Feitenrelaas publ
Tekst van het document
DATUM ONS KENMERK PAGINA
13 juli 2022 1008418 20 van 33
termijnoplossing voor Schreuders B.V. mogelijk zouden maken.72 Deze scenario’s betroffen (i) uitbreiding naast de locatie Weitjesweg 56 of (ii) bedrijfsverplaatsing in combinatie met bestemmingsherziening van het perceel naast de Weitjesweg in ‘bedrijf’, dan wel (iii) in ‘wonen’; vanuit ruimtelijk en financieel oogpunt en qua doorlooptijd werd scenario i als meest gunstig beoordeeld. In de collegevergadering van 19 juli 2016 is deze verkenning besproken, maar is geen besluit genomen. persoon 1 werd in de gelegenheid gesteld om zelf na te denken over de toekomst van zijn bedrijf, waarna hij liet weten voorkeur te hebben voor een bedrijfsverplaatsing naar De Langerak.73 Uit een verslag van een gesprek op 8 september 2016 tussen de heren Bragt en Derksen namens het college enerzijds en de heer en mevrouw persoon 1 anderzijds volgt dat Bragt heeft aangegeven dat bedrijfsverplaatsing naar de Langerakseweg mogelijk was; daar lag een perceel van 10.000 m² (netto) dat door Schreuders B.V. gekocht kon worden. persoon 1 beaamde tijdens dit gesprek dat dit inderdaad een wenselijke oplossing zou zijn en gaf daarbij aan graag over een groene wal rondom het perceel te willen spreken. Bragt gaf aan dat er een landelijke inpassing zou moeten gebeuren en dat Schreuders B.V. in bedrijfscategorie (naar beneden) gewijzigd zou moeten worden.
Op de vraag van persoon 1 of de beloofde grondprijs van 125,- euro per m² nog gold, antwoordde Bragt dat hij dit intern moest bespreken. haalde voorts aan dat zijn bedrijfsvoering inmiddels drastisch veranderd was, in welk kader persoon 1 bedrijfsvoortzetting aan de Weitjesweg ook een tussen partijen bespreekbare optie bleef. Wethouder Bragt heeft tot slot aangegeven dat de provincie waarschijnlijk niet zou bijdragen in de kosten. 74 22. December 2016 (II): Onderhandelingsdocument kader voor gespreksvoering Bij beslissing van 20 december 2016 ging het college akkoord met het “Onderhandelingsdocument bedrijfsverplaatsing Schreuders Handel- en Transportbedrijf (SHT)” als kader voor de gesprekken over de verplaatsing van Schreuders B.V. naar het bedrijventerrein De Langerak.75 De belangrijkste kaders van dit document zijn: • •
• • •
72
de grondprijs waartegen de gemeente de bedrijfskavel zou aanbieden was marktconform (125,- euro per m² exclusief btw); Schreuders B.V. zou een bedrijfskavel van minimaal 6.500 m² en maximaal 10.000 m² mogen afnemen. De minimumomvang was bepaald zodat het achterblijvende kavel een rendabele omvang zou behouden (3.500 m²); de bedrijfswoning zou onder specifieke voorwaarden in de punt van de bedrijfskavel worden gevestigd; Schreuders B.V. zou geen bedragen betalen voor het opstellen van het wijzigingsplan en de procedure; de locatie van Schreuders B.V. aan de Weitjesweg zou worden afgewaardeerd van een bestemming ‘bedrijf’ met aanduiding ‘sb-otzg’ (opslag- en transportbedrijf van zand en grind) naar ‘bedrijf’ tot en met milieucategorie 2;
“Scenario’s lange-termijnoplossing Schreuders Handel en Transportbedrijf”, van 30 juni 2016, nr. 131. Adviesnota, steller ambtenaar 8 van 20 december 2016, nr. 128. 74 Gespreksverslag gesprek tussen college en persoon 1 van 8 september 2016, nr. 132. 75 Beslissing van het college van 20 december 2016, nr. 128. 73
DATUM ONS KENMERK PAGINA
13 juli 2022 1008418 21 van 33
•
de afwaardering was door De Lorijn getaxeerd op 75.000,- euro. De waardevermindering zou als tegemoetkoming aan de verplaatsing worden aangeboden aan Schreuders B.V.
In de adviesnota die aan de beslissing van 20 december 2016 ten grondslag lag, werd op advies van Holla Advocaten aangenomen dat de gemeente zich niet had verplicht tot inspanning voor bedrijfsverplaatsing. had de gemeente herhaaldelijk gewezen op de afspraken uit de periode 2008 tot en met 2010, persoon 1 waarin de gemeente in zijn optiek aanbieding had gedaan. Op verzoek van de gemeente heeft Holla advocaten onderzoek gedaan in hoeverre een overeenkomst tussen Schreuders B.V. en de gemeente tot stand gekomen was. Bij advies van 28 januari 2014 is geconcludeerd had dat dit niet het geval was. Ook was de gemeente volgens Holla niet verplicht verder te onderhandelen met Schreuders B.V. en dat het de gemeente daarom vrijstond om (ook) naar andere lange-termijnoplossingen te kijken.76 In de genoemde adviesnota is tot slot opgenomen dat voor iedere grondtransactie waarbij een raadslid betrokken is, het college toestemming moet vragen aan het college van Gedeputeerde Staten van de provincie en dat een bijdrage van meer dan 200.000,- euro door het gemeentebestuur kan kwalificeren als (ongeoorloofde) staatssteun. 23. Januari – juni 2017: De Lorijn begeleidt gesprekvoering met persoon 1 Uit e-mailberichten van de heer ambtenaar 8 van de Afdeling Ruimte uit januari 2017 volgt dat De Lorijn door het college was verzocht het proces met Schreuders B.V. te begeleiden.
De heer persoon 6 van De Lorijn heeft begin maart 2017 voor het eerst overleg gehad met persoon 1 , waaruit direct duidelijk zou zijn geworden dat de uitgangspunten van Schreuders B.V. en het college anders zijn. Hierover zei persoon 6 het volgende:77 “De gemeente gaat uit van het verkopen van een bouwterrein en het vergoeden van planschade. gaat er vanuit dat de gemeente of 1) de huidige plek planologisch legaliseert en hem persoon 1 laat zitten, of 2) hem verplaatst naar de nieuwe locatie op basis van een volledige schadeloosstelling. Naar de mening van persoon 1 is dit besproken met de wethouder en de secretaris in het laatste overleg.” Op 22 juni 2017 vond vervolgoverleg plaats, waarbij is geconstateerd dat de kwestie in een soort vacuüm was geraakt: de vroegere woningbouwplannen waren er niet meer en nieuwe woningbouwplannen lagen nog ver in de toekomst. In dit gesprek heeft persoon 6 aangegeven dat, hoewel de gemeente neigde naar bedrijfsverplaatsing, complicerend was dat daarvoor geen technische aanleiding bestond. Ook werd besproken het risico dat een bijdrage van de gemeente zou kwalificeren als staatssteun en het feit dat voor verkoop aan een raadslid provinciale goedkeuring is vereist. persoon 6 heeft aangegeven niet te kunnen zeggen dat de verkoop dit alles zou doorstaan. In datzelfde gesprek spraken persoon 6 76 77
en Schreuders over onteigening, in welk kader Schreuders B.V.
Adviesnota, steller ambtenaar 8 van 14 december 2016, nr. 128. E-mail van persoon 6 naar ambtenaar 8 van 10 maart 2017, nr. 78.
DATUM ONS KENMERK PAGINA
13 juli 2022 1008418 22 van 33
extra zou moeten investeren. persoon 6 heeft aangegeven dat de structuur van een akkoord zou kunnen zijn dat uitgegaan zou worden van schadeloosstelling, maar dat de waarde niet zou worden uitgekeerd omdat persoon 1 op zijn locatie zou blijven. Deze waarde zou volgens persoon 6 uitkomen op een investering van 350.000,- euro. persoon 1 en persoon 6 hadden afgesproken dat dat het vertrekpunt zou zijn.78 24. Januari en februari 2018: onderzoek door Omgevingsdienst naar milieuzonering en intern memo over oplossingsrichting Op 11 januari 2018 heeft de Omgevingsdienst Rivierenland advies uitgebracht over de milieuzonering op de locatie Weitjesweg 56 en 58 te Brakel, ten behoeve van de vraag of in het gebied langs de Weitjesweg/Groenesteeg woningbouw mogelijk zou zijn. Hieruit volgde dat de woningen vielen binnen enkele richtafstanden van omliggende bedrijven en dat met een nader milieuonderzoek kon worden bepaald dat ter plaatse toch sprake zou zijn van een goed woon- en leefklimaat.79 Uit e-mailbericht van de heer ambtenaar 8 naar onder meer Bragt van 27 februari 2018 volgt dat, na bespreking van de situatie van persoon 1 in het portefeuillehouderoverleg op 29 februari 2018, ook op 1 maart 2018 een intern overleg is gevoerd over een definitieve keuze over hoe met dit dossier zou worden verdergegaan.
Bij dit overleg zou de advisering van de Omgevingsdienst alsook het advies van PHNX zijn betrokken. Ook had de heer ambtenaar 8 een concept-memo opgesteld met daarin zijn bevindingen. Bestemmingsherziening van het perceel aan de Weitjesweg van ‘bedrijf’ naar ‘wonen’ werd als oplossingsrichting gezien, waarbij de rol van de gemeente zou kunnen liggen in het ‘beleidsmatig’ ondersteunen van het initiatief en het ‘kwijtschelden’ van leges en het vergoeden van de onderzoeks- en plankosten. Opgemerkt wordt dat de gemeente daarmee ook zou kiezen voor woningbouw in het gebied Groenesteeg/Weitjesweg, ook voor het gebied tussen Schreuders B.V. en de kern, waar op dat moment nog enkele bedrijven gevestigd waren. In dat opzicht achtte de heer ambtenaar 8 het niet logisch met het verst van de kern gelegen perceel zou worden gestart, zonder eerst een visie te hebben opgesteld op hoe het gehele gebied eruit zou komen te zien. De heer ambtenaar 8 afgezien van een tegemoetkoming gebaseerd op een afwaardering in bedrijfscategorie conform het collegebesluit van 20 december 2016: 75.000,- euro, leek een afwaardering naar wonen - 175.000,- euro – “de enige alternatieve basis” om Schreuders B.V. financieel tegemoet te komen.80 25.
December 2018 – juni 2019: nieuwe wethouder en voortzetting gespreksvoering bedrijfsverplaatsing Nadat persoon 1 bij brief van 9 oktober 2018 had verzocht om voortzetting van de gespreksvoering over de bedrijfsverplaatsing van Schreuders B.V, reageerde het college hierop bij brief van 13 december 2018. 78
E-mailcorrespondentie tussen persoon 6 en ambtenaar 8 in juli en augustus 2017, nr. 78. Advies Omgevingsdienst Rivierenland van 11 januari 2018, nr. 238. 80 “Memo milieuhindercirkels locatie Weitjesweg/Groenesteeg in Brakel (CONCEPT)”, van 27 februari 2018, nr. 79. 79
DATUM ONS KENMERK PAGINA
13 juli 2022 1008418 23 van 33
Inmiddels was de nieuwe portefeuillehouder, de heer Van Leeuwen, bijgepraat over de achtergrond en inhoud van het dossier. Het college deelde persoon 1 mede dat het dossier in januari 2019 aan het 81 college zou worden voorgelegd. In juni 2019 is op verzoek van Van Leeuwen een interne memo opgesteld met daarin een overzicht van de met Schreuders B.V. gemaakte afspraken over het huidige en toekomstige gebruik van zijn bedrijfskavel aan de Weitjesweg. Deze informatie had Van Leeuwen nodig om met persoon 1 het gesprek aan te gaan en te onderzoeken of zijn bedrijfslocatie aan de Weitjesweg permanent gevestigd kon blijven. De eindconclusie van dit memo luidt als volgt:82 “De gemeente heeft nooit een formele aanbieding gedaan aan persoon 1 om het illegaal in gebruik zijnde perceel tot bedrijfsdoeleinden te bestemmen. Het illegale gebruik wordt wel al heel lang gedoogd. Het college van B&W heeft bij besluit d.d. 2016-12-20 ingestemd met onderhandelingsdocument waarin scenario 1 (planologische legalisatie) onderhandelingsmarge/bijdrage aan persoon 1 wordt vermeld.
het de
Onderhandeling door de Lorijn is gestaakt en vanaf november 2017 zijn er geen ambtelijke of bestuurlijke gesprekken meer gevoerd met persoon 1 .” FASE 4 (2021): onderhandelingen door een nieuw college over grondtransacties percelen Weitjesweg en De Langerak en sluiten overeenkomsten In 2021 is door partijen – beiden (juridisch) bijgestaan – concreet onderhandeld over bedrijfsverplaatsing van Schreuders B.V. naar bedrijventerrein De Langerak. Dit heeft geresulteerd in afspraken. 26. Februari 2021: deadline van 1 april 2021 om tot overeenstemming te komen Uit het collegevoorstel van 2 februari 2021 volgt dat uit gesprekken met de provincie was gebleken dat woningbouw ten zuiden van Brakel niet bespreekbaar was, waarna de gebieden ten westen en ten oosten van de Groenesteeg weer in beeld kwamen. Daarbij was blijkens dit collegevoorstel het bestemmingsplan voor het bedrijventerrein ‘De Langerak’ inmiddels onherroepelijk geworden en de gemeente Zaltbommel, als onderdeel van de afspraak met de exploitant van het bedrijventerrein, de mogelijkheid geboden om uiterlijk 1 april 2021 om tot een overeenkomst te komen met Schreuders B.V. over de verkoop van de percelen.
Als dat niet zou gebeuren, dan zou de gemeente verplicht zijn de percelen aan te bieden aan de ontwikkelaar van De Langerak.83 In het genoemde collegevoorstel is het college geadviseerd zijn voorkeur uit te spreken voor het gevestigd 81
Brief van het college aan persoon 1 van 13 december 2018, nr. 264. “Interne memo over afspraken, toezeggingen over ontwikkeling huidige bedrijfsperceel persoon 1 11 juni 2019, nr. 278. 83 Collegevoorstel van 2 februari 2021, nr. 245. 82
aan de Weitjesweg te Brakel” van
DATUM ONS KENMERK PAGINA
13 juli 2022 1008418 24 van 33
blijven van Schreuders B.V. op de huidige locatie aan de Weitjesweg 56. Indien de voorkeur van het college evenwel zou uitgaan naar bedrijfsverplaatsing, dan werd geadviseerd in te stemmen met een bijgevoegde brief, waarin het bedrijf gevraagd werd een definitieve keuze te maken tussen verplaatsing of uitbreiding op de huidige locatie. Schreuders B.V. zou dan tot en met 28 februari 2021 de tijd gegeven worden om haar keuze aan de gemeente kenbaar te maken en 1 april 2021 zou worden gehanteerd als uiterste datum voor het sluiten van een voorlopige overeenkomst. Van Leeuwen had een afwijkend standpunt en opteerde voor een schadeloosstelling met het verwerven en verplaatsen van Schreuders B.V. Hoe dan ook werd weer meegegeven dat een grondtransactie met Schreuders B.V. goedkeuring van de provincie zou vereisen. Met een bedrag van 1.250.000,- euro voor verwerving en verplaatsing van Schreuders B.V. werd niet verwacht dat er sprake zou zijn van ongeoorloofde staatssteun. Bij brief van 17 februari 2021 liet het college vervolgens Schreuders B.V. weten dat “[gezien] de behoefte naar woningbouw in Brakel” het graag wil dat zij verplaatst wordt en dat dat op 2 februari zo is “uitgesproken”. In dit verband wordt meegedeeld dat het bestemmingsplan “De Langerak” onherroepelijk is en de gronden zo goed als bouwrijp.
Daarbij maakte het college aan persoon 1 kenbaar tot uiterlijk 1 april 2021 de tijd te hebben om tezamen tot overeenstemming te komen voor de verkoop van de bouwgrond op dit bouwterrein en dat het college na die datum – conform overeenkomst met de ontwikkelaar van De Langerak – de grond zou moeten aanbieden aan die ontwikkelaar.84 Uit een e-mailbericht van 26 februari 2021 volgt dat mr. pers. 7 van Brunet Advocaten Schreurs vanaf dat moment bijstond bij de beoogde bedrijfsverplaatsing. Ook blijkt uit dit bericht dat het college De Lorijn had verzocht een taxatie uit te brengen over de gewenste verplaatsing. In dat kader maakte pers. 7 kenbaar dat bureau Gloudemans zich bereid had verklaard de taxatie van De Lorijn te beoordelen en Schreurs B.V. eventueel verder te adviseren en begeleiden bij mogelijke bedrijfsverplaatsing. 85 27. Maart 2021: concreet aanbod gemeente, voorstel tot ruiling van Schreuders B.V. en ongenoegen bij Van der Ven Bij e-mail van 1 maart 2021 zette ambt. 6 van de gemeente aan Van Leeuwen concreet een voorstel – gebaseerd op een taxatie van De Lorijn – aan Schreuders B.V. uiteen: “De aan Schreuder holding b.v. toekomende schadeloosstelling op basis van reconstructie elders wordt begroot op 1.185.000,- euro kosten koper. Wanneer Schreuder holding b.v.
gebruik maakt van de mogelijkheid om een vergelijkbare kavel op bedrijventerrein Langerak te kopen, dan bedraag de bijbetaling van de gemeente bij de ruiling 518.100,- euro. Indien Schreuder holding b.v. kiest voor het realiseren van groeimogelijkheden en daartoe 5.062 m² extra wenst te verwerven, dan zal bij de ruiling een bijbetaling van Schreuder holding b.v. worden gevraagd van 165.270,- euro.” 84 85
Brief van het college aan persoon 1 van 17 februari 2021, nr. 265. E-mailbericht van pers. 7 naar ambt. 6 van 26 februari 2021, nr. 74.
DATUM ONS KENMERK PAGINA
13 juli 2022 1008418 25 van 33
In diezelfde e-mail is opgemerkt dat dit geen openingsbod betrof, maar het maximale bedrag dat de gemeente zou kunnen verantwoorden en dat het, gezien de geschiedenis, geen moment was om een openingsbod neer te leggen. Daarbij gaf ambt. 6 aan dat indien het bedrag in het voorstel hoger zou worden, er in haar optiek sprake zou zijn van staatssteun en dat het dan lastiger zou worden om een ondertekend taxatierapport te krijgen. Ook deelde ambt. 6 mede dat de grondtransactie zou moeten worden goedgekeurd door de raad en de provincie, en dat de agrarische grond gelegen bij het bedrijf in dit voorstel is gerekend als bedrijfsgrond.86 Op 9 maart stuurde persoon 6 aan persoon 8 een advies aan de gemeente, “(geen taxatierapport)”. Het advies zelf ontbreekt tussen de stukken. Uit een intern e-mailbericht van 30 maart 2021 volgt dat persoon 1 een ‘tegenbod’ heeft gedaan, waarbij hij voorstelde percelen te ruilen.87 Op deze dag heeft persoon 6 een berekening van De Lorijn weer en voegt daar het volgende aan toe: “Stel de waarheid ligt in het midden op € 1.250.000. Rekening houdende met afronding, onvoorzien en PM-posten als deskundigenkosten en gezien de waarde van de bouwkavel van € 1.350.000, kan ik mij voorstellen dat partijen komen tot een ruiling met gesloten beurzen.” Later die dag deelde persoon 6 in een e-mailbericht aan ambt.
6 mede dat hij – als afgesproken – de heer van Gloudemans had medegedeeld dat het college geen tegenvoorstel wenste te doen, maar persoon 8 liever een derde taxateur benoemd zag; uit het gesprek tussen ambt. 6 en persoon 8 volgde evenwel dat dit vanwege het korte tijdsbestek niet mogelijk was. Zij kwamen tot de conclusie dat de financiële standpunten van partijen te ver uit elkaar lagen en dit rekenkundig niet overbrugbaar was; pas als beiden met dezelfde uitgangspunten zouden rekenen – met name voor wat betreft de omvang van de bouwkavel die via de schadeloosstelling zou worden vergoed – zouden zij eruit komen, aldus persoon 6 Partijen waren volgens hem zelf aan zet.88 Bij e-mail van 14 april 2021 gaf persoon 6 in samenspraak met persoon 8 aan ambt. 6 in overweging om en Van Leeuwen met elkaar in gesprek te laten gaan, hetgeen persoon 6 en persoon 8 persoon 1 zouden begeleiden.89 In interne correspondentie stelde ambt. 6 diezelfde dag voor een aanbieding op schrift te doen, deze 16 april 2021 te versturen met het verzoek om antwoord op uiterlijk 22 april; dit zou een laatste bod betreffen, anders zou het perceel worden aangeboden aan Van der Ven.90 Blijkens interne e-mailcorrespondentie binnen de gemeente, met onderwerp: “Schriftelijke reactie betreffende uitstel”, had Van der Ven de gemeente een brief gestuurd.
Uit deze correspondentie blijkt tevens dat Van der Ven kritiek had op de handelswijze van de gemeente.91
86
Intern e-mailbericht van ambt. 6 aan Van Leeuwen van 1 maart 2021, nr. 75. Intern e-mailbericht van ambt. 6 aan ambt. 4 van 30 maart 2021, nr. 68. 88 E-mailbericht van persoon 6 aan ambt. 6 van 30 maart 2021, nr. 67. 89 E-mailbericht van persoon 6 aan ambt. 6 van 14 april 2021, nr. 64. 90 Intern e-mailbericht van ambt. 6 aan ambt. 4 en ambtenaar 9 van 14 april 2021, nr. 64. 91 E-mailcorrespondentie tussen ambt. 6 van Van Leeuwen van 29 maart 2021, nr. 70. 87
DATUM ONS KENMERK PAGINA
13 juli 2022 1008418 26 van 33
28. April 2021: overeenstemming tussen partijen Op 16 april 2021 heeft het college twee voorstellen gedaan. “Mogelijkheid 1” was instemmen met een derde taxateur, “mogelijkheid 2” was een ruil.92 Uit een brief van 21 april 2021 van mr. pers. 9 van Brunet Advocaten namens persoon 1 volgt dat met de instemming van persoon 1 op een schriftelijk voorstel van de gemeente van 16 april 2021 – “mogelijkheid 2” -, tussen partijen overeenstemming was bereikt over bedrijfsverplaatsing van Schreuders B.V.93 Kort gezegd werd afgesproken dat de gemeente de huidige locatie van Schreuders B.V. zou verwerven met uitzondering van de woning met ondergrond en tuin (gezamenlijke grootte 00.08.00 ha) tegen een schadeloosstelling van 1,35 miljoen euro kosten koper. Schreuders B.V. zou op haar beurt van de gemeente een bouwkavel op het bouwterrein Langerak (kadastraal bekend Brakel sectie N, nr. 2144, grootte 01.00.02 ha) kopen tegen een koopsom van 1,35 miljoen euro, kosten koper en exclusief omzetbelasting. In de brief van 21 april 2021 is een tiental ‘’aspecten” genoemd die Schreuders B.V. in elk geval wenst vast te leggen. Voorts is nog het volgende opgenomen: “Cliënte stemt graag met u af hoe u de projectontwikkelaar van de nieuwe locatie bericht dat partijen overeenstemming hebben.
Naar cliënte aanneemt zal na 23 april 2021 met uw gemeente een koopovereenkomst worden opgesteld waarin alle punten met elkaar worden vastgelegd. Cliënte heeft begrepen dat de overeenkomst vanuit de gemeente wordt gesloten onder het voorbehoud van goedkeuring door de raad en door de provincie.” Overigens is in een mail van ambtenaar 1 aan ambt. 6 van die dag geklaagd over de vragen die van de zijde van Schreuders B.V. zijn gesteld, welke vragen volgens hem al lange tijd eerder voorgelegd hadden kunnen worden. Met een brief – ongedateerd in het stukkenpakket – heeft het college laten weten het fijn te vinden dat tot overeenstemming is gekomen. Wel wordt onder meer opgemerkt dat indien de plannen niet binnen de regels vallen van het geldende bestemmingsplan, het college zich ervoor zal inspannen af te wijken. Voorts is ermee akkoord gegaan dat het perceel aan de Weitjesweg wordt opgeleverd als industriegrond, maar dat er geen sprake mag zijn van een ernstig geval van bodemverontreiniging. 94 Op 22 april 2021 vond afstemming plaats tussen het college en pers. 9 namens persoon 1 over een brief van het college aan Van der Ven.95 29. Mei – november 2021: correspondentie over nog openstaande punten en verzoek om provinciale ontheffing In de maanden mei tot en met november 2021 zijn meerdere conceptovereenkomsten opgesteld.
In diezelfde periode vond overleg en afstemming plaats over openstaande zaken die moesten worden 92
Brief, nr. 62. Brief van pers. 9 aan het college van 21 april 2021, nr. 57. 94 Brief, nr. 56. 95 E-mailberichten tussen persoon 1 en het college van 22 april 2021, nrs. 55 tot en met 57. 93
DATUM ONS KENMERK PAGINA
13 juli 2022 1008418 27 van 33
afgewikkeld. Uit een e-mailbericht van 21 mei 2021 van pers. 9 volgt dat het volgens Schreuders B.V. voor de hand zou liggen om alle transacties zo veel mogelijk met gesloten beurzen af te wikkelen, hetgeen zou moeten worden opgenomen in de concepten. Daarmee zou feitelijk een ruilovereenkomst moeten worden gemaakt.96 Uit e-mailcorrespondentie van 21 mei97 en 7 juli 2021 volgt dat ter plaatse werkzaamheden zouden moeten worden uitgevoerd, zoals het verwijderen van verontreinigde grond, het afwerken van het perceel en het verrichten van een bodemonderzoek. Ook zou de landschappelijke inpassing nog moeten plaatsvinden.98 Er is een advies over de schadeloosstelling in verband met de bedrijfsverplaatsing beschikbaar van De Lorijn van 10 augustus 2021. Bij e-mailbericht van 30 augustus 2021 deelde de heer prov. ambt. 1 van de provincie Gelderland aan de heer ambt. 4 van de gemeente mede dat ontheffing door het raadslid of door de gemeente – namens het raadslid – kon worden aangevraagd. Op 8 september 2021 bleken de volgende zaken nog openstaand:99 (i)
(ii)
(iii)
Afvoer overtollige grond: de nieuwe locatie Langerak zou een halve meter te hoog en verontreinigd zijn; Schreuders B.V. had aangegeven deze grond te willen afvoeren, maar de kosten daarvan niet te willen dragen. Detailhandel: Schreuders B.V. verrichtte op de Weitjesweg detailhandelsactiviteiten (handel aan particulieren op zaterdag). In de beheersverordening “Brakel, Gameren, Zaltbommel en Kerkwijk” waren vormen van detailhandel aangewezen en het bestemmingsplan “Buitengebied, Brakel Van Heemstraweg 2” zou het inzicht geven dat de mogelijkheden op het gebied van detailhandel op de nieuwe bedrijfslocatie gelijkwaardig waren aan de mogelijkheden op de locatie Weitjesweg. Bij persoon 1 zou nog navraag worden gedaan over de beoogde detailhandel op De Langerak, zodat de gemeente tot concrete besluitvorming kon komen. Kosten Brunet Advocaten: de vraag stond nog open of de rekening aan Schreuders B.V. zou moeten worden gericht of aan de gemeente. In dat laatste geval zou ook de tenaamstelling nog onduidelijk zijn.
Bij e-mailbericht 9 september 2021 is namens persoon 1 medegedeeld dat hij op nieuwe bedrijfslocatie dezelfde activiteiten zou gaan verrichten als op de locatie Weitjesweg. Opgemerkt werd dat voor zover het bestemmingsplan ter plaatse daaraan in de weg zou staan, voor de gemeente een in de conceptovereenkomst opgenomen inspanningsplicht zou gelden om het gebruik planologisch mogelijk te maken.100
96
E-mailbericht van pers. 9 aan ambt. 6 van 21 mei 2021, nr. 51. Idem. 98 E-mailbericht van ambt. 6 aan Van der Ven van 7 juli, nr. 46. 99 Intern e-mailbericht van ambtenaar 10 aan ambt. 4 van 8 september 2021, nr. 43. 100 E-mailbericht van de heer pers. 7 (Brunet Advocaten) aan de heer ambtenaar 10(Realisatie en Beheer) van 9 september 2021, nr. 41. 97
DATUM ONS KENMERK PAGINA
13 juli 2022 1008418 28 van 33
In het kader van de bovengenoemde zaken deelde de heer ambtenaar 10 van de gemeente bij e-mailbericht van 22 september 2021 – samengevat – het volgende aan pers. 9 mede:101 (i)
(ii)
Afvoer overtollige grond: de kavel op De Langerak zou bouwrijp worden afgeleverd en afgewerkt op een niveau van maximaal +1,50 NAP; de eerste werkzaamheden waren gestart. Schreuders B.V. zou desgewenst het perceel gedeeltelijk kunnen uitgraven, maar voor eigen rekening. Ook de kosten voor het afvoeren van de grond zouden voor rekening van Schreuders B.V. zijn. In dat kader verwees ambtenaar 10 naar de brief van het college van 16 april 2021. De grond kon tegen betaling worden gestort op locatie vuilstort Poederoijen. Detailhandel: afwijking van het bestemmingsplan zou mogelijk zijn met de daarbij behorende procedures, waarvoor een bestuurlijk akkoord noodzakelijk zou zijn. Onder verwijzing naar een brief van 22 april 2022 toonde de gemeente zich nogmaals bereid zich hiervoor in te spannen. Een aantal zaken lag buiten de bevoegdheid van de gemeente. Het bestuurlijk akkoord voor afwijking van het bestemmingsplan kon op dat moment niet gegeven worden, aangezien daarvoor aparte procedures gevolgd moesten worden.
In datzelfde e-mailbericht is medegedeeld dat de ontheffing voor het aangaan van de koopovereenkomst – als bedoeld in artikel 15, eerste lid, onder d, van de Gemeentewet – de primaire verantwoordelijkheid was van het raadslid, ofwel persoon 1 . De gemeente gaf aan daarom, in tegenstelling tot wat zij eerder had aangeboden, niet het voortouw te kunnen nemen bij deze ontheffingsaanvraag. Daarnaast werd nog aangegeven dat de locatie van Schreuders B.V. aan de Weitjesweg niet betreden zou mogen worden voor het bodemonderzoek, waardoor de afgesproken data niet meer gehaald zouden kunnen worden en dat dit eventueel ook van invloed zou zijn op de te doorlopen besluitvorming. Bij e-mailbericht van 24 september 2021 deelde pers. 9 mede dat in het kader van het bodemonderzoek en het betreden van de Weitjesweg sprake zou zijn geweest van een misverstand en hiervoor een afspraak kon worden gemaakt met persoon 1 . Daarnaast vroeg pers. 9 naar de kosten voor het storten van de grond en merkte hij op dat zou zijn afgesproken dat deze niet meer dan kostendekkend mochten zijn.
Tot slot werd verzocht om afronding van het dossier op korte termijn, met inachtneming van het feit dat de provincie nog goedkeuring zou moeten verlenen.102 Ook Schreuders liet weten het jammer te vinden dat de zaak zich na 20 jaar nog liet voorslepen en niet werd gekomen tot onderhandelen met de ambtenaren van de gemeente. Hij vroeg zich in letterlijke bewoording af waarom het zo moeilijk was om dit op te lossen, nu het zelfs met gesloten beurzen kon.103 Van Leeuwen liet daarop weten dat op korte termijn een afspraak zou volgen en dat hij hoopte dat daarin de finale afronding kon plaatsvinden.104 Uit interne mailcorrespondentie bij de gemeente volgt dat op 11 oktober 2021 opnieuw contact is geweest met pers. 9 dat de afwikkeling van de koopovereenkomst nog moest worden behandeld in de raad en ook 101
E-mailbericht van ambtenaar 10aan pers. 9 van 22 september 2021, nr. 37. E-mailbericht van pers. 9 aan ambtenaar 10van 24 september 2021, nr. 36. 103 E-mailbericht van persoon 1 aan Van Leeuwen van 28 september 2021, nr. 35. 104 E-mailbericht van Van Leeuwen aan persoon 1 van 28 september 2021, nr. 35. 102
DATUM ONS KENMERK PAGINA
13 juli 2022 1008418 29 van 33
dat persoon 1 zelf contact met de provincie had opgenomen om ontheffing te krijgen voor de grondtransacties.105 Met name in het kader van de afvoering van overtollige grond – en het bodemonderzoek daaraan voorafgaand - en de kostenafwikkeling in het kader van de schadeloosstelling vond in de weken daarna tussen partijen correspondentie plaats.106 30. November 2021: verdere afwikkeling en ambtelijke kanttekeningen Bij bericht van 2 november 2021 verzocht pers. 9 bij de gemeentesecretaris, de heer ambt. 12 om spoedige afwikkeling107 en bij e-mailbericht van 16 november 2021 uitte persoon 1 zijn ongenoegen over de in zijn ogen te trage gang van zaken: “[ik] zat al klaar om schriftelijke vragen te gaan stellen”.108 Volgens ambt. 12 verdiende de behandeling van het dossier geen schoonheidsprijs, zo heeft hij in een interne mail laten weten, maar was het wachten op dat moment echt niet absurd. In de dagen daarna werd intern gecommuniceerd over de definitieve concepttekst van de overeenkomst, welke zou moeten worden aangeboden aan de gemeenteraad.109 Feitelijk bevinden zich tussen de stukken concepten van een overeenkomst waarbij de gemeente grond op het bedrijventerrein De Langerak verkoopt aan Schreuders B.V. en van een overeenkomst waarbij Schreuders B.V. aan de gemeente verkoopt het perceel aan Weitjesweg 56.
Uit interne correspondentie binnen de gemeente van 22 november 2021 volgt dat een voorstel zou worden opgesteld voor het college alsook een informatienota, waarbij beide documenten van alle bijbehorende bescheiden werden voorzien. Uit een e-mailbericht van 30 november 2021 volgt dat de koopovereenkomst met datum 26 november 2021 getekend zou worden en samen met bijbehorende stukken zou worden verstrekt aan de provincie; de ontheffing kon door persoon 1 worden aangevraagd. Op 26 november 2021 deelde de heer ambt. 4 van de gemeente intern het collegeadvies inzake het dossier Schreuders B.V. Hij gaf mee dat zij “naar eer en weten hebben geprobeerd het advies recht te doen aan de belangen die er spelen” en dat dit een moeilijk traject geweest is en wellicht voorlopig ook nog zou blijven. In het kader van dit ‘gevoelige dossier’ zette ambt. 4 de volgende inleiding uiteen:110 “Het dossier persoon 1 kent een lange geschiedenis. Door de jaren heen is er soms intensiever en soms langere periode niet met elkaar gesproken. In het verleden is er gekeken naar handhaving bij persoon 1 vanwege het feit dat hij een deel van zijn perceel illegaal gebruikte voor uitoefening van zijn bedrijf. Vanwege een geschil met zijn buurman werd deze zaak aanhangig gemaakt. Er zijn door Schreuders in samenwerking met een ontwikkelaar pogingen gedaan het hele gebied te ontwikkelen.
Uiteindelijk is dat mede door de economische crisis niet van de grond gekomen.
105
E-mailbericht van ambtenaar 10aan ambt. 4 van 11 oktober 2021, nr. 28. E-mailcorrespondentie over afwikkeling contractuele zaken, nrs. 14-27. 107 E-mailbericht van pers. 9 aan ambt. 12 van 2 november 2021, nr. 18. 108 E-mailbericht van persoon 1 aan ambt. 12 van 17 november 2021, nr. 13. 109 E-mailcorrespondentie (gemeente) intern van 16 en 18 november 2021, nr. 10. 110 E-mailbericht ambt. 4 aan ambt. 12 en ambtenaar 11 van 26 november 2021, nr. 3. 106
DATUM ONS KENMERK PAGINA
13 juli 2022 1008418 30 van 33
Daarna is het langere tijd stil geweest zowel qua ontwikkeling als handhaving. Het perceel aan de Langerakseweg is contractueel (met de ontwikkelaar van de Langerak) gereserveerd geweest tot april voor persoon 1 Ambtelijk is toen meerdere malen geadviseerd aan de wethouder om de reservering te laten verlopen omdat het perceel geen grote ontwikkelingsmogelijkheden biedt en ook niet voorwaardelijk is voor andere ontwikkelingen in Brakel-West. De hoge verwervingsprijs staat niet in verhouding tot de ontwikkelingsmogelijkheden. Het college wilde ondanks het consequente ambtelijke advies (van zowel Leefomgeving als R&B) toch door met de verplaatsing van persoon 1 . Uiteindelijk is er in april een akkoord bereikt over een aankoop van 5000 m² aan de Weitjesweg 56 voor €1.350.000,-. Op hetzelfde moment is een akkoord bereikt over de aankoop door persoon 1 van 10.000 m² aan de Langerakseweg, eveneens voor €1.350.000,-. Het college heeft de voorstellen aan persoon 1 geaccordeerd. De onderhandelingen zijn gedaan door externe partijen omdat het een beladen onderwerp was en is en er geen vertrouwen was in een goede uitkomst als de onderhandelingen door de ambtelijke organisatie werden uitgevoerd.” Daarbij attendeerde ambt. 4 zijn collega’s – samengevat – op de volgende zaken: •
•
•
•
•
Integriteitsverklaring: het college had geen integriteitsverklaring om mee te sturen naar de provincie. Er speelden wat relaties die mogelijk in de raad voor vragen konden gaan zorgen. Er zouden volgens ambt. 4 vragen kunnen komen over de relatie werkgeverwerknemer in het kader van de persoon die rijdt voor Schreuder alsook over de relatie wethouder-fractievoorzitter, mede door de wat minder ontspannen relatie coalitieoppositie; Prijzen/onderhandelingspositie: in de schadeloosstelling was alles meegenomen om tot deze aankoopprijs te komen. De prijs van 275 euro per m² was fors, zeker als dit werd afgezet tegen de prijs van 100 euro per m² waar de gemeente op dat moment voor probeerde te verwerven, een kas. Deze bedragen kwamen in het kadaster te staan en zouden de prijzen van de percelen waar de ontwikkeling daadwerkelijk plaats moest vinden, wellicht onder druk kunnen zetten; Gelijkheidsbeginsel: voor de provincie is het gelijkheidsbeginsel een wegingscriterium. Het perceel is niet aangeboden op de markt en dit kon dus ook een punt zijn waardoor de goedkeurende verklaring niet zou komen; Grond afvoeren: er zou voor kosten van de gemeente voor maximaal €180.000,- grond worden afgevoerd naar depot Hoekseweg in Poederoijen. Dit week af van wat gebruikelijk is omdat normaal gesproken de grond voor kosten van de ontwikkelaar (in dit geval persoon 1 ) wordt afgevoerd.
Hiermee werd een uitzonderingspositie gecreëerd voor persoon 1 . Dit zou een issue kunnen worden bij de provincie omdat het bovenop het taxatierapport komt. Het tarief van 15 euro per m² zou nodig zijn om de kosten voor het afdekken van de stortplaats te bekostigen. Gemeente ambt. 4 betaalde ook 15 euro per m²; Informeren raad: om het zuiver te doen zou eerst de raad moeten worden geïnformeerd
DATUM ONS KENMERK PAGINA
13 juli 2022 1008418 31 van 33
voordat de koopovereenkomst getekend kon worden. Het is een gevoelige zaak en de oppositie zou er altijd wat van vinden, maar als het procedureel onjuist zou voelen dan zeker. De burgemeester had de aankoop gedeeld in het presidium, maar daar zou wel niet gesproken zijn over bedragen en m². Advies van ambt. 4 was om de raad wel te informeren en parallel of misschien zelfs daarna de provincie om goedkeuring te vragen. In het stukkenpakket zit een concept-collegevoorstel dat betrekking lijkt te hebben op een collegebesluit van 30 november 2021. Daarin wordt voorgesteld in te stemmen met de aankoop van het perceel aan de Weitjesweg, met de verkoop van het bedrijfsperceel aan de Langerak met een extra vergoeding voor het afvoeren van de grond die vrijkomt tijdens de bouwwerkzaamheden voor een bedrag van maximaal € 180.000,- exclusief BTW en met het ter beschikking stellen van stukken aan de provincie. Daarnaast is het uiteindelijk “vastgestelde” collegebesluit voorhanden waarin deze extra vergoeding niet opgenomen is. Onder “Kanttekeningen/ risico’s” staat het volgende: “Onderdeel van de minnelijke onteigening is dat Schreuders Holding B.V. maximaal 12.000 m3 om niet op het gemeentelijk depot mag afleveren. Op deze manier is er sprake van een transactie met gesloten beurzen.
Dit depot is normaliter niet voor derden toegankelijk en wordt alleen voor gemeentelijke grondstromen gebruikt. Het interne, administratieve, tarief voor het depot is € 15,00 per m3. De aangeleverde grond zal nuttig worden aangewend door het te gebruiken voor de bovenafdichting van een voormalige stortplaats.” III.
ENKELE AANBEVELINGEN
In uw opdrachtformulering wordt ook gevraagd naar aanbevelingen voor een eventueel zorgvuldig vervolgproces. Wij hebben begrepen dat het u er vooral om gaat om in een eventueel toekomstig geval van een eventuele grondtransactie met een functionaris binnen het bestuur van uw gemeente, u lessen wilt trekken uit het onderhavige geval. In dit verband benadrukken we dat wij met het documentenonderzoek slechts geen compleet beeld hebben gekregen van hoe partijen in het locatievraagstuk van Schreuders B.V. hebben geacteerd. In zoverre kunnen wij voor het grootste deel over deze kwestie slechts vragen stellen op basis van onze observaties tot op dit moment. Voor de toekomst kan – los van de beantwoording van die vragen – uiteraard wel een aantal aanbevelingen worden gedaan die te maken hebben met juridische kwaliteitszorg, integriteitsbewaking en de informatievoorziening aan de gemeenteraad. Het belang van juridische kwaliteitszorg Uit de stukken volgt dat rond het locatievraagstuk van Schreuders B.V. diverse aspecten van juridische aard spelen, zoals de betekenis van de afspraken met Van der Ven, de vraag naar ongeoorloofde staatssteun, de reikwijdte van planologische regimes en integriteitsregels. Op grond van de beschikbare informatie is niet evident dat op alle momenten gedurende de gehele geschiedenis het belang bij duidelijkheid hierover steeds is onderkend.
Dit is een kwestie van juridische kwaliteitszorg. De vraag is of
DATUM ONS KENMERK PAGINA
13 juli 2022 1008418 32 van 33
hiervoor voldoende oog is geweest. In de toekomst zou hiervoor in elk geval wellicht bijzondere aandacht kunnen bestaan. Op meer momenten zou ook externe juridische advisering mogelijk gewenst kunnen zijn, al zij weer benadrukt dat wij inzake Schreuders B.V. niet over alle informatie beschikken. Het belang van integriteitsbewaking Grondtransacties met raadsleden zijn altijd politiek gevoelig vanwege het integriteitsrisico dat daaraan kleeft. Niet voor niets is het uitgangspunt van de Gemeentewet dat een raadslid onderhands geen onroerende zaken van de gemeente mag verwerven (artikel 15 lid 1 onder d, 6e). Hierbij speelt dat een raadslid in een zekere machtsverhouding tot het college, zijn collega-raadsleden en de ambtelijke organisatie staat, waardoor het risico op bevoor- danwel benadeling bestaat. In gevallen waarin beide partijen toch mogelijk tot een transactie willen komen – ook verkoop aan de gemeente vraagt om alertheid – is het verstandig om de schijn van belangenverstrengeling te mijden. In dit verband hebben we kunnen constateren dat ten aanzien van het locatievraagstuk van Schreuders B.V. aan externe adviseurs een belangrijke rol is gegeven. Echter, in het traject zelf lijkt de betrokkenheid van vertegenwoordigers van partijen zelf ook groot te zijn geweest.
Illustratief zijn de mails van persoon 1 aan respectievelijk de gemeentesecretaris en de wethouder, waarbij door eerstgenoemde zelfs wordt opgemerkt dat hij al klaar zat schriftelijke vragen te gaan stellen vanwege de in zijn ogen te trage gang van zaken. Uit de stukken blijkt overigens wel dat de huidige portefeuillehouder in de richting van persoon 1 meer op afstand is gebleven. Wij kunnen ons voorstellen dat in de toekomst een plan van aanpak wordt afgesproken voor het traject om tot een oplossing van het locatievraagstuk te komen. In dit verband is – mede vanwege de noodzaak van een provinciale ontheffing (artikel 15 lid 2 Gemeentewet) – de waardebepaling van de betrokken gronden cruciaal. In dit verband lijkt het – mede met het oog op de beleidsregels van de provincie – in het onderhavige geval in het bijzonder te moeten gaan om een berekening van de prijs van de gronden op het bedrijventerrein Langerak. Maar vanwege het risico van (de schijn van) belangenverstrengeling is ook een betrouwbare taxatie van het perceel aan de Weitjesweg van belang. Eventuele bedragen voor schadeloosstelling en betalingen in natura (grondafvoer) moeten hierbij worden betrokken. In een eventueel toekomstig geval zou – zonder nu een oordeel te (kunnen) vellen over het vraagstuk-Schreuders B.V. – de vraag wellicht nadrukkelijker gesteld kunnen worden of toereikende taxaties voorhanden zijn.
Ten slotte moet rekenschap worden gegeven van eventuele belangen van derden. In dit verband “eisen” gedeputeerde staten in de beleidsregels voor wat betreft de verwerving van gronden door een raadslid zelfs een verslag van het resultaat van een door of namens de aanvrager ingesteld onderzoek naar de vraag of derden belangen hebben bij de overeenkomst en zo ja of en in hoeverre daarmee rekening is gehouden. In een plan van aanpak had de totstandkoming van een dergelijk verslag geregeld kunnen worden. Het belang van toereikende informatievoorziening aan de gemeenteraad Integriteit heeft alles te maken met transparantie. De actieve informatieplicht in de Gemeentewet (artikel
DATUM ONS KENMERK PAGINA
13 juli 2022 1008418 33 van 33
169 lid 2) is in dit verband des te relevanter. Voor privaatrechtelijke rechtshandelingen die ingrijpende gevolgen voor de gemeente kunnen hebben, geldt bovendien een consultatieplicht (artikel 169 lid 4). Uit de beschikbare stukken volgt niet dat het geven van inlichtingen aan de gemeenteraad een belangrijk punt van aandacht is geweest. Evenmin is informatie beschikbaar over het feitelijk delen en zo nodig bespreken van ontwikkelingen die zich rond het locatievraagstuk van Schreuders B.V. voordeden. Mogelijk zijn in de toekomst op dit punt verbeteringen mogelijk, al dan niet vanwege een bijzondere bepalingen hierover in een eventueel informatieprotocol. Hugo Doornhof Julie de Baar