Raadsvoorstel Tariefvoorstellen en Verordeningen belastingen en rechten Begroting 2022
Tekst van het document
2021/21720
Raadsvoorstel en besluitnota Onderwerp Tariefvoorstellen en Verordeningen belastingen en rechten - Begroting 2022 Gevraagd besluit Vast te stellen: 1. de tarieven belastingen en rechten voor de Begroting 2022, overeenkomstig het gemeentelijk kader en conform het overzicht 'Samenvatting tariefvoorstellen' op pagina 3, 4 en 5 van dit voorstel; 2. de tarieven Begraafrechten en van de Parkeerbelasting het tarief ‘wielklem’ en ‘wegslepen’, in afwijking van het gemeentelijk kader (hogere stijging dan de 1,4% indexering); 3. conform het overzicht 'Samenvatting tariefvoorstellen' op pagina 3, 4 en 5 van dit voorstel, de bijgevoegde belastingverordeningen Zaanstad voor 2022: • Verordening op de heffing en invordering van de Onroerendezaakbelasting • Verordening op de heffing en invordering van belastingen op roerende woon- en bedrijfsruimten • Verordening op de heffing en invordering van Parkeerbelasting • Verordening op de heffing en invordering van Precariobelasting • Verordening op de heffing en invordering van Reclamebelasting • Verordening op de heffing en invordering van Hondenbelasting • Verordening op de heffing en invordering van Afvalstoffenheffing • Verordening op de heffing en invordering van rechten voor het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen • Verordening op de heffing en invordering van Marktgelden • Verordening op de heffing en invordering van Rioolheffing •
Verordening op de heffing en invordering van Leges • Verordening op de heffing en invordering van Toeristenbelasting • Verordening op de heffing en invordering van de Watertoeristenbelasting • Verordening op de heffing en invordering van de Vermakelijkhedenretributie Zaanse Schans Geheimhouding op grond van de Gemeentewet Openbaar Kernverhaal Met de Voorjaarsnota zijn de kaders vastgesteld waarbinnen de Begroting is uitgewerkt. De Begroting omvat onder andere een uitwerking van de ambities in effecten en prestaties die het college wil bereiken. De coronacrisis heeft aanzienlijke maatschappelijke en financiële consequenties. Om deze reden is de Voorjaarsnota beleidsarm vastgesteld. Het coronavirus zal over 2021 voor de belastingen en rechten een minderopbrengst tot gevolg hebben. Ook kan het leiden tot hogere kosten; bijvoorbeeld door een toename van de tonnages afval. De exacte omvang is nog niet vast te stellen. De omvang wordt inzichtelijk gemaakt in een afzonderlijke coronamonitor. De gevolgen zijn om deze reden niet meegenomen in de voorliggende tariefvoorstellen. Met de Voorjaarsnota zijn de volgende ambities door de raad vastgesteld: De algemene belastingen, zoals de Onroerendezaakbelasting (OZB), worden alleen verhoogd met de prijsindexatie van 1,4%. Voor de rechten of retributies geldt als uitgangspunt dat deze 100% kostendekkend zijn.
Voor inwoners die de lokale woonlasten niet kunnen betalen, blijft het mogelijk volledige kwijtschelding aan te vragen. Dit voorstel bevat de tariefvoorstellen en Verordeningen belastingen en rechten voor de Begroting 2022. Hierin zijn de ambities uit de Voorjaarsnota meegenomen. De tariefverhoging overschrijdt niet het indexeringspercentage van 1,4%, behalve bij de Begraafrechten en de Parkeerbelasting. De Begraafrechten stijgen met 16,4%. Bij de
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
2/24
gemeente Zaanstad
Parkeerbelasting stijgt het tarief ‘wielklemmen’ met 39,1% en het tarief ‘wegslepen’ met 11,6%. Dit wordt bij de betreffende heffing toegelicht. De Hondenbelasting blijft voor 2022 gehandhaafd door het ontbreken van kostendekking binnen de Begroting. Nieuwe wetgeving en Leges Verordening 2022 met ingang van 1 juli 2022 treedt de Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging bouwen (Wkb) in werking. Deze nieuwe wetgeving heeft grote impact: fiscaal juridisch, financieel en uitvoeringstechnisch. Hoofdstuk 2 van de Leges Verordening wordt aanzienlijk gewijzigd. Op basis van de oude Verordening kan vanaf 1 juli 2022 niet meer worden geheven. Binnen de organisatie wordt hard gewerkt aan de implementatie van de nieuwe wetgeving, zodat er vanaf 1 juli 2022 (of zo snel mogelijk daarna) weer een basis is voor het in rekening brengen van leges tegenover de te maken kosten. Een inschatting van de financiële consequenties (gemeentelijke kosten en mogelijk ook een aanzienlijke minderopbrengst) wordt opgenomen in de begroting 2022. U wordt hierover geïnformeerd met een separaat voorstel. Woonlasten De woonlasten worden met name bepaald door de Afvalstoffen-, Rioolheffing en de OZB. Zaanstad wordt in vergelijking met andere gemeenten, voor de woonlasten aangemerkt als een duurdere gemeente (bron: www.coelo.nl).
Dit komt door een relatief hoge Rioolheffing, onder meer als gevolg van de bodemgesteldheid (veengrond). Vanuit de egalisatievoorziening riolen wordt een korting op het tarief Rioolheffing gegeven. Hierdoor kan het tarief gelijk blijven aan 2019. De tariefstijging van de Afvalstoffenheffing kan beperkt blijven tot 0,5%. De tarieven OZB worden eind oktober vastgesteld; de opbrengstverhoging beperkt zich tot de prijsindexatie van 1,4%. Aanleiding De Begroting 2022 en Tariefvoorstellen en verordeningen belastingen en rechten voor de Begroting 2022. Beoogd resultaat Voor de Begroting 2022 vastgestelde tarieven belastingen en rechten. Redactioneel en juridisch juiste verordeningen om in 2022 tijdig en rechtmatig belastingen en rechten te kunnen heffen. Kader Gemeentewet, Wet Milieubeheer, Besluit Begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV), Voorjaarsnota 2021-2025, de Financiële verordening 2019 (met name artikel 12 ‘Kostprijsberekening en tarieven’), richtlijn Begroting 2017-2020 bijlage 3 ‘Kaders en grondslagen’, nota Kostentoerekening tarieven 2017. Het volgende is van invloed op dit voorstel: Tarieven Onroerendezaakbelastingen en overige belastingen Op de Onroerendezaakbelastingen en overige belastingen wordt alleen de prijsindexatie toegepast van 1,4%. Belastinginkomsten komen ten gunste van de algemene dekkingsmiddelen van de gemeente.
In tegenstelling tot bij de rechten en bestemmingsheffingen (Riool- en Afvalstoffenheffing), is de opbrengst van een belasting niet begrensd tot 100% van de begrote kosten. Om deze reden, wordt bij de tariefvoorstellen de mate van kostendekkendheid niet vermeld. Tarieven rechten en bestemmingsheffingen Voor de tarieven van de rechten of retributies (waaronder de Leges) en de bestemmingsheffingen (Riool- en Afvalstoffenheffing) geldt als uitgangspunt 100% kostendekkendheid, tenzij andere afspraken zijn gemaakt. De opbrengst van een recht of
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
3/24
gemeente Zaanstad
bestemmingsheffing mag niet meer bedragen dan 100% van de begrote kosten. Alleen de Vermakelijkhedenretributie is niet begrensd tot een maximum van 100% kostenverhaal en mag een overschrijding laten zien. Prijsindexering Als uitgangspunt geldt indexering van alle tarieven met het indexeringspercentage van 1,4%. Tarief overhead Op grond van de Gemeentewet mag aan de heffingen een redelijke opslag voor overhead worden toegerekend. De doorberekening van overhead tarieven binnen de gemeente Zaanstad, is begin 2018 opnieuw voor een periode van 4 jaar vastgesteld. Er zijn drie overhead tarieven: - facilitaire overhead uitvoering (€ 29,01) - facilitaire overhead zonder uitvoering (€ 30,81) - sector eigen overhead (€ 5,12). De facilitaire overhead zijn de kosten die betrekking hebben op de sectoren Strategie & control, Advisering en interne dienstverlening, Directie en huisvestingskosten van het Stadhuis. De sector eigen overhead bestaat voornamelijk uit de kosten in de vorm van leiding / aansturing en overige afdelingskosten. Voor elk model geldt het facilitaire (zonder uitvoering) en sector eigen tarief. Het facilitaire tarief met uitvoering wordt gebruikt bij het tarief Begraafrechten, Afvalstoffen- en Rioolheffing, voor het gebruik van bedrijfsvoertuigen en werktuigen bij de werkzaamheden.
Met ingang van 1 juli 2022 treedt de volgende wetgeving in werking: De Omgevingswet De Omgevingswet heeft gevolgen voor de legesheffing van gemeenten, provincies en waterschappen. Het geeft decentrale overheden meer beleidsvrijheid bij het stellen van regels over de fysieke leefomgeving. Er kan worden gekozen voor zorgplichten, verboden, maatwerkvoorschriften, meldingsplichten en vergunningplichten. De gemaakte keuzes hebben gevolgen voor de omvang van de werkzaamheden en daarmee voor de kosten die via legesheffing kunnen worden verhaald. Voorbeelden: (1) voor een melding is geen legesheffing mogelijk, voor een vergunning wel en (2) onder de Omgevingswet vervalt het legesverbod voor milieubelastende activiteiten, waardoor leges voor milieuvergunningen mogelijk zijn. Wet Kwaliteitsborging Gelijktijdig met de Omgevingswet treedt de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen in werking. Gevolg hiervan is dat voor bouwwerken uit gevolgklasse 1 (o.a. grondgebonden woningen - met uitzondering van een flatwoning - en kleinere bedrijfspanden) geen bouwtechnische toets meer wordt uitgevoerd door de gemeente. Dit wordt bij private partijen belegd. Argumenten en afwegingen Samenvatting tariefvoorstellen 2022 In dit voorstel worden de volgende tarieven belastingen en rechten voorgesteld: Belastingen Onroerendezaakbelasting
diverse
Tariefstijging / kostendekking 1,4%
Onroerende woon- en bedrijfsruimte belasting
diverse
1,4%
diverse
WOZ-waarde klassen
- / 100%
WOZ-waarde klassen
BIZ-heffing Stadshart Zaandam (vastgesteld 2018/18177)
Tarief 2021
Tarief 2022 diverse
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
4/24
gemeente Zaanstad
Parkeerbelasting
diverse
ca. 1,4%1
diverse
Naheffingsaanslag
€ 63,50
€ 61,852
Wielklem
€ 85,00
Wegslepen
€ 307,00
-2,6% / 99,9% 39,1% / 100% 11,6% / 100%
Precariobelasting
diverse
1,4%
diverse
€
19,71
1,4%
€ 19,99
€
1,64
1,4%
€
€
29,85
1,4%
€ 30,27
€
2,49
1,4%
€
2,52
1e hond
€
74,70
1,4%
€
75,75
2e hond en volgenden
€ 122,35
1,4%
€ 124,06
€ 118,25 € 342,50
Reclamebelasting Openbare aankondigingen, onverlicht, per m² per jaar Openbare aankondigingen, onverlicht, per m² per maand Openbare aankondigingen, verlicht, per m² per jaar Openbare aankondigingen, verlicht, per m² per maand
1,66
Hondenbelasting
Toeristenbelasting Toeristenbelasting
(per overnachting)
Watertoeristenbelasting
diverse
1,4%
(per etmaal)
€
2,00
1,4%
€
(per m1)
€
3,16
-
private heffing
Verhoging Havengeld (rivier)cruisevaart
diverse 2,03
Rechten / bestemmingsheffingen Afvalstoffenheffing
€ 337,00
0,5% / 100%
€ 338,69
Zeehavengeld
diverse
1,4%
vaststelling in 2022
Begraafrechten
diverse
16,4% / 100%
diverse
Marktgelden, per m²
€
0,73
-9.6%/ 99,7%
€
0,66
Vermakelijkhedenretributie Zaanse Schans
€
0,25
- / 100%
€
0,25
Rioolheffing Tot 300 m3 water
€ 284,41*
Elke 100 m3 daarboven
€ 94,80**
Korting 1,4% (2020, 2021 & 2022) / 97,4% idem Kostendekking 2022 97,3%
Tarief 2022
Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening
Kostendekking 2021 97,9%
Hoofdstuk 2 Omgevingsvergunningen
99,9%
100%
diverse
Leges
€ 284,41*
€ 94,80**
diverse
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
5/24
Hoofdstuk 3 dienstverlening vallend onder de Europese dienstenrichtlijn
100%
gemeente Zaanstad
97,7%
diverse
* Tarief 2020 incl. 1,5% indexering bedroeg € 288,68. Met korting van 1,5%, bleef het tarief echter € 284,41. Tarief 2021 incl.1,5% indexering bedroeg € 293,01. Met korting van 2x 1,5% (2020, 2021) bleef het tarief € 284,41. Tarief 2022 incl.1,4% indexering bedraagt € 297,11. Met korting van 2x 1,5% en 1x 1,4% (2020, 2021, 2022) kan het tarief wederom gehandhaafd blijven op € 284,41. ** Tarief 2020 incl. 1,5% indexering bedroeg € 96,22. Met korting van 1,5%, bleef het tarief echter € 94,80. Tarief 2021 incl. 1,5% indexering bedroeg € 97,66. Met korting van 2x 1,5% (2020, 2021) bleef het tarief € 94,80. Tarief 2022 incl. 1,4% indexering bedraagt € 99,03. Met korting van 2x 1,5% en 1x 1,4% (2020, 2021, 2022) kan het tarief wederom gehandhaafd blijven op € 94,80.
1. Voorstellen belastingen Belastingen zijn gedwongen betalingen aan de gemeente zonder dat er op individueel verzoek een dienst is verleend. Gemeenten mogen alleen de belastingen heffen die zijn genoemd in de Gemeentewet of een andere wet in formele zin. 1.1 Onroerendezaakbelasting (OZB) en Roerende woon- en bedrijfsruimtebelasting (RWBB) Advies tarieven OZB 2022 Uitgangspunt is een gelijkblijvende opbrengst OZB ten opzichte van het voorgaande jaar. Conform de Voorjaarsnota wordt de OZB opbrengst voor 2022 alleen geïndexeerd met 1,4%.Hierbij wordt rekening gehouden met een extra opbrengst OZB door areaaluitbreiding van woningen en niet-woningen. Macronorm vervangen door benchmark De gemeente heeft beleidsvrijheid bij het jaarlijks vaststellen van het OZB tarief. Hierbij werd vanuit het Rijk wel een voorwaarde gesteld; een jaarlijks opnieuw vast te stellen macronorm. De macronorm was een bestuurlijke afspraak uit 2007 en gaf aan met hoeveel procent de OZB opbrengst van alle gemeenten samen, jaarlijks maximaal mocht stijgen. Uit landelijk onderzoek is gebleken dat de macronorm geen effectief instrument is. Tijdens het bestuurlijk overleg Financiële verhoudingen van 2 april 2019 heeft het Rijk met de VNG afgesproken, dat vanaf 2020 een Benchmark woonlasten wordt ingevoerd om jaarlijks de ontwikkeling van de lokale lasten inzichtelijker te maken.
In de benchmark wordt een vergelijking gegeven van de gemeentelijke woonlasten, de gemeentelijke tariefontwikkeling per provincie en de landelijke en provinciale gemiddelden. OZB en herwaardering Wet WOZ De opbrengst OZB is de uitkomst van het tarief x (maal) de WOZ waarde. De OZB tarieven worden onder meer afgeleid uit de waarde van alle onroerende zaken binnen de gemeente Zaanstad. De waarde van de onroerende zaken is grondslag voor de OZB heffing. Op grond van het bepaalde in de Wet Waardering onroerende zaken (Wet WOZ), worden alle onroerende zaken binnen de gemeente jaarlijks opnieuw gewaardeerd. De herwaardering binnen de gemeente is op dit moment nog niet afgerond, waardoor het nog niet mogelijk is de definitieve OZB tarieven te berekenen. Om deze reden zijn er nog geen OZB tarieven in het voorstel opgenomen. De procedure is gelijk aan die in voorgaande jaren. Eind oktober worden de nieuwe OZB tarieven in een memo met 1 De parkeertarieven worden, conform de normale afrondingsmethodiek, afgerond op 5 eurocent. Voor sommige
parkeerproducten is de prijsstijging daardoor iets meer of minder dan 1,4% omdat de niet-afgeronde tarieven de rekenbasis voor indexering vormen. 2 De hoogte van de naheffingsaanslag is mede afhankelijk van het maximum Rijkstarief. Het Rijkstarief voor 2022 is vastgesteld op € 66,50 (Staatscourant 2021 nr. 40592).
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
6/24
gemeente Zaanstad
onderbouwing aan de griffie bekend gemaakt, met het verzoek de tarieven door te voeren in de Verordeningen OZB en RWWB. Tarieven RWBB De tarieven voor de Roerende Woon- en Bedrijfsruimte belasting worden op grond van artikel 221 lid 3 Gemeentewet gelijkgesteld aan die van de OZB. 1.2 Bedrijveninvesteringszone (BIZ-heffing) Stadshart Zaandam 2019-2023 De raad heeft bij besluit 2018/18177 de Verordening Bedrijveninvesteringszone Stadshart Zaandam vastgesteld voor een periode van 5 jaar; 2019 t/m 2023. Van de Verordening maakt onderdeel uit, een door college en het bestuur Stichting Stadshart Zaandam (BIZbestuur) ondertekende uitvoeringsovereenkomst en een plattegrond met de aangewezen straten in de binnenstad van Zaandam. De BIZ-bijdrage wordt geheven van de gebruiker van een niet-woning (bedrijf, instelling ed.). Indien een onroerende zaak bij het begin van het kalenderjaar niet in gebruik is, wordt de BIZ-bijdrage van de eigenaar geheven. De bijdrage wordt vastgesteld naar de WOZwaarde van belastingjaar 2019. Begroting In de Begroting is een reservering opgenomen. De geraamde bruto opbrengst van de in te voeren BIZ-heffing bedraagt € 182.000 per jaar. Hierop worden de geraamde kosten voor heffing en invordering (perceptiekosten) van 2,5% in mindering gebracht. Per saldo resteert € 177.450,- dat beschikbaar is om af te dragen aan het BIZ bestuur.
Deze afdracht wordt in twee delen in de vorm van een subsidie verstrekt; aan het begin van het jaar 75%. Op basis van de definitieve vaststelling van de BIZ-opbrengst, wordt het restant van het vastgestelde subsidiebedrag uitgekeerd. Deze subsidie kan worden aangewend voor investeringen binnen het aangewezen gebied (de BIZ-zone). Deze investeringen zijn aanvullend op de werkzaamheden die de gemeente al doet. De BIZ-bijdrage WOZ-waarde klassen
BIZ-bijdrage
niet meer dan € 150.000
€ 250
meer dan € 150.000, maar niet meer dan € 500.000
€ 500
meer dan € 500.000, maar niet meer dan € 1.000.000
€ 750
meer dan € 1.000.000
€ 1.000
1.3 Kwijtschelding Kwijtschelding kan worden verleend voor de Afvalstoffen-, Rioolheffing en Hondenbelasting (voor de eerste hond). Zaanstad hanteert een kwijtscheldingsnorm van maximaal 100% en voert daarmee een maximaal kwijtscheldingsbeleid. De uitkomsten van de kwijtschelding worden doorberekend in de jaarlijkse tariefstelling van de Afvalstoffen-. Rioolheffing en Hondenbelasting. Kwijtschelding ondernemers ‘Natuurlijke personen die een bedrijf of zelfstandig beroep uitoefenen’, de zogenoemde kleine ondernemers, kunnen sinds 1 april 2011 in aanmerking komen voor kwijtschelding van hun privé-belastingschulden (hierna genoemd; kwijtschelding ondernemers). Een voorwaarde is, dat de raad de kwijtschelding voor deze doelgroep heeft opengesteld. Met een motie in 2012, werd een driejarige pilot van 2014-2016 opengesteld (evaluatie 2016/ 227226). Bij de raadsbehandeling van de Kaderbrief 2019, werd amendement C Armoedebestrijding / lokale heffingen van 19 juli 2018 aangenomen. Hiermee is de kwijtschelding voor ondernemers vanaf 2019 wederom opengesteld, voor de duur van 4 jaar.
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
7/24
gemeente Zaanstad
1.4 Parkeerbelasting en naheffingsaanslag 2022 Parkeerbelasting Indexering en afronding parkeertarieven Met de Verordening Parkeerbelasting worden diverse parkeertarieven geheven. De tarieven worden jaarlijks geïndexeerd met de prijsindexatie; deze bedraagt voor 2022 1,4%. De parkeertarieven worden, conform de normale afrondingsmethodiek, afgerond op 5 eurocent. Voor sommige parkeerproducten is de prijsstijging in 2022 daardoor iets meer of minder dan 1,4% omdat de niet-afgeronde tarieven de rekenbasis voor indexering vormen. Handhaving Zaanstad handhaaft fiscaal rechtelijk op voertuigeigenaren die niet betalen, door middel van een naheffingsaanslag. Met ingang van 2020 wordt gebruik gemaakt van de wielklem (2019/15590, 2019/169123). Op grond van artikel 235 eerste lid Gemeentewet kan een voertuig worden geklemd en weggesleept bij: 1. het niet voldoen van parkeerbelasting door een niet-Nederlandse kentekenhouder afkomstig uit landen die geen persoonsgegevens met Nederland uitwisselen; 2. notoire wanbetalers met 5 of meer openstaande naheffingsaanslagen. Hierdoor ontstaat er meer gelijkheid in de handhaving op Nederlandse en niet-Nederlandse voertuigeigenaren. De wielklem is een middel om de betaling zeker te stellen. Buitenlandse kentekenhouders verblijven vaak niet langer dan een dag; de voertuigen worden om deze reden direct geklemd.
Dit omdat 85% van de opgelegde naheffingsaanslagen aan nietNederlandse voertuigeigenaren afkomstig zijn uit landen die geen persoonsgegevens met Nederland uitwisselen en boetes niet alsnog kunnen worden geïnd. Tariefstelling In artikel 9, lid 3 letter c van de Verordening Parkeerbelasting, is een extra tarief per dag opgenomen voor het in bewaring nemen van een voertuig. Dit tarief wordt door de firma die de weggesleepte auto’s in bewaring neemt, per dag bij de gemeente in rekening gebracht. Op grond van artikel 235 lid 5 Gemeentewet kan de gemeente deze kosten doorbelasten aan de kentekenhouder van het voertuig. Het tarief Wielklemmen gaat met 39,1% omhoog naar € 118,25 en het wegslepen met 11,6% naar € 342,50. Dit wordt veroorzaakt omdat eerder geen overhead werd toegerekend aan deze tarieven. Dit is echter niet in lijn met de andere tarieven. Advies tarieven Parkeerbelasting 2022 Indexering van de tarieven met 1,4%. Afronding van de parkeertarieven, conform de normale afrondingsmethodiek, op 5 eurocent. Voor sommige parkeerproducten is de prijsstijging in 2022 daardoor iets meer of minder dan 1,4% omdat de niet-afgeronde tarieven de rekenbasis voor indexering vormen. Om mantelzorgers ten tijde van de corona-crisis tegemoet te komen, wordt voorgesteld om ook voor 2022 de mantelzorg parkeervergunning gratis te verstrekken.
Wijzigingen door te voeren in de Verordeningen Parkeerbelasting en aanwijsbesluiten: - tarieven doorvoeren in de Verordening Parkeerbelasting 2022 en aanpassing van de bijbehorende aanwijsbesluiten. Bij aanlevering van de gewijzigde Verordening wordt een apart kostenmodel toegevoegd Naheffingsaanslag 2022 Bij het parkeren zonder betaling van Parkeerbelasting, wordt een naheffingsaanslag (Nha) opgelegd. Het tarief van de Nha wordt bepaald door de gemeentelijke kosten van naheffen en het tarief van 1 uur Parkeerbelasting. Het Rijk stelt jaarlijks een maximum tarief vast; voor 2022 een bedrag van € 66,50 (Staatscourant 2021 nr. 40592). Indien de
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
8/24
gemeente Zaanstad
gemeentelijke kosten onder het maximum tarief uitkomen, dan dient de Nha naar beneden te worden bijgesteld. Het aantal naheffingsaanslagen is naar boven bijgesteld; naar 24.500 aanslagen. Door een efficiëntere inzet van handhaving de afgelopen jaren zet de stijgende tendens door. Daarnaast wordt vanaf 2022 een scanvoertuig ingezet voor de controle op betaald parkeren. Hiervoor heeft het college akkoord gegeven op de businesscase die was bijgevoegd bij B&W voorstel 2020/10260. Dit scanvoertuig zou worden ingezet vanaf 2021, maar vanwege vertraging in de aanbesteding wordt dit 2022. Hierover bent u geïnformeerd in raadsinformatiebrief 2021/11471. Verloop naheffingsaanslagen Jaar 2020 2021 2022
Aantal 19614 20400 24500
Bijstelling +786 +4100
In de bijlage is het kostenmodel naheffingsaanslagen 2022 opgenomen. Advies tarief naheffingsaanslagen 2022 Het tarief daalt van € 63,50 in 2021 naar € 61,85 in 2022. Dit wordt veroorzaakt door het naar verwachting hogere aantal naheffingsaanslagen dat kan worden opgelegd door het scanvoertuig. Dit is meer dan voldoende om de extra kosten van het mobiel scannen te dekken. De kostendekkendheid bedraagt 99,9%. In plaats van het aanbrengen van een naheffingsaanslag (Nha) op het voertuig, wordt naar verwachting dit jaar een aanslag verzonden. Grondslag: artikel 234 lid 7 Gemeentewet. De bezwaarmogelijkheid vangt aan m.i.v. de dagtekening van de aanslag. Deze wijziging is een administratieve lastenverlichting en loopt vooruit op het inzetten van een scanvoertuig. 1.5 Precariobelasting Advies tarief Precariobelasting 2022 De tarieven van de Precariobelasting zijn geïndexeerd met 1,4%. Wijzigingen doorgevoerd in de Verordening Precariobelasting 2022: - geen beleidswijzigingen. 1.6 Reclamebelasting Advies tarief Reclamebelasting 2022 De tarieven van de Reclamebelasting zijn geïndexeerd met 1,4%. Reclamebelasting
Tarief 2021
Indexering
Tarief 2022
Openbare aankondigingen, onverlicht, per m² per jaar
€ 19,71
1,4%
€ 19,99
Openbare aankondigingen, onverlicht, per m² per maand
€ 1,64
1,4%
€ 1,66
Openbare aankondigingen, verlicht, per m² per jaar
€ 29,85
1,4%
€ 30,27
Openbare aankondigingen, verlicht, per m² per maand
€ 2,49
1,4%
€ 2,52
Wijzigingen doorgevoerd in de Verordening Reclamebelasting 2022: - geen beleidswijzigingen. 1.7 Hondenbelasting Zoals opgenomen in het coalitieakkoord en beantwoorde moties, is het streven de Hondenbelasting af te schaffen. Prognose 2022: Begrote baten hondenbelasting (incl. indexering) € 615.000 Af: kosten uitvoering (controle buitendienst op hondenbezit) € 23.000 Af: kosten kwijtschelding (alleen voor de 1e hond) € 28.000
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
9/24
gemeente Zaanstad
€ 564.000 Om de hondenbelasting af te schaffen is € 564.000 dekking nodig voor de daartegenover staande begrotingsuitgaven. Afschaffing van de Hondenbelasting wil nog niet zeggen dat het gemeentelijk beleid rond ‘het houden van honden’ wijzigt. De kosten voor inrichting / onderhoud van honden uitrenplaatsen, het in stand houden en legen van hondenpoepbakken, de controle op naleving loslopen etc. blijven - bij ongewijzigd beleid bestaan. Advies tarief Hondenbelasting 2022 Hondenbelasting wordt geheven van de houder van een hond binnen de gemeente. De tarieven zijn geïndexeerd met 1,4%. Hondenbelasting
Tarief 2021
Indexering
Tarief 2022
1 hond
€ 74,70
1,4%
€ 75,75
2e hond en volgenden
€ 122,35
1,4%
€ 124,06
e
Bij de Voorjaarsnota (VJN) is amendement D aangenomen met de volgende strekking: “het onderwerp is geplaatst op de lijst met prioriteiten (zie pag 6 VJN) voor wanneer er bij de begroting meer financiële ruimte is”. De Hondenbelasting blijft voor 2022 gehandhaafd door het ontbreken van kostendekking binnen de Begroting. Wijzigingen doorgevoerd in de Verordening Hondenbelasting 2022: - geen beleidswijzigingen. 1.8 Toeristenbelasting Als uitwerking van het in 2020 bij de Voorjaarsnota aangenomen amendement A, is met ingang van 2021 nieuw beleid ingevoerd: 1. een tariefdifferentiatie Toeristenbelasting naar ligging en soort locatie; 2. een nieuwe heffing Watertoeristenbelasting; 3. verhoging van de reserveringsregeling Havengeld voor de riviercruisevaart; 4. een plan van aanpak op vakantieverhuur aangeboden via digitale platforms zoals Airbnb. Het nieuwe beleid heeft ten doel een betere spreiding van de Toeristenbelasting over de verschillende aanbieders van verblijven binnen de gemeente, zowel op het land als het water. Zie hierbij besluit nummers 2020/12612, 2020/12705, 2020/12706 en 2020/12707. Advies tarieven Toeristenbelasting 2022 De tarieven Toeristenbelasting zijn geïndexeerd met 1,4%. Toeristenbelasting Per overnachting per persoon in het centrumgebied
2021 € 7,00
2022 € 7,10
Per overnachting per persoon buiten het centrumgebied
€ 5,00
€ 5,07
Verblijf op kampeerterreinen en camperplaatsen per overnachting per persoon
€ 4,00
€ 4,06
Per overnachting per persoon op een locatie die niet in zijn geheel in het centrumgebied is gelegen Watertoeristenbelasting (per etmaal)
€ 5,00
€ 5,07
€ 2,00
€ 2,03
Havengeld (rivier)cruisevaart (per m1)
€ 3,16
private heffing
Wijzigingen doorgevoerd in de Verordeningen Toeristenbelasting ‘op het land’ 2022: - geen beleidswijzigingen. Wijzigingen doorgevoerd in de Verordening Watertoeristenbelasting 2022:
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
10/24
-
gemeente Zaanstad
geen beleidswijzigingen.
2. Voorstellen rechten en bestemmingsheffingen Onder de rechten (ook wel retributies genoemd) vallen de Begraafrechten, Leges, Marktgelden, Vermakelijkhedenretributie Zaanse Schans en het Zeehavengeld. De bestemmingsheffingen zijn de Afvalstoffen- en de Rioolheffing. Voor de rechten en bestemmingsheffingen mag maximaal 100% aan kosten worden verhaald. Alleen de Vermakelijkhedenretributie is niet begrensd tot een maximum van 100% kostenverhaal en mag een overschrijding laten zien. 2.1 Havengelden Binnenhaven- en Kadegeld Vanaf 1 januari 2018 is het Zaanse en Amsterdamse havenwater voor de beroepsvaart binnenvaart één havengebied. Het Havenbedrijf Amsterdam en gemeente Zaanstad werken samen in de uitvoering van de Havengelden. De tarieven zijn geprivatiseerd en liggen op het niveau van Amsterdam, met uitzondering van de reserveringsregeling (voorheen Kadegeld). De Verordening Binnenhaven- en Kadegeld is met ingang van 1 januari 2018 ingetrokken (2016/172355). Deze tariefstelling maakt hierdoor geen onderdeel meer uit van het huidige voorstel. Door het in 2020 aannemen van amendement A bij de Voorjaarsnota, komt wel de reserveringsregeling voor riviercruisevaart aan de orde onder ‘1.8 Toeristenbelasting’. Doelstelling van amendement A was om de heffing van Toeristenbelasting te verbreden, zowel op het land als het water.
Hierdoor is het tarief reserveringsregeling voor de riviercruisevaart in 2021 met 35% verhoogd naar € 3,16. De meeropbrengst komt ten goede aan de Toeristenbelasting. Zie besluitvorming 2020/12706. Zeehavengeld Gemeente Zaanstad stemt op basis van Europese regelgeving (anti-concurrentiebeding ten aanzien van andere lidstaten), jaarlijks de tarieven af op die van de gemeente Amsterdam. De tarieven van Amsterdam worden pas in januari bekend. De tariefstelling van de Zaanse Verordening Zeehavengeld wordt hierdoor - zoals elk jaar - later aan de raad voorgelegd. Voor de Begroting 2022 is vooralsnog uitgegaan van het indexeringspercentage van 1,4%. Met het Havenbedrijf Amsterdam wordt onderzocht of de heffing van het Zeehavengeld in de nabije toekomst eveneens kan worden gedefiscaliseerd (cf. het Binnenhaven- en Kadegeld). Hiermee zou ook de Verordening Zeehavengeld komen te vervallen en privaatrechtelijk worden geheven in samenwerking met gemeente Amsterdam. 2.2 Vermakelijkhedenretributie Zaanse Schans De inwerkingtreding van de Vermakelijkhedenretributie (VMR) is vanaf 2019 verschillende malen uitgesteld, in afwachting van een door de stakeholders Zaanse Schans aan te leveren alternatief exploitatiemodel (toegangskaart).
Uitgangspunt voor een nieuwe toegangskaart blijft, dat deze kostendekkend is voor de voorzieningen die de gemeente heeft getroffen ten behoeve van de Zaanse Schans. Bij het nog niet aanleveren van een alternatief exploitatiemodel, is de VMR op 1 februari 2021 alsnog in werking getreden. In overeenstemming met de financiële kaders van de raad (kostendekkende tarieven), vindt jaarlijks een evaluatie plaats van het kostenverhaal en de tariefstelling. Uitgangspunt is een kostendekkend tarief als kostenverhaal voor de gemeentelijke voorzieningen ten behoeve van de Zaanse Schans. Verhaalbare kosten De met de VMR verhaalbare kosten komen in 2022 uit op ca. € 614.331. Van dit bedrag wordt € 343.000 besteed aan structurele (jaarlijks terugkerende) lasten ten behoeve van de
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
11/24
gemeente Zaanstad
Zaanse Schans (onderhoudssubsidies/-kosten voor het openbaar gebied en kades/ steigers, kapitaallasten, een deel van de gemeentelijke apparaatskosten, een bijdrage aan stichting Marketing Zaanstreek en de inzet van Boa’s voor toezicht en handhaving). Het resterende bedrag wordt besteed aan de realisatie/uitvoering van het Programmaplan Zaanse Schans in 2022 en de ambtelijke capaciteit die voor het dossier benodigd is. Dit Programmaplan is in maart jl. door het college vastgesteld. Het Programmaplan omvat met name maatregelen omtrent de problematiek op het gebied van verkeer, parkeren en openbare ruimte. Deze maatregelen dragen bij aan het verbeteren van de veiligheid (verkeer, openbare ruimte, gebouwen) op en leefbaarheid van de Zaanse Schans. Bezoekersaantal en tariefstelling De inschatting is dat in 2022 2,5 miljoen betalende bezoekers de Zaanse Schans zullen bezoeken. Het jaar 2022 zal een uitzonderlijk jaar worden, waarin het toeristisch bezoek aan de Zaanse Schans zich zal moeten herstellen na de corona pandemie. Hierdoor is het lastig in te schatten en is het mogelijk dat dit aantal anders zal uitpakken. Daarom wordt uitgegaan van het gerealiseerde aantal bezoekers in 2019.
In de Verordening VMR Zaanse Schans is over het bezoek aan vermakelijkheden opgenomen: ‘’De gemiddelde bezoeker van de Zaanse Schans zal - zo blijkt uit onderzoek - een of meer betaalde vermakelijkheden aandoen.’’ Op termijn verwachten we door de VMR-heffingen beter inzicht te krijgen in het daadwerkelijke aantal betaalde bezoeken. Advies tarief VMR Het totaal aan verhaalbare kosten € 614.331 gedeeld door 2,5 miljoen bezoeken aan betaalde vermakelijkheden resulteert in het tarief van € 0,25 / bezoeker, gelijk aan 2021. 2.3 Begraafrechten Ontwikkelingen tot nu toe In artikel 12 van de Financiële Verordening Zaanstad 2019 worden richtlijnen gegeven voor berekening van de tarieven. Uitgangspunt is dat de tarieven kostendekkend zijn; begraafplaatsen moeten worden beheerd door middel van een kostendekkende exploitatie. Door een aantal oorzaken lukt dat niet meer. De belangrijkste oorzaak is het teruglopende aantal begrafenissen door de groei van het aantal crematies. Het structurele tekort op de exploitatie bedraagt ongeveer € 140.000 per jaar. Tot en met 2021 kon dit worden gedekt vanuit de egalisatievoorziening begraafplaatsen. Geraamd wordt, dat de stand van de egalisatievoorziening per 1 januari 2022 circa € 31.000 is. Dat is het minimum (de ‘verstandige reserve’), waardoor er geen onttrekking meer kan plaatsvinden.
Eind 2020 is het rapport ‘Begraafplaatsen in beeld’ aan de raad gestuurd en heeft het college besloten om onderstaande oplossingsrichtingen verder uit te werken. Advies ‘Begraafplaatsen in beeld vervolg’ 1. Stoppen met het uitgeven van nieuwe graven op de begraafplaatsen Dolphijnstraat en de Mulderstraat; deze begraafplaatsen op termijn sluiten. 2. Het besluit te nemen tot sluiting van de begraafplaats Marktstraat te Wormerveer. 3. Stoppen met het onderhoud van de Joodse begraafplaats en de begraafplaats Krommeniedijk en het onderhoud overdragen aan respectievelijk de Joodse gemeenschap en de protestantse kerk. 4. Uitwerken mogelijkheid van een Islamitische begraafplaats; een gedeelte van de begraafplaats Zaandam verkopen aan een stichting vanuit de Islamitische gemeenschap. 5. Het afstoten van de aula’s op Krommenie Blok en Zaandijk. Deze 5 opties zijn kansrijk om voor de begraafplaatsenexploitatie op termijn baten te verhogen of lasten te verlagen. De mogelijke verlaging van de lasten wordt op termijn, met
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
12/24
gemeente Zaanstad
de realisatie van alle bovengenoemde opties, geschat op ongeveer € 120.000. Geen van deze mogelijkheden biedt een oplossing voor het structurele tekort dat zich al vanaf 2022 aandient. In de komende jaren worden de acties onder 1 t/m 5 zoveel mogelijk uitgevoerd. Het verhogen van het tarief voor de Begraafrechten met 16,4% Om het tekort op te lossen is bij een gelijk aantal begrafenissen een tariefsverhoging van de Begraafrechten nodig van 15% bovenop de prijsindexatie van 1,4%. Samen is dat 16,4%. Voordeel: Een argument om het tarief te verhogen, is dat de kosten worden doorberekend aan de daadwerkelijke afnemers van de dienst begraven. Kanttekeningen: - Daar staat tegenover dat uit het onderzoek ‘Begraafplaatsen in beeld’ is gebleken, dat de tarieven die Zaanstad hanteert al aan de hoge kant zijn vergeleken met het gemiddelde in de regio. Het risico bestaat dat Zaanstad zichzelf ‘uit de markt prijst’ waardoor het aantal begrafenissen nog verder terugloopt. - De raad heeft een amendement ingediend bij de vaststelling begroting 2021, om de tarieven niet meer te laten stijgen dan de loon- en prijsindexering.
Advies ten aanzien van de begraafplaatsen exploitatie 2022 Op grond van het voorgaande, wordt geadviseerd om voor de korte termijn de tarieven Begraafrechten met 16,4% te verhogen en in de tussentijd zoveel mogelijk van het advies ‘Begraafplaatsen in beeld vervolg’ uit te voeren. Zodra het mogelijk is - naar verwachting binnen enkele jaren - wordt het tarief weer verlaagd naarmate de inkomsten stijgen (door een toename van met name het Islamitisch begraven) en de lasten dalen (door het sluiten en overdragen van begraafplaatsen en gebouwen). Analyse kostenmutaties 2021-2022 In de bijlage zijn de tarief-/kostenmodellen begraven en begraafplaatsen 2022 opgenomen. Hierin zijn de mutaties voor 2022 weergegeven. De totale kostenstijging betreft € 12.283. Dit is voornamelijk het gevolg van loon- en prijsindexatie. 2.4 Marktgelden Het uitgangspunt dat genoemd wordt in de Financiële Verordening bij het bepalen van de tarieven is kostendekkendheid. De kosten blijken iets te hoog begroot, waardoor de verwachte kosten voor 2022 zijn afgenomen, terwijl de verwachte bezetting van de markt gelijk blijft. Hierdoor kan het tarief dalen van € 0,73 in 2021 naar € 0,66 in 2022. Afgelopen jaar is onderzoek gedaan naar de mogelijkheden voor tariefdifferentiatie.
Het voorstel om het tarief te differentiëren naar food en non-food en daarmee non-food te stimuleren, wordt door de marktcommissie niet wenselijk geacht omdat er nog ‘haken en ogen’ aan zitten en zij liever differentiëren naar stroomgebruik. Voor differentiatie naar stroomgebruik is echter nader onderzoek noodzakelijk. Advies tarief Marktgelden 2022 Het advies is om het tarief per m2 te verlagen van € 0,73 in 2021 naar € 0,66 in 2022 en voor 2023 met een voorstel voor tariefdifferentiatie op basis van stroomgebruik te komen.
Analyse kostenmutatie 2021-2022 In de bijlage zijn de tarief-/kostenmodellen Marktgelden 2022 opgenomen. Hierin zijn de mutaties voor 2022 weergegeven. De kosten zijn ten opzichte van 2021 gedaald. Het aantal m2 is gelijk gebleven.
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
13/24
gemeente Zaanstad
2.5 Rioolheffing Huidige tarief Rioolheffing In 2021 heeft Zaanstad het tarief voor de Rioolheffing vastgesteld op € 293,01. Gelijktijdig met het vaststellen van dit tarief is besloten om voor 2021 een eenmalige korting te geven van € 8,60 per heffingseenheid. Voor de Zaanse inwoner was daardoor, net als in 2020, geen stijging van het tarief ten opzichte van 2019 merkbaar. Tariefstelling 2022 Gelet op de reeds ingezette koers om te sparen voor vervangingsinvesteringen en het uitgangspunt over 40 jaar vrij te zijn van kapitaallasten, is het voorstel om voor de begroting 2022 vast te stellen: een geïndexeerd tarief met korting, waardoor de aanslag voor de Zaanse inwoner gelijk blijft aan het tarief van 2019. Uitgangspunten 1. de Rioolheffing wordt geïndexeerd met de prijsindexatie van 1,4% en volgt daarin de gangbare loon- en prijsstijgingen. Met de indexatie is het mogelijk om voldoende te sparen om daarmee de activa - en daardoor de kapitaalslasten - op termijn volledig af te bouwen. 2. Het vast te stellen tarief van de Rioolheffing stijgt daarmee van € 293,01 (2021) naar € 297,11 (2022). 3. Kapitaallasten zijn structurele lasten en bepalen in Zaanstad, met ruim € 8,9 mln. in 2022, voor ruim 39% de hoogte van de Rioolheffing.
Tot en met 2018 werden rioolvervangingen volledig geactiveerd en werd de exploitatie 40 jaar lang belast met de bijbehorende rente- en afschrijvingslasten (= kapitaallasten). Het Besluit begroting en verantwoording (Bbv) biedt de mogelijkheid om te sparen voor nieuwe vervangingsinvesteringen. Het voordeel daarvan is dat nieuwe kapitaallasten worden voorkomen. Het sparen voor vervangingsinvesteringen is op de lange termijn goedkoper dan het activeren en heeft daarmee ook een positief effect op de ontwikkeling van de Rioolheffing. Wanneer het sparen voor vervangingsinvesteringen wordt gecontinueerd, zal dit ertoe leiden dat er over 38 jaar geen activa meer zijn. Voorwaarde is wel dat de tarieven de komende jaren structureel worden geïndexeerd, zodat voldoende kan worden gespaard. Als effect kan de Rioolheffing gedurende deze periode met minimaal 20% worden verlaagd. Het college heeft in juni 2020 ingestemd met het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2020-2024. Daarbij heeft het college gekozen voor het sparen voor vervangingsinvesteringen om de schuldenlast te verminderen. 4. In 2022 wordt een bedrag van € 5,1 mln. gedoteerd aan de voorziening vervangingsinvesteringen. Dat is per heffingseenheid € 65,15. Dat leidt tot een lagere ontwikkeling van de kapitaallasten met een structureel effect van € 0,8 mln. per jaar. 5.
De Rijksuitkering ‘slappe bodem’ wordt beschikbaar gesteld voor het rioolbeheer. In 2014 heeft het Rijk de gemeenten met hogere onderhoudslasten, als gevolg van een ‘slappe bodem’ (Zaanse veengrond), financieel gecompenseerd. Zaanstad ontvangt jaarlijks via de Algemene Uitkering € 0,59 mln. Deze uitkering wordt gebruikt voor de dekking van het rioolbeheer. 6. Op basis van informatie over het vorige jaar, kan het bedrag voor kwijtschelding naar beneden worden bijgesteld. Of er door de Corona-crisis meer mensen voor kwijtschelding in aanmerking komen, is nog steeds moeilijk in te schatten. Mocht dat het geval zijn, dan is er voldoende ruimte in de egalisatievoorziening riolen om deze hogere uitgaven te dekken. Te verlenen korting 1. Het is mogelijk om vanuit de egalisatievoorziening riolen de komende jaren een korting te geven, zoals in 2020 en 2021 is gebeurd. 2. In de egalisatievoorziening riolen is een bedrag aanwezig van € 3,5 mln. Deze egalisatievoorziening heeft tot doel om onverwachte mee- en tegenvallers op de exploitatie riolering te verrekenen.
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
14/24
gemeente Zaanstad
3.
Een minimale omvang van de egalisatievoorziening riolen van € 0,6 mln. is aan te raden om incidentele financiële tegenvallers op te vangen. 4. Op basis van het Besluit begroten en verantwoording (Bbv) is het niet mogelijk om de egalisatievoorziening riolen 1-op-1 in te zetten om vervangingsinvesteringen te dekken. 5. Dit betekent dat circa € 2,9 mln. uit de egalisatievoorziening riolen moet worden teruggegeven aan de inwoners en kan worden benut om de Rioolheffing te verlagen. Bij de vaststelling van het tarief in 2023 kan opnieuw de afweging worden gemaakt in welke omvang en voor hoeveel jaar een korting kan worden doorgezet. Geïndexeerd tarief mét korting, aanslag Zaanse inwoner 2022 = tarief 2019 In 2022 wordt een eenmalige korting gegeven zodat de noodzakelijke tariefontwikkeling als gevolg van prijsontwikkeling van de afgelopen drie jaar wordt gecompenseerd. Voor de Zaanse inwoner blijft de aanslag Rioolheffing in 2022 gelijk aan die van 2019 t/m 2021 (€ 284,41). Met het compenseren van de vastgestelde prijsindexatie over de jaren 2020, 2021 en 2022 is een totaal bedrag van € 1 mln. gemoeid. Deze korting kan (afhankelijk van de ontwikkeling van de egalisatievoorziening riolen) twee jaar worden toegepast (t/m 2023).
Voordelen: - Het tarief wordt geïndexeerd en er zijn voldoende inkomsten om te sparen voor vervangingsinvesteringen waardoor op termijn de activa volledig worden afgebouwd. - De Zaanse inwoners profiteren van een korting in 2022, gelijk aan de vastgestelde prijsindexatie van 2020, 2021 en 2022 (dat is € 12,70 per heffingseenheid). - Op deze wijze wordt het surplus van de egalisatievoorziening riolen over een korte periode teruggegeven aan de inwoner. Nadelen: - Deze korting kan (ná 2022) nog één keer volledig worden gegeven. - Het verschil tussen de aanslag die de Zaanse inwoner ontvangt en het werkelijke tarief wordt met deze korting steeds groter. Op het moment dat gestopt wordt met de korting (2024), ervaart de inwoner een extra stijging van de lasten (van € 284,41 naar het noodzakelijke tariefniveau 2023), omdat tarieven worden geïndexeerd en de korting (voor de indexering over de afgelopen 3 jaar) dan in één keer wegvalt. In onderstaande tabel is het financiële gevolg weergegeven. Beschrijving
Rioolheffing volgt de noodzakelijke tariefontwikkeling met korting
Tariefontwikkeling
Tarief stijgt met 1,4% naar € 297,11 De stijging van € 12,70 wordt gecompenseerd door een korting.
KostenEgalisatiedekkend- voorziening riolen heid (- = onttrekking)
97,4%
- € 1.001.348
Voorziening vervangingsinvesteringen ( - = onttrekking)
€ 5.125.133
Advies ten aanzien van de Rioolheffing Geadviseerd wordt een ‘geïndexeerd tarief met korting; aanslag Zaanse inwoner = tarief 2019’, zodat de aanslag Rioolheffing voor de Zaanse inwoner zo lang mogelijk op het niveau van 2019 blijft. Het volgt het gemeentelijk uitgangspunt van indexering van het tarief, maar de Zaanse inwoner krijgt een deel van de Rioolheffing als korting terug, waarmee de aanslag in 2022 voor de Zaanse inwoner gelijk blijft aan de aanslag uit 2019 (€ 284,41). De gegeven korting wordt onttrokken aan de bovenmatig hoge egalisatievoorziening riolen. Het opstellen van de financiële paragraaf voor het nieuwe Gemeentelijk rioleringsplan (GRP, looptijd vanaf 2025) biedt de gelegenheid om de ontwikkeling van het tarief van de
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
15/24
gemeente Zaanstad
rioolheffing opnieuw grondig te beschouwen. Bij de vaststelling van het tarief in 2023 kan opnieuw de afweging worden gemaakt hoe een eventuele korting kan worden doorgezet, zodat de aanslag t/m 2024 zo laag mogelijk blijft voor de Zaanse inwoner. Op het moment dat gestopt wordt met de korting (2024), ervaart de inwoner een extra stijging van de lasten (van € 284,41 naar het noodzakelijke tariefniveau 2023) omdat de tarieven worden geïndexeerd en de korting voor de indexering over de afgelopen 3 jaar, in één keer wegvalt. Analyse kostenmutaties begroting 2022-2025 (alle bedragen x1.000) De totale lasten voor 2022 stijgen in totaal met € 410, waarvan de voornaamste oorzaken: - kostentoename als gevolg van loon- en prijsstijging € 131; - lagere kapitaallasten (door lagere rekenrente en direct afboeken investeringen) -€ 709; - bijstelling van de dotatie aan de Voorziening dubieuze belasting debiteuren € 88; - mutaties toegerekende kosten (waaronder +€ 135 voor straatvegen in VJN-2021) € 70; - hogere toerekening van BTW € 9; - lagere kosten door afname van het aantal kwijtscheldingen -€ 110; - door de voorgestelde spaarcomponent wordt € 5.125 gedoteerd aan de voorziening toekomstige vervangingsinvesteringen (dat is € 933 meer dan in 2021). De inkomsten stijgen met € 410. Dit wordt veroorzaakt door de stijging van het tarief met 1,4% en een toename van het aantal heffingseenheden.
De korting op de tariefstijging € 1 mln. wordt gecompenseerd door een hogere onttrekking uit de egalisatievoorziening riolen. Verloop voorziening en reserve Het verloop van het saldo egalisatievoorziening riolen wordt als volgt: Omschrijving
2022
2023
2024
2025
Saldo egalisatievoorziening riolen per 31/12 met een korting voor 2020, 2021 en 2022 € 2.460.651 € 2.458.990 € 2.461.739 € 2.461.577
De voorziening vervangingsinvesteringen kent in 2022 een dotatie van € 5,1 mln., hetgeen eind 2022 wordt ingezet voor de dekking van rioolvervangingen. Hierdoor bedraagt het saldo van die voorziening per 31 december 2022 € 0. 2.6 Afvalstoffenheffing In 2021 is het tarief voor de Afvalstoffenheffing vastgesteld op € 337,00. In dit tarief is geen rekening gehouden met de effecten van de Corona-crisis op de hoeveelheden restafval en grondstoffen. Effecten op de vorming van het tarief afvalstoffenheffing Kostentoename als gevolg van loon- en prijsstijging De kostentoename als gevolg van loon- en prijsstijging bedraagt ca. € 312.000. Dienstverleningsovereenkomst (DVO) HVC In 2020 is voor de periode 2020-2026 een nieuwe DVO afgesloten met HVC. De inzamelkosten en algemene kosten worden omgeslagen naar een tarief per woonhuisaansluiting. De verwerkingskosten worden doorbelast op basis van werkelijk gemaakte kosten, die worden afgeleid van de gerealiseerde prijzen op de
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
16/24
gemeente Zaanstad
grondstoffenmarkt en de ingezamelde tonnages aan restafval en grondstoffen (bijv. plastic, glas, papier). De inzamelkosten en algemene kosten nemen per saldo af met ca. € 65.000. Door het overnemen van de betonputten van de ondergrondse containers van HVC, worden er minder kosten aan de gemeente doorbelast. Daartegenover nemen de kosten licht toe door een toename van het aantal woonhuisaansluitingen. Hier staan ook inkomsten tegenover door een toename van het aantal heffingseenheden. Bij het tariefvoorstel 2021 is de extra inzamelronde GFT-e in de zomermaanden niet meer opgenomen, wat zou leiden tot een besparing van € 160.000. Deze besparing wordt in 2021 niet gerealiseerd, onder meer omdat het door een vertraagde communicatie hierover onwenselijk is gebleken om onverhoopt te stoppen. In 2022 wordt deze besparing alsnog gerealiseerd en in het tariefvoorstel opnieuw meegenomen. De verwerkingskosten nemen toe met ca. € 161.000. De tarieven voor verwerking van huishoudelijk afval en grondstoffen stijgen over de linie harder dan de prijsindexatie. Daarnaast is er een toename te zien in het aantal tonnages restafval en grondstoffen. Dit wordt deels veroorzaakt door groei van de stad, maar heeft ook met Corona effecten te maken.
Door Corona is er een verschuiving te zien van bedrijfsafval naar het huishoudelijk afval (door het thuiswerken) en zijn er minder seizoensgebonden trends zoals de zomervakantie. Het hogere aanbod van grondstoffen heeft ook een drukkend effect op de vergoedingen. Deze effecten zullen ook doorwerken naar de prognoses van 2022. Afvalfonds De geraamde baten afvalfonds nemen toe met € 1.248.000 en de hieraan gerelateerde lasten nemen toe met € 1.000.000. Doordat er meer tonnages aan gescheiden plastic verpakkingsafval, blik en drinkpakken (PBD) worden ingezameld ontstaat per saldo een voordeel van € 248.000, ondanks dat de vergoeding voor ingezameld PBD onder druk staat doordat ook deze stroom door Corona is toegenomen. Daarnaast ontvangt de gemeente tevens de inkomsten (€ 1.000.000) van afvalfonds voor de nascheiding die wordt uitgevoerd door HVC. Deze inkomsten worden doorbetaald aan HVC. Kwijtschelding De ervaringscijfers over de afgelopen jaren tonen een neerwaartse tendens in het aantal kwijtscheldingen in de realisatie ten opzichte van de begroting. Gevolg hiervan is, dat de kosten voor kwijtschelding met € 143.000 naar beneden kunnen worden bijgesteld. Kapitaallasten Door het overnemen van de betonputten van de ondergrondse containers van HVC, nemen de kosten voor rente en afschrijving toe met € 92.000.
Als tegenhanger worden deze kosten nu niet meer door HVC doorbelast via het contract. Per saldo ontstaat door lagere rentelasten een minimaal voordeel. Verhoging Rijksbelasting op het verbranden van restafval In 2020 heeft een verhoging van het Rijksbelastingtarief plaatsgevonden van € 32,63 naar € 33,15 per ton restafval op het verbranden van restafval. Deze stijging is minimaal hoger dan de prijsindex 2021 die was voorzien in het tarief 2021 en heeft nagenoeg geen effect. De stijging van het Rijksbelastingtarief voor 2022 is nog niet bekend. Voor de Afvalstoffenheffing 2022 wordt het Rijksbelastingtarief 2021 gehanteerd, verhoogd met de door de gemeente gehanteerde prijsindex. Egalisatievoorziening Afvalstoffenheffing (ASH) en tariefstelling 2022 Met de nieuwe DVO 2020-2026 met HVC zijn we als gemeente risicodragend geworden voor de voor- en nadelen op de verwerkingskosten. Vanuit haar ervaring schat HVC het
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
17/24
gemeente Zaanstad
risico op de verwerkingskosten op 15% en adviseert hiermee in de tariefstelling rekening te houden. Op de geraamde verwerkingskosten van ruim € 5,1 mln. per jaar is dit dus een risico van € 765.000 waar rekening mee gehouden dient te worden in de egalisatievoorziening ASH. Op basis van de Voorjaarsnota 2021-2025 is de verwachte stand van de egalisatievoorziening eind 2021 geraamd op € 913.000. Hierin is nog geen rekening gehouden met mogelijke nadelen op de verwerkingskosten (tonnages en tarieven) in 2021, die op het moment van schrijven nog onvoldoende bekend zijn. Op basis van de eerste kwartaalresultaten is echter nog steeds een flink effect te zien van Corona op de tonnages en verwerkingstarieven. Tevens worden er incidentele afrekeningen verwacht over eerdere jaren. De verwachting is dan ook dat de voorziening voor een deel zal worden aangesproken om nadelen van 2021 op te vangen. Na 2021 dient de voorziening tevens dekking te bieden voor mogelijke nadelen in 2022. Bijstelling van de voorziening is immers pas weer mogelijk met de tariefstelling voor 2023. Om het ingeschatte risico zo volledig mogelijk af te kunnen dekken, is een opbouw van de voorziening tot minimaal € 1.530.000 nodig in 2022. Dat is echter wel het meest ongunstige scenario waarin wordt uitgegaan van twee opeenvolgende ‘magere jaren’.
De snelheid waarmee de voorziening wordt opgebouwd is een bestuurlijke keuze. Bij het tariefvoorstel wordt ook de grote tariefstijging van vorig jaar in acht genomen. Daarbij geldt dat we als gemeente bij een snellere opbouw van de voorziening minder risico accepteren, maar dat dit leidt tot een hogere ASH. Bij een tragere opbouw van de voorziening accepteren we als gemeente iets hoger risico, maar hoeft de ASH minder hard te stijgen. In dit geval valt een deel van de opbouw van de voorziening vrij ten gunste van het tarief. De overige effecten op het tarief zoals hierboven beschreven zijn 1:1 vertaald in het tariefvoorstel. Verhoging van het tarief met 0,5% (stijging ASH € 1,69) Het doorvoeren van de kostenstijgingen door loon- en prijsindexatie, verwachte verwerkingskosten en opbrengsten en een voordeel op de kwijtschelding wordt afgedekt door het tarief met 0,5% te verhogen. Dit betekent een verhoging van het tarief met € 1,69 per huishouden. Hiermee stijgt het tarief minder dan de prijsindexatie van 1,4%. Omschrijving Saldo egalisatievoorziening afvalstoffenheffing per 31/12
Bedragen x € 1.000 2021 2022 913
1.556
Voordeel: met een opbouw van de voorziening met ruim € 600.000 in 2022 wordt de voorziening opgebouwd tot ruim € 1.550.000. Dit is ook na te verwachten nadelen in 2021 voldoende om het risico op de verwerkingskosten af te kunnen dekken. Daarbij stijgt het tarief minder dan de gehanteerde prijsindex. Nadeel: er is opnieuw sprake van een tariefverhoging. De stijging van de lokale lasten blijft echter beperkt tot een minimum, door het tarief minder te verhogen dan de indexatie. Advies tarief Afvalstoffenheffing 2022 Geadviseerd wordt het tarief voor 2021 te verhogen met 0,5%, ofwel € 1,69, tot een totaal bedrag van € 338,69. Dit is minder dan de gehanteerde prijsindex van 1,4%. Voor de egalisatievoorziening betekent dit dat deze aangroeit met ruim € 600.000 in 2022. Hiermee houden we rekening met verwachte nadelen over 2021 en de volatiliteit van de verwerkingsmarkt alsmede voor kleine overige tegenvallers. Daarbij accepteren we een licht, maar acceptabel risico indien de resultaten van zowel 2021 als 2022 maximaal tegenvallen. Een gezonde voorziening biedt in het geval van een gunstige verwerkingsmarkt tevens ruimte om toekomstige tariefschommelingen op te kunnen vangen.
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
18/24
gemeente Zaanstad
3. Voorstellen Leges (rechten) Voor de kostendekkendheid van de Leges Verordening 2022, wordt verwezen naar het als bijlage opgenomen tariefmodel Leges 2022. Hierin is ook de kostendekkendheid van 2021 opgenomen, zodat de verschillen zichtbaar zijn. De Leges Verordening bestaat uit drie hoofdstukken. Binnen hoofdstuk 1 en 2 is kruissubsidiëring mogelijk en mag de opbrengst maximaal 100% kostendekkend zijn. Voor hoofdstuk 3 geldt een kostendekkendheid van 100% binnen de paragraaf. De belangrijkste bestuurlijke afweging richt zich op hoofdstuk 2 ' Omgevingsvergunningen'. De consequentie van 100% kostendekkendheid wordt afgewogen tegen een betaalbaar (verbetering van het) leefklimaat van de inwoners en vestigingsklimaat binnen de gemeente. Voor de Leges tarieven geldt als uitgangspunt 100% kostendekkendheid, tenzij andere afspraken zijn gemaakt. Leges Verordening
Kostendekking 2021
Hoofdstuk 1, Algemene dienstverlening Hoofdstuk 2, Omgevingsvergunningen Hoofdstuk 3, Dienstverlening vallend onder de Europese dienstenrichtlijn
Voorgesteld tarief 2022
Kostendekking 2022
97,9% 99,9%
diversen diversen
97,3% 100%
100%
diversen
97,7%
De kostendekkendheid wordt iets onder de 100% gehouden omdat bij overschrijding het risico bestaat dat de Verordening door de rechter (deels) onverbindend wordt verklaard. Voor de kostendekkendheid van de Leges Verordening 2022, wordt verwezen naar het als bijlage opgenomen Tariefmodel Leges 2021. Hierin is ook de kostendekkendheid van 2020 opgenomen, waardoor de verschillen zichtbaar zijn. 3.1 Leges Algemene dienstverlening De producten in dit hoofdstuk bestaan voor 95% uit diensten die geleverd worden aan individuele inwoners zoals informatie uit het Gemeentearchief, paspoorten, identiteitskaarten, rijbewijzen en huwelijksvoltrekkingen. Ongeveer 5% van de diensten wordt geleverd aan (kleine) ondernemers, zoals standplaatsen en vergunningen Winkeltijdenwet. De Leges voor paspoorten, rijbewijzen, verklaringen omtrent het gedrag en uittreksels Burgerlijke Stand zijn door het Rijk gemaximeerd (ca. 90% van de dienstverlening binnen dit hoofdstuk). Er is uitgegaan van de maximale toerekening van kosten aan de producten (inclusief compensabele btw 21%). Voorstellen tot wijziging van het tarief en/of beleid Paragraaf 9; kostendekkendheid gehandicaptenparkeerkaart verbeteren In 2019 is besloten dat het tarief voor de gehandicaptenparkeerkaart kostendekkend gemaakt zou worden in vier stappen. Als gevolg hiervan wordt voorgesteld het tarief te verhogen tot € 94,70.
Advies wijzigingen hoofdstuk 1 Algemene Dienstverlening Alle tarieven te indexeren met 1,4% en op 5 cent naar boven af te ronden, tenzij er sprake is van een gemaximeerd tarief door het Rijk wat hierdoor overschreden wordt. In dat geval wordt geadviseerd het maximale tarief van het Rijk aan te houden. Stapsgewijs invoeren kostendekkend tarief voor de gehandicaptenparkeerkaart.
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
19/24
gemeente Zaanstad
3.2 Leges omgevingsvergunning De producten binnen dit hoofdstuk betreffen met name de dienstverlening voor het verlenen van omgevingsvergunningen op het gebied van bouwen (bijna 95%). Daarnaast betreft het vergunningaanvragen voor sloop, asbestverwijdering, het maken van een uitrit, kap en monumenten. Nieuwe wetgeving en Leges Verordening 2022 met ingang van 1 juli 2022 treedt de Omgevingswet (OW) en Wet kwaliteitsborging bouwen (Wkb) in werking. Deze nieuwe wetgeving heeft grote impact: fiscaal juridisch, financieel en uitvoeringstechnisch. Zie de toelichting op de wetgeving onder het kopje ‘Kader’. De belangrijkste wijzigingen zijn dat onder de OW de termijn voor het verlenen van een vergunning van 26 weken naar 8 weken gaat. Hierdoor komt meer nadruk te liggen op het voortraject. Verder verschuift onder de Wkb de toezichthoudende rol van de gemeente naar de kwaliteitsborger. Hoofdstuk 2 van de Leges Verordening wordt aanzienlijk gewijzigd. Op basis van de oude Verordening kan vanaf 1 juli 2022 niet meer worden geheven. Binnen de organisatie wordt hard gewerkt aan de implementatie van de nieuwe wetgeving. Een inschatting van de financiële consequenties wordt opgenomen in de begroting 2022. U wordt hierover geïnformeerd met een separaat voorstel. Analyse kostenmutatie 2021/2022 In de bijlage is het Tariefmodel Leges 2022 opgenomen.
Hierin zijn de kostenmutaties voor 2022 weergegeven. Analyse baten en lasten Het uitgangspunt is dat de Leges omgevingsvergunningen kostendekkend zijn. Voor de dotatie aan de voorziening ‘dubieuze publieke debiteuren’ is gerekend met 1% van het totaal aan inkomsten Omgevingsvergunningen. Voorstellen tot wijziging van het tarief en/of beleid Er zijn geen voorstellen tot wijziging van het tarief en/of beleid. Dit heeft mede te maken met de invoering van de OW en de Wkb per 1 juli 2022. Advies wijzigingen hoofdstuk 2 Leges omgevingsvergunning - Alle tarieven indexeren met 1,4% 3.3. Leges Europese Dienstenrichtlijn Binnen dit hoofdstuk worden vrijwel alle diensten geleverd aan (kleine) ondernemers zoals Horeca-exploitatievergunningen en evenementenvergunningen (buurtfeesten, kleine braderieën, Dam-tot-Dam-loop, Zaanregatta, Koningsdag, muziekfestivals e.d.). Voorstellen tot wijziging van het tarief en/of beleid 1. Tarieven Leges hoofdstuk 3 Met raadsbesluit 2020/20442 is besloten om de tarieven hoofdstuk 3 Leges Verordening 2021 aan te passen aan de kaderstelling voor kostendekkende tarieven. Hierdoor zijn de leges ‘Europese Dienstenrichtlijn’ vanaf 1 januari 2021 verhoogd van 33,3% naar 100%. Dit heeft geleid tot de volgende aanzienlijke tariefverhogingen:
DOCUMENTNUMMER
PAGINA
2021/21720
20/24
gemeente Zaanstad
Na signalen vanuit de samenleving dat de sterk verhoogde tarieven niet meer betaalbaar zijn, is door het college nogmaals naar het op 10 november 2020 vastgestelde beleid gekeken. Er is aangegeven door voortschrijdend inzicht een uitzondering te willen maken op het eerder ingenomen standpunt om over 2021 geen nieuw beleid vast te stellen. Met versoepeling van de Corona maatregelen, is het belangrijk om de doelgroep te ondersteunen om een nieuwe start te kunnen maken en nieuwe evenementen te bevorderen. Met raadsvoorstel 2021/15838 is voorgesteld om over 2021 de kostendekking van 100% terug te brengen naar 33,3% + de indexering van 1,5%. Kostendekking ad. € 190.000 kon plaatsvinden via het budget Vitale Stad. Advies tariefstelling 2022 Leges hoofdstuk 3 Om bovengenoemde redenen, is er ook voor 2022 de wens om de tarieven (deels) naar beneden bij te stellen. Voorgesteld werd om de verlaagde tarieven 2021, voor 2022 alleen te indexeren met 1,4%. Met name over de ‘evenementen en herdenkingen’ ontvangt de organisatie signalen dat de tarieven niet zijn op te brengen. Door het ontbreken van kostendekking, is het echter voor 2022 niet mogelijk lagere tarieven vast te stellen. Hierdoor blijven de hogere tarieven op basis van 100% kostendekking gehandhaafd. Kruissubsidiëring De Leges Verordening bestaat uit drie hoofdstukken.