Bijlage 2. concept begroting 2023 Werkzaak
Tekst van het document
Aanvullend wordt voor de hoogte van de totale salariskostenstijging in de begroting een schatting gemaakt van de verwachte stijging van de pensioenpremies en overige sociale lasten (premies werknemersverzekeringen). Werkzaak Rivierenland begroting 2023
33
De huidige cao loopt door tot 31 december 2022. Voor de begrotingsjaren vanaf 2023 moet nog een cao afgesloten worden. Op basis van de huidige inzichten en gepubliceerde informatie van het CPB wordt in de begroting 2023 gerekend met een loonontwikkeling van 2,3% (loonvoet sector overheid). Daarnaast houden we voor 2023 rekening met een geschatte stijging van de pensioenpremies en de overige sociale lasten (premies werknemersverzekeringen) van indicatief 0,45%, waardoor de totale stijging van de salariskosten in de begroting 2023 geraamd wordt op 2,75%.
2023 Loonontwikkeling
2,30%
Stijging sociale lasten
0,45%
Loonkostenontwikkeling
2,75%
Prijsindexering kostenbudgetten Overeenkomstig de door het CPB opgestelde cijfers in de septembercirculaire, passen we een algemene prijsindexering toe van 1,5% (prijsindex nationale bestedingen). Dit algemene indexeringspercentage passen de andere gemeenschappelijke regelingen ook toe in de begroting 2023. Omzet Voor de begroting 2023 hanteren we een verwachte stijging van de netto omzet met 1,5%. De onzekere marktomstandigheden beïnvloeden de uiteindelijke begrotingsraming 2023. Hierdoor kan de begrote stijging van de omzet afwijken van de nu aangegeven stijging. Bijdrage bedrijfsvoering Conform de kaderbrief stijgt de bijdrage met 118.000 euro. Daarnaast is sprake van een loon- en prijsstijging met een omvang van 509.000 euro. De gemeente wordt voor deze stijging gecompenseerd in het gemeentefonds. In totaal werkt Werkzaak binnen de door het Rijk beschikbaar gestelde middelen. De verdeling van de kosten vindt plaats op basis van de afspraken uit de bestuurlijke agenda. Post onvoorzien In de begroting houden we rekening met een post onvoorzien van 50.000 euro. Risico’s versus de algemene bedrijfsreserve Op dit moment zijn de gewogen risico’s gelijk aan de algemene reserve van Werkzaak. Door het actualiseren van enerzijds de risico’s en anderzijds de reserves zorgen we ervoor dat de positie gezond blijft.
Bestandsontwikkeling We baseren ons bij onze raming van de bestandsontwikkeling (aantallen werkzoekenden die we begeleiden) op de regionale trends en ontwikkelingen. Hiermee komen we tot nauwkeurigere inschattingen en volgen niet persé de voorspellingen van het CPB. De impact van de situatie in Oekraïne kunnen we niet doorvertalen in de begroting. Pluspakket Het pluspakket is opgenomen in de begroting en wordt met afzonderlijke gemeente(n) afgerekend.
1
et ABP bouwt het verwachte rendement op beleggingen stapsgewijs af in de periode van 2021 t/m 2023. Dit betekent een extra stijging van de H pensioenpremies naast de reguliere premiestijgingen.
34
6.2 Vennootschapsbelasting Met ingang van de begroting 2017 werd de Vennootschapsbelasting (VPB) afzonderlijk in het overzicht van baten en lasten opgenomen. Op basis van de huidige inschattingen zal er de komende jaren geen sprake zijn van VPB-heffing.
6.3 Onvoorzien In de begroting is, op advies van de toezichthouder, een post onvoorzien opgenomen van 50.000 euro binnen de bedrijfsvoeringskosten. Onvoorzien Rekening
Begroting
Begroting
Meerjarenraming
2021
2022
2023
2024
2025
2026
Onvoorzien
-
50.000
50.000
50.000
50.000
50.000
Totaal lasten
-
50.000
50.000
50.000
50.000
50.000
Lasten
6.4 Geprognosticeerde balans De geprognosticeerde balans geeft het verloop weer van de balansposten over de periode van de meerjarenbegroting. Activa (* € 1.000) 31-12-2021 31-12-2022 31-12-2023 31-12-2024 31-12-2025 31-12-2026 Materiële vaste activa
6.506
8.998
8.414
7.802
7.697
7.382
Financiële vaste activa
689
689
689
689
689
689
Totaal vaste activa
7.195
9.687
9.103
8.491
8.386
8.071
Uitzettingen
9.108 1.000
1.000
1.000
1.000
1.000
Liquide middelen
610
Overlopende activa
5.110
Totaal vlottende activa
14.828
1.000
1.000
1.000
1.000
1.000
Totaal activa
22.023
10.687
10.103
9.491
9.386
9.071
Passiva (* € 1.000) 31-12-2021 31-12-2022 31-12-2023 31-12-2024 31-12-2025 31-12-2026 Reserves
4.421
3.924
3.417
3.344
3.322
3.349
Voorzieningen
-
-
-
-
-
-
Vaste schulden
3.675
3.570
3.465
3.360
3.255
3.150
Totaal vaste passiva
8.096
7.494
6.882
6.704
6.577
6.499
Vlottende schuld
265
250
250
250
250
250
Overlopende passiva
13.662
2.943
2.971
2.537
2.559
2.322
Totaal vlottende passiva
13.927
3.193
3.221
2.787
2.809
2.572
Totaal passiva
22.023
10.687
10.103
9.491
9.386
9.071
Werkzaak Rivierenland begroting 2023
35
6.5 Reserves en voorzieningen De stand en het gespecificeerde verloop van de reserves en voorzieningen is als volgt. Wij maken een gebouwenbeheerplan voor de Poppenbouwing. Het effect hiervan is niet in het overzicht opgenomen. Reserves & Voorziening per 1 januari (* € 1.000) 2022
2023
2024
2025
2026
Algemene reseve
2.100
2.100
2.100
2.100
2.100
Reserve onderhoud
236
106
158
210
262
Reserves
Reserve innovatiefonds
307
181
104
54
4
Reserve personeel
290
190
90
40
40
Reserve Regiodeal
438
331
-
-
-
Reserve Tozo afwikkeling
75
15
15
15
15
Reserve noodzakelijke investeringen
784
27
-
-
-
-
858
834
809
785
Reserve projecten
253
116
116
116
116
Totaal Reserves
4.483
3.924
3.417
3.344
3.322
Reserve afschrijvingen
“Ik geloof dat er voor iedereen in de Bommelerwaard en Rivierenland een waardevolle plek is in onze maatschappij. Met een beetje verbeeldingskracht en geloof in jezelf kun je meer dan je wellicht zult denken. Wat wij bieden is een plek waar mensen in hun eigen tempo kunnen ontdekken waar ze goed in zijn en kunnen ondervinden dat ze het waard zijn om volwaardig mee te doen in onze maatschappij.”
36
6.6 Meerjareninvesteringsoverzicht De volgende nieuwe en vervangingsinvesteringen en afschrijvingskosten zijn in de meerjarenbegroting verwerkt. Nieuwe en vervangingsinvesteringen Afschrijvings-
2022
2023
2024
2025
2026
termijn Investeringen -
Gronden en terreinen Gebouwen Vervanging dak
vvi
40
655.000
Realisatie leerlab
30
782.000
Plaatsen zonnepanelen
20
361.500
Machines apparaten en installaties Compressor
vvi
10
7.000
Schrobautomaten
vvi
10
Schoonmaakwagens
vvi
10
25.000
Sealmachine/krimptunnel
vvi
10
40.000
vvi
5
Vervanging hardware
vvi
5
178.000
Telefonie
vvi
3
88.500
5
33.000
8.000
2.000
Inventaris Beeldschermen/oven/stapelaar
29.500
Automatisering
Voorbereidingskrediet ERP Migratie
vvi
5
Website
vvi
5
Totaal investeringen
225.000 100.000 350.000 80.000
2.098.000
36.500
8.000
517.000
305.000
5.000
1.000
500
500
500
Gebouwen
136.000
197.000
197.000
197.000
197.000
Machines apparaten en installaties
108.000
108.000
108.000
108.000
108.000
Inventaris
69.000
67.500
69.000
69.000
69.000
Automatisering
146.500
222.000
222.000
222.000
222.000
Afschrijvingen nieuwe investeringen
464.500
595.500
596.500
596.500
596.500
Afschrijvingen Gronden en terreinen
Werkzaak Rivierenland begroting 2023
37
6.7 Incidentele baten en lasten Door de provincies is in augustus 2021 een handreiking incidentele baten en lasten gepubliceerd. Op basis van deze handreiking is de definitie aangescherpt. Het uitgangspunt is dat in principe alle baten en lasten structureel zijn. De onderbouwing van incidentele baten en lasten is bepalend. Ze moeten in hun aard incidenteel zijn, er moet een concreet duiding van eindigheid zijn en de omvang moet materieel zijn. Incidentele baten en lasten Begroting
Meerjarenraming
2023
2024
2025
2026
Innovatiebudget
50.000
50.000
50.000
50.000
Regiodeal 90045
95.200
-
-
-
Regiodeal 90036
354.800
-
-
-
Sterk door Werk (90056)
502.100
464.000
Personele knelpunten
100.000
100.000
50.000
50.000
Procesoptimalisatie
27.400
-
-
-
1.129.500
614.000
100.000
100.000
Reserve personeel
100.000
50.000
-
-
Onttrekking aan reserve (noodz. Investeringen)
27.400
-
-
-
Onttrekking aan reserve
50.000
50.000
50.000
-
Sterk door Werk (90056)
47.700
Onttrekking aan reserve (regiodeal 90045 )
47.500
-
-
-
-
-
Participatie
Overhead
Totaal lasten Baten
Regiodeal (90036)
47.000
Onttrekking aan reserve (regiodeal 90036 )
309.600
-
Sterk door Werk (90056)
502.100
464.000
1.131.300
564.000
50.000
-
Onttrekking reserve investeringen
24.500
24.500
24.500
24.500
Toevoeging reserve huisvesting
51.800
51.800
51.800
51.800
Totaal structurele mutaties reserves
27.300
27.300
27.300
27.300
Totaal baten Structurele mutaties reserves
38
Erik en Arbor
Erik heeft zijn eigen werkplek waar hij met aandacht voor de klant werkt aan de houtproducten die besteld worden. Erik heeft het er prima naar zijn zin. Niet gek dat hij afgelopen december zijn 10e (!) jubileum vierde bij houtbewerkingsbedrijf Arbor in Zaltbommel.
Werkzaak Rivierenland begroting 2023
“Ik ga gewoon lekker aan de slag. Dat doe ik het liefst alleen. Als het echt nodig is kan ik wel samenwerken, maar alleen is prettiger. Wat ook fijn is dat ik als het nodig is altijd hulp kan vragen aan mijn collega’s. De contacten met elkaar zijn goed.”
39
7 Paragrafen Het Besluit begroting en verantwoording (Bbv) noemt een aantal verplichte paragrafen. Voor Werkzaak zijn niet alle paragrafen van toepassing. We benoemen de paragrafen die van toepassing zijn voor onze organisatie. Dit leidt tot de onderstaande tabel. Paragraaf
Actie
1.
Lokale heffingen
2.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Opgenomen
n.v.t.
3.
Financiering
Opgenomen
4.
Onderhoud kapitaalgoederen
Opgenomen
5.
Bedrijfsvoering
Opgenomen
6.
Verbonden Partijen
Opgenomen
7.
Grondbeleid
n.v.t.
7.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing geeft een duiding van het risicoprofiel, de risico’s en het gewenste weerstandsvermogen.
7.1.1 Risicoprofiel De hoogte van het weerstandsvermogen is gebaseerd op de relatie tussen de risico’s waar geen specifieke maatregelen voor zijn getroffen en de capaciteit van mogelijkheden die er zijn om de geraamde kosten op te vangen (Bbv art. 11). De risico’s van Werkzaak worden zoveel mogelijk afgedekt met maatregelen zoals het afsluiten van verzekeringen, het vormen van reserves en voorzieningen en het inrichten van de administratieve organisatie en interne controle. Wij vinden het noodzakelijk om de risico’s die van invloed zijn op de bedrijfsvoering inzichtelijk te maken en daar waar mogelijk beheersmaatregelen te treffen. Door inzicht in de actuele risico’s zijn wij in staat om op verantwoorde wijze besluiten te nemen, zodat de risico’s nu en de risico’s gerelateerd aan toekomstige investeringen in verhouding staan tot de vermogenspositie. Bij de jaarrekening en begroting presenteren we de geactualiseerde risico’s. Het jaar 2023 staat in het teken van de verdere uitrol van ons meerjarenbeleidsplan, een start maken met een nieuw bestuur, het verder implementeren van technische innovaties en het gefaseerd optimaliseren van onze belangrijkste processen. Risico’s waren ook niet eerder zo complex en met elkaar verweven. Een datalek heeft bijvoorbeeld financiële gevolgen en gevolgen voor de bedrijfsvoering en de reputatie.
Het is daarom cruciaal dat organisaties risico’s multidisciplinair te lijf gaan en ook nieuwe tactieken verkennen voor de aanpak ervan. De ambitie van Werkzaak is om kansen- en risicomanagement te integreren in de dagelijkse gang van zaken.
40
Bedrijfsrisico’s Een risico is de kans op een onzekere gebeurtenis met een effect op het behalen van je doelstellingen. Vanuit bedrijfsvoeringsperspectief zijn risico’s gesignaleerd die gevolgen kunnen hebben voor de bedrijfsvoering en voor beleid. De belangrijkste risico’s staan in de tabel risicomatrix. Het netto risico wordt bepaald door de bruto risico’s te verminderen met de ingeschatte effecten van de beheersmaatregelen. Alle bedragen zijn een zo goed mogelijke inschatting. Risicomatrix bedragen (* € 1.000) Bruto
Netto
risico
risico
1 Verandering van rijkswetgeving en beleid
900
600
2 Conjunctuurgevoeligheid (BUIG-budget)
1.500
0
800
300
300
3 Robotisering en digitalisering 4 Kwetsbaarheid rondom ICT infrastructuur
Beleid
Bedrijfs voering
600
1.200
700
700
5 Toename problematiek doelgroep vraagt meer begeleiding
700
300
300
6 Omzetdoelstelling
800
400
7 Eigen risico WW
550
50
8 Krapte op de arbeidsmarkt
700
400
400
9 Pandemie
500
250
250
Totaal risico’s
7.650
2.800
900
2.100
Bestuurlijke afspraak afrekening Wsw uit positief resultaat
-300 2.800
0
2.100
Voordelig resultaat BUIG
-600
Totaal risico’s (na dekking)
7.650
Werkzaak Rivierenland begroting 2023
300
100 50
41
1. Verandering van (Rijks)wetgeving en/of verandering beleid van gemeenten. Toelichting Er is nieuwe wetgeving zoals de nieuwe Wet inburgering, wijzigingen in de Participatiewet, wet SUWI en de Wet banenafspraak. Soms is niet of pas heel laat duidelijk wie nu welke maatregelen gaat uitvoeren en dat brengt uitvoeringsrisico’s met zich mee. Ook komen er mogelijk wijzigingen in de financieringssystematiek. Bruto risico 900.000 euro Maatregelen De ontwikkelingen nauwlettend volgen en daar flexibel op proberen te anticiperen. De eigen bedrijfsvoering op orde hebben voor een goed imago. Goede resultaten op strategische doelstellingen laten zien. Netto risico 600.000 euro
2. Conjunctuurgevoeligheid Toelichting Gevoeligheid voor onzeker economische ontwikkelingen mede door corona. Werkgevers haken af bij laagconjunctuur. Het vertrek van grotere werkgevers in combinatie met conjunctuur maakt plaatsen moelijker. Historisch gezien kampen wij in onze regio met een na-ijl effect. Daarbij dreigt de toenemende inflatie zowel werk, bedrijfskosten (energie) als investeringen fors duurder te maken. Bruto risico 1.500.000 euro Maatregelen Tijdens hoogconjunctuur ook maatregelen treffen voor laagconjunctuur. Bij laagconjunctuur net wel durven investeren en vangnet- en de springplankfunctie in stand houden. Zorg voor voldoende spreiding over meerdere werkgevers. Limiteer het aantal werknemers per bedrijf. Hou contractvoorwaarden tegen het licht. Zet in op mobiliteitscentrum. Werk met scenario’s. Anticipeer op compensatie via BUIG gelden en loon- en prijs indexatie en zet in op extra financiering door bijvoorbeeld subsidies. Netto risico 0 euro (door voor verwacht resultaat een stelpost in te zetten)
3. Robotisering en digitalisering (disruptieve technologie) Toelichting Veranderen van werkprocessen en meer behoefte aan hoger opgeleid personeel waardoor onze doelgroep minder plaatsbaar is. Dit kan, mede door het werken op afstand in verband met corona, versneld gaan optreden. Bruto risico 800.000 euro Maatregelen Strategische keuze maken bij accountmanagement (categorisering klanten en inzetten op sociaal ondernemerschap) en het (intern) opleiden en ontwikkelen. Onder meer door over te stappen naar meer duurzame werkgevers zoals beschreven bij arbeidsmarktbeleid (strategische partnerschappen). Programma techniek en inclusie (zoals virtual reality en augmented reality) inzetten en verbinden aan leerwerkroutes en praktijkinnovaties om ervoor te zorgen dat onze werkzoekende wordt opgeleid voor de toekomst. Onderzoek naar inzet expertise van inclusieve engineering. Proactief inspelen op de krapper wordende arbeidsmarkt. Netto risico 300.000 euro
42
4. Kwetsbaarheid rondom ICT-infrastructuur Toelichting Bij falende ICT-systemen en/of hacks kan de hele automatisering uitvallen waardoor niemand (zowel ambtenaren als medewerkers in de productiehallen) kan werken. Door het meer op afstand werken wordt dit risico steeds omvangrijker. Denk hierbij ook aan risico’s op het gebied van cybercriminaliteit. Door de abrupte omslag naar digitaal werken blijkt dat onze huidige hardware niet meer voldoet Bruto risico 1.200.000 euro Maatregelen Goed projectmanagement en anticiperen op mogelijke problemen. Huidige situatie en gewenste situatie in kaart brengen. Het informatiebeveiligingsbeleid is in 2020 vastgesteld. Nu gaan we verder met borging via een multidisciplinair aanpak met veel aandacht voor bewustwording. Onderzoek het afdekken van cyberrisico’s bijvoorbeeld in Servicelevel agreements met leveranciers of door verzekeren. Verder uitrollen van de in 2021 gedane investeringen in mobiele telefoons en laptops die vanaf 2022 ook centraal beheerd worden. Netto risico 700.000 euro
5. Toename problematiek en meer multiproblematiek bij de doelgroep Toelichting De eisen van de werkgevers nemen toe en de huidige doelgroep heeft vaak meervoudige problemen. Dit vraagt een forse tijdsinvestering van onze interne organisatie mede door afstemming met andere organisaties. Het aantal mensen met psychische klachten en de ernst van de psychische klachten zijn toegenomen door corona. De effecten van de wetswijziging in 2015 leiden tot een grotere groep in de reguliere Participatiewet. Dit risico wordt versterkt door mogelijke dienstverleningsovereenkomsten voor de begeleiding van inwoners met een zeer beperkte belastbaarheid (klantprofiel 4). De overname van deze groep mensen met klantprofiel 4 biedt hen ook weer kansen en een synergievoordeel voor de regio. Door het dalende bestand Wsw raken we de opgebouwde infrastructuur voor Wsw kwijt. Daarnaast zien we een toename van niet uitkeringsgerechtigden (nuggers) en vso pro jongeren waarvoor geen toereikende financiering mee komt. Ook is er in toenemende mate een groep mensen (zoals voormalig Wajongers) die met hogere loonwaarde kan werken maar wel duurzaam begeleiding nodig heeft om aan het werk te blijven Bruto risico 700.000 euro Maatregelen Goede opleidingsmogelijkheden en inzet van effectieve instrumenten waarmee de kansen van deze groep vergroot worden.
Instrumentarium aanpassen (Keuzehulp instrumenten Eva) en de regie zoveel mogelijk in eigen hand organiseren (onder andere monitoring ontwikkeling caseload). Om in de toekomst als sociaal ontwikkelbedrijf even effectief te blijven, moet de infrastructuur vanuit de Wsw blijven. Monitoren en bijsturen inzet participatiebudget. In kaart brengen groei nuggers en vso pro jongeren en (financiële) businesscase met gemeenten gaan bespreken. Netto risico 300.000 euro
Werkzaak Rivierenland begroting 2023
43
6. Omzetdoelstelling wordt niet gehaald. Toelichting De mogelijkheden om omzet te genereren staan onder druk doordat de afstand tot de arbeidsmarkt van de huidige doelgroep toeneemt. Ook het aantal dienstverbanden daalt. Dit zet de kwaliteit van de dienstverlening (groepsdetacheringen en schoonmaak) onder druk. De gecontracteerde diensten kunnen niet geleverd worden waardoor de omzet daalt. Bruto risico 800.000 euro Maatregelen De concurrentiepositie verbeteren, het prijsbeleid stringenter toepassen en effectievere begeleiding met als doel efficiëntere productie. Inzetten van innovaties uit het programma Technologie en Inclusie. Investeren in achterstallig onderhoud en verdere vervanging van oude machines met de al extra toegekende gelden. Aandacht voor het landelijke project Simpel switchen in de Participatieketen. Strategisch partnerschappen aangaan met werkgevers om samen risico’s te spreiden. Netto risico 400.000 euro waarvan 75% ten laste komt van de rijksvergoeding Wet sociale werkvoorziening
7. Eigen risicodrager WW Toelichting De jaarlijks berekende pseudo-premie van medewerkers in dienst van de gemeenschappelijke regeling wordt niet verzekerd en de kosten zijn niet opgenomen in de begroting omdat deze kosten niet bekend zijn. Bruto risico 550.000 euro Maatregelen In 2019 is een reserve gevormd van 450.000 euro. Vanaf 2020 is naast de reserve structureel 50.000 euro per jaar beschikbaar. Netto risico 50.000 euro
8. Krapte op de arbeidsmarkt Toelichting Er is blijvende krapte op de arbeidsmarkt. We merken dat het moeilijker wordt om (ambtelijke) vacatures goed in te vullen. We moeten mogelijk langer en vaker personeel inhuren. Krapte op de markt leidt tot prijsverhoging en meer concurrentie. Bruto risico 700.000 euro Maatregelen Profileren op een prettige werkbeleving, ontwikkel- en omscholingsmogelijkheden, aantrekkelijk werkgeverschap en onderzoek naar (digitale) kansen en ontwikkelingen. Monitoren van salarisontwikkelingen in de markt en waar mogelijk daarop bijsturen. Netto risico 250.000 euro
9. Pandemie Toelichting Het verloop van een pandemie is grillig en onvoorspelbaar. We verwachten dat we moeten leren leven met een nieuwe werkelijkheid waarvan corona deel uit maakt. Het maakt ons ambtelijk personeel en onze doelgroepmedewerkers kwetsbaar. Dit kan leiden tot hoog ziekteverzuim en daardoor extra inhuur. Bruto risico 500.000 euro Maatregelen De ontwikkelingen blijven volgen en beoordelen welke gevolgen het heeft in de nieuwe situatie waarin een voortdurende pandemie niet uitgesloten mag worden. Netto risico 250.000 euro
44
We onderkennen naast de hierboven gekwantificeerde risico’s ook risico’s zoals imagoschade. Gezien de aard hiervan verbinden we er geen bedragen aan. De belangrijkste beheersmaatregel is het streven naar kwaliteit en transparantie. Onvoorzien In de begroting 2023 is een post onvoorzien van 50.000 euro opgenomen. Fraude risico’s Wij onderkennen mogelijke fraude risico’s op het gebied van inkoop, urenverantwoording en declaraties. In het kader van preventie werken wij met functiescheiding, mandaatregeling en andere relevante normenkaders. Als aanvullende maatregelen hierop hanteren wij een zorgvuldig personeelsbeleid, een jaarlijkse gesprekscyclus en verwachten wij van ons management een voorbeeldfunctie. Rondom het proces uitkeringen zijn er inmiddels zoveel beheersmaatregelen genomen dat we het fraude risico laag inschatten. Denk aan GBA-koppeling, ingebouwde proces en ICT-controles, normeringen, functiescheiding, raadplegen SUWI net en inzet sociale recherche. In het eerste half jaar 2022 willen we een specifieke frauderisico analyse opstellen. Stille reserve Tegenover de risico’s staan ook stille reserves. Werkzaak kent stille reserves: • Aandelen Dariuz (Het verschil van waarde tussen de boekwaarde en het aandeel in het eigen vermogen).
“Mijn werkcoach heeft me heel erg geholpen en mij laten zien dat iedereen in de bijstand terecht kan komen. Dat dat helemaal geen schande is. Ze hielp me ook aan werk”
Werkzaak Rivierenland begroting 2023
45
7.1.2. Weerstandsvermogen Op grond van wettelijke voorschriften kan Werkzaak verplicht worden voorzieningen te vormen voor kwantificeerbare risico’s, verplichtingen en verliezen. Het beleid voor de vorming van het weerstandsvermogen is opgenomen in de gemeenschappelijke regeling Werkzaak Rivierenland. Hierin is bepaald dat, als het resultaat op het Programma bedrijfsvoering het toelaat, tot een plafond van 3% van de jaarlijkse exploitatielasten mag worden toegevoegd aan het weerstandsvermogen. Op basis van de begrote lasten over 2023 is het plafond bepaald op circa 2,899 miljoen euro. Het weerstandsvermogen dat nodig is om de netto risico’s af te dekken bedraagt 2,1 miljoen euro. Op de balansdatum bedraagt het weerstandsvermogen (Algemene reserve) 2,1 miljoen euro. Dit betekent een ratio van 1 ten opzichte van het benodigde weerstandsvermogen als afdekking van de risico’s. Ten opzichte van de in gemeenschappelijke regeling bepaalde 3% is het huidige weerstandsvermogen lager. Vermogen (* € 1.000) 2023 Beschikbare weerstandscapaciteit
2.100
Benodigde weerstandscapaciteit (risico’s)
2.100
Ratio weerstandsvermogen
1,00
7.1.3. Financiële kengetallen Het Besluit begroting en verantwoording (Bbv) bepaalt dat een basisset van financiële kengetallen moet worden opgenomen in de begroting en jaarrekening. Deze kengetallen hebben als doel om op een gemakkelijke wijze meer inzicht te geven in de financiële positie van onze organisatie. Het gaat om de volgende kengetallen: • Netto schuldquote • Netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) • Solvabiliteitsratio • Structurele exploitatieruimte Financiële kengetallen 2021
2022
2023
2024
2025
2026
Netto schuldquote
2,12%
5,16%
5,31%
4,72%
4,63%
5,10%
Netto schuldquote (gecorrigeerd voor leningen)
2,82%
5,96%
6,15%
5,56%
5,47%
5,10%
Solvabiliteitsratio
20,07%
35,49%
32,52%
33,85%
34,00%
35,48%
Structurele exploitatieruimte
0,05%
3,01%
1,13%
0,55%
0,06%
-0,36%
Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van onze schuldenlast tegenover onze eigen middelen. Het geeft een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Omdat er bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal worden terugbetaald, maken wij bij de berekening van de netto schuldquote onderscheid tussen het kengetal inclusief en exclusief de doorgeleende gelden. Op die manier wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en ook wat dat betekent voor de schuldenlast.
46
Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin wij in staat zijn om aan onze financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio verstaan wij het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal. Ons eigen vermogen bestaat volgens artikel 42 van het Bbv uit de reserves (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserve) en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een organisatie heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt het onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves te delen door de totale baten en uit te drukken in een percentage.
Werkzaak Rivierenland begroting 2023
47
7.2
Financiering
De uitvoering en ontwikkeling van het treasurybeleid wordt in deze paragraaf toegelicht. Daarnaast is aan het eind van deze paragraaf een toelichting opgenomen van de liquiditeitspositie over 2023. Algemene ontwikkelingen U leest hier de belangrijkste interne en externe ontwikkelingen die invloed kunnen hebben op de treasuryfunctie en de wettelijke kaders van de Wet financiering decentrale overheden (wet Fido), de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo), de Wet houdbare overheidsfinanciën (Wet Hof) en het verplicht schatkistbankieren voor decentrale overheden. Interne ontwikkelingen Werkzaak voldoet bij de uitvoering van de treasuryfunctie aan de wet- en regelgeving. Bij wet van 11 december 2013 tot wijziging van de Wet financiering decentrale overheden is het een verplichting geworden om overtollige liquide middelen aan te houden in de schatkist van het Rijk. Er mag een bedrag ter hoogte van 2.00% met een ondergrens van 1.000.000 euro van het jaarlijkse begrotingstotaal buiten de schatkist gehouden worden voor de uitvoering van dagelijkse taken. Externe ontwikkelingen De belangrijkste externe ontwikkelingen zijn (internationale) economische indicatoren met invloed op de geld- en kapitaalmarkt en wijzigingen in wet- en regelgeving.
Werkzaak kent geen zelf ontwikkelde rentevisie omdat er geen financieringsbehoefte meer is nadat er een langlopende lening voor de huisvesting is aangetrokken. Rentebeleid Door het beleid van de Europese Centrale Bank (ECB) zijn banken verplicht om rente te betalen aan de ECB. Hierdoor is BNG Bank vanaf 1 juli genoodzaakt om een negatieve rente in rekening te brengen over het saldo in rekening courant boven een bedrag van 500.000 euro. Dit heeft geleid tot een extra rentelast die we beperken door het saldo binnen deze grens te houden. Treasurybeheer Het treasurybeheer is de (beleids)uitvoering van de treasuryfunctie, binnen de kaders van de financiële verordening vastgelegd. De treasuryfunctie omvat alle activiteiten die zich richten op het sturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, financiële geldstromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s. Met de invoering van schatkistbankieren is de aandacht voor het volgen en bewaken van de banksaldi en de mutaties in ‘s Rijks schatkist verder geïntensiveerd. Risicobeheer Kasgeldlimiet Gegeven de permanente financieringsbehoefte, kunnen fluctuaties in de rentelasten risico’s met zich meebrengen. Om de risico’s zoveel mogelijk te beperken, is de kasgeldlimiet ingesteld.
De kasgeldlimiet stelt grenzen aan de mate waarin de financieringsbehoefte wordt afgedekt met kortlopende leningen, korter dan een jaar. De kasgeldlimiet is uitgedrukt in een percentage van de omvang van de begroting. Voor 2023 bedraagt dit, bij ministeriële regeling vastgestelde percentage, 8,2%. Op basis van de omvang van de begroting van 96.627.000 euro bedraagt deze 7,923 miljoen euro. Werkzaak maakt geen gebruik van kasgeldleningen.
48
Renterisico Om het risico van renteaanpassing en herfinancieren bij langlopende leningen (langer dan een jaar) te beperken is de renterisiconorm ingesteld. Deze norm is bij ministeriële regeling bepaald en houdt in, dat de jaarlijkse verplichte aflossing en renteherziening niet meer mag bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. Het begrotingstotaal bedraagt 96.627.000 euro. De renterisiconorm is dan 19,325 miljoen euro. De jaarlijkse aflossing is 105.000 euro. Dit betekent dat er nog voor 19,220 miljoen euro aan ruimte is. Kredietrisicobeheer Werkzaak loopt geen risico’s bij het uitzetten van geldmiddelen, behoudens het verstrekken van leningen en hypotheken. Omdat dit onderdeel, gecorrigeerd met een voorziening op de balans van gemeente staat is dit risico niet aanwezig. Frauderisico We voeren bij Werkzaak geen inventarisatie van frauderisico’s binnen de financiële processen uit. Het doel van deze frauderisico-analyse is vast te stellen hoe het staat met de kwaliteit van beheersing van frauderisico’s binnen onze organisatie en welke beheersingsmaatregelen er eventueel nog genomen moeten worden ter voorkoming van eventuele fraude. Fraude met bancaire middelen is het belangrijkste frauderisico in deze categorie. Er functioneren voldoende controle- en beheersingsmaatregelen en de frauderisico’s worden als ‘laag’ gekwalificeerd.
Financieringsbehoefte De aanwezige vaste activa zijn met lang vermogen gefinancierd, deels via een langlopende lening bij de BNG en deels met eigen vaste financieringsmiddelen (reserves). De financiële positie is goed en de financieringsverhoudingen op basis van de geprognosticeerde balans zijn gezond. Financieringsbehoefte Boekwaarde per 31-12-2023
Boekwaarde per 31-12-2022
9.103
9.687
3.417
3.924
Totaal kapitaalbeslag in vaste activa Financiering is als volgt Eigen vaste financieringsmiddelen (reserves en voorzieningen) Langlopende lening (BNG)
3.465
3.675
Totaal passiva
6.882
7.599
Financiering met vlottende activa
2.221
2.088
Lening portefeuille Oorspr.
Rente
hoofdsom Lening BNG
4.200
Looptijd
Afgelost in
(jaren) 1,40%
40
2056
Stand per
Stand per
31-12-22
31-12-23
3.675
3.465
Jaarlijks wordt 105.000 euro afgelost. De rentebetaling in 2023 bedraagt 49.400 euro.
Werkzaak Rivierenland begroting 2023
49
Renteschema Het renteschema laat zien dat de rentelasten worden toegerekend aan de projectfinanciering. Immers de lening is aangetrokken voor een specifiek doel. Dit betekent dat de renteomslag 0% bedraagt. In het onderstaande overzicht staat dit toegelicht. Renteschema (* € 1) 2023
2024
2025
2026
49.400
47.900
46.400
45.000
49.400
47.900
46.400
45.000
49.400
47.900
46.400
45.000
Financiering is als volgt: Externe rentelasten Externe rentebaten Saldo rentebaten en rentelasten Rente van projectfinanciering Taakveld toerekenen externe rente Rente over voorzieningen Rente over eigen vermogen Aan taakveld toe te rekenen rente Renteomslag 0%
Ontwikkeling liquiditeitspositie Op basis van de Wet Fido zijn decentrale overheden verplicht hun financiële middelen onder te brengen bij het Ministerie van Financiën (in de schatkist). Dagelijks worden overtollige geldmiddelen afgeroomd naar de schatkist. Op basis van de actuele liquiditeitsbehoefte worden naar behoefte opnames uit ‘s Rijksschatkist gedaan.
50
7.3
Onderhoud kapitaalgoederen
Het onderhoud van de kapitaalgoederen legt een beslag op de financiële middelen. Werkzaak kent alleen het kapitaalgoed van het pand Poppenbouwing. In deze paragraaf wordt hier dieper op ingegaan. Beleidskader Het beheerplan is het beleidskader voor het planmatig onderhoud aan het gebouw Poppenbouwing. Dit plan geeft inzicht in het noodzakelijke jaarlijkse en planmatige onderhoud. Het planmatig onderhoud egaliseren we in een reserve die gebaseerd is op kosten voor de komende tien jaar. Financieel beslag Het financieel beslag bestaat voor 2023 uit dagelijks onderhoud aan gebouw, terrein en machines van 137.200 euro. In de reserve wordt een bedrag toegevoegd van 51.800 euro. Eind 2023 bedraagt de reserve 158.200 euro. Het planmatig onderhoud is de eerste jaren beperkt en toont daarna een flinke piek die opgevangen kan worden uit deze reserve. Ontwikkeling In 2020 is gewerkt aan een nieuwe huisvestingsvisie. In 2021 startte de planvorming en het inkooptraject voor verduurzaming. Bij de vervanging van het dak wordt de isolatie en levensduur van het dak verbeterd. De uitvoering vindt plaats in de eerste helft van 2022. Aan het einde van de zomer plaatsen we ook zonnepanelen. Met deze en eerdere maatregelen verwachten wij terug te gaan naar 5% van het CO2-uitstoot ten opzichte van 2015.
Aansluitend wordt geïnvesteerd in het toevoegen van opslagruimte en aanpassing van het kantoor om op de veranderende behoefte van werken aan te sluiten. De nieuwbouw van extra opleidingsruimte (het Leerlab) is in 2021 voorbereid met een ontwerp op basis van de gebruikersbehoefte en aansluitend op de duurzaamheidsambitie. In de eerste helft van 2022 worden de definitieve kostencalculatie, de vergunningsaanvraag en het inkoop traject afgerond. In dit traject wordt intensief samengewerkt met de Leerwerkroute techniek en Bouwmensen. Zo geven we maximaal ruimte aan opleiding van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. We streven naar oplevering aan einde van 2022. De haalbaarheid is sterk afhankelijk van de beschikbare capaciteit in de bouwsector.
Werkzaak Rivierenland begroting 2023
51
7.4
Bedrijfsvoering
Inleiding De paragraaf bedrijfsvoering geeft inzicht in de stand van zaken en de beleidsvoornemens rondom de bedrijfsvoering. Met de bedrijfsvoering worden de bedrijfsvoeringsprocessen bedoeld die nodig zijn om de beleidsdoelstellingen uit de programma’s te realiseren. Visie Werkzaak wil optimaal inspelen op veranderingen die zich in- en extern voordoen. Een bedrijfsvoering die daarin optimaal ondersteunt is essentieel. Eén van de actielijnen uit het meerjarenbeleidsplan is Continu ontwikkelen op bedrijfsvoering. We werken daarom aan de onderdelen organisatieontwikkeling, human resourcemanagement, digitalisering, automatisering, facilitair en huisvesting. Interne controle Het dagelijks bestuur neemt naar verwachting vanaf boekjaar 2022 een verantwoording op in de jaarrekening over de rechtmatigheid van de relevante financiële beheershandelingen. Hiervoor is in 2020 al een plan van aanpak Rechtmatigheidsverantwoording opgesteld. Ter verbetering van de administratieve organisatie hebben wij een handboek administratieve organisatie inclusief plan van aanpak opgesteld. Daarmee heeft de organisatie handvatten voor een gestandaardiseerde en eenduidige administratieve organisatie (AO) die zij kan toepassen bij het optimaliseren van processen. Dit allemaal draagt bij aan het versterken van de controlefunctie in de organisatie.
In 2023 worden het plan van aanpak Rechtmatigheidsverantwoording en het handboek AO verder geïmplementeerd in de organisatie. In 2023 gaan we verder met het optimaliseren van onze belangrijkste processen waarbij we steeds op zoek gaan naar de juiste balans tussen rechtmatigheid, doelmatigheid en efficiency. Controles zullen dan steeds vaker procesgericht plaatsvinden in plaats van per dossier. Automatisering In 2021 is in een aanbesteding uitgevoerd voor de hardware. In 2021 en 2022 zijn alle 5 jaar oude laptops en werkplekken vervangen. Ook zijn de 3 jaar oude telefoons vervangen in 2022. Inkoopbeleid De budgethoudersregeling is geïmplementeerd en er is een plan gemaakt om de prestatieverklaring te borgen in het financieel systeem; dit gaan we in 2022 doen. Hiermee zorgen wij voor verdere borging van het inkoopproces. Privacy- en informatiebeveiliging We zijn aan de slag gegaan met het jaarplan privacy en het herzien van het informatiebeveiligingsbeleid. Het jaar stond in het teken van de basis op orde en de mogelijkheid om verder te kunnen bouwen aan een organisatie die naar onbewust bekwaam gaat. Het creëren van bewustzijn in de hele organisatie was een belangrijk onderdeel. Het bestaande informatiebeveiligingsbeleid is herzien aan de hand van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid.
Het werken vanuit eigenaarschap, risicomanagement en een Plan-Do-Check-Act cyclus staan bij privacy en informatiebeveiliging centraal. In 2022 bouwen we deze stappen verder uit.
52
Op het gebied van informatiebeveiliging zorgt Werkzaak met de leveranciers voor up-to-date systemen, beveiligingsmaatregelen en goede monitoring van risico’s. Hierdoor minimaliseren we de wereldwijde ICT risico’s zoals het Citrix lek, Phising mail en ransome ware. Planning & Control De planning- en control cyclus is gebaseerd op het principe van Deming: plan–do–check–act. Het is een cyclisch proces op meerdere (besturings)niveaus: strategisch, tactisch en operationeel. In 2022 maken we nog stappen maken in het doorontwikkelen van de Kadernota, begroting, bestuursrapportage, maandrapportage en jaarrekening. Nu de informatievoorziening steeds meer aan de voorkant komt te liggen, komen de budgethouders in positie; dit bouwen we verder uit. Budgetten In het kader van de bestuurlijke agenda worden de bedrijfsvoeringskosten en opbrengsten Wsw afgerekend op basis van het profijtbeginsel. In de onderstaande tabel maken we deze berekening inzichtelijk. 2023 Bedragen (in €) Totaal
Inkomen
Wsw
Beschut
SW LKS
Inkomen
Overhead
19.266.100
5.569.600
3.265.000
986.200
264.100
3.468.700
5.712.500
658.800
658.800
-
-
-
-
-
Lasten Salarissen Directe kosten Inkomen Kosten hallen Poppenbouwing
768.700
-
404.100
60.600
-
111.800
192.200
Materiële kosten
4.168.700
-
-
-
-
-
4.168.700
Totaal lasten
24.862.300
6.228.400 3.669.100 1.046.800
264.100
3.580.500 10.073.400
Baten Projecten
133.000
-
-
-
-
133.000
-
Participatiebudget
3.793.600
-
-
1.261.000
-
2.532.600
-
Inleenvergoeding
-2.860.100
-
- -1.046.100
-
-1.814.000
-
Omzet
7.870.200
-
791.500
-
1.105.600
-
Reserve
- 5.973.100 1.006.400
-
1.957.200
-
Totaal baten
8.936.700
Saldo van baten en lasten
15.925.600
Verdeling overhead Totaal
Werkzaak Rivierenland begroting 2023
5.973.100
6.228.400 -2.304.000
40.400
264.100
1.623.300 10.073.400
4.008.200
2.640.600
753.400
190.100
2.481.100 -10.073.400
15.925.600 10.236.600
336.600
793.800
454.200
4.104.400
-
53
7.5
Verbonden partijen
In deze paragraaf gaan we in op samenwerkingsverbanden met een bestuurlijk of financieel belang voor Werkzaak Rivierenland. • Een bestuurlijk belang houdt in dat Werkzaak Rivierenland zeggenschap heeft, of door een zetel in het bestuur van de organisatie, of uit hoofde van een stemrecht. • Er is een financieel belang wanneer Werkzaak Rivierenland middelen ter beschikking heeft gesteld en die verliest bij een eventueel faillissement van de verbonden partij. Werkzaak kent de volgende vier verbonden partijen: Stichting Flex & Zeker Omschrijving Vestigingsplaats
Geldermalsen
Rechtspositie
Stichting
Doel en openbaar belang
Arbeidsbemiddeling
Zeggenschap
Directeur Werkzaak Rivierenland
Bestuurlijk Belang
100% eigenaar
Betrokkene
GR Werkzaak Rivierenland
Risico’s
Deze komen voor rekening van GR Werkzaak Rivierenland
Relatie met programma’s
Arbeidsparticipatie en Begeleide participatie
Eigen Vermogen
Eigen vermogen per 31-12-2020 € 0 Eigen vermogen per 31-12-2021 € 0
Vreemd vermogen
Vreemd vermogen per 31-12-2020 € 0 Vreemd vermogen per 31-12-2021 € 0
Financieel resultaat
€0
Risico’s
Vanwege de fiscale eenheid komen de risico’s voor GR Werkzaak Rivierenland
Veranderingen in het jaar
Er hebben zich geen veranderingen voorgedaan
Ontwikkelingen
Er zijn geen ontwikkelingen
54
Stichting Werkzaak Plus Omschrijving Vestigingsplaats
Tiel
Rechtspositie
Stichting
Doel en openbaar belang
• Het voorzien in de flexibiliteitsbehoefte van werkgevers door medewerkers met een afstand
tot de arbeidsmarkt en overige werkzoekenden onder begeleiding van mentoren in de gelegenheid te stellen werkzaamheden te verrichten voor werkgevers. • Het zijn van de formele werkgever voor een deel van het staf- en kaderpersoneel
Zeggenschap
Deelnemende gemeenten van GR Werkzaak Rivierenland
Bestuurlijk Belang
100% eigenaar
Betrokkene
GR Werkzaak Rivierenland
Risico’s
Geen
Relatie met programma’s
Inkomensondersteuning, Arbeidsparticipatie, Begeleide participatie en Bestuur en Ondersteuning
Eigen Vermogen
Eigen vermogen per 31-12-2020 € 0 Eigen vermogen per 31-12-2021 € 0
Vreemd vermogen
Vreemd vermogen per 31-12-2020 € 0 Vreemd vermogen per 31-12-2021 € 0
Financieel resultaat
€0
Risico’s
Vanwege de fiscale eenheid komen de risico’s voor GR Werkzaak Rivierenland
Veranderingen in het jaar
Er hebben zich geen veranderingen voorgedaan
Ontwikkelingen
Er zijn geen ontwikkelingen
Dariuz B.V. Omschrijving Vestigingsplaats
Eindhoven
Rechtspositie
Besloten Vennootschap
Doel en openbaar belang
Organisaties binnen de sociale zekerheid te ondersteunen bij het realiseren van duurzame deelname van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt
Zeggenschap
Deelnemende gemeenten van GR Werkzaak Rivierenland
Bestuurlijk Belang
3420 van de 18.948 geplaatste aandelen (18,1%)
Betrokkene
GR Werkzaak Rivierenland
Risico’s
Geen
Relatie met programma’s
Inkomensondersteuning, Arbeidsparticipatie, Begeleide participatie en Bestuur en Ondersteuning
Eigen Vermogen
Eigen vermogen per 31-12-2019 € 558.400 Eigen vermogen per 31-12-2020 € 812.300
Vreemd vermogen
Vreemd vermogen per 31-12-2019 € 0 Vreemd vermogen per 31-12-2020 € 0
Financieel resultaat
2020: € 255.900. Dividend 2020 ontvangen € 36.100 en interim-dividend 2021 € 27.075
Risico’s
Op de balans staat een aandelenvermogen van € 3.420
Veranderingen in het jaar
Er hebben zich geen veranderingen voorgedaan
Ontwikkelingen
Geen
Werkzaak Rivierenland begroting 2023
55
De coöperatieve streekmotor Puur Betuws U.A. Omschrijving Vestigingsplaats
West Betuwe
Rechtspositie
Coöperatie
Doel en openbaar belang
Het inrichten van een korte voedselvoorzieningsketen, waarbij de opslag en distributie plaatsvindt door de talenten van Werkzaak Rivierenland om een circulaire, ecologische en inclusieve arbeidsmarkt en duurzamere samenleving te creëren.
Zeggenschap
Algemene ledenvergadering van de coöperatie, waarin Werkzaak, vanuit haar lidmaatschap, ook stemrecht heeft
Bestuurlijk Belang
Mede invloed aanwenden op circulaire en inclusieve arbeidsmarkt en samenleving.
Betrokkene
GR Werkzaak Rivierenland
Risico’s
De risico’s liggen bij de coöperatie met uitgesloten aansprakelijkheid
Relatie met programma’s
Arbeidsparticipatie, Begeleide participatie en Bestuur en Ondersteuning
Eigen Vermogen
Eigen vermogen per 31-12-2021 - € 55.387
Vreemd vermogen
Vreemd vermogen per 31-12-2021 € 35.000
Financieel resultaat
€ - 55.387
Risico’s
Door Corona (lock down en sluiting horeca) blijft de omzet achter; ook omdat deze organisatie niet in aanmerking komt voor de steunmaatregelen van het Rijk. Met partners zijn we in gesprek om het tekort voor 2021 af te dekken.
Veranderingen in het jaar
Er hebben zich geen veranderingen voorgedaan
Ontwikkelingen
Vanuit Regio Deal wordt € 200.000,- ontvangen in de opstartfase.
“Dit werk past perfect bij mij. Vooral het contact met klanten maakt dit werk tot mijn droombaan!”
56
8 Bijlagen 8.1
Bijlage 1: Begroting per taakveld
Bedragen (in €) Rekening
Begroting
Begroting
2021
2022
2023
Meerjarenraming 2024
2025
2026
100.100
100.100
Lasten 0.1 Bestuur
-
142.500
100.100
100.100
0.4 Overhead
12.898.500
6.752.400
12.072.000
11.974.900
0.5 Treasury
83.400
50.800
49.400
47.900
46.400
45.000
-
50.000
50.000
50.000
50.000
50.000
-
-
-
-
-
0.8 Overige baten en lasten 0.9 Vennootschapsbelasting
-
Sub-Totaal 0 BESTUUR EN ONDERSTEUNING
12.981.900
6.3 Inkomensregelingen
52.654.600 56.900.200
6.4 Begeleide participatie
11.903.500 11.902.300
6.995.700 12.271.500 12.172.900 12.100.000 12.097.400 50.152.500
52.165.000
53.694.700 54.871.100
-
26.836.000
20.814.000
19.777.400
18.847.900 17.887.600
6.5 Arbeidsparticipatie
32.824.100
7.463.000
12.662.900
12.189.200
11.748.000 11.753.700
Sub-Totaal 6 SOCIAAL DOMEIN
85.478.700 91.199.200 83.629.400 84.131.600 84.290.600 84.512.400
Totaal lasten
98.460.600 98.194.900 95.900.900 96.304.500 96.390.600 96.609.800
Baten 0.1 Bestuur 0.4 Overhead 0.5 Treasury
-
-
-
-
-
14.409.200 14.905.600
15.925.600
16.269.500
16.474.400 16.692.600
122.300
50.800
79.400
77.900
76.400
75.000
0.8 Overige baten en lasten
-
-
-
-
-
-
0.9 Vennootschapsbelasting
-
-
-
-
-
-
Sub-Totaal 0 BESTUUR EN ONDERSTEUNING
14.531.500 14.956.400 16.005.000 16.347.400 16.550.800 16.767.600
6.3 Inkomensregelingen
48.953.600 49.815.700
6.4 Begeleide participatie
45.833.200
47.825.000
49.380.400 50.557.400
-
28.762.500
27.640.500
26.268.900
25.083.200 23.918.800
6.5 Arbeidsparticipatie
35.084.300
4.510.300
5.915.000
5.790.500
5.353.500
Sub-Totaal 6 SOCIAAL DOMEIN
84.037.900 83.088.500 79.388.700 79.884.400 79.817.100 79.869.600
Totaal baten
98.569.400 98.044.900 95.393.700 96.231.800 96.367.900 96.637.200
Saldo van baten en lasten
108.800
-150.000
-507.200
-72.700
-22.700
5.393.400
27.300
Reservemutaties 0.10 Toevoeging aan reserves
55.000
-
-
-
-
-
0.10 Onttrekking aan reserves
317.200
150.000
507.200
72.700
22.700
-27.300
Saldo reservemutaties
262.200
150.000
507.200
72.700
22.700
-27.300
0.11 Resultaat van baten en lasten
371.000
-
-
-
-
-
Werkzaak Rivierenland begroting 2023
57
8.2
Bijlage 2: Gemeentelijke bijdrage
Bijdrage 2023 Bijdrage 2023 Buren
Culemborg
Maasdriel
Tiel
NederBetuwe
Levensonderhoud BUIG
6.208.400
Inkomsten BUIG Levensonderhoud IOAW
West Maas West Betuwe
Zaltbommel
Totaal
3.926.200
34.984.300
en Waal
2.697.200
14.060.800
-106.500
-46.300
-241.200
-42.500
-96.300
-67.200
-600.000
439.200
201.300
695.400
256.200
530.700
292.800
2.415.600
Levensonderhoud IOAZ
3.900
6.500
3.900
2.600
2.600
19.500
BBZ
91.500
36.600
54.900
91.500
329.400
Stelpost
2.473.800
5.617.900
54.900
426.000
185.800
935.400
-
172.700
392.000
272.500
2.384.400
7.062.500
3.081.100
15.509.200
-
2.862.800
6.499.200
4.518.400
39.533.200
Rijksvergoeding BUIG
7.044.200
3.404.900
16.231.300
2.669.800
7.288.700
4.457.300
41.096.200
Resutaat BUIG (6.3)
18.300
-323.800
-722.100
193.000
-789.500
61.100
-1.563.000
Extern
375.800
328.900
704.700
258.400
610.700
415.000
2.693.500
Beschut
198.600
37.900
321.500
37.900
189.200
85.200
870.300
Flex/WWA
81.700
36.400
726.600
63.500
118.100
81.700
1.108.000
Lasten BUIG
-
-
Stelpost
112.200
104.200
50.300
-
128.300
77.800
-7.200
465.600
Lasten LKS
768.300
507.400
1.803.100
-
488.100
995.800
574.700
5.137.400
Rijksvergoeding LKS
768.300
507.400
1.803.100
488.100
995.800
574.700
5.137.400
Resutaat LKS (6.3)
-
-
-
-
-
-
-
-
Herverdeling (6.3)
-9.200
161.900
361.100
-
-96.500
394.800
-30.600
781.500
Kredietverstrekking
38.500
38.500
57.700
19.100
57.700
38.500
250.000
Aflossing voor 2020
-29.700
-59.200
-83.800
-17.900
-28.800
-75.400
-294.800
-4.300
-7.300
-14.600
-4.800
-7.000
-5.100
-43.100
4.500
-28.000
-40.700
-
-3.600
21.900
-42.000
-87.900
Rijksvergoeding
3.200
-19.600
-28.500
-
-2.500
15.300
-29.400
-61.500
Resutaat BBZ (6.3)
1.300
-8.400
-12.200
-
-1.100
6.600
-12.600
-26.400
5.000
45.000
15.000
225.000
-
5.000
45.000
15.000
225.000
Aflossing na 2020 Netto lasten BBZ
-
Bijzondere bijstand
50.000
10.000
100.000
Resultaat bijzondere bijstand (6.3)
50.000
10.000
100.000
Bijzondere bijstand
397.400
Uitvoeringskosten
397.400
144.600
DVO bijzondere bijstand (6.3)
-
-
-
-
542.000
144.600 -
-
542.000
Schuldhulpverlening
120.000
120.000
Uitvoeringskosten
25.600
25.600
DVO schuldhulpverlening (6.71)
-
-
-
-
145.600
-
-
145.600
1.335.500
2.184.400
954.500
4.939.100
699.900
-
2.087.200
1.774.700
13.975.300
Werzaak-plus BWL
354.800
580.300
253.600
1.312.100
185.900
-
554.500
471.400
3.712.600
Loonkostensubsidie BW SW
53.400
160.300
85.500
310.000
85.500
-
106.900
203.100
1.004.700
Overige kosten
43.900
73.600
32.500
165.100
24.400
-
69.200
61.600
470.300
Netto lasten SW
1.787.600
2.998.600
1.326.100
6.726.300
995.700
-
2.817.800
2.510.800
19.162.900
Rijksvergoeding
1.723.100
3.133.400
1.554.600
7.217.300
1.034.100
2.848.300
2.853.100
20.363.900
64.500
-134.800
-228.500
-491.000
-38.400
-30.500
-342.300
-1.201.000
Salarisen WSW Inleenvergoeding
Resultaat Wsw (6.4) 58
Salarissen
36.000
DVO WIW (6.5)
36.000
-
35.900 -
-
-
35.900
71.900 -
-
-
71.900
Aflossing na 2020 Netto lasten BBZ
-
-4.300
-7.300
-14.600
-4.800
-7.000
-5.100
-43.100
4.500
-28.000
-40.700
-
-3.600
21.900
-42.000
-87.900
Rijksvergoeding
3.200
-19.600
-28.500
-
-2.500
15.300
-29.400
-61.500
Resutaat BBZ (6.3)
1.300
-8.400
-12.200
-
-1.100
6.600
-12.600
-26.400
5.000
45.000
15.000
225.000
-
5.000
45.000
15.000
225.000
Bijzondere bijstand
50.000
10.000
100.000
Resultaat bijzondere bijstand (6.3)
50.000
10.000
100.000
vervolg bijdrage 2023 Bijzondere bijstand
397.400
397.400
Uitvoeringskosten
144.600
144.600
Bijdrage 2023 DVO bijzondere bijstand (6.3)
Buren
Schuldhulpverlening
Culemborg
Maasdriel
-
-
Tiel
NederBetuwe
Uitvoeringskosten Levensonderhoud BUIG DVO schuldhulpverlening (6.71) Inkomsten BUIG
6.208.400 -106.500
2.697.200 -46.300
14.060.800 -241.200
-
Salarisen WSW IOAW Levensonderhoud
2.184.400 439.200
954.500 201.300
4.939.100 695.400
699.900
3.900
6.500
3.900
580.300 91.500
253.600 36.600
1.312.100 54.900
1.335.500
Inleenvergoeding Levensonderhoud IOAZ Werzaak-plus BWL BBZ
354.800
-
-
542.000
West Maas West Betuwe 120.000 en Waal 25.600 2.473.800 5.617.900 145.600 -42.500 -96.300
542.000
Zaltbommel
Totaal 120.000
256.200
2.087.200 530.700
2.600 185.900
-
554.500 54.900
3.926.200 -67.200
25.600 34.984.300 145.600 -600.000
1.774.700 292.800
13.975.300 2.415.600
2.600
19.500
471.400 91.500
3.712.600 329.400
Loonkostensubsidie BW SW Stelpost
53.400
160.300 426.000
85.500 185.800
310.000 935.400
85.500 -
172.700
106.900 392.000
203.100 272.500
1.004.700 2.384.400
Overige kosten Lasten BUIG
43.900 -
73.600 7.062.500
32.500 3.081.100
165.100 15.509.200
24.400 -
2.862.800
69.200 6.499.200
61.600 4.518.400
470.300 39.533.200
Netto lasten SW Rijksvergoeding BUIG
1.787.600
2.998.600 7.044.200
1.326.100 3.404.900
6.726.300 16.231.300
995.700
2.669.800
2.817.800 7.288.700
2.510.800 4.457.300
19.162.900 41.096.200
Rijksvergoeding Resutaat BUIG (6.3)
1.723.100
3.133.400 18.300
1.554.600 -323.800
7.217.300 -722.100
1.034.100 -
193.000
2.848.300 -789.500
2.853.100 61.100
20.363.900 -1.563.000
Resultaat Wsw (6.4) Extern
64.500
-134.800 375.800
-228.500 328.900
-491.000 704.700
-38.400
258.400
-30.500 610.700
-342.300 415.000
-1.201.000 2.693.500
Salarissen Beschut
36.000
198.600
37.900
321.500
35.900
37.900
189.200
85.200
71.900 870.300
DVO WIW (6.5) Flex/WWA
36.000
81.700
36.400
726.600
35.900
63.500
118.100
81.700
71.900 1.108.000
112.200
104.200
50.300
-
-7.200
-
507.400 507.400
1.803.100 1.803.100
-
128.300 107.100 488.100 107.100 488.100
77.800
768.300 768.300
995.800 995.800
574.700 574.700
465.600 107.100 5.137.400 107.100 5.137.400
Klassiek/nieuw Resutaat LKS WAJONG (6.3)
647.900 -
117.200 -
1.801.200 -
-
147.400 -
251.900 -
200.200 -
3.165.800 -
Nieuw begeleiding Herverdeling (6.3) Budget Corona
233.100 -9.200 -
195.500 161.900 -
621.500 361.100 -
-
72.700 -96.500 -
273.100 394.800 -
180.400 -30.600 -
1.576.300 781.500 -
-
881.000 38.500
312.700 38.500
2.422.700 57.700
-
220.100 19.100
525.000 57.700
380.600 38.500
4.742.100 250.000
Aflossing voor 2020 SW-dienstverband 32.200 Aflossing na 2020 SW-LKS 24.200 Netto lasten BBZ Bedrijfsvoeringskosten SW (0.4) 56.400 Rijksvergoeding
-29.700 52.600 -4.300 72.500 4.500 125.100 3.200
-59.200 23.000 -7.300 38.700 -28.000 61.700 -19.600
-83.800 119.100 -14.600 140.200 -40.700 259.300 -28.500
38.700 55.600 -
-17.900 -4.800 -3.600 -2.500
-28.800 50.300 -7.000 48.300 21.900 98.600 15.300
-75.400 42.700 -5.100 91.800 -42.000 134.500 -29.400
-294.800 336.600 -43.100 454.200 -87.900 790.800 -61.500
1.300
-8.400
-12.200
37.000 -
-1.100
6.600
-12.600
104.000 -26.400
Stelpost KP-4 uitvoeringskosten Lasten LKS DVO KP-4 (6.5) Rijksvergoeding LKS
Totaal Participatiebudget (6.5) Kredietverstrekking
Toeslag Resutaat(0.4) BBZ (6.3)
67.000
Aantal uitkeringen Bijzondere bijstand
16.900
4.900
2.445.700 50.000
1.156.900 10.000
5.511.300 100.000
4.900
1.049.500 5.000
2.416.400 45.000
1.659.700 15.000
14.249.300 225.000
Verdeling oud model bijstand (6.3) 4.900 Resultaat bijzondere
2.445.700 50.000
1.156.900 10.000
5.511.300 100.000
4.900 -
1.049.500 5.000
2.416.400 45.000
1.659.700 15.000
14.249.300 225.000
Verdeling Bijzonderegemeentefonds bijstand
1.302.800
733.500
2.679.400
592.900 397.400
1.418.300
922.500
7.649.400 397.400
Verdeling aantal personen Uitvoeringskosten
4.900
1.131.900
535.400
2.550.600
4.900
485.700 144.600
1.118.300
768.100
6.599.800 144.600
Verdeling nieuwbijstand model (6.3) DVO bijzondere
4.900
2.434.700 -
1.268.900 -
5.230.000 -
4.900 -
1.078.600 542.000
2.536.600 -
1.690.600 -
14.249.200 542.000
Op basis van 50% versus 50% Schuldhulpverlening
4.900
2.440.200
1.212.900
5.370.600
4.900
1.064.100 120.000
2.476.500
1.675.200
14.249.300 120.000
Uitvoeringskosten Bijdrage Inkomen DVO schuldhulpverlening (6.71) Bijdrage Werk 1.787.600
7.876.100 3.879.600
3.732.400 1.638.800
17.732.700 9.149.000
995.700
25.600 3.255.800 145.600 220.100
7.956.700 3.342.800
5.035.500 2.891.400
25.600 45.589.200 145.600 23.905.000
DVO Salarisen WSW
36.000 1.335.500
2.184.400
954.500
4.939.100
35.900 699.900
794.700 -
2.087.200
1.774.700
866.600 13.975.300
Bijdrage bedrijfsvoering Inleenvergoeding
128.300
2.565.300
1.274.600
5.629.900
97.500
1.064.100
2.575.100
1.809.700
15.144.100
Totaal Werzaak-plus BWL
1.951.900 354.800
14.321.000 580.300
6.645.800 253.600
32.511.600 1.312.100
1.129.100 185.900
5.334.700 -
13.874.600 554.500
9.736.600 471.400
85.504.900 3.712.600
Loonkostensubsidie BW SW
53.400
160.300
85.500
310.000
85.500
-
106.900
203.100
1.004.700
Overige kosten
43.900
73.600
32.500
165.100
24.400
-
69.200
61.600
470.300
Netto lasten SW
1.787.600
2.998.600
1.326.100
6.726.300
995.700
-
2.817.800
2.510.800
19.162.900
Rijksvergoeding
1.723.100
3.133.400
1.554.600
7.217.300
1.034.100
2.848.300
2.853.100
20.363.900
64.500
-134.800
-228.500
-491.000
-38.400
-30.500
-342.300
-1.201.000
Resultaat Wsw (6.4)
Werkzaak Rivierenland begroting 2023
Salarissen
36.000
DVO WIW (6.5)
36.000
-
59
35.900 -
-
-
35.900
-
-
-
71.900
71.900
Bijdrage 2024 Bijdrage 2024 Buren
Culemborg
Maasdriel
Tiel
NederBetuwe
Levensonderhoud BUIG
6.272.300
Inkomsten BUIG Levensonderhoud IOAW
West Maas West Betuwe
Zaltbommel
Totaal
3.958.100
35.335.500
en Waal
2.729.200
14.204.400
-106.500
-46.300
-241.200
-42.500
-96.300
-67.200
-600.000
439.200
201.300
713.700
256.200
530.700
292.800
2.433.900
Levensonderhoud IOAZ
3.900
6.500
3.900
2.600
2.600
19.500
BBZ
54.900
18.300
36.600
54.900
201.300
Stelpost
2.505.700
5.665.800
36.600
604.600
263.900
1.335.200
-
247.000
556.800
384.800
3.392.300
7.268.400
3.172.900
16.052.600
-
2.969.000
6.693.600
4.626.000
40.782.500
Rijksvergoeding BUIG
7.280.800
3.508.000
16.751.500
2.745.300
7.501.800
4.598.000
42.385.400
Resutaat BUIG (6.3)
-12.400
-335.100
-698.900
223.700
-808.200
28.000
-1.602.900
Extern
422.800
360.200
783.000
281.900
681.200
462.000
2.991.100
Beschut
217.600
37.900
359.400
37.900
208.000
94.600
955.400
Flex/WWA
81.700
36.400
726.600
63.500
118.100
81.700
1.108.000
Lasten BUIG
-
-
Stelpost
157.200
146.200
194.700
-
175.400
132.400
19.500
825.400
Lasten LKS
879.300
580.700
2.063.700
-
558.700
1.139.700
657.800
5.879.900
Rijksvergoeding LKS
879.300
580.700
2.063.700
558.700
1.139.700
657.800
5.879.900
Resutaat LKS (6.3)
-
-
-
-
-
-
-
-
Herverdeling (6.3)
9.300
251.300
524.200
-
-167.800
606.200
-21.000
1.202.200
Kredietverstrekking
38.500
38.500
57.700
19.100
57.700
38.500
250.000
Aflossing voor 2020
-23.800
-47.300
-67.000
-14.300
-23.000
-60.400
-235.800
-7.000
-10.000
-18.600
-6.100
-11.000
-7.800
-60.500
7.700
-18.800
-27.900
-
-1.300
23.700
-29.700
-46.300
Rijksvergoeding
5.400
-13.200
-19.500
-
-900
16.600
-20.800
-32.400
Resutaat BBZ (6.3)
2.300
-5.600
-8.400
-
-400
7.100
-8.900
-13.900
5.000
45.000
15.000
225.000
-
5.000
45.000
15.000
225.000
Aflossing na 2020 Netto lasten BBZ
-
Bijzondere bijstand
50.000
10.000
100.000
Resultaat bijzondere bijstand (6.3)
50.000
10.000
100.000
Bijzondere bijstand
397.400
Uitvoeringskosten
397.400
144.600
DVO bijzondere bijstand (6.3)
-
-
-
-
542.000
144.600 -
-
542.000
Schuldhulpverlening
120.000
120.000
Uitvoeringskosten
25.600
25.600
DVO schuldhulpverlening (6.71)
-
-
-
-
145.600
-
-
145.600
1.255.400
2.053.400
897.200
4.642.800
657.900
-
1.961.900
1.668.200
13.136.800
Werzaak-plus BWL
333.500
545.500
238.300
1.233.300
174.800
-
521.200
443.200
3.489.800
Loonkostensubsidie BW SW
50.200
150.700
80.400
291.200
80.400
-
100.500
190.900
944.300
Overige kosten
41.900
70.300
31.100
157.700
23.300
-
66.000
58.900
449.200
Netto lasten SW
1.681.000
2.819.900
1.247.000
6.325.000
936.400
-
2.649.600
2.361.200
18.020.100
Rijksvergoeding
1.714.000
3.091.700
1.470.800
7.108.200
977.200
2.790.700
2.686.900
19.839.500
Resultaat Wsw (6.4)
-33.000
-271.800
-223.800
-783.200
-40.800
-141.100
-325.700
-1.819.400
Salarisen WSW Inleenvergoeding
60
Salarissen
36.000
DVO WIW (6.5)
36.000
-
35.900 -
-
-
35.900
71.900 -
-
-
71.900
Aflossing na 2020
-7.000
Netto lasten BBZ
-
-10.000
-18.600
-6.100
-11.000
-7.800
-60.500
7.700
-18.800
-27.900
-
-1.300
23.700
-29.700
-46.300
Rijksvergoeding
5.400
-13.200
-19.500
-
-900
16.600
-20.800
-32.400
Resutaat BBZ (6.3)
2.300
-5.600
-8.400
-
-400
7.100
-8.900
-13.900
5.000
45.000
15.000
225.000
-
5.000
45.000
15.000
225.000
Bijzondere bijstand
50.000
10.000
100.000
Resultaat bijzondere bijstand (6.3)
50.000
10.000
100.000
vervolg bijdrage 2024 Bijzondere bijstand
397.400
397.400
Uitvoeringskosten
144.600
144.600
DVO bijzondere bijstand (6.3) Bijdrage 2024
Buren
Schuldhulpverlening
Culemborg
Maasdriel
-
-
Tiel
NederBetuwe
Uitvoeringskosten Levensonderhoud BUIG DVO schuldhulpverlening (6.71) Inkomsten BUIG
6.272.300 -106.500
2.729.200 -46.300
14.204.400 -241.200
-
Salarisen WSW IOAW Levensonderhoud
2.053.400 439.200
897.200 201.300
4.642.800 713.700
657.900
3.900
6.500
3.900
545.500 54.900
238.300 18.300
1.233.300 36.600
1.255.400
Inleenvergoeding Levensonderhoud IOAZ Werzaak-plus BWL BBZ
333.500
-
-
542.000
West Maas West Betuwe 120.000 en Waal 25.600 2.505.700 5.665.800 145.600 -42.500 -96.300
542.000
Zaltbommel
Totaal 120.000
256.200
1.961.900 530.700
2.600 174.800
-
521.200 36.600
3.958.100 -67.200
25.600 35.335.500 145.600 -600.000
1.668.200 292.800
13.136.800 2.433.900
2.600
19.500
443.200 54.900
3.489.800 201.300
Loonkostensubsidie BW SW Stelpost
50.200
150.700 604.600
80.400 263.900
291.200 1.335.200
80.400 -
247.000
100.500 556.800
190.900 384.800
944.300 3.392.300
Overige kosten Lasten BUIG
41.900 -
70.300 7.268.400
31.100 3.172.900
157.700 16.052.600
23.300 -
2.969.000
66.000 6.693.600
58.900 4.626.000
449.200 40.782.500
Netto lasten SW Rijksvergoeding BUIG
1.681.000
2.819.900 7.280.800
1.247.000 3.508.000
6.325.000 16.751.500
936.400
2.745.300
2.649.600 7.501.800
2.361.200 4.598.000
18.020.100 42.385.400
Rijksvergoeding Resutaat BUIG (6.3)
1.714.000
3.091.700 -12.400
1.470.800 -335.100
7.108.200 -698.900
977.200 -
223.700
2.790.700 -808.200
2.686.900 28.000
19.839.500 -1.602.900
Resultaat Wsw (6.4) Extern
-33.000
-271.800 422.800
-223.800 360.200
-783.200 783.000
-40.800
281.900
-141.100 681.200
-325.700 462.000
-1.819.400 2.991.100
Salarissen Beschut
36.000
217.600
37.900
359.400
35.900
37.900
208.000
94.600
71.900 955.400
DVO WIW (6.5) Flex/WWA
36.000
81.700
36.400
726.600
35.900
63.500
118.100
81.700
71.900 1.108.000
157.200
146.200
194.700
-
19.500
-
580.700 580.700
2.063.700 2.063.700
-
175.400 107.100 558.700 107.100 558.700
132.400
879.300 879.300
1.139.700 1.139.700
657.800 657.800
825.400 107.100 5.879.900 107.100 5.879.900
Klassiek/nieuw Resutaat LKS WAJONG (6.3)
647.300 -
117.800 -
1.798.200 -
-
147.300 -
253.600 -
200.600 -
3.164.800 -
Nieuw begeleiding Herverdeling (6.3) Budget Corona
250.700 9.300
210.300 251.300 -
668.600 524.200 -
-
78.200 -167.800 -
293.900 606.200 -
194.100 -21.000 -
1.695.800 1.202.200 -
-
898.000 38.500
328.100 38.500
2.466.800 57.700
-
225.500 19.100
547.500 57.700
394.700 38.500
4.860.600 250.000
Aflossing voor 2020 SW-dienstverband 35.400 Aflossing na 2020 SW-LKS 24.100 Netto lasten BBZ Bedrijfsvoeringskosten SW (0.4) 59.500 Rijksvergoeding
-23.800 58.000 -7.000 72.400 7.700 130.400 5.400
-47.300 25.300 -10.000 38.600 -18.800 63.900 -13.200
-67.000 131.100 -18.600 139.900 -27.900 271.000 -19.500
38.600 57.200 -
-14.300 -6.100 -1.300 -900
-23.000 55.400 -11.000 48.200 23.700 103.600 16.600
-60.400 47.100 -7.800 91.600 -29.700 138.700 -20.800
-235.800 370.900 -60.500 453.400 -46.300 824.300 -32.400
2.300
-5.600
-8.400
34.000 -
-400
7.100
-8.900
96.000 -13.900
Stelpost KP-4 uitvoeringskosten Lasten LKS DVO KP-4 (6.5) Rijksvergoeding LKS
Totaal Participatiebudget (6.5) Kredietverstrekking
Toeslag Resutaat(0.4) BBZ (6.3)
62.000
Aantal uitkeringen Bijzondere bijstand
18.600
4.700
2.424.300 50.000
1.148.100 10.000
5.465.200 100.000
4.700
1.043.700 5.000
2.410.000 45.000
1.646.200 15.000
14.146.900 225.000
Verdeling oud model bijstand (6.3) 4.700 Resultaat bijzondere
2.424.300 50.000
1.148.100 10.000
5.465.200 100.000
4.700 -
1.043.700 5.000
2.410.000 45.000
1.646.200 15.000
14.146.900 225.000
Verdeling Bijzonderegemeentefonds bijstand
1.331.600
754.400
2.754.500
609.600 397.400
1.454.300
951.600
7.856.000 397.400
erdeling aantal personen Uitvoeringskosten
4.700
1.077.100
510.100
2.428.400
4.700
463.700 144.600
1.070.900
731.400
6.291.000 144.600
Verdeling nieuwbijstand model (6.3) DVO bijzondere
4.700
2.408.700 -
1.264.500 -
5.182.900 -
4.700 -
1.073.300 542.000
2.525.200 -
1.683.000 -
14.147.000 542.000
Op basis van 50% versus 50% Schuldhulpverlening
4.700
2.412.600
1.235.400
5.253.500
4.700
1.065.900 120.000
2.496.400
1.673.800