CConstaterende datZaanstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag raad 21-01-2021

Raadsvergadering 18 februari 2021, gemeente ZaanstadBij agendapunt: Vaststellen verslag en besluitenlijst raad 17 december 2020 en 21 januari 202148.679 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

En zoals de heer Kerkhoven zegt, ik heb me er goed in verdiept en ik kan op geen enkele wijze geloofwaardig uitleggen waarom de VMR per 1 februari in werking moet treden. De enige oplossing die nu hout snijdt en voor enige rust kan zorgen in de raad en op de Schans is uitstel van de VMR. En ik zei al, ze zijn vlakbij de mijlpaal die wij vorig jaar hebben gesteld. Dus hoe ongeduldig kunnen wij worden? Wij gaan dus voor uitstel, voorzitter, en vandaar ons amendement. En tot slot, wat nou echt zou gaan helpen – en ik heb daar al verschillende gesprekken ook over gevoerd met de raadsleden, maar ook met partijen op de Schans – is als wij nou gaan zoeken naar het best denkbare, duurzame exploitatiemodel dat wordt gedragen door alle stakeholders en alle bezoekers. Daar hou ik het bij, dank u. De voorzitter: De heer Kuyper De heer Kuyper (ROSA): Ik zal het kort houden, voorzitter. Ik sluit me van harte aan bij wat GroenLinks en de PvdA en de SP hiervoor al hebben gezegd. Wij zijn ook voor invoering per 1 februari. Ik hoef dat verder niet te duiden. De amendementen en moties zullen wij niet steunen. Naar mevrouw De Boer zou ik nog willen zeggen, juist nu is het moment om het wel te doen, want nu hebben de erfgoedpartijen er geen last van. Er is geen kip op de Schans. Dus ik zie ook niet hoe het een enorme administratieve last kan worden als je nul bezoekers moet turven elke dag.

Laten we vooral ook niet vergeten, want dat heb ik nog niet gehoord in de discussie, is dat in dezelfde brief van de heer Van der Meer waar al een paar keer aan gerefereerd is ook gewoon wordt gezegd: de VMR heeft ervoor gezorgd dat de erfgoedpartijen bij elkaar zijn gekomen en dat we nu bijna bij een oplossing zijn. Laten we dat effect van de VMR in deze discussie vooral niet vergeten. De voorzitter: Twee kleine interrupties van de heer Wit en mevrouw De Boer. Eerst de heer Wit. De heer Wit (CDA): Mijnheer Kuyper – dank u, voorzitter – dat laatste wat u zegt, erfgoedpartijen zijn nu bij elkaar, dat pleit dus juist toch voor: laat ze even hun gang gaan en sla ze niet om de oren met de VMR? Dat is één. En twee, u bent een man van de feiten. U had het ook over een kwartje. Bent u het met mij eens dat als de gemeente daadwerkelijk 240.000 euro wil ophalen op de Schans dit jaar met de VMR, dat zij een miljoen betalende bezoekers nodig hebben bij de molens, en dat dat meer bezoekers zijn dan in het topjaar 2019? Dus kiest u dan niet voor een optie die helemaal niet kan? De voorzitter: De heer Kuyper.

De heer Kuyper (ROSA): Ik weet ook niet waar die getallen vandaan komen. Ze lijken me hoogst onwaarschijnlijk. Maar daar gaat het niet om in deze discussie. De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Nou, daar ben ik dan in dat antwoord wel een beetje verbaasd, want natuurlijk gaat het wel over de onderbouwing van de getallen. Maar ja, ik moet toch constateren dat ROSA, die zich een erfgoedpartij noemt, de erfgoedpartijen enorm in de steek laat. Want u zegt: het doet geen pijn. Nou, het doet enorm veel pijn. Gaat u maar eens met wat erfgoedpartijen daarover praten. Ze hebben namelijk een enorme administratieve last, ze moeten proberen hun prijzen al naar beneden te halen. Ik probeerde het u net uit te leggen. U schetst wel: ja, ze gooien er even makkelijk een kwartje bovenop. Zo werkt het niet. Dus uiteindelijk derven ze ook minder inkomsten. En als u de brief van de stichting goed leest, dan staat daar namelijk gewoon in: wij vinden het onbehoorlijk dat u dit in wil voeren over de rug van de erfgoedpartijen. Dus ik kan maar één conclusie trekken is dat ROSA de erfgoedpartijen in de steek laat. Als laatste opmerking wordt er gezegd: het is ook goed dat die grote partijen, erfgoedpartijen, nu elkaar gevonden hebben. Laten we even het afpellen, hè, het gaat om de stichting, het gaat om de molenvereniging, hele kleine klokkenmuseum en het Zaans Museum.

Er zijn zoveel andere partijen nog op de Schans, dus laten we het wel even in perspectief houden. De voorzitter: De heer Kuyper, reactie. De heer Kuyper (ROSA): Ik zou wel willen weten welke andere grote erfgoedpartij dan niet akkoord is op de Schans, maar dat kan mevrouw De Boer misschien uitleggen. Voor de rest ook over de rug van de erfgoedpartijen, ja, dat is natuurlijk, dat zou ik ook schrijven misschien als ik aan die kant van de correspondentie zat. Maar dat is een frase die de erfgoedpartijen nu gebruiken en dat is natuurlijk niet per se zo dat dat zo is. Ze mogen dat vinden. Wij vinden dat het belangrijk is dat het proces op de Zaanse Schans doorgaat, dat die stimulans er blijft om ermee door te gaan. We zien zelfs dat er bij de ondernemers heel voorzichtig een beetje beweging begint te komen, juist omdat de druk erop blijft. En dat is echt belangrijk. En u zegt: een enorme administratie, en ze moeten hun prijzen verlagen. Voor wie? Ze zijn allemaal dicht. Wat is die administratie toch waar u het over heeft? De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Nou ja, ik kan maar één conclusie trekken dat ROSA gewoon niet met de mensen die werkzaam zijn op de Schans praat. Want dan weet u dat het inderdaad een administratieve last met zich meebrengt. U bent gewoon niet geïnformeerd, u weet niet wat de berekeningen zijn onder de aantallen.

Dat is de enige conclusie die ik kan trekken. De voorzitter: Mijnheer Kuyper. De heer Kuyper (ROSA): Wie is er dan open? Wie is er open nu? Wie moet er tellen? Welke administratie? Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Nou, voorzitter, ja open, we hopen toch dat die partijen straks weer open kunnen. De VMR ... De heer Kuyper (ROSA): O, straks. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Nou, maar … Ja straks, maar het is natuurlijk wel de bedoeling dat ze straks weer open kunnen en het is uw bedoeling dat de VMR dan geldt. Ik heb het niet over binnen nu en een maand. Ik neem aan dat u niet van plan bent om de VMR dan in april weer in te trekken, of in mei?

De voorzitter: Interessant tweegesprek, maar het is de bedoeling dat we het bespreken via de voorzitter. En het is ook de bedoeling dat we het kort houden. Volgens mij zijn de argumenten gewisseld. Ik kijk naar de heer Heida. De heer Heida (PVV): Dank u wel, voorzitter. Ik ga het heel kort houden. De voorzitter: Ja, dat zegt iedereen, maar het lukt helemaal niet vandaag. De heer Heida (PVV): Nee, maar ik doe het ook echt. Ik heb het twee keer gedaan. Ja, ik heb mijnheer Van der Meer ook gesproken. Ik dacht, dat lijkt me een goede informatiebron. Hij heeft mij ook gezegd: de partijen komen bij elkaar en we komen met een goed plan. En er zullen nog steeds aan het eind van de rit een paar dwarsliggers zijn, of mensen die het er gewoon niet mee eens zijn. Dat zegt hij gewoon heel eerlijk: dat mag ook. Dus dat is een goede insteek. Verder heb ik het idee gekregen dat er op de Zaanse Schans een aantal bedrijven op omvallen staat. We kunnen wel heel stoer doen hier over een belastingheffing, maar ja, daar zijn bedrijven die gaan kapot. Tweeënhalf miljoen toeristen, hoe krijgen we die terug? Misschien mag het iets minder, ben ik het ook wel mee eens. Maar het is absoluut niet zo dat je nu een goed moment hebt. Met andere sprekers ben ik het daar dus wat dat betreft helemaal eens. Dan om af te ronden met een bekende commerciële kreet wil ik zeggen: uitstel is goed, afstel is beter.

Dank u wel. De voorzitter: De heer Krieger. De heer Krieger (wethouder): Voorzitter, dan ga ik natuurlijk ook zeggen dat ik het kort ga houden. Even, de VMR is ingevoerd. Uw raad heeft het besluit genomen om de VMR per 1 februari in te voeren. Dat is een besluit wat u een tijd geleden genomen heeft en wat twee keer al uitgesteld is, maar er ligt op dit moment het besluit om de VMR in te voeren. Dus in dat opzicht zou ik graag afstand willen nemen van de begrippen door de strot drukken. En dat besluit, dat hebben we genomen – laten we ons dat ook nog even goed voor de geest halen – omdat we vinden dat we een samenwerking moeten zoeken met de partijen op de Schans om te zorgen dat we samen kosten zo goed mogelijk kunnen bestrijden, ontwikkelingen kunnen financieren in de toekomst en daarvoor is het hard nodig om een inkomstenbron te genereren. Ik ben het ook heel erg met u eens dat de VMR daarvoor niet het ideale instrument is, dat er wellicht veel betere instrumenten zijn. En daar is nou het afgelopen jaar ontzettend veel energie in gestoken door de partijen op de Schans, door ons college, door onze organisatie. En het is tot ons aller verdriet tot vandaag niet gelukt om dat betere model voor elkaar te krijgen.

Dat is heel triest, maar zolang dat niet gelukt is, is de VMR nog steeds het minst slechte model om in te voeren om te zorgen dat we toch inkomsten kunnen genereren vanuit de Schans. Voorzitter, ik zal niet op alles ingaan wat gezegd is. Ik denk dat het belangrijk is om even te vertellen wat nou de gevolgen zijn van de verschillende besluiten. Natuurlijk is het zo dat corona invloed heeft op de feitelijke inkomsten. Als je nou even kijkt naar het model van het college, dus dat voorstel scenario 3, dan is het aannemelijk, maar ook niet meer dan dat, het is aannemelijk dat er dit jaar minder bezoekers zullen komen en dat we ergens later dit jaar zullen moeten gaan aframen. Als we het voorstel van de heer De Wit volgen waarbij gezegd wordt: we gaan VMR niet invoeren per 1 februari. Dan neemt u als raad het besluit om dat eerdere besluit in te trekken. Dan hebben we een zekerheid dat we bij de voorjaarsnota direct een verlies in de begroting van ongeveer 500.000 euro zullen moeten gaan nemen. Dus daar zullen we op de een of andere manier dekking voor moeten zoeken. Dan is er nog het voorstel van de heer De Vries, die zegt: laat nou het voorstel overeind, en kunnen we dan niet uiteindelijk iets terug vergoeden vanuit de coronagelden, aan het eind van het jaar als blijkt dat er wel het nieuwe model ligt. De voorzitter: Interruptie van de heer Wit.

De heer Wit (CDA): Voorzitter, dank u. Wethouder, u zegt dat als we de VMR niet nu invoeren, hebben we dus volgend jaar een tekort van vijf ton. De heer Krieger (wethouder): Dit jaar. De heer Wit (CDA): Ja, dit jaar, maar de begroting zegt: die opbrengsten zijn er, als we het niet invoeren missen we dus die inkomsten. Maar is het niet zo, omdat we die opbrengsten sowieso niet halen doordat de Schans op zijn … Stil ligt, ik zal het niet anders zeggen. Die ligt stil, dus die kosten, die gederfde inkomsten voor de gemeente, die treft ons sowieso. Want ze komen niet. Dus u koppelt dat nu aan de VMR, uitstellen of niet uitstellen, maar we krijgen ze sowieso om de oren. De voorzitter: Laat de wethouder daarop ingaan. De heer Krieger (wethouder): Nee, voorzitter, het is aannemelijk dat het zeker niet de opbrengst zal zijn van al die topjaren naar die wij verwezen. Maar dat weten we pas als het jaar rond is en dan weten we ook definitief: hebben we goed begroot? Het is aannemelijk dat dat niet het geval is, dat zullen we dus wel moeten corrigeren. Maar wij weten niet, dat weet u niet, dat weten wij niet, wat de rest van dit jaar gaat doen. Dat is op zijn minst onzekerheid. Nou, wat ik daar vervolgens over wilde vertellen – en dan komt de relatie met de coronagelden – is dat het onzeker is op dit moment of wij vanuit corona voor dit doel kunnen declareren.

Omdat wat je vorig jaar zag dat er vanuit heel veel invalshoeken wel de mogelijkheid geweest is om te declareren. Mevrouw Schenk, de toeristenbelasting is inderdaad een van de onderdelen geweest en daar heeft het Rijk op vergoed. Zo heeft het Rijk op nog een groot aantal onderwerp vergoed. Maar ik wil daar wel aan toevoegen dat dat vrijwel allemaal, dat het in heel weinig gevallen om doeluitkeringen ging. Met andere woorden, wij hebben vanuit verschillende maatstaven geld gekregen van het Rijk. Nou, dat zit in ons programma voor Vitale Stad, daar gaan we binnenkort ook met u over in gesprek. Dat verdelen wij zoveel mogelijk aan de hand van de belangen die in de stad spelen, maar het wil niet zeggen dat als wij een ton krijgen voor onderwerp A, dat we het ook volledig aan dat onderwerp A moeten uitgeven. De voorzitter: Interruptie van de heer Van Haasen. De heer Krieger (wethouder): Wij mogen het belangrijker vinden om het aan een ander onderwerp uit te geven. De voorzitter: Interruptie van de heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Ik heb een vraag aan de wethouder. Hij zegt net dat een deel van de toeristenbelasting vergoed is door het Rijk. Nu hebben we net een differentiatie toeristenbelasting ingesteld, wat waarschijnlijk zal zorgen voor een lagere inkomst toeristenbelasting.

Gaat hij dan ook een lagere claim neerleggen bij het Rijk, omdat wij de toeristenbelasting hebben verlaagd? Dank u. De voorzitter: De heer Krieger. De heer Krieger (wethouder): Ik begon ook even mijn verhaal, mijnheer Van Haasen. Daar kan ik geen antwoord op geven, omdat er geen zekerheid is wat het Rijk in 2021 met coronagelden gaat doen. Het is aannemelijk – en ook niet meer dan dat, maar ook niet minder dan dat – dat het Rijk de gemeente weer gaat vergoeden, ook weer vanuit verschillende invalshoeken met verschillende titels om te kunnen declareren. Daar zal de toeristenbelasting er weer een van zijn, maar wij weten op dit moment ook nog niet wat er voor cultuur binnenkomt en wat er voor buurthuizen binnenkomt. We weten ook nog niet wat de schade gaat worden. Ik heb alleen wel gezegd: er zijn twee zekerheden. Als u vandaag besluit om de VMR niet in te voeren, dan weten we zeker dat we vanuit die VMR niets kunnen declareren. Althans, niets

aannemelijk kunnen maken. En op het moment dat wij de VMR gewoon 1 februari invoeren, dan is er nog steeds een titel om met het Rijk het gesprek aan te gaan om daar een vergoeding voor te krijgen. De voorzitter: De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Dan heb ik nog wel een aanvullende vraag, want er werd dus hier gezegd dat die 400.000 euro, dat we die kunnen gaan claimen bij het Rijk als we deze vermakelijkhedenretributie invoeren. Dan vraag ik me ook af: is dat geoormerkt geld, of mogen we dat voor alles gebruiken? Is er een zekerheid dat dat geld terugvloeit naar de Schans? De voorzitter: De heer Krieger. De heer Krieger (wethouder): Ik had ook al gezegd, mijnheer Van Haasen, dat weten wij op dit moment gewoon nog niet. We weten wel wat er vorig jaar geoormerkt was en wat vorig jaar niet geoormerkt was, en wat we over 2020 gekregen hebben. Maar het Rijk zit ook nog volop in de gedachteontwikkeling over de huidige verlenging van de crisis die nu op dit moment aanstaande is. En het Rijk gaat op dit moment ook geen uitspraken doen: we vergoeden u daar wel voor, of we vergoeden u daar niet voor. Ik zeg alleen, als u aan mij vraagt: wat zijn de gevolgen van de amendementen? Dan geef ik aan dat als het amendement van de heer Wit aangenomen wordt, dat wij geen titel hebben om in ieder geval tussen 1 februari en 1 oktober aanspraak te maken op coronageld.

En in het geval van het amendement van de heer De Vries en het collegevoorstel hebben we in ieder geval een titel om wel aanspraak te kunnen maken. De voorzitter: De heer Pietersma. De heer Pietersma (PvdA): Dank u wel, voorzitter. Ik heb eigenlijk even een vraag aan de wethouder over de motie van de heer De Vries. Omdat de letterlijke tekst geeft aan: “op of omstreeks 1 oktober te bepalen, als er een breed gedragen model ligt, dat de geïncasseerde gelden bij de partijen waardoor deze zijn gegeven zullen worden teruggestort”. Als u de toezegging doet – want dat kan 1 oktober zijn, maar dat kan ook 1 juni, of 1 augustus zijn, of 1 november zijn – als partijen met het nieuwe voorstel komen, dat u dan tegelijkertijd een voorstel daarin meeneemt of, en zo ja, hoe eventueel enige compensatie te bieden. Dan is deze motie toch volstrekt overbodig, of dit amendement? De voorzitter: De heer Krieger. De heer Krieger (wethouder): Ik probeer even te begrijpen wat u bedoelt. Maar ik heb u gezegd: het is onzeker of wij voor corona in 2021 gecompenseerd worden. De heer Pietersma (PvdA): Ik heb het niet over de compensatie.

U heeft net aangegeven dat het amendement van de heer De Vries om zeg maar op het moment dat er in oktober een gedragen voorstel ligt, dat het dan mogelijk is om … De motie zegt dat we op dat moment gaan kijken of het mogelijk is om die partijen, die tot dat moment zeg maar die VMR hebben betaald, om te kijken of je ze dan over die afgelopen periode kan compenseren. En ik zeg, als u zegt dat u dat voorstel meeneemt op het moment dat u dat voorstel aan ons presenteert in de raad – want dan kan het 1 augustus zijn, of 1 november zijn, dan maakt het niet uit, anders zitten we weer op een datum van 1 oktober – dan is dit amendement toch overbodig? De voorzitter: De heer Krieger. De heer Krieger (wethouder): Ik kan niet beoordelen of het amendement overbodig is, want het legt echt vast wat je gaat doen. Dat is denk ik het verschil.

De heer Pietersma (PvdA): Voorzitter, excuus. De voorzitter: De heer Pietersma. De heer Pietersma (PvdA): Dat leg je niet, want er staat hier dat we het op 1 oktober gaan … Er staat hier letterlijk dat wij het op 1 oktober gaan bepalen wat we gaan doen. Er staat hier niet dat we het gaan doen. De voorzitter: De heer Krieger. De heer Krieger (wethouder): Daarom zeg ik: als u het amendement van het De Vries aanneemt, dan gaat u het doen. Want zo staat het vermeld. De heer Pietersma (PvdA): Er staat dat we dan gaan bepalen of we het gaan doen. De heer Krieger (wethouder): Ja, nou, dat kan ik toezeggen. De heer Pietersma (PvdA): Dan lijkt het amendement mij overbodig. De voorzitter: Het is aan de heer De Vries om te bepalen wat hij daarmee doet. Maar dat is ... De heer De Vries. De heer De Vries (D66): Nee, het amendement is beslist niet overbodig, omdat er namelijk staat dat de partijen op de Schans voor 1 oktober met een plan moeten komen. Dus dat dwingt ze om ermee te komen, zodat wij daarna eventueel kunnen besluiten om ze te compenseren, ja of de nee. De voorzitter: De heer Wit. De heer Wit (CDA): Voorzitter, die erfgoedpartijen hebben geen dwang nodig. Die hebben al gezegd: we gaan het voor de zomer afronden. Het is vooral een sigaar uit eigen doos, dat amendement. En ik ben het eens met de heer Pietersma, hij lijkt volslagen overbodig.

Dat gezegd hebbende, toch nog een vraag aan de heer Krieger, aan de wethouder. Ik noemde net, we hebben net vanmiddag een mail gekregen met de geraamde opbrengsten voor dit jaar van 240.000 euro. Dat betekent een miljoen betalende bezoekers. Dat zeggen wij nu met droge ogen in een mail aan de raad. Eén miljoen betalende bezoekers aan de molens. Dat is meer dan in 2019 gebeurd is. Hoe realistisch gaan wij nu zeggen dat wij 240.000 euro binnen gaan halen? De voorzitter: Wethouder Krieger. De heer Krieger (wethouder): U zegt binnenhalen. Ik weet niet wat we binnen gaan halen. Ik kan een vastgestelde begroting niet veranderen en daar zijn deze getallen aan ontleend. Ik heb net al even gezegd, het is heel aannemelijk dat we lang niet binnen gaan halen wat er voor dit jaar begroot is. Dus dat zal ergens tot een correctie moeten leiden. De voorzitter: Mijnheer De Vries in reactie op mijnheer Wit nog. De heer De Vries (D66): Ja, dat klopt. Mijnheer Wit zegt dat de erfgoedpartijen op de Schans geen dwang nodig hebben. Ik meen dat als we er al een jaar of veertig over discussiëren dat het wel zo langzamerhand tijd wordt dat er een deadline komt. En die heb ik gesteld en daar ben ik best blij mee. De voorzitter: Mevrouw De Boer.

Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Misschien moeten we dat verleden van ‘we komen er toch nooit uit’ ook eens loslaten en ook wat ... Maar goed, daar sluit ik me aan bij de heer De Wit. Maar ik ben toch wel een beetje nog verbaasd over wat de wethouder zegt, dat het eigenlijk vooral inderdaad toch over corona gaat. Dat we corona misgelopen geld willen verhalen op de coronasteun. Ja, u noemt aannemelijk en we hebben berekeningen gemaakt. Maar die berekeningen, ik denk, misschien moet u De Orkaan eens volgens en Piet Bakker die heeft ons al een paar keer heel duidelijk voorgerekend dat al die berekeningen ook maar een wassen neus zijn. Nou ja, dan op zijn minst als u het niet frauduleus noemt, zal het Rijk ongetwijfeld zeggen dat het onrechtmatig is wat Zaanstad hier aan het doen is en zal ze zeker niet overgaan tot betaling. De voorzitter: De heer Van der Laan. De heer Van der Laan (POV): Voorzitter, dit duurt al ongeveer dik een uur. Misschien kunnen we kijken dat we de rest van de agenda af kunnen maken. De voorzitter: Ik denk dat het goed is als de wethouder zijn verhaal afmaakt. De wethouder kan nu zijn betoog afmaken. Of is het al af? Klaar? Dan kunnen we overgaan tot stemming. Dan gaan we over tot stemming en dan beginnen we met het meest vergaande amendement. Dat is amendement B, ‘Afstel invoering VMR’ van LZ en DZ. Wie is daarvoor? Voor zijn DZ, LZ, DENK, PVV, POV.

Daarmee is dat verworpen. Dan gaan we naar amendement A, ‘Verlengd laatste uitstel VMR’ van het CDA. Wie is daarvoor? Voor zijn het CDA, de POV en de PVV en de ChristenUnie. Daarmee is dat verworpen. Dan gaan we naar amendement C van D66. De heer Wit (CDA): Voorzitter, mag ik een stemverklaring geven? De voorzitter: De heer Wit, stemverklaring. De heer Wit (CDA): Wij stemmen tegen dit amendement, omdat wij de laatste willen zijn die op de knop drukken van de VMR. Wij zullen daarom ook tegen het raadsvoorstel, dan heb ik dat ook alvast gezegd, stemmen. De voorzitter: Amendement C van D66, wie is daar... Stemverklaring van mevrouw Neefjes. Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): De ChristenUnie was niet voor het invoeren van de VMR op 1 februari, omdat we vanwege de coronaomstandigheden. Nu dit amendement het niet gehaald heeft, zullen wij meegaan met het amendement van D66. De voorzitter: De heer Pietersma. De heer Pietersma (PvdA): Voorzitter, wij zullen dat amendement van D66 niet steunen, want de wethouder heeft een nadrukkelijke toezegging gedaan. De voorzitter: Wie is er voor amendement C van D66? Voor zijn de ChristenUnie, D66 en de VVD. Daarmee is dat amendement verworpen. Dan gaan we naar het raadsbesluit ‘Inwerkingtreding vermakelijkhedenretributie Zaanse Schans per 1-2-2021’. Wie is daar... Stemverklaring van de heer De Vries.

De heer De Vries (D66): Mijnheer de voorzitter, ik zei bij de inleiding van mijn amendement al dat we een stevig robbertje geknokt hebben bij ons in de fractie. Dat hebben we natuurlijk ook net gedaan in de raad. Maar wij zijn wel gewend dat we knokken voor alles wat we waard zijn. Helaas is het amendement dan

niet aangenomen, maar er is wel een stevige toezegging gedaan. Uiteindelijk zullen wij dan, zij het met enige tegenzin, maar toch voor het raadsvoorstel stemmen. De voorzitter: Wie is er tegen het raadsbesluit? Nog een verklaring van mevrouw Neefjes. Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): Wij zullen voor het raadsvoorstel stemmen, omdat dit in ieder geval nog enige ruimte biedt aan de erfgoedpartijen om met een alternatief te komen. De voorzitter: Nog meer stemverklaringen? Dan gaan we over tot stemming over het raadsbesluit ‘Inwerkingtreding vermakelijkhedenretributie Zaanse Schans per 1-2’. Wie is daartegen? Tegen zijn het CDA, de POV, de PVV, DENK, LZ en DZ. Dan is het raadsbesluit aanvaard. We hebben nog drie raadsbesluiten te gaan en we hebben nog zeven moties. Een ordevoorstel van mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin. Mevrouw Onclin (VVD Zaanstad): Voorzitter, volgens mij hebben we aan het begin van de vergadering afgesproken dat we om elf uur zouden kijken waar we staan. Ik denk niet dat het realistisch is om de agenda vandaag af te maken, maar ik zou wel willen voorstellen om de Europese School wel nog te behandelen in verband met de deadline die er op het project zit. De voorzitter: Ordevoorstel. De heer Van der Laan (POV): Dat is net al een keer … Het rommelen in die marge … De voorzitter: Ik had u niet het woord gegeven.

Dus ordevoorstel om het als eerste te behandelen de Europese School. Dat is het ordevoorstel. Wie is daartegen? Dan behandelen we eerst het onderwerp Europese School. De heer Van der Laan (POV): Ordevoorstel. De voorzitter: Ordevoorstel van de heer Van der Laan. De heer Van der Laan (POV): Ja, dan gewoon lekker alles afmaken, voorzitter. Niet één dingetje wel en dan ... Maar gewoon alles afmaken. De voorzitter: Nou, ik heb er geen bezwaar tegen. Het is aan u. Dus ordevoorstel om alles, de agenda af te maken. Wie is tegen het ordevoorstel om alles af te maken? Wie is daartegen? Tegen zijn de VVD, de SP, ROSA, DENK, GroenLinks … GroenLinks één van GroenLinks, sorry, Partij voor de Dieren en de Partij van de Arbeid en de ChristenUnie. De stemmen zijn gestaakt. We zijn wel ergens goed in, maar goed. Komt het nog een keer in stemming. De heer Pauw. De heer Pauw (ROSA): Nou, hoe dit allemaal afloopt weet ik niet, maar in ieder geval zijn wij wel bereid om de motie over die statiegeldblikjes en de motie ‘Beeldbepalende panden’, om die naar een volgende vergadering te verschuiven. De voorzitter: Nog meer van dat soort voorstellen? Want die zijn natuurlijk welkom. Dus de twee van ROSA gaan naar de volgende vergadering. Zijn er nog meer? De heer Van Haasen.

De heer Van Haasen (PVV): Er zijn ook een aantal moties waar al een meerderheid is met indieners. Misschien kunnen die snel afgehandeld worden.

De voorzitter: Ja. Zullen we dat dan ook proberen, dat was een voorstel dat we dan zonder bespreking proberen een aantal moties zonder bespreking, korte inleiding zoals we hem de vorige keer hadden, zo pakken we hem weer op? De heer …: Debat. De voorzitter: Een debat, kort debat. Kunnen we dat met elkaar? Oké, gaan we dat zo doen. Wel een reactie van de wethouder, is altijd goed om dat ook even vast te pakken. Europese School incl. stemming amendementen A, B en C De voorzitter: Dan gaan we nu naar de Europese School, want dat hebben we net besloten dat we dat als eerste behandelen. De Europese School is nu aan de orde. Wie daarover het woord? Mevrouw Rot. Mevrouw Rot (DZ): Ja, heel kort, voorzitter. Eigenlijk heeft mijn collega Van der Laan bij het ordedebat al aangegeven wat ons bezwaar daarmee is. Op de manier waarop het nu is aangeboden wordt het ons als gemeenteraad onmogelijk gemaakt met al die geheimhouding om goed te vertellen waar we voor of tegen gaan stemmen. We willen eigenlijk een oproep doen aan het college om in de toekomst ervoor te zorgen dat er een openbaar deel is, namelijk een raadsbesluit waar we gewoon vrijelijk over kunnen discussiëren en vrijelijk over kunnen stemmen, en een geheim deel waar we dan in geheime setting met elkaar over van gedachten kunnen wisselen. Dus we hopen dat dit de laatste keer is. De voorzitter: Nou, laat ik ...

ik vind het als voorzitter van de raad ook belangrijk dat ik dat van harte toezeg, omdat we echt moeten zoeken steeds hoe we openbaar dingen kunnen bespreken en in vertrouwelijkheid. Dus laten we een uiterste poging doen om daaraan tegemoet te komen. De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Bedankt, voorzitter. Een Europese School zou een uitstekende toevoeging kunnen zijn voor Zaanstad, mits we daar genoeg beschikbare ruimte voor zouden hebben. En dat is nu juist het probleem, het is hier allemaal een beetje vol. De voorzitter: Dat is geheim. Dus dat is ... De heer Van Haasen (PVV): Nee, ik openbaar toch niks wat niet geheim is? De voorzitter: Het hele voorstel is geheim. Dat is juist het probleem wat mevrouw Rot net aankaart, mijnheer Van Haasen. En dat ... De heer Van Haasen (PVV): Nou, ik noem geen locatie, ik noem helemaal niks. De voorzitter: Ja, dan moeten we even schorsen als u dat toch nog even toegelicht wil hebben, maar dat kan niet. Dus het kan niet zo besproken worden. De heer Van Haasen (PVV): Ik blijf binnen de geheimhouding, dus ik openbaar niets. De voorzitter: Ik schors even de vergadering. Schorsing De voorzitter: De heer Van der Laan.

De heer Van der Laan (POV): Voorzitter, ik begrijp van mijn collega dat hij zijn bijdrage niet mag doen. Ik ben heel benieuwd en ik doe een oproep aan de voorzitter van deze vergadering om ons daar morgen over te informeren wat daar verkeerd aan is en waarom dat besluit is genomen, want daar is de Wet openbaarheid van bestuur niet voor bedoeld. Wij moeten hier kunnen zeggen wat we willen en dit gaat echt schandalig ver. Volgens mij moeten we eigenlijk gewoon zeggen dat we het college naar huis moeten sturen op deze manier. De voorzitter: Nee, maar kijk, wij proberen netjes de regels te volgen. Ik wil best morgen nog even vragen aan de griffier om het uit te leggen wat de reden is. Ik heb net al een toezegging gedaan op het verzoek van mevrouw Rot ook namens u om de volgende keer, en ik heb gezegd: we gaan tot het uiterste om te komen of met een raadsvoorstel wat een deel openbaarheid heeft, zodat we wel discussie in openbaarheid kunnen sturen. En als er dan vertrouwelijke stukken bij zijn, of geheime stukken die dan apart en geheim nog moeten worden besproken, dan moeten we daarin voorzien. Maar met die toezegging hoop ik dat u nu genoegen neemt en vervolgens wel morgen nog de uitleg nog een keer krijgt waarom we het zo doen. Want ... De heer Van der Laan (POV): Nou, ik neem daar echt geen genoegen mee, dat kan ik u nu al vertellen.

Ik vind het echt bizar ver gaan en dit gaat echt alle perken te buiten. Zet het dan gewoon niet op de agenda. We hebben nog gevraagd om het eraf te halen. Of doe het anders in een gesloten setting. Maar zo op deze manier bent u echt alles onderuit aan het halen wat aan het democratische stelsel hangt. De voorzitter: Nou, dat is het laatste wat we willen. Dus ik hoop ... De heer Van der Laan (POV): Dat is wel wat er gebeurt. De voorzitter: Maar dat is het laatste wat we willen, dus dat wil ik nog een bevestigen. De heer Zoomermeijer. De heer Zoomermeijer (SP): Nou, ik zit hier nu wel in dubio, want ik wil nu eigenlijk niet eens meer tegen stemmen. Ik wil gewoon niet eens meer stemmen op deze manier. Ik vind het echt niet kunnen. Ik bedoel, het is niet voor niks al uitgesteld. Er is weer vandaag een verzoek gedaan om het uit te stellen. Er zijn drie Zaanstad Beraden als ik me niet vergis aan gewijd. Ik zit hier op mijn tong te bijten om niet zeggen wat me allemaal dwars zit aan dat voorstel. Dat kan ik hier dus niet zeggen. Ik moet er wel over gaan stemmen en ik kan er niks over vertellen. Nou, dat is op zich al onverteerbaar, maar dat dat zo op de spits is gedreven en dan ook nog eens even de opmerking tussendoor: het moet wel vanavond beslist worden, want anders zijn we te laat. Ik ben er gewoon helemaal klaar mee. Ik heb bijna zoiets van: ik loop weg.

Ik mag dat ook niet volgens de wet, dan ben ik ook strafbaar, want ik moet bij de stemming blijven. Maar ik heb echt zoiets van: wat doe ik hier nog? De voorzitter: De heer Van Haasen. De heer Van der Laan (POV): En Alkmaar heeft alles openbaar staan gewoon, hè? In Alkmaar staat alles gewoon openbaar, hè? De voorzitter: Daar kan de wethouder zo nog op reageren. Misschien is het goed om dat nog even ... De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Kijk, voorzitter, bedankt voorzitter. Ik verbaasde me al in het begin de avond dat dit onderwerp naar de debatagenda werd verplaatst. Ik ging ervan uit dat er helemaal niet over gesproken mocht worden en dat we gewoon gingen stemmen, klaar is Kees. Dan wordt er een deel naar de debatagenda verplaatst en als ik dan in debat wil gaan, dan mag ik niet eens de lidwoorden gebruiken.

Nou, ik vind dat echt zonde in mijn tekst dat geen enkele openbaring waar iemand die hier geen inzage in heeft iets uit op zou kunnen maken. Dus ik denk dat ik binnen de wet blijf, maar ik hou mijn mond wel, want ik vind dit democratisch echt onzin, sorry. De voorzitter: Misschien nog even goed om nog even te schetsen hoe het is gegaan. Het stond op de stemagenda vanavond, omdat het omgeven was met de geheimhouding. Vervolgens heeft mevrouw Rot gevraagd: ik wil op één onderwerp ik wil het over die geheimhouding hebben, wil ik op de debatagenda zetten. Dat hebben we besproken en het was ook de bedoeling dat we uitdrukkelijk alleen daarover zouden spreken. Mevrouw Rot heeft de vraag gesteld waar ik een toezegging op heb gedaan en die doen we gestand. Daarmee zou dit onderwerp klaar moeten zijn en moeten we overgaan tot stemming. Als u nog de vraag heeft over wat in Alkmaar aan de orde is, dan kunnen we vragen aan de wethouder om die vraag nu te beantwoorden. En dan komen we morgen nog eens een keer terug over de gang van zaken waar ik nogmaals zeg: de volgende keer wil ik graag altijd voorzien in een openbaar deel. Daar ga ik, dat heb ik toegezegd, tot het uiterste zullen gaan om altijd een openbaar deel te voorzien. En als er dan geheime stukken bij zitten, dan kunnen we ook altijd nog besluiten om in een geheime vergadering verder te gaan.

Dat is de gang van zaken die ik nu voorsta. De heer Van der Laan (POV): Voorzitter, ordevoorstel, meteen stemmen dan maar. Ik heb ook geen behoefte aan een uitleg van de wethouder. De voorzitter: Ook geen behoefte aan een uitleg van de wethouder? De heer Tuijn nog een opmerking. De heer Tuijn (PvdA): Nou ja, ik heb wel een opmerking over wat er hier in deze raadszaal op dit moment gebeurt. We hebben inderdaad drie Zaanstad Beraden gehad waarin dit stuk inclusief de geheimhouding uitgebreid is besproken, ook waarom het belangrijk was waarom we het zo deden. Daar is niet elk raadslid bij geweest, maar wel elke fractievertegenwoordiger. Ik vraag me als ik dit theater zie echt af of die fracties überhaupt met elkaar praten. Ik vind dit, er wordt gesproken: het is stuitend wat hier in het democratisch proces gebeurt. Dat mag je vinden. Ik vind de toezegging meer openbaar een hele goede. Maar om hier nu net te doen alsof niemand er iets van wist en dit op te voeren, dat gaat ... Als je het nou over stuitend hebt, dan is dat het ook. De voorzitter: Laten we elkaar nou niet zo … De heer Van der Laan (POV): Ik had een ordevoorstel gedaan, voorzitter. De voorzitter: Het voorstel van ... De heer Zoomermeijer (SP): Nou, met naam en rugnummers, wat is er gezegd dan? De voorzitter: Nee, maar dat gaan we hier nu niet doen. Dus ik denk dat we ...

De voorzitter: maar laten we nou niet in die sfeer verdergaan. Ik denk dat het belangrijk is dat we nu hebben geconstateerd wat de gang van zaken is die we nu vanavond te doen hebben. De heer Van Haasen heeft als laatste het woord. De heer Van Haasen (PVV): Ik wil nog wel even reageren op mijnheer Tuijn. Wij zijn bij al die vergaderingen geweest, maar wij hebben het niet op de debatagenda gezet vanavond. Dat is hier gebeurd. De voorzitter: Nee, oké. Goed, maar dat is wel een ordevoorstel geweest wat door de meerderheid van de raad is aanvaard. En zo werkt ook de democratie. De heer Van der Velden.

De heer Van der Velden (POV): Ik wil ook wel even reageren – dank u wel, voorzitter – op mijnheer Tuijn, want hij doet nou net voorkomen alsof alles een beetje beklonken is in de Zaanstad Beraden. Maar er is wel degelijk aangegeven in het eerste Zaanstad Beraad het probleem dat er was met de geheimhouding. Dat is door de heer Van Haasen, dat is door mijn persoontje, en zelfs mijnheer Pauw van ROSA heeft aangegeven dat hij het een beetje kinderspel vindt en heel apart vindt dat als hij op de keukentafel zit met zijn geheime stukken, de ..eroverheen gelegd moet worden als de pater binnenkomt. Daar hebben wij ons toen al over uitgesproken dat het een hele vreemde situatie wordt. Dus ga het verhaal nu niet omdraaien, dat signaal is wel degelijk afgegeven en daarom zitten we nu in deze democratische poppenkast. De voorzitter: Goed. De heer Tuijn ten slotte en dan gaan we over tot stemming. De heer Tuijn (PvdA): Dank u wel. Nou, dan begrijpt de heer Van der Velden mijn punt niet. Dat is wel aangekaart, maar er wordt hier net gedaan alsof niemand dat kan weten. En y geeft precies aan wat er aan de hand is, u wist het wel. De voorzitter: De heer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. Ja, toch kort. Ik was eigenlijk in de veronderstelling dat wij in hele globale termen onze beweegredenen mochten schetsen. Maar ik ben toch wel enigszins verbaasd dat zelfs dat niet mag.

De voorzitter: Ja, en daar hebben we van gezegd dat we dit dus niet meer zo doen. Dat we in het vervolg voorzien in een openbaar deel waarin we ook in openbaarheid over kunnen ... De heer Van der Laan (POV): Voorzitter, ik had een ordevoorstel gedaan. Kunnen we meteen stemmen dan nu? De voorzitter: Ordevoorstel van de heer Van der Laan is ... De heer Van der Laan (POV): Had ik al gedaan, nu meteen stemmen. De voorzitter: Nu meteen stemmen? We gaan nu over tot stemming over de Europese School. Wie is daarvoor? O nee, we hebben drie amendementen. Amendement A, wie is er voor amendement A? Voor zijn Partij van de Arbeid, ChristenUnie, D66, DZ, Liberaal Zaanstad … Lokaal Zaans, sorry, Lokaal Zaans, GroenLinks, DOEN., SP … De heer Jongbloed (griffier): Sorry, u zei DOEN., die is er niet. De voorzitter: DENK, SP, CDA, VVD. Amendement B. De heer Jongbloed (griffier): Ho ho, conclusie: aangenomen. De voorzitter: Dit amendement A is aangenomen. Dan gaan we naar amendement B. Stemverklaring? Nee? Wie is er tegen amendement B? Tegen zijn de POV, PVV en de Partij voor de Dieren. Dan hebben we amendement C. De heer Jongbloed (griffier): Conclusie: aanvaard. De voorzitter: Conclusie is aanvaard. Amendement C, wie is daartegen? Tegen zijn de SP, ROSA, POV, PVV, DZ en de Partij voor de Dieren. Conclusie, 18 tegen, dus die is aanvaard. Dan zijn we bij raadsbesluit ‘Europese School’ zelf.

Stemverklaring van de heer Van der Velden.

De heer Van der Velden (POV): Dank u wel, voorzitter. Hoe zullen de Zaankanters die vanavond deze sessie bezien nu gaan reageren op de amendementen die net de oren zijn gepasseerd? Waar hebben hun het over? Waar zijn hun over aan het praten in mijn gemeente? Dank u wel. De voorzitter: Meer stemverklaringen? De heer Zoomermeijer. De heer Zoomermeijer (SP): De wet staat het mij niet toe om weg te lopen bij deze stemming, maar goed, ik heb al gezegd wat ik daar eigenlijk van vind. Maar dit is gewoon een gigantische poppenkast. En als mensen uiteindelijk te horen krijgen waar het over ging, zullen ze heel goed begrijpen waar de SP en andere oppositiepartijen stonden in deze kwestie. De voorzitter: De heer Mattens. De heer Mattens (PvdD): Ik mag volgens mij alleen zeggen dat ik het een heel, heel dom plan vind. En dat is mijn stemverklaring. De voorzitter: De heer Van Haasen. De heer Van Haasen (PVV): Ik wil zeggen dat ik geen stemverklaring heb. De voorzitter: Dan mevrouw Van Nieuwamerongen. Mevrouw Van Nieuwamerongen (VVD Zaanstad): Dank u wel, voorzitter. Het proces was misschien niet goed, maar het doel wel. Dus wij zullen het steunen. De voorzitter: Wie is er tegen het raadsbesluit over de Europese School? O, nog een stemverklaring van mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, heel kort. Aansluiten bij de woorden van mevrouw Van Nieuwamerongen.

De voorzitter: Nog meer stemverklaringen? Dan leggen wij nu het raadsbesluit ‘Europese School’ ter stemming. Wie is daartegen? Tegen zijn de SP, ROSA, de POV, de PVV, DZ en de Partij voor de Dieren. Dus de conclusie, het voorstel is aanvaard. Nota wijkgebonden kosten Kogerveldwijk Nota gebiedsoverstijgende kosten Zaanstad -GKZ- en addendum Ruimtelijke structuurvisie De voorzitter: Dan gaan we naar de twee besluiten die wij in gezamenlijkheid gaan behandelen en dat is het raadsbesluit ‘Nota wijkgebonden kosten Kogerveldwijk’ en het raadsbesluit ‘Nota gebiedsoverstijgende kosten Zaanstad -GKZ- en addendum Ruimtelijke structuurvisie’. Die gaan we in één keer behandelen en de daarbij behorende amendementen die aan de orde zijn en één motie. We beperken ons tot de discussie over de amendementen en moties. Wie als eerste? De heer Kuyper. De heer Kuyper (ROSA): Voorzitter, dank u wel. Ik denk dat ons amendement voor zich spreekt. De heer Van der Laan (POV): Voorzitter, er is niet gestemd over gedeeltelijk opheffen van de geheimhouding. De voorzitter: Klopt.

De heer Van der Laan (POV): Ja, de POV is ook om vijf voor half twaalf gewoon scherp, hoor. De voorzitter: Moeten we dat, kunnen we eerst doen. Dus eerst gedeeltelijke opheffing geheimhouding. Wie is daartegen? Dan is dat unaniem aanvaard. Dan gaan we het nu hebben over de twee raadsbesluiten ‘Nota wijkgebonden kosten Kogerveldwijk’ en het raadsbesluit ‘Nota gebiedsoverstijgende kosten Zaanstad -GKZ- en addendum Ruimtelijke structuurvisie’. De heer Brekelmans. De heer Brekelmans (POV): Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, Zaanstad heeft ambities om te groeien naar een stad van 20.000 inwoners. Hiervoor wil zij de komende tien jaar 10.000 nieuwe woningen realiseren en daarbij de noodzakelijke openbare ruimte aanpassen. Hiervoor heeft het college twee nota’s opgesteld, waarbij een groot deel van de kosten worden verhaald op de initiatiefnemers c.q. projectontwikkelaars. Waar andere partijen hun loftrompetten al hebben laten horen zijn wij, zoals het hoort als oppositiepartij, kritisch. Want wanneer je deze kosten bij de initiatiefnemer in rekening brengt en hierdoor een onrendabele top ontstaat, zou het zomaar kunnen zijn dat deze een beroep gaat doen op het Transformatiefonds en dat zou betekenen dat we geld rondpompen. Vandaar de twee amendementen. Maar we denken dat de initiatiefnemer c.q.

projectontwikkelaar de in de nota's genoemde kosten door zullen berekenen aan de afnemers, dus aan de toekomstige nieuwe bewoners. Dat stelt ons voor een dilemma. Voor de Kogerveldwijk zouden er tot 2030 zo'n 1975 woningen kunnen worden gebouwd, waarvan 593 met een sociale huur en 382 in de vrije sector. Voorzitter, het college stelt voor om deze 1382 vrijesectorwoningen middels een Nota wijkgebonden kosten een bedrag van 2440 euro per woning in rekening te brengen en daar bovenop nog een bedrag van 4055 euro middels de Nota gebiedsoverstijgende kosten Zaanstad. Dus totaal voor 1382 vrijesectorwoningen in de Kogerveldwijk een bedrag van 6495 euro per woning van 105 vierkante meter BVO. En ga er maar van uit dat de eindgebruiker, de nieuwe koper, de nieuwe Zaankanter, deze rekening betaalt. Voorzitter, in de nota gebiedsoverschrijdende kosten wordt voorgesteld om 36,5 miljoen binnen te harken en dit te verhalen op de initiatiefnemers. Ook in dit geval zullen deze extra miljoenen worden doorbelast aan de eindgebruiker, de nieuwe Zaankanter, de nieuwe koper van een van deze 9000 woningen. Wat ons verder opvalt is dat de nieuwe eigenaar hiermee een onevenredige bijdrage levert aan de gebiedsoverschrijdende kosten voor geheel Zaanstad. Zie hiervoor de toelichting in uw mail die u vanavond heeft ontvangen.

Als we nu kijken naar de besteding van de toekomstige opbrengsten van deze twee nota's, te weten 39,9 miljoen, dan zien we dat het inlopen van de achterstand in het onderhoud van de openbare ruimte hiermee voor een deel wordt betaald door een klein deel van de Zaankanters, namelijk de nieuwe eigenaren. Voorzitter, omdat deze problemen naar verwachting pas over enkele jaren van toepassing zal zijn, hebben wij in het Zaanstad Beraad reeds een alternatief geboden om in de toekomst over deze 39,9 miljoen te beschikken. Namelijk nu een aanvang maken met het gedeeltelijk dicht draaien van de alsmaar verder openstaande, vaak oncontroleerbare subsidiekraan. Voorzitter, tot slot. Wanneer wij instemmen met deze nota's, zijn wij indirect medeverantwoordelijk voor het verder opdrijven van de prijzen van koopwoningen. En daardoor medeverantwoordelijk voor het verder onbereikbaar maken van de Zaanse woningmarkt voor starters. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Dank u, voorzitter. Wij zien het toch wel een beetje somber in dat het al heel erg lastig is voor ontwikkelaars om in Zaanstad te bouwen, dat horen we vaak ook van ontwikkelaars, omdat wij al leges en we hebben allerlei andere eisen die wij al stellen. Nu ook nog bovenplanse kosten, of gebiedsoverstijgende kosten doorbereken wordt bouwen nog lastiger.

We zien ook een perverse prikkel in, daar is hij weer, in de hardheidsclausule. Want wij zien het zomaar gebeuren dat er straks een aantal consultants worden ingehuurd om toch vooral aan te tonen dat je niet rendabel bent als je bovenplanse kosten moet doorberekenen. We zien het ook aan de amendementen die zijn voorgesteld dat er toch vooral gezocht wordt naar uitzonderingsdoelgroepen. Dat bevestigt dat het inderdaad heel lastig kan zijn,

ook het betoog van de heer Brekelmans zegt dat ook. Maar deze amendementen zijn ook vooral gericht op één doelgroep. En wat we nu heel erg missen is, als we dat doen, dat het alleen voor de middendure en dure koopwoningen geldt. En die zijn juist zo nodig voor doorstroming op de woningmarkt. Dus wij zullen tegen deze nota stemmen, omdat wij denken dat we hier juist onze doelstellingen om meer te gaan bouwen verder onmogelijk maken. Dank u, voorzitter. De voorzitter: De heer Tuijn. De heer Tuijn (PvdA): Dank u wel, voorzitter. Wij vinden het een goed voorstel wat er ligt, zeker ook dat de sociale huurwoningen worden ontzien. Wij hebben nog een motie gemaakt, omdat wij analoog daaraan ook vinden dat sociale koop daar wellicht voor in aanmerking zou moeten komen, dus de BKZ-woningen. Nu is die constructie is wel wat ingewikkeld met erfpacht en juridische zaken die daaraan zitten. Dus hebben wij geen amendement gemaakt om dat nu direct erin op te nemen, maar om uit te zoeken hoe dat in elkaar zit. Lekker kort, hè? De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Neefjes. Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): Voorzitter, wij zullen deze twee voorstellen steunen. Wij vinden het goed dat het bedrag wat nu ook wel wordt doorberekend, dat dat geactualiseerd wordt. Inderdaad stijgen dan kosten voor de ontwikkelaar en misschien ook wel voor de koper of de huurder.

Maar dat geld vloeit ook weer terug naar de betreffende wijken, naar onze stad in de vorm van voorzieningen en betere infrastructuur en extra groen. Dus wij vinden dat een prima idee. Wij vinden het wel goed om het ook te monitoren wat het effect hiervan zal zijn. Dat hebben we in het Zaanstad Beraad ook gevraagd en daar is een toezegging op gekomen. Daar past dan ook bij: wat doe je met de BKZ in de toekomst? Daarom zullen wij ook de motie van de Partij van de Arbeid hierover steunen. De voorzitter: De heer Brekelmans. De heer Brekelmans (POV): Dan wil ik wel aan mevrouw Neefjes vragen, vindt u het goed dat de nieuwe kopers van woningen een onevenredig deel bijdragen aan de nieuwe groenvoorziening, aan nieuwe infrastructuur? Bent u het met het college eens dat een deel van de achterstand in de openbare ruimte op deze manier door een 9000 nieuwe eigenaren van woningen wordt betaald? Vindt u dat reëel? De voorzitter: Mevrouw Neefjes. Mevrouw Neefjes-IJfs (CU): Ik vind het heel reëel dat je de stad aantrekkelijker maakt en daardoor ook wat geld daarvoor ziet te vinden. Dat doe je dan op deze manier en anders zou je het op een andere manier moeten vinden. Wij vinden een aantrekkelijke stad belangrijk. De voorzitter: De heer Hartog. De heer Hartog (SP): Dank u wel, voorzitter.

De SP is het er van harte mee eens dat er een vaste bijdrage wordt gevraagd voor wijkgebonden kosten in de wijk Kogerveld en ook voor de Nota gebiedsoverstijgende kosten aan private initiatiefnemers inclusief het maatwerk. Dit bedrag komt dan bovenop de andere wijkgebonden kosten die betaald moeten worden. De SP is het er echter niet mee eens dat deze bijdrage niet zou gelden voor nieuwe bouwplannen voor onder de vijf woningen. Zoals in het Zaanstad Beraad al aangekondigd, hebben we hier voor beide voorstellen een amendement. Wat betreft de Nota gebiedsoverstijgende kosten, met de doelen van de bestedingen van de opbrengst beschreven in het addendum is de SP het ook helemaal eens, behalve met de investering die we in de A8-A9 zouden moeten doen. Deze weg wordt absoluut niet door ons ondersteund.

De voorzitter: De heer Mattens, dan de heer Kuyper en de heer Wit. De heer Mattens (PvdD): Dank, voorzitter. We hebben lang gewikt en gewogen of we met dit voorstel akkoord willen gaan. Het genereert een hoop inkomsten om wat te doen aan de groene openbare ruimte en wat te doen aan de duurzame infrastructuur met betrekking tot fietspaden et cetera. Daar zijn we heel erg blij mee en ik denk ook dat wij heel veel waarde zien in het monitoren en het stuk voor stuk gaan beoordelen van de projecten die er van dit geld gefinancierd gaan worden. Want op het moment dat het uiteindelijk in wegen gaat zitten zoals die A8-A9, dan zien we dat totaal niet zitten. Wij steunen ook van harte de amendementen van de SP over dat je niet grote villa's, dat je twee of drie villa's kan gaan bouwen en dat die dan vrijgesteld zouden worden. ROSA heeft daar ook een goed amendement op ingediend, dus die neigen we ook om te gaan steunen. De voorzitter: Interruptie van de heer Heida. De heer Heida (PVV): Er wordt hier weer gesproken over mensen met iets meer geld. Die hebben iets meer vierkante meters om op te wonen. Nou, dat zijn mensen, die hebben meer dan wij en die moet je aanpakken. Dat is een discriminering op inkomen, op vermogen. Dat is absoluut, ja, voor de socialisten onder ons een prachtzaak, maar ik vind het zeer verwerpelijk. Dank u wel. De voorzitter: De heer Mattens.

De heer Mattens (PvdD): Nee, mijnheer Heida – via u, voorzitter – die moet u niet vrijstellen. Dat is waar het hier over gaat. Niet extra belasten. De heer Heida (PVV): U pakt ze aan … Pardon. De voorzitter: Ik had eerst de heer Kuyper het woord en dan de heer Wit en dan de heer Hoedemaeker. De heer Kuyper (ROSA): Dank u wel, voorzitter. Ik was net al even begonnen, maar ik hou het ook heel kort, hoor. Wij vinden het ook prima voorstellen. We hebben wel een amendement ingediend om niet te kijken naar het aantal woningen, maar naar het aantal vierkante meter BVO. Hebben we het in het Zaanstad Beraad al over gehad, omdat wij wel vinden dat je voor die kleine plannen vrijstellingen zou moeten kunnen geven. Dus we kunnen amendement A daarom niet steunen. C ook niet, omdat de heer Brekelmans heel veel beren op de weg ziet die wij vooralsnog niet zien. Maar mochten die er wel zijn, dan komen die bij de evaluatie zeker naar voren en dan kunnen we daar verder over praten. De motie van de PvdA om te kijken hoe dat kan voor BKZ, die steunen wij ook. Lijkt ons een goed plan om daarnaar te kijken. De voorzitter: Interruptie van mevrouw De Boer.

Mevrouw De Boer-Doeves (LZ): Ja, een vraag aan de heer Kuyper: of de heer Kuyper zich ook realiseert dat niet zo zeer alleen te weinig, nou, jongerenwoningen, kleine woningen het probleem zijn, maar ook vooral doorstroming op de woningmarkt? En als we die categorie het lastig maken, dat we dan ook een probleem hebben. De voorzitter: De heer Brekelmans.

De heer Brekelmans (POV): Ja, een vraag aan de heer Kuyper. Mijnheer Kuyper, hoe ziet u dat nou zo van als straks die projectontwikkelaar, of de initiatiefnemer, laat ik het zo maar noemen, een beroep gaat doen

op het Transformatiefonds, omdat hij niet uitkomt met zijn kosten door deze kosten? Hoe ziet u dat dan? Bent u daar dan voor om geld rond te pompen van broekzak naar vestzak? De voorzitter: De heer Kuyper. De heer Kuyper (ROSA): Nou, ik denk dat wij heel goed geregeld hebben waar en waar we het Transformatiefonds voor kunnen inzetten en waarvoor niet, en dat zeer deskundige mensen daar beslissingen over nemen in onze naam. Wat ik heb begrepen van deze regeling – en daar ga ik dus ook maar van uit – is dat als er inderdaad problemen zijn bij de realisatie vanwege de extra kosten, dat we dan eerst kijken naar het eventueel verminderen, of helemaal niet opleggen van die extra heffingen. Dus dat Transformatiefonds komt wat dat betreft bij deze zaak volgens mij niet aan de orde. De voorzitter: De heer Brekelmans. De heer Brekelmans (POV): Nou, voorzitter, dan heeft mijnheer Kuyper het amendement niet goed gelezen, want er staat ook dat bij aanname van dit het een en ander geregeld moet worden in de financiële verordening. Dus het is niet goed geregeld. De voorzitter: De heer Heida. De heer Heida (PVV): Ik wou nog iets zeggen op het plan van mijnheer Kuyper. Die heeft het over 200 vierkante meter. Nou, een ontwikkelaar zit al heel gauw straks op 199 als je dit aanneemt en dan heb je er dus ook mooi niks aan. Zet je het op 180, dan gaat hij op 179 zitten.

Ik bedoel, mijnheer Kuyper, je probeert de rijke mensen aan te pakken, dat begrijp ik wel, dat is uw missie hier. Maar het gaat u niet lukken. Dank u wel. De voorzitter: De heer Kuyper. De heer Kuyper (ROSA): Nou ja, ik vind het wel mooi dat mijnheer Heida het zo duidelijk aangeeft hoe perfide ontwikkelaars inderdaad zijn. Ja, we zullen niet alles kunnen voorkomen. De voorzitter: De heer Wit. De heer Wit (CDA): Voorzitter, dank u. Wij snappen de nota's. Wij vonden zelf Oostzijderveld de ontwikkelaar al een hele grote stap zetten in het denken over: hoe moet dit een actief buurtje worden, een sociaal buurtje waar je graag wil wonen? Ontwikkelaars zijn zeker niet alleen maar stenenstapelaars, maar er zijn ontwikkelaars die het al spontaan doen. Dus de bijdrage op zich die wij nu vragen, die zullen zij ook begrijpen. Maar ik wil wel het college vragen om de vinger aan de pols te houden. Dat zodra ontwikkelaars afhaken omdat wij stapelen, stapelen, stapelen, dan moeten we echt wel even bij onszelf te rade gaan. Ik zou ook nog graag van de wethouder willen horen hoe hij tegen amendement C aankijkt, want wij vinden het wel een terechte signalering. Dat moet niet gebeuren. Dus ik ben wel benieuwd hoe de wethouder dat gaat verklaren. Dank u. De voorzitter: De heer Hoedemaeker. De heer Hoedemaeker (D66): Dank u, voorzitter. Het is een goed voorstel, denk ik.

Ik denk dat het ook wel meevalt met de enorme lasten die de nieuwe bewoners moeten gaan betalen om onze openbare ruimte bijvoorbeeld te gaan onderhouden. Want dat is natuurlijk een eenmalig bedrag. En 75 procent van de gebiedsoverstijgende kosten moeten natuurlijk nog steeds jaarlijks via de gemeentelijke belastingen en andere inkomsten van de gemeente binnenkomen. Dat gaat dan om jaarlijkse bedragen, dus dat zal een heel klein verschil zijn. Even over de moties en amendementen. De vierkante metermotie, zal ik het maar

even noemen, van ROSA vinden wij nog steeds sympathiek. Ik hoor daar nog wel even het oordeel van het college over. De motie van PvdA en CDA gaan wij in ieder geval wel steunen, want dat gaat gewoon om het inzichtelijk maken van de financiële gevolgen voor de BKZ-regeling. Dat lijkt me alleszins nuttig om dat goed in kaart te hebben. Voor de rest wacht ik nog even op de bijdrage van de portefeuillehouder. De voorzitter: Zijn er dan nog andere woordmeldingen? Nee? Dan heeft wethouder Krieger het woord. De heer Krieger (wethouder): Voorzitter, dank u wel. Het is uitwerking van besluitvorming in een van de vorige begrotingsrondes. De opmerkingen die vanavond gemaakt zijn over het prijsopdrijvend effect en het afschrikkend effect naar ontwikkelaars, die zou ik liever om willen keren. Wat we hier doen is voor ontwikkelend Nederland al lang niet nieuw meer, het wordt in heel veel ook met Zaanstad vergelijkbare gemeenten al toegepast, ook in de mate en omvang waarin wij dat doen. Er zijn ook heel veel gemeentes die aanzienlijk verder gaan zelfs. Ik denk dat een ontwikkelaar zich kan onderscheiden door mee te denken, zoals mijnheer Wit ook zegt, mee te denken in het hele proces, kijken hoe de prijsvorming tot stand komt. Nogmaals, het is helemaal niet zo gek wat we doen. Terugkijkend zou je wel kunnen zeggen: misschien is Zaanstad in dat opzicht wel iets te bescheiden geweest.

Voorzitter, ik zal me verder beperken tot de amendementen en de moties. De motie van de Partij van de Arbeid is denk ik goed uitvoerbaar. Dat hoort ook denk ik bij het monitoringsproces dat we ook het komende jaar gaan kijken: wat komt op ons af aan BKZ-woningen, hoe werkt dat in de praktijk? Dat zou ik sowieso aan uw raad mee willen geven, dat als wij bij de uitwerking ergens tegenaan lopen wat tot een dilemma leidt, er zit dan een soort hardheidsclausule in voor het college. Maar het zou ook heel goed kunnen dat we ook de raad nog een keer opzoeken om te zeggen: goh, we lopen nu ergens tegenaan en misschien is het verstandig om daar ons met elkaar over te buigen. Dan even de amendementen A en B, die gaan vooral over zeg maar de kleinschalige projecten. Overigens, die hebben wij voorgesteld omdat het daar toch, het gaat sowieso niet om heel veel projecten terugkijkend. Als je echt gaat waar je kunt verhalen, zijn het misschien vier of vijf op jaarbasis. Maar je doet dat ook omdat je een beetje naar het kostenaspect kijkt, want er zijn gewoon voor ons kosten aan verbonden aan de toepassing van dit hele systeem. En als je onder de vier, vijf woningen uitkomt daaromtrent, dan wegen de opbrengsten niet op tegen de kosten die je alleen al moet maken om alles goed contractueel ook geregeld te krijgen.

Ja, even primair een reactie over, je kan er dus ook inderdaad voor kiezen om te zeggen: laten we ook dat bij die evaluatie betrekken en kijken wat er op ons afkomt. Als de amendementen aangenomen worden, dan heb je dus geen ondergrens meer. En in het geval van het andere amendement, dat is volgens mij amendement C, daar wordt een onderscheid gemaakt naar grootte van vierkante meters. Nou ja, dan bestraf je dat eigenlijk een beetje. We hebben al een vrijstelling toegepast voor sociale huurwoningen en ik denk dat je ook wel moet kijken of je tot een zekere variatie kunt komen. Tot slot, voorzitter, amendement C. Dat is pas heel laat bij ons binnengekomen. Laat helder zijn, wij vinden natuurlijk ook dat de introductie van deze nota geen effect moet hebben op hoe we op dit moment dan met het Transformatiefonds omgaan. Maar mijnheer Brekelmans, ik kan even moeilijk inschatten of een amendement zoals u dat voorstelt daar niet gelijk alweer een stap te ver in gaat. Ik heb daar al even de toezegging gedaan, we gaan natuurlijk even kijken hoe het in de praktijk toegepast is. Uitgangspunt is dat Transformatiefonds en het heffen, of het in rekening brengen van deze kosten, dat dat niet elkaar moet gaan beïnvloeden. Dus ik denk dat het ook goed is om dat gaandeweg het traject te bekijken wat het effect is en u daarover op te zoeken als het aan de orde is. Tot zover, voorzitter.

De voorzitter: De heer Brekelmans. De heer Brekelmans (POV): Voorzitter, dank u wel. Ja, voorzitter, u heeft inderdaad wel wat toegezegd, maar daar heeft u de hardheidsclausule bij gebruikt. Toen heeft u gezegd: misschien als zij een beroep zouden moeten doen op het Transformatiefonds, dan kunnen wij middels een hardheidsclausule die tarieven naar beneden halen. Dat is dus precies hetzelfde effect, hè?

De voorzitter: De heer Krieger. De heer Krieger (wethouder): Ja, dat zal heel goed kunnen. Maar ik zei al, volgens mij is het algemene principe: we moeten niet willen dat dat elkaar beïnvloedt. Dus kortom, wij gaan deze nota toepassen. We hebben criteria voor het Transformatiefonds, die staan ook keurig netjes in de verordening opgenomen. En ik heb al tegen u gezegd: het is onwenselijk dat als wij die bijdrage in rekening gaan brengen, dat dat een extra titel is om een beroep te doen op het Transformatiefonds. Ik kan alleen op dit moment niet overzien of dat amendement wat u vandaag ingediend heeft, of dat daaraan tegemoetkomt, of te ver gaat. Ik denk dat het goed is om dat gewoon gaandeweg het traject te bekijken, maar op dit moment kan ik dus niet positief adviseren op dit amendement. De voorzitter: Kunnen we dan ... De heer Wit. De heer Wit (CDA): Dank u. Een vraag aan de heer Brekelmans, want wij vinden eigenlijk de toezegging van de wethouder goed genoeg en weten ook niet de verstrekkendheid van uw amendement. Dus wij stellen voor: neem daar genoegen mee nu en trek hem in. Maar anders gaan wij tegenstemmen en dat vinden we ook jammer. De voorzitter: De heer Brekelmans. De heer Brekelmans (POV): Nou ja, ik trek hem zeker niet in, want hij is gewoon duidelijk. Hij is niet verstrekkend. Hij geeft gewoon aan duidelijk waar de grenzen zijn.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9735545/1