en/of procedurele gang van zaken, niet over mededelingen en ook niet over rondvraagpunten. Zij kunnen het woord voeren over raadsvoorstellen en overige stukken die geagendeerd zijn.

2. De raad stelt op voorstel van de voorzitter en de griffier de wijze van afdoening van de ingekomen stukken vast. Artikel 22 Spreekrecht burgers en spreektijd 1. In de vergaderingen van de raadscommissies mogen aanwezigen op de publieke tribune het woord voeren, maar niet over agendapunten over de interne en/of procedurele gang van zaken, niet over mededelingen en ook niet over rondvragen. Zij kunnen het woord voeren over raadsvoorstellen en overige stukken die geagendeerd zijn.

2.Ook kunnen aanwezigen op de publieke tribune het woord voeren over niet geagendeerde onderwerpen, indien zij minimaal 24 uur voor aanvang van de commissievergadering het onderwerp waarover zij willen inspreken bij de griffie hebben aangemeld. Er worden in principe maximaal drie insprekers met niet geagendeerde onderwerpen in één bijeenkomst toegelaten.

2. Ook kunnen aanwezigen op de publieke tribune in principe in de eerste vergadering van de maand van de raadscommissie het woord voeren over niet geagendeerde onderwerpen, indien zij minimaal 24 uur voor aanvang van de commissievergadering het onderwerp waarover zij willen inspreken bij de griffie hebben aangemeld. Er worden in principe maximaal drie insprekers met niet geagendeerde onderwerpen in één bijeenkomst toegelaten.

3.Artikel 15 lid 2 is van overeenkomstige toepassing.

3. Artikel 15 lid 2 is van overeenkomstige toepassing. Ook kan het woord niet worden gevoerd:

Gewijzigd met het oog op eenduidig woordgebruik in reglement van orde.

Verduidelijking.

a. indien reeds eerder over hetzelfde onderwerp van het spreekrecht gebruik werd gemaakt en de besluitvorming over het onderwerp nog niet is afgerond; b. voor het uitdragen van boodschappen of aanprijzingen van commerciële aard; c. over een onderwerp dat primair behoort tot de bevoegdheid van het college van burgemeester 21

en wethouders en dat nog niet aan het college of een lid daarvan is voorgelegd; d. door een politieke groepering; e. als over het onderwerp onlangs inspraak mogelijk is geweest of op korte termijn inspraak mogelijk is. 4.Afhankelijk van de totaal beschikbare tijd kan de voorzitter, een raadslid of een buitengewoon lid een voorstel doen over de spreektijd of aantal spreektermijnen van de aanwezigen.

31

Artikel 24 Handhaving orde; schorsing 1.Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling zijnde onderwerp dan wel anderszins de orde verstoort, wordt hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de betreffende spreker hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem voor de rest van de vergadering over het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen. 2.De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering sluiten.

4. Insprekers krijgen in principe 3 minuten spreektijd. Afhankelijk van de totaal beschikbare tijd kan de voorzitter, een raadslid of een commissielid een voorstel doen over de spreektijd of het aantal spreektermijnen van de aanwezigen.

Verduidelijking

5. De voorzitter, een raadslid of een commissielid kunnen een voorstel doen dat insprekers die dezelfde groep vertegenwoordigen gezamenlijk 3 minuten spreektijd of een spreektijd gelijk aan andere insprekers krijgen. Artikel 23 Handhaving orde; schorsing 1. Tijdens de vergadering is het gebruik van mobiele telefoons of andere communicatiemiddelen, die inbreuk maken op de orde van de vergadering niet toegestaan.

Toevoeging.

2. Degenen die van een openbare raadsvergadering geluid- of beeldregistraties willen maken, doen hiervan mededeling aan de voorzitter en gedragen zich naar diens aanwijzingen.

Nieuwe leden 2, 4, 5 en 6 toegevoegd als extra handvatten voor de voorzitter om de orde te kunnen bewaken.

Volgorde van leden gewijzigd voor een meer logische volgorde.

22

3.Tijdens de vergadering is het gebruik van mobiele telefoons of andere communicatiemiddelen, die inbreuk maken op de orde van de vergadering niet toegestaan.

3. Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling zijnde onderwerp dan wel anderszins de orde verstoort, wordt hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de betreffende spreker hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem voor de rest van de vergadering over het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen. 4. Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare commissie- en raadsvergaderingen uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen. 5. Petities gericht aan de raadscommissie of gemeenteraad worden ingediend bij de griffie. Het is niet toegestaan om papieren uit te delen aan raadsleden, commissieleden en publiek in de raadzaal. 6. Het blijkgeven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze verstoren van de orde door publiek is hen verboden.

32

Artikel 25 beraadslaging 1.De raad of een raadscommissie kan op voorstel van de voorzitter, een raadslid of een buitengewoon lid beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp of voorstel afzonderlijk te beraadslagen.

7. De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering sluiten. Artikel 24 Beraadslaging 1. De raad of een raadscommissie kan op voorstel van de voorzitter, een raadslid of een commissielid beslissen om over één of meer onderdelen van een onderwerp of voorstel afzonderlijk te beraadslagen.

2.Op verzoek van een raadslid of op voorstel van de raadsvoorzitter kan de raad besluiten de

2. Op verzoek van een raadslid of op voorstel van de raadsvoorzitter kan de raad besluiten de

Dit verduidelijkt voor de raadsleden en andere aanwezigen waarom er 23

33

beraadslaging voor een door hem te bepalen tijd te schorsen om het college of de leden de gelegenheid te geven tot onderling nader beraad. De beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode verstreken is.

beraadslaging voor een door hem te bepalen tijd te schorsen om het college of de leden de gelegenheid te geven tot onderling nader beraad. De voorzitter vermeldt hoe lang de vergadering wordt geschorst. De beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode verstreken is. Zodra de beraadslaging is hervat, vermeldt degene die heeft verzocht om een schorsing of de voorzitter op beknopte wijze aan de raad waarom er is geschorst.

3.Afhankelijk van de totaal beschikbare tijd kan de voorzitter, een raadslid of een buitengewoon lid een voorstel doen over de spreektijd of aantal spreektermijnen per onderwerp. Artikel 26 Deelname aan beraadslaging door anderen 1.De raad kan bepalen dat naast de aanwezige leden van de raad en het college ook de griffier, de secretaris en/of de raadsvoorzitter deelnemen aan de beraadslaging.

3. Afhankelijk van de totaal beschikbare tijd kan de voorzitter, een raadslid of een commissielid een voorstel doen over de spreektijd of aantal spreektermijnen per onderwerp. Artikel 25 Deelname aan beraadslaging door anderen 1. De raad kan bepalen dat naast de aanwezige leden van de raad en het college ook de griffier, de secretaris en/of de raadsvoorzitter deelnemen aan de beraadslaging.

2.De raadscommissie kan bepalen dat naast de aanwezige (buitengewone) leden van de raad en het college de griffier, de secretaris, de raadsvoorzitter en uitgenodigde belanghebbenden deelnemen aan de beraadslaging.

2. De raadscommissie kan bepalen dat naast de aanwezige raadsleden en commissieleden, het college, de griffier, de secretaris, de raadsvoorzitter en uitgenodigde belanghebbenden deelnemen aan de beraadslaging.

3.Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter of één der leden van de raad of de raadscommissie genomen voordat de beraadslaging over het aan de orde zijnde agendapunt begint. 4.Indieners van een onderwerp bedoeld in artikel 15 worden altijd uitgenodigd in de raadscommissievergadering aanwezig te zijn.

3. Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter of één der leden van de raad of de raadscommissie genomen voordat de beraadslaging over het aan de orde zijnde agendapunt begint. 4. Indieners van een onderwerp bedoeld in artikel 15 worden altijd uitgenodigd in de raadscommissievergadering aanwezig te zijn.

geschorst wordt. Er wordt gekozen om de toelichting ná het hervatten van de schorsing te geven. Zo kan worden voorkomen dat er publiekelijk discussie ontstaat over bijvoorbeeld mogelijke integriteitsvraagstukken en niemand onbedoeld en onnodig beschadigd raakt.

24

Artikel 26 Amendementen 1. leder raadslid kan in de raadsvergadering tot het sluiten van de beraadslagingen amendementen indienen, voorzien van de logo’s van de fracties en de namen van de indienende raadsleden die de presentielijst getekend hebben en in de vergadering aanwezig zijn. Een amendement kan het voorstel inhouden om een geagendeerd voorstel in één of meer onderdelen te splitsen, waarover afzonderlijke besluitvorming zal plaatsvinden. Staande de vergadering worden geen nieuwe mede-indieners aan een reeds ingediend amendement toegevoegd. Men stemt voor of tegen.

Verplaatst naar een meer logische plek in het reglement van orde (was artikel 34).

2. leder raadslid dat in de vergadering aanwezig is, is bevoegd op het amendement dat door een raadslid is ingediend, een wijziging voor te stellen (subamendement). 3. Elk (sub)amendement en elk voorstel moet om in behandeling genomen te kunnen worden schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend, tenzij de voorzitter - met het oog op het eenvoudige karakter van het voorgestelde oordeelt, dat met een mondelinge indiening kan worden volstaan.

34

4. Intrekking, door de indiener(s), van het (sub)amendement is mogelijk, totdat de besluitvorming door de raad heeft plaatsgevonden. Artikel 27 Moties 1. Ieder raadslid kan in de raadsvergadering tot het sluiten van de beraadslagingen een motie indienen, voorzien van de logo’s van de fracties en de namen van de indienende raadsleden die de presentielijst getekend hebben en in de

Verplaatst naar een meer logische plaats in het reglement van orde (was artikel 35). Verduidelijking en in lijn gebracht met artikel 34, 1e lid, inzake amendementen. 25

vergadering aanwezig zijn. Staande de vergadering worden geen nieuwe mede-indieners aan een reeds ingediende motie toegevoegd. Men stemt voor of tegen. 2. Een motie moet om in behandeling genomen te kunnen worden, schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend.

Correctie.

3. De behandeling van een motie over een aanhangig onderwerp of voorstel vindt tegelijk met de beraadslaging over dat onderwerp of voorstel plaats. 4. De behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda voorkomende onderwerpen zijn behandeld. 5. Intrekking, door de indiener(s), van de motie is mogelijk totdat de stemming over de motie is geopend.

35

Artikel 28 Ordevoorstel en persoonlijk feit 1. De voorzitter, een raadslid of een commissielid kunnen tijdens een vergadering mondeling een ordevoorstel doen, dat kort kan worden toegelicht. 2. Een ordevoorstel kan uitsluitend de orde van de vergadering betreffen.

Correctie. In de voorgaande versie kan het reglement zo (en onjuist) worden geïnterpreteerd dat na de stemming de motie ingetrokken kan worden. Dat is niet mogelijk, omdat het een genomen raadsbesluit betreft. Verplaatst naar een meer logische plaats in het reglement van orde (was artikel 36).

Tekstuele wijziging.

3. Over een ordevoorstel beslissen de aanwezigen in de vergadering of de raad terstond

26

36

37 38

39

Artikel 27 Beslissing 1.Wanneer de voorzitter vaststelt dat een onderwerp of voorstel voldoende is toegelicht, sluit hij de beraadslaging, tenzij de raad of een raadscommissie anders beslist.

4. Elk raadslid of commissielid kan op elk moment het woord vragen vanwege een persoonlijk feit. De voorzitter verleent het woord voor een persoonlijk feit niet dan na een voorlopige aanduiding van dat feit. De beslissing of iets een persoonlijk feit vormt, berust bij de voorzitter. Artikel 29 Beslissing 1. Wanneer de voorzitter vaststelt dat een onderwerp of voorstel voldoende is toegelicht, sluit hij de beraadslaging, tenzij de raad of een raadscommissie anders beslist.

2.Nadat de beraadslaging over een onderwerp of voorstel in de raadscommissie is gesloten, formuleert de voorzitter een conclusie over de voortgang of afwikkeling daarvan.

2. Nadat de beraadslaging over een onderwerp of voorstel in de raadscommissie is gesloten, formuleert de voorzitter een conclusie over de voortgang of afwikkeling daarvan.

3.Nadat de beraadslaging over een voorstel in de raad is gesloten vindt, na een stemming over eventuele amendementen, de stemming plaats over het voorstel, zoals het dan luidt, in zijn geheel tenzij geen stemming wordt gevraagd.

3. Nadat de beraadslaging over een voorstel in de raad is gesloten vindt, na een stemming over eventuele amendementen, de stemming plaats over het voorstel, zoals het dan luidt, in zijn geheel tenzij geen stemming wordt gevraagd.

4.Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel plaatsvindt, formuleert de raadsvoorzitter het voorstel over de te nemen eindbeslissing. 1.4.3 PROCEDURES BIJ STEMMINGEN IN DE RAADSVERGADERING Artikel 28 Stemverklaring Na de stemming heeft ieder raadslid het recht zijn stemgedrag te motiveren. Artikel 29 Primus bij hoofdelijke stemming Bij het begin van de raadsvergadering deelt de voorzitter mee bij welk raadslid de hoofdelijke stemming zal beginnen. Daarvoor wordt bij loting een volgnummer van een alfabetische lijst met namen aangewezen; bij het daar genoemde raadslid begint de hoofdelijke stemming.

4. Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel plaatsvindt, formuleert de raadsvoorzitter het voorstel over de te nemen eindbeslissing. 1.4.3 PROCEDURES BIJ STEMMINGEN IN DE RAADSVERGADERING Artikel 30 Stemverklaring Na de stemming heeft ieder raadslid het recht zijn stemgedrag te motiveren. Artikel 31 Primus bij hoofdelijke stemming Bij het begin van de raadsvergadering deelt de voorzitter mee bij welk raadslid de hoofdelijke stemming zal beginnen. Daarvoor wordt bij loting een volgnummer van een alfabetische lijst met namen aangewezen; bij het daar genoemde raadslid begint de hoofdelijke stemming. 27

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15616592/1