CConstaterende datZaltbommel
Koppel je AI →
Document · PDF

Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan VRGZ 2024-2027

Raadsvergadering 25 januari 2024, gemeente ZaltbommelBij agendapunt: Regionale samenwerking / Gemeenschappelijke Regelingen25.256 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

44

Variant HV-3A: locaties Beuningen – Geldermalsen – Zaltbommel

Door het verplaatsen van de HV van Nijmegen-West naar Beuningen zien we de dekking in met name gemeente Berg en Dal afnemen. Aan de westkant van de regio zien we een goede dekking, maar in het midden van de regio wordt de 20 minuten op delen niet gehaald.

Variant HV-3B: Beuningen – Kesteren – Waardenburg

Door het verplaatsen van de HV van Nijmegen-West naar Beuningen zien we de dekking in met name gemeente Berg en Dal afnemen. De drie gebieden sluiten goed op elkaar aan waardoor een goede spreiding gerealiseerd wordt. In de afweging moet worden opgenomen dat Waardenburg een van de posten is waar een redvoertuig staat en dat een tweede groot specialisme daardoor niet in Waardenburg gepositioneerd kan worden.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

45

Variant HV-3C: Wijchen – Lienden – Zaltbommel

In deze variant is de oostelijke HV in Wijchen gestationeerd. Hierdoor wordt de dekking, ten opzichte van Beuningen richting het zuiden iets beter en neemt de dekking in het noorden iets af (Nijmegen Noord – Lent). De dekking in met name gemeente Berg en Dal zal afnemen. De dekking op de risicolocaties A50 en A73 blijven gelijk. Het westelijke HV-team is gepositioneerd in Zaltbommel waarvandaan het OvD-gebied Zuid en een gedeelte van de gemeente West Maas en Waal gedekt wordt. De HV in het “midden” staat in Lienden zodat de gehele “midden”-as van de regio gedekt wordt vanuit Lienden. De drie gebieden sluiten op elkaar aan. Slechts een klein gedeelte van de A15 (zuidbaan richting knooppunt Deil) wordt niet binnen 20 minuten gedekt door een HV-team. Op dit gedeelte van de A15 is de opkomsttijd 23-24 minuten. Dit is in de huidige situatie 22 minuten.

Variant HV-3D: Geldermalsen, Lienden, Wijchen

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

46

Deze variant is qua dekking aan de oostelijke zijde van de regio gelijk aan variant HV-3C. In deze variant is de Zaltbommel vervangen voor Geldermalsen. De HV-teams Geldermalsen en Lienden overlappen elkaar in deze variant en er is een verminderende dekking te zien in het OvD-gebied Zuid en West Maas en Waal. De dekking op de A15 is vergelijkbaar met de huidige situatie en iets gunstiger dan in de variant HV-3C. Meegenomen moet worden dat de post Geldermalsen een ander groot specialisme heeft (GWT).

Variant HV-3E: Wijchen-Ochten- Herwijnen

Deze variant is qua dekking aan de oostelijke zijde van de regio gelijk aan variant HV-3C en D. In deze variant komt het westelijke HV-team uit Herwijnen. In deze variant is de oostelijke HV in Wijchen gestationeerd, hierdoor wordt de dekking richting het zuiden iets beter en neemt de dekking in het noorden (Nijmegen-Noord/Lent) iets af. De dekking op de risicolocatie A50 blijft gelijk. De drie gebieden sluiten op elkaar aan. De dekking in het OvD-gebied Zuid wordt, ten opzichte van de andere potentiële locaties in het westelijk deel, niet binnen de gewenste opkomsttijd afgedekt. Ook is de dekking richting Culemborg minder ten opzichte van de dekking vanuit Geldermalsen, Waardenburg of Zaltbommel.

3.8

Interregionale samenwerking als aanvulling

Met buurregio’s zijn afspraken gemaakt voor het interregionaal samenwerken op het gebied van hulpverlening. Op dit moment worden de hulpverleningsvoertuigen nog niet tussen alle regio’s uitgewisseld. Dit is een bewuste keuze omdat de nieuwe landelijke visie op HV die nog niet in alle regio’s geïmplementeerd is. Regio’s waar momenteel interregionale afspraken mee gemaakt zijn: -

Gelderland-Midden (Arnhem-Noord) Utrecht (Veenendaal en Meerkerk)

Met de regio Brabant-Noord worden in de nabije toekomst afspraken over interregionale alarmering van de HV’s gemaakt. Dit bekent dan dat vanuit Vlijmen, Geffen, Schaijk en Mill ook HV’s gealarmeerd kunnen worden voor incidenten in onze regio. Hieronder is bovenstaand geheel verwerkt in de visualisatie op de volgende pagina.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

47

3.9

Uitkomst

Mede vanwege de onzekerheid op onderwerpen zoals bijvoorbeeld klimaatverandering en energietransitie is het te risicovol om terug te gaan naar twee hulpverleningsvoertuigen. Ook ingeval van gepland of ongepland onderhoud is het niet wenselijk om ‘maar’ twee HV-voertuigen operationeel te hebben. Met drie hulpverleningsvoertuigen in een ‘oost-midden-west’ variant is het mogelijk om een goede dekking te realiseren op alle auto(snel)wegen als risicolocaties. Na analyses en weging van factoren (dekking, investering, vakbekwaamheid, werkdruk in relatie tot andere specialismen) is gebleken dat de variant HV-3C (Lienden, Wijchen en Zaltbommel) de meest optimale variant is. De plaatsing van een HV op post Waardenburg voor het westelijk deel van de regio levert een iets betere dekking op dan de plaatsing van de HV op post Zaltbommel. Maar vanwege het relatief kleine verschil in opkomsttijd (t.o.v. Zaltbommel) en het gegeven dat Waardenburg een redvoertuig als specialisme heeft, is een variant met een HV in Waardenburg op dit moment niet wenselijk. Ook is het wisselen van de specialismen van Waardenburg en Zaltbommel niet wenselijk gezien dit slechts beperkte verbetering oplevert en de investering in vakbekwaamheid (opleidingskosten) hoog is. Variant HV-3C (Wijchen, Lienden en Zaltbommel) en HV-3D (Wijchen, Lienden, Geldermalsen) liggen dicht bij elkaar.

De dekking is in grote mate vergelijkbaar. Omdat met variant 3D er tussen Lienden en Geldermalsen nog overlap is en post Geldermalsen ook het GWT als specialisme heeft, is gekozen voor variant HV-3C. Aan de oostzijde van de regio biedt de beroepspost Nijmegen-West het grootste inzetgebied. Echter doordat een HV-team gaat bestaan uit vier personen, wat een grote impact gaat hebben op de bezetting van de 24-uursdienst, en de komst van een redvoertuig in deze post, kan deze post geen ander groot specialisme uitvoeren. Hierdoor komen de naastgelegen posten Wijchen en Beuningen in beeld. Dit gezien hun ligging aan de autosnelwegen. Beide posten laten een vergelijkbaar opkomstgebied zien. De HV laten uitrukken vanuit Wijchen sluit het beste aan bij hun poststerkte.

3.10 Argumentatie overschrijden opkomsttijden Met de beoogde dekking worden nagenoeg alle auto(snel)wegen als primaire risicolocaties afgedekt. Slechts een klein deel van de A15 wordt niet binnen 20 minuten afgedekt. Het betreft de zuidbaan

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

48

van de A15 richting Deil. De overschrijding loopt op tot ongeveer drie tot vier minuten. Het is goed om te beseffen dat in de huidige situatie er ook een overschrijding is van ongeveer twee minuten.

3.11 Impactanalyse

Post De beoogde posten kunnen de taak (HV-team) uitvoeren op basis van paraatheid en huisvesting. De posten Lienden en Zaltbommel voeren deze taak al jarenlang uit en zijn gedreven om dit te blijven doen. Voor Geldermalsen heeft de keuze voor scenario HV-3C een grote impact, omdat zij deze taak kwijtraken en deze taak de afgelopen jaren ook met plezier hebben uitgevoerd. Wijchen krijgt de HV als nieuwe taak, maar zal het redvoertuig gaan kwijtraken. Het bevriezen van het onderzoek voor nieuwbouw voor post Lienden heeft op dit moment geen impact voor de keuze om de HV in Lienden te laten staan.

Impact gelijktijdigheid De kans op het gelijktijdig alarmeren van zowel de tankautospuit als het HV-team van de post is aanwezig in het primaire verzorgingsgebied van de post. Streven is dat beide eenheden dan kunnen uitrukken. Daarnaast kan een post terugvallen op het ‘TS-Flex-principe’ voor de tankautospuit en zal er technisch worden ingeregeld dat eerst het specialisme wordt bezet bij gelijktijdige alarmering. Waar nodig zal de naastgelegen post dan de tankautospuit leveren.

Financieel De HV-voertuigen staan op de planning om vervangen te worden. De aanbesteding van nieuwe HV’s is gekoppeld aan de uitkomst van het dekkingsplan. Exploitatiekosten zullen naar verwachting dalen omdat we teruggaan in aantal HV’s. Vanwege de uitbreiding van het aantal kranen, moeten alle voertuigbedieners opgeleid worden in het bedienen van de kraan.

Vakbekwaamheid Personeel van Nijmegen-West kon tijdens de beroepsdienst vakbekwaam blijven. Voor post Wijchen moeten vrijwilligers opgeleid worden en vakbekwaam blijven. In basis zal de regionale inspanning afnemen, omdat straks drie posten vakbekwaam moeten zijn in plaats van vier. Echter krijgen alle posten te maken met een veranderende taak, zowel de basiseenheden als de HV-teams. De HV-teams gaan zich richten op de ontwikkelingen bij complexere incidenten. Hetgeen gaat betekenen dat de betrokken posten intensievere vakbekwaamheidstrajecten zullen gaan volgen in de toekomst.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

49

4

Grootwatertransportsystemen

Inleiding Voor situaties waarbij de bluswatervoorziening in de nabijheid van de brand ontoereikend is, beschikt de brandweer over twee systemen waarmee over grote afstanden water aangevoerd kan worden. Voor deze systemen zijn landelijk prestatie-eisen afgesproken.

4.1

Huidige situatie

In de kazernes Geldermalsen en Beneden-Leeuwen zijn de Grootwatertransport-eenheden (GWT) ondergebracht. Vanuit deze posten kan de regio grotendeels bediend worden binnen 45 minuten.

4.2

Wetgeving

Voor het GWT is er geen wettelijke opkomsttijd bepaald.

4.2.1 Gewenste opkomsttijd In de landelijke visie Grootschalig Brandweeroptreden (GBO) zijn gewenste opkomsttijden voor grootschalige watervoorziening opgenomen. Voor de eerste eenheid wordt een opkomsttijd van 30 minuten aangehouden en voor de tweede eenheid 60 minuten. Voor interregionale bijstand geldt een opkomsttijd van 60 minuten op een uitgangsstelling (UGS) op de eigen regiogrens.

4.3

Kern landelijke of regionale visie

Voor het GWT zijn operationele prestatie-eisen beschreven in de visie op GBO. Deze eisen zijn op pelotons-niveau: -

Capaciteit van continu minimaal 8.000 liter/min aan het manifold, minimaal 1 bar ingangsdruk aan het manifold, inzetdiepte van 1.500 meter. Capaciteit van continu minimaal 4.000 liter/min, aan het manifold, minimaal 1 bar ingangsdruk aan het manifold, een inzetdiepte van 3.000 meter. Vanuit een oneindige capaciteit (open water).

In de VRGZ hebben we twee systemen die beide voldoen aan de bovenstaande eisen. Hiermee kunnen we twee pelotons voorzien van bluswater bij inzetten in de eigen regio. Bij onderhoud en een bijstandsaanvraag vanuit een andere regio blijft er altijd een systeem in de regio om te voorzien in de bluswater behoefte.

4.4

Recentelijk vastgesteld beleid

In 2018 is het grootschalig en specialistisch optreden (GBO-SO) geïmplementeerd. In het GBO-SO zijn prestatie-eisen vastgelegd waar de waterlevering bij grote incidenten aan moet voldoen. Om te voldoen aan deze eisen is bepaald dat in de regio twee grote grootwatertransportsystemen beschikbaar moeten zijn. In 2018 zijn Geldermalsen en Beneden-Leeuwen als GWT-locaties gekozen en zijn de oude ‘WTS1000-systemen’ (Hedel en Nijmegen-West) en het ‘WTS800-systeem’ (Culemborg) uit de sterkte gehaald. Om bij grote watervraag over voldoende bluswater te kunnen beschikken zijn ook twee nieuwe waterwagens aangeschaft. Deze waterwagens kunnen, net als de drie schuimblushaakarmbakken (SBH), als buffer worden ingezet in de periode dat de tank van de tankautospuit leeg is en het moment dat een GWT operationeel is. Een GWT rukt uit met een haakarm-chassis met slangencontainer, inclusief pompaanhanger, een tankautospuit en een PM met aanhanger. Om snel te kunnen uitrukken en het koppelen onder tijdsdruk te voorkomen is het belangrijk dat het “span” (HA-chassis met pompaanhanger) aangekoppeld staat in de remise.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

50

4.5

Relevante input Risicoprofiel Brandweer Gelderland-Zuid

4.5.1 Risicolocaties Grootwater-transportsystemen worden met name ingezet voor grotere branden. Daarbij moet worden gedacht aan objecten met grotere brandcompartimenten waar een hoge vuurlast in kan zitten waar veel koelend vermogen voor nodig is. Eventueel voor ondersteuning bij een offensieve buiteninzet, maar met name vanuit defensief optreden. Deze objecten zijn met name terug te vinden op bedrijventerreinen (industrie) en in de buitengebieden (agrarische sector). Ook bij Natuurbrand worden de GWT’s ingezet. Wanneer er sprake is van uitbreidingsrisico ‘zeer hoog’ wordt het GWT direct mee gealarmeerd, in andere gevallen is dit op verzoek. Daarnaast kunnen GWT’s ook ingezet worden bij kleinere branden, waarbij de primaire bluswatervoorziening niet beschikbaar is en het water van grotere afstand aangevoerd moet worden. Ook dit type incidenten komen vooral voor in de buitengebieden waar een primaire bluswatervoorzienig niet aanwezig is of op grotere afstand ligt.

4.5.2 Incidenthistorie

4.6

Uitgangspunten berekening specialisme

Uitruktijd Voor het grootwatertransport worden de uitruktijden van de tankautospuit aangehouden. Er is namelijk onvoldoende data om een betrouwbare uitruktijd vast te stellen voor het GWT zelf.

Gevisualiseerde opkomstgebieden Met de volgende tijden wordt de dekking van het GWT in de regio inzichtelijk gemaakt: -

30 minuten opkomsttijd op basis van gewenste opkomsttijd eerste eenheid vanuit GBO 45 minuten opkomsttijd op basis van het in beeld brengen van de regionale dekking 60 minuten opkomsttijd op basis van de prestatie-eis om een peloton beschikbaar te hebben aan de regiogrens bij een bijstandsaanvraag van een buurregio.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

51

Rijsnelheid Vanwege de omvang van het GWT, gelet op de omvang en het gewicht van het HA-chassis met pompaanhanger, wordt een rijsnelheid van 85% aangehouden.

4.7

Spreidingsvarianten dekking

Hieronder zijn diverse spreidingsvarianten uitgewerkt om een analyse te kunnen doen op de optimale spreiding voor de twee GWT-systemen. Belangrijk om te benoemen is dat de snelste opkomsttijd te zien is en daarmee de totale dekking, maar de overlap die posten hebben is niet zichtbaar. Om te komen tot een goede dekking van de twee GWT-systemen, zijn voor het oostelijk deel van de regio twee andere locaties onderzocht. Geldermalsen als GWT-locatie voor het westelijk deel van de regio is gezien de goede ligging niet heroverwogen. Beuningen en Wijchen zijn de twee posten in het oostelijk deel van de regio die nader zijn onderzocht. Dit op basis van risicolocaties (bedrijventerreinen), het natuurgebied rondom Nijmegen, incidenthistorie en het kunnen voorzien in een optimale dekking in het oostelijk deel. Nijmegen-West is hier als beroepspost vanwege de paraatheid op de tankautospuit en het redvoertuig niet in meegenomen.

Variant GWT-2A: Geldermalsen en Beneden-Leeuwen

Dit is de huidige spreidingsvariant. Op het overzichtskaartje is te zien dat indicatief 80% van de gehele regio afgedekt wordt in 30 minuten.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

52

Variant GWT-2B Geldermalsen en Wijchen

In deze variant is het GWT van Beneden-Leeuwen verplaatst naar Wijchen. Dit laat een betere dekking zien richting de westzijde van de regio. Het “span” kan aangekoppeld in de kazerne Wijchen staan.

Variant GWT-2C: Geldermalsen en Beuningen

In deze variant is het GWT van Beneden-Leeuwen verplaatst naar Beuningen. Dit laat een betere dekking zien richting de westzijde van de regio en is vergelijkbaar met de variant Wijchen. Opgemerkt moet worden dat deze opkomsten in deze variant vertekenen, omdat het “span” niet aangekoppeld kan staan in Beuningen waardoor de opkomsttijden afwijken.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

53

4.8

Interregionale samenwerking als aanvulling

GWT inzetten vanuit andere regio’s verloopt via interregionale bijstandsaanvragen conform het GBO.

4.9

Uitkomst

Er zijn meerdere spreidingsvarianten uitgewerkt en tegen elkaar afgewogen. De gekozen variant, Scenario GWT-2A Geldermalsen en Beneden-Leeuwen, levert in het oostelijk deel van de regio niet de beste dekking op. Daar is een afweging gemaakt tussen de posten Beneden-Leeuwen (huidige locatie), Beuningen en Wijchen. Beuningen levert een betere dekking op, maar het GWT past niet in de kazerne. Uitgangspunt hierbij is dat het GWT ‘uitrukgereed’ in de kazerne moet staan, dus het haakarmvoertuig met opgetrokken haakarmbak en met gekoppelde aanhanger. Wijchen levert ook een betere dekking op, maar om de onwenselijke situatie te voorkomen dat op deze post twee grote specialismen komen te staan waar een hoge prioriteit aan is toegekend (HV1 en GWT), is een andere keuze gemaakt. Daarmee wordt er vastgehouden aan Beneden-Leeuwen. De bedrijventerreinen van Beuningen, Nijmegen en Wijchen worden vanuit Beneden-Leeuwen afgedekt binnen de gewenste opkomsttijd van 30 minuten. Voordeel van deze spreiding is ook de centrale restdekking voor als een GWT is ingezet (binnen of buiten de eigen regio). Daarbij kan het voorkomen dat beide GWT’s gelijktijdig worden ingezet bij hetzelfde incident. In het westelijk deel van de regio is, vanwege de strategische ligging en afmeting van de kazernes, geen andere post bekeken dan Geldermalsen.

Bluswatervoorziening is een belangrijk speerpunt waar de brandweer, samen met de gemeenten, zich de komende jaren op blijft richten. Vanwege bijvoorbeeld enerzijds extreem weer (droogte) of anderzijds dunnere leidingdiameters van het drinkwaternet, zou het in de toekomst kunnen betekenen dat bluswatervoorziening op een andere wijze georganiseerd gaat worden. Denk hierbij aan het afstoten van de brandkranen of een reductie op het aantal te gebruiken brandkranen. Wellicht zal dit leiden tot meer waterwagens en/of het in gebruik nemen van andere watertransportsystemen. De samenhang daartussen wordt van wezenlijk belang en kan wellicht in de toekomst aanleiding geven om de huidige voorzieningen/locaties te gaan heroverwegen.

4.10 Argumentatie overschrijden normtijden Zoals hierboven al is aangegeven is er overschrijding van de gewenste opkomsttijd van 30 minuten in het oostelijk deel van de regio (loopt op naar 45 minuten, maar worden de bedrijventerreinen van Beuningen, Nijmegen en Wijchen op tijd bereikt (binnen 30 minuten). Daarbij is het goed om te beseffen dat de bedrijventerreinen in Beuningen, Nijmegen en Wijchen in basis ook een goede primaire bluswatervoorziening hebben, inclusief voldoende mogelijkheden om het GWT op relatief korte afstand van de brandlocatie te kunnen laten afleggen. Ook voor het natuurgebied en de daaraan gekoppelde voorbereide GWT-routes geldt dat deze niet binnen 30 minuten worden bereikt. Deze locaties worden binnen de 30 tot 45 minuten bereikt. Er wordt steeds meer gebruik gemaakt van de inzet van waterwagens als waterbuffer om de tijd te overbruggen totdat er een GWT operationeel is. Vanuit die hoedanigheid is het ook vanuit repressief oogpunt acceptabel dat de opkomsttijd van het GWT in Nijmegen en ten oosten daarvan kan oplopen tot 45 minuten. Voor natuurbrand geldt bijvoorbeeld dat de waterwagens automatisch in de eerste alarmering worden meegenomen.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

54

4.11 Impactanalyse

Post De paraatheid van de beide GWT-posten is de afgelopen jaren voldoende gebleken om het specialisme operationeel te houden. Qua huisvesting zijn de posten voldoende “diep” zodat het GWT aangespannen in de kazernes kan staan. Ook de motivatie om met het specialisme uit te rukken is bij de posten Geldermalsen en Beneden-Leeuwen hoog, omdat zij de afgelopen jaren een flinke investering hebben gedaan op de vakbekwaamheid van het nieuwe materieel.

Impact gelijktijdigheid De kans bestaat dat de TS van de betreffende post al is ingezet bij het incident en dat vervolgens het GWT wordt gealarmeerd. Dit is mogelijk, waarbij het technisch zo geregeld is dat het betreffende GWT dan kan uitrukken zonder tankautospuit en dat de andere GWT-post wordt gealarmeerd om de tankautospuit te leveren. Op die manier wordt het gewenste personeel en de hulpmiddelen voor het GWT alsnog aangevuld om zodoende zo snel mogelijk de aanvoer van water op orde te hebben.

Financieel Geen impact. Beide systemen blijven in de sterkte op de huidige posten.

Vakbekwaamheid Geen impact. Beide systemen blijven bij de huidige posten.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

55

5

Waterwagens

Inleiding Bijna alle veiligheidsregio’s hebben in de afgelopen jaren, mede op basis van landelijke en regionale ontwikkelingen op het gebied van brandbestrijding, (meer) waterwagens aangeschaft. De laatste jaren is er steeds meer kennis opgedaan over effectief blussen en weten we meer over het koelend vermogen wat nodig is om een brand te blussen of beheersen. Dat regio’s ervoor kiezen om (meer) waterwagens aan te schaffen heeft er ook mee te maken dat de instanties voor de waterlevering de diameters van de leidingen van het drinkwaternet verkleinen om aan de kwaliteitsnormen van het water te kunnen blijven voldoen. Hierdoor kan het in de toekomst noodzakelijk zijn om meerdere waterwagens te verwerven. De ontwikkelingen met waterleveringen worden op de voet gevolgd om tijdig in te kunnen spelen om voorzienbare water te korten op te vangen.

5.1

Huidige situatie

De regio heeft twee watertankwagens-groot (WT-G1) en deze staan in Ubbergen en in Hedel. De inhoud van de tank is 15.000 liter. Daarnaast beschikt de regio over drie schuimblus-haakarmbakken (SBH’s) die tevens als watertank (WT2) ingezet worden omdat ze standaard 8.400 liter water bij zich hebben. Deze staan momenteel in Beesd, Ochten en Nijmegen-West. De beschouwing op de dekking van de SBH’s ten behoeve van een schuiminzet wordt in een separaat hoofdstuk beschreven.

5.2

Wetgeving

Voor waterwagens zijn geen wettelijke opkomsttijden vastgesteld.

5.2.1 Gewenste opkomsttijd De gewenste opkomsttijd voor waterwagens is gesteld op 20 minuten. Daarmee kan de waterwagen de tweede tankautospuit waar nodig tijdig voorzien van een waterbuffer. Dit in lijn met de berekeningen vanuit het regionale kader bluswatersystematiek uit 2019 en waarbij het uitgangspunt is dat de eerste tankautospuit op een primaire bluswatervoorziening kan aansluiten.

5.3

Kern landelijke of regionale visie

De schuimblus-eenheden (SBH’s) staan primair en strategisch gestationeerd om ingezet te kunnen worden bij het bestrijden van incidenten met schuim. In de praktijk worden deze eenheden met name ingezet als waterwagen. De waterwagens groot (WT-G) zijn beide uitgerust met een bumpermonitor en hydraulisch aangedreven vooras. Hierdoor zijn deze voertuigen geschikt om ingezet te worden bij natuurbranden. Brandweer Gelderland-Zuid heeft geen natuurbrand-voertuigen als basisbrandweereenheid (tankautospuit) en heeft ervoor gekozen om natuurbranden te bestrijden vanaf de paden en te werken met stoplijnen. De waterwagens hebben de mogelijkheid om dicht bij de blussende eenheden op te stellen en deze te voorzien van water.

5.4

Recentelijk vastgesteld beleid

In het regionale kader bluswatersystematiek (2019) hanteert de brandweer als uitgangspunt dat het redden, voorkomen en beperken van slachtoffers voorop staat. Daarna wordt er ingezet op het blussen of beheersen van de brand en tot slot het beperken van schade. Daarnaast is het uitgangspunt dat wanneer een brand niet geblust kan worden, het overslaan van de brand naar de buren altijd voorkomen moet worden.

1 2

WT-G is een voertuig met een watertankinhoud met meer dan 10.000 liter WT is een voertuig met een watertankinhoud van minder dan 10.000 liter

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

56

Op grond van deze uitgangspunten is de regionale bluswatervoorziening goed in beeld gebracht. Er is geconstateerd dat de primaire bluswatervoorziening in de regio over het algemeen goed op orde is. Daarbij is ook in beeld gebracht in welk tijdsbestek na het ontstaan van brand er hoeveel koelend vermogen opgebracht kan worden om een brand te blussen of te beheersen. Dit vanuit een theoretisch rekenkundig model, waarbij het uitgangspunt is geweest dat elke brand zich onder ideale omstandigheden kan blijven ontwikkelen (worst-case scenario). Bij meer ontwikkelde branden in objecten met grotere compartimenten is de kans aanwezig dat er onvoldoende bluswater voorhanden is. Een tweede basiseenheid kan nodig zijn om hier iets in te betekenen en daarbij kan het van meerwaarde zijn om een waterwagen te laten ondersteunen, zodat er een buffer ontstaat om voldoende koelend vermogen op te kunnen brengen. Lukt dit niet meer vanuit een offensief kwadrant, dan zal de buffer ingezet kunnen worden vanuit een defensieve gedachte en ondersteunend zijn totdat het grootwatertransport operationeel is. In de in 2022 vastgestelde Melding en Alarmeringsregeling (MAR-Oost5) wordt bij natuurbrand gewerkt met het uitbreidingsrisico. Afhankelijk van het uitbreidingsrisico worden bij de eerste alarmering één of meerdere waterwagens groot (WT-G) gealarmeerd.

5.5

Relevante input Risicoprofiel Brandweer Gelderland-Zuid

5.5.1 Risicolocaties We kunnen er van uit gaan dat de primaire bluswatervoorziening in de regio in basis in orde is. Maar voor de locaties waar dit niet het geval is of waar een secundaire bluswatervoorziening nodig is maar niet geborgd is, is een waterwagen van belangrijke meerwaarde. Als we dit doorvertalen, dan kunnen de bedrijventerreinen, natuurgebieden en auto(snel)wegen als risicolocatie worden gezien waar een waterwagen sneller nodig is. Zeker bij natuurbrandbestrijding spelen waterwagens (groot) een belangrijke rol in de levering van voldoende bluswater. Bij een natuurbrand wordt dan ook primair een waterwagen groot (WT-G) gealarmeerd. Uiteraard ook voor de kleinere incidenten waarbij geen primaire bluswatervoorziening in de buurt is.

5.5.2 Incidenthistorie

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

57

5.6

Uitgangspunten berekening specialisme

Uitruktijd De uitruktijd van een WT-G is gebaseerd op de uitruktijd van de tankautospuit. Er is onvoldoende data (>50 incidenten noodzakelijk) om voor de WT-G een eigen uitruktijd te bepalen. Voor de posten die geen WT-G hebben wordt daarom ook de uitruktijd van de tankautospuit gehanteerd.

Gevisualiseerde opkomstgebieden Voor de waterwagens zijn de opkomstgebieden gevisualiseerd op basis van de volgende opkomsttijden: -

-

10 minuten in verband met een beter inzicht in het verloop van de opkomstgebieden. 15 minuten in verband met ondersteunen eerste tankautospuit in het buitengebied, dan wel de tweede tankautospuit die op veel plekken binnen 15 minuten ter plaatse is. 20 minuten in verband met de gewenste opkomsttijd om een tweede tankautospuit tijdig te kunnen voorzien van water (vanuit de bluswatersystematiek, 2019).

Rijsnelheid Vanwege de zwaarte van de voertuigen en het vervoeren van water met een hoog zwaartepunt, wordt er gerekend met een rijsnelheid van 85%.

5.7

Spreidingsvarianten dekking

Hieronder zijn diverse spreidingsvarianten met de twee WT-G’s en drie WT’s uitgewerkt om een analyse uit te voeren op de optimale spreiding van de waterwagens. In de onderstaande afbeeldingen is de snelste opkomsttijd te zien en daarmee de totale dekking. Er zijn alleen varianten onderzocht met een spreiding van vijf eenheden. De volgende posten zijn meegenomen in de uitwerking van de diverse spreidingsvarianten: -

Beek-Ubbergen (huidige locatie) Beesd (huidige locatie) Hedel (huidige locatie) Nijmegen-West (huidige locatie) Ochten (huidige locatie) Gameren (om te kunnen afwegen t.o.v. Hedel) Beuningen (aansluiting op risicolocaties oostelijk deel regio t.o.v. buurpost NijmegenWest) Wijchen (aansluiting op risicolocaties oostelijk deel regio t.o.v. buurpost NijmegenWest)

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

58

Variant WT-5A: Ubbergen-Hedel (WT-G’s) en Beesd-Ochten-Nijmegen West (WT’s) (huidige situatie)

Met de WT-G in Ubbergen wordt ten opzichte van andere onderzochte varianten maar een klein deel van het natuurgebied gedekt. Nijmegen-West dekt een groot gebied vanwege de snelle uitruktijd. In het westelijk deel is een goede spreiding met Beesd, Hedel en Ochten.

Variant WT-5B: Groesbeek-Hedel (WT-G’s) en Beesd-Ochten-Beuningen (WT’s)

Deze variant biedt een goede dekking voor het grootste natuurgebied met het hoogste risico. Beuningen is na Nijmegen-West de beste locatie voor een waterwagen i.v.m. de aansluiting op de snelwegen en bedrijventerreinen. In het westelijk deel is een goede spreiding met Beesd, Hedel en Ochten.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

59

Variant WT-5C: Overasselt-Hedel (WT-G’s) en Beesd-Ochten-Wijchen (WT’s)

Deze variant biedt de beste dekking voor het vennen-gebied als hoog risico-natuurgebied. Wijchen laat een iets mindere dekking zien op de snelwegen en bedrijventerreinen dan Beuningen. In het westelijk deel is een goede spreiding met Beesd, Hedel en Ochten.

Variant WT-5D: Malden-Hedel (WT-G’s) en Beesd-Ochten-Beuningen (WT’s)

Met Malden wordt vanuit de dekking van één WT-G de beste dekking bereikt op beide natuurgebieden. In het westelijk deel is een goede spreiding met Beesd, Hedel en Ochten.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

60

Variant WT-5E: Groesbeek-Gameren (WT-G’s) en Beesd-Ochten-Nijmegen West (WT’s)

Vanuit deze variant is er een optimale dekking op de natuurgebieden en de auto(snel)wegen. Dat komt omdat Nijmegen-West vanuit een beroepsbezetting een groter inzetgebied bestrijkt, maar ook omdat Beesd, Gameren en Ochten kort aan de snelweg zitten. Gameren laat t.o.v. Hedel een licht verbeterde dekking zien.

5.8

Interregionale samenwerking als aanvulling

Met buurregio’s zijn afspraken gemaakt voor het interregionaal samenwerken op het gebied van de waterwagen. Dit primair vanwege de inzetprocedure natuurbrandbestrijding waarin WT-G’s worden mee gealarmeerd vanaf een bepaald uitbreidingsrisico. Vanuit Limburg-Noord kan Gennep met een WT-G gealarmeerd worden. Vanuit Brabant-Noord geldt dat voor Sint Anthonis, ’s-Hertogenbosch, Heesch en Helvoirt. Heteren kan vanuit Gelderland-Midden gealarmeerd worden met een WT-G. Vanuit deze regio’s is dit geautomatiseerd. Op de volgende pagina de visualisatie van deze interregionale samenwerking.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

61

Daarnaast is het mogelijk om via Midden-West Brabant (Waalwijk) en Utrecht (Schoonrewoerd) een bijstandsaanvraag te doen voor respectievelijk een WT-G en een WT.

5.9

Uitkomst

Gelet op de bestaande situatie, risicolocaties en ambitieniveaus van de posten wordt de optimale spreiding voor de WT-G’s en WT’s behaald door deze in te zetten vanuit de variant WT-5B met de WTG in Hedel en Groesbeek en de WT’s (in de vorm van SBH’s) in Beesd, Ochten en Beuningen. Het plaatsen van de WT-G in Groesbeek zorgt voor een betere aansluiting op het (grootste) natuurgebied en daarmee ook een goede dekking richting het gebied met de hoogste risicoscores (Risico Index Natuurbrand (RIN)). De beperkte bluswatervoorziening in het gebied weegt mee in deze risicoscores. In geval van een alarmering voor natuurbrand wordt in de eerste alarmering direct een waterwagen groot gealarmeerd. Daarmee is het ook noodzakelijk dat deze zo snel mogelijk ter plaatse kan zijn. Door de WT-G in Groesbeek te plaatsen wordt een betere dekking gerealiseerd ten opzichte van de huidige situatie, met name omdat Ubbergen nu een klein gedeelte van het bosgebied afdekt binnen de gewenste opkomstnorm. We hebben ook geconstateerd dat Malden en Overasselt een goede locatie zouden zijn. Malden voor beide natuurgebieden. Echter is het daar vanuit huisvesting niet mogelijk om daar een WT-G te plaatsen. Vanuit Overasselt wordt het vennengebied goed bediend.

Dit is echter een kleiner natuurgebied, met lagere risicoscores op de RIN-vakken en vanuit die hoedanigheid is ervoor gekozen om te kiezen voor Groesbeek. Te zien is dat de WT-G vanuit Gameren een betere dekking laat zien dan vanuit Hedel. Echter is dit verschil voor het betreffende gebied niet noemenswaardig om op dit moment een verplaatsing te heroverwegen. Het plaatsen van de SBH (WT) in Beuningen is gebaseerd op basis van een goede aansluiting op de autosnelwegen en bedrijventerreinen van Beuningen, Nijmegen en Wijchen. De dekking in deze gebieden is vanuit Beuningen wat beter dan vanuit Wijchen. Het plaatsen van de SBH (WT) in Nijmegen-West biedt de beste dekking, maar deze post krijgt een redvoertuig als nieuwe taak. Bluswatervoorziening is een belangrijk speerpunt waar de brandweer, samen met de gemeenten, zich de komende jaren op blijft richten. Vanwege bijvoorbeeld enerzijds extreem weer (droogte) of anderzijds dunnere leidingdiameters van het drinkwaternet, zou het in de toekomst kunnen 20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

62

betekenen dat bluswatervoorziening op een andere wijze georganiseerd gaat worden. Denk hierbij aan het afstoten van de brandkranen of een reductie op het aantal te gebruiken brandkranen. Wellicht zal dit leiden tot meer waterwagens en/of het in gebruik nemen van andere watertransportsystemen. De samenhang daartussen wordt van wezenlijk belang en kan wellicht in de toekomst aanleiding geven om de huidige voorzieningen/locaties te gaan heroverwegen.

5.10 Argumentatie overschrijden opkomsttijden Kijkend naar de gewenste opkomsttijden wordt niet in heel de regio de opkomsttijd van 20 minuten gehaald, maar dat geldt wel voor het grootste deel van de auto(snel)wegen, het bosgebied als hoog risico natuurgebied en de grotere bedrijventerreinen in de regio. Specifiek voor het natuurgebied worden een of meerdere WT-G’s gealarmeerd afhankelijk van het uitbreidingsrisico. Het gebied rond Groesbeek en Malden wordt in 20 minuten door een WT-G bereikt. Het vennengebied rond Overasselt wordt binnen ongeveer 25 minuten bereikt. Een tweede (interregionale) WT-G is hier binnen 30 minuten ter plaatse. Gezien er binnen de VRGZ rond het natuurgebied één WT-G beschikbaar is dit de meest haalbare dekking voor natuurbrandbestrijding.

5.11 Impactanalyse

Post De verplaatsing van de WT-G van Ubbergen naar Groesbeek is goed uitlegbaar, maar zal een grote teleurstelling zijn voor Ubbergen. Voor Groesbeek betekent het een ruiling met een ander specialisme waarmee de poststerkte al aansluit op de taak en huisvesting ook geen probleem is. In Beuningen zijn enkele jaren geleden aanpassingen gedaan aan de kazerne. Daardoor is het nu mogelijk om de SBH in de post te huisvesten. Daarnaast is de poststerkte voldoende om deze taak erbij te krijgen.

Impact gelijktijdigheid De kans op het gelijktijdig alarmeren van zowel de tankautospuit als de waterwagen van de post is aanwezig in het primaire verzorgingsgebied van de post. Streven is dat beide eenheden dan kunnen uitrukken. Daarnaast kan een post terugvallen op het ‘TS-Flex-principe’ voor de tankautospuit en zal er technisch worden ingeregeld dat eerst het specialisme wordt bezet bij gelijktijdige alarmering. Waar nodig zal de naastgelegen post dan de tankautospuit leveren.

Financieel Behoudens opleidingskosten voor het vakbekwaam worden (Groesbeek en Beuningen) zijn er geen andere kosten te verwachten. Voertuigen worden doorgeschoven zonder dat er aanpassingen aan gebouwen en voertuigen noodzakelijk zijn.

Vakbekwaamheid Voor het verplaatsen van de WT-G naar Groesbeek is het noodzakelijk dat de chauffeurs van Groesbeek opgeleid worden in het bedienen van en het rijden met de WT-G. Voor Beuningen betreft het ook het bedienen van en het tijden met de SBH en waarbij de inzet van schuim een aanvullende opleiding vereist. Daar wordt in hoofdstuk 14 verder op ingegaan.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

63

6

Oppervlakteredding

Inleiding Een oppervlaktereddingsteam wordt ingezet voor het redden van personen en dieren die zich in het water bevinden en nog aan de oppervlakte zijn en waarbij geen grijpredding door de tankautospuit kan worden uitgevoerd. Een oppervlaktereddingsteam kan een redding uitvoeren tot 200 meter uit de walkant of vanaf een vaartuig. De inzet van een oppervlaktereddingsteam kan worden ondersteund door een (brandweer)vaartuig.

6.1

Huidige situatie

Op dit moment voeren 18 posten de OR-taak uit. De OR-taak wordt met de tankautospuit uitgevoerd. Vanuit het huidige brandweerzorgplan wordt een gewenste opkomsttijd van 15 minuten nagestreefd. De 18 posten zijn als volgt: Asperen, Culemborg, Nederhemert, Waardenburg, Kerkdriel, Varik, Maurik, Maasbommel, Opheusden, Druten, Beuningen, Lent, Wijchen, Nijmegen-West, NijmegenCentrum, Overasselt, Malden en Ubbergen. Hierbij moet de kanttekening worden geplaatst dat de Reddingsbrigade Culemborg, vanuit een prestatieovereenkomst, de OR-taak in Culemborg uitvoert.

6.2

Wetgeving

De wet geeft geen vastgestelde opkomsttijden aan voor het oppervlaktereddingsteam.

6.2.1 Gewenste opkomsttijd Vanuit de nieuwe landelijke handreiking voor dekkingsplannen heeft de tankautospuit als basisbrandweereenheid een gewenste opkomsttijd van 15 minuten (referentiewaarde voor het buitengebied) met een ondergrens van 18 minuten om ter plaatse te komen (ondergrens bandbreedte). Recreatieplassen liggen verspreid door de regio, veelal in het buitengebied. Het is wenselijk dat een OR-team dan ook binnen dezelfde tijd ter plaatse kan zijn. Daarmee wordt er voor het OR-team een gewenste opkomsttijd van maximaal 18 minuten nagestreefd.

6.3

Kern landelijke of regionale visie

Vanuit Brandweer Nederland is er een geactualiseerde Visie Waterongevallenbestrijding beschikbaar (2023). De kern van de visie is het blijven uitvoeren van de drietrapsraket: grijpredding, oppervlakteredding en duikredding. Naast de visie kan er worden teruggevallen op het Handboek Incidentbestrijding op het water (2021, NIPV; Lectoraat Energie- en transportveiligheid). Onder brandweerzorg valt het rampenbestrijdingsproces ‘grootschalige redding’. Hierbinnen vallen ook het brandweerduiken en grijp- en oppervlaktereddingen bij waterongevallen. Brandweer Gelderland Zuid heeft een ambitie uitgesproken om toonaangevend te willen worden op incidentbestrijding op het water. Daarbij zijn we aangehaakt bij de uitwerking van de landelijke visie op scheepsincidentbestrijding. Op dit moment hebben 18 posten de OR- taak en daarmee is het verworden tot een basistaak wat er door veel posten bij wordt gedaan. In lijn met de ambitie zal oppervlakteredding meer ingericht moeten gaan worden als specialisme. Verder is de insteek om de OR-taak niet als nieuwe taak bij een post te beleggen, maar dat een reductie van teams plaatsvindt op basis van de huidige 18 posten. Door inzet van minder OR-teams ontstaat ook een verhoging van repressieve ervaring per post die de taak uitvoert.

In de huidige situatie is het zo dat er posten zijn die de afgelopen zes jaar niet gealarmeerd zijn voor een inzet met een OR-team. Gelderland-Zuid is een waterrijke regio, maar het is goed om de gewenste opkomsttijd vooral te projecteren op de wateren waar veel zwemrecreatie plaatsvindt, omdat daar de meerwaarde voor een OR-inzet het grootst is.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

64

6.4

Recentelijk vastgesteld beleid

Procedure Oppervlakteredding bij waterongevallen door de brandweer (VRGZ, versie 1.1, augustus 2023) en de Natte RI&E (Brandweer Gelderland-Zuid, juni 2023)

6.5

Relevante input Risicoprofiel Brandweer Gelderland-Zuid

6.5.1 Risicolocaties:

Bij de bepaling van de water-risicolocaties in onze regio gaan we primair uit van de recreatieplassen waar veel gezwommen wordt bij mooi weer. Daarvoor is zwemwater.nl als bron aangehouden. Dit wordt beheerd door de samenwerkende organisaties Interprovinciaal Overleg, Unie van Waterschappen, Rijkswaterstaat en BIJ12. Daarnaast wordt er ook gekeken naar de havens, de rivieren en de kanalen, aangevuld met de regionale kennis van open en gesloten waterplassen waar recreatie plaatsvindt. Het is goed te beseffen dat we hierbij ook de grote vaarwegen: Maas, Waal, Neder-Rijn en Lek meerekenen als mogelijke zwemlocaties hoewel dit uitdrukkelijk verboden is.

6.5.2 Incidenthistorie:

Over de afgelopen vijf jaar is de OR-taak 420 maal gealarmeerd, met de huidige 18 posten is dit een gemiddelde van iets meer dan vier alarmeringen per post per jaar. Het is daarbij goed om te beseffen 20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

65

dat tot en met 2022 een OR-team standaard werd mee gealarmeerd bij een dienstverlening waarbij een dier in het water of ijs in de problemen zat. Daarnaast wordt een OR-team naast een persoon te water ook mee gealarmeerd bij een voertuig te water. In veel gevallen komen de auto’s in smallere waterwegen terecht die ook middels de basistaak grijpredding vanuit de tankautospuit gedaan kunnen worden.

6.6

Uitgangspunten berekening specialisme

Uitruktijd Voor de uitruktijd wordt de mediaan-uitruktijd van de tankautospuit genomen. Daarbij wordt één minuut extra toegekend voor de aankleedprocedure van twee oppervlakteredders wat op de post plaatsvindt voordat er wordt uitgerukt.

Gevisualiseerde opkomstgebieden In lijn met de opkomsttijd van de eerste tankautospuit in het buitengebied van de regio worden de opkomstgebieden van 15 en 18 minuten getoond. Ook de 20 minuten opkomst is meegenomen omdat er een scenario is uitgewerkt met een spreidingsvariant van een OR-team per OvD-gebied.

Rijsnelheid Er wordt met de tankautospuit uitgerukt en daarmee wordt een rijsnelheid van 100% gehanteerd.

6.7

Spreidingsvarianten dekking

Hieronder zijn diverse spreidingsvarianten voor de OR-teams uitgewerkt om een analyse uit te kunnen voeren op de optimale spreiding van deze teams. In de onderstaande afbeeldingen zijn de gebieden te zien die binnen 15, 18 en 20 minuten bereikt worden. Er zijn alleen varianten onderzocht met een spreiding vanuit de posten die in de huidige situatie ook de OR-taak hebben. Op basis van risicolocaties, incidenthistorie en overlappende opkomstgebieden is bekeken welke posten uit de sterkte gehaald kunnen worden.

Variant OR-18: huidige situatie met 18 posten

De spreiding van 18 posten die de OR-taak uitvoeren, zorgt ervoor dat het grootste deel van de regio binnen 15 minuten wordt bereikt. Ook op plekken waar weinig tot geen zwemrecreatie plaatsvindt en

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

66

er weinig tot geen incidenten plaatsvinden van persoon te water. Wel komt het voor dat de post dan uitrukt als OR-team voor een voertuig te water, maar dit zijn veelal de auto’s in de sloot langs de weg, waarbij een grijpredding afdoende is.

Variant OR-5: terug naar vijf posten (één per OvD-gebied)

Kijkend naar een spreidingsvariant van vijf OR-teams, dan is te zien dat de grootste recreatieplassen wel binnen 18 minuten worden gedekt en dat geldt ook voor grote delen van de Lek en Maas. In het westelijk deel van de regio geldt dat niet; diverse recreatieplassen worden niet gedekt en dat geldt ook voor de Linge en de Afgedamde Maas. In het oostelijk deel van de regio is er vanuit de beroepspost Nijmegen-West een relatief goede dekking, maar is te zien dat de meeste grote recreatieplassen op de grens van 18 minuten liggen (Loonse Waard, Lentse Plas, Groene Heuvels en de Bizonbaai).

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

67

Variant OR-11A: dekking vanuit 11 posten

Kijkend naar de spreidingsvariant van elf OR-teams, dan is te zien dat alle recreatieplassen binnen 18 minuten bereikt worden. Dat geldt alleen niet voor de Bizonbaai en de Crobsche Waard, maar daar is wel een OR-team binnen 20 minuten. Daarnaast is er geen OR-team binnen de gewenste opkomsttijd van 18 minuten ter plaatse bij de Overnachtingshaven van Haaften en de haven van Druten. In de havens wordt in basis niet gezwommen, de overschrijding is daarmee aanvaardbaar.

Variant OR-11B (OR-11A met Overasselt i.p.v. Wijchen):

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

68

Kijkend naar de variant waarbij Overasselt het OR-team zou hebben in plaats van Wijchen, dan valt een vergelijkbare dekking te zien. Overasselt ligt echter verder weg van de recreatieplassen waar veel gezwommen wordt. Ook aan de hand van de incidenthistorie valt te concluderen dat een OR-team in het gebied van en rondom Overasselt in basis weinig meerwaarde heeft.

Variant OR-11C (OR-11A met Ubbergen i.p.v. Lent):

In deze variant is Ubbergen als OR-team meegenomen en is Lent buiten beschouwing gelaten. Het verschil is in dit geval dat de Bizonbaai vanuit deze variant wel binnen 15 minuten is gedekt en vanuit die hoedanigheid zou dit een beter spreidingsmodel zijn. Echter loopt de opkomsttijd in het inzetgebied tussen Lent en Nijmegen (Spiegelwaal/ Waalstranden) met enkele minuten op en hier vinden regionaal veruit de meeste incidenten plaats als het gaat om een persoon te water.

6.8

Interregionale samenwerking als aanvulling

Op dit moment hebben we de inzet van oppervlaktereddingsteams over de regiogrens heen niet vastgelegd in convenanten. Wel bestaat de wens om dit nader te onderzoeken en dit zal vanaf 2024 worden opgepakt. Dit met name omdat de regiogrens veelal bestaat uit rivieren. De volgende posten kunnen hier in de toekomst mogelijk iets in gaan betekenen: -

6.9

Bemmel (Gelderland-Midden) Wageningen (Gelderland-Midden) Wijk bij Duurstede (Utrecht) Vianen (Utrecht) Gorinchem (Zuid-Holland-Zuid)

Uitkomst

Scenario OR-5 biedt in basis een redelijke dekking voor veel risicolocaties. Echter ontstaat er daarmee een grote kwetsbaarheid in geval van een OR-team niet kan leveren na alarmering. De opkomsttijden van een nabijgelegen OR-team lopen dan al snel op richting een half uur. Als voorbeeld wanneer Nijmegen-West al is ingezet met de TS, dan moet het OR-team van Maasbommel naar Nijmegen komen voor een inzet.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

69

De variant OR-11A met 11 teams is de optimale variant. Daarmee stoppen zeven posten met oppervlakteredding. Vooral in en om Nijmegen wordt het aantal teams gereduceerd (van acht naar drie). De volgende posten behouden de taak: Asperen, Culemborg, Kerkdriel, Lent, Maasbommel, Maurik, Nederhemert, Nijmegen-West, Opheusden, Varik en Wijchen. Daarmee raken de volgende posten de taak kwijt: Beuningen, Druten, Malden, Nijmegen-Centrum, Overasselt, Ubbergen en Waardenburg. Er is niet gekozen voor de variant 3B waarbij Overasselt in beeld zou komen in plaats van Wijchen, omdat Overasselt verder van de zwemplassen afligt en daarnaast de incidenthistorie zich centreert tussen Wijchen, Nijmegen en Beuningen. Daarnaast is niet gekozen voor variant OR-3C, omdat het niet in verhouding staat om voor alleen de Bizonbaai als zwemrecreatieplas een OR-team in de lucht te houden. De eerste basisbrandweereenheid kan daar binnen de 18 minuten ter plaatse zijn om alvast voorbereidende werkzaamheden uit te voeren voor de komst van het OR-team.

6.10 Argumentatie overschrijden opkomsttijden Voor de recreatieplas ‘Bizonbaai’ bij Ooij en waar in de zomer voornamelijk gezwommen wordt en geen pleziervaart of beroepsvaart komt, wordt de opkomsttijd van 18 minuten niet gehaald. Dit is te ‘verhelpen’ door de post Ubbergen de OR-taak te laten behouden. Dit zou dan echter betekenen dat we de capaciteit (mensen en middelen) blijven inzetten voor een klein gebied met een laag waterongevallenrisico (afgezet ten opzichte van bijvoorbeeld Lent). De overschrijding loopt op tot maximaal twee minuten, in die tijd is er in basis al wel een basisbrandweereenheid ter plaatse die voorbereidingen kan treffen en een inzetplan kan maken voor de inzet van het OR-team. Voornamelijk voor het deel van de ‘Maas’ tussen de Sluis Grave en de kruising met het ‘MaasWaalkanaal’ kunnen we op basis van interregionale afspraken brandweervaartuigen uit de Veiligheidsregio Brabant-Noord (Grave, Cuijk) en Limburg-Noord (Mook) alarmeren. Deze vaartuigen hebben geen OR-taak en dus ook geen oppervlakteredders aan boord, maar zij kunnen natuurlijk wel degelijk iemand die zichtbaar is aan het wateroppervlak aan boord trekken (‘grijpredding’ vanuit het brandweervaartuig).

6.11 Impactanalyse

Post In het huidige dekkingsplan (brandweerzorgplan 2018) zijn voor het oostelijk deel van de regio, in en rond Nijmegen, acht posten met de OR-taak. Dat is een ‘overkill’. Omdat er voornamelijk in en rondom Nijmegen ‘gesneden’ wordt in het aantal posten, volgt voor die posten een beknopte beschrijving. Nijmegen-Centrum wordt bij incidentbestrijding op het water in basis alleen maar ingezet met de blusboot. Nijmegen-West is een post met snelle uitruktijden vanwege de 24-uurs bezetting. Als we de incidenten met ‘persoon te water’ in het ‘bruggen-gebied’ van de Waal in ogenschouw nemen (hoge inzetfrequentie), dan is deze post een goede keus om te behouden als OR-team voor dit hoog risicogebied (post Nijmegen-West vanuit de Nijmeegse zijde en Lent vanuit de noordzijde van het gebied). Daarbij moet onderkend worden dat deze post een grote overlap heeft met de posten Lent en Wijchen. Echter sluit dit wel aan bij de inzetfrequentie in het gehele gebied. Lent ligt strategisch voor het grote gebied waar waterrecreatie plaatsvindt (en wat steeds meer toeneemt). Post Wijchen zorgt voor een goede dekking van de risicogebieden met veel waterrecreatie in het gebied rondom Wijchen.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

70

De post Beuningen is qua locatie en huisvestingsmogelijkheden interessant voor meerdere specialismen, waaronder ook OR. De keuze om de OR-taak niet op deze post te houden heeft te maken met de goede dekking vanuit de posten Wijchen en Nijmegen-West enerzijds en het totaal aantal taken van de post anderzijds. De post Ubbergen heeft te maken met een hoge uitruktijd waardoor haar 15 minuten opkomsttijdcontour geografisch klein is en dit in combinatie met een beperkt aantal water-risicolocaties en een nihil aan waterongevallen met de classificatie ‘persoon te water’. Malden is een post die dicht bij het Maas-Waalkanaal ligt. Naast een studentenroeivereniging in Nijmegen en enkele kleine bootjes met vissers is van zwemrecreatie geen sprake. Pleziervaart is zeer beperkt van schepen die via het Maas-Waalkanaal van de Maas naar de Waal varen en vice versa. De afgelopen zes jaar is classificatie ‘persoon te water’ op het Maas-Waalkanaal en de Maas, zoals uit de incidenthistorie (paragraaf 6.5.2) blijkt, niet voorgekomen. De post Overasselt ligt weliswaar aan de rivier de Maas, waar sprake is van beroeps- en pleziervaart, maar ook hier is de classificatie ‘persoon te water’ niet voorgekomen afgelopen 6 jaar. Tevens is er een grote overlap met Wijchen en Nijmegen-West.

Wijchen ligt gunstig ten opzichte van diverse recreatieplassen (Berendonck, Loonse Waard, Groene Heuvels, Beuningse Plas) en is fysiek een grote post met veel postleden. Binnen 15 minuten bereiken zij, op delen van Maas en het Maas-Waalkanaal na, de water-risicolocaties met een recreatiefunctie.

Impact gelijktijdigheid De kans op het gelijktijdig alarmeren van zowel de tankautospuit als het OR-team van de post is technisch uitgesloten, omdat ook de OR-taak met de TS wordt uitgevoerd. Het is technisch ingeregeld dat eerst het specialisme wordt bezet bij gelijktijdige alarmering. Een naastgelegen post zal dan de tankautospuit leveren.

Financieel De impact is in basis positief, omdat er zeven posten gaan stoppen met de taak, waardoor enerzijds de vergoedingen voor vakbekwaamheid komen te vervallen en anderzijds geldt dat ook voor de kosten van het materieel (onderhoud en vervanging). Echter moet benadrukt worden dat de taak oppervlakteredding doorontwikkeld gaat worden. Dit vanuit een nieuwe visie incidentbestrijding op het water. Het gaat betekenen dat de vakbekwaamheidsinspanning van de oppervlakteredders geïntensiveerd gaat worden en dat het daarnaast denkbaar is dat er een doorontwikkeling plaatsvindt op het materieel (andere hulpmiddelen en wellicht ook met een ander type voertuig). Vanuit die hoedanigheid zal het reduceren met zeven eenheden geen besparing gaan opleveren en wordt het vrijgekomen budget geherinvesteerd binnen de taak.

Vakbekwaamheid De vakbekwaamheidsinspanning op regionaal niveau wordt in kwantiteit minder, maar op kwaliteit willen we een stap maken voor de posten die dit specialisme houden. Denk hierbij o.a. aan frequentere zwemtrainingen en het samen oefenen met de brandweerhulpboten in onze regio en de duikploegen van Arnhem en Den Bosch. De posten die de taak houden zullen intensiever gaan trainen en daarmee de oefenbelasting die vrijkomt van de zeven posten die stoppen gaan ‘overnemen’.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

71

7

Brandweerhulpboten

Inleiding Een brandweerhulpboot wordt in de meldkamersystemen aangegeven als brandweervaartuig-klein (BRV-K) en kan o.a. worden ingezet ter ondersteuning van een oppervlaktereddingsteam (OR-team), bijvoorbeeld op een grote waterplas. Het vaartuig wordt dan gebruikt om de walkant te verplaatsen, zodat de inzetdiepte van het OR-team groter wordt. De spreiding van de brandweerhulpboten wordt mede gebaseerd op het ondersteunen bij deze levensreddende taak. De brandweerhulpboten kunnen worden ingezet op open- en gesloten recreatieplassen, kanalen en rivieren, zelfstandig of ter ondersteuning van een OR-team. Een brandweerhulpboot kan van waarde zijn bij incidenten zoals een persoon te water, het zoeken naar een vermist persoon, dienstverleningen en in mindere mate bij incidenten op het water met brand.

7.1

Huidige situatie

Brandweer Gelderland-Zuid beschikt over vijf brandweerhulpboten. Hoewel de boten in 2021 een update hebben gehad, zijn het gedateerde boten. Alle boten zijn ouder dan 20 jaar. Naast de vijf brandweerhulpboten van de veiligheidsregio kunnen we ook het vaartuig van Reddingsbrigade Culemborg alarmeren en inzetten als onderdeel van een prestatieovereenkomst. De zes posten zijn daarmee als volgt gepositioneerd: Asperen, Beuningen, Culemborg (Reddingsbrigade), Kerkdriel, Maasbommel en Maurik. Er wordt uitgerukt met een PM die een trailer gekoppeld heeft en waar de boot op ligt.

7.2

Wetgeving

Geen wettelijke eisen, behoudens het redden van mens en dier (Artikel 3, lid 1, sub b van de Wvr: het beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij ongevallen anders dan bij brand).

7.2.1 Gewenste opkomsttijd Als professionele norm wordt vrijwel algemeen een richtwaarde van 30 minuten voor reddingsboten aangehouden (Geactualiseerde Visie op Waterongevallenbeheersing Brandweer 2023). Voor een brandweerhulpboot geldt dat voor de “Search And Rescue” (SAR)-taken op de vaarwegen/rivieren een opkomsttijd van 30 minuten conform het ‘Handboek incidentbestrijding op het water’ wordt gewenst. Deze in het ‘Handboek incidentbestrijding op het water’ genoemde ‘basiszorgnorm’ is gebaseerd op een redelijke zelfredzaamheid (onder andere door het dragen van een reddingsvest) en op de overlevingskansen van drenkelingen gedurende deze tijd. Op basis van bovenstaande wordt er voor een brandweerhulpboot gekozen voor een gewenste opkomsttijd van 30 minuten.

7.3

Kern landelijke of regionale visie -

Geactualiseerde Visie WOB 2023 (Brandweer Nederland, Vakraad IB, september 2022) Handboek Incidentbestrijding op het water (IFV, versie 3.0, 1 juli 2021)

Brandweer Gelderland Zuid heeft een ambitie uitgesproken om toonaangevend te willen worden op incidentbestrijding op het water. Daarbij zijn we aangehaakt bij de uitwerking van de landelijke visie op scheepsincidentbestrijding. Consequentie is dat er geïnvesteerd moet gaan worden in materieel en vakbekwaamheid. Daarnaast mogelijk met veranderende inzetprocedures. Gelderland-Zuid is een waterrijke regio, maar het is goed om de gewenste opkomsttijd vooral te projecteren op de grote recreatieplassen/-gebieden die in verbinding staan met de rivieren en de recreatieplassen die dusdanig groot van omvang zijn dat de kans bestaat dat een OR-inzet ontoereikend kan zijn.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

72

7.4

Recentelijk vastgesteld beleid

De procedure Oppervlakteredding bij waterongevallen door de brandweer (VRGZ, versie 1.1, augustus 2023), de procedure Brandweervaartuig-Klein (VRGZ, versie 1.1, augustus 2023) en de Natte RI&E (Brandweer Gelderland-Zuid, juni 2023) zijn recentelijk vastgesteld. Eerder, in juni 2019, is in het AB de uitkomst van de vervolgopdracht naar aanleiding van het Brandweerzorgplan Specialismen (2018), de ‘Aanvulling op het Brandweerzorgplan – deel Specialisme; Specialisme Brandweerhulpboten’, behandeld. De opdracht daarbij was om de spreiding en dekking van de brandweerhulpboten nader uit te werken en hiervoor het waterrisicoprofiel te gebruiken. Dit heeft geleid tot de verplaatsing van een brandweerhulpboot naar Beuningen, het afstoten van de brandweerhulpboot in Varik en Ochten en de handhaving van de brandweerhulpboot in Asperen. Er is toen voorgesteld om de brandweerhulpboot binnen 20 minuten ter plaatse te laten zijn, zodat een OR-team zonder te veel tijd te verliezen op de hulpboot kan stappen in geval een inzet op een grote recreatieplas waarbij de inzetdiepte van 200 meter overschreden zou worden.

7.5

Relevante input Risicoprofiel Brandweer Gelderland-Zuid

7.5.1 Risicolocaties

Bij de bepaling van de water-risicolocaties in onze regio gaan we primair uit van de recreatieplassen waar veel gezwommen wordt bij mooi weer. Daarvoor is zwemwater.nl als bron aangehouden. Dit wordt beheerd door de samenwerkende organisaties Interprovinciaal Overleg, Unie van Waterschappen, Rijkswaterstaat en BIJ12.Daarnaast wordt er ook gekeken naar de havens, de rivieren en de kanalen, aangevuld met de regionale kennis van open en gesloten waterplassen waar recreatie plaatsvindt. Het is goed te beseffen dat we hierbij ook de grote vaarwegen: Maas, Waal, Neder-Rijn en Lek meerekenen als mogelijke zwemlocaties hoewel dit uitdrukkelijk verboden is.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

73

De watertypen in de VRGZ zijn onderverdeeld in 5 categorieën. Categorie*

Kenmerken

Voorbeelden

Beroepsvaart*1, stroming, wisselende waterdieptes, transport gevaarlijke stoffen

Waal*2, Maas, Lek

Categorie 1

Rivieren/kanalen

Categorie 2

Sloten/watergangen/vijvers Zwemmers, vissers

Sloot in woonwijk, vijvers in parken

Categorie 3

Recreatieplas in verbinding met de rivier

Zwemmers, vissers, grote en eventueel gemotoriseerde pleziervaart, sporadische beroepsvaart

Eiland van Maurik, De Gouden Ham, Zandmeren

Categorie 4

Recreatieplas gesloten

Zwemmers, vissers, kleine en (niet) gemotoriseerde pleziervaart

Berendonck, de Meent, De Beldert, Betuwestrand

Categorie 5

Havens

Ligplaatsen voor pleziervaart en/of beroepsvaart

Waalhaven Nijmegen, gemeentehaven Tiel, Haven Culemborg, Haven Zaltbommel

*1 met beroepsvaart worden o.a. vrachtschepen, rondvaartboten en cruiseschepen bedoeld *2 de Waal is een rivier die zich onderscheidt van de andere door de intensieve beroepsvaart en snelle stroming. De onderstaande tabel geeft weer in welke categorie wateren de verschillende brandweerhulpboten kunnen worden ingezet. Hier zit onderscheid in vanwege de verschillende eigenschappen van de brandweerhulpboot (zie ‘Update Brancherichtlijn brandweerhulpboot’.) Kazerne Asperen

Inzet categorie Categorie 1, 3, 4, 5

Beuningen

Categorie 1, 3, 4, 5

Kerkdriel

Categorie 1, 3, 4, 5

Maasbommel Categorie 1, 3, 4, 5

Maurik

Categorie 1, 3, 4, 5

Klasse boot Bijzonderheden Klasse 3 Categorie 1 uitsluitend Linge en Merwedekanaal. Inzetbaar in uiterwaarden van alle rivieren en kanalen tijdens hoogwater*. Klasse 3 Categorie 1 uitsluitend Spiegelwaal. Inzetbaar in uiterwaarden van alle rivieren en kanalen tijdens hoogwater*. Klasse 2 Categorie 1 alleen op de Maas, Kanaal van St. Andries en Afgedamde Maas. Inzetbaar in uiterwaarden van alle rivieren en kanalen tijdens hoogwater*. Klasse 2 Categorie 1 alleen op de Maas en Kanaal van St. Andries. Inzetbaar in uiterwaarden van alle rivieren en kanalen tijdens hoogwater*. Klasse 2

Categorie 1 uitsluitend Lek, Neder-Rijn en Betuwepand van het Amsterdams Rijnkanaal. Inzetbaar in uiterwaarden van alle rivieren en kanalen tijdens hoogwater*.

20230911 Onderbouwingsrapportage Dekkingsplan 2024-2027

74

*Het inzetten van een brandweerhulpboot in de uiterwaarden bij hoogwater wordt te allen tijde afgestemd met de OvD-B en de waterbeheerder

7.5.2 Incidenthistorie:

Incidenthistorie in de periode tussen 1 januari 2017 en 1 januari 2023 waarbij meldingen zijn geweest van incidenten op het water

7.6

Uitgangspunten berekening specialisme

Uitruktijd Voor de uitruktijd van de brandweerhulpboot wordt uitgegaan van de mediaan-uitruktijd van de tankautospuit aangevuld met een minuut. Dit in verband met de aankleedprocedure en het koppelen van de trailer aan het trekkend voertuig. Daarbij gaan we ervan uit dat de trailer achter het trekkend voertuig klaar staat om gekoppeld te worden (wetende dat deze voertuigen ook ingezet worden voor de AED-taak).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13660693/1