CConstaterende datZaanstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Verordening 2021-ll tot Wijziging APV Zaanstad 2013

Raadsvergadering 8 juli 2021, gemeente ZaanstadBij agendapunt: Verordening 2021-ll tot wijziging APV Zaanstad 201315.523 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

2021/10209

Verordening 2021-II tot wijziging van de Algemene plaatselijke verordening (APV) Zaa nstad 2013 De raad van de gemeente Zaanstad; Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van [datum];

~ ~~ - v~`> --~G

Gelet op artikel 149 van de Gemeentewet Besluit: de Verordening 2021 -II tot wijziging van de Algemene plaatselijke verordening (APV) Zaanstad 2013 vast to stellen:

ARTIKEL I Wijziging verordening De Algemene plaatselijke verordening (APV) Zaanstad 2013 wordt als volgt gewijzigd: A. De inhoudsopgave komt to luiden aldus: Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen Artikel 0 Opschriften (z) Artikel 1:1 Begripsbepalingen Artikel 1:2 Beslistermijn Artikel 1:3 Indiening aanvraag Artikel 1:4 Voorschriften en beperkingen Artikel 1:5 Persoonlijk karakter van vergunning of ontheffing (z) Artikel 1:6 Intrekking of wijziging van vergunning of ontheffing (z) Artikel 1:7 Termijnen Artikel 1:8 Weigeringsgronden (z) Artikel 1:9 Hoofdstuk 2 Openbare orde Afdeling 1. Bestrijding van ongeregeldheden Artikel 2:1 Samenscholing en ongeregeldheden Artikel 2.1a Straatintimidatie (z) Afdeling 2. Betoging Artikel 2:2 Optochten Artikel 2:3 Kennisgeving betogingen op openbare plaatsen Artikel 2:4 Afwijking termijn Artikel 2:5 Te verstrekken gegevens Afdeling 3. Verspreiden van stukken en aanbieden van andere activiteiten op de openbare weg (z) Artikel 2:6 Verspreiden van stukken en aanbieden van andere activiteiten (z) Afdeling 4 Vertoningen e. d. op de weg Artikel 2:7 Feest, muziek en wedstrijd e.d.

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/10209

2/30

gemeente Zaanstad

Artikel 2:8 Dienstverlening Artikel 2:9 Straatartiest e.d.. Afdeling 5 Bruikbaarheid en aanzien van de weg Artikel 2:10 Voorwerpen op of aan de weg (z) Artikel 2:10a Vastmaken van voorwerpen (z) Artikel 2:11 (Omgevings)vergunning voor het aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg Artikel 2:12 Omgevingsvergunning voor het maken, veranderen van een uitweg (z) Afdeling 6 Veiligheid op de weg Artikel 2:13 Veroorzaken van gladheid Artikel 2:14 Winkelwagentjes (z) Artikel 2:15 Hinderlijke beplanting of gevaarlijk voorwerp Artikel 2:16 Open straatkolken e.d. Artikel 2:17 Kelderingangen e.d. Artikel 2:18 Rookverbod in bossen en natuurterreinen Artikel 2:19a Gevaarlijk of hinderlijk voorwerp (z) Artikel 2:19b Gevaarlijke voorwerpen (z) Artikel 2:20 Vallende voorwerpen Artikel 2:21 Voorzieningen voor verkeer en verlichting Artikel 2:22 Objecten onder hoogspanningslijn Artikel 2:23 Veiligheid op het ijs (z) Afdeling 7 Evenementen (z) Artikel 2:24 Begripsbepaling (z) Artikel 2:25 Evenement (z) Artikel 2:25a Vechtsportwedstrijden (z) Artikel 2:26 Ordeverstoring (z) Afdeling 8 Toezicht op horecabedrijven en op voor publiek toegankelijke gebouwen (z) Artikel 2:27 Begripsbepalingen (z) Artikel 2:28 Exploitatievergunning horecabedrijf (z) Artikel 2:28a Vergunningsaanvraag (z) Artikel 2:28b Algemene weigerings- en intrekkingsgronden exploitatievergunning (z) Artikel 2:28c Bijzondere

intrekkings- of wijzigingsgronden van de exploitatievergunning (z) Artikel 2:29 Sluitingstijd (z) Artikel 2:30 Afwijking sluitingstijden en afwijkende voorschriften en beperkingen horecabedrijf ~Z) Artikel 2:30a Sluiting horecabedrijf (z) Artikel 2:30b Sluiting gebouw of ruimte (z) Artikel 2:30c Regels met betrekking tot sluiting (z) Artikel 2:31 Aanwezigheid in gesloten horecabedrijf Artikel 2:32 Handel binnen horecabedrijven Artikel 2:33 Ordeverstoring (z) Artikel 2:34 Het college als bevoegd bestuursorgaan Artikel 2:34a Schenktijden paracommerciele rechtspersonen (z) Artikel 2:34b Bijeenkomsten bij paracommerciele rechtspersonen (z) Afdeling 9 Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf Artikel 2:35 Begripsbepaling Artikel 2:36 Kennisgeving exploitatie Artikel 2:37 Nachtregister Artikel 2:38 Verschaffing gegevens nachtregister (z) Afdeling 10 Toezicht op speelgelegenheden (zJ Artikel 2:39 Speelgelegenheden (z) Artikel 2:40 Speelautomaten (z)

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/10209

3/30

gemeente Zaanstad

Afdeling 10a Tegengaan onveilig, nief leefbaar en malafide ondernemersklimaat (z) Artikel 2:40a Begripsbepalingen (z) Artikel 2:40b Aanwijzing gebouwen, straten, gebieden of bedrijfsmatige activiteiten (z) Artikel 2:40c Exploitatievergunning uitoefening bedrijf (z) Artikel 2:40d Eisen aan de exploitant en de bedrijfsleider (z) Artikel 2:40e Weigeringsgronden (z) Artikel 2:40f Intrekking- en wijzigingsgronden (z) Artikel 2:40g Sluiting (z) Artikel 2:40h Overgangsrecht (z) Afdeling 11 Maatregelen tegen overlast en baldadigheid Artikel 2:41 Betreden gesloten woning of lokaal Artikel 2:42 Plakken en kladden Artikel 2:43 Vervoer plakgereedschap e.d. Artikel 2:44 Vervoer inbrekerswerktuigen Artikel 2:44a Vervoer geprepareerde voorwerpen (z) Artikel 2:45 Betreden van plantsoenen e.d. Artikel 2:46 Rijden over bermen e.d. Artikel 2:47 Hinderlijk gedrag op openbare plaatsen Artikel 2:48 Verboden drankgebruik Artikel 2:49 Verboden gedrag bij of in gebouwen Artikel 2:50 Hinderlijk gedrag in voor het publiek toegankelijke ruimten Artikel 2:50a Verbod op zichtbare uitingen van verboden organisaties (z) Artikel 2:51 Neerzetten van fietsen e.d. Artikel 2:52 Overlast van fiets of bromfiets op markt en kermisterrein e.d.

Artikel 2:53 Bespieden van personen (z) Artikel 2:54 Bewakingsapparatuur (z) Artikel 2:55 Nodeloos alarmeren (z) Artikel 2:56 Alarminstallaties (z) Artikel 2:57 Loslopende honden Artikel 2:58 Verontreiniging door honden (z) Artikel 2:59 Gevaarlijke honden Artikel 2:59a Gevaarlijke honden op eigen terrein Artikel 2:60 Houden of voeren van hinderlijke of schadelijke dieren (z) Artikel 2:61 Wilde dieren Artikel 2:62 Loslopend vee Artikel 2:63 Duiven (z) Artikel 2:64 Bijen (z) Artikel 2:65 Bedelarij (z) Afdeling 12 Bepalingen ter bestrijding van heling van goederen Artikel 2:66 Begripsbepaling Artikel 2:67 Verplichtingen met betrekking tot het verkoopregister Artikel 2:68 Voorschriften als bedoeld in artikel 437ter van het Wetboek van Strafrecht Artikel 2:69 Vervreemding van door opkoop verkregen goederen Artikel 2:70 Handel binnen horecabedrijven Afdeling 13 Vuurwerk Artikel 2:71 Begripsbepalingen Artikel 2:72 Ter beschikking stellen van consumentenvoorwerk tijdens de verkoopdagen Artikel 2:73 Gebruiken van consumentenvuurwerk tijdens de jaarwisseling Afdeling 14 Drugsoverlast (z) Artikel 2:74 Drugshandel op straat Afdeling 15 Bestuurlijke ophouding, veiligheids-risicogebieden en cameratoezicht op openbare plaatsen en verblijfsontzeggingen Artikel 2:75 Bestuurlijke ophouding Artikel 2:76 Veiligheidsrisicogebieden

.. _

..

_

..

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/10209

4/30

:.

,.

gemeente Zaanstad

Artikel 2:77 Cameratoezicht op openbare plaatsen Artikel 2:78 Verblijfsontzegging (z) Artikel 2:79 Woonoverlast als bedoeld in artikel 151d Gemeentewet Hoofdstuk 3 Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen Afdeling 1 Algemene bepalingen Artikel 3:1 Afbakening Artikel 3:2 Begripsbepalingen (z) Artikel 3:2a Bevoegd bestuursorgaan (z) Artikel 3:2b Nadere regels (z) Afdeling 2 Exploitatievergunning seksbedrijf Artikel 3:3 Exploitatievergunning seksbedrijf (z) Artikel 3:3a Overgangsbepaling seksbedrijven (z) Artikel 3:4 Concentratie seksbedrijven (z) Artikel 3:5 Maximum aantal vergunningen voor seksbedrijven (z) Artikel 3:6 Aanvraag (z) Artikel 3:7 Weigeringsgronden (z) Artikel 3:8 Eisen met betrekking tot de vergunning (z) Artikel 3:9 Intrekkingsgronden (z) Artikel 3:10 Melding gewijzigde omstandigheden (z) Artikel 3:11 Geldigheidsduur vergunning (z) Afdeling 3.

Uitoefenen seksbedrijf Artikel 3:12 Sluitingstijden seksbedrijven, aanwezigheid en toegang (z) Artikel 3:13 Adverteren (z) Artikel 3:13a Tijdelijke afwijking sluitingstijden en tijdelijke sluiting (z) Artikel 3:13b Aanwezigheid van en toezicht door exploitant en beheerder (z) Artikel 3:13c Beeindiging exploitatie (z) Artikel 3:13d Wijziging beheer (z) Artikel 3:14 Leeftijd en verblijfstitel prostituees; verbod werken voor onvergund prostitutiebedrijf (z) Artikel 3:14a Overgangsbepaling minimale leeftijd prostituees (z) Artikel 3:15 Bedrijfsplan (z) Artikel 3:16 Minimale verhuurperiode werkruimte Artikel 3:17 Verdere verplichtingen van de exploitant en beheerder prostitutiebedrijf (z) Artikel 3:18 Raamprostitutie (z) Artikel 3:19 Straatprostitutie (z) Artikel 3:20 Handhaving straatprostitutie (z) Afdeling 4.

Overige bepalingen Artikel 3:21 Verbodsbepaling klanten Artikel 3:22 Tentoonstellen, aanbieden en aanbrengen van erotisch-pornografische goederen, afbeeldingen en dergelijke Hoofdstuk 4 Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente Afdeling 1 Geluidhinder en verlichting Artikel4:1a Begripsbepalingen Artikel 4:1b Horeca-, sport- en recreatie-inrichtingen (z) Artikel 4:2 Aanwijzing collectieve festiviteiten (z) Artikel 4:3 Kennisgeving incidentele festiviteiten (z) Artikel 4:4 Verboden incidentele festiviteiten Artikel 4:5 Onversterkte muziek (z) Artikel 4:6 Overige geluidhinder

..

_

,-

_

_;

~.

.,

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021110209

5/30

gemeente Zaanstad

~~'

Artikel 4:6a Mosquito Afdeling 2 Bodem-, weg- en milieuverontreiniging Artikel 4:7 Ongeadresseerde reclame (z) Artikel 4:8 Natuurlijke behoefte doen Artikel 4:9 Toestand van sloten en andere wateren en niet openbare riolen en putten buiten gebouwen Artikel 4:9a Oplaten van ballonnen (z) Afdeling 3 Het bewaren van houtopstanden Artikel 4:10 Begripsbepalingen Artikel 4:11 Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden Artikel 4:11a Bestrijding iepziekte Artikel 4:12 Herplant-/instandhoudingsplicht Afdeling 4 Maatregelen tegen ontsiering en stankoverlast Artikel 4:13 Opslag voertuigen, vaartuigen, mest, afvalstoffen enz. Artikel 4:14 Stankoverlast door gebruik van meststoffen Artikel 4:15 Verbod ontsierende, hinderlijke of gevaarlijke reclame (z) Artikel 4:16 Vergunningplicht lichtreclame Afdeling 5 Kamperen buiten kampeerterreinen Artikel 4:17 Begripsbepaling Artikel 4:18 Recreatief nachtverblijf buiten kampeerterreinen Artikel 4:19 Aanwijzing kampeerplaatsen Hoofdstuk 5 Andere onderwerpen betreffende de huishouding der gemeente Afdeling 1 Parkeerexcessen Artikel 5:1 Begripsbepalingen Artikel 5:2 Parkeren van voertuigen van autobedrijf e.d. Artikel 5:3 Te koop aanbieden van voertuigen Artikel 5:4 Defecte voertuigen Artikel 5:5 Overlastgevende voertuigen (z) Artikel 5:6 Kampeermiddelen e.a.

Artikel 5:7 Parkeren van reclamevoertuigen Artikel 5:8 Parkeren van grote voertuigen Artikel 5:9 Parkeren van uitzichtbelemmerende voertuigen Artikel 5:10 Parkeren anders dan op de rijbaan Artikel 5:11 Aantasting groenvoorzieningen door voertuigen Artikel 5:11a Aantasting van groenvoorziening door vaartuigen (z) Artikel 5:12 Overlast van fiets of bromfiets (z) Afdeling 2 Collecteren Artikel 5:13 Inzameling van geld of goederen (z) Afdeling 3 Venten Artikel 5:14 Begripsbepaling Artikel 5:15 Ventverbod Artikel 5:16 Vrijheid van meningsuiting Afdeling 4 Standplaatsen Artikel 5:17 Begripsbepaling Artikel 5:18 Standplaatsvergunning en weigeringsgronden Artikel 5:19 Toestemming rechthebbende Artikel 5:20 Afbakeningsbepalingen Artikel 5:21 Aanhoudingsplicht Afdeling 5 Snuffelmarkten (z) Artikel 5:22 Begripsbepaling

.,.

. .. ,

.n

,_.

.. .

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/10209

6/30

,~

gemeente Zaanstad

Artikel 5:23 Organiseren van een snuffelmarkt Afdeling 6 Openbaar water Paragraaf 1 Algemene bepalingen Artikel 5:24 Voorwerpen op, in of boven openbaar water (z) Artikel 5:25 Het innemen van een ligplaats (z) Artikel 5:25a Pleisterplaatsen (z) Artikel 5:26 Aanwijzingen ligplaats Artikel 5:27 Verbod innemen ligplaats Artikel 5:28 Beschadigingen van waterstaatswerken Artikel 5:29 Reddingsmiddelen Artikel 5:30 Snelheidsbeperking (z) Artikel 5:30a Brug klimmen en springers in openbaar water (z) Artikel 5:31 Overlast aan vaartuigen Paragraaf 2 Bijzondere bepalingen met betrekkinq tot scheepvaart en havens (z) Artikel 5:32 Werkingssfeer (z) Artikel 5:33 Het nakomen van aanwijzingen (z) Artikel 5:34 Rondvaart- en verhuurbedrijf (z) Artikel 5:35 Veren (z) Artikel 5:36 Het besturen van vaartuigen onder invloed van alcoholhoudende dranken en/of andere stollen (z) Artikel 5:37 Het gebruiken van vaartuigen als opslagplaats of bedrijfsruimte (z) Artikel 5:38 Het breken van ijs (z) Artikel 5:39 Het economisch opleggen van vaartuigen (z) Artikel 5:40 Baggeren (z) Artikel 5:41 Het bouwen, herstellen, droogzetten en slopen van vaartuigen (z) Artikel 5:42 Toegang tot openbare trappers en steigers (z) Artikel 5:42a Veilige toegang (z) Artikel 5:43 Bijzondere verplichtingen voor gezagvoerders van zeevaartuigen (z) Artikel 5:43a Verhalen anders dan op eigen aanvraag (z) Artikel 5:43b Verbod

gebruik hoofdmotor of hulpmotor (z) Paragraaf 3 Bilzondere bepalingen met betrekking tot woonschepen (z) Artikel 5:44-5:48 Paragraaf 4 Ontvangstvoorzieninqen voor olie van zeevaartuigen (z) Artikel 5:49-5:53 Afdelinq 7 Crossterreinen en gemotoriseerd- en ruiterverkeer in natuurgebieden Artikel 5:54 Crossterreinen Artikel 5:55 Beperking verkeer in natuurgebieden Afdeling 8 Verbod vuur to stokers Artikel 5:56 Verbod afvalstoffen to verbranden buiten inrichtingen of anderszins vuur to stokers Afdelinq 9 Verstrooi'ing van as Artikel 5:57 Begripsbepaling Artikel 5:58 Verboden plaatsen Artikel 5:59 Hinder of overlast Hoofdstuk 6 Straf-, overgangs- en slotbepalingen Artikel 6:1 Strafbepaling (z) Artikel 6:2 Toezichthouders (z) Artikel 6:3 Binnentreden woningen Artikel 6:4 Inwerkingtreding nieuwe en intrekking oude verordening (z) Artikel 6:5 Overgangsbepaling Artikel 6:6 Citeertitel

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/10209

7/30

gemeente Zaanstad

B. Artikel 2:24 komt to luiden aldus: Artikel 2:24 Begripsbepaling (z) 1. Ongewijzigd 2. Ongewijzigd a. Ongewijzigd b. Ongewijzigd c. Ongewijzigd d. Ongewijzigd e. Ongewijzigd f. Ongewijzigd g. vechtsportgala's. Hieronder worden tevens verstaan: - Free-, cage-, en ultimate fightevenement of daarmee vergelijkbare evenementen; - Mixed Martial Arts, ook wel genoemd gemengde vechtkunst, waaronder in ieder geval worden begrepen free fight (het vrije vechten), vale tudo (Braziliaans Mixed Martial Arts) en cage fight (kooigevecht); - Kickboksen en Muay Thai (Thaiboksen) in al hun varianten; h. een erotisch evenement. Hieronder wordt verstaan: - een voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak waarbij vertoningen van erotisch pornografische aard plaatsvinden; - een voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak waarbij aan het publiek de gelegenheid wordt geboden op fysieke wijze deel to nemen aan het erotische vermaak. 3. Ongewijzigd C. Artikel 2:28a komt to luiden aldus: Artikel 2:28a Vergunningsaanvraag (z) 1. Ongewijzigd 2. Bij de aanvraag om een exploitatievergunning moeten in ieder geval worden overgelegd: a. Ongewijzigd b. Ongewijzigd c. een op grond van de wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (wet BIBOB) vastgesteld en volledig ingevuld vragenformulier met de daarbij behorende bijlagen en bescheiden; d.

indien de aanvraag een terras betreft, een locatietekening met afinetingen; e. een uittreksel van de inschrijving van het horecabedrijf bij de Kamer van Koophandel waarop het adres van het horecabedrijf staat vermeld. f. ~bestaat niet meerj 3. Bij de aanvraag voor het bijschrijven van een leidinggevende op het aanhangsel behorende bij een exploitatievergunning moeten in ieder geval worden overlegd: a. Ongewijzigd b. ondertekende arbeidsovereenkomst uan de exploitant met de leidinggevende. 4. Ongewijzigd 5. Ongewijzigd 6. Ongewijzigd D. Artikel 2:79 komt to luiden aldus: Artikel 2:79 Woonoverlast als bedoeld in artikel 151d Gemeentewet 1.Degene die een woning of een bij die woning behorend erf gebruikt, of tegen betaling in gebruik geeft, draagt er zorg voor dat door gedragingen in of vanuit die woning of dat erf of in de onmiddellijke nabijheid van die woning of dat erf geen ernstige en herhaaldelijke hinder voor omwonenden wordt veroorzaakt. 2. Ongewijzigd

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/10209

8/30

gemeente Zaanstad

E. Hoofdstuk 3 komt to luiden aldus: Hoofdstuk 3 Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen Afdeling 1 Algemene bepalingen Artikel 3:1 Afbakening De artikelen 1:2 en 1:5 tot en met 1:8 zijn niet van toepassing op het bij of krachtens dit hoofdstuk bepaalde. Artikel 3:2 Begripsbepalingen (z) In dit hoofdstuk wordt verstaan onder: a. advertentie: elke commerciele uiting in een medium, die een seksbedrijf of een prostituee onder de aandacht van het publiek brengt; b. beheerder: de natuurlijke persoon die door de exploitant is aangesteld voor de feitelijke leiding van een seksbedrijf; c. escortbedrijf: het bedrijfsmatig aan een prostituee gelegenheid geven tot het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen vergoeding door to bemiddelen tussen de prostituee en de derde met het oog op prostitutie die plaats vindt op een antler adres dan de woning van de prostituee of een seksinrichting; d. exploitant: de natuurlijke persoon of de bestuurder van een rechtspersoon of hun gevolmachtigden voor Wiens rekening en risico een seksbedrijf wordt geexploiteerd; e. klant: degene die gebruik maakt van de door een exploitant van een seksbedrijf of een prostituee aangeboden seksuele diensten; f. prostituee: degene die zich beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen vergoeding; g.

prostitutie: het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen vergoeding; h. prostitutiebedrijf: het bedrijfsmatig aan een prostituee gelegenheid geven tot het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen vergoeding; i. seksbedrijf: het bedrijfsmatig gelegenheid geven tot: het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen vergoeding (=prostitutiebedrijf); of prostitutie in de vorm van bemiddeling tussen klant en prostituee (=escortbedrijf); of het verrichten van seksuele handelingen met en voor een derde (niet tegen vergoeding) (=overig seksbedrijf); of het verrichten van seksuele handelingen voor een derde tegen vergoeding (=overig seksbedrijf); of het aanbieden van fysieke vertoningen van erotisch-pornografische aard (al dan niet tegen vergoeding) (=overig seksbedrijf). j. seksinrichting: voor een derde toegankelijke besloten ruimte die onderdeel is van een seksbedrijf. k. sekswerker: de natuurlijke persoon die tegen vergoeding seksuele handelingen verricht met een derde (prostitutie), of die tegen vergoeding seksuele handelingen verricht voor een derde fonder meer bij live seksshows, peepshows en striptease-bars). I. sekswinkel: Winkel waar goederen van erotisch-pornografische aard worden verkocht of verhuurd; m.

thuiswerker: degene die zich vanuit huffs beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele handelingen met een derde tegen vergoeding zonder bedrijfsmatig karakter. n. werkruimte: als zelfstandig aan to merken onderdeel van een seksinrichting waarin seksuele handelingen met een derde tegen vergoeding worden verricht. Artikel 3:2a Bevoegd bestuursorgaan (z) In dit hoofdstuk wordt onder het bevoegd bestuursorgaan verstaan: het college of, voor zover het betreft voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven als bedoeld in artikel 174 van de Gemeentewet, de burgemeester. Artikel 3:2b Nadere regels (z)

,, ,. -~-~

_ e.

s

. .. . .

~

S,

., E ~_ .,

....

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/10209

9/30

gemeente Zaanstad

~

i

r

Met het oog op de openbare orde, de belangen genoemd in artikel 3:7, zesde lid, of de maatregelen, bedoeld in artikel 3:15, eerste lid, kan het bevoegd bestuursorgaan nadere regels stellen met betrekking tot de uitoefening van de bevoegdheden bedoeld in dit hoofdstuk. Afdeling 2 Exploitatievergunning seksbedrijf Artikel 3:3 Exploitatievergunning seksbedrijf (z) 1. Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd bestuursorgaan een seksbedrijf uit to oefenen of to wijzigen. 2. De vergunning is locatie- en persoonsgebonden en niet overdraagbaar. 3. Op een aanvraag om een vergunning wordt binnen twaalf weken beslist. Deze termijn kan met ten hoogste twaalf weken worden verlengd. 4. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing. 5. Een vergunning kan voor een of meerdere seksinrichtingen binnen het seksbedrijf worden verleend. Artikel 3:3a Overgangsbepaling seksbedrijven (z) 1. Een voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening verleende vergunning voor een seksbedrijf die op het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening niet is ingetrokken of vervallen, geldt gedurende 26 weken na de inwerkingtreding van deze verordening als een vergunning krachtens deze verordening. 2.

Indien binnen deze periode een aanvraag voor een nieuwe vergunning is ingediend, blijft deze vergunning van kracht totdat met toepassing van deze verordening op de aanvraag is beslist. Artikel 3:4 Concentratie seksbedrijven (z) Het college kan delen van de gemeente aanwijzen waarbinnen voor het vestigen van een seksbedrijf geen vergunning wordt verleend. Daarbij kan worden bepaald dat de aanwijzing geldt voor seksinrichtingen van seksbedrijven van een Hader aangewezen aard. Artikel 3:5 Maximum aantal vergunningen voor seksbedrijven (z) 1. Binnen de gemeente Zaanstad worden maximaal een vergunning voor een escortbedrijf, twee vergunningen voor een prostitutiebedrijf (niet zijnde raamprostitutie of escort) en twee vergunningen voor een overig seksbedrijf verleend. 2. Een vergunning als bedoeld in artikel 3:3 kan alleen worden verleend indien het maximum voor het aantal to verlenen vergunningen niet bereikt is en na het volgen van de geldende Aanvraag- en selectieprocedure exploitatievergunning seksbedrijf een gegadigde in aanmerking komt voor het aanvragen van een vergunning. Artikel 3:6 Aanvraag (z) 1.

Een aanvraag om vergunning wordt ingediend middels een door het bevoegd bestuursorgaan vastgesteld en volledig ingevuld formulier met daarbij behorende bescheiden, evenals een op grond van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur vastgesteld en volledig ingevuld vragenformulier met de daarbij behorende bijlagen en bescheiden. 2. Bij de aanvraag wordt vermeld voor Welke activiteit(en) de vergunning wordt gevraagd. 3. Het bevoegd bestuursorgaan kan aanvullende gegevens of bescheiden verlangen. Artikel 3:7 Weigeringsgronden (z) 1. Een vergunning wordt geweigerd als: a. de exploitant of de beheerder onder curatele staat; b. de exploitant of de beheerder jonger dan 21 jaar is op het moment van de aanvraag; c. redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de feitelijke toestand niet met het in de aanvraag vermelde in overeenstemming zal zijn; d. redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de aanvrager in strijd zal handelen met aan de vergunning verbonden beperkingen of voorschriften;

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/10209

10/30

gemeente Zaanstad

e. er aanwijzingen zijn dat voor of bij het seksbedrijf personen tewerkgesteld zijn of zullen zijn die: 1°. als het prostituees betreft, nog niet de leeftijd van 21 jaar hebben bereikt, 2°. als het andere personen dan prostituees betreft, nog niet de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt, 3°. slachtoffer zijn van mensenhandel, of 4°. verblijven of werken in strijd met het bepaalde bij of krachtens de Vreemdelingenwet 2000; f. de exploitant of de beheerder minder dan vijf jaar voorafgaand aan de dag dat de vergunning wordt aangevraagd, wegens een misdrijf onherroepelijk is veroordeeld tot een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van meer dan zes maanden of meer door de rechter in Nederland, inclusief de drie openbare lichamen Bonaire, Saba en SintEustatius, Aruba, Curacao en Sint Maarten, dan wel door een andere rechter wegens een misdrijf waarvoor Haar Nederlands recht een bevel tot voorlopige hechtenis ingevolge artikel 67, eerste lid van het Wetboek van Strafvordering is toegelaten; g.

de exploitant of de beheerder minder dan vijfjaar voorafgaand aan de dag dat de vergunning wordt aangevraagd, bij meer dan een rechterlijke uitspraak of strafbeschikking onherroepelijk veroordeeld is tot een onvoorwaardelijke geldboete van € 500 of meer of tot een andere hoofdstraf als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder a, van het Wetboek van Strafrecht, wegens dan wel mede wegens overtreding van: 1°. bepalingen, gesteld bij of krachtens de Drank- en Horecawet, de Opiumwet, de Vreemdelingenwet 2000, de Wet arbeid vreemdelingen en hoofdstuk 3 van deze verordening; 2°. de artikelen 137c tot en met 137g, 140, 240b, 242 tot en met 249, 252, 273a, 300 tot en met 303, 416, 417, 417bis, 420bis tot en met 420quinquies, 426, 429quater en 453 van het Wetboek van Strafrecht; 3°. artikel 69 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen; 4°. de artikelen 8 en 162, derde lid, alsmede de artikelen 6 juncto 8 en 163 van de Wegenverkeerswet 1994; 5°. de artikelen 2 en 3 van de Wet op de weerkorpsen; of 6°. de artikelen 54 en 55 van de Wet wapens en munitie. 7°. de artikelen 1, onder a, b en d, 13, 14, 27 en 30b van de Wet op de Kansspelen. h. het maximum aantal vergunningen, zoals door het bevoegd bestuursorgaan is vastgesteld, is bereikt. 2. Met een veroordeling als bedoeld in het eerste lid, onder g, wordt gelijkgesteld: a.

een bevel tot tenuitvoerlegging van een zodanige voorwaardelijke straf; b. vrijwillige betaling van een geldsom als bedoeld in artikel 74, tweede lid, onder a, van het Wetboek van Strafrecht of artikel 76, derde lid, onder a, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, tenzij de geldsom minder dan € 375 bedraagt. 3. De periode van vijf jaar, bedoeld in het eerste lid, onder g en h, wordt: a. bij de intrekking van een vergunning teruggerekend vanaf de datum van de intrekking van deze vergunning; b. bij de weigering van een vergunning teruggerekend vanaf de datum van beslissing op de aanvraag van de vergunning. 4. Voor de berekening van de periode van vijf jaar, bedoeld in het eerste lid, onder f en g, telt de periode waarin een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf is ondergaan, niet mee. 5. Een vergunning wordt geweigerd als de vestiging of de exploitatie van het seksbedrijf in strijd is met een geldend bestemmings- of omgevingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit. 6. Een vergunning kan worden geweigerd in het belang van: a. het voorkomen of beperken van overlast; b. het voorkomen of beperken van aantasting van het woon- en leefklimaat; c. de veiligheid van personen of goederen; d, de verkeersvrijheid of -veiligheid; e. de gezondheid of zedelijkheid; f. de arbeidsomstandigheden van de prostituee(s); g.

een weigeringsgrond voortvloeiend uit de wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/10209

11/30

gemeente Zaanstad

N

Een vergunning kan tevens worden geweigerd indien: a. de exploitant of de beheerder onherroepelijk is veroordeeld voor een gewelds- of zedendelict of voor mensenhandel, of in enig opzicht van slecht levensgedrag is; b. de vergunning geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op het uitoefenen van een prostitutiebedrijf in een seksinrichting waarvoor eerder een vergunning is ingetrokken, of als in die seksinrichting eerder zonder vergunning een prostitutiebedrijf is uitgeoefend; c. onvoldoende aannemelijk is dat de exploitant de bij artikel 3:17 gestelde verplichtingen zal naleven; d. het bedrijfsplan niet voldoet aan de door het bevoegd bestuursorgaan gestelde nadere regels als bedoeld in artikel 3:2b. Artikel 3:8 Eisen met betrekking tot de vergunning (z) 1. De vergunning vermeldt in ieder geval: a. de naam van de exploitant(en); b. voor zover van toepassing, die van de beheerder(s); c. het adres waar het seksbedrijf wordt gevestigd en/of uitgeoefend; d. het telefoonnummer dat in advertenties voor het seksbedrijf zal worden gebruikt; e. de activiteit(en) waarop de vergunning ziet; f. de seksinrichting(en) Welke binnen het seksbedrijf is/zijn gevestigd; g. de voorschriften en beperkingen die aan de vergunning zijn verbonden; h. de geldigheidsduur uan de vergunning; i. het Hummer van de vergunning. 2. De exploitant draagt er zorg voor dat de vergunning of een afschrift daarvan: a.

aanwezig is en/of digitaal getoond kan worden in het seksbedrijf waarvoor de vergunning is verleend; b. dat aan de buitenzijde van de seksinrichting zichtbaar is dat hij over een vergunning voor die seksinrichting beschikt. Artikel 3:9 Intrekkingsgronden (z) 1. De vergunning als bedoeld in artikel 3:3 wordt ingetrokken indien: a. de ingediende bescheiden niet of niet langer overeenstemmen met de feiten, Welke relevant zijn voor de door de burgemeester to nemen of genomen beslissing; b. de vergunning in strijd met een wettelijk voorschrift is gegeven; c. is gehandeld in strijd met de artikelen 3:10, 3:13, 3:14 eerste lid, 3:15 en/of de wet Bibob; d. zich in of vanuit het seksbedrijf feiten hebben voorgedaan, die de vrees wettigen, dat het van kracht blijven van de vergunning gevaar kan veroorzaken voor de openbare orde of veiligheid, of een bedreiging vormt voor het woon- of leefklimaat in de omgeving van het seksbedrijf; e. wapens als bedoeld in artikel 2 van de Wet wapens en munitie aanwezig zijn waarvoor geen ontheffing, vergunning of verlof is verleend; f. in strijd is gehandeld met artikel 2 en/of 3 van de Opiumwet of aannemelijk is dat de exploitant of leidinggevende betrokken is bij of hem ernstige nalatigheid kan worden verweten in verband met activiteiten als bedoeld in artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet; g.

zich een omstandigheid voordoet als bedoeld in artikel 3:7, eerste lid, onder a tot en met g; h. de vergunninghouder dat verzoekt. 2. De vergunning als bedoeld in artikel 3:3 kan tijdelijk of voor onbepaalde tijd geheel of gedeeltelijk worden ingetrokken of gewijzigd indien: a. is gehandeld in strijd met aan de vergunning verbonden voorschriften of beperkingen; b. in verband met gewijzigde wettelijke voorschriften, gewijzigde omstandigheden of gewijzigde inzichten de bescherming van de belangen met het oog waarop het vergunningsvereiste is gesteld, zwaarder wegen dan het belang van de vergunninghouder bij behoud van de vergunning;

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/10209

12/30

c. d. e. f.

g. h. i.

gemeente Zaanstad

is gehandeld in strijd met een of meer van de bij of krachtens dit hoofdstuk gestelde bepalingen, onverminderd het eerste lid, aanhef en onder c; de exploitant of leidinggevende het bepaalde bij of krachtens artikel 3:17 niet of onvoldoende naleeft; is gehandeld in strijd met de in het bedrijfsplan opgenomen maatregelen; zich binnen het seksbedrijf feiten hebben voorgedaan die de vrees wettigen dat het van kracht blijven van de vergunning gevaar oplevert voor de woon- en leefomgeving of de gezondheid van prostituees of klanten; de exploitant of de beheerder het toezicht op de naleving van het in dit hoofdstuk bepaalde belemmert of bemoeilijkt; er bij het seksbedrijf personen tewerkgesteld zijn die onherroepelijk zijn veroordeeld voor een gewelds- of zedendelict of voor mensenhandel; zich binnen de inrichting gedragingen hebben voorgedaan zoals omschreven in artikel 36 van de Wet op de kansspelen.

Artikel 3:10 Melding gewijzigde omstandigheden (z) 1. De vergunninghouder meldt elke verandering van de gegevens in de exploitatievergunning zo spoedig mogelijk, maar in ieder geval binnen twee weken, aan het bevoegd bestuursorgaan. Deze verleent alleen bij een ondergeschikte wijziging een gewijzigde vergunning. Indien er sprake is van een niet ondergeschikte wijziging dient er een nieuwe vergunning to worden verleend conform de geldende Aanvraag- en selectieprocedure exploitatievergunning seksbedrijf. 2. Na verlening van de vergunning mogen geen nieuwe bestuurders/vennoten tot de bedrijfsvoering worden toegevoegd. Artikel 3:11 Geldigheidsduur vergunning (z) De vergunning als bedoeld in artikel 3:3 heeft een geldigheidsduur vav vijf jaar. Afdeling 3. Uitoefenen seksbedrijf Artikel 3:12 Sluitingstijden seksbedrijven, aanwezigheid en toegang (z) 1. Het is verboden een seksbedrijf voor bezoekers geopend to hebben of daarin bezoekers toe to laten tussen 02:00 en 07:00 uur of to laten verblijven tussen 05:00 en 07:00 uur, tenzij bij vergunning anders is bepaald. 2. Het is bezoekers van een seksbedrijf verboden zich daarin to bevinden gedurende de tijd dat het bedrijf gesloten dient to zijn voor bezoekers. 3. Het is de exploitant en de beheerder verboden personen onder de 18 jaar toe to laten tot of to laten verblijven in een seksbedrijf. Artikel 3:13 Adverteren (z) 1.

Het is verplicht om het volgende in een advertentie to vermelden: de bedrijfsnaam van het seksbedrijf, het telefoonnummer van het seksbedrijf en het nummer van de vergunning van het seksbedrijf. 2. Het is verboden in advertenties van een prostitutiebedrijf onveilige seks aan to bieden of to garanderen dat prostituees die voor of bij het betreffende bedrijf werken vrij zijn van seksueel overdraagbare aandoeningen. Artikel 3:13a Tijdelijke afwijking sluitingstijden en tijdelijke sluiting (z) 1. Met het oog op de openbare orde en de belangen genoemd in artikel 3:7, zesde lid of in geval van strijdigheid met de bepalingen in dit hoofdstuk kan het bevoegd bestuursorgaan: a. tijdelijk andere dan de krachtens artikel 3:12, eerste lid, geldende sluitingstijden vaststellen; of b. van een seksbedrijf al dan niet tijdelijk gedeeltelijke of algehele sluiting bevelen. 2. Onverminderd het bepaalde in artikel 3:41 van de Algemene wet bestuursrecht maakt het bevoegd bestuursorgaan het besluit bedoeld in het eerste lid bekend op grond van het bepaalde in artikel 3:42, tweede lid, Algemene wet bestuursrecht. Artikel 3:13b Aanwezigheid van en toezicht door exploitant en beheerder (z)

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/10209

13/30

gemeente Zaanstad

1. Het is verboden een seksbedrijf voor bezoekers to hebben geopend zonder dat de exploitant of beheerder als bedoeld in artikel 3:2 in het seksbedrijf aanwezig is. 2. De exploitant en de beheerder zien er onder andere op toe dat in het seksbedrijf: a. geen strafbare feiten plaatsvinden; b. geen prostitutie wordt uitgeoefend door personen in strijd met het bij of krachtens de Wet arbeid vreemdelingen of de Vreemdelingenwet 2000 bepaalde. 3. De exploitant en beheerder doen wat nodig is voor een goede gang van zaken in het seksbedrijf en in de directe omgeving daarvan en zijn verantwoordelijk voor een deugdelijke exploitatie. Artikel 3:13c Beeindiging exploitatie (z) De vergunning vervalt van rechtswege zodra een of meer van de exploitanten die in de vergunning is vermeld, de exploitatie van het seksbedrijf feitelijk heeft beeindigd. Van beeindiging is in ieder geval sprake, indien: a. het seksbedrijf blijkens het register van de Kamer van Koophandel niet meer voor rekening van de exploitant, op Wiens naam de vergunning is gesteld of mede is gesteld, wordt geexploiteerd, of b. op grond van andere informatie blijkt, dat het seksbedrijf niet meer voor rekening van de exploitant, op Wiens naam de vergunning is gesteld of mede is gesteld, wordt geexploiteerd. Artikel 3:13d Wijziging beheer (z) 1.

Indien sprake is van een wijziging van de beheerder van het seksbedrijf, brengt de exploitant de burgemeester daarvan onverwijld schriftelijk in kennis. 2. Bij de aanvraag voor het wijzigen van beheer op de exploitatievergunning moeten in ieder geval worden overlegd: a. kopie identiteitsbewijs / paspoort van de nieuwe beheerder; b. arbeidsovereenkomst van de exploitant met de nieuwe beheerder. 3. In afwachting van het besluit bedoeld in het tweede lid, kan het beheer worden uitgeoefend door die nieuwe beheerder vanaf het moment waarop de exploitant een ontvangstbevestiging heeft ontvangen op zijn aanvraag als bedoeld in het tweede lid, totdat op de aanvraag is besloten. 4. In bijzondere gevallen kan de burgemeester van het voorgaande afwijken. Artikel 3:14 Leeftijd en verblijfstitel prostituees; verbod werken voor onvergund prostitutiebedrijf (z) 1. Het is een exploitant verboden een prostituee voor of bij zich to laten werken die: a. jonger dan 21 jaar is, of b. in Nederland verblijft of werkt in strijd met het bepaalde bij of krachtens de Vreemdelingenwet 2000. 2. Het is een prostituee verboden werkzaam to zijn voor of bij een exploitant aan wie geen vergunning voor een seksbedrijf is verleend. 3. Het is verboden om als prostituee jonger dan 21 jaar werkzaam to zijn voor personen.

Artikel 3:14a Overgangsbepaling minimale leeftijd prostituees (z) Het verbod als bedoeld in artikel 3:14, eerste lid, wordt van kracht: a. een jaar na het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening voor prostituees die op het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening de leeftijd van 20 jaar hebben bereikt; b. twee jaar na het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening voor prostituees die op het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening de leeftijd van 19 jaar hebben bereikt; c. Brie jaar na het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening voor prostituees die op het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt. Artikel 3:15 Bedrijfsplan (z)

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/10209

14/30

gemeente Zaanstad

1. Een seksbedrijf beschikt over een bedrijfsplan, waarin in ieder geval wordt beschreven Welke maatregelen de exploitant treft: a. op het gebied van hygiene; b. ter bescherming van de gezondheid, de veiligheid en het zelfbeschikkingsrecht uan de prostituees en de klanten als het seksbedrijf een prostitutiebedrijf is; c. ter bescherming van de gezondheid van de klanten; d. ter voorkoming van stratbare feiten. 2. De door de exploitant to treffen maatregelen, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a, b en c, waarborgen dat: a. de hygiene in een seksinrichting voldoet aan de geldende Hygienerichtlijn voor seksbedrijven en sekswerkers van het Landelijk Centrum voor Hygiene en Veiligheid (LCHV) en dat dit controleerbaar is; b. inzichtelijk en controleerbaar is Welke maatregelen een exploitant in zijn bedrijfsvoering en inrichting van de werkruimten treft voor gezonde en veilige werkomstandigheden voor prostituees; c. in de werkruimten to alien tijde voldoende condooms met een CE-markering voor gebruik beschikbaar zijn; d. in de werkruimten voor de prostituees een goed functionerende alarmvoorziening aanwezig is; e. de prostituee zich regelmatig kan laten onderzoeken op seksueel overdraagbare aandoeningen en door de exploitant voldoende geinformeerd is over de mogelijkheden van een dergelijk onderzoek; f. de prostituee niet gedwongen wordt zich geneeskundig to laten onderzoeken; g.

de prostituee vrij is in de keuze van de arts(en) die zij wil bezoeken; h. de prostituee klanten en diensten kan weigeren zonder dat dat voor haar andere werkzaamheden gevolgen heeft; i. de prostituee kan weigeren alcohol of drugs to gebruiken zonder dat dat voor haar werkzaamheden gevolgen heeft; j. aan de voor de exploitant werkzame beheerder voldoende professionele eisen op het gebied van agressiebeheersing en bedrijfshulpverlening worden gesteld en waar nodig wordt gezorgd voor scholing hierin; k. de exploitant zich een oordeel vormt over de mate van zelfredzaamheid van de prostituee voordat deze voor of bij hem gaat werken, teneinde vast to stellen of zij voldoet aan de eisen die hij hiervoor in zijn bedrijfsplan heeft opgenomen; I. de exploitant voor elke voor of bij hem werkzame prostituee kan aantonen onder Welke verhuur- of arbeidsvoorwaarden zij haar diensten aanbiedt; m. de exploitant of beheerder zich er regelmatig van vergewist dat de prostituee niet door derden gedwongen wordt tot prostitutie en dat hij in dit kader informatie van hulpverleningsinstanties ter beschikking stelt; n. de exploitant aan de voor of bij hem werkzame prostituees informatie ter beschikking stelt over de mogelijkheden om hulp to krijgen als een prostituee wil stoppen met haar werk in de prostitutie; o.

de overlast aan de omgeving van de onder het seksbedrijf vallende seksinrichtingen beperkt wordt. 3. Het bedrijfsplan wordt overlegd bij de aanvraag om een vergunning. ~. De exploitant dient een voorgenomen wijziging van het bedrijfsplan onverwijld aan het bevoegd bestuursorgaan to melden. De wijziging wordt na goedkeuring van het bevoegd bestuursorgaan als onderdeel van het bedrijfsplan aangemerkt. Artikel 3:16 Minimale verhuurperiode werkruimte (gereserveerd) Artikel 3:17 Verdere verplichtingen van de exploitant en beheerder prostitutiebedrijf (z) De exploitant van een prostitutiebedrijf draagt er zorg voor dat: a. de voor of bij het prostitutiebedrijf werkzame prostituees redelijkerwijs hun eigen werktijden kunnen bepalen en het aantal uren dat zij achtereen werkzaam zijn; b. hij altijd zaken doet met de prostituee zelf en nooit met een vertegenwoordiger uan de prostituee;

DOCUMENTNUMMER 2021/10209

PAGINA 15/30

gemeente Zaanstad

de rechten voor prostituees op schrift zijn gesteld en in een voor haar begrijpelijke taal zijn uitgereikt aan elke prostituee die werkzaam is voor of bij de exploitant; in het prostitutiebedrijf in tenminste twee talen en voor de klant goed zichtbaar bekend wordt gemaakt dat een prostituee klanten, diensten en seksuele handelingen zonder condoom mag weigeren en mag weigeren alcohol of drugs to gebruiken; er een deugdelijke bedrijfsadministratie wordt bijgehouden waarin de actuele gegevens zijn opgenomen van in ieder geval; 1°. de naam, geboortedatum, burgerservicenummer, nationaliteit, adres, woonplaats en een kopie van het identiteitsbewijs of verblijfsdocument van de voor of bij het prostitutiebedrijf werkzame prostituees; 2°. de verhuuradministratie; 3°. de getekende kopieen van de intakeformulieren die de exploitant met de voor of bij het prostitutiebedrijf werkzame prostituees heeft gehouden; 4°. de met de prostituee gemaakte afspraken over de prijzen; 5°. de werkroosters van de beheerders.

de bedrijfsadministratie altijd beschikbaar is voor toezichthouders en opsporingsambtenaren, met inachtneming van de wettelijke termijnen; medewerkers van de gemeentelijke gezondheidsdienst en van andere door de burgemeester of het college aangewezen instellingen worden toegelaten tot seksbedrijven als ze voornemens zijn voorlichtings- en preventieactiviteiten uit to voeren of voorlichtingsmateriaal to verspreiden; ieder signaal van mensenhandel of andere vormen van dwang of uitbuiting onverwijld bij de burgemeester en de politie wordt gemeld. Artikel 3:18 Raamprostitutie (z) Het is een prostituee verboden: a. zich vanuit een gebouw of vanuit de toegang Haar een gebouw aan (potentiele) klanten die zich op of aan de weg bevinden beschikbaar to stellen, of b. passanten op hinderlijke wijze to bejegenen, zich aan passanten op to dringen, of zich ongekleed of vrijwel ongekleed achter het raam van een seksbedrijf of bij de toegang tot een seksbedrijf op to houden. Artikel 3:19 Straatprostitutie (z) Het is een ieder verboden op of aan de weg of op, aan of in een andere vanaf de weg zichtbare plaats, niet zijnde een seksbedrijf waarvoor een vergunning is verleend, zich op to houden met het kennelijke doel zich beschikbaar to stellen voor prostitutie of op of aan de weg seksuele handelingen to verrichten als dit kennelijk geschiedt in het kader van prostitutie.

Artikel 3:20 Handhaving straatprostitutie (z) 1. Met het oog op de naleving van het verbod, bedoeld in artikel 3:19, kan door een opsporingsambtenaar het bevel worden gegeven zich onmiddellijk in een bepaalde richting to verwijderen. 2. Met het oog op de openbare orde en de belangen genoemd in artikel 3:5, vijfde lid, kan door een opsporingsambtenaar aan personen die zich bevinden op de openbare plaatsen, bedoeld in artikel 3:19, het bevel worden gegeven zich onmiddellijk in een bepaalde richting to verwijderen. 3. De burgemeester kan met het oog op de openbare orde en de belangen genoemd in artikel 3:5, vijfde lid, personen aan wie ten minste eenmaal een bevel is gegeven als bedoeld in het tweede lid, verbieden zich gedurende een bepaalde termijn, anders dan in een openbaar vervoermiddel, to bevinden op de in dat besluit aangegeven openbare plaats(en). 4. De burgemeester beperkt het verbod bedoeld in het derde lid indien dat in verband met persoonlijke omstandigheden van de betrokkene noodzakelijk is. Afdeling 4. Overige bepalingen

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/10209

16/30

gemeente Zaanstad

Artikel 3:21 Verbodsbepaling klanten (gereserveerd) Artikel 3:22 Tentoonstellen, aanbieden en aanbrengen van erotisch-pornografische goederen, afbeeldingen en dergelijke 1. Het is de rechthebbende op een onroerende zaak verboden daarin of daarop goederen, opschriften, aankondigingen, gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen van erotisch-pornografische card openlijk tentoon to stellen, aan to bieden of aan to brengen: a. indien het bevoegd bestuursorgaan aan de rechthebbende heeft bekendgemaakt dat de wijze van tentoonstellen, aanbieden of aanbrengen daarvan, de openbare orde of de woon- en leefomgeving in gevaar brengt; b. antlers dan overeenkomstig de door het bevoegd bestuursorgaan in het belang van de openbare orde of de woon- en leefomgeving gestelde regels. 2. Het verbod bedoeld in het eerste lid is niet van toepassing op het tentoonstellen, aanbieden of aanbrengen van goederen, opschriften, aankondigingen, gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen, die dienen tot het openbaren van gedachten en gevoelens als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Grondwet. F. Artikel 5:43a komt to luiden aldus: Artikel 5:43a Verhalen antlers dan op eigen aanvraag (z) 1. Ongewijzigd 2.

Het college kan de in het eerste lid bedoelde schepen en objecten verhalen indien dit op grond van de in dat lid bedoelde belangen zonder uitstel dringend noodzakelijk is dan wel de kapitein, schipper of rechthebbende onbekend is.

Artikel II Wijziging toelichting bij verordening De toelichting bij de Algemene plaatselijke verordening (APV) Zaanstad 2013 wordt als volgt gewijzigd: G. De toelichting bij artikel 2:24 komt to luiden aldus: Artikel 2:24 Begripsomschrijving (z) Eerste lid: in artikel 2:24 is gekozen voor de zgn. negatieve benaderingsmethode ten aanzien van de definiering van het begrip evenement. Uitgaande van een algemeen geldend criterium (=aanhef) wordt vervolgens een aantal evenementen opgesomd dat niet onder de werking van de bepalingen valt. Tweede lid: In het tweede lid is omschreven wat wel onder de definitie van evenement valt. Hierbij is in lid g uitgebreid benoemd wat onder vechtsportgala's wordt verstaan. In lid h wordt verduidelijkt wat wordt verstaan onder erotisch evenement. Derde lid: voor het organiseren van kleine evenementen is in het kader van de vermindering van administratieve lasten voor de burger gekozen voor een meldingsplicht. Een klein evenement valt onder het begrip evenement, maar onder voorwaarden is er geen vergunning vereist. H. De toelichting bij artikel 2:28 komt to luiden aldus: Artikel 2:28 Exploitatievergunning horecabedrijf (z) Artikel 174 van de Gemeentewet bepaalt dat de burgemeester is belast met de uitvoering van verordeningen voor zover deze betrekking hebben op het toezicht op de voor het publiek openstaande gebouwen.

Deze vergunning wordt daarom door de burgemeester verleend.

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/10209

17/30

gemeente Zaanstad

Met het exploitatievergunningenstelsel wordt de burgemeester in staat gesteld om vanuit zijn toezichthoudende bevoegdheid met betrekking tot de openbare orde, horecabedrijven to toetsen op effecten op de openbare orde en de woon- en leefsituatie. Vergunningen op grond van de APV worden in beginsel voor onbepaalde tijd verleend. Dit geldt ook voor de horeca-exploitatievergunning. Het is op gronden ontleend aan dwingende redenen van algemeen belang geoorloofd een termijn to stellen aan een exploitatievergunning. Op grond van lid 5 kan de burgemeester in het belang van de openbare orde en de woon- en leefsituatie een beperkte geldigheidsduur vaststellen. Dit geldt bijvoorbeeld voor een - voormalig overlastgevend — horecabedrijf, indien Haar het oordeel van de burgemeester onvoldoende vaststaat dat er geen sprake zal zijn van ontoelaatbare aantasting van de woon- of leefsituatie of openbare orde. Dit kan ook Belden voor risicovolle branches, locaties of gebieden. Daarnaast geldt een beperkte geldigheidsduur voor zogenaamde schaarse vergunningen. In lijn met de jurisprudentie kunnen schaarse vergunningen niet voor onbepaalde tijd worden verleend. De exploitatievergunning is persoonsgebonden en locatie gebonden.

De persoon van de exploitant speelt een belangrijke rol in de wijze van exploitatie en dus ook in de wijze waarop deze exploitatie het woon- en leefklimaat en de openbare orde beinvloedt. De exploitatievergunning is (grotendeels) afhankelijk van de persoon van de exploitant fonder andere vanwege de antecedententoets) en kan daarom niet worden overgedragen aan een nieuwe exploitant. Voor een beoogde nieuwe exploitant moet een nieuwe aanvraag/vergunningprocedure doorlopen worden. De exploitant, en bij diens afwezigheid de leidinggevende, is verantwoordelijk voor de veiligheid van bezoekers en dient er voor to zorgen dat de openbare orde en het woon- en leefklimaat in de inrichting, en in de directe nabijheid ervan, niet wordt verstoord. De aanwezigheid van de vergunninghouder of een leidinggevende is van cruciaal belang voor een verantwoorde exploitatie. De exploitant en leidinggevende dienen er immers op toe to zien dat er Been verstoring van de openbare orde plaatsvindt en dienen zo nodig bezoekers op hun gedrag aan to spreken. Daarnaast wordt de exploitatievergunning voor de aangevraagde locatie verleend, waarbij voorafgaand aan de vergunningverlening onder meer een toetsing heeft plaatsgevonden aan het bestemmingsplan en de gevolgen van de exploitatie op het woon- en leefklimaat op die specifieke locatie.

Hierom is de exploitatievergunning zowel persoons- als locatie gebonden. Een exploitatievergunning kan derhalve niet zomaar aan een derde worden overgedragen, Hoch kan het horecabedrijf worden geexploiteerd op een nieuwe locatie/ander adres zonder dat opnieuw een vergunning wordt aangevraagd en een toets wordt uitgevoerd. Als een exploitatievergunning van rechtswege vervalt, is er Been vergunning meer en is exploitatie niet meer toegestaan. De exploitatievergunning vervalt automatisch als zich een situatie als bedoeld in lid 9 of 10 voordoet. Er is dan Been handeling van de burgemeester meer nodig. Voor het maximaal aantal bezoekers is bij Bed &Breakfast aansluiting gezocht bij het gangbare aantal in het paraplubestemming toeristische verhuur, woningsplitsing en kamerverhuur. In dit paraplubestemmingsplan wordt toeristische verhuur (particuliere vakantieverhuur &Bed &Breakfast) gemaximaliseerd tot 4 personen per nachtverblijf. Voor Bed &Breakfasts die voor vaststelling van het paraplubestemmingsplan toeristische verhuur, woningsplitsing en kamerverhuur reeds een Bed &Breakfast exploiteerden aan meer dan 4 personen in meer dan 2 kamers en indien het gebruik niet in strijd was met het toen geldende bestemmingsplan, blijft artikel 2.28 lid 8 van toepassing. In alle andere gevallen wordt Been horeca-exploitatievergunning voor Bed &Breakfasts meer afgegeven.

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/10209

18/30

I.

gemeente Zaanstad

De toelichting bij artikel 2:79 komt to luiden aldus:

Artikel 2:79 Woonoverlast als bedoeld in artikel 151d Gemeentewet Algemeen Artikel 151d van de Gemeentewet regelt dat de raad bij verordening kan bepalen dat degene die een woning of een bij die woning behorend erf gebruikt of tegen betaling in gebruik geeft aan een persoon die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen is ingeschreven, er zorg voor draagt dat door gedragingen in of vanuit die woning of dat erf of in de onmiddellijke nabijheid van die woning of dat erf geen ernstige en herhaaldelijke hinder voor omwonenden wordt veroorzaakt. De burgemeester is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang als bedoeld in artikel 125, eerste lid, van de Gemeentewet ter zake van overtreding van het door de raad bij verordening gestelde voorschrift. Ultimum remedium Uit de wet volgt dat dit instrument is bedoeld als een ultimum remedium. Artikel 151d, tweede lid, van de Gemeentewet regelt dat het instrument van de last onder bestuursdwang (voor de goede orde, dat impliceert dat de burgemeester ook een last onder dwangsom kan opleggen) alleen wordt ingezet als er geen andere geschikte manier voorhanden is om de overlast aan to pakken.

Bij een besluit om op grond van deze bepaling een last onder bestuursdwang of een last onder dwangsom op to leggen zal de burgemeester dus moeten motiveren dat er Been andere geschikte instrumenten waren om de woonoverlast tegen to gaan. Alleen al daarom zal er aan zo'n besluit een stevig dossier ten grondslag moeten liggen. Het meest overtuigend zou zijn als uit het dossier blijkt dat andere instrumenten als buurtbemiddeling al zijn geprobeerd zonder het gewenste resultant. Het ultimum remedium karakter geldt in nog sterkere mate als sprake is van een huisverbod als bedoeld in het derde lid van artikel 151d. Een zo zware maatregel, die een inbreuk betekent op het grondwettelijk beschermde woonrecht, is alleen mogelijk wanneer de ernst van de situatie dat eist en er werkelijk geen andere optie meer open staat. Eerste lid Dit lid is geformuleerd als een zorgplichtbepaling. Een (tijdelijke) bewoner hoort zich zo to gedragen dat zijn of haar Buren daar geen ernstige hinder van ondervinden. Bij ernstige en herhaaldelijke hinder kan ook de verhuurder worden aangesproken. Tweede lid In het tweede lid regelt de rand in Welke gevallen de burgemeester in ieder geval toepassing kan geven aan de bevoegdheid tot het opleggen van een last onder bestuursdwang of last onder dwangsom.

In het artikel is niet expliciet bepaald dat de burgemeester een last onder dwangsom kan opleggen, omdat dit reeds volgt uit de artikel 5:32 van de Awb juncto artikel 125 van de Gemeentewet. Welke herstelsanctie het meest geeigend is in een specifieke situatie zal steeds door de burgemeester moeten worden afgewogen. De burgemeester kan in beleidsregels vastleggen hoe hij of zij invulling geeft aan deze bevoegdheid. Een van de genoemde gevallen is "ernstige vervuiling of verwaarlozing van een woning of een erf'. De last onder bestuursdwang of dwangsom die de burgemeester kan opleggen kan bestaan uit gedragsaanwijzingen waaraan de overtreder zich to houden heeft. J. De toelichting bij hoofdstuk 3 komt to luiden aldus: Hoofdstuk 3 Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen Afdeling 1 Algemene bepalingen

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021/10209

19/30

gemeente Zaanstad

Artikel 3:1 Afbakening Afbakening van dit hoofdstuk van de APV ten opzichte van enkele (algemene) bepalingen uit andere delen van de APV is wenselijk, aangezien de genoemde bepalingen betrekking hebben op onderwerpen die waarschijnlijk op termijn in of krachtens de prostitutiewet in afwijking van de (algemene) bepalingen van de APV geregeld (moeten) worden. Om niet binnen afzienbare termijn opnieuw substantiele materiele wijzigingen aan to hoeven brengen in de betreffende regelgeving — en om de ontvlechting daarvan to zijner tijd to vergemakkelijken — is ervoor gekozen vooruitlopend op de verwachte inwerkingtreding van de prostitutiewet deze materie nu veelal in lijn met de verwachte toekomstige kaders to regelen. Het betreft de volgende artikelen: 1:2 `Beslistermijn', 1:5 `Persoonlijk karakter van vergunning of ontheffing', 1:6 `Intrekking of wijziging van vergunning of ontheffing', 1:7 'Termijnen' en 1:8 `W eigeringsgronden'. Artikel 3:2 Begripsbepalingen (z) In artikel 3:2 worden veel voorkomende begrippen gedefinieerd, waarbij op onderdelen wordt aangesloten bij bestaande definities. Advertentie: omdat de APV, met het oog op het toezicht, bepaalt dat in (digitate) advertenties voor seksbedrijven of prostituees bepaalde Hummers (vergunningsnummer en telefoonnummer) moeten worden vermeld, is ervoor gekozen het begrip `advertentie' ruim to omschrijven.

Er is immers een veelheid aan mogelijkheden om aandacht op de aangeboden dienstverlening to vestigen. Voor alle vormen van reclame met behulp van een medium (kranten, televisie, Internet, posters en flyers) geldt het voorschrift. Daarbij moet het gaan om uitingen die wervend van karakter zijn en het oogmerk hebben de klandizie to vergroten. Daarop ziet het bijvoeglijk naamwoord: commerciele. Beheerder: de dagelijkse leiding in een seksbedrijf kan in plaats van bij de exploitant zelf, bij een 'beheerder' berusten. Het is van belang ook voor deze persoon, die primair verantwoordelijk is voor de dagelijkse gang van zaken in het seksbedrijf, expliciet enkele bepalingen op to nemen in de APV. Escortbedrijf: een veel voorkomende vorm van een niet-locatiegebonden prostitutiebedrijf is een `escortbedrijf'. Een escortbedrijf bemiddelt tussen klanten en prostituees. De prostituee bezoekt de klant, of gaat met de klant Haar een andere plaats dan de plek waar de bemiddeling plaatsvindt. Deze plaats kan verschillen, zoals bijvoorbeeld woningen, hotels en recreatie-/vakantieparken. De bemiddeling kan plaatsvinden vanuit een bedrijfspand, maar onder omstandigheden ook vanaf een priveadres. De plaats van het bedrijfspand of het priveadres is bepalend voor de vergunningplicht.

De bemiddeling kan in persoon plaatsvinden, maar over het algemeen zal het telefonisch gaan of via een website op Internet. Exploitant: voor de definitie van 'exploitanY is aansluiting gezocht bij een van de definities van het begrip leidinggevende in artikel 1, eerste lid, onderdeel 1°, van de Drank- en Horecawet. Het 'voor rekening en risico' heeft betrekking op de natuurlijke persoon of op de rechtspersoon. Onder deze definitie valt ook de vennoot in een personenvennootschap. Het bestuur van een rechtspersoon kan zelf ook een rechtspersoon zijn, maar gelet op de (persoonlijke) eisen die worden gesteld aan de exploitant, worden bij rechtspersonen alle natuurlijke personen op de vergunning vermeld. Deze natuurlijke personen worden beschouwd als exploitant in de zin van de APV — al dan niet als vertegenwoordiger vas die rechtspersoon. Klant: in dit hoofdstuk van de APV heeft het begrip `klanY een beperktere betekenis dan in het spraakgebruik: het is hier een afnemer van seksuele diensten. Dus aanwezigen in een seksbedrijf die (vooralsnog) slechts iets drinken of een niet-fysieke vertoning komen bekijken vallen niet onder dit begrip.

Hetzelfde geldt uiteraard voor eventuele andere aanwezigen, zoals de exploitant, de beheerder, het personeel dat in de bedrijfsruimte van het seksbedrijf werkzaam is en personen die aanwezig zijn vanwege bijvoorbeeld het leveren van goederen of het uitvoeren van reparaties of onderhoud.

DOCUMENTNUMMER

PAGINA

2021!10209

20/30

gemeente Zaanstad

Prostituee: in de APV wordt het begrip 'prostituee' gebruikt, omdat dit het meest aansluit bij het spraakgebruik en bij de praktijk binnen de prostitutiebranche. Aangezien dit woord, op deze wijze geschreven, taalkundig vrouwelijk is, wordt in voorkomende gevallen gebruik gemaakt van vrouwelijke voornaamwoorden (zij, haar). In alle gevallen waar 'prostituee' staat wordt evenzeer de mannelijke prostituee bedoeld. Dit komt in de definitie van de term `prostituee' tot uitdrukking door de sekseneutrale aanduiding: degene die. Prostitutie: de definitie van `prostitutie' sluit aan bij de formulering in artikel 273f, eerste lid, onder 3 en 5, van het Wetboek van Strafrecht. Het 'zich beschikbaar stellen' duidt op een structurele situatie, zodat allerlei incidentele seksuele handelingen met een derde niet onder het begrip 'prostitutie' vallen, zelfs niet als 'de derde' een tegenprestatie !evert. De term 'vergoeding' geeft aan dat er niet alleen sprake hoeft to zijn van een geldbedrag. Het vergoeden aan geschiedt door of ten behoeve van `de derde', wat impliceert dat het meewerken aan pornofilms geen prostitutie is in de zin van deze verordening. Prostitutiebedrijf: 'prostitutiebedrijven' zijn er in verschillende varianten. In de eerste plaats vallen hieronder de locatiegebonden bedrijven met een of meerdere seksinrichtingen.

Hieronder worden in elk geval verstaan: een raambordeel, seksclub, privehuis, erotische massagesalon, thuisprostitutie (prostitutie vanuit woningen met een bedrijfsmatig karakter) kamerverhuur voor prostituees en SM/BDSM studio's (let op: deze opsomming is niet limitatief). Ook een niet-locatiegebonden bedrijf kan een prostitutiebedrijf zijn; zoals straatprostitutie/tippelen, maar veelal gaat het om een escortbedrijf, dat bemiddelt tussen prostituees en klanten. Als prostitutie plaatsvindt in woningen, kunnen (delen van) deze locaties — onder omstandigheden — als seksinrichting aangemerkt worden. Een dergelijke (ruimte in een) 'privewoning' is voor het publiek toegankelijk nu klanten toegang wordt verschaft. Is de prostituee op enigerlei wijze werkzaam voor degene die de ruimte beschikbaar stelt, dan is er zonder meer sprake van een prostitutiebedrijf. Seksbedrijf: het begrip 'seksbedrijf' wordt als verzamelnaam gebruikt voor prostitutiebedrijven, escortbedrijven en overige seksbedrijven. Als gelegenheid wordt geboden tot prostitutie, dan is er sprake van een `prostitutiebedrijf', en als dat geschiedt door bemiddeling tussen prostituees en klanten, dan wordt van een 'escortbedrijf' gesproken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10390681/1