CConstaterende datZaanstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag raad 29 juni 2021

Raadsvergadering 16 september 2021, gemeente ZaanstadBij agendapunt: Vaststellen verslag en besluitenlijst d.d. 17 en 29 juni, 5 en 8 juli 202149.645 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

En volgens mij ligt hier een enorm toeristisch potentieel. De voorzitter: Mijnheer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Ja, bedankt, voorzitter. Wij zien dit een beetje als een lokaal Zaanse puzzeltocht, misschien wat voor een fractie-uitje maar niet om dit in te voeren, daarom zullen we tegen stemmen. De voorzitter: Nog andere bijdrages op dit punt? Zullen we als laatste nog, geen decentralisatie van de Wet inburgering, doen. Wie wil daarover het woord? Geen decentralisatie van de Wet inburgering. Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Nou, ja, misschien heel kort, voorzitter, we hebben daar best een hele tijd over gehad in Zaanstad Beraad. Dat vonden wij een goede discussie. De wethouder gaf ook aan na enig doorvragen dat ze al een brief had gestuurd. Het lijkt ons toch goed om deze motie wel in stelling te brengen omdat het ook haar wellicht kan helpen om dat signaal wat steviger af te geven. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Pancar. Mevrouw Pancar (DENK): Dank u wel, voorzitter. Nou, dit gaat niet helpen. We weten dat het er gaat aankomen dus wij zullen hem dan ook niet steunen. De voorzitter: Mijnheer De Laat. De heer De Laat (GroenLinks): Ja, GroenLinks is blij dat de fout uit 2013 om het naar het Rijk te brengen weer wordt hersteld en dat inburgering bij de gemeente komt.

En natuurlijk zijn we voor voldoende middelen maar daar lopen de gesprekken aan, dus daarom zullen we deze motie ook niet steunen. De voorzitter: Mijnheer De Haas. De heer De Haas (ROSA): Ja, wij kunnen ons aansluiten bij de woorden van de heer De Laat, de motie is overbodig, zoals we al eerder gezegd hebben. De stevige gesprekken vanuit de VNG die worden al gevoerd

over alles wat over de schutting wordt gegooid, waarbij er niet voldoende budget wordt meegeleverd. Dus ook dat gebeurt al. Dus de motie draagt wat ons betreft niks meer bij. Dank u. De voorzitter: Nog andere woordmeldingen? Dan stel ik voor dat we nu de beraadslaging beëindigen en dat we bij de volgende pauze de stemming doen voor de raadsleden van de verschillende commissies. Dan kunnen we nu lekker gaan eten en wens ik u eet smakelijk en om zeven uur zijn we hier weer terug. De voorzitter: Ik kijk even rond of we, het is zeven uur, wie missen we nog? Mevrouw Van Otterloo die was afwezig gemeld, de heer Eid ook. Mevrouw Rot is er niet. Komt, is die in aantocht? Nee? Dus die is afwezig. De heer Kerkhoven: Ik heb begrepen dat ze dat zojuist heeft afgemeld. De voorzitter: Oké. Nou, dan is die bij deze afwezig gemeld. Dan gaan wij verder, zijn we dan verder compleet? Ik dacht het wel hè. Ja. Dan gaan we weer beginnen. We waren gebleven bij de motie, wonen boven scholen, motie 25 van CDA en VVD. Wie wil daarover het woord? O ja, we hadden afgesproken, ben ik natuurlijk weer vergeten, dat we met amendement F zouden beginnen. Dat is de watersportvriendenbelasting, van de heer Kerkhoven, die staat als het goed is nu allemaal op het RIS. Kunt u hem allemaal openmaken? Even de checkvraag. U heeft hem ook allemaal gelezen? Ja. Mijnheer Kerkhoven heeft het woord.

De heer Kerkhoven (DZ): Ja, dank u wel, voorzitter. Ik was nog verschuldigd een antwoord van de vraag van de heer De Laat van GroenLinks. Die stelde mij de vraag, maar de toeristenbelasting wordt geheven, is dat dan wel fair om dit dan af te schaffen? Dat was uw vraag dacht ik, mijnheer De Laat. Ja, dat is op zich wel een interessante vraag. Maar ik denk dat het hier ook, ik denk dat je hier die twee zaken niet met elkaar kan vergelijken. Allereerst is het zo dat de watersporttoeristenbelasting alleen geheven wordt voor inwoners buiten Zaanstad, die er ook niet helemaal op hoeven te overnachten. Er is gewoon een berekening gemaakt van, zoveel nachten slapen ze waarschijnlijk per jaar daar, maar je kan het totaal niet met elkaar vergelijken. Plus, en dat moet u wel in ogenschouw nemen, de administratieve rompslomp die al deze vrijwilligers moeten gaan opvoeren om nogmaals 12.000 euro netto per jaar dan te gaan innen voor deze belasting, lijkt mij eigenlijk onmogelijk. Tot zover. De voorzitter: Mijnheer Wit. De heer Wit (CDA): Dank u. Ja, wij sluiten ons aan bij de woorden van de heer Kerkhoven. Het is ons overkomen deze belasting, onder een paraplu van de toeristenbelasting is die watertoeristenbelasting meegekomen. Wij denken dat het heel goed is om die af te schaffen. En er zijn nu twee amendementen, één zegt eigenlijk per direct, dat is die waar we nu net vers naar kijken.

En dat wordt gekoppeld aan de APV, een traject om iets met vignetten te gaan doen, waar de watersportondernemers ook zelf mee kwamen als oplossing. Dus ze willen graag meedenken voor een oplossing, niet alleen stoppen. Het andere amendement is, haakt veel meer in op het, zet het op de prioriteitenlijst, de urgentielijst die staat, en laat het college broeden de komende maanden op een oplossing om hem dan per ‘22 buiten werking te stellen. Dus het zijn twee smaken die voor ons allebei goed proeven. De voorzitter: Mijnheer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Ja, bedankt, voorzitter. Ja, ik heb hier nogal een vraag over want er zijn bijvoorbeeld plannen om havenlodges in de jachthaven Dukra te leggen, die ze als een soort verkapte Airbnb

gaan gebruiken. En, ja, dat is in principe ook op het water. Zouden die dan ook vrijgesteld zijn van de haventoeristenbelasting, of watertoeristenbelasting, want dat is dan nog wel de vraag? De voorzitter: Mijnheer Kerkhoven. De heer Kerkhoven (DZ): Nou, die vraag is heel simpel te beantwoorden, mijnheer Van Haasen, dat valt in mijn beleving onder de toeristenbelasting. Dat zijn toeristen die daar overnachten, short stay, dus die betalen gewoon toeristenbelasting, heeft niks te maken met de watersporttoeristenbelasting. De voorzitter: Mijnheer Van der Velden. De heer Van der Velden (POV): Ja, dank u wel, voorzitter. Nog even ter aanvulling op het eerste gedeelte van het betoog van de heer Kerkhoven. Wij hebben op dit moment krijgen we een half uur geleden ook nog de berichtgeving binnen, nogmaals een dringend verzoek van de HISWA-RECRON, om alsjeblieft dit af te schaffen omdat ze bij haar achterban totaal geen enkele draagvlak kan creëren, c.q. vinden, om dit nog mee door te gaan. Mede gevoed door het wel zeer gebrekkige participatietraject, dat wil ik in de raadzaal nog even benoemd hebben. Ik heb het ook in het Zaanstad Beraad al benoemd maar ik vind deze gremia toch wel wat zwaarder. En dat heeft niet te maken met de kwantiteit van het aantal wijzen dat er participatie-overleg geweest is maar de kwaliteit die daarin naar voren is gekomen.

En ik had wel één aanvullende vraag aan de wethouder, dat rapport van legitieme, dat we zo laat gekregen hebben, wat is de motivatie geweest om dit geheim te maken? Als je kijkt naar de inhoud. En we hebben juist volgens mij ook de afspraak in deze raad dat we moeten gaan streven naar minder geheime stukken, en ik ben eigenlijk wel eens benieuwd naar de motivatie waarom dat rapport geheim te maken? De voorzitter: Mijnheer Krieger. De heer Krieger (wethouder): Ja, voorzitter, even een paar dingen. Ik heb ook net pas kennis kunnen nemen van het amendement F van DZ, nog geen gelegenheid geweest om ons college hier ambtelijk over te laten adviseren. Ik zie overigens in het amendement wel dat het over twee deelonderwerpen gaat die met watertoerisme te maken hebben, dat is het invoeren van een vignettenregeling, ook het hele concrete voorstel om met ingang van dit jaar al de watertoeristenbelasting af te schaffen. Ik weet niet wat daar eventueel de consequenties van kunnen zijn. Ik hoor de heer De Wit had ook even een samenvatting gegeven van een andere richting die je zou kunnen kiezen. Dat zou veel meer mijn voorkeur hebben om te zeggen, betrek het nou bij de prioriteitenlijst die we toch nog als puzzel op te lossen hebben.

En ik ben ook niet te beroerd om als mijn gevoel mee te geven dat ik ook wel wat onaangenaam verrast ben door de feitelijke opbrengsten die ermee gegenereerd zijn. Maar als wethouder Financiën heb ik ook te maken met het incalculeren van de post watertoeristenbelasting, daar heb ik ook niet zomaar één, twee, drie een oplossing voor. Als we het zo constructief mee kunnen nemen naar 2022, dan ben ik daar heel graag bereid om daar op die manier naar te kijken. Dat past denk ik ook heel goed bij besluiten wat we altijd nemen om de tarieven altijd te bespreken op het moment dat we het ook over de begroting hebben. Ik hoop dat ik daarmee een soort handreiking kan doen, voorzitter, om de discussie in ieder geval over dat onderwerp goed te openen. Mijnheer Van der Velden, waarom het geheimgehouden is. Ik wil het best nog even terugleggen en u daar schriftelijk over informeren. Ik ben ook van de school, alles openbaar, tenzij. Het staat me bij dat het iets te maken had dat het niet echt ons rapport was, dus dat wij ook afhankelijk waren van toestemming van derden om het überhaupt openbaar te maken, maar dat geef ik u graag nog even terug. En over de participatie, daar hebben we echt heel verschillende beelden bij. Het gaat om het invoeren van de belastingheffing, waar u als raad toe besloten heeft. En dat vraagt een andere vorm van communicatie dan wanneer je bijvoorbeeld over

een bouwplan met iemand spreekt en er ook echt sprake is van participatie in het meedenken over een project. Het is een belastingheffing en dat is niet voor iedereen een even plezierige maatregel. Ik heb zelf ook tenminste één of twee keer met de sector aan tafel gezeten om het goed uit te leggen. Het is mijn overtuiging dat we alles gedaan hebben om het wel goed te communiceren. En dat mensen het uiteindelijk niet prettig vinden dat het geïnd wordt, ja, dat begrijp ik heel goed. Maar kort door de … Nogmaals, voorzitter, het zou heel sterk mijn voorkeur hebben om de route te kiezen die de heer Wit net zo ongeveer heeft samengevat. De voorzitter: Dank u wel. Wie wil daar nog op reageren? Mijnheer De Laat en mevrouw Neefjes. De heer De Laat (GroenLinks): Ja, los van de inhoudelijke discussie, vind ik het, maar misschien volg ik het debat niet zo goed, vind ik het soms wel ingewikkeld dat we op het ene moment een besluit nemen, en dan bij het eerstvolgende moment het besluit weer intrekken. Ik vind wel dat in het kader van belastingen en ook transparantie en duidelijkheid, dat je ook gewoon achter een besluit moet staan en het gewoon moet uitvoeren. Dus ik snap het antwoord van het college niet helemaal van, gaan we het dan een jaar wel invoeren en dan het jaar daarna toch niet invoeren. Dus hoe zit dat nou eigenlijk? Komt dat niet een beetje zwabberend over.

De voorzitter: Eerst mevrouw Neefjes en dan de heer Wit. Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): Ja, eigenlijk aansluitend hierbij, wij vinden het gewoon wat vroeg om het nu alweer dan te stoppen. We zouden liever even kijken hoe het zich zou ontwikkelen. En ook richting, dat we misschien toch in coronatijd een andere opbrengst hebben. Wij zouden het liever nog even afwachten. De voorzitter: Mijnheer Wit. De heer Wit (CDA): Nou, dank, voorzitter. Ja, nou, mijnheer De Laat, u heeft helemaal gelijk. Het is ook niet zoals het hoort. Maar als je ziet wat er kleeft aan deze belasting, de portefeuillehouder zegt al, eigenlijk brengt het nauwelijks iets op, het kost de gemeente tijd, het kost de waterschapondernemers of de watersportondernemers, kost het … Die moeten een aparte registratie bijhouden van ieder bootje dat ze verhuren. Zij moeten dus ook in het kader van de AVG vragen stellen, en dat houden ze onder zich maar dat moeten ze wel doen, aan mensen van buiten Zaanstad. En het levert een concurrentienadeel op, een ondernemer in Oostzaan betaalt die belasting niet. En dat kan soms een kwestie zijn van 50 meter afstand, bij een watersportondernemer. Dus er kleven heel veel dingen aan. Ik heb het niet beseft toen wij die tariefdifferentiatie toeristenbelasting hebben goedgekeurd, heb ik dit niet gezien.

En velen onder ons, misschien u wel, maar dit is echt in het kielzog van die toeristenbelasting gekomen en dit valt heel vies tegen. En dan denk ik, dan kun je beter nu stoppen. En dat is pas per ‘22, dus de ondernemers hebben een jaar voor de kiezen met dit, met de administratie, met afdracht, met een concurrentienadeel terwijl corona net voorbij is. Ja, dan denk ik, laten we het niet gaan evalueren, dit is gewoon een reden om nu te zeggen, stop. De voorzitter: Mijnheer Kerkhoven. De heer Kerkhoven (DZ): Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, daarom denk ik dat het amendement wat ik heb ingediend, mijnheer Wit, beter is. Want we moeten het gewoon nu stoppen. En dan terugkomend op mevrouw Neefjes. Mevrouw Neefjes, ik begrijp niet wat u zegt dat we dan beter even kunnen wachten en evalueren. Ik bedoel, de cijfers zijn de cijfers. De cijfers die wij gekregen hebben van de ambtelijke organisatie, betekent dat op basis van administratieve lasten die de gemeente moet betalen, personeelskosten, allerlei andere zaken, levert het netto maar 12.000 op. Dat zal niet veel of niet veel minder zijn, die 1100 boten, daar

zal ook niet zoveel verschil in zijn. Dus dit zijn gewoon de cijfers. Ik heb één voorbeeld voor u, de Zaanse Zeilvereniging moet 4000 euro investeren aan hun software om dit soort heffingen door te belasten aan hun leden, en dat vind ik een probleem. Daarom, mijnheer Wit, vind ik, pleit ik ervoor voor ons amendement, om gewoon nu de zaak te stoppen. En we hebben inderdaad zitten slapen, allemaal. De heer Wit en ik hebben in ieder geval zitten slapen op dit onderwerp, en de heer Van der Velden ook, bij de begroting in november. Dat is er doorheen geslipt, dat is een fout, dat hebben we inderdaad niet goed gedaan, dat is een goede les geweest. Maar we kunnen het op deze manier hierbij corrigeren. Het is een dringend beroep ook van de HISWA-RECRON en de watersport, het nationaal of Nederlands Watersportverbond, die dringend een beroep op deze raadsleden doen om dat echt terug te dringen. Tot zover. De voorzitter: Mijnheer De Laat. De heer De Laat (GroenLinks): Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ik ben toch nog niet helemaal overtuigd, ook niet in het kader van de discussie die we over de toeristenbelasting hebben gevoerd hier in deze zaal. Kijk, we kunnen ons natuurlijk ook vergelijken met Oostzaan maar we kunnen ons ook vergelijken met Amsterdam. Dus zo ken ik er natuurlijk nog wel een paar. Maar goed, om kort te zijn, wij zullen de motie en amendementen niet steunen.

De voorzitter: Mijnheer Van der Velden. De heer Van der Velden (POV): Dank u wel, voorzitter. Ja, we hebben hier natuurlijk ook te maken met een stuk vooruitschrijdend inzicht. Er is een beslissing genomen binnen de raad, wellicht niet met een volledig pakket aan informatie die we wellicht hadden moeten hebben. En wellicht misschien wel een verkeerde keuze geweest. Maar ik hoor het college ook vanavond zeggen van, ja, we hebben bepaalde toezeggingen gedaan maar we hebben nu eenmaal de middelen niet dus we voeren het niet uit. Daar stappen we dus heel makkelijk overheen. Wij constateren nu dat we wellicht een keuze hebben gemaakt die niet helemaal de juiste is geweest. En wij vragen u, ja, daar hebben we fout in gezeten en dat willen we graag corrigeren. Wat is hier anders als dat het college doet? Dus ik wil toch een beroep doen op iedereen van, steun deze motie. En dan gaan we volgend jaar, gaan we verder kijken. Maar even rust in de tent bij de watersportvrienden die het al moeilijk genoeg hebben op dit moment. De voorzitter: Mijnheer Wit, u heeft nog drie minuten. De heer Wit (CDA): Ja, heel kort. Nou, misschien is er een misverstand want de tariefdifferentiatie toeristenbelasting, die gaat dus niet worden afgeschaft, die blijft gewoon bestaan. Die heeft een opbrengst van meer dan 4 ton. Dit gaat om een onderdeeltje van die tariefdifferentiatie toeristenbelasting.

Dat specifieke onderdeeltje gaat het om, de rest blijft bestaan. De voorzitter: Volgens mij zijn daarmee de argumenten gewisseld, en kunnen we overgaan naar wonen boven scholen. Ook een motie van CDA en VVD. Ik zal eerst de VVD maar het woord geven. Of mijnheer Westerhof. Mijnheer Westerhof, u heeft nog 2 minuut 57. De heer Westerhof (CDA): Dank u, voorzitter. Ik heb al een toelichting gegeven tijdens het Zaanstad Beraad, dus ik kan kort zijn. Bij wonen boven scholen gaat het om het combineren van schoolbouw en woningbouw, dat heeft voordelen. Ruimtebesparend, dus ondersteunend aan de binnenstedelijke invulling van woningbouw, en gezamenlijke projectontwikkeling met private partijen kan kapitaal genereren om ambities met betrekking tot goede schoolgebouwen, om kwaliteit en duurzaamheid waar te maken. En zo te

voorkomen dat die op de lange baan worden geschoven, dit omdat middelen vanuit het Rijk ontoereikend zijn. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Wie wil daarop reageren? Mevrouw Van Nieuwamerongen en mevrouw Mathkor. Mevrouw Van Nieuwamerongen (VVD Zaanstad): Ja, dank u, voorzitter. Ik ben in ieder geval blij dat we het nu over dubbel grondgebruik kunnen hebben, zonder dat mijn gillende kinderen binnenkomen. Dus dat scheelt in dat geval. Wat het punt eigenlijk van de heer Westerhof ook duidelijk maakt is, we kunnen gewoon veel duidelijker en veel slimmer met onze grond omgaan, dus laten we dat vooral gaan doen. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Mathkor. Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Ja, dank u, voorzitter. Inderdaad, dubbel ruimtegebruik, dat spreekt ons ook bijzonder aan. Specifiek als het ook nog om het realiseren van meer woningen gaat, waar we natuurlijk nog steeds een vreselijk tekort aan hebben op dit moment. Dank u. De voorzitter: Geen anderen op dit onderwerp? Nog behoefte vanuit het college om te reageren? Hebben we al gedaan dacht ik. Dan gaan we naar alle schoolgebouwen ENG, E. N. G. Partij voor de Dieren, mijnheer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Dank u wel, voorzitter. Ja, schoolgebouwen, we behandelen vanavond ook nog het IAP na de Voorjaarsnota en schoolgebouwen die bouw je voor een hele lange termijn.

En op het moment dat je schoolgebouwen neerzet met een (B)ENG-criterium, dan kan het zo zijn dat je na de bouw erachter komt dat je nog, als je een paar kleine dingen had aangepast, of een paar aanvullende dingen had gedaan bij de bouw, dat je daarmee het gebouw in één keer energieneutraal had kunnen maken. Dat had misschien wat extra’s gekost maar eenmaal na de realisatie kosten dergelijke dingen vaak veel meer. Vandaar de oproep om te kijken naar het direct nul op de meter, dan wel ENG realiseren van alle schoolgebouwen die we vanaf nu zouden willen gaan realiseren. Daar wat budget voor beschikbaar te stellen. En daarbij in het achterhoofd te houden, de noodzaak om nieuwbouw volledig energieneutraal te realiseren, juist omdat in oudere gebouwen, in heel veel monumenten in de stad, het juist zo lastig is om dat energieneutraal en klimaatneutraal te gaan maken, moet je juist in die nieuwbouw vooroplopen. En eigenlijk moet je daar zelfs klimaatpositief, energiepositief gaan bouwen. Maar dus ENG, nul op de meter is wat dat betreft een hele redelijke tussenweg.

En ik denk dat in het licht van het gelekte rapport van het IPCC, dat wij nu voor zo’n enorme crisis staan, dat die paar extra euro’s die dit gaat kosten, en die afschrijvingstermijnen zijn heel lang dus het valt allemaal reuze mee op de lange termijn, zeker in het licht tot de kosten van klimaatverandering, dat wij dit nu gewoon zouden moeten besluiten. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Wie wil daar nog op reageren? Wethouder Krieger. De heer Krieger (wethouder): Nou, voorzitter, heel kort. De heer Mattens heeft in het amendement opgenomen de opdracht, alleen bij fysieke onmogelijkheden terug te schalen naar (B)ENG. Volgens mij is er in de bouw fysiek bijna alles mogelijk, maar moet je juist ook financieel proberen die afweging te maken. Het streven is er wel, en de portefeuillehouder Onderwijs nodigt u nadrukkelijk uit om bij de bespreking van het IAP dit opnieuw te bespreken en ter discussie te stellen. Het IAP verschijnt binnenkort. De voorzitter: Mijnheer Mattens.

De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Ja, ik dacht juist omdat we het vanavond behandelen, dat deze motie daarom ook gepast was vanavond, vandaar. Maar zeker ook bij de vervolgversies gaan we daarover in gesprek. De voorzitter: Oké. Daarmee zijn denk ik de argumenten gewisseld, ik zie geen aandrang van andere sprekers. Dus dan gaan wij door naar programma 4, motie 9, bouw woningen. En dat gaat ook over motie 14, dus twee moties over bouw woningen. Wie wil daarover het woord? Mijnheer Hartog. De heer Hartog (SP): Ja, dank u wel, voorzitter. Ik stel voor dat ik alle moties tegelijk behandel uit efficiencyoverwegingen. En dan kunnen we meteen weer verder naar het volgende programma. De voorzitter: O, u bedoelt alle vijf? De heer Hartog (SP): Ja. De voorzitter: Ja. De heer Hartog (SP): Dat was mijn idee. De voorzitter: Ook prima. Ja. De heer Hartog (SP): Voorzitter, dit college heeft beloofd dat in deze bestuursperiode 30 procent van de te bouwen woningen sociale huurwoningen zouden zijn. Als we naar de cijfers kijken is daarvan in de periode van 2018 tot en met 2020 nauwelijks 3 procent gerealiseerd, in plaats van 30 procent. Het gevolg is dat de gemiddelde inschrijftijd voor een sociale huurwoning is gestegen van elf jaar naar vijftien jaar. Voorzitter, wij begrijpen niet waarom de linkse coalitiepartijen PvdA, GroenLinks en ROSA, deze misstand accepteren.

In deze periode zijn wel heel veel dure woningen gerealiseerd, maar geen sociale huurwoningen bijna. De coalitie heeft zich door neoliberaal VVD-beleid in het pak laten naaien. Hoe is het mogelijk dat een klein partijtje als de VVD, we hebben in deze raad immers alleen maar kleine partijtjes, het beleid kan dicteren? Wat is er met onze democratie gebeurd? Iedereen behalve de VVD is er inmiddels van overtuigd dat het woningbouwbeleid een fiasco is. Hoe gaan wij dat tij keren? We moeten alles op alles zetten om de wooncrisis aan te pakken. Om u daarbij te helpen heeft de SP een aantal moties voorbereid. In alle nieuwbouwprojecten sociale huurwoningen toe te voegen, bij kleinere projecten kan dat gewoon 100 procent zijn. In overleg met corporaties het percentage nieuwbouwwoningen de komende jaren te verdubbelen naar 60 procent, alleen zo kan de enorme achterstand worden ingelopen. Een leegstandsverordening in te voeren en leegstaande kantoor- en winkelruimten, daar waar mogelijk is, om te vormen tot sociale woningbouw. Een verbod op de verkoop van sociale huurwoningen in te stellen en definitief het verbod op splitsing en verkamering van woningen over te gaan. We hebben het er vanavond al over gehad, ik heb de indruk dat dat de goede kant op gaat. Met dit noodprogramma herstellen wij de democratie en de crisis in de woningbouw.

Ook u wil niet dat uw kinderen tot hun 40e van u afhankelijk zijn voor hun woonsituatie. Tenslotte maken wij ons zorgen over onze groene gebieden. Coalitiepartij CDA staat te popelen om de waardevolle natuurgebieden in en om Zaanstad verder aan te tasten, en laat voortdurend proefballonnetjes op om in of bij deze waardevolle gebieden te gaan bouwen, ook als dat wettelijk niet mogelijk is zoals bij het Guisveld. Wij willen zekerheid van het college dat er geen pogingen zullen worden ondernomen om bij vertrek van voetbalvereniging Saenden, de Paintball Jungle of de volkstuinen, deze gebieden bestemming natuur krijgen zodat voor elk van ons, van links tot rechts, van progressief tot conservatief, duidelijk is dat daar niet gebouwd zal worden. Tot zover.

De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Heida. De heer Heida (PVV): Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, er werd net gezegd, herstel van de democratie. Nou, ik denk juist dat de democratie veroorzaakt heeft dat er veel te weinig grond wordt uitgegeven, waardoor de prijzen exploderen en er gewoon kamers verhuurd worden voor krankzinnige prijzen. Dus vertel me niet dat je dus, dat de democratie het redt, de democratie gaat juist de fout in hier. We zouden veel meer gronden beschikbaar moeten stellen, er moet massaler gebouwd worden. We hebben dat in het verleden gezien met overloopgemeentes, dat heeft fantastisch gewerkt en dat zou weer moeten. En als je dat soort plannen niet maakt, ja, dan gaat het fout. En die problemen die hebben we daardoor, en niet omdat de democratie niet werkt. Dank u. De voorzitter: Mijnheer Van der Sluis. De heer Van der Sluis (GroenLinks): Ja, dank u wel, voorzitter. Ik wil kort reageren op motie 17 van de SP. Wij van GroenLinks vinden dat in principe, ja, in essentie een goede motie want we willen ook niet dat er gebouwd wordt rond het Guisveld. Het punt is alleen dat daar vooralsnog niet echt sprake van is, dat er geen concrete plannen zijn, behalve dan het natuurgebied bij het Fortuinveld. Maar de gebieden die u noemt, die staan niet echt op de rol om voor grote woonwijken of iets dergelijks.

Wat er wel gepland wordt is een gebiedsvisie voor de Polder Westzaan, waarin ook veel stakeholders een stem krijgen. Dus wij zouden liever een dergelijke motie of een dergelijk beleid willen afwachten bij het vaststellen van die gebiedsvisie. En daarom stemmen we nu dus tegen deze motie 17. Dank u wel. De voorzitter: Dank u. Mijnheer Pietersma. De heer Pietersma (PvdA): Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, het is wel interessant als de SP, op een gegeven moment kijken we naar de stand van zaken van vandaag, maar toch verzuimd om te kijken van waar we vandaan komen met deze coalitie. Volgens mij hebben wij bij aanvang van dit coalitieakkoord als Partij van de Arbeid, het hardst getrokken om de afspraken, de prestatieafspraken om driehonderd woningen sociaal, een aantal middeldure huur en middel zeg maar middelkoop, in het coalitieakkoord op te nemen. We hoorden het zelfs deze week nog van de woningbouwcorporatie die zeiden van, dankzij dat soort afspraak kunnen zij aan de bak. Ik denk ook dat u niet goed naar buiten gekeken heeft. We hebben een coronacrisis achter de rug, we hebben een stikstofcrisis achter de rug.

En ik heb u ook niet gehoord over dat die wethouder die wij hier hebben op Wonen, de afgelopen jaren ongelooflijk veel gesprekken heeft gevoerd met projectontwikkelaars om die projecten die reeds op de rol stonden, om daar toch nog een percentage sociale woningbouw in gerealiseerd te krijgen. En als u goed gekeken heeft naar de laatste rapportage over de prestatieafspraken, dan ziet u dat de productie van de woningbouw voor 2022 wordt verdubbeld, en dat dan de productie pas echt op gang komt. En als u dan echt een inzet wil plegen, dan denk ik dat we moeten zorgen dat we in dit huis voldoende capaciteit hebben om dat allemaal ook op een goede manier in goede banen te leiden in plaats van dat u naar onrealistische percentages van 60 procent sociaal gaat. Want zowel u als ik als deze hele raad weet dat we dat hier in Zaanstad echt niet gaan realiseren, en dat we uiteindelijk gewoon onze eigen gemaakte prestatieafspraken moeten invullen. De voorzitter: Mijnheer Hartog. De heer Hartog (SP): Ja, dank u wel, voorzitter. Ik kijk inderdaad nu terug want dat is het eind van de coalitieperiode, dus dat is een logisch moment om dat te doen. En ik kijk wat u van uw belofte heeft gerealiseerd en dat is teleurstellend, daar zijn allerlei oorzaken voor. In diezelfde periode zijn er wel duizend of

meer peperdure woningen gebouwd, dat heeft kennelijk dus toch de voorrang gekregen. Ik wil u best geloven dat er plannen zijn die goed zijn, maar om die achterstand in te werken die nu is opgedaan, door beleid of door omstandigheden, zullen we wel een tandje bij moeten zetten. Dus wat houdt u tegen om deze moties te ondersteunen, om die achterstand in te lopen? Dat is gewoon keihard nodig de komende periode. De voorzitter: Mijnheer Pietersma. De heer Pietersma (PvdA): Nou, voorzitter, als u zegt, wat is er nodig? Wij krijgen na de vakantie een nieuwe update van de gerealiseerde productiecijfers en de verwachtingen voor de komende periode. Als blijkt dat wij, en dat zal met name meer liggen op de uitvoering en de vergunningverlening en de projectbegeleiding, dat daar extra inzet nodig is, dan reken ik op uw steun om dat straks ook daadwerkelijk mogelijk te maken. En nogmaals, we kijken liever vooruit, rekening houdend met de problemen die we de afgelopen tijden hebben gehad, en gaan voortvarend aan de slag met bouwen. Terwijl u onrealistische cijfers benoemt en alleen maar klaagt over het verleden, dat lijkt me niet echt bij te dragen aan de woningbouwproblematiek. De voorzitter: Mijnheer Hartog. De heer Hartog (SP): Ja, voorzitter, onrealistisch, ik hou u aan uw eigen belofte. En ik vraag niet meer en niet minder dan die belofte gestand te doen.

En die achterstand die u daarop hebt, in te halen. Dat is wat ik aan u vraag. De voorzitter: Mevrouw Mathkor. Mevrouw Mathkor-van Bennekom (GL): Ja, dank u, voorzitter. Ik kan me aansluiten bij wat de heer Pietersma allemaal zei, er zit nog ontzettend veel in de pijplijn. Ik denk dat we daar, dat duurt gewoon een paar jaar, helaas. Maar inderdaad, onrealistische wensen neer te leggen, daar schiet niemand wat mee op. En ook, kijk, om te zeggen dat er bij elk nieuwbouwproject ook sociale woningbouw komt, er is grens van ongeveer twintig woningen, want als je daaronder dat ook gaat eisen, dan gaan … Dat trekken de woningbouwcorporaties niet. Dan is het niet interessant dus dan wordt er niks gebouwd, dus dat lijkt ons ook niet wenselijk. En ik wil nog wel iets zeggen over de leegstandsverordening. Dat de wethouder heeft nadrukkelijk gezegd dat die eerst gaat proberen met de eigenaren te praten, en die heeft toegezegd dat bij de evaluatie na een jaar, dat er gekeken gaat worden of er eventueel andere oplossingen of mogelijkheden zijn om dat toch tot stand te brengen. Maar voor dit moment niet en die toezegging van een evaluatie na een jaar, die ligt er heel duidelijk. Dank u. De voorzitter: Mijnheer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Ja, kort.

Wij vinden het idee om het percentage sociale huurwoningen omhoog te brengen naar 60 procent in de basis heel, ja, heel sympathiek. Ook omdat wij denken dat onze maatschappij toe is naar een heel andere vorm van huisvesting waarbij de sociale woningbouwvoorraad veel meer de standaard zou moeten zijn dan waar je uit zou moeten vertrekken wanneer je een iets bovenmodaal inkomen krijgt. Daarmee zouden deze percentages, 60 procent, wel een mooie opmaat zijn dus wat dat betreft steun voor deze motie. De voorzitter: Wethouder Krieger. De heer Krieger (wethouder): Ja, voorzitter, één concrete vraag heeft de heer Hartog aan het college gesteld, dat betrof het Guisveld en de bescherming daarvan. Wat dat betreft heeft de heer Van der Sluis denk ik

uitstekend toegelicht, het gebied is goed beschermd op dit moment. En ik denk dat het verstandig is om even de gebiedsvisies verder af te wachten en daarover in gesprek te gaan. En niet vooruitlopend daarop allerlei kosten maken want het kost heel veel capaciteit, en wat ons betreft is dat niet nodig. De voorzitter: Mijnheer Hartog. De heer Hartog (SP): Ja, dank u, voorzitter. Ja, ik begrijp die woorden, voorzitter, maar doet u dan de toezegging dat daar niet gebouwd zal gaan worden, want daar is het ons om te doen. Als ik die toezegging van u krijg, dan ben ik daar tevreden mee. De voorzitter: Wethouder Krieger. De heer Krieger (wethouder): Die toezegging kan ik doen. De heer Hartog (SP): Dan trekken we die motie in. De voorzitter: Goed. Dan kijk ik nog of er anderen woordmeldingen over de andere moties zijn? Nee. Dank voor de bijdrage op dit onderdeel. Dan zijn we bij programma 4, hebben we dan ook afgerond. Gaan we naar programma 5, buitenruimte, vastgoed en bereikbaarheid. Daar hebben we het onderwerp A8, A9, reservering 14 miljoen. Dan hebben we het amendement A van de SP. Mijnheer Zoomermeijer heeft het woord.

De heer Zoomermeijer (SP): Ik zit niet te wachten op een herhaling van discussie, maar ik wil wel één ding in ieder geval zeggen, ik zie dat het college er nog steeds van uitgaat in haar beantwoording dat het project wordt gerealiseerd, en dat klinkt ons verder niet erg vertrouwenwekkend in de oren. En dan denken we van, ja, dan kunnen we dat geld of de reservering daarvan anders inzetten. En ik heb overigens nog wat huiswerk gedaan of Jeroen Olthof nu wel of niet een uitspraak heeft gedaan, of er nu ook door de provincie geld wordt gereserveerd. En toen hij daarop publiekelijk werd bevraagd in de Provinciale Staten, gaf hij daar geen antwoord op. Dus voor ons betekent dat, nee. En dan denken we, joh, als die weg er voorlopig niet komt, laten we dat geld alsjeblieft ergens anders voor in gaan zetten. De voorzitter: Mijnheer Karst. De heer Karst (D66): Ja, voorzitter, dank u. Ik zou graag van de indieners willen weten, los van de reactie die het college al gegeven heeft, mijnheer Zoomermeijer, waar u net een referentie in gaf, maar wat is uw perspectief als we het over Zaanstad Noord hebben? Daar is een heel plan in ontwikkeling met 5000 woningen.

En al berekenen we dat zo’n 20 procent minder autoverkeer die kant op zou moeten gaan, wat dan ongeveer de bedoeling is, want ook wij zijn voor meer fietsverkeer en meer openbaar vervoersverbindingen, maar dan nog hebben we straks een heel groot probleem in heel Zaanstad Noord, Krommenie, Assendelft, Wormerveer, om het verkeer ergens te laten. En een van de onderliggers van heel dat perspectief Zaanstad, van MAAK Noord, is dat die A8, A9 verbinding moet worden aangelegd. De voorzitter: Mijnheer Zoomermeijer. De heer Zoomermeijer (SP): Nou ja, dat is een belofte die u dan doet, want u houdt nog steeds die A8, A9 als een worst voor de neus van een heleboel mensen, omdat u hem hier warm houdt als het ware door hem continu te noemen. Terwijl u weet dat om verschillende redenen, of het nou juridisch is, de kosten, milieutechnisch, de beperkte tijdwinst overigens als die er komt, dat die er in de komende jaren helemaal niet

gaat komen. Dus eigenlijk creëert u een probleem wat er niet is, of wat in ieder geval niet de verantwoordelijkheid is van de SP. En ik zou zeggen, en dat hebben we bijvoorbeeld in Amsterdam in het verleden ook gezien, leg eerst dan die goede openbaar vervoersverbindingen aan, bijvoorbeeld zo’n hogesnelheidslijn, of hoogwaardige verbinding in Amsterdam die wel door het college wordt gesteund. En niet zoals dat in Amsterdam is gebeurd, dat de metro wordt aangelegd nadat de wijken in kwestie werden gerealiseerd. En dan denk ik van, ja, dan moet je de goede volgorde van dingen hebben. Want als je nu eerst die wijk bouwt en misschien zelfs die A8, A9 aanlegt, maar die komt er overigens op korte termijn echt niet, en dat weet u zelf ook wel, dan staat die wijk er al maar is die weg er nog niet. Ja, dan zullen de mensen uiteindelijk wel gewend zijn aan de auto, al dan niet in de file, maar niet meer geprikkeld worden om vervolgens in een goede openbaar vervoersverbinding te stappen als die er eenmaal komt. Dus die moet je tegelijk aanleggen met die woningen, je moet vooruitplannen. De voorzitter: Mijnheer Karst. De heer Karst (D66): Wat dat betreft zijn we het met elkaar eens, dat we vooruit moeten plannen.

Maar ik hoor u dus ook zeggen dat die woningbouwopgaaf, daar heeft u ook in de vorige aankondiging van de moties, zit u daar heel erg op, de sociale woningbouw en dat soort dingen, maakt een groot onderdeel uit van MAAK Noord. Dus hoe gaan we dan … Wat is uw oplossing dan van de ontsluiting van al die wijken daar? De voorzitter: Mijnheer Zoomermeijer. De heer Zoomermeijer (SP): Het bouwen van die 5000 woningen, al dan niet met de A8, A9, is dus uw verantwoordelijkheid als coalitiepartij. Want u wilt het doen op uw manier. Dus met minder sociale of betaalbare woningen, en zonder eerst het openbaar vervoer op hoog niveau te realiseren. Dat is uw verantwoordelijkheid, die neem ik niet op mij. Als wij het voor het zeggen hadden, zouden wij het andersom doen. Zouden we genoeg betaalbare woningen maken, sociale woningen en noem maar op. Maar goed, u zit aan het stuur. Het enige wat wij zien is dat er nog steeds aan een dood paard wordt getrokken wat ons geld gaat kosten wat we niet eens hebben en wat er niet gaat komen. En ook de provincie heeft het dus niet liggen. De voorzitter: Mijnheer Karst tenslotte. De heer Karst (D66): Ja, even ter afsluiting. Ik begrijp eigenlijk dus van u, we gaan gewoon een woonwijk neerzetten die bijna niet ontsloten kan worden, of we stoppen gewoon met de woningbouw, een van beide. De voorzitter: Mijnheer Zoomermeijer.

De heer Zoomermeijer (SP): U wilt die woningwijken bouwen, en u weet dat die A8, A9, zelfs als het geld er was, er niet komt voordat die woningwijk af is. U creëert dus het probleem, daar ben ik niet verantwoordelijk voor. De voorzitter: Mijnheer Heida. De heer Heida (PVV): Ja, dank u wel, voorzitter. Ik wil het heel kort doen, dat kost me weer een minuut. Ik zie dat, ja, de Socialistische Partij is onderdeel van het probleem in de democratie die dit veroorzaakt. En als een mooi vrijstaand huis nu 7, 8, 9 ton kost, hoe denkt de SP dat dat komt? Dat is gewoon de markt. En die markt die werkt niet omdat er geen gronden worden vrijgegeven. En gauw het Guisveld dichttimmeren op het laatste moment, wat er net gebeurde, ja, nou, dat lost het dus echt niet op. Dank u.

De voorzitter: Mijnheer Zoomermeijer. De heer Zoomermeijer (SP): Ik wil alleen maar zeggen dat ik nu al voor de tweede keer u de democratie hoor bekritiseren, en ik vind dat een beetje eng klinken. De voorzitter: Zijn er daarmee nog andere opmerkingen? Nee. Dan gaan wij door naar de collectieve inkoop groene daken, motie 16 van de Partij voor de Dieren. Mijnheer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Ja, dit idee kwam voort vanuit de ideeënmarkt. Een inspreker die groene daken en het stimuleren daarvan, probeerde aan te dragen daar. Dat hebben we omgevormd in een motie. Ik begreep van de wethouder al eerder dat daar an sich een positieve zienswijze op gegeven kan worden van het college. Op het moment dat het college er direct mee aan de gang gaat, ga ik nog heel even kijken of we de motie uiteindelijk echt ter stemming gaan brengen. De voorzitter: Mijnheer Hoedemaeker, dan mevrouw Onclin. De heer Hoedemaeker (D66): Ja, dank u, voorzitter. Ja, dat wou ik net voorstellen want we hebben inderdaad twee keer gehengeld naar een goede toezegging van de wethouder, en ook gekregen. Dus wat ons betreft is die overbodig. De voorzitter: Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Nou, ik heb nog wel een vraag over namelijk dat tweede stukje waarin de gemeente ineens bouwkundig advies gaat geven.

Is dat gebruikelijk, doen we dat vaker? Gaat u dat ook toezeggen dan? De voorzitter: Mijnheer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Voorzitter, bouw staat tussen haakjes, dat zou een optioneel kunnen zijn. Op het moment dat dat niet uitvoerbaar is, dan kan dat als niet gelezen beschouwen worden. De voorzitter: Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, maar dat vind ik dus gevaarlijk hè. En ik heb dat hier vaker de groene linkse fuik genoemd. Dan zeggen we nu, ja, nou, kijk maar even of het lukt, maar volgend jaar wijzen we met zijn allen naar die motie die is toegezegd. Dus dan ga ik liever stemmen, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer De Laat. De heer De Laat (GroenLinks): Ik hoorde een groen linkse fuik, dat is een … Die ken ik … Heb ik opgezocht op Wikipedia, die ken ik niet. Zou mijn gewaardeerde collega, bedoelt u dat de GroenLinkse ideeën om de wereld beter te maken, ja, legt u nu wat uit, ik was even geïntegreerd. De voorzitter: Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Nou, ik zei, groene linkse fuik, en ik wil na de vergadering mijnheer De Laat echt met liefde nog een keer uitleggen hoe die werkt.

De voorzitter: Dat doen we dan op het verjaardagsfeestje van de heer Van der Velde. Mijnheer De Laat. De heer De Laat (GroenLinks): Ik neem de date met beide handen aan. De voorzitter: Mijnheer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Ja, bedankt, voorzitter. Ja, ik heb het in het Zaanstad Beraad al gezegd, wij hebben hier voor 52.000 euro achttien groene bushokjes gemaakt, dus ongeveer 1000 euro per vierkante meter. Als u gaat googelen naar groene daken, dan komt u weer bij marktpartijen met 55 euro per vierkante meter weg, dus het lijkt me niet verstandig dat we dit aan de gemeente overlaten. Dank u. De voorzitter: Reactie van de wethouder. De heer Krieger (wethouder): Ja, voorzitter, de wethouder heeft inderdaad een toezegging gedaan, dus wat ons betreft is deze motie ook overbodig. En ik zou me inderdaad de groots mogelijke terughoudendheid kunnen voorstellen om adviezen te gaan geven, bouwkundige adviezen vanuit de gemeente. De voorzitter: Dan gaan we door naar het ontzorgingsprogramma verduurzaming woningen, motie 12. Wie wil daarover het woord? Mijnheer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Ja, dank, voorzitter. Ja, we moeten vaart maken, we hebben een enorme nood om klimaatverandering af te wenden. Dat hebben we … Die plicht hebben we richting alle toekomstige generaties en richting de planeet en al zijn medebewoners.

Deze motie roept het college op om snel werk te gaan maken om met allerlei partijen in gesprek te gaan om een platform op te zetten waarvoor het voor iedereen makkelijk haalbaar en betaalbaar wordt om je huis te verduurzamen. En juist die complexiteit in het uitzoekwerk wordt hier weggehaald. En ook zouden er financiële partijen bij betrokken kunnen worden die ook de financiering op zich zouden kunnen nemen waardoor er uiteindelijk met een druk op de knop je huis verduurzaamd zou kunnen worden. Het klinkt mooi, ik hoop dat het ook snel van de grond zou kunnen gaan komen en ik hoop dat het college hier voortvarend mee aan de gang zou willen gaan als deze motie wordt aangenomen. De voorzitter: Dank u. Mijnheer Hoedemaeker, de heer Van der Sluis en de heer Van der Laan. Mijnheer Hoedemaeker. De heer Hoedemaeker (D66): Ja, dank u wel. Ja, wij hebben meegeschreven met deze motie nadat die oorspronkelijk op een andere manier was ingediend, hij is wat ons betreft nu veel beter uitvoerbaar. Het is met nadruk ook niet de bedoeling dat de gemeente bankje gaat spelen, zoals dat in bijvoorbeeld Parkstad Limburg gebeurt. Daarom hebben we die financiers er ook bijgezet, die dat ook als externe partij zouden kunnen bijdragen. En ik denk dat het nu een hele goede motie is, warm aanbevolen. De voorzitter: Mijnheer Van der Sluis. De heer Van der Sluis (GroenLinks): Ja, dank u wel, voorzitter.

Wij hebben deze motie mede-ondertekend, we staan er nog niet bij maar we ondertekenen hem van harte want het is een prachtige motie. Ik wil ook aangeven dat hij ook aansluit bij een van de insprekers op de motiemarkt, de heer Peter Koolschijn, die moeite had om zijn energieplannen in zijn huis te realiseren en daarvoor erg moest zoeken en een eigen netwerkje creëren. Hopelijk bij dat soort initiatieven kan dat in de toekomst vergemakkelijkt worden. En ik denk sowieso

dat dit een motie is waar we in de toekomst nog vaker aan kunnen refereren, dat we dit besluit hebben genomen. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Van der Laan, dan mevrouw Schuttevaer en mevrouw De Boer. De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, als ik deze motie zou lezen als ik een lokale leverancier was dan zou ik met onmiddellijke ingang 25 procent tot 50 procent op mijn prijzen leggen. En zeggen van, nou, dat is binnen, daar gaan we lekker op verdienen. En ik ben heel erg benieuwd, en dat wil ik graag van de wethouder horen, hoeveel capaciteit dit kost en hoeveel inzet daarvoor nodig is om dat bij elkaar te krijgen? Want volgens mij is het een onwijs dure grap dit. De voorzitter: Mevrouw Schuttevaer. Mevrouw Schuttevaer (ROSA): Ja, na al die gesprekken die wij hebben gehad over verduurzaming, al die vergaderingen en al die klimaattafels, zou je eigenlijk verwachten dat al deze partijen al met hun neuzen dezelfde kant op staan en dat dat al gebeurt. Dat gebeurt nog niet zo erg als we zouden willen. En daarom vind ik, hebben wij deze motie mede-ingediend als versterking daarvan. Want het is iets wat zeker zou moeten gebeuren. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw De Boer, dan mevrouw Onclin.

Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, wat wij toch wel heel bijzonder vinden is, en ik heb het in mijn algemene beschouwing ook gezegd, niks kan en er is nergens capaciteit voor, dus het klopt wat de heer Van der Laan zegt. Alleen als we dit soort moties maken, dan kan er opeens van alles. Dan is er opeens ook allemaal capaciteit en dan zien we een hele hoop coalitiepartners die mede-indieners zijn. Volgens mij is het echt wel meten met twee maten wat we hier doen. De voorzitter: Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, ik durf niet nog een keer te herhalen want anders gaat de heer De Laat me alsnog vragen om het nu toe te lichten. Maar ik word een beetje zenuwachtig van de opmerking van de heer Van der Sluis. Want mijn bezwaar is inderdaad ook dat dit dictum multi-interpretaal is. Dat ik mij afvraag, net zoals wat mevrouw Schuttevaer zegt, in hoeverre dit niet al gebeurt? Maar als ik dan het antwoord van de heer Van der Sluis hoor, hier gaan we nog heel vaak naar verwijzen, dan vraag ik me echt af wat ons gaat overkomen? De voorzitter: Mijnheer Van der Sluis. De heer Van der Sluis (GroenLinks): Het is een situatie die mij doet denken aan een motie over innovatie in de energiemix, daar kan je ook alle kanten mee op. De voorzitter: Mevrouw Schuttevaer, dan de heer Hoedemaeker.

Mevrouw Schuttevaer (ROSA): Ja, wat het is, even in reactie op mevrouw De Boer, als je met elkaar in overleg blijft en je jaagt elkaar aan en je versterkt elkaar, dan werk je juist efficiënter en dus goedkoper. De voorzitter: Mijnheer Hoedemaeker.

De heer Hoedemaeker (D66): Ja, even in de richting van de heer Van der Laan en mevrouw De Boer, qua capaciteit is er niet heel veel nodig denk ik om dit aan te zetten. We hebben die klimaattafels georganiseerd, er zijn namen en e-mailadressen van iedereen bekend bij de ambtenaren die daarvoor verantwoordelijk waren. En het is natuurlijk gewoon een kwestie van de mensen bij elkaar zetten en even dat gesprek op gang brengen. En dan ontstaat er vanzelf denk ik een heel mooi verhaal waar gewoon echt handen en voeten aan de verduurzaming kunnen worden gegeven. De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, kijk, dan wordt er weer zo makkelijk gedaan, bij zo’n motie wordt er dan heel makkelijk gedaan van, ja, dat is niet zoveel werk en dat doen we eventjes. En als er een andere type motie staat, dan kost het opeens allemaal heel veel capaciteit. Ik snap de intentie van de motie wel, het klinkt heel sympathiek, maar dit is gewoon weer, kan weer heel veel werk met zich meebrengen. Dus ik vind het echt meten met twee maten. En ik denk dat het gewoon niet netjes is ten opzichte ook van andere onderwerpen die wij allemaal heel belangrijk vinden. De voorzitter: Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Nou ja, ik kan me eigenlijk voor een groot deel aansluiten bij wat mevrouw De Boer zegt. Plus, de heer Hoedemaeker begint zelf over de klimaattafels.

In hoeverre wijkt deze motie af van wat we net hebben gedaan, namelijk de klimaattafels? Dus dan ga ik nog een keer mijn vraag herhalen aan de indieners, wat overkomt ons als we deze motie aannemen? Want hij is wat mij betreft te vaag. De voorzitter: Mijnheer Tuijn. De heer Tuijn (PvdA): Ja, dank u wel. Kijk, als ik naar deze motie kijk, dan denk ik, dit is er nou eentje die prima bij dat klimaatakkoord past en waar we binnen de middelen en de plannen die er nu liggen, daar een richting aan kunnen geven van, hoe gaan we nou zaken betaalbaar maken? We hebben het vaak natuurlijk over de stappensubsidie waar geen financiering voor is, hoe zoek je financieringsbronnen? Dan is dit een stukje uitwerking van beleid wat er nu ligt. Er liggen meer moties op tafel vanavond, die gaan over bijvoorbeeld, wat zou je extra moeten doen als je nu gaat investeren om dingen te doen. Dat gaat over extra geld, dat gaat over extra capaciteit, maar dit is een uitwerking van datgene wat er al ligt. En ik denk dat dat juist heel waardevol is, dat we opnieuw op deze manier kijken van, nou inderdaad, kom van die praattafel af, hier is behoefte aan en dan is dit een richting om uit te werken. En dan heb ik het met name over die financiering. En misschien zijn er wel alternatieven voor die stappensubsidie waar we hier met zijn allen zo gek op zijn. Ik ook. Dus ik denk, en daar zit het niets in de weg.

En als het gaat over, ja, de moties komen steeds terug, nou, dan kan ik er hier nog wel een aantal noemen die we al drie jaar langs horen komen. De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Nou ja, dit triggert ook wel weer want ik snap wel wat de heer Tuijn zegt, maar dat impliceert ook dat er wel voldoende ruimte is binnen dat klimaatakkoordbudget. En dan denk ik, nou, dan hebben we daar alweer een ruimte gevonden om een aantal stevige prioriteiten te gaan dekken. Dus in de hele afweging van, blijkbaar vinden er een hele hoop partijen dit gewoon veel belangrijker dan bijvoorbeeld handhaven op de woningsplitsing. De voorzitter: Mijnheer Tuijn.

De heer Tuijn (PvdA): Nou, dit is gewoon ook een hele goede afspraak die we met elkaar gemaakt hebben in een coalitieakkoord in deze raad, dus dat moeten we ook nakomen. Dus het is niet zo dat we dan gaan zeggen, nou, dan laten we dit maar eventjes vallen. Nee, we gaan dat klimaatakkoord gewoon uitwerken met zijn allen. En wel met verstand, in de afweging. De voorzitter: Mijnheer Van der Sluis. De heer Van der Sluis (GroenLinks): Ja, ik wil mevrouw De Boer toch wel ergens corrigeren, want genoeg middelen binnen het klimaatakkoord en het duurzaamheidsbudget zijn er niet, dat heeft de portefeuillehouder nog tijdens het Zaanstad Beraad aangegeven. De voorzitter: Mijnheer Van der Laan. De heer Van der Laan (POV): Ja, voorzitter, ik hoor de heer Hoedemaeker zeggen, nou, het hoeft niet zoveel op capaciteit te kosten, denk ik. Dus dan is het, denk ik, dat is niet onderbouwd, dat is gewoon een onderbuikgevoel. Of de heer Hoedemaeker die weet precies wie er allemaal hier rondlopen en hoeveel tijd het kost, lijkt me niet, dan had u het er wel ingezet. En naar mijnheer Tuijn, als dit een afspraak is uit het coalitieakkoord, dat is die hondenbelasting toch ook, en die is niet belangrijk? En dan gaan we het hier over groene daken hebben en dat is wel belangrijk. Ja, dan komt die motie hier natuurlijk nog duizend keer terug. De voorzitter: Mijnheer Tuijn.

De heer Tuijn (PvdA): Ik probeer juist aan te geven dat het allebei onderdeel uitmaakt van het coalitieakkoord, dus u kunt niet trommelen op de ene kant en het andere zo aan de kant schuiven. De voorzitter: Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Nou ja, het antwoord van de heer Tuijn stelt mij enigszins gerust. Maar dan ga ik mijnheer Van der Sluis aan dit antwoord helpen herinneren op al die keren dat die op deze motie gaat terugkomen voor extra middelen. Want als de heer Tuijn als mede-indiener zegt dat de motie zich beperkt tot bestaande plannen en bestaande middelen, vraag ik mij af wat de toegevoegde waarde is maar dan zal ik er verder geen spreektijd aan wijden. De voorzitter: Ik zie geen aandrang tot andere woordmeldingen. Wethouder Krieger nog. De heer Krieger (wethouder): Nou, voorzitter, alleen over de capaciteit kan ik zeggen, en daarmee wil ik de discussie niet platslaan, maar voor zover het past binnen bestaande programma’s en we het uit kunnen voeren, zullen we het zeker niet achterwege laten. Maar waar het om extra capaciteit vraagt, ik kan heel moeilijk inschatten of dat kleine beetje, of dat ook een klein beetje is of dat dat toch weer om substantiële bedragen gaat, daar is op dit moment gewoon geen ruimte voor. En dat staat ook niet op de prioriteitenlijst die we bij u voor de Voorjaarsnota gepresenteerd hebben. De voorzitter: Goed.

Daarmee zijn de argumenten gewisseld. Gaan we door naar het Zaans klimaatakkoord, motie 15 van de SP. De heer Van Braam. Nee, niks toe te voegen? Wil er iemand op reageren? Ja, mijnheer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Nou, an sich, dank, voorzitter, an sich een goede motie. We moeten heel snel werk gaan maken. Ik ben blij dat er steun is voor de eerder besproken moties maar er moet nog veel meer

gebeuren, en op veel meer vlakken dan alleen woningverduurzaming. Dus wat dat betreft heeft het college nog een hele hoop werk te doen, zeker omdat we gewoon echt heel weinig tijd over hebben om de volgende generaties niet op te zadelen met heel veel problemen. De voorzitter: Mijnheer Van der Sluis, dan de heer Hoedemaeker. De heer Van der Sluis (GroenLinks): Ja, dank u wel, voorzitter. De wereldwijde ambities uit het akkoord van Parijs zijn niet voldoende om de opwarming te beperken tot 1,5 graad. De nationale plannen, voor zover ze er zijn, zijn niet voldoende om Parijs waar te maken. Ons nationale klimaatakkoord is niet voldoende om de mitigatie die we willen bereiken ook echt te bereiken. En de maatregelen die we hebben gepland zijn nog niet voldoende om het klimaatakkoord uit te voeren. Op elk niveau moeten er dus inhaalslagen gemaakt worden. Dit betekent dat het helemaal niet vreemd is om als gemeente haast te maken, en dus ook werkelijk te stellen, dan, in dat jaar is de klus zeker geklaard. Daarom steunen wij de oproep om maatregelen, we kunnen niet anders. Maar hier blijft een vraag liggen. Het klimaatakkoord is voor een groot deel afhankelijk van partners, dat geldt ook voor de RES.

De lokale overheid heeft hierin een belangrijke sturende rol, maar het is ons niet duidelijk of slechts een extra pakket maatregelen hier helpt, dat er meer procesmatig ingegrepen moet worden of dat er gewoon geld bij moet. De waarheid zal wel zijn dat het allemaal moet. Maar hoe dan? Daarom vragen we het college in onze motie, die we samen met ROSA hebben ingediend, om duidelijk te maken welke investering en welke sturing nodig is om de ambitie van een klimaatneutrale gemeente waar te maken? Dat behelst onze motie, het spoor hervinden. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u. Mijnheer Hoedemaeker. De heer Hoedemaeker (D66): Ja, dank u wel. Ja, het tweede stukje van het betoog van de heer Van der Sluis, dat is nou precies wat het probleem met de SP-motie is, dat het een open einde verhaal is waarbij geïnsinueerd wordt dat wij als gemeente 100 procent verantwoordelijk gaan worden voor de uitvoering van alle maatregelen om tot energieneutraliteit te komen. Nou, dat kan gewoon niet. Dus die motie is wat dat betreft al gewoon onuitvoerbaar. Bij de tweede motie die de heer Van der Sluis aanhaalt van GroenLinks, vraag je om een extra onderzoek. Nou, ik denk dat dat in het verlengde ligt van het klimaatakkoord maar daar hoor ik ook de heer Krieger op van, heel veel extra capaciteit voor heel veel extra onderzoek is er ook niet.

Dus ik zou liever met concrete maatregelen komen waarmee, zoals motie 12 van, zo zetten we onze maatschappij aan het werk om onderling samen eruit te komen, dan van, ga nou eens onderzoeken wat als opleggende overheid, wat we allemaal voor maatregelen moeten nemen. Dus we gaan beide moties niet steunen. De voorzitter: Dank u wel. U zit ook binnen de tweeënhalve minuut. Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Ja, ik kan me voor een groot deel aansluiten bij de woorden van de heer Hoedemaeker, maar ik wil er wel aan toevoegen, dit hebben we al besproken toen we het klimaatakkoord hebben besproken, het uitvoeringsplan. Toen heeft de heer Van der Sluis deze vraag gesteld aan de wethouder. Toen zei de wethouder zelf, liever niet weer een plan schrijven en gewoon echt met elkaar aan de slag gaan. En nu noemen we het dan geen plan maar dan noemen we het een perspectief waarvan het concept mij ook niet helemaal duidelijk is. Maar dat schijnt een beetje de rode draad in alle duurzaamheidsmoties van vanavond te zijn, hoe vager, hoe beter. Dus ja, ook hier zullen wij tegenstemmen, voorzitter, want het antwoord is al gegeven bij de behandeling van het klimaatakkoord, ga aan de slag en niet weer een nieuw plan. De voorzitter: Mevrouw Neefjes, dan de heer Mattens.

Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): Ja, ik wou eigenlijk niet herhalen wat mevrouw Onclin zegt, maar dat is precies ook ons punt waarom wij deze moties niet zullen steunen. Ga aan de slag, we weten genoeg wat we moeten doen. En de tijd zal ons ook steeds weer voor verrassingen stellen, dat ook bedrijven en andere organisaties ineens versnellen in hun klimaatneutrale doelstellingen. De voorzitter: Mijnheer Mattens, de heer Van der Sluis daarna. De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Ja, we gaan aan de slag maar we gaan aan de slag met iets waarvan we in 2050 nog lang niet ons doel bereikt hebben. We hebben niet eens tot 2050, we hebben hooguit tot 2025, let’s be honest. Maar er is geen ruimte, er is geen capaciteit, maar ik kan me best voorstellen dat het een kwestie van tijd is voordat ook lokale overheden bij de rechter aansprakelijk gaan worden gesteld voor het feit dat zij niet doeltreffend hebben opgetreden in de klimaatcrisis en bepaald beleid hebben doorgevoerd, ook al is het niet altijd het gewenste van ondernemers en noem maar allemaal op. Op het moment dat we daar, daar moeten we op een gegeven moment ook budget voor gaan vrijmaken, voor dat soort claims, die gaan er ongetwijfeld komen. Nou, dan denk ik van, dan kun je beter nu beginnen en meer budget vrijmaken voor het uitvoeren van echte maatregelen. De voorzitter: Mijnheer Van der Sluis.

De heer Van der Sluis (GroenLinks): Ja, dank u wel, voorzitter. In reactie op onder andere de heer Hoedemaeker en mevrouw Onclin, het probleem is niet zozeer dat er geen plannen liggen, het probleem is een beetje dat we ze hebben laten doorrekenen en dat blijkt dat ze onvoldoende zijn en dat zou het proces meer mogen informeren. En dat gebeurt op dit moment toch nog onvoldoende. De voorzitter: Mijnheer Tuijn. De heer Tuijn (PvdA): Ja, dank u wel. Kijk, als je die doorrekening van het klimaatakkoord bekijkt, dan kwam daar inderdaad niet het beeld uit, we gaan die 2040 halen. Maar er werd ook wel aangehaald van, er zitten nog heel veel dingen in de planning waarvan we nu nog geen berekening kunnen maken. Daarnaast hebben we het over de landelijke ontwikkelingen. Gelukkig wordt er ook via de rechter wat druk uitgeoefend om maatregelen te nemen. Er wordt ook in een van de moties gezegd van, nou, gemeentes zullen ook steeds meer met dingen gaan doen. Dus ik voorzie ook wel een vliegwiel, dat we straks in een versnelling komen met zijn allen. Dus dat dat stapje extra van Zaanstad wel wat makkelijker wordt. Waar ik nu naar zoek, want volgens mij heeft de wethouder in het verleden al weleens een indicatie gegeven, als je het met de huidige technieken wat er nu ligt zou willen bereiken, dan kostte dat echt miljoenen per jaar.

En dan denk je, wat is daar dan nu de toegevoegde waarde van? Ik heb de heer Pauw van ROSA ook wel eens eerder horen zeggen van, laten we nou stoppen met praten en eens wat gaan doen. Dat was het uitgangspunt nu bij het klimaatakkoord, laten we dat gaan doen. Want volgens mij hebben we heel veel gegevens liggen. Weet je, en ik ben er ook voor, het zou heel fijn zijn als we nu die extra slinger konden geven maar die miljoenen per jaar zijn er niet. Dus laten we die dan nu, zoals met uw andere amendement waar we het net over gehad hebben, gewoon effectief aan de slag gaan. En dat kan nu. De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, dank u wel, voorzitter. Ik vraag me af of deze partijen ook echt wel de Voorjaarsnota goed gelezen hebben? Ik herhaal het nog maar een keer, er kan echt niks. Dus heel van kerntaken die we als gemeente moeten doen, die doen we nu gewoon niet. Dus het is drammen, het is

doorzeuren. En dan denk ik, tel je zegeningen. Volgens mij hebben jullie ook binnen de coalitie, mag je in je handjes knijpen dat je al meer doet dan het landelijke. Ik bedoel, er is enorm financieel tekort landelijk, daar worstelt iedereen al mee. De discussie die de Partij voor de Dieren aanslaat, die moet op het landelijk podium gevoerd worden. Ik snap echt niet waarom jullie Zaanstad op deze manier zo enorm willen belasten. Wacht gewoon even netjes af totdat het bij het Rijk vandaan komt en ga dan, en de heer Tuijn zei het volgens mij heel mooi, met zijn allen samen versnellen. En dan hou je het voor iedereen behapbaar want anders heb je een enorme kloof straks ook tussen arm en rijk. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Ja, mevrouw De Boer zegt van, het is alleen het landelijke. Maar volgens mij haalde u vanavond, u had het voorstel, de Zaan trail, daarmee wilt u toerisme stimuleren. Nou, die toeristen, die komen met vliegtuigen of met auto’s, of noem maar … Ook al zijn het elektrische auto’s, dan nog zit er CO2-uitstoot achter. Op het moment dat wij als lokale overheid dergelijke economische activiteit willen stimuleren, dan zijn wij medeverantwoordelijk. Dus we kunnen niet zeggen van, dat rechterlijke verhaal, dat gaat alleen landelijk spelen, dat komt ook op ons af en dat is een kwestie van tijd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10453374/1