Regels Bp Reparatieplan 2021
Tekst van het document
2021/23979
Reparatieplan 2021
2021/23979
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
2
2021/23979
Regels
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
3
2021/23979
Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1
Inleidende regels
Begrippen
plan
Het bestemmingsplan Reparatieplan 2021 met identificatienummer NL.IMRO.0479.STED3865BP-0301 van de gemeente Zaanstad. 1.2
bestemmingsplan
De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3
aanduiding
Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.4
aanduidingsgrens
De grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.5
achtererfgebied
Het erf achter de lijn die het hoofdgebouw doorkruist op 1 m achter de voorkant en van daaruit evenwijdig loopt met het aangrenzend openbaar toegankelijk gebied, zonder het hoofdgebouw opnieuw te doorkruisen of in het erf achter het hoofdgebouw te komen. 1.6
beperkt kwetsbaar object
Een beperkt kwetsbaar object als bedoeld in artikel 1 lid 1 sub b van het Besluit externe veiligheid inrichtingen, te weten: a. (1) verspreid liggende woningen, woonschepen en woonwagens van derden met een dichtheid van maximaal twee woningen, woonschepen of woonwagens per hectare, en (2) dienst- en bedrijfswoningen van derden; b. kantoorgebouwen, voorzover zij niet onder onderdeel l, onder c, vallen; c. hotels en restaurants, voorzover zij niet onder onderdeel l, onder c, vallen; d. winkels, voorzover zij niet onder onderdeel l, onder c, vallen; e. sporthallen, sportterreinen, zwembaden en speeltuinen; f. kampeerterreinen en andere terreinen bestemd voor recreatieve doeleinden, voorzover zij niet onder onderdeel l, onder d, vallen; g. bedrijfsgebouwen, voorzover zij niet onder onderdeel l, onder c, vallen; h. objecten die met de onder a tot en met e en g genoemde gelijkgesteld kunnen worden uit hoofde van de gemiddelde tijd per dag gedurende welke personen daar verblijven, het aantal personen dat daarin doorgaans aanwezig is en de mogelijkheden voor zelfredzaamheid bij een ongeval, voorzover die objecten geen kwetsbare objecten zijn, en i.
objecten met een hoge infrastructurele waarde, zoals een telefoon- of elektriciteitscentrale of een gebouw met vluchtleidingsapparatuur, voorzover die objecten wegens de aard van de gevaarlijke stoffen die bij een ongeval kunnen vrijkomen, bescherming verdienen tegen de gevolgen van dat ongeval. Verwijzingen in de bovenstaande leden verwijzen naar onderdelen van het Besluit externe veiligheid inrichtingen.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
4
2021/23979
1.7
beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten aan huis
Het verlenen van diensten c.q. het uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid waarvan de aard omvang en uitstraling zodanig zijn dat de activiteit ter plaatse (in de woning en/of de daarbij behorende bijgebouwen) kan worden uitgeoefend, waarbij de woning in overwegende mate haar woonfunctie behoudt en de desbetreffende activiteit een ruimtelijke uitstraling heeft die in overeenstemming is met de woonfunctie. 1.8
bestaand gebruik
Het gebruik van de gronden en bouwwerken zoals aanwezig op moment van het ter inzage leggen van het ontwerp van het bestemmingsplan of kan worden gebruikt krachtens een omgevingsvergunning voor het gebruik. Hieronder valt niet het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan. 1.9
bestaande bebouwing
Bouwwerken die op het tijdstip van het ter inzage leggen van het ontwerp van het bestemmingsplan: a. aanwezig zijn én bij of krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of de Woningwet zijn gebouwd; b. nog kunnen worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of een bouwvergunning op grond van de Woningwet. 1.10
bestemmingsgrens
De grens van een bestemmingsvlak. 1.11
bestemmingsvlak
Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.12
Bevi-inrichting
Inrichtingen als bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen. 1.13
bijbehorend bouwwerk
Uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak. 1.14
consumentenvuurwerk
Consumentenvuurwerk als bedoeld in artikel 1A.1.1 van het Vuurwerkbesluit, te weten: vuurwerk dat is ingedeeld in categorie F1, F2 of F3 van het Vuurwerkbesluit en dat bij of krachtens het Vuurwerkbesluit is aangewezen als vuurwerk dat ter beschikking mag worden gesteld voor particulier gebruik. 1.15
culturele voorzieningen
Musea, (muziek)theaters, expositieruimten en de naar aard daarmee gelijk te stellen voorzieningen. 1.16
dakkapel
Een constructie ter vergroting van een gebouw, die zich tussen de goot en de nok van een dakvlak bevindt, waarbij deze constructie onder de noklijn is gelegen en de onderzijde van de constructie in het dakvlak is geplaatst. vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
5
2021/23979
1.17
detailhandel
Het bedrijfsmatig te koop aanbieden (waaronder de uitstalling ten verkoop), verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die die goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. 1.18
detailhandel in volumineuze goederen
detailhandel in goederen van grote omvang, die vanwege de aard en omvang van de goederen een groot oppervlak nodig heeft voor de uitstalling, zoals bouwmarkten, grootschalige meubelbedrijven, keuken-, sanitair- en tegelbedrijven. 1.19
erf
Al dan niet bebouwd perceel of een gedeelte daarvan dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, en voor zover dit de regels van dit plan deze inrichting niet verbieden. 1.20
gastouderopvang
Gastouderopvang als bedoeld in artikel 1.1 lid 1 van de Wet kinderopvang, te weten: een vorm van kinderopvang: a. die plaatsvindt door tussenkomst van een geregistreerd gastouderbureau; b. die plaatsvindt in een gezinssituatie door een ander dan degene die als ouder op grond van artikel 1.5, eerste lid van de Wet kinderopvang, aanspraak kan maken op een kinderopvangtoeslag of diens partner; c. waarbij de opvang plaatsvindt: 1. op het woonadres van de gastouder, 2. op het woonadres van een van de ouders van de kinderen voor wie de gastouder opvang biedt, dan wel 3. op twee of meer van deze woonadressen; en d. bestaande uit de gelijktijdige opvang van ten hoogste zes kinderen, waaronder begrepen de bloedverwant of aanverwant in de neergaande lijn van de gastouder of zijn partner, die in belangrijke mate wordt onderhouden door de gastouder of zijn partner en op hetzelfde woonadres als de gastouder staat ingeschreven in de basisregistratie personen en de leeftijd van tien jaar nog niet heeft bereikt. Met een bloedverwant of aanverwant in de neergaande lijn wordt gelijkgesteld een pleegkind dat de leeftijd van tien jaar nog niet heeft bereikt. 1.21
gebouw
Elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.22
geluidgevoelig object
Een geluidgevoelig object als bedoeld in de Wet geluidhinder en het Besluit geluidhinder (Bgh), te weten een: a. woning; b. ander geluidsgevoelig gebouw, in artikel 1.2 Bgh uitgelegd als een; 1. onderwijsgebouw; 2. ziekenhuis of verpleeghuis; 3. verzorgingstehuis; 4. psychiatrische inrichting; 5. kinderdagverblijf; c. geluidsgevoelig terrein, in artikel 1.2 Bgh uitgelegd als een; 1. woonwagenstandplaats; 2. ligplaats voor woonschepen.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
6
2021/23979
1.23
geluidzoneringsplichtige inrichting
Een inrichting als bedoeld in artikel 2.1 lid 3 van het Besluit omgevingsrecht die in belangrijke mate geluidshinder kan veroorzaken. 1.24
groepsrisico inrichtingen
Het groepsrisico als bedoeld in artikel 1 lid 1 sub j van het Besluit externe veiligheid inrichtingen, te weten: cumulatieve kansen per jaar dat ten minste 10, 100 of 1000 personen overlijden als rechtstreeks gevolg van hun aanwezigheid in het invloedsgebied van een inrichting en een ongewoon voorval binnen die inrichting waarbij een gevaarlijke stof of gevaarlijke afvalstof betrokken is. 1.25
groepsrisico transportroutes
Het groepsrisico als bedoeld in artikel 1 lid 1 van het besluit externe veiligheid transportroutes, te weten: cumulatieve kansen per jaar per kilometer transportroute data tien of meer personen in het invloedsgebied van een transportroute overlijden als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval op die transportroute waarbij een gevaarlijke stof betrokken is. 1.26
groepsrisico buisleiding
Het groepsrisico als bedoeld in artikel 1 lid 1 van het Besluit externe veiligheid buisleidingen, te weten: cumulatieve kansen per jaar dat ten minste 10, 100 of 1000 personen overlijden als rechtstreeks gevolg van hun aanwezigheid in het invloedsgebied van een buisleiding en een ongewoon voorval met die buisleiding. 1.27
hoofdgebouw
gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is. 1.28
horeca
Bedrijfsactiviteiten gericht op: het verstrekken van voedsel en/of dranken met de mogelijkheid deze ter plaatse te nuttigen, het exploiteren van zaalaccommodatie en/of het verstrekken van nachtverblijf. 1.29
huishouden
Een persoon of groep personen, die een duurzame, gemeenschappelijke huishouding voer(t)(en) en wil(len) voeren. Hierbij moet sprake zijn van onderlinge, met een gezinsverband vergelijkbare, verbondenheid en continuïteit in de samenstelling. kamer(ver)huur wordt hieronder niet begrepen. 1.30
kamer(ver)huur
Het bewonen van een deel van een pand, zonder de bedoeling met de andere bewoners duurzaam in gezinsverband samen te wonen of duurzaam een gezamenlijk huishouden te voeren. 1.31
kampeermiddelen
a. Een tent, tentwagen, kampeerauto, toercaravan, of; b. enig ander onderkomen of enig ander voertuig of gewezen voertuig of gedeelte daarvan; 1. voor zover geen bouwwerk zijnde, en; 2. dat gebruikt kan worden voor recreatief nachtverblijf.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
7
2021/23979
1.32
kunstobject
Een bouwwerk, geen gebouw zijnde als uitingen van één der beeldende kunsten. 1.33
kwetsbaar object
Een kwetsbaar object als bedoeld in artikel 1 lid 1 sub l van het Besluit externe veiligheid inrichtingen, te weten: a. woningen, woonschepen en woonwagens, niet zijnde woningen, woonschepen of woonwagens als bedoeld in onderdeel b, onder a; b. gebouwen bestemd voor het verblijf, al dan niet gedurende een gedeelte van de dag, van minderjarigen, ouderen, zieken of gehandicapten, zoals: 1. ziekenhuizen, bejaardenhuizen en verpleeghuizen; 2. scholen, of 3. gebouwen of gedeelten daarvan, bestemd voor dagopvang van minderjarigen; c. gebouwen waarin doorgaans grote aantallen personen gedurende een groot gedeelte van de dag aanwezig zijn, waartoe in ieder geval behoren: 1. kantoorgebouwen en hotels met een bruto vloeroppervlak van meer dan 1500 m2 per object, of 2. complexen waarin meer dan 5 winkels zijn gevestigd en waarvan het gezamenlijk bruto vloeroppervlak meer dan 1000 m2 bedraagt en winkels met een totaal bruto vloeroppervlak van meer dan 2000 m2 per winkel, voorzover in die complexen of in die winkels een supermarkt, hypermarkt of warenhuis is gevestigd, en d. kampeer- en andere recreatieterreinen bestemd voor het verblijf van meer dan 50 personen gedurende meerdere aaneengesloten dagen; Verwijzingen in de bovenstaande leden verwijzen naar onderdelen van het Besluit externe veiligheid inrichtingen. 1.34
maatschappelijke voorzieningen
Overheids-, sociale, culturele-, medische, onderwijs-, religieuze en vergelijkbare maatschappelijke voorzieningen en dienstverlening, waaronder mede begrepen kinderopvangvoorzieningen. 1.35
nutsvoorzieningen
Voorzieningen ten behoeve van het openbare nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling en apparatuur voor telecommunicatie. 1.36
plaatsgebonden risico inrichtingen
Het plaatsgebonden risico als bedoeld in artikel 1 lid 1 sub o van het Besluit externe veiligheid inrichtingen, te weten: risico op een plaats buiten een inrichting, uitgedrukt als de kans per jaar dat een persoon die onafgebroken en onbeschermd op die plaats zou verblijven, overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval binnen die inrichting waarbij een gevaarlijke stof of gevaarlijke afvalstof betrokken is. 1.37
plaatsgebonden risico transportroutes
Het plaatsgebonden risico als bedoeld in artikel 1 lid 1 van het Besluit externe veiligheid transportroutesl, te weten: risico op een plaats langs, op of boven een transportroute, uitgedrukt in een waarde voor de kans per jaar dat een persoon die onafgebroken en onbeschermd op die plaats zou verblijven, overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval op die transportroute waarbij een gevaarlijke stof betrokken is.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
8
2021/23979
1.38
plaatsgebonden risico buisleidingen
Het plaatsgebonden risico als bedoeld in artikel 1 lid 1 van het Besluit externe veiligheid buisleidingen, te weten: risico op een plaats nabij een buisleiding, uitgedrukt als de kans per jaar dat een persoon die onafgebroken en onbeschermd op die bepaalde plaats zou verblijven, overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval met die buisleiding. 1.39
prostitutiebedrijf
Een bedrijf waar prostitutie het hoofdbestanddeel van de activiteiten vormt. 1.40
recreatieve voorzieningen
Voorzieningen gericht op ontspanning en vrijetijdsbesteding, zoals bioscopen, bowlingbanen, dierentuinen en volkstuinen. 1.41
seksinrichting
Een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting wordt in elk geval verstaan: een prostitutiebedrijf waaronder begrepen een erotische massagesalon, een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater, of parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar. 1.42
speelvoorzieningen
Voorzieningen bedoeld voor kinderen om mee te spelen, zoals een schommel, glijbaan, wipwap, zandbak of speelweide. 1.43
spoorwegvoorzieningen
Dienstgebouwen, stations, rails, perrons, overkappingen, fietsenstallingen, viaducten en onderdoorgangen, taluds, geluidsschermen, (keer-)muren, transformatorgebouwen, stationsvoorzieningen en vergelijkbare gebouwen en bouwwerken behoeve van railvervoer. 1.44
tijdelijk verblijf
De tijdelijke bewoning, ook wel short stay genoemd, van (een deel) van een pand voor een periode van tenminste zeven nachten en maximaal zes maanden. 1.45
verblijfsgebieden
Gebieden waar het doen van verplaatsingen bij het gebruik van de weg of het plein ondergeschikt is aan de verblijfsfunctie, zoals bijvoorbeeld de inrichting van de openbare ruimte die uitnodigt om in het gebied te verblijven. 1.46
verkeersvoorzieningen
Gronden en bouwwerken die als verkeersruimte gebruikt worden zoals rijwegen, parkeervoorzieningen, fiets- en voetpaden en bermen. 1.47
voorgevel
De naar de weg gekeerde gevel van een gebouw of, indien het een gebouw betreft met meer dan één naar de weg gekeerde gevel, de gevel die kennelijk als zodanig moet worden aangemerkt. 1.48
wonen
Gehuisvest zijn en duurzaam verblijven in een woning. vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
9
2021/23979
1.49
woning
Een complex van ruimten bedoeld voor de huisvesting van één huishouden. 1.50
zorgwonen
Wonen met zorg door mensen die vanwege hun leeftijd, gezondheid of beperkingen aangewezen zijn op enige zorg en ondersteuning, ongeacht of deze door een professional, vrijwilliger of mantelzorger wordt verstrekt.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
10
2021/23979
Artikel 2 2.1
Wijze van meten
bouwhoogte
De bouwhoogte van een bouwwerk wordt gemeten vanaf het peil tot aan het hoogste punt van het bouwwerk, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen zoals schoorstenen, antennes en naar aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.2
breedte
De breedte van een bijbehorend bouwwerk wordt gemeten over de zijde die het dichtst bij de voorgevel van het hoofdgebouw ligt.
2.3
goothoogte
De goothoogte van een bouwwerk wordt gemeten vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.4
oppervlakte
2.4.1
oppervlak te van een bouwwerk
De oppervlakte van een bouwwerk wordt gemeten tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.4.2
oppervlak te van een activiteit
De oppervlakte van een activiteit is de totale vloeroppervlakte van ruimten die ten dienste staan van die activiteit, met inbegrip van daartoe behorende magazijnen en overige dienstruimten, gemeten tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren. 2.5
peil
Voor het vaststellen van het peil gelden de volgende regels en uitzonderingen: a. het peil is de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld; b. indien de hoofdtoegang van een bouwwerk direct aan één weg grenst, dan is de hoogte van die weg ter plaatse van de hoofdtoegang het peil; c. indien een perceel direct grenst aan meerdere wegen, dan is de hoogte van de laagste weg het peil; d. indien een bouwwerk op of in een dijk is gebouwd, dan is de hoogte van de kruin van de dijk ter hoogte van de hoofdtoegang het peil; e. indien een bouwwerk op of in het water is gebouwd, dan is de waterlijn het peil; f. indien een bijbehorend bouwwerk geen aan- of uitbouw van het hoofdgebouw is, dan is het peil van dat bijbehorend bouwwerk de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld. 2.6
straatprofiel
De verticale doorsnede van een straat, gemeten van gevel tot gevel. 2.7
voorgevelrooilijn
Indien de voorgevelrooilijn niet op de verbeelding is aangegeven met een bouwaanduiding, dan wordt het volgende als de voorgevelrooilijn gezien:
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
11
2021/23979
een lijn die evenwijdig aan de as van de weg, langs een wegzijde met een regelmatig ligging van de voorgevel van de bestaande bebouwing is gelegen, die zoveel mogelijk aansluit aan de voorgevels van de bestaande bebouwing en zoveel mogelijk overeenkomstig de richting van de weg loopt.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
12
2021/23979
Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1
Bestemmingsregels
Bedrijventerrein
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Bedrijventerrein' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. bedrijven; b. erven; c. groenvoorzieningen; d. laad- en losvoorzieningen; e. manoeuvreerruimtes; f. parkeervoorzieningen; g. reclameobjecten; h. verblijfsgebieden; i. verkeersvoorzieningen; j. voorzieningen ten behoeve van het openbaar vervoer; k. water; l. waterhuishoudkundige voorzieningen. m. bedrijfswoningen 3.2
Bouwregels
3.2.1
Algemeen
a. Op deze gronden mag uitsluitend gebouwd worden ten dienste van: 1. de functie(s) zoals omschreven in lid 3.1; 2. het specifiek toegestane gebruik zoals omschreven in lid 3.4; 3. het algemeen toegestane gebruik zoals omschreven in artikel Algemene gebruiksregels. b. Voor het bouwen gelden de algemene bouwregels zoals opgenomen in artikel Algemene bouwregels, aangevuld met de volgende specifieke bouwregels. 3.2.2
Gebouwen
Het is toegestaan gebouwen te bouwen, mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. een gebouw mag alleen binnen een bouwvlak worden gebouwd; b. ter plaatse van de maatvoeringsaanduiding 'maximum bebouwingspercentage (%)' mag de totale oppervlakte van alle gebouwen niet groter zijn dan het aangegeven percentage; c. ter plaatse van de maatvoeringsaanduiding 'maximum goothoogte en /of bouwhoogte (m)' mag de goot- en/of bouwhoogte niet hoger zijn dan de aangegeven hoogte; d. ter plaatse van de maatvoeringsaanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' mag de bouwhoogte niet hoger zijn dan de aangegeven hoogte. 3.2.3
Erfafscheidingen
In afwijking van het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van erfafscheidingen alleen de volgende regels: a. een afscheiding mag niet hoger zijn dan 2,5 meter. 3.2.4
Inhoud bedrijfswoning
De inhoud van een bedrijfswoning mag niet meer bedragen dan 500m3. 3.2.5
Kunstobjecten
In afwijking van het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van kunstobjecten alleen de volgende regels: a. de bouwhoogte van een kunstobject mag niet hoger zijn dan 5 meter.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
13
2021/23979
3.2.6
Lichtmasten
In afwijking van het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van lichtmasten alleen de volgende regels: a. de bouwhoogte van een lichtmast mag niet hoger zijn dan 9 meter. 3.2.7
Vlaggenmasten
In afwijking van het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van vlaggenmasten alleen de volgende regels: a. de bouwhoogte van een vlaggenmast mag niet hoger zijn dan 9 meter. 3.2.8
Overige bouwwerk en
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van overige bouwwerken die niet genoemd zijn in de andere bouwregels van dit artikel de volgende regels: a. het bouwwerk mag geen gebouw zijn; b. de bouwhoogte van het bouwwerk mag niet hoger zijn dan 5 meter. 3.3
Nadere eisen
3.3.1
Externe veiligheid
Ter beperking van de veiligheidsrisico's die verband houden met het vervoer van gevaarlijke stoffen en/of de vestiging van Bevi-inrichting kunnen nadere eisen worden gesteld aan gebouwen en/of situering van gebouwen. 3.4
Specifieke gebruiksregels
3.4.1
Algemeen
a. Gronden en panden binnen deze bestemming mogen uitsluitend gebruikt worden overeenkomstig de functie(s) zoals omschreven in lid 3.1. b. Voor het gebruik gelden de algemene gebruiksregels zoals opgenomen in artikel Algemene gebruiksregels, aangevuld met de volgende specifieke gebruiksregels. 3.4.2
Bedrijven algemeen
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het gebruik van panden en gronden ten behoeve van bedrijven ook de volgende regels: a. bedrijven zijn alleen toegestaan ter plaatse van de functieaanduiding 'bedrijf tot en met categorie (3.2)'; b. bedrijven zijn alleen toegestaan indien zij voorkomen in Staat van Bedrijfsactiviteiten Bedrijventerrein en de categorie overeenkomt met, of lager is dan, de categorie in de functieaanduiding 'bedrijf tot en met categorie (3.2)' . 3.4.3
Functieaanduiding 'bedrijfswoning (bw)'
Ter plaatse van de Functieaanduiding 'bedrijfswoning (bw)' is één bedrijfswoning toegestaan. 3.4.4
Opslag, park eren, manouvreren, laden en lossen
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het gebruik van panden en gronden ten behoeve van opslag, parkeren, manouvreren, laden en lossen ook de volgende regels: a. opslag, parkeren, manouvreren, laden en lossen dient op eigen terrein plaats te vinden; b. opslag in de buitenruimte mag alleen als dit noodzakelijk is ten behoeve van de bedrijfsvoering en de opslag niet hoger is dan 6 meter; c. ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van bedrijventerrein - alleen parkeren en opslag' is uitsluitend opslag en parkeren toegestaan. vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
14
2021/23979
3.4.5
Detailhandel - Internetverk oop
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het gebruik van panden en gronden ten behoeve van detailhandel in de vorm van internetverkoop ook de volgende regels: a. b. c. d.
de handel moet via het internet of andere media verlopen; er is geen sprake van fysiek contact tussen de verkopende en de kopende partij; er mag geen showroom zijn; de levering van producten vindt hoofdzakelijk plaats via post of koeriersdienst.
3.4.6
Detailhandel - Consumentenvuurwerk
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel en in afwijking op het verbod in lid 11.1, gelden voor het gebruik van panden en gronden ten behoeve van detailhandel in vuurwerk ook de volgende regels: a. b. c. d.
er mag uitsluitend consumentenvuurwerk worden verkocht; er mag niet meer dan 10.000kg aan consumentenvuurwerk worden opgeslagen; het is niet toegestaan consumentenvuurwerk te produceren; de verkoop en opslag van consumentenvuurwerk moet voldoen aan de regels in de Wet milieubeheer, de Algemene Plaatselijke Verordening en het Vuurwerkbesluit; e. de productie, opslag en/of verkoop van ander vuurwerk dan consumentenvuurwerk is niet toegestaan. 3.4.7
Horeca - k antines
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het gebruik van panden en gronden ten behoeve van horeca in de vorm van een kantine ook de volgende regels: a. de kantine is ondersteunend aan de hoofdactiviteit; b. de afnemers van de horeca zijn voornamelijk de eigen werknemers. 3.4.8
Kantoorruimte
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het gebruik van panden en gronden ten behoeve van kantoorruimte ook de volgende regels: a. de kantoorruimte mag niet de hoofdactiviteit zijn van een bedrijf; b. de kantoorruimte moet direct gerelateerd zijn aan de hoofdactiviteit van een bedrijf; c. de oppervlakte van de kantoorruimte mag niet groter zijn dan 50% van het totale oppervlakte van een bedrijf, met een maximum van 1.500m2.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
15
2021/23979
Artikel 4 4.1
Water
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. beroeps- en recreatievaart; b. water; c. waterhuishoudkundige voorzieningen; met daar aan ondergeschikt: d. e. f. g. h. i.
kaden; oeverstroken; scheepsvaartverkeerstekens en andere nautische verkeersvoorzieningen; sluizen; steigers en andere werken ten behoeve van waterrecreatie en beroepsmatig varen; jachthaven.
4.2
Bouwregels
4.2.1
Algemeen
a. Op deze gronden mag uitsluitend gebouwd worden ten dienste van: 1. de functie(s) zoals omschreven in lid 4.1; 2. het specifiek toegestane gebruik zoals omschreven in lid 4.4; 3. het algemeen toegestane gebruik zoals omschreven in artikel 11. b. Voor het bouwen gelden de algemene bouwregels zoals opgenomen in artikel 10, aangevuld met de volgende specifieke bouwregels. 4.2.2
Gebouwen
Het is niet toegestaan gebouwen te bouwen. 4.2.3
Kunstobjecten
In afwijking van het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van kunstobjecten alleen de volgende regels: a. de bouwhoogte van een kunstobject mag niet hoger zijn dan 5 meter. 4.2.4
Steigers
In afwijking van het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van steigers de volgende regels: a. de waterbreedte waarin een steiger toegestaan is bedraagt 8 meter of meer; b. de steiger mag niet verder dan 1 meter uit de slootkant worden aangebracht; c. de maximum lengte van een steiger mag niet meer zijn dan 6 meter.
4.2.5
Scheepvaartverk eerstek ens en andere nautische verk eersvoorzieningen
In afwijking van het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van scheepvaartverkeerstekens en andere nautische voorzieningen alleen de volgende regels: a. de bouwhoogte van scheepvaartverkeerstekens en andere nautische voorzieningen mag niet hoger zijn dan 12 meter. 4.2.6
Overige bouwwerk en
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van overige bouwwerken die niet genoemd zijn in de andere bouwregels van dit artikel de volgende regels: a. het bouwwerk mag geen gebouw zijn; b. de bouwhoogte van het bouwwerk mag niet hoger zijn dan 5 meter. vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
16
2021/23979
4.3
Afwijken van de bouwregels
Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van lid 4.2.4 om het bouwen van steigers met een grotere omvang toe te staan, mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. b. c. d.
de steigers uitsluitend zijn bedoeld voor openbaar gebruik; de steigers niet leiden tot slechte doorstroming van waterlopen; de steigers geen belemmering vormen voor het onderhoud van de watergangen en oevers; schriftelijk advies is ingewonnen bij de waterbeheerder
4.4
Specifieke gebruiksregels
4.4.1
Algemeen
a. Gronden en panden binnen deze bestemming mogen uitsluitend gebruikt worden overeenkomstig de functie(s) zoals omschreven in lid 4. b. Voor het gebruik gelden de algemene gebruiksregels zoals opgenomen in artikel 11. 4.4.2
Woonschepen
Het is niet toegestaan gronden te gebruiken voor het aan- en afmeren en/of afgemeerd houden van woonschepen. 4.4.3
Jachthaven
Ter plaatse van de functieaanduiding 'jachthaven' (J) is het gebruik van jachthaven toegestaan.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
17
2021/23979
Artikel 5 5.1
Wonen
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen; met daar bij behorend: b. erven; c. tuinen. 5.2
Bouwregels
5.2.1
Algemeen
a. Op deze gronden mag uitsluitend gebouwd worden ten dienste van: 1. de functie(s) zoals omschreven in lid 5.1; 2. het specifiek toegestane gebruik zoals omschreven in lid 5.3; 3. het algemeen toegestane gebruik zoals omschreven in artikel 11. b. Voor het bouwen gelden de algemene bouwregels zoals opgenomen in artikel 10, aangevuld met de volgende specifieke bouwregels. 5.2.2
Hoofdgebouwen
Het is toegestaan hoofdgebouwen te bouwen, mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. een hoofdgebouw mag alleen binnen het bouwvlak worden gebouwd; b. ter plaatse van de maatvoeringsaanduiding 'maximum goot- en /of bouwhoogte (m)' mag de goot- en/of bouwhoogte niet hoger zijn dan de aangegeven hoogte; c. ter plaatse van de maatvoeringsaanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' mag de bouwhoogte niet hoger zijn dan de aangegeven hoogte.
5.2.3
Bijbehorende bouwwerk en
Het is toegestaan bijbehorend bouwwerken te bouwen, mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. indien een hoofdgebouw wordt uitgebreid binnen het bouwvlak, dan gelden voor de uitbreiding de regels uit lid Hoofdgebouwen in plaats van de regels voor bijbehorende bouwwerken; b. het is toegestaan een bijbehorend bouwwerk met kap te bouwen indien: 1. het hoofdgebouw is voorzien van een kap; 2. het bijbehorend bouwwerk is gelegen: binnen 4 meter van het hoofdgebouw, in het achtererfgebied, en ten minste 3 meter achter de voorgevel van het hoofdgebouw; 3. de dakhelling van de kap van het bijbehorend bouwwerk gelijk is aan of kleiner is dan de dakhelling van de kap van het hoofdgebouw; 4. de kap geen Mansardekap is; 5. de goothoogte van het bijbehorend bouwwerk niet hoger is dan de eerste verdiepingsvloer van het hoofdgebouw +0,3 meter; 6. de bouwhoogte van het bijbehorend niet hoger is dan de bouwhoogte van het hoofdgebouw -1,5 meter. c. het is toegestaan bijbehorende bouwwerken te bouwen die voldoen aan de regels van Bijlage II, Hoofdstuk II, Artikel 2 sub 3 van het Besluit omgevingsrecht, waarbij geldt dat de minimale afstand tot openbaar toegankelijk gebied onder c van dat artikel niet geldt.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
18
2021/23979
5.2.4
Maximum bebouwingspercentage achtererfgebied
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van bouwwerken in het achtererfgebied de volgende regels: a. indien het achtererfgebied buiten het bouwvlak kleiner is dan 300m², dan mag maximaal 50% van het achtererfgebied buiten het bouwvlak bebouwd worden tot een maximum van 75 m²; b. indien het achtererfgebied buiten het bouwvlak groter is dan 300m², dan mag maximaal 100m² van het achtererfgebied buiten het bouwvlak bebouwd worden. 5.2.5
aanduiding 'bouwaanduiding - bijgebouwen uitgesloten (bg)'
Ter plaatse van de aanduiding 'bouwaanduiding - bijgebouwen uitgesloten (bg)' is het niet toegestaan bouwwerken te bouwen, met uitzonderingen van erfafscheidingen als bedoeld in lid Erfafscheidingen en erkers en serres als bedoeld in lid 3.2.85.2.8. 5.2.6
Dak k apellen
In afwijking van het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van dakkapellen alleen de volgende regels: a. b. c. d.
per dakvlak zijn maximaal 2 dakkapellen toegestaan; dakkapellen op hetzelfde dakvlak moeten op één lijn met elkaar liggen; een dakkapel mag niet hoger zijn dan 1,75 meter; het hoogste pnt van een dakkapel mag niet hoger liggen dan 0,5 meter onder de bouwhoogte van het hoofdgebouw of het bijbehorend bouwwerk; e. een dakkapel moet op een afstand van ten minste 0,5 meter van de erfgrens liggen; f. een dakkapel moet op een afstand van ten minste 0,5 meter van de zijkant van het dak liggen; g. de afstand tussen dakkapellen moet ten minste 0,5 meter zijn; h. de voet van een dakkapel moet tussen 0,5 meter en 1 meter boven de goothoogte van het hoofdgebouw of het bijbehorend bouwwerk liggen; i. een dakkapel in het voordakvlak mag niet breder zijn dan 50% van de voorgevel, met een maximum van 4,5 meter; j. een dakkapel in het zij- of achterdakvlak mag niet breder zijn dan 70% van de onderliggende gevel. 5.2.7
Erfafscheidingen
In afwijking van het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van erfafscheidingen alleen de volgende regels: a. een erfafscheiding mag niet hoger zijn dan 2 meter; b. indien een erfafscheiding voor de voorgevel of een naar openbaar gebied gerichte zijgevel ligt, dan mag de erfafscheiding niet hoger zijn dan 1 meter, c. indien het straatprofiel van de straat naast de zijgevel breder is dan 20 meter, dan mag in afwijking van lid b vanaf 3 meter achter de voorgevel de erfafscheiding niet hoger zijn dan 2 meter. 5.2.8
Erk ers en serres voor de voorgevel
In afwijking van het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van erkers en serres voor de voorgevel alleen de volgende regels: a. een erker of serre mag niet breder zijn dan 66% van de breedte van de voorgevel ; b. een erker of serre mag niet dieper zijn dan 50% van de afstand van de voorgevel tot erfgrens aan de voorkant van het hoofdgebouw, met een maximum van 1,5 meter; c. een erker of serre mag niet hoger zijn dan de eerste verdiepingsvloer van het hoofdgebouw +0,3 meter.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
19
2021/23979
5.2.9
Herbouw bestaande bebouwing
In aanvulling op het bepaalde in lid Bijbehorende bouwwerken en lid 3.2.155.2.15, gelden voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken en bouwwerken, geen gebouwen zijnde de volgende regels: a. indien het maximum bebouwingspercentage in lid 5.2.3 sub d en e of lid 3.2.155.2.15 sub b en c wordt overschreden door bestaande bebouwing, dan mag 50% van de overschrijding bij het maximum bebouwingspercentage worden opgeteld; b. indien de maximum goot- en bouwhoogte in lid 5.2.3 sub f en g wordt overschreden door een bestaand bijbehorend bouwwerk, dan geldt bij herbouw van dat bijbehorend bouwwerk de bestaande goot- en bouwhoogte als maximum. 5.2.10 Jacuzzi's In aanvulling op het bepaalde in lid 5.2.3, gelden voor het bouwen van jacuzzi's de volgende regels: a. een jacuzzi is alleen toegestaan in het achtererfgebied; b. een jacuzzi mag niet groter zijn dan 20% van het achtererfgebied buiten het bouwvlak, tot een maximum van 10m².
5.2.11 Speeltoestellen In aanvulling op het bepaalde in lid 5.2.3, gelden voor het bouwen van speelvoorzieningen de volgende regels: a. een speelvoorziening mag niet hoger zijn dan 2,5 meter; b. indien een speelvoorziening in een achtererfgebied en op ten minste 3 meter afstand van de erfgrens ligt, dan mag de speelvoorziening niet hoger zijn dan 3 meter. 5.2.12 Terrasafscheidingen ten behoeve van een dakterras In afwijking van het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van terrasafscheidingen ten behoeve van een dakterras alleen de volgende regels: a. b. c. d.
de terrasafscheiding mag niet hoger zijn dan 1,5 meter; de terrasafscheiding ligt ten minste 1 meter terug ten opzichte van de voorgevel; het dakterras mag uitsluitend vanuit het hoofdgebouw zijn ontsloten; indien de ontsluiting plaatsvindt in een dakvlak met een kap, dan mag de ontsluiting alleen plaatsvinden in een dakkapel of dakloggia; e. indien een zijde van het dakterras naar openbaar toegankelijk gebied is gericht, dan moeten de terrasafscheiding aan die zijde ten minste 1 meter terug liggen ten opzichte van de gevel. 5.2.13 Zwembaden In aanvulling op het bepaalde in lid Bijbehorende bouwwerken, gelden voor het bouwen van zwembaden de volgende regels: a. b. c. d.
een zwembad is alleen toegestaan in het achtererfgebied; een zwembad mag niet groter zijn dan 35m²; een zwembad mag niet binnen 3 meter tot een perceelgrens liggen; een zwembad mag niet hoger zijn dan 0,20 meter.
5.2.14 aanduiding 'bouwaanduiding - sba-1' Ter plaatse van de aanduiding 'bouwaanduiding - sba-1 is de maximale breedte van bijbehorende bouwwerken in lid 5.2.3 sub c niet van toepassing. De overige regels voor bijbehorende bouwwerken blijven van toepassing.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
20
2021/23979
5.2.15 Overige bouwwerk en In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van overige bouwwerken die niet genoemd zijn in de andere bouwregels van dit artikel de volgende regels: a. het bouwwerk mag geen gebouw zijn; b. de bouwhoogte van het bouwwerk mag niet hoger zijn dan 3 meter. 5.3
Specifieke gebruiksregels
5.3.1
Algemeen
a. Gronden en panden binnen deze bestemming mogen uitsluitend gebruikt worden overeenkomstig de functie(s) zoals omschreven in lid 5.1. b. Voor het gebruik gelden de algemene gebruiksregels zoals opgenomen in artikel 11, aangevuld met de volgende specifieke gebruiksregels. 5.3.2
Bed & break fast
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het gebruik van een woning te gebruiken ten behoeve van een bed & breakfast ook de volgende regels: a. b. c. d. e. f. g.
per woning is maximaal 1 bed & breakfast toegestaan; er maken niet meer dan 4 personen tegelijkertijd gebruik van de bed & breakfast; er worden niet meer dan 2 kamers ter beschikking gesteld als slaapvertrekken; op de begane grond is geen andere functie dan wonen aanwezig; de bed & breakfast wordt door de bewoner uitgeoefend; de bewoner is bij het nachtverblijf aanwezig; het vloeroppervlak in gebruik voor de bed & breakfast is niet groter dan 50% van het bruto vloeroppervlak van de woning.
5.3.3
Beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten aan huis
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het gebruik van een deel van een woning ten behoeve van beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten aan huis ook de volgende regels: a. b. c. d.
de woonfunctie blijft de hoofdfunctie; de beroeps- of bedrijfsmatige activiteit wordt door de bewoner uitgeoefend; de beroeps- of bedrijfsmatige activiteit heeft geen verkeersaantrekkende werking; de beroeps- of bedrijfsmatige activiteit mag geen, buiten de woning waarneembare, trilling, geur of geluid veroorzaken; e. het vloeroppervlak in gebruik voor de beroeps- of de bedrijfsmatige activiteit is niet groter dan 30% van het bruto vloeroppervlak van de woning en bijbehorende bouwwerken, met een maximum van 65 m2; f. de volgende beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten zijn niet toegestaan: 1. detailhandel, anders dan detailhandel ondergeschikt aan de beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten; 2. horeca. 5.3.4
Dak terrassen
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het gebruik van gronden en panden ten behoeve van een dakterras ook de volgende regels: a. het dakterras moet ten minste 1 meter terug liggen ten opzichte van de voorgevel; b. het dakterras mag uitsluitend vanuit het hoofdgebouw zijn ontsloten; c. indien de ontsluiting plaatsvindt in een dakvlak met een kap, dan mag de ontsluiting alleen plaatsvinden in een dakkapel of dakloggia; d. indien een zijde van het dakterras naar openbaar toegankelijk gebied is gericht, dan moeten het dakterras aan die zijde ten minste 1 meter terug liggen ten opzichte van de gevel.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
21
2021/23979
5.3.5
Gastouderopvang aan huis
In afwijking op het bepaalde in lid 5.3.3, gelden voor het gebruik van een deel van een woning ten behoeve van beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten aan huis in de vorm van gastouderopvang alleen de volgende regels: a. de woonfunctie blijft de hoofdfunctie; b. de gastouderopvang wordt door de bewoner uitgeoefend; c. er mogen maximaal 6 kinderen tegelijkertijd worden opgevangen, waaronder mede begrepen de kinderen van de gastouder onder de 13 jaar; d. het vloeroppervlak in gebruik voor gastouderopvang is niet groter dan 30% van het bruto vloeroppervlak van de woning en bijbehorende bouwwerken, met een maximum van 65 m2. 5.3.6
Zorgwonen
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het gebruik van een woning ten behoeve van zorgwonen ook de volgende regels: a. de bewoning vindt nagenoeg zelfstandig plaats; b. de zorg is voornamelijk gericht op de dagelijkse bezigheden van de bewoner(s); c. er is geen sprake van 24-uurs zorg of therapie aan huis. 5.3.7
aanduiding 'functieaanduiding - prak tijk ruimte (prr)'
Ter plaatse van de aanduiding 'functieaanduiding - praktijkruimte (prr)' is tevens een praktijkruimte toegestaan. 5.4
Afwijken van de gebruiksregels
5.4.1
Bed & break fast
Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van lid 5.3.2 lid a en b om een bed & breakfast met meer gasten of kamers toe te staan, mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. voldoende parkeervoorzieningen voor auto's en fietsen worden gerealiseerd op de betreffende locatie of in de directe omgeving daarvan in of buiten het plangebied; b. voldoende betekent dat wordt voldaan aan de normen in de beleidsregels die zijn neergelegd in de “Uitvoeringsnota Parkeren Zaanstad 2016” en; c. indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, rekening wordt gehouden met de wijziging. 5.4.2 Beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten aan huis met een verk eersaantrek k ende werk ing Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van lid 5.3.3 sub c om een beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten aan huis toe te staan met een verkeersaantrekkende werking, mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. voldoende parkeervoorzieningen voor auto's en fietsen worden gerealiseerd op de betreffende locatie of in de directe omgeving daarvan in of buiten het plangebied; b. voldoende betekent dat wordt voldaan aan de normen in de beleidsregels die zijn neergelegd in de “Uitvoeringsnota Parkeren Zaanstad 2016” en; c. indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, rekening wordt gehouden met de wijziging.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
22
2021/23979
Artikel 6 6.1
Gemengd
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Gemengd' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f. g.
bedrijven; detailhandel; culturele voorzieningen; maatschappelijke voorzieningen; recreatieve voorzieningen; wonen; supermarkt;
met daar aan ondergeschikt: h. erven; i. reclameobjecten; j. tuinen. 6.2
Bouwregels
6.2.1
Algemeen
a. Op deze gronden mag uitsluitend gebouwd worden ten dienste van: 1. de functie(s) zoals omschreven in lid 6.1; 2. het specifiek toegestane gebruik zoals omschreven in lid 6.3; 3. het algemeen toegestane gebruik zoals omschreven in artikel 11. b. Voor het bouwen gelden de algemene bouwregels zoals opgenomen in artikel 10, aangevuld met de volgende specifieke bouwregels. 6.2.2
Hoofdgebouwen
Het is toegestaan hoofdgebouwen te bouwen, mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. een hoofdgebouw mag alleen binnen het bouwvlak worden gebouwd; b. ter plaatse van de maatvoeringsaanduiding 'maximum goot- en /of bouwhoogte (m)' mag de goot- en/of bouwhoogte niet hoger zijn dan de aangegeven hoogte; c. ter plaatse van de maatvoeringsaanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' mag de bouwhoogte niet hoger zijn dan de aangegeven hoogte.
6.2.3
Bijbehorende bouwwerk en
Het is toegestaan Bijbehorende bouwwerkenen te bouwen, mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. indien een hoofdgebouw wordt uitgebreid binnen het bouwvlak, dan gelden voor de uitbreiding de regels uit lid Hoofdgebouwen in plaats van de regels voor bijbehorende bouwwerken; b. het is toegestaan een bijbehorend bouwwerk met kap te bouwen indien: 1. het hoofdgebouw is voorzien van een kap; 2. het bijbehorend bouwwerk is gelegen: binnen 4 meter van het Hoofdgebouwen, in het achtererfgebied, en ten minste 3 meter achter de voorgevel van het hoofdgebouw; 3. de dakhelling van de kap van het bijbehorend bouwwerk gelijk is aan of kleiner is dan de dakhelling van de kap van het hoofdgebouw; 4. de kap geen Mansardekap is; 5. de goothoogte van het bijbehorend bouwwerk niet hoger is dan de eerste verdiepingsvloer van het hoofdgebouw +0,3 meter; 6. de bouwhoogte van het bijbehorend niet hoger is dan de bouwhoogte van het vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
23
2021/23979
hoofdgebouw -1,5 meter. c. het is toegestaan bijbehorende bouwwerken te bouwen die voldoen aan de regels van Bijlage II, Hoofdstuk II, Artikel 2 sub 3 van het Besluit omgevingsrecht, waarbij geldt dat de minimale afstand tot openbaar toegankelijk gebied onder c van dat artikel niet geldt. 6.2.4
Maximum bebouwingspercentage achtererfgebied
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van bouwwerken in het achtererfgebied de volgende regels: a. indien het achtererfgebied buiten het bouwvlak kleiner is dan 300m², dan mag maximaal 50% van het achtererfgebied buiten het bouwvlak bebouwd worden tot een maximum van 75 m²; b. indien het achtererfgebied buiten het bouwvlak groter is dan 300m², dan mag maximaal 100m² van het achtererfgebied buiten het bouwvlak bebouwd worden. 6.2.5
aanduiding 'bouwaanduiding - bijgebouwen uitgesloten'
Ter plaatse van de aanduiding 'bouwaanduiding - bijgebouwen uitgesloten' is het niet toegestaan bouwwerken te bouwen, met uitzonderingen van erfafscheidingen als bedoeld in lid 6.2.7 en erkers en serres als bedoeld in lid 6.2.8. 6.2.6
Dak k apellen
In afwijking van het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van dakkapellen alleen de volgende regels: a. b. c. d.
per dakvlak zijn maximaal 2 dakkapellen toegestaan; dakkapellen op hetzelfde dakvlak moeten op één lijn met elkaar liggen; een dakkapel mag niet hoger zijn dan 1,75 meter; het hoogste punt van een dakkapel mag niet hoger liggen dan 0,5 meter onder de bouwhoogte van het hoofdgebouw of het bijbehorend bouwwerk; e. een dakkapel moet op een afstand van ten minste 0,5 meter van de erfgrens liggen; f. een dakkapel moet op een afstand van ten minste 0,5 meter van de zijkant van het dak liggen; g. de afstand tussen dakkapellen moet ten minste 0,5 meter zijn; h. de voet van een dakkapel moet tussen 0,5 meter en 1 meter boven de goothoogte van het hoofdgebouw of het bijbehorend bouwwerk liggen; i. een dakkapel in het voordakvlak mag niet breder zijn dan 50% van de voorgevel, met een maximum van 4,5 meter; j. een dakkapel in het zij- of achterdakvlak mag niet breder zijn dan 70% van de onderliggende gevel. 6.2.7
Erfafscheidingen
In afwijking van het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van erfafscheidingen alleen de volgende regels: a. een erfafscheiding mag niet hoger zijn dan 2 meter; b. indien een erfafscheiding voor de voorgevel ligt, dan mag de erfafscheiding niet hoger zijn dan 1 meter; c. indien het straatprofiel van de straat naast de zijgevel breder is dan 20 meter, dan mag in afwijking van lid b vanaf 3 meter achter de voorgevel de erafscheiding niet hoger zijn dan 2 meter. 6.2.8
Erk ers en serres voor de voorgevel
In afwijking van het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van erkers en serres voor de voorgevel de volgende regels: a. een erker of serre mag niet breder zijn dan 66% van de breedte van de voorgevel; b. een erker of serre mag niet dieper zijn dan 50% van de afstand van de voorgevel tot erfgrens aan de voorkant van het hoofdgebouw, met een maximum van 1,5 meter; c. een erker of serre mag niet hoger zijn dan de eerste verdiepingsvloer van het hoofdgebouw
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
24
2021/23979
+0,3 meter. 6.2.9
Herbouw bestaande bebouwing
In aanvulling op het bepaalde in lid Bijbehorende bouwwerken en lid 6.2.15, gelden voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken en bouwwerken, geen gebouwen zijnde de volgende regels: a. indien het maximum bebouwingspercentage in lid 6.2.3 sub d en e of lid 6.2.15 sub b en c wordt overschreden door bestaande bebouwing, dan mag 50% van de overschrijding bij het maximum bebouwingspercentage worden opgeteld; b. indien de maximum goot- en bouwhoogte in lid 6.2.3 sub f en g wordt overschreden door een bestaand bijbehorend bouwwerk, dan geldt bij herbouw van dat bijbehorend bouwwerk de bestaande goot- en bouwhoogte als maximum. 6.2.10 Jacuzzi's In aanvulling op het bepaalde in lid 6.2.3, gelden voor het bouwen van jacuzzi's de volgende regels: a. een jacuzzi mag alleen gebouwd worden op een erf behorend bij een woning; b. een jacuzzi is alleen toegestaan in het achtererfgebied; c. een jacuzzi mag niet groter zijn dan 20% van het achtererfgebied buiten het bouwvlak, tot een maximum van 10m².
6.2.11 Speeltoestellen In aanvulling op het bepaalde in lid 6.2.3, gelden voor het bouwen van speelvoorzieningen de volgende regels: a. een speelvoorziening mag niet hoger zijn dan 2,5 meter; b. indien een speelvoorziening in een achtererfgebied en op ten minste 3 meter afstand van de erfgrens ligt, dan mag de speelvoorziening niet hoger zijn dan 3 meter. 6.2.12 Terrasafscheidingen ten behoeve van een dakterras In afwijking van het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van terrasafscheidingen ten behoeve van een dakterras alleen de volgende regels: a. b. c. d.
de terrasafscheiding mag niet hoger zijn dan 1,5 meter; de terrasafscheiding ligt ten minste 1 meter terug ten opzichte van de voorgevel; het dakterras mag uitsluitend vanuit het hoofdgebouw zijn ontsloten; indien de ontsluiting plaatsvindt in een dakvlak met een kap, dan mag de ontsluiting alleen plaatsvinden in een dakkapel of dakloggia; e. indien een zijde van het dakterras naar openbaar toegankelijk gebied is gericht, dan moeten de terrasafscheiding aan die zijde ten minste 1 meter terug liggen ten opzichte van de gevel. 6.2.13 Vlaggenmasten In afwijking van het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van vlaggenmasten alleen de volgende regels: a. de bouwhoogte van een vlaggenmast mag niet hoger zijn dan 9 meter. 6.2.14 Zwembaden In aanvulling op het bepaalde in lid Bijbehorende bouwwerken, gelden voor het bouwen van zwembaden de volgende regels: a. b. c. d. e.
een zwembad mag alleen gebouwd worden op een erf behorend bij een woning; een zwembad is alleen toegestaan in het achtererfgebied; een zwembad mag niet groter zijn dan 35m²; een zwembad mag niet binnen 3 meter tot een perceelgrens liggen; een zwembad mag niet hoger zijn dan 0,20 meter.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
25
2021/23979
6.2.15 Overige bouwwerk en In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het bouwen van overige bouwwerken die niet genoemd zijn in de andere bouwregels van dit artikel de volgende regels: a. het bouwwerk mag geen gebouw zijn; b. de bouwhoogte van het bouwwerk mag niet hoger zijn dan 3 meter.
6.3
Specifieke gebruiksregels
6.3.1
Algemeen
a. Gronden en panden binnen deze bestemming mogen uitsluitend gebruikt worden overeenkomstig de functie(s) zoals omschreven in lid 6.1. b. Voor het gebruik gelden de algemene gebruiksregels zoals opgenomen in artikel 11, aangevuld met de volgende specifieke gebruiksregels. 6.3.2
Gemengd algemeen
Het is toegestaan gronden en panden te gebruiken ten behoeve van bedrijven, culturele voorzieningen, maatschappelijke voorzieningen en/of recreatieve voorzieningen, mits voldaan wordt aan de volgende regels: a. bedrijven en bovengenoemde voorzieningen zijn alleen toegestaan ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van gemengd - categorie (A/B1/B2/C) of lager'; b. bedrijven en bovengenoemde voorzieningen zijn alleen toegestaan indien zij voorkomen in Staat van Bedrijfsactiviteiten - Functiemenging en de categorie overeenkomt met, of lager is dan, de categorie in de functieaanduiding 'specifieke vorm van gemengd - categorie (A/B1/B2/C) of lager'; c. ter plaatse van de functieaanduiding '(su)' supermarkt is detailhandel ook in de vorm van de functie supermarkt toegestaan op zowel begane grond als de eerste verdieping. 6.3.3
Detailhandel
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het gebruik van panden en gronden ten behoeve van detailhandel ook de volgende regels: a. de detailhandel mag niet de hoofdactiviteit zijn van een bedrijf of voorziening; b. de detailhandel moet direct gerelateerd zijn aan de hoofdactiviteit van een bedrijf of voorziening; c. de oppervlakte van de detailhandelsactiviteiten mag niet groter zijn dan 20% van het totale oppervlakte van een bedrijf of voorziening, met een maximum van 250m2; d. detailhandel in de vorm van de functie supermarkt is niet toegestaan; e. detailhandel in volumineuze goederen is niet toegestaan; f. ter plaatse van de functieaanduiding 'detailhandel' is detailhandel toegestaan als hoofdactiviteit van een bedrijf of voorziening en is de oppervlaktebeperking van sub c niet van toepassing. 6.3.4
Detailhandel - Consumentenvuurwerk
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel en in afwijking op het verbod in lid 11.1, gelden voor het gebruik van panden en gronden ten behoeve van detailhandel in vuurwerk ook de volgende regels: a. b. c. d.
er mag uitsluitend consumentenvuurwerk worden verkocht; er mag niet meer dan 10.000kg aan consumentenvuurwerk worden opgeslagen; het is niet toegestaan consumentenvuurwerk te produceren; de verkoop en opslag van consumentenvuurwerk moet voldoen aan de regels in de Wet milieubeheer, de Algemene Plaatselijke Verordening en het Vuurwerkbesluit; e. de productie, opslag en/of verkoop van ander vuurwerk dan consumentenvuurwerk is niet toegestaan.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
26
2021/23979
6.3.5
Horeca
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het gebruik van panden en gronden ten behoeve van horeca ook de volgende regels: a. de horeca mag niet de hoofdactiviteit van een bedrijf of voorziening zijn; b. de horeca moet direct gerelateerd zijn aan de hoofdactiviteit van een bedrijf of voorziening; c. de openingstijden van de horeca mogen niet ruimer zijn dan de openingstijden van de hoofdactiviteit; d. de horeca mag alleen bereikbaar zijn via de ingangen behorend bij de hoofdactiviteit; e. de horeca is niet toegestaan op een terras aan of op openbaar gebied; f. de oppervlakte van de horeca-activiteiten mag niet groter zijn dan 25% van het totale oppervlakte van een bedrijf of voorziening, met een maximum van 100m2; g. horeca in de vorm van een hotel is niet toegestaan; h. ter plaatse van de functieaanduiding 'horeca' is horeca toegestaan als hoofdactiviteit van een bedrijf of voorziening en is de oppervlaktebeperking van sub f niet van toepassing. 6.3.6
Horeca - k antines
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het gebruik van panden en gronden ten behoeve van horeca in de vorm van een kantine ook de volgende regels: a. de kantine is ondersteunend aan de hoofdactiviteit; b. de afnemers van de horeca zijn voornamelijk de eigen werknemers; c. de oppervlaktebeperking van lid 6.3.5 sub f is niet van toepassing op deze vorm van horeca. 6.3.7
Recreatieve voorzieningen - uitgesloten vormen
Het is niet toegestaan gronden en panden te gebruiken ten behoeve van de volgende vormen van recreatieve voorzieningen: a. b. c. d. e. f.
attractieparken; dierentuinen; maneges; pretparken; sporthallen; sportvelden.
6.3.8
Wonen - uitgesloten vormen
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het gebruik van panden en gronden ten behoeve van wonen ook de volgende regels: a. ter plaatse van de functieaanduiding 'wonen uitgesloten' is het niet toegestaan te wonen; b. ter plaatse van de functieaanduiding 'specifieke vorm van gemengd - wonen op de begane grond uitgesloten' is het niet toegestaan op de begane grond te wonen. 6.3.9
Wonen - bed & break fast
In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het gebruik van een deel van een wonen ten behoeve van een bed & breakfast ook de volgende regels: a. b. c. d. e. f. g.
per wonen is maximaal 1 bed & breakfast toegestaan; er maken niet meer dan 4 personen tegelijkertijd gebruik van de bed & breakfast; er worden niet meer dan 2 kamers ter beschikking gesteld als slaapvertrekken; op de begane grond is geen andere functie dan wonen aanwezig; de bed & breakfast wordt door de bewoner uitgeoefend; de bewoner is bij het nachtverblijf aanwezig; het vloeroppervlak in gebruik voor de bed & breakfast is niet groter dan 50% van het bruto vloeroppervlak van de woning.
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021
27
2021/23979
6.3.10 Wonen - Dak terrassen In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het gebruik van gronden en panden ten behoeve van een dakterras ook de volgende regels: a. b. c. d.
het dakterras is alleen toegestaan ten behoeve van een wonen; het dakterras moet ten minste 1 meter terug liggen ten opzichte van de voorgevel; het dakterras mag uitsluitend vanuit het hoofdgebouw zijn ontsloten; indien de ontsluiting plaatsvindt in een dakvlak met een kap, dan mag de ontsluiting alleen plaatsvinden in een dakkapel of dakloggia; e. indien een zijde van het dakterras naar openbaar toegankelijk gebied is gericht, dan moeten het dakterras aan die zijde ten minste 1 meter terug liggen ten opzichte van de gevel. 6.3.11 Wonen - Gastouderopvang aan huis In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het gebruik van een deel van een woning ten behoeve van beroeps- en bedrijfsmatige activiteiten aan huis in de vorm van gastouderopvang alleen de volgende regels: a. de woonfunctie blijft de hoofdfunctie; b. de gastouderopvang wordt door de bewoner uitgeoefend; c. er mogen maximaal 6 kinderen tegelijkertijd worden opgevangen, waaronder mede begrepen de kinderen van de gastouder onder de 13 jaar; d. het vloeroppervlak in gebruik voor gastouderopvang is niet groter dan 30% van het bruto vloeroppervlak van de woning en bijbehorende bouwwerken, met een maximum van 65 m2. 6.3.12 Wonen - zorgwonen In aanvulling op het overige bepaalde in dit artikel, gelden voor het gebruik een woning ten behoeve van zorgwonen ook de volgende regels: a.
de bewoning vindt nagenoeg zelfstandig plaats; b. de zorg is voornamelijk gericht op de dagelijkse bezigheden van de bewoner(s); c. er is geen sprake van 24-uurs zorg of therapie aan huis. 6.3.13 aanduiding 'functieaanduiding - horeca tot en met categorie 2' Ter plaatse van de aanduiding 'functieaanduiding - horeca tot en met categorie 2' mogen de gronden en panden uitsluitend worden gebruikt ten behoeve van: a. wonen; b. horeca tot en met categorie 2 "middelzware horeca" waarbij geldt dat de volgende categorieën horeca worden onderscheiden: 1. Categorie 1 "lichte horeca": Bedrijven die in beginsel alleen overdag en 's avonds behoeven te zijn geopend (vooral verstrekking van etenswaren en maaltijden) en daardoor slechts beperkte hinder voor omwonenden veroorzaken. Binnen deze categorie worden de volgende subcategorieën onderscheiden: a. Aan de detailhandelsfunctie verwante horeca, zoals automatiek, broodjeszaak, cafetaria, croissanterie, koffiebar, lunchroom, ijssalon, snackbar, tearoom, traiteur; b. Overige lichte horeca, zoals bistro, grand-café, restaurant (zonder bezorg- en/of afhaalservice), hotel; c. Bedrijven met een relatief grote verkeersaantrekkende werking, zijnde bedrijven genoemd onder 1a en 1b met een brutovloeroppervlakte (bvo) van meer dan 250 m², restaurant met bezorg- en/of afhaalservice (o.a. pizza, chinees, McDrives); 2.
Categorie 2 "middelzware horeca": Bedrijven die normaal gesproken ook delen van de nacht geopend zijn en die daardoor aanzienlijke hinder voor omwonenden kunnen veroorzaken, zoals bar, bierhuis, biljartcentrum, café, proeflokaal, shoarma/grillroom, zalenverhuur (zonder regulier gebruik ten behoeve van feesten en muziek-/dansevenementen); 3. Categorie 3 "zware horeca": Bedrijven die voor een goed functioneren ook 's nachts geopend zijn en die tevens een groot aantal bezoekers aantrekken en daardoor grote
vastgesteldbestemmingsplanReparatieplan 2021