Bijlage Zaanse Kerkenvisie
Tekst van het document
2022/1634
Zaanse Kerkenvisie Over de toekomst van de Zaanse gebedshuizen Januari 2022
2022/1634
Inhoud Voorwoord5 1. Inleiding | De Zaanse kerkenvisie 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6
Waarom een kerkenvisie? Het Zaanse kerkengezelschap: een selectie Levend erfgoed Zaanse ambities: drie handvatten Ontwerpkracht Leeswijzer
2. Historische schets | Het Zaanse kerkenlandschap 2.1 2.2
Generaties Auteurs in het landschap
3. De Zaanse aanpak | Platform voor dialoog 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5
De drie wijzen Een gesprek over waarden Gesprekspartners: rol van de gemeente Open kaart spelen Platform voor fysiek gesprek
4 De Zaanse aanpak | Kerken met karakter 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5
Monumentale spelregels Alle (karakter)kaarten op tafel Familie Thuis Gedrag
5 Een methode | Het Zaanse kerkenpaspoort
De Doofpot’ Doopsgezinde Vermaning, Zaandam
5.1 5.2 5.3 5.4
Paspoort op zak Drie paspoorten Karakterkaarten Stappenplan opstellen kerkenpaspoort
9
9 11 11 13 13 13
17 17 18
27 27 27 28 28 29
33 33 33 34 38 39
47 47 48 49 70
2022/1634
Voorwoord Religieus erfgoed geeft onze gemeente karakter en identiteit. We zijn er als gemeente en partners in de stad van overtuigd dat deze iconische religieuze gebouwen belangrijk zijn. Sommige van onze kerken zijn Rijksmonumenten, beeldbepalend in onze stad of zelfs uniek in hun soort.
Odulphuskerk Assendelft Kooger Vermaning Koog aan de Zaan Grote kerk Westzaan
Sultan Ahmet Moskee Zaandam
Religieuze gebouwen zijn ook belangrijk vanwege de sociale functie. Want een religieus gebouw is niet alleen een plek voor de eredienst en een plek waar de sociale religieuze gemeenschap een eigen plek heeft. In en rondom de markante kerken in de Zaanstreek gebeurt ontzettend veel. Zo vinden er concerten en bijeenkomsten van buurtverenigingen plaats, de Sociale Wijkteams kunnen er terecht, je kunt er taallessen volgen en er wordt hulp aan ouderen geboden. Religieus erfgoed hoeft dus niet (alleen) van religieuze waarde te zijn, maar kan ook een belangrijk sociaal-maatschappelijk belang hebben als plek van ontmoeting. Maar hoe ziet de toekomst van deze gebouwen eruit? Met deze kerkvisie leggen we vast wat de waarde is van de Zaanse religieuze gebouwen, maar ook wat de waarde is van de sociale functie. Een uniek onderdeel van de kerkenvisie zijn de kerkenpaspoorten. Van drie Zaanse kerken is een uitgebreid overzicht gemaakt met de verschillende waardes en de kansen. Ook komen belanghebbenden bij de kerk aan het woord. Door waardekaarten op te stellen, kunnen we met elkaar in
Kerkenlijst volledig Doopsgezind Herbestemd
gesprek over de toekomst van het religieuze erfgoed. We gaan aan de slag met een (digitaal) platform voor de Zaanse kerkenvisie: een omgeving waar – en vooral een manier waarop – overheid, kerkgenootschappen, initiatiefnemers, burgers en erfgoedorganisaties met elkaar in gesprek kunnen gaan over het behoud en de ontwikkeling van kerkgebouwen. Ik ben trots op het resultaat. Een resultaat overigens dat niet het eindstation is van de kerkenvisie. Want er ligt nu een helder kader, waarmee we met elkaar in gesprek kunnen over de toekomst van ons mooie erfgoed. Ik zie ernaar uit om met deze kerkenvisie in de hand, samen met inwoners en andere partners op zoek te gaan de toekomst voor onze religieuze gebouwen. En zo ruimte te bieden aan combinaties met andere maatschappelijke opgaves èn iconische gebouwen te behouden voor de toekomst. Natasja Groothuismink, wethouder erfgoed & monumenten
Protestantse kerk Rooms-Katholiek Overige denominaties
Kogerkerk, Koog aan de Zaan
Moskee
4
5
2022/1634
Kooger Vermaning, Koog aan de Zaan 6
7
2022/1634
Kerkenvisie Zaanstad
1. Inleiding De Zaanse kerkenvisie De Zaanstreek is een wonderlijke mix van verstilde veendorpen met een lokale agrarische economie en een industrie die al vanaf de zeventiende eeuw de gehele wereld als horizon had. Hoewel ze vaak een onopvallend karakter hebben – het zijn hier eerder de molens die het silhouet van de streek bepalen – vormen kerkgebouwen belangrijke ijkpunten. Of ze nu fier langs de Zaan staan of juist verscholen achter de rooilijn, de Zaanse kerken vertellen dit verhaal en dragen op deze manier bij aan de veelzijdige identiteit van de regio. In totaal staan er in Zaandam en de omliggende dorpen 84 markante kerkgebouwen, waaronder 24 rijksmonumenten, 7 gemeentelijke monumenten en 1 provinciaal monument. De Zaanse kerken vertonen onderling grote contrasten: ze variëren van zeventiende-eeuwse houten vermaningen in lintdorpen tot een modernistische kerk in een naoorlogse wijk. Ook hier leven zorgen 1 2
over de toekomst van kerkgebouwen. We ervaren een grote behoefte aan grip op de vraagstukken die op ons af komen. De (dreigende) kerkenleegstand is een maatschappelijke opgave waar we samen met eigenaren, geloofsgemeenschappen, burgers en lokale erfgoedverenigingen voor staan. Door vroegtijdig met elkaar in gesprek te gaan, helpen we de leefbaarheid van stad, dorp en wijk te bewaken. Want alleen samen komen we tot een duurzame toekomstvisie op het Zaanse kerkenlandschap.
1.1 Waarom een kerkenvisie? Van de circa zesduizend kerkgebouwen (gebouwd tot 1970) die Nederland telt, dreigt een groot deel haar deuren te moeten sluiten. Naar verwachting zal dertig tot tachtig procent van de kerken niet (enkel) voor de eredienst in gebruik blijven. Die grote marge is een indicatie hoe moeilijk de ontwikkelingen te voorspellen zijn. Wat we wel zeker weten is dat het aantal actieve kerkgangers sterk terugloopt en dat de groep die nog wel regelmatig naar de kerk gaat in hoog tempo vergrijst.
Tachtig procent van de Nederlanders komt (bijna) nooit meer in de kerk en minder dan de helft van de inwoners rekent zich nog tot een religieuze groepering. Aan de andere kant zien we een groei in religieuze betrokkenheid van met name christelijke migrantenkerken die zich vaak in een leeggekomen kerk vestigen. Ook verrijzen er nog steeds nieuwe kerkgebouwen, wat een extra druk legt op het voortbestaan van het huidige kerkenbestand. In de gemeenten Zaanstad en Wormerland1,2 kunnen we, afgaande op de resultaten uit de onder kerkeigenaren verspreide enquête, dit beeld bevestigen. Van de respondenten (43%) verwacht een derde een aflopend kerkgebruik, twintig procent ziet een kleine teruggang. Een derde van de Zaanse kerkeigenaren verwacht het huidige gebruik door te kunnen zetten en twee kerken durven zelfs aan groei te denken. Op de vraag hoe de kerk zijn religieuze functie in de toekomst ziet, antwoordt 63 procent nog zeker vijf jaar te bestaan, 32 procent nog 10 jaar en 26 procent nog 15 jaar. Zorgen leven er vooral op het gebied van financiën, instandhouding en het aantal leden en vrijwilligers. Ook in de Zaanstreek zien we nieuw kerkgebruik door onder andere migrantenkerken.
Volgens kerkenmakelaar Reliplan zijn Zaanse kerkgebouwen bovendien in trek: in 2016 stonden maar liefst 81 kerkgenootschappen en andere instellingen op de lijst belangstellenden voor een kerkgebouw in gemeente Zaanstad, als alternatief voor Amsterdam.
Bron: Centraal Bureau voor de Statistiek (2018). Gemeente Wormerland is meegenomen in de analyse. 9
2022/1634
Het is van belang om zo vroeg mogelijk inzicht te verkrijgen in de te verwachten leegstand én in de gebruiksmogelijkheden van een gebouw. Een kerkenvisie is een doeltreffend middel gebleken om te komen tot een duurzaam toekomstperspectief voor de kerken in een bepaalde regio. Door op tijd van elkaar te horen wat er speelt, kunnen we strategische keuzes maken en kansrijke scenario’s ontwikkelen. Een kerkenvisie kijkt niet per object maar pakt de gehele collectie aan. Zo zorg je er samen voor dat kansen optimaal benut worden. De een leent zich immers beter als cultuurcentrum, terwijl de ander eerder voor een regiofunctie voor de geloofsgemeenschap in aanmerking komt. Het is overigens een misverstand dat een kerkenvisie alleen over herbestemming gaat: we kijken juist ook naar het behoud van de oorspronkelijke functie en het toevoegen van mogelijke nevenfuncties aanvullend op de voortgaande eredienst.
Monumentenstatus
Wethouder Monumenten en Erfgoed bij gemeente Zaanstad, Natasja Groothuismink: ‘Als gemeente willen we de
Zaanse identiteit versterken en de leefkwaliteit van stad en buurt bewaken. Dat doen we door nog beter inzicht te krijgen in ons erfgoed en te anticiperen op nieuwe ontwikkelingen. Het is belangrijk om samen met kerkeigenaren te kijken hoe we omgaan met de vraagstukken rondom de toekomst van hun gebouw en van de kerkgemeente.’
Categorie
5%
Als onderdeel van de eind 2018 gelanceerde nationale kerkenaanpak stelt de minister van OC&W tot en met volgend jaar 13,5 miljoen euro extra beschikbaar voor kerkenvisies. De kerkenaanpak is een vervolgstap in een ontwikkeling die in 2008 begon met het Jaar van het Religieus Erfgoed. Dit themajaar kreeg een vervolg in de Nationale Agenda Toekomst Religieus Erfgoed (2012-2016), waar het belang van kerkenvisies scherper op de kaart kwam te staan. Zes gemeenten gingen de rest van Nederland voor met het opstellen van een kerkenvisie: Oss, Amersfoort, Rotterdam, Ooststellingwerf, Súdwest-Fryslân en Zaanstad trapten eind 2018 als pilotgemeenten af. Vanuit de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed werd ondersteuning geboden in de vorm van een procesbegeleider. De pilotgemeenten maken onderdeel uit van een wederzijdse leeromgeving.
Eigendom 5%
11%
32% 16% 32% 58%
47%
68%
11% 5%
10%
Rijksmonument
Prov. monument
RK
Meervoudig
Kerk eigenaar
Gem. monument
Onbekend
PKN
Overige denom
Andere eigenaar
Doopsgezind
Kerk in school
Geen monument
10
1.2 Het Zaanse kerkengezelschap: een selectie In totaal zijn 82 Zaanse kerklocaties geïnventariseerd, verspreid over twee gemeenten: 75 in Zaanstad, zeven in Wormerland. Zestig kerkgebouwen en gebedshuizen zijn nog steeds in religieus gebruik. Deze kerken zijn geselecteerd voor de Zaanse kerkenvisie, ongeacht denominatie, bouwjaar of monumentenstatus. Binnen de in gebruik zijnde kerklocaties zijn vijf moskeeën en tien gebouwen die niet oorspronkelijk als kerk gebouwd zijn maar nu wel volledig worden ingezet voor de eredienst. Vier hiervan vallen in de categorie ‘overige denominaties’: twee koninkrijkszalen van de Jehova’s Getuigen in Zaandam en Krommenie en de voormalige schoolgebouwen in Wormerveer en Zaandam waar nu de Ruach en Ichtus Pinkstergemeente in gehuisvest zijn. De andere zes kerkgebouwen fungeren hoofdzakelijk als school, buurthuis of verzorgingstehuis, maar verzorgen ook regelmatig kerkdiensten. De overige 24 Zaanse kerkgebouwen zijn herbestemd. Omdat deze kerkgebouwen al langere tijd geen religieuze functie meer vervullen, zijn ze in de kerkenvisie buiten beschouwing gelaten. Acht hiervan werden oorspronkelijk gebouwd als pakhuis, smederij of weeshuis en hebben, na kortstondig als kerk te hebben gefunctioneerd, inmiddels weer een andere functie gekregen. Ook de inmiddels gesloopte Zaanse kerken zijn niet meegenomen in de kerkenvisie.
1.3 Levend erfgoed Kerken maken slechts vier procent uit van alle Nederlandse rijksmonumenten. Toch ontvangen zij 44% van de totale rijksmiddelen voor onderhoud. Dat zegt iets over de
kapitaalkracht die nodig is om een kerkgebouw in stand te houden, maar is zeker ook een vingerwijzing voor het belang dat wij als maatschappij aan deze gebouwen hechten. Die betrokkenheid is bepalend geweest voor de Zaanse kerkenvisie: kerken zijn levend erfgoed. Het gaat ons niet alleen om de stenen, maar vooral ook om de gebruikers van kerken en de waarden die zij aan kerken verbinden. En om het verhaal dat de kerken vertellen over de gemeenschap en de streek. Vroeger, nu en in de toekomst.
Wethouder Actief Burgerschap bij gemeente Zaanstad, Rita Noordzij: ‘Zaanstad kent vele kerken die op verschillende manieren worden gebruikt. Een kerk is steeds vaker niet alleen een plek van geloof beleven maar ook van ontmoeting en verbinding. In de stad ontstaan steeds meer initiatieven om kerkgebouwen voor verschillende doeleinden open te stellen. En dat is belangrijk.’
Een kerkgebouw is niet alleen een plek voor de eredienst; in en rondom de markante kerken in de Zaanstreek gebeurt ontzettend veel. Zo vinden er concerten en bijeenkomsten van buurtverenigingen plaats, de Sociale Wijkteams kunnen er terecht, je kunt er taallessen volgen en er wordt hulp aan ouderen geboden. Een kerkgebouw hoeft dus niet (alleen) van religieuze waarde te zijn, maar kan ook een belangrijk sociaal-maatschappelijk belang hebben als plek van ontmoeting. In de Zaanse kerken vinden op deze manier allerlei praktijken van waarde plaats, die bovendien naast elkaar kunnen bestaan. De functie van een kerk is altijd in ontwikkeling geweest, evenals de groep mensen die er gebruik van maakt. Ook de 11
Hervormde kerk Krommeniedijk, Krommenie
2022/1634
geloofspraktijk zelf maakt veranderingen door: waar vroeger een duidelijk afgebakende groep deelnam aan de eredienst, herbergt de kerkpraktijk nu een waaier aan maatschappelijke, religieuze, spirituele en sociale diensten. Wat blijft is de sociaal-maatschappelijke relevantie van kerkgebouwen, of ze nu als vluchthaven dienen voor het wassende water in de middeleeuwen, of als verzamelpunt van de Voedselbank in 2020. De kerk blijft functioneren als herkenningspunt. Als we onze steden, dorpen en wijken levendig én leefbaar willen houden, hebben we de kerkgebouwen daarom nodig.
Zand op de vloer In de doopsgezinde vermaning in Krommenie ligt zand op de vloer. Elke stap laat er zijn sporen na. Het zand zelf wordt regelmatig aangeharkt en ververst. Dit beeld vat de aanpak van de Zaanse kerkenvisie mooi samen: kerkgebouwen zijn levend erfgoed. Het gaat om sporen uit het verleden en toekomstdromen, om het gebruik en het verhaal. Een kerkenvisie maak je dan ook niet alleen, maar is een product van intensieve samenwerking. De gemeente neemt in dit geval weliswaar het initiatief, maar zowel de totstandkoming van de visie als de praktische uitwerking ervan is een gezamenlijke inspanning. Een dat biedt voor elke betrokken partij voordelen. Als gemeente voorkomen we dat we worden overvallen door acute leegstand of een sloopaanvraag en bieden we helderheid over onze rol. Oude en nieuwe eigenaren horen niet achteraf wat er niet mag met een kerk, maar vooraf wat wél mogelijk is. De R.K. Kerk St. Odulphus, Assendelft 12
burger, omwonende en lokale erfgoedvereniging krijgt op zijn beurt inspraak vooraan in het proces. Gemeente Zaanstad wil met de Zaanse kerkenvisie een platform voor dialoog creëren, waar overheid, kerkgenootschappen, initiatiefnemers en burgers met elkaar in gesprek kunnen gaan. Dat gesprek gaat wat ons betreft niet alleen over het behoud en mogelijke herontwikkeling van kerkgebouwen, maar ook over het fenomeen kerk en het werkwoord kerken in het algemeen.
1.4 Zaanse ambities: drie handvatten In de aanpak van een kerkenvisie is de initiatiefnemer vrij; gemeenten en eigenaren bepalen zelf hoe de kerkenvisie eruit komt te zien. De vorm is sterk afhankelijk van wat je er mee wilt doen. Bij de een zal die behoefte leiden tot een helpdesk, bij de ander tot procesafspraken. In het geval van Zaanstad moest de kerkenvisie een vertrekpunt bieden voor een structureel overleg met stakeholders. We hopen dat men elkaar als vanzelfsprekend én onmisbare partner gaat zien. De Zaanse kerkenvisie biedt daarom drie handvatten voor dit gesprek: Platform voor dialoog (Deel 3) Als doel van deze kerkenvisie, kiest gemeente Zaanstad voor een platform. Dit platform is bedoeld als handreiking om in een veilige omgeving met elkaar het gesprek aan te gaan over de toekomst van de Zaanse kerken. De gemeente faciliteert een platform waar betrokken partijen elkaar kunnen vinden, en zal de eerste paar bijeenkomsten met stakeholders initiëren. Het gesprek zelf vindt bij voorkeur fysiek plaats. Karakterkaarten (Deel 4) Als hulpmiddel voor het gesprek hebben we zogenaamde karakterkaarten ontwikkeld. Elke kerk heeft een aantal
cultuurhistorische, ruimtelijke en maatschappelijke eigenschappen, dat de verschillende waarden van kerken in beeld brengt. Er is bewust afgezien van een prioritering. We willen als gemeente geen ‘toplist’ opleggen aan stakeholders, maar aan de hand van deze karakterkaarten juist mét deze stakeholders in gesprek gaan over het toekomstperspectief.
verkennen we de transformatiemogelijkheden die passen bij elk personage, haar familiegeschiedenis, woonplaats en gedrag.
Kerkenpaspoort (Deel 5) Als resultaat van een gesprek tussen alle betrokken partijen, kan een kerkenpaspoort worden opgesteld. Hierin staat het verhaal van het kerkgebouw en haar gebruikers (de maatschappelijke waarde) beschreven, evenals het ontwikkelpotentieel en de transformatieruimte. Drie kerkenpaspoorten, opgesteld in samenwerking met kerkeigenaren en geloofsgemeenschappen, dienen als voorbeeld en ter inspiratie.
Procesbegeleider van de Zaanse kerkenvisie, Mirjam Blott: ‘Stakeholders rondom religieus erfgoed kunnen in de loop der jaren vooringenomen denkbeelden over elkaar hebben ontwikkeld. In Zaanstad zijn we gaan samenwerken met een architect. Die geeft een nieuwe kijk op gebouwen die je al meende te kennen. Daardoor krijg je een ander, opener gesprek.’
1.5 Ontwerpkracht
1.6 Leeswijzer
Het ontwikkelteam van de Zaanse kerkenvisie bestaat uit Lisa Constant en Marjorie Verhoek (gemeente Zaanstad), Nicole Roeterdink (Rechurch), Catherine Visser (DaF-architecten), Reinier Mees (MOOI Noord-Holland), Mirjam Blott (De Culturele Zaak) en Welmoed Wijmans (Wijmans Cultuurperspectief). Sinds juni 2019 is DaF-architecten in opdracht van het Atelier Rijksbouwmeester en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed als ontwerper betrokken.
Tijdens de startbijeenkomst in maart 2019 hield gemeentelijk archeoloog Piet Kleij een inspirerend verhaal over de kerkgeschiedenis van de Zaanstreek. Deze kerkenvisie trapt dan ook af met een overzicht van de vier invloedrijkste auteurs in het Zaanse kerkenlandschap (Deel 2). Vervolgens gaat Deel 3 verder in op het belang van het gesprek tussen stakeholders en de ambitie van een platform. Deel 4 stelt de kern van de Zaanse aanpak centraal met de keuze voor typisch Zaanse karakterkaarten. Deel 5 borduurt hierop voort en beschrijft de methode van het kerkenpaspoort.
Mede door de ontwerpende blik van DaF-architecten is er een bredere definitie geformuleerd van waarde, die recht doet aan de diversiteit en complexiteit van het Zaanse religieuze erfgoed. Door middel van veldonderzoek en interviews met eigenaren zijn er verschillende soorten waarden van kerken benoemd. Elke kerk is een uniek personage met een divers palet aan karaktertrekken. Door middel van een DNA- en persoonlijkheidstest 13
2022/1634
14
15
2022/1634
2. Historische schets Het Zaanse kerkenlandschap Ter achtergrond van de keuzes die de Zaanse kerkenvisie maakt bij het categoriseren van kerkgebouwen, kijken we eerst kort naar de ontstaansgeschiedenis van het Zaanse religieuze erfgoed. De 84 kerkgebouwen die de Zaanstreek anno 2020 telt, herinneren ons aan de vormende historische gebeurtenissen in Nederland in het algemeen en in de Zaanstreek in het bijzonder. Een grote variatie aan geloofsgemeenschappen heeft zich dicht op elkaar kunnen vestigen. Een kwart van de Zaanse kerken is van een andere dan traditionele denominatie. Ook het gebruik van hout als bouwmateriaal valt op in de regio. Samen met gemeentelijk archeoloog Piet Kleij werpen we nieuw licht op de belangrijkste ontwikkelingen die vorm hebben gegeven aan het Zaanse kerkenlandschap.
2.1 Generaties In een van oudsher veenrijk gebied als de Zaanstreek, waar het landschap vanaf de late middeleeuwen sterk
veranderde als gevolg van ontginningen, zijn grofweg vijf generaties kerken te onderscheiden. De eerste kerkgebouwen, waar bronnen vanaf het jaar 1000 melding van maken, waren van hout en hadden een plaggenfundering. Vanwege de vergankelijkheid van dit materiaal zijn er van deze kerken, behalve enkele funderingsresten, geen overblijfselen meer.
kerkgebouwen dragen allen stijlkenmerken van de barok of het classicisme. Deels zijn dit houten schuilkerken van katholieke, lutherse en doopsgezinde geloofsgemeenschappen zoals de vermaningen in Krommenie, Westzaan en Zaandam. Ook wordt in deze periode een aantal grote protestantse kerken in steen gebouwd of herbouwd zoals de Kogerkerk in Koog aan de Zaan (1685).
Rond 1400 staat een tweede generatie op: de laatgotische bakstenen kerk. De meest opvallende van dit soort is de pseudobasiliek. Deze grote, rechthoekige kerk met twee zijbeuken werd opgetrokken uit baksteen en had een stenen fundering. De daken van de zijbeuken sluiten bij een pseudobasiliek aan op het dak van het schip. Pseudobasilieken zijn tussen 1450 en 1550 gebouwd in Westzaan, Assendelft, Wormer, Jisp en Oostzaan. Geen van deze kerken zijn nog als zodanig herkenbaar overgebleven. Daarnaast werden in de middeleeuwen kapellen opgericht in Krommenie, Krommeniedijk, Oostzaandam en mogelijk op het huidige Hembrugterrein en in ’t Kalf in Zaandam. De twee resterende kerken met een laat-gotische oorsprong zijn de Oostzijderkerk in Zaandam en de Nicolaaskerk in Krommenie (ca. 1400). Eenvoudige kerken met gotische invloeden werden tot het begin van de negentiende eeuw gebouwd, vaak ter vervanging van een gesloopte pseudobasiliek, zoals in Wormer, Jisp en Oostzaan.
Na 1850, gestimuleerd door het hernieuwde katholieke elan en de bevolkingsgroei, komen neostijlen in zwang: bouwstijlen die teruggrijpen op de renaissance, gotiek en het classicisme. De Heilige Maria Magdalena aan ’t Kalf in Zaandam (1887) is een voorbeeld van zo’n pseudobasliliek met neogotische ornamenten. Ook bestaande kerkgebouwen worden bij een opknapbeurt beïnvloed door een neostijl, zoals de oorspronkelijk houten Noordervermaning in Westzaan (1695) die in 1850 een bakstenen voorgevel in neogotische stijl kreeg aangemeten.
In de zeventiende en achttiende eeuw ontstaat een nieuwe generatie kerken die zich kenmerkt door de grote variatie aan geloofsrichtingen, omvang en materiaal. Deze
Hervormde kerk Krommeniedijk, Krommenie 16
17
Na 1900 worden modernere bouwstijlen toegevoegd aan het Zaanse kerkenlandschap, zoals de Amsterdamse School. Hiervan getuigen onder andere de gereformeerde kerkgebouwen en migrantenkerken uit de twintigste eeuw. Een fraai voorbeeld is verder de katholieke kerk van de H.H. Martelaren van Gorcum in Koog aan de Zaan (1932). Na-oorlogse kerken zoals de Noorderkerk (1952), de Paaskerk (1958), en de Heilige Jozefkerk (1964) in Zaandam, voegen aan het kerkenlandschap de smaken van onder andere nieuwe zakelijkheid en brutalisme toe.
2022/1634
2.2 Auteurs in het landschap
Ontginning en bodemdaling De kerstening van de Zaanstreek
De Zaanstreek is een wonderlijke combinatie van een wereldstad met een sterk dorps karakter. Die tweespalt heeft geleid tot een zeer gevarieerd stadslandschap waar landschappelijke vergezichten, een grote infrastructuur, historische dorpslinten en rokende schoorstenen in één panorama samenkomen. Het is ook terug te vinden in de Zaanse mentaliteit, die zeer pragmatisch is en laveert tussen een open blik en introvertie. De ondernemende doopsgezinde gemeenschap bijvoorbeeld bouwde de teruggetrokken houten schuilkerken in de streek maar stond ook aan de wieg van de Zaanse grootindustrie met merken als Verkade en Duyvis.
Tot ver in de middeleeuwen bestond de Zaanstreek uit een ondoordringbaar moeras van meters dik laagveen. Om akkerbouw mogelijk te maken, begonnen boeren in de tiende eeuw met ontwatering van het hoogveenmoeras. Door deze ontginningen veranderde het Zaanse landschap gestaag in een vlak weidegebied, maar klonk ook de bodem steeds verder in. De bodemdaling bedroeg gedurende de eerste 50 jaar waarschijnlijk al zo’n anderhalve meter. Omdat het land te drassig werd voor akkerbouw, schoven de ontginningswerkzaamheden op. Voor de katholieke boeren die tot dan toe in Velsen kerkten, werd de afstand naar hun kerk te groot. Ze bouwden daarom een nieuwe kerk in Assendelft, de eerste in de Zaanstreek, waarvan de fundering eind vorige eeuw is opgegraven. Het rechthoekige gebouw van 6 bij 12 meter bestond uit houten muren, een rieten dak en een plaggenfundering. Het kerkje is waarschijnlijk van 980 tot 1400 in gebruik geweest.
Ook de kerken verhalen van deze uitersten. Verschillende ontwikkelingen hebben door de eeuwen heen vorm gegeven aan het Zaanse kerkenlandschap, dat niet zonder reden zo complex en divers is. Hier is duidelijk een golfbeweging merkbaar: perioden van welvaart en explosieve groei hebben hun weerslag op het aantal en de omvang van kerkgebouwen. Deze wisselen af met magere decennia waarin onderhoud te duur wordt en het kerkenbestand significant slinkt. Kerken raken vervallen of sommige worden zelfs gesloopt om vervolgens in kleinere vorm herbouwd te worden (de zogenaamde krimpkerken). Ook blijkt her- of nevenbestemming van kerken geen typerend fenomeen van de eenentwintigste eeuw. Als auteurs in het landschap vertellen deze ontwikkelingen samen het verhaal van de Zaanse kerken: • De ontginningen die tot kolonisatie en daarmee tot kerstening van de Zaanstreek leidde maar tegelijkertijd ook een bodemdaling veroorzaakten die de bouwwijze van kerken in deze regio sterk heeft bepaald; • De welvaart, bevolkingsgroei en daarmee groeiende behoefte aan kerkbouw, die door het succes van de houthandel en houtzagerij in de Zaanstreek teweeg werd gebracht;
Schaarste De gevolgen van de bodemdaling blijken ook uit de bevindingen van de kerkenvisie: slechts tien kerkgebouwen van de in totaal 84 geïnventariseerde kerklocaties in de Schilderij omgevallen toren kerk Westzaan Zaanstreek dateren van voor 1700
Kogerkerk, Koog aan de Zaan
• De relatieve godsdienstvrijheid in Nederland die het mogelijk maakte dat (bijna) alle geloofsgemeenschappen kerken bouwden en zich dicht op elkaar konden vestigen en daarnaast migratiestromen naar de Zaanstreek tot gevolg had;
18
• De kerkscheuringen en afsplitsingen binnen geloofsgemeenschappen door de eeuwen heen, waardoor het aantal kerkgebouwen explosief toenam.
De ontginningen maakten het Zaanse landschap dus niet alleen tot bewoonbare en bewerkbare landbouwgrond, ze brachten ook het christelijke geloof mee. Vanwege de slappe bodem zullen veel van de eerste kerken (met name tot 1400) gefundeerd zijn geweest op hout en plaggen.
Romaanse kerkgebouwen met massief stenen muren zijn in de Zaanstreek niet te vinden. Gotische pseudobasilieken en kapellen van steen werden hier na 1400 wel gebouwd. De meeste van deze middeleeuwse kerken kregen door het zakken van het grondwater last van paalrot en werden afgebroken. Hoewel de Zaanstreek dus geen echte 19
middeleeuwse kerkgebouwen meer kent, hebben twee kerken wel een middeleeuwse oorsprong: de Oostzijderkerk in Zaandam en de Nicolaaskerk te Krommenie (ca. 1400). Beide zijn van oorsprong een katholieke kapel en hadden vanwege de lichtere fundering minder problemen. Ze werden bovendien gebouwd op een
2022/1634
Paaskerk, Zaandam 20
21
2022/1634
hoge terp, bedoeld als vluchtplek voor het wassende water. In de Nicolaaskerk hangt de oudste luidklok van Noord-Holland, daterend uit 1396. Door de voortgaande bodemdaling, versterkt door inpoldering en bemaling van het gebied, kwam in de eerste helft van de negentiende eeuw ook de fundering van de laatgotische kerken (1450-1550) boven het grondwater uit. Vanwege de economische situatie rond 1800 was er geen geld voor restauratie. Veel van de pseudobasilieken werden gesloopt en vervangen, zoals de gotische kruiskerk in Assendelft (1472). De bodemdaling vormt, naast de Spaanse verwoestingen tussen 1574 en 1576, een belangrijke reden dat er in de Zaanstreek geen pseudobasilieken uit de vijftiende en zestiende eeuw meer staan. Onderdelen van de gesloopte kerken, zoals het interieur en de zerkenvloeren, werden bij de nieuwbouw vaak hergebruikt. Zo werden onder de Grote Kerk Westzaan in 2010 de funderingen van een pseudobasiliek uit 1530 opgegraven, die door de Spanjaarden was verwoest.
Houthandel en houtzagerij Welvarend tot diep in de achttiende eeuw Nadat de Spanjaarden waren verdreven, werd de Hervormde (toen Nederduitse Gereformeerde) Kerk de onofficiële staatskerk en brak een periode van grote welvaart aan. In de Zaanstreek werd deze welvaart vooral gestimuleerd door de opkomst van de houthandel en houtzagerij. De uitvinding van de krukas door Cornelis Corneliszoon van Uitgeest (1592), maakte het mogelijk om de draaiende beweging van molenwieken om te zetten in een verticale zaagbeweging. Een houtzaagmolen kon machinaal en op grote schaal
planken zagen, die onder andere werden toegepast in de scheepsbouw. Het hout werd geïmporteerd: eiken kwam uit Duitsland en grenen uit het Oostzeegebied. De zeventiende eeuw bracht de ontwikkeling van de houtzaagmolens in een stroomversnelling en maakte de Zaanstreek tot Europees centrum van de scheepsbouw. Welvaart betekent bevolkingsgroei. Er waren steeds meer en steeds grotere gebedshuizen nodig om al die gelovigen in onder te brengen en Zaankanters bezaten meer geld om die kerken te bouwen. Omdat de bodem minder sterk daalde, behoorde een stenen fundering na 1400 ook tot de mogelijkheden. Een tweede generatie van Zaanse kerkgebouwen stond op: de laatgotische pseudobasiliek. Vanwege de Noord-Hollandse grond werden deze kerken voorzien van een houten in plaats van stenen tongewelf. De katholieke, lutherse en doopsgezinde schuilkerken van na 1580 waren wel volledig van hout. Deze kerken mochten immers niet teveel in het oog springen en werden gebouwd alsof het een schuur of pakhuis was. Anders dan elders in de Republiek, die na 1700 in een zware recessie belandde, bleef de welvaart in de Zaanstreek tot diep in de achttiende eeuw voortduren. Arbeidsmigranten uit het hele land vestigden zich in de Zaanstreek. Vanwege de Akte van Indemniteit was je verplicht om lid te worden van een kerk als je je ergens wilde vestigen.
Niet het stadsbestuur, maar de kerk zorgde immers voor jou en je gezin in geval van ziekte, arbeidsongeschiktheid of overlijden. De kerkenbouw ging dus onverminderd door. De groei in het aantal kerken was met name bij de hervormden groot. Omdat alle andere denominaties financieel moesten bijdragen aan de Hervormde Kerk, was er voldoende geld om in 1740 de Grote Kerk in Westzaan te bouwen, omringd door de resten van haar verwoeste voorganger. De kerktoren bleef staan tot zij in 1843 instortte.
22
Relatieve godsdienstvrijheid Verschillende geloven naast elkaar Tussen 1574 en 1576 vormde de Zaanstreek de frontlinie tussen de troepen van de Spaanse koning en de opstandige Hollandse graven die zich hadden aangesloten bij Willem van Oranje. Terwijl op het slagveld soldaten sneuvelden, vonden in de dorpen verwoestingen plaats. Veel van de laatgotische kerken, zoals die in Krommenie, Oostzaan, Westzaan en Zaandam, liepen aanzienlijke schade op. Nadat de Spanjaarden waren verdreven en de Hervormde Kerk tot onofficiële staatskerk werd uitgeroepen, werd het de katholieken verboden om in het openbaar hun geloof te belijden. De hervormden eigenden zich de middeleeuwse kerken toe, kalkten de muren wit en veranderden de indeling van de kerkruimte zodat deze beter aansloot op het gesproken Woord. Kerken werden hier en daar hersteld maar ook vaak vervangen door nieuwbouw. Tussen de ruïnes van de verwoeste kerk in Westzaan werd in 1580 een tijdelijk houten kerkje gebouwd waarin de hervormden samenkwamen.
Een bont gezelschap Van de zestig Zaanse kerken die nog steeds in religieus gebruik zijn, heeft de helft van oudsher een traditionele christelijke achtergrond zoals rooms-katholiek of doopsgezind. In de andere helft wordt een nieuwere geloofsvorm beoefend binnen het christendom of de islamitische traditie
Ondanks de sterke positie van de hervormden, was de meerderheid van de Zaankanters rond 1580 katholiek of doopsgezind. Dit werd oogluikend toegestaan, zolang er geen als kerk herkenbaar gebouw werd gebruikt voor de eredienst. De katholieken en doopsgezinden bouwden daarom houten schuilkerken, vaak op particulier initiatief. De schuilkerken zagen eruit als een schuur of boerderij en lagen vaak wat verder van de openbare weg af. Twee katholieke schuilkerken die bewaard zijn gebleven staan in Krommenie (1612) en Zaandam aan het Papenpad (1695). De doopsgezinden bouwden onder andere een vermaning in Krommenie (1703) en de Zuidervermaning te Westzaan (1731). Niet alleen de hervormden bouwden in deze periode dus kerkgebouwen.
Amateurhistoricus Kogerkerk in Koog aan de Zaan, Gerard Beerman: ‘In Haaldersbroek [buurtschap in Zaandam] was de meerderheid katholiek, maar hier in Koog stond de gereformeerde kerk. Om mensen bij de juiste kerk te krijgen had je het Adam en Eva overzetveer bij de molen De Bleeke Dood. Het veer kwam naar Koog met de gereformeerden uit Haaldersbroek en bracht vervolgens de katholieken naar de Kalverkerk in Zaandam.’ Ruïne kerk Westzaan met houten kerk, ca. 1600
Pas in 1795 kwam er een einde aan de achterstelling van katholieken in ons land. Rond 1800 was er echter weinig geld om in nieuwe kerken te investeren. Wel werd in 1816 een woonhuis in Zaandam ingericht als joods gebedshuis dat in 1865 werd vervangen door een synagoge aan de Gedempte Gracht. De eerste synagoge in de Zaanstreek en een provinciaal monument. Tot 1800 mochten
Nederlandse stadsbesturen zelf bepalen of de joodse gemeenschap haar geloof mocht uitoefenen, waar in de Zaanstreek tot dan toe altijd tegen was gestemd. Na het herstel van de bisschoppelijke hiërarchie in 1853 vervingen de katholieken hun houten schuilkerken door grote stenen kerken, zoals de H. Maria Magdalenakerk in Zaandam 23
(1887). Met de vrijheid van godsdienstuitoefening verloren de hervormden bovendien het monopolie op het bouwen van kerktorens met luidklokken, waar met name de katholieken gebruik van maakten. Dat had grote gevolgen voor de Zaanse skyline, die opeens werd doorbroken door diverse hoge kerktorens.
2022/1634
Bij de traditionele geloofsgemeenschappen trad vanaf 1900 een krimp op. Nieuwe evangelische gemeenten bouwden na 1960 echter nog steeds nieuwe kerkgebouwen, zoals de pinkstergemeente te Zaandam (1965). Met de komst van arbeidsmigranten naar Zaandam, Wormerveer en Krommenie vanaf de jaren ’60 van de vorige eeuw kwamen er nieuwe geloofsgemeenschappen bij die hun eigen kerken bouwden. Zo heeft Wormerveer een Moluks-evangelische kerk en Zaandam meerdere moskeeën. Waar de eerste moskeeën schuilden in sportzalen prijkt de Sultan Ahmed Moskee nu fier met hoge minaretten in Zaandam. De Servisch Orthodoxe Stationsstraatkerk in Zaandam, voorheen een gereformeerde kerk (1875), vervult nog steeds een belangrijke regiofunctie. De Sionkerk in Wormerveer (1962) is ook een typische migrantenkerk, in gebruik door een Moluks evangelische geloofsgemeenschap.
zogenaamde vermaningen waarvan de oudste uit de laatste twee decennia van de zeventiende eeuw stammen, zoals die in Koog aan de Zaan (1680) en de Noordervermaning in Westzaan (1695). Ondertussen bouwden ook de hervormden door, zoals de Bullekerk in Zaandam (1640). De gereformeerden, die zich halverwege de negentiende eeuw afscheidden, bouwden op hun beurt eigen kerken zoals De Ontmoeting in Zaandijk (1923).
Piek Met 51 van de in totaal 84 Zaanse kerkgebouwen is de meerderheid (61%) van het huidige Zaanse kerkenlandschap gebouwd na 1900 met een piek van 46 kerken na 1950
Kerkscheuringen Explosieve groei in het aantal kerkgebouwen Niet alleen de bevolkingsgroei in de Zaanstreek vergrootte de behoefte aan nieuwe kerken. Ook de vele afsplitsingen, met name binnen de protestanten, hadden een explosieve groei in het aantal kerken tot gevolg. Nieuwe stromingen hadden immers een eigen plek nodig voor de eredienst. Koog aan de Zaan bijvoorbeeld kende in de zeventiende eeuw met nog geen 1.500 inwoners vier kerkgebouwen: drie doopsgezinde vermaningen en een hervormde kerk.
Binnen de Rooms-Katholieke Kerk trad in de achttiende eeuw ook een splitsing op: in 1723 scheurden de oud-katholieken zich af vanwege onvrede over de groeiende centralisatie vanuit Rome. Sommige schuilkerken die oorspronkelijk voor de rooms-katholieke eredienst waren gebouwd, zoals de Maria Magdalenakerk aan het Papenpad in Zaandam (1695), kwamen na deze kerkscheuring in handen van de oud-katholieken.
De lutheranen waren aanvankelijk aangewezen op een kerk in Amsterdam. Hoewel hun aantal in 1642 nog klein was, bouwden ze in Zaandam toch al een houten kerk die vijftig jaar later werd vervangen door een bakstenen exemplaar. De doopsgezinden, verdeeld in Waterlandse -, Friese - en Vlaamse doopsgezinden, bouwden Kooger Vermaning, Koog aan de Zaan 24
25
2022/1634
3. De Zaanse aanpak Platform voor dialoog Zonder dialoog geen kerkenvisie. De vraagstukken rondom de toekomst van kerkgebouwen vormen immers een brede maatschappelijke opgave. Religieus erfgoed vraagt om een open benadering vanwege de diverse waarden die verschillende groepen in de samenleving aan een kerkgebouw hechten. Om erachter te komen welke waarden dat precies zijn, is een open en gelijkwaardig gesprek nodig met eigenaren, geloofsgemeenschappen, burgers en lokale erfgoedorganisaties. Met de ambitie van een platform biedt de Zaanse kerkenvisie een veilige omgeving en vertrekpunt voor dat gesprek.
3.1 De drie wijzen De Zaanse kerkenvisie onderscheidt grofweg drie zienswijzen op religieus erfgoed: die van de eigenaar en de geloofsgemeenschap, die van de overheid en ontwikkelende partijen en die van de maatschappij in het algemeen, in het bijzonder de omwonenden en andere gebruikers van kerkgebouwen. Hoewel ze alle drie op een andere manier naar een kerk kijken, zijn alle perspectieven belangrijk. Het gebouw, haar plek in de omgeving en de beleving betekenen immers voor iedereen iets anders.
torische waarde van het gebouw zoveel mogelijk intact laten, maar die ook rendabel zijn. De maatschappij als geheel maakt zich zorgen om de gevoelswaarde, de symbolische betekenis en de maatschappelijke functie van de kerk in de wijk. Al deze perspectieven op het fenomeen kerk moeten een stem krijgen in het gesprek over de toekomst van die gebouwen.
3.2 Een gesprek over waarden
Een breed maatschappelijk vraagstuk zoals de kerkenleegstand vraagt om een andere aanpak dan het Centrale vragen verzamelen van feiten en het maken van statistische modellen. Een kerkenvisie kan geen verticale Bij De Ontmoeting in Zaandijk vormen de ‘transformatietrechter’ zijn waar je boven een kerk in volgende vragen de drijfveer van het gesprek: gooit en onder een herontwikkelingsplan uit krijgt. Een ‘Hoe leven we samen? Hoe brengen we geloof, kerkenvisie werkt eerder horizontaal: door alle informatie, emoties en waarden op te halen bij de betrokken partijen hoop en liefde in praktijk? En hoe nemen we kun je er samen voor zorgen dat die waarden worden onze verantwoordelijkheid in de behouden of een nieuwe vorm of plek krijgen.
samenleving?’
Eigenaren en geloofsgemeenschappen merken dat de manier van kerken aan het veranderen is en zien hun ledenaantallen krimpen. Desondanks proberen zij vast te houden aan hun invulling van het gebouw en rol in de gemeenschap. Een gemeente of ontwikkelaar zoekt naar nieuwe gebruiksmogelijkheden van kerkgebouwen, die passen bij de behoefte in de maatschappij, de cultuurhisKooger Vermaning, Koog aan de Zaan 26
27
De Zaanse kerkenvisie kiest bewust voor een waardegestuurde ontwikkelingsaanpak. Met andere woorden, we beginnen met het maatschappelijke vraagstuk en vooral met de mensen daaromheen. Wat we nodig hebben is een gesprek over wat men van waarde vindt, welke waarden dat zijn en aan welke waarden je wilt vasthouden in de toekomst. We pleiten daarom voor een Zaanse kerkenvisie als platform voor dialoog: een omgeving waar – en vooral een manier waarop – overheid,
2022/1634
kerkgenootschappen, initiatiefnemers, burgers en erfgoedorganisaties met elkaar in gesprek kunnen gaan over het behoud en de ontwikkeling van kerkgebouwen.
DaF-architecten, Catherine Visser: ‘Je kunt de rijkdom, dynamiek en complexiteit van het Zaanse kerkengezelschap niet in een spreadsheet vangen. Een kerkenvisie kan geen ‘transformatietrechter’ zijn waar je boven een kerk in gooit en onder een herontwikkelingsplan uit krijgt.’
3.3 Gesprekspartners: rol van de gemeente Als gemeente ben je in grote mate afhankelijk van de kennis en informatie die alleen bij andere stakeholders te vinden is, zoals de kerkeigenaren. Gemeente Zaanstad is zich hier bewust van en werkt in haar beleidsopgaves daarom met de Factor C methode, waarbij actief de samenwerking met stakeholders wordt gezocht. De gemeente krijgt op die manier meer inzicht in de belangen vanuit de maatschappij en de belanghebbenden zelf krijgen hun bijdrage in het proces te zien. Zo ontwikkelen we nieuwe manieren om inwoners, ondernemers en organisaties invloed te geven op hun eigen leefomgeving, zoals initiatieven als MAAK.Zaanstad en Groenadoptie. In het opstellen van de Zaanse kerkenvisie hebben we de samenwerking met de eigenaren en geloofsgemeenschappen gezocht. Met de grotere kerkenkoepels
– PKN Zaanstreek, bisdom Haarlem-Amsterdam en het Parochieverband Zaanstreek – zijn kennismakingsgesprekken gevoerd en naar de zestig geselecteerde kerken in religieus gebruik is een enquête verstuurd. Tijdens deze startbijeenkomst in maart 2019 met kerkvertegenwoordigers en andere religieuze organisaties werden verwachtingen opgehaald en ervaringen gedeeld. De ambitie is om in de toekomst ook andere relevante stakeholders uit te nodigen, zoals omwonenden, erfgoedspecialisten, maatschappelijke organisaties en vastgoedontwikkelaars.
Kerkenraadslid doopsgezinde vermaning Krommenie, Evelien Mager: ‘Van handhaving mochten we na een huwelijksvoltrekking geen glas champagne schenken. Let wel: ze zouden elders gaan eten, dus het ging alleen om een toost. Toen heb ik tegen handhaving gezegd: ‘Hier is het telefoonnummer van het bruidspaar, jij mag ze vertellen dat het niet door kan gaan’
Religieus erfgoed is niet alleen een zaak van de erfgoedafdeling binnen de gemeente. Kerken raken immers ook aan andere beleidsterreinen zoals leefbaarheid, ruimtelijke ordening, toerisme en vergunningen. Je wilt ook deze afdelingen in een vroeg stadium betrekken bij, of op zijn minst op de hoogte houden van het gesprek. De gemeente heeft hier ook een belangrijke praktische taak wat betreft regelgeving en
handhaving. Op het gebied van bijvoorbeeld vergunningverlening en flexibiliteit in bestemmingsplannen kan oplossingsgerichter gewerkt worden. Om het mogelijk te maken dat er in de kerk een wijntje geschonken kan worden na een trouwerij, of dat er grotere bijeenkomsten in een schuilkerk georganiseerd mogen worden zonder dat daar de verplichting van een extra toilet aan vast zit. Met deze praktische en oplossingsgerichte blik kunnen we het Zaanse religieus erfgoed levend èn levensvatbaar houden. De aanpak van de Zaanse kerkenvisie houdt het midden tussen een coproducerende en faciliterende rol van de gemeente (interactiesysteem van Pröpper, 2009). Met name het opstellen van de visie heeft een coproducerend karakter gehad. In de uitvoeringsfase van het te ontwikkelen platform zal een faciliterende rol van de gemeente steeds vaker het uitgangspunt zijn en komt het initiatief en de verantwoordelijkheid eerder bij de andere stakeholders te liggen. Hetzelfde geldt voor het opstellen van het kerkenpaspoort. Binnen de context van het platform is het de verantwoordelijkheid van de betrokken stakeholders om de opgehaalde kennis en informatie op een functionele manier te bundelen. De gemeente kan dit proces wel faciliteren door advies te geven en voorbeelden te delen.
Uiteraard denkt en praat zij ook mee vanuit het brede maatschappelijke en cultureel belang van de kerkgebouwen en verbonden functies, als een van de logische gesprekspartners.
bruikbare respons van minder dan de helft.3 Ook de rol van de gemeente is soms onduidelijk, wat tot wantrouwen bij de eigenaren kan leiden. Met de Zaanse kerkenvisie hebben we een eerste stap gezet om de bij kerken betrokken partijen samen te brengen. Met het platform hopen we een veilige omgeving te creëren waar in openheid en vertrouwen gesproken kan worden om gezamenlijk tot besluiten te komen.
3.5 Platform voor fysiek gesprek Het platform bestaat primair uit de fysieke gesprekken tussen de relevante stakeholders, bijvoorbeeld rondom een uitgelicht thema. Idealiter komen groepen belanghebbenden periodiek samen. Dit is een groeiproces. De eerste bijeenkomsten tussen stakeholders worden nog geïnitieerd door de gemeente. Op de website erfgoed.zaanstad.nl van de gemeente Zaanstad zal een pagina worden ingericht rondom de Zaanse kerkenvisie. Via deze pagina wordt informatie gedeeld over de kerkenvisie, de karakterkaarten en het kerkenpaspoort. De gemeente stelt na het publiceren van de Zaanse kerkenvisie een begeleidingsgroep samen met sleutelfiguren uit verschillende domeinen en organiseert een bijeenkomst (na de corona-restricties) waarmee het platform zal worden gelanceerd.
3.4 Open kaart spelen Een gesprek tussen stakeholders over de toekomst van de Zaanse kerken was er tot nu toe nog nauwelijks. De onder zestig kerkeigenaren verspreide enquête had slechts een
Door 23 kerkeigenaren is de vragenlijst ingevuld, bij drie kerken is de enquête mondeling afgenomen en 14 eigenaren hebben zich afgemeld. Een derde heeft niet gereageerd. Daarmee komt de bruikbare respons van de enquête uit op 43%.
3
28
‘Bullekerk’ Westzijderkerk, Zaandam 29
2022/1634
Oostzijderkerk, Zaandam 30
31
2022/1634
4. De Zaanse aanpak Kerken met karakter Ze zijn eigenwijs en ondernemend, de een op een luidruchtige manier, de ander meer bescheiden. We hebben het hier niet over de Zaankanters zelf, maar over hun kerkgebouwen. Elke kerk is als een uniek personage met diverse karaktertrekken. De karaktereigenschappen verbeelden de diverse cultuurhistorische, ruimtelijke en maatschappelijke waarden van de Zaanse kerken en brengen daarmee hun veelzijdigheid scherp in beeld. Dit vergemakkelijkt het gesprek over de toekomst van religieus erfgoed en stimuleert stakeholders om deel te nemen aan de dialoog. Deze manier van kijken naar kerken als levend erfgoed, waarin het gebruik en vooral de gebruiker centraal staat, biedt een nieuw perspectief op het Zaanse kerkenlandschap. Een perspectief dat recht doet aan het indrukwekkende historische archief van bouwgeschiedenissen, culturele invloeden en maatschappelijke functies.
4.1 Monumentale spelregels
4.2 Alle (karakter)kaarten op tafel
Als je het hebt over kerken als levend erfgoed, dan missen de huidige redengevende omschrijvingen van rijksmonumenten een paar belangrijke ingrediënten. Ten eerste ontbreekt het in de vaak droge omschrijvingen aan een historisch en vooral maatschappelijk verhaal van het monument: een kerk is meer dan het bouwjaar, de architect en de naam van de orgelbouwer. Ten tweede zien ze een vorm van waardering over het hoofd, waaraan een herontwikkelaar bijvoorbeeld een gewenste transformatie kan toetsen. Een scherpere analyse zou de noodzakelijke keuzes een stuk vergemakkelijken.
De Zaanse kerkenvisie hanteert drie soorten karaktereigenschappen van kerken: de familiegeschiedenis die de cultuurhistorische waarden van een gebouw in zich draagt, de woonplaats die de ruimtelijke en stedelijke waarden vertolkt en het gedrag dat de maatschappelijke of sociaal-culturele waarden van het gebouw vormt. Sommige van die eigenschappen zijn in beweging, andere staan vast. De familie waartoe je behoort verandert bijvoorbeeld niet. De kerkfamilie is een afspiegeling van de periode waarin en intenties waarmee de kerk gebouwd werd: is het een trots baken in de stad of juist incognito? De rol die je speelt in de maatschappij en de betrokkenheid die je voelt bij anderen, kan wél aan verandering onderhevig zijn. Net zoals gedrag en voorkeuren in een individu kunnen veranderen, kan ook de maatschappelijke rol van een kerk, door het gebruik dat ervan gemaakt wordt, zich door de jaren heen ontwikkelen.
De Zaanse kerkenvisie poogt een alternatief te geven voor deze monumentbeschrijvingen, waarin het maatschappelijke verhaal de kern vormt. In samenwerking met DaF-architecten is een nieuwe methode ontwikkeld voor de waardering van kerkgebouwen: elke kerk is als een uniek personage, geboren in een bepaalde familie, gevestigd op een bepaalde plek en zich associërend met een bepaalde groep. Net als ieder individu heeft een kerkgebouw bepaalde karaktertrekken die de kerk maken tot wie zij is en wat zij betekent voor de mensen om haar heen. De karakterschetsen in deze kerkenvisie bieden daarmee een waarderende kijk op kerken die integraler is dan de gangbare erfgoedcategorisering.
De Doofpot’ Doopsgezinde Vermaning, Zaandam 32
33
Per karaktereigenschap zijn vijf karakterkaarten ontwikkeld, passend bij het specifieke kerkenlandschap in de Zaanstreek. De karakterkaarten zijn bedoeld als hulpmiddel om grip te krijgen op de rijkdom en diversiteit van de Zaanse kerken. De kaarten maken die veelheid hanteerbaar en helpen bij het indelen van kerken in overkoepelende families.
2022/1634
Familiedag Binnen het platform kunnen er per kerkfamilie bijeenkomsten met stakeholders worden georganiseerd. Op deze ‘familiedag’ kun je met je familieleden kennis delen, familieproblemen oplossen en in gesprek over gezamenlijke strategieën. De karakterkaarten maken de verschillende waarden van kerken bespreekbaar. Op die manier kun je gemakkelijker in gesprek over een mogelijke prioritering of selectie. Met de karakterkaarten als hulpmiddel, leggen alle stakeholders letterlijk hun kaarten op tafel. De speelse vormgeving van de karakterkaarten helpt hierbij. Binnen het platform kunnen bijeenkomsten met stakeholders bijvoorbeeld worden georganiseerd per kerkfamilie, als familiedag. Het is daarbij interessant om te merken hoe je naar jezelf kijkt binnen een grotere groep van familieleden. Via de website erfgoed.zaanstad.nl van gemeente Zaanstad bieden we de mogelijkheid aan om een set van de karakterkaarten van het Zaanse kerkenlandschap te downloaden.
4.3 Familie | cultuurhistorische karakters Je bent opgegroeid in een bepaalde familie, je deelt elkaars DNA en in grote lijnen lijk je op elkaar. Je deelt eigenschappen met je directe verwanten, die je juist onderscheiden van een andere familie. In het verhaal over het Zaanse kerkenlandschap hebben we kunnen zien dat gebeurtenissen in het verleden een grote diversiteit tot gevolg hebben gehad. Er zijn verschillende kerkfamilies ontstaan, die allemaal op hun eigen manier hebben
gereageerd op de actualiteit. Hun vorm is bepaald binnen een specifieke tijd en plaats maar voert soms ook terug op een lokale of internationale bouwtraditie. Religieuze oriëntatie en architectuur hebben veel met elkaar te maken. De Zaanstreek kent overkoepelende kerkfamilies die zich duidelijk van elkaar onderscheiden. Dit onderscheid gaat over uiterlijke én innerlijke trekken van het gebouw en voert vaak terug op de manier van geloven en de maatschappelijke rol van de kerk. Zo zijn er de ‘trotse stadsbakens’, sterk publieke kerken met toren en klokkenstoel uit de tijd dat kerk en staat één waren. Ook de ‘experimenten in nieuwe geloofsvormen’, die werden gebouwd na het einde van de Tweede Wereldoorlog, hebben een duidelijk open en nieuwsgierig karakter. De ‘geborgen gemeenschapsruimtes’ daarentegen, exclusief bedoeld voor de eigen geloofsgemeenschap, zijn introvert en gesloten van aard. Dit zijn vaak kerkgebouwen van meer orthodoxe gemeentes. Ook opvattingen over decoratie en stijlmiddelen verschillen sterk tussen de Zaanse kerkfamilies. De een komt bij vreemden zeer bescheiden over, maar heeft onder vertrouwelingen juist een grote mond. Zoals de familie ‘geometrische zuiverheid’, die van buiten wordt gekenmerkt door een sobere bouwstijl, maar van binnen zorgvuldig is gecomponeerd om te imponeren.
Aan de andere kant van het spectrum staan de extraverten die ook naar de buitenwereld toe graag pronken. Zo viert de familie ‘opnieuw geaard in traditie’, waaronder de negentiende-eeuwse katholieke kerken, haar rijkdom uitbundig met ambachtelijke ornamenten en materialen.
34
Trots stadsbaken Familie Leden van deze familie kent iedereen, ze zijn het gesprek van de dag. Ze vallen op door hun formaat en door de aanwezigheid van hoge klokkentorens. Een trots stadsbaken vormt het symbool van zowel publiek als godsdienstig gezag. Ze overstijgen het particuliere religieuze leven en hebben een belangrijke maatschappelijke betekenis. De eerste exemplaren, waarvan het merendeel sneuvelde als gevolg van de bodemdaling en de Spaanse verwoestingen, werden gebouwd in de middeleeuwen. Vanuit kleinere plaatsen trokken gelovigen naar deze ontginningskerken, zoals de Oostzijderkerk in Zaandam (ca. 1400) die nog een middeleeuwse oorsprong kent. Ook de hervormde kerken die de Zaankanters in de zeventiende en achttiende eeuw lieten bouwen, zoals de Bullekerk in Zaandam (1640) en de Kogerkerk in Koog aan de Zaan (1685), zijn trotse stadsbakens waar de gehele gemeenschap aan meebetaalde. Het publieke belang van deze kerken blijkt onder andere uit de Zaanse kerkentwist waarbij Oost- en West-Zaandam strijd voerden over de zeggenschap in de kerk. West-Zaandam bouwde uiteindelijke een eigen kerk, de Bullekerk.
Opnieuw geaard in traditie Familie Traditie staat bij deze familie hoog in het vaandel. Een groot deel van deze familie ontstaat als na 1853 de bisschoppelijke hiërarchie in Nederland wordt hersteld en de Rooms-Katholieke Kerk weer gaat bouwen. Het teruggrijpen naar de eigen kerkelijke traditie is daarbij niet alleen een esthetische kwestie, maar ook een manier om de continuïteit en vitaliteit van de eigen geloofspraktijk uit te drukken. Onder invloed van Pierre Cuypers bouwden katholieken op de gotiek geïnspireerde kerken. In het interieur zijn spitsbogen met baksteen ribben benadrukt. De architecten gaan speels om met de
historische referenties en vinden allerlei variaties uit. De ruimte is processioneel: de kerk is in de lengte georganiseerd en culmineert bij het altaar en het glas in lood in het koor. Dit past bij de katholieke eredienst uit die tijd. Ook bij andere geloofsrichtingen grijpt de architectuur terug op de eigen kerkelijke geschiedenis en geloofspraktijk, zoals de centraalbouw bij de doopsgezinden en moslims en de halkerk bij de gereformeerden. In het ontwerp de materiaalkeuze speelt ambacht een belangrijke rol. Een groot deel van deze kerken stamt uit de late negentiende en vroege twintigste eeuw en is duidelijk herkenbaar aan een hoge enkele of dubbele toren. Denk aan de Heilige Martelaren van Gorcum in Koog aan de Zaan (1932) of de Sint Odulphuskerk te Assendelft (1888). Laatstgenoemde driebeukige kruiskerk is al de derde generatie van deze kerk, waarvan de eerste in 1410 werd neergezet. De Sultan Ahmet Moskee in Zaandam (1994) vormt de nieuwste generatie in de familie. Al is de hoofdconstructie in beton niet traditioneel, de detaillering en ruimtelijke opbouw verwijst naar de klassieke Ottomaanse moskeebouw.
Geometrische zuiverheid Familie Niet iedereen is duidelijk aanwezig in een groep, sommigen vallen liever niet zo op. Dat geldt zeker voor de zeventiende en achttiende-eeuwse schuilkerken, gebouwd in een periode waarin de katholieken en doopsgezinden hun geloof niet in het openbaar mochten belijden. De Maria Magdalenakerk aan het Papenpad in Zaandam (1695) is zo’n voormalige katholieke schuilkerk. De schuilkerk is van buiten niet direct herkenbaar als kerkgebouw. De aandacht trekt dan ook meteen naar het interieur dat in tegenstelling tot de gevel vaak rijk is vormgegeven en genereuze afmetingen kent. De bouwkundige compositie is eenvoudig en wordt gekenmerkt door perfecte geometrische verhoudingen. Er wordt slim gebruik gemaakt van licht, materiaal en
Oostzijderkerk Zaandam
kleur om een harmonische en omhullende ruimtelijkheid te scheppen. Bij de doopsgezinden ligt zand op de vloer, om de kans op brand te verkleinen en vuil makkelijk te kunnen verwijderen. Niet alleen schuilkerken volgen deze vorm, ook de evangelisch-lutherse Maartenkerk in Zaandam (1700) is lid van de familie. In de negentiende 35
eeuw worden de gevels van schuilkerken voornamer en sprekender door gebruik van baksteen, zoals bij de Wormerveerse vermaning (1830).
2022/1634
Sultan Ahmet Moskee, Zaandam 36
37
2022/1634
Geborgen gemeenschapsruimte Familie Deze familie lijkt wat uiterlijk betreft misschien niet zo op elkaar maar deelt wel een belangrijke overtuiging. Het gebruik van de ruimte door de eigen geloofsgemeenschap, die vaak van ver komt, staat voorop. Dit komt duidelijk tot uiting in de architectuur, met een sobere gesloten gevel en een vaak letterlijk hoge drempel. Vooral de meer orthodoxe geloofsgemeenschappen bouwden hun kerken bewust gesloten, zoals de koninkrijkszaal van de Jehova’s Getuigen in Zaandam (1992). Een ander voorbeeld is de onopvallend gesitueerde Onder de Roeden kerk in Zaandijk (1935), vernoemd naar de molenwieken die jarenlang vlak boven de kerk langs scheerden. Deze voormalige hervormde kerk is sinds 1972 in gebruik door de Vergadering van Gelovigen. Ook vier van de vijf Zaanse moskeeën behoren tot de familie. Vaak is het dak groter dan de gevel met een lage goothoogte. Deze tentvorm is naar buiten toe weliswaar gesloten maar biedt van binnen een grote geborgenheid. Bij de gereformeerde Leliekerk in Krommenie (1971) wordt dit bereikt door het puntdak dat laag bij de grond begint en het interieur tot een beschutte tent maakt.
Experiment voor nieuwe geloofsvormen Familie Innoveren in tijden van crisis, dat is wat deze familie kenmerkt. Na het einde van de Tweede Wereldoorlog brak een periode van wederopbouw aan. Er ontstond ruimte voor nieuwe vormen van samenkomst die pasten bij de snel veranderende maatschappij. Die behoefte vertaalde zich in de praktijk naar architectonische experimenten, aanvankelijk vooral in de woning- en stedenbouw. Een typerende moderne wederopbouwkerk is de Paaskerk in Zaandam (1958), nu in gebruik door een vrije evangelische gemeente. In 2007 werd de Paaskerk
binnen de protestantse wederopbouw als rijksmonument aangewezen. Ook de manier van kijken naar kerkgebouwen veranderde na de oorlog ingrijpend. De kerken worden groter, breder en zijn vooral meer naar buiten gericht: een duidelijk signaal dat kerken zich openstellen naar de gemeenschap en de buurt. Ook van binnen is er meer ruimte ontstaan door het vaak lege vloeroppervlak. In sommige gevallen staat de kerktoren los van de romp. De Heilige Jozefkerk in Zaandam (1964), zichtbaar vanuit de trein met haar vrijstaande toren, is hier een duidelijk voorbeeld van. De gereformeerde Oosterkerk in Zaandam (1972), bijgenaamd Het Lichtschip, betreft een modern complex zonder toren. Dat het experiment soms te ver voerde, bewijst het verhaal van de handgeschreven tekst van Karel Appel in de Paaskerk: deze werd al na een paar dagen door de gemeente overgeschilderd.
4.4 Thuis | ruimtelijke karakters De plek waar je je thuis voelt, betekent veel voor wie je bent. Zo is ook de positie van de kerk in de stedelijke of landelijke omgeving een belangrijke karaktereigenschap van het gebouw. De manier waarop kerken in het weefsel zijn ingebed, is bepaald door de tijd waarin ze gebouwd werden en de maatschappelijke positie van de kerkgemeenschap die ze bouwde. De ligging van een kerk is vaak bewust gekozen aan een stedelijke as maar verandert soms ook als gevolg van de groei van de stad. Zo maken de ‘hoekstenen van de wijk’ onderdeel uit van twintigste-eeuwse uitbreidingswijken maar liggen de ‘hof- en terpkerken’ al eeuwen lang op een terp met aangrenzend kerkhof. De Zaanstreek kent vier stedelijke karaktereigenschappen die zich duidelijk van elkaar onderscheiden. Dit onderscheid gaat over de uiterlijke expressie van de kerken en de mate van verwevenheid met de directe omgeving: hof- en terpkerken, herkenbare centra van geloof, inverdan schuilkerken en hoekstenen 38
van de wijk. Een onbenoemde karaktereigenschap kenmerkt kerkgebouwen die geen duidelijke stedelijke aspiraties lijken te hebben. Deze laten we voorlopig buiten beschouwing maar behoeven nader onderzoek.
Hof- en terpkerken Thuis Hof- en terpkerken zijn honkvast. Ze staan al eeuwen op dezelfde plek, vaak aan de ontginningsassen en aan de Zaankant, en zijn omringd door een kerkhof. Soms is de kerk zelf nieuwer dan het omliggende kerkhof, of is het kerkhof inmiddels veranderd in een plein of tuin. Deze kerken liggen vaak wat hoger op een terp, oorspronkelijk bedoeld als vluchthaven voor het wassende water. Ze brengen duidelijk structuur aan in het landschap en vormen rustpunten in een dynamische omgeving. Zowel onder de grond als in het gebouw zelf komt vaak een grote historische gelaagdheid tot uitdrukking, zoals bijvoorbeeld het geval is bij de Sint Odulphuskerk in Assendelft (1888) en de Grote Kerk in Westzaan (1741).