CConstaterende datZaltbommel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Regioarrangement Rivierenland

Raadsvergadering 9 november 2023, gemeente ZaltbommelBij agendapunt: Regio arrangement fruitdelta Rivierenland20.668 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

REGIOARRANGEMENT FRUITDELTA RIVIERENLAND

FruitDelta Rivierenland groeit en bloeit

Versie 5 september 2023

1

1 Inhoudsopgave Samenvatting ........................................................................................................................................ 4 1 Waarom een regioarrangement voor FruitDelta Rivierenland? ..................................................... 8 1.1

Aanleiding ................................................................................................................................ 8

1.2

Wat is een regioarrangement? ................................................................................................ 8

2 Wat voor regio zijn we? ...................................................................................................................10 2.1

Waarden en kwaliteiten ..........................................................................................................10

2.2

Welke regio willen we zijn? .................................................................................................... 11

3 Sturende principes ........................................................................................................................... 13 3.1

Ruimtelijke kwaliteit .............................................................................................................. 13

3.1.1

Introductie ...................................................................................................................... 13

3.1.2

Delta van grote rivieren ................................................................................................. 13

3.1.3

Ruimtelijke kwaliteit staat onder druk ......................................................................... 14

3.1.4

Focusvraagstukken ruimtelijke kwaliteit ...................................................................... 14

3.2

Water en bodem sturend ........................................................................................................ 17

3.2.1

Introductie ...................................................................................................................... 17

3.2.2

Het binnendijks gebied .................................................................................................. 18

3.2.3

Rivieren, uiterwaarden en dijken ................................................................................. 20

3.2.4

Rol van water ................................................................................................................. 20

3.3

Brede welvaart ........................................................................................................................ 21

3.3.1

Introductie ...................................................................................................................... 21

3.3.2

Brede Welvaart in Rivierenland ................................................................................... 22

4 Ruimtelijke samenhang .................................................................................................................. 23 4.1

Perspectief natuur en landbouw ........................................................................................... 23

4.1.1

Vitaal Landelijk Gebied Gelderland (VLGG) ............................................................... 23

4.1.2

Perspectief landbouw .................................................................................................... 24

4.1.3

Perspectief natuur ......................................................................................................... 26

4.2

Perspectief energievoorzieningen ......................................................................................... 30

4.2.1

Introductie ..................................................................................................................... 30

4.2.2

Knelpunten en uitdagingen ........................................................................................... 31

4.2.3

Kansen en/of dilemma’s ................................................................................................ 31

4.3

Perspectief leefbare dorpen en steden .................................................................................. 33

4.3.1

Introductie ..................................................................................................................... 33

4.3.2

Behoud van leefbaarheid .............................................................................................. 34

4.3.3

Werklocaties en bedrijventerreinen ............................................................................. 35

4.3.4

Recreatie en toerisme ....................................................................................................37

4.3.5

Cultuur voor een leefbaar en inspirerend FruitDelta Rivierenland ........................... 39

4.3.6

Mobiliteit ....................................................................................................................... 40

5 De afwegingen met elkaar .............................................................................................................. 43 5.1

Integrale vraagstukken regio FruitDelta Rivierenland ........................................................ 43

5.1.1

Ruimtelijke kwaliteit (gebruikswaarde, belevingswaarde en toekomstwaarde)........ 43

5.1.2

Water en bodem sturend .............................................................................................. 43

5.1.3

Biodiversiteit ................................................................................................................. 43

5.1.4

Klimaatadaptatie ........................................................................................................... 43

5.1.5

Land- en tuinbouw ........................................................................................................ 44

5.1.6

Energie ........................................................................................................................... 44

5.1.7

Leefbaarheid en verstedelijking ................................................................................... 44

5.1.8

Cultureel erfgoed en recreatie en toerisme .................................................................. 45

5.1.9

Mobiliteit ....................................................................................................................... 45

5.2

Aanpak.................................................................................................................................... 45

6 De regio in 2030 met doorkijk naar 2050 ......................................................................................47 7 Hoe werken we samen .................................................................................................................... 48 7.1

Hoe worden we deze regio? ................................................................................................... 48

7.2

Welke samenwerkingsvorm kiezen we ................................................................................. 48

7.3

Hoe sturen we op voortgang en wat is daarvoor nodig? ...................................................... 49

7.4

Samenwerking en overleg met betrokkenen in gebied ........................................................ 49

Bijlagen ................................................................................................................................................ 50

3

Samenvatting FruitDelta Rivierenland is een regio gevormd door de Tielerwaard, de Culemborgerwaard, de Betuwe, de Bommelerwaard en het westen van het Land van Maas en Waal. Drie grote rivieren domineren het gebied: de Maas, de Rijn en de Waal. Zij vormen een cruciale schakel in de Nederlandse delta. De afwisseling van weidse rivieren en uiterwaarden, kleinschalige, besloten oeverwallen en open kommen kenmerkt het landschap van het Rivierenland. In de regio werken acht gemeenten Buren, Culemborg, Maasdriel, Neder-Betuwe, Tiel, West Betuwe, West Maas en Waal en Zaltbommel samen. Ze doen dat ook in de Regio-organisatie FruitDelta Rivierenland. De Regio-organisatie heeft samen met de gemeenten en andere partners de Gebiedsagenda 2.0 opgesteld. Deze fungeert als onderligger van het regioarrangement. De regio heeft ruim 250.000 inwoners en kent in totaal ongeveer 80 kernen. Wat voor regio zijn we? FruitDelta Rivierenland kent een sterke identiteit, maar is ook een regio waar de ruimtelijke kwaliteit onder druk staat. Op de oeverwallen is veel van de kleinschaligheid van het landschap verloren gegaan door verstedelijking, agrarisch gebruik en de aanleg van grote bedrijfsgebouwen en kassen. De A2, A15 en provinciale wegen trekken steeds meer bedrijvigheid aan, waardoor het open en landelijk karakter van de komgronden wordt aangetast.

De nieuwe ruimtevragen, voor wonen, werken en energie, zetten de ruimtelijke kwaliteit van de regio steeds verder onder druk. De ruimtelijke ordening en inrichting moeten passend blijven bij de identiteit van de regio. Het is van belang de juiste functie op de juiste plek te situeren en de inrichting aan te laten sluiten bij het karakter van het landschap, de steden en de dorpen. Het unieke landschap en de ruimte bieden kansen. De ambities van FruitDelta Rivierenland zijn: - krachtige landbouwregio, toonaangevend in fruit- en boomteelt en andere tuinbouwgewassen, met sterke steden en dorpen waar we veilig wonen en werken; - een robuust groen-blauw raamwerk voor biodiversiteit en toekomstig waterbeheer; - (inter)nationaal, regionaal en lokaal goed verbonden door wegen en water; - inzetten op energiebesparing en duurzame energie; - voorbereid op een toekomst met meer wateroverlast, droogte en hitte; - meer recreatie en toerisme, in balans tussen draagkracht van de omgeving en toeristische druk; - leefbaarheid kernen, brede welvaart en kracht van kleine gemeenschappen benutten Kansen en dilemma’s 1. Natuur en landbouw FruitDelta Rivierenland bestaat voor een groot deel uit landbouw- en natuurgebieden. Landbouw is een onderdeel van de identiteit en drager van het landschap.

Het landelijk gebied wordt dooraderd door een natuurnetwerk, gekoppeld aan de grote rivieren en natte komgronden met weteringen. De regio staat voor de uitdaging om een toekomstbestendige landbouwregio te zijn, in balans met robuuste natuurwaarden. Via het programma Vitaal Landelijk Gebied Gelderland (VLGG) geven we samen met de provincie uitvoering aan dit perspectief. Wat betreft natuur zijn de grote rivieren als lange natuurlinten bepalend. Iedere rivier heeft haar eigen kenmerkende natuurwaarden: de Waal is hoog-dynamisch en ruig, de Nederrijn-Lek en de Maas zijn laag-dynamisch door de stuwen en de omgeving van Sint Andries is uniek: hier komen twee Europese riviersystemen (Maas en Waal) bij elkaar. In de binnendijkse gebieden rijgen de

Linge en de weteringen natuurgebieden aaneen en ook op de oeverwallen bevinden zich natuurgebieden, zoals op landgoederen. De landbouw heeft een sterke relatie met de ondergrond. In de rivierkomgronden bevinden zich grootschalige weidegebieden met melkveehouderij, op de oeverwallen liggen van oudsher de akkers, fruitgaarden en -geconcentreerd bij Opheusden- laanboomteelt. De Bommelerwaard (Zaltbommel en Maasdriel) en West Betuwe kennen glastuinbouw en Maasdriel kent ook veel paddenstoelenteelt. In diverse uiterwaarden wordt nog vee geweid. De regio FruitDelta Rivierenland is een krachtige landbouwregio en wil dat blijven. De ruimtelijke druk op het agrarisch gebied is groot, de stikstofproblematiek relatief beperkt. Om in de toekomst een krachtige landbouwregio te blijven, zetten we in op versterking van de regionale samenwerking. 2. Energievoorzieningen Het toekomstbestendig maken van de energievoorziening is essentieel. Met het vaststellen van de Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 FruitDelta Rivierenland committeerden de RES-partners zich aan de opwerk van 1,2 TWh ofwel 1.200 GWh duurzame elektriciteit per jaar uit wind en zon in 2030. Energiebesparing, opwek van duurzame elektriciteit en duurzame warmte zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Een grote uitdaging voor Rivierenland is ruim 80 kernen een alternatief voor aardgas te bieden zonder heel veel extra elektriciteit te gebruiken, omdat er geen grote warmtebronnen zijn In het samenwerkingsverband ‘Gelderse Energie-Infrastructuur’ (GEIS) werken provincie, netbeheerders en Gelderse RES-regio’s samen aan het oplossen van knelpunten in de bestaande energie-infrastructuur én aan de ontwikkeling van een toekomstig energiesysteem. Dit is cruciaal, want een goed functionerend energiesysteem is een sturende randvoorwaarde voor veel andere opgaven, zoals woonagenda, warmtetransitie, regionaal programma werklocaties (RPW) en klimaatneutrale mobiliteit. 3. Leefbare steden en dorpen Het behouden of verbeteren van de leefbaarheid in steden en dorpen in de regio is een belangrijk punt van aandacht. In dorpen staat het voortbestaan van voorzieningen onder druk zoals winkels, het openbaar vervoer, het dorpshuis, de sportvoorzieningen en het culturele aanbod. In FruitDelta Rivierenland blijft het geboortesaldo tot minstens 2040 positief. De bevolking zal groeien naar 275.000 in 2030 en 290.000 inwoners in 2040. In de Woondeal Rivierenland zijn afspraken gemaakt voor de bouw van 13.000 woningen. Recreatie en toerisme kunnen bijdragen aan het behouden van voorzieningen en daarmee de leefbaarheid in de dorpen en steden.

Inwoners van de regio geven aan dat er te weinig culturele voorzieningen zijn. Ook deelname aan sportverenigingen is lager dan in andere regio’s. De goede bereikbaarheid en de daaraan gekoppelde bedrijvigheid brengen werkgelegenheid met zich mee. Bestaande afspraken over werklocaties en bedrijventerreinen zijn het vertrekpunt, waarbij ook wordt geanticipeerd op ruimtebehoefte na 2030. De unieke ligging tussen de rivieren geeft de regio haar identiteit, maar het brengt ook uitdagingen met zich mee op het gebied van mobiliteit. De regio heeft een Uitvoeringsagenda Mobiliteit 2023-2026 ontwikkeld. Recreatie en toerisme dient waardevol te worden ingezet om voorzieningen te behouden (vergroten leefbaarheid), voldoende recreatie mogelijk te maken (versterken vitaliteit van inwoners) en het landschappelijke karakter van de regio beleefbaar te maken. Recreatie en toerisme is een middel om integraal bij te dragen aan de uitdagingen van de toekomst in de regio. Opgaven De opgaven versterken elkaar, maar kunnen soms ook botsen. Het regioarrangement beoogt vanuit een visie op de samenhang de opgaven per gebied te agenderen. Onze ambities tot 2030 5

zetten we hier kort op een rij. Hierin moeten in de vervolgstap van de gebiedsprogramma’s integrale afwegingen plaatsvinden. Wat betreft natuur zetten we in op: - versterking van biodiversiteit door groen-blauwe dooradering van het landelijk gebied; - gebiedsprogramma’s waarin we het natuurperspectief uitwerken; - integrale uitvoeringsprojecten voor afronding van GNN, uitvoering maatregelen Natura 2000 en realisatie GO met EVZ’s; - concretisering van overgangsgebieden Natura 2000; - uitvoering van Gelderse Maatregelen Stikstof; - inrichting van klimaatrobuuste weteringen (zoals Boven-Linge), met realisatie van KRWopgaven, landschapsversterking en recreatieve toegankelijkheid; - realisatie van Programmatische Aanpak Grote Wateren (PAGW) Sint Andries met integrale gebiedsaanpak; - het benutten van de Linge als structuurdrager voor klimaatbuffers. Wat betreft landbouw zetten we in op: - gebiedsprogramma’s waarin we het landbouwperspectief uitwerken; - aanpakken van knelpunten op het wegennet door de agrarische verkeersdruk; - het samen met de sectoren onderzoeken en uitwerken van consequentie water en bodem sturend, waaronder toekomstige waterbeschikbaarheid; - versterking van de ruimtelijke kwaliteit van het agrarisch landschap door middel van groen-blauwe dooradering, stimuleren erfbeplanting en een visie op teeltondersteunende voorzieningen.

Op het gebied van de energievoorzieningen zetten we in op: - energie besparen - realisatie van de RES-ambities; - het beter in beeld krijgen van de samenhang tussen elektriciteit en warmte, ook in combinatie met de thema’s wonen, werklocaties, mobiliteit en specifieke sectoren zoals de glastuinbouw en keramische industrie en integraal programmeren - onderzoek naar de impact van netcongestie op de realisatiemogelijkheden van belangrijke opgaven zoals RES, woonagenda, warmtetransitie, regionaal programma werklocaties en de klimaatneutrale mobiliteit; - versnellen van (en voorkomen van vertraging in) de realisatie van de energieinfrastructuur èn het integraal programmeren ervan; - ontwikkelen van slimme regionale energie-oplossingen om netcongestie te reduceren; - ontwikkelen van een visie op een benodigd/gewenst energiesysteem, richting 2040 en verder. Om de leefbaarheid van dorpen en steden te behouden en te versterken zetten we in op: - ruimte voor ontmoetingen, sport en bewegen en cultuurbeleving bij het ontwerpen van nieuwe buurten en wijken; - onderzoek hoe een minimum aan voorzieningen in dorpen kan blijven bestaan; - het creëren van een openbare ruimte die uitnodigt tot bewegen en ook bijdraagt aan ontmoeting en leefbaarheid; - Afspraken over aantallen woningen en locatiekeuze, met oog voor water en bodem sturend, klimaatadaptatie en ruimtelijke kwaliteit.

-

-

-

Afspraken over wel/niet faciliteren van stedelijke druk vanuit Randstad, Utrecht, ’sHertogenbosch en Arnhem/Nijmegen. Met oog voor onder andere water en bodem sturend. ruimte voor huisvesting van bijzondere doelgroepen zoals ouderen, zorgvragers, arbeidsmigranten, statushouders, vluchtelingen, etc. regionaal nadenken over de ruimtelijke inpassing van sociale voorzieningen. Die nodig zijn voor bijvoorbeeld ouderen, beschermd wonen, GGZ-problematiek, etc. Op basis van de vraag ‘wie moet waar wonen’ en vervolgens ‘wat is hier voor nodig’. een afweging maken voor ontwikkeling van XXL-logistiek locaties op verschillend ruimtelijk functioneel schaalniveau, die samenhangt met leefbaarheid. Zoals beschikbare fysieke ruimte, aantrekkingskracht op logistiek, wegcapaciteit, belastbaarheid van het onderliggend wegennet en bijdrage aan brede welvaart van inwoners

Wat betreft werklocaties en bedrijventerreinen zetten we in op: - anticiperen op de ruimtebehoefte in de periode na 2030; - het beter benutten van bestaande bedrijventerreinen; - het faciliteren van alleen die grootschalige bedrijven die van regionale meerwaarde zijn; - het cluster Tiel als één van de drie provinciale locaties voor grootschalige logistiek (XXL). Dit verbinden we met de afweging voor ontwikkeling van XXL-logistiek in samenhang met leefbaarheid, zoals hierboven genoemd onder kopje leefbaarheid - Voldoende ruimte voor lokale ontwikkelingen (MKB) op lange termijn. Wat betreft recreatie en toerisme zetten we in op: - het faciliteren van groei in recreatie en toerisme in de steden en dorpen; - het beleefbaar en toegankelijk maken van het landelijk gebied; - vijf regionale identiteitsopgaven: rivierbeleving, gastvrije binnensteden, agrotoerisme, cultuurhistorische landmarks en regiopromotie; - marketing en promotie van de drie streken binnen de regio: Betuwe, Bommelerwaard en Land van Maas en Waal.

Wat betreft mobiliteit zetten we in op: - betrouwbare regionale autoverbindingen, met oog voor doorstroming en leefbaarheid; - een veilig en compleet regionaal autonetwerk; - een mobiliteitsketen die op orde is, met aandacht voor goede oeververbindingen en behoud van veren als cruciale verbindingen in de keten; - stimuleren van het gebruik van de fiets en bereikbaarheid van het OV; - een risico gestuurde aanpak van verkeersveiligheid in de regio; - een schonere automobiliteit en het stimuleren van slim en innovatief reisgedrag. We willen de komende jaren een gezamenlijk proces ingaan om de betekenis van water bodem sturend en klimaatadaptatie met langjarige klimaateffecten -zoals extreme pieken en dalen, langjarige droogte en zeespiegelstijging- te vertalen naar maatregelen in het heden. Zodat er ruimte is voor een passende transitie van landbouw, (rivier)natuur en doordachte structurerende keuzes in ruimtegebruik op de hogere en lagere delen van de regio. De als bijlage bijgevoegde plaat geeft een visualisering van de regionale opgaven in FruitDelta Rivierenland (Bijlage 1). Regio FruitDelta Rivierenland groeit en bloeit!

7

1

1.1

Waarom een regioarrangement voor FruitDelta Rivierenland?

Aanleiding

Het Rijk wil vanuit de nationale opgaven weten wat er ruimtelijk wel of niet mogelijk is in de provincie Gelderland. Voor de overheden in Gelderland vraagt dit om een eenduidige en afgestemde koers voor de komende 25 jaar. We hebben als gemeenten, waterschap, Rijk en provincie veel plannen op het gebied van wonen, infrastructuur, natuur, landbouw, recreatie, energieopwekking en bedrijven. Er spelen uitdagingen op het gebied van stikstof en klimaat, de kwaliteit van het bodem- en watersysteem en de zorg voor voldoende grond- en drinkwater. Als gezamenlijke overheden staan we aan de lat voor deze uitdagingen. Veel ruimtevragers als wonen, natuur en landbouw overlappen elkaar en onze beschikbare ruimte is schaars. Daarom moeten we slimme keuzes maken voor de korte én lange termijn. Dat kan de provincie Gelderland niet alleen; het is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle betrokken overheden. Om hier invulling aan te geven worden in de provincie Gelderland voor zeven regio’s regioarrangementen gemaakt, waaronder het regioarrangement voor de regio FruitDelta Rivierenland. Deze zeven regioarrangementen vormen gezamenlijk de basis van het provinciale, ruimtelijke voorstel aan het rijk. Op basis van dit ruimtelijke voorstel worden door provincie en rijk verdere afspraken gemaakt in een zogenaamd ruimtelijk arrangement.

Dit zijn wederkerige bestuurlijke afspraken tussen het rijk en provincie over de ruimtelijke inpassing en uitvoering van nationale opgaven. Dit is inclusief wat daarvoor nodig is aan instrumenten en middelen. In dit regioarrangement wordt de gezamenlijke agenda en ambitie vastgelegd van de regio FruitDelta Rivierenland en de provincie Gelderland. Een agenda en ambitie die aansluit bij de identiteit van deze regio. De regionale opgaven worden verbeeld op de bijbehorende kaart: de Agenderende integrale opgaven kaart (Bijlage 1). Om de grote opgaven gerealiseerd te krijgen, hebben we elkaar hard nodig. Zo zorgen we met elkaar voor welvaart en welzijn voor deze en volgende generaties in Gelderland en in regio FruitDelta Rivierenland in het bijzonder.

1.2

Wat is een regioarrangement?

In het regioarrangement worden de gezamenlijke ambities, doelen en opgaven beschreven voor de leefomgeving in regio FruitDelta Rivierenland voor de komende tijd. Dit gebeurt via drie sturende principes, te weten ruimtelijke kwaliteit, water en bodemsturend en brede welvaart. Het regionaal perspectief daarbij is 2030, met een doorkijk naar 2050. Het uitgangspunt is dat met het regioarrangement in aanvang geen nieuw beleid wordt vastgesteld. Daar waar bijstelling van bestaand beleid nodig is, is het regioarrangement agenderend voor bestuurlijke en politieke besluitvorming bij de betreffende overheden. Het regioarrangement is geen instrument onder de Omgevingswet.

Het regioarrangement staat voor een langjarige samenwerking. Met daarbinnen afspraken zoals het aanwijzen van gebieden waarvoor een gebiedsprogramma wordt opgesteld. In deze gebiedsprogramma’s worden afspraken verder uitgewerkt. Dit zijn afspraken over verdeling van rollen en verantwoordelijkheden, uitvoering van maatregelen en de inzet van instrumenten. Gebiedsprogramma’s worden via de betrokken partners, waaronder gemeenteraden, uiteindelijk vastgesteld. Bij de uitvoering van de gebiedsprogramma’s kunnen de eigen verantwoordelijkheden en rollen van de verschillende overheden worden bepaald en afgesproken. Dit gebeurt altijd vanuit de gezamenlijke ambities en doelstellingen voor de hele regio. Het regioarrangement dient als regionaal ruimtelijk perspectief en als samenwerkingskader. De concrete uitvoering van ambities uit het regioarrangement vindt plaats door middel van het vaststellen van specifieke gebiedsprogramma’s door betrokken partners die direct verantwoordelijk zijn. Participatie met maatschappelijke organisaties en inwoners vindt met name plaats bij het opstellen van de toekomstige gebiedsprogramma’s. Deze bevatten een integrale gebiedsvisie met ruimtelijk perspectief en scenario’s voor integrale oplossingen voor doelen en ambities die in het regioarrangement zijn meegegeven.

Hier hoort een opsomming bij van maatregelen, projecten en instrumenten die nodig zijn voor de uitvoering op gebiedsniveau. Ook beschrijft het de uitvoeringsorganisatie en de wijze van monitoring van de voortgang. Gebiedsprogramma’s worden vastgesteld door de betrokken overheden in het gebied. Het waterschap wordt hierbij in ieder geval geconsulteerd. Gebiedsprogramma’s die beperkt zijn tot een deel van de regio, maar die hun uitwerking naar de hele regio hebben, worden bij voorkeur regionaal vastgesteld. Zodat er meer gedeeld eigenaarschap ontstaat.

9

2

Wat voor regio zijn we?

2.1

Waarden en kwaliteiten

FruitDelta Rivierenland is een regio in de zuidwestelijke vleugel van de provincie Gelderland in het midden van Nederland, met bijna een kwart miljoen inwoners. Het gebied wordt gevormd door de Tielerwaard, de Culemborgerwaard, de Betuwe, de Bommelerwaard en het westen van het Land van Maas en Waal. In de regio werken de acht gemeenten Buren, Culemborg, Maasdriel, Neder-Betuwe, Tiel, West Betuwe, West Maas en Waal en Zaltbommel samen met de vijf O’s (overheid, onderzoek, onderwijs, ondernemers en ondernemende burgers). FruitDelta Rivierenland heeft een uniek landschap met afwisseling tussen de kleinschaligheid van oeverwallen en de karakteristieke vergezichten van de komgebieden. In een delta van water, fruit, historische steden en dorpen en kastelen moeten ongeveer 300 kilometer aan dijken enerzijds voor droge voeten zorgen. Met de vroegere evacuaties van gebieden op het netvlies, zoals de Bommelerwaard, zijn waterveiligheid en klimaatadaptatie grote opgaven. Anderzijds zorgt het water voor het bloeien en groeien in de regio en is het een bron van welvaart. Het gebied heeft veel agrarisch grondgebruik en is bekend om de fruit- en laanboomteelt naast paddenstoelenteelt en glastuinbouw. Drie grote rivieren domineren het gebied: de Maas, de Rijn en de Waal. Zij vormen een cruciale schakel in de Nederlandse delta.

De kwaliteiten van het Rivierenland zijn gelegen in het rivierenlandschap met zijn ‘breede rivieren traag door oneindig laagland.’ Ook de Linge is van belang om hierbij te noemen. De afwisseling van weidse rivieren en uiterwaarden, kleinschalige, besloten oeverwallen en open kommen kenmerkt het landschap van het Rivierenland. Vanwege het unieke landschap en de ruimte liggen er kansen voor recreatie en toerisme. De kwaliteit van het Rivierenland is echter ook zijn centrale ligging in het land en de goede bereikbaarheid die een ruimtelijke dynamiek met zich meebrengt. Sectoren die hier baat bij hebben, zoals logistiek en de agrarische sector zijn dan ook goed vertegenwoordigd in de regio. Van oorsprong is in de regio met name gebouwd op de oeverwallen. De inwoners vormen een unieke verzameling van verschillende gemeenschappen, gevestigd in ongeveer 80 karakteristieke steden, dorpen en kernen, die van oudsher gescheiden van elkaar zijn door het water en de dijken. Doordat inwoners van oudsher sterk op elkaar waren aangewezen, is samenwerking onderdeel geworden van een gedeelde identiteit. De wederzijdse afhankelijkheid en gedeelde normen en waarden zorgden voor een gevoel van verbondenheid. Dit is de basis van de veerkracht in de regio, juist omdat solidariteit en aanpassingsvermogen in het DNA zit. Dat zorgt voor diversiteit van de bevolking, maar ook voor ondernemerschap.

Dit is zeer kenmerkend voor de regio; het grote aantal gebiedscoöperaties en burgerinitiatieven die vrijwel elk maatschappelijk terrein bestrijken, illustreren dit. Economisch bestaan er nauwe banden met de aangrenzende provincies en regio’s. De A2 en A15 doorkruisen het gebied en vormen respectievelijk een belangrijke kennis-as (AmsterdamEindhoven) en de logistieke as Rotterdam-Duitsland. Samen met de rivier De Waal en spoorlijnen zijn dit de belangrijkste vervoercorridors voor de regio. FruitDelta Rivierenland kent een krachtig en gevarieerd theateraanbod, gebracht via uiteenlopende podia. Er zijn bekende evenementen en publiekstrekkers, waaronder Appelpop,

Culemborg Blues en het fruitcorso, en er zijn diverse expositieruimten, kunstroutes, musea, galeries en broedplaatsen voor culturele makers. Tiel heeft een belangrijke regiofunctie voor cultuur.

2.2

Welke regio willen we zijn?

De samenwerkende overheden in regio FruitDelta Rivierenland zien vanuit de bovenstaande typering van de identiteit van de regio en vanuit de aan te pakken complexe opgaven, dat de krachten moeten worden gebundeld om een aantal regionale ambities gezamenlijk na te streven. Die ambities zijn voor regio FruitDelta Rivierenland de volgende. De opsomming is niet in volgorde van belangrijkheid. • Een krachtige land- en tuinbouwregio met sterke steden en dorpen De term landbouw gebruiken we in dit regioarrangement als containerbegrip voor land- en tuinbouw. We zijn toonaangevend in fruitteelt, boomteelt, glastuinbouw en paddenstoelenteelt op de oeverwallen en zijn daarbij meer waterzelfvoorzienend en biodivers. We ontwikkelen bestaande duurzame melkveehouderij op komgronden in samenhang met natuur-, waterbeheer en recreatie. We kennen een aantal sterke steden en dorpen die van belang zijn voor regionale werkgelegenheid en voorzieningen. We ontwikkelen woon- en werklocaties voor de lokale en regionale behoefte en leefbaarheid, waarbij het vanuit de provinciale gidsprincipes voor water en bodem sturend gewenst is om de focus te leggen op de oeverwallen . We koesteren daarbij onze kleinschaligheid (geen grootschalige woningbouw), sparen het landschap door focus op inbreiding. Nieuwe landelijk woonconcepten in het buitengebied bieden kansen om kwaliteit te maken.

• Met een robuust groen-blauw raamwerk We hebben een robuust raamwerk voor biodiversiteit en toekomstbestendig waterbeheer. Zo pakken we droogte aan en zijn we voorbereid op wateroverlast, ook voor klimaatadaptatie op de langere termijn. We combineren dit met recreatie. • (Inter)nationaal goed verbonden We benutten de grote rivieren voor scheepvaart en watergebonden bedrijvigheid, zorgen voor goede doorstroming op de A2, A15 en het onderliggend wegennet. De infrastructuur wordt goed ingepast. We investeren in een hoogwaardig openbaar vervoernetwerk en goede (snel) fietsverbindingen voor lokale bereikbaarheid. • Met duurzame energie We willen minder energie verbruiken en de energie die wordt verbruikt lokaal en duurzaam opwekken. Het toekomstbestendig maken van de energievoorziening in Rivierenland is essentieel. We richten ons daarbij op hernieuwbare energiebronnen zoals elektriciteit uit zon en wind en warmte uit andere bronnen dan aardgas. We zoeken oplossingen voor het probleem van netcongestie en ontwikkelen een energiesysteem dat ook past bij het karakter en de toekomstige behoeften van de regio. •

Voorbereid op een toekomst met meer wateroverlast, droogte en hitte

We hebben aantrekkelijke groene en leefbare kernen waar het goed wonen, werken en recreëren is. We nemen beperking van wateroverlast, droogte en hitte integraal mee als ontwerpuitgangspunt bij de (her)inrichting van onze kernen. Met groen en water als bouwstenen 11

zorgen we ervoor dat onze bestaande en nieuw te ontwikkelen bedrijventerreinen gewapend zijn tegen wateroverlast en hittestress. Daarnaast is de hoofdinfrastructuur van (snel)wegen, spoorwegen en waterwegen klimaatrobuust ingericht. De land- en tuinbouw is zo ingericht dat het zo min mogelijk last heeft van de gevolgen van wateroverlast, droogte en hitte. Denk aan waterzelfvoorzienendheid en toepassing van klimaatbestendige teelten. We zetten in op het behouden en versterken van (natte) natuur, het vergroten van de biodiversiteit en het zoeken naar nieuwe natuurdoelen op andere plekken. Deze groenblauwe dooradering faciliteert waterberging en voorraad van zoet water voor de functies in het gebied en is tevens aantrekkelijk voor natuur en recreatie. We beschermen onze kostbare zoetwatervoorraad in de ondergrond. Bij het toewerken naar deze ambities is water en bodem een belangrijk sturend principe. We benutten continue slimme combinaties van oplossingsrichtingen en multifunctioneel ruimtegebruik. • Voortbouwend op de historisch gegroeide identiteit We investeren in landschapskwaliteit; uiterwaarden als landschapspark, meer beplanting op oeverwallen, openheid en natte natuur in kommen. Bedrijventerreinen worden goed ingepast.

We zorgen voor onze historische parels, benutten deze voor recreatie en toerisme en investeren in de Hollandse Waterlinies als landschap van wereldklasse en maken de ondergrondse Limes beleefbaar. • In brede welvaart en welzijn Kleine gemeenschappen zijn onze kracht en identiteit, ontwikkelingen passen bij de maat en schaal van onze regio en dragen bij aan de leefbaarheid en komen met lokale betrokkenheid tot stand. We proberen daarnaast de bereikbaarheid en betaalbaarheid van regionale voorzieningen, met name op het gebied van wonen en zorg, in onze (centrum)steden te behouden en liefst te versterken. De onderwerpen zoals hierboven genoemd worden nader uitgewerkt in de hoofdstukken 3 en 4.

3

Sturende principes

In het regioarrangement worden drie sturende principes gehanteerd, die gezien moeten worden als uitgangspunten. Bij elk toekomstscenario of ruimtelijke ontwikkeling moet worden voldaan aan deze principes, namelijk: • • •

3.1 3.1.1

rekening houden met de ruimtelijke kwaliteiten van de Regio FruitDelta Rivierenland rekening houden met de randvoorwaarden die het bodem- en watersysteem stelt bijdragen aan de brede welvaart van de bewoners van de Regio FruitDelta Rivierenland.

Ruimtelijke kwaliteit Introductie

Ruimtelijke kwaliteit en aandacht voor de eigenheid van het landschap van FruitDelta Rivierenland komt in alle gemeentelijke omgevingsvisies terug. Ook in regionale visies, zoals de Ruimtelijk strategische visie1 van de regio en de Gebiedsagenda2, komt het thema aan bod. Via de Regio Deal Gonzend Rivierenland3 werken gemeenten samen aan het versterken van landschappelijke dwarsverbanden tussen grote rivieren. Provincie Gelderland heeft de kernkwaliteiten en ontwikkeldoelen beschreven in de Gelderse Streekgidsen4. Ook in het provinciaal handelingsperspectief Gelderse Rivieren 5 heeft ruimtelijke kwaliteit een prominente plek. Al deze visies en beleidsdocumenten herkennen de kernkwaliteiten van FruitDelta Rivierenland en erkennen de knelpunten en toenemende druk op de kwaliteit. Deze visies en beleidsdocumenten missen echter de stap van beleid naar uitvoering. Het ontbreekt aan een integrale aanpak, aan uitvoeringskracht en middelen. Met de voorziene gebiedsprogramma’s willen we deze stap zetten. In hoofdstuk 5 (Afwegingen met elkaar) gaan we hier verder op in. Ruimte voor ontwikkeling van FruitDelta Rivierenland wordt gestuurd door de door provincie en gemeenten vastgestelde en zo nodig te actualiseren omgevingsvisies en omgevingsplannen.

3.1.2

Delta van grote rivieren

Regio FruitDelta Rivierenland dankt zijn bestaan en karakter aan de ligging in de delta van de grote Europese rivieren Rijn en Maas. Ze hebben het landschap gevormd, economische voorspoed en culturele rijkdom gebracht. Dynamische rivieren, agrarische polders en historische dorpen en steden vormen samen de identiteit van de regio. De Maas is een samenspel van oude meanders en een gekanaliseerde rivierloop met bakenbomen, de Waal is groots en dynamisch met veel scheepvaart en de Nederrijn-Lek is als gestuwde rivier een stuk rustiger en meer gericht op recreatie. Ook de Linge is karakteristiek, waarbij de natuurlijk gevormde Beneden-Linge sterk meanderend is en de Boven-Linge een rechtlijnige, 1 Ruimtelijke Strategische Visie Regio Rivierenland, Regio FruitDelta Rivierenland,

juni 2019

2 FruitDelta Gebiedsagenda, Regio FruitDelta Rivierland, oktober 2022

3 Gonzend Rivierenland; de Fruitmotor Gonzend Rivierenland goed van start (defruitmotor.nl) 4 Gelderse Streekgidsen

Gelderse streekgidsen (gelderland.nl)

5 Panorama Gelderse Rivieren, provinciaal handelingsperspectief Gelders Panorama voor de Rivieren

(gelderland.nl)

13

cultuurtechnische oorsprong heeft. Uniek is het gebied bij Sint Andries waar de Maas en de Waal elkaar bijna raken. De binnendijkse gebieden zijn vooral landbouwgebieden. De oeverwallen zijn van oorsprong een kleinschalig mozaïek van fruitteelt en akkerbouw, en tegenwoordig ook het domein van boomteelt en (glas)tuinbouw, waaronder paddenstoelenteelt. Op de oeverwallen wordt van oudsher gewoond; hoog, droog en aan de vaarweg. De rivierkomgronden zijn veelal open en grootschalig van opzet, het meest geschikt voor graslanden voor melkvee, in combinatie met natte natuurgebieden. De strijd met en tegen het water heeft vele cultuurhistorisch waardevolle sporen in de regio achtergelaten, van waterwerken en historische verkavelingen tot landgoederen, vestingen en militaire linies als de Hollandse Waterlinies en de Limes. Ook eigentijdse structuren kenmerken de regio FruitDelta Rivierenland. Zo zijn de transportassen A2 en A15-Betuwelijn samen met de scheepvaart op de Waal een uiting van de ligging aan de Europese Rhine-Alpine transportcorridor.

3.1.3

Ruimtelijke kwaliteit staat onder druk

De ruimtelijke kwaliteit van de regio zit in de diversiteit van de landschappen: de dynamische rivieren met de uiterwaarden met weidse vergezichten, steenfabrieken als landmarks en de dijken als lange linten. De ruimtelijke kwaliteit van de oeverwallen zit in de kleinschaligheid en de historisch gegroeide dorpen en steden. Het open karakter afgewisseld met broekbossen en strakke polderverkaveling bepalen de ruimtelijke kwaliteit in de komgronden. FruitDelta Rivierenland is een regio waar de ruimtelijke kwaliteit sterk onder druk staat. Op de oeverwallen is veel van de kleinschaligheid van het landschap verloren gegaan door verstedelijking, intensivering van agrarisch gebruik, de opmars van teeltondersteunende voorzieningen, en de aanleg van grote clusters bedrijfsgebouwen en kassen. De A2, A15 en provinciale wegen trekken steeds meer bedrijvigheid aan, waardoor het open en landelijk karakter van de komgronden wordt aangetast. De nieuwe ruimtevragen, zoals voor wonen, werken en energie zetten de ruimtelijke kwaliteit van de regio steeds verder onder druk. Dit geldt ook voor economische overwegingen zoals intensief landgebruik en behoefte aan teeltondersteunende voorzieningen. Verandering van het landschap is geen probleem; landschappen ontwikkelen zich voortdurend. Er ontstaat een probleem wanneer ruimtelijke ordening en inrichting niet passen bij de identiteit.

Het is van belang de juiste functie op de juiste plek te situeren en de inrichting aan te laten sluiten bij het karakter van het landschap, de steden en de dorpen en het draagvlak van het gebied (bijvoorbeeld ten aanzien van waterbeschikbaarheid).

3.1.4

Focusvraagstukken ruimtelijke kwaliteit

Bij de uitwerking van het regioarrangement in gebiedsprogramma’s focussen we voor het thema ruimtelijke kwaliteit in ieder geval op de volgende vraagstukken. • Landschapsimpuls voor de oeverwallen De ruimtedruk is groot op de oeverwallen. Dorpen groeien met woningen en bedrijven. Fruit- en laanbomenteelt, glastuinbouw en paddenstoelenteelt ontwikkelen zich, met bijbehorende teeltondersteunende voorzieningen. Dijken worden op basis van het bestaande beleid hoger en breder en de rivier gaat meer ruimte vragen. We gaan deze ontwikkelingen opvangen met een landschapsimpuls (beplanting) voor de oeverwallen. Geïnspireerd door de historie brengen we de

kleinschaligheid van het landschap terug door aanleg van beplantingen. Boomgaarden, lanen, bosjes, heggen, hagen en struwelen moeten weer landschapskamers gaan vormen voor wonen, werken en agrarisch gebruik. Zo ontstaan er ook ‘groene wiggen’ tussen de dorpen en wordt het aaneengroeien van kernen voorkomen. Hieraan koppelen we de aanleg van paden voor de uitloop van de steden en dorpen. Bij de grotere kernen, zoals tussen Tiel en Geldermalsen, kan gedacht worden aan een meer intensieve groene ontwikkeling tot een ‘landschapspark’ voor de stedelijke uitloopbehoefte. De uitvoering vraagt om intensieve streekprocessen met grondeigenaren en gebruikers, samen met de juiste vakinhoudelijke expertise. En om het beschikbaar stellen van middelen vanuit o.a. groen-blauwe dooradering en de bossenstrategie. Ook zien we dit als een uitwerking van het initiatief Gonzend Rivierenland. • Robuust groenblauw raamwerk in de kommen Een samenhangende aanpak van de realisatie van het Gelders natuurnetwerk6 (inclusief Natura 20007), het netwerk van Groene ontwikkelingszones8 (GO) met ecologische verbindingszones en de uitvoering van de Kaderrichtlijn Water9 (KRW) zorgt voor een robuust groenblauw raamwerk in de kommen. De kaart Natuurakkoord10 geeft het structuurbeeld.

Ambities van initiatief Gonzend Rivierenland en de Ambitie Boven-Linge11 kunnen zorgen voor een aanvullende versterking van het raamwerk. We gaan deze ambities vertalen in een uitvoeringsprogramma, waarbij de Boven-Linge samen met de Groene Metropoolregio wordt opgepakt. In de gebiedsprogramma’s pakken we de realisatie van het groenblauwe raamwerk integraal op en zorgen we voor een goede afstemming op de waarden van ruimte, landschap en erfgoed. Ook versterken we het recreatief padenstelsel in dit raamwerk (met een passende zonering ter bescherming van natuurwaarden), zodat de natuur meer maatschappelijke belevingswaarde krijgt. • Rivieren als landschapspark De programma’s Integraal Riviermanagement12, Hoogwaterbeschermingsprogramma13 en de Programmatische Aanpak Grote Wateren14 gaan het landschap van de grote rivieren veranderen door dijkversterking, rivierverruiming en natuurontwikkeling. Met de dubbeldoelstelling zetten we in op deze ontwikkelingen met ruimtelijke kwaliteit. We gaan de dijken en uiterwaarden meer geschikt maken voor recreatief medegebruik; we zetten in op een betere benutting van dijken en uiterwaarden als landschapspark voor de mensen in aanliggende steden en dorpen.

Denk hierbij aan inrichting van dijken tot aantrekkelijke fietsroutes met belevingspunten, de aanleg van wandelpaden door de uiterwaarden en een aantal toeristische hotspots zoals bij Slot Loevestein, Sint Andries en Veerhaven Ochten (i.0.). Ook herbestemming van voormalige steenfabrieksterreinen gaat hieraan bijdragen. • Versterking beleefbaarheid van watererfgoed De strijd met en tegen het water is de cultuurhistorische essentie van FruitDelta Rivierenland. We zetten in op het beleefbaar maken van ons watererfgoed. Dit gebeurt door een respectvolle omgang met historische waterelementen en -structuren in alle gebiedsprojecten en door twee afzonderlijke gebiedsprogramma’s; de Nieuwe Hollandse Waterlinie en Sint Andries. In de 6 Gelders Natuurnetwerk Gelderse Natuurgebieden (gelderland.nl) 7 Natura 2000 gebieden Natura 2000 gebieden | natura 2000 8 Provincie Gelderland Regels voor de Groene ontwikkelingszone (gelderland.nl) 9 RIVM Kaderrichtlijn Water (KRW) | RIVM

Onderhandelingsakkoord decentralisatie Natuurbeleid https://nl.chm-cbd.net/sites/nl/files/202105/onderhandelingsakkoord-decentralisatie-natuurbeleid.pdf 11 Ambitie Boven-Linge Ambitie - Boven-Linge 12 Ministerie van BZK Programma Integraal Riviermanagement | De Nationale Omgevingsvisie 13 Hoogwaterbeschermingsprogramma Home | Hoogwaterbeschermingsprogramma (hwbp.nl) 14 Rijksoverheid Programmatische Aanpak Grote Wateren - Helpdesk water 10

15

Nieuwe Hollandse Waterlinie gaan we onderzoeken hoe we eigentijdse ruimtelijke ontwikkelingen samen kunnen laten gaan met de Outstanding Universal Value van UNESCO15. Hierbij gaan landbouw-, natuur en waterontwikkelingen goed samen met de kernkwaliteiten. Maar we gaan ook bekijken hoe we om kunnen gaan met meer schurender ontwikkelingen als groei van dorpen en bedrijventerreinen en energie-opwek. Ook de toekomstige exploitaties en het beheer van de forten vragen aandacht, evenals de gebiedsontwikkeling Slot Loevestein. In Sint Andries vormt de historische identiteit van de samenkomst van Maas en Waal een belangrijke basis voor natuurontwikkeling en biedt kansen voor recreatie en toerisme. Ook het beleefbaar maken van de Neder-Germaanse Limes, de grens van het voormalig Romeinse rijk die in andere delen van Gelderland een Werelderfgoedstatus heeft, is een kans voor recreatie en toerisme. • Ruimtelijke kwaliteit van de energietransitie Regio FruitDelta Rivierenland benoemt in de Regionale Energiestrategie (RES) 1.0 Rivierenland16 drie categorieën ‘kansrijke gebieden voor wind’: ambitie voor 2030, verkennen richting 2030 en mogelijke reservegebieden voor de periode na 2030. De meeste gebieden liggen langs grootschalige infrastructuur, zoals de A2 en de A15. Een aantal ligt in de polders. Er wordt in RES-verband (nog) niet gestuurd op de landschappelijke inpassing van zonnevelden.

Er zijn geen zoekgebieden voor zon opgenomen in de RES en het gemeentelijk beleid voor zon is leidend. Het kan wenselijk zijn om uit oogpunt van ruimtelijke kwaliteit hier een gezamenlijke visie op te ontwikkelen. Daarnaast is het belangrijker geworden om zon en wind waar mogelijk te combineren uit oogpunt van beter benutten van netcapaciteit en voorkomen van netcongestie (beperkte transportcapaciteit op het elektriciteitsnet). Ook kleinschalige windprojecten kunnen daarbij een rol spelen, passend bij het karakteristieke rivierenlandschap. Naast energie-opwek is een zorgvuldige ruimtelijke kwaliteitsaanpak voor de energieinfrastructuur van belang. Dit betreft onder meer de locatiekeuze en landschappelijke inpassing van de nieuwe onderstations alsook een 380 kV hoogspanningsstation van circa 20 hectare met bijbehorende hoogspanningsleidingen. De gebiedsprogramma’s kunnen zowel in de ruimtelijke ordening als de ruimtelijke kwaliteit een waardevolle bijdrage leveren aan het RES-proces en aan het proces van de Gelderse Energie InfraStructuur (GEIS)17. Integrale ruimtelijke vraagstukken kunnen een plek krijgen in de gebiedsprogramma’s. Dit vraagt goede afstemming tussen de ambtelijke en bestuurlijke gremia van RES/GEIS en het ruimtelijk spoor van het regioarrangement.

De gebiedsprogramma’s dragen bij aan de ruimtelijke kwaliteit van de energietransitie door bij de aanleg van energievoorzieningen te onderzoeken of een samenhangende gebiedsontwikkeling, met andere ruimtevragers, meerwaarde heeft. We begeleiden initiatieven op het ontwerpproces. • Ruimtelijke kwaliteit van infrastructuur en bedrijfsontwikkeling Gelderland maakt onderdeel uit van de meest belangrijke goederencorridor (Rhine Alpine) in Europa. De goede bereikbaarheid en ligging aan de Gelderse Corridor is een kracht van de regio FruitDelta Rivierenland. De Gelderse Corridor ligt tussen de Rotterdamse haven en NoordrijnWestfalen, aan de A15, de Betuweroute, de Waal en de Rijn. Dit biedt economische kansen. De gekoppelde bedrijvigheid brengt werkgelegenheid met zich mee en we willen graag kansen benutten door het versterken van het vestigingsklimaat voor logistieke bedrijven. Dit doen we 15 UNESCO World Heritage Centre - Compendium

16 Regionale Energiestrategie 1.0 RES 1.0: Rivierenland - FruitDelta Rivierenland 17 Provincie Gelderland, GEIS

onder andere via Logistics Valley, waarin we ondernemers, overheid en kenniscentra verbinden voor een krachtig, duurzaam en innovatief logistiek Gelderland. De regio’s Fruitdelta Rivierenland, Nijmegen en Liemers Achterhoek vormen samen Logistics Valley. Per regio is een samenwerking van ondernemers, overheden en onderwijsinstellingen opgericht. Maar deze kracht domineert steeds vaker het landschapsbeeld door het nagenoeg ontbreken van landschappelijke inpassing. Daarnaast zorgen zowel scheepvaart op de rivieren als transport via de wegen voor effecten op de leefbaarheid zoals belasting door luchtverontreiniging. De ruimtelijke werking van infrastructuur is onderwerp van functionele afweging en moet worden bezien in het licht van ontwikkeling van de logistieke sector, gezien het economische voorbeeld dat dit vormt voor heel Nederland en Gelderland. De gebiedsprogramma’s dragen bij aan de ruimtelijke kwaliteit van de infrastructuur en bedrijvigheid door bestaande en nieuwe bedrijventerreinen te verduurzamen en toekomstbestendig te maken. We willen met planologisch beleid in gaan zetten op voorkoming van lintvorming langs infrastructuur om de panorama’s op het landelijk gebied te behouden en zorgen voor een meer robuuste landschappelijke inpassing van bestaande en nieuwe bedrijventerreinen. Ook een goede landschappelijke inpassing van de infrastructuur zelf vraagt aandacht.

Veel van de hoofdwegen hebben een landschaps- en beplantingsplan, maar een herijking in het kader van de grote ruimtelijke dynamiek, klimaatadaptatie, biodiversiteit en robuustere landschapsstructuren is wenselijk. Evenals het verminderen van barrièrewerking voor fauna en recreanten. Ook is verbetering nodig van de noodzakelijke verbindingen van weg, water en spoor, stimulatie van duurzaam en schoon transport voor een goede leefomgeving en (inter)nationale samenwerking.

3.2 3.2.1

Water en bodem sturend Introductie

Weersextremen worden het nieuwe normaal. In een paar jaar tijd hebben we meermaals te maken gehad met grote wateroverlast en extreme droogte. Onze waterkwaliteit is niet overal op orde. En de degradatie van de bodem wordt een steeds groter probleem. Nu de negatieve gevolgen van ons gebruik van het natuurlijk systeem en de weersextremen toenemen, ervaren we steeds meer dat de inrichting van Gelderland sterk verbonden is met het water en de bodem. De grenzen van maakbaarheid en draagkracht zijn bereikt en soms al overschreden. Kiezen voor een andere koers is een noodzaak: water en bodem moet als sturend principe centraal op de agenda van ruimtelijke ordening en inrichting staan. Het doel is behoud en waar nodig herstel van een veerkrachtig en duurzaam water- en bodemsysteem, waarmee ook in de toekomst zoveel mogelijk functies gediend kunnen worden. Een belangrijk deel van de oplossing is het creëren van meer ruimte voor natuurlijke processen. Om dit te bereiken is er een aantal overkoepelende uitgangspunten, die zijn vertaald in gidsprincipes. Die principes zijn een hulpmiddel voor het maken van keuzes in de ruimtelijke ordening en inrichting.

Het betreft de volgende uitgangspunten18: • niet afwentelen; • meer rekening houden met extremen; • in samenhang omgaan met wateroverlast, droogte en bodem; • meerlaagsveiligheid; • minder afdekken, minder vergraven, niet verontreinigen; • integrale aanpak in de leefomgeving; • comply or explain. 18 Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, 25 november 2011

Kamerbrief over rol Water en Bodem bij

ruimtelijke ordening | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl

17

In de provinciale notitie Water en Bodem Sturend19 is dit vertaald in de volgende gidsprincipes. • zorg voor ruimte voor water • zorg voor voldoende water • zorg voor schoon water en schone bodem • zorg voor een vitale en efficiënt geordende bodem • zorg voor een groene, klimaat adaptieve gebouwde omgeving Hoe deze uitgangspunten en principes moeten worden toegepast in de praktijk en wat daarvan de gevolgen zijn moeten we op korte termijn onderzoeken en uitwerken voor de diverse deelgebieden die we onderscheiden binnen de regio FruitDelta Rivierenland. Belangrijke zaken die we nu niet onderkend hebben nemen we later op. De problematiek voor zowel droogte als natheid zijn naast zeer lokale kwetsbaarheden ook kwetsbaarheden die regionaal ontstaan. De leefbaarheid van de dorpen én de toekomstbestendigheid van de boeren hangt samen met een integrale visie op het watersysteem. De Betuwe, Bommelerwaard, Culemborgerwaard, Tielerwaard en het Land van Maas en Waal kennen ieder hun eigen specifieke kenmerken, opgaven en kansen voor een duurzaam water- en bodemsysteem. Daarbij onderscheiden we twee soorten gebieden: het binnendijks gebied (met oeverwallen en komgebieden) en rivieren, uiterwaarden en dijken. We gaan eerst in op deze twee waterbeheergebieden. Daarna gaan we kort in op de rol van water als drinkwater in de regio.

3.2.2

Het binnendijks gebied

In de binnendijkse delen van FruitDelta Rivierenland is het watersysteem kunstmatig, met een wateraanvoer-doelstelling en tegennatuurlijk peilbeheer; zomers hoog en ‘s winters laag. Hierdoor is het moeilijk om bij de karakteristieken van bodem en ondergrond aan te sluiten. Ruimte voor natuurlijke processen wordt in het rivierengebied ingevuld met natuurvriendelijk beheer en meer 19 Bijlage_11_Gelders_handelingsperspectief____water_en_bodem_sturend___.pdf (parlaeus.nl)

natuurvriendelijke oevers langs de waterlopen. Kansen voor water vasthouden en waterberging liggen in de komgronden. Weidevogelgerichte, grondgebonden melkveehouderijen passen hier goed bij. Daarnaast biedt het omschakelen naar meer droogtebestendige zomergewassen en innovatie op het gebied van precisie landbouw (fruitteelt, laanbomenteelt) met waterbesparende teelttechnieken en eigen wateropslag mogelijk perspectief voor een robuuste en klimaatbestendige landbouwsector, vooral op de hogere oeverwallen. Wanneer het vasthouden en bufferen van water in het regionale systeem voldoende succesvol is zullen grondwaterstanden gemiddeld hoger zijn en kunnen gewassen langer gebruik maken van dit lokale water. Hierbij zal grondwatervoorraadbeheer ook in FruitDelta Rivierenland meerdere belangen dienen. Een bijkomend voordeel bij minder diepe ontwatering is dat zettingen door ver wegzakken van de grondwaterstand in droge perioden wordt verminderd. Er moet in het rivierengebied rekening gehouden worden met de drinkwaterreserveringsgebieden; er mag niet door de diepe beschermende kleilaag worden heen geboord. Daarnaast is het van belang de meerlaagse veiligheid in dit lage deel van de provincie nader uit te werken in relatie tot bouwen om de gevolgen van een potentiële overstroming te beperken. In FruitDelta Rivierenland wordt van oudsher gebouwd op de hogere en drogere plekken.

Maar afgelopen decennia heeft de grote infrastructuur in de lagere, nattere komgebieden een aanzuigende werking gehad, waardoor dit principe steeds meer verlaten is. Vanuit het sturend principe water en bodem sturend moet onderzocht worden hoe hier vanuit hoogwaterveiligheid en ruimtelijke kwaliteit op de lange termijn mee omgegaan moet worden. Dit is geen staand beleid van gemeenten. Hier komen verschillende belangen samen en dit onderwerp wordt als agenderende opgave opgenomen. Daar het regioarrangement een herhalend proces is, wordt deze agenderende opgave in de volgende fase uitgewerkt in de gebiedsprogramma’s en kan nader geduid worden in een volgende versie van het regioarrangement. Met water en bodem sturend is het historisch principe van bouwen op de oeverwallen en stroomruggen een logisch vertrekpunt; hoewel ook daar kwetsbare locaties voor kunnen komen en rekening gehouden moet worden met ruimtelijke kwaliteit en ruimte voor klimaatadaptatie. In de Betuwe biedt de herinrichting van de Boven-Linge (in samenhang met regio ArnhemNijmegen) kansen voor meer duurzaam waterbeheer, voor meer waterberging en hogere kwaliteit, in combinatie met versterking van het landschap, biodiversiteit en recreatieve uitloop. Ook de structuur van de weteringen biedt kansen voor een duurzamer inrichting.

In het meest westelijk deel van FruitDelta Rivierenland liggen kansen om waterberging te combineren met het versterken van het UNESCO Werelderfgoed Hollandse Waterlinies 20. Voor het grondgebruik in de Betuwe, met name in de Tielerwaard, ligt er een belangrijke uitdaging om de fruit- en laanbomenteelt duurzaam en klimaatbestendig te maken. Bij ontwikkeling van de sector is het van belang rekening te houden met de draagkracht van het water- en bodemsysteem. In de Bommelerwaard speelt een opgave voor een klimaatbestendige glastuinbouwsector en verduurzaming van de melkveehouderij en fruitteelt. Naar aanleiding van een gemeenschappelijke regeling is eind 2022 het rapport ‘Bouwstenen voor agenda Tuinbouw Bommelerwaard 2030 opgesteld'. Het rapport vormt een vertrekpunt en biedt bouwstenen voor eventuele verdere uitwerking en het maken van nadere afspraken hierover. In de polders bieden de structuren van weteringen aanknopingspunten voor een natuurvriendelijker en veerkrachtiger watersysteem.

20 Unesco | Hollandse Waterlinies

19

Ook in het Land van Maas en Waal is vernatting van de weteringen en broeklanden een belangrijke strategie voor een duurzaam systeem. De gradiënten naar de rivierduinen zijn een specifieke kwaliteit van het Land van Maas en Waal.

3.2.3

Rivieren, uiterwaarden en dijken

Het water- en bodemsysteem van de grote rivieren heeft opgaven voor hoogwaterveiligheid, waterkwaliteit en een duurzame rivierbodemligging (stopzetten bodemerosie en/of ophoging rivierbodem). Het HWBP21 heeft een grote opgave voor dijkversterkingen in deze regio. De dijken langs de Maas, Waal en de Nederrijn-Lek moeten voor 2050 worden versterkt. De regio heeft een aantal reserveringen voor mogelijke binnenwaartse dijkterugleggingen. Deze komen uit het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening uit 2020 (Barro) 22. Het is van belang deze gebieden te vrijwaren van verstedelijking en andere belemmerende functies. In het programma IRM23 wordt ingezet op een toekomstbestendig rivierengebied wat als systeem goed functioneert en meervoudig bruikbaar is voor doelen. Het gaat om hoogwaterveiligheid, natuur – en waterkwaliteit, zoetwaterbeschikbaarheid, bevaarbaarheid en regionale ruimtelijke ontwikkelingen en versterking van de ruimtelijke kwaliteit. Bij de natuurontwikkeling van de uiterwaarden is het van belang om in te spelen op de karakteristieke verschillen tussen de rivieren. Bij de gestuwde Nederrijn-Lek past ontwikkeling van laag-dynamische natuur met de benutting van kwel. Bij de Waal sluit hoog-dynamische natuur beter aan bij de karakteristiek van de rivier. Langs de Maas is het benutten van de oude Maasmeanders voor water en natuur een belangrijke kans.

Het gebied bij Sint Andries, waar de Maas en Waal elkaar bijna raken, biedt kansen voor ecologische verbindingen op basis van de ondergrond en als ecologische stapsteen tussen Gelderse Poort en Biesbosch. Dit wordt verder verkend in het kader van de PAGW24. De Kaderrichtlijn Water25 gaat met diverse projecten zorgen voor verbetering van de waterkwaliteit. De grote rivieren bieden ook kansen voor oeverwaterwinning. In het buitendijks rivierengebied vraagt een zorgvuldige aanpak van de delfstoffenwinning aandacht. Afgravingen in de uiterwaarden afgestemd op de patronen van de ondergrond kunnen nieuwe natuur en ruimtelijke kwaliteit opleveren. Delfstoffenwinning in het zomerbed van de rivier zal naar verwachting in de toekomst niet meer worden toegestaan (landelijk verbod). De rivierbodemerosieproblematiek vraagt juist om ophoging van de bodem. In het Gelders Panorama voor de Rivieren26 is het integraal provinciaal handelingsperspectief voor de grote rivieren nader uitgewerkt.

3.2.4

Rol van water

De mogelijkheden voor de gebruiksfuncties in het Rivierengebied veranderen als gevolg van klimaatverandering en sociaaleconomische ontwikkelingen. We zien een toenemende waterbehoefte als gevolg van land- en tuinbouw, de teelt van nieuwe gewassen, drinkwatervoorziening, de vraag naar water in bebouwde kernen en aandacht voor natuur en biodiversiteit. De watervraag neemt toe en het wateraanbod neemt af. De regio kan de watervraag 21 Hoogwaterbeschermingsprogramma Home | Hoogwaterbeschermingsprogramma (hwbp.nl)

22 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening 2020 wetten.nl - Regeling - Besluit algemene regels ruimtelijke

ordening - BWBR0030378 (overheid.nl) 23 Programma Integraal Riviermanagement Programma Integraal Riviermanagement (IRM) | Deltaprogramma 24 Programma Aanpak Grote Wateren Over het programma | PAGW 25 Rijksoverheid Kaderrichtlijn Water - Helpdesk water 26 Provincie Gelderland Gelders Panorama voor de Rivieren (gelderland.nl)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13331226/1