CConstaterende datZaanstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag raad 8 juli 2021

Raadsvergadering 8 juli 2021, gemeente Zaanstad51.874 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Dat is: en dit ook van toepassing te laten zijn voor al reeds lopende projecten. Dat kan natuurlijk niet. Lopende projecten daar zitten we al in een vergevorderd stadium waarin een aantal zaken al geregeld zijn. Natuurlijk kijken we daar mee hoe het gaat met de infrastructuur en parkeren en al dat soort dingen meer, maar dat kan ik niet hierin rijmen. Dus als dat zinnetje weggaat, dan zijn we helemaal compleet. Zijn we allemaal gecontenteerd, denk ik. De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, ik denk dat het eigenlijk al in het Zaans Mobiliteitsplan staat onder punt 1.C waarbij u bestaande knelpunten ook aanpakt. Daar refereert hij eigenlijk naar, dus het staat er eigenlijk al in. De voorzitter: Kunnen we dan door naar het volgende amendement. E: ook mobiliteitsprogramma van eisen bij kleinere projecten. Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, met binnenstedelijk bouwen zien we dat bijvoorbeeld het toevoegen van dertig woningen al een enorme impact kan hebben op de mobiliteit. We zijn heel blij dat het punt 1.G is opgenomen, dat er aandacht wordt gevraagd voor een mobiliteitsprogramma van eisen, maar we zouden dat heel graag terugbrengen naar een kleiner aantal. De voorzitter: De heer Slegers. Oh, eerst de heer Kuyper. Excuus. De heer Kuyper (ROSA): Ja, een kleine aanvulling misschien.

Want op zich snappen we deze en we vinden hem ook van belang, maar we zijn erg benieuwd of het uitvoerbaar is, ten eerste. Ten tweede zien wij ook dat er

stapelingen kunnen ontstaan, dus meerdere kleine projecten op hetzelfde terrein. Als die gaan stapelen naar meer, hoe gaan we daar dan mee om? Dus die geef ik nog even mee. De voorzitter: De heer Karst. De heer Karst (D66): Ja, ook nog even als toevoeging bij mevrouw De Boer wat zij net zei. Die ontwikkeling vanaf 30 is niet een must om daar een mobiliteitsplan van eisen op te zetten, maar wel eigenlijk randvoorwaardelijk dat je kan bekijken of dat op dat moment noodzakelijk is om er iets mee te doen. De voorzitter: Wethouder Slegers De heer Slegers (wethouder): Dank u, voorzitter. Om het aantal te verkleinen, dan uiteindelijk is dat ook een heel intensief proces. Het legt namelijk ook behoorlijke druk op het ambtelijk apparaat om ook bij dat soort kleinere projecten dat dan op dat moment mee te nemen. Voordat u daar op reageert, wil ik wel even daar een uitleg over geven, want bij grotere omvang is er ook meer mogelijk natuurlijk. Als je boven de 200 zit is er veel meer mogelijk en is ook de noodzaak om dat te doen is ook veel groter, omdat het nogal wat effecten heeft op de omgeving, maar ook op het project zelf en de mobiliteitsbehoefte om die te kunnen sturen daarin. Het is niet zo dat we bij kleine ontwikkelingen niets doen. De gebiedsontwikkelingen krijgen het geldende mobiliteitsbeleid mee als kader gewoon waar ook aan getoetst wordt.

Er wordt onder andere getoetst op die verkeersafwikkeling, verkeersveiligheid en het parkeren. Dus ik denk dat dit amendement overbodig is om dat te verlagen naar een lager aantal, want het wordt meegenomen en bij de grotere gaan we dat nog intensiever doen. Dat heeft ook te maken, al zou het aannemen, dan moet ik ook kijken naar onze ambtelijke capaciteit daarin, want het vergt nogal wat extra capaciteit. De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, ik snap wat de wethouder zegt. Kijk, daarom gaf de heer Karst ook al aan: er zit ook een lightversie aan. Het punt is dat er heel goed naar gekeken wordt, maar het is natuurlijk ook zo dat als de wethouder het nu over capaciteit heeft, ja, dat is flink tekort, maar dit gaat ook over de toekomst en dat kan wellicht in de toekomst ook weer heel anders zijn. De voorzitter: Mevrouw Neefjes. Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): Ja, ik hoor de wethouder zeggen dat het veel capaciteit kost, maar je kunt de kosten of de inspanning daarvan ook voor een deel natuurlijk bij de ontwikkelaar neerleggen, dat dat gewoon een voorwaarde is waaronder hij kan gaan bouwen. De voorzitter: De heer Rijken. De heer Rijken (PvdA): Ja. Dank u wel, voorzitter. Even in reactie op de heer Kuyper.

Ik heb ook technische vragen gesteld en daarbij is beantwoord dat als er meerdere kleine ontwikkelingen zijn in eén gebied dat ze dat willen gaan benaderen als één grote ontwikkeling. Dus als die bij elkaar opgeteld meer dan 200 is, dan wordt alsnog dat geteld. Dus bij dezen. De voorzitter: De heer Karst en dan de heer Wit. De heer Karst (D66): Ja, even … Ik mag het niet eens zijn met de beantwoording van de wethouder, want volgens mij krijgen we vanaf 1 januari of 31 juli volgend jaar de Omgevingswet en daarin wordt opgenomen

dat participatie gewenst is en dat de ondernemer of c.q. de ontwikkelaar dat moet gaan regelen. Dus de ambtelijke capaciteit zie ik niet zo heel erg wat u net aangeeft dat dat een extra belasting wordt. De voorzitter: De heer Hartog neemt geen deel meer aan de beraadslagingen. De heer Wit wilde het woord, dacht ik. De heer Wit (CDA): Ja. Dank u, voorzitter. Ja, even een reactie op mevrouw Neefjes, want die zegt: ja, we kunnen dat ook doorbelasten aan de ontwikkelaars. We hebben net een hele toegevoegde heffing gedaan voor de bovenplanse kosten. Het houdt wel een keer op, want alles wordt ook weer doorberekend in de hoogte van woningen, dus dat moeten we vooral niet doen. Nog even een vraag aan de heer Karst. U noemde bij het besluitpunt het kan, maar de tekst gaat gewoon er wordt, dus wat bedoelt u met het kan eventueel? De voorzitter: De heer Karst. De heer Karst (D66): Dan gaan we weer naar het visiestuk van dit ZMP waar we dus er vanuit gaan dat we bepaalde zaken op papier zetten van hoe we dingen bedoelen, en een van die zaken is, en misschien dat u het dan anders leest dan dat wij het bedoelen, maar vanaf 30 in ieder geval zorgen dat je kunt kijken of zo’n mobiliteitsplan van eisen van toepassing is bij zo’n ontwikkeling. De voorzitter: De heer De Laat. De heer De Laat (GroenLinks): Ja. Dank u, voorzitter.

Ja, volgens mij zeggen we hier met z’n allen dat gewoon mobiliteit vooraf bij grote ontwikkelingen moet worden meegenomen. Dat is daarom zetten we deze visie natuurlijk ook vast. Tegelijkertijd willen we het ook niet helemaal gaan vaststellen dat we bij elke kleine ontwikkeling weer een groot plan moeten maken. Dus ik volg daarom wel het antwoord van het college om daar wel wat soepelheid in te maken, want niet elke ontwikkeling heeft natuurlijk een grote impact op de mobiliteit. Dus ik zou wel de ruimte willen geven aan het college en aan de ambtenaren om daar gewoon op een slimme manier mee om te gaan zodat we niet bij elk witwasje weer gaan vinken: heeft u dit of heeft u dat wel gedaan? Daarom zullen wij ook tegen dit amendement stemmen. De voorzitter: Kunnen we daarmee de beraadslaging over dit amendement beëindigen? Dan gaan we door naar amendement F: C-zones, van Partij voor de Dieren. De heer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Dank u, voorzitter. Ja, het ZMP op dit moment is nog wat ons betreft veel te veel gefocust op de auto, dat zal u niks verbazen. Wij hebben als gemeente doelstellingen te behalen op het gebied van verduurzaming en we hebben ook ervoor te zorgen dat er voldoende ruimte is in de stad om niet alle ruimte op te geven aan blik, zoals de heer Kuyper al zei, maar ook ruimte te hebben voor groen in de stad, voor spelende kinderen en noem allemaal maar op.

Wat wij met dit amendement beogen, is dat de C-zones iets meer gaan lijken op de B-zones, dat deelmobiliteit dichterbij komt, dat er ook focus is op het creëren van openbaar vervoer in de landelijke gebieden en niet dat het te gemakkelijk geschoven kan worden op: u kunt daar wel met de auto alles gaan doen. Dat vinden wij heel erg zonde. We hebben vorig jaar gezien dat deze raad zich ook en masse achter de buurtbus in Westzaan schaarde. Het zijn dat soort initiatieven die je zou moeten kijken of je dat veel verder kan stimuleren in de buitengebieden zodat niet iedereen daar afhankelijk wordt gemaakt van de auto. Dat is de toelichting op dat amendement. De voorzitter: Ja. De reactie van de wethouder? Of wil er nog iemand op reageren? Nee? Wethouder Slegers ook niet? Dan gaan we door naar amendement G: woonerven, van de Partij voor de Dieren. De heer Mattens.

De heer Mattens (PvdD): Ja. Dank u, voorzitter. Ja, dit amendement heeft nog meer op het oog om de buitenruimte, ja, voor de minst sterke verkeersdeelnemers veiliger te maken door weer zo’n fenomeen als woonerven echt daadwerkelijk centraal te stellen in je visie waar je die wil gaan aanleggen zodat kinderen met name in die woonbuurten alle ruimte krijgen. Ja, en dat is de doelstelling en ook met de visie richting de komende twintig jaar. Dan kun je daar mooi op voorsorteren waar je dat precies wil gaan aanleggen, hoe je dat wil gaan doen. Tot zover. De voorzitter: Wethouder Slegers. De heer Slegers (wethouder): Op basis van de woonerven … Een woonerf is een van de mogelijke invullingen van de categorie woonstraat die nu in het ZMP staat, dus ik wil het niet hier meteen in vastleggen, maar dat is een van de mogelijkheden die ook in die woonstraatcategorie staat. Dus dan kun je van daaruit met het uitwerkingsprogramma kun je er ook voor kiezen om daar op dat moment de stempel woonerf op te geven. dus ik denk dat dit amendement wil ik toch wel graag ontraden om niet meteen alles vast te leggen op basis van ook een woonerf. Dank u wel. De voorzitter: De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Ja, ik wil de wethouder erop wijzen dat het woord woonerf in het hele Zaans Mobiliteitsplan niet voorkomt en de term woonstraat, waar hij dus nu aan refereert, maar één keer, dus.

Als ik om mij heen kijk, zijn er tientallen of honderden woonerven in Zaanstad, dus om dat zo maar effen te schrappen uit het ZMP vind ik wel heel ver gaan. Dank u. De voorzitter: Gaan we door naar amendement I: gereguleerd parkeren met draagvlak inwoners en bedrijven. De heer Rienstra. De heer Rienstra (VVD Zaanstad): Dank u, voorzitter. Gereguleerd parkeren … Oh, sorry. Het amendement hebben wij ingediend samen met LZ, DZ, POV, D66 en DENK. Gereguleerd parkeren kan alleen ingevoerd worden als er draagvlak van de inwoners en bedrijven in dit gebied is. Zoals het nu in het ZMP staat, pagina 7, kijk er maar naar, zou dat ook zonder draagvlak kunnen. Dat is onwenselijk en tegen de afspraken van het coalitieakkoord, dus met dit amendement willen we dit herstellen. De voorzitter: De heer De Laat. De heer De Laat (GroenLinks): Ja. Dank u, voorzitter. Ja, ik ben het met de heer Rienstra eens dat er in het coalitieakkoord staat dat we bij de invoering van betaald parkeren draagvlakmetingen uitvoeren, dus ik ben eigenlijk wel geïnteresseerd in het antwoord van de wethouder of dit amendement nou een aanscherping is van het coalitiebeleid of dat dit een overbodig amendement is. Dat maakt het voor ons wel interessant of wij voor of tegen stemmen. De voorzitter: De heer Rijken en dan mevrouw Neefjes. De heer Rijken (PvdA): Ja. Dank u wel, voorzitter.

Nou, wij zullen voor dit amendement stellen. Ik wil nog even benadrukken dat wij het belangrijk vinden ook het punt wat erin staat de regels op draagvlak dusdanig aan te passen dat de kans kleiner wordt dat er een onlogische opbouw van gereguleerde gebieden ontstaat. Kijk, wij interpreteren dat wel juist wat er in Westerwateringen is gebeurd waar een deel wel gereguleerd parkeren wilde en een deel niet, dus wij willen juist wel in die draagvlakmeting dat wel die deelgebieden wel worden

meegenomen, dat het daarom wel ingevoerd kan worden, dus dat op die manier daar handig of slim mee wordt omgegaan. De voorzitter: Mevrouw Neefjes. Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): Ja, voorzitter. Kijk, natuurlijk wil je het liefste dat er draagvlak voor is, maar ik kan me ook voorstellen dat de stad groeit en dat je dan echt in de knoop komt met bereikbaarheid en leefbaarheid, want dat waren redenen om het juist dan wel toch in te voeren zonder draagvlakonderzoek, maar ik denk dat we toch moeten streven naar dat draagvlak om dat te peilen zoveel mogelijk. Dus wij zullen wel voor dit amendement stemmen. De voorzitter: De heer Rienstra. De heer Rienstra (VVD Zaanstad): Ja, ik wilde nog even op de heer Rijken reageren, want dat is inderdaad gaat dat u dat aanhaalde. Het kan inderdaad niet zo zijn dat een aantal straten ja zeggen tegen gereguleerd parkeren, dan een straat nee en dan weer ja. Dat is inconsequent en dat meen ik ook dat we met dit amendement op deze manier voor mekaar krijgen. De voorzitter: Wethouder Slegers. Oh, de heer Kuyper zag ik nog. De heer Kuyper (ROSA): Ja. Nou, heel kort ter aanvulling hierop. Dat het misschien ook makkelijk is om draagvlak te krijgen om nog eens te kijken naar de tarieven die we dan rekenen en dat het gewoon zo laag mogelijk. Het is reguleren en niet zozeer beprijzen. De voorzitter: Wethouder Slegers.

De heer Slegers (wethouder): Dank u, voorzitter. Op de vraag van mijnheer De Laat: het is een aanscherping vanuit het ZMP op het coalitieakkoord, want we praten hier in het ZMP ook over gebieden, zones en dat staat niet in het coalitieakkoord. Daar praten we gewoon over gereguleerd parkeren. Dus het is een aanscherping vanuit het ZMP. Dat is een. Ten tweede ben ik het roerend eens met mijnheer Rijken dat we wel moeten kijken, en mijnheer Rienstra zei het ook al, dat we moeten kijken dat we wel een gebied voor betaald parkeren gaan invoeren, net als in Westerwater dat het de eerste twee straten inderdaad dat is denk ik onwenselijk, want een paar maanden later gaat de volgende straat over, omdat het een waterbedeffect geeft. Als laatste, ook naar mijnheer Kuyper toe, lage tarieven. We hanteren nu geloof ik 108 euro. Nou, als we kijken naar de buurgemeente Amsterdam, ja dan is dat een lachertje bijna. Maar ik kan nooit in de portemonnee van iemand anders kijken, maar we houden er altijd rekening mee dat het gewoon kostendekkend is en dat we proberen in ieder geval om het zo laag mogelijk te houden. Dus op dit moment is het rond de 108 euro, dus dat is ongeveer 8 euro per maand. De voorzitter: De heer De Laat. De heer De Laat (GroenLinks): Ja, ik kan uit het antwoord van de heer Slegers niet helemaal uitmaken wat hij nou van het amendement vindt.

Is het een verrijking en een terechte verbetering van onze collega’s van de VVD of is het nou iets waar hij niet mee uit de voeten komt? Ik vind dat wel fijn om te horen. De voorzitter: Wethouder Slegers. De heer Slegers (wethouder): Dat laatste had ik even niet verstaan, mijnheer De Laat. Wat u als laatste zei.

De voorzitter: De heer De Laat. De heer De Laat (GroenLinks): Ja, ik praat niet zo duidelijk. Nee, ik vraag gewoon wat u van het amendement vindt. De voorzitter: De heer Slegers. De heer Slegers (wethouder): Dit kunnen wij omarmen. De voorzitter: Goed. Dan gaan we door naar amendement J: veilige straten, van GroenLinks. De heer De Laat, toelichting? De heer De Laat (GroenLinks): Ja. Dank u, voorzitter. Wij willen graag dat kinderen naar school en forenzen naar het werk en bewoners naar de supermarkt ook de fiets kunnen nemen, daarom hebben we met veel andere partijen een amendement ingediend die 30 kilometer in de bebouwde kom als leidend principe hanteert. We hebben daarbij goed geluisterd naar de inbreng van andere partijen, want er zijn altijd mogelijkheden om van dit principe af te wijken in het kader van verkeersveiligheid. Die richtlijnen worden nu op dit moment landelijk vastgelegd en in andere steden zoals in Rotterdam en Amsterdam zijn ze al bezig om de implementatie aan het voorbereiden. Het is natuurlijk logisch dat bij vierbaanswegen of opritten naar snelwegen of plekken waar vrij liggende fietspaden zijn een ander regime te kunnen hebben, maar onze doelstelling, en van de hele raad denk ik, is dat we naar nul verkeersslachtoffers gaan. Daarom kan 30 kilometer als leidend principe helpen. De voorzitter: De heer Wit. De heer Wit (CDA): Ja. Dank, voorzitter.

Ik had een aantal vragen gesteld aan de heer De Laat, want op zich kun je niet tegen verkeersveiligheid, ruimere, grotere verkeersveiligheid zijn, maar wat we nu doen, ik heb ook het voorbeeld genoemd van een aantal doorgaande straten: de Wibautstraat, de Weer, noem maar op, en als je daar het uitgangspunt 30 houdt, moet je dus per dat soort doorgaande straten gaan regelen dat het niet zo is, maar in het kader van verkeersveiligheid is dat niet altijd zo. Je kunt ook zeggen: de doorstroming is leidend. Dus wij vinden dit amendement zo te beperkt. Wij zien graag ook het woord toegevoegd met doorstroming als uitzondering op die 30 kilometerregeling. Op deze manier gaan wij niet voor stemmen, dat vinden wij te beperkend. De voorzitter: De heer Van Braam. De heer Van Braam (SP): Ja, in reactie naar mijnheer Wit. Het staat toch duidelijk in het amendement als die 30 kilometerzone niet haalbaar is dat er beredeneerd afgeweken van kan worden, dus u wordt op uw wenken bediend. De voorzitter: De heer Wit. De heer Wit (CDA): Ja, maar heeft u … Dank u, voorzitter. Ik zeg juist: verkeersveiligheid is top, maar er is meer om een stad gaande te houden en dus ook doorstroming. Er zijn hoofdwegen in de stad en als je dat iedere keer moet bepleiten om de verkeersveiligheid, dan ga je dus nat. Dus wij zeggen: voeg nou het argument ook toe van doorstroming. Dan heb je een compleet plaatje.

De voorzitter: Mevrouw De Boer.

Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, voorzitter, ik kan me voor een heel groot deel aansluiten bij de woorden van de heer Wit. Wat ons betreft zou het leidend principe verkeersveiligheid moeten zijn en niet 30 kilometer, omdat er gewoon bij heel veel situaties net een ander principe beter zou zijn. De voorzitter: De heer Rienstra. De heer Rienstra (VVD Zaanstad): Nou, mijn vraag is of dit in lijn is met het landelijk beleid wat in deze zomer, in juli, dat is deze maand, afgekondigd zou gaan worden. Misschien dat de wethouder daar iets van weet, maar. De voorzitter: De heer De Laat. De heer De Laat (GroenLinks): Ja. Dank u, voorzitter. Kijk, voor mij we spreken ons hier uit voor een principe, namelijk dat wij eigenlijk vinden dat 30 kilometer de norm zou moeten zijn in de bebouwde kom. Dat is volgens mij ook wat heel veel partijen in het land zeggen dat het helpt bij de verkeersveiligheid. Daar wordt ook een aantal landelijke kaders voor ingericht van wanneer het nou handig is om wel of niet 30 kilometer toe te passen. Dat zeg ik ook richting de heer De Wit, de heer Rienstra en mevrouw De Boer. Natuurlijk houden we onszelf aan landelijke regels als die worden geïmplementeerd, tegelijkertijd kan je ook zelf een afwegingskader maken, dat staat hier eigenlijk ook in, wanneer het logisch is om 30 kilometer te doen en wanneer het logisch is om 50 kilometer te doen bijvoorbeeld.

Daar laat dit amendement de ruimte toe. Wat er volgens mij belangrijk is dat de raad zich uitspreekt en het college dat we 30 kilometer als uitgangspunt nemen, omdat we graag de verkeersveiligheid in de stad willen vergroten. De voorzitter: De heer Kuyper en dan de heer Van Braam. De heer Kuyper (ROSA): Ja, voorzitter, ter ondersteuning van de heer De Laat. We hebben deze ook mede ingediend en dat gaat inderdaad om het leidend principe. We hebben in deze raad voortdurend discussies over allerlei straten. Westzijde hebben we gehad, andere straten hebben we gehad met de heer De Vries kan ik me herinneren over 30 kilometer. Dat gaat steeds maar weer opnieuw. Als we besluiten dat het een leidend principe is, dan scheelt het heel veel discussies in deze raad. Het scheelt ook heel veel slachtoffers als we het inderdaad in de praktijk brengen en waar het moet kan je er van afwijken inderdaad, maar dat lijkt me op niet zo heel veel plekken te hoeven. Dus heel veel steden gaan ons voor, steeds meer steden zeggen: wij gaan naar 30. Zaanstad blijft er maar over discussiëren. Vind ik jammer, hoeft niet. De voorzitter: De heer Van Braam. De heer Van Braam (SP): Ja. Nou ja, de SP die is heel blij met dit amendement en ziet ook dat dit college steeds meer overtuigd raakt om wegen om te vormen naar 30 kilometerzones.

Al jaren pleit de SP om zoveel mogelijk 30 kilometerzoneringen, samen met andere partijen. De SP is heel blij met deze ontwikkeling en wij willen de wethouder een steuntje in de rug geven met dit amendement en om 30 kilometer als uitgangspunt te hanteren en waar beredeneerd afgeweken kan worden. Dus wij zijn heel blij met dit amendement. De voorzitter: De heer Wit. De heer Wit (CDA): Dank, voorzitter. Ja, wij zijn bang dat als je het alleen maar ophangt dat principe, en principes kunnen heel hard zijn, aan verkeersveiligheid, dat je dus de boel toch op slot zet. Ik heb ze ook de vraag gesteld aan speed pedelecs, die snelle fietsen. Ik fiets drie keer per week naar mijn werk en ik word

ingehaald door fietsers die daarop fietsen, omdat ze sneller kunnen. U geeft het antwoord dat die dan ook niet harder mogen dan 30. Ja, dan denk ik: dan schieten we dus echt het doel voorbij. De voorzitter: De heer De Vries. De heer De Vries (D66): Voorzitter, iedereen in deze raad kan zich voorstellen dat wij met heel veel plezier dit amendement mede ondertekend hebben, omdat wij een groot voorstander zijn van 30 kilometer in de stad, maar we komen er niet met alleen het ophangen van een verkeersbord van 30 kilometer in de stad. We zullen ook de inrichting naar 30 kilometer moeten laten uitvoeren. Dat is echt van groot belang. Daar waar doorstroming via u in de richting van mijnheer De Wit waar doorstroming aan de orde is, bijvoorbeeld zoals op de Weer zijn er heel vaak vrij liggende fietspaden. Daar zegt ook de minister iets over, dat als er vrij liggende fietspaden zijn, dan kan je een weg inrichten gewoon als 50 kilometer, omdat de zwakke verkeersdeelnemer daarmee beschermd is. Dat wordt gezegd en dat staat ook hier keurig in het amendement: we nemen 30 kilometer als uitgangspunt en je kan er beredeneerd van afwijken. De voorzitter: De heer De Laat. De heer De Laat (GroenLinks): Dank u wel, voorzitter. Ja, de heer De Wit refereert aan een aantal vragen die hij per mail aan mij heeft gesteld en die zijn natuurlijk openbaar van deze openbare beraadslagingen.

Dus ik snap dat misschien sommige mensen het niet volgen. Volgens mij is het algemene antwoord is dat we een principe invoeren dat we ons natuurlijk aan landelijke richtlijnen houden, dat we ook zelf richtlijnen kunnen opstellen die daar helderheid in geven en dat verkeersdeelnemers zich altijd aan de verkeersregels moeten houden. De voorzitter: De heer Wit. De heer Wit (CDA): Ja, dus we zijn het eens over verkeersveiligheid, maar uw criterium houdt daar op, de criteria. Dus doorstroming, ik hoor het eigenlijk in uw woorden ook, de heer De Vries, doorstroming is ook een beredenering, maar die telt niet mee, dus fietsers mogen straks ook niet harder dan 30. Nou, dat lijkt mij zwaar ongewenst. De voorzitter: De heer De Vries. De heer De Vries (D66): Ja, weet u, in zulke debatten die we dan onderling met elkaar hebben moet je toch ook een beetje respect voor elkaar hebben. Fietsers, als je een elektrische fiets hebt die is afgesteld, die kan niet harder als 28 kilometer per uur. Oh, maar je hebt een speed pedelec. Dat is een heel ander iets, dat is een brommer. Dat is heel wat anders. Ik heb het al wel vaker gezegd, mijnheer de voorzitter, en misschien vindt u het vervelend en ik hoop het niet, maar er is een tijd geweest dat er in Nederland drieënhalf duizend dodelijke verkeersslachtoffers vielen. Drieënhalf duizend dodelijke verkeersslachtoffers.

Ik ben natuurlijk als brandweerman daar heel vaak bij betrokken geweest, tot mijn grote verdriet. Dat de minister daar iets aan ging doen indertijd en dat dat teruggebracht is nu naar ongeveer rond de 600 is een prestatie van formaat. Wat we nu doen, en wat de minister van plan is, daar hebben we het al vaker over gehad, is een doorstap om het nog veiliger te maken. Ik juich dat van harte toe. De voorzitter: De heer Wit tenslotte van dit debat, want dan zijn alle argumenten voor …

De heer Wit (CDA): Voorzitter, dank u. Als nu die emokaart wordt getrokken, dan houdt het hele debat op. Speed pedelecs zijn gewoon fietsen en die mogen straks niet op hun normale snelheid fietsen. Dat is raar. De voorzitter: De heer Slegers. Wethouder Slegers. De heer Van der Laan. De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, ik wil mijnheer Wit wel bijvallen, want, ja, ik weet niet, mijnheer De Vries, maar in de tijd dat u bij de brandweer zat reed die politie in Assendelft nog omgekeerd volgens mij op een varken met pijl en boog. Ondertussen is het zo ver gegaan die techniek dat die dingen echt superhard gaan, dus ik denk dat de vergelijking die u maakt met die verloren tijd en nu dat het echt gewoon niet opgaat. Ik vind het jammer dat u dat elke keer doet, want het is een besluit wat we nu moeten nemen en wat er nu ligt De voorzitter: De heer De Vries. De heer De Vries (D66): Dat klopt. Daar ben ik ook heel blij mee met het besluit wat er nu ligt en ik ben heel blij met het … Ik trek geen emokaart, ik zeg alleen maar de feiten die er zijn en de feiten die liegen niet. De minister die zegt: het is nu afgelopen, het moet nog verder naar beneden. Ik geef de minister daar groot gelijk in. We hebben het er al vaak genoeg in de discussies over gehad. Emokaart, nee dat doe ik niet. Ik leg feiten neer, maar dat ik daar misschien een kleurtje aan geef dat kan ik niet ontkennen.

De voorzitter: De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Ja. Bedankt, voorzitter. Er worden juist met die speed pedelecs en elektrische fietsen wordt juist gestimuleerd om mensen uit de auto te krijgen. Als je dat nu gaat beknotten dan slaat dat zijn doel voorbij en dan wordt de aanschaf van zo’n speed pedelec die al gauw duizenden euro’s kost, wordt totaal overbodig en zullen de mensen in hun auto blijven zitten. Als dat is wat deze partijen willen, dan … Nou ja, laat maar zitten eigenlijk. De voorzitter: Wethouder Slegers. De heer Slegers (wethouder): Dank u, voorzitter. Dank u voor deze levende discussie. Wij kunnen in principe als college het amendement omarmen, maar, er komt weer even een maar, net wat mijnheer Wit zegt, wij willen wel, zouden graag zien dat de indieners een toevoeging doen. Het houdt inderdaad bij de verkeersveiligheid, maar of de doorstroming en ook het OV, want we vergeten het openbaar vervoer die met reistijden zit te kijken. Dus als je alles 30 kilometer maakt en je maakt geen uitzondering op basis van het OV of misschien aparte OV-banen, dan zou dat wel een probleem op kunnen leveren. Dan hebben we met onze concessiehouders weer een probleem.

Dus als wij een toevoeging kunnen doen, en ik citeer even: we nemen binnen de bebouwde kom 30 kilometer per uur als uitgangspunt waar in het kader van bijvoorbeeld verkeersveiligheid of door stroming OV beredeneerd afgeweken kan worden. Dan denk ik dat we alles goed in kaart hebben gebracht en van daaruit ook het amendement kunnen steunen. De voorzitter: Kunnen we dan doorgaan naar het volgende amendement K? Uitbreiding maximum parkeertijd van de POV. Behoefte aan een toelichting te geven? De heer Keijser. De heer Keijser (POV): Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, bezoekers die onze stad bezoeken met de auto die kunnen in het centrum en in betaald parkeergebieden maar twee uur staan. Als je je auto hier achter het station zet en je wil even naar het centrum toe en je loopt naar de Dam, dan heb je geen tijd meer om even

een terrasje te pakken, want je moet binnen twee uur weer terug zijn, anders krijg je een toegevoegde waarde op je parkeerplek en die is niet mis. Dan denk ik: ja, dan kunnen ze natuurlijk naar de parkeergarage toe, maar dat is vaak voor oudere mensen een obstakel, een probleem. Die durven dat niet, vinden het vaak te krap. Mensen die ’s avonds naar een bioscoop of naar het Zaantheater willen is dat voor dames vaak geeft dat een onveilig gevoel. Ik hoorde een helemaal dames zeggen: ik ga ’s avonds echt niet mijn auto in die parkeergarage zetten om daar om tien uur nog even doorheen te lopen. Dat doe ik gewoon niet. Ja, in die buurten mag je maar twee uur staan, dus ja dan gaan we of naar Purmerend of naar een andere stad toe om uit eten of naar de bioscoop te gaan of naar het theater. Dat vind ik zonde. Dan denk ik: met de parkeerprijzen hier is het niet zo dat je je auto voor de lol een uur langer laat staat, dus ik denk dat als die iets verlengd wordt dat dat alleen maar goed is voor en de bezoekers en de ondernemers. Tot zover. De voorzitter: De heer Wit. De heer Wit (CDA): Dank u. Ja, ik snap de intentie achter de motie of amendement, amendement, maar als je naar onze mooi bioscoop Pathé gaat, daar kun je onder parkeren en dan krijg je een korting op je parkeertarief. Als je naar het Zaantheater gaat hoef je alleen maar de brug over als je op de Beurs staat.

Dus ik vind het niet helemaal zo belangrijk om deze te gaan steunen, want ik denk dat het probleem kleiner is. De voorzitter: De heer Kerkhoven. De heer Kerkhoven (DZ): Ja. Dank u wel. Ja, mijnheer Keijser, ik heb de vraag eigenlijk: ik neem aan dat dit voor heel Zaanstad geldt, want er staat niet bij dat het over Zaandam alleen zal gaan? Als dat het geval is, als het over heel Zaanstad gaat, dan heb ik daar toch wel problemen mee, want dat betekent ook dat bijvoorbeeld in Wormerveer en Krommenie bij de blauwe zones dus in uw voorstel vier uur geparkeerd kan gaan worden. Nou heb ik met een aantal ondernemers gesproken en ook een aantal horecaondernemers. Die zijn helemaal niet blij, want dan staat er dus auto’s vier uur daar op die plek voor hun winkel. Dus ik kan me er nog iets bij voorstellen midden in het centrum van Zaandam, maar niet in Wormerveer en Krommenie. De voorzitter: De heer Keijser. De heer Keijser (POV): Ja, blauwzones is een hele ander … Gereguleerd parkeren blauwe zones is niet betaald. Daar sta je op een blauwe zone, volgens mij is dat een halfuur. Wij hebben het over de betaald parkeergebieden, dus waar je iets in de meter moet gooien of waar je je aan moet melden met je park mobile. Daar mag je allemaal maar twee uur staan.

De voorzitter: Wethouder Slegers nog behoefte? De heer Slegers (wethouder): Nou, ik snap de intentie van het amendement absoluut, net was mijnheer Wit ook zegt, maar het is juist het punt om het aantrekkelijk maken van het centrum, want volgens mij praat u daar ook over, dat zoveel mogelijk kort parkeren op straat is en het lang parkeren natuurlijk in de garages. Ik snap dat de ouderen als ze op basis van lang parkeren daar ook nog een heel stuk moeten lopen, dan begrijp ik dat, maar we hebben daar ook gehandicaptenparkeerplaatsen, maar er zijn ook gewoon normale ouderen die wel een stuk kunnen lopen, maar niet die afstanden kunnen doen. Maar om van twee naar vier uur te gaan dat willen wij toch ontraden als college. De voorzitter: Mevrouw Pancar.

Mevrouw Pancar (DENK): Ja. Dank u wel, voorzitter. Eigenlijk wilde ik hier niet op reageren, maar ik weet niet of de portefeuillehouder op de hoogte is, maar zodra je op park mobile dus zoiets aanzet van twee uur en die twee uur is voorbij, kan je hem gewoon opnieuw aanzetten. Dus of dat aantrekkelijk is … Dat gebeurt heel vaak. Je kan ook een andere zone aanklikken, dus volgens mij klopt het helemaal niet. De voorzitter: Nou, dat is nog een discussie straks voor bij … De heer Keijser. De heer Keijser (POV): Nou, dat kan alleen als je een halfuur onderbreekt. Je moet een halfuur hem onderbroken hebben, dan pas kan je hem weer aanmelden. Als je een andere zone aanmeldt, dat betekent dat je in de verkeerde zone staan. Dan krijgen we een bon. De voorzitter: Kijk. Nou, weer wat geleerd. Kunnen we hiermee dan deze discussie afsluiten? Dan gaan we door naar amendement L: verbinding A8-A9 als voorwaarde voor het ZNP. VVD en anderen. De heer Rienstra. De heer Rienstra (VVD Zaanstad): Dank u wel, voorzitter. Ingediend dus door VVD, LZ, DZ, POV, D66, CDA en DENK. Ik ga even niet op de inhoud in, die moge duidelijk zijn, maar dat hele ZNP dat ademt A8-A9 uit. Heel positief. Echter nergens wordt die harde voorwaarde genoemd. Echter versmallingen van de N203 tussen Zaandijk en Wormerveer en van de N246 kunnen pas echt als die verbinding A8-A9 is gerealiseerd.

Met dit amendement willen wij de afhankelijkheid van die A8-A9 hierin vastleggen. Even voor de duidelijkheid, want ik heb vooraf met een aantal van u gesproken, dit gaat niet op deze twee wegen als het gaat om een snelheidsverlaging of dat het bijvoorbeeld om een kruispunt veiliger te maken, het gaat echt over dat we er niet van de huidige vierbaans tweebaans van gaan maken. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Wie wil er op reageren? Wethouder Slegers. De heer Slegers (wethouder): Dank u, voorzitter. Ik ben heel blij met de aanvulling die mijnheer Rienstra maakt, want ik schrok even. Op basis van het leefbaarheidsfonds wat we uiteindelijk hebben gekregen van de provincie om wat aanpassingen te doen voor de leefbaarheid in Krommenie-Assendelft en dat dat misschien ook een relatie had met dit amendement, want dan zetten we inderdaad alles op slot. Dat zou denk ik niet de bedoeling zijn, ook niet van dit amendement. Dus daarom ben ik ook blij met die toevoeging daarbij en dat we van vier naar twee … Ja, dat is een onderdeel wat we op latere termijn in samenhang ook met de A8-A9 moeten gaan bekijken, want het is niet zo dat het doel van eventueel aanpassen is om de leefbaarheid, maar ook de oversteekbaarheid van de provincieweg te vergroten en niet om de bereikbaarheid te verslechteren. Van daaruit kunnen we dan ook het amendement ondersteunen.

De voorzitter: De heer Rijken. De heer Rijken (PvdA): Ja, toch effen een vraagje aan de wethouder dan, want in het ZMP staat juist bij die N203 dat tussen Wormerveer en Zaandijk de A8-A9 niet leidend is om daar aanpassingen aan te doen. Je hebt daar ook het stuk met de Prunuslaan en de Witte Veerstraat wat een onveilig punt is en ik zeg niet dat dat per se terug moet naar tweebaans dan, maar zetten we hier dan ook niet die ontwikkeling op slot om daar wat mee te doen? Dus dat is mijn vraag eigenlijk. Dat stuk tussen Wormerveer en Zaandijk, de twee gevaarlijke kruispunten, als we dit amendement aannemen, welke mogelijkheden zijn er dan nog … Blijven er nog over om die verkeersveiligheid daar te verbeteren? De voorzitter: Wethouder Slegers.

De heer Slegers (wethouder): Snelheidsverlaging, heuvels zoals ze ook al voorgesteld zijn in het leefbaarheidsfonds natuurlijk met die aanpassingen, dat soort aanpassingen. Ik kan heel goed begrijpen dat je niet rigoureus gaat kijken naar om van vier- naar tweebaans te gaan, want ik denk dat we daar echt een probleem mee gaan krijgen op basis van de doorstroming van de N203. Maar er zijn denk ik nog legio aanpassingen mogelijk zonder dat we daar direct heel rigoureus van vier naar twee moeten. Die vier naar twee dat is inderdaad wel een voorstel op moment dat het van een provinciale weg naar een lokale weg, omdat we dan de A8-A9 hebben gerealiseerd en we dan het verkeer ook gaan omleiden. De voorzitter: De heer De Laat. De heer Rijken nog reactie hierop? Sorry. De heer Rijken (PvdA): Nou ja, maar dan zegt hij dus eigenlijk dat dat nu in het ZMP staat dat die aanleg van die A8 en A9 bij dat stuk, dus tussen Wormerveer-Zaandijk, dat die niet afhankelijk is van om dat te veranderen. Nou, dat het eigenlijk verkeerd in het ZMP is gezet, dat is eigenlijk wat u nu zegt. De voorzitter: De heer Slegers. De heer Slegers (wethouder): Nou, laat ik het zo stellen dat die niet meteen gekoppeld is aan de A8-A9 om te kijken of daar vanuit die voorstelling van de A8-A9 dat we daar geen wijzigingen kunnen laten plaatsvinden. Snapt u wat ik bedoel of niet? De heer Rijken (PvdA): Een beetje.

De heer Slegers (wethouder): Een beetje? De voorzitter: De heer De Laat. De heer Slegers (wethouder): Het is ook wat, hè. De heer De Laat (GroenLinks: Ja. Dank u, voorzitter. Ja, een vraag aan de heer Rienstra naar aanleiding van het korte debatje. Kijk, u verwijt GroenLinks natuurlijk dat wij halsstarrig tegen de A8-A9 zijn en wij denken af en toe: nou, wat bent u toch halsstarrig in het volhouden dat die A8-A9 er komt. Maar naar aanleiding van het debat kunnen we er dan wel op vertrouwen dat als er nou maatregelen zijn die in het belang zijn van de mensen die daar wonen dat u daar dan elke keer het op zijn merites blijft beoordelen en niet alleen of de A8A9 er is of niet? De voorzitter: De heer Rienstra. De heer Rienstra (VVD Zaanstad): U kunt er vanuit gaan dat de VVD altijd alle voorstellen op zijn merites beoordeeld, dus zeker deze ook ja. De voorzitter: Daarmee kunnen we ook dit debat, als ik zo rondkijk, beëindigen. Dan gaan we naar amendement M: ontsluiting Westerwatering hoge prioriteit in ZMP. VVD en anderen. De heer Rienstra. De heer Rienstra (VVD Zaanstad): Dank u wel. Ons vierde amendement. Ik wil even een kleine inleiding. Zaanstad heeft helaas in het verleden een niet al te best imago opgebouwd als het gaat om goede visie op de verkeersinfrastructuur in combinatie met nieuwbouw van wijken. Westerwatering is hier een goed voorbeeld van.

De derde ontsluiting Westerwatering via de Van Goghweg dat moet je echt als een strategische visie met prioriteit opnemen. Ja, dat zal veel geld kosten, maar dat zijn heel veel projecten die in dit ZMP genoemd zijn.

Het is zonder meer de snelste route naar de A8, dus goed voor de doorstroming, voor het milieu en het reisgenot van de mensen. Het amendement wijst voor zich. Ingediend door VVD, LZ, DZ, ChristenUnie, POV en DENK. Dank u wel. De voorzitter: Wie wil daarop reageren? De heer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Ja, we zullen dit amendement niet steunen. Dat ligt hem net als in het verlengde met de A8-A9 hem in het feit dat ondanks dat je allicht betere doorstroming krijgt door dit soort infrastructurele maatregelen dat het toch aanzet naar het gebruik van oude vormen van mobiliteit, zij het motorvoertuigen met een brandstofmotor, zij het de zo gewenste in dit ZMP de elektrische voertuigen. Beide leggen een druk op toekomstige generaties, omdat er toch nog steeds veel te weinig duurzame energie wordt opgewekt om al deze voertuigen draaiende te houden, zeker de komende jaren, en de integraliteit tussen de RES en dit ZMP ontbreekt helaas wat ons betreft. Dus daarom zien wij dit amendement, waarbij je extra infrastructuur inlegt voor autovervoer, uiteindelijk tot een achteruitgang in onze ambities om Zaanstad tijdig klimaatneutraal te krijgen en zullen we het niet steunen. De voorzitter: De heer Wit. De heer Wit (CDA): Dank, voorzitter.

Wij zien het onderwerp derde ontsluiting Westerwatering als een vraagstuk dat nu telt en dat combineren wij ook met het eventueel verdiept leggen van het spoor, want dat zijn de fouten die wij toen niet wisten, maar die we achteraf denken: die hebben we gemaakt. Dat kunnen we herstellen. Kost waarschijnlijk heel veel geld, maar wat ons betreft hebben we dat er voor over. Eerst een onderzoek. De voorzitter: Mevrouw Neefjes. Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): Ja, wij hebben dit amendement mee ingediend, omdat wij dit ook echt een hele belangrijke ontsluiting vinden. De wijk groeit enorm, je moet nog steeds erg veel omrijden. Wij vinden ook de verbinding tussen twee stadsdelen, centrum en Westerwatering, heel erg belangrijk, dus wij zien hier graag een extra ontsluiting en geen files in Westerwatering en heel veel kilometers extra rijverkeer. De voorzitter: Wie verder nog? Niemand? Wethouder Slegers. De heer Slegers (wethouder): Dank u, voorzitter.

Dit amendement is natuurlijk heel sympathiek en is ook kijken ernaar: wat is er nou fout gegaan en hoe kunnen we dat nou verder oplossen? Er zitten natuurlijk wel een aantal addertjes onder het gras, want als u als raad wilt dat we hieraan prioriteit gaan geven, en op de gebiedsuitwerking voor Westerwatering beslissen daarbinnen ook het onderzoek van de derde ontsluiting, en daar bent u het hoogste orgaan in, dus dat kunt u voorstellen, maar daarin ook, en dan verspringt mijn … Even kijken, hoor. Hier zijn we weer. Nee, maar daarin nemen we dit ook mee in het ZMP om het op te stellen meerjarenprogramma. Dat betekent wel, en daar moet u echt van bewust zijn, dat andere projecten of onderzoeken lagere prioriteit krijgen. Dus die afweging moet je wel met elkaar gaan maken buiten het feit om, ik heb u ook al een raadsinformatiebrief gestuurd, wat de kosten zijn van zo’n onderzoek. Daar zult u ook toestemming voor moeten geven, want dat heeft gewoon te maken met externe inhuur en de kosten gewoon die er gemaakt moeten worden voor dit extra onderzoek. Dus van daaruit kan ik het alleen maar omarmen als u dat wilt, maar wel met die kanttekening dat u dan ook andere prioriteiten en lagere prioriteit geeft voor de stad.

De voorzitter: De heer Van der Laan en dan de heer Van Haasen. De heer Van der Laan (POV): Ja, ik wil de wethouder er aan herinneren dat we nog niet zo lang terug hier beneden zaten volgens mij ook met een initiatief volgens mij van mijnheer Rienstra ook over diezelfde ontsluiting. Tot op vandaag is er eigenlijk, ja, geen enkel resultaat geboekt om te zorgen dat die twee stukken met elkaar verbonden worden. Ik weet niet, is het de beoordeling dat we in maart heir weer over gaan praten en zeggen: ja, dat hebben we niet helemaal goed gedaan? Of gaat u nou gewoon eens een keer lekker doorpakken om te zorgen dat dat probleem opgelost wordt? Want ik weet nog dat u wethouder werd, dat u nog gewoon een behoorlijk grote broek aantrok: ik ga een hele hoop van die knelpunten ga ik oplossen, maar tot op heden, kan ik u vertellen, is de busbrug nog niet definitief open, is die ontsluiting er niet, is Assendelft helemaal volgelopen, Krommenie gaat helemaal vollopen en we bouwen er huizen bij, dit gaat helemaal vollopen. Dus tot op heden, voorzitter, is die ambitie een beetje groot, een beetje te grote broek denk ik. Dus ik wil graag weten: op welke termijn gaat u daar dan nu ook daadwerkelijk met een voorstel komen naar ons? Want wij gaan inderdaad zoals u zegt over dat geld. De voorzitter: De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Ja. Bedankt, voorzitter.

Ja, mijnheer Van der Laan kaapt een hoop bij mij weg, maar laten we het niet over doorpakken gaan hebben, want daar gaan we het straks zo tegen elf over hebben dus. Maar wat ik nog wel wou zeggen is wat de gevolgen hiervan zijn dat wil ik graag horen voor de ondertunneling van het spoor om de Gruisweg de spoorverbinding op te heffen, want als je dus een ondertunneling gaat krijgen bij de A8, dan vraag ik me af hoe je dan nog een verbinding moet gaan maken vanuit Westerwatering naar de provinciale weg. De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dank. Hoor ik de wethouder nu zeggen dat dus de second opinion waar we ook mee bezig zijn, project Gruisweg, dan een lagere prioriteit zou krijgen als we dit amendement aannemen? Want dat is absoluut niet de insteek. Ik zie hem nee schudden. Daar ben ik blij om. Wat betreft capaciteit, daarom hebben we ook even een bruggetje gemaakt naar de motie die we samen met VVD, CDA en DZ ook hebben ingediend om de uitgestoken hand van de provincie en de VRA om te helpen bij dit soort grote projecten ook met beide handen aan te grijpen. Dan wordt het waarschijnlijk ook wel wat makkelijker. De voorzitter: Wethouder Slegers reageert op de opmerkingen. De heer Slegers (wethouder): Ja, een te grote broek aangetrokken.

Ik denk het niet, want u noemt nou projecten op die al lopen en die al vijftien jaar niet lopen en waar we wel met procedures te maken hebben. Die kan ik ook niet veranderen. Ik zou het graag willen, mijnheer Van der Laan, maar dat lukt mij ook niet. Er zijn mensen die daar ook zienswijzen op indienen of bezwaar op indienen. Kan ik ook niet veranderen. Dat is nou eenmaal democratie hier in Nederland. Er zijn ook heel veel projecten die wel van stapel zijn gekomen, dus, maar daar gaan we wel een keer apart voor zitten met de plusjes en de minnetjes. Of we dan de broekriem aan moeten halen of dat ik nog een keer een grotere broek aan mag trekken dat zien we dan wel. Ten aanzien van dit: inderdaad, wat mijnheer Van der Laan ook zegt, u gaat over het geld. Dus als u wilt dat wij hier een prioriteit van maken en daar ook de RIB die wij u hebben gestuurd, de raadsinformatiebrief: dit zijn de kosten. Als u dat accordeert, dan gaan wij direct van start en wij nemen direct ook de Gruisweg daar mee met de MKBA, omdat dat met elkaar te maken heeft en dat zou stom zijn om dat niet te doen, om die twee bij elkaar te voegen en te zien van wat er dan integrale afweging zou kunnen zijn. Op mijnheer Van Haasen: ja,

dat zijn technische aspecten. Als u daarover verder geïnformeerd wil worden, dan zouden we ook een keer een technische sessie kunnen doen wat daar de consequenties van zijn als je daar dingen gaat doorkruisen en dat je nog dieper moet om andere zaken te realiseren. Tot zover. De voorzitter: De heer Van der Laan. De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, dat voorstel van de wethouder pak ik graag aan, het lijstje met de plusjes en de minnetjes. Laten we dat na de vakantie zo snel mogelijk doen. Dan komt er tenminste een beetje vaart in en dat dat besluit in elk geval voor de verkiezingen al eens een keer genomen is dan. De voorzitter: Kunnen we daarmee deze discussie ook beëindigen. Dan gaan we door naar toekomstperspectief Westerkoog van LZ en SP. De heer Van Braam en dan mevrouw De Boer. De heer Van Braam (SP): Ja, eigenlijk sluit die wel aan bij het amendement M die zojuist is besproken. Volgens mij had die best wel in één lijn door kunnen gaan. Ja, de SP die blijft grote zorgen wanneer de busbrug permanent wordt opengesteld en er een tweede dorpsstraat ontstaat in Westerkoog met dagelijks ruim 12.000 voertuigen door een wijk. Met alle bouwontwikkelingen in Westerwatering is het plan niet toekomstbestendig en daarom komen wij samen met Lokaal Zaans met amendement N: toekomstperspectief voor Westerkoog en daarom de onderzoeken van Goudappel/Coffeng en MKBA te gebruiken.

U zult begrijpen dat wij dus ook amendement M, die zojuist is besproken, zullen steunen. De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja kijk, we hebben afgelopen weken contact gehad met Veilig Westerkoog. Die hebben vele partijen benaderd, we hebben eerder discussie gehad over: wat is dat toekomstperspectief dan? Nou, daar komen we als raad nog niet helemaal uit. Daarom hebben we dit amendement ook ontdaan van allerlei voorstellen wat dat perspectief dan zou moeten zijn, maar we zouden Westerkoog toch op zijn minst helpen door te erkennen wat Goudappel/Coffeng aangeeft dat er een beperkt houdbaarheidsmoment zit aan de ontwikkelingen die daar plaatsvinden en dat je dus aan toekomstperspectief moet werken. Dank u. De voorzitter: De heer Wit. De heer Wit (CDA): Ja, een soort stemverklaring. Maar bij dit amendement N, Westerkoog, is eigenlijk het minste dat we kunnen doen. Er staat niet concreet iets in wat niet kan. Het is aandacht voor. Een aantal bewoners in Westerkoog die zien alleen maar achteruitgang als die busbrug opengaat, daarom ook die derde ontsluiting Westerwatering. Dus wij zullen deze steunen als signaal naar die inwoners van Westerkoog die zich, ja, achteruit zien gaan met die opening van de busbrug. De voorzitter: De heer Mattens. Dan de heer Van der Laan. De heer Mattens (PvdD): Dank u wel, voorzitter.

Wij zijn ook van mening dat er echt wat moet gaan gebeuren aan de situatie Westerkoog op moment dat die busbrug open zou gaan. Dat betekent voor ons niet automatisch dat wij daarmee voorstander zijn van een derde ontsluiting Westerwatering, maar dat er meer gekeken zou moeten worden naar verkeersdempende maatregelen in de wijk om dat niet als standaard uitvalsroute te gaan kiezen. Dus wat dat betreft omdat het dus algemeen geformuleerd is, kunnen wem steunen.

De voorzitter: De heer Van der Laan. De heer Van der Laan (POV): Ja, ik dacht eerst dat de wethouder nooit zijn nieuwe riedeltje had want ik heb hem nog niet horen bellen. De heer …: Ik denk dat het mijnheer Hartog is. Ja. De heer Van der Laan (POV): Ja. Voorzitter, niet om het een of het ander, ik denk dat alle partijen die dan dit roepen sowieso het amendement over de ontsluiting van de Westerwatering gaan steunen, want dat is namelijk het enige wat goed gaat zorgen dat die Westerwatering ontsloten wordt. Wij zullen mijnheer Mattens … Het is echt zo’n gedoe dat allemaal, iedere paar mensen die daar wonen die zeggen: hij moet dicht blijven. Een heel groot deel van mensen in Zaanstad zegt: we moeten hem gebruiken, want we rijden nu verschrikkelijk om. Dat betekent dat we dat klimaatneutrale gedoe van u meteen in de kast kunnen zetten. Daar zijn we klaar mee. Gaan we niet redden voor 2083. Dus als we dat nou gewoon op een goede manier gaan doen, open dat ding en die paar mensen, ik vind het heel vervelend voor ze, maar de meerderheid wil daar gewoon doorheen. Wat mij betreft gaan we dat morgen al doen, wethouder. De voorzitter: De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Ja. Bedankt, voorzitter. Ja, ik heb een keer een debat bijgewoond over de openstelling van de busbrug.

De bewoners van Westerkoog of Westerwatering die zeiden: wij willen die kant eigenlijk helemaal niet op, wij willen de andere kant op. Wij willen onder het spoor door richting de Vincent van Goghweg. Dus dat is nogal duidelijk: als dat gewoon aangelegd wordt, dan hoeft die toekomstbestendigheid van die busbrug is helemaal niet in het geding. Dank u, voorzitter. De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Nou ja, daarom hebben we het amendement ook ontdaan van een verdere inhoud wat dat perspectief dan moet zijn. Het zou fantastisch zijn als die derde ontsluiting Westerwatering lukt, maar ik denk dat het een belangrijk signaal is, zoals de heer Wit ook aangaf, want dat is de intentie van het amendement, om Westerkoog wel nou deze erkenning eigenlijk te geven. Dank u. De voorzitter: De heer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Ja, dat gaan we niet halen voor 2083. Ja, dat is natuurlijk het grote probleem. We moeten integraal iets gaan doen aan al die mobiliteit die er is. We moeten nu kijken: wat kunnen we wel doen? Wat kunnen we niet doen? Extra autoverkeer linksom of rechtsom, als je meer infrastructuur gaat aanleggen dan krijg je ook meer autoverkeer. Dat is dus dat doodlopende spoor waar dit hele ZMP naartoe loopt.

Wij lezen dit amendement als breed toekomstgericht kijken: wat kan er wel? Wat kan er niet? Maar dat betekent niet automatisch dat je een derde ontsluiting gaat realiseren. De voorzitter: De heer Van Braam en dan de heer Van der Laan. De heer Van Braam (SP): Ja, in reactie even naar mijnheer Van der Laan, want ik vind het wel een beetje kinderachtig hoe hij over de bewoners van Westerkoog praat alsof het er een paar zijn. Een paar is twee, maar volgens mij zijn het er wel wat meer. Maar goed. Ik vind het ook vrij makkelijk om te zeggen: die busbrug die

moet maar open gegooid worden, want je smijt daar dan 12.000 voertuigen per dag doorheen en je vergiftigt daarmee de Westerkoog, waarvoor dank. Maar goed, dat wilde ik nog gezegd hebben. De voorzitter: De heer Van der Laan. De heer Van der Laan (POV): Ja, in de richting van mijnheer Van Braam: graag gedaan. Laten we het er zo even over hebben met het welnemen van u dat u zegt: des te meer infrastructuur we aanleggen, des te meer auto’s er komen. Die berekening zou ik wel eens willen zien, want het is nu elke keer dat ik iedereen hoor roepen: ja, er zijn te veel auto’s, dus er moet infrastructuur bij. Het beheer in Zaanstad is één ding waar we echt helemaal niet goed in zijn en dat is infrastructuur. Kijk maar naar Krommenie, kijk naar Assendelft, kijk naar alles. Ondertussen staat het helemaal vast overal. Dus die rekensom zou ik wel eens een keer van u willen zien. Hoeft niet nu hoor, want u heeft niet zoveel tijd meer. Mag ook in de mail. De voorzitter: De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Nou, misschien is het wel goed dat er meer infrastructuur doen en dat er meer auto’s komen. In 1965 hadden we 1 miljoen auto’s, toen hadden we 3 miljoen of 3000 verkeersdoden per jaar. Tegenwoordig hebben we 8 miljoen auto’s en hebben we 600 verkeersdoden per jaar, dus dat is vijf keer verminderd. Dus misschien een beetje meer verkeer is misschien wel goed voor de veiligheid.

Dank u, voorzitter. De voorzitter: De heer Slegers. De heer Slegers (wethouder): Dank u, voorzitter. Laat ik vooropstellen dat het amendement heel … Ja, hoe zal ik dat zeggen? Sympathiek is, alleen inderdaad wat u zelf al zegt, mevrouw De Boer, ja het is wel heel ruim gekozen: goed toekomstperspectief. Wat is het toekomstperspectief voor Westerkoog? Iedereen vult dat op zijn manier in natuurlijk. Maar laat ik vooropstellen dat wij natuurlijk aandacht hebben voor een goed toekomstperspectief, ook voor Westerkoog, maar dat willen we voor iedere wijk natuurlijk, maar moet daardoor het ZMP op dit punt dan ook aangepast worden? Dat is voor mij echt de vraag, want een goed toekomstperspectief krijgt ook zijn beslag in die gebiedsuitwerking waar ik het al een paar keer over heb gehad, ook voor Westerwatering en ook voor Westerkoog. Zoals een goed toekomstperspectief ook betaamd: voor elke wijk wordt deze gemaakt door middel van een gebiedsuitwerking, dus dit specificeren voor Westerkoog heeft denk ik geen zin. Ik denk juist dat we voor alle gebieden dat goed willen doen en ook een toekomstperspectief willen bieden. Dus voor mij zou hij overbodig zijn. De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, ik kan best wel heel ver meegaan in wat de wethouder zegt.

Dat snap ik ook, maar ik denk voor Westerkoog geldt wel dat we een rapport hebben van Goudappel/Coffeng, uiteindelijk ook weer aangepast na de nieuwe plannen van na de openstelling van de busbrug, dus daar zit een stukje erkenning in dat er aandacht voor is. Ik denk dat dat voor deze wijk gewoon heel erg belangrijk is. De weg daar naartoe … De heer Mattens zal zeggen: nou ja, veel minder auto’s, dat is voor Westerkoog ook een toekomstperspectief. Wij zitten daar als Lokaal Zaans anders in, maar daarom hebben we hem opengelaten. Het is denk ik een belangrijk signaal naar de wijk. De voorzitter: Daarmee … De heer Rijken.

De heer Rijken (PvdA): Ja. Dank u wel, voorzitter. Nou, ik wil nog heel even reageren op de heer Van Haasen, want ik merk dat ik me erg stoor om verkeersdoden in een soort van gebbetje over meer auto’s of minder te doen. Ik begrijp dat mijnheer Van Haasen dat niet zo bedoelt, maar ik wil wel weergeven dat ik dat echt niet apprecieer, dus bij dezen. De voorzitter: Kunnen we dan dit onderwerp afsluiten? Dan gaan wij door naar amendement P: behoud functie afslag A2 van DENK. Mevrouw Pancar. Mevrouw Pancar (DENK): Dank u wel, voorzitter. Toen ik een Zaanse burger sprak over de plannen aangaande de N203 riep die spontaan: ja, de middenberm. Laat ze daar lekker klapstoelen en paptentjes opstellen als ze daar zo graag willen recreëren, maar laat ze alsjeblieft wel met hun handen van de weg afblijven. De provinciale weg N203 staat bekend als een van de meest gebruikte provinciale wegen in de provincie NoordHolland. Deze weg loopt van zuid naar noord en andersom en verbindt zodoende nagenoeg de gehele Zaanstreek met elkaar. Een vlotte doorstroming van het verkeer is essentieel voor de Zaanse samenleving in het algemeen. De oplossing voor de problemen ligt niet in het opheffen of afbouwen van de provinciale weg N203, maar in het toepassen van maatwerk op de bekende knelpunten en probleemzones. Dat was het. De voorzitter: Dank u wel.

Daarmee heeft u P en Q tegelijk behandeld, hè? Als ik het goed begrijp. Mevrouw Pancar (DENK): Ja. De voorzitter: Ja. Mevrouw Pancar (DENK): Ja, zal ik die andere ook gelijk doen? Oké. De voorzitter: Doe dat. Ja, ik dacht dat u dat al deed. Mevrouw Pancar (DENK): Sorry hoor. De voorzitter: Omdat u begon met provinciale weg. Dat was de laatste op mijn lijstje. Maar doet u dan gelijk de andere ook maar. Dan hebben we ze allebei. Ja? Mevrouw Pancar (DENK): Het Zaans Mobiliteitsplan zet nadrukkelijk in op het verbeteren van de mobiliteit van en naar de stad en een functionele aansluiting op de stadswegen. Afslag 2 vormt een directe aansluiting op de provinciale weg N203 waardoor het verkeer zich vlot kan verplaatsen. Afslag 2 heeft bovendien een belangrijke functie voor de bereikbaarheid van Oud-Koog en de grote winkels ter plaatse. Ook betekent opheffing van afslag 2 een vergroting van de verkeersstromen richting Westerkoog waar nu al heel veel discussie over is. Om met functionele oplossingen te komen, dienen wensen en realiteit, idealisme en functionaliteit samen te gaan. Zo voorkomen we dat we juist problemen voor de toekomst veroorzaken. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Wie wil daarop reageren? Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja. Dank voor amendement P. Ik denk dat het goed is om dat signaal af te geven om afslag 2 nog even te behouden.

Eigenlijk had ik over amendement Q, is dat niet heel erg in lijn met amendement L? De voorzitter: De heer Van Braam.

De heer Van Braam (SP): Ja, de SP die ziet ook problemen door het sluiten van afslag 2. Enerzijds zie je daardoor natuurlijk wel weer ruimte in de wijk ontstaan, het is ook het verleggen van verkeersproblemen. Wij maken ons grote zorgen met aansluiting 3 die dichtbij zelfs … Die dichtbij of zelfs in Natura 2000 gebied komt te liggen. Ja, door afslag 2 af te koppelen, zal een enorme verkeershinder ontstaan. Dat willen wij voorkomen, dus wij steunen van harte amendement P van DENK. De voorzitter: De heer Rienstra. Dan de heer Van Haasen. De heer Rienstra (VVD Zaanstad): Dank u, voorzitter. Toen we voor het eerst het ZMP lazen en afslag 2 daaruit was, vond ik het eigenlijk best wel logisch klinken, maar de beraadslaging van anderen gehoord hebbende en ook met het bedrijfsleven gesproken, denk ik dat het toch wel goed is als die afslag erbij blijft, dus wij zullen dit amendement steunen. Dan even nog Mevrouw De Boer die vroeg of het verlengde van … Of die N203 van Partij van DENK. Dit amendement van DENK gaat over het zuidelijk deel en ons amendement ging over het noordelijk deel. Maar over dit amendement van DENK zullen wij ook ondersteunen tot heden. De voorzitter: De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Ja. Bedankt, voorzitter. Ja, ik heb problemen met amendement P, het afschaffen van die afrit.

Volgens mij moet die afrit vervallen als je de onderdoorgang onder het spoor wil maken, omdat je de provinciale weg een stuk moet verdiepen om onder het spoor door te komen waardoor het dus onmogelijk is om die afslag te behouden, dus die kennen we niet steunen. Die andere zien wij helemaal zitten en zullen we wel steunen. Dank u. De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja. Dat klopt wat de heer Van Haasen zegt, alleen op dat moment zijn we nog helemaal niet, dus volgens mij is het belangrijk om dat ook boven de markt te houden. De voorzitter: Mevrouw Pancar. Mevrouw Pancar (DENK): Ja. Dank u wel, voorzitter. Ik snap ook wat de heer Van Haasen zegt hoor, alleen de motie roept juist op, tenminste het amendement roept juist op om nadrukkelijk in de toekomst zal blijken dat deze overbodig is of niet functioneel is. Dus het is voor in de toekomst. De voorzitter: De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Ja, dat dacht ik ook. We zitten hier Zaans Mobiliteitsplan 2040 en we kijken zelfs met de Achtersluispolder twee decennia vooruit, dus laten we dat met dit ook en dan ken het dus niet gehandhaafd blijven. De voorzitter: Mevrouw Pancar. Mevrouw Pancar (DENK): Nou ja, volgens mij bedoeld de heer Van Haasen dat we vooruitkijken, maar besturen betekent ook dat we vooruit moet kijken, dus we moet alvast plannen hebben voor in de toekomst.

De voorzitter: De heer Slegers.

De heer Slegers (wethouder): Dank u wel, voorzitter. Ik begin bij amendement P, want u begon net met Q, maar laten we met P beginnen. In het ZMP staat dat in het project Gruisweg besloten wordt over de afslagen 2 en afslag 3, dus uiteindelijk dat we ook wel een voorkeur hebben om voor de afsluiting van afslag 2 en het volledig maken van afslag 3. Dat is een ander argument, maar het komt allemaal terug. Dus ik snap ook niet waarom dat dan nu aangepast zou moeten worden in het ZMP, omdat in het project Gruisweg worden alle alternatieven serieus onderzocht en daarvoor is dit amendement ook niet nodig. Dus er is nog niks bepaald, het wordt allemaal nog onderzocht. Dan uw amendement Q ten aanzien van de provinciale weg. Er wordt ook in het ZMP aangeduid als verbinding tussen de kernen. Doel daarmee is ook minder regionaal karakter, dus dat het een regionale verkeersweg wordt. Dus uiteindelijk ook hierin kunnen we deze ontraden, want die heeft op dit moment geen toegevoegde waarde. De voorzitter: Kan ik daarmee de beraadslaging … Mevrouw Pancar nog een reactie. Mevrouw Pancar (DENK): Ja, kort nog even. Maar volgens mij beide amendementen ondersteunend. Het college gaat nogmaals niet over amendementen of moties ontraden of omarmen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10567139/1