Bijlage 1 - Bestemmingsplan Bentveld - Inhoud en Toelichting
Tekst van het document
Dit zijn de tennisbanen gelegen tussen de woonbebouwing achter de Duindoornlaan. De tennisbanen zelf mogen niet overkapt worden. De bijbehorende bebouwing ten behoeve van onder andere kleedruimte, zijn door middel van een bouwvlak bestemd. Artikel 10 Tuin De bestemming 'Tuin' is gelegd op de delen van de percelen die als voor- of zijtuin (of waardevol groen binnenterrein) zijn aan te merken en waar het vanuit stedenbouwkundig oogpunt niet gewenst wordt geacht erfbebouwing te situeren. De bestemmingsgrens ligt voor het merendeel tegen de voorgevel en in hoeksituaties tegen de zijgevel van het hoofdgebouw. De bestemming kent een regeling voor het plaatsen van erkers aan de voor- en zijkant van een woning. Onoverdekt parkeren op eigen erf vóór de voorgevelrooilijn of het denkbeeldige verlengde daarvan is
56
(vastgesteld)
Vastgesteld Bestemmingsplan Bentveld niet toegestaan, tenzij het parkeren betreft op een vóór de voorgevelrooilijn gelegen oprit naar de op hetzelfde perceel achter de voorgevelrooilijn aanwezige parkeergelegenheid. Deze specifieke gebruiksregels geldt niet voor de percelen aan de Zandvoortselaan waar in 2014 vergunning is verleend voor het parkeren in de voortuin, hiervoor is een aanduiding opgenomen op de planverbeelding. Artikel 11 Verkeer Onder deze bestemming vallen de straten, paden, pleintjes en parkeerhavens en het daarvan deel uitmakende (kleinschalige) openbaar groen. Ook speelvoorzieningen geplaatst in de openbare ruimte, worden tot deze bestemming gerekend. De bestemming is van toepassing op de openbare ruimte die slechts een verkeers- en verblijfsfunctie voor de directe omgeving heeft. Voor herinrichtingsmaatregelen en maatregelen ter verbetering van de verkeersveiligheid (bijvoorbeeld inrichting als 30 km/h-zone), biedt deze bestemming voldoende ruimte. Op verschillende plaatsen komt het voor dat de gronden met de bestemming 'Verkeer' mede voor functies uit aangrenzende bestemmingen wordt gebruikt. Denk aan reclameborden en delen van gebouwen (denk aan erkers) die over de bestemming 'Verkeer' hangen. Deze gebruiksvormen zijn ook in dit plan toegestaan.
Artikel 12 Wonen - 1 De vrijstaande, twee-onder-een-kap- en aaneengesloten woningen (grondgebonden) vallen onder bestemming 'Wonen - 1' met respectievelijk de aanduidingen 'vrij', 'twee-aaneen' en 'aaneengebouwd'. Binnen de bestemming zijn aan-huis-verbonden beroepen mogelijk; de pensions, detailhandelsbedrijven en dienstverlenende bedrijven zijn geregeld via een aanduiding. Via een wijzigingsbevoegdheid is het mogelijk om een aanduiding van het bestemmingsvlak te verwijderen. Het bouwvlak mag tot 100% worden bebouwd, waarbij maximum goot- en bouwhoogte zijn vastgelegd op ruimtelijke verbeelding van het plan. Hierbij wordt in eerste instantie uitgegaan van een kap, maar een plat dak is ook mogelijk, zij het dat in dat geval de goothoogte de maximale bouwhoogte wordt. Het gezamenlijke oppervlak aan bijgebouwen, aan- en uitbouwen mag buiten het bouwvlak niet meer dan 35% van het erf beslaan met een maximum tot 50 m2. Hierbij wordt uitgegaan van één bouwlaag met eventueel een dak. In afwijking hiervan mag voor bouwpercelen groter dan 2.000 m2 het gezamenlijk grondoppervlak van bijgebouwen, aan- en uitbouwen, gelegen buiten het bouwvlak, maximaal 100 m2 bedragen. Binnen de bestemming zijn specifieke gebruiksregels opgenomen voor aan-huis-verbonden beroepen en logiesverstrekking.
Artikel 13 Wonen - 2 Gestapelde woningen en appartementencomplexen zijn onder de bestemming 'Wonen - 2' gebracht. Ook binnen deze bestemming zijn aan-huis-verbonden beroepen mogelijk. Daarnaast zijn de locaties waar sprake is van detailhandel, dienstverlening of maatschappelijke voorzieningen, eveneens met een aanduiding geregeld. De bebouwingsmogelijkheden zijn vergelijkbaar met de bestemming Wonen-1, zij het dat bijvoorbeeld in het geval van appartementencomplexen doorgaans geen of weinig ruimte is voor bijgebouwen, aan- en uitbouwen.
(vastgesteld)
57
Vastgesteld Bestemmingsplan Bentveld Artikel 14 Wonen - Duingebied De woningen aan de Westerduinweg en achter de Duinrooslaan worden getypeerd als vrijstaande duinvilla's in het duingebied. Deze woningen worden op aparte wijze bestemd. De woningen zelf behoeven geen beschermde status, maar het bouwperceel er omheen wel. Dit vanwege het reliëf en de ligging tegen het beschermde natuurgebied aan. Om de woningen wordt een ruim bouwvlak gelegd waarbinnen alle bebouwing dient te worden gerealiseerd. Deze bouwvlakken mogen voor 40% bebouwd worden. de bouwvlakken zijn zo gelegd dat de bestaande bebouwing op het perceel allemaal binnen het bouwvlak gelegen is. Voor het overige zijn de bebouwingsmogelijkheden vergelijkbaar met de bestemming "Wonen-1". Artikel 15 Leiding - Gas In het plangebied bevinden zich een gastransportleiding. Om graafschade aan deze leiding te voorkomen, zijn de zakelijke rechtstroken bij deze leiding voorzien van een beschermende regeling voorzien in dit bestemmingsplan. De dubbelbestemming is ingetekend over een breedte van 8 meter (4 meter ter weerszijde van de hartlijn). In de dubbelbestemming geldt een verplichting tot het verkrijgen van een omgevingsvergunning voor aanlegactiviteiten. Artikel 16 Leiding - Water In het plangebied bevindt zich een watertransportleiding.
Om graafschade aan deze leiding te voorkomen, zijn de zakelijke rechtstroken bij deze leiding voorzien van een beschermende regeling voorzien in dit bestemmingsplan. De dubbelbestemming is ingetekend over een breedte van 10 meter (5 meter ter weerszijde van de hartlijn). In de dubbelbestemming geldt een verplichting tot het verkrijgen van een omgevingsvergunning voor aanlegactiviteiten. Artikel 17 Waarde - Archeologie 1 Het plangebied is in verband met de mogelijke waarden op het vlak van archeologie extra beschermd. De regeling is dusdanig dat, wanneer meer dan 50 m2 wordt bebouwd, een archeologisch onderzoek nodig is. Daarnaast is vanuit diezelfde optiek een omgevingsvergunning vereist voor werkzaamheden op het vlak van kabels en leidingen of wanneer voor meer dan 50 m2 en dieper dan 0,4 m de grond wordt bewerkt. Ook voor diepwortelende bomen en beplanting geldt dit omgevingsvergunningvereiste. Artikel 18 Waarde - Archeologie 2 Het plangebied is in verband met de mogelijke waarden op het vlak van archeologie extra beschermd. De regeling is dusdanig dat, wanneer meer dan 500 m2 wordt bebouwd en dieper dan 6 meter +NAP, een archeologisch onderzoek nodig is.
Daarnaast is vanuit diezelfde optiek een omgevingsvergunning vereist voor werkzaamheden op het vlak van kabels en leidingen of wanneer voor meer dan 500 m2 en dieper dan 6 meter +NAP en dieper dan 0,4 m de grond wordt bewerkt. Ook voor diepwortelende bomen en beplanting geldt dit omgevingsvergunningvereiste. Artikel 19 Waarde - Archeologie 3 Het plangebied is in verband met de mogelijke waarden op het vlak van archeologie extra beschermd. De regeling is dusdanig dat, wanneer meer dan 1.000 m2 wordt bebouwd en dieper dan 3 meter +NAP, een archeologisch onderzoek nodig is. Daarnaast is vanuit diezelfde optiek een omgevingsvergunning vereist voor werkzaamheden op het vlak van kabels en leidingen of wanneer voor meer dan 1000 m2 en dieper dan 6 meter +NAP en dieper dan 0,4 m de grond wordt bewerkt. Ook voor diepwortelende bomen en beplanting geldt dit omgevingsvergunningvereiste.
58
(vastgesteld)
Vastgesteld Bestemmingsplan Bentveld Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 20 Anti-dubbeltelregel In deze regel is vastgelegd dat grond die in aanmerking moest worden genomen bij het verlenen van een omgevingsvergunning, waarvan de uitvoering heeft plaatsgevonden of alsnog kan plaatsvinden, bij de beoordeling van een andere aanvraag om omgevingsvergunning niet opnieuw in beschouwing mag worden genomen. Artikel 21 Algemene bouwregels In dit artikel is een aantal aanvullende bouwregels opgenomen die voor alle bestemmingen gelden. Artikel 22 Algemene gebruiksregels In de algemene gebruiksregels is aangegeven welke vormen van gebruik in elk geval vallen onder de algemene verbodsbepaling op 'strijdig gebruik'. In beginsel is een seksinrichting 'strijdig gebruik', maar hiervan kan eventueel worden afgeweken. Ook is hier het afwijken ten behoeve van aan-huis-gebonden bedrijf opgenomen. Artikel 23 Algemene afwijkingsregels Dit artikel is een aanvulling op de afwijkingsregels uit de bestemmingen. In het artikel is een aantal algemene afwijkingen opgenomen, dat middels een omgevingsvergunning kan worden verleend. Het betreft een standaardregeling die het mogelijk maakt om bij de uitvoering van bouwplannen beperkte afwijkingen van het plan bij een omgevingsvergunning mogelijk te maken.
Het gaat bijvoorbeeld om een geringe overschrijding van de toegestane bouwhoogte of het mogelijk maken van de bouw van schakelkastjes (nutsgebouwtjes) in het openbare gebied. Artikel 24 Algemene wijzigingsregels In dit artikel is een algemene wijzigingsbevoegdheid en een aantal specifieke wijzigingsregels opgenomen. Artikel 25 Algemene procedureregels Dit artikel regelt de procedure die burgemeester en wethouders dienen te volgen indien toepassing wordt gegeven aan de in dit plan opgenomen afwijkings-, nadere eisen- of wijzigingsregels. Artikel 26 Overige regels In dit artikel is een algemene bepaling opgenomen met betrekking tot parkeren.
Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Artikel 27 Overgangsrecht Het overgangsrecht is conform de regeling in het Bro opgenomen. Voor twee situaties, die zowel in strijd zijn met het vorige bestemmingsplan als dit nieuwe bestemmingsplan is een persoonsgebonden overgangsrecht opgenomen voor afwijkend gebruik. Dit betekent dat uitsluitend de huidige gebruikers de strijdige situatie mogen voortzetten. Artikel 28 Slotregel In de slotregel is de officiële naam van het bestemmingsplan bepaald. Onder deze naam kan het bestemmingsplan worden aangehaald.
(vastgesteld)
59
Vastgesteld Bestemmingsplan Bentveld
Hoofdstuk 7 7.1
Uitvoerbaarheid
Grondexploitatie
Door middel van de grondexploitatieregeling in de Wet ruimtelijke ordening, beschikken de gemeenten over meer mogelijkheden voor kostenverhaal. Bovendien hebben zij meer sturingsmogelijkheden, doordat zij in het geval van grondexploitatie door derden, diverse eisen en regels kunnen stellen. Dit kan gebeuren door middel van het privaatrechtelijke spoor (bijvoorbeeld een anterieure overeenkomst) dan wel door middel van een plan als bedoeld in artikel 6.12 Wro (exploitatieplan). Een combinatie van beiden is ook mogelijk. Met een anterieure overeenkomst maakt de gemeente met een initiatiefnemer vooraf afspraken. Die afspraken gaan over de verdeling van kosten van het bouwvoornemen. Een exploitatieplan is een plan dat een wettelijke grondslag bied om kosten te verhalen als er geen overeenkomst kan worden gesloten. Het bestemmingsplan Bentveld is hoofdzakelijk een actualisatie van de bestaande bestemmingen. Het opstellen van een exploitatieplan is daarmee niet noodzakelijk.
7.2
Economische uitvoerbaarheid
In het bestemmingsplan worden geen grootschalige ontwikkelingen mogelijk gemaakt, waarmee van kostenverhaal sprake zou zijn. Geconcludeerd kan worden dat onderhavig bestemmingsplan economisch uitvoerbaar is.
7.3
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
7.3.1
Handhaving
Een belangrijk onderdeel van de uitvoerbaarheid van het onderhavige bestemmingsplan is de mogelijkheid van de daadwerkelijke handhaving van de regels. Voor de handhaafbaarheid van regelgeving in het bestemmingsplan is een duidelijke formulering van de planregels nodig, vooral om interpretatieproblemen te voorkomen. Ook moet duidelijk zijn hoe de regels worden gehanteerd. Hierdoor worden interpretatieproblemen voorkomen. Bovendien bevat de toelichting een heldere beschrijving van het plan en van de planregels. Gemeente, bouwbedrijven en bewoners hebben in dit kader ieder hun eigen verantwoordelijkheid. Zo heeft de gemeente naast de toezichthoudende taak eveneens de taak om alle betrokken partijen van de juiste bestemmingsplaninformatie te voorzien en om een ieder aan te sporen het bestemmingsplan op een juiste manier uit te voeren. Bouwbedrijven dienen de gemaakte afspraken na te komen en ook de bewoners onderling dienen zich aan de spelregels te houden. Om de geconstateerde strijdigheden met het vigerende bestemmingsplan in beeld te brengen is een retrospectieve toets uitgevoerd. De lijst met strijdigheden is beoordeeld en waar wenselijk is de huidige situatie in overeenstemming gebracht met de regels en verbeelding. De controle op de naleving van het bestemmingsplan wordt uitgevoerd door de Omgevingsdienst IJmond.
Nadat een (niet te legaliseren) feit is geconstateerd wordt, ingevolge het draaiboek, behoudens spoedeisende gevallen, eerst de overtreder benaderd aan de overtreding een einde te maken. Dit kan door middel van het staken en opheffen van de strijdigheid.
60
(vastgesteld)
Vastgesteld Bestemmingsplan Bentveld Indien de strijdigheid niet wordt beëindigd, wordt aan het dagelijks bestuur van de gemeente voorgelegd met het middel van bestuursdwang of door het opleggen van een dwangsom te bevorderen, dat de situatie in overeenstemming wordt gebracht met de uitgangspunten van het bestemmingsplan. Daartoe wordt aan de overtreder een besluit verzonden, waarin is vermeld binnen welke termijn de overtreding moet worden beëindigd. Tevens staat in het besluit vermeld, welke actie vanwege de gemeente kan worden verwacht indien de strijdigheid niet wordt beëindigd. De kosten van deze handhaving worden op de overtreder verhaald. Door de gemeente Zandvoort is een handhavingsprogramma vastgesteld, waarin is aangegeven wanneer en op welke wijze handhavend wordt opgetreden. De overtredingen die bij de inventarisatie van het bestemmingsplan 'Bentveld' zijn geconstateerd worden opgenomen in dit reguliere handhavingsprogramma. Het betreft een beperkt aantal gevallen en zal niet leiden tot een substantiële vergroting van de handhavingsopgave zoals die er nu ligt.
7.3.2
Inspraak en wettelijk vooroverleg
Het college van burgemeester en wethouders heeft op 21 november 2017 ingestemd met het voorontwerpbestemmingsplan "Bentveld". Het voorontwerpbestemmingsplan is tegelijkertijd met het wettelijke vooroverleg ex artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening met ingang van 1 december 2017 tot en met 18 januari 2018 ter visie gelegd. Gedurende de tervisielegging bestond de mogelijkheid voor bewoners en belanghebbenden om een inspraakreactie in te dienen. De vooroverlegpartners zijn in deze periode tevens uitgenodigd om een reactie op het voorontwerpbestemmingsplan in te dienen. De beantwoording van de inspraak- en vooroverlegreacties zijn opgenomen in de Inspraak- en Vooroverlegnota, zie bijlage 13 van deze toelichting.
7.3.3
Ontwerpfase
Na afronding van het vooroverleg is de formele bestemmingsplanprocedure gestart. De aanpassingen die volgden uit de overlegreacties zijn verwerkt in het ontwerpbestemmingsplan. Ook zijn er diverse ambtshalve aanpassingen doorgevoerd. Op de voorbereiding van een bestemmingsplan is artikel 3.8 Wro (gelezen in samenhang met afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht) van toepassing. De kennisgeving van het ontwerpbesluit tot vaststelling van het bestemmingsplan moet in de Staatscourant worden geplaatst en dient ook via elektronische weg te geschieden. Tevens dient de kennisgeving te worden toegezonden aan die diensten van Rijk en provincie die belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in het geding zijn, aan het waterschap en aan belanghebbende gemeenten. Het ontwerpbestemmingsplan is gedurende zes weken ter inzage gelegd. Binnen deze termijn is een ieder in de gelegenheid gesteld schriftelijk en/of mondeling een zienswijze op het plan in te dienen. Ook zijn de stukken met de kennisgeving aan de eerder genoemde diensten en instanties toegezonden (artikel 3:13 Awb), of is aangegeven waar de (digitale) stukken te vinden zijn (elektronische kennisgeving). Op het ontwerpbestemmingsplan zijn 34 zienswijzen ingediend.
Deze zienswijzen zijn samengevat en beantwoord in een advies van de adviescommissie raad inzake het ontwerpbestemmingsplan "Bentveld" en het bijbehorende Raadsbesluit. Eventuele wijzigingen voortkomend uit de zienswijzen plus ambtshalve wijzigingen zijn in dit bestemmingsplan verwerkt. Voor de volledigheid is het advies van de adviescommissie (welke dient als Nota zienswijzen) toegevoegd als bijlage 14.
(vastgesteld)
61
Vastgesteld Bestemmingsplan Bentveld
7.3.4
Vaststellingsfase
Binnen twaalf weken na de termijn van terinzagelegging moet de gemeenteraad beslissen omtrent de vaststelling van het bestemmingsplan. Dit betreft een termijn van orde welke voor voorliggend bestemmingsplan niet behaald is, desondanks is de gemeenteraad bevoegd het bestemmingsplan alsnog vast te stellen. Dat een bestemmingsplan ook na de termijn van 12 weken nog vastgesteld mag worden is meermaals overwogen door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Tegen het besluit tot vaststelling staat, voor belanghebbenden, direct beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Direct na de beroepstermijn treedt, indien tijdens de beroepstermijn geen verzoek om voorlopige voorziening is ingediend, het plan in werking.
62
(vastgesteld)