CConstaterende datZaltbommel
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2025 Regionaal Archief Rivierenland - definitief incl accountantsverklaring (geanonimiseerd)

Raadsvergadering 21 mei 2026, gemeente ZaltbommelBij agendapunt: Regionale samenwerking / Gemeenschappelijke Regelingen24.610 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Waterschap.

Bijdrage per inwoner Voor het jaarverslag 2025 geldt zoals gebruikelijk de datum van 1 januari 2024 als peildatum voor het aantal inwoners. Het aantal inwoners van de deelnemende gemeenten bedroeg op deze peildatum 235. 325. Ten opzichte van 2024 is het aantal inwoners met 730 toegenomen ofwel met 031% , gestegen. De toename is relatief gezien gelijk over alle deelnemende gemeenten. In de begroting van 2025 is de bijdrage per inwoner van alle deelnemende gemeenten vastgesteld op € 1249. , Hieronder een overzicht met de bijdrage per gemeente. De totale lasten voor de deelnemende gemeenten voor het jaar 2025 bedragen in totaal € 2. 939. 408 -. Gemeente Buren Culemborg Maasdriel Neder-Betuwe Tiel West Betuwe Zaltbommel Totaal

Inwoneraantal 1-1-2024 27. 773

Inwonerbijdrage 2025 in euro 1 € 346. 908

29. 944 26. 197

€ 374. 026 € 327. 223

25. 708 42. 370

€ 321. 115 € 529. 237

52. 948 30. 385

€ 661. 365 € 379. 534

235. 325

€ 2. 939. 408

Dienstverleningsovereenkomst Waterschap Rivierenland (WSRL) Met Waterschap Rivierenland is een dienstverleningsovereenkomst gesloten , waarin is vastgelegd dat het Regionaal Archief Rivierenland de archieven van de voormalige waterschappen beheert. In 2025 is de overeenkomst met het waterschap voor 10-jaar verlengt , met na deze 10 jaar een stilzwijgende jaarlijkse verlenging. De kosten voor advies , toezicht en conservering zijn niet in deze overeenkomst opgenomen in de prijs per strekkende meter , maar worden jaarlijks afzonderlijk met het waterschap afgerekend. De totale lasten voor het waterschap in 2025 bedragen € 243.530-, Onvoorzien In het verslagjaar 2025 hebben zich geen onvoorziene uitgaven voorgedaan.

1

Bijdrage per gemeenten worden afgrond op hele euro’s.

Jaarstukken 2025

Pagina 26 van 64

2. 3. 3 Overzicht van de kosten van overhead Met ingang van 2018 is het taakveld Overhead 2 een verplicht onderdeel en moeten de kosten van Overhead afzonderlijk in de Programmaverantwoording worden gepresenteerd. Het taakveld Overhead is nader onderverdeeld in:

lasten gemeentelijke overheadfuncties (i. c. programma archiefbeleid); lasten ‘eigen overhead’ (personeelskosten directie , management en ondersteuning).

-

Taakveld overhead

Realisatie 2025

Begroting 2025

Lasten gemeentelijke overhead functie " Eigen overhead " Totaal lasten

€ 3. 100. 399 € 306. 121 € 3. 406. 520

€ 3. 012. 865 € 304. 425 € 3. 317. 290

Bijdragen overhead Totaal baten

€ 3. 492. 488 € 3. 492. 488

€ 3. 267. 290 € 3. 267. 290

2. 3. 4

Vennootschapsbelasting

Vanaf 2016 is de vennootschapsbelasting ook van toepassing voor decentrale overheden. Het RAR staat op het standpunt dat er geen VpB-plicht geldt voor het RAR. De belastingdienst geeft per brief , d. d. 4 juli 2019 , aan dat het RAR niet belastingplichtig is voor de VpB. Voor de jaren 2016 , 2017 en 2018 zal de belastingdienst geen aanslagen VpB opleggen. Vanaf het jaar 2019 e. v. wordt door het RAR geen uitnodiging tot het doen van aangifte VpB gedaan. Mede doordat er geen wijzigingen ophanden zijn in onze activiteiten , is het onze verwachting dat er in de nabije toekomst geen verandering zal zijn die wel leidt tot een VpB-plicht voor het RAR. 2. 3. 5

Overige verplichte toelichting

RAR is voor de gemeenten een Verbonden Partij Voor de gemeente is een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie , waarin de gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft een Verbonden Partij. Het RAR is voor de gemeenten een Verbonden Partij.

Beleidsindicatoren en effecten van de betrokkenheid van de Verbonden Partij In artikel 8b van het Besluit Begroting en Verantwoording staat dat het programma en de verantwoording de volgende aspecten moeten bevatten: “De doelstelling , in het bijzonder de beoogde maatschappelijke effecten , ten minste moeten worden toegelicht aan de hand van de bij ministeriele regeling vastgestelde beleidsindicatoren. ” Dit is niet van toepassing voor het RAR omdat er voor de maatschappelijke effecten van het RAR geen verplichte indicatoren zijn voorgeschreven. Overzicht van incidentele baten en lasten 2025 In het verslagjaar 2025 hebben zich enkele incidentele baten en lasten voorgedaan. Binnen de post huisvesting betroffen de incidentele lasten een uitgave voor in de aanleg van zonnepanelen (€ 25. 000) en voor de verduurzaming van de depots (€ 18. 000). Per saldo hebben deze

2

Elke GR is verplicht de baten en lasten te splitsen in de voorgeschreven taakvelden , in zowel de begroting als de jaarrekening. Art. 58a Wgr lid2 sub bepaalt dat de Informatie voor derden (IV-3) indeling en dus de taakveldindeling conform de gemeentelijke indeling geldt bij een gemeenschappelijke regeling van gemeente en provincie. Het overzicht van geraamde baten en lasten van de taakvelden is een verplichte paragraaf. Voor het RAR is het Overzicht van geraamde baten en lasten van het taakveld Overhead 0. 4 verplicht. Jaarstukken 2025

Pagina 27 van 64

uitgaven niet geleid tot overschrijdingen van de begroting. De genoemde lasten zijn incidenteel van

aard. Daarnaast waren er in 2025 incidentele baten in de vorm van UWV-vergoedingen voor

verlofvervanging (zwangerschaps- , geboorte- en ouderschapsverlof). Omdat de verlofvervanging in 2025 niet heeft kunnen plaatsvinden , zijn deze UWV-vergoedingen conform het AB-besluit van 18-11-2025 toegevoegd aan de bestemmingsreserve bedrijfsvoering en digitalisering (€ 49. 348). Deze middelen zullen vanaf 2026 worden ingezet voor het wegwerken van ontstane achterstanden. Ook deze baten zijn incidenteel van aard. 2. 3. 6 Controleverklaring De controleverklaring van de accountant is bijgevoegd in hoofdstuk 7- Overige gegevens.

Jaarstukken 2025

Pagina 28 van 64

3

Jaarverslag - Paragrafen

Het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) stelt regels aan welke paragrafen er in het jaarverslag moeten zijn en wat daarin aan de orde komt. De paragrafen geven een dwarsdoorsnede van een aantal beheeraspecten. Ze gaan over onderwerpen die in de jaarrekening terug te vinden zijn en waaraan politieke of financiële risico’s verbonden zijn. De paragrafen geven het algemeen bestuur en de raden van de deelnemende gemeenten nader inzicht in de financiële positie van de gemeenschappelijke regeling RAR. De volgende paragrafen zijn opgenomen: -

Weerstandsvermogen en risicobeheersing Onderhoud kapitaalgoederen

-

Financiering

-

Bedrijfsvoering

-

3. 1

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

3. 1. 1 Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen:

a) b)

de benodigde weerstandscapaciteit , zijnde alle risico’s waarvoor geen directe maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie en de beschikbare weerstandscapaciteit , zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de gemeenschappelijke regeling beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken.

De doelen van het RAR , met betrekking tot het weerstandsvermogen en risicobeheersing , zijn als

volgt geformuleerd: -

we zorgen voor een solide financieel beleid met een transparant inzicht in de kosten en

geldstromen; -

we zorgen voor een structureel en reëel evenwicht in de begroting en de meerjarenraming;

-

onze

planning- en control cyclus is zo ingericht dat het DB en het AB de sturings- en verantwoordingsinformatie krijgen die ze nodig hebben.

Het RAR hanteert de volgende uitgangspunten voor het risicomanagement: het RAR wil de continuïteit van de organisatiedoelen waarborgen en de vermogenspositie -

-

beschermen; het RAR wil actief haar risico’s beheersen en kunnen opvangen en wil voorkomen dat incidentele tegenvallende financiële resultaten verhaald moeten worden op de gemeenten; tegelijkertijd streeft het RAR naar het zo laag mogelijk houden van de algemene reserve.

Jaarstukken 2025

Pagina 29 van 64

In 2023 zijn aan de hand van een uitgebreide risicosessie actuele risico’s voor het RAR geïdentificeerd en is het rapport Risicomanagement & Weerstandsvermogen uit 2020 onder de loop genomen. De uitkomsten uit deze sessies zijn vastgelegd in de Beleidsnota Risicomanagement en weerstandsvermogen 2024 – 2028 , van datum 24-11-2023. In de bijlage is deze nota toegevoegd. Hieronder treft u een samenvatting van de uitkomsten uit deze nota. De inhoudelijke toelichting op de risico’s is te vinden in de beleidsnota in de bijlage 2. Het weerstandsvermogen wordt berekend door de uitkomst van de beschikbare weerstandscapaciteit te delen door de uitkomst van de benodigde weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt de ratio weerstandsvermogen.

Ratio weerstandsvermogen

=

beschikbare weerstandscapaciteit (middelen) benodigde weerstandscapaciteit (risico’s)

Om het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen , is vastgesteld welke ratio het RAR nastreeft. Hiertoe is gebruik gemaakt van onderstaande waarderingstabel. Ratio weerstandsvermogen > 20, 14, < x < 20, 10, < x < 14, 08, < x < 10, 06, < x < 08, < 06,

Waardering Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende

De geldende ratio van het weerstandsvermogen is door het Algemeen Bestuur van het RAR in 2014 vastgesteld op minimaal 1. Het RAR streeft zodoende naar een weerstandsvermogen welke minimaal voldoende is.

Benodigd weerstandscapaciteit (risico’s) anno 2025 Hieronder de identificeerde risico’s met de omvang van hun capaciteit op basis van het restrisico en kansberekening. Risico Politiek bestuurlijk en maatschappelijk Uittreding van een deelnemer of beëindiging van een overeenkomst Organisatorisch Afhankelijkheid specialistische leveranciers Organisatorisch Calamiteiten met schade aan gebouw en archief Organisatorisch Cybercriminaliteit Juridisch Naleven van de wet- en regelgeving Totaal aan risico’s

Jaarstukken 2025

Kans

Verwachtingswaarde

Capaciteit

02,

€ 250. 000

€ 50. 000

02,

€ 250. 000

€ 50. 000

02,

€ 250. 000

€ 50. 000

04,

€ 100. 000

€ 40. 000

02,

€ 50. 000

€ 10. 000 € 200. 000

Pagina 30 van 64

Beschikbaar weerstandscapaciteit (middelen) anno 2025 Hieronder de stand van de beschikbare middelen in 2025 om niet begrote kosten te dekken. Hierin dient de algemene reserve als buffer ter afdekking van risico's en om incidentele tegenvallers op de vangen. De bestemmingsreserves zijn reserves waaraan een bepaalde bestemming (doelstelling) is gegeven en derhalve voor het realiseren van die doelstelling geoormerkt is. Hierin is een onderscheid tussen beklemde en de niet-beklemde bestemmingsreserves. Waarbij de beklemde reserves geen onderdeel kunnen uitmaken van de beschikbare weerstandscapaciteit. beklemd/ niet beklemd Algemene reserve/ weerstandsvermogen Reserve Egalisatie kapitaallasten WKO Reserve Publicatiefonds Reserve Digitalisering/ Bedrijfsvoering Reserve E-depot Reserve Website Reserve Metamorfoze Reserve Dak/ Zonnepanelen

niet beklemd beklemd niet beklemd niet beklemd niet beklemd beklemd niet beklemd beklemd

Totaal reserves Totaal reserves weerstandscapaciteit

Stand 31-12-2024

€ 211. 000 € 0 € 0 € 200. 848 € 58. 021 € 100. 000 € 0 € 0 € 569. 870 € 469. 870

Stelselwijziging 2025*

Stand 1-1-2025

€ 277. 346 € 27. 136

€ 27. 496

€ 331. 979

Mutaties

Stand 31-12-2025

€ 211. 000 € 277. 346 € 27. 136 € 200. 848 € 58. 021 € 100. 000 € 27. 496 € 25. 000*

€ 0 -€ 16. 086 € 12. 529 € 49. 348 € 0 € 0 € 0 -€ 25. 000

€ 211. 000 € 261. 260 € 39. 665 € 250. 196 € 58. 021 € 100. 000 € 27. 496 € 0

€ 929. 848 € 524. 502

€ 20. 791

€ 947. 639 € 586. 379

* Stelselwijziging wordt nader toegelicht in paragraaf 5. 2. 3

Conclusie is dat het weerstandsvermogen in 2025 voldoende is geweest voor het opvangen van de risico’s. 3. 1. 2 Kengetallen De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft een aantal kengetallen in de begroting verplicht gesteld. De verplichte kengetallen van het RAR staan in onderstaande tabel. Kengetallen 1A Netto schuldquote 1B Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen 2 Solvabiliteitsratio 3 Grondexploitatie 4 Structurele exploitatieruimte 5 Belastingcapaciteit

Realisatie 2024 136

Realisatie 2025 122

Begroting 2025 145

136 8

122 13

145 6

n. v. t.

n. v. t.

n. v. t.

07,

37,

0

n. v. t.

n. v. t.

n. v. t.

De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft dus een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Dit kengetal is al enkele jaren dalende , hetgeen positief is voor de financiële positie van het RAR. De solvabiliteit geeft inzicht in de mate waarin het RAR in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger dit percentage , hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid. Dit kengetal is stabiel hoog , hetgeen positief is voor de financiële positie van het RAR. De structurele exploitatiecapaciteit helpt mee om te beoordelen welke structurele ruimte het RAR heeft om de eigen lasten te dragen , of welke structurele stijging van de baten of structurele daling Jaarstukken 2025

Pagina 31 van 64

de lasten daarvoor nodig is. Wanneer dit cijfer negatief is , betekent het dat het structurele deel van de begroting onvoldoende ruimte biedt om de lasten te blijven dragen. Dit kengetal is neutraal tot positief. Wat betekend dat het RAR stabiel is in het dragen van de eigen lasten. van

3. 2

Onderhoud kapitaalgoederen

De paragraaf kapitaalgoederen betreffende het onderhoud van kapitaalgoederen bevat tenminste de

goederen gebouwen. Van deze kapitaalgoederen wordt het volgende aangegeven: a.

b. c.

het beleidskader; de uit het beleidskader voortvloeiende financiële consequenties; de vertaling van de financiële consequenties in de begroting.

3. 2. 1 Afschrijving In de staat van activa zijn de investeringen en afschrijvingen opgenomen van de gebouwen en overige materiële vaste activa (inventaris en ICT). Voor de gebouwen betreft het de investeringen voor de nieuwbouw en de investering voor de uitbreiding van het archiefdepot. De investeringen in gebouwen worden op basis van annuïteiten afgeschreven. Voor de overige materiële vaste activa betreft het investeringen in onder andere (kantoor gerelateerde) inventaris en ICT-middelen. De afschrijving hiervan gebeurt op basis van lineaire afschrijving met de volgende afschrijftermijnen: Inventaris 10 jaar ICT-middelen 4 jaar 3. 2. 2

Onderhoudsplan en kosten van onderhoud Regulier en groot onderhoud aan het gebouw en haar installaties gebeurt door de VvE op basis van het meerjarenonderhoudsbegroting (MJOB). Het MJOB van het gebouw is in 2025 geactualiseerd. Door de gekozen langere looptijd van het MJOB en de sterk gestegen bouwkosten zijn de jaarlijkse reserveringen verhoogd , wat resulteert in hogere jaarlijkse exploitatiekosten. Jaarlijks wordt er door het RAR een bedrag gedoteerd aan de onderhoudsvoorziening van de VvE ten behoeve van de uitvoering van reguliere en geplande groot onderhoud. In 2025 was dit een bedrag van € 125.000 , -.

3. 3 Financiering In de paragraaf financiering komen , zoals de naam al aangeeft , de aspecten rond de financiering aan de orde. In dit kader is het verplicht onder meer te voldoen aan de Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO). 3. 3. 1 Schatkistbankieren In het kader van het verplicht schatkistbankieren worden overtollige liquide middelen aangehouden in de schatkist van het Rijk. Publieke middelen worden uitsluitend buiten de schatkist gehouden voor zover deze benodigd zijn voor de uitvoering van de publieke taak. Met ingang van januari van dit jaar neemt het RAR actief deel aan schatkistbankieren , waarmee overtollige liquide middelen worden aangehouden bij het Rijk. Voor het aanhouden van middelen buiten de schatkist geldt een drempelbedrag dat wordt berekend als kwartaalgemiddelde. Dit

drempelbedrag betreft het maximumbedrag dat gemiddeld buiten de schatkist mag worden aangehouden. Voor decentrale overheden met een begrotingstotaal lager dan € 500 miljoen bedraagt deze drempel 2% van het begrotingstotaal , met een ondergrens van € 1 miljoen. Het RAR Jaarstukken 2025

Pagina 32 van 64

hanteert in dit kader de ondergrens van € 1 miljoen en conformeert zich daarmee aan de geldende regelgeving inzake schatkistbankieren. 3. 3. 2 Geldleningen De geldleningen bestaan uit middelen in rekening-courant en corresponderende depositorekeningen. In 2008 zijn twee vaste geldleningen voor de toenmalige nieuwbouw afgesloten. Deze zijn in 2009 opgenomen. Omdat de investeringskosten voor de nieuwbouw lager uit zijn gevallen , is de depotuitbreiding met een deel van de overblijvende financiële middelen gefinancierd. 3. 3. 3 Rentelasten , renteresultaat en toerekening van rente De aan het programma toe te rekenen rente wordt bepaald door de externe rente die bestaat uit de rente die wordt betaald over afgesloten leningen.

Beide leningen zijn annuïteitenleningen met een vaste rente gedurende de gehele looptijd. Lening A heeft een hoofdsom van € 2 miljoen en een looptijd van 20 jaar. De rente is gedurende de Lening B heeft een hoofdsom van € 8 miljoen en een looptijd van 40 jaar. De gehele looptijd 473%. , rente is gedurende de gehele looptijd 478%. , In de toerekening van rente aan de investeringen wordt uitgegaan van 475%. , 3. 3. 4 Kapitaallasten De looptijd en de aflossing van de beide leningen lopen gelijk aan de kapitaallastenberekening voor de investering van de nieuwbouw. 3. 3. 5 EMU-saldo Het EMU-saldo is het financieringssaldo minus deelname aan bedrijven en inkomsten uit kredietverstrekking , uitgedrukt in geld , van een overheid die lid is van de Europese Monetaire Unie (EMU). Berekening van het EMU -saldo van het RAR is als volgt: Berekening EMU saldo

Realisatie 2025

Exploitatie saldo vóór toevoeging aan c. q. onttrekking uit reserves (zie BBV , art 17c) Afschrijvingen ten laste van exploitatie Uitgaven aan investeringen in (im)materiele vaste activa die op de balans worden geactiveerd Mutaties voorzieningen Berekend EMU saldo

3. 3. 6

Begroting 2025

€ 85. 968 € 197. 055

-€ 50. 000 € 204. 600

-€ 86. 129 €0 € 196. 894

-€ 196. 200 -€ 15. 743 -€ 57. 343

Financieringspositie

Financieringsbehoefte A. Investeringen netto B. Afschrijvingen -/C. Aflossingen leningen Nieuw op te nemen leningen Vaste schuld 31-12

Jaarstukken 2025

Realisatie 2025 € 86. 129 € 197. 055 € 270. 932 €0 € 6. 826. 540

Begroting 2025 € 196. 200 € 204. 600 € 270. 932 € 0 € 6. 826. 540

Pagina 33 van 64

3. 3. 7

Kasgeldlimiet

Berekening kasgeld Totale lasten c. q. begrotingstotaal Percentage regeling Kasgeldlimiet

Realisatie 2025 € 3. 406. 520 82% , € 279. 335

Begroting 2025 € 3. 317. 290 82% , € 272. 018

De kasgeldlimiet wordt berekend op basis van 82% , van het begrotingstotaal. Het RAR zal , gelet op de goede liquiditeitspositie , geen gebruik hoeven te maken van de kasgeldlimiet. 3. 3. 8 Renterisico leningen Om de (rente)risico’s op de leningenportefeuille te beheren , is de renterisiconorm van toepassing. Deze norm is gebaseerd op de Wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO). En heeft als uitgangspunt dat de aflossingen en/of renteherziening in enig jaar nooit meer mag zijn dan 20% van het begrotingstotaal. Voor de renterisiconorm geldt een minimumbedrag van 2. 500. 000 euro. Renterisico 1 Renteherzieningen op vaste schuld 2 Aflossingen 3 Renterisico (1+2) 4 Rente risico norm 5a Ruimte onder renterisiconorm (43) < 5b Overschrijding renterisiconorm (34) >

Realisatie 2025 €0 € 270. 932 € 270. 932 € 681. 304 € 410. 372 €0

Begroting 2025 € 0 € 270. 932 € 270. 932 € 663. 458 € 392. 526 € 0

In de tabel is te zien dat het RAR over 2025 ruimschoots binnen de gestelde norm blijft. Berekening renterisiconorm 4 Totale lasten 4b Norm 4 Rente risico norm

3. 4

Realisatie 2025 € 3. 406. 520 20% € 681. 304

Begroting 2025 € 3. 317. 290 20% € 663. 458

Bedrijfsvoering

3. 4. 1 Financiële rechtmatigheid Het Regionaal Archief Rivierenland (RAR) moet zich kunnen verantwoorden ten aanzien van de rechtmatigheid van de uitvoering van het financiële beheer. Rechtmatigheid vertelt of het beleid wordt gevoerd in overeenstemming met de interne en externe regelgeving. Het Dagelijks Bestuur van het RAR is verplicht te waarborgen dat het financieel beleid aan de eisen van rechtmatigheid ,

verantwoording en controle wordt voldaan. Als gevolg van aanpassingen in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado) gelden vanaf 2025 nieuwe regels. Vanaf het verslagjaar 2025 geldt één uniforme rapporteringstolerantie van 2% voor de interne controle en rapportage aan het bestuur. Deze aangescherpte rapporteringstolerantie is verwerkt in de financiële verordening welke is vastgesteld in het Algemeen bestuur van 18-11-2025. De financiële verordening is hiermee samen met ons interne controle plan in lijn gebracht met de nieuwe controle standaard. Waarmee we als RAR zorgdragen voor: een adequate inrichting van de organisatie passend bij rechtmatigheid , zoals waar mogelijk functiescheidingen en meer interne controle op uitvoering van taken;

Jaarstukken 2025

Pagina 34 van 64

-

-

een betere uitvoering en interne

beheersing van de werkzaamheden , zoals het efficiënt vastleggen van goedkeuringen in de processen; meer inzicht in de rechtmatigheid van (financiële) rechtshandelingen , zoals inzicht en bewustwording van rechtmatigheid waarbij expliciet aandacht is voor frauderisico’s.

Om de beheersbaarheid en betrouwbaarheid van onze interne financiële processen verder te versterken , is in 2024 besloten het boekhoudsysteem te vernieuwen. Hiervoor is gekozen voor AFAS , mede omdat deze software voldoet aan archief wettelijke vereisten. De implementatie van deze software heeft in 2025 plaatsgevonden en AFAS zal vanaf boekjaar 2026 volledig in gebruik worden genomen. Met deze vernieuwing wordt de interne controle verder verbeterd en wordt tevens de rechtmatigheid van financiële transacties beter geborgd. Daarnaast zijn er in 2025 mooie verbeterslagen gemaakt in ons interne kwaliteitssysteem en het gebruik van ons DMS Corsa , die bijdrage aan deze verbetering. Hier leest u meer over in ons

jaarverslag Archieftoezicht. De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals is vastgesteld in het normenkader. Dat betekent dat: De rechtmatigheidsverantwoording ingaat op de financiële rechtmatigheid van baten , lasten en -

-

-

balansmutaties. Voor de financiële rechtmatigheid van baten , lasten en balansmutaties rekenen we de post overhead volledig toe aan het Programma archiefbeleid. Dit omdat er maar één programma is bij RAR en omdat het programma niet zonder overhead gerealiseerd kan worden. De financiële rechtmatigheid betrekking heeft op: o het voorwaardencriterium: ofwel , zijn de transacties verricht in overeenstemming met de wet- en regelgeving? o het begrotingscriterium: ofwel passen de transacties binnen de geautoriseerde begroting? o en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium: zijn de gegevens , die door de belanghebbenden zijn verstrekt om het voldoen aan voorwaarden aan te tonen , getoetst ter voorkoming en bestrijding van misbruik en oneigenlijk gebruik van weten regelgeving? De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de Kadernota rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV van september 2025 alsmede onze eigen financiële verordening 2025. Dit betekent dat: Een verantwoordingsgrens van 2% (zijnde € 68. 000) is gehanteerd waarboven o cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen. o Een rapporteringstolerantie van 2% (zijnde € 68. 000) is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen.

Op de volgende pagina zijn , aan de hand van de “Monitor rechtmatigheidsverantwoording” , de geconstateerde afwijkingen per criterium opgenomen met daaronder een toelichting per afwijking.

Jaarstukken 2025

Pagina 35 van 64

Toetsingscriterium voor de rechtmatigheidsverantwoording Begrotingscriterium Overschrijding lasten programma Overschrijding investeringsbudgetten Niet geautoriseerde reserve mutaties

€ 89. 230 € 89. 230 € 0 € 0

Voorwaardecriterium Geen afwijkingen geconstateerd

€0

Misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium Geen afwijkingen geconstateerd

€0

Totaal rechtmatigheidsfouten

€ 89. 230

Waarvan acceptabel Begrotingsafwijkingen die geheel worden gecompenseerd door direct gerelateerde baten en daarmee acceptabel zijn. (als gevolg van artikel 4. 1 van de financiële verordening Regionaal Archief Rivierenland 2025)

€ 89. 230

Waarvan niet-acceptabel

€0

Saldo resterende rechtmatigheidsfouten

€0

Conclusie en toelichting op de afwijkingen Er is enkel op het begrotingscriterium een afwijking geconstateerd. Het betreft hier een begrotingsoverschrijding van € 89.230 , - wat de rapporteringstolerantie overschrijdt. Hieronder treft u een toelichting van deze overschrijding. De overschrijding in lasten is het gevolg van een overschrijding op de posten van de directe archief beheerskosten en op de posten die horen bij de bedrijfsvoering , zoals huisvestingskosten en organisatiekosten. Op de post van de directe archief beheerskosten betrof dit de inzet van extern archiefbewerkingsbureau als gevolg van een aantal vacatures. En op de post huisvesting gaat het om hogere kosten voor het MJOB en een eenmalige extra uitgave voor verduurzaming (zonnepanelen en klimatiseren van de depots). Op de post organisatiekosten gaat het om een training die door ons werd georganiseerd waarin ook externen deelnamen. Deze extra lasten zijn incidenteel en leverde aan de andere

kant extra gerelateerde baten op.

In totaal zijn er op het programma archiefbeleid inclusief Overhead € 181.668-, aan hogere baten gerealiseerd dan begroot. De hogere baten die direct gerelateerd zijn aan de hogere lasten hebben En bestaan uit een omvang van circa € 134.000-. , hogere baten in archiefbeheer , archieftoezicht en advies (circa € 84. 000) voor onze dienstverlening aan het waterschap , deelnemende gemeenten en GR-en. hogere baten in huisvesting (circa € 25. 000) als gevolg van de onttrekking aan de reserve

dak/zonnepanelen. hogere baten door het direct kunnen doorbelasten van gemaakte kosten inzake E-depot en opleiding/training (circa € 25. 000) Door deze extra baten is het totale financiële effect positief en zijn de geconstateerde onrechtmatigheden volgens het Dagelijks Bestuur acceptabel op basis van de door het Algemeen Bestuur vastgestelde afspraken. Hiermee voldoet het RAR aan de vereisten van de rechtmatigheidsverantwoording. -

Jaarstukken 2025

Pagina 36 van 64

Interne controle op de financiële bedrijfsvoering Sinds 2023 zijn er , ter bevordering van de rechtmatigheid , aanvullende interne controles ingevoerd op de bedrijfsvoeringprocessen die financieel van invloed zijn. Deze interne controle biedt inzicht in de rechtmatigheid van (financiële) rechtshandelingen. Uit de interne controle die in 2025 werd 3. 4. 2

uitgevoerd op de financieel significante processen , blijkt dat deze controles de rechtmatigheid en getrouwheid van de verantwoordde financiële transacties ondersteunen. Er zijn geen significante afwijkingen geconstateerd in de onderzochte processen , wat de betrouwbaarheid van de financiële verslaglegging verder benadrukt. 3. 4. 3 Ontwikkelingen formatie en personeelskosten De formatie van het RAR bestond op 31 december 2025 uit de volgende fte’s: Functie en aantal Fte

Directeur/streekarchivaris Adjunct-directeur Ondersteuning Medewerkers Totaal

Realisatie 2024

Realisatie 2025 , 100 100 , , 056 2107 , 2363 ,

Begroting 2025 , 100 100 , , 056 2130 , 2386 ,

, 100 100 , , 056 2235 , 2491 ,

Er is een lichte groei in het aantal fte’s door de aanvullende dienstverlening in archiefbeheer. 3. 4. 4 Ziekteverzuim Het ziekteverzuim is sinds enkele jaren zeer laag bij het RAR. In 2025 hadden wij te maken met een langdurig zieke collega , waardoor ons ziekte verzuim is sinds 2024 iets is gestegen (vooral het langdurige ziekteverzuim). Dit buiten beschouwing latende is het overall ziekte verzuimt nog altijd uitstekend , dit zeker in vergelijking met het landelijk gemiddelde. Dit verzuimcijfer bestaat uit Het overall ziekteverzuim-percentage over 2025 was 37% , (2024: 33%). , verzuim. Voor 2025 verzuim (2024: 163%) kortdurend en langdurig was het kortdurend ziekte 128% , , en het langdurig en extra langdurig ziekteverzuimpercentage 242% , (2024: 171%). , 3. 4. 5 Ziektevervanging Verzuim werd deels opgevangen in de eigen organisatie , vooral het kortdurende verzuim. Er was voor 2025 voor een bedrag van € 27.800 , - (2024: € 24.800 , -) rekening gehouden met vervanging wegens ziekte (15% , van de loonsom). Hiervan is een bedrag van circa € 27.400 , - besteed aan ziektevervanging bij langdurig verzuim. Juist bij langdurig ziekteverzuim is ziektevervanging effectief en efficiënt.

3. 4. 6

Inhuur personeel Inhuur van personeel vindt deels plaats binnen het bestaande loonkostenbudget uit de vrijval van personeelskosten van niet of niet direct ingevulde vacatures. Daarnaast is in de begroting 2025 een bedrag van € 33.700 , - opgenomen voor inhuur van tijdelijk personeel. In 2025 is er zoals hierboven gemeld een bedrag van €27. 400 besteed aan tijdelijk personeel ten behoeve van ziektevervanging. 3. 4. 7 Werkzaak In 2025 was 136 , fte aan medewerkers via Werkzaak bij het RAR aan het werk. Dit is circa 6% van de totale formatie. Deze medewerkers zijn ingezet op dienstverleningstaken zoals het ophalen van de archiefstukken uit de depots voor de afdeling S-o-D en de studiezaal , maar ook op de facilitaire ondersteuning en materiele verzorging van het archief.

Jaarstukken 2025

Pagina 37 van 64

3. 4. 8 Jaarlijks terugkerende arbeidskosten Het RAR dient vanuit het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) in de begroting in te gaan op de

jaarlijks terugkerende aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. Onder arbeidsrechtelijke verplichtingen worden verstaan de aanspraken op toekomstige uitkeringen door huidig dan wel voormalig personeel. Het BBV schrijft voor dat jaarlijkse arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume via de exploitatie moeten lopen. Als de verplichtingen niet van een vergelijkbaar volume zijn , dan moet hiervoor een voorziening worden getroffen. Bij het RAR is daar in 2025 sprake van. Met als gevolg dat we per 2025 een voorziening hebben getroffen voor (overmatig) bovenwettelijk verlof en IKB-verlof. De omvang van deze voorziening is € 51.706-, en bestaat uit verloftegoeden van ons huidig personeelsbestand. Deze is in de balans opgenomen onder de post overlopende passiva.

Jaarstukken 2025

Pagina 38 van 64

Jaarrekening 2025

In dit deel: -

Hoofdstuk 4: Baten en Lasten 2025 Hoofdstuk 5: Balans 31-12-2025 Hoofdstuk 6: Rechtmatigheidsverantwoording Bijlagen

Jaarstukken 2025

Pagina 39 van 64

4

Jaarrekening - Baten en Lasten 2025

4. 1

Overzicht van de baten en lasten 2025 Saldo

Lasten

B e g r o t in g 2 0 2 5 Baten

€ 170. 570 € 63. 875 € 0 € 3. 110 € 0 € 17. 315 € 54. 681 € 309. 550

-€ 264. 180 -€ 1. 398. 443€ -€ 64. 520 -€ 918. 756 -€ 67. 357 -€ 129. 245 € 51. 653 -€ 2. 790. 849€

€ 338. 867 1. 551. 805 € 57. 980 € 865. 483 € 59. 730 € 132. 000 € 1. 000 3. 006. 865

€ 93. 370 € 0 € 0 € 18. 352 € 0 € 6. 160 € 10. 000 € 127. 882

€ 0

€ 3. 182. 938

€ 3. 182. 938

€ 0€ 3. 139. 408

€ 3. 139. 408

€ 0€ 3. 093. 239€ 3. 093. 239

€ 0€ 3. 051. 877€ 3. 051. 877

€ 306. 121 € 0 € 0 € 306. 121

€ 0 € 0 € 0 € 3. 182. 938

-€ 306. 121 €0 €0 € 2. 876. 817

€ 304. 425 € 0 € 0 € 0 € 6. 000 € 0 € 310. 425€ 3. 139. 408

-€ 304. 425 € 0 -€ 6. 000 € 2. 828. 983

€ 281. 660 € 0 -€ 281. 660 €0 € 0 €0 € 7. 960 € 0 -€ 7. 960 € 289. 620€ 3. 093. 239€ 2. 803. 619

€ 298. 320 €0 -€ 298. 320 € 0 €0 € 0 € 6. 030 €0 -€ 6. 030 € 304. 350€ 3. 051. 877€ 2. 747. 527

Mutaties reserves:

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

Algemene reserve Reserve Publicatiefonds Reserve Egalisatie kapitaallasten WKO Reserve Digitalisering/Bedrijfsvoering Reserve E-depot Reserve Website Reserve Dak/Zonnepalen Subtotaal mutaties reserves

€ 0 € 25. 000 € 0 € 49. 348 € 0 € 0 € 0 € 74. 348

€ 0 € 12. 471 € 16. 086 € 0 € 0 € 0 € 25. 000 € 53. 557

€0 -€ 12. 529 € 16. 086 -€ 49. 348 €0 €0 € 25. 000 -€ 20. 791

€ 0 € 0 € 0 € 0 € 0 € 0 € 0 € 0

€ 0 € 0 € 0 € 10. 000 € 40. 000 € 0 € 0 € 50. 000

€ 0 € 0 € 0 € 10. 000 € 40. 000 € 0 € 0 € 50. 000

€0 €0 €0 €0 €0 €0 €0 €0

€ 0 € 0 € 0 € 0 € 0 € 0 € 45. 000 € 45. 000

€0 €0 €0 €0 €0 €0 € 45. 000 € 45. 000

€ 0 € 0 € 0 € 0 € 0 € 0 € 0 € 0

€0 €0 €0 € 10. 000 € 40. 000 €0 €0 € 50. 000

€ 0 € 0 € 0 € 10. 000 € 40. 000 € 0 € 0 € 50. 000

Omschrijving programma Programma Archiefbeleid Programma Archiefbeleid Personeelskosten - programma Overige personeelskosten Huisvestingskosten Organisatie , beheer & administratie Automatiseringskosten Rente- en financiering Totaal programma's Algemene dekkingsmiddelen Overhead Personeelskosten - overhead Heffing VPB Onvoorzien Totaal overigen

Resultaat na bestemming (In de saldokolommen geldt: - = nadelig en + = voordelig)

Jaarstukken 2025

Lasten

R e k e n in g 2 0 2 5 Baten

€ 434. 750 € 1. 462. 318 € 64. 520 € 921. 866 € 67. 357 € 146. 559 € 3. 028 € 3. 100. 399

Saldo

Lasten

-€ 245. 497 € 186. 636 -€ 1. 551. 805€ 1. 355. 122 -€ 57. 980 € 54. 068 -€ 847. 131€ 1. 076. 192 -€ 59. 730 € 50. 987 -€ 125. 840 € 271. 995 € 9. 000 € 951 -€ 2. 878. 983€ 2. 995. 951

€ 65. 177

€ 0

Pagina 40 van 64

R e k e n in g 2 0 2 4 Baten

Saldo

€ 122. 213 -€ 64. 423 € 20. 601-€ 1. 334. 521€ € 0 -€ 54. 068 € 16. 896-€ 1. 059. 296 € 0 -€ 50. 987 € 19. 284 -€ 252. 711 € 35. 806 € 34. 855 € 214. 800-€ 2. 781. 151€

€ 67. 468

Lasten

€ 207. 660 1. 357. 610 € 59. 810 € 952. 129 € 46. 460 € 281. 410 € 10. 240 2. 915. 319

B e g r o ti n g 2 0 2 4 Baten

Saldo

€ 103. 550 -€ 104. 110 € 0-€ 1. 357. 610 €0 -€ 59. 810 € 14. 242 -€ 937. 887 €0 -€ 46. 460 €0 -€ 281. 410 €0 -€ 10. 240 € 117. 792-€ 2. 797. 527

€ 0

4. 2

Toelichting op de baten en lasten over 2025

Omschrijving programma Programma archiefbeleid Directe archiefbeheerkosten Personeelskosten Overige personeelskosten Huisvestingskosten Organisatie , beheer en administratie Automatiseringskosten Rente en financiering Totaal programma Algemene dekkingsmiddelen Overhead Personeelskosten overhead Heffing VPB Onvoorzien Totaal overig Saldo van baten en lasten Saldo van mutaties aan reserve publicatiefonds Saldo van mutaties aan reserve egalisatie kapitaallasten Saldo van mutatie aan reserve digitalisering/Bedrijfsvoering Saldo van mutaties aan reserve E-depot Saldo van mutaties aan reserves dak/zonnepalen Totaal saldo van toevoegingen/onttrekkingen reserves Saldo Resultaat na bestemming

Jaarstukken 2025

Realisatie 2025

Begroting 2025

Verschil

€ 264. 180 € 1. 398. 443 € 64. 520 € 918. 756 € 67. 357 € 129. 245 -€ 51. 653 € 2. 790. 849

€ 245. 497 € 1. 551. 805 € 57. 980 € 847. 131 € 59. 730 € 125. 840 -€ 9. 000 € 2. 878. 983

-€ 18. 684 € 153. 361 -€ 6. 540 -€ 71. 625 -€ 7. 627 -€ 3. 405 € 42. 653 € 88. 134

€ 3. 182. 938

€ 3. 139. 408

-€ 43. 530

-€ 306. 121 € 0 € 0 € 2. 876. 817

-€ 304. 425 € 0 -€ 6. 000 € 2. 828. 983

€ 1. 696 €0 -€ 6. 000 -€ 47. 834

€ 85. 968 -€ 12. 529 € 16. 086 -€ 49. 348 € 0 € 25. 000 -€ 20. 791 € 65. 177

-€ 50. 000 € 0 € 0 € 10. 000 € 40. 000 € 0 € 50. 000 € 0

-€ 135. 968 € 12. 529 -€ 16. 086 € 59. 348 € 40. 000 -€ 25. 000 € 70. 791 -€ 65. 177

Pagina 41 van 64

Over 2025 is op het programma archiefbeleid een batig saldo gerealiseerd van € 65-177 , -. Dit is als volgt te verklaren: -

+

-

Directe archiefbeheerkosten Op de directe archiefbeheerkosten is een negatief resultaat gerealiseerd. Dit wordt veroorzaakt door een hogere inzet van extern archiefbewerkingsbureau ’s. Deze extra inzet was noodzakelijk vanwege het tijdelijk niet kunnen invullen van een aantal vacatures. Personeelskosten Op de personeelskosten is een positief resultaat behaald. Dit voordeel is het gevolg van lagere lasten uit hoofde van de Caoafspraken dan oorspronkelijk begroot. Daarnaast hebben twee vacatures in 2025 gedurende het jaar niet (volledig) ingevuld kunnen worden , wat heeft geleid tot lagere personeelsuitgaven. Bedrijfsvoeringkosten: Huisvesting , organisatie , beheer en automatisering Per saldo is sprake van een negatief resultaat. Dit wordt veroorzaakt door twee significantie ontwikkelingen. In de eerste plaats is het Meerjaren-onderhoudsbegroting (MJOB) van het gebouw geactualiseerd. Door de gekozen langere looptijd van het MJOB en de sterk gestegen bouwkosten zijn de jaarlijkse reserveringen verhoogd , wat resulteert in hogere jaarlijkse exploitatiekosten. Ten tweede is voor de verduurzaming een eenmalige extra uitgave gedaan in zonnepanelen en in verduurzaming van het klimaatsysteem van de depot. Deze waren beide niet in de begroting voorzien , wel op nadrukkelijk verzoek gemeenten en conform DBbesluit van 23-06-2025.

Deze extra uitgave zal vanaf 2026 leiden tot een lager energieverbruik.

-/-

-/-

€

27.682-,

€

85.777-,

€

41.571-,

+

Rente Het positieve resultaat op rente is het gevolg van de overstap naar schatkistbankieren per 2025. Hierdoor is een hogere rente gerealiseerd dan waarmee in de begroting rekening was gehouden.

€

42.653-,

+

Onvoorzien Er hebben zich in het verslagjaar geen onvoorziene uitgaven voorgedaan die niet binnen de beschikbare budgetten vielen , waardoor het volledige budget voor onvoorzien is vrijgevallen.

€

6.000 , -

€

65.177 , -

Bovenstaande zaken zijn , met uitzondering van het MJOB en de hoogte van de rente , incidentele financiële mee- en tegenvallers.

Jaarstukken 2025

Pagina 42 van 64

Wet normering bezoldiging topfunctionarissen (semi)publieke sector (WNT) De WNT is van toepassing op Regionaal Archief Rivierenland. De Wet normering bezoldiging topfunctionarissen (semi)publieke sector (WNT) schrijft voor dat voor topfunctionarissen de bezoldigingsgegevens openbaar worden gemaakt in de jaarrekening. In de overzichten hieronder zijn de openbaar te maken bezoldigingsgegevens opgenomen. Het voor Regionaal Archief Rivierenland toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2025 € 246.000 , - , zijnde het algemeen bezoldigingsmaximum. 4. 3

4. 3. 1 Bezoldiging topfunctionarissen 1a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling.

Hieronder zijn de leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking vermeld in 2025 en 2024. Naast deze topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2025 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen. Gegevens 2025

bedragen x € 1 Functiegegevens 5 Aanvang 6 en einde functievervulling in 2025 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) 7 Dienstbetrekking? 8 Bezoldiging 9 Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum 10 -/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag 11 Bezoldiging Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is

Mw. E. Kok-Majewska

Directeur Streekarchivaris 01/01 – 31/12

Mw. L. A. Kil Adjunct Directeur 01/01 – 31/12

10,

10,

ja

ja

€ 122. 653

€ 87. 327

€ 18. 205

€ 14. 843

€ 140. 858

€ 102. 170

€ 246. 000

€ 246. 000

N. v. t.

N. v. t.

€ 140. 858

€ 102. 170

N. v. t.

N. v. t.

toegestaan 12

Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling 13

Jaarstukken 2025

N. v. t.

N. v. t.

Pagina 43 van 64

Gegevens 2024

bedragen x € 1 Functiegegevens 5 Aanvang 6 en einde functievervulling in 2024 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) 7 Dienstbetrekking? 8 Bezoldiging 9 Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum 10

Mw. E. Kok-Majewska Directeur Streekarchivaris 01/01 – 31/12

Mw. L. A. Kil Adjunct-Directeur 01/01 – 31/12

10,

10,

ja

ja

€ 115. 683

€ 89. 896

€ 16. 544

€ 14. 135

€ 132. 227

€ 104. 031

€ 233. 000

€ 233. 000

N. v. t.

N. v. t.

€ 132. 227

€104. 031

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag 11 Bezoldiging Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is

N. v. t.

N. v. t.

N. v. t.

N. v. t.

toegestaan 12

Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling 13

N. v. t.

N. v. t.

Tabel 1d. Topfunctionarissen met een totale bezoldiging van € 2. 100 of minder. Hieronder de DB- en AB leden van het Regionaal Archief Rivierenland in 2025. Naam R. van Stappershoef D. Bijvoet-de Wit K. A. Maier M. A. Klein R. Dijkstra A. A. M. J. Walraven W. de Graaff M. Bakermans

Functie DB- en AB-lid DB- en AB-lid DB- en AB-lid AB-lid AB-lid AB-lid AB-lid AB-lid

Periode 01-01-2025 t/m 31-12-2025 01-01-2025 t/m 31-12-2025 01-01-2025 t/m 31-12-2025 01-01-2025 t/m 31-12-2025 01-01-2025 t/m 31-12-2025 01-01-2025 t/m 31-12-2025 01-01-2025 t/m 09-07-2025 10-07-2025 t/m 31-12-2025

Bezoldiging/ Onbezoldigd Onbezoldigd Onbezoldigd Onbezoldigd Onbezoldigd Onbezoldigd Onbezoldigd Onbezoldigd Onbezoldigd

4. 3. 2 Uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen. Er zijn in 2025 geen uitkeringen verstrekt wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen met of zonder dienstbetrekking inclusief degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar

als topfunctionaris worden aangemerkt. 4. 3. 3 Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2025 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.

Jaarstukken 2025

Pagina 44 van 64

5

Jaarrekening - Balans

5. 1 Balans op 31 december 2025 (voor winstbestemming) 31-12-2025

31-12-2024

ACTIVA

Materiele vaste activa (investeringen met een economisch nut) 4. 376. 021 Gebouwen 738. 243 Gronden Inventaris ICT

4. 540. 758 738. 243 75. 592 70. 494

96. 877 103. 019 5. 314. 160

Vlottende activa Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar 2. 662. 811 Schatkistbankieren 28. 836 Debiteuren

5. 425. 087

-

27. 688 2. 691. 647

27. 688

Liquide middelen

155

2. 986. 588

Overlopende activa

42. 180

14. 828

8. 048. 142

8. 454. 191

Totaal activa

PASSIVA Eigen Vermogen

Algemene reserve Bestemmingsreserves

Resultaat boekjaar

211. 000 736. 639 65. 177

211. 000 358. 870 67. 468 1. 012. 816

Voorzieningen

Overlopende passiva Totaal passiva

Jaarstukken 2025

331. 979

-

Vaste schulden

Netto-vlottende schulden Aflossingsverplichtingen langlopende schulden Crediteuren Belastingen en premies sociale verzekeringen

637. 338

6. 542. 490

284. 050 24. 205 84. 320

6. 826. 540

270. 932 275. 468 60. 374 392. 575

606. 774

100. 261

51. 560

8. 048. 142

8. 454. 191

Pagina 45 van 64

5. 2

Toelichting balans 31 december 2025

5. 2. 1

Vaste activa

Toelichting op de materiele vaste activa (investeringen met een economisch nut) Omschrijving

Aanschafwaarde op

1-1-2025 Nieuwbouw Uitbreiding 2017 Inventaris ICT TOTAAL

€ 6. 688. 513 € 888. 143 € 76. 598 € 98. 633 € 7. 751. 887

Cum. Afschrijving t/m 2024

Boekwaarde 1-1-2025

€ 2. 121. 837 € 175. 818 € 1. 006 € 28. 140 € 2. 326. 800

Afschrijving 2025

€ 4. 566. 676 € 712. 325 € 75. 592 € 70. 493 € 5. 425. 086

€ 134. 929 € 29. 808 € 7. 660 € 24. 658 € 197. 055

Investeringen 2025

Boekwaarde 31-12-2025

€ 28. 945 € 57. 183 € 86. 129

Toelichting vaste activa: In de boekwaarde van de nieuwbouw is een bedrag van 738. 243 EUR aan grond opgenomen. 5. 2. 2

Vlottende activa Toelichting op de vlottende activa 31-12-2025

Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar BNG Schatkistbankieren Debiteuren , waarvan: vorderingen op openbare lichamen vorderingen overig Totaal vorderingen Liquide middelen ABN AMRO Ondernemersrekening ABN AMRO Zakelijke Kwartaal Deposito Kas Totaal liquide middelen Overlopende activa Rente nog te ontvangen Vooruit betaalde bedragen Totaal overlopende activa

31-12-2024

€ 2. 662. 811 € 28. 836

€ 27. 688

€ 24. 660 € 4. 176

€ 27. 188 € 500

€ 2. 691. 647

€ 27. 688

€ 155 € 155

€ 51. 127 € 2. 935. 305 € 156 € 2. 986. 588

€ 13. 520 € 28. 661 € 42. 180

€ 9. 160 € 5. 668 € 14. 828

Toelichting debiteuren: De post debiteuren op 31-12-2025 betreffen allen kort uitstaande vorderingen (30dagen). < De vorderingen zijn terecht gestuurde facturen en zijn , op het moment van jaarrekening opstellen , reeds allemaal voldaan.

Jaarstukken 2025

Pagina 46 van 64

€ 4. 431. 748 € 682. 516 € 96. 877 € 103. 019 € 5. 314. 160

5. 2. 3

Vaste passiva

Toelichting reserves en voorzieningen Stand 31-12-2024 Reserve Algemene /Weerstandsvermogen Reserve Egalisatie kapitaallasten WKO Reserve Publicatiefonds Reserve Digitalisering/ Bedrijfsvoering Reserve E-depot Reserve Website Reserve Metamorfose Reserve Dak/ Zonnepanelen

€ 211. 000 € 0 € 0 € 200. 848 € 58. 021 € 100. 000 € 0 € 0

Totaal reserves

Stelselwijziging

2025*

Stand 01-01-2025

Mutaties 2025

Stand 31-12-2025

€ 27. 490 € 0

€ 211. 000 € 277. 346 € 27. 136 € 200. 848 € 58. 021 € 100. 000 € 27. 490 € 25. 000**

€0 -€ 16. 086 € 12. 529 € 49. 348 €0 €0 €0 -€ 25. 000

€ 211. 000 € 261. 260 € 39. 665 € 250. 196 € 58. 021 € 100. 000 € 27. 490 €0

€ 569. 870

€ 331. 979

€ 926. 848

€ 20. 791

€ 947. 639

Voorziening Publicatiefonds Voorziening Metamorfose Voorziening Egalisatie kapitaallasten WKO

€ 27. 136 € 27. 496 € 277. 346

-€ 27. 136 -€ 27. 490 -€ 277. 346

€ 0 € 0 € 0

€0 €0 €0

€0 €0 €0

Totaal voorzieningen

€ 331. 979

-€ 331. 979

€ 0

€0

€0

€ 277. 346 € 27. 136

*Stelselwijziging voorzieningen naar bestemmingsreserves (BBV) Met ingang van het boekjaar 2025 is een stelselwijziging doorgevoerd in de jaarrekening. Deze stelselwijziging betreft het herkwalificeren van bepaalde voorzieningen naar bestemmingsreserves per 1 januari 2025 , conform de voorschriften van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Aanleiding en grondslag Uit een herbeoordeling van de bestaande voorzieningen is gebleken dat een deel daarvan niet langer voldoet aan de definitie van een voorziening zoals opgenomen in het BBV. Voorzieningen dienen betrekking te hebben op concrete , juridisch of feitelijk afdwingbare verplichtingen , dan wel op duidelijk aanwijsbare risico’s en kosten waarvan de omvang redelijkerwijs is te schatten. Voor de betreffende posten is vastgesteld dat sprake is van bestemde middelen zonder een bestaande juridisch afdwingbare verplichting op balansdatum. Conform het BBV zijn deze posten daarom niet langer als voorziening verantwoord , maar aangemerkt als bestemmingsreserves , aangezien de middelen door het bestuur zijn geoormerkt voor een specifiek doel. Verwerking en presentatie De stelselwijziging is verwerkt door het vrijvallen van de betreffende voorzieningen en het rechtstreeks doteren van de corresponderende bedragen aan de bestemmingsreserves.

Deze verwerking heeft plaatsgevonden zonder resultaatimpact , aangezien het een herschikking binnen het eigen vermogen betreft. De vergelijkende cijfers zijn , voor zover relevant en praktisch uitvoerbaar , aangepast per 1 januari 2025 om de vergelijkbaarheid te waarborgen. Effect op vermogen en resultaat De stelselwijziging heeft: geen effect op het exploitatieresultaat 2025;

Jaarstukken 2025

Pagina 47 van 64

-

wel effect op het totaal van het eigen vermogen en de samenstelling van het eigen vermogen ad € 331.979 , door een afname van de voorzieningen en een overeenkomstige toename van de bestemmingsreserves.

** Toelichting mutaties vorig boekjaar 2024 uit batig saldo: Uit het batig saldo van 2024 is per 1-1-2025 een bedrag van € 25.000 , - toegevoegd aan een bestemmingsreserve Dak/ Zonnepanelen. Dit is in overeenstemming met het AB besluit van 10 juli 2025 over bestemming van het positieve resultaat van 2024. Door de realisatie van de zonnepanalen in 2025 is heeft tevens ook een onttrekking plaatsgevonden ter grote van dit bedrag. Toelichting mutaties 2025: Uit de reserve Egalisatie kapitaallasten WKO is een bedrag van € 16. 086 onttrokken voor de egalisatie van de jaarlijkse kapitaallasten van de WKO-installatie. Uit de reserve publicatiefonds is per saldo een bedrag van € 12. 529 toegevoegd. Dit is het gevolg van toevoeging aan de reserve van € 25.000-, van externe partijen voor realisatie van publicaties en een onttrekking van € 12. 471 voor het verstrekken van een financiële bijdrage aan diverse historische publicaties en activiteiten van onze erfgoedpartners in de regio. Aan de reserve Digitalisering/ Bedrijfsvoering is een bedrag van € 49.348-, toegevoegd bestaande uit de in 2025 ontvangen UWV-vergoedingen inzake verlofvervanging (zwangerschaps- , geboorte- en ouderschapsverlof). Dit is in overeenstemming met het AB-besluit van 18-11-2025 en heeft tot doel de ontstane achterstand in taakvelden vanaf 2026 weer in de lopen.

Voor 2025 was in de begroting ook opgenomen om een bedrag te onttrekken uit zowel de reserve E-depot en reserve Digitalisering/ Bedrijfsvoering voor de uitvoering van een project. Echter zijn beide projecten door beperktere personele bezetting doorgeschoven en heeft er geen onttrekking aan deze reserves plaatsgevonden. Toelichting resultaat boekjaar Stand 01-01-2025 Resultaat boekjaar 2024 AB besluit tot bestemming reserve dak/zonnepanelen** AB besluit tot uitkering restant resultaat boekjaar naar deelnemende gemeenten Resultaat boekjaar 2025 Resultaat boekjaar 2025 voor winstbestemming

Mutaties 2025

€ 67. 468

-€ 67. 468 25. 000 -€ 42. 468

€ 0

€ 65. 177 € 65. 177

€ 65. 177

- €

€0

€ 67. 468

Jaarstukken 2025

Stand 31-12-2025

€ 65. 177

Pagina 48 van 64

Vaste schulden Toelichting op de vaste schulden 5. 2. 4

Schulden aan kredietinstellingen

31-12-2025

Leningen

31-12-2024

€ 6. 542. 490

€ 6. 826. 540

€ 6. 471. 495

€ 6. 607. 253

Lening BNG 661 Stand per 1 januari Aflossing

-€ 143. 038

-€ 135. 758

Stand per 31 december

€ 6. 328. 457

€ 6. 471. 495

Aflossingsverplichting komend boekjaar

-€ 149. 999

-€ 143. 038

Langlopend deel per 31 december

€ 6. 178. 458

€ 6. 328. 457

Stand per 1 januari

€ 625. 977

€ 747. 925

Aflossing

-€ 127. 894

-€ 121. 948

Lening BNG 660

Stand per 31 december

€ 498. 083

€ 625. 977

Aflossingsverplichting komend boekjaar

-€ 134. 052

-€ 127. 894

Langlopend deel per 31 december

€ 364. 031

€ 498. 083

Staat van de geldleningen Omschrijving

jaar geldlening

hoofdsom geldlening

saldo 31-12-2024

BNG 40103660 BNG 40103661

2009 2009

€ 2. 000. 000 € 8. 000. 000

€ 625. 977 € 6. 471. 495

€ 10. 000. 000

€ 7. 097. 472

aflossing 2025

rente 2025

annuïteit

saldo 31-12-2025

€ 127. 894 € 143. 038

€ 27. 359 € 306. 764

€ 155. 253 € 449. 802

€ 498. 083 € 6. 328. 457

€ 270. 932

€ 334. 123

€ 605. 055

€ 6. 826. 540

(inclusief aflossingsverplichting looptijd < 1 jaar)

Voor de geldlening is het gehanteerde rentepercentage 475%. ,

Garantstelling deelnemende gemeenten aan BNG: De deelnemende gemeenten staan op basis van artikel 26 van de Gemeenschappelijke Regeling voor de geldleningen garant bij de Bank Nederlandse Gemeenten.

Jaarstukken 2025

Pagina 49 van 64

Vlottende passiva Toelichting op de netto-vlottende schulden en de overlopende passiva 5. 2. 5

31-12-2025

31-12-2024

Aflossingsverplichtingen langlopende schulden Leningen BNG Totaal aflossingsverplichtingen langlopende schulden

€ 284. 050 € 284. 050

€ 270. 932 € 270. 932

Crediteuren Totaal crediteuren

€ 24. 206 € 24. 206

€ 275. 468 € 275. 468

Belastingen en premies sociale verzekeringen Omzetbelasting Totaal belastingen en premies sociale verzekeringen

€ 84. 320 € 84. 320

€ 60. 374 € 60. 374

Overlopende passiva Vooruit ontvangen bedragen Nog te ontvangen facturen Verplichting (overmatig) bovenwettelijk verlof en IKB-verlof Totaal overlopende passiva

€ 48. 501 € 51. 760 € 100. 261

€ 26. 375 € 25. 185 € 51. 560

Toelichting crediteuren: De post crediteuren 31-12-2025 betreffen allen facturen uit de laatste maand (30dagen) < , veelal van zaken die ook pas in de laatste maand tot afronding zijn gekomen. Deze facturen zijn allen correct en zijn , op het moment van jaarrekening op stellen , allemaal betaald. De post crediteuren 31-12-2024 was uitzonderlijk hoog en was het gevolg van een aantal rekeningen ontvangen op 31-12-2024. Het streven is om deze zo laag mogelijk te houden.

Jaarstukken 2025

Pagina 50 van 64

5. 3

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

5. 3. 1 Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening In deze jaarrekening wordt verslag uitgebracht over de periode van 1 januari 2025 tot en met 31 december 2025. De richtlijnen volgens het BBV worden gevolgd. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld , worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar , worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. 5. 3. 2 Algemene grondslagen voor de rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat

betekent dat: De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten , lasten , balansmutaties; De financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium , het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op de o door het Algemeen Bestuur d. d. 10-07-2024 is vastgesteld; o Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn , waarbij voor een aantal scenario's in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor over- en onderschrijdingen van baten , onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien deze niet tijdig aan het algemeen bestuur zijn gemeld. Ten aanzien van het M&O criterium (Misbruik en Oneigenlijk gebruik) is het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik.

Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording; De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV van september 2025 alsmede onze eigen financiële verordening. Dit

betekent dat: Een verantwoordingsgrens van 2% (zijnde € 68.000-) is gehanteerd waarboven cumulatieve , fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; Een rapporteringtolerantie van 2% is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen. 5. 3. 3 Materiële vaste activa De materiële vaste activa worden gewaardeerd op verkrijgingsprijs , verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing met bijzondere waardeverminderingen. Subsidies op investeringen worden in mindering gebracht op de verkrijgings- of vervaardigingsprijs van de activa waarop de subsidies betrekking hebben. Voor verplichtingen tot herstel na afloop van het gebruik Jaarstukken 2025

Pagina 51 van 64

het actief (ontmantelingskosten) wordt een voorziening getroffen voor het verwachte bedrag op het moment van activering. Dit bedrag wordt verwerkt als onderdeel van de boekwaarde van het actief waartegenover voor het gehele bedrag een voorziening wordt gevormd. Op terreinen wordt niet afgeschreven. De afschrijving op gebouwen en installaties geschiedt op basis van annuïteiten. Gebouwen worden afgeschreven over een economische levensduur van 40 jaar en installaties over een economische levensduur van 20 jaar , waarbij de kapitaallasten worden berekend volgens de annuïteitenmethode met een rekenrente van 475%. , van

Voor de overige materiële vaste activa gebeurt de afschrijving op basis van lineaire afschrijvingen van de verkrijgingsprijs , gebaseerd op de geschatte economische levensduur. In 2025 betrof dit de

volgende afschrijftermijnen: -

Inventaris

-

ICT-middelen

10 jaar 4 jaar

Op investeringen wordt afgeschreven met ingang van het boekjaar volgend op het jaar van

ingebruikname. Voor de toekomstige kosten van groot onderhoud aan het gebouw en de installaties is een onderhoudsvoorziening voor groot onderhoud gevormd. Deze voorziening is in beheer bij de VvE , waar het RAR samen met Thius elk voor 50% deelnemer van is. De toevoeging aan de voorziening

wordt bepaald op basis van het geschatte bedrag van het onderhoud en de periode die telkens tussen de werkzaamheden van groot onderhoud verloopt. Hiervoor is een Meerjarenonderhoudsbegroting (MJOB) opgesteld voor installaties en bouwkundige zaken. 5. 3. 4 Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden bij eerste verwerking opgenomen tegen de reële waarde en vervolgens gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. De reële waarde en geamortiseerde kostprijs zijn gelijk aan de nominale waarde. Noodzakelijk geachte voorzieningen voor het risico van oninbaarheid worden in mindering gebracht. Deze voorzieningen worden bepaald op basis van individuele

beoordeling van de vorderingen. Liquide middelen Liquide middelen bestaan uit kas , banktegoeden en deposito’s met een looptijd korter dan twaalf maanden. Rekening-courantschulden bij banken zijn opgenomen onder schulden aan kredietinstellingen onder kortlopende schulden. Liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. 5. 3. 5

5. 3. 6 Reserves en voorzieningen Reserves en voorzieningen bestaan uit middelen die aangewend kunnen worden voor een bepaald doel. Onttrekkingen en dotaties aan deze reserves is uitsluitend toegestaan als deze in lijn zijn met de doelstelling van de reserve of voorziening. Hieronder een korte toelichting op de doelstelling per reserve dan wel voorziening.

Algemene reserve De algemene reserve dient als weerstandsvermogen en heeft tot doel het opvangen van financiële risico’s en onvoorziene tegenvallers. De gewenste omvang van deze reserve is vastgesteld in de Beleidsnota Risicomanagement en Weerstandsvermogen 2024–2028 d. d. 24-11-2023 (zie bijlage 2).

Jaarstukken 2025

Pagina 52 van 64

Bestemmingsreserve Egalisatie kapitaallasten WKO Deze bestemmingsreserve dient ter egalisatie van de kapitaallasten van de WKO-installatie. De reserve wordt aangewend ter dekking van de overeengekomen kapitaallasten die samenhangen met de investering , waarvan het eigendom sinds 2022 bij Thius berust. Bestemmingsreserve Publicatiefonds Deze bestemmingsreserve dient bekostiging van interne en externe publicaties die bijdragen aan de uitvoering van de doelstellingen van de organisatie. Dit betreft zowel de dotaties als de

onttrekkingen aan deze reserve. Bestemmingsreserve Digitalisering / Bedrijfsvoering Deze bestemmingsreserve dient ter dekking van investeringen en kosten in het kader van

digitalisering en de verbetering van de bedrijfsvoering en het inhalen van eventuele achterstanden. Bestemmingsreserve E-depot Deze bestemmingsreserve dient ter dekking van kosten die samenhangen met de inrichting , het

beheer en de doorontwikkeling van het e-depot. Bestemmingsreserve Website Deze bestemmingsreserve dient ter dekking van investeringen en kosten die samenhangen met de vernieuwing , ontwikkeling , het beheer en het onderhoud van de website. Bestemmingsreserve Metamorfoze Deze bestemmingsreserve dient ter dekking van kosten die samenhangen met de uitvoering van projecten gerelateerd aan Metamorfoze. De reserve wordt aangewend voor de conservering , digitalisering en duurzame toegankelijkheid van collecties in het kader van de landelijke

Metamorfoze-regeling. Bestemmingsreserve dak/zonnepanelen Deze bestemmingsreserve dient ter dekking van kosten die samenhangen met de uitvoering van het project dak lekkage en realisatie zonnepanelen. 5. 3. 7 Vaste schulden De vaste schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Transactiekosten die direct zijn toe te rekenen aan de verwerving van de langlopende schulden worden in de waardering bij eerste verwerking opgenomen. Langlopende schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs , zijnde het ontvangen bedrag rekening houdend met agio of disagio en onder aftrek van transactiekosten. Het verschil tussen de bepaalde boekwaarde en de uiteindelijke aflossingswaarde wordt op basis van de effectieve rente gedurende de geschatte looptijd van de langlopende schulden in de winst-en-verliesrekening als interestlast

verwerkt. De rente en aflossing over het vierde kwartaal , die contractueel per 1 januari van het daaropvolgende jaar worden betaald , zijn toegerekend aan het verslagjaar en derhalve reeds verwerkt in de cijfers per balansdatum.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16754280/1