Regels Bp Reparatieplan 2021
Tekst van het document
28
2021/23979
hinder voor de omgeving met zich mee kunnen brengen, zoals dancing, discotheek, nachtclub en partycentrum (regulier gebruik ten behoeve van feesten en muziek-/dansevenementen. 6.3.14 aanduiding 'functieaanduiding - supermark t' Ter plaatse van de aanduiding 'functieaanduiding - supermarkt' mogen de gronden en panden worden gebruikt ten behoeve van de functie supermarkt. 6.4
Afwijken van de gebruiksregels
6.4.1
Functie k omt niet voor in de functiemengingslijst
Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van lid 6.3.2 sub b om een functie toe te staan die niet in Bijlage 1 Staat van Bedrijfsactiviteiten - Functiemenging is opgenomen, mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. de functie is wat betreft invloed op de omgeving, aard en omvang gelijk te stellen met een functie in Bijlage 1 Staat van Bedrijfsactiviteiten - Functiemenging waarvan categorie overeenkomt met, of lager is dan, de categorie in de functieaanduiding 'specifieke vorm van gemengd - categorie (A/B1/B2/C) of lager'. 6.4.2
Hogere categorie functiemenging toestaan
Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van lid 6.3.2 sub b om een functie toe te staan die in Bijlage 1 Staat van Bedrijfsactiviteiten - Functiemenging een hogere categorie heeft dan de categorie in de functieaanduiding 'specifieke vorm van gemengd - categorie (A/B1/B2/C) of lager', mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. de functie is wat betreft invloed op de omgeving, aard en omvang gelijk te stellen met een functie in Bijlage 1 Staat van Bedrijfsactiviteiten - Functiemenging die ter plaatse is toegestaan. 6.4.3
Bed & break fast
Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van lid 6.3.9 sub a en b om een bed & breakfast met meer gasten of kamers toe te staan, mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. voldoende parkeervoorzieningen voor auto's en fietsen worden gerealiseerd op de betreffende locatie of in de directe omgeving daarvan in of buiten het plangebied; b. voldoende betekent dat wordt voldaan aan de normen in de beleidsregels die zijn neergelegd in de “Uitvoeringsnota Parkeren Zaanstad 2016” en; c. indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, rekening wordt gehouden met de wijziging.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
29
2021/23979
Artikel 7 7.1
Waarde - Archeologie
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waarde - Archeologie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor de behoud en bescherming van archeologische waarden. 7.2
Bouwregels
7.2.1
Omgevingsvergunning voor het bouwen
Voor de bouw van bouwwerken geldt, in aanvulling op de andere bouwregels die gelden voor deze gronden en panden, een door de gemeente goedgekeurd rapport dat geschreven is op basis van een door de gemeente goedgekeurd Programma van Eisen en op de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA) moet worden overlegd waarin: a. de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag kunnen worden verstoord in voldoende mate zijn vastgesteld; en b. in voldoende mate is aangegeven op welke wijze de archeologische waarden worden bewaard en/of gedocumenteerd. 7.2.2
Voorwaarden omgevingsvergunning voor het bouwen
Indien uit het in lid 7.2.1 genoemde rapport blijkt dat archeologische waarden an de gronden door het verlenen van de omgevingsvergunning voor het bouwen zullen worden verstoord, kunnen één of meerdere van de volgende voorwaarden worden verbonden aan de omgevingsvergunning voor het bouwen: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor de archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van opgravingen, die voldoen aan bij de vergunning te stellen kwalificaties; c. de verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg, die voldoet aan bij de vergunning te stellen kwalificaties. 7.2.3
Uitzonderingen
a. Het bepaalde in lid 7.2.1 en 7.2.2 is niet van toepassing op bouwwerken:binnen de begrenzing van de gebieden met de aanduiding 'specifieke vorm van waarde - 1' met een oppervlakte kleiner dan 50 m² of die niet dieper gaan dan 50 cm; b. Bij het bouwen van de in lid a bedoelde bouwwerken zijn de regels van de betreffende primaire bestemming onverminderd van toepassing. 7.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 7.3.1
Vergunningplichtige werk en en werk zaamheden
Voor het uitvoeren van de volgende werken, geen bouwwerken zijnde en werkzaamheden is een omgevingsvergunning nodig: a. het ophogen van de bodem met meer dan 50 centimeter; b. het aanleggen, verbreden of verharden van wegen, paden, banen of parkeergelegenheid en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; c. het aanleggen en verbreden van sloten, vijvers en andere wateren; d. het verlagen of het verhogen van het waterpeil; e. het aanbrengen van ondergrondse transport-, energie-, telecommunicatie- of andere leidingen en de daarmee verband houdende constructies; f. het bebossen van gronden die op het tijdstip van het kracht worden van dit plan niet als bosgrond kunnen worden aangemerkt; vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
30
2021/23979
g. het uitvoeren van grondbewerkingen waartoe ook wordt gerekend woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, aanleggen van drainage en ontginnen. 7.3.2
Onderzoek splicht
Een omgevingsvergunning kan pas worden verleend nadat door de aanvrager een rapport op basis van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA) is overgelegd waarin: a. de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag kunnen worden verstoord in voldoende mate zijn vastgesteld; en b. in voldoende mate is aangegeven op welke wijze de archeologische waarden worden bewaard en/of gedocumenteerd. 7.3.3
Toetsingscriteria
De omgevingsvergunning kan slechts worden verleend indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de archeologische waarden van de gronden. 7.3.4
Beoordelingscriteria
Alvorens de omgevingsvergunning wordt verleend moet er ten behoeve van de beoordeling van het rapport advies worden ingewonnen bij een gemeentelijk archeoloog. 7.3.5
Voorwaarden omgevingsvergunning
Indien uit de in lid 7.3.2 genoemde rapport blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het uitvoeren van werken of werkzaamheden zullen worden verstoord, kunnen één of meerdere van de volgende voorwaarden verbonden zijn aan de omgevingsvergunning: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor de archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van opgravingen, die voldoen aan bij de vergunning te stellen kwalificaties; c. de verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg die voldoet aan bij de vergunning te stellen kwalificaties. 7.3.6
Uitzonderingen
Het bepaalde onder 7.3.1 is niet van toepassing voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden die: a. het normale onderhoud betreffen, of; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan; c. in het kader van archeologisch onderzoek en het doen van opgravingen worden uitgevoerd, moet verricht door een daartoe bevoegde instantie; d. binnen de begrenzing van de gebieden met de aanduiding 'specifieke vorm van waarde - 1' met een oppervlakte kleiner dan 50 m² of die niet dieper gaan dan 50 cm.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
31
2021/23979
Artikel 8 8.1
Waterstaat - Waterkering
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Waterstaat - Waterkering' aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor: a. dijklichaam; b. water met een functie voor de waterhuishouding, waterberging, waterlopen, waterhuishoudkundige werken en waterstaatkundige werken; met de daarbij behorende: c. d. e. f.
oeverstroken, oevervoorzieningen, kaden en andere vormen van oeververdedigingswerken; bruggen, dammen, taluds, duikers en steigers; nutsvoorzieningen; en overige voorzieningen ten behoeve van deze bestemming.
8.2
Bouwregels
In afwijking van het bepaalde in de andere bestemmingen die gelden voor deze gronden is het ook toegestaan om bouwwerken, geen gebouwen zijnde, te bouwen ten dienste van de in lid 8.1 genoemde functies, mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. een bouwwerk, geen gebouw zijnde, mag niet hoger zijn dan 5 meter; b. een erfafscheiding mag niet hoger zijn dan 2,5 meter. 8.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 8.3.1
Algemeen
Voor het uitvoeren van de volgende werken, geen bouwwerken zijnde en werkzaamheden is een omgevingsvergunning nodig: a. het afgraven, ophogen of egaliseren van gronden; b. het aanleggen en/of verharden van wegen, paden of parkeergelegenheid en het aanbrengen van oppervlakteverhardingen, met een oppervlakte van meer dan 800 m²; c. het verwijderen en/of aanbrengen van bomen en opgaande beplanting; d. het graven, dempen, verbreden of verdiepen van waterlopen, waterpartijen en andere wateren; e. het aanleggen van ondergrondse of bovengrondse energie-, transport- en/of communicatieleidingen; f. het verwijderen van bomen, houtgewas, de verwijdering van bodemvegetaties, riet en andere oevervegetatie; g. het aanbrengen van oeverbeschoeiingen of aanleggelegenheden. 8.3.2
Uitzondering
Het bepaalde in lid 8.3.1 is niet van toepassing op: a. het normale onderhoud van de gronden; b. werken en werkzaamheden die reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van vaststelling van dit plan; c. werken en werkzaamheden die noodzakelijk zijn voor het aansluiten van bouwwerken op het net van openbare, nutsvoorzieningen. 8.3.3
Voorwaarden voor verlening
Een omgevingsvergunning voor de in lid 8.3.1 genoemde werken en werkzaamheden kan alleen worden verleend, mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. er mag geen onevenredige afbreuk worden gedaan aan de belangen van de waterkering; b. vooraf moet schriftelijk advies zijn ingewonnen bij de waterbeheerder. vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
32
2021/23979
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
33
2021/23979
Hoofdstuk 3 Artikel 9
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
34
2021/23979
Artikel 10 Algemene bouwregels 10.1
Parkeren
Bij de uitoefening van de bevoegdheid voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen van een gebouw geldt dat: a. voldoende parkeervoorzieningen voor auto's en fietsen worden gerealiseerd op de betreffende locatie of in de directe omgeving daarvan in of buiten het plangebied; b. voldoende betekent dat wordt voldaan aan de normen in de beleidsregels die zijn neergelegd in de “Uitvoeringsnota Parkeren Zaanstad 2016” en; c. indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, rekening wordt gehouden met de wijziging. 10.2
Duikers en bruggen boven water
Het is toegestaan duikers en bruggen boven water te bouwen, mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. de bouwhoogte van een brug of duiker mag niet hoger zijn dan 5 meter; b. de doorvaarthoogte van een brug mag niet minder zijn dan 1,20 meter; c. de doorvaartbreedte van een brug mag niet minder zijn dan 2,50 meter.
10.3 Gebouwen ten behoeve van nutsvoorzieningen of waterhuishoudkundige voorzieningen Het is toegestaan te bouwen ten behoeve van nutsvoorzieningen of waterhuishoudkundige voorzieningen, mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. de bouwhoogte van een gebouw mag niet hoger zijn dan 4 meter; b. de oppervlakte van een gebouw mag niet meer dan 15 m2.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
35
2021/23979
Artikel 11 Algemene gebruiksregels 11.1
Strijdig gebruik
a. Tenzij in de bestemmingsregels nadrukkelijk anders is bepaald, is het niet toegestaan gronden en panden te gebruiken, laten gebruiken of in gebruik geven ten behoeve van: 1. seksinrichtingen; 2. Bevi-inrichtingen; 3. de productie, opslag of verkoop van vuurwerk; 4. geluidzoneringsplichtige inrichtingen; 5. opslag anders dan ter plaatse noodzakelijk ten behoeve van de bestemming; 6. het storten van puin en afvalstoffen; 7. opslag van aan het oorspronkelijke gebruik onttrokken voer-, vaar- of vliegtuigen; 8. een permanente standplaats voor kampeermiddelen; 9. het voortdurend afgemeerd houden van woonschepen, woonarken of anderszins vaartuigen die zijn bestemd voor het wonen of het uitoefenen van bedrijfsmatige activiteiten danwel daarvoor worden gebruikt. b. Het is niet toegestaan een bestaande woning te veranderen in, om te zetten tot en/of te vergroten tot twee of meer zelfstandige woningen. 11.2
Toegestaan ondergeschikt gebruik
Het is toegestaan gronden en panden te gebruiken ten behoeve van de volgende functies, mits deze functies ondergeschikt zijn aan het ter plaatse geldende hoofdgebruik zoals opgenomen in de bestemmingsregels: a. b. c. d. e. f. g. h. i. j. k. l.
duikers en bruggen boven water; groenvoorzieningen; laad- en losvoorzieningen; manoeuvreerruimtes; nutsvoorzieningen; parkeervoorzieningen; perceelsontsluitingen; speelvoorzieningen; verblijfsgebieden; voorwerpen van beeldende kunst of kunstuitingen en gedenktekens; water; waterhuishoudkundige voorzieningen.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
36
2021/23979
Artikel 12 Algemene afwijkingsregels 12.1
Afwijking algemeen
Indien niet op grond van een andere bepaling van deze planregels een omgevingsvergunning kan worden verleend, dan kan bij omgevingsvergunning worden toegestaan dat: a. gebouwen ten behoeve van nutsvoorzieningen en elektriciteitsvoorzieningen met een maximum bouwhoogte van 5 meter, en een maximale brutovloeroppervlak van 30 m² worden gebouwd; b. wordt afgeweken van de in de planregels voorgeschreven maten, afmetingen, percentages met maximaal 10%; c. wordt afgeweken van de op de verbeelding aangegeven bestemmingsgrenzen en aanduidingen; d. bouwwerken ten behoeve van vlucht- en/of noodtrappen worden gebouwd; mits voldaan wordt aan de volgende regels: e. de afwijking in het belang is van een ruimtelijk of technisch beter verantwoorde plaatsing van bouwwerken of noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein; f. slechts in geringe mate wordt afgeweken van de bestemmingsgrenzen en aanduidingen, met een maximum van 2 meter. 12.2
Afwijking ten behoeve van wegen
Indien niet op grond van een andere bepaling van deze planregels een omgevingsvergunning kan worden verleend, dan kan bij omgevingsvergunning worden toegestaan dat wegen of de aansluiting van wegen in geringe mate buiten de bestemmingsgrens of aanduiding worden gerealiseerd, mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. de verkeersveiligheid en/of verkeersintensiteit hier aanleiding toe geven; b. de leefkwaliteit ter plaatse van nabijgelegen geluidgevoelig objecten aanvaardbaar blijft. 12.3
Afwijking verbod op woningsplitsing
Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van lid 11.1 om het veranderen en/of van een bestaande woning tot twee of meer zelfstandige woningen toe te staan, mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. de oppervlakte van de bestaande woning is groter dan of gelijk aan 140m2; b. de oppervlakte van elke zelfstandige woning die als gevolg van de splitsing ontstaat moet groter zijn dan 50m2.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
37
2021/23979
Artikel 13 Algemene wijzigingsregels
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
38
2021/23979
Hoofdstuk 4
Overgangs- en slotregels
Artikel 14 Overgangsrecht 14.1
bouwwerken
1. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 2. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het eerste lid een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%. 3. Het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 14.2
gebruik
1. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 2. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 3. Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 4. Het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
39
2021/23979
Artikel 15 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: regels van het bestemmingsplan Reparatieplan 2021 van de gemeente Zaanstad.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
40