CConstaterende datZaanstad
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Zaans woonwagenbeleid

Raadsvergadering 23 december 2021, gemeente ZaanstadBij agendapunt: Zaans Woonwagenbeleid.17.274 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Locatie Piet Kuiperlaan te Wormerveer

Op de locatie Piet Kuiperlaan te Wormerveer hebben 6 van de 9 (66,6%) huishoudens meegedaan aan het woonbehoefteonderzoek. Er is op deze locatie een standplaatsbehoefte van 3 starters en/of 1 inwoner. Deze inwoner heeft al een oude toezegging voor een (nog aan te leggen) standplaats conform het in 2018 gewijzigde bestemmingsplan. Op deze locatie deden zich in het verleden 3 illegale situaties voor. Eén woonwagen was geplaats op een strook “groen” tegenover de locatie. Achter een woonwagen stond een mantelzorgwoning in een strook “groen” achter een standplaats en bewoners gebruikten grond tussen het perceel en de sloot aan de achterzijde van de standplaats in de “groen” strook. De gemeente heeft deze stukken grond te koop aangeboden aan de bewoners. Daarnaast is deze locatie met drie standplaatsen uitgebreid, welke verkocht worden aan de nieuwe standplaatshouders. Feitelijk heeft deze locatie 9 standplaatsen voor enkele bewoning en 1 standplaats voor 2 wooneenheden. De bewoners met de mantelzorgwoning achter de woonwagen zullen de grond kopen van de gemeente. Op deze manier is deze locatie uitgebreid met vier standplaatsen. Achter de drie nieuwe standplaatsen zal t.z.t. een grondwal worden aangebracht. Deze werkzaamheden zijn nog niet uitgevoerd. Tevens is de toegestane bouwhoogte van de bestaande woonwagenlocatie gewijzigd van 3 naar 5 meter. De 24

2021/26510 woonwagens op deze locatie staan dicht op elkaar. 3 van de 6 deelnemende huishoudens is van mening dat hun wagen brandveilig staat en de overige 3 zijn van mening dat hun wagen niet brandveilig staat. 5 van de 6 huishoudens zegt niet te beschikken over een bouw- of omgevingsvergunning. 3.2.5

Locatie Schepenlaan te Zaandam

Op de locatie Schepenlaan te Zaandam hebben 3 van de 4 (60%) huishoudens meegedaan aan het woonbehoefteonderzoek. Er is op deze locatie een standplaatsbehoefte van 1 inwoner. De 4 standplaatsen zijn gebouwd op een onderheide fundering. De standplaatsen zijn 8 meter breed. De maximale bouwhoogte is 3,5 meter. 2 van de 4 deelnemende huishoudens geeft aan dat de wagens te dicht op elkaar staan in het kader van de brandveiligheid. 1 van de 4 huishoudens heeft geen idee of er een bouw- of omgevingsvergunning is voor de wagen, 1 huishouden geeft aan hier niet over te beschikken en 1 huishouden heeft een nieuwe aanvraag ingediend. 3.2.6

Locatie Nienke van Hichtumstraat te Zaandam

Op de locatie Nienke van Hichtumstraat te Zaandam hebben 2 van de 4 (50%) van de huishoudens meegedaan aan het woonbehoefte onderzoek. Er is op deze locatie een standplaats behoefte van 2 starters en 2 spijtoptanten. In het bestemmingsplan Westerwatering is beschreven dat de locatie gebouwd is voor maximaal 4 standplaatsen van 8 meter breed, op een onderheide fundering, dat de woonwagens een maximale breedte mogen hebben van 5 meter en een maximale lengte van 15 meter. De maximale bouwhoogte is 3,5 meter. De woonwagens staan hier dicht op elkaar. 1 van de 2 wagens beschikt over een bouw- of omgevingsvergunning en 1 wagen niet. Volgens de 2 deelnemers staan de woonwagens brandveilig. Het parkeren voor de locatie kan, zeker in de avond, bovenmatig druk zijn. 3.2.7

Locatie Ringweg te Zaandam

Op de locatie Ringweg te Zaandam hebben 9 van de 17 (52,9%) huishoudens meegedaan aan het woonbehoefte onderzoek. Er is op deze locatie een standplaats behoefte van 3 starters. Tot de bestemmingsplan wijziging van 2018 beschikte deze locatie over 13 standplaatsen. De feitelijke situatie was dat er al geruime tijd 17 woonwagens geplaatst waren. Vanuit het standpunt van een goede ruimtelijke ordening is geconstateerd dat dit geen problemen opleverden. In de aanpassing van het bestemmingsplan zijn nu 17 standplaatsen gerealiseerd. De lengte van een woonwagen mag niet meer zijn dan 15 meter en een breedte van 8 meter. De maximale bouwhoogte op deze locatie is in de bestemmingsplan wijziging aangepast naar 7 meter. Op deze locatie staat slechts nog 1 huur woonwagen van Parteon (met voorzieningen voor lichamelijk gehandicapten). Van de 9 deelnemende huishoudens zeggen er 7 niet te beschikken over een bouw- of omgevingsvergunning en 2 wel. 5 van de 9 huishoudens is de mening toegedaan dat de wagen niet brandveilig staat. 3.2.8

Locatie Ducaatstraat/Penningweg te Zaandam

Op de locatie Ducaatstraat/Penningweg te Zaandam hebben 8 van de 24 (33,3%) huishoudens meegedaan aan het woonbehoefteonderzoek. Deze locatie is gebouwd voor kermisexploitanten. Een combinatie van wonen en werken. Echter, door de verkoop van de terreinen in de loop der tijd is niet altijd vastgehouden aan het uitgangspunt. Er zijn bedrijfs- en woonkavels, afzonderlijk verkocht aan een ieder met interesse. Zo worden kavels nu voorzien van auto’s, zijn er standplaatsen verkocht aan mensen die slechts een woonbehoefte hebben en worden er woonkavels verhuurd aan derden (burgers). Er is op deze locatie geen standplaats behoefte van starters en/of inwoners. Maar er is wel een behoefte van 3 spijtoptanten. 1 van de 3 spijtoptanten valt onder de categorie mantelzorg.

25

2021/26510

4

Conclusies en aanbevelingen

Hoe groot is de behoefte in Zaanstad met betrekking tot het aantal beschikbare standplaatsen en woonwagens, de gewenste grootte van de (toekomstige) standplaatsen en de noodzakelijke voorzieningen op en rond de woonwagenlocaties?

4.1

Ondersteunende vragen beantwoord 1.

Wat is de huidige situatie in Zaanstad, hoeveel standplaatsen komen er in Zaanstad beschikbaar? Er zijn 7 woonwagenlocaties, 1 woon/werk locatie voor kermisexploitanten met een totaal van 74 standplaatsen.

 

2. Hoeveel inwonende kinderen er momenteel wachten op een standplaats? Woonbehoefte starters: 10 starters/inwoners van 18 jaar en ouder; 5 kinderen (starters) van 16-17 jaar. 3. Hoeveel bewoners hebben de behoefte om op een woonwagenlocatie te (blijven) wonen?. Verhuiswens hoofdbewoners heden: Op dit moment is de behoefte van de deelnemende hoofbewoners nihil. 2 deelnemers willen wel verhuizen als de mogelijkheid zich voordoet, 1 deelnemer zou wel willen verhuizen als er een standplaats beschikbaar komt bij familie, maar 37 van de 40 bewoners heeft geen wens of behoefte om te verhuizen. 4.

 

Hoeveel bewoners uit woningen hebben de behoefte om weer op een woonwagenlocatie te willen wonen? Woonbehoefte spijtoptanten: 8 spijtoptanten uit de gemeente Zaanstad; 2 spijtoptanten elders woonachtig in Nederland (reservekandidaten). 5.

Welke behoefte en/of wensen hebben bewoners ten opzichte van het wonen op een woonwagenlocatie? Van de bewoners die nog een standplaats en/of rest grond (gelegen achter de standplaats), willen kopen komt de vraag of huurkoop tot de mogelijkheden kan behoren; 6.

Hoeveel locatie en/of standplaatsen zijn er in Zaanstad en kunnen deze locaties de eventuele behoefte en/of woonwensen aan? Behoefte aan standplaatsen op korte termijn: Er is een behoefte aan 10-12 standplaatsen op korte termijn voor de starters.

 

Behoefte aan standplaatsen op middellange termijn: Er is een behoefte aan 3-5 standplaatsen op middellange termijn voor starters; Er is een behoefte aan 8-10 standplaatsen op middellange termijn voor spijtoptanten.

4.2

Aanbevelingen 

Verhuur van standplaatsen en/of huurwoonwagens zou in de toekomst mogelijk moeten blijven. Het uitbreiden van het aantal (huur)standplaatsen is vanwege de woonbehoefte van starters gewenst. Dit zorgt tevens voor een differentiatie aan standplaatsen;

Als er in de toekomst nieuwe standplaatsen worden bijgebouwd gaat de voorkeur uit naar het uitbreiden van bestaande locaties;

26

2021/26510 

Onderzoek nader of vergroting van bestaande locaties tot de mogelijkheid behoort. Nader planologisch onderzoek van de bestaande locaties is hiervoor noodzakelijk;

Als uitbreiding op bestaande locaties niet mogelijk is, probeer dan zoveel mogelijk een gedifferentieerd aanbod van standplaatsen te realiseren van huur, koop of grond voor het in eigen beheer bouwen van standplaatsen.

Onderzoek nader waar in Zaanstad ruimte is voor nieuwe mogelijkheden om standplaatsen aan te leggen;

Onderzoek nader of ontwikkeling van nieuwe locaties tot de mogelijkheid behoort. Dit aanmelden bij het project “op maat” bouwen is noodzakelijk. Nader planologisch onderzoek voor geschiktheid is hiervoor noodzakelijk;

Het ontwikkelen van woonwagenwoningen (in zijn algemeenheid) heeft de aandacht van bewoners;

Op basis van antwoorden over de afwezigheid van bouw- en omgevingsvergunningen voor bestaande woonwagens, is nader administratief onderzoek nodig.

In het kader van de brandveiligheid moet nader onderzoek worden verricht. Voor een beperkt aantal locaties moet worden gekeken of clusteren een oplossing kan brengen;

Als er in de toekomst nieuwe standplaatsen worden aangelegd, onderzoek dan eerst welke afmetingen voor een standplaats, gewenst en/of noodzakelijk zijn en of de mogelijkheid aanwezig is voor woonwagens met 2 verdiepingen;

Een nieuwe locatie zou moeten beschikken over standplaatsen waar een minimale brandvrije ruimte is van 5 meter tussen de twee woonwagens. Uitgangspunt hierbij kan zijn, een standplaats geschikt kan zijn voor een dubbele wagen plus een brandvrije strook van 5 meter;

Bekijk per locatie wat er nodig is om het onderhoud aan de openbare ruimten te verbeteren (inclusief de financiële onderbouwing hiervan).

In zijn algemeenheid kan gezegd worden dat het merendeel van de bewoners in de toekomst betrokken wil worden bij de toewijzing van standplaatsen. Allereerst omdat zij graag willen weten wie hun nieuwe buren worden. Maar de voorkeur gaat uit naar familieleden, in plaats van toewijzen aan niet tot de familie behorende (woonwagen) bewoners.

Een groot gedeelte van de deelnemende bewoners en starters geven aan moeite te hebben met het feit, dat er geen (vakinhoudelijk) aanspreekpunt is bij de gemeente.

In zijn algemeenheid bestaat er de behoefte bij veel bewoners om in de toekomst een 2e etage op de bestaande woonwagens te mogen bouwen. Veelal wordt deze vraag gesteld in verband met de inwonende kinderen die moeilijk aan een eigen standplaats kunnen komen. Is het mogelijk om hier eens naar te kijken? Onderzoek als gemeente of dit in de toekomst gewenst en/of mogelijk is;

Er wordt meerdere malen de vraag gesteld of het mogelijk is om in de toekomst een stenen woning op te standplaats te mogen bouwen. Echter dit is pas interessant voor een bewoner als er een 2e etage opgebouwd mag worden. Onderzoek of gewenst en/of mogelijk is;

5

Bijlagen

5.1

Overzicht alle woonwagenlocaties

27

2021/26510

1. Dorpstraat 2. Norbertijnenstraat. 3. Rosariumlaan te Krommenie 4. Komarowlaan te Krommenie 5. Piet Kuiperlaan te Wormerveer 6. Schepenlaan te Zaandam 7. Nienke van Hichtumstaat te Zaandam 8. Ringweg te Zaandam 9. Ducaatstraat/Penningweg te Zaandam 10. Zaanderhorn te Zaandam

28

2021/26510

5.2

Locatie: Norbertijnenstraat

Bij het onderwerp “wat is uw mening met betrekking tot het onderhoud door de gemeente” geven alle bewoners een antwoord. NORBERTIJNENSTRAAT Onderhoud aan: Maaien op- en rond de locatie Snoeien bomen en struiken Onderhoud bestrating openbare weg Onderhoud fiets- en voetpaden Onderhoud lantaarnpalen

NORBERTIJNENSTRAAT Welk cijfer geeft u aan: Het wonen op deze locatie De ligging van deze locatie Veiligheid spelen kinderen

BEW. 1 8 8 8 8 8

BEW. 1 9 9 2

BEW. 2 1 8 5 7 7

BEW. 3 1 8 5 7 7

BEW. 4 1 8 5 7 7

BEW. 2 8 8 7

BEW. 3 8 8 7

BEW. 4 8 8 7

Met uitzondering van het maaien rond de locatie, lopen de meningen uiteen. Echter 3 van de 4 huishoudens geven dit onderdeel een zware onvoldoende. Als aanvulling wordt meegegeven dat het verkeer in de straat voor de locatie nogal hard kan rijden, Bewoners geven de volgende vragen mee:

29

2021/26510

  

5.3

Is het mogelijk dat woningcorporatie Parteon een vochtmeting te doen in- en onder de chalets. Is het mogelijk om een verkeersdrempel in de straat aan te brengen, zodat het verkeer minder hard kan rijden. Is er nog ruimte voor standplaatsen te realiseren achter onze standplaatsen. Locatie: Rosariumlaan

Bij het onderwerp “wat is uw mening met betrekking tot het onderhoud door de gemeente” geven alle bewoners en starters een antwoord. Ook hier wordt gekozen om te kijken of er een verschil in beleving is tussen de hoofdbewoners/partners en de nog inwonende kinderen die zelfstandig willen gaan wonen. RROSARIUMLAAN onderhoud aan: Maaien op- en rond de locatie Snoeien bomen en struiken Onderhoud bestrating openbare weg Onderhoud fiets- en voetpaden Onderhoud lantaarnpalen ROSARIUMLAAN onderhoud aan:

BEW. 1 8 2 1 3 4

BEW. 2 4 4 1 1 1

BEW. 3 5 2 2 2 2

BEW. 4 2 2 2 2 2

STARTER 1

STARTER 2

STARTER 3

STARTER 4

Maaien op- en rond de locatie Snoeien bomen en struiken Onderhoud bestrating openbare weg

2 2

5 2

6 2

0 0

2

2

2

0

Onderhoud fiets- en voetpaden Onderhoud lantaarnpalen

2 2

2 2

2 2

0 0

ROSARIUMLAAN Welk cijfer geeft u aan:

BEW. 1

BEW. 2 30

BEW. 3

BEW. 4

2021/26510

Het wonen op deze locatie De ligging van deze locatie Veiligheid spelen kinderen

8 10 10

8 8 8

8 8 8

7 7 7

ROSARIUMLAAN Welk cijfer geeft u aan: Het wonen op deze locatie De ligging van deze locatie Veiligheid spelen kinderen

STARTER 1 7 7 7

STARTER 2 8 8 7

STARTER 3 8 8 8

STARTER 4 5 6 2

De bewoners van de locatie zijn erg tevreden met het wonen op deze locatie. Echter het onderhoud door de gemeente van de openbare ruimte op de locatie wordt als onvoldoende ervaren. Bewoners geven de volgende vragen mee:

 

5.4

Kan er op de locatie iets gedaan worden aan de beschikbare parkeerruimte? Ten tijde van de aanleg van de locatie waren er beduidend minder auto’s per huishouden beschikbaar als vandaag. Het parkeren wordt als een uitdaging gezien op deze locatie. Er zijn nog “rest stukken grond” achter de standplaats beschikbaar. Deze grond kan door bewoners worden gekocht. Hier is interesse voor, maar zou het mogelijk zijn dit op basis van huurkoop te doen? Locatie: Komarowlaan

Bij het onderwerp “wat is uw mening met betrekking tot het onderhoud door de gemeente” geven alle bewoners en starter een antwoord. Ook hier wordt gekozen om te kijken of er een verschil in beleving is tussen de hoofdbewoners/partners en de nog inwonende kinderen die zelfstandig willen gaan wonen.

31

2021/26510

KOMAROWLAAN onderhoud aan: Maaien op- en rond de locatie

BEW. 1 1 1 1 1 7

Snoeien bomen en struiken Onderhoud bestrating openbare weg Onderhoud fiets- en voetpaden Onderhoud lantaarnpalen

BEW. 2 1 1 1 1 6

BEW. 3 1 1 1 1 7

BEW. 4 7 1 1 7 7

BEW. 2 8 10 8

BEW. 3 8 6 8

BEW. 4 8 8 7

KOMAROWLAAN onderhoud aan: Maaien op- en rond de locatie Snoeien bomen en struiken Onderhoud bestrating openbare weg

STARTER 1 1 1 1 1 7

Onderhoud fiets- en voetpaden Onderhoud lantaarnpalen KOMAROWLAAN Welk cijfer geeft u aan: Het wonen op deze locatie De ligging van deze locatie Veiligheid spelen kinderen

BEW. 1 6 7 6

KOMAROWLAAN Welk cijfer geeft u aan: Het wonen op deze locatie De ligging van deze locatie Veiligheid spelen kinderen

STARTER 1 7 7 7

Het bovenstaande overzicht geeft aan dat de bewoners met tevredenheid wonen op deze locatie. Echter zijn zij niet te spreken over het onderhoud door de gemeente van de openbare ruimte rondom de locatie. Bewoners geven de volgende vragen mee:

  

Graag voorafgaand aan de bouw van het nieuwbouw project, aandacht schenken aan de te verwachte trillingen door zwaar bouwtransport, ten opzichte van de woonwagens. Zijn er naast- of bij de locatie nog uitbreidingsmogelijkheden voor standplaatsen? Bestaat er een mogelijkheid voor nieuwe standplaatsen en/of woonwagenwoningen in het project “eilanden van Hain”?

32

2021/26510

5.5

Locatie: Piet Kuiperlaan

Bij het onderwerp “wat is uw mening met betrekking tot het onderhoud door de gemeente” geven alle bewoners en starters een antwoord. Ook hier wordt gekozen om te kijken of er een verschil in beleving is tussen de hoofdbewoners/partners en de nog inwonende kinderen die zelfstandig willen gaan wonen. PIET KUIPERLAAN BEW. 1

BEW. 2

BEW. 3

BEW. 4

BEW. 5

BEW. 6

Maaien op- en rond de locatie Snoeien bomen en struiken Onderhoud bestrating openbare weg Onderhoud fiets- en voetpaden

1 1

1 1

1 1

1 1

1 1

1 1

1

1

1

1

1

1

1

1

1

1

1

1

Onderhoud lantaarnpalen

7

1

1

7

3

2

STARTER 1 1 1

STARTER 2 1 1

STARTER3 1 1

1

1

1

1 2

1 7

1 7

BEW. 1 7

BEW. 2 10

BEW. 3 8

onderhoud aan:

PIET KUIPERLAAN onderhoud aan: Maaien op- en rond de locatie Snoeien bomen en struiken Onderhoud bestrating openbare weg Onderhoud fiets- en voetpaden Onderhoud lantaarnpalen PIET KUIPERLAAN Welk cijfer geeft u aan: Het wonen op deze locatie

33

BEW. 4 10

BEW. 5 7

BEW.6 6

2021/26510

De ligging van deze locatie Veiligheid spelen kinderen

10 3

8 1

6 8

STARTER 1 6 3 1

STARTER 2 1 2 2

STARTER3 7 7 2

8 1

PIET KUIPERLAAN Welk cijfer geeft u aan: Het wonen op deze locatie De ligging van deze locatie Veiligheid spelen kinderen

Ondanks het feit dat de bewoners met veel plezier wonen op deze locatie laat het onderhoud veel te wensen over. Zo spreekt men over de ervaringen met het veegwagentje, wat steevast de locatie overslaat en het gebrekkige ophalen van het vuilnis. Bewoners geven de volgende vragen mee:  Kunnen wij een afvalpas krijgen, zodat wij het vuil zelf kunnen wegbrengen, indien nodig.  Kan er nog eens gekeken worden naar de putten in het hart van de openbare weg, deze verzakken of komen omhoog.  Kan er een spiegel worden geplaatst bij de uitgang van de locatie, aan de overzijde van de weg, zodat wij kunnen zien wat er aan komt rijden. Als het verkeer (van links) rijdt hier veel te hard en dit wordt als bijzonder gevaarlijk ervaren.  De bewoner van de huurstandplaats vraagt of Parteon een smalle rij bestrating (zeemstrook) aan de linkerzijde van de woonwagen kan aanleggen, zodat de bewoner niet eerst het onkruid uit de berm naast de sloot hoeft te verwijderen voordat de ramen van de wagen gezeemd kunnen worden.  Wanneer worden de gesprekken over de aankoop en betreffende voorwaarden van de stukken grond besproken met betreffende bewoners?  Is er een mogelijkheid tot huurkoop?

34

6 6

3 1

2021/26510

5.6

Locatie: Schepenlaan

Bij het onderwerp “wat is uw mening met betrekking tot het onderhoud door de gemeente” geven alle bewoners en inwoner een antwoord. Ook hier wordt gekozen om te kijken of er een verschil in beleving is tussen de hoofdbewoners/partners en inwoner. SCHEPENLAAN onderhoud aan: Maaien op- en rond de locatie Snoeien bomen en struiken Onderhoud bestrating openbare weg Onderhoud fiets- en voetpaden Onderhoud lantaarnpalen SCHEPENLAAN onderhoud aan: Maaien op- en rond de locatie Snoeien bomen en struiken Onderhoud bestrating openbare weg Onderhoud fiets- en voetpaden Onderhoud lantaarnpalen SCHEPENLAAN Welk cijfer geeft u aan:

BEW. 1 1 1 1 1 8

BEW. 2 8 6 8 8 10

BEW. 3 8 2 7 5 8

BEW. 2

BEW. 3

INWONER 1 8 7 7 7 7

BEW. 1 35

2021/26510

Het wonen op deze locatie De ligging van deze locatie Veiligheid spelen kinderen

10 10 10

3 10 1

SCHEPENLAAN Welk cijfer geeft u aan: Het wonen op deze locatie De ligging van deze locatie Veiligheid spelen kinderen

INWONER 1 7 7 7

10 10 10

3 van de 3 deelnemende huishoudens zijn tevreden over de ligging en het wonen op deze locatie. 2 van de 3 huishoudens zijn tevreden met het onderhoud van de openbare ruimte van deze locatie.

5.7

Locatie: Nienke van Hichtumstaat

Bij het onderwerp “wat is uw mening met betrekking tot het onderhoud door de gemeente” geven alle bewoners en starters een antwoord. Ook hier wordt gekozen om te kijken of er een verschil in beleving is tussen de hoofdbewoners/partners en de nog inwonende kinderen die zelfstandig willen gaan wonen.

NIENKE VAN HICHTUMSTRAAT onderhoud aan: Maaien op- en rond de locatie Snoeien bomen en struiken

BEW.1 9 9

BEW. 2 7 7

36

2021/26510

Onderhoud bestrating openbare weg Onderhoud fiets- en voetpaden Onderhoud lantaarnpalen NIENKE VAN HICHTUMSTRAAT onderhoud aan: Maaien op- en rond de locatie Snoeien bomen en struiken Onderhoud bestrating openbare weg Onderhoud fiets- en voetpaden Onderhoud lantaarnpalen

9 9 9

7 8 8

STARTER 1 8 8

STARTER 2 7 7

8

7

8 8

7 7

NIENKE VAN HICHTUMSTRAAT Welk cijfer geeft u aan: Het wonen op deze locatie De ligging van deze locatie Veiligheid spelen kinderen

BEW. 1 9 9 8

BEW. 2 8 2 7

NIENKE VAN HICHTUMSTRAAT Welk cijfer geeft u aan: Het wonen op deze locatie De ligging van deze locatie Veiligheid spelen kinderen

STARTER 1 8 8 8

STARTER 2 7 7 0

De bevraagde huishoudens wonen met veel plezier op deze locatie, zijn blij met de ligging van de locatie en zijn van mening dat de kinderen veilig kunnen spelen in de omgeving. Tevens zijn zij tevreden over het onderhoud van de gemeente rondom de locatie.

37

2021/26510

5.8

Locatie: Ringweg

Bij het onderwerp “wat is uw mening met betrekking tot het onderhoud door de gemeente” geven alle bewoners en starters een antwoord. Ook hier wordt gekozen om te kijken of er een verschil in beleving is tussen de hoofdbewoners/partners en de nog inwonende kinderen die zelfstandig willen gaan wonen RINGWEG onderhoud aan:

BEW. 1

BEW. 2

BEW. 3

BEW. 4

BEW. 5

BEW. 6

BEW. 7

BEW. 8

BEW.9

Maaien op- en rond de locatie Snoeien bomen en struiken Onderhoud bestrating openbare weg

7 1

8 2

1 1

1 1

1 1

7 2

5 1

8 1

8 1

8

0

1

1

1

4

2

1

5

Onderhoud fiets- en voetpaden Onderhoud lantaarnpalen

8 8

6 7

4 1

1 2

1 3

7 7

8 6

8 8

6 8

RINGWEG onderhoud aan: Maaien op- en rond de locatie Snoeien bomen en struiken Onderhoud bestrating openbare weg Onderhoud fiets- en voetpaden Onderhoud lantaarnpalen

STARTER1 STARTER2 STARTER3 STARTER.4 7 8 1 1 1 1 1 1 4

8

1

1

7 7

8 3

1 1

1 1

38

2021/26510

RINGWEG Welk cijfer geeft u aan: Het wonen op deze locatie De ligging van deze locatie Veiligheid spelen kinderen RINGWEG Welk cijfer geeft u aan: Het wonen op deze locatie De ligging van deze locatie Veiligheid spelen kinderen

BEW. 1

BEW. 2

8 10 10

8 8 8

BEW. 3 7 5 4

STARTER 1 7 10 8

BEW. 4

BEW. 5

BEW. 6

BEW. 7

BEW. 8

BEW.9

6 8 4

6 7 3

8 8 8

8 8 8

8 8 8

7 4 7

STARTER 2 8 8 10

STARTER 3 8 8 8

Alle bewoners geven aan met tevredenheid op deze locatie te wonen. De meeste deelnemers zijn echter niet tevreden met het onderhoud van de openbare ruimte op de locatie. Bewoners geven de volgende vragen mee:  Kunnen de putten in de openbare weg eens worden schoongemaakt?  Bewoners onderling werken samen aan het ontwikkelen en beheren van een speeltuintje voor de kleine kinderen op de locatie. Zij vragen dan ook aan de gemeente of er nog (afgeschreven) speeltoestellen ter beschikking kunnen worden gesteld, omdat de locatie aansluit op een industrieterrein en geen alternatieve speelmogelijkheden voorhanden zijn.  Mogen er ook woningen gebouwd worden op de standplaatsen?

39

2021/26510

5.9

Locatie: Ducaatstraat/Penningweg

Bij het onderwerp “wat is uw mening met betrekking tot het onderhoud door de gemeente” geven alle bewoners een antwoord. DUCAATSTRAAT/PENNIN GWEG onderhoud aan: Maaien op- en rond de locatie Snoeien bomen en struiken Onderhoud bestrating openbare weg Onderhoud fiets- en voetpaden Onderhoud lantaarnpalen Ducaatstraat/Penningweg Welk cijfer geeft u aan: Het wonen op deze locatie De ligging van deze locatie Veiligheid spelen kinderen

BEW. 1 7 7 6

BEW. 1 1 1

BEW. 2 1 1

BEW. 3 1 1

1 1 6

1 1 5

1 6 7

BEW. 2BEBBEW. 3 5 9 2 9 2 9

2 5

BEW. 5 1 1

BEW. 6 2 2

BEW. 7 2 2

7 7 7

1 1 5

1 1 4

2 2 2

BEW. 5 7 7 3

BEW. 6 7 6 3

BEW. 4

BEW. 4 10 8 8

BEW. 7 5 1 1

Over het algemeen zijn de bewoners het eens over het gemis aan onderhoud aan de openbare ruimtes open rondom de locatie. Daarnaast wonen bijna alle deelnemende huishoudens met tevredenheid op deze locatie. Eén van de huishoudens geeft de vraag mee, of het mogelijk is om zo spoedig mogelijk een mantelzorgunit op de woonkavel bij te plaatsen. 40

2021/26510

Bijlage 2

Vergunningverlening (omgevingsvergunning) en brandveiligheid van woonwagens en woonwagenlocaties 1. Inleiding Aanleiding In 2019 is het onderzoek naar de behoefte aan woonwagenstandplaatsen in de gemeente Zaanstad afgerond. Dit onderzoek is breder ingevuld dan alleen de behoefte aan standplaatsen. Uit het onderzoek blijkt dat op bijna alle locaties niet voldaan wordt aan de wet- en regelgeving betreffende de omgevingsvergunningen en dat op een aantal locaties de brandveiligheid in het geding is. Reden om in 2021 een start te maken met het opstellen van een plan van aanpak om de brandveiligheid en handhaving van de bestaande locaties te verbeteren. Delen uit dit memo zijn gebaseerd op de Handreiking Brandveiligheid van woonwagens en woonwagenlocaties van de VROM (Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer) uit 2009. Inventarisatie/Onderzoek Gezien de opgedane ervaringen op tal van woonwagenlocaties in het land, de maatregelen rond corona en na overleg met de veiligheidsregio is afgezien van een fysieke inventarisatie op de woonwagenlocaties. Er is wel een eenmalige ronde gedaan langs de woonwagenlocaties in april 2021. Er is verder volstaan met bestudering van bestaand materiaal, waaronder het concept woonbehoefteonderzoek uit 2019 en verzameld materiaal van de afdeling gebruikstoezicht uit 2017.

Opbouw In dit memo wordt de huidige situatie geschetst, vervolgens wordt de wet- en regelgeving met betrekking tot de woonwagens en woonwagenlocaties weergegeven. Daarna wordt de brandveiligheidsproblematiek uiteengezet. Ten slotte worden aanbevelingen met maatregelen voor de gemeente Zaanstad gegeven. Invoering van de maatregelen zal moeten resulteren in een brandveilige en legale situatie op de woonwagens en woonwagenlocaties in de gemeente Zaanstad. Feitelijke situatie inclusief Eigendomsoverzicht Er zijn zeven woonwagenlocaties en één woon-/werklocatie voor kermisexploitanten met een totaal van 74 standplaatsen. Daarvan zijn er 64 in particulier eigendom en tien standplaatsen zijn in eigendom bij Parteon en worden verhuurd. De woonwagenlocaties zijn: Norbertijnenstraat Assendelft Rosariumlaan Krommenie Komarowlaan P. Kuiperlaan

Krommenie Westknollendam

Schepenlaan N. v. Hichtumstraat

Zaandam Zaandam

Ringweg

Zaandam

Ducaatstraat/Penningweg Zaandam

4 standplaatsen incl. 4 chalets verhuur - Parteon 6 standplaatsen waarvan 1 standplaats verhuur Parteon 5 standplaatsen 6 standplaatsen waarvan 1 standplaats verhuur Parteon *uitbreiding van 3 standplaatsen is mogelijk op basis aanpassing bestemmingsplan 2018 4 standplaatsen 4 standplaatsen waarvan 1 standplaats met huurwoonwagen - Parteon 17 standplaatsen waarvan 2 standplaatsen verhuur + 1 huurwoonwagen - Parteon 24 standplaatsen wonen en werken (kermisexploitantenterrein) waarvan 1 standplaats verhuur - gemeente

41

2021/26510 In de bestemmingsplannen zijn de woonwagenlocaties vastgelegd. In het bestemmingsplan ‘Diverse Woonwagenlocaties Zaanstad’, dat in december 2018 door de raad is vastgesteld, wordt de uitbreiding van het aantal standplaatsen op drie locaties mogelijk gemaakt. Dat zijn de Piet Kuiperlaan in Westknollendam, de Ringweg in Zaandam en de Rosariumlaan in Krommenie. Op de overige locaties zijn de volgende bestemmingsplannen of beheersverordeningen van toepassing: - Bestemmingsplan reparatie bedrijventerrein zuid – Penningweg/Ducaatstraat - (In ontwikkeling) Bestemmingsplan Zaandam – Nienke van Hichtumstraat/Schepenlaan - Bestemmingsplan Krommenie – Komarowlaan. - Beheers verordening Assendelft – Franciscanenstraat/Norbertijnenstraat Uit het onderzoek is gebleken dat de brandveiligheid op drie woonwagenlocaties in het geding is. Dat zijn de Piet Kuiperlaan in Westknollendam, de Ringweg in Zaandam en de Rosariumlaan in Krommenie (zie drie plattegronden). Daarnaast hebben op alle locaties tal van woonwagens en bouwwerken niet de vereiste vergunningen. Ook woonwagens en woonwagenlocaties moeten voldoen aan de Woningwet, het Bouwbesluit, de gemeentelijke bouwverordening en Bestemmingsplannen voor de eisen van brandveiligheid. In de volgende sectie wordt de wet- en regelgeving die van toepassing is op de locaties uiteengezet.

Afbeelding 1. Piet Kuiperlaan te Westknollendam – cluster van 6 woonwagens.

42

2021/26510

Afbeelding 2. Ringweg te Zaandam – cluster van meerdere woonwagens en tal van bouwwerken.

Afbeelding 3. Rosariumlaan te Krommenie – cluster van 5 woonwagens.

43

2021/26510 2. Wet- en regelgeving met betrekking tot woonwagens en woonwagenlocaties Bestemmingsplannen en Bouwbesluit Op 1 oktober 1992 is de Woningwet drastisch gewijzigd. Ook is toen het Bouwbesluit in werking getreden. Sinds dat moment is er voor plaatsing van woonwagens een (bouw)vergunning vereist. Alle (dan wel bijna alle) woonwagens die op dit moment op de woonwagenlocaties aanwezig zijn, zijn na 1 oktober 1992 geplaatst. Slechts voor enkele woonwagens is een bouwvergunning aangevraagd en verleend. De overgrote meerderheid van de woonwagens op de woonwagenlocaties staat er zonder de vereiste vergunning. Het is wenselijk dit aan te pakken en af te ronden zodat de woonwagens en woonwagenlocaties aan de wet- en regelgeving zullen voldoen. Legalisering: door aanpassing / actualisering bestemmingsplannen en beheers verordeningen, ontstaat er een duidelijke nulmeting en nulsituatie. Inzetten vergunningentraject: wat kan wel en wat kan niet vergund worden? De gemeente kan zo vanaf die nulmeting geloofwaardig en consequent tegen toekomstige illegale bebouwing op de woonwagenlocaties optreden. Als de bestaande situatie namelijk niet zou worden gelegaliseerd, is de kans groot dat handhaving bij de bestuursrechter strandt wegens strijd met het gelijkheidsbeginsel.

Een goed beheer voor de toekomst en de daarbij behorende controle is dus slechts mogelijk en zinvol na legalisatie van de bestaande illegale bebouwing. Huidige wet- en regelgeving Op 1 oktober 2010 is de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht in werking getreden (Wabo). Een bouwvergunning heet sindsdien een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen. Op 1 april 2012 zijn er wijzigingen van kracht geworden in het Bouwbesluit. Met ingang van de hieronder weergegeven wijzigingen is het gemakkelijker geworden om een omgevingsvergunning voor de bouw en verplaatsing van woonwagens te verlenen.  Met de wijziging van het Bouwbesluit op 1 april 2012 zijn de brandveiligheidseisen voor woonwagens versoepeld. Niet iedere woonwagen afzonderlijk hoeft een bepaalde weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag (wbdbo) hebben, een cluster van vier woonwagens wel. Zo’n cluster vormt één brandcompartiment. Binnen dat cluster hoeven de woonwagens afzonderlijk geen wbdbo meer te hebben. Tussen de clusters moet er wel voldoende wbdbo aanwezig zijn. Die wbdbo wordt bereikt door tussen de clusters een onbebouwde ruimte te creëren en te handhaven van 5 meter breed (de brandvrije strook). Daar waar die stroken feitelijk zijn gerealiseerd, vormt het Bouwbesluit geen wezenlijk beletsel meer voor vergunningverlening. Wel zullen er soms voorwaarden aan de vergunning moeten worden verbonden.

 Het Bouwbesluit bepaalde aanvankelijk dat de oppervlakte aan woonwagens in een cluster niet meer dan 500 vierkante meter mag bedragen. Gevolg hiervan was dat niet alle woonwagens binnen een cluster vergund zouden kunnen worden. Het ministerie erkende dat dit in de praktijk tot problemen leidde en heeft inmiddels het Bouwbesluit op dit punt aangepast (de oppervlakte van een brandcompartiment mag maximaal 1000 m2 zijn, waardoor dit beletsel is weggenomen (zie Stb. 2014, 51).  Het Bouwbesluit bepaalt dat bij verplaatsing van een bestaande woonwagen het rechtens verkregen niveau geldt. Dat geldt dus alleen als er in het verleden voor een te verplaatsen woonwagen een vergunning is verleend. Als dat niet het geval is, moet de te verplaatsen woonwagen getoetst worden aan het nieuwbouwniveau.  Toets aan de Bouwverordening. De bouwverordening bevat voorschriften om het bouwen op verontreinigde grond tegen te gaan. Aangezien er sprake is van legalisatie van al tientallen jaren aanwezige bestaande bebouwing is dit niet relevant.  In de huidige Bestemmingsplannen zijn geen bepalingen opgenomen m.b.t. brandveiligheidsvoorschriften zoals onderlinge afstand, bluswatervoorzieningen en bereikbaarheid. Als er alsnog vergunningsaanvragen voor de woonwagens worden aangevraagd, zal de omgevingsvergunning niet in alle gevallen kunnen worden verleend.

Een aanvraag voor legalisatie zal namelijk in een groot aantal gevallen in strijd zijn met het Bouwbesluit.

44

2021/26510 Een brandveilige afstand In het KOMO attest (ATC0397/99, uitgegeven 01 februari 1999) met productcertificaat van de materialen waar een aantal woonwagens van gebouwd zijn staat het volgende: Beperking van uitbreiding van brand, Bouwbesluit art. 186 en 257 Aan de in NEN 6068 bedoelde weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag tussen een stacaravan en een (andere) besloten ruimte (i. c. een andere stacaravan, spiegelsymmetrisch geplaatst t. o. v. de beschouwde stacaravan) van 30 minuten wordt geacht te zijn voldaan indien een minimale, nader te bepalen, afstand tot de perceelgrens wordt aangehouden. Toepassingsvoorwaarde: Op de standplaats dient ten minste de vereiste afstand tussen twee stacaravans, zijnde 5 m (overeenkomstig de eis voor woonwagens in Bouwbesluit art 118.2), te zijn aangehouden. Nu is deze eis verwoord in de toelichting van art. 2.13.1 Bouwbesluit 2003. Dit betekent dat er tussen twee woonwagens spiegelsymmetrisch 2 x 30 minuten WBDBO (Weerstand tegen BrandDoorslag en BrandOverslag) tot de perceelgrens moet zijn; in totaal 60 minuten. Wanneer er sprake is van toegepaste materialen als gevelbekleding, welke voldoet aan Brandklasse 4* is een afstand 2x 2,5 m spiegelsymmetrisch ook voldoende. De woonwagens staan dan op 5 meter afstand van elkaar. Daarbinnen is er sprake van vlamcontact.

Het Bouwbesluit stelt uitsluitend eisen aan de wandkwaliteit ten aanzien van de brandwerendheid, gemeten op een afstand van 5 meter. Dus de 5 meterafstand op zich is geen eis. * In een aantal gevallen zijn de woonwagenlocaties zo aangelegd dat er geen rekening is gehouden met de brandonveilige situatie. Dit is af te leiden uit de vigerende bestemmingsplannen (in geen enkele is sprake van onderlinge afstanden tussen de woonwagens of tot de erfgrenzen). De woonwagens zijn toen geplaatst in veel gevallen zonder het verlenen van vergunningen waardoor controle op brandveiligheid niet is gebeurd. Voor de brandveiligheid van woonwagenlocaties is de afstand tussen woonwagens of clusters van woonwagens van essentieel belang. Dergelijke voorwaarden kunnen worden vastgelegd in het bestemmingsplan. Met het bestemmingsplan wordt immers de ordening van bouwwerken op terreinen vastgelegd. In het bestemmingsplan kunnen voorwaarden worden opgenomen voor de omvang van woonwagens en de afstand tussen verschillende (clusters van) woonwagens. Als dat in het bestemmingsplan niet goed is vastgelegd kan brandveilige plaatsing van (clusters van) woonwagens in de praktijk niet worden afgedwongen. Ook kan dan niet handhavend worden opgetreden tegen een grote groep te dicht op elkaar geplaatste woonwagens of het dichtbouwen van de ruimten tussen de woonwagens.

Voor gemeenten is het dus van belang een goed bestemmingsplan voor woonwagenlocaties te hebben. 3. Brandveiligheidsproblematiek In de afgelopen 20 jaar zijn relatief veel kleine particuliere woonwagens vervangen door grote woonwagens. Deze zijn, op enkele na, zonder (bouw) omgevingsvergunning geplaatst. Hierdoor is er geen zicht op of de bouwsels voldoen aan de eisen die in het Bouwbesluit gesteld worden. De gemeente Zaanstad heeft geconstateerd dat er mogelijk brandveiligheidsproblematiek op een aantal woonwagenlocaties aanwezig is. Op basis van bestaand materiaal is de huidige situatie bestudeerd qua bouwen en op brandveiligheid onderzocht en regelgevingstechnisch beoordeeld. Het blijkt dat een groot aantal woonwagens binnen de grenzen van de bestaande standplaatsen qua brandveiligheid in aanleg een groot probleem vormt. De knelpunten blijken voornamelijk te zitten in de brandoverslag. De kans dat een brand in een woonwagen leidt tot het in brand raken van meerdere direct ernaast opgestelde wagens is aanzienlijk. De kans dat een groot deel van de woonwagens zouden kunnen afbranden wordt eveneens reëel geacht. Het is een ongecontroleerde situatie. De bestaande infrastructuur, de aangetroffen positionering van de woonwagens en de gebruikte materialen (zoals gevelbekleding) brengen de nodige risico’s met zich mee. Sommige woonwagens hebben nog gevels bekleed met pvc-schroten.

Deze zijn niet brandwerend en voldoen niet aan brandklasse 4. Andere (een meerderheid) zijn bekleed met kunststof steenstrips

45

2021/26510 Op een aantal locaties is door het plaatsen van te grote woonwagens op te kleine standplaatsen de brandveiligheid onvoldoende. Dat wil zeggen dat brandoverslag en -doorslag op nabijgelegen woonwagens een reëel gevaar is. De kans dat meerdere woonwagens in brand raken is aanzienlijk. De brand in één woonwagen kan gemakkelijk leiden tot het in brand raken van meerdere naburige woonwagen(s). Slachtoffers zijn niet ondenkbeeldig. Ontvluchting lijkt in veel gevallen onvoldoende mogelijk. De bouwtechnische kwaliteit, de positionering van de wagens, bluswatervoorziening en de toegankelijkheid voor de brandweer zijn van dien aard dat de veiligheid voor bewoners niet gewaarborgd is. Uit de positionering van de woonwagens en de gebruikte materialen blijkt dat niet voldaan wordt aan de vereisten, die het Bouwbesluit 2003 stelt. Een afstand van minimaal 5 meter (binnen 5 meter is er sprake van vlamcontact) is dan in de meeste gevallen een vereiste. Kortom, er is op 3 niveaus (bestaande bouw, nieuwbouw en brandrestrisico’s) getoetst en in vrijwel geen van de gevallen wordt hieraan voldaan. Veel woonwagens zijn geplaatst zonder (bouw) omgevingsvergunning en derhalve niet getoetst aan het Bouwbesluit en de bouwverordening. De knelpunten blijken voornamelijk te zitten in de brandoverslag (door positionering).

In het kader van de brandveiligheid voldoen weinig woonwagens aan het Bouwbesluit 2003. Wat zijn nu de risico’s bij brandoverslag op de diverse woonwagenlocaties? 1. De woonwagens op de Piet Kuiperlaan (Westknollendam), de Ringweg (Zaandam) en de Rosariumlaan (Krommenie) staan zo dicht bij elkaar (ca. 0,0 m tot 5,0 m) dat, ongeacht of de woonwagen voldoet aan de bouwregelgeving, te verwachten is dat binnen korte tijd brandoverslag plaatsvindt naar de naastgelegen woonwagens. 2. Personen kunnen bij brand in of achter hun woonwagen opgesloten raken, waardoor kans bestaat op slachtoffers. Door toepassing van elektrische rolluiken, deuren die uitkomen tussen woonwagens of het ontbreken van een vluchtroute achter de woonwagens naar openbaar terrein of buurpercelen, is een veilige ontvluchting vanuit de woonwagens niet in alle gevallen mogelijk. Ook dit leidt tot extra risico. 3. Bij een aanzegging van brand zal bij de vermelding dat het een woonwagen betreft de brandweer standaard uitrukken met twee tankautospuiten, een redvoertuig en een Officier van Dienst. Ter bestrijding van brand en ter voorkoming van verdere branduitbreiding zal de brandweer bij een inzet ten minste twee stralen lagedruk gebruiken. Als vanuit de melder over een caravan wordt gesproken zal het standaard uitrukvoorstel maar 1 tankautospuit zijn.

Om de standaard uitruk van meerdere eenheden te borgen kan een inzet voorstel worden ingevoerd bij de meldkamer Noord-Holland Noord. Dit houdt in dat voor een inzet twee bluseenheden een redvoertuig en OvD uitrukken. Deze bluseenheden kunnen in de huidige infrastructuur de meeste woonwagens niet goed bereiken. Deze situatie geeft extra risico. Brandbestrijding is niet effectief mogelijk. 4. Naast aanpassingen aan de infrastructuur moeten woonwagens ook aan de achterzijde goed te bereiken met de brandslangen zijn. Wanneer erfafscheidingen (tuinhekken e.d.) en andere bouwsels achter, en tussen, de woonwagens verwijderd zijn, heeft de brandweer de beschikking over een aanvalsroute voor brandbestrijding en redding van personen. Nog belangrijker is dat daarmee een veilige vluchtroute voor de bewoners gerealiseerd wordt, welke dan vanuit de achterzijde van de woonwagen naar openbaar terrein kunnen vluchten. Nu is dit in veel situaties niet mogelijk. 5. Door gebrek aan bescherming tegen brandoverslag kunnen bij een brand op de eerder genoemde woonwagenlocaties (fatale) slachtoffers vallen en meerdere woonwagens verloren gaan. In verband met de toegestane clustering van woonwagens blijft het risico voor uitbreiding naar meerdere wagens aanwezig.

Structurele maatregelen zijn de concrete aanbevelinge die moet zorgen voor een brandveilige en legale situatie van de woonwagens en de woonwagenlocaties. Beperking van de uitbreiding van brand 46

2021/26510 en het voorkomen van slachtoffers staat daarbij voorop. Er worden aanbevelingen gedaan in het kader van het toetsingsniveau nieuwbouw/bestaande bouw, betreffende maatregelen ter beperking van brand en gericht op technische oplossingen in geval van legalisering. Er zullen een aantal structurele maatregelen genomen moeten worden waardoor de brandveiligheid op het wettelijk vereiste niveau gebracht kan worden en de bouwwerken gelegaliseerd kunnen worden. Maatregelen om bij brand de kans op slachtoffers zoveel mogelijk te beperken. In de volgende sectie worden alle aanbevelingen opgesomd en beargumenteerd. 4.

Maatregelen

Een structurele aanpak biedt een adequate oplossing voor het legaliseren van de bouwwerken en het op het vereiste niveau brengen van de brandveiligheid. Bij een structurele oplossing gaat het om nieuwe inrichtingsplannen, mogelijk meegenomen in het omgevingsplan. In de opstelling van een herinrichtingsplan moet de oplossing gezocht worden in verbetering van de infrastructuur (bereikbaarheid), de bluswatervoorziening, de grootte van de kavels en het bepalen van de clustering, de positionering en de brandwerendheid van de woonwagens. Er moet ingezet worden over het in overeenstemming brengen van de praktijk met de wet- en regelgeving en op het structureel oplossen van de brandveiligheidsproblematiek. Daarnaast is het van belang dat de voorschriften voor aandachts- en explosiegebieden vanuit het Besluit externe veiligheid inrichtingen te volgen. Om de brandveiligheidsproblematiek te kunnen oplossen zijn enerzijds technische maatregelen nodig aan de woonwagens en anderzijds is een herstructurering van woonwagenlocaties onontkoombaar. In de praktijk zal een technische oplossing aan een woonwagen niet altijd voldoende zijn, maar zal verplaatsing of uitplaatsing van de wagen nodig zijn. Bijna alle woonwagenlocaties (op een na) liggen aan een doodlopende weg. Als deze bij een calamiteit geblokkeerd is, kunnen de woonwagens niet over de weg bereikt worden.

Bij een herstructurering kan een vernieuwde infrastructuur zorg dragen voor een betere bereikbaarheid van de hulpdiensten. De herstructurering zal door middel van een gezamenlijk te ontwikkelen stedenbouwkundige structuur (inrichtingsplan) in samenwerking met de bewoners vormgegeven moeten worden. De bestemmingsplannen zullen vervolgens op grond van de ontwikkelde inrichtingsplannen aangepast moeten worden. Deze herinrichtingsplannen moeten met de bewoners worden gecommuniceerd. Met hen kan dan gezocht worden naar de meest doelmatige en minst bezwarende voorstellen. De gekozen voorstellen kunnen vervolgens door de betrokken bewoners in een bouwaanvraag worden vastgelegd, die dan door de gemeente wordt beoordeeld. De basis voor een goede handhaving is dan gelegd. Bij een herstructurering moet de oplossing gezocht worden in het vastleggen (bestemmingsplan) van brandcompartimenten, bereikbaarheid en bluswatervoorziening. In de vigerende bestemmingsplannen en beheers verordeningen is een brandveilige indeling van de woonwagenlocatie niet opgenomen en kan niet worden gehandhaafd. Op basis hiervan is het aan te raden de bestemmingsplannen of beheer verordeningen aan te passen. Op basis van de bestemmingsplanwijziging of beheers verordening kan een brandveilige plaatsing van (clusters van) woonwagens in de praktijk worden afgedwongen.

Ook kan handhavend worden opgetreden tegen het niet naleven van de regels van het bestemmingsplan, waaronder (een groep) te dicht op elkaar geplaatste woonwagens of het dichtbouwen van de ruimten tussen de (clusters van) woonwagens. Brandoverslag Brandoverslag naar naastgelegen wagens kan, gelet op de soms zeer kleine afstand naar een buurwoonwagen en de aanwezigheid van ramen in beide tegenover elkaar staande gevels, relatief snel plaatsvinden. De kans op een "voortdurende overslag" is reëel aanwezig. De brandweer zou met normale ontdekkings-, alarmerings-, opkomst- en inzettijden in staat moeten worden geacht te voorkomen dat meer dan één wagen bij een brand betrokken raken. Brandcompartimentering Betreffende de brandcompartimentering wordt vastgesteld dat in de woonwagens geen brandscheidingen aanwezig (geen wettelijke eis). Mogelijk kunnen inpandig wanden, vloeren en deurkozijnconstructies bij een calamiteit -mits de deuren gesloten zijn- een brand zeker in de fase van 47

2021/26510 ontvluchting tegenhouden. De houten draagconstructie zal ook zeker gedurende een zelfde beperkte tijdsduur zijn functie vervullen (brandwerendheid op bezwijken). Een mogelijke verzwakking in wanden en vloeren zit in de doorvoeringen. Verplaatsbaarheid. Veel woonwagens kunnen niet zomaar worden aangepast, waardoor alsnog geen omgevingsvergunning kan worden verleend. Daarom worden structurele maatregelen voorgesteld. Deze maatregelen kunnen leiden tot verplaatsing of uitplaatsing. In principe kunnen alle woonwagens verplaatst worden, maar met de name voor de grote woonwagens zal dit hoge kosten met zich meebrengen. Te verwachten is dat de te maken kosten niet in verhouding staan tot het beoogde resultaat. De oude woonwagens zullen bij het verplaatsten veel te lijden hebben. Er zullen hulpconstructies gemaakt moeten worden in verband met de verplaatsing. Ook dergelijke verplaatsingen zullen hoge kosten met zich meebrengen, die in feite niet in verhouding staan tot de economische waarde van deze wagens. Voor een groot aantal bijgebouwen geldt dat deze alleen verplaatsbaar zijn door deze in zijn geheel af te breken, waarna er weinig van overblijft. Deze bijgebouwen zijn veelal zonder vergunning geplaatst en het is nog maar de vraag of deze in een nieuwe situatie i.v.m. brandoverslag herplaatst kunnen worden.

Welke wagens uiteindelijk worden verplaatst, uitgeplaatst of opgeheven hangt naast de bouwregelgeving af van staat van de wagen, de te ontwikkelen gewenste stedenbouwkundige structuur, de persoonlijke situatie van bewoners en het perspectief dat wordt geboden. Aanvullende maatregelen  Per 1 juli 2022 geldt er een wettelijke verplichting voor bestaande woningen en woonwagens om rookmelders te hebben (Besluit bouwwerken leefomgeving. Geadviseerd wordt om alle verblijfsruimten en overige ruimten te voorzien van minimaal één rookmelder. Het toepassen van slimme rookmelders biedt meer mogelijkheden voor snelle alarmering naar mede woonwagenbewoners.  Woonwagens voorzien van koolmonoxidemelders. Er is geen wettelijke verplichting voor het plaatsen van koolmonoxidemelders maar het is wel sterk aan te bevelen.  Elke hoofdbewoner adviseren tenminste één draagbaar blustoestel (minimaal 6 kg sproeischuim) aan te brengen in de woonwagen. Maar om de inzet voor bewoners op een woonwagenlocatie optimaal te maken is het advies deze buiten elke woonwagen in een daarvoor bestemde rode kunststof kast te plaatsen. Hierdoor weten alle bewoners van de woonwagenlocatie waar de brandblussers zijn en is een visuele controle op aanwezigheid en bruikbaarheid beter te regelen.

 Bewoners adviseren een vluchtgang/brandgang achter en opzij van de woonwagen vrij te houden (tuinafscheidingen en bouwsels tussen percelen verwijderen).  Een ontruimingsplan opstellen om een snelle ontruiming van de woonwagens mogelijk te maken.  Als tijdelijke aanvullende maatregel zou er, mede afhankelijk van de brandbaarheid van het gevelmateriaal, glas in ramen vervangen kunnen worden voor (spiegel)draadglas. Dit zou dan per situatie bekeken moeten worden en mogelijk alleen daar worden toegepast om de clustering te beperken tot maximaal 4 woonwagens. Brandoverslag zal hiermee niet direct worden beperkt maar ramen zullen langer intact blijven en minder snel rook doorlaten De maatregelen kunnen worden aangekondigd op een informatiebijeenkomst of door middel van een brief, waarin de bewoners geïnformeerd worden over de brandonveilige situaties. Daarbij moet duidelijk worden gemeld dat de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de maatregelen bij de bewoners zelf ligt, de maatregelen gelden uitsluitend als advies. Het aanbieden van een training over het ontruimen en het alarmeren van hulpdiensten leidt naar verwachting tot meer betrokkenheid bij bewoners. Aan de hand van een ontruimingsplan kunnen door hen oefeningen worden gehouden.

Het voornaamste doel van deze aanvullende maatregelen is dat de bewoners in het geval van brand in een vroeg stadium worden gealarmeerd, kunnen ontvluchten en elkaar kunnen helpen. Daarmee wordt het risico op slachtoffers zoveel mogelijk beperkt. De maatregelen zijn tevens bedoeld om 48

2021/26510 bewoners meer eigen verantwoordelijkheid te laten nemen voor hun woonsituatie in relatie tot de brandveiligheid. Een bijkomstigheid van deze maatregelen is dat de bewoners op de hoogte zijn dat hun veiligheid de gemeente Zaanstad bezighoudt en dat er actie wordt ondernomen vanuit de gemeente. 5.

Herinrichting

Uit het bovenstaande blijkt dat legalisatie in veel gevallen niet mogelijk is. Incidenteel zijn er voor nieuwe woonwagens vergunningen aangevraagd en verleend. Daar waar er geen mogelijkheid is om een brandcompartiment te realiseren, de Piet Kuiperlaan te West Knollendam, Rosariumlaan te Krommenie en de Ringweg te Zaandam, moet tot herinrichting van de locatie worden overgegaan. Een aanpassing bestemmingsplan / beheers verordening is onvermijdbaar. Voor deze drie locaties geldt dat het bestemmingsplan “diverse woonwagenlocaties Zaanstad vastgesteld op 4 juli 2013” moet worden gewijzigd met daarin opgenomen brandvrije stroken van minimaal 5 meter en met clusters van maximaal 4 woonwagens waardoor de brandveiligheid kan worden gewaarborgd. Dit geldt ook voor de overige locaties om te voorkomen dat ook daar een brandgevaarlijke situatie ontstaat. Aanpak 1. uitvoeringsplannen op stellen voor de drie locaties – ook in samenspraak met bewoners: 2. bestemmingsplannen actualiseren / omgevingswet 3. bewoners zijn eigenaar van de kavels – dat wordt uitkopen of verplaatsen van woonwagens naar nieuw in te richten standplaatsen – een alternatief bieden 4. uitvoering waaronder start met het traject vergunningsaanvraag – in samenspraak met de bewoners. Traject vergunningverlening 1. Als de woonwagenbewoners niet in staat zijn om bouwtekeningen e.d.

te verzorgen, kan de gemeente een bouwkundige hiervoor inschakelen. De aanvragen worden zo op een vergelijkbare wijze ingediend. Uiteraard dienen de kosten voor het indienen van de aanvraag (legeskosten) en eventuele kosten voor het maken van tekeningen e.d. door de woonwagenbewoners te worden betaald. 2. Door te werken met een eenduidige lijst waarop aangegeven is aan welke indieningsvereisten de aanvraag moet voldoen, wordt het eenvoudiger om een ontvankelijke aanvraag in te dienen en te toetsen. 3. Het is wenselijk dat in de aanvraag alle bebouwing wordt meegenomen. Zo kunnen ook (een groot deel van) bijgebouwtjes/tuinhuisjes/aanbouwen e.d. worden gelegaliseerd. 4. Naar verwachting kan er in veel gevallen een vergunning (eventueel onder voorwaarden) worden verleend. 5. Er zullen door vergunningverlening (nagenoeg) geen handhavingsacties (bestuursdwang/dwangsom) nodig zijn. Er kan hoogstens een probleem zijn, als een woonwagenbewoner niet bereid is opdracht te verstrekken voor het doen van een aanvraag en/of weigert de kosten van legalisatie te betalen. Dat is geen handhavingsprobleem maar een incassoprobleem. 6. Het staat woonwagenbewoners uiteraard vrij om (toch) zelf de vergunningsaanvraag in te dienen (en om een eigen bouwkundige in te schakelen). Die aanvraag zal aan dezelfde eisen moeten voldoen als wanneer de aanvraag door de gemeente wordt ingediend. 7.

Het kan zijn dat in enkele gevallen vergunningverlening niet mogelijk is. Hiervoor dient een maatwerkoplossing te worden gevonden. Hierbij dient m.i. wel consequent te worden opgetreden tegen illegale bebouwing. In andere gevallen is denkbaar dat illegale bebouwing pas hoeft te worden verwijderd of aangepast, bij vertrek van de bewoner (persoonsgebonden uitsterfconstructie).

49

2021/26510 6. Capaciteit / middelen Het huidige bestemmingsplan, diverse woonwagenlocaties Zaanstad vastgesteld op 4 juli 2013, waaronder deze drie locaties vallen, zegt niets over de brandveiligheid op deze locaties c.q. de plaatsing van woonwagens op voldoende afstand van elkaar. Het bestemmingsplan voorziet in het plaatsen van meer dan vier woonwagens naast elkaar. Meer dan vier woonwagens op de woonwagenlocaties aan Piet Kuiperlaan (Westknollendam), aan de Ringweg (Zaandam) en aan de Rosariumlaan (Krommenie) staan zo dicht bij elkaar (ca. 0,0 m tot 5,0 m) dat, ongeacht of de woonwagen voldoet aan de bouwregelgeving, te verwachten is dat binnen korte tijd brandoverslag plaatsvindt naar de naastgelegen woonwagens. Er is dus een probleem voor zowel de eigenaar van de woonwagen op zijn/haar standplaats als voor handhaving. Ook de veranderende regelgeving is debet aan het probleem. In 2003 is een afstand van 5 meter tussen de woonwagens of clusters van 2 tot maximaal 4 toegestaan. Voor de brandveiligheid van woonwagenlocaties is de afstand tussen woonwagens of clusters van woonwagens van essentieel belang. Met de wijziging van het Bouwbesluit op 1 april 2012 zijn de brandveiligheidseisen voor woonwagens versoepeld. Niet iedere woonwagen afzonderlijk hoeft een bepaalde weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag (wbdbo) hebben, een cluster van vier woonwagens wel.

Zo’n cluster vormt één brandcompartiment. Dergelijke voorwaarden kunnen worden vastgelegd in het bestemmingsplan. Met het bestemmingsplan wordt immers de ordening van bouwwerken op terreinen vastgelegd. In het bestemmingsplan kunnen voorwaarden worden opgenomen voor de omvang van woonwagens en de afstand tussen verschillende (clusters van) woonwagens. Als dat in het bestemmingsplan niet goed is vastgelegd kan brandveilige plaatsing van (clusters van) woonwagens in de praktijk niet worden afgedwongen. Ook kan dan niet handhavend worden opgetreden tegen een grote groep te dicht op elkaar geplaatste woonwagens of het dichtbouwen van de ruimten tussen de woonwagens. Het is dus van belang een goed bestemmingsplan voor woonwagenlocaties te hebben, want: 1. er kunnen nu geen omgevingsvergunningen worden verstrekt 2. in de huidige, planologische, situatie voldoen de woonwagenlocaties niet aan de eisen voor brandveiligheid Hoe structureel op te lossen? 1. Uitvoeringsplannen op stellen voor de drie locaties; 2. bestemmingsplannen actualiseren / omgevingswet; 3. bewoners zijn eigenaar van de kavels – dat wordt uitkopen of verplaatsen van woonwagens naar nieuw in te richten standplaatsen – een alternatief beiden; 4.

Verstrekken omgevingsvergunningen – indien voldaan wordt aan de regelgeving; Personele kosten voor deze drie locaties Procesmanager / projectleider – kosten €120.000 (2 jaar à 12 uur per week) Overige kosten worden inzichtelijk na opstellen uitvoeringsplannen voor deze drie locaties. Voorzichtige schattingen gaan uit van €40.000 voor de Piet Kuiperlaan, €100.000 voor de Rosariumlaan en €300.000 voor de Ringweg.

50

2021/26510 Concreet per locatie Piet Kuiperlaan

Op basis besluit in 2018 kan deze locatie met 4 standplaatsen worden uitgebreid. Twee standplaatsen worden gebruikt voor het oplossen van twee illegale situaties. Twee standplaatsen zijn bestemd voor uitbreiding. Maak gebruik van een van deze standplaatsen voor een van de woonwagens in het rijtje van zes. Reduceer het rijtje van zes naar twee clusters – maximaal 4 woonwagens met cluster. Kosten: bestemmingsplan wijzigen – cluster en bouwvrije strook bepalen - PM verplaatsing woonwagen - €30.000 beschikbaar stellen nieuw ingerichte standplaats - PM notaris kosten / vergoeding bouwwerken / PM - €10.000 Opbrengsten: op te heffen standplaats – deze kan worden toegevoegd / verkocht in delen aan twee achterblijvers PM

51

2021/26510 Rosariumlaan

Hier staan 5 woonwagens in een cluster. Het bestemmingsplan biedt ruimte voor 6 woonwagens. Het perceel naast nummer 102 is verkocht aan nummer 102 voor de plaatsing van een woonwagen. Het bestemmingsplan biedt ruimte voor de plaatsing van zes woonwagens – dat is twee teveel in het ontstane cluster. Er is een mogelijkheid de woonwagenlocatie te vergroten. Dit gaat ten koste van het openbaar groen. Reduceer het rijtje van zes naar twee clusters – maximaal 4 woonwagens met cluster. Kosten: procedure en bestemmingsplan wijziging – bouwvlak vergroten waardoor ruimte ontstaat om 5 woonwagens conform de wet- en regelgeving te plaatsen. - PM verplaatsing woonwagen - €30.000 beschikbaar stellen nieuw ingerichte standplaats - € 60.000 notaris kosten / vergoeding bouwwerken / PM - €10.000 Opbrengsten: op te heffen standplaats – deze kan worden toegevoegd / verkocht in delen aan twee achterblijvers PM

52

2021/26510 Ringweg

17 standplaatsen – Dit is de lastigste locatie. Wil je hier een brandveilige situatie creëren dan moet een groot deel van deze locatie worden heringericht. Kosten:| opstellen uitvoeringsplan en bestemmingsplan wijziging – herindeling bouwvlak waardoor ruimte ontstaat om woonwagens conform de wet- en regelgeving te plaatsen. - PM verplaatsen woonwagens - €30.000 per woonwagen beschikbaar stellen nieuw ingerichte standplaatsen - €180.000 (drie standplaatsen) per standplaats notaris kosten / vergoeding bouwwerken / PM - €10.000 Opbrengsten: op te heffen standplaatsen – deze kunnen worden toegevoegd / verkocht in delen aan achterblijvers PM

53

2021/26510

Bijlage 3 Aanzet uitvoeringsplan In juni en juli 2021 is er een eerste scan gedaan naar mogelijke opties om het aantal standplaatsen bij de bestaande locaties uit te breiden. Aspecten als milieu, geluid, groen, kabels en leidingen, cultuur, economische zaken, planontwikkeling, etc. zijn meegenomen. Uitgangspunten voor de eerste scan zijn geweest:  Is er fysieke ruimte om de woonwagenlocatie;  Is de grond in eigendom bij de gemeente Zaanstad;  Zijn er plannen en belemmeringen die een eventuele uitbreiding in de weg staan. Vijf van de acht locaties zijn in de uiteindelijke scan meegenomen. Voor de drie locaties die niet zijn meegenomen zijn de eerste twee bovengenoemde uitgangspunten een belemmering. Het resultaat van een eerste scan bij de vijf locaties is: -

Locatie Piet Kuiperlaan te West Knollendam de locatie is kansrijk maar er is aanvullend onderzoek nodig

-

Locatie Rosariumlaan te Krommenie de locatie is kansrijk maar er is aanvullend onderzoek nodig

-

Locatie Ringweg te Zaandam de locatie is minder kansrijk. Locatie is zwaar geluid belast en veel bedrijven in de omgeving met bestaande milieuruimte

-

Locatie Komarowlaan te Krommenie. De locatie is minder / niet kansrijk. Deze locatie ligt direct aansluitend op een ontwikkellocatie voor woningbouw

-

Locatie Schepenlaan te Zaandam de locatie is kansrijk maar niet wenselijk. Deze locatie ligt midden in de hoofdgroenstructuur van de stad onderdeel van het Burgemeester in ’t Veldpark

Voor alle locaties geldt dat er aanvullende onderzoeken gedaan moeten worden. Voor alle locaties geldt dat bestemmingsplannen en beheers verordeningen moeten worden aangepast / geactualiseerd. Gezien de beperkte mogelijkheden op / nabij de bestaande woonwagenlocaties is uitbreiding van het aantal standplaatsen marginaal. Uitbreiding van deze locaties (Rosariumlaan, Piet Kuiperlaan en Ringweg) zou alleen ten goede komen aan het op lossen van de brandveiligheid. Extra standplaatsen gerelateerd aan de uitkomsten uit het woonbehoefte onderzoek zijn niet of nauwelijks mogelijk op of nabij de bestaande woonwagenlocaties. Nader onderzoek zal moeten uitwijzen of elders in de gemeente ruimte beschikbaar is voor één of meerdere woonwagenlocaties.

54

2021/26510

Bijlage 4 Begrippenlijst Standplaats: Een kavel die is bestemd voor het plaatsen van een woonwagen, waarop voorzieningen aanwezig zijn die op het leidingnet van de openbare nutsbedrijven, van andere instellingen of van gemeenten kunnen worden aangesloten. Woonwagen: Een voor bewoning bestemd gebouw dat is geplaatst op een standplaats dat in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst. De woonwagen moet voldoen aan de maatvoering zoals deze geldt voor de desbetreffende standplaats volgens het ter plaatse geldende bestemmingsplan van de gemeente Zaanstad. Bloedverwanten: 1ste graad: (adoptie)ouders, (adoptie)kinderen. 2e graad: grootouders, kleinkinderen, broers en zussen. Afstammingsbeginsel: Personen of ouders of grootouders van deze persoon hebben in een woonwagen op een erkende woonwagenlocatie gewoond. Woningcorporaties: De Toegelaten Instellingen waar gemeente Zaanstad prestatieafspraken mee heeft, in casu: Eigen Haard, Parteon, Rochdale, ZVH, Woonzorg Nederland en WormerWonen. Op dit moment is Parteon de enige woningcorporatie binnen Zaanstad die huurstandplaatsen in bezit heeft. Wachtlijst: Een register waar woonwagenbewoners die voldoen aan het afstemmingsbeginsel belangstelling kenbaar hebben gemaakt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10832449/1