04. Uitvoerings- en handhavingsstrategie Woudenberg 2024.pdf
Tekst van het document
Bovendien kunnen de regels buigbaar worden geacht, wat een tegenstrijdige boodschap afgeeft aan de overtreder. Bij hoge uitzondering kan sprake zijn van een situatie die zodanig bijzonder is, dat dit vooraf niet te vatten is in een beleid, maar waarbij handhavend optreden zodanig onwenselijk dan wel onmogelijk is, dat gedogen de enige correcte handelwijze is. In dat geval zou gekozen kunnen worden voor een
‘gedoogbeschikking’, die bij voorkeur op naam van een persoon of bedrijf van toepassing is, en dat als de persoon overlijdt of verhuist, de gedoogbeschikking vervalt. Zo wordt gewaarborgd dat niet uitvoeren van de beginselplicht tot handhaving slechts tijdelijk duurt. Er is in de gemeente Woudenberg geen ‘gedoogbeleid’, aangezien wij in de regel geen gedoogbeschikkingen nemen en hier ook zeer terughoudend mee omgaan. Toch is er een aantal uitgangspunten te noemen die gehanteerd kunnen worden, op het moment dat een gedoogconstructie wordt overwogen/noodzakelijk is.
De overtreding vormt geen bedreiging voor de fysieke leefomgeving (er dreig geen gevaar voor de veiligheid, de gezondheid of het woongenot (veroorzaakt geen overlast)). De overtreding veroorzaakt geen onomkeerbare schade (bijvoorbeeld aan een (archeologisch) monument). De overtreding is tijdelijk (bijvoorbeeld doordat van handhaving alleen wordt afgezien totdat de overtreder is verhuisd of overleden, dan wel totdat legalisatie is uitgevoerd).
10. De jaarlijkse planning & controle Elk jaar dient een uitvoeringsprogramma en een evaluatie op basis van verzamelde monitoringsdata uitgevoerd te worden.
10.1 Programmering Het uitvoeringsprogramma wordt jaarlijks door het college vastgesteld en biedt operationele houvast in de uitvoering van de U&H-taken. Daarbij wordt zoveel mogelijk aangegeven wat de verwachte productie is in termen van vergunningen, ontheffingen en meldingen, uit te voeren controles, binnengekomen en afgehandelde meldingen of klachten en uit te voeren handhavingstrajecten, afhankelijk van de bestuurlijke ambitie en de beschikbare capaciteit. Het programma omschrijft de werkprocessen van de behandeling van aanvragen omgevingsvergunning, het houden van toezicht, en het handhavend optreden op basis van werkafspraken.
10.2 Monitoring Alleen door feitelijke getallen en resultaten op een rij te zetten, kan worden bepaald of een bepaald doel is bereikt, en kan de operationele strategie mogelijk jaarlijks worden bijgestuurd waar dit nodig blijkt. Daarom zijn per doel ook indicatoren genoemd, waardoor het meten van de voortgang mogelijk wordt. Het is om bovenstaande redenen van belang dat uitgevoerde activiteiten geregistreerd worden, zodat stelselmatig en systematisch de te monitoren gegevens kunnen worden gegenereerd, verzameld, bewerkt en verstrekt. Dit gebeurd via het verwerkingssysteem van VTH. Zowel de plantoetsers als de toezichthouders en handhavers registreren hierin alle relevante uitgevoerde activiteiten, inclusief de bijbehorende gegevens en documenten. Zo wordt het hele proces zichtbaar en meetbaar.
10.3 Evaluatie De verzamelde gegevens worden jaarlijks gewogen en vergeleken met de uitgezette doelstellingen. Zo kan worden beoordeelt hoe het proces werkt, en of de inspanningsfocus tot de juiste resultaten heeft geleid. Deze evaluatie vormt tevens de basis voor de verantwoording door het college aan de gemeenteraad, in de vorm van het U&H-jaarverslag. Ook wordt dit jaarverslag aan interne en externe partners ter kennisname aangeboden, en doorgestuurd naar het IBT.
Bijlage 1: Meetbare doelstellingen per vakdiscipline 1. Vooroverleg Omschrijving van de taak De gemeente Woudenberg biedt mogelijkheden en stimuleert tot vooroverleg. Dit geeft de initiatiefnemer een voorlopig oordeel over de haalbaarheid van een plan, en de gemeente de kans om de initiatiefnemer de kaders en richtlijnen mee te geven om tot een zo kansrijk mogelijke vergunningaanvraag te komen. Procesomschrijving De initiatiefnemer dient een verzoek om vooroverleg in, met daarbij een schetsontwerp in geval van een bouwplan. Deze wordt getoetst aan het omgevingsplan en wordt voorgelegd aan de commissie ruimtelijke kwaliteit. Als blijkt dat het bouwplan in strijd is met het omgevingsplan, wordt de initiatiefnemer in de gelegenheid gesteld om een nadere onderbouwing tot afwijking van het omgevingsplan in te dienen. Het daarvoor benodigde participatietraject kan de initiatiefnemer in dat geval alvast opstarten voor tijdswinst. Ook in geval een initiatiefnemer vooraf zekerheid wil over of zijn bouwplan voldoet aan de voorwaarden voor vergunningvrij bouwen, is dit proces geschikt. Doelstellingen 1. 2. Negentig procent van vooroverleggen en principeverzoeken worden binnen de gestelde termijn van orde van acht weken afgerond, uitgaande van het moment van compleetheid van de ingediende aanvraag. 2.
Het uitvoeren van een klanttevredenheidsonderzoek (bij afronding van het proces) waarbij wordt gevraagd om opbouwende kritiek en andere feedback over de meerwaarde van het vooroverleg, en hoeveel het heeft bijgedragen aan vraaggerichte dienstverlening voor de aanvrager (met toevoeging van een klanttevredenheidscijfer van 1 tot en met 10). Monitoring Ons zaaksysteem wordt idealiter zodanig ingericht, dat rapportages kunnen worden gemaakt, waaruit blijkt hoeveel vooroverleggen, principeverzoeken of klantvragen er zijn binnengekomen, wat daarbij de doorlooptijd is geweest tot afhandeling, en hoeveel daarvan hebben geleid tot een daadwerkelijke omgevingsvergunning.
2. Omgevingsvergunning voor de activiteiten bouw, aanleg, afwijking van het bestemmingsplan en wijzigen van een monument. Omschrijving van de taak Het voorbereiden en opmaken van een besluit op een aanvraag om omgevingsvergunning voor de genoemde activiteiten. Procesbeschrijving Het proces start met de indiening van de aanvraag voor een omgevingsvergunning, waar soms een vooroverleg aan vooraf is gegaan. Het proces wordt afgerond door verlening, weigering, buiten behandeling stelling of intrekking van de aanvraag (dit laatste op verzoek van de aanvrager). De processtappen, checklists, termijnbewaking en standaardbriefsjablonen zijn vastgelegd in het zaaksysteem genaamd Centric Leefomgeving (CLO). Doelstellingen 1. Negentig procent van alle besluiten op aanvragen voor omgevingsvergunning worden binnen de gestelde termijn van orde van acht weken afgerond. 2. Het proces van toetsing wordt eenduidig uitgevoerd, waarbij afwijking van het bestemmingsplan plaatsvindt binnen de kaders van ons beleidsplan. 3. Door uitvoering van de collegiale toets wordt gestructureerde kwaliteitscontrole uitgevoerd op het uitgevoerde proces en de conceptbeschikking. 4. De kwaliteit van de toetsing is zodanig hoogwaardig, dat 100% van alle bezwaren tegen beschikkingen op aanvragen ongegrond verklaard worden in de beslissing op bezwaar.
Monitoring Ons zaaksysteem is zodanig ingericht, dat rapportages kunnen worden gemaakt, waaruit blijkt hoeveel aanvragen om omgevingsvergunning er zijn binnengekomen, welk percentage binnen de wettelijke termijn van orde zijn afgerond, hoeveel bezwaarschriften er zijn ingediend, en welk percentage daarvan ongegrond is verklaard.
3. Melding brandveilig gebruik Omschrijving van de taak Het behandelen van meldingen die worden gedaan voor het in gebruik nemen van een pand of ruimte ten behoeve van een woon-(gerelateerde) functie. Procesbeschrijving Een ingediende melding brandveilig gebruik dient 4 weken voor het in gebruik nemen van een pand of locatie te zijn ingediend. Na ontvangst van de melding wordt beoordeeld of deze compleet is. Wanneer deze niet compleet is, of niet voldoet aan de brandveiligheidseisen, wordt de behandeling niet geaccepteerd. In dat geval is het alsof de melding wettelijk niet is ingediend. De melder dient dan alsnog een nieuwe (mogelijk completere of beter aan regelgeving aangepaste) melding in te dienen. De inhoudelijke toets aan de relevante regelgeving wordt uitgevoerd door de Veiligheidsregio Utrecht (VRU). Doelstellingen 1. Afhandeling van de melding binnen de gestelde termijn van 4 weken (omdat de melding anders van rechtswege in behandeling is genomen) in negentig procent van de gevallen. 2. Een eenduidig proces van toetsing, dat transparant en uniform wordt uitgevoerd. Monitoring Bijhouden van een (beknopte) registratie van de ingediende meldingen brandveilig gebruik en het bijhouden van de behandeltermijn door de VRU, in ons zaaksysteem.
4. Toezicht verleende omgevingsvergunning voor de activiteiten bouwen, aanleg, afwijking van het bestemmingsplan, en het wijzigen van een monument. Omschrijving van de taak De toezichthouder controleert of de vergunninghouder zich aan de voorwaarde van nader in te dienen (al dan niet constructieve) gegevens houdt, bezoekt de locatie bij de start- en gereedmelding van de bouw, en constateert eventuele afwijkingen van de vergunning. Kleine (anderszins vergunningsvrije) wijzigingen kunnen worden afgedaan met een revisietekening achteraf. Middelgrote wijzigingen – welke gelegaliseerd kunnen worden zonder verdere juridische procedures – worden middels een wijzigingsvergunning verleend. Bij weigering te voldoen aan de vereisten voor (het wijzigen van) de vergunning, wordt indien nodig opgeschaald naar een handhavingsproces. Bij afwijkingen die leiden tot een onmiddellijk zeer gevaarlijke situatie, moet de toezichthouder de bouwer sommeren de bouw onmiddellijk stil te leggen (afgezien van noodzakelijke veiligheidsmaatregelen). In dat geval is er onmiddellijk sprake van een handhavingszaak, en zal er onmiddellijk (binnen 24 uur) een handhavingsbesluit volgen. Doelstellingen 1. Een allround toezicht op alle verleende vergunningen, waarbij zoveel mogelijk minnelijk wordt gestuurd op het zo min mogelijk handelen in afwijking van de verleende omgevingsvergunning. 2.
Een kwaliteit van toezicht op een verleende vergunning, waarbij in ieder geval de constructieve en brandveiligheid wordt gewaarborgd, en een (vergroting van) afwijkingen van het bestemmingsplan onmiddellijk worden geconstateerd en handhavend opgeschaald. 3. De stillegging van alle activiteiten die worden uitgevoerd en onmiddellijk tot constructief of brandgevaarlijke situaties leiden, of leiden tot valgevaar of gevaar voor voorbijgangers van de bouwlocatie, (inclusief sommatie van onmiddellijk aan te brengen veiligheidsmaatregelen), waarbij binnen 24 uur een schriftelijke last onder dwangsom ter bevestiging van de stillegging van de activiteiten volgt. 4. In kaart brengen hoeveel tijd het houden van toezicht op verleende vergunningen vergt. Monitoring Het systeem zodanig inrichten dat er een rapportage kan worden gemaakt van het aantal constateringsrapporten dat is opgesteld van uitvoeringen in afwijking van de vergunning, mogelijk in combinatie met de doorlooptijd waarbinnen deze afwijking is afgerond, en welk percentage van de gevallen dit opgeschaald wordt naar een handhavingszaak. Door ook rapportages mogelijk te maken van uitvoeringen die volledig conform de vergunning zijn uitgevoerd, krijgen we een concreet beeld over dit deel van de normconformiteit van inwoners en ondernemers.
Ook rapportages mogelijk maken van het aantal locatiebezoeken per vergunning – in relatie tot het al dan niet afwijken van de vergunning zal een beeld geven over de verdeling van arbeidsinzet over de vergunningshouders.
5. Toezicht bij meldingen Omschrijving van de taak Op basis van een melding gaat de toezichthouder op locatie controleren of er zich een overtreding heeft plaatsgevonden en maakt zo nodig een constateringsrapport op. Procesbeschrijving Wanneer een melding binnenkomt, wordt eerst gezamenlijk met de handhavingsjuristen besproken of een locatiebezoek gewenst is, mede gezien de prioritering van de vermeende overtreding in combinatie met de beschikbare juridische capaciteit. Als de prioritering zodanig hoog is, of als de gemelde overtreding aan de beurt is, maakt de toezichthouder een locatiebezoek, en bij een overtreding maakt hij een constateringsrapport. Mogelijk gaat de toezichthouder ook in gesprek met de overtreder, om in minnelijk overleg te proberen de overtreding ongedaan te laten maken, mogelijk binnen een bepaald termijn. Als de overtreder niet van zins is om de overtreding ongedaan te maken, of om een omgevingsvergunning aan te vragen ter legalisatie hiervan, zal de zaak worden opgeschaald naar een handhavingszaak. Doelstellingen 1. De veiligheid van de fysieke leefomgeving garanderen door alle hoog geprioriteerde overtredingen die gemeld worden, (in overleg) op de lijst te stellen van te controleren meldingen. 2.
Het allereerst proberen in minnelijk overleg te komen tot normconform gedrag door: 1) de normen uit te leggen die overtreden worden, 2) geen oordeel te vellen over de overtreder, 3) de overtreder uit te horen over hoe het gekomen is, 4) samen met de overtreder na te denken over de beste manier om de overtreding ongedaan te maken, 5) afspraken te maken met een bepaald termijn waarbinnen de overtreder de afgesproken acties zal uitvoeren, 6) pas opschalen naar een handhavingstraject als deze stappen geen uitkomst bieden, of bij voorbaat al duidelijk is dat de overtreder niet voor deze aanpak vatbaar is. 3. Bij constatering van een onmiddellijk gevaar, deze onmiddellijk stil te leggen (naast het sommeren van onmiddellijk toe te passen veiligheidsmaatregelen), waarna deze binnen 24 uur wordt bevestigd met een schriftelijke last onder dwangsom. 4. Indien de melding niet binnen 8 weken in behandeling wordt genomen, de melder hiervan op de hoogte stellen, met daarbij aangegeven binnen welk termijn wordt verwacht dat deze wel zal worden opgepakt, en de mogelijkheid om – indien de situatie daar aanleiding toe geeft – de melding op te schalen naar een verzoek om handhaving, in welk geval de prioritering onmiddellijk zal worden verhoogd.
Monitoring Ons systeem zodanig inrichten dat rapportages kunnen worden uitgedraaid van bij hoeveel meldingen controles hebben plaatsgevonden, hoeveel daarvan tot constateringsrapporten hebben geleid, hoeveel van deze constateringsrapporten hebben geleid tot een handhavingszaak en binnen hoeveel tijd deze meldingen zijn afgerond. Ook hoeveel meldingen uiteindelijk resulteren in verzoeken om handhaving.
6. Ambtshalve toezicht Omschrijving van de taak De gemeente houdt regelmatig regulier toezicht op de naleving van de omgevingsrechtsregels binnen de gemeentegrenzen van Woudenberg. Dit houdt in dat de toezichthouder onderweg naar controles de ogen open houdt, en mogelijke overtredingen ontdekt, of anderszins expliciet rondes maakt om een bepaald gebied op overtredingen te controleren. Dit gebeurt programmatisch, en vereist dat hiervoor de nodige tijd wordt vrijgehouden bij de toezichthouder. Controles kunnen ook gebeuren op basis van luchtfoto’s (Nedbrowser) of op basis van wat collega’s melden over wat zij hebben gezien of gemerkt. Procesbeschrijving Afhankelijk van het programma dat aan de beurt is, bereid de toezichthouder zich voor op de controle van een bepaalde buurt, een bepaald industrieterrein, of bereid zich voor op de controle van een bepaalde activiteit (kinderdagverblijven, scholen, verzorgingstehuizen, appartementengebouwen) of op basis van een andere logische aanpak. Vervolgens gaat hij op pad, en kijkt nauwkeurig of hij vermoedens van overtredingen kan bevestigen door foto’s, mogelijk metingen. Op het moment dat er een overtreding wordt geconstateerd, neemt de toezichthouder de foto’s en overige gegevens mee naar het handhavingsoverleg. Daar wordt besproken of deze direct of even niet wordt opgepakt.
In het eerste geval gaat de toezichthouder in gesprek met de overtreder en wordt er naar aanleiding daarvan een constateringsrapport opgesteld, en desnoods een bouwstillegging in verband met onmiddellijk gevaar. In het laatste geval wordt een map aangemaakt waarin de gegevens en foto’s worden opgeslagen, tot nader orde. Er wordt pas een handhavingszaak van gemaakt wanneer de overtreder niet van zins is om zich door een minnelijk traject met de toezichthouder te laten overtuigen van normconform gedrag. Doelstellingen 1. Door het toezicht te voeren op locaties waar niet noodzakelijkerwijs een vergunning is aangevraagd, de inwoners en ondernemers van Woudenberg eraan herinneren dat de gemeente haar toezichtstaak serieus neemt, en dat overtredingen zonder vergunning ook worden opgepakt. 2. De veiligheid van de fysieke leefomgeving garanderen door alle hoog geprioriteerde overtredingen die ontdekt worden, (in overleg) op de lijst te stellen van te controleren overtredingen. 3.
Het allereerst proberen in minnelijk overleg te komen tot normconform gedrag door: 1) de normen uit te leggen die overtreden worden, 2) geen oordeel te vellen over de overtreder, 3) de overtreder uit te horen over hoe het gekomen is, 4) samen met de overtreder na te denken over de beste manier om de overtreding ongedaan te maken, 5) afspraken te maken met een bepaald termijn waarbinnen de overtreder de afgesproken acties zal uitvoeren, 6) pas opschalen naar een handhavingstraject als deze stappen geen uitkomst bieden, of bij voorbaat al duidelijk is dat de overtreder niet voor deze aanpak vatbaar is. 4. Bij constatering van een onmiddellijk gevaar, deze onmiddellijk stil te leggen (naast het sommeren van onmiddellijk toe te passen veiligheidsmaatregelen), waarna deze binnen 24 uur wordt bevestigd met een schriftelijke last onder dwangsom.
Monitoring Het systeem zodanig inrichten dat er een rapportage kan worden uitgedraaid van het aantal ambtshalve ontdekte overtredingen, in welke gevallen deze tot een constateringsrapport, stilleggingen en handhavingszaken dit heeft geleid, met daarbij de doorlooptijd tot afronding van de zaak.
7. Reguliere handhaving Omschrijving van de taak In elke situatie waarbij er zich een overtreding heeft plaatsgevonden, en waarbij het minnelijke traject van de toezichthouder geen soelaas heeft geboden, wordt de gemeente geacht hier handhavend tegen op te treden. Dit wordt echter getemperd door de beschikbare capaciteit om deze zaken op te pakken. Daarom is toegestaan om te komen tot een bepaalde prioritering, waarbij bepaalde categorieën zaken direct worden opgepakt, en anderen op de lijst komen te staan, en worden opgepakt als ze aan de beurt komen. Voor de werkwijze waarmee we optreden tegen overtredingen door onze eigen gemeentelijke organisatie, wordt verwezen naar bijlage 7. Procesbeschrijving Wanneer een toezichtzaak wordt opgeschaald naar een handhavingszaak, en het daarbij geen spoedeisende zaak betreft, zoals in geval van een stillegging van de activiteiten, wordt er eerst een overzicht gemaakt van de betreffende overtreding. Bovendien wordt gecontroleerd of er nog meer overtredingen op dit perceel plaatsvinden. Vervolgens worden de overtredingen op een rij gezet in een brief voornemen tot handhaving. Hierna krijgt de overtreder de gelegenheid om een zienswijze in te dienen, dan wel een aanvraag omgevingsvergunning in te dienen.
Vervolgens wordt er – na overweging van alle belangen – besloten om ofwel een handhavingsbesluit te nemen, of om het handhavingstraject af te ronden – bijvoorbeeld bij ongedaan maken van de overtreding, of bij verlening van de omgevingsvergunning. Een handhavingsbesluit wordt vervolgens gepubliceerd. Doelstellingen 1. Een betrouwbare gemeente te zijn, door alle handhavingszaken zorgvuldig op te pakken, en nauwkeurig af te ronden. 2. Door de lasten onder dwangsom en bestuursdwang ook daadwerkelijk na de begunstigingstermijn te controleren, waarop de consequenties hiervan ook echt worden uitgevoerd dan wel ingevorderd. 3. Handhavingsbesluiten te publiceren. Monitoring Het systeem zodanig inrichten dat er een uitdraai gemaakt kan worden van alle gepubliceerde handhavingsbesluiten, met daarbij de benodigde doorlooptijd, of er een dwangsom is verbeurd en ingevorderd, of er bestuursdwang is uitgevoerd en de gemaakte kosten zijn opgelegd (uitvoering van de dwangbepaling).
7. Integrale toezicht en handhaving Omschrijving van de taak Onze toezichthouders vergezellen zo nu en dan onze samenwerkingspartners (zoals de VRU, de RUD, politie, BOA en toezichthouders BRP) bij het uitvoeren van integrale controles. Overtredingen van het omgevingsrecht die bij deze controles worden geconstateerd worden in principe altijd opgepakt, om onveilige situaties direct te beëindigen, of om ondermijning tegen te gaan. Procesbeschrijving Tijdens het reguliere RIEC-overleg worden de adressen besproken waar mogelijk een integrale controle wenselijk is. Deze adressen worden gedeeld met de toezichthouders, die deze meenemen ter bespreking in het handhavingsoverleg, om te bepalen of het in dit geval voordeel heeft om met de actie mee te doen. Doorgaans zal deze vraag bevestigend beantwoord worden, aangezien, in geval van een doorgewinterde overtreder, het voor de hand ligt dat deze zich niet laat beperken door het rechtsgebied dat wordt overtreden, en dus vermoedens van overtreding van elk rechtsgebied legitiem zijn. Doelstellingen 1. Voorkoming van meerdere verschillende controles van toezichthouders van verschillende rechtsgebieden, door de controle doorgaans integraal aan te pakken, en alle overtredingen in één keer op te nemen. 2. Aan 80% van de integrale controles deel te nemen, en de daarbij geconstateerde overtredingen direct op te pakken met een hoge prioriteit.
Monitoring Ons systeem zodanig instellen dat het mogelijk is bij te houden hoeveel integrale controles zijn uitgevoerd, op welke adressen, bij welke adressen onze toezichthouders hebben meegedaan, en op hoeveel van die adressen daadwerkelijk overtredingen van het omgevingsrecht geconstateerd zijn. Verder ook de doorlooptijd van de geconstateerde overtredingen.
8. Handhavingsverzoeken Omschrijving van de taak De gemeente wordt geacht binnen een termijn van orde van 8 weken na indiening van een verzoek tot handhaving, hierover een besluit te hebben genomen. Om die reden verdient een verzoek om handhaving altijd een zeer hoge prioriteit, ongeacht de aard van de overtreding. Toch kan het handhavingsverzoek gaan om een zeer complexe situatie waar noodzakelijkerwijs meer tijd voor nodig is. In dat geval kan besloten worden om de beslistermijn op dit handhavingsverzoek (mogelijk in onderling overleg) te verlengen. Procesbeschrijving Zodra een handhavingsverzoek wordt ingediend, moet er een ontvangstbevestiging uitgaan met daarop de datum waarop wij het verzoek hebben ontvangen, een samenvatting van het verzoek, de termijn waarbinnen wij verwachten te reageren, en de behandeld ambtenaar. Vervolgens wordt het onderzoek gestart, en wordt er een constateringsrapport opgesteld. Dit rapport kan erop neerkomen dat er geen sprake is van een overtreding. In dat geval wordt deze gebruikt als basis om het verzoek om handhaving af te wijzen. Als er wel een overtreding blijkt, zullen wij op basis daarvan (afhangende het minnelijke traject van de toezichthouder) een voornemen tot handhaving opstellen, waarna de overtreder de gelegenheid krijgt om een zienswijze dan wel (bij mogelijke legalisatie) een aanvraag omgevingsvergunning in te dienen.
Hierop volgt ofwel een handhavingsbesluit of een afwijzing van het handhavingsverzoek (mogelijk vanwege onevenredigheid of anders vanwege concreet zicht op legalisatie). Doelstellingen 1. Alle handhavingsverzoeken onmiddellijk op te pakken. 2. Het allereerst proberen in minnelijk overleg te komen tot normconform gedrag door: 1) de normen uit te leggen die overtreden worden, 2) geen oordeel te vellen over de overtreder, 3) de overtreder uit te horen over hoe het gekomen is, 4) samen met de overtreder na te denken over de beste manier om de overtreding ongedaan te maken, 5) afspraken te maken met een bepaald termijn waarbinnen de overtreder de afgesproken acties zal uitvoeren, 6) pas opschalen naar een handhavingstraject als deze stappen geen uitkomst bieden, of bij voorbaat al duidelijk is dat de overtreder niet voor deze aanpak vatbaar is. 3. Alle handhavingsverzoeken binnen de wettelijke termijn van orde af te handelen, of – als op voorhand duidelijk is dat dit onmogelijk of onwenselijk is – direct in de ontvangstbevestiging aan te geven binnen welk termijn er een besluit zal volgen. 4. Ondanks de aanwezigheid van een verzoek om handhaving, gelijke gevallen toch gelijk behandelen.
Monitoren Het systeem zodanig inrichten dat we kunnen zien hoeveel van de handhavingszaken die opgepakt worden bestaan uit handhavingsverzoeken, met de desbetreffende doorlooptijd en hoe vaak dit verzoek leidt tot een handhavingsbesluit, tot legalisatie, of tot het afwijzen van het handhavingsverzoek.
Bijlage 2: Risicoprioritering
Risicoanalyse
Bijlage 3: Bouwtechnische toets (constructief)
Bijlage 4: Bouwtechnische toets (overig)
Bijlage 5: Adviezen Brandveiligheid VRU
Bijlage 6: Checklist constateringsrapport Checklist constateringsrapport toezichthouder 1. Leg nauwkeurig vast wie de overtreding begaat en of dit een rechtspersoon of een natuurlijk persoon is. Indien de overtreder onbekend is, dit vermelden in het rapport. 2. Leg vast of er gesproken is met de overtreder en wat er is besproken. 3. Leg vast wie de overtreding heeft geconstateerd, naam van de toezichthouder, functie en bevoegdheden. 4. Leg de datum en het tijdstip van constatering vast. 5. Leg vast wat de aanleiding van de constatering van de overtreding was (zoals een melding van een buurtbewoner) en wie de overtreding heeft gemeld. 6. Leg vast wat er ter plekke is geconstateerd en onderbouw dit met foto’s, meetrapporten of andere bewijsstukken. 7. Leg vast welke bevoegdheden zijn gebruikt bij de constatering, zoals op welke wijze monsters zijn genomen of geluidmetingen zijn gedaan en de resultaten ervan. 8. Leg vast welke norm is overtreden. 9. Leg vast of er een voorgeschiedenis bekend is. 10.Leg de aard en de omvang van de overtreding vast, zoals de effecten op de omgeving of op het Milieu. 11.Leg vast of er meerdere belangen in het spel zijn, zoals van buurtbewoners. 12.Leg vast wat er moet gebeuren om verdere schade (indien van toepassing) te voorkomen en op welke wijze de overtreding ongedaan kan worden gemaakt.
13.Leg vast of er andere handhavingspartners betrokken zijn geweest bij de constatering, dan wel betrokken moeten worden bij de overtreding, zoals de politie en het OM.
Bijlage 7: Werkwijze optreden tegen overtredingen door eigen gemeentelijke organisatie Optreden tegen overtredingen door de eigen gemeentelijke organisatie
1
Omschrijving actie Constateren overtreding tijdens toezicht (regulier of na melding of klacht)
Product
Bijzonderheden
Controle
Geen
De brief wordt gericht aan de directie met een cc aan de beheerder
2
Waarschuwen en afspreken
Constateringsbrief of afspraken brief met beschrijving geconstateerde overtredingen, eventuele legaliseringsmogelijkheden en afgesproken hersteltermijnen
3
Uitvoeren hercontrole
Hercontrole
4
Opnieuw afspreken
Vooraanschrijving
5
Zienswijze horen
Zienswijze
6
Opstellen beschikking
Beschikking opstellen waarbij de zienswijze wordt meegenomen
7
Uitvoeren hercontrole
Hercontrole
8
Rapporteren bevindingen aan directeur
Rapportage
9
Infomeren college van B&W
Rapportage
Geen De brief wordt gericht aan de directeur en portefeuillehouder met cc aan de beheerder, waarbij de directeur in de gelegenheid wordt gesteld om binnen twee weken een zienswijze te geven Door juridische handhaver Definitieve brief sturen en publiceren Geen Wanneer nodig vindt met de directeur overleg plaats over een vervolgtraject De directeur informeert het college bij voortduren overtreding